RIS315170 Bijlage B9 “De straat verdient het” Handel in de buitenruimte
Tekst van het document
“De straat verdient het”: handel in de buitenruimte NOTA MARKTEN, STRAATHANDEL EN KIOSKEN 2016-2021
1
Hoofdstuk 1: Inleiding 1.1 Ambitie Het college wil meer ruimte bieden aan ambulante handel. Dat is de verzamelterm voor straathandel, kiosken en markten. In het Coalitieakkoord 2014-2018 “Vertrouwen op Haagse kracht” is uitgesproken dat we de komende jaren ook dit stuk Haagse kracht een flinke impuls willen geven. We maken daarbij optimaal gebruik van de kwaliteiten van de stad en de kansen die zij biedt. Ons streven daarbij is: levendige handel in een aantrekkelijke buitenruimte. Dat moet leiden tot een gelijk speelveld met meer banen, meer ruimte voor ondernemerschap, meer kwaliteit, meer diversiteit, meer klanten, meer bezoekers van buiten de stad en betere inbedding in de omgeving. In deze nota geven we aan hoe we de ambities van het Coalitieakkoord in de komende jaren handen en voeten gaan geven. Ambulante handel is belangrijk voor de stad. Markten, straathandel en kiosken zorgen voor reuring en dynamiek op straat, verhogen de aantrekkelijkheid van de stad voor bewoners en bezoekers en scheppen werkgelegenheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Er is veel te kiezen en de prijzen zijn soms lager dan in de winkel. Kiosken, buurtmarkten en venters dienen het gemak van de consument en zorgen ervoor dat je veel inkopen in de buurt kan doen of zelfs aan huis. Op themamarkten kun je bijvoorbeeld bijzondere en exotische producten vinden.
Je gaat erheen om te kopen, maar ook voor de beleving. Themamarkten kunnen publiek van ver buiten de stad aantrekken en dragen wezenlijk bij aan het toeristische profiel van Den Haag. Daarom gaan we conform het coalitieakkoord “Vertrouwen op Haagse Kracht” voorwaarden scheppen voor uitbreiding van het bestaande aanbod:
“Ambulante handel krijgt meer ruimte. Regels versoepelen, omwille van een dynamisch straatbeeld, zonder dat het rommelig wordt en rekening houdend met de belangen van bewoners. En regels die overblijven, worden goed gehandhaafd.” Het nieuwe gemeentelijk beleid streeft naar een levendige handel in een aantrekkelijke buitenruimte, welke past bij de reuring van een grote stad en toeristische trekpleister en de behoefte van bewoners aan een prettige woonomgeving. 1.2 Aanleiding Waarom nu een nieuwe Nota? Het huidige beleid is gedateerd en sluit niet (meer) voldoende aan bij de wensen van consumenten en ondernemers. Er zijn volop nieuwe ontwikkelingen en ondernemers die graag in de buitenruimte handel willen bedrijven, tijdelijk of structureel. Het college wil hiervoor kansen bieden en een gelijk speelveld creëren door het uitbreiden van het aantal standplaatsen en door meer ruimte te bieden voor themamarkten en buurtmarkten. 2
De aantrekkelijkheid van de stad voor bewoners en bezoekers wordt vergoot en kan zorgen voor nieuwe banen. De aanpak van de werkloosheid is een van de kernthema’s in het Coalitieakkoord. Er is behoefte aan duidelijkheid over wat wel en niet mag in de buitenruimte. Dat is in de loop der jaren vervaagd. Ons uitgangspunt is dat de buitenruimte gebruikt mag worden. Reuring past bij een grote stad. Het stellen en handhaven van duidelijke grenzen is nodig om de leefbaarheid te waarborgen en om ondernemers gelijke kansen en gelijke mogelijkheden te bieden.
1.3 Reikwijdte van de nota In de praktijk is er vaak verwarring over het begrip ambulante handel. Zo wordt er bijvoorbeeld veelvuldig over kiosken gesproken, terwijl feitelijk de (vaste) standplaatsen worden bedoeld. Deze nota gaat over markten, straathandel en kiosken. Dit is meer dan ambulante handel. Het omvat alle handel op straat en alles wat in de beleving van de consument als een markt of handel in de buitenruimte wordt ervaren. Bij markten worden zowel buitenmarkten als indoormarkten meegenomen. Belangrijk onderscheid zit in het al dan niet ambulante karakter van de markten, straathandel en kiosken. Ambulante handel is het te koop aanbieden of venten van goederen via deur-aan-deurverkoop, aan willekeurige gegadigden op de weg of vanuit een kraam, verkoopwagen of grondplaats op een markt of een standplaats. Ambulante handel onderscheidt zich van de gevestigde ‘sedentaire’ detailhandel (de winkels) en horeca door het mobiel zijn van de verkooppunten. Hieronder geven we dit schematisch weer. Buurt- en wijkmarkten Buitenmarkten
Themamarkten Incidentele markten
Ambulante handel Ambulante standplaatsen Straathandel
Venters en colporteurs Ondergeschikte ambulante handel bij evenementen
Sedentaire handel (met een ‘markt’karakter)
3
Haagse Mart Kiosken Indoormarkten
1.4
De Nota in een notendop (samenvatting/leeswijzer)
We zijn het proces van deze nota gestart met een blik naar buiten. Onderzocht is wat klanten en ondernemers vinden en willen. Waar is behoefte aan, waar liggen kansen. De uitkomsten van dat onderzoek vindt u in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 staan de visie en de ambities van het college centraal. Er komt meer ruimte om te ondernemen. Er komen nieuwe standplaatsen. Er kunnen ook nieuwe markten komen. We gaan in dit hoofdstuk in op de behoefte aan duidelijke regels die ook gehandhaafd kunnen en zullen worden. Daarmee scheppen we een eerlijk ondernemingsklimaat. Het speelveld moet voor alle bestaande en nieuwe kiosk- en standplaatshouders, markthandelaren en venters duidelijk en gelijk zijn. Voor hen, maar ook voor andere gebruikers van de openbare ruimte moet helder zijn waar de grenzen liggen, wat wel kan en mag en wat niet. In hoofdstuk 4 geven we op hoofdlijnen aan hoe we de komende jaren die visie gaan uitwerken. Wat gaan we doen, wat willen we daarmee bereiken, hoe pakken we dat aan? We brengen dat in beeld per type ambulante handel. Belangrijkste uitwerking is dat het college een aantal plekken in de stad gaat aanwijzen waar ruimte is voor een themamarkt, een buurtmarkt of één of meer ambulante standplaatsen. We kiezen zorgvuldig de plekken waar die uitbreiding gestalte kan krijgen.
Ambulante handel vergroot daar de aantrekkelijkheid en de levendigheid van een gebied, voorziet in een behoefte, kan economisch gedijen en zet de leefbaarheid niet onder druk. Standplaatsen worden voortaan voor een deel van de week uitgegeven, zodat ze door meerdere ondernemers kunnen worden gedeeld. Aan het eind van de verkoopdag moeten ze worden ontruimd. Daardoor blijft de openbare ruimte echt openbaar. In het verleden zijn situaties ontstaan waarin standplaatsen zijn uitgegroeid tot kiosken zonder aan de daarvoor geldende regels te voldoen. We gaan dat corrigeren waar dat kan. Inzet daarbij is het respecteren van verworven rechten van ondernemers. Ondernemers krijgen de keuze om hun verkooppunt aan te passen tot een kiosk die voldoet aan de daarvoor gestelde regels of om weer ambulant te worden. We trekken daar een ruime periode voor uit zodat dit proces zorgvuldig gestalte kan krijgen. In hoofdstuk 5 gaat het over regelgeving, communicatie en middelen.
4
Hoofdstuk 2: Hoe is de situatie nu en waar liggen wensen en kansen? 2.1 Huidige beleid en regelgeving De regels en uitgangspunten die momenteel van toepassing zijn voor markten, straathandel en kiosken zijn te vinden in de Marktverordening en de Straathandelsverordening. Ook relevant zijn het buitenruimtebeleid dat beschreven staat in de Kadernota Openbare Ruimte en het economisch beleid verwoord in de Detailhandelsnota, de Detailhandelsmonitor, de Horecanota en de Kanskaart Toerisme.
De Marktverordening (2013) is tot stand gekomen voorafgaand aan de herstructurering van de Haagse Mart. Deze verordening voldoet al aan de kwaliteitscriteria die de leidraad zijn voor de nota Markten, Straathandel en Kiosken 2016-2021 die u nu leest: - er ligt een gedegen sterkte/zwakte analyse aan ten grondslag - de ondernemers zijn nauw betrokken bij de totstandkoming van de verordening - de regelgeving is gericht op eenvoud en uniformiteit - de regelgeving staat en staat ten dienste van een heldere visie op de toekomst van de Haagse Mart: consumentgericht, ondernemersvriendelijk, gevarieerd aanbod, schoon en veilig. Daarom zijn de regels dit jaar met de marktondernemers samen geëvalueerd.
De Straathandelsverordening (1991) is sterk toe aan actualisering. Het bestuurlijke en het maatschappelijke klimaat zijn veranderd. Indertijd was het beleid terughoudend, nu willen we onder voorwaarde juist ruimte geven. Er is behoefte aan eenduidige en begrijpelijke kaders. Ook op dat punt voldoet de huidige verordening niet (meer). Een grondige herziening van de bestaande verordening is nodig om voor de toekomst eenduidig vast te leggen wat wel en niet mag, zodat dit voor ondernemers, bewoners duidelijk is en eenduidig gehandhaafd kan worden. We gaan situaties waarin de werkelijkheid afwijkt van de regels corrigeren. Dat kan betekenen dat er alsnog een vergunning wordt afgegeven of dat de ondernemer overstapt naar een andere bedrijfsvoering. De nieuwe regels moeten voorkomen dat in de toekomst nieuwe ongewenste situaties ontstaan, zoals onvergunde uitbreidingen, onderhandse doorverkoop van de straathandelsvergunning, verloedering en dat daar zo nodig snel en doortastend tegen kan worden opgetreden.
De Kadernota Openbare Ruimte Den Haag is van belang omdat hierin een recente, actuele visie op de buitenruimte is verwoord die leidend is voor de ontwikkeling van het beleid ten aanzien van de ambulante handel (buitenmarkten en straathandel). Kern van die visie is dat buitenruimte gebruikt mag worden. De aantrekkelijkheid van de stad Den Haag wordt mede bepaald door wat er buiten op straat te doen is. De druk op de buitenruimte is echter groot. Dat vraagt om heldere keuzes en daarmee ook om een goed samenspel tussen gemeente, bewoners en ondernemers vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Bewoners en ondernemers zijn net zo goed als de gemeente
5
(mede)verantwoordelijk voor een aantrekkelijke buitenruimte met een positieve uitstraling die voor een grote verscheidenheid aan activiteiten kan worden benut en waarin op een evenwichtige wijze recht wordt gedaan aan belangen van wonen, bedrijvigheid, recreatie en milieu.
Het detailhandelsbeleid en het horecabeleid zijn relevant voor (een deel van) de ambulante handel. Ook vanuit toeristisch perspectief zijn markten, kiosken en straathandel van belang. Het detailhandelsbeleid richt zich op het concentreren in en versterken van winkels in de hoofdwinkelstructuur. Nieuwe standplaatsen en markten worden vooral gezocht in de nabijheid van deze winkelgebieden. In de Detailhandelsmonitor zijn de gebieden die deel uitmaken van de hoofdwinkelstructuur benoemd. Momenteel zijn het er 68. Het horecabeleid geeft kaders die ook relevant zijn voor bijvoorbeeld kiosken, koffiehuizen en nieuwe concepten zoals foodtrucks. Vanuit de Kanskaart Toerisme wordt sterk ingezet op bepaalde thema’s en locaties. Dit kan een basis vormen voor de aanwijzing van standplaatsen.
2.2 Het huidige Haagse aanbod Na gesprekken met ondernemers heeft de gemeente opdracht gegeven aan een adviesbureau om een kwalitatieve en kwantitatieve analyse te maken van het huidige aanbod van markten, straathandel en kiosken en de kansen en mogelijkheden om dit te versterken. In dat kader zijn gesprekken gevoerd met marktkamers, marktkooplieden, organisatoren van private markten en ondernemersverenigingen. Ook is een consumentenonderzoek gehouden. De belangrijkste bevindingen zijn:
6
Het Haagse aanbod van publieke markten bestaat uit acht marktlocaties, circa 250 standplaatsen en kiosken en een onbekend aantal venters. De ambulante handel biedt werk aan 2000 tot 2500 personen. Dat komt overeen met 10 procent van de totale werkgelegenheid in de Haagse detailhandel.
De Haagse Mart is de grootste onoverdekte markt van Europa. Door de dominante positie van de Haagse Mart heeft Den Haag in vergelijking met Amsterdam en Rotterdam een beperkt aantal wijk- en buurtmarkten. Het aanbod is het grootst in het stadsdeel Centrum. Naast de Haagse Mart zijn daar nog drie weekmarkten met een specifieke branchering (de biologische boerenmarkt aan de Hofplaats, de foodmarkt in het Zeeheldenkwartier en de themamarkt antiek en boeken op het Lange Voorhout of het Plein). Daarnaast zijn er algemene markten, food en non-food, in de stadsdelen Escamp (Leyweg), Loosduinen (Loosduinse Hoofdplein), Scheveningen (Stevinstraat) en Leidschenveen/Ypenburg (Ypenburg) met een capaciteit variërend van 80 plaatsen in Escamp tot 9 plaatsen in Ypenburg.
In Den Haag gaan minder mensen naar een markt dan in andere grote steden (60% tegen 65%). Ook geven ze per bezoek minder uit (€ 35 tegen € 45). De wijk- en buurtmarkten worden vaker bezocht dan de Haagse Mart en worden ook hoger gewaardeerd. Ook de waardering voor de private themamarkten is hoog. De consument ziet de Haagse Mart als een alternatief voor kopen in een winkel. De themamarkten en de wijk- en buurtmarkten (vooral de biologische foodmarkten) worden als aanvullend beschouwd.
Op circa 250 locaties zijn er standplaatsen of kiosken. Soms geconcentreerd, zoals in en om de winkelgebieden in het Centrum en in Scheveningen langs de boulevard, soms meer verspreid, zoals in Escamp. Van deze 250 zijn er niet veel meer echt ambulant, in die zin dat de standplaats na de verkoop weer wordt vrijgemaakt. Op de andere locaties hebben de verkooppunten een permanent karakter. Juridisch gaat het in de meeste gevallen om bouwwerken die feitelijk het karakter hebben van een kiosk maar niet als zodanig zijn vergund.
De aanwezigheid van kiosken en standplaatsen wordt over het algemeen positief gewaardeerd. Van de ondervraagde consumenten is 71% positief in zijn oordeel en 80% koopt er ook wel eens, waarbij vooral bloemen en planten, vis, snacks en kleine eetwaren in trek zijn.
Minder waardering is er voor venters: 81% is daar negatief over en slechts 5% koopt wel eens iets van een venter. Overigens kan hierbij een rol spelen dat het publiek geen scherp onderscheid maakt tussen de “echte” venters en de door velen als hinderlijk ervaren colporteurs.
2.3 Waar liggen de wensen en kansen? Met het oog op de door het college gewenste vernieuwingsslag zijn ondernemers en klanten bevraagd over de kansen en mogelijkheden die zij zien en de aanvullingen of verbeteringen van het aanbod die zij graag zouden willen. Ondernemers willen vooral meer vrijheid om te kunnen ondernemen. Zij willen een overheid die creatief en pro-actief met hen meedenkt en gericht is op het opsporen en verzilveren van kansen. Ondernemers willen graag met de gemeente en met winkeliers samenwerken om winkelgebieden (nog) aantrekkelijker te maken. Markthandelaren willen ook meer en betere samenwerking, met de gemeente en met elkaar. Er is behoefte aan meer markten en meer standplaatsen. Ook willen ondernemers duidelijke regels die voor iedereen gelijk zijn en die gericht zijn op het stimuleren van ondernemerschap. Aan de klanten is gevraagd welke factoren voor hen het belangrijkst zijn om te kopen bij een ambulante handelaar. Voor de bezoekers van de Haagse Mart is de prijs doorslaggevend. Bij wijk- en buurtmarkten gaat het om een combinatie van sfeer, kwaliteit en variatie. Belangrijk is ook dat zij dicht in de buurt liggen, dat de service goed is en dat de openingstijden aansluiten bij wat de klant wil. Klanten geven aan dat zij graag een foodmarkt bij 7
zich in de buurt willen hebben. Er is ook veel interesse voor themamarkten. Daarbij gaat het vooral om de beleving. Een bezoek aan een themamarkt is een uitje. Standplaatsen en kiosken moeten op strategische plekken staan, ruime openingstijden hebben en er goed uit zien. Dat sluit aan bij een aantal algemene trends en ontwikkelingen die we ook elders in Nederland zien. Themamarkten zijn een duidelijke groeisector. Dat betreft private initiatieven die door marktpartijen worden ontwikkeld, uitgevoerd en aangestuurd. Steeds vaker zien we combinaties van detailhandel, vermaak en horeca. Dat is een ontwikkeling die past in de hierboven beschreven wensen van ondernemers en klanten en kansen biedt voor Den Haag. We zien ook een groeiende behoefte aan en waardering voor buurtmarkten die het winkelaanbod aanvullen en bijdragen aan de versterking van het winkelklimaat in een wijk. Daar wordt al op ingespeeld via initiatieven van BIZ-en. Ook hier valt verdere groei te verwachten. Foodtrucks zijn een nieuwe vorm van ambulante handel die in opkomst is, aanvankelijk vooral in het kader van festivals maar inmiddels ook als zelfstandige initiatieven op straat. Pop upinitiatieven zorgen voor tijdelijke verlevendiging van een winkelstraat. Ook indoormarkten lijken weer in de belangstelling te staan.
8
Hoofdstuk 3: Onze visie: Levendige handel in een aantrekkelijke buitenruimte 3.1 Beleidsdoelstellingen In de inleiding zijn we al ingegaan op het belang van ambulante handel voor de stad en op onze ambities. In dit hoofdstuk staat centraal hoe we van de bestaande naar de gewenste situatie willen komen. Daarbij staan vier speerpunten centraal: Meer werkgelegenheid en meer ruimte voor ondernemerschap Een gelijk speelveld voor alle ondernemers (bestaande en nieuwe) Tevreden consumenten en bewoners De kwaliteit van de buitenruimte. 1. Meer werkgelegenheid en meer ruimte voor ondernemerschap Ondernemers zorgen voor werkgelegenheid, vernieuwing en vooruitgang. Ambulante handel krijgt meer ruimte. Letterlijk: er komen meer standplaatsen, er wordt ruimte gemaakt voor nieuwe buurt- en themamarkten en we profileren ons als evenementenstad. Maar ook figuurlijk: om te kunnen ondernemen heb je vrijheid nodig. We kijken kritisch naar nut en noodzaak van onze regels en brengen die terug tot het noodzakelijke minimum. Doel van regelgeving is het stimuleren van economische activiteiten, het bieden van een gelijk speelveld, kansen aan zittende en nieuwe ondernemers, het garanderen van de leefbaarheid voor bewoners, het corrigeren van in het verleden ontstane scheefgroei en het realiseren van een straatbeeld dat past bij de dynamiek van een grote stad zonder rommelig te worden.
We spelen (pro)actief in op de groeiende behoefte aan themamarkten. Themamarkten worden georganiseerd vanuit het particulier initiatief. Zij richten zich op een specifiek thema en worden gehouden op wisselende locaties en met variabele frequenties. Zij kunnen veel mensen aantrekken: uit Den Haag zelf maar ook uit de wijde omgeving. Rol van de gemeente is vooral het aanwijzen van een geschikte plek en het waarborgen van een optimale aansluiting op de omgeving. Kiosken kunnen een bijdrage leveren aan de levendigheid van een stad, zoals op de boulevard in Scheveningen. Een aantal van de bestaande kiosken is vergund als kiosk en voldoet aan de door ons gestelde eisen. Maar er zijn ook “kiosk-achtige” verkooppunten die ooit begonnen zijn als ambulante handel maar inmiddels dat ambulante karakter verloren hebben. We spannen ons samen met de ondernemers in om zoveel mogelijk van die “kiosk-achtige” voorzieningen in te passen in de regelgeving, met als doel een gelijk speelveld te creëren en de kwaliteit te bewaken. Er is ook behoefte aan meer en nieuwe standplaatsen voor handel die echt ambulant is. Het college wijst plekken aan waar nieuwe standplaatsen kunnen worden gerealiseerd en stelt criteria vast waaraan aanvragen voor die standplaatsen kunnen worden getoetst.
Standplaatsen die door meerdere ondernemers worden gedeeld, zodat er meer variëteit kan ontstaan in het aanbod voor de consument.
9
2. Een gelijk speelveld voor alle ondernemers Voor ondernemen en innoveren is vrijheid nodig, maar voor eerlijke concurrentie is sturing en handhaving nodig. Dat vraagt om regelgeving die ruimte biedt waar het kan en grenzen stelt waar het moet. Regels moeten initiatief stimuleren, niet ontmoedigen. Regels moeten helder zijn, duidelijk, voor iedereen gelden. Zij moeten handhaafbaar zijn en ook daadwerkelijk gehandhaafd worden. Gedogen willen we niet meer. We gaan serieus en met respect voor verworven rechten samen met ondernemers bekijken hoe we in het verleden ontstane ongewenste situaties kunnen corrigeren en er strak op toezien dat er geen nieuwe ongewenste situaties ontstaan. 3. Tevreden consumenten en bewoners Als we meer bezoekers willen trekken zullen we goed moeten luisteren naar de consument en rekening moeten houden met zijn wensen. Dat betekent in de eerste plaats aansluiten bij nieuwe ontwikkelingen, zoals themamarkten en evenementachtige activiteiten. Maar ook kwaliteitsverbetering van bestaand aanbod. Op dit moment lijkt dat - net als elders in Nederland - algemene markten onder druk staan. Het aanbod verschraalt, omzetten en bezoekersaantallen nemen af. Dat komt ook door de concurrentie van supermarkten en discountwinkels. De kleinere wijk- en buurtmarkten, die vaak ook een specifieker aanbod bieden, hebben hier minder last van.
Toevoegen van meer kwaliteit, meer verscheidenheid, meer klantgerichtheid en meer onderscheidend vermogen zijn nodig om dit tij te keren. Met de verbouw van de nieuwe Haagse Mart is daarmee al een eerste stap gezet. Daarbij werkt de gemeente nauw samen met (organisaties van) ondernemers. Zij moeten daarvoor wel als eersten het initiatief nemen, maar moeten erop kunnen rekenen dat wij oplossingsgericht met hen meedenken en waar nodig faciliteren. 4. De kwaliteit van de buitenruimte Wij vinden het belangrijk dat ambulante handel past in de omgeving en een bijdrage levert aan de leefbaarheid. Daarom kijken we bij de aanwijzing van plekken voor standplaatsen of (buurt- of thema)markten ook nadrukkelijk naar die omgeving. Plekken sluiten bij voorkeur aan bij een bestaand winkelgebied of voorzieningenaanbod dat door de toevoeging van ambulante handel aantrekkelijker wordt. Door strikt de hand te houden aan de eis dat ambulante handel ook echt ambulant moet zijn en dat standplaatsen na het einde van de verkoopperiode worden ontruimd, kan zowel het karakter van de openbare ruimte als van de ambulante handel worden behouden. 3.2 Uitgangspunten Bij de uitvoering van ons beleid hanteren wij op basis van het voorgaande de volgende uitgangspunten: Ambulant = ambulant Ambulante handel mag geen permanent beslag meer leggen op de buitenruimte.
Verkooppunten worden aan het eind van de dag opgeruimd zodat de buitenruimte weer als zodanig kan worden gebruikt. Vergunningen zijn en blijven persoonsgebonden en worden niet meer voor onbepaalde tijd verleend. Er komt een tijdshorizon en een beperking van het aantal dagdelen per week dat een ondernemer 10
een standplaats mag innemen. Dat maakt het mogelijk dat meerdere ondernemers een standplaats delen en zorgt ervoor dat de consument een breder aanbod krijgt op één plek. Hiermee willen we benadrukken dat de gemeente de regie over de openbare ruimte heeft en veranderingen in het gebruik van die openbare ruimte kan realiseren als dat nodig is. Handhaving vindt plaats op basis van de gestelde vergunningseisen. Oplossingsgerichte aanpak van in het verleden gegroeide ongewenste situaties We willen een gelijk speelveld voor alle ondernemers dat uitgaat van heldere beleidsregels. Dat vereist dat we een eind maken aan bestaande ongewenste en illegale situaties. Verkooppunten die gevestigd zijn op een standplaats voor ambulante handel maar feitelijk niet meer verplaatsbaar zijn worden zo veel mogelijk getransformeerd tot kiosken of kunnen ambulant blijven als ze voldoen aan de nieuwe voorwaarden. Dat betekent dat voor deze verkooppunten een WABOvergunning nodig is voor de activiteit bouwen. De bestaande situatie wordt in kaart gebracht. Op basis daarvan stippelen we een koers uit voor het transformatieproces. Uitgangspunt voor dat proces is dat we de bestaande situatie zoveel mogelijk als uitgangspunt nemen. We kijken of het mogelijk is, om van een standplaats een kiosk te maken. Wanneer dat niet mogelijk is, zal samen met de ondernemers naar een maatwerkoplossing worden gezocht.
Na deze correctie zal op alle bestaande en nieuwe vergunningen eenduidig worden gehandhaafd, met als doel het gelijke speelveld te waarborgen. Ruimte voor nieuwe ondernemers In plaats van het “nee tenzij” van de afgelopen jaren willen we een “ja mits” beleid voeren: het mits gaat dan vooral over de locatie en over het waarborgen van het ambulante karakter. Nieuwe standplaatsen worden door het college aangewezen. We onderkennen de groeiende behoefte aan themamarkten. We wijzen locaties aan waarop themamarkten kunnen plaatsvinden. Geïnteresseerde partijen kunnen een plan indienen. Op dit moment wordt al op basis van pilots gekeken naar mogelijkheden. Een voorbeeld hiervan is de Zeeheldenmarkt. Eenvoudige en transparante regels Als uitwerking van deze nota komt er een nieuwe verordening. Belangrijk aandachtspunt daarbij is de handhaafbaarheid. Ondernemers en belangenorganisaties krijgen de ruimte om over de nieuwe regels mee te denken en mee te praten. Stimuleren van kwaliteit en vitaliteit Kwaliteit is een centraal begrip in dit beleid. Kwaliteit van ondernemerschap, kwaliteit van de openbare ruimte, kwaliteit van beleid en regelgeving en kwaliteit van handhaving. In het Actieprogramma Winkelstad is een aantal actiepunten opgenomen om ondernemerschap te stimuleren.
De kwaliteit van de openbare ruimte wordt bevorderd door het transformatieproces van standplaatsen naar kiosken, door te toetsen of nieuwe standplaatsen of marktlocaties passen in de omgeving en door het consequent vasthouden aan de eis dat ambulante handel ook werkelijk ambulant is en blijft. De regelgeving is eenduidig, transparant en handhaafbaar. 11
Kwaliteitskenmerken van de handhaving zijn snelheid in het constateren van overtredingen, zorgvuldigheid in het contact met de overtreder, consequente toepassing van de regelgeving en beëindiging van de vergunning bij herhaalde overtreding van voorschriften of vergunningsvoorwaarden. Wisselwerking met de omgeving stimuleren We willen de wisselwerking met de omgeving stimuleren, vanuit zowel economisch als ruimtelijk oogpunt. Markten, standplaatsen en kiosken staan niet op zichzelf, maar dragen bij aan de omgeving en lokale economie. Zij kunnen een versterking zijn voor het winkelgebied. In hun samenhang kan dit extra bezoekers en meer omzet voor de ondernemers opleveren en daarmee dus werkgelegenheid. Samenwerking tussen ondernemers en andere betrokken partijen wordt hierbij aangemoedigd. Van ondernemers wordt verwacht dat zij een actieve bijdrage leveren aan de kwaliteit van de omgeving van hun standplaats, marktplaats of kiosk. Een bijdrage aan een fijne leef- en winkelomgeving wordt verlangd. Ondernemers worden aangesproken op de kwaliteit en uitstraling van hun kiosk of verkoopwagen. Vernieuwing van organisatie en management Het is goed mogelijk dat markten die nu nog door de gemeente worden aangestuurd en beheerd op termijn worden verzelfstandigd. Een commerciële impuls kan helpen om de markten in Den Haag vitaal te laten worden en te laten blijven.
12
Hoofdstuk 4: Wat gaan we doen? Onze agenda per handelsvorm Aan de hand van bovengenoemde uitgangspunten is per type onderneming aangegeven wat wij gaan doen om de doelstellingen te behalen. Onze actiepunten zijn per paragraaf gebundeld op type ambulante handel en sedentaire handel (zoals schematisch weergegeven op pagina 3). Elke paragraaf start met een afbakening van het type handel. Vervolgens schetsen we de huidige situatie, met kansen en uitdagingen. De paragraaf mondt uit in een korte agenda, met de belangrijkste actiepunten voor de komende periode (20162021). 4.1 De Haagse Mart Rond de Haagse Mart is al enkele jaren geleden een veranderings- en vernieuwingstraject ingezet, samen met de ondernemers. Inzet van dit traject is het versterken van het ondernemerschap van de marktkooplieden, het vergroten van de verantwoordelijkheid van de kooplieden voor de markt en fysieke vernieuwing van het terrein zodat de Haagse Mart aantrekkelijker wordt voor bestaande en nieuwe bezoekers. Er is feitelijk geen sprake meer van ambulante handel. De verkoopunits zijn permanent aanwezig en het marktterrein is buiten de openingsuren van de markt niet toegankelijk voor publiek. Het marktterrein wordt niet meer ervaren als buitenruimte.
Organisatorisch en beheerstechnisch wordt verkend of de Haagse Mart, van een door de gemeente aangestuurde publieke markt over kan gaan naar een publiek/private samenwerking. Na de verbouwing bieden de ondernemers hun waren aan vanuit een vaste marktkraam met een opslag/verkoopunit. Deze nieuwe situatie vraagt om nieuwe, daarop aangepaste regelgeving. Zie hiervoor hoofdstuk 5. 4.2 Overige markten Deze kunnen nader worden onderverdeeld in buurt- en wijkmarkten, themamarkten en incidentele private markten. De regels lopen grotendeels parallel, met een onderscheid tussen publieke en private markten.
Buurt- en wijkmarkten Buurt- en wijkmarkten zijn verzamelingen van kramen, verkoopwagens of grondplaatsen in de buitenruimte, van waaruit detailhandel plaatsvindt. De markten worden wekelijks gehouden op een vaste plek en op vaste tijden, een of ten hoogste drie dagen per week. Een buurt- of wijkmarkt is ambulant en wordt na sluitingstijd afgebouwd. De vier algemene buurtmarkten Loosduinen, Leyweg, Stevinstraat en Ypenburg richten zich met name op de directe omgeving. Het aanbod bestaat uit dagelijkse boodschappen (food en non-food). Daarnaast zijn er ook twee themamarkten met 13
een specifiek aanbod in de food/sfeer, de Boerenmarkt op de Hofplaats en de Zeeheldenmarkt op het Prins Hendrikplein. De Zeeheldenmarkt is opgezet als pilot. Gezien het gebleken succes gaan we deze markt een permanent karakter geven. Op dit moment worden de buurt- en wijkmarkten nog door de gemeente aangestuurd. Op termijn wordt ook private aansturing mogelijk. We stimuleren samenwerking tussen ambulante handelaren onderling en de winkeliers en horecaondernemers uit de omgeving, met oog op het stimuleren van combinatiebezoek.
Agenda wijk- en buurtmarkten 2016-2021: Voor de wijk- en buurtmarkten worden verbeterplannen opgesteld en uitgevoerd. 1
Algemene aandachtspunten daarbij zijn verbreding van het aanbod voor ondernemers en consumenten, rekening houdend met de behoeften vanuit de wijk, en verandering van de opstelling zodat de markt beter aansluit bij de winkels en de horeca in de omgeving. De Boerenmarkt Hofplaats heeft groeimogelijkheden. Bezien wordt of deze kunnen worden gerealiseerd op de huidige locatie of dat verplaatsing nodig is. De markt Ypenburg is inmiddels onder het minimale aantal standplaatsen gezakt. Bezien zal worden of en hoe met deze markt wordt doorgegaan. Daarbij zal onder meer worden gekeken naar een andere plek en-of een andere vorm, bv. aanwijzing van een aantal ambulante standplaatsen.
2 Er wordt op basis van een marktverkenning een locatie aangewezen voor een wijk/buurtmarkt in Segbroek Onderzoek geeft aan dat hier kansen liggen. In samenwerking met ondernemers en bewoners wordt gekeken naar het meest kansrijke en gewenste initiatief en profiel en de meest geschikte locatie binnen een bestaand winkelgebied. Of de markt er daadwerkelijk komt hangt af van de belangstelling van ondernemers. Het college staat welwillend tegenover initiatieven (vanuit de markt) voor nieuwe wijk- en buurtmarkten binnen de hoofdwinkelstructuur. Uit de aanvraag moet blijken dat een marktverkenning is gehouden die uitwijst dat het initiatief levensvatbaar is.
Themamarkten Ook voor themamarkten geldt een minimale omvang. Verschil met de buurt- en wijkmarkten is dat een themamarkt een specifiek aanbod heeft, geconcentreerd op een voor de consument herkenbaar thema. Themamarkten zijn ambulante handel: ze vinden plaats op vaste tijden en een vaste plaats en worden na sluitingstijd verwijderd. Daarbij zijn veel variaties mogelijk: een vaste dag per week, per maand of per jaar, maar ook een aaneengesloten periode van maximaal 30 dagen. Soms wordt een themamarkt volledig door de gemeente georganiseerd en beheerd, zoals 14
de antiek- en boekenmarkt op het Lange Voorhout in de zomer en op het Plein in de winter. Maar meestal doet een marktpartij dit. Themamarkten vergroten de toeristisch/recreatieve aantrekkingskracht van de stad of een specifiek gebied in de stad. Zij voldoen aan een behoefte bij het publiek. Daarom willen we meer ruimte bieden voor nieuwe themamarkten, vooral in de binnenstad en in Scheveningen.
Agenda themamarkten 2016-2021: 1 Waar mogelijk worden locaties vastgesteld voor nieuwe themamarkten. Mogelijk geschikte locaties zijn de noordzijde van de Keizerstraat (Scheveningen) en de locaties Kerkplein/Prinsestraat, Plein, Spuiplein en Lange Voorhout (Centrum). Op een aantal van die locaties zijn er ook nu al regelmatig themamarkten. Of deze locaties ook daadwerkelijk worden benut hangt af van de interesse van ondernemers. Dit moet blijken uit een markt- en locatieverkenning. 2 De mogelijkheden worden bezien voor verdere versterking van de
antiek- en boekenmarkt.
Hierbij zijn behalve de Marktkamer en de kooplieden ook andere partijen uit de omgeving van de themamarkt betrokken, zoals horecaondernemers en culturele voorzieningen zoals het Mauritshuis. Er wordt vooral gekeken naar de versterking van de wisselwerking tussen markt en omgeving en naar mogelijke inhoudelijke aanvullingen, waarbij onder meer kan worden gedacht aan een kinderboekenmarkt, een kunstmarkt, een Oudhollandse markt of een tweedehandsmarkt.
3 Faciliteren private markten. Voor nieuwe themamarkten gaan we uit van ontwikkeling door private partijen. Een initiatiefnemer kan zich bij ons aanmelden met een onderbouwd voorstel. Op basis van dit voorstel kan een vergunning worden verleend, voor een of meerdere jaren. Hieraan kunnen geen rechten worden ontleend voor de periode na het verstrijken van de geldigheidsduur van de vergunning. Er kunnen voorwaarden worden gesteld over onder meer private aansturing van de markt, de wijze waarop de handhaving wordt geregeld, het beheer van de markt en de buitenruimte, opstelling, openingstijden, tijden van collectieve aankomst en vertrek van de kooplieden, energievoorziening, reiniging en communicatie. Bestaande publieke themamarkten of buurtmarkten kunnen verzelfstandigen als daarvoor bij private partijen voldoende draagvlak bestaat. De wijze waarop deze verzelfstandiging plaatsvindt wordt nader bezien. Daarbij kan het verschil maken of het om een incidentele markt gaat of om een markt die meer dan één keer per jaar plaatsvindt (hoogfrequent).
15
Incidentele private markten
Dit zijn markten die eenmalig of op wisselende tijdstippen (dus zonder vaste frequentie) worden gehouden en een samenhangend assortiment bieden (bijvoorbeeld horeca, ambachten, lifestyle, dienstverlening). Deze markten worden volledig privaat georganiseerd en beheerd. De markt kan plaatsvinden op een dag of op meerdere aaneengesloten dagen, tot een maximum van 30. Concreet valt hierbij te denken aan braderieën, food- en lifestylemarkten, het food truck festival, platen en CD-beurzen, kerstmarkten, snuffelmarkten en kofferbaksales.We gaan de komende periode de mogelijkheden bezien om de administratieve lastendruk voor ondernemers te verminderen door het mogelijk te maken dat partijen die meerdere malen per jaar ergens in Den Haag een private markt willen organiseren kunnen volstaan met één vergunningaanvraag. Voor hoogfrequente private markten bekijken we de mogelijkheden van concessieverlening. Den Haag kent al veel van dit soort private markten (zoals Swanmarket en Home Made market). Verwachting is dat het aantal aanvragen de komende jaren verder zal toenemen. Onze inzet is deze initiatieven te faciliteren.
Agenda private markten 2016-2021: Er komt een regeling voor incidentele private markten. Private organisatoren kunnen per markt een vergunning aanvragen, voor een datum of voor meerdere data binnen een kalenderjaar.
Het college stelt een selectiedocument vast waarin de selectieprocedure en de wijze van beoordeling van de vergunningaanvragen is vastgelegd. Daarbij worden de volgende criteria gehanteerd:
Locatie en spreiding. Er komt een overzicht van locaties die geschikt zijn voor het
Frequentie en duur. We hanteren als richtsnoer maximaal één private markt per
houden van zo'n markt. Dat zijn locaties die gelegen zijn in of direct aansluiten op de toeristische gebieden Binnenstad, Scheveningen Bad, Scheveningen Haven of Kijkduin dan wel op de hoofdwinkelstructuur. In aanvulling daarop komt er een lijst van parken, pleinen en binnenwateren waar een incidentele private markt mogelijk wordt. Er kan ontheffing worden gegeven voor zeer kleinschalige buurtinitiatieven. Bij de vaststelling van de locaties betrekken wij BIZ-en en ondernemersverenigingen. maand. Vooraf vragen we vragen hierover advies aan winkeliersvereniging dan wel de BIZ.
Ruimtelijke inpassing. De omvang en de uitstraling van de markt moeten
aansluiten op de locatie en de verkeersveiligheid moet gewaarborgd zijn.
Kwaliteit van de aanvraag. De aanvrager moet een betrouwbare partij zijn. In dit verband kan worden gevraagd naar een VOG of kan een BIBOB toets
16
plaatsvinden. De winkeliersvereniging dan wel de BIZ kan advies indienen over de mate waarin het initiatief aansluit bij het bestaande aanbod in het gebied en daarop een aanvullend karakter heeft.
Indoormarkten Een indoormarkt is een inpandig detailhandels- en/of horecaconcept met de uitstraling van een markt. Denk bijvoorbeeld aan de Markthal in Rotterdam en de Foodhallen in Amsterdam-West. Den Haag heeft op dit moment nog geen indoormarkt. Het college ziet indoormarkten als een waardevolle toevoeging aan het bestaande aanbod en als een trekker voor bezoekers uit de wijde omgeving van Den Haag. Omdat indoormarkten een vorm van detailhandel (en/of horeca) zijn kunnen zij alleen worden gevestigd binnen de bestaande hoofdwinkelstructuur. Het college stimuleert initiatieven voor het opzetten van een of meer indoormarkten in Den Haag. Als de indoormarkt volledig inpandig van karakter is moet het pand waarin het wordt gevestigd een detailhandels- en/of horecabestemming hebben en moet een omgevingsvergunning worden aangevraagd en de eventueel vereiste horecavergunning. Bij de beoordeling daarvan wordt bezien of het initiatief past in het detailhandels- en/of het horecabeleid. Als een indoormarkt gecombineerd wordt met gebruik van de openbare ruimte gelden de regels voor een buurt- of wijkmarkt.
Agenda indoormarkten 2016-2021: Initiatieven voor het opzetten van indoormarkten worden gefaciliteerd binnen de hoofdwinkelstructuur. Ondergeschikte ambulante handel bij evenementen Ambulante handel is soms een aanvulling op een evenement. Denk aan kramen, verkoopwagens en venters met dranken en snacks. Evenementen worden geregeld in de APV. Als de ambulante handel onderdeel uitmaakt van het evenement en op het evenemententerrein plaatsvindt hoeft geen aparte standplaatsvergunning te worden aangevraagd. De ambulante handel vindt dan plaats op grond van de evenementenvergunning. Als de ambulante handel plaatsvindt op initiatief van de ondernemer en geen onderdeel uitmaakt van de evenementenaanvraag moet een tijdelijke standplaats worden aangevraagd voor de duur van het evenement. 4.3 Standplaatsen en kiosken We gaan helder onderscheid maken tussen standplaatsen en kiosken. Het verschil zit in het al dan niet ambulante/mobiele karakter van de voorziening.
Standplaatsen Standplaatsen zijn in de openbare ruimte gelegen plaatsen (dus niet op een marktterrein) waar vanuit een mobiele verkoopinrichting, zoals een wagen, een foodtruck, een kraam of een tafel, goederen worden verkocht, ambachten worden uitgevoerd of eten en drinken wordt verstrekt. 17
Er zijn drie soorten standplaatsen: 1 Ambulante standplaatsen die door verschillende vergunninghouders voor een beperkte periode worden ingenomen, op vooraf bepaalde tijden (een of meer dagdelen per week). 2 Incidentele standplaatsen. Deze zijn steeds kortdurend. 3 Seizoensplaatsen. Vergunninghouders kunnen op aan te wijzen vaste locaties handel drijven gedurende het verkoopseizoen van hun product. Denk bijvoorbeeld aan een oliebollenkraam.
Kiosken Een kiosk is een op zichzelf staand gebouw geplaatst in de buitenruimte, dat wordt gebruikt voor consumptieve en/of detailhandelsdoelstellingen. Om de omvang van het gebouw enigszins te bepreken wordt een maximale maat van 25m2 toegestaan. Soms dient een kiosk als horeca-uitgiftepunt. Een kiosk is als permanent bouwobject in een bestemmingsplan opgenomen. Voor een kiosk moet een omgevingsvergunning worden afgegeven. Een bijzondere vorm van een kiosk is het horecapaviljoen, zoals de bekende Haagse koffiehuizen. Een horecapaviljoen is doorgaans groter dan een kiosk (maximaal 40 m2) en biedt zitgelegenheid binnen en vaak ook buiten (terras). Voor een horecapaviljoen is een horecavergunning vereist.
Veel standplaatsen die ooit begonnen zijn in het kader van ambulante handel, zijn inmiddels permanente voorzieningen geworden. Zij moeten daarom ook voldoen aan 18
de voorwaarden die horen bij een permanente kiosk, of anders (weer) ambulant worden.
Agenda standplaatsen en kiosken 2016-2021: 1. Ondernemers kunnen kiezen of ze weer ambulant gaan worden of dat ze hun verkoopvorm gaan omvormen tot een kiosk. Voor het maken van hun keuze en het uitvoeren van de daaruit voortvloeiende acties hanteren we een ruime overgangstermijn van vijf jaar. Behoudens uitzonderlijke situaties werkt de gemeente eraan mee dat verkooppunten worden getransformeerd tot kiosk. We leggen de ondernemers de keuze voor om weer ambulante handel te gaan bedrijven vanuit een mobiel verkooppunt of om hun bestaande verkooppunt te laten voldoen aan de eisen die voor kiosken gelden. Aangenomen mag worden dat de meesten voor die laatste optie zullen kiezen. De ruime overgangstermijn stelt ondernemers in staat een weloverwogen keuze te maken en geeft hen tijd om de financiering en de uitvoering te regelen van de maatregelen die uit die keuze voortvloeien. Als een ondernemer kiest voor voortzetting van zijn bedrijf vanuit een kiosk zal hij ervoor moeten zorgen dat voldaan wordt aan de eisen die de gemeente aan kiosken stelt, zowel op bouwkundig, welstands- en veiligheidsgebied als ten aanzien van openingstijden en eventuele horeca-exploitatie. Dit zal daarnaast ook privaatrechtelijk geregeld moeten worden. We zien deze transformatie niet als het probleem van de ondernemer, maar als een gezamenlijke opgave.
We respecteren verworven rechten en zoeken naar een oplossing waarbij de onderneming kan worden voortgezet, in de huidige vorm als het kan, in een andere vorm als het moet. Daarnaast wordt een Beleidsregel Stimulering Transformatie Standplaatsen-Kiosken uitgebracht. Onze inzet is zo dicht mogelijk bij de huidige situatie te blijven. Als aanpassing aan de bestaande regelgeving onevenredig veel geld of inspanning kost en de bestaande situatie niet tot onacceptabele overlast of een onaanvaardbaar concurrentievoordeel leidt kunnen we overwegen om ontheffing te geven van een of meer eisen die uit de huidige regelgeving voortvloeien. Als de resultaten van een inventarisatie van de 19
huidige situatie daartoe aanleiding geven kunnen we ook besluiten tot aanpassing van die regelgeving. We laten ons daarbij leiden door onze wens zoveel mogelijk ruimte te geven aan ondernemers en door het uitgangspunt dat we ondernemers gelijk willen behandelen. Dat betekent dat deze transformatie er niet toe mag leiden dat ondernemers onevenredig benadeeld of bevoordeeld worden ten opzichte van andere ondernemers. Het college hecht er waarde aan dat dit proces zorgvuldig verloopt. Met het oog daarop is een scenario vastgesteld dat is samengevat in bijlage 1. Doel van dit scenario is zoveel mogelijk medewerking te geven aan ondernemers die hun verkooppunt willen transformeren tot een kiosk, onder meer door het geven van begeleiding. Als transformatie niet mogelijk blijkt, zal worden gezocht naar een maatwerkoplossing.
2.
Er komen duidelijke criteria voor nieuwe kiosken
Voor nieuwe kiosken hanteren we een terughoudend beleid. Dat kan ook nu we, zoals u elders in deze nota kunt lezen, de mogelijkheden gaan verruimen voor andere vormen van ambulante handel waarbij mobiliteit en flexibiliteit gewaarborgd zijn. We gaan de regelgeving op kiosken strak handhaven. Voor nieuwe kiosken is in onze opvatting alleen plaats als zij aantoonbaar bijdragen aan de ruimtelijke en economische versterking van een winkel- of toeristisch gebied. Er zal dan goed moeten kunnen worden beargumenteerd dat een kiosk meerwaarde heeft ten opzichte van ambulante handel vanaf een standplaats. Verzoeken voor nieuwe kiosken worden getoetst door ACOR op hun ruimtelijkstedelijke inpassing en door de Welstandscommissie op maat, vorm, materiaal- en kleurgebruik. Hierbij zal onder meer worden gekeken naar: maximale omvang: 25 m2 (voor een horecapaviljoen 40 m2) geschiktheid van de locatie: alleen in of bij de hoofdwinkelstructuur of toeristische gebieden gevolgen voor het verkeer: de kiosk mag geen verkeershinder opleveren of ten koste gaan van parkeerruimte openings- en sluitingstijden: deze sluiten aan bij die van de winkels in het gebied. Bezien wordt of er voor kiosken een ‘kiosken’-paspoort kan worden ontwikkeld. Hierbij wordt duidelijk aangegeven waar de kiosk minimaal aan moet voldoen.
3. Er worden meer locaties aangewezen voor ambulante standplaatsen. Na de legalisering van de verkooppunten die niet verplaatsbaar zijn wil het college er nauwlettend op toezien dat ambulante handel ook echt ambulant is en blijft. Aan het einde van de verkoopdag wordt de standplaats leeggemaakt en de standplaats mag pas de aan het begin van de verkoopdag worden ingenomen. We voorkomen hiermee potentiële wildgroei. Kramen en tafels worden verwijderd, wagens rijden weg. De buitenruimte krijgt zo haar normale functie weer terug. Dat is om meerdere redenen belangrijk. Voor de kwaliteit van de buitenruimte, maar ook en vooral omdat 20
standplaatsen op deze manier door verschillende ondernemers kunnen worden benut: de een staat er op woensdag, de ander op vrijdag en zaterdag, enz. Er is dan meer te kiezen voor de consument. Er is in Den Haag plek voor meer ambulante standplaatsen, vooropgesteld dat die ook echt ambulant zijn en blijven en dat het om kansrijke locaties gaat. Daaronder verstaan wij locaties die de hoofdwinkelstructuur of de toeristisch-recreatieve gebieden versterken, traffic- of kantoorlocaties en locaties waar de winkelvoorzieningen onder druk staan. We komen binnenkort met een lijst van 30 locaties. Afhankelijk van de ontwikkelingen kan dit aantal op een later moment op basis van een evaluatie verder worden uitgebreid. Locaties voor nieuwe ambulante standplaatsen worden bepaald in overleg met de omliggende ondernemers. Het is immers niet de bedoeling dat ambulante handel de sedentaire ondernemers wegconcurreert of het karakter van de bestaande winkelstructuur verstoort of leegstand veroorzaakt.
Bij het bepalen van de locaties worden onder meer de volgende criteria gehanteerd: de locatie ligt in of nabij een winkelgebied (hoofdwinkelstructuur), waaronder locaties in het centrum; in toeristisch-recreatieve gebieden wordt een nader te bepalen aantal locaties aangewezen waar de ambulante handel bijdraagt aan de levendigheid, de ruimtelijke kwaliteit en de routering van het gebied; op vervoersknooppunten en kantoorlocaties wordt aangesloten op bestaande bezoekersstromen. Hierbij kan worden gedacht aan (de omgeving van) de NSstations, Beatrixkwartier, Binckhorst en de omgeving van grootschalige tuincentra en bouwmarkten.
4. Er worden nieuwe criteria vastgesteld voor ambulante standplaatsen. Voor ambulante standplaatsen gelden in de toekomst de volgende criteria: De verkoopinrichting heeft een maximale omvang van 12 m2 met een bijbehorende ruimte voor uitstallingen, tafels en stoelen van maximaal 8 m2. Verkoopinrichting, uitstallingen, tafels en stoelen passen binnen de vastgestelde omvang van de aangewezen locatie. Er is voldoende ruimte voor voetgangers. Hierover worden in de vergunning nadere eisen gesteld. De verkoopinrichting is verplaatsbaar. Het uiterlijk van de verkoopinrichting past bij de omgeving. De standplaats brengt de (verkeers)veiligheid niet in gevaar. De standplaats mag alleen aanwezig en in bedrijf zijn gedurende de algemeen geldende (winkel)openingstijden. Er mag geen alcohol worden geschonken.
5. Vergunningen gelden voor specifieke dagen of dagdelen zodat standplaatsen door meerdere ondernemers kunnen worden benut en er betere waarborgen zijn dat plaatsen voor ambulante handel niet duurzaam in beslag kunnen worden genomen. 21
Vergunningen worden afgegeven voor specifieke dagen en/of dagdelen, zodat ondernemers standplaatsen kunnen delen. Er geldt een maximum van zes dagdelen per week. Daarmee wordt voorkomen dat ook in de toekomst ondernemers plaatsen duurzaam in beslag gaan nemen en het aanbod voor consumenten wordt vergoot. 4.4 Overige vormen van straathandel
Venten en colporteurs Venten Venten is het bewegend te koop aanbieden en/of verkopen van goederen aan willekeurige gegadigden op de weg anders dan op een ambulante standplaats of een standplaats op de markt. Venters hebben een functie in de stad. Venten biedt arbeidskansen voor mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Venten draagt ook bij aan de levendigheid van de stad.
In Den Haag is het venten toegestaan zonder vergunning. In de praktijk vindt het vooral plaats in winkel- en recreatiegebieden. Venters bedienen slechts een beperkt segment van de markt. Niet meer dan 5% van de Hagenaars koopt wel eens iets van een venter. Het college vindt dat venten toegevoegde waarde heeft. Zeker als de branche kritisch kijkt naar het aanbod en dat goed afstemt op de vraag van het publiek. Vooralsnog zien we geen aanleiding om de regelgeving aan te scherpen. Essentieel kenmerk van venten is dat de verkopers in beweging zijn en blijven. In de praktijk zien we regelmatig dat venters een (soms aanzienlijk) deel van de dag vanaf een vaste plek opereren. In feite hebben we dan te maken met een illegale standplaats. Het college wil een scherper onderscheid maken tussen ambulante handel vanaf een standplaats en venten. Ambulante handel vanaf een standplaats is alleen toegestaan aan vergunninghouders. De standplaats moet als zodanig door het college zijn aangewezen. Een venter hoeft geen vergunning te hebben, maar dient dan wel in beweging te blijven en geen vaste plek in te nemen. Ook beschikt hij, zoals nu ook het geval is, niet over een verkoopwagen.
22
Agenda venten 2016-2021: De definitie van venten wordt aangescherpt met het oog op een helder onderscheid met standplaatsen. Verkoop van diensten (marketeers) en colporteurs Het verschil tussen een venter en een marketeer is dat een venter goederen aanbiedt en een marketeer diensten, zoals abonnementen. Het onderscheid tussen marketering en venten en tussen marketering en andere vormen van ambulante handel is op dit moment niet helder (genoeg). In het kader van de herijking van de regelgeving op het gebied van ambulante handel zullen de diverse ambulante handelsvormen onderscheidend worden gedefinieerd. Zeker nu ook veel goede doelen op straat fondsen en leden werven kan het soms knap druk worden. Sommigen waarderen dit positief als de reuring die bij een grote stad hoort, maar een flink deel van het publiek ergert zich aan marketeers en colporteurs. Vooral als het er veel zijn op een beperkte ruimte en als de verkooptechniek als opdringerig wordt beleefd. Zie hiervoor ook de ‘Evaluatie aanpak overlastproblematiek binnenstad’ (RIS 275920). Er zijn afspraken met colporteurs en hun opdrachtgevers gericht op het zoveel mogelijk voorkomen van overlast. Het college vindt die afspraken vooralsnog toereikend. De komende periode wordt bewaakt hoe het klachtenbeeld zich ontwikkelt.
Daarbij speelt ook een rol hoe winkeliers de aanwezigheid van colporteurs in en in de omgeving van winkelstraten ervaren. Aan de hand van de omvang en de ernst van de klachten kunnen we over een of twee jaar bezien of maatregelen nodig zijn. Die maatregelen kunnen bestaan uit het aanscherpen van de afspraken met colporteurs, het vergunningplichtig maken van (sommige vormen van) colportage of het aanwijzen van gebieden waar colportage niet is toegestaan of aan beperkingen is gebonden.
Agenda colporteren/verkoop van diensten 2016-2021: 1. Voor helder onderscheid met ambulante handel wordt de definitie voor verkoop van diensten aangescherpt 2. Over 2 jaar wordt bezien of er aanleiding is het beleid aan te scherpen.
23
Hoofdstuk 5 Uitvoering 5.1 Regelgeving Eind 2015 presenteert het college een ontwerp van een nieuwe overkoepelende Markt- en Straathandelsverordening waarin het beleid uit deze nota wordt uitgewerkt. In de verordening wordt per type ambulante handel (Haagse Mart, buurt- en wijkmarkten, themamarkten, incidentele private markten, ambulante standplaatsen en venten) aangegeven wat wel en niet mogelijk is. Verder wordt uitwerking gegeven aan de volgende thema’s: Regeling private markten Vernieuwing regelgeving markten Vernieuwing regelgeving straathandel Overgangsregeling standplaatsen. Daarnaast wordt een Beleidsregel Stimulering Transformatie Standplaatsen-Kiosken uitgebracht. Vooruitlopend op de geactualiseerde Markt- en Straathandelsverordening wordt een regeling vastgesteld voor de incidentele private markten, op basis waarvan initiatieven kunnen worden vergund. Deze regeling heeft het karakter van een pilot die op een later moment, gebruik makend van de opgedane ervaringen en een evaluatie vanuit consumenten en ondernemers, wordt geïntegreerd in de nieuwe Markt- en Straathandelsverordening. Om de markten naar een hoger kwaliteitsniveau te brengen wordt het bestaande marktregime op een aantal punten gewijzigd. De verwachting is dat dit medio oktober 2015, in overleg met de ondernemers, de Marktkramer en de vertegenwoordigers van de CVAH en VETRA, is uitgewerkt.
Het Branchebesluit Den Haag Markten 2012 wordt herzien om eenvoudiger en sneller een gezonde dynamiek en diversiteit op de markten te krijgen. Strekking van de herziening is dat ondernemers met aanvullend en nieuw aanbod voorrang kunnen krijgen op het anciënniteitssysteem. Doel hiervan is het versterken van het ondernemerschap en een gelijk speelveld voor de ondernemers. De werking van de verschillende Marktkamers wordt opnieuw bezien. Dit kan leiden tot aanpassing van het Reglement Adviescommissie Haagse Markten 2012. Aanpassing van het Marktreglement is nodig als ervoor wordt gekozen de openingstijden van een of meer markten aan te passen of een buurtmarkt op te heffen. Bij de actualisering van bestemmingsplannen worden de ambulante handel (via een algemene gebruiksbepaling) en de kiosken (middels een aanduiding) meegenomen, op basis van de bestaande rechten. 5.2 Handhaving Voldoende inzet op handhaving is een noodzakelijke voorwaarde voor het realiseren van de doelstellingen van deze nota. Daarvoor zal een effectief sanctiebeleid worden 24
opgesteld dat ervan uitgaat dat bij herhaaldelijk overtreden van de vergunningvoorwaarden de vergunning wordt ingetrokken, of geen nieuwe vergunning meer wordt uitgegeven. Het is essentieel dat er geen nieuwe ongewenste uitwassen en scheefgroei meer ontstaan. Belangrijk is ook dat we richting ondernemers en publiek transparant zijn en kunnen laten zien dat voor iedereen dezelfde regels gelden. Het beleid dat wij in deze nota hebben geschetst leidt tot minder en eenduidiger regels. Dat biedt ruimte voor een stevige inzet op de handhaving van de nieuwe regels. Handhaving van de regelgeving op het gebied van ambulante handel is een onderdeel van de reguliere handhavingstaken van de bestaande organisatie. Daarbij zijn de volgende partijen betrokken met de volgende taken: DSB/Handhavingsorganisatie: vergunningen op ambulante handel (standplaatsen, venten en private markten) en ruimtegebruik voor uitstallingen, terrassen en bedrijfsafval bij kiosken; DSB/Markten: toezicht op markten (wordt geïntegreerd in DSB/Handhavingsorganisatie); DSO/Pandbrigade: toezicht op bouwwerken, waaronder kiosken; DSO/Vergunningen & Toezicht: bouwvergunningen; BSD/CVDH: naleving van de in de huurovereenkomst opgenomen bepalingen.
De handhaving ten aanzien van standplaatsen zal zich na afronding van de transformatie standplaatsen-kiosken richten op: de aanwezigheid van een geldige vergunning de nakoming van de aan die vergunning verbonden voorwaarden het ruimtegebruik voor uitstallingen en terrassen voorwaarden bij vergunningverlening voor private markten. De handhaving op venten zal zich vooral richten op: controle op de naleving van afspraken die met colporteurs zijn gemaakt bewaken van de mobiliteit (venters moeten bewegen en mogen niet te lang op eenzelfde plek staan). Er worden nadere afspraken gemaakt over de wijze waarop de handhaving plaatsvindt. Bijvoorbeeld over het geven van een waarschuwing voordat wordt geverbaliseerd. 5.3 Communicatie Direct na de vaststelling van deze nota door de raad stuurt het college een informatieve brief naar alle betrokken partijen. Dat is in ieder geval iedereen die nu een vergunning heeft voor ambulante handel, iedereen die betrokken is bij het transformatieproces en relevante partijen zoals BIZ-en en winkeliersverenigingen. In het vierde kwartaal van 2015 stelt het college een communicatieplan vast. 25
5.4 Financiën Uitgangspunt is dat de structureel benodigde inzet voor de uitvoering van de maatregelen vervat in deze nota, met inbegrip van de handhaving, kan worden ingepast in de reguliere organisatie en worden bekostigd uit reeds beschikbare middelen. Na twee jaar maken we een tussenbalans op. Dat is ook het moment om vast te stellen of voor de afronding van dit proces een aanvullende bijdrage noodzakelijk is.
26
Bijlage 1 Transformatie standplaatsen-kiosken De meeste standplaatsen zien er momenteel uit als een kiosk, maar hebben formeel niet de status van kiosk. We hebben het dan over meer dan 200 standplaatsen. Het college biedt ondernemers de mogelijkheid om een keuze te maken uit twee opties: omvormen van hun huidige verkooppunt tot een kiosk die voldoet aan de daaraan te stellen eisen, of verwijderen van het bestaande verkooppunt en doorgaan als ambulante handelaar vanaf een standplaats. Verwachting is dat verreweg de meeste ondernemers voor de eerste optie zullen kiezen. Doel van het transformatieproces is een einde te maken aan de wildgroei van de afgelopen decennia, het normaliseren van de huidige praktijk op straat en duidelijkheid te scheppen naar de ondernemers en naar andere belanghebbenden over wat wel en niet kan. Nadat op deze wijze schoon schip is gemaakt wordt via regelgeving en handhaving voorkomen dat genormaliseerde situaties opnieuw uit te hand lopen en dat nieuwe onrechtmatige situaties ontstaan. Het gedoogbeleid hoort daarmee definitief tot het verleden. Dit transformatieproces vraagt om een intensieve persoonlijke begeleiding van de ondernemers. Het proces bestaat uit de volgende stappen of fases: 1. Op alle standplaatsen (circa 250) wordt de huidige situatie in beeld gebracht. Per standplaats wordt gekeken naar: a.
de huidige juridische status en rechten op basis van verstrekte vergunningen (een standplaatsvergunning en/of een bouw/omgevingsvergunning) en bestemmingsplan b. het huidige huurcontract en tarieven en/of opstalrechten c. de huidige fysieke verschijningvorm in relatie tot status en rechten d. de mate waarin sprake is van een uitzonderlijke situatie, m.a.w. een standplaats/kiosk die niet past in de openbare ruimte. Om deze inventarisatie te kunnen maken worden alle standplaatshouders gecontroleerd. Daarbij wordt gevraagd naar de vergunning, wordt de locatie opgemeten en wordt een foto gemaakt van het verkooppunt. We beseffen dat zo'n controle veel impact kan hebben. De controle zal dan ook zorgvuldig worden voorbereid zodat ondernemers weten wat er gaat gebeuren en waarom. 2. De volgende stap is de overgangsregeling . In de overgangsregeling wordt bepaald dat alle huidige standplaatsvergunningen over 5 jaar komen te vervallen. In aanvulling hierop wordt een prijsvraag uitgeschreven onder architecten en studenten voor de ontwikkeling van een betaalbare Haagse modelkiosk, die voldoet aan de toetsingscriteria en welstandseisen. Om voor de prijs in aanmerking te komen zal de ontwerper moeten samenwerken met een kioskhouder en een bouwer/leverancier die de modelkiosk tegen een concurrerende prijs in productie kan en wil nemen.