RIS316930 Bijlage Definitief Rapport - evaluatie vergunningplicht Weimarstraat Beeklaan 09102023
Tekst van het document
18% 25% Dagelijks Wekelijks Maandelijks 21%
Enkele keren per jaar Nooit 23% 13%
Figuur 2: ervaren overlast van de horeca/winkels/diensten (N = 275)
Van de 51 bevraagde passanten in de straatinterviews geeft 14% aan vaak overlast te ervaren. De meeste van hen komen hier dagelijks, ofwel als bewoner ofwel als bezoeker. Van de overige passanten ervaart 29% soms overlast, geeft 27% aan zelden overlast te ervaren en ervaart 27% nooit overlast. Omdat de vraagstelling niet geheel identiek is, zijn de resultaten van de enquête niet één op één te vergelijken met de resultaten van de straatinterviews. Door de passanten die weleens (vaak, soms of zelden) overlast ervaren wordt sociale overlast het meest genoemd. Dit bestaat dan uit dronken of verwarde mensen op straat en geluidsoverlast. Dit sluit wederom aan op de uitkomsten van de analyse die is gedaan door de politie. Daarna wordt door passanten verkeersoverlast genoemd als de meest voorkomende vorm van overlast. Andere vormen van overlast die wel eens worden ervaren komen voort uit de fysieke omgeving, zoals vuil op straat, en van de aanwezige horeca,
18
Bestuurlijke rapportage Focusgebied Weimarstraat / Beeklaan (01-01-2020 tot en met 19-07-2023), politie eenheid Den Haag, september 2023
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
24
winkels en diensten in het gebied. Deze laatste vorm van overlast bestaat vooral uit overlast van bezoekers van coffeeshops, of dronken mensen die de horeca bezoeken.
De ondernemers zijn overwegend positief over de leefbaarheid en veiligheid in de omgeving. Het merendeel gaf aan dat zij over het algemeen zelf geen overlast ervaren. Wel geven zij aan over het algemeen niet aanwezig te zijn in de avonduren. Waar ondernemers wel overlast ervoeren ging het om overlastgevende bezoekers op straat. Het ging dan om schreeuwen, ruzie maken, onder invloed zijn, en verkeersoverlast in de vorm van hinderlijk geplaatste fietsen en hard rijden. Net als de bewoners noemt een deel van de ondernemers in verband met overlastgevende bezoekers ook specifiek de coffeeshops. Zij zouden liever minder coffeeshops in de straat zien, zeker met het oog op de nabijgelegen basisschool en het overlastgevende publiek dat door de coffeeshops wordt aangetrokken, en dat de maatregelen van de gemeente zich op (de bezoekers van) de coffeeshops richten in plaats van op de andere ondernemers.
Ook medewerkers vanuit de gemeente herkennen het hoge aantal coffeeshops (3)19 in het aangewezen gebied en de bezoekers die hier op afkomen als belangrijke bron voor overlast. Op coffeeshopoverlast wordt in principe gehandhaafd en van de eigenaren van de coffeeshops verlangt de gemeente dat in de publieksruimte van de onderneming een gastheer aanwezig is die toeziet op het tegengaan van de overlast. Daarnaast is de gemeente al langere tijd in overleg met de coffeeshops om te kijken of het mogelijk is om een van deze coffeeshops te verplaatsen naar een ander gebied. De vergunningplicht wordt echter niet ingezet om de overlast van coffeeshops te verminderen omdat de coffeeshops onder de horecavergunning vallen en niet onder de bedrijfsactiviteitenvergunningplicht.
Naast de coffeeshops wijst de politie echter ook naar een supermarkt als bron voor overlast en criminaliteit, voornamelijk een opvallende stijging in het aantal incidenten van winkeldiefstal. Deze supermarkt blijkt een aanzuigende werking te hebben op mensen die minder vermogend zijn, waarvan het overgrote deel van de personen die zijn aangehouden ook antecedenten heeft voor vergelijkbare feiten. Mogelijk draagt deze aanzuigende werking bij aan overlast gerelateerde problematiek, zoals bedelen en overlast door alcohol en drugs.20
Bronnen van ervaren onveiligheidsgevoelens Hoewel uit het voorgaande blijkt dat veel bewoners en passanten overlast ervaren, voelen weinig enquêterespondenten zich vaak onveilig, 4% voelt zich dagelijks onveilig en 11% wekelijks:
19 Op de Weimarstraat en de Beeklaan bevinden zich 5 coffeeshops, 3 hiervan bevinden zich in het gebied waar de vergunningsplicht is
ingevoerd. 20 Bestuurlijke rapportage Focusgebied Weimarstraat / Beeklaan (01-01-2020 tot en met 19-07-2023), politie eenheid Den Haag, september 2023
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
25
4% 11% Dagelijks
35%
Wekelijks
13%
Maandelijks
Enkele keren per jaar Nooit
37%
Figuur 3: onveiligheidsgevoelens (N = 299)
Gevraagd naar waardoor men zich onveilig voelt geeft 50% aan dat dit komt door de sociale omgeving en 21% noemt (de bezoekers van) de gevestigde bedrijven:
60% 50%
50% 40% 30%
21%
20% 10%
14% 6%
8% 2%
0%
Figuur 4: bronnen voor het onveiligheidsgevoel (N = 86), meerdere antwoorden mogelijk
Op de vraag in hoeverre de winkels, horeca en diensten en de bezoekers van deze plekken in de straat een oorzaak zijn voor overlast en/of het gevoel van onveiligheid geeft 81% van de respondenten (N = 190) aan dat dit het geval is. Hierbij wordt voornamelijk gewezen op een overmatige aanwezigheid van coffeeshops en diverse ondernemingen, zoals pizzarestaurants en shisha lounges, die niet-lokale bezoekers aantrekken. Dit laatste wordt in geval van de coffeeshops door de politie bevestigd. Volgens de politie lijken de coffeeshops
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
26
een aanzuigende werking te hebben op personen die buiten de regio woonachtig zijn en uit controles blijkt dat een deel van deze personen antecedenten op naam heeft staan.21
Van de 51 gesproken passanten, waaronder ook bezoekers vallen, voelt 63% zich nooit onveilig in de twee straten, 18% zelden, 10% soms en 9% vaak. Onder de enquêterespondenten (bewoners) voelt 35% zich nooit onveilig. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat passanten maar een deel van de tijd op straat doorbrengen, en bijvoorbeeld in mindere mate in de avonduren. Voor de passanten die zich weleens onveilig voelen, komt dit vooral voort uit sociale overlast en horeca, winkels en/of diensten – door bezoekers van horeca en coffeeshops die intimiderend overkomen. Zo noemt iemand in dit verband bijvoorbeeld de onvoorspelbaarheid van mensen die in de straat lopen.
Verandering in de ervaren leefbaarheid en veiligheid Onder de enquêterespondenten heeft 43% een verandering in overlast ervaren in de afgelopen jaren. Daarbij gaat het voor 15% om een toename van de overlast en voor 28% om een afname.
21%
15%
Ja, erger geworden Ja, minder geworden Nee, hetzelfde gebleven 28%
Weet ik niet
36%
Figuur 5: verandering in overlast (N = 293)
Wat betreft veiligheidsgevoelens heeft 30% een verandering opgemerkt, waarbij 18% zich veiliger voelt en 12% zich juist minder veilig voelt vergeleken met voorgaande jaren.
21
Bestuurlijke rapportage Focusgebied Weimarstraat / Beeklaan (01-01-2020 tot en met 19-07-2023), politie eenheid Den Haag, september 2023
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
27
14%
12% Ja, ik voel mij minder veilig dan voorheen 18%
Ja, ik voel mij veiliger dan voorheen Nee, hetzelfde gebleven Weet ik niet
56%
Figuur 6: verandering in veiligheidsgevoel (N = 293)
Onder de respondenten van de straatinterviews geeft 42% aan geen verandering te hebben opgemerkt in het gebied. Ongeveer 27% geeft aan een verslechtering te zien, dit komt door het type mensen en een toename in overlastgevende personen, en meer asociaal gedrag in het verkeer. Ook de politie merkt op dat er vaak sprake is van overlast door zwervers, verwarde personen en alcohol en drugs. Volgens de politie is dit mogelijk te verklaren door de aanwezigheid van een aantal opvanglocaties in de omgeving en doordat het gebied arbeidsmigranten trekt.22 Anderzijds geeft 16% aan juist een verbetering te zien in het gebied, bijvoorbeeld door de verbeterde fysieke omgeving, de vermindering van overlastgevende bezoekers, de gastheren bij coffeeshops en de komst van nieuwe leuke winkels.
Ondernemers benoemden in het kader van een ervaren verandering met name de verbeterde uitstraling van de straat, bijvoorbeeld de vernieuwde gevels, in het kader van een positieve bijdrage aan de leefbaarheid.
Ook verschillende medewerkers van de gemeente benoemden het ‘Uitstralingsproject’ als belangrijk onderdeel van de aanpak als geheel, met name waar het gaat om het verbeteren van de leefbaarheid. Dit project wordt aangestuurd vanuit de transformatiemanager en richt zich onder andere op het opknappen van de gevels, achterstallig onderhoud van de panden en het tegengaan van hinderlijke reclame en bestickering. De integraliteit met andere middelen om een effect op de leefbaarheid en veiligheid teweeg te brengen werd in de verschillende gesprekken met medewerkers van de gemeente benadrukt. Het effect kan niet worden losgezien van andere maatregelen die in het gebied gelden en het is volgens de medewerkers belangrijk om stimulerende maatregelen te combineren met de meer harde en repressieve middelen.
22
Bestuurlijke rapportage Focusgebied Weimarstraat / Beeklaan (01-01-2020 tot en met 19-07-2023), politie eenheid Den Haag, september 2023
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
28
Waar volgens bewoners, bezoekers en ondernemers nog behoefte aan is om de leefbaarheid en veiligheid te verbeteren zijn bijvoorbeeld verkeersmaatregelen om het hard rijden en hinderlijk parkeren door auto’s en fietsen tegen te gaan. Ook werd het aantrekken van grotere winkelketens, zoals Action, Hema en Kruidvat, vanuit de verschillende hoeken genoemd. Dergelijke winkels zouden er volgens hen voor kunnen zorgen dat een breder publiek wordt aangetrokken.
3.2.3
Resumé Uit de enquête en (straat)interviews komt naar voren dat de aanpak als geheel heeft bijgedragen aan een verbetering van het ondernemersklimaat. Hierbij moet worden opgemerkt dat de rol van de transformatiemanager, en ook het bijbehorende Uitstralingsproject, hierin essentieel was. Naast de verbeterde uitstraling van de Weimarstraat blijkt van leegstand, een mogelijk negatief neveneffect, nu in beperkte mate sprake. De transformatiemanager heeft zich actief ingezet om dit mogelijke effect van de vergunningplicht te verzachten. Dit heeft in een aantal gevallen zijn vruchten afgeworpen maar is niet altijd gelukt omdat de eigenaren van de panden niet meewerkten aan deze aanpak. Van het verplaatsingseffect als mogelijk negatief neveneffect blijkt op basis van de beschikbare informatie geen sprake.
Daarnaast is het niet goed mogelijk om vast te stellen in hoeverre de vergunningplicht heeft bijgedragen aan een afname van overlast en onveiligheid. Wat wel naar voren komt uit de resultaten van de enquête en straatinterviews is dat de bronnen voor overlast die bezoekers en bewoners nog ervaren niet allemaal direct naar de ondernemers zijn te herleiden die vallen onder de bedrijfsactiviteitenvergunning. Zo wordt er ook overlast ervaren van de aanwezige horeca in het gebied en werden het hoge aantal coffeeshops en de bezoekers die de coffeeshops aantrekken vaak genoemd. Daarnaast ervaren bewoners en bezoekers in meer algemene zin overlast van asociaal gedrag in het verkeer, vuil op straat en sociale overlast van de mensen op straat. Tevens wijst de politie naar een bonafide ondernemer met een aanzuigende werking op personen die zich schuldig maken aan winkeldiefstal en criminaliteit. Dit zijn vormen en bronnen van overlast waar de vergunningplicht als losstaand instrument niets aan kan veranderen maar die om aanvullende maatregelen vragen.
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
29
4
Lessen voor de toekomst De gemeente Den Haag overweegt de vergunningplicht voor het betreffende gebied te hernieuwen. Bij de afweging om het instrument opnieuw in te zetten, en voor de eventuele implementatie van het instrument op andere locaties, is het nuttig kennis te nemen van de belangrijkste lessen van de Weimarstraat/Beeklaan. Daarom gaan we hier in op de belangrijkste aandachtspunten die binnen de evaluatie naar voren zijn gekomen: De rol van de transformatiemanager is volgens de meeste betrokkenen van doorslaggevend belang geweest voor het succes van de aanpak. Die rol speelde hij op verschillende terreinen. Door het begeleiden van ondernemers bij de vergunningplicht, het coachen van ondernemers en het aantrekken van nieuwe ondernemers naar het gebied. Gesteld werd dat het ‘belangrijk is om iemand te hebben die continue bezig is met het aantrekken van nieuwe ondernemers, iemand die fungeert als schakel’ omdat het aantrekken van bonafide ondernemers niet zomaar overgelaten kan worden aan de markt. Daarnaast kan de transformatiemanager vanuit zijn overkoepelende functie aandacht besteden aan de algehele uitstraling van het gebied en de beleving op straat, onder andere door het aanpakken van vervallen gevels en hinderlijke reclame.
Ook draagt de actieve aanwezigheid van de transformatiemanager bij aan het prescreeningselement van de vergunningplicht en het contact met de pandeigenaren. Hiermee is de rol van de transformatiemanager arbeidsintensief en vraagt deze rol naast voldoende middelen en tijd om goede aansluiting op interne- en externe partijen. Het succes van de vergunningplicht wordt mede bepaald door het aanpalende beleid op het terrein van de leefbaarheid en veiligheid. De integraliteit van deze bredere aanpak, inclusief het contact met bewoners, ondernemers en andere partijen, is bepalend voor de mate waarin de leefbaarheid en veiligheid verbetert. Ook omdat uit de evaluatie blijkt dat de vergunningplicht zelf niet in staat is om alle bronnen van overlast en onveiligheid aan te pakken. Dat komt onder andere doordat bewoners overlast blijven ervaren van (de bezoekers van) de coffeeshops en van het hardrijdende verkeer. Ook voor het stimuleren van een gezond ondernemersklimaat is een integrale aanpak nodig. De vergunningplicht raakt bijvoorbeeld niet de pandeigenaren en daarmee blijven de risico’s op overlastgevend gebruik van panden en leegstand bestaan. Heldere communicatie is van belang voor het draagvlak onder bewoners en ondernemers.
Daarnaast is het voor ondernemers van belang dat het duidelijk is dat het een generieke maatregel betreft die iedereen in gelijke mate raakt zodat verkeerde beeldvorming wordt voorkomen en ondernemers zich niet gecriminaliseerd voelen. Daarbij is het belangrijk om oog te houden voor de administratieve en financiële belasting die de vergunningplicht met zich meebrengt. Er is door de gemeente actief ingezet om deze randvoorwaarden in te vullen maar uit de interviews met de ondernemers komt naar voren dat dit nog niet bij alle ondernemers voldoende is geland. Het voornaamste knelpunt dat naar voren kwam in de gesprekken met vrijwel alle ondernemers is dat zij, ondanks de inzet van de gemeente op communicatie, het toezicht op de vergunningplicht als te frequent
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
30
en onprettig ervaren. Daarbij werd de verplichte aanwezigheid van de vergunninghouder specifiek als belemmering genoemd. Dit knelpunt is bekend bij de betrokkenen van de gemeente, waaronder de Handhavingsorganisatie, maar de Handhavingsorganisatie ziet ook de voordelen in van de werkwijze. Wel ervaarden zij in sommige gevallen een gebrek aan informatievoorziening waardoor de informatiepositie voorafgaand aan een controle niet altijd compleet was. Het is niet mogelijk om te beoordelen in hoeverre de werkwijze waarvoor de horeca-exploitatievergunning als uitgangspunt is gebruikt proportioneel is geweest. Om ondernemers minder te belasten met handhaving is het zinvol om dit uitgangspunt te heroverwegen en na te gaan in hoeverre de huidige werkwijze aansluit bij de doelstelling van de vergunningplicht en om na te gaan welke werkwijze past bij het doel. Mogelijk kan er minder frequent worden gehandhaafd, bijvoorbeeld in de branches waar de risico's laag zijn. Ook is het belangrijk om de (integrale) informatiepositie van de gemeente te versterken zodat handhavers de juiste informatie hebben om de controles goed uit te voeren. Het juridisch kader is zo ingericht dat de levensgedragtoets eerst wordt uitgevoerd en dat de Wet Bibob als aanvullende toets kan worden ingezet.
In de praktijk is de levensgedragtoets echter niet relevant gebleken en waren alle niet-verleende vergunningen gebaseerd op de uitkomsten van de Bibob-toets. Het is hierbij niet duidelijk of er onvoldoende scherp getoetst is aan de criteria uit artikel 2:98 van de APV (waaronder de levensgedragtoets) of dat deze criteria op zich niet adequaat zijn in het weren van ondernemingen met een ondermijnend karakter.
Reacties op hernieuwing van de vergunningplicht In de interviews spraken de betrokken medewerkers van de gemeente en de politie zich positief uit over het hernieuwen van de vergunningplicht. Met name omdat het loslaten van de vergunningplicht een risico met zich meebrengt dat malafide ondernemers zich opnieuw vestigen in het gebied en de hele inzet dan eigenlijk voor niets is geweest.
Bewoners zijn in de enquête niet expliciet gevraagd naar hoe zij kijken naar hernieuwing van de vergunningplicht. Wel gaf bijna de helft van de enquêterespondenten die op de hoogte waren van de vergunningplicht aan tevreden te zijn over de uitvoering. Sommigen geven aan er niet veel van te merken en graag meer te willen weten over wat het heeft opgeleverd. Anderen geven in de toelichting zelf aan dat de gemeente zeker door moet gaan met de vergunningplicht, omdat er nog veel werk te doen is in de buurt.
Onder de 12 bevraagde ondernemers spraken 4 ondernemers zich negatief uit over het hernieuwen van de vergunningplicht en 3 ondernemers gaven aan het niet te weten of geen mening te hebben over het hernieuwen. 5 ondernemers hadden er begrip voor als de vergunningplicht hernieuwd zou worden maar benoemden ook bepaalde randvoorwaarden of aanpassingen aan de manier waarop. Dit had met name betrekking op de handhaving op de vergunning (zie paragraaf 3.1.3). Ook onder ondernemers bleek meer behoefte aan inzicht in de effecten en een duidelijke onderbouwing van de vergunningplicht.
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
31
5
Conclusies In dit hoofdstuk worden aan de hand van het beantwoorden van de onderzoeksvragen de conclusies van het onderzoek getrokken.
1
Welke doelen heeft de vergunningplicht in de delen van de Weimarstraat en Beeklaan?
De vergunningplicht heeft tot doel de leefbaarheid en de veiligheid te vergroten, alsmede het ondernemersklimaat in het betreffende gebied te verbeteren door malafide ondernemers te weren. De gedachte daarachter is dat overlastgevende bezoekers, die gebruik maakten van de dienstverlening van de malafide onderneming, het motief ontnomen wordt de Weimarstraat of Beeklaan te bezoeken waardoor de overlast afneemt. Daarnaast worden ondermijningsgevoelige en ondermijningsvatbare ondernemingen die de openbare orde en veiligheid in het gebied kunnen aantasten door middel van de vergunningplicht afgeschrikt zich hier te vestigen, of wordt aan hen geen exploitatievergunning verleend waardoor ze moeten vertrekken. Met voornoemde veranderingen wordt de leefbaarheid en veiligheid in beide straten vergroot. Ook het ondernemersklimaat verbetert omdat alleen nog bonafide ondernemingen overblijven in het gebied waar de aanpak is geïmplementeerd.
2
In hoeverre is het aannemelijk dat de vergunningplicht effectief is?
Het onderzoek laat zien dat de aanpak in dit gebied deels effectief is. Aangetoond is dat enkele malafide ondernemingen hun activiteiten in het betreffende gebied hebben gestaakt en dat daarvoor in de plaats ondernemers teruggekomen zijn die het winkelaanbod hebben verrijkt. De concentratie van malafide ondernemingen in het kantelgebied is daarmee afgenomen. Een (kleine) meerderheid van de bewoners is dan ook van mening dat de leefbaarheid en veiligheid in de buurt verbeterd zijn en dat het winkelaanbod aantrekkelijker is geworden. Met name bewoners ervaren de positieve gevolgen van de komst van een aantal nieuwe ondernemingen in de straat en de verbeterde uitstraling. Omdat de rol van het economisch profiel van het gebied niet is onderzocht is niet te zeggen of de vergunningplicht in wijken met andere sociaaleconomische factoren hetzelfde effect zal hebben.
Daartegenover waren de ondernemers over het algemeen wat minder positief over de vergunningplicht, onder andere omdat de aanvraag voor hen administratieve en/of financiële lasten opleverde, omdat ze de vergunningplicht als oneerlijk ervaren, en/of omdat toezicht en handhaving op de vergunning voor hen een knelpunt is.
Wel ervaart niet iedereen de verbetering in het ondernemersklimaat, of de leefbaarheid en veiligheid en wordt de verbetering ook niet als heel groot ervaren. Een belangrijke reden voor dit beperkte effect is volgens de direct betrokkenen de overlast die in beide straten nog wordt veroorzaakt door het flinke aantal coffeeshops. Deze overlast wordt met het instrument niet aangepakt. Ook al is de exploitatie van deze coffeeshops vergund en wordt er toegezien op naleving van wet- en regelgeving, toch blijken zij nog bovengemiddeld veel
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
32
bezoekers aan te trekken die overlast veroorzaken. Ook ervaren bewoners en bezoekers nog steeds overlast van onder andere hard rijdend verkeer, dubbel parkeren, bezoekers van horecagelegenheden en sociale overlast van de mensen op straat. Tevens wijst de politie naar een bonafide onderneming als bron voor winkeldiefstal en overlast.
De vergunningplicht zoals geïmplementeerd bij de Weimarstaat en Beeklaan is dus niet geschikt om alle bronnen van overlast aan te pakken. Het echte succes zit daarom vooral in het verbeterde ondernemersklimaat en - het voor het publiek minder zichtbare – verminderen van de kans op ondermijnende criminaliteit in de buurt. Aan 14% van de ondernemingen is namelijk geen vergunning verleend. In vier van de gevallen vanwege aantoonbare criminele activiteiten en bij een ander deel waren er aanwijsbare risico’s die grondslag verschaften tot niet-verlening van de vergunning. Het is bij het merendeel van deze laatste groep ondernemingen echter niet duidelijk wat het precieze karakter was van deze ondernemingen, waardoor er ook een kans bestaat dat er bonafide ondernemingen uit het gebied zijn geweerd. In de verbetering van het ondernemersklimaat heeft de transformatiemanager tevens een belangrijke rol gespeeld.
3
Welke neveneffecten (positief én negatief) heeft implementatie van de vergunningplicht opgeleverd?
Van het verplaatsingseffect net buiten het aangewezen gebied of in andere gebieden waar sprake is van een concentratie van problemen lijkt geen sprake te zijn. Ook van leegstand lijkt in beperkte mate sprake te zijn, hier heeft de arbeidsintensieve inzet van de transformatiemanager een belangrijke bijdrage aan geleverd door actief het contact op te zoeken met pandeigenaren. Eén onderneming die volgens de politie een positieve bijdrage leverde aan het ondernemersklimaat in de buurt heeft uiteindelijk geen vergunningsaanvraag ingediend en is vertrokken. Dit vertrek wordt gezien als een negatief neveneffect van de vergunningplicht. Naast deze neveneffecten zijn er geen andere neveneffecten, positief of negatief, uit de evaluatie naar voren gekomen.
4
Welke lessen voor de toekomst levert de implementatie van de vergunningplicht op?
De rol van de transformatiemanager is een doorslaggevende factor geweest in het succes van de aanpak. Wel is deze rol arbeidsintensief en vraagt dit om voldoende middelen en tijd, en goede aansluiting op alle betrokken partijen.
Het aanpalend beleid op het terrein van leefbaarheid en de integraliteit van de bredere aanpak zijn ook van belang geweest voor het succes van de aanpak. Dit sluit aan op de bevinding die naar voren komt in deze evaluatie dat de vergunningplicht zelf niet in staat is om alle bronnen voor overlast en onveiligheid aan te pakken. De vergunningplicht kan dus niet worden gezien als een afzonderlijk middel om problemen op het gebied van leefbaarheid, veiligheid en ondermijning tegen te gaan maar kan onderdeel zijn van een breder interventiepakket.
Duidelijke en tijdige communicatie is voorafgaand aan de vergunningplicht door de gemeente als randvoorwaarde gesteld. In de implementatie is hier actief op ingezet maar dit is niet door alle ondernemers als voldoende ervaren.
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
33
Toezicht en handhaving op de vergunningplicht wordt door de ondernemers als te frequent en onprettig ervaren. Het is aan te bevelen de uitgangspunten en invulling van het handhavingsinstrumentarium te heroverwegen.
De levensgedragtoets blijkt in beperkte mate relevant gebleken. Dit roept de vragen op over de geschiktheid van de criteria uit artikel 2:98 van de APV en de wijze van toetsing aan de hand van deze criteria.
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
34
Bijlage 1: vragenlijst ondernemersinterviews Locatie
Type onderneming
o Weimarstraat o Beeklaan Vraag
Antwoord
1. Hoe lang bent u Wal ondernemer in dit gebied? 2. Hoe ervaart u het ondernemen hier? Specifiek met betrekking tot de leefbaarheid, veiligheid en het ondernemersklimaat? 3. Hoe bent u op de hoogte gesteld van de vergunningplicht? Wat was uw eerste reactie hierop? 4. Was de communicatie over de vergunningplicht voldoende duidelijk en op tijd? 5. In hoeverre heeft de gemeente ondersteuning geboden bij het aanvragen van de exploitatievergunning? Hoe heeft u deze ondersteuning ervaren? 6. Welke voor- en nadelen heeft u als ondernemer ervaren van de vergunningplicht? 7. Welke gevolgen heeft u ervaren m.b.t. de leefbaarheid, veiligheid en het ondernemersklimaat in het gebied? 8. Welke effecten heeft u ervaren van andere maatregelen die zijn genomen door de gemeente (bijvoorbeeld de transitiemanager, Uitstralingsproject)? 9. Hoe kijkt u naar het verlengen van de vergunningplicht? 10. Wat had de gemeente anders kunnen doen in de communicatie/implementatie van de vergunningplicht? 11. Is er vanuit de gemeente verder nog iets nodig ter bevordering van de leefbaarheid, veiligheid en het ondernemersklimaat in de Weimarstraat/Beeklaan? Zo ja, wat? Ruimte voor overige opmerkingen
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
35
Bijlage 2: enquête vragen De Weimarstraat en Beeklaan: uw ervaringen De gemeente Den Haag heeft de afgelopen jaren verschillende maatregelen ingezet om het gebied rondom de Weimarstraat en Beeklaan een prettige plek te maken voor de bewoners, bezoekers en ondernemers. Om te kijken wat bewoners hiervan hebben gemerkt heeft de gemeente Den Haag onderzoekbureau DSP-groep gevraagd een onderzoek uit te voeren.
Door middel van deze vragenlijst willen wij graag ophalen hoe de bewoners van dit gebied de omgeving ervaren. Daarnaast willen wij graag weten wat u als bewoner misschien heeft gemerkt van deze maatregelen van de gemeente. Het invullen van de vragenlijst is vrijwillig en anoniem. Wij verwerken geen persoonlijke gegevens en kunnen de antwoorden niet naar u herleiden. Wij willen u vragen om alleen de vragenlijst in te vullen als u in of vlak bij de Weimarstraat en Beeklaan woont. U heeft tot zondag 13 augustus om 23:59 de tijd om de vragenlijst in te vullen.
Alvast hartelijk bedankt voor uw deelname!
Algemeen: 1. Hoe lang woont u in de buurt?: a. Tussen de 0 jaar en dan 10 jaar (korter dan 1 jaar is 0 naar, stapgrootte van 1 jaar) 2. In welke leeftijdsgroep valt u? a. < 25 jaar b. 25 – 40 c. 41 – 65 d. 65+ 3. Woont u met of zonder kinderen: a. Met kinderen b. Zonder kinderen 4. Bent u op dit moment betrokken bij een bewonersorganisatie in de buurt? a. Ja b. Nee Leefbaarheid/veiligheid: 5. Welk cijfer geeft u de Weimarstraat/Beeklaan? a. Cijfers 1 - 10 b. Ruimte voor toelichting 6. Ervaart u wel eens overlast in de (omgeving van de) Weimarstraat/Beeklaan?: a. Nooit b. Enkele keren per jaar c. Maandelijks d. Wekelijks e. Dagelijks
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
36
7. Ervaart u wel eens overlast op het gebied van … ? Zo ja, welke vorm(en) van overlast in de openbare ruimte: a. De fysieke omgeving (bijvoorbeeld afval, vernieling, verloedering, verlichting, hondenpoep, of anders). i. Nooit – Enkele keren per jaar – Maandelijks – Wekelijks - Dagelijks ii. Ruimte voor toelichting b. Verkeer (bijvoorbeeld hard/agressief rijden, (dubbel)parkeren, druk verkeer, scooters/fietsen op het voetpad, of anders) i. Nooit – Enkele keren per jaar – Maandelijks – Wekelijks - Dagelijks ii. Ruimte voor toelichting c. Sociaal (bijvoorbeeld hangen op straat, geluidsoverlast, lastigvallen, bedreiging, of anders) i. Nooit – Enkele keren per jaar – Maandelijks – Wekelijks - Dagelijks ii. Ruimte voor toelichting d. De horeca/winkels/diensten in de straat: (bijvoorbeeld de bezoekers, afval, verloedering, of anders) i. Nooit – Enkele keren per jaar – Maandelijks – Wekelijks - Dagelijks ii. Ruimte voor toelichting e. Of andere vormen van overlast: 8. Voelt u zich wel eens onveilig in de Weimarstraat/Beeklaan? a. Nooit b. Enkele keren per jaar c. Maandelijks d. Wekelijks e. Dagelijks 9. Kunt u toelichten waardoor u zich onveilig voelt? (coderen o.b.v. categorieën fysiek, verkeer, sociaal, ervaren/geobserveerde criminaliteit, (bezoekers van) gevestigde bedrijven, anders) 10.
Zijn er horeca, winkels en/of diensten en/of de bezoekers van deze plekken in de straat die eraan bijdragen dat u zich (weleens) onveilig voelt? a. Niet – een beetje – Wel Ruimte voor toelichting 11. Is de overlast in de afgelopen jaren veranderd? a. Ja, de overlast is minder geworden b. Ja, de overlast is erger geworden c. Nee, de overlast is hetzelfde gebleven d. Weet ik niet 12. Is het onveiligheidsgevoel in de afgelopen jaren veranderd? a. Ja, ik voel mij veiliger dan voorheen b. Ja, ik voel mij minder veilig dan voorheen c. Nee, het is hetzelfde gebleven d. Weet ik niet 13. Als er een verandering heeft plaatsgevonden, waar komt dat door denkt u? (coderen o.b.v. opgeruimder/schoner; uitstraling; verkeersmaatregelen; handhaving; politie; type bezoekers; type bewoners; type horeca/winkel/diensten aanbod; betrouwbaarheid horeca/winkel/dienstenaanbod, anders)
Ondernemersklimaat: 14. Bent u op dit moment tevreden met het winkel-, horeca- en dienstenaanbod in de Weimarstraat/Beeklaan? a. Ja b. Nee, ruimte voor toelichting (coderen in bijv. voldoet niet aan mijn behoeften, rommelig/verloederd, overlastgevende bezoekers, aantrekking criminaliteit/misdaad, anders):
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
37
15. Heeft u verandering opgemerkt in het winkel- en horeca-aanbod in de afgelopen jaren? a. Ja, het aanbod is verbeterd b. Ja, het aanbod is verslechterd c. Nee d. Weet ik niet 16. Toelichting op verbetering/verslechtering (coderen in bijv. voldoet (niet) aan mijn behoeften, (on)betrouwbaar, fysieke uitstraling, bezoekers, anders): In november 2020 heeft de gemeente Den Haag besloten dat voor bepaalde delen van de Weimarstraat en de Beeklaan een speciale regel wordt toegepast. Volgens die regel moeten alle bedrijven in het aangewezen gebied die voor iedereen toegankelijk zijn verplicht een vergunning aanvragen bij de gemeente. Hieronder vallen alle bedrijven die producten verkopen of diensten aanbieden, bijvoorbeeld supermarkten, winkels, kappers, en uitzendbureaus. Met deze vergunningplicht kan de gemeente de achtergrond van de ondernemers controleren en beoordelen of zij eerlijk zijn. Met de vergunningplicht wil de gemeente ervoor zorgen dat er geen oneerlijke bedrijven in het gebied zijn zodat het een prettige en veilige plek blijft om te wonen en te winkelen.
17.
Was u voorafgaand aan deze enquête bekend met de vergunningplicht? a. Ja b. Nee 18. Zo ja: hoe bent u op de hoogte gesteld van de vergunningplicht? a. (nieuws)brief en/of social media van de gemeente b. (nieuws)brief en/of social media van een andere organisatie c. Buurtbewoners d. Anders… 19. Heeft u iets meegekregen van de uitvoering van de vergunningplicht? a. Ja b. Nee c. Weet ik niet Ruimte voor toelichting 20. Bent u tevreden over de communicatie rondom de vergunningplicht? a. Heel ontevreden b. Ontevreden c. Neutraal d. Tevreden e. Heel tevreden Ruimte voor toelichting 21. Bent u tevreden met de uitvoering van de vergunningplicht? a. Heel ontevreden b. Ontevreden c. Neutraal d. Tevreden e. Heel tevreden Ruimte voor toelichting Afsluiting: 22. Wat had de gemeente anders kunnen doen in de communicatie over en uitvoering van de vergunningplicht?
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
38
Bijlage 3: vragenlijst straatinterviews Locatie
o o
Interviewer
Weimarstraat Beeklaan
Vraag (open vraagstelling)
Antwoord (coderen)
o Heel prettig o Prima o Onprettig o Heel onprettig o Weet ik niet / maakt mij niet uit 2. Hoe vaak komt u hier? o Dagelijks, ik woon hier o Dagelijks, als bezoeker o Wekelijks, als bezoeker o Maandelijks, als bezoeker o Een enkele keer per jaar of minder, als bezoeker o Voor het eerst (gesprek afronden) 3. In welke mate ervaart u overlast in o Vaak deze straat? o Soms o Zelden o Nooit (volgende vraag overslaan) 4. Welke vormen van overlast ervaart o Fysieke omgeving: u? Kunt u deze vormen kort o Verkeer: toelichten? o Sociaal: o Overlast van horeca/winkels/diensten: o Anders, namelijk: 5. Voelt u zich wel eens onveilig in o Vaak deze straat? o Soms o Zelden o Nooit (volgende vraag overslaan) 6. Kunt u toelichten waardoor u zich o Fysieke omgeving: wel eens onveilig voelt? o Verkeer: o Sociaal algemeen: o (Bezoekers van) horeca/winkels/diensten: o Anders, namelijk: 1. Hoe prettig vindt u deze straat?
7. Heeft u enige verandering gemerkt Overlast: in de ervaren overlast en/of het o Verbetering onveiligheidsgevoel in de afgelopen o Verslechtering jaren? o Geen verschil (volgende vragen overslaan) o Weet ik niet (volgende vragen overslaan) Onveiligheidsgevoel: o Verbetering o Verslechtering o Geen verschil (volgende vragen overslaan) o Weet ik niet (volgende vragen overslaan)
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
39
o Fysieke omgeving = Verbeterd / Verslechterd o Verkeer = Verbeterd / Verslechterd o Sociaal = Verbeterd / Verslechterd o (Bezoekers van) horeca/winkels/diensten = Verbeterd / Verslechterd o Anders = Verbeterd / Verslechterd 9. In geval van verbetering, waar o Opgeruimder/schoner: komt dat volgens u door? Licht kort o Uitstraling: toe o Verkeersmaatregelen: o Handhaving / politie: o Publiek (bezoekers en bewoners): o Type horeca/winkel/diensten aanbod: o Betrouwbaar winkel/horeca/diensten aanbod: o Anders, namelijk: 10. Wat is er volgens u (nog) nodig o Niks, ik ben tevreden om de leefbaarheid en veiligheid te o Opgeruimder/schoner verbeteren? o Uitstraling o Verkeersmaatregelen o Handhaving / politie o Publiek (bezoekers en bewoners) o Type horeca/winkel/diensten aanbod o Betrouwbaar winkel/horeca/diensten aanbod o Anders, namelijk: 8. Op welk vlakken heeft u een verandering opgemerkt?
DSP-groep
RAPPORT ─ Evaluatie vergunningplicht Weimarstraat & Beeklaan
40
DSP-groep BV Van Diemenstraat 410 1013 CR Amsterdam +31 (0)20 625 75 37
dsp@dsp-groep.nl KvK 33176766 www.dsp-groep.nl
DSP-groep is een onafhankelijk bureau voor onderzoek, advies en management, gevestigd aan de IJ-oevers in Amsterdam. Sinds de oprichting van het bureau in 1984 werken wij veelvuldig in opdracht van de overheid (ministeries, provincies en gemeenten), maar ook voor maatschappelijke organisaties op landelijk, regionaal of lokaal niveau. Het bureau bestaat uit 40 medewerkers en een groot aantal freelancers.
Dienstverlening Onze inzet is vooral gericht op het ondersteunen van opdrachtgevers bij het aanpakken van complexe beleidsvraagstukken binnen de samenleving. We richten ons daarbij met name op de sociale, ruimtelijke of bestuurlijke kanten van zo’n vraagstuk. In dit kader kunnen we bijvoorbeeld een onderzoek doen, een registratie- of monitorsysteem ontwikkelen, een advies uitbrengen, een beleidsvisie voorbereiden, een plan toetsen of (tijdelijk) het management van een project of organisatie voeren.
Expertise Onze focus richt zich met name op de sociale, ruimtelijke of bestuurlijke kanten van een vraagstuk. Wij hebben o.a. expertise op het gebied van transitie in het sociaal domein, kwetsbare groepen in de samenleving, openbare orde & veiligheid, wonen, jeugd, sport & cultuur.
Meer weten?
Neem vrijblijvend contact met ons op voor meer informatie of om een afspraak te maken. Bezoek onze website www.dsp-groep.nl voor onze projecten, publicaties en opdrachtgevers.