CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS316359 BIJLAGE 1 Geamendeerd gewijzigd Binnenstadsplan Den Haag 2033 - Een levendige groene en verbonden Haagse binnenstad

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Gewijzigd voorstel van het college inzake Binnenstadsplan Den Haag 2033 'Een levendige, groene en verbonden Haagse binnenstad' (RIS316359)17.784 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Informeren en inspireren

> Met programmering actief inzetten op een levendige en bruisende omgeving van het Binnenhof - zeker gedurende de verbouwingsjaren maar ook daarna. Een deel van de programmering is gericht op het informeren van bezoekers. Denk aan: rondleidingen, een bezoekerscentrum en een (interactief) uitkijkpunt. 44

Andere activiteiten hebben als doel om bezoekers te inspireren, zoals artistieke evenementen die bijdragen aan (ver) nieuwe(nde) interpretaties van de Haagse identiteit. Maar ook satire en cabaret passen uitstekend in de traditie van ‘politiek en samenleving een inspirerende spiegel voorhouden’. Ook zoeken we sterker de verbinding op tussen het gebied rondom het Binnenhof en het Museumkwartier.

Innoveren en excelleren

> Het positioneren van de binnenstad van Den Haag als dé plek voor nieuwe en innovatieve concepten, bedrijven en onderwijsinstellingen die zich bezighouden met bestuur, vrede, recht en veiligheid, democratie, politiek, sociale wetenschappen, beleid, journalistiek en media. Denk aan de Koninklijke Bibliotheek en Spreeek, waar wordt gedebatteerd over én geëxperimenteerd met ‘new democracy’. Hiertoe praten we proactief met onderwijsinstellingen, werkgevers, vastgoedeigenaren en bedrijven en versterken we hun onderlinge netwerken; > Met onderwijsinstellingen zetten we gezamenlijk in op het aanwakkeren van het kennismilieu. Dit doen we door het aantrekken van en ruimte bieden aan onderzoeksinstellingen, start-ups,

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

studeer- en flexwerkplekken. Het is onze inzet om bestaande banden, onder andere met Universiteit Leiden, TU Delft en TNO, verder te benutten en te versterken. De innovatieprogramma’s zetten we voort en de koppelingen aan vernieuwende bedrijven en werkgevers. Zo zoeken we actief de verbinding op met het CID, waar alle drie de stationsgebieden een eigen campus krijgen, gericht op interactie tussen kennisinstellingen, werkgevers en de overheid;

> We bieden actief ruimte aan innovatieve lokale, nationale en internationale ondernemers en faciliteren hen waar mogelijk. We bewaken daarbij de balans tussen grote kantoren en bedrijfsruimten voor internationale spelers en (kleinere) betaalbare bedrijfsruimten voor lokale Haagse ondernemers.

45

3. DE KEUZES

KEUZE 3: CONTRASTEN ALS KRACHT De diversiteit van de Haagse binnenstad, gegroeid vanuit haar oorsprong op zand en veen, biedt ook in het heden een bijzondere aantrekkingskracht. Ze vormt de basis van de Haagse sfeergebieden. De unieke contrasten van de binnenstad gaan we nog sterker uitdragen. De unieke identiteit en positie van de Haagse binnenstad - zowel binnen de stad als in Nederland - wortelt in het verhaal van het hofgebied en omgeving. Het hofgebied – de omgeving Binnenhof, Buitenhof, Plaats, Lange Vijverberg – werd gebouwd op een oude strandwal (zand) en was een wereld op zich. Waar andere (binnen)steden in Nederland hun ontstaansgeschiedenis meestal danken aan hun handelspositie, ontleent onze binnenstad haar bestaansrecht aan haar positie als staatkundig middelpunt van Nederland. In de omgeving van het hofgebied verrezen in de loop van de geschiedenis monumentale panden voor de elite. Het hofgebied was statig en ceremonieel, voor de welgestelde burgerij. Er was een duidelijke scheiding met het deel ten zuiden van het Buitenhof: Die Haghe, dat op het veen lag.

46

Dit was de ‘stad van de dorpelingen’; hier leefden de mensen van de markt en handel, en werden via de haven goederen aangevoerd en overgeslagen. Rondom het centraal gelegen hofgebied ontstonden vier kwartieren met elk een eigen economie. De welgestelden woonden rond de jachtgronden van de graaf in het noorden, arbeiders woonden rond de markt, andere arbeiders vestigden zich nabij de haven in het zuiden, en de burgerij woonde rond Die Haghe in het westen. De verschillen van toen zijn diepgeworteld en zijn nog altijd voelbaar. De vier kwartieren, met elk hun eigen sfeer, functies, reuring en economie, vormen namelijk ook de basis van de ­Haagse sfeergebieden.

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

DE STRUCTUUR VAN DE ZES SFEERGEBIEDEN

Ontwikkeling van de sfeer­gebieden In het vorige binnenstadsplan zijn acht typische Haagse sfeergebieden onderscheiden. Deze kijk op, en indeling van de binnenstad, is zeer succesvol gebleken. Het hebben van verschillende sfeergebieden is uitgegroeid tot één van de grondbeginselen van de wijze waarop aan de Haagse binnenstad wordt gewerkt. We houden ze daarom stevig vast. Tegelijkertijd zijn er ontwikkelingen (zie Hoofdstuk 1), waaronder de verschuiving naar een multifunctionelere binnenstad en gebiedsontwikkelingen als CID en Binckhorst, die om een aanscherping van deze deelgebieden vragen. Sommige hadden een beperkte

omvang of een weinig uitgesproken karakter, zoals Uilebomen. We kiezen daarom voor een herindeling en herijking van de sfeergebieden, die tevens is geënt op de oorspronkelijke indeling van de Haagse binnenstad in kwartieren. Daarmee kunnen we beter antwoord geven op de opgaven en ambities waar de Haagse binnenstad voor staat. Ook zetten we in op het verbeteren van de verbindingen tussen de sfeergebieden, zowel fysiek als programmatisch, zodat het gevoel van één Haagse binnenstad sterker wordt. In Hoofdstuk 4 presenteren we voor elk sfeergebied een gebiedsprofiel waarin we laten zien hoe de tien keuzes daar ‘landen’. 47

3. DE KEUZES

AFBAKENING BINNENSTAD EN INDELING SFEERGEBIEDEN

48

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

49

3. DE KEUZES

Sfeergebieden in de Haagse binnenstad

> Hofkwartier: > Museumkwartier; > Grote Marktkwartier (voorheen bekend als de winkelkern); > Stadscampus: bedrijvigheid (handel), onderwijs (kennis) en overheid (strategie); > Oude Centrum (inclusief Chinatown); > Westeinde.

ONTWIKKELING Ik studeer Security Studies aan de faculteit Governance and Global Affairs. Toen ik hier nog niet woonde, associeerde ik Den Haag altijd met politiek en internationale rollen. Een ‘grote’ stad, zeg maar. Nu ik hier woon, vind ik de stad best compact. Het valt me op dat in veel wijken de bewoners elkaar kennen. Toen ik een baantje vond in de binnenstad groeide mijn netwerk en ­begon ik me al snel thuis te voelen. Ik denk niet aan teruggaan, na mijn studie. De kans dat ik hier een passende baan vind, is een stuk groter dan waar ik vandaan kom. Ik ben best trots op hoe ik me heb ontwikkeld. Mijn ouders en vrienden zeggen het ook: ik ben serieuzer en doelbewuster geworden. Stadser. Dat klopt als een bus: ik ben ook echt van het stadsleven gaan houden!’ > N  adine Louissen, student en assessor faculteitsbestuur Universiteit Leiden 50

Het Binnenhof Ensemble is geen apart sfeergebied. Het is in feite het fundament van de héle binnenstad en voedt daardoor alle sfeergebieden, zowel programmatisch als ruimtelijk.

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

KEUZE 4: EEN LEVENDIGE MIX Alle sfeergebieden in de Haagse binnenstad zijn multifunctioneel. Ze hebben een levendige mix aan functies, zoals cultuur, onderwijs, wonen, werken, horeca, winkelen, recreëren en uitgaan. De invulling van de mix sluit aan op de unieke eigenschappen en mogelijkheden van elk afzonderlijk sfeergebied. Den Haag is door haar oorsprong uitgegroeid tot een smeltkroes van mensen van verschillende rangen, klassen en achtergronden. De Haagse binnenstad is nog altijd dé plek waar al deze groepen samenkomen en elkaar (kunnen) ontmoeten. Naast het Binnenhof en omgeving zijn er ook plekken met rauwe randjes, waar innovatie, creativiteit, ondernemerschap en ‘dingen maken’ een prominente rol spelen. Ook deze dragen bij aan de identiteit van de Haagse binnenstad.

We doelen op het verschuivende gebruik van de binnenstad en de veranderende betekenis van het gebied, door de gewijzigde binnenstedelijke context en nieuwe krachtenvelden. Ook verhoogt een levendige binnenstad haar aantrekkelijkheid voor bezoekers uit de regio, in aansluiting op de Strategie toerisme 2020 - 2025.

Richting 2033 gaan we deze kenmerkende veelzijdigheid nog sterker profileren. Niet alleen om onze typisch Haagse eigenheid te accentueren, maar ook, of juíst, om een toekomstbestendig antwoord te geven op alle veranderingen om ons heen.

EIGENWIJS ‘In Den Haag is de kleine ondernemer gewend dat er om de hoek grote beslissingen worden genomen. Het beïnvloedt hem verder niet. Dat laat ‘ie niet toe. Hij volgt gewoon zijn eigenwijze pad. Ik ken geen stad waar je een groter contrast tegenkomt, waar de bestuurders van het land gebroederlijk een pintje pakken in lokale tenten die volzitten met volkse iconen uit dezelfde stad.’ > Bas Winkler, eigenaar restaurant Ratu X Raja 51

3. DE KEUZES

cultuur en horeca. Hierbij is ook ruimte om te experimenteren, bijvoorbeeld door leegstaande verdiepingen van winkelpanden of kantoorpanden te transformeren.

Haagse diversiteit

De beweging van de binnenstad naar ontmoetingsplek, in combinatie met de groei van de stad en toegenomen behoefte aan voorzieningen, vraagt om een grotere diversiteit aan functies in een groter gebied van de Haagse binnenstad. Dit betekent dat er in 2033 geen ruimte meer is voor monofunctionele sfeergebieden in de binnenstad. De focus in de Haagse binnenstad verschuift naar meer en andere andere functies, in aanvulling op retail. We verbreden het aanbod van de binnenstad en zorgen dat er op verschillende momenten van de dag reuring is. Daarom creëren we richting 2033 actief ruimte voor woningen, (flex)kantoren, maakbedrijvigheid, onderwijs, innovatie, dienstverleners, recreatie,

52

Ook zorgen we dat het programma van de binnenstad Haags is, bijvoorbeeld door de koninklijke allure verder te benadrukken (zoals in het winterprogramma Have a Royal Winter). We werken langs drie programmalijnen die aansluiten bij het typisch Haagse profiel, en bij de Economische Visie+ 2030 (zie kader): > Detailhandel, recreatie en cultuur: een sterke (bezoekers)economie; > Onderwijs en bedrijvigheid: leren en innoveren, verbonden met bestuur, ­politiek en beleid; > Creativiteit en ambacht: de maakeconomie hoog in het vaandel. Deze drie programmalijnen krijgen op verschillende plekken in de binnenstad een meer of minder prominente uitwerking. Ze sluiten aan bij de rol en positie die een plek heeft in de binnenstad, en bij de eigenschappen en potentie van de sfeergebieden. Dit is per sfeergebied nader uitgewerkt in de gebiedsprofielen (Hoofdstuk 4).

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

Op de avond voor Koningsdag vindt jaarlijks THE LIFE I LIVE plaats in de Haagse binnenstad. Bij dit festival genieten muziekliefhebbers van gevestigde artiesten én aanstormend talent uit Den Haag en omgeving.

ECONOMISCHE VISIE DEN HAAG+ 2030 De Economische Visie+ 2030, die door de gemeenteraad in 2020 is vastgesteld, heeft tot doel: een brede economische bloei in een stad zonder grenzen. Om dit te bereiken, wordt gewerkt aan de hand van vier strategische doelen: > 1. De stad aantrekkelijker maken; > 2. De economische structuur veerkrachtiger maken; > 3. Ondernemers groeikansen bieden; > 4. Voldoende huisvesting creëren in aantrekkelijke werkmilieus.

Bruisend aanbod

Het Haagse cultuur- en uitgaansaanbod versterken en beter op de kaart zetten. Doel is een (binnen)stad die niet alleen overdag bruist, maar ook ’s avonds en ’s nachts. Onder andere via activiteiten en evenementen die de identiteit van Den Haag en de sfeergebieden uitdragen, vernieuwende (horeca)concepten en culturele pop-up programmering op onverwachte plaatsen. Het aanbod van het Popdistrict sluit hier ook goed bij aan. Hierbij hebben we extra aandacht voor doelgroepen die vooralsnog onvoldoende worden bediend, zoals jongeren. Bij de uitgaanskernen wordt in de nog op te stellen nachtvisie verkend hoe het wonen zich kan verhouden tot het uitgaan.

Actieve plinten

We stimuleren een levendig netwerk van actieve plinten met publieksfuncties en economische activiteit. De hele route ademt ‘Haagse binnenstad’. We maken heldere keuzes over welke straten er wel en niet in worden opgenomen. We zien een duidelijke rol voor lokaal ondernemerschap als tegenhanger van de (inter)nationale formules. 53

3. DE KEUZES

RAAMWERK PROGRAMMA

54

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

55

3. DE KEUZES

Op een ­monumentaal negentien-eeuws pand in Rotterdam zijn drie slaapkamers in de vorm van kleine huisjes op het dak toegevoegd. Hiermee is er op het dak een ­mini-­dorp ontstaan met een plein, een picknickplaats, openluchtdouche, banken, straatjes en steegjes. De slaapkamers zijn toegankelijk via zwevende wenteltrappen vanuit de woonkamer. Didden Village is een ontwerp van architectenbureau MVRDV. Het project past in de trend om nieuwe woon- en werkruimtes te vinden in het stedelijke daklandschap en zo te komen tot verdere ­verdichting van de bestaande stad.28

Levendige bovenverdiepingen

Verdiepingen (boven ruimten met publieksfuncties) bieden niet alleen plek voor wonen, maar juist ook voor activiteiten als werken, studeren en recreëren. We ontwikkelen de binnenstad tot een gebied waar op meerdere verdiepingen iets te doen is, voor verschillende doelgroepen op verschillende momenten van de dag. De benodigde ingrepen voeren we uit met oog voor de context en zorg voor historische waarden. Hierbij hebben we ook aandacht voor de leefbaarheid en de leefkwaliteit van binnenstadsbewoners.

De daken op

Door de ruimte bovenop panden in de binnenstad beter te benutten, maken we slim gebruik van het dakenlandschap. Op 56

daken kan worden gewerkt aan oplossingen voor verschillende opgaven, zoals de woonopgave, energietransitie, klimaatadaptatie en inclusiviteit (zoals gratis verblijfsplekken). Op alle daken die geschikt zijn, of geschikt kunnen worden gemaakt, wordt extra ruimte gecreëerd voor verschillende functies. We hebben hierbij aandacht voor de toegankelijkheid van daken voor mensen met een fysieke beperking. We voegen functies toe om reuring te verhogen, zoals rooftop bars en sportplekken, maar ook plekken waar men tot rust kan komen, zoals daktuinen en moestuinen. Ook worden de daken benut om bij te dragen aan de klimaatadaptatie, bijvoorbeeld door er meer energie op te wekken, groen toe te voegen en de waterberging te verbeteren.

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

57

3. DE KEUZES

KEUZE 5: BETAALBAAR WONEN EN ONDERNEMEN De Haagse binnenstad biedt goede, betaalbare woningen en bedrijfsruimten voor verschillende doelgroepen. Wonen is belangrijk voor zowel de levendigheid als de leefbaarheid van de binnenstad. We werken daarom de komende

BOVEN HET ALLEDAAGSE ‘Ik ben áltijd op zoek naar het ultieme liedje of bandje. Die zoektocht staat in feite model voor mijn werk: mensen verwondering en inspiratie bieden. Voor mij is dat de essentie van een evenement. Het verheft je boven het alledaagse. Geen gemakkelijk kunstje, zoals entertainment, maar een totaalbeleving. Een wondere wereld waar je - als je erin bent - niet meer uit weg wilt. Dat kun je ook, heel goed zelfs, in een binnenstad creëren. We moeten dan geen andere evenementen gaan kopiëren, maar dicht bij onszelf blijven. Koesteren wat er al is en daar onze eigen glanslaag aan toevoegen. 58

jaren aan een verrijking van de woningvoorraad. Hierbij stellen we kwaliteit boven kwantiteit: we voegen geen grote aantallen woningen toe in de binnenstad (dit gebeurt immers in o.a. het CID en Binckhorst). We bieden verschillende kansen om woningen toe te voegen. Bijvoorbeeld in woongebieden zoals Kortenbos en via wonen boven winkels of op andere verdiepingen die zich aantoonbaar niet meer voor economische functies lenen, zoals voormalige kantoorpanden. Hierbij differentiëren we het aanbod voor verschillende doelgroepen. Denk aan: studenten, starters, ouderen die dichtbij de voorzieningen willen wonen of mensen die van de binnenstedelijke dynamiek houden. Hierbij blijft de levendige uitstraling van de plinten van belang.

En vernieuwen! The Life I Live bijvoorbeeld geeft een podium aan nieuwe Haagse talenten en is een knipoog naar ons roemruchte pop-verleden. Het Embassy Festival vind ik helemaal fantastisch! De wereld komt al samen in Den Haag, maar normaal gesproken achter gesloten deuren en onder strenge beveiliging. Tijdens dit festival halen we de hekken weg en is het Lange Voorhout een openbaar podium, toegankelijk voor iedereen. Er wordt gedanst door mensen die anders nooit bewegen, naar klassieke muziek geluisterd door kinderen en naar hiphop door senioren. Alle culturen vinden elkaar hier en hebben plezier met elkaar. Grenzeloos, volslagen authentiek en gratis. Welke andere stad heeft dát?’ > Arthur Pronk, Prooost Events

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

Den Haag kiest er bewust voor om wonen op de begane grond niet toe te staan in winkelgebieden. Naast meer woningen is het ook noodzakelijk meer betaalbare bedrijfsruimte in de binnenstad te creëren; voor startups, (maak)bedrijvigheid, creatieve broedplaatsen en ateliers. Zelfstandigen, ‘creatieven’, eigenaren en ambachtslieden vormen een (potentieel) krachtige motor achter ontwikkelingen in de Haagse binnenstad. Ze vergroten de leefbaarheid en aantrekkingskracht op tal van plekken en stimuleren daarmee ook het ondernemingsklimaat én de mogelijkheden om

studenten en andere talentrijke jongeren na hun opleiding - als volgende generatie smaak- en beleidsmakers - voor Den Haag te behouden. De energietransitie (verduurzaming voorraad) en de warmtetransitie kunnen worden aangegrepen om verdiepingen te transformeren tot bijvoorbeeld woonruimte en bedrijfsruimte.

De Constant Rebecqueplein (DCR) DCR is een culturele hotspot in het Haagse Energiekwartier: een plek om te werken en om te bezoeken. In de voormalige kantoren van de Electriciteitsfabriek zijn vier culturele podia gevestigd, veertig studio’s, expositieruimten, ontmoetingsplekken en een café. De studio’s worden gehuurd door beeldend kunstenaars, ontwerpers, architecten, musici, organisatoren, filmmakers, schrijvers, choreografen, animatoren, dansers, aanjagers, bouwers, onderzoekers en lichtmakers. Ook zijn er drie gastateliers voor kunstenaars die projectmatig in Den Haag werken. De start werd gemaakt in 2004 in samenwerking tussen de gemeente Den Haag en een aantal vertegenwoordigers van kunst en cultuur; officieel werd de DCR in 2008 geopend.

59

3. DE KEUZES

KEUZE 6: EEN GASTVRIJE BINNENSTAD De Haagse binnenstad is gastvrij en brengt ­verschillende werelden en bevolkingsgroepen uit de hele stad bij elkaar.

60

De Haagse binnenstad schakelt door haar ligging en functies van oudsher verschillende ‘werelden’ aan elkaar. Ook in de toekomst blijft deze verbindende kwaliteit belangrijk, onder andere vanuit sociaal oogpunt: de binnenstad als huiskamer van de stad. De veranderde winkelfunctie doet er nog een extra beroep op, net als de ontwikkeling van de aangrenzende Binckhorst en het CID die de behoefte aan ontmoeting en verblijf in de openbare ruimte verder vergroot.

staan de huiskamerfunctie en het gastvrije karakter van het gebied onder druk. Wij zetten krachtig in op een gastvrije Haagse binnenstad en maken de volgende keuzes:

Hoogwaardige en kwalitatieve openbare ruimte

Voor ‘iedereen’ relevant en toegankelijk zijn, is een uitdaging voor elke binnenstad. Doordat de openbare ruimte in de binnenstad sterk is vercommercialiseerd,

> Eén herkenbare vormgevingsstijl met voldoende ‘eigen’ ruimte voor ieder sfeergebied, die aansluit op het Handboek Openbare Ruimte.

> Een binnenstad die schoon, heel en veilig is;

> Een toegankelijke binnenstad, zonder (fysieke) obstakels voor mensen met een beperking;

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

61

3. DE KEUZES

Ontmoeten en verblijven

> Het stimuleren van ontmoeting en verblijf in de openbare ruimte, ook ‘zonder consumptie’, bijvoorbeeld door zitmeubilair toe te voegen; > Het krachtig en breed online presenteren van de binnenstad, met onder meer actuele informatie over evenementen, bereikbaarheid en parkeren.

Gastvrij en servicegericht ondernemerschap

> Lokale ondernemers zijn potentieel krachtige ambassadeurs van hun gebied en van de hele binnenstad. We zetten ze meer in de schijnwerpers; > Het sterker op de kaart zetten van de unieke diversiteit van de meer kleinschalige gebieden; denk bijvoorbeeld aan het Hofkwartier, de Denneweg en de Boekhorststraat; > Ondernemers stimuleren om hun (online) gastvrijheid te versterken, bijvoorbeeld via omnichannel verkoopkanalen, loyaliteitsprogramma’s en het verhogen van de online vindbaarheid van hun onderneming; > Het aanmoedigen van lokale gastvrijheidsinitiatieven en deze onder de aandacht brengen.

Entrees als visitekaartje

‘OUDE DAME’ ‘A.s.r. heeft de Passage in 1999 gekocht. Staps­ gewijs hebben we al heel veel opgeruimd en gerenoveerd. We zijn nog niet klaar. Er zijn nog steeds verborgen schatten in het pand. We hebben al de meest bijzondere vondsten gedaan. Van prachtig behang in de gedeelten waar vroeger werd gewoond tot een oude kinderwagen van onderduikers uit de Tweede Wereldoorlog. Als eigenaar doen we er alles aan om het karakter en de grandeur van de ‘Oude Dame’ te behouden. Niet alleen uit historisch besef, maar ook om jonge mensen te trekken die het fenomeen ‘passage’ niet kennen. Het is niet gemakkelijk om het winkelaanbod gevarieerd en divers te houden. Er komen steeds meer grotere retailers, niet alleen in de Spuistraat maar in de hele binnenstad. Toch lukt het in de Passage. Belangrijk, want goed bewaard historisch erfgoed dat ook in het hier en nu nog goed functioneert, geeft veel cachet aan een winkelgebied.’ > M  andy van Dijken Mouthaan – a.s.r. real estate en voormalig voorzitter BIZ Eigenaren Spuistraat

62

We werken aan uitnodigende en representatieve entrees naar de binnenstad als belangrijke oriëntatiepunten in de klantreis en dé visitekaartjes van de achterliggende sfeergebieden. De verkeerssituatie ter plaatse, de programmering van de plint (begane grond) en de kwaliteit van de openbare ruimte bepalen hoe de entree wordt vormgegeven.

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

KEUZE 7: DE VOETGANGER CENTRAAL In de Haagse binnenstad heeft de voetganger prioriteit. De verblijfskwaliteit is er hoog en wandelaars kunnen overal komen dankzij een goed, veilig en herkenbaar voetgangersnetwerk dat een reeks kenmerkende en unieke Haagse sferen aaneenrijgt. Voor andere verkeersgebruikers zijn er aantrekkelijke alternatieven. Mobiliteit is zeer bepalend voor het gebruik en de uitstraling van de openbare ruimte. Fietsers, voetgangers, ov-reizigers en automobilisten claimen allemaal hun plek. Tegelijkertijd moet de binnenstad ruimte maken voor een meer klimaatadaptieve inrichting (bomen, groen, water) en nieuwe aangename verblijfsplekken. Daarnaast wil Den Haag een betere luchtkwaliteit. Door ‘de voetganger centraal te stellen’, kunnen we meerdere doelen met elkaar verbinden. En zetten we een goede Haagse traditie voort. Conform de Strategie Mobiliteitstransitie 2022 – 2024 is in Den Haag het

STOMP-principe (Stappen-­Trappen-OV-­ MaaS-Privéauto) het uitgangspunt bij het ontwerpen van de openbare ruimte. We kiezen daarom in de eerste plaats voor voetgangers en fietsers, gevolgd door ov-reizigers, MaaS-gebruikers (Mobility as a Service; deelmobiliteit) en automobilisten. Om dit principe goed toe te passen, ontwikkelt de gemeente een (verkeers) netwerkvisie die helpt de ruimteclaims van alle verkeersmodaliteiten af te wegen. Gezien de intensiteit en het meervoudige gebruik van de ruimte in de binnenstad, rekenen we op veel maatwerk.

Aanpak per verkeersmodaliteit

Dat de voetganger op één staat, wil niet zeggen dat fietsers, ov-reizigers en auto­ mobilisten minder belangrijk zijn. Integendeel, om voetgangers hun centrale positie te kunnen geven, zullen andere modaliteiten een aantrekkelijk alternatief moeten krijgen. De uitvoering van deze mobiliteitstransitie leidt onder meer tot opgaven in en rond het voetgangersgebied, het fietsnetwerk, parkeren en doorgaande routes. Integrale aandacht, inzet en keuzes rond mobiliteit zijn dus noodzakelijk, waarbij we ook moeten kijken naar alle typen verkeersstromen: verplaatsingen in de binnenstad, verplaatsingen van en naar de binnenstad en doorgaand verkeer. De tabel op de volgende pagina toont de aanpak per verkeersmodaliteit. 63

3. DE KEUZES

VERPLAATSINGEN IN DE BINNENSTAD

VERPLAATSINGEN VAN EN NAAR DE BINNENSTAD

DOORGAAND VERKEER

AANPAK PER VERKEERSMODALITEIT

64

VOETGANGER

FIETS

Lopen is de belangrijkste ­manier om je in de binnenstad te bewegen. De voetganger op één betekent het realiseren van een kwalitatief en verbonden voetgangersnetwerk.

Na lopen, is fietsen de ideale manier om je in de binnenstad te verplaatsen. ­Veilige, comfortabele routes en voldoende inpandige stallings­ voorzieningen zijn hierbij belangrijk.

De directe omgeving goed aantakken op het voetgangersnetwerk. Denk hierbij aan de routes Binckhorst - binnenstad, Hollands Spoor - binnenstad, en de verbinding met de omliggende wijken en buurten zoals het Zeeheldenkwartier en de Schilderswijk.

Optimaal faciliteren om van en naar de binnenstad te komen met de fiets. Voldoende stallingscapaciteit in de binnenstad nabij belangrijke bestemmingen en voorzieningen.

Door een goed en comfortabel voetgangersnetwerk, gecombineerd met de hoofdstructuren van de stad, is er vanzelfsprekend de mogelijkheid voor doorgaande voetgangersbewegingen.

Doorgaand fietsvervoer (sterfietsroutes) zo veel als mogelijk situeren aan de randen van de binnenstad. Deze routes hoogwaardig en kwalitatief inrichten en aansluiten op logische routes zodat het als volwaardig alternatief dient.

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

OPENBAAR VERVOER

AUTO

Voor bepaalde doelgroepen, zoals mensen met een fysieke beperking, is het ov geschikt voor het afleggen van korte afstanden in de binnenstad. Het ov is verder vooral geschikt voor langere afstanden.

Voor verplaatsingen in de binnenstad wordt vooral ingezet op voetgangers en fietsers. Dit is veelal sneller dan de auto en de openbare ruimte wordt daar steeds meer op ingericht.

Het openbaar vervoer is een belangrijk middel om naar de binnenstad te komen vanuit andere delen van Den Haag en omliggende gemeenten. Voor bestemmingsverkeer vanuit de regio Den Haag ligt het accent op tram en metro; het busverkeer heeft vooral een verbindende functie tussen de binnenstad en de wijken rond de binnenstad of met buurten die geen tramverbinding hebben met de binnenstad. De trein is het belangrijkste vervoermiddel voor mensen van buiten Den Haag die de stad bezoeken. Optimale aansluiting van de stations Den Haag Centraal en Hollands Spoor op het voetgangersnetwerk is cruciaal.

Voor bewoners en hun bezoekers blijft het per auto bereikbaar. Ook bezoekers van de binnenstad kunnen in de toekomst met de auto komen, al zal dat niet overal op het hetzelfde niveau zijn. Om naar de binnenstad te komen, worden andere vervoerswijzen gestimuleerd. Aan de randen van de stad worden hubs (mobiliteitsknooppunten) ontwikkeld om de automobilist een alternatief te kunnen bieden. Deze worden goed aangesloten op het openbaar vervoer om daar de reis mee te vervolgen.

De binnenstad is een belangrijke bestemming voor reizigers uit alle windrichtingen. Tramen busverkeer kan hiervoor worden gebruikt, maar de inpassing ervan in de openbare ruimte vraagt aandacht.

Autoverkeer met een bestemming in de binnenstad maakt gebruik van de CentrumRing/S100 en de parkeerroute vanaf de CentrumRing/S100. Autoverkeer dat van de ene zijde naar de andere zijde van de binnenstad wil rijden, maakt ook gebruik van de CentrumRing/S100. Uitgangspunt is dat dit geen negatieve effecten heeft voor de doorstroming op het netwerk.

65

3. DE KEUZES

Barcelona, een stad met meer dan 1,6 miljoen inwoners, zet de laatste jaren flinke stappen in het verhogen van de verkeersveiligheid, biodiversiteit, duurzame (deel)mobiliteit en leefbaarheid. Sinds 2017 legt de stad steeds meer zogeheten superblocks aan: samenvoegingen van negen huizenblokken tot grote autovrije zones. De vrijgekomen ruimte wordt als aantrekkelijke verblijfsruimte ‘teruggegeven’ aan de lokale gemeenschap, met veel groen, speel- en sportvoorzieningen en zitplekken. De eerste onderzoeksresultaten wijzen op een positieve bijdrage van de superblocks aan het welzijn en de gezondheid van de bewoners. Onder andere vanwege een lagere CO2-uitstoot, minder hittestress en verkeerslawaai, betere luchtkwaliteit en meer sociale cohesie.

66

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

We maken de volgende keuzes: Wandelnetwerk opwaarderen

Als gevolg van opeenvolgende ingrepen in het gebied is de routing naar (het hart van) de binnenstad vertroebeld. We ‘repareren’ dit door heldere wandelverbindingen te maken, die een duidelijke hiërarchie, uitstraling en oriëntatie kennen. We maken de volgende keuzes: > Het verbeteren van de kwaliteit van het bestaande wandelnetwerk in de binnenstad en het waar nodig aanleggen van nieuwe stukken om barrières te slechten; > Het creëren van een duidelijke hoofdstructuur in het wandelnetwerk in navolging van het succes van de Haagse Loper en de Loper Oude Centrum. Doelstelling is het volledige routenetwerk één herkenbare uitstraling te geven, onder andere door de hiërarchie, bewegwijzering en oriëntatiemogelijkheden gelijk te trekken. Waar mogelijk presenteren we afzonderlijke sfeergebieden, op dezelfde subtiele manier als Chinatown en het Hofkwartier dit doen. De belangrijkste routes in de hoofdstructuur zijn de lange lijnen die voetgangers van alle kanten naar het hart van de binnenstad leiden, deze lange lijnen zijn:

> Het nog verder versterken van de hoofdstructuur door consequente keuzes in de plinten. Denk aan: uitstraling van de gevels, publieksfuncties op strategische locaties en meer samenhang in de openbare ruimte. Materialisatie, straatprofiel, bewegwijzering en verlichting zijn hierin belangrijke factoren. Goed inpassen van de pleinen in de routes verstevigt en verlevendigt de hoofdstructuur nog verder; > Het versterken van de zichtbaarheid en vindbaarheid van alle fysieke parels en bakens die een boegbeeld zijn van de binnenstad. Denk aan historische pleinen, musea en monumenten, maar ook aan eigentijdse en nieuwe gebouwen zoals het Stadhuis, Amare en het Eschermuseum in de voormalige ­Amerikaanse ambassade; > Het versterken van de wandelroutes en zichtlijnen tussen de tijdelijke Tweede Kamer en het Binnenhof en tussen het Binnenhof en het Vredespaleis. Daarnaast besteden we aandacht aan de bewegwijzering en inrichting van de openbare ruimte én aan de programmering in de gebouwen langs de route.

• Alexanderstraat, Parkstraat, Buitenhof Kneuterdijk, Hofweg, Spui en via de Pletterijkade verbonden met de Trekvlietzone (de verlengde hartlijn); • Koekamp, Korte Voorhout, Tournooiveld, Lange Vijverberg; • Bezuidenhoutseweg (met de tijdelijke Tweede Kamer), Herengracht, Korte Poten, Plein; • Turfmarkt - Spuiplein; • Westeinde, Dagelijkse Groenmarkt, Gravenstraat, Buitenhof; • Prinsegracht - Grote Marktstraat

67

3. DE KEUZES

RAAMWERK VOETGANGER

68

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

69

3. DE KEUZES

Fietsnetwerk verbeteren

De fiets is een zeer belangrijke factor in de bereikbaarheid van de binnenstad. Een goed fietsnetwerk en stallingen dragen daarom sterk bij aan de mobiliteitstransitie. We geven de inrichting van de Grote Marktstraat als wandelpromenade als eerste aandacht, en realiseren voor het fietsverkeer een alternatieve route via de Gedempte Gracht/Gedempte Burgwal. Doorgaand fietsverkeer organiseren we met een zo hoog mogelijke verblijfskwaliteit en veiligheid voor voetgangers. Dit betekent niet dat we de (ster)routes door de binnenstad opheffen. Wél onderzoeken we hoe we de routes aan de randen van de binnenstad kunnen verbeteren, om (een deel) van de fietsers te verleiden buitenom te fietsen. 70

We creëren voldoende inpandige stallingsruimte in de buurt van belangrijke bestemmingen en voorzieningen. Ook zetten we in op het aantrekkelijker maken van fietsen langs de grachten, zoals op de Prinsessegracht, Mauritskade en Prinsessewal. In de hele binnenstad bevorderen we dat fietsers, vooral ‘elektrische’, hun snelheid aanpassen aan de overige verkeersdeelnemers.

Openbaar vervoer onder de loep nemen

Kiezen voor de de voetganger centraal, meer groen en een hoge(re) verkeersveiligheid, stelt ook eisen aan het ov-netwerk in de binnenstad. We ontwikkelen hiervoor een aparte visie op de positie, plek(ken) en snelheid van het openbaar vervoer (bussen en trams) in de Haagse binnenstad.

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

Deelmobiliteit stimuleren en ­overlast beperken

Vormen van deelmobiliteit die niet ten koste gaan van ruimte voor andere keuzes (voetgangers, fietsers, verblijf, groen) blijven we stimuleren. Voor het stallen en reguleren van deelvoertuigen wordt in en om de binnenstad uitgegaan van een station based principe in plaats van het free floating principe. Hiermee kan het stallen van deze deelvoertuigen beter gereguleerd worden. In delen van het kernwinkelgebied is het stallen van deelvoertuigen uitgesloten. We geven de voorkeur aan inpandige stallings­capaciteit voor deelvoertuigen. Waar dit niet kan, kiezen we voor geconcentreerd stallen van deelmobiliteit in de openbare ruimte. Ook investeren we in mobiliteitshubs waar reizigers gemakkelijk kunnen overstappen op een ander (deel)vervoermiddel.

Autoverkeer reduceren

Mobiliteit vraagt veel van de openbare ruimte. Voor rijdend verkeer zijn voetpaden, fietspaden en rijbanen voor autoverkeer en verschillende soorten openbaar vervoer nodig. Daarnaast is ruimte nodig voor het stallen van fietsen, deelmobiliteit en auto’s, voor haltevoorzieningen van het openbaar vervoer en voor logistiek verkeer. Van de ruimte die nodig is voor mobiliteit wordt verhoudingsgewijs een groot aandeel geclaimd door zowel rijdend als stilstaand autoverkeer. Om ruimte te kunnen geven aan de voetganger, vergroening en klimaatadaptatie is het noodzakelijk om

in te zetten op uitbreiding van het autoluwe en autovrije gebied in de binnenstad. Bezoekers aan de binnenstad kunnen overstappen op decentrale mobiliteitshubs aan de rand van de binnenstad met een goede aansluiting op het OV-netwerk naar het centrum. Hierdoor kan een deel van de parkeergarages in de binnenstad anders worden benut, voornamelijk in het zuidelijke deel. Waar mogelijk verbreden we in samenspraak met de eigenaren en beheerders de functionaliteit van bestaande parkeergarages, bijvoorbeeld ten behoeve van bewonersparkeren, het stallen van (deel)fietsen en (deel) scooters of voor logistieke doeleinden. Autoverkeer dat geen bestemming heeft in de binnenstad, maar nu gebruik maakt van routes door (delen van) de binnenstad bijvoorbeeld via het Voorhout of (illegaal) door de Gravenstraat en over het Buitenhof, maakt in de toekomst gebruik van de CentrumRing/S100. Uitgangspunt is dat dit geen negatieve effecten heeft voor de doorstroming op het netwerk.

Maximumsnelheid van 30km/u

50 kilometer per uur vinden we te snel in de binnenstad. Tussen 2015 en 2018 viel in Den Haag meer dan 75% van de verkeersdoden en -gewonden op een 50 km/uur-weg.9 Richting 2033 wordt in de binnenstad een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur de norm. We richten wegen in als erf toegangsweg of als een gebiedsontsluitingsweg 30 (GOW 30). Hiervan kan alleen onderbouwd worden afgeweken.

71

3. DE KEUZES

RAAMWERK AUTO

72

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

73

3. DE KEUZES

KEUZE 8: EEN GROENE BINNENSTAD Een coherente, robuuste en verbonden structuur van historisch, bestaand en nieuw groen vergroot de allure, verblijfskwaliteit en ecologische waarde van de binnenstad. Ook dempt meer groen de effecten van de klimaatverandering. Wie op zoek gaat naar het allereerste begin van Den Haag, vindt een ven in de duinen, tegenwoordig bekend als de Hofvijver. Het water heeft zich ontwikkeld tot een bekende plek in binnen- en buitenland.Den Haag dankt er haar imago als groene stad aan, net als aan plekken als de Lange Vijverberg en het Lange Voorhout. Andere groene parels in de binnenstad zijn bijvoorbeeld de Paleistuin, het Plein en (buurtpark) Kortenbos.

GROENE ONTMOETINGSPLEK ‘We waren van de zomer op vakantie in Parijs. De buurt waar we zaten was heerlijk en had een rafelrandje. Net als de plek waar wij wonen. En zo waren er wel meer gelijkenissen. Een verschil is dat in Parijs alle afstanden veel groter zijn. Maar verder… het voelde eigenlijk wel verwant. Ik was erg onder de indruk van het prachtige Parc de Belleville, middenin de wijk. Hier kwam alles bij elkaar en werd het beste uit dit kleine stukje groen gehaald. Het zou te gek zijn als we in Den Haag ook zo’n groene ontmoetingsplek in iedere buurt zouden hebben. Het Spuiplein bijvoorbeeld. Vergroenen is s­ owieso van belang omdat we steeds meer hittestress, droogte en wateroverlast krijgen in de stad. Hoe houden we anders onze woningen en winkelstraten comfortabel in een veranderend klimaat?’ > P  auline van der Vorm, binnenstad­bewoonster

Rond de binnenstad vallen vooral groene plekken als de Koekamp, het Haagse Bos en Plein 1813 op. Naast het groen, kent de binnenstad ook veel sterk versteende plekken. Door alle groene zones te verbinden, verbetert het leefklimaat in de binnenstad in vele opzichten. Robuust groen draagt bij aan de mogelijkheden voor (extra) waterberging, dringt het hitte-eilandeffect terug en heeft een positief effect op de ecosystemen in de binnenstad. We denken onder andere aan grote planten en bomen in de volle grond of op een substraatlaag. Met kleinschaliger groen, zoals plantenbakken, groene gevels en kleinere grasveldjes, voegen we meer verblijfskwaliteit en profilering toe. Samen versterken de ingrepen ook het groene imago van de (binnen)stad.

Groen verbinden

> Het ontwikkelen van een coherente en robuuste groenstructuur door de bestaande groene zones in de binnenstad aan elkaar te schakelen, en ook met historische groene plekken buiten de binnenstad te verbinden. Denk aan de Koekamp en het Haagse Bos. Aan de nieuwe groenstructuur koppelen we meetbare ecologische doelen en vermindering van het hitte-eilandeffect. De ambities uit de Haagse Lanen vormen hiervoor inspiratiebronnen. Plekken die zeker onderdeel uitmaken van deze structuur zijn: • De grachten; • De (verlengde) Hartlijn; • De Grote Marktstraat.

74

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

Aan de binnenkant van de singels, rondom de Leidse binnenstad, zijn groenstructuren aangelegd, verbeterd en met elkaar verbonden. Het Singelpark is met een lengte van ruim zes kilometer het ‘langste’ park van Nederland. Als leidraad voor het ontwerp zijn ‘tien geboden’ gebruikt, waaronder het versterken van de zeven singelgebieden en het creëren van ontmoetingsplekken. Ook was er veel aandacht voor de overgangsgebieden: er zijn vijf nieuwe parkbruggen aangelegd en de overgangen tussen deelgebieden worden gemarkeerd door ’poorten’. Het ontwerp tot en met het beheer van het Singelpark wordt in nauwe samenwerking tussen de gemeente en bewoners gedaan.29

Groen toevoegen

> Het vergroenen op straatniveau met een sterke boomstructuur en robuuste groenvoorzieningen. Voor de optimale groeiomstandigheden voor bomen kan het noodzakelijk zijn om de ondergrondse infrastructuur opnieuw te ordenen. Op plekken waar groen in de volle grond echt niet mogelijk is, vergroenen we met plantenbakken en ander kleinschalig groen. Dit draagt niet of nauwelijks bij aan het tegengaan van hittestress, maar levert wel een bijdrage aan een aantrekkelijke binnenstad.

> Het ontwikkelen van een aanpak om de ondergrond in de binnenstad geschikt te maken voor vergroening zodat er een duurzame uitbreiding kan komen; > Het vergroenen van de daken in de binnenstad. Afhankelijk van de locatie, varieert dit van een ‘simpel’ groen dak tot groene stilteplekken, stadslandbouw, groene horecalocaties of festivalplekken. Groene daken bieden oplossingen voor verdichtingsvraagstukken, de klimaaten biodiversiteitsopgave, de energietransitie en waterberging. 75

3. DE KEUZES

RAAMWERK GROEN

76

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

77

3. DE KEUZES

KEUZE 9: LEVENDIGE GRACHTEN De grachten zijn de zichtbare, bereikbare en beleefbare ‘groene en blauwe longen’ van de binnenstad. De groei van Den Haag en de schaalsprong van de binnenstad bieden uitstekende kansen om de potentie van de grachten te gaan benutten. Te denken valt aan: extra groen, wandel- en struinpaden, terrassen of zelfs fietsverbindingen op de kades. Maar ook aan: meer activiteiten op het water zoals de terrasboten op de (Dunne) Bierkade, andere (seizoens)horeca, rondvaarten of goederentransport en bevoorrading (logistiek).

Kansen voor grachten

> Voor iedere gracht, in aanvulling op het bestaande kwaliteitskader Haagse grachten, worden de mogelijkheden onderzocht voor ‘ontmoeting en verblijf’ langs het water, extra vergroening en een klimaatvriendelijke inrichting. Hierbij houden we rekening met het omliggende sfeergebied en het straatprofiel. De resultaten werken we uit in een toolbox met vergroenings-, herinrichtings- en programmeringsopties; > Het treffen van voorzieningen voor de uitbreiding van waterrecreatie, rondvaart, horeca en stadslogistiek in/rond grachten die qua ruimte en publieksfunctie geschikt zijn; > Het versterken van de grachten als verkeersverbinding voor voetgangers en fietsers. Op deze plekken is het nodig om een afweging te maken in hoeverre het handhaven van parkeren in de openbare ruimte nog passend is. Voorwaarde daarbij is wel dat bijvoorbeeld voor bewoners en hun bezoek alternatieve parkeervoorzieningen op loopafstand beschikbaar zijn; > Het in ere herstellen van grachten kan een positieve bijdrage leveren aan het stadsbeeld, de waterbergingscapaciteit, het verminderen van hittestress en de aantrekkelijkheid en leefbaarheid van de binnenstad. We verkennen de mogelijkheid om gedempte grachten te openen daar waar de gelegenheid zich voordoet vanwege andere ingrepen in de openbare ruimte; niet als op zichzelf staande projecten.

78

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

79

3. DE KEUZES

KEUZE 10: BRUISENDE PLEINEN De - grote en kleine - pleinen in de Haagse binnenstad zijn bruisende ontmoetingsplekken. Ze hebben elk hun eigen accent, sfeer, gebruiksmogelijkheden en programmering. Ook zijn ze 'ankers' in de hoofdstructuur van het wandelnetwerk. Den Haag is een stad van pleinen. De reeks Binnenhof, Buitenhof, Plaats, Lange Vijverberg, Lange Voorhout, Korte Voorhout en Plein stamt uit de tijd van het grafelijk hof. Het waren, en zijn, opeenvolgende publieke ruimten met eigen karakters en functies; van weidse pleinen tot statige lanen. Samen vormen ze een aantrekkelijke combinatie van stedelijke bebouwing en groen. Een uniek en opvallend gegeven dat we richting 2033 verder willen benutten 80

en versterken. Ook in andere delen van de binnenstad komen reeksen van publieke plekken voor. Denk aan de Grote Markt en het Kerkplein, het Spuiplein, het Spui, het Rabijn Maarsenplein, Torenplein, Koekamp en het Helena van Doeverenplantsoen. Het onderscheidend vermogen van elk plein - denk aan sfeer, gebruiksopties en programmering - is niet overal even sterk voelbaar. Ook kunnen enkele pleinen een

3.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

upgrade gebruiken. We gaan de pleinen koppelen, door ze op te nemen in het wandelnetwerk, en waar nodig qua inrichting te verbeteren. Hiermee dragen we het Haagse karakter sterker uit, bevorderen we de levendigheid van de binnenstad – ook ’s avonds en ‘s nachts – en lokken we ontmoetingen uit. We geven hiermee een vervolg aan de principes uit de Kern Gezond en Kern Bijzonder: de Haagse traditie van omgaan met de openbare ruimte.

Pleinen aanpakken

> Het herinrichten, herprofileren en/of beter zichtbaar maken van de volgende pleinen: • Muzenplein;

Daarnaast kijken we goed naar de kleine pleinen (verborgen parels) en zoeken we in de omgeving van de grachten naar plekken voor nieuwe pleintjes.

Programmavisie

> Het ontwikkelen van een integrale visie op een aantrekkelijke dag- en nachtprogrammering van de pleinen, rekening houdend met de specifieke kenmerken en de ligging. Het complete programma geeft de binnenstad een duidelijk eigen profiel, in en buiten Den Haag. In de programmaconcepten maken we koppelingen met andere/aangrenzende functies en is nagedacht over minder voor de hand liggende doelgroepen.

• Het Buitenhof • Plein Gravenstraat/ Grote Halstraat.

SNIESTER JUNIOR ‘De eerste keer dat we Sniester Junior op de Grote Markt organiseerden, had ik geen idee wat ik kon verwachten. Maar toen ik op zondagochtend aankwam, trof ik een plein aan vol met frisse ouders en enthousiaste kinderen. Normaal lopen er alleen nog wat dronken mensen van de nacht ervoor. En nu honderden kids, lawaai en chaos. Geweldig! Ze konden knutselen, muziek maken, optreden, papieren vliegtuigjes vouwen en vanuit de kerktoren gooien, enzovoort. Eigenlijk alles wat ze normaal niet mogen van hun ouders. Heel rock en roll! De sfeer was te gek. Goede sociale controle en een leuke mix van mensen. Ik heb zoals als dit nog nooit ergens anders gezien: een heel andere wereld op zondagochtend op deze plek. Echt een wauw-moment!’ > Conchitta Bottse, programmeur PAARD 81

82

4.

AAN DE SLAG IN HAAGSE

SFEERGEBIEDEN

WAT BETEKENEN DE TIEN KEUZES VOOR DE FUNCTIES & PROGRAMMA EN RUIMTE IN IEDER SFEERGEBIED? EN WAT ZIJN DE CONCRETE ACTIES DIE ERUIT VOLGEN?

4. AAN DE SLAG IN HAAGSE SFEERGEBIEDEN

De gemeente Den Haag en haar binnenstedelijke partners staan voor de belangrijke opgave om de ambities uit het nieuwe binnenstadsplan waar te maken in de praktijk. Want hoewel het Binnenstadsplan 2033 een eindpunt is van het participatietraject dat in 2021 en 2022 plaatsvond, is het tegelijkertijd juist het beginpunt van het verder werken aan de binnenstad. In dit hoofdstuk geven we een toelichting op de Haagse aanpak in het werken met sfeergebieden, en vertalen we de tien keuzes naar gebiedsprofielen voor de zes sfeergebieden.

84

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

4.

DE STRUCTUUR VAN DE ZES SFEERGEBIEDEN

Per sfeergebied volgt hierna een kenschets van de huidige situatie en een ambitie voor de komende jaren. De structuur van de zes sfeergebieden vormt de basis voor de uitvoering van het Binnenstadsplan 2033: via deze sfeergebieden gaan we aan de slag in lijn met de tien keuzes. We zetten deze hiernaast nog even op een rijtje.

Keuzes > 1. Een grotere binnenstad > 2. Binnenhof Ensemble als ziel van de binnenstad > 3. Contrasten als kracht > 4. Een levendige mix > 5. Betaalbaar wonen en ondernemen > 6. Een gastvrije binnenstad > 7. De voetganger centraal > 8. Een groene binnenstad > 9. Levendige grachten > 10. Bruisende pleinen

85

4. AAN DE SLAG IN HAAGSE SFEERGEBIEDEN

86

4.

Gebiedsprofielen Deze paragraaf beschrijft hoe de tien keuzes hun concretisering en doorvertaling krijgen in de sfeergebieden. Hierbij ontstaan per sfeergebied dus ook duidelijke verschillen in de uitwerking van keuzes, die eerder nog op het schaalniveau van de binnenstad werden beschreven. Elk gebiedsprofiel bevat de volgende onderdelen: > A) Kenschets van de kwaliteiten en kenmerken van het sfeergebied.

LEESWIJZER Voor elk sfeergebied is een gebiedsprofiel opgesteld. Deze gebiedsprofielen maken voor elke gebruiker van de binnenstad in één keer duidelijk wat dit concreet betekent aan keuzes en ingrepen in het betreffende sfeergebied. Elk gebiedsprofiel fungeert als naslagwerk en gebiedsagenda om concreet mee aan de slag te gaan.

> B) Kaart met: • Gebiedsafbakening • Ruimtelijke keuzes • Programmatische keuzes

B

KAART MET: GEBIEDSAFBAKENING, RUIMTELIJKE KEUZES EN PROGRAMMATISCHE KEUZES

> C) Herkenbare doorsnede: wat verandert erin de ondergrond, maaiveld, plinten en op verdiepingen? > D) Diagram typering gebruikers

4. AAN DE SLAG IN HAAGSE SFEERGEBIEDEN KENSCHETS VAN DE KWALITEITEN EN

A

KENMERKEN VAN HET SFEERGEBIED

> MUSEUMKWARTIER Kenschets

Het Museumkwartier is gelegen in het noordoostelijke deel van de binnenstad, tussen Mauritskade, Prinsessegracht, Herengracht, Lange Poten, Buitenhof en Parkstraat. Het gebied fungeerde vroeger als jachtgronden ten behoeve van het statige Hof. Het Museumkwartier is gebouwd op zand en je vindt er historische, statige bebouwing en straten. Het kent een groe-

allerlei organisaties op het gebied van beleid en bestuur zijn in het Museumkwartier gevestigd, zoals de Hoge Raad der Nederlanden, het Huis van Europa, de Raad voor het Openbaar Bestuur en de Nederlandse School voor het Openbaar Bestuur. Ook is het Kabinet van de Koning er gevestigd. Daarnaast is het een gebied waar het stads maar rustig wonen is, in de luwte van de drukke binnenstad.

Inzet richting 2033

87

4. AAN DE SLAG IN HAAGSE SFEERGEBIEDEN

C

HERKENBARE DOORSNEDE: WAT VERANDERT IN HET STRAATBEELD, ONDERGROND EN OP VERDIEPINGEN? BEELD IS SCHEMATISCH EN DOET GEEN UITSPRAKEN OVER EXACTE LOCATIES.

Wonen op verdiepingen

D

88

DIAGRAM DOELGROEPEN: WIE ZIJN DE GEBRUIKERS VAN HET SFEERGEBIED EN WELKE ACTIVITEITEN ONDERNEMEN ZE?

Sterke hoofdroute voor langzaam verkeer met Haagse signatuur

GEBIEDSPROFIEL HOFKWARTIER

89

4. AAN DE SLAG IN HAAGSE SFEERGEBIEDEN

> HOFKWARTIER Kenschets

Het Hofkwartier - het gebied tussen Torenstraat en Parkstraat/Kneuterdijk/ Buitenhof, en tussen Hogewal/Mauritskade en Dagelijkse Groenmarkt - is van oudsher het gebied waar de gegoede burgerij woonde. Het Hofkwartier is ook nu nog nauw verbonden aan de Oranjegeschiedenis. Paleis Noordeinde, de Paleistuin en de Koninklijke stallen zijn deels nog altijd in gebruik door de Oranjes. Deze sfeer is nog steeds voelbaar in het Hofkwartier, met de statige, historische panden en luxewoningen. De oudste straten van Den Haag liggen in het Hofkwartier, met de Grote Kerk als een belangrijk historisch anker. Daarnaast kent het gebied veel religieuze plekken, zoals kerken, kloosters en schuilkerken.

De kleinschalige, historische straten met winkels en horeca sluiten aan op de statige identiteit van het sfeergebied. Met de aanwezigheid van een diversiteit aan chique en luxe speciaalzaken heeft het Hofkwartier een duidelijk high end-profiel, ook wel verenigd onder de noemer royal shopping. Maar ook is er veel aanbod te vinden met een eigengereid en eigenzinnig profiel. Daarnaast is er een gevarieerd horeca-aanbod. De belangrijkste exclusieve winkelstraten zijn het Noordeinde en de Prinsestraat. Daartussenin is sprake van een prachtig en meer verstild dwaalnetwerk. Toch is hier ook bedrijvigheid te vinden, denk aan ambacht in de vorm van juweliers, kleermakers en edelsmeden. Ook dit zit diep verweven in het DNA van het Hofkwartier.

Inzet richting 2033

Het Hofkwartier functioneert goed en naar de toekomst toe worden deze kwaliteiten verder versterkt. Hiertoe vinden met name veranderingen plaats aan de randen van het sfeergebied, vooral langs de grachten. Hier ligt de wens om meer groen toe te voegen en de verblijfskwaliteit te versterken.

90

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

4.

Gebiedsagenda Hofkwartier 2033

Functies en programma

Ruimte

> Inzetten op een bruisende en levendige omgeving van het Binnenhof – zeker in de verbouwingsjaren maar ook daarna. Programma en activiteiten dienen bezoekers te informeren maar ook te inspireren.

> Versterken vind- en zichtbaarheid Paleis Noordeinde en Paleistuin.

> Beter onderhouden van Kerkplein en beter benutten in programmering en profilering, zowel voor Hofkwartier als voor gehele binnenstad. Vasthouden en verder uitbouwen van het profiel royal shopping. > Versterken levendige plinten Veenkade/ Noordwal: ruimte geven aan publieksfuncties en lokaal MKB. > Inzet op aantrekkelijke (pop-up) programmering, passend bij de karakteristiek van het Hofkwartier en in samenwerking met de cultuur- en muzieksector uit het sfeergebied. Te denken valt aan programmering in de openbare ruimte, in en om de Paleistuin, of in waardevolle religieuze gebouwen. > Verbeteren verbinding met Passage.

> Voor voetgangers en fietsers inzetten op sterke hoofdroutes die de Haagse signatuur ademen - in uitstraling en functies - door in te zetten op vergroening en passende programmering. Dit geldt voor de route Westeinde/ Buitenhof en voor de route Buitenhof/ Parkstraat. > Verbeteren entrees naar de binnenstad (uitstraling en oversteekbaarheid), zoals de entrees aan de Zeestraat, Torenstraat en Parkstraat. > Versterken verblijfskwaliteit en ontmoetingsfunctie van de openbare ruimte, door meer ruimte te geven aan voetganger, fiets en groen. Dit vraagt keuzes in de ruimte voor (parkeerplaatsen in de openbare ruimte voor) de auto. Hierbij gaat specifieke aandacht uit naar de Torenstraat (rekeninghoudend met recente aanpassingen) en Prinsestraat. > Inzet op groene wandelroutes langs de grachten. > Versterken groene wandelroutes naar Vredespaleis. > Inzet op aantrekkelijke pleinen. Te denken valt aan het versterken van de verblijfskwaliteit, gebruiksmogelijkheden en ontmoetingsfunctie Torenplein en plein Gravenstraat/Grote Halstraat. > Verbeteren aansluiting op Grote Marktkwartier aan Dagelijkse Groenmarkt en Buitenhof/Passage.

91

4. AAN DE SLAG IN HAAGSE SFEERGEBIEDEN

Gebiedsagenda

92

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

4.

Legenda gebiedsagenda

Legenda gebiedsprofiel

93

4. AAN DE SLAG IN HAAGSE SFEERGEBIEDEN

Gebruikersprofiel

Gebiedsprofiel Sterke hoofdroute voor langzaam verkeer met Haagse signatuur

94

Verder uitbouwen profiel Royal Shopping

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

4.

GEBIEDSPROFIEL HOFKWARTIER

Programmatische lijnen Detailhandel, recreatie en cultuur Een sterke (bezoekers)economie

Onderwijs en bedrijvigheid Leren en innoveren verbonden met bestuur politiek en beleid

Creativiteit en ambacht De maakeconomie hoog in het vaandel

Versterken levendige plinten Veenkade/Noordkade

95

GEBIEDSPROFIEL MUSEUMKWARTIER

97

4. AAN DE SLAG IN HAAGSE SFEERGEBIEDEN

> MUSEUMKWARTIER Kenschets

Het Museumkwartier is gelegen in het noordoostelijke deel van de binnenstad, tussen Mauritskade, Prinsessegracht, Herengracht, Lange Poten, Buitenhof en Parkstraat. Het gebied fungeerde vroeger als jachtgronden ten behoeve van het statige Hof. Het Museumkwartier is gebouwd op zand en je vindt er historische, statige bebouwing en straten. Het kent een groene en lommerrijke sfeer. Het gebied is bij het grotere publiek bekend vanwege de route van de glazen koets ­tijdens Prinsjesdag, over het Lange Voorhout, naar het Binnenhof. In het gebied is een diversiteit aan cultureel aanbod te vinden, van de Koninklijke Schouwburg tot Theater Diligentia, van het Escher Museum, het Mauritshuis en het Haags Historisch Museum tot kunstgalerieën zoals Pulchri. Ook het iconische Hotel des Indes en de Koninklijke Academie voor Beelden de Kunsten, de oudste kunstacademie van Nederland, bevinden zich in het Museumkwartier. In de omgeving rond de Denneweg is een uniek winkelaanbod te vinden van boetiekjes, kleinere winkels en antiekzaken. Hier kun je authentiek en Haags shoppen. Het Museumkwartier is ook een gebied dat bij verblijfstoeristen op de radar staat, als plek waar hotels en restaurants te vinden zijn. Aan de rand van het sfeergebied zijn vele ambassades te vinden, maar ook

98

allerlei organisaties op het gebied van beleid en bestuur zijn in het Museumkwartier gevestigd, zoals de Hoge Raad der Nederlanden, het Huis van Europa, de Raad voor het Openbaar Bestuur en de Nederlandse School voor het Openbaar Bestuur. Ook is het Kabinet van de Koning er gevestigd. Daarnaast is het een gebied waar het stads maar rustig wonen is, in de luwte van de drukke binnenstad.

Inzet richting 2033

Richting toekomst wordt het culturele karakter van het Museumkwartier verder versterkt en worden kansen voor uitbreiding benut. De verhuizing van het Eschermuseum naar het voormalige pand van de Amerikaanse Ambassade en de verbouwing van het Haags Historisch Museum zullen hieraan bijdragen. Ook gaan we de culturele bestemmingen sterker aan elkaar verbinden om daarmee de nationale én internationale aantrekkingskracht van Den Haag te vergroten. Hierbij is een rol weggelegd voor het toevoegen van culturele invullingen op de strategische locaties. Daarnaast is het streven om meer kwaliteitstoeristen aan het Museumkwartier te binden, uit binnen- en buitenland. Hiertoe is een goed verbonden en aantrekkelijk voetgangersnetwerk van belang, met betere verbindingen met het Centraal Station, met aantrekkelijke entrees en met meer vergroening.

BINNENSTADSPLAN 2033 - EEN LEVENDIGE, GROENE EN VERBONDEN HAAGSE BINNENSTAD

4.

Gebiedsagenda 2033

Functies en programma

Ruimte

> Inzetten op een bruisende en levendige omgeving van het Binnenhof – z­ eker in de verbouwingsjaren maar ook daarna. Programma en activiteiten dienen bezoekers te informeren maar ook te inspireren.

> Voor voetgangers en fietsers inzetten op sterke hoofdroutes die de Haagse signatuur ademen - in uitstraling en functies - door in te zetten op herinrichting, vergroening en passende programmering. Hierbij gaat specifieke aandacht uit naar de Hartlijn (route Buitenhof/Kneuterdijk/ Parkstraat).

> Verdere versterking van de profilering: interieur, mode, antiek etc. Hierbij gaat met name aandacht uit naar de omgeving Denneweg. > Inzetten op het versterken en verder aanjagen van de creatieve en ambachtelijke sfeer, met veel kleinschalig en lokaal MKB. Hierbij gaat vooral aandacht uit naar de omgeving ­Hooikade/Hooigracht. > Versterken van het culturele aanbod en verbinden van culturele bestemmingen, zoals met de invulling van de voormalige Amerikaanse Ambassade. > Inzet op aantrekkelijke programmering in de buitenruimte, passend bij het karakter van het Museumkwartier en in samenwerking met de culturele instellingen en podia uit het sfeergebied. Te denken valt aan programmering op het Plein, Buitenhof, Lange Voorhout of Lange Vijverberg. > Inzet op wonen op de verdiepingen, met oog voor leefbaarheid en leefkwaliteit van binnenstadsbewoners.

> Versterken verblijfskwaliteit en ontmoetingsfunctie van de openbare ruimte door meer ruimte te geven aan voetganger. Voorzieningen en woningen in het Museumkwartier blijven voor bestemmingsverkeer bereikbaar, maar (doorgaand) autoverkeer dat geen bestemming heeft in het Museumkwartier wordt ontmoedigd. Hierbij gaat vooral aandacht uit naar Lange Vijverberg, Korte en Lange Voorhout (ontmoedigen doorgaand autoverkeer), Denneweg en de inrichting van de Lange Houtstraat. Ontbrekende schakels in het wandelnetwerk vragen hierbij specifieke aandacht. > Inzet op groene wandelroutes en betere verblijfskwaliteit langs de grachten (Mauritskade, Hooikade, Prinsesse­ gracht, Bierkade, Hooftskade en Koninginnekade) met meer ruimte voor voetgangers en fietsers. > Verbeteren entrees naar de binnenstad (uitstraling en oversteekbaarheid) zoals de entrees aan de Parkstraat, Denneweg (t.h.v. kruispunt Maurits­kade), Herengracht en Korte Voorhout. Hierbij gaat specifieke aandacht uit naar het verbeteren van de oversteekbaarheid van de Koningskade op de relatie Korte Voorhout – Koekamp­laan.

99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13782724/1