CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS315261 Bijlage 1-3 Ruimtelijk Raamwerk Den Haag Zuidwest

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Gewijzigd voorstel van het college inzake Ontwerp Structuurvisie Den Haag Zuidwest 2040; Groen, stedelijk en vitaal Zuidwest (RIS315261)10.397 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Ruimtelijk Raamwerk Zuidwest

30 maart 2022

Ruimtelijk Raamwerk Zuidwest

Vertrouwelijkheid: Intern

Bijlage Structuurvisie Den Haag Zuidwest 2040

DECEMBER 2022

Zuidwest op z'n best!

2

INHOUD 1. INLEIDING4

4.5

Erasmusweg

62

1.1

aanleiding en doel

4

4.6

Soestdijksekade / Troelstrakade

64

1.2

historische context

6

4.7

Moerweg

66

1.3

eerdere studies / overige projecten

8

4.8

Loevesteinlaan

68

4.9

Leyweg

70

2. OPGAVE VOOR ZUIDWEST12

4.10

Dedemsvaartweg

72

2.1

verdichten en vergroenen

12

4.11

Vrederustlaan

74

2.2

groen: kwantiteit en kwaliteit

14

4.12

Beresteinlaan

76

2.3

verduurzamen

16

4.13

Lozerlaan

78

 3. AMBITIES EN OPGAVEN18

5. ONTWERPPINCIPES80

3.1

18

5.1

karakteristieken Zuidwest

80

het groen-blauw raamwerk

3.2

verblijven, beleving en ontmoeting 

24

5.2

beeldkwaliteit openbare ruimte

82

3.3

spelen, sport en gezondheid

26

5.3

overgangen openbaar - privé

84

5.4

binnentuinen

86

3.4

groen en ecologie

30

3.5

water en klimaat

34

3.6

mobiliteit

40

6. INTEGRALE AANPAK88

3.7

ondergrondse infrastructuur

51

6.1

samenvoegen bouwstenen 

88

6.2

exemplarische uitwerkingen

89

4. LANGE LIJNEN & DWARSVERBINDINGEN54 4.1

rol en betekenis van de lijnen

54

4.2

Meppelweg

56

4.3

Hengelolaan

58

4.4

Melis Stokelaan

60

3

1. INLEIDING 1.1. Aanleiding en doel Den Haag Zuidwest is een van de grote gebiedsontwikkelingen voor de komende jaren, waarbij Den Haag de groei van de stad wil inzetten om de wijken leefbaarder, gezonder en aantrekkelijker te maken. De ambitie van 10.000 extra woningen, de combinatie van verdichten én vergroenen, en een grote sociale opgave om de leefbaarheid van de wijk te vergroten betekent ook veel aandacht voor de noodzakelijke aanpassingen in de openbare ruimte. De openbare ruimte speelt namelijk een belangrijke rol in de sociale cohesie van Zuidwest. Het is de plek waar mensen elkaar ontmoeten. Om de opgaves en ambities in te kunnen passen en vorm te geven is voor dit gebied een ruimtelijk raamwerk opgesteld. Het vormt de ruimtelijke vertaling van de sociaal-maatschappelijke opgaven zoals die in de structuurvisie Zuidwest worden geformuleerd. Het geeft concrete maatregelen een plek in de fysieke structuur van de wijk. Het is geen uitgewerkt en gedetailleerd plan, maar biedt wel een aantal richtinggevende keuzes. Het vormt de basis voor verdere uitwerking in lopende en toekomstige projecten. In de nog op te stellen ontwikkelstrategie zal nader worden ingegaan op de verschillende projecten, zowel bij gebiedsontwikkeling, renovatie of in vorm van op zich zelf staande projecten in de openbare ruimte.

De ambities voor Zuidwest zjin uitgebreider beschreven in het Programa Zuidwest en de Structuurvisie Den Haag Zuidwest 2040. Het Ruimtelijk Raamwerk is een van de bijlagen bij de structuurvisie en richt zich vooral op de gevolgen en voorstellen voor de openbare

4

ruimte. In de andere bijlagen komen de voorzieningen en de kansen voor verdichten aan bod. Daarbij is er ook aandacht voor het bieden van ruimte voor wijkeconomie en bedrijvigheid ten behoeve van groei werkgelegenheid. De volgende aspecten krijgen in het raamwerk een plek: • • • •

Het vergroten van de gebruiks- en verblijfskwaliteit van de openbare ruimte Het verbeteren van de langzaamverkeersverbindingen Meer ruimte voor sport, bewegen en ontmoeten Het vergroenen van de openbare ruimte, met

•

• • •

robuuste ecologische verbindingen en maatregelen ten behoeve van de klimaatadaptatie Het aanpassen van de hiërarchie van het wegennetwerk naar een gedifferentieerde en herkenbare infrastructuur Het inpassen van de mobiliteitstransitie Het inpassen van energietransitie Aandacht voor veiligheid en veiligheidsbeleving

Daarnaast zijn voor de openbare ruimte toekomstige sfeerbeelden, ontwerpprincipes en beeldkwaliteitsprincipes opgesteld die voortbouwen op de kwaliteiten van bestaande openbare ruimte.

5

1.2. Historische context Het gebied waarin de wijken van Zuidwest gebouwd zijn bestond voor de stadsuitbreiding al eeuwen uit een uitgestrekt polderlandschap, bekend onder de naam Escamppolder. Het gebied werd bepaald door weilanden, afwateringsslootjes, twee eendenkooien, een molen, een gemaal en enkele boerderijen met namen als Morgenstond, Bouwlust en Vrederust, waarnaar de wijken van Zuidwest later vernoemd zijn. Het structuurplan van Dudok uit 1949 bepaalde in grote lijnen de hoofdopzet van Den Haag Zuidwest. Het eerste structurerende onderdeel van het plan van Dudok was het stelsel van brede verkeerswegen dat aansloot op de toegangswegen van Den Haag. De lineaire structuur van de stad - bepaald door de lange, parallel aan de kust lopende doorlopende wegen - werd zo voortgezet en het min of meer orthogonale raster van wegen uitgebreid. Daarmee domineert de auto als belangrijkste vervoersmiddel de openbare ruimte: brede wegen en een optimale bereikbaarheid voor de auto bepalen het beeld.

Uitsnede uit het Structuurplan voor groot ’s Gravenhage, W.M. Dudok, 1949 (Haags Gemeentearchief)

Naast de bestaande wegenstructuur nam Dudok ook de onderliggende polderverkaveling over als onderlegger voor de nieuwe wijken van Zuidwest. Deze was bepalend voor de richting van bouwblokken en straten.

Melis Stokelaan - Loevensteinlaan, 1956 (Haags Gemeentearchief)

6

Een tweede belangrijk structurerend element in het plan van Dudok wordt gevormd door de groenstructuur die de wijken van elkaar scheidt.Tevens verbindt het bestaande groengebieden met elkaar tot één groot groensysteem op de schaal van de hele stad. In Zuidwest werd het groengebied van Ockenburgh via de Melis Stokelaan verbonden met het Zuiderpark en deze op zijn beurt met de Voordes in Rijswijk. In de uiteindelijke uitwerking van de plannen resulteerde dit in de groenzones die we nu herkennen als het Groene Assenkruis van Zuidwest, de brede groenzones met sportvelden, volkstuinen en bijzondere bebouwing langs de Dedemsvaartweg en de Melis Stokelaan. Ook binnen de wijken zelf werden waardevolle groenstructuren toegepast, zoals de doorlopende singelstructuur in Vrederust, Morgenstond en Moerwijk en de aanwezige ‘informele rondjes’ in Bouwlust en Morgenstond.

1905

1968

7

1.3. Eerdere studies en overige projecten In de aanloop naar de Structuurvisie en het Ruimtelijk Raamwerk zijn door verschillende ontwerpbureau's studies en onderzoeken verricht. Zo is bij het maken van het Ruimtelijk Raamwerk gebruik gemaakt van de studies van Palmbout (Stedenbouwkundige Visie Zuidwest, 2019) en Must (Groenstrategie Den Haag Zuidwest, 2018). Ook zijn er voor deelgebieden en specifieke projecten al meer uitgewerkte gebiedsvisie, ontwerpverkenningen en ontwikkelingsvisies gemaakt. Voor De Uithof is door bureau Sant en Co een gebiedsagenda opgesteld. Deze definieert de ambities op de langere termijn en moet helpen bij het positioneren van dit gebied in het grotere geheel van Zuidwest. Daarmee is de ruimtelijke en functionele relatie tussen het gebied en het naastgelegen woongebied van Zuidwest een belangrijk thema. Ook de verschillende beoogde ruimteclaims in het gebied voor leisure en infrastructuur zijn belangrijke onderwerpen voor de gebiedsagenda Uithof. Het eindproduct is een landschappelijk raamwerk dat de samenhang in het gebied moet borgen. Hiermee worden kaders geboden om initiatieven op korte termijn te kunnen beoordelen en agendeert het welke activiteiten en/of onderzoeken nodig zijn om deze al dan niet te faciliteren.

ontwerpend onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkjheid om de verdiepte ligging van de Lozerlaan verder door te trekken zodat er ter hoogte van de Melis Stokelaan de mogelijk bestaat om zowel ecologisch als recreatief de Uithof op een goede en aantrekkelijke manier met Zuidwest te verbinden. Voor het Zuiderpark wordt door bureau Flux gewerkt aan een Ruimtelijk ontwerp, als onderdeel van de actualisatie van de visie voor dit stadspark. Hierin worden de waarden van dit volkspark onderzocht en vastgelegd. Er worden wensen, ideeën en kansen gevisualiseerd. In deze visie wordt ook nadrukkelijk aandacht besteed aan de toegankelijkheid van het park vanuit de omliggende buurten. Ontwerpend onderzoek Lozerlaan (Sant en C0, 2021)

Voor de kruising Lozerlaan / Erasmusweg is door Movares een Schetsontwerp opgesteld. Hierin wordt een ongelijkvloerse kruising voorgesteld waardoor de doorstroming voor het doorgaand verkeer op de Lozerlaan verbeterd. Aansluitend heeft Sant en Co een Gebiedsagenda Uithof (Sant en C0, 2020)

8

Ontwerpend onderzoek Lozerlaan (Sant en C0, 2021)

Visie Zuiderpark (Lola, 2021)

9

Eveneens van buro Flux is een uitwerking van één van de Haagse groenblauwe iconen. Deze uitwerking richt zich met name op het transformeren van de Hengelolaan als autoluwe groene route die Uithof en Zuiderpark verbindt, en ruimte biedt voor spelen, ontmoeten en bewegen.

Den Haag Zuidwest - Groen/Blauw Icoon Project (Flux, 2021)

10

De sportterreinen van Escamp I, II & III zijn onderwerp van een verkenning door Lola Landscape architects. Zij hebben nieuwe scenario’s voor de toekomstvisie en herontwikkeling van Sportpark Escamp verkend, aansluitend bij de maatschappelijke opgave om meer te bewegen en de sportparken beter te integreren en verbinden met de wijk. Er worden daarbij verschillende scenario's onderzocht die in meer of mindere mate invloed hebben op de nu aanwezige sportvelden en accomodaties. In alle gevallen wordt gezocht naar extra toegangen en extra functies, waardoor de sportterreinen minder als afgesloten barrière maar meer als kloppend hart van de wijk kunnen functioneren.

Studie Escamp I, II & III (Lola, 2021)

11

2. OPGAVE VOOR ZUIDWEST 2.1. Verdichten en vergroenen De opgave is om Zuidwest te transformeren naar een vernieuwd en eigentijds deel van de stad, waar mensen met verschillende achtergronden zich kunnen ontwikkelen en waar het prettig en gezond wonen is. Dit biedt de mogelijkheid om ook andere opgaven die op stadsniveau en landelijk spelen daaraan te koppelen: de energie- en mobiliteitstransitie, klimaatadaptatie en het huisvesten van de aanhoudende toestroom van mensen naar de stad. Uiteindelijk gaat het erom dat Zuidwest net zo’n prettig en uniek deel van de stad wordt als de andere wijken van Den Haag. De verdichting kan worden aangewend als draagvlak voor voorzieningen, om zo de leefbaarheid en vitaliteit van Zuidwest te verbeteren. Investeringen in dit gebied helpen om Zuidwest duurzamer en beter bereikbaar te maken en de sociaal economische positie te versterken. Ook moet er meer ruimte komen voor economische functies ten behoeve van de werkgelegenheid van Zuidwest. Het uitgangspunt daarbij is om de woningvoorraad zoveel mogelijk te diversifiëren waardoor een meer evenwichtige verdeling tussen sociale woningbouw en marktwoningen ontstaat.

Gekoppeld aan de verdichtingsopgave is het de ambitie om de inrichting van de openbare ruimte te vergroenen, bewegen en ontmoeten te stimuleren door voldoende voorzieningen in de openbare ruimte aan te bieden, en fors te investeren in de energietransitie. Dit vraagt om heldere keuzes als het gaat om de beschikbare ruimte. De op het eerste gezicht tegenstrijdige opgave van vergroenen én verdichten betekent een aanpak op vele fronten:

12

•

Allereerst gaat het om het behouden van het waardevolle groen: De verdichting gaat niet ten koste van de groene hoofdstructuur (grote groengebieden, sportterreinen, ecologische verbindingszones).

•

De verdichting gaat ook niet ten koste van de buurtparken, singels en middenbermen die in de buurten beeldbepalend zijn.

•

De huidige, soms kwaliteitsarme gemeenschappelijke binnentuinen kunnen bij verdichting vaak niet behouden blijven. Aan de bestaande en nieuwe binnentuinen worden eisen gesteld. Deze hebben betrekking op de inrichting, het gebruik en de toegankelijkheid zodat de binnentuinen in de toekomst een bijdrage blijven leveren aan het groene karakter van de wijk en nog meer ruimte bieden aan actief gebruik en ontmoeting.

•

•

Behoud van bestaande bomen is het uitgangspunt. Wanneer dit niet mogelijk is, wordt uitgegaan van verplaatsing. Wanneer ook verplaatsen onmogelijk is en kappen onvermijdelijk, is de afspraak op een goede wijze te compenseren. Net als elders in de stad is het Routeboek Stadsbomen in Projecten, bijlage bij de Nota Stadsbomen (2021, RIS307827), hierbij van toepassing, inclusief een Boom Effect Analyse (BEA). Er wordt gezocht naar slimme combinaties van dubbel grondgebruik (bv. binnentuinen bovenop parkeerplekken).

•

Bij de (her)inrichting van de openbare ruimte wordt zo min mogelijk verharding toegepast (groen tenzij).

•

Door minder ruimte te bieden aan de auto (omvorming van 50 naar 30 km/u regiem, minder parkeren in de openbare ruimte) ontstaat er niet alleen meer ruimte voor de fietser, voetganger en het OV, maar kan er ook vergroend worden.

•

Groene plekken die nu vaak ontoegankelijk zijn, bijvoorbeeld op sportterreinen of schoolpleinen, kunnen door het weghalen van hekken of creëren van toegangen als volwaardige groene plek gebruikt worden.

•

Met het opstellen het bomenbeleid heeft de gemeente een methode ontwikkeld die uitgaat van kroonoppervlak. Deze methode wordt ook in Zuidwest toegepast. Het beleid is +5% toe te voegen en het totale kroonoppervlak in de stad te vergroten.

•

In het kader van Natuurinclusief bouwen is het stimuleren van groen en bomen op daken en garages wel wenselijk en een uitgangspunt, maar worden zij niet meegeteld voor de referentienorm.

13

2.2. Groen: kwantiteit en kwaliteit In vergelijking met andere delen van de stad kent de wijk relatief veel groen. Brede straatprofielen, singels, gemeenschappelijke binnentuinen, buurtparken en groenstroken, vaak voorzien van een ondertussen volgroeide, volwassen boombeplanting geven de wijk een groen en lommerrijk karakter. Bij de verdichting en het daarmee toenemende aantal inwoners zijn twee aspecten van belang: relatief veel groen is in bezit van de corporaties, waardoor de gemeente minder invloed heeft op de inrichting en het beheer er van. Ook is er relatief veel groen onderdeel van het straatprofiel, maar biedt het betrekkelijk weinig ruimte voor recreatief gebruik of ontmoeting. Daarom ligt de nadruk niet alleen op het instandhouden of vergroten van de hoeveelheid groen (door dubbel grondgebruik te stimuleren) maar vooral ook op beter benutten van het bestaande en nieuwe groen door meer voorzieningen toe te voegen, en het groen beter te ontsluiten. De onlangs vastgestelde Nota Haagse Referentienormen voor Maatschappelijke voorzieningen legt een aantal normen voor de inrichting van de openbare ruimte vast, bijvoorbeeld de oppervlakte groen per woning, maar ook de spreiding en omvang van speelplekken per leeftijdscategorie. Zuidwest valt in de categorie gemengd stedelijk. Voor openbaar gebruiksgroen bedraagt deze referentienorm 16 m2 per woning.

De grote groengebieden, sportvelden, volkstuinen, en waterpartijen, die samen de stedelijke groene hoofdstructuur vormen, worden daarbij niet meegeteld. Datzelfde geldt voor het groen dat door corporaties wordt beheerd. Alleen openbaar groen wordt meegeteld. Dit staan los van de mate van

14

toegankelijkheid: Corporatiegroen ligt niet op openbaar terrein, maar is vaak wel openbaar toegankelijk, en heeft ook een belangrijke invloed op het groene karakter en beleving van de wijk. Op basis van deze uitgangspunten kent Zuidwest in de huidige situatie 26 m2 groen per woning. Dit ligt boven het gemiddelde voor Den Haag. Als we de openbaar toegankelijke binnentuinen hier bij tellen verdubbelt dit zelfs naar 52 m2 per woning. Het toevoegen van woningen heeft natuurlijk gevolgen voor deze cijfers. Zonder verdere aanpassingen in de inrichting van de openbare ruimte betekent het toevoegen van 10.000 woningen dat de oppervlakte openbaar groen per woning daalt naar 20 m2 per woning. De verdichting vindt vooral plaats op het eigen terrein van de corporaties, buiten de openbare ruimte. De groene hoofdstructuur blijft gespaard, evenals de singels, buurtparken en de meeste groene straatprofielen. In de plannen voor de Dreven, Gaarden en Zichten neemt de hoeveelheid openbaar groen zelfs toe. Op basis van de huidige plannen met ca. 6,5 m2 per extra gebouwde woning. Daarnaast zijn er nog andere mogelijkheden om in de openbare ruimte te vergroenen: vooral het afwaarderen van enkele 50 km//u wegen biedt mogelijkheden voor vergroening. Maar ook het vergroenen van verharde openbare ruimte, zoals bij het winkelcentrum Leyweg, draagt bij aan meer openbaar groen.

Als we deze toevoegingen aan het openbare groen voor 2040 proberen te kwantificeren komen we in totaal op een toename van 25.000 m2. Deze vergroeningen in de openbare ruimte betekenen dat na realisatie van de 10.000 woningen voor heel Zuidwest ca. 22 m2 openbaar groen per woning aanwezig is.

Omdat de binnentuinen weliswaar niet bijdragen aan de referentienorm, maar wel van belang zijn voor het groene karakter van de wijk is het van groot belang om ook bij verdichting de nieuwe binnentuinen weer in te richten als tuin, ook als deze op een dak boven geparkeerde auto's ligt. Dit stelt wel eisen aan de constructie en de gronddekking. Ook het behouden of versterken van het groene karakter van de bestaande en te handhaven binnentuinen is daarbij van belang. De verdichting betekent wel een afname van de hoeveelheid groen op het eigen terrein van de corporaties. Op basis van de getallen voor de Dreven, Gaarden en Zichten wordt dit voor heel Zuidwest bij een toevoeging van 10.000 woningen ingeschat op ca. 140.000 m2. Samen met het openbare groen resulteert dit uiteindelijk in 37 m2 groen per woning in 2040. Zowel met als zonder binnentuinen voldoet Zuidwest daarmee ook in 2040 ruim aan de referentienorm van 16 m2. Naast deze kwantitatieve benadering wordt er vooral ook ingezet op een kwalitatieve benadering, waarbij de gebruikswaarde van het bestaande groen wordt vergroot door het toevoegen van functies (speelplekken, sportplekken, ontmoetingsplekken). Ook door het verbeteren van de toegankelijkheid van het bestaande groen (o.a. van Uithof en Zuiderpark) wordt de gebruikswaarde van het groen vergroot.

Een belangrijke toevoeging is ook de voorgestelde omvorming van de sportvelden van Escamp I en II. Deze nu alleen op sport ingerichte terreinen krijgen straks een meer openbaar park karakter. Door ze beter vanuit de buurten te ontsluiten, meer openbaar toegankelijk te maken en ontmoetings-, speel-, en verblijfsplekken toe te voegen is het gerechtvaardigd om deze ruimte (excl. de sportvelden zelf) als openbaar gebruiksgroen mee te tellen.

Groen in Cijfers •

• • • • • • •

openbaar groen nu: 880.141 m2 - inclusief ecologische zones en groen rond sportvelden - exclusief grote groengebieden, sportvelden en volkstuinen volkstuinen: 12.6616 m2 grote groengebieden (Zuiderpark/Uithof): 2.215.092 m2 corporatie groen nu: 870.599 m2 groen per woning nu: 26 m2 groen per woning in 2040 (+10.000 won. + vergroenen): 22 m2 groen per woning nu incl. binnentuinen: 52 m2 groen per woning in 2040 (+ 10.000 won. + vergroenen incl. binnentuinen: 37 m2

Referentienorm openbaar gebruiksgroen 16.000 m2 per 1.000 woningen. Aandachtspunten: •

• • •

•

Definitie openbaar gebruiksgroen: ecologische verbindingszones, kijkgroen en gebruiksgroen lopen in Zuidwest erg door elkaar. Is vaak als één geheel ontworpen, ook in ecozones of zones die formeel als kijkgroen zijn geregistreerd komen wandelpaden en bankjes voor. Dubbel grondgebruik, discussie over groene karakter binnentuinen op parkeergarages Verschuiving van openbaar toegankelijk corporatie-groen naar afgesloten groene binnentuinen of openbaar gemeentelijk groen Vergroten van toegankelijkheid overig groen (sportparken, volkstuinen) en beter bereikbaar maken grotere groengebieden kan helpen om aan de norm te voldoen Referentienorm is relatief (per woning). Dus ook bij toename absolute m2 openbaar groen kan de hoeveelheid m2 openbaar groen per woning dalen

15

2.3. Verduurzamen Een toename van het aantal inwoners en gebruikers in Zuidwest moet gepaard gaan met de inrichting van een duurzame en een gezonde leefomgeving om bestand te zijn tegen extreme neerslag, droogte en hittestress. De bestaande groen-blauwe structuur in Zuidwest die nu nog goed functioneert moet aangepast worden om ook in de toekomst klimaatbestendig te blijven. Schone en duurzame mobiliteit is een noodzaak, zeker met toevoeging van woningen. Deze duurzaamheidseisen komen bij de verschillende thema's meer in detail aan de orde. Als algemene spelregel geldt dat elke ontwikkeling binnen Zuidwest getoetst moet worden aan het stappenplan Klimaatbestendig inrichten, de Wegwijzer Den Haag Klimaatbestendig, de watersleutel van het Hoogheemraadschap Delfland en het Convenant Klimaatadaptief Bouwen. Zuidwest voorziet in 2040 voor een groot deel in haar eigen energiebehoefte door aan te sluiten op verschillende duurzame energiebronnen. Hiermee draagt Zuidwest ook bij aan de stedelijke klimaatdoelen. Voor Zuidwest is onderzocht welk duurzaam warmtesysteem voor de bestaande bouw voor de hand liggend is. Door de hoge bebouwingsdichtheid, de aanwezigheid van geothermiebronnen en de aanwezigheid van een bestaand warmtenet is voor de bestaande bouw een collectief warmtenet op midden temperatuur (70 graden) de voorkeursoplossing.

Veel van de bestaande woningen zijn momenteel nog niet geschikt om te verwarmen op 70 graden. Dit

16

betekent dat deze woningen mogelijk extra moeten worden geïsoleerd en dat het verwarmingssysteem moet worden aangepast op de nieuwe temperatuur. Bij nieuwbouw is een energieneutraal (of bijna energieneutraal) en aardgasloos gebouw het uitgangspunt. Nieuwe woningen zijn goed geïsoleerd waardoor deze met een lage temperatuur verwarmd kunnen worden. Uitgangspunt voor nieuw te bouwen woningen is deze te koppelen aan een (collectief) lage temperatuur systeem. Hierbij wordt optimaal gebruik gemaakt van de aanwezigheid van lokale bronnen als bodemenergie (WKO) en aquathermie. Mogelijk aangevuld met warmte uit de retourleiding van het geothermienet (cascadering). Bij transformatie en renovatie zijn de gebouwen transitiegereed voor aansluiting op middentemperatuur warmtenet of installatie, waarbij de technische randvoorwaarden belangrijk zijn. Een gebiedsgerichte aanpak is nodig voor de gemengde (VVE's) en particulier complexen Planning en communicatie over de wijkaanpak is van belang voor draagvlak bij bewoners. Het betrekken van bewoners bij benodigde verduurzaming (energiebesparing, gasloos, afval, groen) vraagt om sterke samenwerking met de corporaties en de nutsbedrijven.

Duurzame warmtebronnen: In de eindsituatie wordt Zuidwest verwarmd door meerdere duurzame warmtebronnen. Momenteel zijn er al duurzame bronnen aanwezig of in ontwikkeling. Deze bronnen worden gekoppeld aan de warmtenetten. Bij het ontwikkelen en kiezen van bronnen geven we voorrang aan lokale en duurzame bronnen. Geothermie: • Aan de Leyweg is de eerste binnenstedelijke bron gerealiseerd. Op termijn gaat deze bron ca 4.000 woningen van warmte voorzien. • Geowarmte uit Westland. In het Westland worden meerdere geothermiebronnen gerealiseerd. De mogelijkheden om de warmte ook in te zetten voor onder meer Zuidwest wordt onderzocht. Restwarmte Rotterdam: De restwarmteleiding vanuit Rotterdam (Warmtelinq) is momenteel in ontwikkeling. Deze leiding komt door Zuidwest (Moerwijk). Vanuit Moerwijk zal deze leiding via een warmte-overdrachtsstation een deel van Zuidwest gaan verwarmen.

17

3. AMBITIES EN OPGAVEN 3.1. Het groen-blauwe raamwerk Basis voor het Ruimtelijk Raamwerk is het bestaande groen-blauwe netwerk van Zuidwest. Nu • Het is een groene wijk. De kwantiteit wordt gewaardeerd (ook in de binnenterreinen), de kwaliteit en gebruiksmogelijkheden worden veel minder gewaardeerd. • Het groene assenkruis is niet 'echt' meer groen op sommige delen. Ook ingevuld met scholen, verhard sportterrein, kunstgrasvelden. • Het groene karakter van de wijk is een belangrijke kwaliteit, de groenstructuur bepaalt in hoge mate het beeld van de openbare ruimte in en rondom de buurten. • Ecologisch groen voldoet in maat en kwaliteit niet. • Er is weinig gebruiksgroen op wijk- en buurtniveau. • Gemeenschappelijke binnentuinen in coöperatiebezit dragen in hoge mate bij aan het groene karakter van de wijk. Ambitie • Versterken en behouden van de groen/blauwe en ecologische waarden • Behouden (dus niet bebouwen) en versterken van groenstructuren en ecologische verbindingen (assenkruis, parken, singelstructuren) • Verblijfskwaliteit leefomgeving versterken • Ook na verdichting voldoet Zuidwest aan de Haagse referentienorm van 16.000 m2 groen per 1.000 woningen • Groengebieden beter onderling verbinden en de doorwaadbaarheid van groengebieden verbeteren

18

Opgave • Waardevolle groenstructuren (o.a. groene assenkruis) en bomen blijven gehandhaafd en worden waar mogelijk versterkt • Regionale waarde van de groenstructuur wordt gehandhaafd en versterkt • Er wordt duidelijk onderscheid gemaakt tussen gebruiksgroen en ecologisch groen • Er worden voorzieningen in het groen toegevoegd die de gebruiksmogelijkheden vergroten

Bron: Groenstrategie Den Haag Zuidwest (Must, 2018).

19

Grote groengebieden, groene assenkruis en ecologische zones analysekaart

20

Singels en buurtparken analysekaart

21

Binnentuinen analysekaart

22

Bomen

analysekaart

23

3.2. Verblijven, beleving en ontmoeting Nu • Er zijn weinig ontmoetingsplekken, weinig bankjes. • In veel wegprofielen is de auto bepalend. Veel parkeren op straat. Veel straten nodigen niet uit tot gebruik door voetgangers of ontmoeting • Veel winkel- en schoolpleinen zijn sober ingericht

•

•

Ontmoetingsplekken zijn vooral gericht op plekken waar je graag wilt zijn of gemakkelijk andere mensen ontmoet: aantrekkelijke pleintjes, toegankelijke parken met goede verblijfsplekken, fijne wandelpaden met bankjes, een bankje op of nabij een schoolplein Gebruiksvriendelijk. De beweegnetwerken hebben voldoende interessante plekken om een tussenstop te maken (je kunt er zitten, iets kopen, er is aanraakbaar water).

Ambitie • De buitenruimte nodigt uit tot ontmoeting tussen mensen. De omgeving heeft plekken met comfortabele zit- of ligplekken. • Er is voldoende programmatisch aanbod. Bij verblijfsplekken wordt nagedacht over de combinatie van functies die mensen bindt (bijvoorbeeld een combinatie van een terras, speeltuin en een evenement). • De openbare ruimte is functioneel ingericht. Een openbare ruimte met gebruikskwaliteit zorgt voor meer mensen op straat waardoor er meer sociale interacties zijn. Dat leidt ertoe dat het prettiger wordt om te bewegen. En dat zorgt er weer voor dat er meer mensen op straat zijn (cyclus) • Verblijf en ontmoeting stimuleren met rustpunten en beschikbaarheid van voldoende openbare toiletten.

Bron: Healthy Urbanization Toolbox ( POSAD/Maxwan, 2015)

24

Opgave • De belangrijkste ontmoetingsplekken worden geïnventariseerd, en samen met de bewoners bepaald. Op deze plekken (bij scholen, winkels, voorzieningen) en op de belangrijkste looproutes daar naar toe worden zitmogelijkheden toegevoegd, en de inrichting wordt aantrekkelijker gemaakt om te verblijven.

Ontmoetingsplekken visiekaart

terras, horeca, bij winkels

langs wandelroutes

ontmoeten, zitten in het groen, park/ gazon

bij speeltuinen

25

3.3. Spelen, sport en gezondheid Nu • Verschraald aanbod speelvoorzieningen. • Er zijn weinig wijkdekkende kwalitatieve speelvoorzieningen; de speelvoorzieningen op collectieve binnenterreinen worden nauwelijks gebruikt. • Er zijn geen of nauwelijks voorzieningen voor oudere jeugd, dus overlast. • De aansluiting van de sportvoorzieningen op de behoeften en mogelijkheden van bewoners lijkt onvoldoende (lage deelnemingsgraad). • Sportvoorzieningen zijn onvoldoende toegankelijk, en bieden weinig ruimte voor medegebruik. • Het netwerk voor ongeorganiseerd sporten en bewegen in de buitenruimte is niet optimaal. Wandel-, fiets- en bewegingsruimte is veelal niet aantrekkelijk, toegankelijk of veilig genoeg.

Opgave • Aantrekkelijke beleving voor spelen en bewegen. De omgeving biedt voldoende variatie en is overzichtelijk en leesbaar. • Connectiviteit. Wandel- of fietspaden zijn goed met elkaar verknoopt. Een goed netwerk maakt wijken en stadsdelen goed te belopen en makkelijk te bereiken met de fiets. • Goed ingerichte trottoirs. In het netwerk van beweegroutes houden we rekening met wandelaars en recreatief gebruikers van de buitenruimte (zoals skaters, hardlopers, e.d.). Dit betekent dat trottoirs op bepaalde plekken breder (maar ook

Ambitie • De buitenruimte nodigt uit tot beweging en spelen • De aanwezige infrastructuur, de beschikbaarheid van toegankelijk groen en pleinen, en de beschikbaarheid van sportvoorzieningen dragen bij aan een beweegvriendelijke gezonde wijk. • Er zijn voldoende speelplekken (conform de maatschappelijke referentienormen). • De toenemende vraag naar sportvoorzieningen als gevolg van de toenname van woningen zorgt voor een intensiever gebruik van de bestaande sportvoorzieningen.

Bron: Healthy Urbanization Toolbox ( POSAD/Maxwan, 2015)

26

• •

•

groener) worden gemaakt om deze weggebruikers te faciliteren. Waar bredere trottoirs passend zijn hangt o.a. af van de hoogte van bebouwing en de connecties met het omringende netwerk. Goede fietspaden. Het netwerk voor recreatief fietsen wordt versterkt. Rondjes. Zorg voor wandel- en fietsroutes langs beide zijden van water, zodat de hardloper een rondje van brug naar brug kan maken en de fietser of wandelaar op verschillende manieren heen en terug kan. De omgeving is beweegvriendelijk. Dat betekent: voorrang voor de wandelaar en fietser, de

• •

•

• •

• •

• •

trottoirs voldoen aan de uitgangspunten van het handboek openbare ruimte Den Haag. Veilige oversteekplaatsen op logische plekken. De openbare ruimte moet kinderen in de wijk uitdagen tot spelen en bewegen (spelaanleidingen). De omgeving is comfortabel. Dat betekent: Glad asfalt om te skeeleren. Obstakelvrije routes en paden. Het trottoir aan de zonzijde leent zich het meest voor beweging. Bij een optie voor een breed trottoir wordt deze zijde gekozen. Toegankelijk en inclusief: de buitenruimte is voor iedere doelgroep prettig en fijn om in te verblijven en te bewegen: voor ouderen, voor kinderen, voor minder validen. Bankjes kunnen ertoe bijdragen dat ouderen en mensen met een beperking er op uit kunnen gaan. Schoolpleinen zijn buiten schooltijden om zoveel mogelijk toegankelijk voor kinderen om te spelen. Binnentuinen (in eigendom van woningcorporaties) tussen wooncomplexen zijn zoveel als mogelijk toegankelijk voor kinderen om te spelen en voor wandelaars en sporters. Beweegnetwerken lopen door binnentuinen heen. Sportparken zijn buiten verenigingstijden zoveel als mogelijk open voor gebruik door buurtbewoners. Er zijn voldoende sportvelden en –hallen om te kunnen sporten (maatschappelijke referentienormen). Deze zijn makkelijk te bereiken en voor iedereen toegankelijk. Beweegnetwerken worden vooral aan groen en water gekoppeld (zonder verlies van groen).

Maak in het ontwerp plaats voor sport- en spelaanleiding voor alle doelgroepen, zoals fitness, urban sports, bootcamp, conditietraining en spelaanleidingen op trottoirs (maar houd altijd minimaal 1,5 meter vrij voor wandelaars).

Speelplekken

27

Voor speelvoorzieningen is de referentienorm 2.625 m2 per 1.000 woningen. 0-6 jaar: 1 speelplek per 275 woningen 7-12 jaar: 1 speelplek per 530 woningen 13-18 jaar: 1 speelplek per 785 woningen Sommige speelplekken, met name die voor kinderen van 0-6 jaar, zijn vanwege de beperkte afstand die kinderen afleggen logischerwijze nabij de woningen in de binnentuinen van de Corporaties gesitueerd. Als deze binnentuinen niet openbaar toegankelijk zijn, zal een speelvoorziening in de openbare ruimte nodig zijn.

28

Voedingsgebied: Buurt/wijk 0-6 jaar: 100-150 meter 7-12 jaar: 400-600 meter 13-18 jaar: 1.000 meter Maatvoering: 0-6 jaar: 200 m2 7-12 jaar: 500 m2 13-18 jaar: 750 m2

Spelen, sport en gezondheid visiekaart

29

3.4. Groen en ecologie Nu • Veel groen aanwezig, maar de inrichting (ecologische waarde, gebruiksmogelijkheden) laat te wensen over. Heel veel gras met bomen, weinig onderbeplanting en struweel, waardoor weinig verschillende biotopen aanwezig zijn en de biodiversiteit gering is. Weinig sierwaarde en belevingswaarde in het groen. • Overgangen openbaar groen, semi openbaar groen en privé groen niet altijd duidelijk • Volwassen boombeplanting • Grote groengebieden (Uithof, Zuiderpark) zijn door brede wegen en gebrek aan ingangen niet optimaal bereikbaar vanuit de omliggende woonwijken Ambitie • Natuur-inclusieve ontwerpen voor gebouwen en openbare ruimte wordt het uitgangspunt • Ecologische verbindingszones voldoen zowel in maat als in biotoop aan de vastgestelde uitgangspunten • Groene binnentuinen blijven een belangrijk onderdeel van het groene karakter van de buurt Opgave • Nieuwbouw en renovatie wordt zo ontworpen dat het niet alleen mensen, maar ook natuur huisvest. • (School-)pleinen minder verhard maken, bij nieuwbouw van scholen is realisatie van groenblauwe schoolpleinen het uitgangspunt • Nieuwe robuuste ecologische verbindingen realiseren door bestaande groenstroken beter in te richten en zo mogelijk te verbreden

• • • • •

•

Grond en gebouw-gebonden groen toepassen Groene en blauwe structuur op belevingshoogte (ooghoogte) meer kwaliteit geven Hekken maken plaats voor heggen. Natuurvriendelijk berm en groen beheer Binnentuinen op parkeerplaatsen (dubbel grondgebruik) hebben voldoende gronddekking zodat ze ook werkelijk groen kunnen zijn. Bestaande boomplanting zoveel mogelijk handhaven en beschermen bij renovatie, waardevolle bomen beschermen of compenseren bij verdichting, conform het Routeboek Stadsbomen in projecten, Nota Stadsbomen Bron: nota Stadsnatuur (2020)

30

31

32

Groen en ecologie visiekaart

bloemperken, bloemrijk

buurtmoestuin

mini-bos

groenbeheer en onderhoud

blauwgroene daken, dakpark

vlindertuin

singelpark

33

3.5. Water en klimaat Nu • Eén groot peilgebied voor Morgenstond, Bouwlust en Vrederust, Moerwijk apart peilgebied • Knelpunten watersysteem door krappe duikers, smalle watergangen en de vaak dikke baggerlaag in de smalle sloten • Wateroverlast beperkt zich vooral tot sportvelden laaggelegen binnentuinen en buurtparken, weinig overlast in de overige openbare ruimte • Hittestress met name in de boomloze verharde gebieden: Leyweg, sportvelden Ambitie • Gebiedsgericht waterbergingssysteem • Verdichting betekent forse waterbergingsopgave • Voldoende ruimte voor waterberging, • Afkoppeling hemelwater van riolering • Knelpunten wateroverlast en hittestress worden aangepakt Opgave • De wateropgave bestaat uit 2 componenten: de waterbergingseis als gevolg van verdichting en herinrichting (toename verharding) en klimaatadaptieve maatregelen op basis van de stresstesten (wateroverlast).De waterbergingseis bestaat uit een aantal m3 te realiseren water. De klimaatadaptieve maatregelen zijn niet meteen gekoppeld aan m3 te realiseren water, maar bestaan meestal uit het oplossen van een knelpunt, bijv. door ophogen, afkoppelen en infiltreren. • De wateropgave voor heel Zuidwest wordt in beeld gebracht in een op te stellen

34

Knelpunten watersysteem (Delfland)

•

waterhuishoudingsplan.Hierin worden mogelijke maatregelen verdeeld over het totale peilgbied, zodat op het schaalniveau van de gehele wijk de beste en meest effectieve oplossingen gekozen en vastgelegd kunnen worden. Inzetten nieuwe waterberging op plekken waar het meerwaarde voor de openbare ruimte heeft i.p.v. het fungeren als scheidslijn of achterkant. Voorbeelden hiervan zijn het stimuleren van

• • •

biodiversiteit en waterkwaliteit, het opheffen van knelpunten in het watersysteem, of het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit in projecten. Bufferen en opslag op eigen terrein bij nieuwbouw Materiaalgebruik is wateropvangend, -vasthoudend of -doorlatend. Aanleggen van gescheiden rioolstelsel bij nieuwbouw en renovatie.

Water

analysekaart

35

Wateroverlast 36

Hittestress 37

38

Klimaatadaptatie visiekaart

bloemperken, bloemrijk

buurtmoestuin

mini-bos

groenbeheer en onderhoud

blauwgroene daken, dakpark

vlindertuin

singelpark

39

3.6. Mobiliteit Nu • Bestaande voet- en wandelpaden zijn niet altijd optimaal, in onderhoud/beheer, maar ook de aantrekkelijkheid van de routes, goede en veilige oversteken en de afwisseling en het programma langs de wandelroutes laten te wensen over. • Voorzieningen en winkelcentra bieden goede autobereikbaarheid en parkeerfaciliteiten. Toeleidende routes voor fiets en voetganger zijn deels voor verbetering vatbaar. • OV is een onvoldoende volwaardig alternatief voor de auto (qua reistijd, gemak, fijnmazigheid en betaalbaarheid). • De afstanden van Zuidwest naar het centrum en de NS-stations zijn relatief groot. • Er zijn onvoldoende hoogwaardige OVverbindingen vanuit Zuidwest naar voorzieningen in de stad (oa. Haagse Markt, Ziekenhuis, Scholen, centrum, CID/Binckhorst, de kust van Kijkduin & Scheveningen) als ook naar voorzieningen en centra in de regio (o.a. Westland, Rijswijk, Delft). • Zuidwest heeft een fijnmazig en ruim opgezet wegennet, de auto is duidelijk aanwezig. • De auto wordt vaak gezien als statussymbool. • Het autogebruik in Zuidwest is iets hoger dan gemiddeld in de hele stad. Datzelfde geldt voor het lopen. Fietsen en OV is minder populair vergeleken met de rest van de stad. • Er is geen parkeerregime (parkeervergunning), alleen betaald parkeren nabij winkelcentrum Leyweg en de noordelijke punt van Moerwijk.

De parkeerdruk is vrij hoog in bepaalde delen van Zuidwest, er wordt veelal op het maaiveld, in de

40

openbare ruimte geparkeerd. De stallingsgarages die aanwezig zijn worden niet altijd optimaal gebruikt.

Ambitie • Stimuleren overgang naar schone, ruimte-efficiënte en veilige mobiliteit • Inrichting woonomgeving stimuleert en faciliteert duurzaam mobiliteitsgebruik. • Verbeteren en versterken netwerk van loop-en fietsverbindingen dat tevens naadloos en intuïtief aansluit op het OV • Aantrekkelijk en toegankelijk OV • Versterken bereikbaarheid OV binnen Zuidwest en de stad als ook naar de regio, de randstad en verder • Verbeteren keuze-en combinatiemogelijkheden reizigers (deelmobiliteit en mobiliteitshubs) • Verbetering verkeersveiligheid • Meer hiërarchie en functieverdeling in het wegennetwerk • Bundelen autoverkeer op een beperkt aantal goed ingepaste stedelijke en regionale hoofdwegen en daarmee meer woonstraten

Opgave • Ontwerpen op basis van het STOMP-principe: in de eerste plaats kiezen voor de voetganger en fietser, gevolgd door het ov, deelmobiliteit en privéauto. • Differentiatie in verkeersnetwerk aanbrengen (sommige straten van de hoofdstructuur focus op auto, andere straten focus op OV/ fiets/ lopen) • Differentiatie aanbrengen in OV: 'Regionaal & Stedelijk Verbindend' (vrijliggens en snel) en 'Regionaal & Stedelijk Ontsluitend' (met overige verkeer geïntegreerd en fijnmazig)." • Fijnmazig netwerk van voetpaden realiseren, door het toevoegen van paden, bruggetjes en doorsteken, verbreden van stoepen en het verbeteren van bestaande paden. • Verbeteren oversteekbaarheid van hoofdwegen, met name bij de prioritaire voetgangersroutes en grote groengebieden • Netwerk realiseren van aantrekkelijke fietsroutes en uitbreiding sterfietsroutes en vrijliggende fietspaden (goed verlicht, goed onderhouden, veilig) • Meer snelle fietsverbindingen tussen belangrijke voorzieningen, centra, en werklocaties in de wijk • Realiseren van een metropolitane fietsroute richting Westland en deze goed aansluiten op het stedelijk fietspadennetwerk • Langzaamverkeer-routes koppelen aan de groenblauwe structuur, zodat aantrekkelijke routes ontstaan • Goede stallingsmogelijkheden voor (elektrische) fietsen en scooters, bij woningen, OV haltes en voorzieningen

•

•

• •

•

• • • • • •

Goede voetgangers- en fietsroutes naar OV haltes en naadloze en intuïtieve aansluiting van loop- en fietsroutes op OV haltes (die mogelijkerwijs deels -lichte- herplaatsing behoeven) Sociaal en fysiek veilige haltes, met goede voorzieningen rondom haltes realiseren (reisinfo, bewegwijzering, last mile oplossingen) Betere verbinding of combineren Busstation Leyweg met hub Hagaziekenhuis Goede OV verbindingen tussen de belangrijke bestemmingen in Zuidwest (Hub bij Hagaziekenhuis, De Uithof, Winkelcentrum Leyweg, sportcampus) en overstappen voor belangrijke ovroutes beperken De OV verbindingen ‘naar buiten’ met centrum, Westland, Rijswijk en Kijkduin verbeteren (ZuidWestlandcorridor en Tangent RijswijkZuidwest-Kijkduin) Station Moerwijk beter bereikbaar maken en realiseren goede voorzieningen voor fietsparkeren Ruimte voor elektrisch en innovatief vervoer bieden Ruimte voor deelvervoer bieden, aansluitend op de behoefte van bewoners en ondernemers Mobiliteitshubs realiseren, in samenhang met OV haltes en voorzieningen Doorstroom van autoverkeer op hoofdontsluitingswegen voldoende waarborgen Belangrijke voorzieningen en bestemmingen moeten voor de auto goed toegankelijk blijven (ziekenhuis, Uithof, bedrijventerrein ZKD, winkelgebieden)

•

• • •

Doorgaand autoverkeer niet door de wijk, meer autoluwe straten op buurtniveau en zoveel mogelijk 30km/u straten en eventueel 15 km/u straten (te onderzoeken), waarbij Regionaal & Stedelijk Verbindend OV haar regime van 50km behoudt mits vrijliggende infrastructuur aanwezig. Invoeren betaald parkeren Ruimte voor innovatieve en collectieve parkeervoorzieningen bieden Ruimte van te vervallen parkeerplaatsen benutten voor andere modaliteiten en functies (sport, groen, verblijven)

41

Voetgangers analysekaart

42

Voetgangers visiekaart

43

Fiets

analysekaart

44

Fiets

visiekaart

snelfietsroutes

fietsvoorzieningen in woonstraten

veilige oversteken

45

Openbaar vervoer analysekaart

46

Openbaar vervoer visiekaart

47

Parkeren en deelmobiliteit visiekaart

48

Auto

analysekaart

49

Auto

visiekaart

50

3.7. ondergrondse infrastructuur Nu • Vastgoed heeft een laag energielabel. • Het gasnetwerk is zeer verouderd. • Zuidwest heeft als voorloper in Den Haag een collectief warmtenet dat duurzame warmte uit de geothermiebron levert aan woningen. • Verouderd gemengd rioolstelsel Ambitie • Voor 2040 is de wijk voorzien van een schoon alternatief voor aardgas. • Bestaande bebouwing verduurzamen • Bestaande bouw aansluiten op een collectief warmtenet • Op kleine schaal mogelijkheden voor WKO-netten en Warmtepompen • Inzet van restwarmte Hergebruik restwarmte van de WarmtelinQ en geothermiewarmte uit het Westland • Inzet van lokale bronnen als WKO en Aquathermie bronnen voor nieuwbouw • Verzwaring van het elektranet Opgave • Ondergronds ruimtebeslag hoofdtracés • Hengelolaan als verbinding Deelgebied 1 – HAL • Leyweg als verbinding met Wateringse Veld • Aansluiten op WarmtelinQ • Ondergronds ruimtebeslag in de buurten • Principeprofielen • Per buurt verschillen afhankelijk van systeemkeuze • Bovengronds ruimtebeslag WOS, HAL • Aanleggen van gescheiden rioolstelsel bij nieuwbouw en renovatie • Aanpassingen gas-en elektranet

Energiekansenkaart met kansrijke energieoplossingen per wijk

51

Riolering

analysekaart

52

Energietransitie visiekaart

WOS = Warmteoverdrachtstation

53

4. LANGE LIJNEN & DWARSVERBINDINGEN 4.1. Rol en betekenis van de lijnen Zoals al eerder beschreven vormen de lange lijnen van Zuidwest de basis van het Ruimtelijk Raamwerk. • • •

• • •

Ze spelen een grote rol in de bereikbaarheid en de aansluiting op het omringende wegennetwerk Ze spelen een rol bij het vormgeven van de mobiliteitstransitie Ze zijn van betekenis bij het vergroenen, het maken van robuuste ecologische verbindingen en de klimaatadaptatie Ze bieden kansen om gebruik- en verblijfskwaliteit toe te voegen Ze hebben een duidelijke relatie met de verdichtingskansen Ze bieden ruimte aan het inpassen van de energietransitie

Als geheel wordt het netwerk van lange lijnen wel gekenmerkt door een grote eenvormigheid. De wegen lijken erg op elkaar. Meer differentiatie is gewenst. Dit kan omdat in de toekomst niet alle lijnen meer eenzelfde betekenis hebben in het wegennetwerk, en bijvoorbeeld sommige wegen geen directe aansluiting op het regionale hoofdwegennet (Lozerlaan) hebben. Dit biedt kansen om functies en programma toe voegen in de openbare ruimte, en komt ook de herkenbaarheid en orientatiemogelijkheden op deze nogal uniform ingerichte hoofdwegen ten goede. In de volgende paragrafen worden voor elke lijn de karateristieken, ambities en opgaven beschreven. Daarbij worden de volgende algemene uitgangspunten gehanteerd:

54

•

•

Benutten van kansen voor vergroening door uitbreiding en clustering van groen principe. Waar mogelijk maten van minimaal 30m groen aanbrengen. Voldoende ruimte voor de voetganger, vooral bij midden- en hoogbouw. Het gaat daarbij niet om minimale maten (1,5 m vrije doorloopruimte) maar om ruimelijke verhoudingen, in combinatie met de margestrook/voortuin.

•

•

•

Organiseer zoveel mogelijk kansen voor natuurlijk toezicht. Geen steegjes e.d. waar het zicht op de wandelaar of fietser beperkt is. De eigendomssituatie van de buitenruimte moet helder zijn; openbaar/publiek of privaat. Alles ertussenin leidt tot mogelijk onveilige situaties of gebrekkig onderhoud. Bekijk of (dynamische) verlichting nodig is om de situatie veilig te maken

Bron: Den Haag Zuidwest - Groen/Blauw Icoon Project (Flux, 2021)

55

4.2. Meppelweg Nu • 50 km/u regiem, stedelijke hoofdweg • 1+1 (zeer brede) rijstrook, parkeren langs rijbaan • Sterk wisselend, soms asymmetrisch profiel met achterkanten van woningen en bedrijven • Tram (lightrail) in middenberm • Bomenrijen in middenberm ontbreken tussen Berensteinlaan en Lozerlaan

Profiel huidige situatie

56

Ambitie • 50 km/u regiem blijft, belangrijke entree voor de stad • Vrije trambaan (lightrail) handhaven • Minder verstoring doorstroming autoverkeer • Achterkanten van woningen / bedrijventerrein: herstellen stedenbouwkundige symmetrie • Versterken boomstructuur

Opgave • Ventweg met langsparkeren bij nieuwe projecten, zo mogelijk uitbreiden bij bestaande bebouwing • Aanvullen bomenrijen langs middenberm • Verbeteren groeiplaatsomstandigheden bomen • water beleefbaar houden / maken; groen benutten voor wateropvang en infiltratie / buffering.

57

4.3. Hengelolaan Nu • Sterk wisselend, soms asymmetrisch profiel • 50 km/u regiem • Goed gebruikte busroute • Duidelijke laanstructuur • Veel parkeren in het profiel • Water geen structurerend element

Profiel huidige situatie

58

Ambitie • Van 50 naar 30 km/u, minder asfalt • In de toekomst geen directe aansluiting meer op de Lozerlaan, minder doorgaand verkeer • Hoogwaardig OV (bus óf tram, zo veel als mogelijk op vrijliggende baan) • Icoonproject Hengelolaan (Flux) • Verbeteren langzaamverkeers verbinding naar Uithof en Zuiderpark • Versterken groenstructuur • Verminderen ruimteclaim parkeren • Ruimte voor de energietransitie

Opgave • herprofilering van 50 naar 30 km/u regiem • Vrijkomende ruimte benutten voor vergroening, spel/sport, ontmoeten en OV • meer ruimte voor fietsers en voetgangers, zo mogelijk vrijliggende fietsroute in twee richtingen, bredere trottoirs • Versterken boomstructuur / groeiplaatsverbetering • Onderzoeken inpassing vrijliggende bus of trambaan • Alternatieve parkeerlocaties onderzoeken • Inpassen hoofdleiding energietransitie • water beleefbaar houden / maken; groen benutten voor wateropvang en infiltratie / buffering. • Afweging verschillende ruimteclaims vraagt nadere studie, niet alles gaat passen.

59

4.4. Melis Stokelaan Nu • Sterk asymmetrisch profiel • 50 km/u regiem • Onderdeel van een breder profiel met sportvelden / bijzondere bebouwing (Groene Assenkruis) • In combinatie met bovenstaande functies weinig dwarsverbindingen • Ecologische verbindingszone • Geen vrijliggend fietspad aan de gevelzijde • Bomenrij aan de gevelzijde matig, klein

Profiel huidige situatie

60

Ambitie • Van 50 naar 30 km/u in het gedeelte tussen Lozerlaan en Loevensteinlaan, minder asfalt • In de toekomst geen directe aansluiting meer op de Lozerlaan, minder doorgaand verkeer • Verminderen barrièrewerking • Verbeteren vebinding naar Uithof en Zuiderpark voor langzaam verkeer • Inpassen Metropolitane Fietsroute naar het Westland • Handhaving vrijliggende trambaan • Versterken ecologische verbindingszone • Kansen voor verbreden oppervlaktewater • Gevolgen hogere bebouwing (verdichting) • Versterken groenstructuur

Opgave • Voor de auto herprofilering van 50 naar 30 km/u regiem tussen Lozerlaan en Loevensteinlaan. • Onderscheid aanbrengen in snelheidsregime OV/ tram (50km/u) en overig verkeer.auto (30km/u) • Tussen Loevensteinlaan en Troelstrakade nader onderzoek nodig naar gewenst verkeersregiem (Modelberekeningen MER). • Vrijkomende ruimte benutten voor vergroening, spel/sport en ontmoeten • Vrijliggende fietsroute in twee richtingen • Toevoegen oversteken en dwarsverbindingen • Versterken boomstructuur / groeiplaatsverbetering • Bestaand groen beter inrichten m.b.t. ecologische functie en waterbuffering /infiltratie • vergroten waterberging door verbreding waterloop / aanleg natuurvriendelijke oevers

61

4.5. Erasmusweg Nu • 50 km regiem, stedelijke hoofdweg • 2+2 rijstroken, forse barrière • parkeren langs rijbaan • Asymmetrisch profiel (bomen, bebouwing) • Deels langs groene rand van de wijk • Deels langs singel met 30 km/u straat aan andere zijde • Boomstructuur hier en daar matig • Stenig profiel

Profiel huidige situatie

62

Ambitie • 50 km/u regiem blijft, belangrijke entree voor de stad • Minder verstoring doorstroming autoverkeer • Versterken boom/groenstructuur • Versterken ecologische verbindingszone

Opgave • Behoud van 2+2 rijstroken • Ventweg met langsparkeren bij nieuwe projecten, zo mogelijk uitbreiden bij bestaande bebouwing • Streven naar eenduidig profiel • Onderzoek naar - met overig verkeer meerijdend HOV (bus) lijn • Aanvullen bomenrijen langs middenberm • Verbeteren groeiplaatsomstandigheden bomen • Verbeteren inrichting ecologische zone • Profiel geschikt maken voor kortdurende opvang van hemelwater bij extreme neerslag.

63

4.6. Soestdijksekade /Troelstrakade Nu • 50 km/u regiem • Soestdijkse kade = stedelijke hoofdweg, 1+1 rijstrook en aan één zijde parkeren • Troelstrakade = wijkontsluitingsweg, 1+1 rijstrook en busbaan • Asymmetrisch profiel, langs het Laakkanaal • Oversteekbaarheid / barrière werking is een probleem, beperkt de toegankelijkheid van het Zuiderpark • Water Laakkanaal deels onzichtbaar / onbereikbaar door woonboten • Stenig profiel

Profiel huidige situatie

64

Ambitie • 50 km/u regiem handhaven op de Soestdijkse kade • 30 km/u onderzoeken op Troelstrakade • Barrierewerking verminderen • Minder verstoring doorstroming autoverkeer langs stedelijke hoofdweg • Verbeteren looproute Zuiderpark - Station Moerwijk

Opgave • Oversteek / brug toevoegen, in combinatie met nieuwe entree Zuiderpark • Onderzoek naar het opheffen van parkeren langs stedelijke hoofdweg • Herinrichten Troelstrakade met aantrekkelijke looproute aan de waterzijde, water beter beleefbaar maken. • Profiel geschikt maken voor kortdurende opvang van hemelwater bij extreme neerslag. • Plaatselijk vergroenen kade zodat er meer kansen voor watergebonden ecologie ontstaat

65

4.7. Moerweg Nu • 50 km/u regiem, stedelijke hoofdweg, 2+2 rijstroken • In combinatie met 30 km woonstraat aan de overzijde van singel • Asymmetrisch profiel, aan één zijde parkeren langs hoofdrijbaan • Oversteekbaarheid / barrièrewerking is een probleem, beperkt de toegankelijkheid van het Zuiderpark • Water deels onzichtbaar

Profiel huidige situatie

66

Ambitie • 50 km/u regiem handhaven • Barrierewerking verminderen • Minder verstoring doorstroming autoverkeer en OV (bus)

Opgave • Parkeren langs hoofdrijbaan opheffen • Oversteek / brug toevoegen, in combinatie met nieuwe entree Zuiderpark • Water beter beleefbaar maken

67

4.8. Loevensteinlaan Nu • 50 km/u regiem, stedelijke hoofdweg • Grotendels 2+2 rijstroken, ter hoogte van het Zuiderpark 1+1 rijstrook met parkeren • Tussen Melis Stokelaan en Cannenburglaan vrijliggende trambaan in middenberm • Groene middenberm, deels met tram. • Symmetrisch profiel • Oversteekbaarheid niet optimaal • Fraaie boomstructuur / Parkway karakter

Profiel huidige situatie

68

Ambitie • 50 km/u regiem handhaven • Barrierewerking verminderen • Minder verstoring doorstroming autoverkeer • Parkway karakter behouden / versterken • Tussen Melis Stokelaan en Cannenberglaan behoud van vrijliggende trambaan in middenberm

Opgave • Parkeren langs hoofdrijbaan ter hoogte van Zuiderpark opheffen / verminderen • Profiel zo veel mogelijk vergroenen • Voetgangers oversteken verbeteren / verbreden • Profiel geschikt maken voor kortdurende opvang van hemelwater bij extreme neerslag.

69

4.9. Leyweg Nu • Door positie winkelcentrum valt de Leyweg uiteen in verschillende segmenten. • Voetgangersgebied vormt voor fietsers een barrière. • Stenig profiel

Profiel huidige situatie

70

Ambitie • Minder barrieres voor fietsers • Aantrekkelijker verblijfsklimaat • Hittestress tegengaan • Meer samenhang / verbeteren overgangen tussen de verschillende segmenten • Ruimte voor de energietransitie en klimaatadaptatie • •

Opgave • Voetgangersgebied voor fietsers toegankelijk maken • Voetgangersgebied vergroenen, toevoegen speelen zitplekken • Herontwerp kruispunt met Hengelolaan, mogelijk uitbreiden voetgangersgebied tussen Hengelolaan en Holtenstraat • Onderzoek naar inpassing vrijliggende busof trambaan vanaf Haga Ziekenhuis tot aan Hengelolaan • Inpassen hoofdleiding energietransitie • Profiel geschikt maken voor kortdurende opvang van hemelwater bij extreme neerslag.

71

4.10. Dedemsvaartweg Nu • • • • • •

Relatief smal stenig 50 km/u profiel met tweezijdig langsparkeren en aangrenzend fietspad en trottoir Trambaan, deels vrijliggend in middenberm, deels geintegreerd in autorijbaan Smalle fietspaden Weinig voorzieningen boomstructuur matig, voor het grootste deel maar aan één zijde bomen, relatief ver uit elkaar In combinatie met de bebouwing vormt de weg een barriere tussen de sportvelden van Escamp I & II en Morgenstond

Profiel huidige situatie

72

Ambitie • • • •

Meer ruimte voor voetganger en fietser Versterken groene karakter Verminderen barrierewerking Handhaving trambaan

Opgave • • • • • •

Als buurtontsluitingsweg handhaving 50 km/u Waar mogelijk fietspaden verbreden Vergroenen waar mogelijk Versterken boomstructuur door groeiplaatsverbetering en toevoegen bomen Toevoegen oversteken en verbindingen naar Escamp I & II Profiel geschikt maken voor kortdurende opvang van hemelwater bij extreme neerslag..

73

4.11. Vrederustlaan Nu • • • • • • •

Ambitie Stenig 50 km/u profiel met tweezijdig langsparkeren en aangrenzend fietspad en trottoir Tussen Hengelolaan en Melis Stokelaan singel met groene oevers aan één zijde voor de rest alleen groenzone / voortuinen langs de woningen Brede trottoirs Verbindt voorzieningen, o.a winkelcentrum, scholen, kerk, moskee Busroute Aanvoerroute winkelcentrum de Stede

Profiel huidige situatie

74

• • • • •

Meer ruimte voor voet en fiets gewenst. Veilige loop- en fietsroute naar school Meer ruimte voor ontmoetingsplekken bij voorzieningen Minder doorgaand verkeer Versterken groene karakte

Opgave • • • •

Herprofilering, omvorming naar 30 km /u regiem Onderzoek naar knip voor autoverkeer (niet OV) Aanleg bredere stoepen Meer fietsparkeerplekken

75

4.12. Beresteinlaan Nu • Stenig 50 km/u profiel met tweezijdig langsparkeren en aangrenzend fietspad en trottoir • Tussen Meppelweg en Hengelolaan singel met groene oevers aan één zijde • voor de rest alleen groenzone / voortuinen langs de woningen • Ontsluit veel voorzieningen, m.n. scholen

Profiel huidige situatie

76

Ambitie

Opgave

• •

• • •

• • •

Meer ruimte voor voet en fiets gewenst. Veilige loop- en fietsroute naar school Meer ruimte voor ontmoetingsplekken bij voorzieningen Minder doorgaand verkeer Versterken groene karakter

• •

herprofilering naar 30 km/u onderzoek naar knip om doorgaand verkeer te weren Aanleg bredere stoepen Meer fietsparkeerplekken Onderzoek of (stedelijk ontsluitende) bus wenselijk is op een stukje Berensteinlaan

77

4.13. Lozerlaan Nu • Regionale hoofdweg, 70/50 km profiel met brede middenberm en veel groen. • Markeert de rand van de wijk. Vormt een barriere naar de aan de andere kant gelegen Uithof • Relatief veel aansluitingen op het wegennet van Zuidwest.

Profiel huidige situatie

78

Ambitie • • • •

Doorstroming autoverkeer op regionaal / stedelijk niveau garanderen. Barriere werking voor langzaam verkeer verminderen. Barriere werking voor ecologie verminderen Versterken / behouden groene 'Parkway' karakter

Opgave • • •

•

Ongelijkevloerse kruising met Erasmusweg Loskoppelen van Melis Stokelaan en Hengelolaan Verbeteren oversteekbaarheid door toevoegen ongelijkvloerse kruisingen voor langzaamverkeer (brug, zo mogelijk in combinatie met (half) verdiepteligging rijbaan) Verbeteren ecologische verbindingen in combinatie met ongelijkvloere kruisingen langzaamverkeer (ecoduct)

79

5. ONTWERPPRINCIPES Naast de meer thematische uitgangspunten en de uitgangspunten voor de lange lijnen, zoals beschreven in de voorgaande hoofdstukken, bevat het Ruimtelijk Raamwerk ook een aantal andere ontwerpprincipes die als uitgangspunt worden gehanteerd bij de verschillende projecten in de wijk. Naast cultuurhistorie, materialisering en detaillering van de openbare ruimte komen daarbij ook de ontwerpprincipes in de directe woningomgeving aan de orde, namelijk de overgang openbaar-privé en de gemeenschappelijke binnentuinen.

•

•

5.1. Karakteristieken Zuidwest Den Haag Zuidwest kent als geslaagd voorbeeld van de naoorlogse wederopbouw een duidelijke cultuurhistorische betekenis, In het rapport 'Cultuurhistorische Verkenning - herijking cultuurhistorische waarden van Den Haag Zuidwest' (Crimson, 2021) zijn deze waarden ook met betrekking tot de openbare ruimte en het groen beschreven: •

80

Na bestudering van Den Haag Zuidwest luidt de conclusie dat de ruimtelijke hoofdstructuur, inclusief de integraal mee ontworpen groene en blauwe structuren, nog volledig intact is en van grote waarde. Zuidwest bestaat uit drie afzonderlijke wijken die in fases zijn ontworpen van oost naar west en worden samengehouden door een orthogonaal stelsel van hoofd- en secundaire verkeerswegen en een groen assenkruis. De continue lange lijnen die Zuidwest ordenen komen voort uit de Haagse stadsstructuur. Het groene assenkruis heeft naast het bieden van groene

•

longen voor de wijk een belangrijke ordenende functie. Het in samenhang ontworpen groen in en om Zuidwest, maar ook op kleiner schaalniveau in de buurten is van grote waarde, niet alleen vanwege de ordening en geleding die het groenlandschap biedt maar ook vanwege de rijke tot wasdom gekomen beplanting. De wijken Moerwijk, Morgenstond en BouwlustBerestein-Vrederust hebben elk een eigen ruimtelijk karakter. De wijken kwamen in verschillende periodes en onder invloed van meerdere stedenbouwkundige visies tot stand en hebben als gevolg daarvan zeer specifieke eigen ruimtelijke karakteristieken: bepaald door het traditionele halfopen gesloten bouwblok met daartegenover een overwegend open verkaveling. Het groen van het assenkruis heeft een belangrijke ordenende functie maar is niet nadrukkelijk ingericht op verblijf, door de beslotenheid van sportclubs en de beperkte toegankelijkheid functioneert het groen eerder als barrière dan een uitnodigende voorziening.

Mede op basis van dit onderzoek heeft het Ruimtelijk raamwerk dan ook de doelstelling om deze bestaande kwaliteiten in de openbare ruimte te koesteren en te versterken. De singels en de lange lijnen vormen de basis van het raamwerk en worden gebruikt om deze identiteiten te versterken.Daarbij vormt de vormentaal van de naoorlogse stedenbouw en de samenhang met de gebouwde omgeving een belangrijk gegeven.

81

5.2. Ontwerpprincipes en beeldkwaliteit openbare ruimte De ontwerpprincipes en de beeldkwaliteit voor de openbare ruimte zijn voor heel Den Haag vastgelegd in het Handboek Openbare Ruimte en de bijbehorende Kadernota. Daarin is voor Zuidwest het ambitieniveau van Residentiekwaliteit vastgelegd, inclusief de daarbij behorende materialen, kleuren, wegenbouwdetails en type straatmeubilair. Dit betekent dat er voor het standaard straatmeubilair in Zuidwest géén afwijkende, specifieke materialen, objecten of kleuren worden voorgesteld. Dit geldt niet voor specifiek voor Zuidwest ontworpen elementen zoals bruggen en kademuren. Deze kunnen met hun herkenbare kleurstelling of detaillering bijdragen aan de herkenbaarheid van Zuidwest. In de nog te maken gebiedsgerichte beeldkwaliteitsplannen zal hier nader op worden in gegaan. In de Kadernota 2020 wordt wat specifieker ingegaan op de beleidsdoelen en ambities voor de openbare ruimte in de naoorlogse wijken. Voor Zuidwest houdt dit in dat de focus ligt op behoud en versterking van de bestaande groenstructuren, het beperken van de ruimtedruk door het instellen van een parkeerregime en het toevoegen van functies in de openbare ruimte.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12654945/1