CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS317026 Bijlage 11 Zienswijzen 1-16

Commissie Ruimte 22 november 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Vaststelling ontwerp-bestemmingsplan Anna van Hannoverstraat 4 en Voorstel van het college inzake Beeldkwaliteitsdocument Anna van Hannoverstraat 4 (SoZa)31.046 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Zienswijze 1 Ra 10517175 Belanghebbende “Bijgaand ontvangt u mij reactie op het deel van het bestemmingsplan (ontwerp) dat ik heb gelezen. Mijn belangrijkste kritiek is dat de gemeente geen enkele verantwoordelijkheid neemt voor de toekomst daar waar het gaat om klimaat en de kwaliteit van de gedeelde ruimt, de openbare ruimte. Een hoofdstuk TOELICHTING VERANTWOORDING AAN DE TOEKOMST OP HET GEBIED VAN BIODIVERSITEIT EN KLIMAAT en een hoofdstuk TOELICHTING VERANTWOORDING KWALITEIT GEMEENSCHAPPELIJKE RUIMTE acht ik noodzakelijk. Advies 1 -Toevoegen Verantwoording aan de toekomst Naast hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid graag een hoofdstuk TOELICHTING VERANTWOORDING AAN DE TOEKOMST OP HET GEBIED VAN BIODIVERSITEIT EN KLIMAAT (de lege stoel van Jan Terlouw aan de vergadertafel, de natuur als rechtspersoon door Jessica den Outer). Advies 2 - Toevoegen Verantwoording kwaliteit openbare ruimte Opvallend risico: Speelvoorzieningen en sport in de openbare ruimte (p.62-63 pdf) Fijn om te lezen dat u nog onderzoek doet. Ik wijs u er graag op dat een ecologische zone zoals de Schenk slecht samengaat met speelvoorzieningen. Ik hoop ook dat u sporten in de openbare ruimte elders hebt gedacht dan in de ecologische zone. Een jogger die de broedtijd mijdt kan nog wel, maar zoveel als er nu gaan bijkomen, kan niet.

Natuurpositief bouwen en natuurbescherming/verbetering: geen onderdeel van het b-plan In mijn beleving zou de gemeente wijs genoeg moeten zijn om klimaatpositief en natuurpositief te handelen. De alinea's over natuur inclusief bouwen zijn te veel op afvinken van een checklist gericht en de alinea's over natuurbescherming zijn te mager. En: hierover vind ik niets in de Regels. Wat is dan de status? Iemand vertelde mij dat alleen de Regels een juridische verplichting hebben. Wat is alle rest van de tekst waard? Waarom valt u mij daarmee lastig? Is uw document geschreven om beoordeeld te warden door software zoals Atlas-ti in plaats van door mensen? De hoeveelheid en diversiteit aan kenmerkende woorden voor natuur is aanzienlijk. Het effect van uitvoering van water in de tekst staat is echter mogelijk nihil. In de Regels staat bij Groen (artikel S) niets over ecologische kwaliteit en wel iets over een menselijke vergissing. Bedoelt u dat u zich aan het vergissen bent door de ecologische kwaliteit van de openbare ruimte te negeren? In de Regels vind ik niets terug over eisen aan milieu- en klimaatpositief bouwen. Hoge gebouwen leveren veel winderige koude schaduwgebieden op: geen levend wezen voelt zich daar senang. Hooggelegen green van een VvE of particulier is te riskant: het beheer richt zich vaak niet en/of te weinig op de publieke noodzaak.

Bovendien is green op hoogte voor kleine dieren een slechte leefomgeving en de adelaar komt alleen bij voldoende prooi. Vraag: gemeente en inwoner Ik wil graag weten of u de openbaarmaking van meer dan 3000 pagina's tekst in verschillende documenten en een inloopavond op de donderdag voor Pasen als betrekken/informeren van de burgers ziet. Vragen en reacties op de inloopavond hebben geen status. De reeks documenten op de website van de gemeente is voor een beroeps in ruimtelijke juristiek wellicht vanzelfsprekend, maar voor inwoner met een ander beroep niet. Ik kan mij gewoonweg niet voorstellen dat veel mensen de gevolgen van alle documenten voldoende tot zich hebben kunnen laten doordringen. Beoogt u dat? Beoogt u demotivatie en demobilisatie van de burger door een slechte -immers alleen voor deskundigen navolgbareoverdracht van informatie?

Navolgend vindt u mijn verdere reactie op de paragrafen die ik heb gelezen, voorafgegaan door een inhoudsopgave. Inhoud Advies 1 - Toevoegen Verantwoording aan de toekomst ........................................................................ . Advies 2 - Toevoegen Verantwoording kwaliteit openbare ruimte ........................................................ . Opvallend risico: Speelvoorzieningen en sport in de openbare ruimte (p.62-63 pdf) ............................. . Natuurpositief bouwen en natuurbescherming/verbetering: geen onderdeel van het b-plan .............. . Vraag: gemeente en inwoner ................................ ................................................................................... . Overige reacties ......................................... .............................................................................................. 1 Hoofdstuk 3 Planbeschrijving ............................... ............................................... ............... .....................1 3.6 Duurzaamheid ........................................................................................... .................................... 1 Kritiek: misleidende bladvulling, vaagtaal. ..........................................................................................

1 Conclusie: ondermaats! ....................................................................................................................... 1 Hoofdstuk 4 .......................... ................................................................................................................... 1 4.4 Gemeentelijk beleid ...................................................................................................................... 1 4.4.5 Agenda Groen voor de stad (p.38 pdf) ........ ............................................... ............................ 1 Kritiek: er is alleen een ambitie uitgesproken ................................................................................. 1 4.4.7 Nota stadsnatuur .................................................................................................................... 1 Kritiek: geen onderzoek naar effecten van nieuwbouw op ecologische zone ................... ............. 2 4.4.9 Natuurinclusief bouwen ............................................................................ ............................. 2 Kritiek: misbruik van een cirkelredenering ..................................................................................... 2 Kritiek: geen totaalkijk ..................... ................................................. ...............................................

3 Hoofdstuk 5 Omgevingsaspecten ............................................................. ............................................... 3 5.4 Luchtkwaliteit ..................... ........................................................................................................... 3 Voorstel: ander taalgebruik ................. ... ............................................................................................. 3 Kritiek: misleidende taal. ..................................................................... ................................................ 3 Advies: inzicht bieden .......................................................................................................................... 3 Conclusie: de gemeente vindt verslechtering prima ........................................................................... 4 Advies: toepassing van de vloeibare boom om ook koolstofdioxide te behandelen. ........................ 4 Advies: stel een lokale Wet verbetering luchtkwaliteit op ................................................................. 4 5.5 ................................................................................. .... .......................................................... ......... 4 5.7 Natuurbescherming ..........................................

............................................................................. 4 Feit: lk ben behoorlijk terneergeslagen van wat hier staat. ............................................................... 5 Egel, mol, muizensoorten, konijnen .................................................................................................... 5 Kritiek: vaagtaal. .................................................................................................................................. 5 5.7.3.1 Vleermuizen ...... .......... ............................................................................................................ 5 Advies: stel een Wet natuurverbetering op ........................................................................................ 5 5.8 Geluid ...................... ................... ................................................................................................... 6 Advies: stel een Wet buurvriendelijke akoestiek op ........................................................................... 6 5.9 Geur ........... .......................................... .......................................................................................... 6 Advies: stel een Wet buurvriendelijk aromatisch gedrag ............................................................ .......

6 5.10 Windhinder en bezonning ........................................................................................................... 6 Wind .................................................................................................................................................... 6 Kritiek: vaagtaal. Er staat niets. Streven naar goed kan behoorlijk fout uitpakken. ........................... 6 Kritiek: het huidige plan is niet doorgerekend .................................................................................... 6 Advies: winklimaat .............................................................................................................................. 6 Irrelevant: het wordt beter dan het is .......... ...................... ........ .................. ............................ ........... 7 Vraag aan de gemeente: is gevaar de grens7 .............. ........................................................................ 7 Kritiek: verschuilen achter 'het kan altijd slechter' ............................................................................. 7 Zon ....................................................................................................................................................... 7 Kritiek: bezonning buitenruimte .........................................................................................................

7 5.11 Waterparagraaf ........................................................................................................................... 8 5.11.5 Waterkwaliteit .............................................. ......... ............................................................... 8

Kritiek: gemakzucht viert hoogtij. ................................................................................................... 8 Advies: maatregelen uitvoeren die de waterkwaliteit verbeteren ................................................. 8 5.11.7 Gezuiverd afvalwater ........................................................................................................... 9 Kritiek: misleiding en negatieve ambitie ......................................................................................... 9 Kritiek: een aanpak zoals deze zou niet mogen bestaan ...................................................... ........... 9 Kritiek: drinkwater wordt niet behandeld ........................................................................................... 9 5.12 Straalpaden ....................................................... ................................... ........ ............................... 9 Feit: de hoogbouw geeft een grote schaduwzone. ............................................................................. 9 Kritiek titel paragraaf: onherkenbaar onderwerp ........................................ ....................................... 9 Advies nieuwe titel: telecommunicatiestralen in het gebied ...................... .................. .....................

9 5.15 Ladder voor duurzame verstedelijking ........................................................................................ 9 Kritiek: misleidende titel Duurzaamheid als in zorg voor het klimaat komt niet aan de orde ........ 10 5.16.1 Archeologische waarden .................................................................................................... 10 Kritiek: te gehaast opgeschreven .................................................................................................. 10 Overige reacties Hieronder vindt u mijn reactie op de paragrafen die ik heb gelezen op volgorde van uw document. Hoofdstuk 3 Planbeschrijving 3.6 Duurzaamheid Deze paragraaf begint met de uitspraak dat Den Haag in 2030 klimaatneutraal wil zijn. 'Ontwikkelingen zoals Anna van Hannoverstraat 4 bieden kansen om een toekomstbestendige energievoorziening en gezond woon- en werkklimaat te realiseren en zo de CO2 uitstoot van de stad te verlagen. Ook biedt dit project kansen voor een klimaatbestendig en natuurinclusief ontwerp, hergebruik van materialen en bouwtechnieken waarmee elementen en grondstoffen in de toekomst eenvoudiger hergebruikt kunnen worden.' Vervolgens worden GPR en BREEAM genoemd als instrumenten die helpen om duurzaam te bouwen met een maximale vrijheid voor ontwikkelaars. Er staan geen eisen. Er staat een ambitie die voldoet aan wat gangbaar is.

Vervolgens worden de onderdelen energie, grondstoffen, afval en bouwlogistiek benoemd met voorbeelden van welkome acties. Er staat geen eisen. Het is onduidelijk wat wel in het plan zit en wat niet. Een woordzoekalgoritme komt veel mooie termen tegen. Het is echter volstrekt onduidelijk of hier alinea's uit een beleidsdocument zijn gekopieerd of dat het toekomstige feiten op dit kavel zijn. Kritiek: misleidende bladvulling, vaagtaal. Conclusie: ondermaats! Hoofdstuk 4 4.4 Gemeentelijk beleid 4.4.5 Agenda Groen voor de stad (p.38 pdf) Kritiek: er is alleen een ambitie uitgesproken. Ambitie is al vaag, maar 'uitgesproken' maakt het nog vager. 4.4.7 Nota stadsnatuur (p.40 pdf) Er staat dat er binnen de ecologische zone geen ontwikkelingen plaatsvinden.

Er staat niets over de effecten van de nieuwbouw op de toetreding door mensen en honden van de ecologische zone.

Kritiek: geen onderzoek naar effecten van nieuwbouw op ecologische zone. 4.4.9 Natuurinclusief bouwen (p.42 pdf) Er staat een handige tabel met maatregelen. Er worden te behalen punten benoemd. Hoe ambitieus de te behalen punten zijn is onduidelijk. Of 'van toepassing' hetzelfde betekent als verplicht, is onduidelijk. Wei staat er: 'In het PUK is bepaald dat de voorgenomen ontwikkeling moet voldoen aan het puntensysteem 'groen- en natuurinclusief bouwen'. Er wordt verwezen naar paragraaf 5.7 Natuurbescherming. Helaas staat in die paragraaf niets over maatregelen in het plan. De verwijzing is dus een loze verwijzing. Kritiek: misbruik van een cirkelredenering. Er is een lijstje maatregelen en een wet natuurbescherming. De tekst laat alleen zien dat je een prijsje (punt) krijgt als je de maatregelen uit het lijstje aan de wet natuurbescherming voldoet. Hiermee wordt iedere ander vorm van natuurstimulerend ontwerpen de kop in gedrukt en is op geen enkele manier positief bijgedragen aan de natuur. Kritiek: geen totaalkijk. Er is geen verplichting tot totaalkijk benoemd: een insectenhotel op een winderige schaduwlocatie levert punten op, maar welk insect daar wil wonen, is onduidelijk. Hoofdstuk 5 Omgevingsaspecten 5.4 Luchtkwaliteit In deze paragraaf staat wat het wettelijk kader is.

De Anteagroep (die in opdracht van Form Development 'group' heet) heeft een luchtkwaliteitsonderzoek uitgevoerd. De samenvatting hiervan begint met vaagtaal: 'Het beoogde plan maakt de ontwikkeling van woningen, kantoren,

winkels en andere voorzieningen mogelijk.'. Hier staat dat een plan de spontane geboorte van woningen, kantoren, winkels en andere voorzieningen veroorzaken kan. Het was vorige week Paaszaterdag en ik sluit niets uit gezien de onbevlekte ontvangenis van Maria, maar volgens mij kan de zin duidelijker. Voorstel: ander taalgebruik. Bijvoorbeeld: Als het plan wordt uitgevoerd komen er woningen, kantoren, winkels en andere voorzieningen bij in dit deel van de stad. De conclusie is dat er meer verkeer komt. Er staat op de wegen in de directe nabijheid van het plangebied. Er wordt gedaan alsof dat verkeer uit een teletijdmachine ontstaat aan de rand van het plangebied. Er wordt ontkend dat dat verkeer naar het plangebied toekomt of ervan af gaat. Er komt dus zowel in, om als rondom meer verkeer. Kritiek: misleidende taal. Advies: inzicht bieden. Plaatje toevoegen van de intensiteit van verkeerstoename op meerdere afstanden van het plangebied. Dan: de NIBM tool is gebruikt om voor twee scenario's te berekenen of er verder onderzoek nodig is. Scenario 1: 1320 woningen, 4000m2 retail, 24.000 m2 kantoor en 2.000m2 supermarkt. Scenario 2: 1200 woningen, 1500m2 retail, 28.000m2 kantoor en 500m2 supermarkt. Uit beide scenario's komt dater geen extra onderzoek nodig is.

Een toename van 1800 of 1250 auto's per dag (1%, de grens ligt bij 3%) waarvan 18 tot 12 vrachtauto's, is volgens de wet 'niet in betekenende mate' van invloed op de hoeveelheid fijnstof en stikstofdioxide in de lucht. Wie zich afvraagt waarom de wet verslechtering toestaat in plaats van verbetering verplicht is hier klaarblijkelijk niet aan het juiste adres. Wie zich afvraagt waarom de gemeente verslechtering aanvaardt en geen verbetering verplicht (bijvoorbeeld door bepaalde voertuigen te weren uit het plangebied) moet zich afvragen wat hij gestemd heeft bij de meest recente gemeenteraadsverkiezingen en het boek Wat we toen al wisten uitdelen (Geert Buelens, Wat we toen al wisten. https://www.nrc.nl/nieuws/2023/04/06/debat-kan-de-literatuur-het-klimaat-reddena4161486) Conclusie: de gemeente vindt verslechtering prima. Over koolstofdioxide in de lucht wordt niet gesproken. Advies: toepassing van de vloeibare boom om ook koolstofdioxide te behandelen. De Liquid3 is een verantwoord vormgegeven object met water erin waarin algen leven die de lucht zuiveren. https://liquid3.rs/ https://thehappyactivist.org/ Advies: stel een lokale Wet verbetering luchtkwaliteit op. De gemeente zou er goed aan doen elke ontwikkeling te zien als een kans voor verbetering van de luchtkwaliteit. Dit is vaak meer een mentaliteitsomslag dan een geldkwestie.

Zie het advies over toevoegen van een hoofdstuk Verantwoording aan de toekomst. 5.5 5.7 Natuurbescherming De paragraaf Natuurbescherming begint met een toelichting op de wet natuurbescherming. De Wet natuurbescherming kent verbodsbepalingen en een zorgplicht. Het is fijn dat de wet hier grotendeels herhaald wordt. De ondeskundige lezer krijgt zo een goed beeld van waarover de wet gaat. Het had sommige misschien geholpen als hier alleen de locatierelevante selectie uit was opgenomen. De bultrug en het damhert in dit documenten kunnen afleiden van kennisontwikkeling over water wel voorkomt. Alhoewel het aanbod van het totaal ook valt te verdedigen. Dan staat er nog wat over wetten voor vastgestelde natuurgebieden. 'Econsultancy heeft in opdracht van Vorm ontwikkeling B.V. een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd, met als doel in te schatten of er op de planlocatie planten en diersoorten aanwezig of te verwachten zijn, die volgens de Wet natuurbescherming een beschermde status hebben en die mogelijk negatieve invloed kunnen ondervinden door de voorgenomen ingreep.

Ook is beoordeeld of de voorgenomen ontwikkeling invloed kan hebben op Natura 2000gebieden, houtopstanden die middels de Wet natuurbescherming zijn beschermd, of op gebieden die deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland.' (p.96 pdf) Er is onderzoek verricht middels een veldbezoek en het uitvoeren van bureauonderzoek. Het veldbezoek is afgelegd op 11 augustus 2021. Tijdens het veldbezoek is de gehele onderzoekslocatie, alsmede de directe omgeving

beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van beschermde en bedreigde soorten op basis van de aanwezige habitat. Aan de hand van verspreidingsatlassen, andere standaardwerken en op basis van 'expert judgement' is nagegaan welke bijzondere planten- en diersoorten ervoor kunnen komen op de onderzoekslocatie. Bij de provincie ZuidHolland zijn gegevens over gebiedsbescherming opgevraagd. (p.98 pdf) De samenvatting in het rapport geeft informatie over het kader van het onderzoek. De samenvatting doet ook aan verwachtingsmanagement: alleen als ontwikkelingen en activiteiten in het plangebied een significant negatief effect kunnen hebben op een Natura 2000-gebied dient een habitattoets uitgevoerd te worden. Feit: lk ben behoorlijk terneergeslagen van wat hier staat. Er is klaarblijkelijk geen enkele behoefte van de gemeente om anders dan minimaal verplicht te handelen. Voorgenomen ingrepen: bomen en groen worden mogelijk gekapt of verwijderd en de vijver wordt mogelijk verwijderd. Egel, mol, muizensoorten, konijnen De onderzoekslocatie is een geschikt habitat voor een aantal soorten licht beschermde grondgebonden soorten zoogdieren, zoals egel, mol en muizensoorten. Ook bestaat de kans dat holen van konijnen worden vergraven. Voor de te verwachten soorten geldt op basis van het provinciale soortenbeleid een vrijstelling.

In het kader van de zorgplicht is het noodzakelijk om voldoende zorg te dragen en redelijkerwijs al het mogelijke te doen om het doden of verwonden van voorkomende dieren te voorkomen. Kritiek: vaagtaal. Het is van de zotte als de gemeente zich neerlegt bij deze vrijstelling! 'Redelijkerwijs al het mogelijke' is volstrekt vaag en biedt geen houvast. 5.7.3.1 Vleermuizen Er zijn vleermuizen aangetroffen en hier is aanvullend onderzoek naar gedaan. Er is een plan voor een tijdelijk verblijf en herhuisvesting in het nieuwe gebouw. (p.104 pdf). Van de 160 tijdelijke verblijven is niet omschreven hoe, wat, wie, waar. Hoe zeker is het dat al deze bewegingen de vleermuizen ten goede komen? Advies: stel een Wet natuurverbetering op Bescherming is nodig verbetering ook. De gemeente zou er goed aan doen elke ontwikkeling te zien als een kans voor verbetering van natuurwaarden. Dit is vaak meer een mentaliteitsomslag dan een geldkwestie. Zie het advies over toevoegen van een hoofdstuk Verantwoording aan de toekomst. 5.8 Geluid De paragraaf gaat niet in op geluid waarvoor geen wet is. Buren met hoge drukspuit, beleggers met in het weekend zwart werkende aannemers, buren met bezoek dat toetert, auto's met stationair draaiende motoren, ruziënde buren, verschillen in dagindelingen qua bezoek ontvangen, muziek maken, huishoudelijke apparatuur die 's nachts aanstaat et cetera.

Advies: stel een Wet buurvriendelijke akoestiek op De gemeente dient een Wet buurvriendelijk akoestisch gedrag op te stellen. Met een drukker wordende stad is stress door geluid veroorzaakt door anderen een groot risico voor de volksgezondheid. De gemeente dient hierin het initiatief te nemen. Grenzen aan gebruik van apparatuur zijn een belangrijke start. Een kader waarnaar geleefd kan worden is noodzakelijk om de verscheidenheid aan belangen uit botsing te houden. 5.9 Geur De paragraaf Geur gaat alleen in op het benzinestation. Advies: stel een Wet buurvriendelijk aromatisch gedrag De gemeente dient een Wet buurvriendelijk aromatisch gedrag op te stellen. Met een drukker wordende stad is stress door geur veroorzaakt door anderen een groot risico voor de volksgezondheid. De gemeente dient hierin het initiatief te nemen. Grenzen aan gebruik van geuren zijn een belangrijke start. Een kader waarnaar geleefd kan worden is noodzakelijk om de verscheidenheid aan belangen uit botsing te houden. Voorbeelden zijn houtkachels, hondenpoep, barbecues en wasmiddelen die tot meters buiten de eigen woning te ruiken zijn. 5.10 Windhinder en bezonning Wind

Er staat: " Er wordt naar gestreefd, om binnen de verschillende activiteitenklassen een goed, eventueel nog matig, windklimaat te realiseren. (p.126 pdf) Kritiek: vaagtaal. Er staat niets. Streven naar goed kan behoorlijk fout uitpakken. In paragraaf 5.10.2.2.2 staat dat er een berekening is met aanzienlijk hogere torens. Dat is kwalitatieve taal die hier ongepast is. Een ander kan de torens als een beetje hoger ervaren. De informatie is nietszeggend. Er is blijkbaar geen doorrekening van het huidige plan? Kritiek: het huidige plan is niet doorgerekend. Advies: winklimaat In paragraaf 5.10.2.2.2 wordt gesproken over een winklimaat. Laat deze spelling leidend zijn voor het hele plan: een winklimaat voor alle betrokkenen is uiteraard geweldig. Irrelevant: het wordt beter dan het is Deze informatie is irrelevant. Als er iets nieuws is, moet dat goed zijn. Dat het vroeger slechter was, heeft geen functie. Conclusie in de tekst: 'Op basis van de berekeningen is in het gebied rond de geplande nieuwbouw nergens een overschrijding van het gevaarcriterium te verwachten. Onder de overkraging is er wel sprake van een beperkt risico op windgevaar. ( ... ) In de geplande bebouwingssituatie zonder de nieuwbouw aan de zuidzijde van het spoor is het te verwachten windklimaat ook op grotere schaal matig voor doorlopen in de doorgang door het plangebied en lokaal aan de zuidzijde.

Behoudens een beperkt risico op windgevaar onder de overkraging in de situatie met de huidige omgevingsbebouwing is er geen overschrijding van het criterium voor windgevaar of zelfs een beperkt risico op windgevaar te verwachten.' Vraag aan de gemeente: is gevaar de grens? Het huidige plan voorziet in een matig maar niet gevaarlijk windklimaat. Is dat wat de gemeente wil? Kritiek: verschuilen achter 'het kan altijd slechter' Er staat dat het huidige plan een slechter windklimaat dan de huidige bebouwing oplevert, maar een beter windklimaat dat eerdere plannen. Dit staat er als cadeautje: u moet blij zijn dat het niet wordt zoals eerder gepland. Dat is een gemene manier van dreigen. Deze zinnen mogen niet in documenten van de overheid voorkomen. Verder dan thuis aan de eettafel vertellen dat de mensen in Afrika blij zouden zijn met spruitjes, mag deze manier van praten niet gaan (en dat is misschien eigenlijk al onverantwoord). Zon Zoals al vaker aangegeven zijn er geen kaders voor bezonning van de buitenruimte. Iedereen die regelmatig van het stadhuis naar het station loopt weet hoe belangrijk dit is. De schaduw van een boom met takken en bladeren is van een compleet andere orde dan de schaduw van een gebouw. De schaduw van een laag gebouw, waardoor de straat nog wel kan opwarmen, is van een compleet andere orde dan de permanente schaduw van een hoog gebouw.

De argumenten over verhitting en stedelijke opwarming (hittestress) zijn hier niet gepast. De extreme hitte op straat is maar enkele dagen per jaar en dan nog in een tijd dat minder mensen in hun woonomgeving de stad zijn van toepassing. De meeste maanden zijn mensen gebaat bij een zonnetje op straat. Kritiek: bezonning buitenruimte De gemeente ontkent het probleem van de bezonning van de buitenruimte. De gemeente en de ontwikkelaar trekken vragen hierover in een verkeerde context. Zij gaan dan namelijk babbelen over hittestress. 5.11 Waterparagraaf In deze paragraaf worden allerlei wetten en regelgeving benoemd. 5.11.3.4. Groen Paragraaf 5.11.3.4 (p.140 pdf) gaat over groen met een functie voor regenwater. Hier staan wat oppervlakkige algemeenheden en aannames in (mensen gaan sporten van groen in hun omgeving en dan worden ze gezond). Kritiek: de koppeling met groen dat tevens een verbetering is voor ecologische kwaliteit en biodiversiteit wordt hier niet gemaakt. 5.11.3.5 Beoordeling beïnvloeding van hittestress als gevolg van de stedenbouwkundige inrichting

Ook hier wordt, evenals bij wind, een gemene strategie gebruikt: door te benoemen dat het plan beter is dan de huidige situatie ontwijkt men een uitspraak over de kwaliteit van het plan. Het enige feit dat er staat: 'Gezien de toevoeging van groen oppervlak in de buitenruimte, de daktuinen en groene daken draagt dit bij aan het verminderen van de hittestress in het plangebied.' biedt geen enkele garantie. Een buxus op het dak en een bak viooltjes buiten zijn volgens deze tekst al genoeg. Kritiek: misleiding I Met het woord groen wordt bedoeld regenton en ijsblokje. Er wordt volledig ontkend dat er massa's goede ingrepen bestaan die gebouw en buitenruimte kunnen verbeteren op een manier die zowel voor waterbeheer, biodiversiteit als ecologische kwaliteit en ervaren warmte door de mens. Er wordt een ogenschijnlijk leuk zinnetje als 'toevoeging van groen oppervlak in de buitenruimte, de daktuinen en groene daken' gebruikt om lezers de mond te snoeren.

Wat is overigens het verschil tussen een daktuin en een groen dak? Waar wordt dat groen dan toegevoegd? Wat voor een soort groen is dat? Wat is de toegevoegde waarde van het anti-hitte-stress groen de dagen dat het minder dan pak 'm beet 30 graden is? Immers het grootste deel van het jaar? 5.11.5 Waterkwaliteit Er staat: 'Er worden op dit moment geen mogelijkheden gezien om natuurvriendelijke oevers of dergelijke maatregelen aan te leggen die een positief effect op de waterkwaliteit hebben. De ontwikkeling heeft echter geen achteruitgang van de waterkwaliteit tot gevolg'. Herhaaldelijk is door minimaal een buurtbewoner gewezen op de kansen die er zijn voor verbetering van de oevers en hoe makkelijk en effectief dat is. De acceptatie van geen achteruitgang moet hier worden gezien als een aanval. Tevens is het een grove belediging van meedenkende buurtbewoners. Kritiek: gemakzucht viert hoogtij. Advies: maatregelen uitvoeren die de waterkwaliteit verbeteren. 5.11.7 Gezuiverd afvalwater Kritiek: misleiding en negatieve ambitie De titel gezuiverd afvalwater doet vermoeden dat er redelijk schoon water wordt afgevoerd. Dat is onjuist. Er staat in anderhalve zin (!) dat vuil water wordt afgevoerd. Er is klaarblijkelijk geen enkele ambitie om vuilwater te hergebruiken. Het vuil water wordt afgevoerd. Hoe vuil is vuil? Kritiek: een aanpak zoals deze zou niet mogen bestaan.

Kritiek: drinkwater wordt niet behandeld Drinkwater wordt niet behandeld terwijl een bescheiden gebruik van drinkwater van levensbelang is voor het landschap, grond- en rivierwater en het klimaat. Advies: stel een Wet drinkwaterdrempel op. Een wet die verplicht tot o.m. minimaliseren van drinkwaterverbruik, gebruik van regenwater, hergebruik van afvalwater en minimalisering van vervuiling van afvalwater. 5.12 Straalpaden Het is interessant te lezen dat hier staat: 'Geconcludeerd werd dat de hoogbouw een grote schaduwzone geeft'. Is dat dezelfde schaduw die eerder in dit document werd benoemd als beter dan voorheen gepland? Feit: de hoogbouw geeft een grote schaduwzone. Kritiek titel paragraaf: onherkenbaar onderwerp Niet alle burgers weten wat een straalpad is. Zij zijn wellicht bekend met de gestreepte rugpad, maar niet met de straalpad. Advies nieuwe titel: telecommunicatiestralen in het gebied 5.15 Ladder voor duurzame verstedelijking

Er staat: Het doel van de ladder is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Verantwoord dient te worden dat er behoefte is aan nieuwe ruimte voor woningen, werken, detailhandel en voorzieningen. De ladder heeft dus niets te maken met duurzaamheid volgens de commissie Brundtland (1987): People, Planet, Profit. Duurzaamheid heeft niets te maken met klimaat en milieu, duurzaamheid heeft hier de engere betekenis van 'gaat lang mee'. Kernafval is dan bijvoorbeeld ook heel duurzaam. Het hanteren van de term duurzaamheid suggereert een aandacht die er NIET is. Misleiding dus. Op zijn minst dienen in de inhoudsopgave de titels van de sub paragrafen te worden opgenomen zodat een lezer met weinig tijd ziet dat het geen jota met klimaat en milieu heeft te maken. De paragraaf is door mij verder niet inhoudelijk bestudeerd. Kritiek: misleidende titel! Duurzaamheid als in zorg voor het klimaat komt niet aan de orde. 5.16.1 Archeologische waarden Vraag: het woord waarde wordt hier gehanteerd als een zelfstandig naamwoord. Is dat gebruikelijk? Waarom staat er niets over wie er niets van archeologische waarde verwacht en waarom? Kritiek: te gehaast opgeschreven.”

[afbeelding]

Zienswijze 2 Ra 10520399 Vereniging Vrienden van Den Haag “De vereniging Vrienden van Den Haag zet zich onder meer in voor het Haagse erfgoed. 1. Sloop Het ontwerpbestemmingsplan voorziet in sloop van het gebouwencomplex van architect Herman Herzberger. Architectuurhistorici zijn zonder uitzondering van oordeel dat het hier gaat om een behoudens waardig, iconisch gebouw van de internationaal gewaardeerde architect Herman Herzberger, een belangrijke representant van de stroming in de moderne Nederlandse architectuur van het structuralisme. Bijzondere eigenschap van het gebouw is dat bij het ontwerpen reeds rekening is gehouden met de mogelijkheid het gebouw aan te passen voor geheel andere functies en gebruik. Dat onderzoek zou uitwijzen dat herbestemming niet haalbaar is, overtuigt niet. Evident is dat het onderzoek, uitgevoerd door de ontwikkelaar die daar belang bij heeft, op deze uitkomst gericht is geweest. De keuze voor sloop boven herbestemming getuigt van gebrek aan kennis van het gebouw en de gebruiksmogelijkheden, en aan waardering voor bijzondere architectuur. De keuze voor sloop is in strijd met alle beginselen van duurzaamheid. De sloop van een zo groot en robuust gebouwencomplex van geen dertig jaar oud met alle gevolgen voor het milieu van dien is in het kader van duurzaamheid onaanvaardbaar.

Het bureau van architect Herzberger heeft een overtuigend plan gepresenteerd tot herbestemming van het gebouw ten behoeve van woningen en gemengde functies. Het getuigt van een gebrek aan sturing dat college en gemeenteraad niet de keuze voor herbestemming hebben gemaakt. Het gemeentebestuur maakt de historisch vaak genoeg bewezen fout kwantiteit (hoeveelheden woonoppervlak) boven kwaliteit (bijzondere en creatieve herbestemming) te kiezen. 2. In het ontwerp-bestemmingsplan beantwoordt niet aan de kaders die de raad heeft gesteld waaraan nieuwbouw zal moeten voldoen. Onderstaande belangen zijn niet in de plan regels afdoende geborgd. Bouw voldoende voorzieningen en volg de groennormen R_B 311019 Hergebruik materialen en bouw biobased R_G 311024 Geen kippenhokjes aan de Anna van Hannoverstraat R_I 311026 SoZa 30 procent sociaal R_K 311028 VVD Serieuze participatie en aanpassingen aan hoogte R_5 311034 Groen voor en met de buurt R_6 311035 Statushouders en studenten langer huisvesten R_7 311036 Terugkeer bewoners en gebruikers SoZa R_8 311037 Koester het casco R_9 311038 Wacht op plintstrategie R_11 311046 Koester Moderne Architectuur Het bestuur maakt In dit ontwerp het in stedenbouwkundig beleid om te zetten publieke belang ondergeschikt aan het particuliere belang van de ontwikkelaar. 3.

Het ontwerp-bestemmingsplan voldoet niet aan de referentienormen maatschappelijke voorzieningen die het gemeentebestuur zichzelf heeft gesteld. 4. Het plan maakt onderdeel uit van de gebiedsontwikkeling CID. Niet voldaan wordt aan de door het bestuur toegezegde in acht te nemen groennorm van minimaal 8m2 openbaar groen per woning. 5. Aan het ontwerp-bestemmingsplan ligt de Notitie Reikwijdte en Detailniveau Milieu Effect Rapportage ten grondslag. Deze schiet te kort. Verwezen wordt naar de aanbevelingen in de door de vereniging eerder ingediende zienswijze, die niet in acht zijn genomen. (Bijlage 1)

6. De beoordeling op verenigbaarheid van het bestemmingsplan met de Wet natuurbescherming voldoet op meerdere essentiële punten niet aan de te stellen eisen. Verwezen wordt naar bijgaande beoordeling van V. Wösten Juridisch Advies. (Bijlage 2).

Zienswijze 3 Ra 10520575 Het Cuypersgenootschap en Erfgoedvereniging Heemschut “De Stichting het Cuypersgenootschap en de Erfgoedvereniging Bond Heemschut zijn al enige tijd betrokken bij de discussie over de toekomst van het voormalige ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag. Op dit moment wordt sloop van dit iconische voorbeeld van het structuralisme overwogen. Eind 2016 is het voormalige ministerie verkocht. De eigenaar heeft de gemeente verzocht om mee te werken aan herontwikkeling van de kavel. De herontwikkeling van de kavel past niet binnen de kaders van het vigerende bestemmingsplan Bezuidenhout, maar geeft wel invulling aan de visie op het Central Innovation District Den Haag. Zodoende is het nodig een nieuw juridisch planologisch kader vast te stellen. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin. Het bestemmingsplan Anna van Hannoverstraat 4 voorziet in een actueel juridisch planologisch kader waarmee de realisatie van een programma van maximaal 135.000 m2 bvo, bestaande uit een mix van functies, waaronder wonen (1.000 tot 1.200 woningen), kantoren, detailhandel, horeca en voorzieningen, stallingsruimten voor fietsen en parkeren van (deel-) auto's, wordt mogelijk gemaakt. Met deze zienswijze reageren wij op het Ontwerpbestemmingsplan met het Milieueffectrapport voor het complex. Deze ligt van 16 maart tot en met 26 april 2023 ter inzage.

Het oorspronkelijke gebouw is eind jaren zeventig ontworpen door de beroemde architect Herman Hertzberger (1932) en werd in 1990 opgeleverd, Hertzberger is een van de grondleggers van de belangrijkste stroming in de Nederlandse architectuur en stedenbouw in de tweede helft van de twintigste eeuw, het Nederlands structuralisme, waarbij geometrische patronen dienden als inspiratiebron. Net als bij Muziekcentrum Vredenburg ontwierp Hertzberger voor de draagconstructie een bouwdoos van prefab betonelementen, waar de hele constructie uit is samengesteld. Dit is het laatste gebouw uit de pure "structuralistische periode" van Hertzberger en tevens het laatste gebouw waarin hij het zo typerende grijze betonsteen gebruikt. Kenmerkend voor het gebouw zijn de zestien achthoekige kantoortorens die rondom een hoge vide met belangrijke voorzieningen gesitueerd zijn. Het heeft een symmetrische opbouw met aan de spoorzijde een hoogte van acht verdiepingen en aan de Schenkkade een hoogte van zes verdiepingen. Hertzberger omschreef destijds het gebouw als "een kleine stad". Heemschut en het Cuypersgenootschap constateren dat het gebouw als hoogtepunt in het oeuvre van Herman Hertzberger een duidelijke nationale en zelfs internationale architectuurhistorische betekenis heeft. Tevens is het gebouw beeldbepalend voor Den Haag. Ook is er sprake van een duidelijke zeldzaamheidswaarde.

Het aantal nog bestaande en redelijk gaaf behouden structuralistische werken van Herman Hertzberger is zeer beperkt. Sloop van dit uitzonderlijke gebouw is dan ook zeer ongewenst. Gezien de uitzonderlijke waarde van het gebouw hebben wij de Staatssecretaris van OCW via de Rijksdienst Cultureel Erfgoed recent formeel verzocht om het gebouw aan te wijzen tot rijksmonument. Daarnaast loopt er bij de rechtbank Den Haag op dit moment een juridische procedure tegen de afwijzing van de gemeentelijke monumentenstatus voor het gebouw. Het is van belang om als gemeente rekening te houden met deze feiten. Bij de motivering van het plan ontbreekt bovendien de verplichte cultuurhistorische paragraaf (wel in MER aandacht voor monumentale bomen). Dat is kwalijk. Eerder heeft gemeente gesteld dat transformatie van het gebouw moeilijk is. Dit is een merkwaardige interpretatie van de feiten. Het gebouw is flexibel van opzet, waardoor latere wijzigingen van bestemmingen en gebruik en aan- of loskoppelen van bouwdelen mogelijk zijn binnen het totaalconcept. Hiervoor is door het Bureau Hertzberger in samenwerking met het Rijksvastgoed reeds een ontwerp voor herbestemming tot woningen gemaakt. Het is goed mogelijk om honderden woningen in het gebouw te realiseren.

Bij het behouden van het gebouw kan op zeer korte termijn begonnen worden met de herontwikkeling, aangezien de plannen tot herbestemming wonen gereed liggen. Er is meer snelheid mogelijk - zeker in de nu snel veranderende bouwmarkt - dan bij sloop voor nieuwbouw. Denkbaar is om de herbestemming te combineren met aanvullende nieuwbouw rondom of op het complex of op de plek van een te slopen ondergeschikt deel van het complex. De gemeente heeft dergelijke varianten nooit serieus een kans gegeven. Gezien het uitzonderlijke karakter van het gebouw is dit opvallend. Samengevat verzoeken wij u pas op de plaats te maken en de tijd te nemen om in overleg met de oorspronkelijke ontwerper een nieuw plan met behoud van in ieder geval de meest beeldbepalende onderdelen van het voormalige ministerie te ontwikkelen. Uiteraard geven wij graag aan een nadere toelichting op deze brief.”

Zienswijze 4 Ra 10520612 Bewonersplatform Voorburg Noord “Namens de bewoners van Voorburg Noord dienen wij een zienswijze in op het ontwerpbestemmingsplan Anna van Hannoverstraat 4, bij ons bekend als “ontwikkeling SoZa”. Ook net over uw gemeentegrens, in Voorburg Noord, volgen wij de ontwikkelingen rondom station NOI in het CID. Zo ook SoZa. SoZa als onderdeel van een groter geheel, hoe te begrenzen in bestemmingsplan? De herontwikkeling van Anna van Hannoverstraat is onderdeel van een grotere ontwikkeling. Welke andere besluiten voor het gebied van de ICT-Security Campus en voor het CID als geheel gaan genomen worden, op welke termijn en hoe hangt dit samen met dit bestemmingsplan? In eerder stadium hebben wij gevraagd om een gebiedsvisie/ontwikkelvisie op te stellen (voor een goed functionerend en toekomstrobuust station NOI incl. beoogde bebouwing rondom dit station, ook aan de zijde Van Alphenstraat) en stel op basis daarvan een gebiedsvisie NOI op, zodat geen voorbarige besluiten worden gemaakt die toekomstige ontwikkelingen beperken. Hiermee beperkt je als Den Haag mogelijk ook de gewenste mobiliteitstransitie die randvoorwaardelijk is voor alle beoogde nieuwbouw in het CID. Er is geen ontwikkelvisie NOI opgesteld (noch vastgesteld door de Raad) als u straks het Bestemmingsplan moet vaststellen.

Er is voor gekozen om de openbare ruimte rondom het SOZA gebouw niet in het bestemmingsplan mee te wijzigen, terwijl dit wél een belangrijk onderdeel was van het participatietraject (door de ontwikkelaar in mei en juni 2022 gehouden met omwonenden). “De inrichting van de openbare ruimte is een afzonderlijk traject, waardoor er in het bestemmingsplan geen aandacht aan is besteed”, zo luidt het antwoord. Voor een goede inpassing in de openbare ruimte is van belang o.a. duidelijk te krijgen over a) keerlus tram b) inpassing waterberging c) inpassing fiets parkeren d) invloed hoogte 75 m op straalpad. Het bevoegd gezag ligt daarvoor bij u, de gemeente. Ook is het aan u om te organiseren dat deze openbare ruimte wordt gefinancierd en gerealiseerd en wordt onderhouden. Herhaaldelijk trok de gemeente zich in de participatiebijeenkomsten terug qua verantwoordelijkheid hierop nemen. Voor ons zijn deze randvoorwaarden echter on voorwaardelijk voor een succesvolle inpassing van SoZa. Het juridisch “opknippen van gebiedsontwikkeling” is niet toegestaan. Bovengenoemde gebiedsvisie zou hiervoor een ultimo basis mogen vormen, uitgaande van de komende 10-25 jaren te verwachten ontwikkelingen in het gebied. Tenslotte merken we op dat het toegezegde beeldkwaliteitsplan (3.7) ontbreekt bij ter inzagelegging. Hierdoor is onvoldoende comfort bij omwonenden over het uiterlijk.

Participatie De hierboven benoemde participatie-inbreng door omwonenden komt niet tot een vervolg qua ruimtelijke inpassing: op uw stadhuis is een keuze gemaakt om het bestemmingsplangebied niet groter te maken dan enkel de kavel waarop hoogbouw wordt voorzien. Waarom deze keuze zo is gemaakt, wordt niet nader toegelicht. Welke consequenties deze keuze heeft (voor de omringende openbare ruimte en de samenhang met NOI station en andere toekomstige ontwikkeling) evenmin. MER De MER ondersteunt het bestemmingsplan. Wij hebben onze bedenkingen over de uitkomsten die worden gepresenteerd, onder andere de: • parkeerberekeningen (392 parkeerplaatsen in BP en 423 in de MER), • verkeersbelasting (vergeleken met een kantoorfunctie die al sinds 2016 niet meer bestaat), kunt u bevestigen dat Voorburg Noord niet extra wordt belast door bewoners of bezoekers van SoZa of aangeven welke mitigerende maatregelen genomen worden om dit tot een minimum te beperken? • nihile uitkomst belasting stikstof (door bouw uit te smeren over meerdere jaren zonder inzicht te gevel of met materieel van na 2015 dan wel elektrisch materieel wordt gewerkt) waardoor Natura2000 gebieden negatief worden beïnvloed. • Windhinder uitkomsten rondom de noordzijde, waar menig fietser en voetganger van zijn sokken zal worden geblazen

• Geluidshinder voor huidige omwonenden wordt niet benoemd, noch voor de aanlegfase noch als het straks af is en door wind fluittonen ontstaan (WTC-gebouw, Strijkijzer, etc.) of sprake is van weerkaatsing (onderzoek is niet nodig want dat hoeft alleen voor reconstructie van wegen is hierop uw antwoord). Mobiliteitsopgave in CID randvoorwaardelijk U geeft geen inzicht in de mobiliteitsverandering die SoZa vraagt. Onduidelijk is wat de realisatie van Anna van Hannoverstraat betekent voor de mobiliteitsambities voor het deelgebied ICT Security Campus en voor het gehele CID. Aangegeven wordt dat “Bewoners en gebruikers van de ontwikkeling niet in aanmerking komen voor een parkeervergunning. Bezoekers van het gebied komen niet in aanmerking voor een bezoekers-parkeervergunning.” Een duidelijk aantal waaraan SoZa moet voldoen wordt echter niet gegeven, dit blijft vaag: worden het nu 754 parkeerplaatsen, 423 of slechts 393? Helaas wordt dit ook niet vastgeklikt in de (regels) bij het bestemmingsplan.

Hoe handhaaft u dat er voldoende parkeerplaatsen komen? En dat de toekomstige bewoners geen vergunning krijgen, ook niet voor hun bezoekers? En hoe voorkomt u dat deze bewoners straks allemaal in onze wijk (Voorburg Noord) gaan parkeren? Eerdere vragen hierover werden door u beantwoord met: “Zolang er in de gemeente Leidschendam Voorburg geen vergunningplicht geldt, kunnen wij niet garanderen dat bewoners en bezoekers in Voorburg Noord gaan parkeren. De gemeente Den Haag is niet bevoegd om besluiten te nemen in Voorburg Noord." Groen, Blauw en voorzieningen Het onderwerp groen komt niet tot concreetheid. U benoemt “Het plangebied ontleent een groot deel van zijn groene kwaliteit aan de twee groene verbindingen die het gebied inkaderen: de groene ecologische Schenkzone en de heringerichte groenzone langs de Van Alphenstraat. Deze groene dragers zijn van betekenis op stedelijk niveau.” U weet heel goed dat de groenstrook aan de Van Alphenstraat vervalt t.g.v. de door u beoogde ontwikkelingen rondom NOI in het CID. U stelt dat “op gebiedsniveau een norm voor openbaar groen van 8 m2 per woning” wordt uitgewerkt? Waar dat is geheel onduidelijk. En dit is niet conform het gedachtengoed van het aangenomen amendement uit december ’21 over 8 m2 groen erbij per nieuwe woning. Dit komt neer op een realisatie van bijna één hectare aan horizontaal en toegankelijk groen.

In de tabel op p57 wordt gesuggereerd dat er 1.100 m2 (<1 m2/woning) groen bijkomt. Waar dan? In deze tabel daalt het aantal m2 groen per woningen van 15 m2 naar 11 m2. Is dat uw bedoeling? Ook dit was onderdeel van de amendementen: het groen in het CID gebied mag niet terug in m2. En op welke (grens qua) gebiedsniveau heeft u welke vlakken aan bestaand groen meegenomen? Dat inzicht ontbreekt. Ook merken we op dat de gesuggereerde 15 m2 afwijkt van de getallen die in de Leefbaarheidseffectrapportage (LER) zijn opgenomen. Den Haag stimuleert groen- en natuurinclusief bouwen; doch dat wordt nergens concreet gemaakt. Via het PUK wordt gesteld dat het groenareaal in de openbare ruimte (nu 2.314m2) wordt vergroot (met 1.100 m2?) en dat de bomenbalans minimaal positief is”. Ook dit wordt niet concreet. Welk areaal en welke bomenbalans worden exact bedoeld? De waterparagraaf (vijver 1.150 m2, klimaatrobuust bufferen 105 m2, nieuwbouweis gemeente 800 m2) is nog onvoldoende uitgewerkt. In het ontwerp-bestemmingsplan (regels) wordt hier een jaar na realisatie voor uitgetrokken. Wie garandeert dat hier water komt? Er wordt op geen enkele wijze richting gegeven aan deze (forse) wateropgave binnen het plangebied, gesuggereerd wordt dat dit kan binnen hetzelfde peilgebied, wat grotendeels in Voorburg Noord ligt.

Waar en wie realiseert dat dan? De voorzieningen (4.4.20.3) nodig om de toekomstige bewoners in hun behoeften te voorzien, worden wel benoemd doch (nog) niet in voorzien: • Onderwijs vraagt uitbreiding, onduidelijk is of dit voor oplevering SoZa is bereikt • Bibliotheek uitbreiding in Mariahoeve • Sporthal en zwembad op de Binckhorst • Speelvoorzieningen op de kavel (maaiveld en daktuinen) • Speelveldjes op Van Alphenstraat (die op termijn vervalt door ontwikkeling NS)

De conclusie dat “ook na realisatie van het plan kan worden voorzien in een voldoende voorzieningenniveau” is daarmee ronduit voorbarig. Een concreet inzicht en overzicht van bestaande en benodigde voorzieningen en waar deze zijn beoogd ontbreekt bij terinzagelegging. Over de keerlus HTM trams wordt met geen woord gerept: die valt buiten het plangebied. Bij ingebruikname van de 11 meter zone rondom het treinspoor, moet de tramkeerlus op maaiveld uit de Anna van Hannoverstraat verdwijnen. Wij vinden dat de gemeente Den Haag hier samen met HTM een knoop over moet doorhakken vóórdat het vloerplan van SoZa wordt aangelegd: de mobiliteit van wandelaars en fietsers wordt hier grotendeels door bepaald straks. Resumé Resumerend leven er bij ons in Voorburg Noord nogal wat zorgen over -het proces van- een juiste toekomstige planologische inpassing van Soza. Bevestiging van ontvangst van deze reactie stellen wij op prijs. Wij zijn graag tot een mondelinge toelichting bereid en zien uw beantwoording met plezier tegemoet.”

Zienswijze 5 Ra 10520626 Algemene Vereniging voor Natuurbescherming voor ’sGravenhage en omstreken “Het ontwerp-bestemmingsplan Anna van Hannoverstraat 4 (Soza) is ter inzage gelegd tot en met 26 april. De AVN dient deze zienswijze in uit zorg voor de effecten van het plan op groen en natuur. We hebben begrip voor het doel te verdichten en meer woningen te bouwen in de stedelijke omgeving. Het plan ligt echter wel naast een ecologische verbindingszone: de Schenkzone, die deel uit maakt van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur (SGH) (zie illustratie in Toelichting 4.4.7.). Daarover heeft de Gemeenteraad besloten: Met het aanwijzen van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur verplicht het gemeentebestuur zich om deze op eenduidige en herkenbare wijze duurzaam in stand te houden en waar mogelijk te versterken. Daartoe doen wij de volgende voorstellen: 1. Houd de ecologische verbindingszone duurzaam in stand en versterk die waar mogelijk: beperk hinder van wind en schaduw door de bouwhoogte te verlagen, in ieder geval aan de kant van de ecozone Het is belangrijk schaduw en windhinder in de ecozone te beperken. Er moet worden onderzocht hoe dat optimaal kan worden bereikt. Wat betreft schaduw stellen we voor de hoogte van de bebouwing aan de zijde van de Schenk, nu 35 m, te verlagen tot 14m.

In het vigerende bestemmingsplan is de maximum bouwhoogte aan de kant van het spoor 31m (voorgesteld in dit plan: 75m). Aan de kant van de ecozone zijn twee bouwvlakken met een maximum bouwhoogte van 22m toegestaan (volgens het plan 35m). Waar er geen gebouwen zijn, is er nu (deels) groen en groeien er bomen, die dus aansluiten op het groen. Er wordt ook geparkeerd, daar is een mogelijkheid meer groen aan te brengen. 2. Houd de ecologische verbindingszone duurzaam in stand en versterk die waar mogelijk: schrijf zowel kwalitatief hoogwaardig groen als groene daken die aansluiten op de verbindingszone voor De toelichting stemt hoopvol: "De herontwikkeling draagt bij aan vergroening van het gebied. De bebouwing zelf zal voldoen aan de eisen vanuit Natuurinclusief Bouwen en de eis uit de nota Eyeline Skyline .... Deze eisen zijn opgenomen in de planregels en vormen daarmee een toetsingskader bij de behandeling van de aanvraag bouwvergunning." In de planregels zijn de eisen opgenomen; "Bij hoogbouw (bebouwing met een grotere hoogte dan 50 meter), komt minimaal 100% van de footprint terug als horizontale buitenruimtes. Van deze horizontale buitenruimtes wordt minimaal 40% ingericht met groen dat een bijdrage levert aan biodiversiteit en beperking van opwarming van de aarde." (art 7.1.j). Er is echter maar een klein stuk 'groen' op de plankaart.

Mooi is dat het 'pocketparkje' (2 op de tekening) ligt aan de kant van de ecozone. Maar er is wel veel schaduw daar (zie bijlage 15 bezonningsonderzoek). Ten zuiden ervan staat een gebouw van 75m. Aan weerszijden van het 'parkje' staan gebouwen van 35m hoog.

Wij bevelen aan het park uit te breiden en te onderzoeken of het beter kan worden geplaatst t.o.v. de schaduw zonder dat problemen met windhinder ontstaan. Dit pleit overigens ook weer voor verlaging van de bouwhoogte aan de kant van de Schenkzone (zie boven, 1). Groene daken die op de ecozone aansluiten versterken de SGH. Dit is weer een, belangrijk, argument voor verlaging van de bouwhoogte aan de kant van de Schenkzone tot 14m. Zie daarover het artikel van de Haagse stadsecologen: De ecologische waarde van groene daken voor de stad "Wanneer we kijken naar actieve kolonisatie blijkt dat de meeste bijen- en wespensoorten groene daken tot 15 meter goed kunnen bereiken. Boven de 25 meter nemen de aantallen sterk af." De geplande daktuinen liggen veel te hoog voor vogels (behalve meeuwen), namelijk 35 meter of hoger. De zwarte roodstaart komt als enige tot max. 20 meter. De bijdrage aan de biodiversiteit van deze daktuinen is dan ook minimaal te achten. Wat betreft de groene binnentuinen, die zijn gepland op 14 meter: er is voor vogels nauwelijks een vindbare doorgang naar de oostelijk gelegen binnentuin (kant van NWO). Ook hier is de waarde voor de biodiversiteit van deze binnentuinen gering. Het gebouw, dat daar gepland is, wordt trouwens helemaal van glas. Voorzieningen dienen te worden opgelegd om te voorkomen dat vogels zich ertegen te pletter vliegen.

De westelijk gelegen binnentuin is voor vogels niet te vinden en ook hoog, met 100% schaduw. Er komt dus niet een goede aansluiting op de ecozone, anders dan via de vijver ("groen pocketparkje") op maaiveld en ook deze is nagenoeg helemaal in de schaduw gelegen. Het is dan ook de vraag of die vijver de SGH kan versterken. Het is belangrijk dat de tuinen voldoende substraat krijgen, dat er (kleine) bomen kunnen komen (zie verder hieronder, paragraaf 3 over regels). Concluderend stellen wij voor dat - voor de biodiversiteit, de kwaliteit van het groen en de aansluiting op de ecozone - de bouwhoogte aan de kant van de Schenkzone wordt verlaagd. Ook stellen we voor het 'pocketparkje' op maaiveld te vergroten en beter te situeren ten aanzien van wind en schaduw. 3. Maak scherpere regels voor de kwaliteit van groen en natuur ('groen dat een bijdrage levert aan biodiversiteit en beperking van opwarming van de aarde'), borg groene daken in regels en plankaart Het is belangrijk groene daken die bijdragen aan de biodiversiteit ook te borgen in de regels. Dat is ook in andere bestemmingsplannen het geval, bijvoorbeeld Madurodam en Steenzicht.

Daartoe vraagt de AVN aan de lijst de 'begrippen' het begrip 'daktuin' toe te voegen en daarin op te nemen dat er voldoende dik substraat moet zijn en andere maatregelen dat er kleine bomen kunnen groeien, evenals duurzame beplanting, die bijdragen aan de biodiversiteit en de vermindering van broeikasgassen. Bij de regels voor 'gemengd' stellen we voor op te nemen dat er ter plaatse van de aanduiding, een daktuin moet komen. Voor de biodiversiteit is het cruciaal dat de daktuinen niet te hoog zijn (S14m), daartoe moet op de plankaart de hoogte worden aangepast.

Het is belangrijk het puntensysteem natuur inclusief bouwen niet naar de letter te volgen maar naar de geest, dus maatregelen te nemen die daadwerkelijk de in de regels genoemde doelstelling bewerkstelligen: het bijdragen aan biodiversiteit. Een insectenhotel op een winderige schaduwlocatie levert punten op, maar welk insect daar zal wonen, is onduidelijk. 4. Houd de ecologische verbindingszone duurzaam in stand en versterk die waar mogelijk: sta daar geen sport- en speelvoorzieningen of toename van verharding toe, en let daar ook op de verlichting In de toelichting wordt voor het oplossen van de toegenomen vraag naar sport- en speelvoorzieningen gewezen naar de "naastgelegen Schenk" (4.4.20.3). Er staat ook: "Bij de (her)inrichting van de openbare ruimte moet rekening worden gehouden met het intensievere gebruik als gevolg van de ontwikkeling in het plangebied." De Schenkzone is een ecologische verbindingszone (onderdeel van het SGH). Die verdient het te worden gekoesterd, voeg daarom geen sport- en speelvoorzieningen of verharding toe. En handhaaf zo nodig de regels opdat de bezoekers geen hinder veroorzaken aan de natuur of aan elkaar. Het beste is de behoefte aan sport- en spel mogelijkheden op te lossen binnen de nieuwe bebouwing.

Sport- en spelvoorzieningen en met name verharde oppervlaktes, en overigens ook terrassen, tellen volgens de AVN niet mee als oppervlak groen en natuur in de eisen daarvoor (regels art. 7.1.j). Zie toelichting: "De groenstrook (Schenkzone) ten noordwesten van de onderzoekslocatie kan potentieel fungeren als vliegroute en is in gebruik als foerageergebied. Derhalve wordt geadviseerd om tijdens de werkzaamheden geen extra verlichting te gebruiken of verlichtingsarmaturen te gebruiken die van het groen afschijnen" We adviseren het gebruik van aangepaste verlichting van/uit het gebouw - niet alleen tijdens de bouw- in de regels op te nemen. Wij vragen u het ontwerp-bestemmingsplan aan te passen volgens bovengenoemde voorstellen.”

Zienswijze 6 Ra 10520649 Stichting SOS Den Haag “1. Het voormalige hoofdkantoor van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Anna van Hannoverstraat 4 te Den Haag is op vrijdag 9 december 2016 door het Rijksvastgoedbedrijf voor €23.000.000,geleverd aan Litoro Investments BV. Op dezelfde dag verkocht Litoro het kantoorgebouw voor dezelfde prijs aan de heer B.W.A. Meijer. Inmiddels staat het pand op naam van SoZAnna B.V., thans gevestigd in Rotterdam aan de Schiehaven 13. 2. Het gebouw is een uniek voorbeeld van het Structuralisme, een stroming in onze recente bouwkunst, van één van de meest talentvolle en succesvolle architecten aan het einde van de 20e eeuw in Nederland, Herman Hertzberger. Dit nationale erfgoed wordt nu met sloop bedreigd. Noch de cultuurhistorische waardebepaling is afgerond, noch is de milieutechnische impact van sloop/nieuwbouw onderzocht en gewogen door deskundigen. Het onderliggende concept bestemmingsplan is bedoeld om de juridische basis te bieden voor integrale sloop- en nieuwbouw. 3. De verkoop van het pand is tot stand gekomen door een openbare aanbesteding waarbij marktpartijen een bieding konden uitbrengen op het kantoorgebouw, plaatselijk bekend Anna van Hannoverstraat 4 te 's-Gravenhage. 4.

Voorafgaand aan de verkoop is door het Rijksvastgoedbedrijf samen met de gemeente Den Haag overlegd wat de beste bestemming van dit iconische gebouw zou kunnen zijn. Men kwam tot de conclusie dat het beste doel van de verkoop van dit bijzondere rijksgebouw zou zijn, het te behouden, te moderniseren en aan te passen aan nieuwe (woon-)functies. Dit is nadrukkelijk omschreven in de Nota van uitgangspunten van de Dienst Stedelijke Ontwikkeling, mei 2015 (RIS282919). Enkele citaten uit deze nota: 5.3 Uitgangspunten herontwikkeling gebouw SZW Deze paragraaf beschrijft de gemeentelijke randvoorwaarden waarbinnen herontwikkeling kan plaatsvinden en zal onderdeel zijn van een biedboek waarmee het Rijk de verkoopprocedure zal starten. Uitgangspunt is dat de herontwikkeling van het voormalige ministeriegebouw bijdraagt aan de in hoofdstuk 4 geformuleerde ambitie om het gebied te transformeren naar een campusomgeving. Een gemengd programma heeft daarbij de voorkeur boven de huidige monofunctionele invulling met kantoren. Uitgangspunten Wonen Voor het gebouw van het voormalig ministerie van SZW zijn er mogelijkheden voor wonen. Het pand leent zich voor opdelen in diverse functies (wonen, werken, studeren), waarbij de blokken die grenzen aan de Schenkkade qua wonen het meest geschikt zijn. De toegang tot de appartementen moet ook aan die kant komen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13457048/1