RIS315261 Bijlage 1-4 Kansenkaart Den Haag Zuidwest
Tekst van het document
Kansenkaart Zuidwest Kansen voor verdichting en vernieuwing
Bijlage Structuurvisie Den Haag Zuidwest 2040
MAART 2022 December 2022
Zuidwest op z'n best!
Opmerking: Het document is een interactieve pdf. Dit houdt in dat kaartbeelden in het document aanklikbaar zijn, klik op de kaart om naar een uitvergrote versie te gaan. En klik op het terug-symbool om weer op de pagina in het document te komen.
DEN HAAG ZUID WEST
2
INHOUD 1. INLEIDING 1.1 Aanleiding en doel 1.2 Uitgangspunten 1.3 Raakvlakken overige projecten / studies / beleid 1.4 Placemaking en tijdelijkheid 1.5 Opbouw van kansenkaart (werkwijze) 2. AMBITIES EN OPGAVE ZUIDWEST 2.1 Een prettig en veilig Zuidwest 2.2 Groei en ontwikkeling: inzet op gezondheid, onderwijs, voorzieningen en economie 2.3 Zuidwest is een groen stedelijke leefomgeving 3. DEMOGRAFISCHE ONTWIKKELINGEN EN TRENDS 4. RUIMTELIJKE PRINCIPES VOOR VERDICHTING 4.1 Verdichtingsprincipes 4.2 Wat zeggen de bewoners? 5. RUIMTE VOOR VERDICHTING 5.1 Welke gebieden behouden en versterken? 5.2 Lopende projecten 5.3 Waar zit ruimte en kansen voor verdichting en vernieuwing? 5.4 Kansrijke zones 5.5 Afwegingsthema’s
BIJLAGE(N) Kaarten uit dit document Inventarisatiekaarten gebouwde omgeving Huidige dichtheid Eigendom (corp, gespikkeld, privaat) Erfpacht Energielabels Pas gebouwde en gerenoveerde bouwblokken Geplande renovatie Erfgoed en cultuurhistorie Woningwaarden en woninggrootte Woningen per ha Waar zit de ruimte voor verdichting? Inventarisatiekaarten demografie Huishoudsamenstelling Leeftijd Achtergrond Bezetting per woning Inventarisatiekaarten leefbaarheid, veerkracht, woningvoorraad Waar is de opgave het meest urgent? Leefbaarheidscirkel (opzoeken) % sociale woningvoorraad Leefbaarheidsbarometer Kwetsbaarheid bewoner Veerkracht volgens Circusvis
6. KANSENKAART 6.1 Conclusies kansenkaart 6.2 Kansen 6.3 Tegenstrijdigheden tussen opgaven 6.4 Aandachtpunten bij uitwerking 7. IMPRESSIE VAN TOEKOMSTIGE LEEFMILEUS
3
1. INLEIDING 1.1 Aanleiding en doel Den Haag Zuidwest is een omvangrijk gebied, die in het kader van de wederopbouw na de oorlog is gebouwd. Het waren de wijken van hoop en geloof in de toekomst, bestemd voor de middenklasse: de verpleegkundige, de leraar, de chauffeur en de agent. Maar vanaf de jaren ’80 veranderde dat, een uitstroom van de middeninkomens naar Zoetermeer en de Vinex-wijken en een toename aan kwetsbare mensen die in Zuidwest kwamen wonen. De herstructurering van rond 2000 zorgde voor de nodige impulsen in de wijk, maar toen dat door de crisis stil kwam te liggen, is de sociaalmaatschappelijke positie van Zuidwest verder verslechterd. Er is dus nogal wat aan de hand in Zuidwest. Veel daarvan heeft een negatieve invloed op het leven van de mensen die er wonen en werken. Op vrijwel alle parameters scoort Zuidwest slechter dan de rest van Den Haag. Ongeveer 68% van de woningvoorraad bestaat uit corporatiewoningen uit de jaren ’50 en ’60 waarvan vele in slechte staat zijn. Sommige woningen worden gerenoveerd, vernieuwd en verduurzaamd, voor andere woningen is renovatie en verduurzaming te kostbaar en op basis van de grote eenzijdigheid aan woning typologieën ligt sloop-nieuwbouw en verdichting voor de hand. Maar waar kan die vernieuwing het beste plaatsvinden?
Waar kan het gekoppeld worden aan andere kansen en opgaven? Hoe en waar kan verdichting en vernieuwing bijdragen een positieve impuls voor Zuidwest? Dat zijn vragen die in dit onderzoek centraal. De verschillende kaartlagen, dataonderzoek en ruimtelijke analyses te samen vormen de kansenkaart. Het gaat uitdrukkelijk niet alleen om de verdichtingsopgaven alleen, maar deze te koppelen aan de andere opgaven zoals die voor mobiliteit, buitenruimte en sociaal-economisch domein. Kortom, een integrale benadering die inzicht geeft waar de kansen zitten voor verdichting en vernieuwing (kansrijke zones) en welke opgaven in die gebieden belangrijk zijn. In de niet-kansrijke zones zijn de opgaven ook belangrijk, daar zal de nadruk meer liggen op de openbare ruimte (zie ook Ruimtelijk Raamwerk).
mobiliteit een plek krijgt in Zuidwest. De centrale ambitie hierbij is: “Den Haag Zuidwest transformeert van een kwetsbaar gebied in een aantrekkelijk, vitaal, veerkrachtig en duurzaam Haags woongebied, met meer werkgelegenheid, hogere onderwijsambities, versterking van voorzieningenniveau, betere bereikbaarheid en een divers woningaanbod.” 1.2 Uitgangspunten Opgave is integraal De structuurvisie is een integraal samengesteld product. Er worden integrale afwegingen gemaakt tussen de elementen in de leefomgeving die een ruimtelijke impact hebben.
Grote opgaven, de mensen centraal
De kansenkaart is een belangrijk bouwsteen voor de structuurvisie Zuidwest. De structuurvisie vormt een samenhangende en integrale visie op de leefomgeving. Die geeft, naast de opgaven hoe de sociaal-economische positie en leefbaarheid van Zuidwest wordt verbeterd, antwoord en richting hoe de woningbouwopgave, de economischeen voorzieningenopgaven, de verduurzaming, de opgaven voor openbare ruimte en duurzame
Verdichting en vernieuwing als integrale opgave
Elementen die invloed hebben op de leefomgveving van mensen (onderwerpen structuurvisie). De menselijke maat en het perspectief van de bewoners staat daarin centraal Integrale opgave
Ze kunnen betrekking hebben op zaken als wonen, arbeid, werkplekken, veiligheid, duurzaamheid, mobiliteit, sport en bewegen, onderwijs, cultuur, technologie, energietransitie en welzijn. De benadering van de kansenkaart / verdichtingsstrategie is ook integraal. Het doel is niet verdichten, maar verdichting en vernieuwing van de woningvoorraad is een middel om bij te dragen aan opgaven waar Den Haag en Zuidwest voor staan. De mensen centraal Verdichting en vernieuwing draagt bij aan de verbetering van de leefomgeving van de bestaande bewoners. Bij het opstellen van de structuurvisie en plannen in Zuidwest staat het perspectief en de beleving van de mensen in Zuidwest centraal. Uitgangspunt is dat de leefomgeving van de bestaande bewoners beter wordt. Bestaande kwaliteiten koesteren De bestaande kwaliteiten van Zuidwest, zoals het groen, de waardevolle bebouwing, maar ook sociale kwaliteiten, als buurtinitiatieven en sociale structuren, zullen bij de ontwikkeling en planvorming gekoesterd moeten worden en zal er onderzocht moeten worden op welke manier we dat kunnen behouden en versterken. Aansluiten op eerdere herstructering Er is al veel vernieuwd en geherstructureerd de afgelopen 20 jaar.
Bij de vernieuwingsopgave die nu voor ons ligt, is het van belang aan te sluiten bij die eerdere herstructurering, zodat buurten samenhangende eenheden blijven en ontwikkelingen ook echt iets toevoegen voor de buurt en wijk.
1.3 Raakvlakken overige projecten/studies/beleid De kwantitatieve opgave voor de netto toevoeging van 10.000 woningen komt voor uit de ruimtelijke verkenningen Den Haag Zuidwest (RIS 302569). . Het beleid van de Woonvisie uit 2017 (RIS 296833) en de Woonagenda “Haags samen wonen”, die in oktober 2020 door de raad is vastgesteld (RIS305711) is leidend bij het opstellen van de kansenkaart Zuidwest. Het uitgangspunt in de Woonagenda is om netto 10.000 woningen in Den Haag Zuidwest toe te voegen komende 15-20 jaar en 6.500 sociale huurwoningen te vernieuwen (sloop/ nieuwbouw). Vanuit de huidige Woonagenga is bij de verdichtingsopgave het uitgangspunt dat: de sociale woningbouw die gesloopt wordt 100% terug te bouwen en dat van de extra woningen minimaal 30% sociaal is, 20% middeldure huur en streven naar 20% betaalbare koop. Ook zullen er 8.500 woningen verbeterd en gerenoveerd worden. De kansenkaart is tegelijk met een aantal andere onderzoeken voor de structuurvisie Zuidwest opgesteld, het gaat o.a. over de onderstaande onderzoeken: • het opstellen van een ruimtelijk raamwerk waarin verbeteringen in (de structuren van) de openbare ruimte, mobiliteit, buitensport en ontmoeting een plek krijgen; • een onderbouwing voor het benodigde voorzieningenniveau (incl.
wijkeconomie), waarin wordt gekeken naar de benodigde toevoeging (kwantitatief) en de wijze waarop deze voorzieningen het beste kunnen worden ingepast (kwalitatief); • een onderzoek naar de cultuurhistorische waarden in Zuidwest; • een kwaliteitsplan Zuidwest;
• het milieueffectrapport (MER). De kansenkaart is opgesteld in samenhang met deze deelproducten (voor zover al bekend waren). Ook zijn er op wijk- en projectniveau al verschillende trajecten die lopen en bijdragen aan de ambities en opgaven. Deze zijn input voor de structuurvisie, zoals bijvoorbeeld de gebiedsagenda’s Morgenstond en Uithof-Lozerlaan en de gebiedsontwikkeling van de Dreven, Gaarden en Zichten. 1.4 Placemaking en tijdelijkheid Om bij alle ontwikkelingen oog te blijven hebben voor wat de huidige en toekomsitge bewoners willen om hun woonomgeving aantrekkelijk te maken, zonder alleen in de gebouwen te investeren, en om tijdens ‘de verbouwing’ de woonomgeving prettig en veilig te houden is placemaking en tijdelijke initiatieven een goed middel zijn. Placemaking Placemaking is een integrale werkwijze, er wordt samen met alle stakeholders en gebruikers van een plek gewerkt aan de verbetering en optimaal gebruik van de publieke ruimte. Placemaking is een kansrijke manier van investeren: het is kort, goedkoop, gezamenlijk en op korte termijn mogelijk, maar werkt ook op lange termijn door. Placemaking combineert korte termijn actie met lange termijn afspraken. Placemaking richt zich op het fysieke domein, maar in combinatie met de organisatorische en sociale structuren die nodig zijn om succesvolle plekken te maken en te beheren.
Placemaking is inclusief, het nodigt mensen en partijen uit om verantwoordelijkheid te nemen voor de publieke ruimte waarin ze wonen, werken en verblijven.
Placemaking is niet top down, maar volgt de investeringswensen van mensen en partijen die in hun eigen woon-, werk- en leefomgeving willen investeren. Steden en hun gebouwen moeten ook voorzien in sociale behoeftes. Op een prettige manier ontmoeten, ontwikkelen, verblijven en sporten wordt de grote uitdaging in onze stad. Dit vraagt om creatieve en flexibele oplossingen voor de toekomst en tussentijds. Met de placemaking aanpak brengen we partijen in positie om hun eigen woon- en leefomgeving te verbeteren, waarin ze zich thuis voelen, en (informeel) eigenaar van de publieke ruimte die zich gebruiken. We doen dit niet top down maar faciliterend en in partnership. Met placemaking voelen mensen en partijen zich verantwoordelijk om de plek waar ze zelf wonen, werken, verblijven, te verbeteren. Met de placemaking aanpak worden zij in positie gebracht om in actie te komen, door te inspireren , door kennisontwikkeling en door gewoon te doen! Tijdelijkheid Een specifiek onderdeel van placemaking is de programmering van de tijdelijkheid. Door de herstructurering in Zuidwest zullen er in de transitieperiode panden/plinten woningen leegkomen/beschikbaar komen. Het is een kans om jusit in de tussentijd een aantrekkelijk omgeving te creëren waar actief met partners nagedacht hoe we leegstand kunnen voorkomen en de tijdelijkheid juist benutten als kans en inspiratie.
Placemaking en tijdelijkheid zullen in de kansenkaart niet verder uitgewerkt worden, dit
zal projectgewijs samen met de bewoners en gebruikers tot stand worden gebracht. Maar de aanpak is een absolute kans om woon- en leefgebieden in Zuidwest een impuls te geven en bij te dragen een de ambities voor Zuidwest. 1.5 Opbouw van kansenkaart (werkwijze) De kansenkaart lijkt op een strategische puzzel, waar door middel van het stapelen van data-lagen en kaarten bijvoorbeeld zichtbaar wordt waar ingrepen nodig zijn vanuit leefbaarheid, maar ook waar ruimte is om te veranderen, vernieuwen, verdichten en verduurzamen. Als eerste wordt uiteengezet waar, ruimtelijk gezien, kansen zijn om te verdichten. Daarnaast hebben we onderzocht waar vanuit leefbaarheid, verhouding markt- sociaal (gaat om woningen), concentratie kwetsbare bewoners, vernieuwing urgent is. Ook vanuit de duurzaamheidsopgaven is gekeken waar kansen en urgentie van vernieuwing het grootst is. Door verschillende data-lagen de koppelen ontstaan er verbanden en inzichten op welke plekken vernieuwing het meest zal bijdragen aan de opgaven voor Zuidwest en hoe de opgaven slim gekoppeld kunnen worden.
sentijd en tijdelijkheid
Voorbeelden van en inspiratie voor tijdelijke initiatieven en placemaking voor Zuidwest
2. AMBITIES EN OPGAVEN ZUIDWEST Het is de ambitie om Den Haag Zuidwest te transformeren van een kwetsbaar gebied in een aantrekkelijk, vitaal, veerkrachtig en duurzaam Haags woongebied, met meer werkgelegenheid, hogere onderwijsambities, versterking van voorzieningenniveau, betere bereikbaarheid en een divers woningaanbod. De grootste uitdaging in Zuidwest is het verbeteren van de brede welvaart en leefbaarheid. Voor de structuurvisie zijn de onderstaande ambities geformuleerd. In de kansenkaart wordt zoveel mogelijk bijgedragen aan deze ambities, echter sommige ambities zullen vertaald worden in de opgaven van het Voorzieningenprogramma en het Ruimtelijk raamwerk.
in de wijken. Mensen willen zich thuis voelen in hun wijk en zich trots voelen op hun wijk. Zuidwest is in 2040 een gebied met een sterke sociale cohesie, waar alle betrokken partijen de handen ineenslaan om Zuidwest leefbaarder te maken. Bewonersorganisaties, woningcorporaties, politie, zorgmedewerkers, schuldhulpverlening, jeugdzorg, welzijnswerk, bedrijfsleven en scholen hebben veel energie gestoken in het aanpakken van de problemen. Bewoners voelen zich sterk betrokken bij en medeverantwoordelijk voor hun buurtgenoten en hun omgeving. Er zijn locaties waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten, taallessen volgen of leren hoe je je financiën op orde krijgt. Een plek waar iedereen van harte welkom is.
2.1 Een prettig en veilig Zuidwest In 2040 is Zuidwest net zo’n geliefd deel van de stad als de andere wijken van Den Haag, dat op alle fronten scoort op het Haags gemiddelde. De buurten hebben groene, aantrekkelijke en veilige openbare ruimtes, wandel- en fietsroutes, parken en levendige ontmoetingsplekken. Elke buurt heeft z’n eigen karakter, waardoor ingrepen van buurt tot buurt kunnen verschillen, deze zijn wel afgestemd met de bewoners. De openbare ruimte is ‘schoon, heel en veilig’. Bewoners willen graag in de wijken blijven wonen waar ze zijn opgegroeid. Door het toevoegen van de juiste woningen is er plek voor iedereen. Zo willen we de onderwijzer, politieman, verpleger en ondernemer, maar ook alleenstaanden, senioren en gezinnen met opgroeiende kinderen een passende woning kunnen bieden.
Leefbare en aantrekkelijke buurten De opgave is een aantrekkelijke woon- en leefomgeving te vormen voor een gevarieerd samengestelde bevolking.
Mensen voelen zich thuis Naast een aantrekkelijke woon- en leefomgeving voor de gevarieerd samengestelde bevolking is het aanbod van voorzieningen op orde voor iedereen. Het sluit aan op de verschillende culturele behoeften
Hoe zorgen we dat de kracht, diversiteit en capaciteiten van de mensen in de wijk worden onderkend en benut waardoor de achterstand wordt omgebogen naar zicht op een betere toekomst? Het eenzijdige woningaanbod en verhoudingsgewijs grote aantallen sociale woningbouw zet de leefbaarheid onder druk. Het verbeteren van de woningvoorraad door sloop-nieuwbouw en transformatie/renoveren van bestaande woningen zal moeten bijdragen aan een verbetering van de leefomgeving van bestaande bewoners, bewoners die willen doorgroeien naar een andere woning en voor nieuwe bewoners, dus voor een gevarieerd samengestelde bevolking; voor blijvers, stijgers en nieuwkomers. Het doel is om meer woningen te realiseren die gevarieerd, duurzaam, aantrekkelijk, levensloopbestendig en zijn bedoeld voor een gevarieerdere bevolking.
Door de woningvoorraad diverser te maken, kunnen mensen die willen blijven een goede woning vinden, kunnen mensen en gezinnen die doorgroeien en uitbreiden een passende woning vinden. Zuidwest wordt aantrekkelijker voor nieuwe doelgroepen. Zo bouwen we voor blijvers, stijgers en nieuwkomers. De basis van de woningvoorraad moet op orde zijn. De woningen zijn goed onderhouden (door renovatie of door sloop-nieuwbouw). De binnenzijde van woningen zijn gezond en veilig (met rookmelders, zonder vocht- en schimmel, loden leidingen, geisers, etc.). Daarnaast moeten VvE’s actief zijn en sparen voor onderhoud. Het uitgangspunt is om netto 10.000 woningen in Den Haag Zuidwest toe te voegen komende 15-20 jaar en 6.500 sociale huurwoningen te vernieuwen (sloop/nieuwbouw). Vanuit de huidige Woonagenga is bij de verdichtingsopgave het uitgangspunt dat: de sociale woningbouw die gesloopt wordt 100% terug te bouwen en dat van de extra woningen minimaal 30% sociaal is, 20% middeldure huur en streven naar 20% betaalbare koop. Zo kunnen mensen betaalbaar in de vertrouwde wijk blijven wonen en is er ruimte voor doorstroming en nieuwe inwoners. Ook zullen er 8.500 woningen verbeterd en gerenoveerd worden. Langjarige verbetering is voor de gemeente uitgangspunt bij toekomstige renovaties.
Indien dat niet kan met renovatie (met het oog op de betaalbaarheid, duurzaamheidseisen en andere kwaliteitseisen) is sloop-nieuwbouw noodzakelijk Het creëren van een veilige en aantrekkelijke woon- en leefomgeving, die duurzaam, groen, gezond en goed bereikbaar is, is een belangrijke voorwaarde voor het welbevinden van de huidige en toekomstige bewoners. Dat betekent perspectief
bieden voor de huidige bewoners waardoor ze op termijn een betere, duurzamere, beter passende woning kunnen huren of kopen in Zuidwest.
en van goede kwaliteit. Sportparken krijgen een meer openbaar karakter en zijn makkelijk voor de bewoners te bereiken.
autoverkeer terug te dringen en het creëren van autoluwe plekken in de wijk.
Het betekent voor de nieuwe bewoners dat de groene woonomgeving onderscheidend is en dat ze een passende woning en passende voorzieningen in de buurt hebben. Passend in de zin van passend bij hun behoeften.Hierbij hoort ook een fijnmazig netwerk voor ontmoetingsplekken, boodschappen en voorzieningen, zodat er levendige en leefbare wijken ontstaan, waar het groene karakter behouden blijft.
Leren, werken en innoveren In Zuidwest is het op korte afstand beschikbaar hebben van voldoende werk cruciaal. Zuidwest moet veranderen van een wijk nu waar een gemiddeld groter deel van de bevolking inactief is, naar een wijk waarbij dit op het gemiddelde ligt. Door meer bedrijvigheid in de wijken mogelijk te maken, vooral op het gebied van zorg, bouw en maakindustrie, wordt de wijk levendig, de economie zichtbaar en wordt meer werkgelegenheid gecreëerd.
2.3 Zuidwest is een groene stedelijke leefomgeving
Door de realisatie van verschillende woonmilieus ontstaat een bevolking die divers is in leeftijd, inkomen, levensfase en afkomst. De woningen die niet plaatsmaken voor nieuwbouw moeten gerenoveerd en verduurzaamd worden. Daarnaast moeten ze voorzien zijn van alle gemakken van deze tijd. 2.2 Groei en ontwikkeling: inzet op gezondheid, onderwijs, voorzieningen en economie Goed onderwijs In 2040 moet Zuidwest uitgroeien tot een plek bewoners zich goed kunnen ontwikkelen. Dat gebeurt met een afwisselend aanbod van onderwijs op alle niveaus in de wijken. Het onderwijs is veilig en aantrekkelijk voor leerlingen in Zuidwest. Dat begint al op de peuterschool en basisschool, waar kinderen voldoende aandacht en professionele begeleiding krijgen. Ook is er ruimte voor buitenschoolse activiteiten om de kinderen na schooltijd op te vangen. Voorzieningen op maat en toegankelijk In 2040 zijn de voorzieningen in Zuidwest, zoals onderwijs, zorg, maatschappelijke organisaties, winkelcentra, sport en spel, goed toegankelijk
Langs de lijn van het gedachtengoed van ‘werken, leren en innoveren’ wordt richting gegeven aan de groei van de economie in Zuidwest. Dit gaat niet alleen over de groei voor de economie, maar voor de gehele wijk en de mensen die daar wonen. Werken, leren en innoveren staat voor het samenbrengen van partijen zoals kennisinstellingen, bedrijfsleven en bevolking/werknemers om zo de jeugd te inspireren en begeleiden in het opgroeien naar zelfstandigheid, de groei en innovatie bij bedrijven te stimuleren, te zorgen voor leven lang ontwikkelingsmogelijkheden en om zo maatschappelijke opgaven met direct impact in Zuidwest op te lossen en kansen te creëren voor iedereen. Gezonde leefomgeving De leefomgeving moet zoveel mogelijk bijdragen aan een gezonde leefstijl van de mensen die er wonen en werken. Door voldoende ruimte voor sport, spel en bewegen in de openbare ruimte, door plekken te creëren waar mensen elkaar kunnen ontmoeten, door de openbare ruimte zo groen en klimaatadaptief mogelijk in te richten, door sociaal veilige buurten te maken en door de wijken milieutechnisch zo gezond mogelijk te maken, door bijvoorbeeld snelheid van
De groene stedelijke woonmilieus van Zuidwest groeien door naar een duurzame, toekomstbestendige en gezonde leefomgeving. In de openbare ruimte is het prettig om te verblijven: men voelt zich er veilig en de openbare ruimte sluit goed aan bij de behoeften van bewoners, ondernemers en gebruikers. En ook bij nieuwbouw en vernieuwing van de wijken blijft het groene karakter behouden en wordt het waar mogelijk versterkt. Innovatieve technieken worden toegepast om wateroverlast of hittestress in stedelijke gebieden te voorkomen, zodat Zuidwest in 2040 uitgroeit tot een duurzame, toekomstbestendige en gezonde leefomgeving. Karakter van de buurten koesteren In Zuidwest is op veel plekken de tijdgeest uit de jaren ‘50 waarin het gebied is gebouwd, nog duidelijk voelbaar. Bewoners waarderen deze karakteristieke gebouwen en de groene uitstraling van het gebied. Er dient bij de ontwikkeling van buurten rekening te worden gehouden met cultuurhistorische waarden van de buurten. Door in de wijken meer interessante bestemmingen te ontwikkelen voor mensen uit de wijken en ook van buiten het gebied, kan het imago van Zuidwest versterkt worden. Groene kwaliteit behouden De groene leefomgeving is het “unique selling point” van Zuidwest. Belangrijk is dat de buurten in Zuidwest hun groene karakter behouden:
1. de hoeveelheid groen in de openbare ruimte neemt niet af 2. de verblijfskwaliteit van het groen en de openbare ruimte wordt verbeterd.
daarbuiten. We stimuleren het gebruik van de fiets, niet alleen binnen Zuidwest maar ook met routes naar gebieden op enige afstand, zoals het Westland, Rijswijk/Delft, het centrum van Den Haag en de kust.
De opgave is de grote groenstructuren en ecologische verbindingen te versterken en robuuster te maken.
Verduurzamen Een toename van het aantal inwoners en gebruikers in Zuidwest moet gepaard gaan met de inrichting van een duurzame en een gezonde leefomgeving om bestand te zijn tegen toenemende neerslag, droogte en hittestress. De bestaande groen-blauwe structuur in Zuidwest moet aangepast worden om ook in de toekomst klimaatbestendig te blijven. De woningvoorraad en leefomgeving in Zuidwest moet voldoen aan duurzaamheidsbeleid wat Den Haag voorstaat.
Kwaliteit openbare ruimte versterken De openbare ruimte moet gezonder en aantrekkelijker worden om te verblijven, te sporten en te bewegen. Kortom: aantrekkelijker voor de voetganger en de fietser. Dit betekent ook dat verbindingen voor langzaam verkeer tussen wijken en grote groenstructuren verbeterd moeten worden. De winkelcentra, buurtparken en pleinen moeten verbonden worden met aantrekkelijke informele routes. De openbare ruimte rondom woningen moet toegankelijker worden en zodanig zijn dat bewoners meer betrokkenheid voelen om het netjes te houden. De collectieve binnentuinen moeten logischer aansluiten op de woningen en moeten weer aantrekkelijk en toegankelijk worden voor de bewoners rondom de collectieve binnentuin. De gebouwen en buitenruimte dienen zoveel mogelijk natuurinclusief te worden ingericht (gezonde leefomgeving voor mens, dier en plant) Bereikbaarheid en duurzame mobiliteit Zuidwest wordt een wijk waar bereikbaarheid en duurzame mobiliteit centraal staan. We stimuleren op termijn de overgang naar schone, ruimteefficiënte en veilige mobiliteit. Met goed bereikbaar openbaar vervoer naar de regio, Randstad en
Energietransitie Daarnaast is het gebied in 2040 voorzien van schone energie door aan te sluiten op verschillende duurzame energiebronnen. Hiermee draagt Zuidwest ook bij aan de stedelijke klimaatdoelen. Voor Zuidwest is onderzocht welk duurzaam warmtesysteem voor de bestaande bouw voor de hand liggend is. Door de hoge bebouwingsdichtheid, de aanwezigheid van geothermiebronnen, de aanwezigheid van een bestaand warmtenet is voor de bestaande bouw een collectief warmtenet op midden temperatuur (70gr) voor de voorkeursoplossing.Veel van de bestaande woningen zijn momenteel nog niet geschikt om te verwarmen op 70 gr. Dit betekent dat deze woningen mogelijk extra moeten worden geïsoleerd en dat het verwarmingssysteem moet worden aangepast op de nieuwe temperatuur. De nieuwbouw en grootschalige renovatie wordt in Zuidwest (aard)gasloos gerealiseerd. Nieuwe woningen zijn goed geïsoleerd waardoor deze met een lage temperatuur verwarmd kunnen worden.
Uitgangspunt voor nieuw te bouwen woningen is deze te koppelen aan een (collectief) lage temperatuur systeem. Hierbij wordt optimaal gebruik gemaakt van de aanwezigheid van lokale bronnen als bodemenergie (WKO) en aquathermie. Mogelijk aangevuld met warmte uit de retourleiding van het geothermienet (cascadering). In de eindsituatie wordt Zuidwest verwarmd door meerdere duurzame warmtebronnen. Momenteel zijn er al duurzame bronnen aanwezig of in ontwikkeling, zoals geothermiecentrale bij de Leyweg en de aansluiting op de restwarmteleiding (WarmtelinQ) Deze bronnen worden gekoppeld aan de warmtenetten. Bij het ontwikkelen en kiezen van nieuwe bronnen geven we voorrang aan lokale en duurzame bronnen. Circulaire economie De circulaire economie biedt kansen voor Zuidwest. Circulaire economie betekent dat alle materialen en grondstoffen behouden blijven in zogenaamde kringlopen of cirkels. Er moet ruimte gecreëerd worden voor plekken waar grondstoffen gebracht, gesorteerd en weer verkocht kunnen worden. Of er worden nieuwe producten van gemaakt. Ook in bouwontwikkelingen moeten processen zoveel mogelijk ciruclair worden. Bij het ontwerp van gebouwen en de openbare ruimte passen we hergebruik van materialen toe. De grondstoffen die vrijkomen bij het slopen van een woning gebruiken we weer voor het bouwen van een nieuwe. Het realiseren van duurzame oplossingen (o.a.
afvalscheiding, hergebruik van materialen en circulaire sloop) wordt gestimuleerd.
Rand van het Zuiderpark, langs de Loevesteinlaan
3. DEMOGRAFISCHE ONTWIKKELINGEN EN TRENDS Bevolkingsgroei Er is komende jaren voldoende bevolkingsgroei in Den Haag en in Zuidwest en deze groei houdt aan tot 2035. Dit volgt uit de RIGO rapportage “Woningmarktverkenning Den Haag Zuidwest, ingrediënten voor een investeringsstrategie” opgesteld door het RIGO op 16 maart 2020. De kwantitatieve nieuwbouwopgave van 10.000 woningen kan in Zuidwest geaccommodeerd worden. Er is tevens groei in behoefte aan alle woningtypes en prijsklassen, in absolute zin het minst in de vrije sector huur.
trend wordt versterkt voortgezet in de toekomst. De plus bovenop het saldo dat we nu waarnemen zit in buitenlandse migratie alsmede studenten en scholieren. Het zijn jonge mensen die zich vestigen. Een deel zal weer vertrekken, maar alles bij elkaar wordt er forse groei verwacht, meer nog dan de afgelopen tien jaar. Dit uiteraard onder voorwaarde dat er voldoende wordt gebouwd om de groeipotentie te benutten. Alles bij elkaar kan het gaan om 50.000 extra huishoudens in ongeveer 48.000 extra woningen in de periode 2018-2035 in Den Haag.
oud en jong). De woningen, de woonomgeving en de voorzieningen moeten toegerust zijn op toegankelijkheid (voor o.a. rolstoel/rollator en kinderwagens) en laagdrempeligheid, zodat mensen kunnen meedoen en er ruimte is voor ontmoeten en bewegen. De plattegronden van nieuwbouwwoningen worden zodanig ontworpen dat de woningen op het moment dat dit gewenst is levensloopbestendig kunnen worden gemaakt. Daarbij is voor ouderen de ligging van de woningen in de nabijheid van voorzieningen wenselijk.
Een van de conclusies uit het rapport is dat er een trendbreuk gerealiseerd kan worden in Zuidwest. Het nieuwbouwaanbod kan daarom op meerdere manieren ingevuld worden. Hierbij is het beleid van de Woonagenda “Haags samen wonen”, die in oktober 2020 door de raad is vastgesteld (RIS305711) leidend. Het uitgangspunt in de Woonagenda is om netto 10.000 woningen in Den Haag Zuidwest toe te voegen in de komende 15-20 jaar (van de extra woningen minimaal 30% sociaal is, 20% middeldure huur en streven naar 20% betaalbare koop) en sociale huurwoningen te vernieuwen (sloop/nieuwbouw). Daarbij is het de kunst om bij sloop-nieuwbouwplannen de bestaande sociale netwerken te behouden, zodat de bewoners, die dat willen, in de nieuwe situatie ook met elkaar in de buurt kunnen samen leven.
Trends en ontwikkelingen Er zijn een aantal ontwikkelingen en trends die een rol spelen bij de toekomstige ontwikkelingen voor de verdichting en de voorzieningen in Zuidwest. dat gaat o.a. over placemaking, tussentijdse programmering en bijzondere woonvormen (de eindgebruiker centraal) en studenten(huisvesting).
De diversiteit van de bevolkingssamenstelling zal naar verwachting alleen maar toenemen. Om meer sociale cohesie te creëren wordt voorgesteld om juist in de voorzieningen daarop in te spelen door op buurtniveau meer samenhang aan te brengen, zoals op scholen, sportverenigingen, spelen in de buurt, bibliotheken, winkels, horeca. Ook kan het helpen de interculturele competenties in de publieke sectoren te versterken (onderwijs en zorg). Dit wordt onderbouwd in het rapport over de migratiesamenleving Samenleven in verscheidenheid (2020, WRR).
Bevolkingsprognose en behoefteraming Den Haag groeit en blijft groeien. De trend van de afgelopen jaren is dat gezinnen met kinderen per saldo Den Haag verlaten en dat er per saldo een toename is van de groep mensen tussen de twintig en de dertig jaar die in Den Haag huishoudens en daar ook kinderen krijgen. Deze
Inwoners In Den Haag Zuidwest willen wij komende jaren de volgende drie bewonersdoelgroepen accommoderen; de blijvers, de stijgers en de nieuwkomers. Uit de RIGO rapportage blijkt dat de groene kwaliteit van Den Haag Zuidwest een element is waar toekomstige bewoners door worden aangetrokken. De uitdaging voor de verdichtingsopgave ligt erin om een nieuw groen woonmilieu te creëren, want dat is een kwaliteit die het wonen in Zuidwest aantrekkelijk maakt voor de huidige en de toekomstige bewoners. De buurten zullen onderling van karakter en dichtheid verschillen. Er is een toename van gezinnen en 1 persoonshuishoudens (zowel
Er wonen kwetsbare personen in Zuidwest en ook in de toekomst zullen er kwetsbare personen komen te wonen. Het beleid van Den Haag is om kwetsbare bewoners te spreiden over de stad en waar mogelijk ook in buurten en complexen. De corporaties spelen een grote rol bij de woningtoewijzing; zij kennen hun bezit en bewoners en weten waar huisvesting passend is. Door woningschaarste en een toename van kwetsbare doelgroepen wordt het spreiden van kwetsbare personen steeds ingewikkelder en vraagt om maatwerk. Om kwetsbare personen zich thuis te laten voelen worden er laagdrempelige voorzieningen en netwerken op buurtniveau georganiseerd.
De opgave voor partners (gemeente, corporatie en bouwer) voor de blijvers en de stijgers is naast het vinden van een passende woning (inkomen en gezinssamenstelling) en de terugkeergarantie ook het leveren van een extra inspanning om de sociale netwerken, waar mogelijk, ook bij elkaar te houden. Met andere woorden meer inspanning leveren om mensen bij elkaar in de buurt of nabij de moestuin, een school of ander netwerk te huisvesten. Nieuwkomers Voor wie is Zuidwest Den Haag eigenlijk aantrekkelijk? Wat zijn (concurrerende) buurten met een vergelijkbaar profiel? Een indicatie hiervan kan worden verkregen uit het feitelijke verhuisgedrag van mensen in hun mobiele levensfase. Bij ontwikkeling van nieuwe woonmilieus en het inspelen op mensen die bereid zijn te verhuizen, is vooral de doelgroep van jonge huishoudens (twintigers en begin-dertigers) van belang. Twintigers zijn nog betrekkelijk flexibel in hun verhuisgedrag en geneigd tot compromissen. De stappen van begin-dertigers zijn meer gericht op settelen. Wie eind dertig eenmaal ergens woont, verhuist meestal niet meer. Buurten die in trek zijn bij twintigers zijn dat niet altijd voor dertigers. Sommige buurten hebben een uitgesproken aantrekkingskracht op een bepaalde leeftijdsklassen, andere zijn in alle levensfasen even (on)aantrekkelijk.
In de nu volgende analyse wordt gekeken naar leeftijdsspecifieke aantrekkingskracht van buurten in de afgelopen tien jaar. • Twintigers: wijken Moerwijk-Oost en Morgenstond-Oost meest in trek • Rond de dertig: wijken Moerwijk-Oost en Morgenstond West • Dertigers: wijken Morgenstond-West, Moerwijk-Oost, Dreven en Gaarden
De verhuisdynamiek in de stad wordt gedomineerd door twintigers en begin dertigers. Wie op zijn veertigste nog in de stad woont, vertrekt meestal niet meer. Wie na zijn dertigste binnen Den Haag verhuist, doet dat meestal om te settelen. Zo beschouwd vormen twintigers en dertigers de sleutels in een eventuele transformatie. Binnen Den Haag zijn onder andere startersbuurten, doorstroombuurten en settlersbuurten te onderscheiden, elk met een leeftijdsspecifieke aantrekkingskracht. Zo is het Zeelheldenkwartier de starterswijk. Maar het is maar de vraag hoe reëel het is om delen van Zuidwest (MorgenstondWest bijvoorbeeld) daaraan te spiegelen. In Zuidwest zijn er buurten die op alle drie (starten, doorstromen, settelen) de profielen goed scoren maar nu nog vooral als doorstroomwijken functioneren. Het aantrekken van starters van buiten Zuidwest en het behouden van starters in Zuidwest zal gerealiseerd worden in verschillende tijdstermijnen. Immers op dit moment zijn starters van buiten Zuidwest nog minder geïnteresseerd in Zuidwest en bekend met Zuidwest en de toekomstige potentie van Zuidwest. De transformatie op korte termijn moet het hebben van de huidige doorstromers, die als starters een wooncarrière maken in hun eigen wijk en waarvan hun roots liggen in de wijk. Zij kennen de wijk en weten waar ze voor kiezen en met welk perspectief. Maar er zijn kansen.
Op de langere termijn lijken vooral de delen van Zuidwest die geografisch het dichts tegen het centrum aanliggen (Morgenstond West, Moerwijk) het meest kansrijk om te ‘verstedelijken’, in de zin dat de nu reeds enigszins zichtbare aantrekkingskracht op huishoudens
rond de dertig kan worden versterkt. Hiervoor is een zichzelf versterkend proces nodig. Indien een kritische massa ‘stedelingen’ kan worden aangetrokken/ vastgehouden, al is het maar voor het nog niet-gesettelde deel van hun leven, ontstaat vanzelf draagvlak voor typisch stedelijke voorzieningen (horeca, cultuur, fitness, deelauto’s, gespecialiseerde supermarkten, et cetera), wat deze buurten weer aantrekkelijker maakt voor jonge stedelingen. In de verder van het centrum gelegen delen van Zuidwest is de kans op een dergelijke transformatie kleiner, behalve wellicht in de vorm van ‘enclaves’ waar wel die kritische massa kan worden gecreëerd. Denk bij een kritische massa aan een niet eens zo heel grote toename jongere alleenstaande huishoudens waaronder westerse expats. Het gaat dan om een paar 100 huishoudens extra (en op termijn niet meer dan 500 extra) voor wie in de bestaande woningvoorraad een aantrekkelijk concept moet worden gevonden. Voor het overige maakt een vorm van suburbaan wonen, gericht op gesettelde huishoudens (‘urban villagers’), in Bouwlust en Vrederust meer kans. Dit kan gaan wringen met extreme vormen van verdichting ten koste van groen en gratis parkeren. Dus dat betekent dat de wijken in Zuidwest uit elkaar gaan groeien.
Naast de kwantitatieve behoefte en de doelstelling om de woningnood te verminderen door te verdichten in Zuidwest is er ook behoefte om de kwaliteit van de woningen en de woonomgeving te verduurzamen, te verbeteren en diverse woonmilieus te creëren.
4. RUIMTELIJKE PRINCIPES VOOR VERDICHTING 4.1 Verdichtingsprincipes Zuidwest kent een ruime opzet, een orthogonale gridstructuur met ruime en groene lange lijnen en dwarsverbindingen. Die lange lijnen sluiten aan op de lange lijnen in Den Haag parallel aan de kust. De groenstructuren in Zuidwest, zoals de parken en singelstructuren, bepalen voor een groot deel ruimtelijke karakteristiek vande wijk. De verdichting gaat niet ten koste van de grote groengebieden, sportterreinen en ecologische verbindingen. Deze gebieden worden beter met elkaar verbonden, en met meer diversiteit en kwaliteit ingericht als natuurinclusieve verblijfs- en ontmoetingsplekken. Langs de ruime lanen (de lange lijnen en de dwarsverbindingen) en de grote groenstructuren is op veel plekken wel ruimte om te verdichten. Hier zijn de maat en schaal van straten en parken ruim van opzet en is er ruimte om hoogte-accenten en extra bouwmassa toe te voegen.
Verdichting waar het kan waar kan Verdichten
Ook in de buurten kan er passend en aansluitend op de bestaande structuur van die buurten verdicht en vernieuwd worden. Daarmee verdichten we waar het kan, en vernieuwen en sluiten we aan bij de maat en schaal van de buurt, waar dat nodig is. Rondom voorzieningenclusters (de wijkwinkelcentra) en de belangrijkste OV knopen (Station Moerwijk en bij de Leyweg) is verdichten extra kansrijk. De verdichting rond deze knopen versterken de voorzieningenclusters. Er onstaan meer dynamische stedelijke buurten, met een hogere mix van wonen, werken en verschillen in woontypes. Behoud van de openbare groenstructuren
Vernieuwen waar het moet, moet aansluiten bij de Vernieuwen waar maat en schaal van de buurt
Versterken van voorzieningenclusters Versterken van voorzieningenclusters
Verdichtingsprincipe 1: Langs de lange lijnen
Verdichtingsprincipe 2: Langs de dwarsverbindingen
Langs de lange lijnen is ruimte voor verdichting. Deze wegen zijn breed van opzet met veel groen en bomenrijen. Langs de lange lijnen lopen ook de belangrijke OV verbindingen De bebouwing vormt de rand van de buurten.
De dwarsverbindingen staan haaks op de lange lijnen en verschillen van karakter, soms haken ze aan op de wegen in de omgeving, maar andere lopen door op Erasmusweg of bedrijventerrein ZKD. Langs de dwarsverbindingen zijn vaak voorzieningen gesitueerd en deze lanen zijn breed opgezet. Daarom is ook hier ruimte voor verdichting.
Verdichtingsprincipe 3: Langs de randen van groenstructuren
Verdichtingsprincipe 4: Rondom voorzieningencentra en OV knopen
De groene gebieden zoals het assenkruis, de Uithof en het Zuiderpark zorgen voor lucht en ruimte in Zuidwest. De maat en schaal van het groen laat ruimte toe om de hoogte in te gaan. De randen langs de groengebieden zijn wel verschillend van aard en de verdichtingsmogelijkheden zullen dan ook verschillen per parkrand.
Rondom wijkcentra zijn clusters van voorzieningen te vinden. Deze clusters zijn goed ontsloten met het OV. Rondom deze clusters is verdichting kansrijk. De verdichting kan daarmee ook bijdragen aan het versterken van het voorzieningenaanbod. Ook rondom belangrijke OV knopen, zoals station Moerwijk kan verdicht worden.
M
IJK
M
ND
O ST EN RG O
RW OE
ST LU UST UW ER BO ED VR
De verdichtingsprincipes borduren voort op de stedenbouwkundige structuur van het raamwerk dat Dudok ooit voor Zuidwest ontworpen heeft. De verdichting zal niet op alle plekken hetzelfde zijn. Aansluiting op de maat en schaal van de wijken en buurten is belangrijk. De wijken Moerwijk, Morgenstond en Bouwlust Vrederust verschillen van opzet en bebouwingstypologie. De periodes waarin ze gebouwd zijn, zijn afleesbaar in de opzet van de buurten. Vernieuwing en verdichtingskansen zullen daarom ook per wijk verschillen. Als we kijken wat er in de zones aan bebouwing staat (oorspronkelijke bebouwing en wat er in de eerdere herstructuereing is toegevoegd) en welke plannen er lopen, dan is te zien dat de plannen en ontwikkelingen zich op een logische wijze voegen in deze principes. (Zie matrix verdichtingsprincipes). De verdichtingsprincipes vormen dus niet een geheel nieuw plan voor Zuidwest, maar laat zien waar verdichten kan, maar dat er ook veel gebieden zijn, waar aangesloten wordt bij de maat en schaal van de buurt. In die buurten moeten we juist inzetten op vernieuwing en renovatie van de bebouwing. De verdichtingsprincipes vormen de basis voor het opstellen van de kansenkaart. In de volgende hoofdstukken wordt inzichtelijk waar daadwerkelijk de ruimte zit voor verdichting, door afpellen van data- en kaartlagen en door het maken van de koppeling aan kansen en opgaven die er zijn.
Wijken verschillen in opbouw en karakteristieken Moerwijk, Morgenstond en Bouwlust/Vrederust verschillen van opbouw en karakter. De periodes waarin ze gebouwd zijn, zijn afleesbaar in de opzet van de buurten. Vernieuwen en verdichten in de buurten moet aansluiten bij de maat en schaal van de buurt. Verdichting doen we waar het kan en past.
lange lijnen
dwarsverbindingen
voorzieningen
groen
woonvelden
MOERWIJK
MORGENSTOND
BOUWLUST/VREDERUST
MATRIX VERDICHTING
Matrix verdichtingsprincipes
september 2021
verdichten waar het kan
4.2 Wat zeggen de bewoners? Tijdens de participatieavonden in september, oktober en november 2021 is er met de bewoners gesproken over de ambities, opgaven en voornemens voor het verdichten en vernieuwen van Zuidwest. In de drie wijken zijn er 3 bijeenkomsten geweest, per bijeenkomst waren er gemiddeld 50-60 bewoners aanwezig. De betrokkenheid was hoog, maar er waren zorgen, o.a. over de verdichting en of dat niet nog meer druk op Zuidwest en haar bewoners legt of dat niet ten koste gaat van het groene karakter. Met de uitleg van de verdichtingsprincipes en dat verdichting juist ook kansen biedt voor huidige bewoners, werden een aantal zorgen al weggenomen. De bewoners hebben aangegeven welke verdichtingszones kansrijk waren en welke niet. Men was het op grote lijnen eens met de voorgestelde principes, er kwamen een aantal aanvullingen en een aantal voorstellen kwamen niet overeen met de uitgangspunten van de gemeente (bijvoorbeeld voorstellen van bewoners over het bouwen in het groen). Ook hebben de bewoners aangegeven wat zij belangrijke aandachtspunten en kenmerken vinden van de toekomstige bebouwing. Ze gaven aan de historie belangrijk te vinden, de groene binnentuinen, kleinschalige bebouwing, afwisseling en herkenbaarheid van bebouwing. Ook waren er goede aandachtspunten zoals windhinder en dat er goede plinten moeten komen.
Er waren ook zorgen over het programma, zijn het niet teveel woningen vroegen bewoners zich af en blijft het wel betaalbaar? Ook gaf men aan zorgen te hebben over een concentratie van kwetsbare bewoners, kan Zuidwest dat wel aan?
vernieuwen waar het moet
versterken van voorzieningencentra
INPUT BEWONERS OVER BEBOUWING opmerkingen
verwerking in struc
collages
onder Structuu DHZ
iconische gebouwen
CULTUURHI WAARDEB
let op windhinder groene binnenterreinen kleinschalige bebouwing goede plinten historie is belangrijk ruimte voor ontmoeten; geen anonieme bebouwing
onderdeel S DH
BEELDKWALIT
renovatie niet altijd de beste oplossing
INPUT BEWONERS OVER WOONPROGRAMMA
betaalbaar
geen anonieme hoogbouw
jongeren
voor iedereen
WOONPROGRAMMA
ruimte voor ontmoeten
meepraten en zeggenschap
zorgen over het aantal woningen
sociaal teveel kwetsbare bewoners
Structuurvisie Den Haag Zuidwest participatieavonden 9, 10 en 11 november 2
5. RUIMTE VOOR VERDICHTING 5.1 Welke gebieden behouden en versterken? Een van de belangrijke uitgangspunten bij de ontwikkeling van Zuidwest is dat we de bestaande kwaliteiten koesteren, zoals het groene karakter en waardevolle bebouwing en structuren. De eerste is vraag is dan ook wat er behouden moet blijven en niet verdicht moet worden.
Behoud van groenstructuren, parken, singelstructuren en wijk- en buurtparken Het behoud van de bestaande groenstructuren is een van de belangrijke uitgangspunten. Verdichting zal daarom niet ten koste gaan van de hoofdgroenstructuren. Daarmee dragen we bij aan het robuuster maken van groenstructuren en ecologische verbindingen.
Ook is het uitgangspunt aan de sluiten bij eerdere vernieuwing. De gebieden die bij eerdere herstructurering al zijn vernieuwd en gebouwd, zullen naar alle waarschijnlijkheid de komende 20 jaar nog niet worden aangepakt.
Wijkpark Florence Nightingale
Ockenburgh
worden. Het groen in en rondom Zuidwest bepaald voor grote mate de leefkwaliteit van Zuidwest, het stimuleert ontmoeten, bewegen, sport en spel. De uitgangpunten, opgaven en ontwerpprincipes voor de openbare ruimte zijn vastgelegd in het Ruimtelijk Raamwerk Zuidwest.
Ook het groen in de wijken, de singels en de buurtparken, zullen behouden blijven en versterkt
Zuiderpark
Wijkpark Bokkefort
Madestein
Park Overvoorde
De Uithof
Erasmusveld
Ruimtelijk raamwerk - visie het groen en ecologie in het raamwerk van Zuidwest: behoud en versterken van de grote groenstructuren (Uithof, groene assenkruis en Zuiderpark), de singelstructuren en buurtparken “Van Zee tot Zweth”
0
250
500
1000m
Eerdere vernieuwing en herstructurering
Eerdere vernieuwing en herstructurering In gebieden waar de afgelopen 20 jaar al vernieuwd en geherstructureerd is, ligt het niet voor de hand om daar wederom een grootschalige vernieuwing uit te voeren. De gebieden die 20-30 jaar geleden zijn gebouwd komen op korte termijn waarschijnlijk niet in aanmerking voor grootschalige vernieuwing en verdichting, maar kunnen mogelijk wel over 15-20 kansrijke gebieden worden (gearceerde gebieden).
Onlangs gerenoveerd
Onlangs gerenoveerd De renovaties die de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden of momenteel worden uitgevoerd zullen waarschijnlijk tot 2040 niet in aanmerking komen voor vernieuwing of sloop/nieubouw en verdichting. Er is wel onderscheid in het niveau van renovatie. In sommige woningen is fors geinvesteerd (isolatie, wooncomfort, verduurzaming), die zijn klaar om van het gas af te gaan, andere woningen zijn geisoleerd en qua wooncomfort verbeterd, maar nog niet vragen
om nog een extra impuls om gasloos te worden Sommige woning hebben groot onderhoud gehad, maar op een minimaal niveau. Die laatste categorie gerenoveerde kunnen wellicht over 10-15 jaar kansrijk zijn voor vernieuwing of sloop/ nieubouw en verdichting.
Overzicht van plekken waar verdichting niet wenselijk is (groen) of waar het op korte termijn niet voor de hand ligt (reeds vernieuwd of gerenoveerd)
PROJECTEN MOERWIJK
5.2 Lopende projecten Op veel plekken zijn de afgelopen jaren, vooruitlopend op de visie, verdichting- en vernieuwingsplannen ontwikkeld. Bij elkaar opgeteld gaat het om een behoorlijke verdichting aan woningen.Sommige projecten zijn al juridisch planologisch vastgelegd in een bestemmingsplan of middels een omgevingsvergunning (harde planvoorraad), andere projecten is de planologische procedure nog niet (geheel) doorlopen, maar liggen al wel samenwerkingsovereenkomstenen afspraken.En als laatste zijn er lopende projecten (zachte planvoorraad). Alle projecten passen binnen de verdichtingsprincipes. Zichten
Harde planvoorraad (omgevingsvergunning of vastgesteld bestemmingsplan) 01. Levels Assumburgweg 492 02. Parelmoerwijk Ulenpasstraat e.o. 20 03. Betje Wolffstraat 32 04. Schaloenstraat 370 totaal 914
Harde planvoorraad (overeenkomst of GREX) 05. Twickelstraat 40 totaal 40 PROJECTEN MORGENSTOND Zachte planvoorraad (lopende projecten) 06. Steenwijklaan 07. Florence Loevesteinlaan 08. Kop Leyweg 09. MeLeCo HaagWonen 10. Denekampstraat HaagWonen 11. Keu’s Genoeg Genemuidenstraat totaal
45 442 250 250 400 32 1419
PROJECTEN BOUWLUST VREDERUST Harde planvoorraad (omgevingsvergunning of vastgesteld bestemmingsplan) 12. De Stede 90 totaal 90 Harde planvoorraad (overeenkomst of GREX) 13. Dreven fase 1 891 14. Gaarden fase 1 586 15. Zichten fase 1 649 16. Lozerhof 256 totaal 2382 Zachte planvoorraad (lopende projecten) 13. Dreven fase 2 720 15. Zichten fase 2 650 17. Venen 657 totaal 2027
Schaloenstraat
Levels - Assumburgweg
PROJECTEN TOTAAL* 6872 *Aantallen woningen = saldo (toevoeging aantal woningen) Daarnaast is er ook vernieuwing door sloop-nieuwbouw en renovatie
5.3 Waar zit ruimte en kansen voor verdichting en vernieuwing? De kansen voor verdichting en vernieuwing zijn op verschillende manieren te definiëren. Het kan gaan over eigendomsverhoudingen, of waar initiatiefnemers te kennen hebben gegeven te willen investeren, of waar corporaties in de toekomst kunnen investeren, of waar vanuit duurzaamheid de grootste kansen liggen om die vernieuwing te realiseren. Gemeentelijk eigendom Daar waar de gemeente eigenaar is van de grond, kan de gemeente makkelijker regie voeren over deze grond en kan dit bezit strategisch ingezet worden voor vernieuwing en verdichting, of bijvoorbeeld voor het toevoegen van voorzieningen. Corporaties De corporaties bezitten in Zuidwest bijna 70% van de woningvoorraad. Gemeente en corporaties werken op verschillende vlakken samen, ze maken afspraken over prestaties (hoeveel woningen ze gaan bouwen), over verduurzamen van de woningvoorraad, maar ook over de gezamenlijke aanpak van buurten. De corporaties zijn belangrijke partners bij de ontwikkeling van Zuidwest de komende 20 jaar. Zij kunnen hun investeringskracht in overleg met de gemeente zo inzetten dat zij bijdragen aan de doelen en ambities die we gezamenlijk geformuleerd hebben, waaronder het verdichten en vernieuwen van hun woningvoorraad.
Privaat of gespikkeld bezit Daar waar de woningen privaat bezit zijn, is het een stuk lastiger om op grotere schaal te vernieuwen. Echter zijn in deze gebieden ook de nodige opgaven, zoals verduurzamen van woningvoorraad of het verbeteren van de leefbaarheid. Impuls in deze gebieden moet op andere manieren in gang worden gezet, bijvoorbeeld impulsgelden vanuit het Rijk voor verduurzamen of initiatieven in de wijk om de sociale cohesie en leefbaaheid te verssterken. Op een aantal plekken in Zuidwest is er sprake van gespikkeld bezit, dat betekent gedeeltelijk corporatie bezit en gedeeltelijk privaat bezit. Dit is vaak ontstaan, omdat corporaties woningen verkocht hebben en dan samen met die eigenaren een VVE vormen. Het aandeel van de corporaties in deze VVE’s verschilt, maar de opgaven in dit soort complexen zijn vaak van eenzelfde aard als het vastgoed in corporatiebezit. Het vernieuwen en verduurzamen van deze VVE is een belangrijke opgave en kans om in die buurten een verbeterslag te maken. In overleg met VVE’s zou ook verdichting op een aantal locaties wellicht mogelijk zijn. Particuliere initiatieven Op een aantal plekken zijn particuliere initiatiefnemers bezig met verkenningen om hun vastgoed te transformeren, verdichten of vernieuwen. Deze worden op opgenomen in de kansrijke zones.
Corporatiebezit, privaat bezit, gespikkeld bezit (gedeeltelijk corporatie, gedeeltelijk privaat)
Eigendomskaart + Gemeentelijk eigendom in kansrijke gebieden
Corporatiebezit
Gespikkeld bezit (gedeeltelijk corporatie, gedeeltelijk privaat)
5.4 Kansrijke zones De kansrijke zones zijn de potentieel te ontwikkelen gebieden op basis strategisch eigendom en bezit van gemeente en corporataties en gebieden die een extra impuls nodig hebben. Het bestaat uit de volgende soorten zones/ gebieden: •
• •
•
Lopende projecten: gebieden waar initiatiefnemers (vaak corporaties) plannen hebben. Dit zijn lopende projecten, die zich in verschillende fases van het planproces bevinden: van zachte planvoorraad (verkenningen en lopende projecten) tot harde planvoorraad (overeenkomsten, omgevingsvergunning of vastgesteld bestemmingsplan). Corporatiebezit waar niet onlangs is gerenoveerd of waar corporaties op korte termijn geen renovatieplannen hebben. Gebieden waar sprake is een combinatie van marktwoningen en corporatiebezit (gespikkeld bezit). Hier zijn de opgaven en kansen vergelijkbaar met die van het corporatiebezit, maar hier is een samenwerking met een VVE’s voor nodig om het gebied te ontwikkelen en vernieuwen. Gebieden die geheel in het bezit zijn particulieren, maar die gezien de impact en de opgaven een impuls nodig hebben (Leyweg en Van Baerlestraat).
Kansrijke zones voor verdichting en vernieuwing
5.4 Afwegingsthema’s Om te bepalen in welke gebieden in Zuidwest de vernieuwing en verdichting het meest passend en urgent is, is voor verschillende thema’s onderzocht welke opgaven er zijn, op basis van data-analyse en onderzoeken. Deze thema’s zijn, naast de ruimte afwegingen, medebepalend waar de verdichting een plek kan krijgen. 5.4.1 Cultuurhistorie In opdracht van de gemeente heeft Crimson een cultuurhistorische verkenning Zuidwest opgesteld, met daarin een cultuurhistorische waardenkaart, die inzicht geeft in de waardevolle gebouwen, objecten, ensembles en structuren in Den Haag Zuidwest, Het onderzoek borduurt voort op, en herijkt waar nodig het cultuurhistorische onderzoek dat was opgesteld in 2002.
elementen worden teruggebracht. Belangrijk is dat cultuurhistorie aan de voorkant van een ontwikkeling wordt meegenomen en meegewogen Wanneer bij planontwikkeling andere afwegingsthema’s doorslaggevender zijn dan de cultuurhistorische waarden, is het mogelijk is dat bepaalde cultuurhistorische waarden verloren gaan. Een voorbeeld hiervan is de gebiedsontwikkeling Dreven, Gaarden en Zichten, waar de Raad besloten heeft tot intrekking beschermd stadsgezicht van De Dreven (RIS310286), omdat andere belangen zwaarder hebben gewogen. Intentie is om zoveel mogelijk cultuurhistorische kenmerken terug te brengen in de plannen.
Cultuurhistorie in kansrijke zones: Waar rekening houden met cultuurhistorische waarden?
Het onderzoek van Crimson beschrijft de waarden van de verschillende gebieden en maakt naast de beschermde objecten en structuren, onderscheid tussen beeldbepalende en beeldondersteunende waarden van gebouw of ensemble. Zuidwest is rijk aan cultuurhistorie. De waardevolle gebouwen en ensembles zijn door het hele gebied verspreid. Als een buurt of gebouw een bepaalde cultuurhistorische waarden heeft, betekent niet dat er niks mogelijk is. Echter in de planontwikkkeling of vernieuwing van deze gebieden is cultuurhistorie een belangrijk element/thema in de integrale afweging. De vraag is op welke manier er wordt omgegaan met cultuurhistorische waarden, welke elementen behouden blijven en welke Cultuurhistorisch onderzoek Crimson, nov 2021
Gebieden in Zuidwest met een cultuurhistorische waarde
5.4.2 Leefbaarheid en veiligheid Leefbaarheid en veiligheid zijn belangrijke thema’s in Zuidwest, niet alleen geven de bewoners aan hier veel zorgen over te hebben, ook bij het opstellen van Programma Zuidwest 2040 staan deze thema’s centraal. Leefbaarheid en veiligheid wordt bepaald door verschillende factoren, de ruimtelijke fysieke factoren zijn daar maar een onderdeel van. Het gaat ook over veiligheid op straat, door overlast of verrommeling van de openbare ruimte, het gaat over hoeveelheid criminele activiteiten in de wijk, dat er bedrijven zijn die overlast veroorzaken en of dat er sprake is van ondermijning. Dat de leefbaarheid en veiligheid onder druk staat,
heeft impact op de sociaal maatschappelijke en economische ontwikkeling van Zuidwest en de mensen in Zuidwest.
woningvoorraad, relatief veel kwetsbare mensen wonen en dat er in deze wijken ook overlast wordt veroorzaakt en ervaren. Daardoor gaat de leefbaarheid en de veiligheid in deze wijken verder achteruit. In sommige buurten in Zuidwest is de veerkracht ondanks het hoge percentage sociale woningbouw enigszins verbeterd. Er moet nog nader geanalyseerd worden welke ingrepen en programma’s daaraan hebben bijgedragen om deze positieve ontwikkeling voort te zetten.
Onderzoek ‘Veerkracht in corporatiebezit’ Deze beleving van bewoners en professionals in de wijk wordt door het rapport ‘Veerkracht in corporatiegebied in Den Haag’ (RIS309055), opgesteld door Circusvis, onderschreven. Dit rapport laat zien dat daar waar overlast en aantal kwetsbare bewoners toeneemt de veerkracht van buurten en wijken onder druk komt te staan. Het heeft de te maken het feit dat corporaties passend moeten toewijzen waardoor er in gebieden met hoge percentages (goedkope) sociale
Vanuit het veerkracht onderzoek blijkt dat er een relatie is tussen het percentage sociale corporatiewoningen en de leefbaarheid en veiligheid in buurten. Bij nadere analyse van de
Bron:
Onderzoek Veerkracht in corporatiebezit - Circusvis
Leefbaarometer cijfers zijn er twee kantelpunten geanalyseerd waarbij een gemiddeld positieve ontwikkeling van de leefbaarheid/veiligheid omslaat naar ene negatieve ontwikkeling. Bij de leefbaarheid ligt het kantelpunt bij 4050% sociale woningenbouw en veiligheid ligt het kantelpunt bij >60% sociale woningbouw in de wijk en daarmee is er ook sprake van een kantelpunt t.a.v. de veerkracht in de wijk en de veerkracht van de bewoners. In sommigen wijken en buurten is de woningvoorraad 100% sociale woningbouw. Daar staan leefbaarheid, veiligheid en de veerkracht onder druk.
Leefbaarometer, 2020
Opgaven sociale woningvoorraad De sociale woningvoorraad is echter heel hard nodig in Zuidwest. Het beleid is om bij sloop alles dat sociaal is 100% sociaal terug te bouwen en bij de verdichting in de netto toevoeging ook nog 30% sociaal toe te voegen is het op projectniveau zoeken naar de wenselijkheid en haalbaarheid van de meer gewenste mix en balans in wijken. Er wordt gezamenlijk met de gemeente en corporaties onderzocht en onderbouwd wat deze wenselijke mix op buurtniveau inhoudt voor Zuidwest en hoe we toch gemeente breed onze woondoelstellingen kunnen behalen.
Er is een aantal factoren ten aanzien van de vernieuwing van de woningvoorraad die kan bijdragen aan het verbeteren van de leefbaarheid en veiligheid van het gebied. Om meer diverse wijken te krijgen, is verdichting een goed middel om de samenstelling van de woningvoorraad meer in balans te krijgen. Daarbij is het belangrijk dat sociale woningbouw die gehandhaafd blijft kwalitatief verbeterd wordt (duurzamer en meer wooncomfort en woonkwaliteit). Ook het differentiateren van sociale woningbouw in huurprijzen en woninggrootte kan bijdragen aan een verbetering van de leefbaarheid van een gebied.
Leefbaarheid in kansrijke zones: In welke gebieden staat de leefbaarheid het meest onder druk?
Ook helpt het om te sturen dat er geen concentraties van kwetsbare groepen en zorgdoelgroepen ontstaan in de wijk, maar deze te spreiden over verschillende buurten. En in te zetten op betere collectieve voorzieningen en begeleiding van kwetsbare groepen. Inzet op sociale cohesie en participatie Daarnaast kan ook het versterken van de sociale cohesie in buurten helpen om de veerkracht en leefbaarheid in de buurten in impuls te geven. Belangrijk is dat er een brede wijk- en buurtaanpak is, samen met partners uit de wijk, waarbij er hulp en activiteiten worden aangeboden die mensen in
Verhouding markt woningen en sociale woningbouw
hun kracht zet. Daarbij zetten we in op participatie en het vergroten van eigenaarschap van de bewoners op hun leefomgeving. Levendige plinten en veilige openbare ruimte Naast de vernieuwing van de woningbouw is ook de aanpak van de buitenruimte en het creëren van ontmoetingsplekken in de openbare ruimte en in de plinten op de begane grond een middel om de leefbaarheid en de veiligheid te vergroten. Het ontwerp van de buitenruimte en plinten van gebouwen dragen bij aan veiligheid. Organiseer zoveel mogelijk kansen voor natuurlijk toezicht, o.a. door positie entrees van woningen of balkons.
Combineer veilige met (potentieel) onveilige functies, zoals speeltuin bij winkels, wandelpaden met zicht vanuit woningen, zitjes bij horeca. En voorkom donkere onderdoorgangen, waar het zicht op de wandelaar of fietser beperkt is.
Verhouding markt-sociale woningbouw in kansrijke zones: Waar zijn de opgaven voor het maken een meer gedifferentieerd woonmilieu het grootst?
Corporatiebezit (per corporatie) en gemeentelijk eigendom in kansrijke zones