CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS314887 bijlage 2 arbeidsmarktscan

Commissie Samenleving 6 april 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Brief inzake Aanpak aansluiting onderwijs arbeidsmarkt bedrijfsleven15.418 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bijlage: arbeidsmarktscan Ten geleide Deze bijlage dient als cijfermatige onderbouwing van de aanpak aansluiting onderwijs, arbeidsmarkt en bedrijfsleven. De arbeidsmarkscan begint met de belangrijkste bevindingen. Vervolgens volgt in de afzonderlijk hoofdstukken een meer gedetailleerde analyse, gevolgd door bijhorende cijfermatige onderbouwing met figuren en tabellen.

1

Inhoud Bevindingen ..................................................................................................................................................... 3 1

2

3

4

Economische ontwikkeling (vraagzijde) .................................................................................................. 9 1.1

Analyse ........................................................................................................................................... 9

1.2

Toegevoegde waarde en bruto regionaal product ....................................................................... 11

1.3

Werkgelegenheid.......................................................................................................................... 13

1.4

Vacaturemarkt .............................................................................................................................. 18

Ontwikkelingen arbeidsaanbod ............................................................................................................ 20 2.1

Analyse ......................................................................................................................................... 20

2.2

Ontwikkeling beroepsbevolking ................................................................................................... 24

2.3

Werkloosheid en participatie ....................................................................................................... 26

2.4

GWU, WW, bijstand...................................................................................................................... 28

2.5

Onbenut potentieel ...................................................................................................................... 31

2.6

Instroom vanuit onderwijs ........................................................................................................... 34

2.7

Stay rate alumni............................................................................................................................ 41

2.8

Groengrijze druk ........................................................................................................................... 44

Arbeidsmarkt: aansluiting vraag en aanbod ......................................................................................... 46 3.1

Analyse ......................................................................................................................................... 46

3.2

Krappe en kansrijke beroepen ...................................................................................................... 48

3.3

Klimaatberoepen .......................................................................................................................... 52

Toekomst ............................................................................................................................................... 54 4.1

Analyse ......................................................................................................................................... 54

4.2

Vraag en aanbod........................................................................................................................... 60

4.2.1

Inzoomen: zorg en welzijn ........................................................................................................ 61

4.2.2

Inzoomen: onderwijs ................................................................................................................ 63

4.3

Digitalisering, automatisering en robotisering ............................................................................. 66

4.4

Energietransitie ............................................................................................................................ 71

4.5

Internationalisering ...................................................................................................................... 75

2

Bevindingen Laatste jaren sterke economische ontwikkeling, recentelijk koelt de economie af - Den Haag kenmerkt zich vanuit het verleden door een economische structuur en regionaal klimaat waar minder groei uit voortkomt dan andere grote steden. Maar de Haagse economie trekt recentelijk aan. Het bruto regionaal product (BRP) groeide met 3,1% in 2019, de laatste keer dat dit niveau werd bereikt was in 2007 (groei was hoger dan Rotterdam, Eindhoven en Nederland gemiddeld). Tijdens corona (2020) kromp de Haagse economie (-3,3%) minder hard dan gemiddeld (-3,9%), daardoor was het groeiherstel in 2021 ook iets lager dan gemiddeld (maar nog steeds 3,5%). - Ook de banengroei versnelde in 2019 (2,8%); en zette door in 2020 (2%) en 2021 (2,9%). Sectoren die zowel in absolute als relatieve zin in 2021 hard groeiden zijn Zorg, Overheid, Bouw en Detailhandel en horeca. - In het derde kwartaal van 2021 koelde de economie in heel Nederland af: van kwartaal op kwartaal was er een krimp van -0,3%. Het vierde kwartaal was er weer een bescheiden groei van 0,6%. De prognose voor Den Haag ligt tussen de 0,0% en 0,6% voor zowel banen als het BRP. Voor Nederland als geheel is dit 0,7%. De reden voor de afkoeling van de economie zijn stijging van energie-, materiaal- en voedselprijzen (inflatie). - De bouw, industrie en handel krijgen het moeilijker.

Groei is er in de ICT, mede omdat fors wordt geïnvesteerd in digitalisering en automatisering om de krapte op de arbeidsmarkt te verlichten. Ook van de zakelijke diensten, overheid, duurzame energiesector en circulaire activiteiten wordt groei verwacht. Onder andere door forse overheidsinvesteringen in klimaatdoelen en infrastructuur. Afnemende werkloosheid en geregistreerd werkzoekenden, maar groot onbenut arbeidspotentieel - De werkloosheid is sinds 2015 in alle steden gedaald, in Den Haag van boven de 10% in 2015 tot onder de 5% in 2022. - De netto arbeidsparticipatie is tussen 2015 en 2019 weliswaar iets toegenomen in Den Haag van 60% naar 65%, maar bleef daarna op dat niveau hangen. In de andere grote steden en in Nederland als geheel bleef de participatie toenemen, waardoor deze in Den Haag inmiddels op het laagst ligt van de grote steden, alsook onder het Nederlands gemiddelde. In het licht van bovenstaande economische ontwikkelingen en onderstaande krapte op de arbeidsmarkt is dit opvallend. De arbeidsparticipatie is lager onder vrouwen, ouderen en lager opgeleiden. Dat is in alle steden het geval. De lage arbeidsparticipatie onder Haagse jongeren (15-25 jaar) ten opzichte van andere steden is daarnaast opvallend.

- Het totaal aantal geregistreerd werkzoekende (GWU)1 nam vanaf het tweede kwartaal van 2021 met ruim 7.000 af: het aantal WW-uitkeringen en bijstandsgerechtigden nam met 3.500 af. In absolute zin ligt het bijstandsvolume op het laagste niveau sinds 2014. Relatief gezien is die afname onder bijstandsgerechtigden veel geringer dan onder ontvangers van een WW-uitkering. - Het percentage mensen dat na afloop van de WW in de bijstand terecht kwam nam in alle arbeidsmarktregio’s af. Haaglanden staat echter op plaats 3 met het hoogste doorstroompercentage van Nederland in 2021 (4,7%). - Alleen personen die het niet zonder ondersteuning redden op de arbeidsmarkt, of die te grote belemmeringen ervaren die werk in de weg staan, doen nu nog een beroep op de gemeentelijke voorzieningen. De laatste jaren is sprake van een afname van de instroom en licht stijgende uitstroom. De voornaamste reden waarom mensen momenteel instromen in de bijstand is het hebben van geen of onvoldoende inkomsten. Bij de uitstroom is de voornaamste reden werk.

1 Werkzoekenden die bij het UWV staan geregistreerd met een WW-uitkering, bijstandsuitkering, Wajong-uitkering, WGA-

uitkering, WAO-uitkering, Nuggers die zich hebben aangemeld bij de gemeente en als zodanig ingeschreven staan bij UWV en alle personen die een CV op werk.nl hebben geplaatst.

3

-

-

Nu er minder nieuwe instroom is en er minder mensen kortdurend in de uitkering zitten, wordt de groep die de gemeente naar werk begeleidt gemiddeld ‘zwaarder’. In Den Haag is zo’n 65% van de bevolking tussen 15 en 75 jaar aan het werk (410.000). Zo’n 25% bestaat uit de niet-beroepsbevolking: personen zonder betaald werk die niet recent naar werk hebben gezocht of daarvoor niet direct beschikbaar zijn (150.000). Er resteert een groep die het UWV aanduidt als onbenut arbeidspotentieel. Dit is ongeveer 12% van de bevolking tussen de 15 en 75 jaar (77.000): onderbenutte deeltijders (35%), werklozen (34%) en semi-werklozen (31%). Binnen het onbenutte potentieel hebben gemeente en UWV enkel zicht op de geregistreerde werkzoekenden. Dit is slechts 21% van de 77.000 personen (van het genoemde onbenut potentieel van de bevolking tussen 15 en 75 jaar). Een groot deel is dus niet alleen onbenut, maar ook onbekend.

Groengrijze druk: veel uitstroom van pensioengerechtigden en beperkte instroom van afgestudeerden - In 2023 is de groene druk in Den Haag, met 38%, groter dan de grijze druk van 26%2. - De grijze druk neemt in de komende jaren verder toe (prognose: 40,3% in 2040 tegenover 26% nu), terwijl de groene druk een meer stabiele ontwikkeling kent. - Het grootste aantal werkenden dat binnen 10 jaar uitstroomt, komt voor in de sectoren: openbaar bestuur, zorg en welzijn, onderwijs, specialistische zakelijke dienstverlening en de bouwnijverheid. - In de arbeidsmarktregio Haaglanden wonen bijna 179.000 mensen die tot de groep tussen de 50 en 67 jaar behoren en binnen korte tijd de arbeidsmarkt zullen verlaten. Daartegenover staan 153.000 jongeren tussen de 0 en 17 jaar die deze groep potentieel zouden moeten vervangen. Wanneer er geen rekening wordt gehouden met de kwalitatieve aspecten op de arbeidsmarkt en mogelijke pendel blijkt dat de komende jaren een tekort van ruim 26.000 aan aanbod zal ontstaan door ontgroening. - Door vergrijzing en tegelijkertijd ontgroening – het aandeel jongeren wordt ten opzichte van het aandeel ouderen kleiner – is de instroom van jongeren onvoldoende om de vervangingsvraag op te vangen. - Landelijk stromen er tot 2026 1,26 miljoen afgestudeerden in op de arbeidsmarkt.

Voor Den Haag is bekend dat het aantal HBO-/WO-studenten het afgelopen decennium (2010-2021) is gegroeid met 8.000 studenten tot zo’n 30.000. Het aantal MBO-studenten is de laatste jaren stabiel gebleven en lag op ruim 14.000 in 2021. - Kijkend naar het aantal jaarlijks gediplomeerden onder de Haagse bevolking dan neemt het aandeel hoger opgeleiden in dit totaal toe (van 29% in 2010 tot 38% in 2021) en het aandeel middelbaar gediplomeerden juist af (gespiegeld: van 38% in 2010 tot 29% in 2020). In het voortgezet onderwijs neemt het aandeel theoretisch gediplomeerden (havo/vwo) toe (van 13% in 2010 tot 16% in 2021) en het aandeel praktisch gediplomeerden af (van 20% in 2010 tot 17% in 2021). - Bij het MBO worden de studierichtingen Zorg en Welzijn, Economie en administratie en Techniek het vaakst gevolgd. Opvallend is de toename in de richting van Zorg en Techniek: Zorg en Welzijn is Economie voorbijgestreefd en dat geldt ook bijna voor Techniek. Bij het HBO is er een duidelijke studentenconcentratie en -groei in de economische richting. Er is de laatste twee jaar een kleine groei van het aantal hogeschoolstudenten in Techniek en Gezondheidszorg. Het merendeel van de WO-studenten aan de Haagse nevenvestigingen van de Universiteit Leiden en de TU Delft volgen de opleidingsrichting Gedrag en maatschappij en de Sector-overstijgende richtingen.

2

Grijze druk: De verhouding tussen het aantal personen van 65 jaar of ouder en het aantal personen van 20 tot 65 jaar. Dit cijfer geeft inzicht in de verhouding van de ouderen tot het werkende deel van de bevolking. Groene druk: De verhouding tussen het aantal personen van 0 tot 20 jaar en het aantal personen van 20 tot 65 jaar. Dit cijfer geeft inzicht in de verhouding van de jeugd tot het werkende deel van de bevolking

4

Krapte op de arbeidsmarkt nu en in de toekomst: vooral in techniek, ICT, zorg en onderwijs - De arbeidsmarktbalans is verder gestegen naar 106: bij waarden onder de 100 zijn er te weinig banen om de beroepsbevolking volledig aan het werk te krijgen en bij waarden boven de 100 zijn er meer banen dan mensen in de beroepsbevolking. Wanneer de groei van banen tot 2030 gelijke tred houdt met het tienjarig gemiddelde in het verleden zal het aantal banen sneller toenemen (+38.000) dan de beroepsbevolking (+28.000) waardoor de arbeidsmarkbalans nog verder stijgt. De verwachte toename van de beroepsbevolking hangt samen met het forse woningbouwprogramma. - Sinds het 3e kwartaal van 2017 is de arbeidsmarkt in de regio Haaglanden volgens de UWVspanningsindicator al “krap”: de vraag is veel groter dan het aanbod. In 2021 nam de spanning, na een dip als gevolg van corona, snel toe en kwam in 2022 op een recordhoogte uit (“zeer krap”). De verwachting is dat de arbeidsmarkt structureel krap blijft de komende jaren. Ondanks dat door de afkoeling van de economie iets meer lucht zal ontstaan. - Op basis van de Arbeidsmarktprognose ROA 2021-2026 komt als eerste naar voren dat er minder economische groei zal zijn dan in de voorgaande jaren (overeenkomstig het beeld dat in de eerste alinea van deze arbeidsmarktscen werd geschetst).

De vergrijzing zorgt voor veel uitstroom en vormt zelfs een rem op de economische groei. Tussen 2021 en 2026 worden 2,3 miljoen baanopeningen verwacht, maar liefst 80% van de baanopeningen ontstaat doordat mensen de arbeidsmarkt verlaten, met name voor pensionering. De overige vraag wordt veroorzaak door economische groei en dynamiek (baancreatie en baanvernietiging). De derde factor is instroom: die is vaak beperkt. - Kijkend naar de huidige en toekomstige krapte springen er een aantal knelpuntberoepsgroepen uit (zie voor meer detail de tabel op pagina 8): o Technische beroepen: bouw, industrie en techniek. Binnen de bouw zijn er veel vacatures in “klimaatberoepen” als gevolg van de energietransitie. Voor de toekomst zit hier wel een tweedeling: voor de bouwberoepen worden na 2026 geen knelpunten meer verwacht, voor de overige beroepen in de techniek wel. o ICT: er zijn nu en in de toekomst grote tekorten aan ICT-ers, door de huidige krapte en door investeringen in digitalisering, automatisering en robotisering en de klimaatsdoelen. o Zorg, welzijn en onderwijs: de groei in vraag naar onderwijs en zorg in combinatie met de grote vergrijzingsgolf in deze sectoren en de beperkte mogelijkheden om taken te automatiseren resulteert in grote knelpunten nu en in de toekomst.

o Overheid en veiligheid: door de grote uitstroom van pensioengerechtigden aan de ene kant en de grote maatschappelijke transities waar Nederland voor staat aan de andere kant, worden veel investeringen van de overheid verwacht. De uitdagingen op het gebied van (cyber)veiligeheid komen daar nog bij. Dat vraagt om juristen, overheidsambtenaren en -bestuurders en (cyber)veiligheidspecialisten. - Kijkend naar het beroepsniveau dat wordt gevraagd in vacatures kunnen werknemers met niveau 1 (eenvoudige routinematige taken; lager onderwijs) alleen terecht in de transport en logistiek (60% is niveau 1), niet-commerciële dienstverlenende beroepen (40% is niveau 1) en in zeer beperkte mate in de techniek (5% is niveau 1). Slechts 7% van de vacatures is op beroepsniveau 1. - Werknemers met niveau 2 (weinig tot middelmatig complexe taken; lager of middelbaar onderwijsniveau) kunnen in meer beroepen terecht: 33% van de vacatures is op dit niveau verdeeld over 9 beroepsgroepen. - Veruit de meest vacatures zijn op niveau3 (middelbaar of hoger onderwijsniveau) en 4 (hoger of wetenschappelijk onderwijsniveau). Bij elkaar opgeteld 60%: 20% op niveau 3 en 40% op niveau4. - Onderdeel van de arbeidsmarkt is de markt voor stages en leerbanen. Deze zijn vast onderdeel van de beroepsopleidingen in mbo en hbo.

Voor het mbo zijn er medio maart 2023 nauwelijks tot geen tekorten aan stageplaatsen en leerbanen. Wel staat bij een deel van de werkgevers de begeleiding onder druk, door een tekort aan personeel. 5

Additionele trends: klimaatdoelen; automatisering, digitalisering en robotisering; internationalisering - Klimaatdoelen: volgens het PBL (2022)3 ontstaat er extra vraag naar technische en ambachtsberoepen in de sectoren machine-, apparaten en metaalindustrie, bouwnijverheid, specialistische en overige zakelijke diensten als gevolg van investeringen die nodig zijn om de doelen zoals geformuleerd in het klimaatakkoord te halen. Als de investeringen boven op de al gebruikelijk investeringen van overheden, bedrijven en huishoudens komen – het additionele scenario waar simpelweg meer geld geleend zal worden - ontstaan ook in andere sectoren tekorten. Als de investeringen in plaats van de al gebruikelijk investeringen plaatsvinden (substitutie) zal in andere sectoren de vraag afnemen (detailhandel, horeca, informatie en telecommunicatie, financiële diensten, cultuur, sport en recreatie en overige dienstverlening). Opvallend is dat in beide scenario’s extra vraag ontstaat naar (beroepen): o Technische beroepen waar zonder investeringen in klimaatdoelen al veel knelpunten verwacht werden tot 2026: zoals elektrotechnische ingenieurs, ingenieurs (geen elektrotechniek), technici bouw en natuurkunde, elektriciens en elektronicamonteurs.

o Ambachtsberoepen waar enige tot geen knelpunten verwacht werden, maar door de investeringen in klimaatdoelen wel knelpunten ontstaan: met name Automonteurs, Metaalbewerkers en constructiewerkers, Productiemachinebedieners, Lassers en plaatwerkers. - Automatisering, digitalisering en robotisering: volgens het CPB (2023)4 zullen door verdergaande digitalisering, automatisering en robotisering bepaalde taken verdwijnen die eerder door mensen werden gedaan. Maar tegelijkertijd ontstaan er door nieuwe technologie ook aanzienlijk veel nieuwe taken voor werkenden. Per saldo komen er ongeveer evenveel taken bij als dat er verdwijnen. Dit is echter niet gelijk over sectoren verdeeld: in sommige relatief grote arbeidsintensieve sectoren in Nederland, die ook relatief steeds groter worden, zoals onderwijs en zorg, neemt het aantal door arbeid verrichtte taken in abolute zin toe. In andere sectoren, zoals elektriciteits- en gassector, elektronica en de financiële dienstverlening, is veel nieuwe technologie toepast, het aantal door arbeid verrichte taken afgenomen en de productiviteit sterk gegroeid. Het ontstaan en verdwijnen van taken is ook niet gelijk verdeeld over groepen op de arbeidsmarkt, vooral het middensegment is in de gevarenzone. Met name routinematige taken zijn verdwenen.

o Routinematige taken zijn daarbij gedefinieerd als taken die ook door een computergestuurde technologie gedaan kunnen worden. Sinds het begin van de 21e eeuw is het aandeel routinematige taken in Nederland afgenomen met ruim 7 procentpunt. Zowel “routinematig cognitief (bijvoorbeeld een boekhouder)” als “routinematig handmatig (bijvoorbeeld een fabrieksmedewerker)” is afgenomen. o Veel van de beroepen met routinematige taken bevinden zich in het middensegment van de loonverdeling op de arbeidsmarkt (denk aan financiële dienstverlening). Het middensegment wordt daarom bovenmatig blootgesteld aan automatisering. Vooral de bovenkant heeft geprofiteerd van het ontstaan van nieuwe taken (zoals data science en management), en in mindere mate ook de onderkant (persoonlijke dienstverlening). - Bovenstaande conclusies over de taken verricht door arbeid in de zorg- en onderwijssector zijn in lijn met bevindingen uit andere verkennende studies: zo concludeert Gupta (2022) dat alleen al bestaande medische technologie 110.000 zorgmedewerkers vrij zou kunnen spelen, meer dan het verwachte tekort van 100.000 in 2031. Maar er zijn implementatieproblemen: het ontbreken van urgentiegevoel, kennis, schaalgrootte en financiële prikkels.

3 Bron: PBL/ROA (2022); Inzicht in arbeidsmarktknelpunten voor de uitvoering van het klimaatbeleid 4 CPB (2023): Technologie, de arbeidsmarkt en de rol van de overheid.

6

-

-

Uit onderzoek van TNO (2022) naar dagstructuur- en multifunctionele robots in verpleeghuis- en thuiszorg blijkt dat robots vooralsnog weinig worden toegepast en dit ook de komende 5 jaar niet wordt verwacht. Er wordt op deze termijn meer verwacht van datasystemen op basis van het Elektronisch Patientdossier (EPD) en/of het werken met sensoren en domotica. Internationalisering: op dit moment lopen er onderzoeken naar de internationalisering van de arbeidsmarkt in opdracht van de gemeente. Zodra de resultaten bekend zijn worden deze benut bij het analyseren en bijsturen van bestaand en het ontwerpen van nieuw beleid. We volstaan hier met enkele inzichten. o Algemeen beeld is dat de Haagse expat zoals we die 5 à 10 jaar geleden kenden eerder uitzondering dan regel is: deze is niet meer per definitie de “veel verdienende diplomaat”, “highly skilled worker”, uitgezonden door een grote organisatie waarvoor alles is geregeld bij aankomst, zoals huisvesting en scholing en opvang voor de kinderen. Of aan de andere kant van het spectrum de statushouder of laagopgeleide arbeidsmigrant. Een steeds grotere verscheidenheid vestigt zich vanuit het buitenland in Den Haag: startup founders, internationale studenten (die zich na studie langer of permanent vestigen), de EU-middenklasse en middelbaar opgeleide arbeidsmigranten, onder meer versterkt door de krapte op de Nederlandse arbeidsmarkt.

Dit type (kennis)werker doet meer dan de traditionele expat een beroep op algemene voorzieningen, zoals die op de woningmarkt, primair onderwijs voor de kinderen en kinderopvang, in plaats van specifieke expatwoningen, internationaal onderwijs en andere voorzieningen binnen de expat community. Dit zorgt ook voor een extra vraag naar onderwijs en kinderopvang en een andere en bredere vorm van gemeentelijke dienstverlening. De bevolkingsgroei door buitenlandse migratie is bovendien in toenemende mate vlottend. Dat houdt in dat mensen vaker tijdelijk in de stad of een wijk verblijven, en dat naast hun doel te migreren naar Den Haag ook hun verblijfsduur varieert (WRR, Samenleven in Verscheidenheid, 2020)5. o Het aantal internationale studenten is snel gestegen in Nederland. De provincie ZuidHolland kent de meeste internationale studenten. In Den Haag was in 2021 15% van de studenten afkomstig uit het buitenland. o In een in april 2023 verwachte Kamerbrief van Minister Dijkgraaf over internationalisering beschrijft de minister met welke maatregelen hij de instroom van internationale studenten in de toekomst wil beheersen. o Procentueel gezien zijn de meeste internationale studenten op Hogescholen te vinden bij de studierichtingen Taal en Cultuur. In absolute termen is dit Economie. Op Universiteiten is procentueel het interdisciplinaire programma het meest populair.

In absolute termen is dit gedragswetenschappen, economie en engineering. o Eén jaar na afstuderen woont nog zo’n 46% van de internationale alumni in Nederland, na 5 jaar is dit nog 24% (cohort afstudeerjaren 2006-2007 en 2015-2016). Er zijn vooral hoge stayrates voor onderwijs en techniek. Mogelijk ligt hier het verschil in kansen op de arbeidsmarkt aan ten grondslag. o Na 5 jaar werkt in Nederland 73% van de internationale alumni, 5% studeert door en 21% werkt niet. In Den Haag ligt de participatiegraad op 76%. o Na 5 jaar werkt van alle internationale afgestudeerden in Nederland 10% in de regio Haaglanden. De regio staat daarmee op plek twee, achter Amsterdam waar 30% van de internationale alumni werkzaam is.

5 Zie WRR (2020): https://www.wrr.nl/publicaties/rapporten/2020/12/14/samenleven-in-verscheidenheid

7

Selectie beroepsgroepen met veel knelpunten nu en in toekomst (grootste uitstroom door vergrijzing: openbaarbestuur, zorg en welzijn, onderwijs en de bouwnijverheid) Knelpuntberoepsgroepen

Analyse huidig Haaglanden (UWV) Krap/kansrijke beroepsgroepen

Technisch Bouw Industrie Techniek

Machinemonteurs Productieleiders industrie en bouw Productcontroleurs Elektrotechnisch ingenieurs Elektriciens en elektronicamonteurs Ingenieurs (geen elektrotechniek) Technici bouwkunde en natuur Loodgieters en pijpfitters Bouwarbeiders afbouw Metaalbewerkers en constructiewerkers Timmerlieden Automonteurs

ICT

Databank- en netwerkspecialisten software en applicatieontwikkelaars gebruiksondersteuning ICT

Specifieke beroepen (voorbeelden; groen = klimaatberoep)

Analyse prognoses landelijk (ROA / Gupta) Regionaal: zorg en welzijn (ABF) en Onderwijs (Centerdata)

Additionele toekomstige trends Klimaat, digitalisering, automatisering, robotisering

Bouw en installatie: Werkvoorbereiders en calculators bouw en installatietechniek, Elektriciens en installateurs/ monteurs elektrische installaties (incl. zonnepanelen en laadpalen), Loodgieters, installateurs/ monteurs gas, water, sanitair, verwarming (incl. warmtepompen)

Ing. wis-, natuur- en technische wetensch. Vakspecialisten natuur en techniek Voedselverwerkende ber. en overige ambacht. Elektriciens en elektromonteurs

Industrie en overig: Monteurs, elektriciens & installateurs, productieplanners en medewerkers technische dienst (elektro).

*Tweedeling binnen de technische beroepen in knelpunten: voor de bouwberoepen worden over 6 jaar geen knelpunten meer verwacht, voor de overige beroepen in de techniek wel.

Investeringen Klimaatakkoord: *Extra knelpunten technische beroepen: Zoals elektrotechnische ingenieurs, ingenieurs (geen elektrotechniek), technici bouw en natuurkunde, elektriciens en elektronicamonteurs. *Door investeringen ontstaan knelpunten in ambachtsberoepen die eerder nog als minder nijpend werden gezien: Automonteurs, Metaalbewerkers en constructiewerkers, Productiemachinebedieners, Lassers en plaatwerkers *In additioneel scenario ook Zakelijke diensten.

Specifieke klimaatberoepen Gebouwde omgeving, nog niet genoemd in groen hierboven: Ingenieurs werktuigbouwkunde, , Loodgieters, installateurs gawalo, Timmerlieden burgerlijke utiliteit, Tekenaars en constructeurs bouwkunde, Ingenieurs civiele techniek, Uitvoerders bouw en installatiewerk, Timmerlieden werkplaats en interieur Specifieke klimaatberoepen Energiesystemen, nog niet genoemd in groen hierboven: Projectleiders, adviseurs, ontwerpers en constructeurs grond-, weg- en waterbouw, Tekenaars bouwkunde en BIM modelleurs, Assemblagemonteurs, Ontwerpers en ingenieurs elektrotechnische installaties, Beleidsadviseurs ruimtelijke ordening / planologie. Ontwerpers & architecten ICT-systemen Programmeurs & developers ICT Securityspecialisten ICT

Toepassing technologie in de bouw: volgens het CPB neemt het aantal taken af in de bouw. Dit zal zich verder ontwikkelen. Denk bijvoorbeeld aan een zonnecelrobot.

Specialisten ICT

Specifieke klimaatberoepen: Ontwerpers, architecten, analisten ICTsystemen, Netwerkspecialisten ICT

Zorg en welzijn

Gespecialiseerde verpleegkundigen Verpleegkundigen (mbo) Medische vakspecialisten Fysiotherapeuten Verzorgenden

Woonbegeleiders gehandicaptenzorg, verzorgenden IG, verpleegkundigen en huishoudelijk medewerkers.

Landelijke prognose knelpunten (Gupta): Met name ouderenzorg en ziekenhuiszorg Landelijke prognose knelpunten (ROA): Artsen, Therapeuten en gespec. Verpleegkundigen, Sociaal werkers, Groeps- en woonbegeleiders, Vakspecialisten gezondheidszorg, Specialisten op maatschappelijk gebied Regionale prognose grote vraag (ABF): Verpleging en verzorging, Thuiszorg, Kinderopvang, Gehandicaptenzorg, Overige zorg en welzijn (pedagogiek en maatschappelijk dienstverlener /medewerker)

Onderwijs

Leerkrachten basisonderwijs, Docenten hoger onderwijs en hoogleraren, Doc. beroepsgerichte vakken sec.onderw.

Leerkrachten basisonderwijs en docenten vo en mbo voor zowel taalkundige als exacte vakken

Landelijk: Docenten, Leidsters kinderopvang, Onderwijsassistenten Regionaal: Grote tekorten primair en secundair onderwijs Haaglanden. Vakken secundair: talen (NL, DE, FR, Klassiek) en natuur en techniek (Informatica, Natuurkunde, Wiskunde, Scheikunde)

Overheid en veiligheid

Overheidsbestuurders, Juristen Overheidsambtenaren

Beleidsadviseurs ruimte /planologie

Beveiligingswerkers, Juristen Overheidsambtenaren en -bestuurders

*Door krapte arbeidsmarkt extra investeringen in digitalisering, automatisering en robotisering, waardoor additionele vraag ICT-ers. *Investeringen Klimaatakkoord: met name in het additionele scenario extra vraag; in budgetneutraal scenario niet meer dan dat dit nu al een knelpunt is. Digitalisering, automatisering en robotisering: Technologie ter preventie en taakondersteuning- en substitutie kan het tekort van 100.000 medewerkers in ziekenhuis- en thuiszorg in 2031 oplossen (Gupta, 2022). Maar vooralsnog ontbreekt het aan urgentiegevoel, kennis, schaalgrootte en financiële prikkels. Implementatie van robotisering is volgens TNO de komende 5 jaar zeer beperkt. Volgens CPB is het aantal taken dat door arbeid wordt verricht juist toegenomen in de zorg. Technologie is meer ondersteuning en verrijking dan vervanging. Veel onduidelijk over impact. Hybrid en blended learning ondersteund door ICT, AI, AR, VR en ELO veel potentie. Volgens CPB is het aantal taken dat door arbeid wordt verricht juist toegenomen in het onderwijs. Investeringen in woningbouw, infrastructuur en klimaat zijn fors. Investeringen overheid zijn zelfs drijver van gematigde economische groei in 2023 en 2024.

8

1 Economische ontwikkeling (vraagzijde) 1.1 Analyse Bruto regionaal product - Den Haag kenmerkt zich vanuit het verleden door een economische structuur en regionaal klimaat waar minder groei uit voortkomt dan andere grote steden. Er is relatief veel overheid en er zijn minder groeiclusters en exporterende bedrijven met een voortrekkersrol. Ook is er van oudsher geen universitaire hoofdzetel, hoewel de komst en groei van nevenvestigingen (Universiteit Leiden, TU Delft en Erasmus) het laatste decennium heeft gezorgd voor een forse aantrekkingskracht op universitair geschoolden. - En de economie in Den Haag trekt recentelijk aan: het bruto regionaal product groeide met 3,1% in 2019, de laatste keer dat dit niveau werd bereikt was in 2007 (groei was in 2019 hoger dan Rotterdam, Eindhoven en Nederland gemiddeld). - Tijdens corona (2020) kromp de Haagse economie minder hard dan gemiddeld (-3,3% tegenover 3,9%), daardoor was het groeiherstel in 2021 ook iets lager dan gemiddeld - maar nog steeds 3,5%. - De economie is in het derde kwartaal van 2022 in vrijwel alle regio’s gegroeid ten opzichte van een jaar eerder. In de regio’s Rotterdam, Den Haag en Utrecht lag de groei ten opzichte van een jaar eerder rond de 3%. In Amsterdam was de groei 6%.

- De groei remde de laatste kwartalen wel sterk af: van kwartaal op kwartaal was er sprake van een krimp van -0,2% in Nederland als geheel en het laatste kwartaal een kleine groei van 0,6%. We scheren dus net langs een recessie, want daarvan is sprake na een krimp van twee kwartalen achtereen. - Gemiddeld zijn de groeiprognoses voor heel Nederland 0,7% en tussen de 0,0% en 0,6% voor de regio Den Haag. De reden voor de afkoeling van de economie zijn stijging van energie-, materiaalen voedselprijzen (inflatie). Banen - Ook de banengroei versnelde in 2019 (2,8%); en zette door in 2020 (2,0%) en 2021 (2,9%). - Het UWV verwacht voor 2023 nog een banengroei van 1.200 in de regio Haaglanden, wat neerkomt op 0,3%, tegenover 0,5% landelijk. ING verwacht in haar prognoses van februari dat de groei van het Nederlandse arbeidsvolume in 2023 0,9% zal bedragen, terwijl deze prognose in december nog 0,0% bedroeg. Dit heeft te maken met de naar boven bijgestelde verwachtingen ten aanzien van een milde recessie die op de loer lag. - Sectoren die zowel in absolute als relatieve zin in 2021 hard groeiden zijn Zorg, Overheid, Bouw en Detailhandel en horeca.

De sectorale vooruitzichten voor 2023/2024 zijn globaal: o Het komend jaar is de verwachting dat bedrijven investeren in automatisering en digitalisering als oplossing voor de arbeidsmarktkrapte, waardoor de ICT-sector volgend jaar verder groeit6. o De vraag naar zakelijke diensten neemt ook toe door toenemende wet- en regelgeving, bijvoorbeeld op het gebied van duurzaamheid. Daarentegen voorziet Raboresearch een krimp in de industrie en handel. De industrie lijdt onder de hoge energie- en grondstofprijzen, en gestegen arbeidskosten. o De bouw heeft in de prognoses van Raboresearch nog een plus van 1,2% (2023) en 1,3% (2024). ING verwacht een krimp van -0,5% in 20237. Er is flink wat tegenwind zoals de

6 https://www.rabobank.nl/kennis/d011334601-sectorprognoses-milde-recessie-en-structurele-uitdagingen 7 https://www.ing.nl/zakelijk/sector/building-and-construction/outlook-bouw

9

o

o

o

o

terugvallende woningmarkt, stikstofproblematiek, hoge bouwprijzen, tekort aan grond, complexe projectontwikkeling en capaciteitsproblemen bij gemeenten om de aanvragen te verwerken. Bouwbedrijven hebben daarentegen nog goed gevulde orderboeken en de verduurzamingsopgave van vastgoed wordt versneld door de hoge energieprijzen. De handel kampt vooral met dalend consumentenvertrouwen waardoor de consumptie van mensen terugloopt. Naar verwachting zullen consumenten grotere aankopen uitstellen, annuleren of vervangen door goedkopere alternatieven. Dit jaar groeien naar verwachting vooral de regio’s met een grote horeca- en vrijetijdssector, terwijl deze tijdens de coronapandemie juist hard krompen. Voor een belangrijk deel is het vanuit de horeca en vrijetijdssector nog herstelgroei. De geplande overheidsinvesteringen in duurzaamheid, infrastructuur en woningbouw zijn fors. In tegenstelling tot de beperkte bestedingen van consumenten en bedrijven zullen de overheidsinvesteringen en -consumptie naar verwachting blijven toenemen. Een aanzienlijk deel van de economische groei komt van de overheid en zorgt daarmee voor een gematigd economisch herstel in 20238. Dat zorgt ervoor dat de overheid zelf ook blijft groeien9. Banen op het gebied van duurzaamheid en circulariteit zijn niet binnen bestaande statistische classificaties te vangen en daardoor beperkt (regionaal) inzichtelijk.

Uit landelijke cijfers weten we dat de duurzame energiesector al jaren gestaag groeit. De verwachting is dat dit verder doorzet. Ook circulaire activiteiten neemt toe.

Vacaturemarkt - Het aantal (moeilijk vervulbare) vacatures is fors gestegen in Den Haag. Deze stijging was al aan de gang tussen 2016 en 2019, met een kleine dip in 2020 als gevolg van corona. In het derde kwartaal van 2022 stonden er 22.650 vacatures open. Dat zijn er ruim 14.000 meer als in hetzelfde kwartaal in 2016 en 11.350 meer als in 2020 tijdens de kleine dip van corona. - In vrijwel alle beroepsklassen en -niveaus zijn veel vacatures: Economisch en administratief, Technisch, Commercieel, ICT en Zorg en Welzijn, Managers, etc.. Omdat ook het aanbod verschilt per beroepsgroep- en niveau gaan we hier verder op in onder hoofdstuk 3 “Arbeidsmarkt: aansluiting vraag en aanbod”. - Kijkend naar het beroepsniveau dat wordt gevraagd in vacatures dan kunnen werknemers met niveau 1 (eenvoudige routinematige taken; lager onderwijs) alleen terecht in de transport en logistiek (60% is niveau 1), niet-commerciële dienstverlenende beroepen (40% is niveau 1) en in zeer beperkte mate in de techniek (5% is niveau 1). Slechts 7% van de vacatures is op beroepsniveau 1. - Werknemers met niveau 2 (weinig tot middelmatig complexe taken; lager of middelbaar onderwijsniveau) kunnen in meer beroepen terecht: 33% van de vacatures is op dit niveau.

Vooral in de sector economisch administratief (40% is niveau 2), waar momenteel ook de meeste vacatures zijn, kunnen zij terecht; respectievelijk gevolgd door de beroepsgroep technisch (53% op niveau 2), commercieel (48% op niveau 2), zorg en welzijn (16% op niveau 2), dienstverlenend (56% op niveau 2), transport en logistiek (36% op niveau 2), pedagogisch (26% op niveau 2) en openbaar bestuur (25% op niveau 2). - Veruit de meest vacatures zijn op niveau 3 (middelbaar of hoger onderwijs) en 4 (hoger of wetenschappelijk onderwijs). Bij elkaar opgeteld 60%: 20% op niveau 3 en 40% op niveau 4.

8 https://www.ing.nl/zakelijk/kennis-over-de-economie/uw-sector/outlook/outlook-2023-nederland.html 9 https://www.rabobank.nl/kennis/d011332319-nederlandse-economie-twee-jaar-van-doormodderen-verwacht en

https://www.ing.nl/zakelijk/kennis-over-de-economie/uw-sector/outlook/outlook-2023-nederland.html

10

1.2 Toegevoegde waarde en bruto regionaal product Historische ontwikkeling toegevoegde waarde als afwijking van Nederland gemiddelde. Den Haag heeft historisch gezien een achterstand maar krabbelt vanaf 2019 terug. 100

80

60

40

20

0

-20

-40 Den Haag

Amsterdam

Rotterdam

Utrecht

Eindhoven

%-punt verschil met landelijke toegevoegde waarde sinds 1995, bron: CBS

De sectorstructuur van Den Haag draagt ten opzicht van het Nederlandse gemiddeld positief bij aan de groei in Toegevoegde Waarde (TGW), maar minder ten opzichte van de andere grote steden. De invloed van het ondernemersklimaat (regionale condities) is negatief10. Shift-share-ontwikkeling TGW 1996-2019

Bron: Raboresearch

10 https://www.rabobank.nl/kennis/d011262554-toenemende-economische-ongelijkheid-tussen-regios-vraagt-om-

regionaal-beleid

11

Recente ontwikkeling Bruto Regionaal Product (volumemutaties COROP-plus regio’s). De groei in 2019 van 3,1% was sinds 2007 geleden en hoger dan Rotterdam, Eindhoven en Nederland gemiddeld. 8,0 5,4

6,0 4,0

6,8

6,3

3,1

4,9

3,5

2,0

4,5

4,9

4,2 2,4

2,0

Eindhoven

Nederland

1,0

0,0 Den Haag

Amsterdam

Rotterdam

Utrecht

-2,3

-2,6

-2,0 -4,0

-3,3

-2,1

-3,9

-6,0 -8,0

-6,4

2019

2020

2021

BRP Stadsregio’s, bron: CBS

Gemiddelde prognoses voor de Nederlandse economie volgens toonaangevende instituten

Bron: Financieel Dagblad, 9 december 2022

12

Regionale prognose volgens Raboresearch. Verwachting Den Haag tussen de 0,0% en 0,6%.

Bron: Raboresearch

1.3 Werkgelegenheid Totaal Ontwikkeling van het aantal banen in Den Haag vanaf 2000

13

Ontwikkeling van het aantal banen ten opzicht van voorgaande jaar (per 1 januari)

Ontwikkeling banen G4, index, 2010 = 100 (jaar 2021 voorlopig alleen bekend voor Den Haag) 140

130 120 110 100 90 80 70

Den Haag

Amsterdam

Utrecht

Nederland

Rotterdam

Bron: Werkgelegenheidsregister Haaglanden, bewerking SEPO

14

Per sector Ontwikkeling van het aantal banen in 2021 (verschil 1-1-2021 en 1-1-2022). Absoluut veel groei in Overheid, zorg en bouw

Overzicht van het aantal banen naar sector en de relatieve groei (per 1 januari)

15

Energie en circulariteit Werkgelegenheid hernieuwbare energie in Nederland

Bron: CBS

Geografische spreiding circulaire bedrijven (links) en absoluut aantal bedrijven in de grote steden (rechts)

Bron: RHDHV (2022)

16

Prognose banen Prognose UWV, mei 2022 Prognose UWV banen totaal 2022-2023 0,9% 0,8% 0,7% 0,6% 0,5% 0,4% 0,3% 0,2% 0,1% 0,0%

Opvallend is wel dat de bouw vermoedelijk aan de hoge kant is en openbaar bestuur juist laag. Volgens andere bronnen krimpt de bouw en wordt bij de overheid juist groei verwacht11. Sectorprognoses banen UWV 2022-2023 Horeca Uitzendbureaus &… Specialistische zakelijke diensten Bouwnijverheid Onderwijs Zorg & welzijn Industrie

Informatie & communicatie Totaal Overige zakelijke diensten Financiële diensten Landbouw & visserij

Groothandel Openbaar bestuur Vervoer en opslag Detailhandel Overige diensten -3,0%

-2,0%

-1,0%

0,0%

Nederland

1,0%

2,0%

3,0%

Haaglanden

Prognoses macro-economie ING voor Nederland, feb 2023

Bron: ING 2023

11 https://www.rabobank.nl/kennis/d011334601-sectorprognoses-milde-recessie-en-structurele-uitdagingen

17

1.4 Vacaturemarkt Ontwikkeling openstaande vacatures per kwartaal 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 1e 2e 3e 4e 1e 2e 3e 4e 1e 2e 3e 4e 1e 2e 3e 4e 1e 2e 3e 4e 1e 2e 3e 4e 1e 2e 3e 2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Bron: UWV (2023): https://www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/datasets

Ontwikkeling gemiddeld aandeel ontstane vacatures dat moeilijk vervulbaar is 2017-2021

Bron: UWV, Haaglanden in Beeld 2022

18

Openstaande vacatures Haaglanden naar beroepsklasse en -niveau (ISCO), 3e kwartaal 2022 Weinig vacatures beroepsniveau 1. Meeste niveau 3 en 4. 0

1000

2000

3000

4000

5000

6000

7000

Bedrijfseconomische en administratieve beroepen Technische beroepen Commerciële beroepen ICT beroepen

Managers Zorg en welzijn beroepen Dienstverlenende beroepen Transport en logistiek beroepen Openbaar bestuur, veiligheid en juridische beroepen Pedagogische beroepen Creatieve en taalkundige beroepen Agrarische beroepen

beroepsniveau 1

beroepsniveau 2

beroepsniveau 3

beroepsniveau 4

Bron: UWV (2023): https://www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/datasets en CBS (2023): Beroepsniveau (cbs.nl)

Verdeling openstaande vacatures over beroepsniveaus

7%

40% 33%

20%

beroepsniveau 1

beroepsniveau 2

beroepsniveau 3

beroepsniveau 4

Bron: UWV (2023): https://www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/datasets en CBS (2023): Beroepsniveau (cbs.nl)

19

2 Ontwikkelingen arbeidsaanbod 2.1 Analyse Ontwikkeling beroepsbevolking - De potentiële beroepsbevolking telt op 1 januari 2022 432.000 personen. Door een snelle groei van het aantal banen vanaf 2019 is de verhouding tussen de beroepsbevolking en het aantal banen, de arbeidsmarktbalans, verder gestegen naar 106: bij waarden onder de 100 zijn er te weinig banen om de beroepsbevolking volledig aan het werk te krijgen en bij waarden boven de 100 zijn er meer banen dan mensen in de beroepsbevolking. Overigens houdt deze balans geen rekening pendel en is het niet meer dan een indicatie van de werkgelegenheidsfunctie van een stad of regio. - Van de in Den Haag woonachtige beroepsbevolking werkt ongeveer 54% ook in de eigen stad of in de directe regio. De beschikbare banen in Den Haag worden voor meer dan 46% vervuld door mensen van buiten Den Haag, waarbij het grootste deel wel uit de directe regio Haaglanden afkomstig is. Naar verwachting neemt de potentiële beroepsbevolking tot 2030 toe met 28.000 en komt daarmee op 464.000 mensen. Dit hangt sterk samen met de intensieve woningbouwplannen. - Bij een gelijkblijvende participatie zal de beroepsbevolking (werkend en werkzoekend) in 2030 een omvang hebben van ongeveer 320.000 mensen: ook 28.000 meer dan begin 2022 door de veronderstelde gelijkblijvende participatie.

- Wanneer de groei van banen tot 2030 gelijke tred houdt met het tienjarig gemiddelde in het verleden zal het aantal banen sneller toenemen (+38.000) dan de beroepsbevolking waardoor de arbeidsmarkbalans nog verder stijgt. - Een ander opvallend punt ten aanzien van de bevolkingsontwikkeling is dat, zowel wat betreft de afgelopen 5 jaar als de prognoses, de binnenlandse migratie een negatief saldo kent. De groei van de bevolking wordt naast een kleine natuurlijke aanwas vooral gedreven door buitenlandse migratie. Werkloosheid en participatie - De werkloosheid is sinds 2015 in alle steden gedaald, in Den Haag van boven de 10% in 2015 tot onder de 5% in 2022. Den Haag kende in het eerste kwartaal van 2022 een vergelijkbaar werkloosheidpercentage als Amsterdam (4,7%) en lager dan Rotterdam (5,2%). Alleen in Utrecht en Nederland gemiddeld (3,6%) was het werkloosheidpercentage lager. - De netto arbeidsparticipatie is tussen 2015 en 2019 weliswaar iets toegenomen in Den Haag van 60% naar 65%, maar bleef daarna op dat niveau hangen. In de andere grote steden en Nederland bleef de participatie toenemen, waardoor deze in Den Haag inmiddels op het laagst ligt van de grote steden, alsook onder het Nederlands gemiddelde. - De arbeidsparticipatie is lager onder vrouwen, ouderen en lager opgeleiden. Dat is in alle steden het geval.

De lage arbeidsparticipatie onder Haagse jongeren (15-25 jaar) ten opzichte van andere steden is daarnaast opvallend. GWU, WW en bijstand - Het totaal aantal geregistreerd werkzoekende (GWU)12 nam vanaf het tweede kwartaal van 2021 met ruim 7.000 af (tussen apr 2021 en oktober 2022 van ruim 39.000 naar 32.000). - Dat geldt zowel voor het aantal WW-uitkeringen dat in diezelfde periode met 3.500 afnam, (tussen apr 2021 en oktober 2022 van bijna 7000 naar 3.500) alsook het aantal

12 Werkzoekenden die bij het UWV staan geregistreerd met een WW-uitkering, bijstandsuitkering, Wajong-uitkering, WGA-

uitkering, WAO-uitkering, Nuggers die zich hebben aangemeld bij de gemeente en als zodanig ingeschreven staan bij UWV en alle personen die een CV op werk.nl hebben geplaatst.

20

-

-

-

-

-

-

bijstandsgerechtigden dat ook met 3.500 afnam (tussen apr 2021 en oktober 2022 van circa 25.500 naar 22.000). In absolute zin ligt het bijstandsvolume op het laagste niveau sinds 2014. Relatief gezien is die afname onder bijstandsgerechtigden veel geringer dan onder ontvangers van een WW-uitkering. Het percentage mensen dat na afloop van de WW in de bijstand terecht kwam nam in alle arbeidsmarktregio’s af. Haaglanden staat echter op plaats 3 met het hoogste doorstroompercentage van Nederland in 2021 (4,7%). Alleen personen die het niet zonder ondersteuning redden op de arbeidsmarkt, of die te grote belemmeringen ervaren die werk in de weg staan, doen nu nog een beroep op de gemeentelijke voorzieningen. De laatste jaren is sprake van een afname van de instroom en licht stijgende uitstroom. De voornaamste reden waarom mensen momenteel instromen in de bijstand is het hebben van geen of onvoldoende inkomsten. Bij de uitstroom is de voornaamste reden werk. Nu er minder nieuwe instroom is en er minder mensen kortdurend in de uitkering zitten, wordt de groep die de gemeente naar werk begeleidt gemiddeld ‘zwaarder’. Dat is ook terug te zien in hoe lang mensen door Den Haag Werkt worden begeleid: sinds 2020 neemt de groep die drie jaar of langer bij Den Haag Werkt in beeld is toe. En in 2018 zaten circa 11.000 mensen 5 jaar of langer in de bijstand, eind 2022 zijn dat er 14.53613.

Voor mensen die langdurig in de bijstand zitten, zijn de kansen op werk laag. Op basis van de gesprekken die als onderdeel van het Werkoffensief +500 zijn gevoerd met ruim 18.000 mensen die 1,5 jaar of langer in de bijstand zaten, is geconcludeerd dat maar liefst 90 procent van deze groep niet (direct) bemiddelbaar is naar werk. Werk is voor een aantal van hen wel mogelijk, maar zij hebben meer tijd en ander aanbod nodig om daar te komen. Een andere factor die meespeelt in de samenstelling van de doelgroep is dat met de inwerkingtreding van de Participatiewet de instroom in de Wsw stopte en de Wajong alleen nog toegankelijk werd voor mensen die duurzaam en volledig arbeidsongeschikt zijn. Het gevolg hiervan is dat vanaf 2015 een steeds grotere groep mensen met een arbeidsbeperking een beroep doet op de gemeente voor ondersteuning. Dat is onder andere terug te zien in het aantal ingezette Loonkostensubsidies (LKS), zowel regulier, in combinatie met een STiP-baan (hoewel daar ook weer een daling in te zien is) en in combinatie met beschut werk.

Onbenut potentieel - In Den Haag is zo’n 65% van de bevolking tussen 15 en 75 jaar aan het werk (410.000). Zo’n 25% bestaat uit de niet-beroepsbevolking: personen zonder betaald werk die niet recent naar werk hebben gezocht of daarvoor niet direct beschikbaar zijn (150.000). Er resteert een groep die het UWV aanduidt als onbenut arbeidspotentieel. Dit is ongeveer 12% van de bevolking tussen de 15 en 75 jaar (77.000). In Nederland is dit 10%. Dit bestaat uit14: o 27.000 onderbenutte deeltijders (35%). Dit zijn werkenden, die meer uren kunnen en willen werken. o 26.000 werklozen (34%). Dit zijn personen zonder betaald werk, die recent naar werk hebben gezocht én voor hun werkloosheid direct beschikbaar waren. o 24.000 semi-werklozen (31%). Dit zijn personen zonder betaald werk die recent naar werk hebben gezocht maar niet direct beschikbaar zijn, óf die niet recent hebben gezocht maar wel direct beschikbaar zijn. Ook personen die tijdelijk vanwege ziekte, arbeidsongeschiktheid of andere redenen niet beschikbaar of niet werkzoekend zijn vallen onder semi-werklozen. - Het aandeel onderbenutte deeltijders (35%) is lager dan in de G4 en Nederland gemiddeld. Werklozen (34%) en semi-werklozen (31%) hebben een groter aandeel.

13 Gemeente Den Haag, 2023 14 https://www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/regio/haaglanden/onbenut-arbeidspotentieel-haaglanden

21

-

-

Het UWV zoekt de verklaring in dat middelbaar opgeleiden in de regio minder vaak een baan hadden: “In Haaglanden zijn veel sectoren die voor deze opleidingsniveaus van belang zijn relatief ondervertegenwoordigd. Het gaat dan om sectoren als industrie, bouw, detailhandel, horeca en transport”15. Binnen onbenutte potentieel heeft de gemeente en het UWV enkel zicht op de geregistreerd werkzoekenden. Dit is slechts 21% van de 77.000 personen (van het genoemde onbenut potentieel van de bevolking tussen 15 en 75 jaar). Een groot deel is dus niet alleen onbenut, maar ook onbekend.

Instroom vanuit onderwijs - Landelijk stromen er tot 2026 1,26 miljoen afgestudeerden in op de arbeidsmarkt. Voor (de regio) Den Haag zijn deze cijfers vooralsnog niet beschikbaar. - Wel bekend is dat het aantal HBO-/WO-studenten het afgelopen decennium is gegroeid met ongeveer 8.000 studenten tot zo’n 30.000 (tussen 2010 en 2021). Het aantal MBO-studenten is de laatste jaren stabiel gebleven en ligt op ruim 14.000 (2021). - Kijkend naar het aantal jaarlijks gediplomeerden onder de Haagse bevolking dan neemt het aandeel hoger opgeleiden in dit totaal toe (van 29% in 2010 tot 38% in 2021) en het aandeel middelbaar gediplomeerden juist af (gespiegeld: van 38% in 2010 tot 29% in 2020). In het voortgezet onderwijs neemt het aandeel theoretisch gediplomeerden (havo/vwo) toe (van 13% in 2010 tot 16% in 2021) en het aandeel praktisch gediplomeerden af (van 20% in 2010 tot 17% in 2021). - Door de opening van verschillende nevenvestigingen is het aantal WO-studenten toegenomen. Het merendeel volgt de opleidingsrichting Gedrag en maatschappij en Sector-overstijgende richtingen. Als we ook kijken naar alle studenten woonachtig in Den Haag, dus studenten die niet per definitie onderwijs volgen aan Haagse instellingen, dan is de verdeling over opleidingsrichtingen gelijkmatiger (dus ook bijv.

Techniek, Taal en Cultuur, Recht, Natuur, Economie, Gezondheidszorg), met nog steeds een uitschieter naar gedrag en maatschappij. - Bij het HBO is er een duidelijke studentenconcentratie en -groei in de economische richting, zowel wat betreft studenten die bij Haagse instellingen onderwijs volgen (en mogelijk niet woonachtig zijn in Den Haag zelf) als studenten die woonachtig zijn in Den Haag (en mogelijk elders onderwijs genieten). Op grote afstand volgen respectievelijk Techniek, Gedrag en maatschappij, Onderwijs, Gezondheidszorg en Taal en cultuur. Er is de laatste twee jaar een kleine groei van het aantal studenten in Techniek en Gezondheidszorg bij Haagse Hogescholen. - Bij het MBO worden de studierichtingen Zorg en Welzijn, Economie en administratie en Techniek het vaakst gevolgd. Opvallend is de toename in de richting van Zorg en welzijn en Techniek: Zorg en Welzijn is Economie voorbijgestreefd en ook Techniek gaat het aantal studenten Economie bijna voorbij. - Onderdeel van de arbeidsmarkt is de markt voor stages en leerbanen. Deze zijn vast onderdeel van de beroepsopleidingen in mbo en hbo. Voor het mbo zijn er medio maart 2023 nauwelijks tot geen tekorten aan stageplaatsen en leerbanen. Wel staat bij een deel van de werkgevers de begeleiding onder druk, door een tekort aan personeel.

Stay rate alumni - Voor de toekomstige aanwas is het niet alleen van belang dat Den Haag studenten aantrekt, maar dat ze er na studie ook blijven wonen of er terugkeren. - Over het algemeen woont 72% van de jongeren die is opgegroeid (voor 16e levensjaar) in Den Haag daar nog steeds, of gaat daar weer wonen, op latere leeftijd na het afstuderen (na 28ste levensjaar). Voor Nederland gemiddeld is dit 50%: in grote steden ligt de stay / return rate hoger. Voor MBO-afgestudeerden is dit 74%, voor HBO-afgestudeerden 72% en voor WOafgestudeerden 54%. Vermoedelijk hangt dit samen met het onderwijsaanbod in grote steden in 15 https://www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/regio/haaglanden/onbenut-arbeidspotentieel-haaglanden

22

-

het algemeen en specifiek ten aanzien van het relatief beperkt aanbod aan universitaire studies in Den Haag. Wat betreft de woonregio van alumni van de onderwijsinstellingen in Den Haag is dit alleen voor het hoger onderwijs bekend. Ongeveer 20% van de studenten aan de Haagse Hogeschool blijft er na studie ook wonen. Vergeleken met de eerdere cijfers komt dit omdat de Haagse Hogeschool ook veel studenten uit andere gemeenten aantrekt en veel Haagse alumni ook gestudeerd kunnen hebben aan andere hogescholen elders. Opvallend is dat bijna 30% van de alumni van de TU Delft in Den Haag blijft of gaat wonen, meer dan in Rotterdam. Voor de Erasmus Universiteit is dit ongeveer 12%.

Groengrijze druk - In 2023 is de groene druk in Den Haag, met 38%, groter dan de grijze druk van 26%. De groene druk is het aantal personen jonger dan 20 jaar als percentage van het aantal 20-64-jarigen. De grijze druk is het aantal 65-plussers als percentage van het aantal 20-64-jarigen16. - Als gevolg van de vergrijzing neemt de grijze druk in de komende jaren verder toe (prognose: 40,3% in 2040 tegenover 26% nu), terwijl de groene druk een meer stabiele ontwikkeling kent. - Het grootste aantal werkenden dat binnen 10 jaar uitstroomt, komt voor in de sectoren: openbaarbestuur, zorg en welzijn, onderwijs, specialistische zakelijke dienstverlening en de bouwnijverheid. Er zijn meer dan 93.000 werkenden die binnen 10 tot 12 jaar de arbeidsmarkt zullen verlaten17. - In de arbeidsmarktregio Haaglanden wonen volgens het UWV bijna 179.000 mensen die tot de groep tussen de 50 en 67 jaar behoren en binnen korte tijd de arbeidsmarkt zullen verlaten. Daartegenover staan 153.000 jongeren tussen de 0 en 17 jaar die deze groep potentieel zouden moeten vervangen18. - Wanneer er geen rekening wordt gehouden met de kwalitatieve aspecten op de arbeidsmarkt en mogelijke pendel blijkt dat de komende jaren een tekort van ruim 26.000 aan aanbod zal ontstaan door ontgroening.

- Hoewel de uitstroom van ouderen op de arbeidsmarkt ook op andere manieren wordt opgevangen, is de instroom van jongeren hierin van oudsher wel altijd een belangrijke factor geweest. Door vergrijzing en tegelijkertijd ontgroening – het aandeel jongeren wordt ten opzichte van het aantal ouderen juist kleiner – is de instroom van jongeren onvoldoende om de vervangingsvraag op te vangen. - Veruit de grootste vraag naar nieuwe arbeid komt in Nederland voort uit vervangingsvraag als gevolg van de uitstroom van pensionado’s (gemiddeld in Nederland ongeveer 75% van de vraag naar arbeid)19. De rest is economische groei.

16

Bron: Aad van der Werf, MSE Advies & Strategie. In: arbeidsmarkscan Den Haag en Haaglanden Grijze druk: De verhouding tussen het aantal personen van 65 jaar of ouder en het aantal personen van 20 tot 65 jaar. Dit cijfer geeft inzicht in de verhouding van de ouderen tot het werkende deel van de bevolking. Groene druk: De verhouding tussen het aantal personen van 0 tot 20 jaar en het aantal personen van 20 tot 65 jaar. Dit cijfer geeft inzicht in de verhouding van de jeugd tot het werkende deel van de bevolking 17 Bron: Aad van der Werf, MSE Advies & Strategie. In: arbeidsmarkscan Den Haag en Haaglanden 18Haaglanden in Beeld 2022 19Arbeidsmarktprognose 2021-2026

23

2.2 Ontwikkeling beroepsbevolking Arbeidsmarktbalans in Den Haag en regio Haaglanden vanaf 2013

Overzicht bevolking, potentiële beroepsbevolking en beroepsbevolking in Den Haag op 1-1-2022

24

Beroepsbevolking en banen in Den Haag, gerealiseerd en verwacht: banen nemen sneller toe dan beroepsbevolking

Groeicomponenten Haagse bevolking, 2000-2039: Het binnenlandse migratiesaldo is negatief20.

20 Kenniswijzer bevolkingsprognose Den Haag 2022 (Gemeente Den Haag, SEPO)

25

2.3 Werkloosheid en participatie Werkloosheid

Werkloosheidspercentage

Ontwikkeling werkloosheidspercentage G4 14 12 10 8 6 4

2 0 2010

2011

2012

2013

2014

2015

's-Gravenhage (gemeente)

Rotterdam

Utrecht (gemeente)

Nederland

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Amsterdam

Bron: CBS

Werkloosheidspercentage Werkloosheidspercentage recentelijk per kwartaal 12

10 8 6 4 2 0 2021 1e kwartaal

2021 2e kwartaal

's-Gravenhage (gemeente)

2021 3e kwartaal

Rotterdam

Amsterdam

2021 4e kwartaal

2022 1e kwartaal

Utrecht (gemeente)

Nederland

Bron: CBS

26

Arbeidsparticipatie

Netto arbeidsparticipatie

Ontwikkeling netto arbeidsparticipatie G4 (%) 80 75 70 65 60 55 50

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 Nederland

Amsterdam

s-Gravenhage

Rotterdam

Utrecht

Bron: CBS

Netto arbeidsparticipatie

Arbeidsparticipatie recentelijk G4 per kwartaal (%) 80 75 70 65

60 55 2021 1e kwartaal 2021 2e kwartaal 2021 3e kwartaal 2021 4e kwartaal 2022 1e kwartaal

's-Gravenhage (gemeente)

Rotterdam

Utrecht (gemeente)

Nederland

Amsterdam

Bron: CBS

Arbeidsparticipatie naar geslacht, leeftijd en onderwijsniveau G4, over heel 2022 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 totaal

mannen

vrouwen s-Gravenhage

15 tot 25 jaar 25 tot 45 jaar 45 tot 75 jaar Rotterdam

Amsterdam

Utrecht

Hoog

Middelbaar

Laag

Nederland

Bron: CBS

27

2020

GWU zonder dienstverband

2021

Oktober

September

Augustus

Juli

2021

Juni

Juli

3.000

2.000

1.000

0 Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

December

November

Oktober

September

Augustus

Juli

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

December

November

Oktober

September

Augustus

Juli

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Oktober

4.000 September

5.000

Oktober

WW

September

6.000 Juli

Ontwikkeling WW-uitkeringsgerechtigden Augustus

2022

Juli

GWU met dienstverband

Augustus

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

December

November

Oktober

September

2021

Mei

April

Maart

Februari

Januari

December

November

Oktober

September

Augustus

GWU zonder dienstverband

Augustus

GWU zonder dienstverband

Juli

2020

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

December

November

Oktober

September

Augustus

Juli

Juni

Mei

April

Maart

Februari

2020

Juni

Mei

April

Maart

Februari

Januari

December

November

Oktober

September

Augustus

Juli

Juni

Mei

April

Maart

Februari

2.4 GWU, WW, bijstand

Ontwikkeling aantal geregistreerde werkzoekenden (GWU) 35.000

Totaal

30.000

25.000

20.000

15.000

10.000

5.000

0

GWU met dienstverband 2022

Ontwikkeling aantal bijstandsgerechtigden

25.000

Bijstand

20.000

15.000

10.000

5.000

0

GWU met dienstverband

2022

Bron: UWV (2023): https://www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/datasets

28

Doorstroom WW naar bijstand 2021: Haaglanden = 4,7%

In-en uitstroom in de bijstand

Bron: Gemeente Den Haag

Ontwikkeling doelgroep LKS/beschut werk en WSW

Bron: Gemeente Den Haag

29

Totale aantal toegekende loonkostensubsidies

Bron: Gemeente Den Haag

Langdurige bijstandontvangers

Bron: Gemeente Den Haag

30

2.5 Onbenut potentieel Bevolking 15-75 jaar naar arbeidsmarktpositie

Bron: UWV, Haaglanden in Beeld 2022, o.b.v. CBS-cijfers

GWU en onbenut arbeidspotentieel

Bron: UWV, Haaglanden in Beeld 2022, o.b.v. CBS- en UWV-cijfers

31

Samenstelling onbenut arbeidspotentieel in 2021 in de regio Haaglanden

Bron: Onbenut talen in Haaglanden, UWV o.b.v. CBS-cijfers

Samenstelling onbenut arbeidspotentieel in 2021

Bron: Onbenut talen in Haaglanden, UWV o.b.v. CBS-cijfers

32

Onbenut arbeidspotentieel binnen GWU naar kansrijk beroep

Bron: UWV, Haaglanden in Beeld 2022, o.b.v. CBS- en UWV-cijfers (schatting van regionale aantallen door toepassing landelijke verhoudingen)

33

2.6 Instroom vanuit onderwijs Opleidingsniveau bevolking 2021 60%

54% 49%

50% 42% 40% 32% 30%

29%

27%

37%

36% 34% 30%

31%

32% 28%

22%

18%

20% 10% 0%

Nederland

Amsterdam Laag

's-Gravenhage Middelbaar

Rotterdam

Utrecht

Hoog

Bron: CBS

Verdeling aantal gediplomeerden Voortgezet Onderwijs (VO), Middelbaar (MBO), Hoog (HBO/WO) in Den Haag 100% 90%

80%

3643

4346

3865

3892

4169

4430

4463

4630

4909

5022

4866

5074

4918

4731

3928

3807

3930

4260

4098

1566

1592

1604

1672

1757

1918

1880

1986

2096

2528

2322

2531

2314

2447

2533

2695

2812

2739

2669

2624

2785

2556

middelbaar

hoog

38%

5666

70% 60% 50%

4692

4239

40%

30% 20% 10% 0%

vo-praktisch

vo-theoretisch

In percentages: 100% 90%

80%

29%

33%

30%

30%

31%

34%

35%

35%

35%

35%

37%

39%

38%

35%

30%

30%

30%

31%

28%

13%

12%

12%

13%

13%

15%

15%

15%

15%

18%

16%

20%

18%

19%

19%

20%

21%

21%

20%

19%

19%

17%

70% 60% 50%

38%

29%

40%

30% 20% 10% 0%

vo-praktisch

vo-theoretisch

middelbaar

hoog

Bron: CBS

34

Aantal Haagse gediplomeerden Hoger Onderwijs, Den Haag in Cijfers (DHIC)

Aantal Haagse gediplomeerden MBO, Den Haag in Cijfers (DHIC)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12559333/1