RIS315711 Bijlage 1 Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 - Ruimte voor ontwikkeling
Tekst van het document
3.5.1 Wie doet wat? In hoofdstuk 4 (Richtlijnen voor de beoordeling van de subsidieaanvragen) vermelden wij onder paragraaf 4.1.3. (pagina 36) wat wij verwachten van instellingen die zich bezighouden met talentontwikkeling en het faciliteren van jonge makers. Aanvullend op het Beleidskader 2025-2028 doet de gemeente het volgende: • We continueren en vernieuwen de Makersregeling16 en blijven ruimte bieden voor talent ontwikkeling in de projectsubsidieregeling21. • We roepen een tweejarige subsidieregeling in het leven om daarmee de drempel voor kleinere organisaties om subsidie aan te vragen te verlagen. • We zien ruimte in het MJB 2025-2028 voor organisaties die zich specifiek richten op het begeleiden en coachen van makers en voor instellingen die binnen het bestaande beleid kansen voor jonge makers willen creëren. • We verstevigen het broedplaatsenbeleid door te investeren in ruimtes in de stad en ontwikkelen een strategisch cultureel vastgoedbeleid.
21 Gemeente Den Haag (2021). RIS307362 ‘Subsidieregeling Haagse kunst- en cultuurprojecten Den Haag, 2021’.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
32
Nederlands Dans Theater (NDT). Tar and Feathers - Jiří Kylián. Dansers: Scott Fowler, Thalia Crymble. Foto: Joris-Jan Bos.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
33
4. Richtlijnen voor de beoordeling van de subsidieaanvragen Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
34
De richtlijnen voor de beoordeling van subsidieaanvragen zijn in de meerjarige subsidie regelingen kunst en cultuur 2025-2028 uitgewerkt tot criteria waaraan de subsidieaanvragen worden getoetst. Het (artistiek-)inhoudelijke beleid en het zakelijke beleid (gezonde bedrijfs voering) zijn de twee voorwaarden waarop de subsidieaanvraag als eerste wordt beoordeeld. Bij een onvoldoende beoordeling op één of beide onderdelen wordt de aanvraag niet verder in behandeling genomen.
4.1 Artistiek-inhoudelijk beleid Bij de beoordeling van de artistiek-inhoudelijke kwaliteit wordt gekeken naar de samenhang tussen de artistieke visie en de vertaling hiervan in de programma’s en activiteiten en naar de positie die de aanvragende instelling in het Haagse culturele leven inneemt. Beoordelingsrichtlijnen artistiek-inhoudelijk beleid • Cohesie/samenhang binnen de programmeringsbeschrijving – artistieke visie en kwaliteit: de mate waarin het programma niet het vertrekpunt, maar het eindresultaat is van de artistieke en zakelijke ambities en het diversiteit- en inclusiebeleid. • Vakdeskundigheid: de vaardigheid en vakbekwaamheid van de bij de instelling betrokken professionals of, voor ondersteunende partijen, de wijze waarop zij zich ten dienste stellen van de relevante sector(en). • Zeggingskracht: het werk van de instelling spreekt het publiek aan. De instelling is in staat haar publiek te raken, ontroeren, vermaken, prikkelen, inspireren en/of aan het denken te zetten. • Oorspronkelijkheid: een herkenbare (artistieke) signatuur, onlosmakelijk verbonden met de instelling, waardoor deze een bijzondere of zelfs unieke bijdrage aan de sector levert. • Vernieuwing of experiment: de instelling draagt bij aan de artistiek-inhoudelijke ontwikkeling van de sector waarin ze opereert door vernieuwing, experiment en/of het aangaan van nieuwe samenwerkingen.
De initiatieven passen bij deze tijd of anticiperen op de toekomst, en er is daarbij aandacht voor nieuwe generaties (publiek en makers) en nieuwe kunstvormen.
4.1.1 Cultuurankers Een aanvullende beoordelingsrichtlijn voor de artistiek-inhoudelijke kwaliteit van de cultuurankerfuncties is: • De mate waarin de instelling aan de volgende randvoorwaarden van cultuurparticipatie voldoet: toegankelijk, vraaggestuurd en co-creatief. Dit wordt beoordeeld op basis van het maakproces, de impact van het maakproces op de (niet-professionele) deelnemers en de wijze waarop het eindproduct aansluit bij de (behoeften van de) beoogde doelgroepen.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
35
4.1.2 Cultuureducatie-instellingen en instellingen met cultuureducatieprogramma’s Aanvullende beoordelingsrichtlijnen voor de artistiek-inhoudelijke kwaliteit van cultuur educatie-instellingen en -programma’s zijn: • Instellingen formuleren een duidelijke visie op cultuureducatie en tonen hierbij aan op welke praktische of theoretische onderbouwing de voorgestelde aanpak van hun educatie programma’s is gebaseerd en hoe ze de kwaliteit van hun programma’s borgen en evalueren. • Instellingen hebben een inclusief, betekenisvol en toegankelijk cultuureducatieaanbod en zorgen ervoor dat de belevingswereld van het kind en de jongere wordt meegenomen. • Instellingen stemmen hun aanbod voor het hele spectrum van voorschoolse educatie tot en met mbo (inclusief de verlengde schooldag en/of Rijke Schooldag) onderling en op de vraag van de scholen af, waarbij het expertisecentrum CultuurSchakel een belangrijke rol speelt. Hierdoor wordt het voor scholen makkelijker om een keuze uit het aanbod te maken.
4.1.3 Levendig makersklimaat en talentontwikkeling Een aantal instellingen heeft als hoofdtaak het makersklimaat te faciliteren en als onderdeel daarvan makers te begeleiden, maar ook van grote instellingen verwachten wij dat ze invulling geven aan talentontwikkeling en doorgroeimogelijkheden voor (jonge) makers creëren. Aanvullende beoordelingsrichtlijnen voor de artistiek-inhoudelijke kwaliteit voor instellingen die zich bezig houden met talentontwikkeling en het begeleiden en faciliteren van makers zijn: • Instellingen moeten inzichtelijk maken op welke wijze zij makers begeleiden en vanuit welke visie op talentontwikkeling zij (jonge) makers coachen. • Instellingen geven in hun aanvraag aan welke (makers-)doelgroepen ze voor ogen hebben. Daarbij is er ook aandacht voor makers die zich op andere wijze dan via de traditionele kunstvakopleidingen ontwikkeld hebben. • Instellingen hebben een open houding ten opzichte van nieuwe kunstvormen en stimuleren makers om over grenzen heen te kijken.
4.2 Zakelijk beleid (een vitale, weerbare én duurzame cultuursector) Het voeren van een goede, gezonde bedrijfsvoering betekent niet alleen dat een organisatie oog moet hebben voor onderwerpen als personeels- en organisatiebeleid, financieel beleid, behoorlijk bestuur, marketingbeleid, huisvesting en duurzaamheidsbeleid, maar ook dat deze bouwstenen onderling goed op elkaar afgestemd zijn. Met positionering (zie hieronder) doelen wij op de rol die een organisatie inneemt – of wil innemen – in het culturele landschap en in de maatschappij, en de mate waarin zij daarmee, in relatie tot andere instellingen, het belang van Den Haag dient.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
36
Beoordelingsrichtlijnen zakelijk beleid • De instelling dient een gezonde bedrijfsvoering te hebben, wat onder meer betekent dat zij over een realistische en sluitende meerjarige begroting beschikt en goed zicht heeft op de operationele en financiële risico’s. • De instelling zorgt voor een evenwichtige financieringsmix en heeft of werkt toe naar financiële reserves die in verhouding staan tot het financiële risicoprofiel van de instelling. • De instelling presenteert een realistisch activiteitenplan dat past bij de slagkracht van de organisatie, waarbij de voorgenomen activiteiten in verhouding staan tot de huidige activiteiten, de begroting en het aangevraagde subsidiebedrag. • De instelling past de Governance Code Cultuur en de Fair Practice Code toe. • De instelling dient een duurzaam personeelsbeleid te voeren, waarbij het principe van fair pay een belangrijk instrument is. • De instelling moet in staat zijn om het beoogde publiek te bereiken door ontwikkelingen in publiekssamenstelling en -gedrag te monitoren en daarop te acteren. • De instelling maakt in haar beleid bewuste keuzes met betrekking tot duurzaamheid en het verkleinen van haar ecologische voetafdruk.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
37
Beoordelingsrichtlijnen positionering, samenwerking en belang voor Den Haag • De instelling is zich bewust van de eigen positionering in de lokale, stedelijke, regionale, nationale en/of internationale context. • De instelling maakt duidelijk welke maatschappelijke rol zij inneemt – of wil innemen – in Den Haag. • De instelling opereert aantoonbaar in samenhang met andere organisaties binnen en buiten de cultuursector en heeft logische en gelijkwaardige samenwerkingspartners in de hele stad, inclusief de verschillende wijken, passend bij de omvang en ambities van de organisatie.
4.3 Diversiteit en Inclusie Op het gebied van diversiteit en inclusie verwachten wij van de instellingen dat zij aan de hand van de vier p’s (personeel, programma, publiek en partners) aangeven waar zij nu staan, wat de gewenste situatie is en wat daarvoor nodig is. Beoordelingsrichtlijnen diversiteit en inclusie • De instelling reflecteert in haar aanvraag op diversiteit en inclusie (pas toe en leg uit), ontwikkelt aan de hand daarvan een duidelijke visie en stelt vervolgens concrete en SMARTgeformuleerde doelen op voor de komende vier jaar. Deze doelen en de realisatie ervan zullen ook ter sprake komen tijdens de monitorgesprekken met de gemeente en dienen tevens aandacht te krijgen in de jaarverslagen van de instelling. • Bij de doelen worden een nulmeting (stand van zaken van het D&I beleid) en passende ambities en/of streefcijfers opgenomen. • De instelling beperkt de fysieke, financiële en sociale barrières om zodoende meer ‘nieuwe’ publieksgroepen of een bredere mix van doelgroepen te bereiken. • De instelling zorgt voor een inclusief klimaat voor personeel, publiek en partners, en diversiteit en inclusie zijn belangrijke criteria bij de samenstelling van producties en programma’s.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
38
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
39
5. Subsidiestelsel Cultuur 2025-2028
5.1 Inrichting subsidiestelsel Cultuur 2025-2028 Het subsidiestelsel Cultuur is voor de komende beleidsperiode aangepast. Dit is enerzijds ingegeven door de adviezen uit het Evaluatierapport Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2021-202422 en anderzijds het gevolg van aangescherpte eisen rondom het verdelen van – schaarse – subsidiegelden waarvoor een subsidieplafond geldt. Dit zijn de drie aanpassingen: • Er worden drie verschillende subsidieregelingen ontwikkeld. Iedere subsidieregeling heeft een eigen subsidieplafond en afgestemde voorwaarden en criteria. ° Tweejarige subsidieregeling – categorie A. Zie 5.2. ° Vierjarige subsidieregeling MJB Kunst en Cultuur 2025-2028 – categorie B. Zie 5.3. ° Vierjarige subsidieregeling MJB Kunst en Cultuur 2025-2028 – categorie C. Zie 5.4. • Binnen de vierjarige subsidieregelingen worden bepaalde functies via zogeheten d eelplafonds veiliggesteld. Een deelplafond is het maximale bedrag dat gedurende de b eleidsperiode 2025-2028 beschikbaar is voor een bepaalde culturele functie die onmisbaar is voor de stad. Iedereen is vrij om voor een van deze functies een aanvraag in te dienen, maar slechts één aanvrager komt in aanmerking voor een functie. Een functie kan dus niet door verschillende organisaties worden ingevuld. Voor deze functies is de maximale hoogte van de subsidie vooraf vastgesteld (zie hoofdstuk 6).
Iedere functie heeft hierdoor een eigen subsidieplafond. Aan de hand van de kwaliteit van de aanvragen adviseert de Adviescommissie 2025-2028 welke aanvrager er uiteindelijk voor subsidie in aanmerking kan komen en voor hoeveel. Zie 5.3. en 5.4. • In lijn met het advies van de Adviescommissie 2021-2024 is voor de systeeminstellingen, de instellingen die gemeentelijke collecties beheren en voor Amare een andere vorm van financiering gekozen. Deze instellingen maken daarmee geen deel meer uit van het MJB. Zie 5.5., 5.6. en 5.7. Voor deze instellingen is in het Beleidskader 2025-2028 de maximale hoogte van de subsidies opgenomen (zie hoofdstuk 6). Met deze wijzigingen in het subsidiestelsel, die hieronder inhoudelijk worden toegelicht, willen we een brede, pluriforme culturele infrastructuur garanderen met een basis waarin alle kunstdisciplines vertegenwoordigd zijn. Ook creëren we met deze nieuwe indeling een gelijker speelveld voor de aanvragers binnen de verschillende subsidieregelingen.
5.2 Tweejarige subsidieregeling – categorie A De tweejarige regeling is bedoeld voor aanvragen onder de € 100.000,- per jaar, die betrekking hebben op een looptijd van maximaal twee jaar. Aan deze aanvragen worden minder zware eisen gesteld dan aan aanvragen voor de vierjarige subsidieregelingen. Deze regeling moet zowel een stimulans geven aan instellingen om zich verder te ontwikkelen en professionaliseren als ook kleinere en nieuwe instellingen de mogelijkheid bieden om op een laagdrempeligere manier een meerjarige subsidie aan te vragen. Met deze regeling willen we ook vernieuwing en innovatie in de kunsten stimuleren.
22 Gemeente Den Haag (2021). RIS310440 ‘Evaluatierapport Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2021-2024‘.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
41
De tweejarige subsidieregeling is een aparte regeling die aansluit op de vierjarige regelingen. Instellingen waarvan de aanvraag voor de vierjarige regeling is afgewezen, kunnen nog een aanvraag indienen bij de tweejarige regeling. De procedure, voorwaarden en besluitvormingsproces die voor de tweejarige subsidieregeling gelden, worden afzonderlijk bekendgemaakt.
5.3 Vierjarige subsidieregeling MJB 2025-2028 – categorie B In het MJB 2025-2028 wordt de verdeling van de subsidies voor het merendeel van de culturele instellingen vastgelegd voor de betreffende periode. Deze beleidsperiode van vier jaar loopt gelijk met de landelijke subsidiesystematiek. De in dit document beschreven beleidsdoelen zijn hierbij het uitgangspunt. De aanvragen voor het MJB 2025-2028 worden op kwaliteit beoordeeld volgens de in de subsidieregeling opgenomen beoordelingscriteria. Vanwege het belang dat we hechten aan de Cultuurankerfuncties, de functie van het Openluchttheater Zuiderpark en een functie voor een literatuurfestival worden deze functies geborgd. De eerste twee functies worden van een apart deelplafond voorzien (zie 5.3.1. en 5.3.2.). Binnen de subsidieregeling categorie B - algemene tender zal één plek worden gereserveerd voor een literatuurfestival. De literatuurfestivalaanvraag die het hoogst aantal punten heeft gescoord van alle mogelijke literatuurfestivalaanvragen komt hiervoor in aanmerking. De eventuele andere literatuurfestivalaanvragen worden op volgorde van behaalde punten in de totale subsidierangorde van alle aanvragen opgenomen. Beoordeling Voor categorie B geldt een minimum aanvraagbedrag van € 50.000,- per jaar en een maximum aanvraagbedrag van € 1.050.000,- per jaar.
Dit wordt opgenomen in de subsidieregeling meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 – categorie B. De Adviescommissie 2025-2028 beoordeelt de subsidieaanvragen aan de hand van de in de subsidieregeling opgenomen beoordelingscriteria.
5.3.1 Deelplafonds voor de Cultuurankerfuncties in de stadsdelen Sinds 2013 heeft ieder stadsdeel in Den Haag een Cultuuranker dat de taak heeft om kunst en cultuur dicht bij de bewoners te brengen. De Cultuurankers zijn voor veel Hagenaars een eerste kennismaking met kunst en cultuur en zij zorgen voor een kwalitatief goede en toegankelijke programmering die wordt samengesteld in aansluiting op en/of in intensieve samenwerking met de bewoners. Deze vraaggerichte aanpak vergroot de deelname van bewoners aan kunst en cultuur en stimuleert de doorstroming van publiek, talent en makers uit de wijken naar andere culturele aanbieders in de stad. De Cultuurankers zijn hierdoor een onmisbaar onderdeel van de Haagse culturele infrastructuur en bovendien uniek in Nederland. In het Coalitieakkoord 2022-20267 staat dan ook: “We koesteren de Cultuurankers die we in elk stadsdeel hebben.” Sinds hun oprichting zijn de Cultuurankers hard gegroeid qua positionering, (onderlinge) samenwerking en programmering. Toch zijn er grote verschillen in het soort instelling, de budgetten, het bereik en de omvang van de Cultuurankers. Voor de meeste Cultuurankers is het een uitdaging om met de bestaande financiële middelen – in combinatie met kleine reserves, inflatie, stijgende energieprijzen en een (gezien hun doelgroep) beperkt verdienvermogen – de basis van hun organisatie te kunnen waarborgen.
Dit betekent dat ze vaak incidenteel geld
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
42
moeten aanspreken voor programmering, talentontwikkeling, educatie en sociaaleconomische projecten. Bovendien is bij een deel van de Cultuurankers ‘fair pay’ nog niet gerealiseerd. In de beleidsperiode 2025-2028 streven we ernaar om de basis van de Cultuurankers verder op orde te brengen. Omdat we willen garanderen dat er per stadsdeel één Cultuurankerfunctie in stand blijft, worden de Cultuurankerfuncties van zes stadsdelen – Centrum, Escamp, Haagse Hout, Laak, Scheveningen en Segbroek – als aparte deelplafonds in de subsidieregeling meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 – categorie B opgenomen. Bij een ogenschijnlijk gebrek aan geschikte organisaties voor het uitvoeren van de Cultuurankerfuncties in de overige twee stadsdelen (Leidschenveen-Ypenburg en Loosduinen) blijven de bibliotheek vestigingen Leidschenveen, Ypenburg, Loosduinen en Nieuw Waldeck deze functies in de beleidsperiode 2025-2028 vervullen. De middelen bestemd voor de uitoefening van de Cultuuranker functies in deze stadsdelen worden vanuit de cultuurbegroting ter beschikking gesteld aan deze bibliotheken. Beoordeling Voor de Cultuurankerfuncties wordt vanaf de beleidsperiode 2025-2028 circa € 740.000,- per jaar meer subsidie beschikbaar gesteld dan in de huidige beleidsperiode.
De hoogte van de deel plafonds (zie hoofdstuk 6) is mede bepaald op basis van de huidige subsidie, de kostenstructuur van de bestaande Cultuurankers, het verzorgingsgebied (aantal inwoners) per stadsdeel en de sociaaleconomische status (kwetsbaarheid) van het betreffende stadsdeel. Voor alle functies (met uitzondering van de twee cultuurankerfuncties binnen de bibliotheken) geldt dat alle culturele instellingen, die aan de eisen van de subsidieregeling voldoen, hiervoor een aanvraag in kunnen dienen, maar slechts één aanvrager komt in aanmerking voor een functie. Een functie kan dus niet door verschillende organisaties worden ingevuld. De kwaliteit van de aanvragen bepaalt welke aanvrager er voor de functie in aanmerking komt. De Adviescommissie 2025-2028 beoordeelt per Cultuurankerfunctie de kwaliteit van de aanvragen op basis van de in de subsidie regeling opgenomen beoordelingscriteria. Wanneer een aanvraag hieraan niet voldoet, wordt deze afgewezen. Wanneer een deelplafond om die reden niet wordt uitgeput, kan de gemeente een nieuwe aanvraagronde opstarten binnen de bestaande subsidieregeling om deze functie alsnog te kunnen laten invullen. Ook de bibliotheken met een Cultuurankerfunctie dienen beleidsplannen in die beoordeeld worden door de Adviescommissie 2025-2028.
5.3.2 Deelplafond voor Openluchttheater Zuiderpark Binnen de subsidieregeling meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 – categorie B voegen we nog één deelplafond toe voor een functie die wij van belang achten voor de stad: de functie Openluchttheater Zuiderpark. Openluchttheater Zuiderpark Vanwege deze unieke culturele buitenlocatie en de sociale functie die het buitentheater heeft voor de omliggende wijken en de stad willen we de openluchttheaterfunctie behouden. Daarom stellen we een deelplafond in voor de openluchttheaterfunctie in het Zuiderpark.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
43
Beoordeling Voor de uitoefening van de functie Openluchttheater Zuiderpark in 2025-2028 wordt circa € 35.000,- per jaar meer beschikbaar gesteld dan in de huidige periode. Voor deze functie geldt dat alle culturele instellingen, die aan de eisen van de subsidieregeling voldoen, hiervoor een aanvraag in kunnen dienen, maar slechts één aanvrager komt in aanmerking voor deze functie. Een functie kan dus niet door verschillende organisaties worden ingevuld. De kwaliteit van de aanvragen bepaalt welke aanvrager er voor de functie in aanmerking komt. De Adviescommissie 2025-2028 beoordeelt per functie de kwaliteit van de aanvragen op basis van de in de subsidieregeling opgenomen beoordelingscriteria.
5.4 Vierjarige subsidieregeling MJB 2025-2028 – categorie C Het culturele aanbod dat de gemeente Den Haag ondersteunt, dient een goede afspiegeling te zijn van de Haagse samenleving én van het culturele veld. Om recht te doen aan de wens van het culturele veld en het advies23 van de Adviescommissie 2021-2024 om meer oog te hebben voor het verschil in omvang van instellingen en daar in de beoordeling rekening mee te houden, hebben wij besloten om zes functies in het Haagse bestel op te nemen in een aparte subsidie regeling meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 – categorie C. Deze zes functies zijn: Discipline: oude, klassieke en nieuwe muziek Functie: symfonieorkest Het orkest draagt in hoge mate bij aan het muzikale klimaat in Den Haag en de omliggende steden. Naast de reguliere concertprogrammering binnen de daarvoor bestemde locaties, ontwikkelt het orkest ook alternatieve concertformules, waardoor een breder (jonger, diverser) publiek met het orkest en met oude, klassieke en nieuwe muziek kan kennismaken. Hierbij wordt ook samen werking gezocht met andere kunstdisciplines. Daarnaast is het orkest verantwoordelijk voor (professionele) talentontwikkeling en voor cultuureducatie- en cultuurparticipatieprogramma’s.
Discipline: dans en muziek Functie: een multidisciplinair productie-ontwikkelhuis Deze instelling heeft als kernactiviteit het faciliteren, begeleiden en stimuleren van talentvolle of innovatieve makers binnen de podiumkunsten en met name binnen de hedendaagse Haagse danscultuur. De instelling beschikt over de benodigde kennis, faciliteiten en netwerken van professionele partners die voor de makers van belang zijn voor hun ontwikkeling. De activiteiten van de makers zijn gedurende het jaar voor het publiek te bezoeken zowel in Den Haag, op het podium van de instelling zelf, als ook elders in het land. Ook wordt binnen de programmering ruimte geboden aan (inter)nationale makers.
23 Gemeente Den Haag (2020). RIS305165 ‘Advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2021-2024 Den Haag. Kracht en kwetsbaarheid’.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
44
Discipline: dans Functie: dansgezelschap Het dansgezelschap voorziet het hele jaar door in een grootschalig, onderscheidend hedendaags dansaanbod in een internationale context. Er is oog voor excellentie en talentontwikkeling en de instelling levert een belangrijke bijdrage aan het Haagse en (inter)nationale dans erfgoed. Vernieuwing en pluriformiteit zijn onderdeel van het beleid, net als educatie- en participatie-activiteiten voor jong en oud. Bij dit laatste wordt actief ingezet op het aantrekken van doelgroepen uit Den Haag die om uiteenlopende redenen minder snel een dansvoorstelling bezoeken. Discipline: pop, jazz en urban-muziek Functie: grootstedelijk poppodium Een instelling met een uitgebreid, breed, veelzijdig en doorlopend popprogramma zowel voor de eigen podia als voor diverse andere poppodia in Den Haag. De instelling is met haar diverse podia – waaronder een met een schaalgrootte van minimaal 1000 bezoekers – en de faciliteiten die zij aan Haagse festivals biedt een vitaal onderdeel van de infrastructuur van de popsector. Ook ontwikkelt zij evenementen en initiatieven waarmee nieuwe doelgroepen kunnen worden aangetrokken. Vanuit Den Haag, maar ook van daarbuiten. De instelling is bovendien mede verantwoordelijk voor de Haagse keten van poppodia en -initiatieven in de stad op het gebied
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
45
van talentontwikkeling. Daarnaast is zij een belangrijke speler in het Haagse uitgaansleven en levert als zodanig een grote bijdrage aan een bloeiende nachtcultuur, waardoor zij medeaanjager is van pluriformiteit binnen huidige en nieuwe muziekstromingen. Discipline: theater Functie: een theatergezelschap van nationaal belang Een Haags theater met een stadsoverstijgende uitstraling, met een eigen gezelschap, een jeugdgezelschap en een ontwikkelplek voor regietalenten en jonge theatermakers. De instelling waarborgt een hoogwaardig theateraanbod voor de grote zalen in Den Haag, maar ook daarbuiten. Ze draagt verantwoordelijkheid voor talentontwikkeling en zet programma’s op ten behoeve van cultuureducatie en -participatie voor jong en oud. Hierbij worden actief doelgroepen uit Den Haag betrokken die om uiteenlopende redenen minder snel theaterproducties bezoeken. Discipline: film Functie: een instelling die zich toelegt op het vertonen van (niet-commerciële) films Een instelling die, buiten het reguliere commerciële aanbod om, het hele jaar door in Den Haag films uit verschillende landen vertoont. Van internationale klassiekers tot hedendaagse kwaliteitsfilms. De instelling agendeert met haar programmering en randprogrammering wereldwijd actuele onderwerpen en gaat op die gebieden de samenwerking aan met relevante partners.
Met educatieprogramma’s en door het bieden van een podium aan jonge (Haagse) filmmakers draagt de instelling ook verantwoordelijkheid voor talentontwikkeling en vernieuwing binnen de filmsector. In samenwerking met regionale, nationale en internationale organisaties ontwikkelt en deelt de instelling kennis op het gebied van filmfestivals, film educatie, digitalisering en mediawijsheid. Culturele instellingen die voor een van de bovengenoemde zes functies in aanmerking willen komen, moeten in hun aanvraag laten zien dat zij een stevige bijdrage leveren aan alle beleidsdoelstellingen van het Beleidskader 2025-2028. Zij passen de drie gedragscodes (Governance Code Cultuur, Fair Practice Code en de Code Diversiteit en Inclusie) toe én vormen een visitekaartje voor de stad Den Haag. Ten slotte behoren zij tot het fundament van de Haagse culturele infrastructuur. Beoordeling Voor deze zes functies worden aparte budgetten vastgesteld tussen de € 1.050.001,- en de € 11.000.000,- per jaar (zie hoofdstuk 6), die worden opgenomen in de subsidieregeling meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 – categorie C. Voor alle functies geldt dat alle culturele instellingen, die aan de eisen van de subsidieregeling voldoen, hiervoor een aanvraag in kunnen dienen, maar slechts één aanvrager komt in aanmerking voor een functie.
Een functie kan dus niet door verschillende organisaties worden ingevuld. De kwaliteit van de aanvragen bepaalt welke aanvrager er voor de functie in aanmerking komt. De Adviescommissie 2025-2028 beoordeelt per functie de kwaliteit van de aanvragen aan de hand van de in de subsidieregeling opgenomen beoordelingscriteria.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
46
5.5 Begrotingssubsidie voor drie systeeminstellingen Den Haag heeft drie systeeminstellingen: CultuurSchakel, Stroom Den Haag en Popradar. Deze instellingen hebben een faciliterende, verbindende, kennisdelende en aanjagende rol op het gebied van respectievelijk cultuureducatie en -participatie, beeldende kunst en popmuziek. Daarnaast verlenen ze namens de gemeente subsidies aan kleinere partijen en individuele makers in de stad. Deze taken hebben we bewust bij de systeeminstellingen neergelegd omdat zij nauw betrokken zijn bij de sector en specifieke kennis en expertise in huis hebben die niet vanzelfsprekend bij de gemeente aanwezig zijn. De Adviescommissie 2021-2024 vroeg zich in haar advies23 af waarom deze instellingen binnen de systematiek van het meerjarenbeleidsplan worden beoordeeld, aangezien deze instellingen namens de gemeente taken uitvoeren en nauwelijks een artistiek profiel hebben. Het onderzoek24 naar de systeemtaken van CultuurSchakel, Stroom Den Haag en Popradar bevestigde niet alleen het bovenstaande, maar benadrukte ook het belang van het beter borgen van vitale onder steuning van de betreffende sectoren – cultuureducatie en -participatie, beeldende kunst en popmuziek – om zo ook het makersklimaat te versterken. De systeeminstellingen zijn daarom gebaat bij een andere subsidiesystematiek, passend bij hun rol en structurele functie in het Haagse bestel.
Daarom worden zij voortaan via een begrotingssubsidie gefinancierd en maken zij geen onderdeel uit van het MJB 2025-2028. CultuurSchakel CultuurSchakel is de systeeminstelling van Den Haag op het gebied van cultuureducatie en -participatie. CultuurSchakel speelt een cruciale rol als expertisecentrum in het (verder) verankeren en verbinden van cultuureducatie binnen het brede schoolcurriculum (van voorschoolse educatie tot en met mbo) en van cultuurparticipatie in de vrije tijd van jong tot oud. CultuurSchakel begeleidt scholen en culturele instellingen bij het vormgeven van kunst- en cultuuronderwijs, denkt mee en faciliteert. Daarnaast ondersteunt CultuurSchakel aanbieders van amateurkunst en bemiddelt voor hen. Zij agendeert actuele ontwikkelingen en onderzoekt blijvend de kansen en mogelijkheden die er zijn om dit veld zo goed mogelijk te bedienen. Via het subsidieloket van CultuurSchakel worden v erschillende subsidies verstrekt vanuit de Subsidieregeling Haagse amateurkunst. Stroom Den Haag Stroom Den Haag is het Haagse kennis- en expertisecentrum voor beeldende kunst en voor kunst in de openbare ruimte. Deze systeeminstelling helpt de sector zich verder te ontwikkelen, onder meer via onderzoek en begeleiding van beeldend kunstenaars en beeldende kunstinstellingen. Ze heeft als taak om als aanjager en netwerker artistieke ontwikkelingen binnen de sector te stimuleren.
En ze brengt verbindingen tot stand tussen diverse belanghebbenden (o.a. kunstenaars en kunstinstellingen, gemeente en publiek), bijvoorbeeld als adviseur op het gebied van kunst in de openbare ruimte en door het helpen vergroten van de zichtbaarheid en toegankelijkheid van beeldende kunst. Via het subsidieloket van Stroom Den Haag worden verschillende subsidies verstrekt.
24 Andersson Elffers Felix (2022). RIS315150 ‘Onderzoek naar de systeemtaken van CultuurSchakel, Stroom en Popradar’.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
47
Popradar Popradar vervult in Den Haag de rol van systeeminstelling door muzikanten een u itgebreid netwerk en andere faciliteiten te bieden. Zo’n functie is van groot belang voor de o ntwikkelkansen van getalenteerde muzikanten25. Popradar fungeert als expertisecentrum, faciliteert talent (onder andere door het verstekken van subsidies aan makers), verbindt musici met Haagse podia en andere organisaties en biedt ruimte aan amateurverenigingen. Dit zijn taken die van structureel en essentieel belang zijn voor het behouden van de Haagse popcultuur zoals wij die kennen. De Raad voor Cultuur betoogt in haar sectoradvies Muziek26 dat de muzieksector een grote behoefte heeft aan een meer structurele verankering van de talentontwikkelingstaak in het landelijke, regionale en lokale beleid. Er worden door het hele land wel plekken en initiatieven voor talentontwikkeling ondersteund, maar dit gebeurt zelden op structurele basis, als vast en noodzakelijk onderdeel van beleid, en deze steun kan ook zo weer verdwijnen. Het advies pleit ervoor dat overheden en de sector in de toekomst nadrukkelijker per regio bekijken welke behoeften er bestaan aan talentontwikkelplekken en -initiatieven, rekening houdend met aanwezige opleidingen, producerende instellingen en musici, podia en festivals. 25 Den Haag Tweede Kamer der Staten-Generaal (2021).
Initiatiefnota van het lid Kwint ‘Naar vore! Plannen voor een gezonde popsector’. 26 Raad voor Cultuur (2019). ‘De balans, de behoefte. Pleidooi voor een integraal, inclusief muziekbeleid’.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
48
Den Haag kent geen kunstvakopleiding die zich specifiek op popmuziek richt. Ook is de (structurele) ondersteuning van talentontwikkeling, met name, in de popmuziek vanuit onze beleids instrumenten kwetsbaar. Met Popradar als systeeminstelling waarborgen we de continuïteit van de ontwikkeling van makers in de Haagse popsector en dragen we tevens bij aan het voornemen uit het Coalitieakkoord 2022-20267 om de Haagse popcultuur in de volle breedte te ondersteunen. Beoordeling De budgetten van de drie systeeminstellingen worden gebaseerd op de subsidies die zijmomenteel uit het MJB 2021-2024 ontvangen. Deze bedragen zijn gereserveerd voor de systeeminstellingen en worden in mindering gebracht op het beschikbare subsidiebedrag voor het MJB 2025-2028, waaruit de systeeminstellingen voorheen werden gefinancierd. De systeeminstellingen dienen voor de beleidsperiode 2025-2028 een aanvraag in op basis van de in het Beleidskader 2025-2028 opgenomen beleidsdoelstellingen. Aan de Adviescommissie 2025-2028 wordt gevraagd om deze aanvragen te voorzien van een inhoudelijk advies met aandachtspunten, dat de gemeente meeneemt bij haar besluitvorming en in haar monitoring tijdens de beleidsperiode.
5.6 Begrotingssubsidie voor instellingen die gemeentelijke collecties beheren De Adviescommissie 2021-2024 benadrukte in haar advies Kracht en kwetsbaarheid23 het belang van cultureel erfgoed als medebepalend voor onze identiteit. Het maakt onze cultuur zichtbaar, bespreekbaar en breed toegankelijk. De Adviescommissie 2021-2024 wees erop dat de zorg voor deze gemeentelijke collecties een structurele taak is, die gebaat is bij een langdurigere en stabielere verbintenis tussen museum en de gemeente dan via het meerjarenbeleidsplan. In het MJB 2021-202427 gaven wij dan ook aan deze aanbeveling te zullen onderzoeken. Financiering van het beheer van gemeentelijke collecties is de verantwoordelijkheid van de gemeenten (Algemeen kader interbestuurlijke verhoudingen cultuur OCW, IPO en VNG). De collecties van Museum Bredius, Escher in Het Paleis, het Haags Historisch Museum, het Kunstmuseum (met KM21 en Fotomuseum) en het Museon/Omniversum zijn gemeentelijk eigendom en de musea zijn grotendeels voormalige, verzelfstandigde onderdelen van de gemeente. Bij deze verzelfstandiging is eind jaren negentig met het Haags Historisch Museum, Museon en toen nog het Gemeentemuseum een Beheerovereenkomst gesloten, waarbij de gemeente voor telkens dertig jaar de gemeentelijke collectie in beheer gaf aan de musea.
Daarbij is onder meer ook vastgelegd dat jaarlijks (op basis van een begroting en ondernemingsplan) een instellingssubsidie wordt verleend. De collectie in Museum Bredius is in gemeentelijk eigendom verkregen door een legaat van Abraham Bredius. Voor het beheer en de financiering is in 1988 een contract voor in beginsel onbepaalde tijd gesloten tussen de gemeente Den Haag en de Stichting Bredius Genootschap. De Adviescommissie 2021-2024 constateerde dat de strikte voorwaarden waaronder het legaat moet worden beheerd het voor Museum Bredius onmogelijk maken om aansluiting te blijven houden bij relevante ontwikkelingen in het museale veld. Dat betekent dat het museum geen gelijke kansen maakt op subsidiering in een tenderprocedure (waarbij aanvragen op basis 27 Gemeente Den Haag (2020) RIS306137 ‘Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2021-2024. Zee van mogelijkheden’.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
49
van onderlinge vergelijking en objectieve beoordelingscriteria worden beoordeeld), terwijl de verantwoordelijkheid voor de collectie onverminderd overeind blijft. Voor collectiebeheer gelden landelijke normen waaraan musea moeten voldoen en de Erfgoedwet stelt specifieke eisen aan de eigenaren van de collectie. Vanwege die eisen, de verantwoordelijkheid voor de collectie, de bij de verzelfstandiging gemaakte afspraken én de structurele, in de missie van de musea verweven taak van collectiebeheer, zien we een subsidieaanvraagbeoordeling in concurrentie met instellingen die deze taak niet hebben als een risico voor het collectiebeheer. Het advies van de Adviescommissie 2021-2024 meewegend, worden de instellingen met gemeentelijke collecties daarom voortaan via begrotingssubsidies gefinancierd en zij maken hierdoor geen onderdeel uit van het MJB 2025-2028. Beoordeling De budgetten van de betrokken instellingen worden gebaseerd op de subsidies die zij momenteel uit het MJB 2021-2024 ontvangen. Deze bedragen zijn gereserveerd voor de systeem instellingen en worden in mindering gebracht op het beschikbare subsidiebedrag voor het MJB 2025-2028, waaruit deze instellingen voorheen gefinancierd werden. De instellingen dienen voor de beleidsperiode 2025-2028 een aanvraag in op basis van de in het Beleidskader 2 025-2028 opgenomen beleidsdoelstellingen.
Aan de Adviescommissie 2025-2028 wordt gevraagd deze aanvragen te voorzien van een inhoudelijk advies met aandachtspunten, dat de gemeente meeneemt bij haar besluitvorming en in haar monitoring tijdens de beleidsperiode. Een actueel collectieplan dat aansluit bij de normen van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed blijft een voorwaarde voor de musea met gemeentelijke collecties en ook de periodieke onafhankelijke inspecties van het collectiebeheer blijven gehandhaafd.
5.7 Begrotingssubsidie voor Amare Stichting Amare vervult een unieke positie in de Haagse cultuur- maar ook onderwijssector. Naast een rijke culturele programmering van internationale dansvoorstellingen, tot Haags poptalent, tot cabaret en community arts is Stichting Amare de hoofdhuurder van het gebouw en verzorgt namens de gemeente de onderhuisvesting en daarbij behorende kosten van het Residentie Orkest, Nederlands Dans Theater en het Koninklijk Conservatorium. Hierdoor wordt Stichting Amare vanaf de komende beleidsperiode via een begrotingssubsidie gefinancierd. Beoordeling Het vastgestelde budget voor Amare is gebaseerd op de subsidies die de instelling momenteel uit het MJB 2021-2024 ontvangt, plus de aanvullende middelen die zij volgens het Actualisering dekkingsbesluit Amare (RIS 304964) krijgt toegewezen. Alleen het bedrag dat Amare in de beleidsperiode 2021-2024 vanuit MJB-middelen ontvangt, wordt in mindering gebracht op het beschikbare subsidiebedrag voor het MJB 2025-2028. Amare dient voor de beleidsperiode 20252028 een aanvraag in op basis van de in het Beleidskader 2025-2028 opgenomen beleidsdoelstellingen. Aan de Adviescommissie 2025-2028 wordt gevraagd deze aanvraag te voorzien van een inhoudelijk advies met aandachtspunten, dat de gemeente meeneemt bij haar besluitvorming en in haar monitoring tijdens de beleidsperiode.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
50
Beleidskader 2025-2028 | Juni 2023
51
6. Financieel kader Cultuur
6.1 Totstandkoming budget Voor het bepalen van het totale budget van het Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2 025-2028 is dezelfde systematiek gehanteerd als voor de vorige beleidsperiode. Uitgangspunt is het beschikbaar gestelde budget in de MJB-periode 2021-2024 (€ 56,2 miljoen, prijspeil 2019), opgehoogd met de zogeheten trendbedragen ter compensatie van de inflatie en de toegevoegde middelen voortkomend uit de besluitvorming MJB 2021-2024. De inflatiecorrectie wordt jaarlijks door het college vastgesteld aan de hand van de Macro Economische Verkenning (MEV) van het Centraal Planbureau. Het budget is voorts opgehoogd met de € 1,4 miljoen die in het Coalitieakkoord 2022-2026 s tructureel beschikbaar is gesteld. Het budget voor het subsidiestelsel zoals beschreven in hoofdstuk 5 komt thans op € 66.340.000,- per jaar uit. Bij de in de drie subsidieregelingen op te nemen beschikbare bedragen zal aangesloten worden bij het dan actuele loon- en prijsniveau. Omdat ten tijde van het vaststellen van dit meerjarenbeleidsplan ook nieuwe coalitieonderhandelingen plaatsvinden en de begrotingsbehandeling daardoor op een later moment zal plaatsvinden, moet dit financiële kader als indicatief worden beschouwd. Het definitieve financiële kader wordt eind 2024 door de gemeenteraad vastgesteld bij de behandeling van de begroting voor 2025.
6.2 Verdeling budget Het subsidiestelsel Cultuur is onderverdeeld in verschillende categorieën die elk hun eigen financieringsvorm en budget kennen. Hieronder is de verdeling van het minimale indicatieve budget van € 66.340.000,- weergegeven. Verdeling MJB budget op hoofdlijnen In totaal wordt € 1,76 miljoen per jaar toegevoegd aan het huidige beschikbare budget voor het MJB 2025-2028. Hiervan is € 1,4 miljoen afkomstig van het coalitieakkoord en € 0,36 miljoen van de Subsidieregeling Haagse kunst- en cultuurprojecten Den Haag 2021.
Onderwerp
Subsidie 2023
Beschikbaar MJB 2025
Verschil
Tweejarige subsidieregeling – categorie A
€ 45.000*
€ 500.000
€ 455.000
Vierjarige subsidieregeling – categorie B
€ 9.336.000**
€ 9.516.000
€ 180.000
Functies vierjarige subsidieregeling – categorie B (cultuurankers en openluchttheater)
€ 3.710.000
€ 4.450.000
€ 740.000
Functies vierjarige subsidieregeling – categorie C
€ 23.137.000
€ 23.375.000
€ 238.000
Begrotingssubsidies (Haagse musea / systeeminstellingen en Amare)
€ 28.351.000
€ 28.499.000
€ 148.000
Totaal
€ 64.579.000
€ 66.340.000
€ 1.760.000
*
Dit bedrag is gebaseerd op het totaal van MJB-subsidie dat in 2023 verleend is aan instellingen die op basis van de hoogte van hun huidige MJB-subsidie dan wel de hoogte van de door hen in 2020 aangevraagde MJB-subsidie naar verwachting onder categorie A zullen aanvragen.
**
Dit bedrag is gebaseerd op het totaal van MJB-subsidie dat in 2023 verleend is aan instellingen die op basis van de hoogte van hun huidige MJB-subsidie dan wel de hoogte van de door hen in 2020 aangevraagde MJB-subsidie naar verwachting onder categorie B zullen aanvragen.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
53
Jaarlijks beschikbaar budget, inclusief kosten gebruikersonderhoud (afgerond in duizendtallen) Tweejarige subsidieregeling – categorie A
€ 500.000*
Vierjarige subsidieregeling MJB Kunst en Cultuur 2025-2028 – categorie B
€ 13.966.000
waarvan voor vierjarige subsidies
€ 9.516.000
waarvan voor Cultuurankerfuncties (acht stadsdelen)
€ 4.275.000
Centrum
€ 850.000
Escamp
€ 1.050.000
Haagse Hout
€ 200.000
Laak
€ 700.000
Leidschenveen-Ypenburg
€ 125.000
Loosduinen
€ 150.000
Scheveningen
€ 600.000
Segbroek
€ 600.000
waarvan voor Openluchttheater Zuiderpark Vierjarige subsidieregeling MJB Kunst en Cultuur 2025-2028 – categorie C
€ 175.000 € 23.375.000
symfonieorkest
€ 5.225.000
multidisciplinair productie-ontwikkelhuis
€ 1.970.000
dansgezelschap
€ 2.980.000
grootstedelijk poppodium
€ 1.625.000
nationaal theatergezelschap
€ 10.490.000
filmhuis voor niet-commerciële films
€ 1.085.000
Begrotingssubsidies Haagse musea met gemeentelijke collectie**
€ 20.137.000
Kunstmuseum (met KM21 en Fotomuseum)
€ 11.970.000
Museon
€ 5.389.000
Haags Historisch Museum ****
€ 2.124.000
Escher in Het Paleis ****
€ 398.000
Museum Bredius Systeeminstellingen**
€ 256.000 € 5.475.000
CultuurSchakel
€ 2.404.000
Stroom Den Haag
€ 2.414.000
Popradar
€ 657.000
Amare**/***
€ 2.887.000
Totaal
€ 66.340.000
Bovenstaande bedragen zijn gebaseerd op het prijspeil 2023 (inclusief trend 2023 op basis van MEV 2023). De uiteindelijke bedragen die in 2025 beschikbaar worden gesteld, zullen opgehoogd worden met de trendbedragen die in de periode tot 2025 nog beschikbaar komen. Dit houdt in dat instellingen en makers voor hun subsidieaanvragen het prijspeil van 2023 hanteren. *) Een deel van dit bedrag (€ 360.000,-) is afkomstig van de bestaande Subsidieregeling Haagse kunst- en cultuurprojecten Den Haag 2021. **) Deze instellingen worden via een begrotingssubsidie op naam gefinancierd en zijn hiermee geen onderdeel van het MJB 2025-2028. ***) Op basis van het Actualisering dekkingsbesluit Amare (RIS304964) ontvangt Amare jaarlijks aanvullend € 3.945.579,(prijspeil 2023). Dit bedrag maakt geen deel uit van het MJB. Ook dit bedrag zal via een begrotingssubsidie beschikbaar worden gesteld. ****) De bedragen van beide musea worden gedurende de beleidsperiode 2025-2028, ten gevolge van de al geplande verbouwingen, mogelijk nog bijgesteld.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
54
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
55
7. Duurzaam cultureel vastgoed
7.1 Cultureel vastgoed De gemeente heeft een rijk bestand aan cultureel vastgoed. Van iconische gebouwen in het historische Museumkwartier tot stoere, oud-industriële panden in de Binckhorst. In deze 78 panden28 bevinden zich podia, musea, broedplaatsen, atelierruimtes en andere voorzieningen die bijdragen aan het levendige kunst- en cultuurklimaat in onze stad. Ook bij verdere stedelijke gebiedsontwikkeling is het, voor de leefbaarheid in de betreffende gebieden, belangrijk dat er ruimte wordt gegeven aan kunst en cultuur. Duurzaamheid is een van de speerpunten van de gemeente Den Haag. Een belangrijk a spect daarbij is de verduurzaming van het gemeentelijke vastgoed. De gemeentelijke panden w orden energieneutraal gemaakt of klaargemaakt voor aansluiting op een schone energiebron. Voor a anvang van eventuele werkzaamheden wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden en kansen tot v erduurzaming van de panden, waarbij rekening wordt gehouden met benodigd komend onderhoud.
7.2 Meerjarenonderhoudsplan Culturele instellingen die in gemeentelijke panden gevestigd zijn, zijn verantwoordelijk voor het huurdersonderhoud zoals vastgelegd in het huurcontract met de gemeente. De gemeente neemt het eigenaarsonderhoud voor haar rekening en is daardoor verantwoordelijk voor het vervangen van (theater)installaties, zoals trekkenwanden en verwarmings- en luchtbehandelingsinstallaties. De verantwoordelijkheid voor de vervanging van de theaterinventaris ligt bij de huurder en de afschrijvingskosten hiervan moeten worden opgenomen in de exploitatiebegroting van de betreffende instelling. De aanvragers die gebruikmaken van een gemeentelijk pand zijn verplicht om een Meerjarenonderhoudsplan (MOP) (niet ouder dan één jaar op 1 februari 2024) in te dienen, waarin de uitgaven en reserveringen voor het onderhoud zijn opgenomen.
28 Gemeente Den Haag (2022). RIS312781 ‘Vastgoedmonitor 2021’.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
57
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
58
8. Procedure en besluitvorming 2024
8.1 Subsidieregelingen MJB kunst en cultuur 2025-2028 – categorie B en C Aanvraagprocedure De subsidieregelingen meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 – categorie B en C worden in oktober 2023 op de website van de gemeente Den Haag gepubliceerd. Vanaf dat moment zijn ook de inrichtingseisen en bijhorende formats die voor een subsidieaanvraag nodig zijn beschikbaar. Deze zijn op te vragen door een e-mail te sturen naar: kunstenplan@denhaag.nl. Subsidies worden uitsluitend verstrekt aan culturele instellingen met een rechtspersoonlijkheid die actief en aantoonbaar hun culturele activiteiten ontplooien in Den Haag. Aanvragen voor vierjarige subsidies vallend onder de subsidieregelingen meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 in de categorieën B en C kunnen vanaf maandag 22 januari 2024 tot en met donderdag 1 februari 2024 digitaal worden ingediend. Aanvragen die later worden ingediend, worden geweigerd. Kennismakingsgesprekken De Adviescommissie 2025-2028 is op 24 januari 2023 ingesteld. De keuze om de Adviescommissie 2025-2028 ruim een half jaar voorafgaand aan de publicatie van de subsidieregelingen meerjaren beleidsplan kunst en cultuur 2025-2028 in te stellen, komt voort uit de wens van de culturele sector en de gemeente zelf.
Zo hebben de adviescommissieleden ruim de tijd om zoveel mogelijk organisaties in het culturele veld van Den Haag te leren kennen en zoveel mogelijk activiteiten te bezoeken. De kennismaking met de Haagse culturele sector wordt afgerond met een kort kennismakingsgesprek. Alle aanvragers (ook nieuwe aanvragers) worden eind december 2023 of begin januari 2024 uitgenodigd voor een dertig minuten durend gesprek met (een deel van) de Adviescommissie 2025-2028 en de ambtelijk secretaris. Deze gesprekken verlopen volgens een vooropgestelde gespreksleidraad en worden genotuleerd. Beoordelingsprocedure Alle in behandeling genomen aanvragen worden voorgelegd aan de Adviescommissie 2 025-2028. De commissie beoordeelt de aanvragen op basis van beoordelingscriteria opgenomen in de subsidieregelingen. Hierbij maakt de Adviescommissie 2025-2028 gebruik van een puntentelling die automatisch resulteert in een rangschikking. De commissie hanteert geen kaasschaaf, maar een zaaglijn. De zaaglijn is een denkbeeldige lijn die het maximaal beschikbare budget markeert ten opzichte van het bedrag dat alle positief b eoordeelde instellingen aanvragen. Dit betekent dat instellingen met een positief advies toch geen subsidie ontvangen wanneer de grens van het budget is bereikt. Advies De Adviescommissie 2025-2028 zal in juni 2024 haar advies aanbieden aan het college.
Hierin f ormuleert zij enerzijds haar beoordeling per aanvraag, voorzien van een solide onder bouwing en motivering, en adviseert zij anderzijds over onderwerpen die nauw verbonden zijn met dit B eleidskader en de subsidieregelingen van de meerjarige beleidsplannen kunst en cultuur 2025-2028. Ook voorziet de Adviescommissie 2025-2028 instellingen die via een begrotings subsidie gefinancierd worden van een inhoudelijk advies met aandachtspunten.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
60
Besluitvorming Het is de verantwoordelijkheid van het college dat het advies van de Adviescommissie 2025-2028 op zorgvuldige wijze en volgens de gestelde beoordelingscriteria tot stand is gekomen. Het college heeft hierbij een zogeheten vergewisplicht, waarbij het college zich er niet alleen van dient te vergewissen dat de procedure die de Adviescommissie 2025-2028 gevolgd heeft zorgvuldig was, maar ook dat het advies toereikend is om de genomen besluiten te kunnen ‘dragen’. Indien dit beide het geval is dient het college het advies van de Adviescommissie 2025-2028 te volgen. De reactie van het college op het inhoudelijke advies en het bijhorende verdelingsvoorstel van de Adviescommissie 2025-2028 maakt deel uit van het MJB 2025-2028, waarover het college besluit. Dit besluit kent een begrotingsvoorbehoud. Het budget voor het MJB 2025-2028 wordt opgenomen in de programmabegroting 2025 die de gemeenteraad begin november 2024 vaststelt. Op basis daarvan worden de financiële middelen beschikbaar gesteld om de subsidiebeschikkingen af te geven. Planning 2023 en 2024
Wat
Wanneer
Wie
Vaststellen Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-
7 september
Gemeenteraad
2028 – de beleidskaders en het financiële kader
2023
Publiceren subsidieregelingen meerjarenbeleids-
oktober 2023
College B&W
Deadline indienen subsidieaanvragen Meerjaren
1 februari
Culturele instellingen
beleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028
2024
Adviesperiode waarin de aanvragen door de
februari –
Adviescommissie
Adviescommissie 2025-2028 worden beoordeeld
mei 2024
2025-2028
Adviescommissie 2025-2028 overhandigt het
juni 2024
Adviescommissie
plan kunst en cultuur 2025-2028 – categorie B en C
advies aan het college
2025-2028
Collegebesluit Meerjarenbeleidsplan Kunst
september
en Cultuur 2025-2028 onder voorbehoud van
2024
College B&W
vaststelling b egroting 2025 door gemeenteraad Vaststelling gemeentelijke begroting
november
Gemeenteraad
2024 Collegebesluit individuele beschikkingen
december
College B&W
2024
Beleidskader Beleidskader Kunst 2025-2028 en Cultuur | Juni 2025-2028 2023 61 | Juni 2023
61
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
62
9. Bijlagen
Bijlage 1 Adviescommissie De onafhankelijke Adviescommissie 2025-2028 heeft tot taak het college te adviseren over de verdeling van middelen aan de hand van de aanvragen die worden ingediend via de subsidie regelingen meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2025-2028. Zij kijkt daarbij naar de onder bouwing van de subsidieaanvragen en toetst die aan de beoordelingscriteria zoals opgenomen in de subsidieregelingen. Samenstelling De Adviescommissie 2025-2028 bestaat uit dertien kernleden5 en twintig disciplineleden29. Voor de totstandkoming van de Adviescommissie 2025-2028 heeft een openbare wervingscampagne plaatsgevonden. Uit de 58 reacties die wij hebben ontvangen, zijn 20 kandidaten uitgenodigd en een groot aantal commissieleden is naar aanleiding van deze wervingscampagne aangesteld. Rekening houdend met het sentiment dat de Adviescommissie 2021-2024 te weinig kennis had van specifiek de Haagse culturele sector zijn er voor de periode 2025-2028 drie commissieleden aangesteld die als adviseurs deel uitmaken van de Adviescommissie Haagse Kunst- en Cultuur projecten. Circa een derde van de commissieleden voor de periode 2025-2028 woont of heeft in de (regio) Den Haag gewoond en brengt daardoor ook het perspectief van de kunst- en cultuur consument mee.
Dit geldt eveneens voor de leden die voorheen in de Haagse culturele sector hebben gewerkt, waarbij streng is gelet op onafhankelijkheid en het vermijden van belangenverstrengeling. De volgende leden van de Adviescommissie zijn door het college benoemd: • Freek Ossel
- kernlid, voorzitter
• Rajae El Mouhandiz
- kernlid theater
• Rebecca Sigmond
- disciplinelid theater
• Dianne Zuidema
- disciplinelid theater
• Özkan Gölpinar
- kernlid letteren
• Bas Kwakman
- disciplinelid letteren
• Erik Lindner
- disciplinelid letteren
• Tanja de Boer
- kernlid musea en collectiebeheer
• Arnoud van Aalst
- disciplinelid musea en collectiebeheer
• Jip Hinten
- disciplinelid musea en collectiebeheer
• Peter Fengler
- kernlid beeldende kunst
• Alexandre Furtado Melville
- disciplinelid beeldende kunst
• Julia van Mourik
- disciplinelid beeldende kunst
• Rikkert Kremer
- kernlid muziek (klassiek, oud, nieuw gecomponeerd)
• Primo Ish-Hurwitz
- disciplinelid muziek (klassiek, oud, nieuw gecomponeerd)
• Maartje Valk
- disciplinelid muziek (klassiek, oud, nieuw gecomponeerd)
• Jelena Barišić
- kernlid muziek (pop, jazz, urban, elektronisch)
• Bér Engels
- disciplinelid muziek (pop, jazz, urban, elektronisch)
• Martijn Kramers
- disciplinelid muziek (pop, jazz, urban, elektronisch)
29 Gemeente Den Haag (2023). RIS315159 ‘Benoeming disciplineleden voor de Adviescommissie Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2025-2028’.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
64
• Peter Jansen
- kernlid dans
• Leal van Herwaarden
- disciplinelid dans
• Aukje Verhoog
- disciplinelid dans
• Aiman Hassani
- kernlid film
• Bouba Dola
- disciplinelid film
• Harriët Mbonjani
- disciplinelid film
• Dieneke Zwiers
- kernlid cultuureducatie
• Stefanie van Gemert
- disciplinelid cultuureducatie
• Maren Siebert
- disciplinelid cultuureducatie
• Heleen Hameete
- kernlid cultuurparticipatie
• Rachid Benhammou
- disciplinelid cultuurparticipatie
• Ingrid Smit
- disciplinelid cultuurparticipatie
• Münise Yavuz
- kernlid jongerencultuur en festivals
• Jacqueline Stolmeijer-Arends - kernlid governance Naast de ruime expertise die de leden op het gebied van de verschillende kunstdisciplines b ezitten, is tevens ook brede kennis van diversiteit en inclusie, multidisciplinair werken, bedrijfsvoering, talentontwikkeling, internationalisering en digitale cultuur gewaarborgd. Werkwijze In lijn met het Reglement adviescommissie meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur Den Haag 20236 worden de aanvragen stapsgewijs beoordeeld. Per aanvraag wordt er een subcommissie i ngesteld, bestaande uit minimaal één kernlid en twee disciplineleden. Deze subcommissie is belast met de voorbereiding van de beoordeling en maakt een eerste afweging. Nadat alle subcommissies bij elkaar zijn gekomen en daarmee ook alle aanvragen zijn voorzien van een vooradvies, worden de aanvragen in de vergadering van de Adviescommissie 2025-2028 van hun definitieve scores voorzien. Tijdens deze vergadering wordt erop gelet dat alle aanvragen op een eenduidige en consistente wijze beoordeeld zijn, zodat alle adviezen deugelijk onderbouwd en toegelicht zijn.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
65
Bijlage 2 Overige subsidieregelingen Cultuur Naast de meerjarige subsidieregelingen heeft Cultuurbeleid nog andere subsidieregelingen die tot doel hebben de culturele sector sterker en diverser te maken. In het onderstaande overzicht zijn alleen de langlopende subsidieregelingen opgenomen. Subsidieregeling Haagse kunst- en cultuurprojecten Den Haag (RIS307362) Deze regeling heeft tot doel bij te dragen aan: • een goed makersklimaat met ruimte voor talentontwikkeling; • cultuur met een breed bereik van verschillende kunstdisciplines; • de reflectie vanuit cultuur op maatschappelijke onderwerpen. Subsidieregeling broedplaatsen (RIS312547) Deze regeling heeft tot doel vernieuwing en experiment binnen de kunsten te stimuleren. Subsidieregeling stimulering cultureel ondernemerschap (RIS304586) Deze regeling heeft tot doel het ondernemerschap van culturele instellingen in Den Haag te stimuleren. Subsidieregeling makers Den Haag 2021 (RIS306946) Deze regeling heeft tot doel de (verdere) ontwikkeling van (jonge) makers onder begeleiding van een culturele organisatie te stimuleren. Subsidieregelingen via de Systeeminstellingen De systeeminstellingen CultuurSchakel, Stroom Den Haag en Popradar ondersteunen respectievelijk de amateurkunsten-, beeldende kunsten- en popsector door, onder meer, het verstrekken van subsidies.
Subsidieregelingen gerelateerd aan cultuur Naast de beschreven subsidieregelingen kent de gemeente Den Haag subsidieregelingen voor evenementen, media en stadsdeelactiviteiten. Deze regelingen hebben niet tot hoofddoel het stimuleren van de culturele sector, maar kunnen hieraan wel bijdragen, net zoals dat geldt voor onze samenwerking met Voordekunst en Stichting Leergeld.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
66
Bijlage 3 Totstandkoming inhoud Beleidskader 2025-2028 Evaluatie Meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2021-2024 De ontwikkeling van de evaluatie van het MJB 2021-2024 vond tussen mei en november 2021 plaats. De uitvoering van het onderzoek was opgedeeld in twee fasen; fase 1 bestond uit een terugblik en reconstructie van het afgelopen MJB-proces, fase 2 bestond uit vooruitkijken naar het toekomstige MJB-proces. Voor de beantwoording van de onderzoeksvragen is op verschillende manieren informatie verzameld. Interviews • 5 gesprekken met 22 culturele instellingen • 3 gesprekken met 20 ambtenaren van de gemeente Den Haag • 2 gesprekken met 6 leden van de Adviescommissie 2021-2024 • 1 gesprek met de wethouder Cultuur • 3 gesprekken met 7 gemeenteraadsleden • 4 gesprekken met betrokkenen bij de procedure in Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en het Fonds Podiumkunsten Bij de instellingen is rekening gehouden met variatie van instellingen in grootte, discipline, aangevraagd subsidiebedrag, adviesoordeel, subsidie afgewezen/toegewezen, nieuw in MJB/ eerder in MJB, wel/geen bezwaar ingediend. Lerende sessies • 4 lerende sessies met de gemeenteraadscommissie, beleidsambtenaren, de wethouder Cultuur en zeven instellingen (waarbij wederom rekening is gehouden met dezelfde variatie van instellingen). In deze lerende sessies werden de bevindingen en suggesties besproken.
Enquête Alle 103 culturele instellingen die een subsidieaanvraag hebben ingediend waren uitgenodigd om deel te nemen aan een online enquête. Zo kreeg iedere instelling de kans om haar mening te geven over de procedure. Uiteindelijk reageerden 59 instellingen (een respons van 57%). Cultuurvisie Den Haag 2033 Bij de ontwikkeling van de Cultuurvisie Den Haag 2033 is er in de periode tussen april en november 2022 naar veel mensen in de stad geluisterd. Veel bewoners hebben hun mening laten horen tijdens het participatietraject en circa vierduizend mensen hebben de enquête ingevuld. Daarnaast hebben professionals van verschillende achtergronden input geleverd. En er zijn uiteraard veel gesprekken gevoerd met de cultuurmakers van de stad: de instellingen en de kunstenaars.
Beleidskader Kunst en Cultuur 2025-2028 | Juni 2023
67
De verschillende thema’s van de Cultuurvisie Den Haag 2033 zijn besproken met de volgende gesprekspartners c.q. tijdens de hieronder vermelde gesprekken: Opgaven voor de stad • 13 gesprekspartners van verschillende beleidsafdelingen van de gemeente Den Haag • 3 rondetafelgesprekken met 18 vertegenwoordigers uit de culturele sector, het bedrijfsleven, stadsontwikkeling, economie, onderwijs, bibliotheken, welzijn, toerisme en internationalisering Foto van de culturele sector • 10 gesprekken met 73 vertegenwoordigers uit 10 culturele disciplines • 20 gesprekken met accounthouders van de afdeling cultuur Verdiepende gesprekken • 10 gesprekken met in totaal 23 deelnemers van de culturele sector, broedplaatsen, gemeente, en de gemeenteraad • 1 gesprek met het Haags Cultuuroverleg, met daarin een brede vertegenwoordiging van de culturele sector • 1 jongerenlab, waarin 10 Haagse jongeren deelnamen, onder leiding van een jongerentrendwatcher Bewonersparticipatie • 49 diepte-interviews met bewoners uit Den Haag • 84 deelnemers aanwezig bij 2 rondetafelgesprekken voor Haagse bewoners • 3657 ingevulde enquêtes door Haagse bewoners en nog eens 329 ingevulde enquêtes door betrokkenen van buiten de stad Klankbord • 3 klankbordgroep-bijeenkomsten, met daarin telkens 13 vertegenwoordigers uit de Haagse culturele sector