RIS315261 Bijlage 1-3 Ruimtelijk Raamwerk Den Haag Zuidwest
Tekst van het document
Het bewaken van de balans tussen openbare ruimte en bebouwing en vooral het bieden van kansen voor de bewoners in de ondersteuning van de grote maatschappelijke opgave voor deze wijken is daarbij een belangrijke opgave.
Bron: CONCEPT Kadernota Openbare Ruimte Den Haag (2020)
82
Bron: CONCEPT Kadernota Openbare Ruimte Den Haag (2020)
83
5.3. Overgangen openbaar- privé Voor een goed functionerende openbare ruimte en een prettige woonomgeving is een helder vormgegeven overgang van privé-buitenruimte naar gemeenschappelijke of openbare buitenruimte van groot belang. Het bijzondere karakter van Zuidwest, met de vele gemeenschappelijke binnentuinen en gemeenschappelijke voortuinen, vraagt hierbij extra aandacht. Nu is de situatie vaak diffuus: wat is nu echt openbaar toegankelijk, wat is gemeenschappelijk, en voor wie is dat dan toegankelijk, en wat is privé? Voor de bestaande, te handhaven bebouwing vraagt dit om afspraken met de vastgoedeigenaren, meestal de woningcoorperaties. Bij renovatie en vooral bij nieuwbouw kan een nieuwe overgang van openbaar / privé mee worden genomen in het ontwerp. Hiervoor worden regels opgenomen in de beeldkwaliteitsplannen die voor deze projecten worden gemaakt. Voor de Dreven, Gaarden en Zichten zijn deze beeldkwaliteitsplannen al in voorbereiding. De daarin gebruikte principes zijn ook goed in andere projecten toe te passen. Daarbij wordt gezocht naar een nieuwe balans tussen de openheid van de plint, privacy in de woning, toe-eigenbaarheid, afbakening en interactie met de openbare ruimte en dit alles in combinatie met het in stand houden van het groene karakter van de buurt.
In de basis wordt elk bouwblok omringd door een zone voor privaat of collectief toe te eigenen buitenruimte: • •
ofwel een margestrook van 1,5 meter ofwel een voortuin van 3 à 4 meter. Bron: Beeldkwaliteitsplan De Dreven (Palmbout, 2021)
84
Deze zone kan op twee verschillende manieren aan de openbare ruimte grenzen: • •
Direct aan het trottoir Gescheiden van het trottoir door een publieke groen-strook, eventueel met haag
Bron: Beeldkwaliteitsplan De Dreven (Palmbout, 2021)
85
5.4. Binnentuinen De gemeenschappelijke binnentuinen zijn kenmerkend voor Zuidwest en de naoorlogse stedenbouw. Ze vormen de meest nabije woonomgeving en daarmee de basis voor de leefbaarheid in de wijk. De binnentuinen behoren tot de kernkwaliteiten van Zuidwest. Het zijn bij voorkeur openbaar toegankelijke ontmoetingsplekken, en bieden vooral de jongste kinderen een veilige speelomgeving. Ze dragen bij aan het groene karakter van de wijk, kunnen een bijdrage leveren aan de biodiversiteit en natuurwaarden, en kunnen een belangrijke rol spelen bij het klimaatadaptief maken van Zuidwest. Het is de plek waar je je buren ontmoet. Stimuleren van 'eigenaarschap' is daarbij belangrijk. Tegelijkertijd kan in sommige situaties openbare toegankelijkheid of een bepaald aanbod van speelvoorzieningen bij onvoldoende ‘eigenaarschap’ van de omwonenden ook overlast genereren. In sommige gevallen kan afsluiting of beperking van voorzieningen wenselijk zijn. Afsluiten in de avond en nacht kan een optie zijn om meer betrokkenheid en minder anonimiteit te organiseren. Uitgangspunt is dat de binnentuinen bij voorkeur overdag openbaar toegankelijk zijn.
Volgens de uitgangspunten uit de nota ‘Eyeline Skyline’ en de motie natuurinclusief bouwen zijn de collectieve tuinen overdag publiekelijk toegankelijke buitenruimtes waardoor zij resulteren in een hoogwaardige groenkwaliteit, die daadwerkelijk bijdraagt aan de gezondheid, het voorkomen van hittestress en een aangenaam leefklimaat in de stad.
86
Er is echter niet sprake van één type binnentuin. Sommige binnentuinen zijn onderdeel van een belangrijke looproute, bijvoorbeeld naar een OV-halte of school. Er zijn binnentuinen gelegen op het dak van een parkeergarage, andere liggen op maaiveld. Dit betekent dat het niet wenselijk is om één uniforme aanpak voor alle binnentiunen voor te stellen. In een nadere uitwerking samen met de corporaties zal gedetailleerder benoemd worden welke binnentuinen altijd openbaar toegankelijk zouden moeten zijn (en onder welke voorwaarden), welke voorzieningen daarbij gewenst zijn, en welke binnentuinen (in ieder geval in de avond/ nacht) afgesloten kunnen worden. Bron: Beeldkwaliteitsplan De Dreven (Palmbout, 2021)
Bij nieuwbouw is meestal sprake van dubbel grondgebruik, vaak in combinatie met parkeeroplossingen. Dit vraagt om extra investeringen om het groene karakter te creëren / waarborgen: Voldoende gronddekking (meer dan 60 cm, voor bomen 1 meter) zodat het groen goed kan wortelen. Alternatieven zijn creatieve combinaties met bomen op maaiveld terwijl hun kronen boven de collectieve tuinen kunnen groeien via gaten in het dek. De binnentuinen zijn bij uitstek veilige, autovrije speelruimtes, met name voor de jongste kinderen. Ze spelen in het speelruimtebeleid van de gemeente een essentiele rol. In Zuidwest liggen de meeste speelplekken voor 0-6 jarigen nu en in 2040 op het terrein van de corperaties en VVE's. Dit betekent dat er afspraken met deze partijen gemaakt moeten worden om de toegankelijkheid, kwaliteit en continuiteit van deze speelvoorzieningen te borgen.
Sommige binnentuinen worden gebruikt voor moestuinen. Ook bij nieuwbouw met dubbel grondgebruik moet dit mogelijk blijven, voldoende gronddekking is ook hiervoor een randvoorwaarde. Omdat het parkeren vanwege de hoge kosten meestal niet of slechts gedeeltelijk verdiept kan worden aangelegd ligt er een belangrijke ontwerpopgave in het vormgeven van de hoogteverschillen. Dit komt ook terug in de beeldkwaliteistplannen. In de binnentuinen zal ook ruimte nodig zijn voor paden, zitplekken en ontsluitingen van de onderliggende garages. Collectieve binnentuinen bij bestaande of te renoveren complexen vragen een iets andere aanpak dan die bij nieuwbouw. Er is geen sprake dubbel grondgebruik, er is al een bestaande inrichting en vaak zijn er ook bestaande gebruikers waar rekening mee moet worden gehouden. Maar ook bij bestaande binnentuinen speelt de vraag hoe bewoners, corperaties en gemeente samen de vele ambities kunnen vastleggen en beheren. Dit vraagt ook van de gemeente een actieve betrokkenheid.
87
6. INTEGRALE AANPAK 6.1. Samenvoegen bouwstenen
3. Prioriteit voor voetganger en fietsers en het OV
Vanuit de verschillende thema's, ambities en ontwerpprincipes komen verschillende ruimteclaims, die soms ook overlappen. Ze kunnen elkaar versterken, maar maken ook keuzes nodig. Voor de hoofdstructuur zijn concrete voorstellen en kansen in beeld gebracht. Voor de secundaire structuur worden door middel van voorbeelduitwerkingen en ontwerpprincipes de kansen en keuzes verbeeld. De belangrijkste opgaven worden hieronder samengevat:
Rondjes door het groen, routes naar school, haltes of winkels worden voor voetgangers en fietsers aantrekkelijker en directer. Bredere stoepen, meer doorsteken, bruggetjes en verbindingen. Routes worden aantrekkelijker ingericht, met meer voorzieningen (bankjes, fietsenstallingen). Daarbij wordt zoveel mogelijk aangehaakt bij de aantrekkelijke groenstructuren in de buurten, met name de singels. De hiervoor benodigde ruimte ontstaat deels door in de buurten een aantal 50 km/u wegen om te vormen naar 30 km/u, het instellen van éénrichtingsverkeer, of het autovrijmaken van een aantal straten. Ruimte wordt ook gecreëerd voor het OV, dat in beginsel groen wordt uitgevoerd. De regionaal & stedelijk verbindende lijnen zijn snel (50km/u) en vrijliggend van het overige verkeer, de regionaal en stedelijk ontsluitende lijnen mengen zich met het overige verkeer en kennen een grotere fijnmazigheid.
1. Transformatie Hengelolaan en Melis Stokelaan Voor twee hoofdwegen in Zuidwest wordt een transformatie voorgesteld. Voor de auto geen doorgaande 50 km/u wegen meer maar rustigere 30 km/u wegen, waar voetgangers en fietsers en het OV centraal staan en die de wijk goed verbinden met Uithof en Zuiderpark. Beiden niet meer aangesloten op de Lozerlaan. Bij de Hengelolaan ligt de focus op sport, spel en ontmoeten, bij de Melis Stokelaan naast spel en ontmoeten ook veel ruime voor waterberging, natuur en biodiversiteit. 2. Herwaardering van de collectieve binnentuinen Geen hybride, anonieme, onduidelijke semiopenbare ruimte, maar een goed ingerichte en goed beheerde gemeenschappelijke ruimte voor de direct omwonenden. Veilig, ’s nachts afsluitbaar, hoogwaardig ingericht. Ruimte voor ontmoeten, spelen en klimaatadaptatie.
88
4. Het groene assenkruis als wijk-sportpark Het groene assenkruis, met zijn vele sportvelden, wordt getransformeerd tot Sportpark 2.0: een kloppend sporthart voor de wijk, ingericht als een centrale, goed ontsloten parkzone in plaats van een met hekken afgesloten barrière die de buurten van elkaar scheidt. Meer een combinatie van sport met park- en speelfuncties. 5. Meer ruimte voor sport en spel Ruimte voor sport beperkt zich niet meer tot de exclusief daarvoor ingerichte sportterreinen. De
(groene) openbare ruimte in de buurten wordt beter ingericht voor (ongeorganiseerde) sporten, door de aanleg van hardlooptracks, sport- en spelaanleidingen, fitnessplekken. 6. Meer ruimte voor de natuur De ecologische hoofdstructuur wordt met name langs de Melis Stokelaan robuuster gemaakt door deze optimaal in te richten, en waar deze te smal is, uit te breiden, zo mogelijk tot minimaal 30 m breed. De biodiversiteit wordt vergroot door in de buurten de bermen en singels meer op ecologische wijze in te richten en te beheren. Ook dit maakt het netwerk van ecologische verbindingen in de wijk sterker. 7. Meer ruimte voor ontmoeten Bij voorzieningen, scholen en buurtparken worden meer banken geplaatst en verblijfsplekken ingericht. Er wordt aandacht besteeed aan zon, schaduw, wind, luwte en levendigheid, zodat er een meer aantrekkelijke openbare ruimte ontstaat die uitnodigt tot verblijven en ontmoeten. 8. Betere verbindingen met de grote groengebieden Wandel- en fietsroutes naar de groengebieden in de omgeving worden verbeterd: extra entrees voor het Zuiderpark, ongelijkvloerse kruisingen van de Lozerlaan zodat de Uithof beter bereikbaar is. Ook worden extra routes naar de Voordes in Rijswijk, vanuit Moerwijk, toegevoegd.
6.2. Exemplarische uitwerkingen In het jaar 2040 zal er in Zuidwest veel zijn veranderd. Om dit beter te verbeelden, zijn er impressies en voorbeelduitwerkingen gemaakt van een aantal karakteristieke plekken. Het zijn geen volledig uitgewerkte plannen, maar ze laten wel een mogelijke uitwerking zien.
Singelpark Voorbeelduitwerking voor een deel van Bouwlust-Vrederust: Het verbeteren van het voetgangersnetwerk, in combinatie met het versterken van de groenstructuur langs de singels en het toevoegen van speelvoorzieningen en ontmoetingsplekken komen hier samen in het wandelrondje Bouwlust-Vrederust. Omdat de singels de belangrijkste drager van dit rondje vormen, is de naam singelpark hier van toepassing.
89
Maartensdijklaan
Bestaande situatie
Nieuwe situatie (indicatief)
90
Maartensdijklaan Door de omvorming van 50 naar 30km en het laten vervallen van parkeerplaatsen aan de waterzijde ontstaat er ruimte voor vergroening en een vrijliggend wandelpad. Een aangepaste route voor de bus en ruimte voor een centrale parkeeroplossing zjn daarbij randbvoorwaarde,
Huidige situatie
Impressie Maartensdijklaan Nieuwe situatie
91
Melis Stokelaan
Bestaande situatie
Nieuwe situatie (indicatief)
92
Melis Stokelaan Door de omvorming van 50 naar 30 km/u voor de auto en het laten vervallen van parkeerplaatsen ontstaat er ruimte voor vergroening, ecologie, en waterberging. Voet- en fietspaden kunnen aantrekkelijker in het groen worden ingepast. Ook kunnen voorzieningen voor spelen, bewegen en ontmoeten ingepast worden.
Huidige situatie
Impressie Melis Stokelaan Nieuwe situatie
93
Hengelolaan
Bestaande situatie
Nieuwe situatie (indicatief)
94
Nieuwe situatie
Hengelolaan Voor de Hengelolaan zijn er veel ruimteclaims, zowel vanuit groen, mobiliteit (OV) en energietransitie als voor ontmoeten en gezondheid. Deze ruimteclaims overlappen elkaar deels in de beperkte beschikbare ruimte. Het is op dit noment te vroeg om al een definitieve keuze te maklen. Nader onderzoek is nodig. Door de omvorming van 50 naar 30 km/u en het laten vervallen van parkeerplaatsen ontstaat er ruimte. In het Groen/Blauw Icoon project (Flux, 2021) is deze vrijkomende ruimte benut voor voor vergroening en het langzaamverkeer. Ook kunnen voorzieningen voor bewegen en ontmoeten ingepast worden. Het versterken van het openbaar vervoer (vrije busbaan, tram) is in deze impressies echter nog niet meegenomen. Impressies: Den Haag Zuidwest - Groen/Blauw Icoon Project (Flux, 2021)
Nieuwe situatie
95
Huidige situatie
Leyweg (winkelcentrum) De grote overmaat aan verharding in het voetgangersgebied leent zich voor vergroening en het toevoegen van verblijfsruimte. Het wordt daardoor een meer aantrekkelijke ontmoetingsplek en helpt tevens om de hittestess tegen te gaan. Nieuwe situatie
96
Bestaande situatie
Nieuwe situatie (indicatief)
Erasmusweg In de stedenbouwkundige plannen voor de Dreven en de Gaarden is ruimte gemaakt voor het aanleggen van een ventweg langs de Erasmusweg.
97
Colofon Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Stedenbouw & Planologie Dienst Stadsbeheer Ingenieursbureau Den Haag Cluster Integraal Ontwerpen 13 december 2022
98