RIS316023 Notulen van de raad van 11 mei 2023
Tekst van het document
De voorzitter. Dit is gewoon een vierde keer, hè? Maar goed, ga nou maar door, want anders duurt het nog langer. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Goed. Ik ben dat niet met de heer Barker eens, want ik heb goed geluisterd. Hij heeft het over een dialoog. Ik heb gezegd dat de raadsconferentie die dialoog is, met een externe begeleider. Wat is daar niet voldoende transparant aan? Robert Barker (PvdD). Zoals ik al eerder heb gezegd: laten we de raadsconferentie afpellen. Die is er om de paar jaar. Dan kom je in een gebouw waar je met z'n allen in kleine groepjes gaat spreken. Over het algemeen komt er niet echt een heel duidelijk, transparant verslag van. Er zitten wat ingehuurde consultants bij, maar het is niet zo dat er gesprekken per partij plaatsvinden waarin geïnventariseerd wordt wat het probleem is en hoe we verdergaan en waarin een advies wordt gegeven. Dat is een heel duidelijk verschil. Ik zou dus zeggen dat zo'n raadsconferentie goed is als je niet een groot probleem hebt, maar nu hebben we een groot probleem. Deze unieke situatie vergt meer dan eens in de paar jaar praten in een raadsconferentie. Lesley Arp (SP). Ik mis eigenlijk nog één punt in deze discussie.
Er wordt heel erg een vergelijking gemaakt in die zin dat wat de Partij voor de Dieren beoogt, ook opgelost kan worden met een raadsconferentie, maar is het juist niet zo dat we het in die raadsconferentie eigenlijk nooit hebben over politieke verschillen, hoe we nader tot elkaar kunnen komen en bijvoorbeeld hoe de coalitie de oppositie concreet tegemoet zou kunnen komen met afspraken daarover? Robert Barker (PvdD). Ja, dit is een goed punt. Ik heb het proces van de raadsconferentie beschreven, maar ook inhoudelijk spreek je in een raadsconferentie over totaal andere dingen dan in een verkenning. Wat ons betreft is er dus genoeg reden voor een verkenning en moet die verkenning ook snel afgerond zijn. Daarbij is er wat de Partij voor de Dieren betreft dus niet al één wenselijke uitkomst, hoewel een aantal partijen dat leken te suggereren. Het met open vizier in gesprek gaan zou al een belangrijke stap zijn. Vandaar de motie die nu volgens mij ingediend mag worden. Ik dien de motie mede namens de SP, DENK en Hart voor Den Haag in.
Het dictum luidt: besluit in het fractievoorzittersoverleg een onafhankelijke verkenner/adviseur aan te stellen, alle partijen in de raad de gelegenheid te geven om met de verkenner/adviseur hun visie te delen op de ontstane situatie, waarna de verkenner naar eigen inzicht eventuele vervolggesprekken kan voeren en de verkenner/adviseur - of hoe je die persoon ook noemt - binnen afzienbare tijd advies te laten uitbrengen over de gevolgen van deze uitspraak en de reactie van het OM voor de samenstelling van het college en de samenwerking binnen de raad. Ik moet daarbij zeggen dat de motie is aangepast ten opzichte van de versie die we maandag al hebben rondgestuurd. De aanpassing is dat op basis van de suggesties van D66 in de eerste termijn de volgende vier punten in ieder geval ter bespreking zijn toegevoegd en expliciet zijn verwoord: het persoonlijk vlak, verhoudingen en vertrouwen, manieren van politiek bedrijven en het grijze gebied. Ook die punten kunnen dus onderdeel uitmaken van die gesprekken. We hopen dat Den Haag beter en niet slechter uit deze bestuurscrisis komt. Als we doen alsof er niks is gebeurd, werken we alleen maar verder aan het vergroten van de kloof tussen het stadsbestuur en de inwoners van Den Haag en pakken we het betonrot niet aan. Laten we nu goed gebruikmaken van de situatie en het stadsbestuur echt gaan versterken. De voorzitter.
Door de heer Barker, daartoe gesteund door mevrouw Arp, de heer Icar en de heer De Mos, wordt de volgende motie (F.3 PvdD) ingediend:
Motie F.3 PvdD Aanstellen verkenner/adviseur De raad van de gemeente Den Haag in vergadering bijeen op 11 mei 2023, ter bespreking van de uitspraak van de rechtbank en de gevolgen daarvan voor de Haagse politiek.
47
Constaterende, dat: • sinds oktober 2019 de rechtszaak grote invloed heeft gehad op de Haagse politiek; • het college hierdoor is gevallen, het formatieproces in 2022 stroef verliep door een trage afhandeling van de rechtszaak en het uitblijven van een uitspraak en Hart voor Den Haag om die reden door partijen hiervan was uitgesloten; • het Openbaar Ministerie heeft aangegeven voorlopig in hoger beroep te gaan, maar de volledige vrijspraak een nieuw licht werpt op het onderhandelingsproces van 2022. Overwegende, dat: • het schadelijk is voor het vertrouwen in de politiek als het college ervoor kiest om door te gaan alsof er niks is gebeurd. Voorts overwegende, dat gesproken moet worden over aspecten zoals: • het persoonlijke vlak; • de verhoudingen en het vertrouwen tussen partijen in de gemeenteraad; • de manier hoe we politiek bedrijven in de raad; • ‘het grijze gebied’ waarin partijen lokaal opereren.
Besluit: • in het fractievoorzitersoverleg een onafhankelijke verkenner/adviseur aan te stellen; • alle partijen in de raad de gelegenheid te geven om met de verkenner/adviseur hun visie te delen op de ontstane situatie, waarna de verkenner naar eigen inzicht eventuele vervolggesprekken kan voeren; • de verkenner /adviseur binnen afzienbare tijd advies te laten uitbrengen over de gevolgen van deze uitspraak en de reactie van het OM voor de samenstelling van het college en de samenwerking binnen de raad. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. Geachte leden van de raad, het is bijna elf uur en we zijn nog niet op de helft van de eerste termijn. Ik heb de grootst mogelijke aarzeling om te zeggen: laat elf uur maar zitten en we gaan gewoon door. Daar heb ik eigenlijk zelf hele grote bezwaren tegen, maar ik vind het ook heel slordig om niet in ieder geval de eerste termijn af te maken. Dus wat doen we? Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Woensdagavond zouden we ook nog door kunnen gaan, wat Hart voor Den Haag betreft. Dit verdient het niet om het nu allemaal af te raffelen. We hebben het over de Rode Olifant en weet ik het allemaal. De voorzitter. De afspraak was wel om te stoppen om elf uur; zo simpel is het. We gaan niet stemmen.
We kunnen dus ook zeggen dat we dat halfuur nemen en dat we om half twaalf kijken hoever we zijn met de eerste termijn. Maar dan gaan we niet meer stemmen. Dan gaan we dus volgende week woensdag door. We kunnen ook tot twaalf uur doorgaan. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Volgens mij hebben we de afspraak om te stoppen om twaalf uur. Ik ben benieuwd of de collega's denken dat dit verstandig is en of we dit debat vandaag niet willen afmaken. Maar ik zou met name in ieder geval de tijd tot twaalf uur willen benutten. Dat we niet stemmen over moties lijkt me evident als het debat nog niet is afgerond. Robert Barker (PvdD). Wij zouden voorstander zijn van in ieder geval doorgaan, want anders is het best wel gek.
48
De voorzitter. Ja, maar niet tot het oneindige. Tot twaalf uur. Meneer Barker, u heeft mij heel vaak aangevallen met: denk erom, maakt het niet te laat, want dat is onverantwoord. Daar sta ik nu ook voor. Dus niks ervan; geen Haarlemmerdijkjes. Robert Barker (PvdD). Volgens mij heb ik dat niet gezegd. Ik zei dat het verstandig is om een eindtijd af te spreken. Ik heb in het fractievoorzittersoverleg hierover gezegd dat ik mijn twijfels had of we twaalf uur zouden halen en dat ik dat in dit geval onverstandig vond, omdat je de stad langer in onzekerheid houdt. Laten we dus het hele verhaal vertellen. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Ik steun het voorstel van de VVD om tot twaalf uur door te gaan met deze eerste termijn. Als er dan nog twee partijen zouden moeten, zou ik snappen dat we doorgaan, maar ik denk dat dat niet zo zal zijn. Sebastian Kruis (PVV). Ik zou het voorstel willen doen om in ieder geval de eerste termijn af te maken. Ik ben bijvoorbeeld van de partij met de grootste niet-stemmende achterban. Het is dus wel leuk als ik ook nog even zeg wat ik er allemaal van vind. Marieke van Doorn (D66). Voorzitter. Ook wij steunen het voorstel om in ieder geval tot twaalf uur door te gaan. We hopen dat we er dan ongeveer zijn. Als we vanavond de eerste termijn kunnen afmaken, zou dat heel mooi zijn. Het lijkt me een goede suggestie van De Mos om de rest dan woensdag te doen.
Fatima Faïd (HSP). Ik steun het voorstel van de VVD om tot twaalf uur door te gaan, maar dat is wat mij betreft echt het alleruiterste. Kavish Partiman (CDA). Ik zou er toch voor willen pleiten om in elk geval de eerste termijn vanavond af te maken, zodat we op een ander moment gewoon een volledige tweede termijn kunnen hebben, het liefst zo snel mogelijk. Lesley Arp (SP). Ook ik ben ervoor om in ieder geval de eerste termijn af te maken. Dan kunnen alle partijen alles wat gezegd is, laten bezinken. Dan kunnen ze in de tweede termijn beoordelen of ze naar aanleiding van wat er gezegd is, daar nog wat mee willen doen. Janneke Holman (PvdA). Tot twaalf uur. Als we er dan bijna zijn, zou ik zeggen: afmaken en de tweede termijn volgende week. De voorzitter. Oké, dan gaan we door tot twaalf uur. We gaan fluks door. Voorzitter: de heer Groenewold. Janneke Holman (PvdA). Ik hoop wel dat er iemand een gifje maakt van de move van de heer Barker van zonet, want die wil ik nog wel terugzien in een appgroep. Voorzitter. Deze rechtszaak heeft drieënhalf jaar als een donkere wolk boven de stad gehangen en heeft een grote impact gehad, natuurlijk in de eerste plaats op de heer De Mos, de heer Guernaoui, de andere betrokkenen en de hele fractie van Hart voor Den Haag. Wij feliciteren hen hier natuurlijk nogmaals met de vrijspraak.
Deze zaak heeft ook een zware wissel getrokken op onze raad, op het stadhuis en op de stad. Daarom is het goed dat de rechtbank tot een duidelijke uitspraak is gekomen. Ook de PvdA vindt dat het OM snel duidelijkheid moet geven over het hoger beroep, omdat anders de onzekerheid voor iedereen blijft voortduren. We staan nu allereerst voor een flinke opdracht met elkaar, als hele raad, om het vertrouwen in elkaar en de onderlinge samenwerking te verbeteren, want het is niet niks wat er de afgelopen drieënhalf jaar is gebeurd. Dat gaat over afspraken maken over hoe we hier met elkaar politiek bedrijven, hoe we blijven bij de inhoud van het debat en hoe we goed met elkaar omgaan. Want de bewoners van onze stad verdienen een goed functionerend stadsbestuur, waarin verschillen mogen
49
bestaan en waarin het in debatten best mag schuren op de inhoud maar waarin uiteindelijk samen wordt gewerkt aan een mooier Den Haag. Ieder doet dat natuurlijk vanuit zijn eigen idealen. De rechtbank heeft in het vraagstuk rond transparantie en partijfinanciering de bal neergelegd bij de landelijke wetgever, maar ook bij de gemeenteraad. We moeten onze controlerende taak uitvoeren, elkaar scherp houden en de integriteit van het stadsbestuur bewaken. Want hoewel het juridisch mag dat ondernemers politieke partijen sponsoren, blijft de vraag wel of het wenselijk is, helemaal wanneer het niet transparant gebeurt. Daarom hoop ik dat we als raad de komende tijd ook kunnen werken aan breed gedragen afspraken, in het verlengde van de motie-Bos over het invulling geven aan transparante partijfinanciering en het omgaan met de belangen in deze stad. Dat is dus die flinke opdracht die nu eerst voorligt: vertrouwen herstellen en afspraken maken over transparantie en partijfinanciering. Dat kost tijd, en die tijd moeten we nu eerst nemen. Ondertussen is het van belang dat de stad kan rekenen op een stabiel stadsbestuur. We hebben nu, na lang onderhandelen afgelopen zomer, een coalitie die stoelt op een meerderheid in de raad.
We hebben vorig jaar tijdens de verkenningsrondes ook aangegeven dat de inhoudelijke verschillen met Hart voor Den Haag groot zijn en de politieke stijl sterk verschilt, en dat wij geen rechts college aan een meerderheid zullen helpen. Dat staat voor ons nog steeds. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter. Allereerst wil ik beginnen met de felicitaties aan de collega's De Mos en Guernaoui, en ook aan oud-collega Davituliani. Ik kan me voorstellen dat deze overwinning enigszins bitterzoet is vanwege de mededeling van het OM van afgelopen week. Tegelijk kijkt mijn fractie naar deze uitspraak zoals die nu is gedaan, en hebben we met die realiteit te maken. De afgelopen drieënhalf jaar hebben diepe wonden geslagen, niet alleen bij de betrokkenen maar ook in onze raad en in de hele stad. We merken dat er duidelijke verdeeldheid is in onze raad, wat ook zijn weerslag heeft in onze stad. Debatten worden niet enkel op de inhoud gevoerd in deze zaal, waar ze thuishoren, maar verplaatsen zich naar sociale media, waar niet geschroomd wordt om collega's persoonlijk aan te vallen en hun integriteit in twijfel te trekken. Dat is maar één fenomeen van meerdere die ervoor hebben gezorgd dat de samenwerking en de sfeer in onze raad steeds verder verslechteren en de kloof in de samenleving steeds groter wordt. Hier schiet de stad niets mee op.
Wat het CDA betreft, gebruiken we dit moment als een startpunt van een hernieuwde samenwerking in onze raad, een samenwerking waarin we weer met wederzijds respect omgaan met elkaar en met de problemen waar onze stad mee te kampen heeft. We moeten op de inhoud het goede gesprek aangaan, om met elkaar te bouwen aan die stad die ons zo lief is. Zelf probeert mijn fractie al sinds het begin van deze periode over oppositie- en coalitielijnen heen te kijken en voorstellen te beoordelen op hun merites. Tegelijk valt te stellen dat we ons ook hebben gecommitteerd aan een coalitieakkoord en dat we financiële degelijkheid hoog in het vaandel houden. Als voorstellen voldoen aan de criteria die wij eraan stellen, kunnen ze op de steun van het CDA rekenen. Van de wethouder van CDA-huize kan ik dat ook zeggen. Ik merk de uitgestrekte hand naar de oppositie, zoals we die hebben afgesproken na het presenteren van ons coalitieakkoord. Als daar een andere indruk over heerst, horen we het graag, want het goede gesprek op de inhoud gaat het CDA nooit uit de weg. Allen van ons zitten hier en vertegenwoordigen een bepaalde achterban, en komen daarvoor op. Tegelijk vormen wij met z'n 45'en, gesterkt door het college, het bestuur van deze stad. Dat besef mis ik vaak. Dat mis ik niet alleen bij onze raad, als collega's onderling, maar ook vanuit het college richting de raad.
Hier is wel werk aan de winkel. Dan kijk ik even naar mijn collega's van Hart voor Den Haag, die dit debat hebben aangevraagd. Ik wil even stilstaan bij de uitspraak gedaan door hun fractievoorzitter, die terug wil in de coalitie. Op zich begrijpen we die wens. Als partij knokken ze keihard voor hun achterban, zichtbaar en hardwerkend. Dat zie ik ook terug bij andere collega's van oppositie en coalitie en dus niet alleen bij die partij, maar we merken het wel. De verhalen die Hart voor Den Haag bij zijn achterban ophaalt, worden op kundige wijze onder de aandacht gebracht. We kunnen niet aan het gegeven voorbijgaan dat een deel van de stad zich gehoord en gesteund voelt door deze manier van politiek voeren. Dat is een soms moeilijk te bereiken groep, die een politiek thuis heeft gevonden bij Hart voor Den Haag. De persoonlijke stijl van politiek bedrijven heeft zijn vruchten afgeworpen. Het is immers de grootste partij van deze stad. Er is echter wel een wezenlijk verschil tussen oppositie voeren en besturen. Dat is mij na een periode in de oppositie ook pijnlijk duidelijk geworden. Als je in de coalitie zit, gaat het om het 50
bereiken van compromissen, en om soms ook nee kunnen verkopen. Het gaat dan om rekening houden met idealen en standpunten van partners al sta je daar zelf niet helemaal achter. Voor ons als volksvertegenwoordiger is dat onze uitdaging. Het gaat dan niet alleen om partijstandpunten, maar meer om verbinden. Voor het CDA staat bij samenwerken het gemeenschappelijke doel, Den Haag, voorop, om de stad mooier te maken en die goed achter te laten voor de volgende generaties. En voor het CDA betekent samenwerken ook een betrouwbare collega zijn, respectvol en vanuit wederzijds vertrouwen, samenwerken met de gehele raad en er staan voor de hele stad, dus ook voor het deel van de stad dat niet op de partij van jouw wethouder of fractievoorzitter heeft gestemd en dat waarschijnlijk ook nooit zal doen. Daar zie ik wel wat uitdagingen voor een eventuele samenwerking met Hart voor Den Haag. Ik benadruk het woord 'uitdaging', want geen enkele uitdaging is wat ons betreft per definitie onoverbrugbaar. Tegelijkertijd dient er allereerst een goed gesprek gevoerd te worden tussen de coalitie en Hart voor Den Haag voordat er gesproken kan worden over invulling van posities en wijzigingen in akkoorden. Daar zijn we zeker nog lang niet. Laten we dit traject op een goede manier met elkaar verkennen, beginnend bij deze eerste stap.
Laten we het gesprek voeren over het besturen van de hele stad, opkomen voor het grotere belang en kunnen samenwerken met anderen die per definitie diametraal anders in de wereld staan dan jijzelf. Als CDA'ers staan wij voor antipolarisatie en voor verbinding. Het is voor ons zaak dat we dit ook kunnen verwachten van onze partners. Ik kijk dan ook uit naar het gesprek op dit onderwerp. Ik wil dit gesprek zien als een eerste stap naar een hernieuwde en verbeterde onderlinge samenwerking. Hiermee doen we wat ons betreft recht aan de uitgestrekte hand van de heer De Mos. Nur Icar (DENK). Voorzitter. Ik zie dat iedereen er een beetje doorheen zit, maar goed. Veel is al gezegd. Ik zal proberen om zo min mogelijk in herhaling te treden. Excuses daarvoor bij voorbaat. We zitten hier vandaag samen voor een belangrijk debat, waarmee we misschien ook een beetje de toekomst van onze lokale democratie aan het vormgeven zijn. En ja, dan gaat het om het beroemde proces en de gevolgen daarvan, maar zeker ook over de periode na de verkiezingen. Laat ik vooropstellen dat ik hier vanavond vooral sta omdat ik mij zorgen maak over het vertrouwen van de kiezer in ons allemaal, dus in onze raad, in de wethouders en in de burgemeester. Het gaat er mij niet om welke partijen er in een college zitten.
Politiek inhoudelijk zal ik ook heel ver afstaan van Hart voor Den Haag op veel onderwerpen, maar daar gaat het mij niet om. Rechtvaardigheid is mij ook wat waard, zoals ook in deze zaal is te lezen: stad van vrede en recht. Ik hecht daar wel waarde aan. Ik verbaasde mij erover, en ik blijf me erover verbazen, dat vorig jaar voordat ook maar één Hagenaar of Hagenees had gestemd, meerdere partijen al hadden besloten om Hart voor Den Haag uit te sluiten op basis van het proces. Niet alleen de verdachten, maar de hele partij werd buitengesloten. Dit was allesbehalve proportioneel, en niet rechtvaardig. Volgens mij gaat het vandaag ook over moraliteit. Dat is een beladen begrip - dat snap ik - maar toch vind ik dat we het moreel aan elkaar verplicht zijn om open en eerlijk het gesprek aan te gaan, zeker vandaag. Dat zijn we ook verplicht aan de partij rechts van mij, juist nu er een vrijspraak op tafel ligt. DENK en Hart voor Den Haag botsen op veel punten, maar zoals een Romeinse keizer, wiens naam ik ben vergeten, al zei: laat het recht zegevieren, al vergaat de wereld. Ik vind het ook leuk dat Rome heel vaak genoemd is. Ik herinner me dat ik zelf een tijdje geleden Florence noemde. Zijn we in Italië of in Nederland, denk ik dan, maar het is prima. We moeten ons altijd blijven afvragen wiens belangen wij hier dienen.
Het lijkt erop dat sommige partijen alleen bezig zijn met het intact houden van hun eigen wereldje en hun macht, en met het beschermen van de belangen van de eigen partij ten koste van heel veel. Laten wij ons vandaag ook de vraag stellen wat voor stad we willen zijn. Willen we een stad zijn waarin partijen goed en constructief samenwerken om het beste voor elkaar te krijgen? Of willen we een stad zijn waarin we obstakels en drempels opwerpen en elkaar de tent uit vechten? Ik wil dan ook tegen de huidige coalitiepartijen zeggen dat DENK vindt dat wij het als brede raad moreel verschuldigd zijn aan de Hagenaars en de Hagenezen om het vertrouwen te herstellen. We zijn dat niet verschuldigd aan de fractievoorzitter van Hart voor Den Haag en al helemaal niet aan mij, maar aan Den Haag, en dan niet alleen aan de wijken waarin jullie lekker scoren, maar ook aan Loosduinen en de Schilderswijk. Mede daarom heb ik eerder met de Partij voor de Dieren en de SP gepleit voor het aanstellen van een verkenner of adviseur, of hoe we het maar willen noemen, om zo spoedig mogelijk aan de slag te gaan met de ontstane situatie, zodat we op korte termijn een advies hebben. De insteek 51
is, zoals wij allemaal al een jaar roepen, transparantie. De insteek is het herstellen van vertrouwen. Ik merk dat we een beetje afwijken van waar het nou daadwerkelijk om gaat, namelijk dat de kiezer vertrouwen heeft in iedereen die in deze zaal zit. Ik doe nogmaals, misschien tevergeefs maar zeker met klem, een oproep aan iedereen hier. Stap over je eigen schaduw heen. Het gaat ons anders misschien wel jaren kosten om weer iets van vertrouwen in de lokale democratie te krijgen. Voorzitter: de heer Van Zanen. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. Natuurlijk hebben wij onze collega's Richard en Rachid van harte gefeliciteerd met de vrijspraak, maar voor de Haagse Stadspartij is dit ook politiek. We moeten strijden voor idealen en ideeën, dus wat ons betreft hoeft het college niet nog rechtser te worden dan het nu al is. En aanschuiven als wethouder van regen en zonneschijn zie ik meneer De Mos niet doen. Het opstarten van onderhandelingen betekent het openbreken van het coalitieakkoord, en wij zijn bang dat we dan weer maandenlang gaan navelstaren op het stadhuis, terwijl er hele grote opgaven in de stad liggen. Ik noem armoede, wonen, de energiecrisis en de alsmaar groeiende afvalberg. Dat vraagt om actie en niet om theedrinken en kantklossen. In de coalitie van Hart voor Den Haag, VVD, D66 en GroenLinks is de verharding verder ingezet, zo blijkt uit de processtukken.
We lezen dat wethouders en ambtenaren zich soms geïntimideerd hebben gevoeld. Welke stappen heeft het college gezet om ervoor te zorgen dat dit nooit meer kan gebeuren? Ik wil van de burgemeester, als portefeuillehouder integriteit, weten hoe hij kijkt naar dit onderdeel van de uitspraak. Verder hebben wij toch met stijgende verbazing geluisterd naar de motie van D66. Mevrouw Van Doorn heeft wel uitgelegd dat dit kwam omdat de stroom in dit gebouw ineens de hele tijd uitviel. Zoals ik al zei, vernamen wij dit vanuit de media. Wij vroegen ons het volgende af. Als je wil werken aan herstel van vertrouwen, hoe kan het dan dat wij daar als oppositie niet goed in zijn meegenomen? Waarom zijn wij niet uitgenodigd om daarover na te denken? Feit is natuurlijk dat de Haagse Stadspartij niet zomaar bij kruisjes gaat tekenen. Zelf hebben we in het verleden meerdere moties … De voorzitter. Een interruptie van mevrouw Van Doorn. Kort, graag. Marieke van Doorn (D66). Ik snap wat mevrouw Faïd zegt. Het lijkt erop dat we tussen nu en de tweede termijn tijd zullen hebben. Kan ik in die tussentijd alsnog met haar praten over hoe zij dit ziet? Fatima Faïd (HSP). Zeker. Ik denk dat het heel goed is om daar samen over na te denken, en misschien wel met meerdere partijen. We hebben straks gewoon tijd, dus dat is dan wel weer fijn. We kunnen daar dus zeker goed naar kijken.
Zelf hebben we in het verleden meerdere moties ingediend over transparantie in de partijfinanciering. Die zijn ook aangenomen. Samen bieden deze moties wat ons betreft een raamwerk, niet alleen voor de partijen maar ook voor de steunstichtingen. We hoeven het wiel dus niet steeds opnieuw uit te vinden. Er ligt wat ons betreft al een kader. Laten we daar met ons allen aan gaan werken, want er is genoeg werk aan de winkel. Als aanvulling daarop hebben wij een motie om het speelveld nog een klein beetje gelijker te maken. In de motie Egaliseer het speelveld, vragen we om met een plan te komen voor lokale zendtijd voor politieke partijen, zoals we die ook landelijk hebben. Het dictum luidt: verzoekt het college een plan te maken voor het instellen van zendtijd voor politieke partijen in verkiezingstijd op de lokale en de regionale zenders en het budget daarvoor te reserveren binnen het programma gemeenteraad. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Wij hebben als raad tot afgelopen dinsdag de kans gekregen om te reageren op programma 1 en de begrotingsteksten voor dit jaar. Ik vroeg me af of de fractie van de HSP deze wens daarbij ook heeft ingebracht, want volgens mij is dit iets wat echt in de begroting thuishoort. Fatima Faïd (HSP). Het leek ons wel zo zuiver om hier eerst te kijken of we het via een motie kunnen regelen en te horen wat de andere partijen ervan vinden.
Dan kunnen we altijd gezamenlijk, en misschien ook met u want misschien vindt u het ook wel een ontzettend goed idee, kijken hoe we er 52
een budget voor kunnen vrijmaken. Dat is dus eigenlijk onze overweging geweest: laten we het eerst hier neerleggen en vragen wat iedereen ervan vindt, en als de motie wordt aangenomen kunnen we bij een volgende begroting altijd kijken hoe we het budget kunnen reserveren. De verkiezingen zijn immers niet morgen al. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dank voor de toelichting. Ik waardeer de intenties en ik vind het ook best een interessant idee, maar volgens mij gaat het gesprek dat we dan voeren wel over geld. Als wij moties indienen die geld kosten, hoort daar een dekking bij. En deze motie doet dat zeker, want ik denk dat de lokale omroep dit niet gratis voor ons zal uitzenden, en dat moeten we ook niet van ze verwachten. Heeft mevrouw Faïd al een idee over die dekking? Fatima Faïd (HSP). Als u naar de motie kijkt, ziet u dat we daarin aan het college vragen om te komen met een plan en om te zoeken naar een dekking daarvoor. Nee, aan het presidium, bedoel ik, sorry. Ik zie de heer Groenewold al denken: het gaat om mij! Het gaat om het presidium. Het gaat om ons. Dat is dus eigenlijk de oproep in de motie. De motie zegt dus niet: ga het regelen. De motie roept op: zoek het uit. De voorzitter. Een beetje een winderige dekking! Lotte van Basten Batenburg (VVD). Moties van de 'zoek het uit'-variant hebben nooit mijn voorkeur.
Ik vind dat we zoiets als raad dan samen zouden moeten doen en dat die meerderheid ook samen moet nadenken over de dekking. Misschien kan mevrouw Faïd overwegen om deze motie aan te houden, waarna we hierin richting de begroting samen kunnen optrekken om er als raad gezamenlijk naar te kijken en samen met een idee te komen voor de dekking. Fatima Faïd (HSP). Voor vanavond zijn wij natuurlijk heel erg voor 'samen', dus natuurlijk ben ik ook altijd bereid om er met collega's over na te denken. Maar ik zou het toch ook nog wel interessant vinden om te horen wat het presidium - ik ging weer bijna in de fout - ervan vindt. De uitgestoken hand van de VVD neem ik natuurlijk ook van harte aan. De voorzitter. Maar de uitspraak in de motie is aan het college gericht, hè. Ziet u het? Fatima Faïd (HSP). Ja. Ik pas de motie aan. Het was even een beetje in de hectiek, hè. De voorzitter. Nee, zeker, ik snap het helemaal. Gaat uw gang. Fatima Faïd (HSP). Ik ben al klaar. De voorzitter. Door mevrouw Faïd wordt de volgende motie (F.7 HSP) ingediend:
Motie F.7 HSP Egaliseer het speelveld De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 11 mei 2023, ter bespreking van F Debat over de uitspraak (21 april jl.) in de zaak De Mos - Guernaoui. Constaterende, dat: • er grote verschillen zijn tussen de campagnebudgetten tijdens de raadsverkiezingen; • dit leidt tot grote verschillen in zichtbaarheid van partijen in de stad. Overwegende, dat: • er landelijk sprake is van zendtijd voor politieke partijen; • er in Den Haag regionale en lokale zenders zijn; • een verdeling van (extra) zendtijd voor politieke partijen op lokaal niveau kan bijdragen aan 53
•
een gelijker speelveld; de landelijke regels als uitgangspunt te nemen bij de verdeling zodat elke partij met zetels in de gemeenteraad een gelijke hoeveelheid radio- en tv-zendtijd krijgt toegewezen.
Verzoekt het presidium: • een plan te maken voor het instellen van zendtijd voor politieke partijen in verkiezingstijd op de lokale en regionale zenders en het budget daarvoor te reserveren binnen het programma gemeenteraad. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Al ruim drieënhalf jaar wordt het Haagse stadsbestuur gegijzeld door de strafzaak tegen voormalig wethouders De Mos en Guernaoui. Het is een proces met grote gevolgen voor de levens van de direct betrokkenen, maar ook voor onze lokale democratie. Het gevolg was onder andere een tergend lange onderhandeling na de verkiezingen van vorig jaar. Ook lijkt het er steeds meer op dat de bijnaam IJspaleis een diepere betekenis heeft gekregen dan enkel de kleur van dit gebouw. In debatten voeren niet zelden de persoonlijke tegenstellingen de boventoon in plaats van de politieke, en soms lijkt het alsof we samen onder hoogspanning de stad besturen. En terwijl het er twee weken geleden even op leek dat collega's De Mos en Guernaoui dit hoofdstuk eindelijk konden afsluiten, blijkt nu dat het OM hen nog langer in het duister wil laten tasten. Toch is het wat de SP betreft geen optie om te doen alsof er de afgelopen weken niks gebeurd is.
Er is immers een reden waarom het huidige college op zijn plek zit en de grootste partij daarvan geen onderdeel uitmaakt. Het feit dat er nog geen uitspraak van de rechter lag, was voor verschillende partijen de belangrijkste motivatie om Hart voor Den Haag buiten de deur te houden, en nu er een uiterst stellige uitspraak ligt, is het niet meer dan logisch dat mensen in de stad zich afvragen: wat nu? Uit de lage opkomstcijfers bij de gemeenteraadsverkiezingen blijkt dat veel inwoners van Den Haag een grote afstand voelen tot de lokale politiek. Voor de SP staat niet de vraag centraal welke poppetjes er op het pluche horen te zitten, maar hoe we er samen voor zorgen dat niet nog meer mensen hun vertrouwen in de politiek verliezen. Daarvoor is het nodig dat partijen in de raad duidelijk maken hoe zij samenwerking met de grootste partij zien nu er een volledige vrijspraak ligt. Geef de kiezers de openheid die ze verdienen. Vanwege de gespannen verhoudingen in ons stadsbestuur zou het wat de SP betreft daarom goed zijn als een onafhankelijke verkenner of adviseur, of hoe je het wil noemen, zijn of haar licht laat schijnen op de ontstane situatie.
Als uit de onafhankelijke verkenning zou blijken dat het college toch in de huidige bezetting door wil gaan - dat proefde ik vandaag uit sommige inbrengen - laten we dan op zijn minst kijken hoe er op een andere manier een brug kan worden geslagen naar Hart voor Den Haag en de oppositie in het algemeen, bijvoorbeeld door elkaar inderdaad wat meer te gunnen. In deze unieke situatie zouden machtspolitiek en 'de meerderheid versus de minderheid' niet de boventoon moeten voeren, want bij de ruim 30.000 kiezers van Hart voor Den Haag heerst sinds twee weken waarschijnlijk nog meer onbegrip over het feit dat hun stem niet is vertegenwoordigd in het college. Maarten De Vuyst (GroenLinks). In die motie over de verkenner-adviseur staat bij de overwegingen dat er gesproken moet worden over aspecten zoals het persoonlijke vlak en de verhoudingen en het vertrouwen. Ik hoor u dat nu ook inbrengen, misschien meer dan de andere ondertekenaars. U had het ook over dualisme. Ik wil u toch uitlokken om daar nog wat verder over door te praten. Mijn tweede vraag zou dan zijn of dit ook kan zonder verkenner-adviseur. Lesley Arp (SP). Dank daarvoor. Dan kan ik misschien ook wat meer verduidelijken wat ik vind van de motie van D66, die nog niet is ingediend maar waarvan ik wel een concept heb gezien.
Ik vond het een beetje jammer dat daar niks in stond over hoe de verhoudingen zijn beïnvloed door wat je elkaar politiek wel of niet gunt. Bij de presentatie van het coalitieakkoord werd bijvoorbeeld door de toenmalige leider van de tweede partij eigenlijk een beetje het beeld voorgespiegeld van: dit is een 54
coalitieakkoord op hoofdlijnen en daarnaast gaan we elkaar heel veel gunnen. Mijn interpretatie - daar ben ik niet geheimzinnig over geweest in de afgelopen tijd - is dat die belofte niet is ingelost. Ik vind het dus jammer dat die motie van D66, die men een beetje badinerend de 'theedrinkmotie' is gaan noemen, niet adresseert dat we ook moeten praten over wat we elkaar politiek gunnen. En in de motie van de heer Barker is dat ook verpakt in het dictum. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Oké. Misschien kunt u me dan ook toelichten waar u dat in het dictum ziet, want ik zie het niet staan in het dictum. Ik zie het in de overwegingen. Ik zit nu naar de versie in het RIS te kijken. Maar nogmaals, u heeft het eigenlijk over dat dualisme, hè? Ook in de media zijn daar dingen over gezegd. Dat doet me ergens pijn, omdat we dat wel proberen. Aan de andere kant herken ik wat u zegt. Over het coalitieakkoord is onderhandeld. Dat zijn ook partijen die soms wat verder uit elkaar staan; dat herken ik. Maar dat is dus de crux: u wilt werken aan dualisme. Dat zit misschien een beetje tussen de motie Verkenner en de motie Raadswerkgroep herstel in. Of leg ik u nu te veel in de mond? Lesley Arp (SP). Ik kan wel ingaan op wat ik heb gelezen in de motie van de heer Barker en waarom ik die steun. In het dictum staat ook dat de verkenner zou kunnen kijken naar de samenwerking in de raad.
Dat is natuurlijk een bredere opdracht dan wat de verkenner normaliter na de verkiezingen doet, en dat miste ik dus eigenlijk in de motie die ik in concept van mevrouw Van Doorn gezien heb. Ik denk ook dat het praten over de vraag of de coalitie moet blijven zoals die is, ja of nee, gezien een aantal sterke opvattingen die ik hoor, een traject is dat misschien heel snel afgesloten kan worden. Vervolgens kunnen we dan praten over de vraag of we de raad meer ruimte kunnen geven om over politieke beslissingen te praten. Marieke van Doorn (D66). Ik hoor wat mevrouw Arp zegt. Ik heb het wel in mijn spreektekst gehad over de rol en de rolvastheid van raadsleden en wethouders, en gezegd dat daarin ruimte zit voor verbetering. Ik wil dit dus ook graag in mijn motie opnemen, maar laat ik de tijd voor de tweede termijn dan gebruiken om het daar eens over te hebben met u, en trouwens met iedereen. De voorzitter. Heel verstandig. Dat zou ik heel mooi vinden. Gaat uw gang, mevrouw Arp, want het is uw beurt. Wilt u hier misschien op reageren? Lesley Arp (SP). Dank voor die gelegenheid. Ik waardeer dat gebaar zeer en ik hoop dat we daar de komende tijd over kunnen praten. De voorzitter. Dat zou ook al een herstelonderdeel zijn. Robert Barker (PvdD).
Ik wilde alleen even benoemen, naar aanleiding van wat mevrouw Arp zegt, dat we er met onze motie ook bewust voor kiezen om ons te richten op de samenwerking binnen de raad. Dat is wel echt een belangrijk aspect van deze motie, ook aangevuld met de aspecten die D66 in de inbreng deed. Ik ben het als indiener dus helemaal eens met wat mevrouw Arp zonet aangaf. De voorzitter. Ik hoor geen vraag, maar gaat uw gang, mevrouw Arp. Lesley Arp (SP). Dank voor deze aanvulling. Ik vervolg mijn betoog. Ik ga even terug naar de vorige zin. Bij de ruim 30.000 kiezers van Hart voor Den Haag heerst sinds twee weken waarschijnlijk nog meer onbegrip over het feit dat hun stem niet is vertegenwoordigd in het college. Dit gegeven simpelweg negeren, zou de kloof tussen het stadhuis en de stad enkel groter kunnen maken. Daarom steunt de SP dus de motie van de Partij voor de Dieren, die verzoekt om een onafhankelijk adviseur aan te stellen, die zich kan buigen over de ontstane situatie. Na dit pleidooi voor openheid is het natuurlijk niet meer dan logisch dat ik ook nog even stilsta bij wat de SP vindt van de uitspraak en van de ontstane situatie. Bij de verkenning van de heren Oplaat en Bogaard in opdracht van Hart voor Den Haag heeft mijn fractie een statement uitgebracht waarin een aantal inhoudelijke punten zijn benoemd waarop de kernwaarden van de SP botsen met de 55
visie van Hart voor Den Haag en de rechterflank van de raad in het algemeen. Die punten hebben voor mijn fractie niets aan relevantie ingeboet. En hoewel de SP het lovenswaardig vindt als raadsleden met hun poten in de klei staan, en wij ook weleens in de bres springen voor ondernemers die in de knel komen, verandert de uitspraak van de rechter niets aan onze visie op de sponsoring van politieke partijen. Wij vinden dit simpelweg een onwenselijk fenomeen. Voor de SP is politiek in de raad en op straat een middel om tot een eerlijkere verdeling van kennis, inkomen en macht te komen. Door de bezittende klasse een eersterangs stoeltje in de politieke arena te gunnen, door harder voor haar te lopen, worden scheve machtsverhoudingen juist enkel versterkt, of het nou gaat om de Unilevers van deze wereld of om de belangen van een lokale vastgoedondernemer. Dat is wat mijn fractie betreft één pot nat. Ten slotte nog iets anders wat mijn fractie een onwenselijk fenomeen vindt. Dat betreft iets wat meermaals aan de orde is gekomen in de strafzaak, namelijk dat er in het college van 2018 een sfeer heerste waarin het blijkbaar normaal was dat wethouders hun medebestuurders persoonlijk onder druk zetten om resultaten te boeken.
Dat vindt mijn partij echt politiek op z'n lelijkst, niet omdat we elkaar allemaal met fluwelen handschoentjes zouden moeten behandelen, maar omdat het aantoont dat persoonlijke ambities en scoringsdrift belangrijker zijn geworden dan een gemeenschappelijke visie op waar wij heen moeten met onze stad. Zo'n cultuur kent in onze ogen enkel verliezers. Ik hoop dat de partijen die in 2018 met Hart voor Den Haag in het college zijn gestapt dit ook geen normale gang van zaken vinden, en dat ze bij zichzelf te rade zullen gaan over de vraag hoe deze cultuur heeft kunnen ontstaan. Want hoewel er eindelijk een uitspraak van de rechter ligt en het mijn wens is dat de collega's De Mos en Guernaoui dit hoofdstuk binnenkort definitief kunnen afsluiten, heeft de reputatie van ons stadsbestuur flinke deuken opgelopen. Het is tijd om in het belang van de stad te werken aan herstel. Het aanstellen van een onafhankelijke verkenner zou wat onze fractie betreft een mooi begin zijn. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Ik heb toch wel een korte vraag over dat onder druk zetten. Er wordt onderhandeld en dan klapt er weleens een deur dicht, maar u heeft klaarblijkelijk fragmenten gelezen uit verhoren of u heeft dingen meegekregen uit de media en u gaat er gemakshalve maar even van uit dat dat waar is. Dat was nou precies wat het OM ook deed. Lesley Arp (SP).
Ik moet zeggen dat ik ook een quote van, volgens mij, de heer De Mos heb gelezen in de zaak: als u niet tegen de hitte kunt, moet u buiten de keuken blijven. Iets dergelijks was het. Dat is dus een interpretatie van politiek waar ik eigenlijk niet achter sta, omdat ik denk dat je naar een gezamenlijke visie toe moet werken en dat niet altijd hoeft te gebeuren met de harde hand of met druk. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Met dat laatste ben ik het helemaal eens. Het hoeft helemaal niet met de harde hand. Maar dingen botsen weleens bij een stadsbestuur dat gaat over € 3 mld. Dan wordt het weleens spannend aan de top in de eredivisie en dan kun je weleens een discussie hebben met elkaar. Dat is heel menselijk en heel gezond. Het blijft altijd bij het behouden van de fatsoensnormen. Maar wat u nu doet, is hetzelfde als wat het OM drieënhalf jaar heeft gedaan, namelijk iets zeggen wat misschien helemaal niet waar is. Lesley Arp (SP). Allereerst heb ik deze uitspraak ook gedaan naar aanleiding van het feit dat de heer De Mos zelf heeft gereflecteerd op die kwestie rond De Schilde. Hij gaf daarbij aan: ja, het is er verhit aan toe gegaan en ik vind dat niet meer dan de normale bestuurscultuur. Dan denk ik dat het mij vrijstaat om te zeggen dat mijn fractie dat niet vindt. De voorzitter. Laatste keer, meneer De Mos. Richard de Mos (Hart voor Den Haag).
Ja, het staat u helemaal vrij om alles te zeggen. Dat is de vrijheid van meningsuiting en die hebben wij hoog in het vaandel staan. Ik hoor mevrouw Verdonk hier nu zeggen: je moet eens in de ministerraad komen; dan weet je hoe het er daar aan toegaat. Soms zijn dingen verhard. Maar ik vind het jammer dat er dingen voor waarheid worden aangenomen die gelezen zijn. U heeft mij hier ook zien opereren als wethouder, en volgens mij was dat een wethouder
56
die mensen ook heel veel dingen gunde. Dat zullen misschien velen in deze raad beamen die mij hebben meegemaakt als wethouder. Dat beeld doet u nu helemaal teniet en dat vind ik jammer. Lesley Arp (SP). Allereerst wil ik zeker niet betwisten dat de heer De Mos als wethouder zeker ook politieke partijen in de oppositie dingen gunde. Maar dat neemt niet weg … Ik heb een pleidooi gehouden voor openheid. Dan zou ik het heel slecht vinden als ik hier als oppositieraadslid een beetje met meel in de mond zou lopen praten en niet zou zeggen wat ik op m'n lever heb. Ik wil dit debat juist gebruiken om dat wel te doen. Ik zou het dus vervelend vinden als dat slecht is gevallen, maar tegelijkertijd is dat ook mijn vrijheid als volksvertegenwoordiger. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. Het is inderdaad een bijzondere avond. Mevrouw Arp reflecteerde daar al aan in haar sympathieke betoog. Er zijn veel camera's. Ik krijg soms het idee dat die er niet allemaal voor mij zijn, maar dat kan ik me bijna niet voorstellen. Sommige raadsleden hebben zich vanavond ook helemaal opgedoft voor de gelegenheid. Ik kijk bijvoorbeeld naar de voorzitter van de Rekeningencommissie, die een jasje aan heeft, of naar de heer Barker, die zijn vacht bedekt met een mooi colbert. En door mevrouw Vavier is er glitter en glamour in het college. Ik ben echt zwaar onder de indruk daarvan.
Het lijkt toch alsof beeldvorming voor sommige mensen een reden kan zijn om je anders voor te doen dan hoe we je normaal zien, maar dat kan aan mij liggen. Vanavond spreken we over de heldere en onomwonden vrijspraak van collegae De Mos en Guernaoui, van voormalig collega Davituliani en van de andere onterecht beschuldigden. Ik feliciteer hen en allen met deze uitkomst, maar ik feliciteer zeker ook hun gezinnen, familieleden, vrienden en partijgenoten. Ook zij zijn jarenlang een proces in getrokken waarin zij niets te zoeken hadden maar waar zij wel continu mee te maken hadden. Dat is voor hen allen niet makkelijk geweest. De PVV hoopt dat zij met deze vrijspraak weer hun leven kunnen oppakken en zij hier sterker zullen uit komen. Ik begin met twee moties, die ik heb geconcipieerd samen met mevrouw Verdonk van Hart voor Den Haag. Om te beginnen is dat de motie die de minister van Justitie verzoekt om gebruik te maken van haar aanwijzingsbevoegdheid. Onze partijleider Geert Wilders heeft hier samen met Van Haga ook in de Tweede Kamer vragen over gesteld. Ik zal enkel het dictum voorlezen, als Rita, of in deze context natuurlijk mevrouw Verdonk, dat mij toestaat.
Dat luidt als volgt: verzoekt de burgemeester er bij de minister van Justitie op aan te dringen om in het maatschappelijk belang gebruik te maken van haar aanwijzingsbevoegdheid en het OM op te leggen per direct met de zaak-De Mos te stoppen, zodat het democratische helingsproces in de hofstad kan aanvangen en de volledig vrijgesprokenen niet langer hoeven te bungelen, en gaat over tot de orde van de dag. Was getekend, Kruis en Verdonk. En dan de tweede motie, waarvan het dictum luidt: verzoekt het OM het zwaard van Damocles eindelijk boven de stad weg te halen door de meer dan heldere uitspraak van de rechters als voldongen feit te zien en 'de zaak' te sluiten, en gaat over tot de orde van de dag. Was getekend, Kruis en Verdonk, dan wel omgekeerd qua beeldspraak. Dat is dus een raadsuitspraak die wij als gekozen volksvertegenwoordigers doen namens inwoners van Den Haag. Kom dus niet met smoesjes dat het niet kan of dat het niet staatsrechtelijk juist is, zo zeg ik in de richting van de partijen die er in de media eigenlijk exact hetzelfde naar kijken. Misschien kijk ik nu onbewust in de richting van de VVD, maar dat kan aan mij liggen. Het is een klip-en-klaar signaal namens de Haagse gemeenteraad en dus namens alle inwoners van Den Haag richting het OM. De motie niet steunen is feitelijk zeggen: ga door met het proces. Dat moeten we niet willen.
En dan wat er nu verder moet gebeuren. De heer De Mos heeft in al zijn redelijkheid en in alle fijnmazigheid die ik hem vanavond toedicht, gezegd dat er wat hem betreft niemand uit het college hoeft. Nou, wat mij en de PVV betreft, gaan er wél mensen uit, zowel uit het college als uit de stad. Maar u kent mij als een nobel mens, dus ik heb ook voor de plucheplakkers op weg naar de uitgang een alternatief bedacht. Dat zijn dus eigenlijk politieke oplossingen voor een verloren job. Om te beginnen de wethouders Vavier en Van Asten, van klimaatpartijen GroenLinks en D66, die onlangs naar New York vlogen voor politieke schnabbels. Zij worden wat mij betreft allebei stewardess bij Extinction Rebellion Airlines. Meneer Kapteijns van GroenLinks gaat tomaten plukken in Budel en mevrouw Bruines gaat tickets verkopen bij Amare. Dat lijken mij hele goede banen voor wethouders die hier niet per se altijd uitblinken of in aanmerking komen voor de uitblinkersbokaal. Het zijn in ieder geval nieuwe banen. En dan de wethouder van de Partij van de Arbeid, degene wiens naam bij 57
mij niet genoemd mag worden, de diversiteitsgoeroe, die als ik hem een Mexicaanse naam had gegeven, Incapablo had geheten. Die kan lessen diversiteit en inclusie gaan geven op het Achterhuis Lyceum. Dat is wat de PvdA heeft gecreëerd, dat is wat ze hebben gewild en dat is waar ze de vruchten van mogen gaan plukken. Ik hoop dat de heer De Mos, die nu even afdwaalt, oplet, want ik ben plaats voor hem aan het maken, en ook voor Rachid. Het is ook niet zo moeilijk: gewoon een beetje cola op de zetel om de vastgeplakte wethouder ervanaf te trekken. De kiezer heeft gesproken, en mijn partij en eigenlijk vooral veel van mijn voorgangers hebben het verkloot, waardoor Hart voor Den Haag er met de buit vandoor ging. Wij van de PVV Den Haag willen het beste voor Den Haag. Wij zien uit naar het herintreden van Hart voor Den Haag, met de wethouders De Mos en Guernaoui, en we zullen er, als we niet zelf zullen meebesturen, scherp op toezien of jullie doen wat goed is voor ons geliefde Den Haag. De voorzitter. Door de heer Kruis, daartoe gesteund door mevrouw Verdonk, worden de volgende moties (F.4 PVV en F.5 PVV) ingediend:
Motie F.4 PVV Haal zwaard van Damocles boven de stad weg De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 11 mei 2023, ter mei bespreking van Debat over de uitspraak (21 april jl.) in de zaak De Mos - Guernaoui. Constaterende, dat: • de Rotterdamse Rechtbank op 21 april jongstleden is gekomen met een klip en klare uitspraak in de zaak De Mos cs, waarbij de vloer is aangeveegd met de verdenkingen die het OM tegen de betrokkenen had, • de nu al 3,5 jaar durende zaak De Mos cs politiek Den Haag al te lang heeft gegijzeld en een politiek proces is geworden omdat Hart voor Den Haag in 2019 ten onrechte uit het college is gezet, de zaak over de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 is getild, Hart voor Den Haag als winnaar van die verkiezingen vanwege de zaak buiten de coalitie is gehouden en het nu maar afwachten is of de aangerichte schade wordt hersteld en Hart voor Den Haag volledig wordt gerehabiliteerd. Van mening, dat: • het voorlopige Hoger Beroep van het OM de stad nog langer in een allesverstikkende wurggreep houdt. Verzoekt het OM: • het zwaard van Damocles eindelijk boven de stad weg te halen door de meer dan heldere uitspraak van de rechters als voldongen feit te zien en 'de zaak' te sluiten. En gaat over tot de orde van de dag. 1. Haagse oud-wethouder De Mos vrijgesproken van corruptie (nos.nl) 2.
OM onder druk om hoger beroep corruptiezaak-De Mos te laten vallen: ‘Het heeft al te lang geduurd’ | Corruptieaffaire Groep de Mos | AD.nl 3. OM-topman: Teleurstelling groot na vrijspraak Richard de Mos (wnl.tv) 4. 64% Hagenaars wil Hart voor Den Haag in het college 58
Motie F.5 PVV Laat minister Ye§ilgöz (Justitie) gebruik maken van haar aanwijzingsbevoegdheid De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 11 mei 2023, ter mei bespreking van Debat over de uitspraak (21 april jl.) in de zaak De Mos - Guernaoui. Constaterende, dat: • de Rotterdamse Rechtbank op 21 april jongstleden is gekomen met een klip en klare uitspraak in de zaak De Mos cs, waarbij de vloer is aangeveegd met de verdenkingen die het OM tegen de betrokkenen had, • de nu al 3,5 jaar durende zaak De Mos cs politiek Den Haag al te lang heeft gegijzeld en een politiek proces is geworden omdat Hart voor Den Haag in 2019 ten onrechte uit het college is gezet, de zaak over de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 is getild, Hart voor Den Haag als winnaar van die verkiezingen vanwege de zaak buiten de coalitie is gehouden en het nu maar afwachten is of de aangerichte schade wordt hersteld en Hart voor Den Haag volledig wordt gerehabiliteerd, • de minister van Justitie en Veiligheid verantwoordelijk is voor het werk van het Openbaar Ministerie (OM) en volgens de Wet op de rechterlijke organisatie de minister, onder bepaalde voorwaarden, aanwijzingen mag geven over individuele strafzaken. Van mening, dat: • het voorlopige Hoger Beroep van het OM de stad nog langer in een allesverstikkende wurggreep houdt.
Verzoekt de burgemeester: • er bij de minister van Justitie op aan te dringen, om in het maatschappelijk belang, gebruik te maken van haar aanwijzingsbevoegdheid en het Openbaar Ministerie op te leggen per direct met de zaak De Mos te stoppen, zodat het (democratische) helingsproces in de Hofstad kan aanvangen en de volledig vrijgesprokenen niet langer hoeven te bungelen. En gaat over tot de orde van de dag. 1.
Haagse oud-wethouder De Mos vrijgesproken van corruptie (nos.nl)
OM onder druk om hoger beroep corruptiezaak-De Mos te laten vallen: ‘Het heeft al te lang geduurd’ | Corruptieaffaire Groep de Mos | AD.nl 2.
3.
OM-topman: Teleurstelling groot na vrijspraak Richard de Mos (wnl.tv)
4.
64% Hagenaars wil Hart voor Den Haag in het college
De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Allereerst ook vanaf deze plek van harte gefeliciteerd aan de collega's De Mos en Guernaoui met het feit dat zij vrijgesproken zijn. Wat moet dat fijn zijn na zo'n lange, duistere tijd, hoewel het voorlopig hoger beroep wellicht nog wat onzekerheid geeft. Die vrijspraak betekent iets voor de verhoudingen hier in de raad, want het was die rechtszaak die voor diverse partijen de reden was om niet met Hart voor Den Haag in zee te gaan na de verkiezingen van vorig jaar. Dus kwam er een coalitie zonder Hart voor Den Haag maar wel met een democratisch gekozen meerderheid. Nu die zaak tot een einde gekomen is, zou je kunnen zeggen dat 59
die democratisch gekozen meerderheidscoalitie er nog steeds is en er niets veranderd is. Dat is natuurlijk ook zo - op papier. Want het was Hart voor Den Haag dat met name in wijken waarin mensen wonen met weinig vertrouwen in de overheid, zijn stemmen binnenhaalde. Dat vertrouwen zal nog verder dalen als Hart voor Den Haag na de afronding van deze rechtszaak en na vrijspraak alsnog geen bestuursverantwoordelijkheid kan of mag nemen. Als we dan het coalitieakkoord lezen en de debatten van de afgelopen jaren hier in de raadszaal nagaan, zien we dat juist het vergroten van het vertrouwen van bewoners in de overheid en in de politiek een belangrijke uitdaging is. Dat niet alle coalitiepartijen de uitgestoken hand aannemen van Hart voor Den Haag en zij het gesprek niet eens willen aangaan, verbaast mij dan ook. Ook het idee van een raadswerkgroep om de interne verhoudingen binnen de raad te herstellen, verbaast mij. Dat partijen de afgelopen drieënhalf jaar niet met Hart voor Den Haag hebben gesproken en er daarom herstel nodig is, daar hoeft geen werkgroep voor te worden opgericht. Er moet juist een brug worden geslagen naar het herstel van vertrouwen richting de stad. De opkomst tijdens de laatste gemeenteraadsverkiezingen was namelijk bedroevend laag. Dan kunnen we in werkgroepjes gaan zitten tot we een ons wegen, maar daar schiet de stad niks mee op.
Het is navelstaarderij pur sang. Daarom roep ik de coalitiepartijen vanaf deze plek ook op om zich niet te verschuilen achter een voorlopig hoger beroep van het OM of het zoveelste werkgroepje, maar om ten minste serieus met Hart voor Den Haag in gesprek te gaan, met een onafhankelijke gespreksleider inclusief transparante verslaggeving richting de gehele raad. De ChristenUnie/SGP is van mening dat er gekeken en gesproken moet worden door de diverse partijen en Hart voor Den Haag om te onderzoeken of en hoe er gezorgd kan worden voor bestuursverantwoordelijkheid van Hart voor Den Haag. Hoe dat er precies uit moet zien, daar gaan de partijen zelf over, maar sla een brug naar de mensen voor wie de overheid een onbetrouwbare partner lijkt. Gideon van Meijeren (FVD). Voorzitter. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2018 bracht ik als inwoner van Den Haag mijn stem uit op Richard de Mos. Dat deed ik niet omdat ik het inhoudelijk volledig eens was met zijn partij - met sommige standpunten was ik het zelfs fundamenteel oneens maar omdat Forum voor Democratie nog niet actief was in de gemeente en ik wist dat een stem op Richard de Mos het partijkartel op dat moment de meeste pijn zou doen.
En wat wílde ik dat partijkartel graag pijn doen, dat partijkartel dat hier al decennialang onderling de baantjes verdeelt en deze prachtige stad, waar ik zo ongelofelijk veel van hou, steeds verder liet aftakelen. En wat wás het pijnlijk voor dat partijkartel toen Groep de Mos niet de op twee na grootste, niet de op een na grootste maar met afstand de grootste partij van Den Haag werd. Niemand kon nog om hem heen. Niemand kon een reden verzinnen om hem uit te sluiten. Er was geen andere optie dan samen met Groep de Mos, tegenwoordig Hart voor Den Haag, een college te vormen. Voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog werd er een college gevormd zonder de PvdA. Voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog zat er een partij in het college die het afbraakbeleid van het kartel frustreerde. Het begin van het lange proces om het partijkartel in deze gemeente definitief te breken was in gang gezet. En de wijze waarop de kersverse wethouders Richard de Mos en Rachid Guernaoui hun rol vervulden was nieuw, verfrissend. Inwoners van Den Haag wisten haast niet wat ze overkwam. Wie tegen een probleem aanliep, werd niet genegeerd, niet van het kastje naar de muur gestuurd en niet zoet gehouden met valse beloften. Nee, problemen werden ineens gericht opgelost.
Er was ombudspolitiek, tot grote tevredenheid van normale Hagenaren en Hagenezen en tot groot ongenoegen van de gevestigde partijen, die hun macht en hun geloofwaardigheid verder zagen afbrokkelen. Het was een nieuwe bestuurscultuur, die een bedreiging vormde voor de gevestigde macht, waar het systeem niet op zat te wachten en die door het systeem abrupt werd beëindigd. Want in oktober 2019 werden de woningen van deze twee wethouders binnengevallen en overhoopgehaald door de sterke arm van het systeem. De wethouders werden gearresteerd en kregen de meest bizarre beschuldigingen naar hun hoofd geslingerd. Corruptie, omkoping, meineed, deelname aan een criminele organisatie: je verzint het niet. En terwijl de twee wethouders in grote verontwaardiging en in grote onzekerheid verkeerden, stonden de leden van het kartel met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid te dansen op de tafel terwijl de flessen champagne ontkurkt werden. Voor de camera's speelden ze dat ze vooral bezorgd waren, maar micro-expressies en pretoogjes verraadden hoe blij ze waren dat er alsnog een reden was gecreëerd om het college te laten vallen, Groep de Mos uit te sluiten en met hun oude, vertrouwde clubje hun eigen belangen weer te 60
gaan behartigen en die van de inwoners van Den Haag verder te gaan verkwanselen, en dat terwijl alle betrokkenen die als verdachte werden aangemerkt onschuldig waren. Dat is niet zo omdat ik het zeg, maar omdat het tegendeel niet bewezen is. Maar de leden van het kartel deinsden er niet voor terug om een van de grondbeginselen van de rechtsstaat, de onschuldpresumptie, schaamteloos terzijde te schuiven. Richard de Mos en de zijnen waren met succes gecriminaliseerd en kaltgesteld. Alles wijst hier op een gecoördineerde matrix attack, een aanval van het systeem op een politieke tegenstander. Het is een grote schande. Het is niet ondemocratisch, maar antidemocratisch. Het is niet onrechtsstatelijk, maar antirechtsstatelijk. En dat pikte de kiezer niet. De kiezer liet zich niet voor de gek houden en zag haarscherp wat voor een smerige politieke spelletjes hier gespeeld werden. Bij de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen werd de partij van Richard de Mos opnieuw de grootste, maar opnieuw werd de kiezer geschoffeerd en opnieuw verschuilden de gevestigde partijen zich achter dezelfde drogredenen, om maar niet met Hart voor Den Haag te hoeven samenwerken. Het vertrouwen in de politiek neemt af. Hoe kan dat toch? Inmiddels heeft de rechter in eerste aanleg bevestigd wat Forum voor Democratie in alle debatten rondom de formatie heeft beargumenteerd.
Er is nog niet het begin van een greintje bewijs geleverd dat Richard de Mos of Rachid Guernaoui ook maar één strafbaar feit hebben gepleegd: vrijspraak op alle punten. En nu is het tijd voor herstel: herstel van vertrouwen, herstel van de democratie en herstel van de rechtsstaat. Dat zal tijd kosten, want de pijn, het leed en het verdriet die zijn veroorzaakt, zijn met geen pen te beschrijven. Die zijn er niet alleen bij de direct betrokkenen, maar bij iedereen die de democratische rechtsstaat een warm hart toedraagt. Maar hoewel het herstel tijd nodig zal hebben, kan het begin daarvan vanavond nog gemaakt worden, door Hart voor Den Haag, de grootste partij in deze gemeenteraad, alsnog te geven waar ze recht op heeft, namelijk een volwaardige plek aan de onderhandelingstafel. De voorzitter. Daarmee zijn we aan het eind gekomen van de eerste termijn van het debat naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank. Ik wil het volgende in de week leggen, want ik weet niet of we het nu al kunnen beslissen. Ik stel voor om volgende week woensdagavond om 19.30 uur weer te vergaderen. Ja, ik roep het maar. Ik kijk even de kring rond. We kunnen het ook morgen gaan aankondigen, maar dit is wat we in de week zouden willen leggen. Ik roep u ook op om de komende week te gebruiken om onderling te praten, dan kunnen we een historisch moment hebben. Ik geef u straks het woord.
Ik ga dit eerst gewoon afmaken, want zo veel heb ik nog niet gezegd. Ik roep u dus op om onderling te kijken of er moties, uitspraken of samenwerkingsvarianten zijn te bedenken, zodat we het volgende week op een begrijpelijke, snelle en effectieve manier kunnen afronden. Maar dat is natuurlijk allemaal aan u. Robert Barker (PvdD). Ik help het u hopen, voorzitter. Ik heb één kort vraagje qua procedure. Klopt het dat we nu de termijn eindigen? Ik begreep namelijk dat het presidium in ieder geval iets moet zeggen. Begint het presidium dan de volgende keer of gaat het presidium nu nog? Want dan hebben we nu dus nog de eerste termijn van het presidium en anderen. De voorzitter. En ik moet ook nog een paar dingen zeggen, en ik denk dat één motie aan een van de andere collegeleden is gericht. Maar dat hoor ik nog. Zo is het. Tenminste, zo verwacht ik dat het zal gaan, meneer Barker. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik vroeg me af hoe ik precies het voorstel voor de woensdag moet duiden. Er staat dan ook een Rekeningencommissie gepland, zeg ik namens de voorzitter daarvan, mijn bijna-buurman. Dat is wel een cruciale, omdat we nu natuurlijk het jaarrekeningproces doen. De voorzitter. Er zijn ongetwijfeld allerlei andere cruciale dingen die volgende week moeten gebeuren. Ik zie meneer De Vuyst.