CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS316640 Notulen van de raad van 7 september 2023

Gemeenteraad 5 oktober 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 7 september 202355.854 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 6 van 6

Dat laatste ben ik met GroenLinks eens, maar ik denk niet dat het te maken heeft met wat voor materiaal we gebruiken, want dat is natuurlijk ook waar het verschil in hofstad- en residentiekwaliteit over gaat. Ik denk dat iedere wijk recht heeft op goed onderhouden stoepen, straten enzovoort. Wij zien eigenlijk niet zozeer wat het verschil in die kwaliteiten daaraan zou kunnen veranderen. De voorzitter. Tot slot, de heer Thepass. Vincent Thepass (GroenLinks). Het verschil zit ook in onderhoudsinzet en hoe vaak je opruimt. Het gaat dus wel degelijk over heel reële verschillen die je terugziet in de kwaliteit van de buitenruimte. Ik hoop dat Hart voor Den Haag dat ook meeneemt in de afweging, want juist in de wijken waar Hart voor Den Haag actief is, Loosduinen, de Haagse Markt, Mariahoeve, kan je dit verschil gaan zien. Hier ligt dus echt een kans. Dennis Groenewold (D66). Ik kom even terug op de motie over het melden van overlast door deelscooters. Je ziet tegenwoordig van die half schuin op de stoep geparkeerde auto's. Zouden auto's die foutgeparkeerd staan wat Hart voor Den Haag betreft ook meegenomen kunnen worden? Carlos Martinez van Andel (Hart voor Den Haag). Dat zou kunnen, maar daar wordt in principe al op gehandhaafd. Het punt van mij is dat er op die deelscooters nu niet wordt gehandhaafd. De voorzitter.

Door de heer Martinez van Andel worden de volgende moties (M.3 HvDH en M.4 HvDH) ingediend:

Motie M.3 HvDH Deelscooteroverlast in de My Clean City app De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 september 2023, ter bespreking van de Kadernota openbare ruimte - Kwaliteit door samenhang - Openbare ruimte beleid tot 2030. Constaterende, dat: • deelscooters en -fietsen veel overlast veroorzaken door de wijze waarop ze op stoepen worden achtergelaten, waaronder midden op uitritten, stoepen en blindegeleidestroken; • uitsluitend voor de gebieden Scheveningen, Kijkduin en Centrum maatregelen zijn getroffen om deelscooters en -fietsen op een deugdelijke wijze te parkeren; 89

• • •

in de overige wijken/gebieden van Den Haag geen regels gelden met betrekking tot het parkeren van deelscooters en -fietsen. de handhavingsorganisatie niet handhaaft op foutgeparkeerde deelscooters en -fietsen. mensen momenteel geen eenvoudige manier voorhanden hebben om foutgeparkeerde deelscooters of -fietsen bij de gemeente te melden.

Overwegende, dat: • artikel 5.7 van de APV zegt: Het is verboden een voertuig dat is voorzien van een aanduiding van handelsreclame, op de weg te parkeren met het kennelijk doel om daarmee handelsreclame te maken. • artikel 5: 10A van de APV zegt: Het is verboden een voertuig te parkeren of te laten stilstaan op een door het college aangewezen, niet tot de rijbaan behorend weggedeelte. • sinds 2021 tellingen worden gedaan van het aantal overlastmeldingen door deelscooters en fietsen, waarbij de teller inmiddels op circa 3000 (bekende) meldingen staat. • stoepen te allen tijde goed begaanbaar moeten zijn voor voetgangers. • het wenselijk is dat foutgeparkeerde deelscooters en -fietsen via de My Clean City app bij de gemeente gemeld kunnen worden. Verzoekt het college: • met de ontwikkelaars van de My Clean City app te onderzoeken of de app dusdanig uitgebreid kan worden dat foutgeparkeerde, overlastgevende deelscooters en -fietsen via een meldknop aan de gemeente gemeld kunnen worden. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie M.4 HvDH Stop overlast deelscooters De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 september 2023, ter bespreking van de Kadernota openbare ruimte - Kwaliteit door samenhang - Openbare ruimte beleid tot 2030. Constaterende, dat: • deelscooters en -fietsen veel overlast veroorzaken door de wijze waarop ze op stoepen worden achtergelaten, waaronder midden op uitritten, stoepen en blindegeleidestroken; • uitsluitend voor de gebieden Scheveningen, Kijkduin en Centrum maatregelen zijn getroffen om deelscooters en -fietsen op een deugdelijke wijze te parkeren; • in de overige wijken/gebieden van Den Haag geen regels gelden met betrekking tot het parkeren van deelscooters en -fietsen. • de handhavingsorganisatie niet handhaaft op foutgeparkeerde deelscooters en - fietsen. Overwegende, dat: • artikel 5.7 van de APV zegt: Het is verboden een voertuig dat is voorzien van een aanduiding van handelsreclame, op de weg te parkeren met het kennelijk doel om daarmee handelsreclame te maken. • artikel 5: 10A van de APV zegt: Het is verboden een voertuig te parkeren of te laten stilstaan op een door het college aangewezen, niet tot de rijbaan behorend weggedeelte. • sinds 2021 tellingen worden gedaan van het aantal overlastmeldingen door deelscooters en -fietsen, waarbij de teller inmiddels op circa 3000 (bekende) meldingen staat.

• stoepen te allen tijde goed begaanbaar moeten zijn voor voetgangers. Verzoekt het college: • in de Kadernota openbare ruimte en de APV eenduidig beleid voor de hele stad op te nemen ten aanzien van het parkeren van deelscooters en -fietsen en hier actief op te gaan handhaven. 90

En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. We schorsen voor een dinerpauze tot zeven uur. Dan komt de reactie van het college. Van die tijd kunt u ook gebruikmaken om de brief over Binck Blocks nog te lezen. We hadden aangekondigd dat u daar nog tijd voor zou hebben. De vergadering wordt van 17.57 uur tot 19.00 uur geschorst. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Welkom aan de mensen thuis. Die hebben natuurlijk een uur in spanning gezeten hoe het nu verder gaat met de appreciëring van de moties bij de Kadernota openbare ruimte. Daarom ga ik er snel doorheen. Ik wil allereerst stilstaan bij de complimenten van D66 en andere fracties, die ik zelf ook deel, als het gaat om het proces van deze kadernota. Ook complimenten aan mijn voorganger en de medewerkers en iedereen in de stad die hieraan bijgedragen heeft. Ik reken er een beetje op dat er straks een raadsmeerderheid gaat zijn om dit proces tot een mooi einde te brengen. Maar er zijn ook nog een aantal moties en aandachtspunten vanuit de raad. De eerste motie, van het CDA, zegt Nieuw Waldeck verdient prioriteit. In de commissie van vorige week was er een indrukwekkende inspreker uit Nieuw Waldeck. Ik ben ook met haar nog door de wijk gaan fietsen vorige week.

Ik heb met eigen ogen gezien dat we daar echt een inhaalslag te maken hebben waar we niet langer meer mee kunnen wachten. Ik beschouw deze motie als ondersteuning van de prioriteit die we daaraan gaan geven als college. Ik kan de motie dus aan de raad laten. Ik had al toegezegd dat er een planning zou komen, waarbij we ook nog naar de andere projecten kijken die in de pijplijn zitten. Die planning komt eraan. De voortgang van Nieuw Waldeck staat bovenaan dat lijstje. Ik heb een amendement van D66 - ik doe het even op volgorde van indiening - dat heet Duidelijkheid over toegankelijkheid. Dat vindt het college een heel klein beetje lastig. Het college begrijpt heel goed dat het alleen maar goed kan zijn om in het dictum nog wat extra tot uiting te brengen dat de openbare ruimte toegankelijk moet zijn voor iedereen, dus zeker ook voor mensen met een beperking. Zoals het er nu staat, krijgen wij alleen wat signalen van organisaties uit de stad dat het weer net wat onhandig geformuleerd is, als ik het zo even mag benoemen. Ik kijk even naar de indiener. Er staat nu 'toegankelijk voor mensen met en zonder een beperking, sociaal veilig en aantrekkelijk voor iedereen'. Mijn voorstel zou zijn om ervan te maken 'voor mensen met en zonder een beperking'. Dan maak je het helemaal inclusief.

We bedoelen, denk ik, hetzelfde, maar als de indiener bereid is om die kleine aanpassing nog te doen, dan is het nog wat correcter geformuleerd. Dennis Groenewold (D66). Ik snap wat de wethouder hier zegt. Ik heb heel snel rondgekeken. Ik zie geen blikken van de mede-indieners dat ze het er niet mee eens zijn, dus ik pas het amendement op die manier aan dat er komt te staan 'voor mensen met en zonder een beperking'. De voorzitter. Amendement M.C D66 is in die zin gewijzigd, dat het thans luidt:

Amendement M.C D66 Duidelijkheid over toegankelijkheid (gewijzigd) De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 september 2023, ter bespreking van Gewijzigd voorstel van college inzake Kadernota openbare ruimte - Kwaliteit door samenhang Openbare ruimte beleid tot 2030, (RIS310884). Besluit om dictum 2.a als volgt te wijzigen: • Een inclusieve openbare ruimte om ontmoeting en verblijf te faciliteren. Inclusieve openbare ruimte is toegankelijk voor mensen met en zonder een beperking, sociaal veilig en aantrekkelijk voor iedereen

91

Het gewijzigd amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Met die aanpassing kan het college het oordeel over het amendement aan de raad laten, voor alle duidelijkheid. Ik heb voor me een motie van de Partij van de Arbeid en andere fracties over de Markt naar Zeeroute, zoals in de commissie gewisseld. Ik heb met de initiatiefnemers langs de route gefietst. Als ik de motie kan uitleggen als in kaart brengen wat er allemaal op dat traject al gebeurt en waar we kansen zien om de ideeën uit het initiatief uit de stad daar een plek in te geven en als inspiratie en als aanjager te zien, dan kan het college deze motie aan de raad laten. Dan heb ik twee amendementen van de Partij voor de Dieren, allereerst het amendement met de titel Doe dan tenminste struiken. Het college begrijpt waar dit vandaan komt. Alleen, door het zo te formuleren, bereiken we eigenlijk het tegenovergestelde van wat ook de indiener, denk ik, beoogt. De inzet van het college met deze nota is om bomen te plaatsen. Als bomen op die plek niet kunnen, dan moeten we kijken waar de bomen wel kunnen. Dan moeten we het plan zo maken dat bomen wel passen. Door de toevoeging 'als bomen niet kunnen, laten we dan struiken planten' maak je het juist makkelijker om geen bomen maar struiken te planten. Het is een beetje semantisch.

Dus juist omdat we op zoek willen naar plekken voor bomen, zou ik dit amendement willen ontraden. Leonie Gerritsen (PvdD). Ik ben bang dat de wethouder mijn tekst dan verkeerd gelezen heeft. Het is niet in plaats van bomen. Die bomen moeten dan sowieso op een andere plek. Maar op de plekken waar geen bomen kunnen, daar kun je ook struiken plaatsen. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Zoals ik het lees, staat dat er nu niet. Dan staat er: als bomen niet kunnen, plant er dan maar struiken. Terwijl we echt de inspanning erop willen laten dat er een plek gevonden moet worden voor de bomen. Leonie Gerritsen (PvdD). Als ik het beter verwoord in het amendement, kan u het dan wel omarmen? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Dan moet ik dat voorstel eerst zien. Voordat u allerlei moeite gaat doen: ik denk dat wat u beoogt echt al wel de rode draad door deze nota is. Waar kansen zijn voor bomen, gaan we bomen planten. Wat dat betreft denk ik dat we aan hetzelfde kant van het touw trekken. Een amendement zou wat het college betreft op dit punt niet nodig zijn. De voorzitter. Tot slot, mevrouw Gerritsen. Leonie Gerritsen (PvdD). Dat ben ik niet helemaal met u eens, want er wordt toch op een andere manier naar gekeken. Ik zou het graag willen aanpassen op een manier die wel in lijn is met hoe de wethouder dacht dat ik het bedoelde. De voorzitter. Ik neem aan dat dan in tweede termijn komt.

De wethouder gaat zijn beantwoording vervolgen. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ik heb nog een amendement Geen dubbelgebruik in de natuur. Ook dat gaat het college ontraden, ofschoon we heel goed begrijpen waar dit vandaan komt. Het hoofdargument is eigenlijk dat we de natuur op andere manieren beschermen in deze stad. Dat doen we door Natura 2000-gebieden aan te wijzen, door de ecologische groene hoofdstructuur te benoemen en door het Natuurnetwerk Nederland waar mogelijk uit te breiden. Om het overal waar het groen is op slot te zetten voor andere functies, kunnen we ons simpelweg niet permitteren. Hét voorbeeld is natuurlijk het Westduinpark. Dat is een Natura 2000-gebied. Daar loopt ook een fietspad doorheen. Dat is daarmee al dubbelgebruik. Dus zeggen dat natuur echt alleen maar natuur kan zijn, kunnen we niet droog houden in deze stad waar de ruimte echt heel schaars is. Ik ben bij de motie van de SP over hofstadkwaliteit en residentiekwaliteit. Daar is ook onderling al wat over gewisseld. Ook in de commissie hebben we het hier uitgebreid over gehad. Ik heb in de commissie gezegd dat als er een motie komt en daar een meerderheid voor is, het college ermee aan de slag gaat. In dat opzicht kan ik deze motie dan ook aan de raad laten. Wij kennen deze 92

manier van werken al meer dan twintig jaar in Den Haag, is mij verteld. Het is dus sowieso goed om dat eens tegen het licht te houden. Het college beschouwt dit als een onderzoeksmotie. Hoe je daar invulling aan geeft, welke andere steden ter inspiratie kunnen dienen of hoe we dat dan precies gaan doen, of dat we toch het college dat er dan zit … De voorzitter. Kunt u misschien iets sneller beantwoorden? Volgens mij is het oordeel raad en ik zie dat het college bijna door zijn tijd is. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Natuurlijk, voorzitter. Ik zal het kort proberen te houden, maar ik probeerde wat aan verwachtingenmanagement te doen aan de voorkant. Het college gaat hiermee aan de slag en hoe dat eruit gaat zien is, naar ik aanneem, straks aan een ander college dat hier zal zitten en dat ook op een meerderheid zal berusten. Ik ben bij de motie Fitplaatsen in heel Den Haag van de SP. Deze is ook sympathiek, maar moet het college ook ontraden, vanwege een aantal redenen. Als we dit actief aan bewonersorganisaties gaan vragen, is het college bang dat we verwachtingen gaan wekken. Het is echt niet makkelijk om in de heel krappe ruimte dit soort plekken te vinden. Dat zal ook vast ten koste gaan van groen. Dat is niet wat we overal willen. Wat er ook bij hoort, wil men dit gaan gebruiken, is dat er dan ook met welzijnswerk een soort programma omheen georganiseerd moet worden.

Dat leert de ervaring. Dan moeten er ook buurtsportcoaches komen om met jongeren vaak gebruik te gaan maken van deze fitplaatsen. Daar zijn ook niet altijd de middelen voor. Om dit nu heel actief uit te gaan vragen, zou het college dus toch willen ontraden. Lesley Arp (SP). De motie vraagt juist om het te vragen aan de welzijnsorganisaties. Ik neem aan dat als die welzijnsorganisaties denken dat zij bewoners helemaal niet daarbij kunnen ondersteunen, ze dat ook niet zullen aangeven. Ik ga er daarbij van uit dat ze die professionele afweging maken. Daarnaast is er in de commissie gezegd dat het vraaggestuurd is. Ik vraag me af of alle organisaties dat weten. Heeft het college dan überhaupt de ambitie om meer van dit soort plekken mogelijk te maken? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). We staan als college in heel goed contact met welzijnsorganisaties en ook met bewonersorganisaties. Daar komt alles aan bod. Om dit specifiek uit te gaan vragen, heeft dus ook niet zo heel veel meerwaarde. Als we als gemeente dit aan welzijnsorganisaties gaan vragen zonder dat we daar middelen voor verstrekken, gaat dat ook niet per se tot een heel constructief gesprek leiden, denk ik. Ik blijf dus bij het ontraden van deze motie. Lesley Arp (SP). De wethouder beantwoordt niet mijn vraag. Als je op de website kijkt, is het nu maar in een select aantal wijken.

Heeft het college dan geen ambities om dit soort fitplaatsen ook in andere delen van de stad te realiseren? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ik denk niet dat het college op dit moment hier een doelstelling voor heeft, nee. De voorzitter. De wethouder vervolgt zijn betoog. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). We doen het nu vraaggestuurd waar het nodig is. Op plekken waar er behoefte aan is, voeren we het gesprek en dan komen ze er ook. Voorzitter. Er zijn nog twee moties over deelscooters van Hart voor Den Haag. Collega Van Asten zal er een doen. Ik zal reageren op de motie over de MyCleanCity-app. De motie verzoekt om te onderzoeken of we de app kunnen uitbreiden om het daarin mee te nemen. Dat is echt een onderzoeksmotie. Het college is daartoe bereid. Het college kan de motie dus aan de raad laten. We kunnen best in gesprek gaan met de deelvoertuigorganisaties om te kijken op wat voor manier we in die app de meldingen kunnen laten doen. Waarschijnlijk gaan we ze dan doorgeleiden naar de aanbieders, maar dat geeft in ieder geval voor de bewoners één ingang. Dit zijn wel dingen die niet over twee weken geregeld zijn, zal ik maar even zeggen. Maar we zijn wel bereid om ermee aan de slag te gaan.

93

Voordat ik het woord doorgeef aan collega Van Asten, heb ik nog een motie van de Haagse Stadspartij over het gebruik van waterdoorlatende verharding. Ook sympathiek; waar het kan doen we dit, want dit leidt tot een meer klimaatadaptieve stad. Alleen, zoals het in de motie geformuleerd staat is het nogal absoluut: álleen gebruik te maken van waterdoorlatende verharding. Dat kan helaas niet. Ook veiligheid, bereikbaarheid en beheerbaarheid van de openbare ruimte zijn criteria. We overwegen het altijd, maar zoals het hier geformuleerd staat, moet het college de motie helaas ontraden. Wethouder Van Asten (D66). Voorzitter. Ik heb een motie: Stop overlast van deelscooters van Hart voor Den Haag. Dat is een probleem dat terecht is aangestipt hier. De motie vraagt om in de Kadernota openbare ruimte en de APV eenduidig beleid op te nemen. Er wordt op dit moment gewerkt aan de strategie deelmobiliteit. Die komt voor het einde van het jaar de kant van de raad op. Aan de hand daarvan willen we het hele probleem van deelscooters en deelvervoer en hoe je dat op een goede manier kan laten werken, met uw raad bespreken. Daarop vooruitlopend komen plannen voor de buurthubs Centrum, Scheveningen en Bomenbuurt al iets eerder naar u toe.

Ik zou u daarom willen vragen om deze motie even aan te houden, zodat we gezamenlijk kunnen kijken hoe we die problematiek te lijf kunnen, waar als het moet de APV zeker op zal worden aangepast. De voorzitter. Ik kijk even rond of er behoefte is aan een tweede termijn. Ik had het idee dat die behoefte er wel was. Volgens mij is het handig om even vijf minuten te schorsen. De vergadering wordt van 19.17 uur tot 19.19 uur geschorst. Voorzitter: de heer Groenewold. De voorzitter. Er is een voorzitterswissel geweest. Dat komt omdat er toch geen behoefte aan een tweede termijn was. De beraadslaging wordt gesloten.

Aan de orde is: N. Voorstel van het college en het presidium tot vaststelling Lijst met gevallen voor bindend advies en waarvoor verplichte participatie geldt voor projecten die in strijd zijn met het omgevingsplan (RIS313814). O. Voorstel van het college inzake Delegatiebesluit omgevingsplan Den Haag 2023 (RIS316028). P. Voorstel van het college inzake vaststellen Nota van Beantwoording Notitie Reikwijdte en Detailniveau omgevingsvisie (RIS316060). De voorzitter. Deze drie voorstellen worden gezamenlijk behandeld. De beraadslaging wordt geopend. Rutger de Ridder (VVD). Voorzitter. Vandaag een mooi en belangrijk debat over de Omgevingswet. Ik heb er even op moeten wachten, maar toch. De invoering heeft voor Hagenaars grote gevolgen, en ook voor de raad grote gevolgen. We gaan veel anders doen en hopelijk ook beter doen. Het biedt voor ons en voor Den Haag een enorme kans. We willen namelijk als raad, en ook de mensen in de stad, grip op projecten, groot en klein. We willen dat bewoners grip krijgen op wat er gebeurt in hun wijk, in hun buurt. Dat is van belang voor het fijn wonen in Den Haag, want hoe vervelend is het als er een gebouw in je straat wordt gebouwd waar je zelf niets over hebt kunnen zeggen? De Omgevingswet regelt dat straks. Maar dan moeten we wel helder hebben welke afwijkingen we acceptabel vinden en

94

welke niet, zeker in die lijst bindend advies. Dat kan maar één orgaan. Dat is het orgaan dat de kaders vaststelt en dat zijn wij, de raad. Daarom is het van belang dat de gemeenteraad meer kan zien dan we nu voorbij zien komen. Daarom dien ik het volgende amendement in, waarbij we ervoor zorgen dat de gemeenteraad een oordeel kan geven over bebouwing die hoger wordt dan 130% van de geoorloofde hoogte. Het amendement heet 2 keer zo hoog houden we niet droog. Het besluit om lijstnummer 1.1a te wijzigen in 'activiteiten voor het realiseren van bebouwing met een bouwhoogte van meer dan 130% van de bouwhoogte zoals opgenomen in het omgevingsplan.' Het amendement dien ik mede in namens Hinke de Groot van het CDA, Judith Klokkenburg van de ChristenUnie/SGP, Lesley Arp van de SP, Fatima Faïd van de HSP en Sebastian Kruis van de PVV. De voorzitter. Door de heer De Ridder, daartoe gesteund door mevrouw De Groot, mevrouw Klokkenburg, mevrouw Arp, mevrouw Faïd en de heer Kruis, wordt het volgende amendement (N.A VVD) voorgesteld:

Amendement N.A VVD 2 keer zo hoog houden we niet droog. De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 september 2023, ter bespreking van het voorstel van het college en het presidium tot vaststelling lijst met gevallen voor bindend advies en waarvoor verplichte participatie geldt voor projecten die in strijd zijn met het omgevingsplan (RIS 313814) Besluit om: • Lijstnummer 1.1a te wijzigingen Oude tekst: a. activiteiten voor het realiseren van bebouwing met een bouwhoogte van meer dan 2x de bouwhoogte zoals opgenomen in het omgevingsplan. Nieuwe tekst: a. activiteiten voor het realiseren van bebouwing met een bouwhoogte van meer dan 130% van de bouwhoogte zoals opgenomen in het omgevingsplan. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Robert Barker (PvdD). Voorzitter. We begrijpen rond het bindend advies dat er keuzes gemaakt moeten worden en niet alles kan. We hadden het voorstel ook liever iets anders gezien, maar we begrijpen de keuzes. We zijn blij dat het voorstel ook op een gegeven moment geëvalueerd wordt. Over het participatiedeel hebben we meer onze zorgen. Dat heeft onze vertegenwoordiger, Jan Willem van den Bos, ook in de commissie aangegeven. Het is gek om participatie slechts te verplichten als de raad een rol heeft, want eigenlijk borgt het traject van de raad juist de inspraak en het transparante proces.

Het is daarom juist ook van belang dat je participatie verplicht waar de raad geen rol heeft. Daarom hebben we een amendement meegenomen om net als in Amsterdam participatie breed te verplichten en daarbij verschillende vormen te onderscheiden. Dit amendement, met de titel Participatie bij afwijken van het omgevingsplan, dien ik in samen met de VVD. De voorzitter. Door de heer Barker, daartoe gesteund door de heer De Ridder, wordt het volgende amendement (N.B PvdD) voorgesteld:

Amendement N.B PvdD Participatie bij afwijken van omgevingsplan De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 september 2023, ter bespreking van Voorstel van het college en het presidium tot vaststelling Lijst met gevallen voor bindend advies en 95

waarvoor verplichte participatie geldt voor projecten die in strijd zijn met het omgevingsplan (RIS313814). Besluit om dictumpunt III als volgt aan te passen: • dat participatie verplicht is voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit zoals genoemd in de lijst voor bindend advies; Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. De Omgevingswet gaat uit van vertrouwen: vertrouwen in de initiatiefnemers, maar ook in de overheid. Daar passen alleen, wat ons betreft, openheid en transparantie bij. Al jaren helpt het Haags Initiatieven Team ontwikkelaars in kaart te brengen wat wel en niet mag en welke kaders er zijn. Deze adviezen zijn echter niet publiek en ook niet opvraagbaar. Tot zover is de transparantie dan. Wat ons betreft kan en moet dat anders. Daarom de motie Breek het HIT open, met het dictum: verzoekt het college een plan te maken om vanaf de invoering van de Omgevingswet de positieve beoordelingen van het Haagse Initiatieven Team en beginselaanvragen actief te publiceren. De motie is meeondertekend door de heer Rutger van de oppositiepartij de VVD. De voorzitter. Een nieuwe achternaam voor de heer Rutger! Door mevrouw Faïd wordt de volgende motie (N.1 HSP) ingediend:

Motie N.1 HSP Breek het HIT open De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 september 2023 ter bespreking van N Voorstel van het college en het presidium tot vaststelling Lijst met gevallen voor bindend advies en waarvoor verplichte participatie geldt voor projecten die in strijd zijn met het omgevingsplan (RIS313814) Overwegende, dat: • het college vast wil houden aan de werkwijze van het Haags Initiatieven Team (HIT) en beginselaanvragen na invoering van de Omgevingswet; • de uitspraken van de ambtelijke beoordeling geen rechtszekerheid bieden aan initiatiefnemers, maar deze beoordeling door initiatiefnemers én ambtenaren wel vaak zo wordt geïnterpreteerd; • de beoordelingen niet opvraagbaar zijn via de gebruikelijke procedure voor omgevingsvergunningen of opvraagbaar zijn via de WOO-procedure.

Constaterende, dat: • door initiatiefnemers veel waarde wordt gehecht aan de uitspraken van het HIT; • de gemeente in vervolgstappen in de ruimtelijke procedure verwijst naar de eerder gegeven adviezen in de HIT of beginselprocedure; • de gemeente uit belang van een “betrouwbare partner willen zijn” zelf ook een zwaar gewicht geeft aan de gegeven adviezen; • daardoor sprake is van een niet transparante werkwijze voor de omgeving en omwonenden; • deze werkwijze niet in lijn is met de opzet van de omgevingswet waarin vertrouwen en samenwerken centraal staat; • het mogelijk moet zijn de beoordelingen in geval van een positieve grondhouding vanuit de gemeente actief te publiceren. Verzoekt het college: Een plan te maken om vanaf de invoering van de omgevingswet de positieve beoordelingen van het Haagse Initiatieven Team en beginselaanvragen actief te publiceren.

96

En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Hinke de Groot (CDA). Voorzitter. De Omgevingswet is een flinke stelselherziening voor gemeenten. Dat vraagt om zorgvuldigheid. Het college stelt hier nu vandaag een delegatiebesluit voor waarin het college zelf besluiten kan nemen om omgevingsplannen te wijzigen of vast te stellen zonder tussenkomst van de raad. Op zich is dat besluit prima. Tegelijkertijd zijn we in het verleden ook bouwprojecten tegengekomen die we niet hadden voorzien als raad in de juridische kaders, en die de stad en gemeenteraad achteraf gezien liever niet wilden hebben. Daarom is het belangrijk dat we op basis van voortschrijdend inzicht kijken of het delegatiebesluit zo meteen goed werkt en er geen besluiten zijn genomen waarbij achteraf tussenkomst van de raad, als volksvertegenwoordigers van de stad, gewenst was geweest. Daarom heb ik het amendement Primaat bij de raad, mede ingediend door de heer Barker van de Partij voor de Dieren, de heer De Ridder van de VVD, mevrouw Arp van de SP en de heer Thepass van GroenLinks. Dat regelt dat we wat meer de vinger aan de pols kunnen houden.

Het besluit om 'Dictumpunt 2 te vervangen door: Dat het college halfjaarlijks aan de raad een overzicht overlegt van de krachtens delegatie genomen besluiten, en op basis daarvan het delegatiebesluit kan evalueren en de raad het delegatiebesluit kan aanpassen of intrekken waar nodig. Als dictumpunt 5 toe te voegen: Een jaar na inwerkingtreding het delegatiebesluit uitgebreid te evalueren met de raad en op basis daarvan het delegatiebesluit aan te passen of in te trekken waar nodig.' De voorzitter. Door mevrouw De Groot, daartoe gesteund door de heer Barker, de heer De Ridder, mevrouw Arp en de heer Thepass, wordt het volgende amendement (O.A CDA) voorgesteld:

Amendement O.A CDA Primaat bij de raad De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 september 2023, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Delegatiebesluit omgevingsplan Den Haag 2023 (RIS316028)) Besluit om: • Dictumpunt 2 te vervangen door: Dat het college halfjaarlijks aan de raad een overzicht overlegt van de krachtens delegatie genomen besluiten, en op basis daarvan het delegatiebesluit kan evalueren en de raad het delegatiebesluit kan aanpassen of intrekken waar nodig. • Als dictumpunt 5 toe te voegen: Een jaar na inwerkingtreding het delegatiebesluit uitgebreid te evalueren met de raad en op basis daarvan het delegatiebesluit aan te passen of in te trekken waar nodig. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Vincent Thepass (GroenLinks). Voorzitter. Deze bijdrage doe ik namens collega Bos, en via hier veel beterschap. GroenLinks heeft veel kanttekeningen bij de Omgevingswet, maar het lijkt er nu toch op dat we eraan moeten geloven. Als we het toch gaan doen, laten we het dan goed doen. Wat ons betreft staat goede participatie daarbij bovenaan. In het kader daarvan gaf GroenLinks in de commissie al aan dat het belangrijk is dat alle betrokkenen weten wat ze van een participatietraject kunnen verwachten. Daarom dien ik de motie met de titel Duidelijkheid over participatie in.

Daarin verzoeken we het college alle betrokkenen door middel van duidelijke communicatie en informatievoorziening zo veel mogelijk duidelijkheid te verschaffen over de wijze waarop participatie in relatie tot Omgevingswetactiviteiten vorm kunnen krijgen; en dit onderdeel te laten zijn van de evaluatie van de invoering van de Omgevingswet in Den Haag. Joren Noorlander (D66). Ik vraag me af wat GroenLinks met deze motie precies bedoelt. Willen ze dan bijvoorbeeld gewoon de Participatiegids goed verankerd hebben of hoe zien ze dat? 97

Vincent Thepass (GroenLinks). Dat is een goede vraag. Ik heb redelijk last minute dit punt moeten overnemen van collega Bos, moet ik bekennen, maar volgens mij gaat het vooral om het achterliggende doel. Er moet duidelijkheid zijn over participatie. Bewoners moeten weten wat ze kunnen verwachten en wat de kaders zijn. We moeten goed kijken hoe we dat kunnen borgen. Dat kan ik erop zeggen. De voorzitter. Door de heer Thepass, daartoe gesteund door mevrouw Bos, wordt de volgende motie (N.2 GL) ingediend:

Motie N.2 GL Duidelijkheid over participatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 september 2023, ter bespreking van Voorstel van het college en het presidium tot vaststelling Lijst met gevallen voor bindend advies en waarvoor verplichte participatie geldt voor projecten die in strijd zijn met het omgevingsplan (RIS313814). Overwegende, dat: • de Omgevingswet de Raad de mogelijkheid geeft om participatie in bepaalde gevallen te verplichten. Constaterende, dat: • de omgevingswet niet toestaat dat er voorwaarden worden gesteld aan de vorm van de participatie. Van mening, dat: • het voor initiatiefnemers en andere betrokkenen prettig is om aan de voorkant te weten aan welke voorwaarden het participatieproces moet voldoen. Verzoekt het college: • alle betrokkenen door middel van duidelijke communicatie en informatievoorziening zo veel mogelijk duidelijkheid te verschaffen over de wijze waarop participatie in relatie tot omgevingswet activiteiten vorm kunnen krijgen. • dit onderdeel te laten zijn van de evaluatie van de invoering van de omgevingswet in Den Haag. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Constant Martini (Hart voor Den Haag). Voorzitter. Wij zien dit stuk dat er nu ligt als een opmaat voor het begin van de invoering van de Omgevingswet.

Daar zal nog veel over te doen zijn, maar de punten die hier nu aan de orde zijn, zijn participatie en het bindend advies. Uitgangspunt vinden wij dat er zo veel mogelijk geparticipeerd moet kunnen worden door de bevolking. Wij vinden ook dat het bindend advies in die zin beperkt moet zijn omdat wij dan in onze rol als raad als een soort laatste instantie de bevolking bij problemen met de inspraak of participatie kunnen faciliteren en dat we niet voor spek en bonen erbij zitten als de bevolking ons aanspreekt. Dat leidt ertoe dat wij alle wijzigingsvoorstellen welke hier over de vloer zijn gekomen, kunnen steunen. Met betrekking tot het HIT - dat is het voorstel van mevrouw Faïd - zou ik toch willen zeggen dat we een werkbespreking zouden krijgen. Ik vind dat je dat punt pas aan de orde moet stellen nadat we de werkbespreking hebben gehad, zodat we beter weten waar we het dan over hebben.

98

Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. Omwille van de spreektijd hou ik het kort. Ik sluit me aan bij GroenLinks en ik wil ook graag mijn steun uitspreken voor het amendement van mevrouw De Groot. Wethouder Van Asten (D66). Voorzitter. Ik wil als eerste de duale werkgroep nogmaals hartelijk danken voor het vele werk dat zij hierin hebben gestoken. Het is echt een enorme wet die eraan komt, met veel gevolgen voor onze stad. Dankzij uw inbreng zijn er goede afspraken gemaakt. De dank die ik aan de raadsleden uitspreek, spreek ik dan natuurlijk ook uit aan het ambtelijk apparaat. Dat heeft niet alleen in de werkgroep gezeten, maar moet ook zorgdragen voor het goed invoeren van deze wet. Dat is een reuzeklus die nu nog volop aan de gang is, dus dank daarvoor. Ik ga gelijk door naar de amendementen en de moties die zijn ingediend, allereerst het amendement ingediend door de Haagse VVD, 2 keer zo hoog houden we het niet droog. Hoe hoger, hoe droger, zeg ik met een andere pet op. In de duale werkgroep is gesproken over wat er wel en niet naar de raad wordt gebracht. Daar is een grens in aangebracht. Nu vraagt u met dit amendement om die grens toch te verhogen, of te verlagen, zo u wilt. We hebben natuurlijk wel nagedacht over wat het juiste evenwicht is.

Hoeveel zaken moeten er hier in de raad worden behandeld, ten opzichte van wat we nu doen? Hoe meer er van deze amendementen en dergelijke worden meegenomen, hoe vaker we elkaar hier in deze raad zien. Dat is prima, gezellig inderdaad. Ik zie mevrouw Van Basten Batenburg opfleuren! Likewise, zeg ik. Er werd al door de commissievoorzitter aangegeven dat we waarschijnlijk naar de dinsdagavonden gaan kijken. Ik heb gekeken. De eerste dinsdag waarop we elkaar weer kunnen treffen is 9 januari. Schrijft u die vast op in uw agenda. Met andere woorden, principieel heeft het college geen bezwaar tegen dit amendement, maar de vraag is of het wel zo praktisch is en of we niet eerst moeten kijken naar de eerste evaluatie. Dat is aan u uiteraard. Participatie bij afwijken van omgevingsplan is een amendement ingediend door de heer Barker van de Partij voor de Dieren. Dat gaat natuurlijk over de participatie; uiteraard zeer belangrijk. Ook dat krijgt met de nieuwe Omgevingswet nieuwe vormen. Met dit amendement wordt gevraagd om veel meer categorieën onder de participatie te brengen. Dan krijg je natuurlijk wel zaken die net buiten een omgevingsplan vallen, zoals de aanpassing van een balkon, de uitbreiding van een schuurtje en een dakterras. De vraag is of dat allemaal met een enorme participatie moet.

Ja, het kan altijd leiden tot een gezellige buurtborrel en misschien halen we zo wat meer sociale cohesie de stad in. Dat zou natuurlijk mooi zijn, twee vliegen in een klap. Maar de vraag is of we dan wel goed genoeg aan iedereen in de stad laten weten waar ze aan toe zijn, zowel omwonenden als degene die zelf iets aan zijn huis zou willen laten doen. Ik zou dus willen voorstellen om ook dit amendement aan te houden en de eerste evaluatie af te wachten om te zien of het systeem dat we gezamenlijk hebben bedacht, ook werkt. Robert Barker (PvdD). De wethouder suggereert dat er sprake is van een enorme participatie, maar eigenlijk is het voorstel juist om bij heel kleine plannen bijvoorbeeld je buren te informeren en bij grote plannen waar de participatie niet voor geldt, zoals de bouw van 70 woningen, wel echt fatsoenlijke participatie te hebben. Dan heb je drie treden in de participatie. Waarom zou de wethouder daar niet voor zijn? Wethouder Van Asten (D66). We hebben daar hele sessies over gehad, ook al met mijn voorganger, in een duale werkgroep. Daar is naar voren gekomen dat we dit zo zouden gaan starten. Nogmaals, aan de ene kant verzet zich daar niets tegen en aan de andere kant is de vraag waarom we het niet zouden gaan proberen op de manier waarop we het gezamenlijk hebben afgesproken. Maar net als met het vorige amendement is het aan uw raad. Robert Barker (PvdD).

Begrijpt de wethouder dat mijn fractie zorgen heeft als je de zienswijzeprocedure en al dat soort zaken afschaft en alle termijnen korter worden vanwege de Omgevingswet, en tegelijkertijd geen participatie nodig is als je onder 80 woningen bouwt, dus 75 woningen bijvoorbeeld? Wethouder Van Asten (D66). De Omgevingswet verandert het systeem dat we nu hebben. Sommige dingen worden gewoon dwingender voorgeschreven. Bij andere is meer ruimte, maar dan gaat het erover welke kaders we als raad zelf hebben meegegeven, waarbinnen dan wel of niet participatie nodig is of vergunningen moeten worden afgegeven. Ik meende dat wij in gezamenlijkheid daarin een 99

mooi evenwicht hadden bedacht, dat we ook gaan evalueren. Als u voorafgaand aan de evaluatie de regels al strenger wil maken, dan is dat, nogmaals, uw volste recht om dat voor te stellen. Maar ik zou namens het college willen zeggen: laten we het proberen op de manier waarop we in gezamenlijkheid daar een oplossing voor menen te hebben bedacht. Ik kom bij de motie van de Haagse Stadspartij, Breek het HIT open. De heer Martini zei daar zeer wijze woorden over. We zouden nog eens gaan kijken hoe het HIT nu functioneert en wat het eigenlijk doet. Deze motie heeft eigenlijk als ondergrond: we willen het HIT geen formele status geven. Met de afgevaardigde van de Haagse Stadspartij, de heer De Boer, was er discussie over of iets wat uit het HIT komt, iets is waar we niet meer onder uitkomen. Hij was bang dat het een formele status zou hebben. Als u graag wil dat al die adviezen gepubliceerd worden, dan doen we juist wat u wellicht niet wil, namelijk het HIT een formele status geven die het nu niet heeft. Op dit moment kan je daar echt geen rechten aan verbinden. Ik zou dus eigenlijk willen vragen om de motie nog even aan te houden. Dan hebben we eerst die bespreking over hoe het HIT functioneert om meer idee te krijgen bij wat voors en tegens zouden zijn van uw motie. Dan kunnen we altijd nog besluiten of we het open gaan breken of het houden zoals het is. Fatima Faïd (HSP).

Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Maar het gaat toch gewoon om transparantie? Je kan het nergens opvragen. Mensen willen gewoon weten wat voor advies er ligt vanuit ambtenaren en of je daar als bewoner op kan anticiperen. Dat is toch niet zo heel ernstig? Het gaat er toch niet per se om dat wat daarin staat, ook vaststaand is? Mensen willen het gewoon weten. Ook dingen waarvan we misschien met zijn allen zeggen: dat gaan we sowieso niet doen. Het gaat mij om de transparantie en ik begrijp niet zo goed waarom dat niet zou kunnen. De voorzitter. Het punt is duidelijk. De volgende keer kan het misschien ietsje korter. Wethouder Van Asten (D66). Het is wel zo transparant natuurlijk om daar breedsprakerig over te zijn. Kijk, het idee van transparantie is uiterst belangrijk. Dat ligt ook ten grondslag aan de Omgevingswet. Maar wat gebeurt er nu eigenlijk in een HIT? Er is iemand die een plan heeft dat hij zou willen toetsen. Op het stadhuis kijken daar dan verschillende ambtenaren naar vanuit een economietak of een ruimtelijkeordeningtak of welke tak dan ook, en die zeggen: dit zijn een beetje de regels en als u een succesvol plan wilt maken, moet u hieraan gaan voldoen. Wat u nu eigenlijk zegt, is dat bewoners in het HIT moeten kunnen participeren.

Maar dan hebben we spontaan een HIT-advies waar verder nog helemaal niemand naar heeft gekeken, ook u niet of ik, een status gegeven waar plotseling een participatie op moet volgen, waardoor het in een keer een soort van waar is dat dat ook hetgeen is wat de gemeente wil. Nogmaals, ik snap het punt van de transparantie. Ik denk dat het ook belangrijk is dat mensen weten wat er in hun omgeving gaat gebeuren. Dat gaan we ook doen als we veel meer gebiedsgerichte omgevingsplannen gaan maken. Maar laten we daar eerst, zoals de heer Martini zei, samen nog eens over praten om echt te weten wat het HIT doet en wat de voors en tegens hiervan zouden zijn. Fatima Faïd (HSP). Kan de wethouder daar een soort vergezicht over delen met mij? Hij zegt dat we het er nog over gaan hebben, maar hoe ziet hij zelf dan dit ingekaderd? Het is een heel warrig verhaal, sorry. Wethouder Van Asten (D66). U wilt weten of we een beetje snel hierover gaan praten. U gaat natuurlijk zelf over de werkbespreking. De voorzitter. Mevrouw Faïd wil het graag verduidelijken. Fatima Faïd (HSP). Dit klinkt allemaal hartstikke vaag, van: we gaan het er ooit over hebben. Maar heeft de wethouder al een soort denkrichting wat hij er precies mee zou willen? Want ik kan me niet voorstellen dat we dan in het luchtledige gaan praten. Hij heeft er dan dus wel een mening over. Wethouder Van Asten (D66).

Nou, een mening erover, volgens mij is het doel om juist erachter te komen en ook begrip in de hele raad te gaan kweken voor wat er gebeurt in een HIT en hoe de 100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13226489/4