RIS318238 Bijlage 1 Rapportage toekomstverkenning Scheveningen haven
Tekst van het document
Daarnaast wordt het multipurpose center ook meegenomen als bron van bestedingen in de haven (als segment #11).
Nr.
Sector
Berekend effect
1
Noordzeevisserij
Werkgelegenheid
2
Vishandelsbedrijven
Werkgelegenheid
3
Pelagische visserij
Werkgelegenheid
4
Offshore service hub
Werkgelegenheid
5
Innovatie(hub)
Werkgelegenheid
6
Toerisme & recreatie
Werkgelegenheid
-
Overige bedrijfsfuncties
Werkgelegenheid
7
Jachthaven
Bestedingen
8
Cruisehaven
Bestedingen
9
Evenementenhaven
Bestedingen
10
Topsport zeilhaven
Bestedingen
11
Multi-purpose center
Bestedingen
3.3 Economische effecten
A Werkgelegenheid • De kaart met ruimtelijke inzet per toekomstbeeld vormt de basis de berekening van werkgelegenheidseffecten. Ruimtelijke veranderingen leiden namelijk tot meer of minder ruimte voor sectoren. Door het vergroten of verkleinen van de bedrijfsruimte in een bepaalde sector, verschuift ook de mogelijke economische omvang van deze sector. Kortom, via veranderingen van ruimtegebruik zijn werkgelegenheidseffecten bepaald. • Om deze werkgelegenheidseffecten in beeld te brengen is uitgegaan van een verhoudingsgetal tussen het aantal banen (bron: LISA) en het ruimtegebruik (bron: BAG). Dit wordt uitgedrukt in de werkzame personen per hectare (WP/ha). Schuiven in ruimtegebruik in van de scenario’s kan op deze manier ‘vertaald’ worden naar een verwacht economisch effect. • Uitgangspunten hierbij zijn: • Waar mogelijk wordt uitgegaan van een ‘gemiddeld’ Schevenings bedrijf in een sector omdat dit het meest representatief is voor de situatie in Scheveningen. Individuele bedrijven kunnen hiervan afwijken. • Sommige sectoren zich momenteel nog niet of zeer minimaal in de Scheveningse haven waardoor het gemiddelde ruimtegebruik minder robuust is (kleine steekproef). Waar mogelijk is in die gevallen ook gebruik gemaakt van referentiegetallen van situaties elders in Nederland. Dit is het geval bij offshore en innovatiehub.
• Er wordt uitgegaan van een recht evenredig verband tussen ruimtegebruik en omvang segment. Dit bekent dat een verdubbeling van ruimtegebruik leidt tot een verdubbeling van werkgelegenheid. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen werkgelegenheid die structureel in de haven zit (bijv. bij vishandel) en werkgelegenheid die soms in de haven aanwezig is en soms niet (visserij, offshore).
Huidig gebruik Scheveningen Segment Nr.
Eenheid
Gebruikte verhoudingsgetallen
Referentie
Ruimtegebruik
Werkgelegenheid
Verhoudingsgetal
Verhoudingsgetal
ha
WP
WP/ha
WP/ha
Referentiebedrijf
Verandering ruimtegebruik WP/ha
1
Noordzeevisserij
1,2
130
108
-
-
108
2
Vishandelsbedrijven
1,3
190
143
-
-
143
3
Pelagische visserij
1,6
220
136
-
-
136
4
Offshore service hub
0,2
40
179
62
Offshore hub IJmuiden
121*
5
Innovatiehub
0,1
onbekend
-
145 117
RDM Rotterdam Dutch Seaweed Group
131*
6
Toerisme & recreatie
1,6
350
221
-
-
221
-
Overige bedrijfsfuncties
4,4
570
130
-
-
130
* Gemiddelde huidig gebruik en/of referentiegetallen
3.3 Economische effecten
B Bestedingen • Voor vier segmenten wordt in beeld gebracht in hoeverre de bestedingen zullen toe- of afnemen in de verschillende toekomstbeelden. Per segment wordt een specifieke werkwijze gehanteerd: • Jachthaven: het aantal ligplaatsen wordt vermenigvuldigd met gemiddelde jachthavenomzet en consumptieve bestedingen per ligplaats. Verandering in het aantal ligplaatsen in de toekomstbeelden is leidend voor het bestedingseffect voor dit cluster. • Cruisehaven: het aantal cruiseschepen per jaar dat de haven aandoet wordt vermenigvuldigd met gemiddelde bestedingen per cruiseschip. Verandering in het aantal calls door cruiseschepen is leidend voor het bestedingseffect voor dit cluster. • Evenementenhaven: het aantal bezoekers per jaar wordt vermenigvuldigd met gemiddelde bestedingen per bezoeker. Verandering in het aantal bezoekers is leidend voor het bestedingseffect voor dit cluster. • Zeilhaven: het aantal bezoekers per jaar wordt vermenigvuldigd met gemiddelde bestedingen per bezoeker. Het aantal bezoekers per jaar bestaat uit een vermenigvuldiging van het jaarlijkse aantal zeilevenementen met het gemiddelde bezoekersaantal. Verandering in het aantal evenementen is leidend voor het bestedingseffect voor dit cluster. • Multi-purpose center: het aantal bezoekers per jaar wordt vermenigvuldigd met gemiddelde bestedingen per bezoeker.
Verandering in het aantal bezoekers is leidend voor het bestedingseffect voor dit cluster. • Uitgangspunten zijn: • Veranderingen in toekomstbeelden hebben betrekking op het aantal bezoekers en niet op het vergroten van de gemiddelde besteding per bezoeker. • Bestedingen slaan deels binnen en deels buiten de haven neer. Denk aan een bezoeker van de jachthaven die deels bestedingen doet bij horeca en detailhandel in de haven en deels bestedingen doet in Den Haag. Deze bestedingseffecten zijn dus niet één op één toe te rekenen aan de haven. • De relatie tussen bestedingen in de bezoekerseconomie en werkgelegenheid in horeca en detailhandel wordt niet gelegd omdat bronmateriaal dat hiervoor als grondslag kan dienen niet beschikbaar is. • Hieronder zijn de kengetallen weergegeven waarmee gerekend wordt. In de toekomstbeelden zal gevarieerd worden met de waarden onder huidige situatie.
Nr.
Cluster
Indicator
7
Jachthaven
Ligplaatsen (#)
8
Cruisehaven
Cruiseschepen (#/jaar)
9
Evenementenhaven
Bezoekers (#/jaar)
10
Topsport zeilhaven
Zeilevenementen (#/jaar)
11
Multi-purpose center
Bezoekers (#/jaar)
Huidige situatie
Bron
300 1
347.000 20 -
Besteding per indicator (€)
Bron
Jachtclub Scheveningen
4.200
Diverse bronnen*
Interview
17.500
Rebel (2016)
Berekening o.b.v. gem. Den Haag Interview n.v.t.
35 8.750 35
Monitor Toerisme (2019) en BEA (2020) Interview, monitor Toerisme (2019) en BEA (2020) Monitor Toerisme (2019) * Decisio (2012), Waterrecreatie advies (2014 en ZKA Leisure Consultants (2020)
3.3 Economische effecten
Werkgelegenheid • In alle drie de toekomstbeelden neemt de werkgelegenheid iets toe ten opzichte van de huidige situatie, al is deze stijging in het toekomstbeeld internationale vishaven erg gering. In toekomstbeeld ‘Innovatieve Noordzeehaven’ komen er meerdere bedrijfsfuncties met relatief veel banen (o.a. offshore en innovatie), terwijl in de andere toekomstbeelden het zwaartepunt nadrukkelijker op een bepaalde sector komt de liggen. Voor ‘Stadshaven’ is dat toerisme & recreatie, voor ‘Internationale Vishaven’ de (pelagische) visserij. • De verschillen zijn dus zeer beperkt. Dit komt omdat er geen transformatie naar andere functies plaatsvindt (bijv. wonen) waardoor het totale oppervlak voor bedrijven gelijk blijft, wijzigingen in ruimtegebruik zeer klein zijn (uiterlijk plus of min 1,5 ha) waardoor verschillen in ruimte-intensiteit (werkzame personen per ha) beperkt invloed hebben op de totale werkgelegenheid. Bestedingen • Wat betreft de bestedingen blijft de evenementenhaven nog steeds de grootste publiekstrekker. Aangezien er geen nieuwe grote evenementen in de haven gepland worden, blijven deze bestedingen gelijk. Wel komt er in ‘Stadshaven’ o.a. een multi purpose center bij, wat goed is voor bijna 2 miljoen euro aan jaarlijkse bestedingen. Mede hierdoor komt ‘Stadshaven’ naar voren als toekomstbeeld met de meeste bestedingen.
#
Sector
Werkgelegenheid
Toekomstige economie
Verhoudingsgetal
Huidige economie
Innovatieve Noordzeehaven
Stadshaven
Internationale Vishaven
WP / ha
WP*
WP*
WP*
WP*
1
Noordzeevisserij
108
130
130
90
130
2
Vishandelsbedrijven
143
190
190
180
190
3
Pelagische visserij
136
220
200
140
310
4
Offshore service hub
121
40
110
40
40
5
Innovatiehub
131
20
110
20
20
6
Toerisme & recreatie
221
350
390
670
350
-
Overige bedrijfsfuncties
130
570
480
490
490
1.520
1.600
1.620
1.530
€ 1.000 / indicator
x €1.000
x €1.000
x €1.000
x €1.000
Totale werkgelegenheid (# WP)
Bestedingen 7
Jachthaven
4,2
1.260
1.386
1.554
1.260
8
Cruisehaven
17,5
18
18
280
-
9
Evenementenhaven
0,035
12.145
12.145
14.560
12.145
10
Topsport zeilhaven
8,75
175
175
263
175
11
Multi-purpose center
0,035
-
-
1.820
-
13.598
13.724
18.477
13.580
Totale bestedingen (x €1.000)
Hoofdstuk 3.4 Effecten randvoorwaardelijkheden Leefbaarheid • Met name binnen het toekomstbeeld ‘Stadshaven’ zal de leefbaarheid in de haven toenemen. • Ook de Noordzeehaven heeft een positieve invloed op de leefbaarheid binnen de haven. • De leefbaarheid binnen de internationale vishaven neemt licht toe ten opzichte van de huidige situatie. Natuur&milieu • Op het gebied van natuur&milieu scoren de toekomstbeelden per saldo ongeveer gelijk. • Verschillen die er zijn, zijn vooral te vinden op het gebied van geur en geluid. Geuroverlast kan door de toename van horeca in het toekomstbeeld ‘Stadshaven’ toenemen.
3.4 Effecten randvoorwaardelijkheden
Bereikbaarheid • Op het gebied van bereikbaarheid laat het toekomstbeeld ‘Stadshaven’ de meeste positieve resultaten zien. Dit komt door de afname van het vrachtverkeer en door de toevoeging van parkeervoorzieningen (bijv bij het multi purpose center). • Bij de internationale vishaven is er op de meeste onderdelen geen wezenlijk verschil met de huidige situatie. Er is echter wel sprake van een lichte toename van vrachtverkeer. Klimaat&water • Alle drie de toekomstbeelden zullen een positieve invloed hebben wateroverlast, door de realisatie van een waterkering. Imago • Elk toekomstbeeld creëert een eigen imago. Een imago dat er in de huidige situatie nog niet is. Daarom scoren alle drie de toekomstbeelden zeer positief.
Hoofdstuk 4 Aanbevelingen
Hoofdstuk 4.1 Aanbevelingen Voordat in gesprek wordt gegaan over de toekomstbeelden is het voor de partners uit het Havenconvenant van belang om na te denken over de wijze waarop het vervolgproces wordt ingericht. Grofweg zijn er drie manieren om dit proces vorm te geven: a) Laissez-faire oftewel geen gezamenlijk inzet: samenwerkende partners in het havenconvenant doen een stap terug doen en laten de markt bepalen in welke richting de haven zich zal ontwikkelen. Dit betekent grondeigenaren de ruimte krijgen om hun eigen plannen uit te voeren binnen de huidige kaders (o.a. bestemmingsplan). Dit geeft de meeste vrijheid aan het bedrijfsleven en ontwikkelaars. Risico is dat doelen uit het havenconvenant niet gerealiseerd worden (bijv. dat beschikbaar komende ruimte gaat naar een niethavengebonden bedrijf dat toevallig de hoogste huur kan betalen). b) Gemeente bepaalt: als gemeente een gewenste koers kiezen en met middelen die de gemeente ter beschikking staan (bijv. bestemmingsplan en beperkt financiële middelen) deze koers proberen te realiseren. In dit scenario is de betrokkenheid van het bedrijfsleven beperkt. Risico is dat de ontwikkeling van de haven stokt door het ontbreken van draagvlak bij bedrijven voor de gekozen koers en beperkte investeringskracht van de gemeente.
c) Publiek-privaat vervolgproces: als betrokkenen een gedeeld toekomstbeeld ontwikkelen waarbij de kracht van het bedrijfsleven (bijv. grondposities en investeringskracht) wordt gecombineerd met publieke inzet (bestemmingsplan en investeringen/beheer publieke ruimte). Om een publiek-privaat vervolgproces te ontwikkelen is het belangrijk om een goede gezamenlijke discussie te voeren. Hiervoor zijn twee adviezen opgesteld: 1. Leidende principes toekomstige ruimtelijke ontwikkeling 2. Zorgvuldig proces met stakeholders
1 Leidende principes ruimtelijke ontwikkeling De toekomstbeelden zullen in een proces met belanghebbenden uitgewerkt worden naar een toekomstige (ruimtelijk-economische) koers voor de Scheveningen haven. Daarbij gelden de volgende leidende principes. Nr.
Leidende principes ruimtelijke ontwikkeling
1
Scheveningen Haven ontwikkelt zich binnen het bestaande havenbassin. Buitengaatse uitbreiding is momenteel geen reële optie.
2
Het havengebonden vestigingsmilieu van de haven is uniek in de regio en deze werklocatie dient dan ook behouden te blijven voor havengebonden bedrijven.
3
Scheveningen Haven is er primair als vestigingsplaats voor havengebonden bedrijven. Andere bedrijven die niet havengebonden zijn, komen in principe niet aanmerking voor vestiging in de haven. De uiteindelijke voorkeursvariant als resultante van de toekomstbeelden is leidend voor het type bedrijven dat zich in de toekomst in de haven kan vestigen.
4
Toekomstige vrijkomende ruimte wordt eerst aangeboden aan huidige havengebonden vestigers in de haven omdat deze bedrijven verbonden zijn met het ecosysteem van de haven.
5
Ruimte wordt gereserveerd voor een waterkering tussen het Noordelijk havenhoofd (nabij huidige KNRM-locatie) en de tegenover gelegen landtong nabij de Hellingweg.
6
Ruimtelijke ontwikkelingen in de haven zijn alleen mogelijk wanneer deze gepaard gaan met het investeringsprogramma mobiliteit.
4.1 Aanbevelingen
2 Zorgvuldig proces met stakeholders De uitgewerkte toekomstbeelden zijn basis voor verder discussie en uitwerking, op weg naar een helder ruimtelijk-economisch perspectief voor Scheveningen haven. Om tot goede discussie en uitwerking te komen is het essentieel wat ‘spelregels’ op te stellen, de juiste partijen te betrekken en een heldere procesaanpak te hebben. Onderstaande aanbevelingen (als chronologisch te doorlopen stappen weergegeven) zijn leidraad voor het concretiseren van dit perspectief:
aangenomen) voor bedrijfscontinuïteit? Welke zekerheden vraag je als Havenconvenantpartners van Vissector indien op dit toekomstbeeld wordt ingezet? - Innovatieve Noordzeehaven: organiseer werksessie met Campus@Sea, Stichting Noordzeeboerderij, Zeilcentrum. Ga in gesprek met Rederij Groen en Vrolijk of (en wanneer) beoogde locatie op de Dr. Lelykade geschikt is voor tenderservices en supply-ships? Wat is daarvoor aan kaderuimte nodig?
1. Randvoorwaardelijk (om vervolgstappen te kunnen maken): - Ontwikkel (en verkondig) verdere procesaanpak, op welke wijze (gezamenlijk) toegewerkt wordt naar een Masterplan. Verspreid (naar achterban en stakeholders) deze Toekomstverkenning niet eerder dan dat deze procesaanpak helder en verkondigd is. - Geef helderheid in het besluitvormingsproces van (toekomstig) te nemen keuzes; wie is aan zet en wie is uiteindelijk eindverantwoordelijk in de keuze van een toekomstbeeld (cq. combinatie van beelden)? - Betrek in deze procesaanpak tevens de onderzoekstrajecten Governance (Berenschot) en Risicomanagement Scheveningen haven. Zet in op een integraal, op elkaar afgestemde procesgang, vanuit een bovenliggende doelstelling. - Maak onderscheid in te betrekken shareholders (specifieke bedrijven, die bereid zijn bedrijfsvoering aan te passen en investeringen te doen, om toekomstbeeld vorm te geven) en stakeholders (andere belanghebbenden, niet financieel en risicodragend participerend). Daarbij opgemerkt dat niet alle huidige bedrijven binnen Scheveningen haven als shareholder hoeven te worden aangemerkt. - Heroverweeg en bepaal de juiste setting voor deze share- en stakeholders, om in het vervolgproces te betrekken. - ‘Bevries’ nieuwe ontwikkelingen en initiatieven in de Scheveningen haven totdat een keuze voor een toekomstbeeld (of een combinatie van beelden) gemaakt is (punt 4).
3. Onderbouw huidige toekomstbeelden, met input vanuit de gesprekken Haalbaarheid (punt 2.), middels het opstellen van een business case per toekomstbeeld. Dit om inzicht te krijgen in de financiële haalbaarheid (en gevraagde investeringen van gemeente en bedrijven), ter aanvulling op de effectanalyse uitgewerkt in deze Toekomstverkenning.
2. Benader shareholders, voor verder inzicht haalbaarheid toekomstbeelden: - Stadshaven: organiseer een marktconsultatie in samenwerking met huidige grondeigenaren/bedrijven ter plaatse, om interesse en haalbaarheid te peilen voor de komst van een Multi Purpose Centre. Ga in gesprek met Jachtclub Scheveningen, in hoeverre beoogde uitbreiding jachthaven (in gehele tweede haven) wenselijk en haalbaar is. Werk mobiliteitsconcepten verder uit voor dit Toekomstbeeld; wat zijn haalbare concepten en in hoeverre zijn deze onder te brengen in de huidige uitwerkingsprogramma’s van de gemeente Den Haag? - Internationale Vishaven: organiseer werksessie met huidig Vissector (reders, visafslag, vishandelbedrijven) om haalbaarheid Toekomstbeeld te peilen. Wat zijn randvoorwaardelijkheden (meer wellicht dan nu in rapportage is
4. Maak keuze (vanuit vastgelegd besluitvormingsproces, punt 1) voor een toekomstbeeld (of een combinatie van beelden), op basis van effectanalyse in de Toekomstverkenning, gesprekken en werksessies met shareholders (punt 2) en inzicht in financiële haalbaarheid (punt 3) 5. Werk Toekomstbeeld uit tot Masterplan; een preciezere uitwerking van het toekomstbeeld, als Ontwikkelperspectief en kader voor de ruimtelijke transitie van Scheveningen haven. 6. Stel anterieure overeenkomsten op, om afspraken vast te leggen over financiële bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen (groen, kades, pontje, overige infrastructuur) en eventuele bovenplanse verevening. 7. Werk toe naar een Vaststellingsbesluit om de planologische wijziging (Masterplan) in procedure te brengen. 8. Neem het Masterplan op in het Havenconvenant, als ontwikkelrichting voor Scheveningen haven, met toevoeging van volgend afsprakenkader: - Elke (nieuwe) ontwikkeling in Scheveningen haven dient invulling te geven aan gekozen toekomstbeeld (en Masterplan). Niet toekomstbeeld-gerelateerde activiteiten of bedrijvigheid worden niet op Scheveningen haven gefaciliteerd. - Vrijkomende gronden cq. bedrijfslocaties worden herontwikkeld vanuit beoogd toekomstbeeld. - Nieuwe ontwikkelingen en initiatieven worden ter goedkeuring ook voorgelegd aan (nog in te richten) autoriteit vanuit het gedachtegoed van het Havenconvenant.
Het Berenschot-onderzoek (Governance Scheveningen haven) kan hiervoor input geven cq. de basis zijn.
Colofon
Ten behoeve van de ‘inventarisatie en analyse van de huidige situatie’, zijnde stap 1 van deze Toekomstverkenning, zijn de volgende stakeholders geïnterviewd (op chronologie gerangschikt):
Deze Toekomstverkenning Scheveningen haven is uitgevoerd in opdracht van: - Frank Weijzen (projectcoördinator namens gemeente Den Haag) - Gerrit Jol (projectcoördinator namens BOH en BSH)
-
Uitgevoerd door Royal HaskoningDHV (RHDHV) en Buck Consultants International (BCI): - Remko Blokpoel (RHDHV) - Barend Bekamp (BCI) - Charlotte van den Ham (RHDHV) - Frank de Graaf (RHDHV)
-
BSH BOH / Boeg Nautics KNRM Havenbedrijf Rederij Groen Jachtclub Scheveningen Gemeente Den Haag Campus@Sea: Rijkswaterstaat: Rederij Van der Zwan: United Fish Auctions;
Teun van Dijk, Leen Hofland Miranda Vink Arie Verbaan Cees Duvekot Eric Groen en Henk Groen Wim van der Loo en Huub de Haer Anita Verwoest (passagiersboten) Jan-Hendrik Schretlen en Hielke Venema Bas van de Wijngaart Gerard Zwijnenburg Johan van Nieuwenhuizen en Evert van der Hoek North Sea Farmers Bas de Leeuw W.G. den Heijer & Zn bv Ewout den Heijer Rederij Jaczon Eric Roeleveld, Arno Langerak Zeilcentrum Edwin Lodder Stichting Noordzeeboerderij Marcel Schuttelaar Gemeente Den Haag Bert Klerk (manager risicomanagementteam) Hoogheemraadschap Delfland Jessica van Oosten
Bijlage
Bijlage 1
Sectorafbakeningen Visserijcluster SBI-code
Beschrijving
03
Visserij en kweken van vis en schaaldieren
102
Visverwerking
46382
Groothandel in vis, schaal- en weekdieren
46697
Groothandel in scheepsbenodigdheden en visserij-artikelen
4941
Goederenvervoer over de weg (geen verhuizingen)
52102
Opslag in koelhuizen
82991
Veilingen van landbouw-, tuinbouw- en visserijproducten
Offshore SBI-code
Beschrijving
SBI-code
Beschrijving
061
Winning van aardolie
35112
Productie van elektriciteit door windenergie
062
Winning van aardgas
352
Productie van aardgas
0910
Dienstverlening voor de winning van aardolie en aardgas
422
Productie van aardgas
0990
Dienstverlening voor de winning van delfstoffen (geen olie en gas)
495
Transport via pijpleidingen
2892
Vervaardiging machines voor de bouw en winning van delfstoffen
Bijlage 1
Horeca en detailhandel SBI-code
Beschrijving
SBI-code
Beschrijving
4723
Winkels in vis
5590
Overige logiesverstrekking
47642
Winkels in watersportartikelen
56101
Restaurants
47643
Winkels in sportartikelen (geen watersport)
56102
Cafetaria's, lunchrooms, snackbars, eetkramen e.d.
47644
Winkels in kampeerartikelen (geen caravans)
56103
IJssalons
55101
Hotel restaurants
5630
Cafés
55102
Hotels (geen hotel-restaurants), pensions en conferentieoorden
7911
Reisbemiddeling
55201
Verhuur van vakantiehuisjes en appartementen
7912
Reisorganisatie
55202
Jeugdherbergen en vakantiekampen
7990
Informatieverstrekking op het gebied van toerisme
5530
Kampeerterreinen
93193
Verzorgen van vistochten
Recreatief/toeristisch havengebruik SBI-code
Beschrijving
SBI-code
Beschrijving
85511
Zeil- en surfscholen
93152
Roei-, kano-, zeil- en surfsport e.d.
85519
Overig sport- en recreatieonderwijs
93191
Beroepssportlieden
9311
Exploitatie van sportaccommodaties (zwembaden + overig)
93192
Hengelsport
9312
Buitensport
93194
Supportersverenigingen (sport)
9313
Fitnesscentra
93195
Organiseren van sportevenementen
9314
Binnensport
93196
Overkoepelende organen en samenw. adviesorganen inzake sport
93151
Zwem- en onderwatersport
93199
Overige sportactviteiten n.e.g.
Bijlage 1