RIS314679 Notulen van de raad van 11 januari 2023
Tekst van het document
Dan is dat toch een goede winstwaarschuwing? Laten we dat nou eerst afwachten en dan verder in deze raad zorgvuldig met elkaar gaan bespreken wat wij als raad gaan doen. De heer Van Zanen. Zeker, maar dat spreken heeft pas zin als er mogelijkheden zijn. En als die mogelijkheden er zijn, is de vraag: welke mogelijkheden zijn dat, en vindt het college die interessant of wil het college die helemaal niet? Dat kan namelijk ook nog gebeuren; ik bedenk maar wat. Nou, en dan gaan we erover spreken, en vervolgens gaat u erover. Maar nu zijn die mogelijkheden er niet. Dan motie D.3, ook van meneer Sluijs van Hart voor Den Haag, Misdaad loont niet. Het OM kijkt in de huidige aanpak of crimineel geld afhandig kan worden gemaakt. Daarvoor volgt het OM de aanwijzing afpakken. Daarvoor moet er zicht zijn op het vermogen waarop beslag kan worden gelegd. Ik ben zeker bereid om het OM te vragen om te onderzoeken welke andere mogelijkheden er zijn om over te gaan tot het afpakken van crimineel verkregen goederen en daarbij te leren van de ervaringen in Rotterdam, maar ik ga niet het onderzoek zelf doen - dat kan ik ook niet - omdat dat echt een verantwoordelijkheid is van het OM. Ik kan de motie dus ontraden, maar als u haar zo bedoelt dat ik het onderzoek niet zelf hoef te doen maar er gewoon mee aan de slag ga richting het OM, is het oordeel raad. Maar anders niet; dan ontraad ik de motie.
Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Zo mag de burgemeester de motie lezen, dus zoals hij het zegt: richting OM. De heer Van Zanen. Precies, dan is het oordeel raad. Dan motie D.4, ook van meneer Sluijs van Hart voor Den Haag. Die motie ontraad ik. Het ministerie van Justitie en Veiligheid bespreekt met internethostingbedrijven de mogelijkheden om beelden en overigens strafbare content met illegaal wapenbezit voor het publiek ontoegankelijk te maken. Het OM beoordeelt of er sprake is van geweldsverheerlijking en of dit strafbare feiten zijn. De opsporing van strafbare feiten is aan de politie en het OM. Zij verwerken strafrechtelijke gegevens. Wij als college hebben daar geen rol in. We hebben ook niet de bevoegdheid om individuen te monitoren. Ook dat causale verband is niet helemaal rechtstreeks en eenduidig. Ik moet de motie dus ontraden. Dan motie D.5, over een publiekscampagne Een wapen is niet stoer, ook van meneer Sluijs van Hart voor Den Haag. Dit hebben we twee weken geleden ook uitvoerig in de commissie besproken. Ik vind het best een aardig idee. Zowel landelijk als lokaal is er het actieprogramma Wapens en Jongeren. Onderdeel van beide programma's is een lokale bewustwordingscampagne tegen wapenbezit, met influencers en rolmodellen. In Den Haag vond in maart 2021 de campagne YouChoose plaats, met als doelgroep jongeren tussen 12 en 18 jaar.
De campagne is nog steeds actief en richt zich op de mogelijke gevaren en gevolgen van wapenbezit. Deze campagne blijft doorgaan. 49
En in oktober 2021 startte de campagne Drop It, gericht op bewustwording. Ik kom in het eerste kwartaal met een evaluatie van het actieprogramma en zal ook het effect meenemen van de campagne. Laten we op dat moment bespreken of er een nieuwe campagne of een extra campagne nodig is. Ik zou dus zeggen: aanhouden tot dat moment, want ik vind het best een sympathiek idee. Dan een samenscholingsverbod voor specifieke groepen. Daarover gaat motie D.14 van meneer Kruis van de PVV. Die motie ontraad ik. Een samenscholingsverbod is een ingrijpend middel, dat slechts in noodsituaties kan worden ingezet. Ik ga er terughoudend mee om, zo herhaal ik ook maar even in de raad. Indien een situatie erom vraagt, zet ik de noodbevoegdheden in, zoals nu ook is gebleken. Verder zijn volgens mij de mogelijkheden en onmogelijkheden van de inzet van dit instrument bij u bekend. Ik heb geen behoefte aan een onderzoek naar de toepassing van dit instrument, want dat is volgens mij overbodig. Deze motie ontraad ik. Dan motie D.12, Bevorderen vrijwillige remigratie in Escamp, ook van meneer Kruis, PVV. Haagse burgers die hier rechtmatig verblijven, zijn en blijven van harte welkom in onze stad. Deze motie ontraad ik. Sebastian Kruis (PVV). Dat is zeker zo, inderdaad, maar heel veel mensen laten aan alles merken dat ze het hier niet zo fijn vinden.
Het idee is dus dat we een soort reclamecampagne lanceren om mensen te enthousiasmeren voor het vertrek naar een land waar ze misschien een prettiger leven gaan hebben dan ze hier op dit moment leiden. Het is dus vrijwillig en enthousiasmerend. Nou, als we iets kunnen in deze stad is het mensen enthousiasmeren. De heer Van Zanen. Volgens mij was mijn tekst heel duidelijk. Ik ontraad deze motie namens het college. Ten slotte, althans van de moties die ik behandel, motie D.13, Legerinzet in Escamp, van meneer Kruis, PVV. Die motie ontraad ik. Hoewel de capaciteit van de politie onder druk staat, hebben de maatregelen en de inzet van de politie zoals benoemd in mijn brief van vorige week de rust weer snel doen terugkeren in de wijk. We hebben een nationale politie en in acute situaties kan via hen bijstand worden gevraagd in het land. Dat is momenteel niet aan de orde in Escamp. Defensie is anders uitgerust en getraind dan de politie en kan daarom niet zomaar worden ingezet als bijstand bij reguliere politietaken. In het verleden heeft Defensie wel materiele bijstand verleend voor de bewaking van objecten of afzettingen in het kader van demonstraties, maar dat is hier niet aan de orde. Ik ontraad deze motie. De voorzitter. Dank u wel, burgemeester. Dan is het woord aan wethouder Bredemeijer. Hij gaat al staan, zie ik. O, eerst heeft de heer Sluijs nog een interruptie.
Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Er zijn vragen blijven liggen. Ik heb op best wel wat vragen geen antwoord gekregen. Hoe heeft het zo mis kunnen gaan? Klopt het dat er Rotterdamse straatcoaches rondlopen, die de wijk en de jongeren niet kennen? Er wordt wraak genomen, zeggen bewoners. Hoe wordt dat gemonitord en hoe wordt verdere escalatie voorkomen? Ik heb ook gevraagd op welke wijze sleutelfiguren worden ingezet in de wijk om messenbezit tegen te gaan, en hoe het landelijke messenverbod gehandhaafd gaat worden. Over dat laatste heeft de burgemeester wel het een en ander gezegd, maar ik had de andere vragen nog openstaan. De heer Van Zanen. Het spijt me. De vraag over de straatcoaches neemt meneer Balster mee. Verder heb ik geen vragen gehoord die niet óf vanmiddag óf zonet in het begrotingsdebat aan de orde zijn geweest. Ik heb ze ook niet echt als vragen begrepen. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Nee, de afspraak in het fractievoorzittersoverleg is geweest dat er vandaag ook inhoudelijk verder zou worden gesproken over de situatie in Escamp. Er zal wraak genomen worden; dat zeggen de bewoners ook. Ik heb gevraagd hoe dat gemonitord wordt en hoe verdere escalatie voorkomen wordt. Dat lijkt me toch zeer relevant binnen dit debat. De heer Van Zanen.
Zeker, maar er is meer afgesproken in het fractievoorzittersoverleg, namelijk dat er waarschijnlijk elf moties zouden worden ingediend en dat die vanmiddag zouden worden 50
besproken, omdat er dan misschien nog een paar zouden kunnen worden ingetrokken. Dus wat dat betreft … En uw vraag - een terechte vraag, hoor - is ook aan de orde geweest. Dat wordt door de politie en het OM gemonitord. Daar zitten ze bovenop en het wordt nauwlettend in de gaten gehouden. Anders hadden de inzet van het samenscholingsverbod, de inzet van camera's en de andere maatregelen geen zin gehad. Daar letten we dus goed op en daar zitten we bovenop, kan ik u verzekeren. De voorzitter. Dank, burgemeester. Dan is nu het woord aan wethouder Balster. U bent bij mij ingelogd als Jan van Zanen, zie ik. O, nu wordt het 'stoel 52'. Nog een keer. Kijk, nu bent u uzelf; dat is wel fijn. Wethouder Balster (PvdA). Het pasje van de burgemeester was nog achtergebleven, maar nu gaat het goed, voorzitter. Voorzitter. Ook als stadsdeelwethouder zie ik hoeveel impact de incidenten hebben op de wijk. Ik was afgelopen maandag nog in buurthuis Sterrenhoek en dan hoor je wat dit doet met omwonenden. Het hakt erin dat een wijk in een slecht daglicht komt te staan. Je ziet hoe het de buurt raakt, maar ik vind het ook mooi om te zien, ook vanavond, dat de buurt voor zichzelf opkomt en zich niet laat kisten door het gedrag van een enkeling of door de beelden die ontstaan. Dat is een steun in de rug van het beleid dat we met elkaar voeren om de wijken van Zuidwest erbovenop te helpen.
Dat geldt ook voor Bouwlust en Vrederust. Ik wil de insprekers dan ook danken voor hun betrokkenheid. Die zien we ook terug in de wijken. Ik ga naar de gestelde vragen. Allereerst de vragen van Hart voor Den Haag. Er was onder andere een vraag over de straatcoaches. Is er sprake van Rotterdamse straatcoaches? Dat is niet het geval. Er zijn twee organisaties actief in Bouwlust en Vrederust. Dat zijn Wijkz en MEION, beide Haagse organisaties. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). De organisaties kunnen natuurlijk wel Haags zijn, maar zijn de straatcoaches ook Haags? Wethouder Balster (PvdA). Neemt u het mij niet kwalijk dat ik niet de woonplaats van elke welzijnswerker in de stad ken, maar ik weet uit de vele contacten die we hebben heel goed dat de straatcoaches buitengewoon betrokken zijn en ook een lange vertrouwensband hebben met de jeugd en de jongeren, en ook heel erg met elkaar in gesprek zijn om te kijken wat jongeren nodig hebben en daar zo goed mogelijk op in te spelen. Dat heb ik vanmiddag in de commissie ook aangegeven. Daar hebben wij geen twijfel over. De voorzitter. Een vervolgvraag van de heer Sluijs. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Waarom zegt de wethouder dan dat mijn stellingname niet klopt? Wethouder Balster (PvdA). U heeft mijn argumenten gehoord.
Het is voor het college heel erg belangrijk dat wij jeugd- en jongerenwerkers in de wijk actief hebben, en ook weer nieuw potentieel, die de aansluiting weten te vinden met onze jongeren, en dat we dat meerjarig op basis van een vertrouwensband kunnen doen. Dat is namelijk waar de jongeren echt wat aan hebben. De voorzitter. Een laatste vraag nog voordat u verdergaat, van de heer Sluijs. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Maar de wethouder is het toch met mij eens dat dat niet lukt met Rotterdamse straatcoaches? Wethouder Balster (PvdA). Laten we even de analogie met onze eigen ambtelijke organisatie maken. Daar werken mensen die overal vandaan komen, heel divers. Ik zou niet weten waarom dat niet zou kunnen werken, als maar aan de voorwaarde wordt voldaan dat onze jeugdwerkers hun vak verstaan, een langjarige band kunnen opbouwen en echt begrijpen wat van belang is voor het perspectief van onze jongeren. Daar staan we met elkaar voor en aan die kwaliteit twijfelt het college geenszins. 51
Dan de stellingname van Hart voor Den Haag dat het manifest dat de bewoners van Zuidwest hebben aangeboden aan de onderhandelende partijen en aan uw gemeenteraad, niet of slechts gedeeltelijk is uitgevoerd. Die stellingname komt ook tot uitdrukking in de moties die we bij de begroting hebben gezien. Daar neem ik opnieuw afstand van. Sterker nog, grote delen van het manifest zijn inmiddels uitgevoerd. Dat geldt ook voor de moties die u daarover vandaag indient. Er is budget vrijgemaakt in het coalitieakkoord, met name ook voor participatie. Er is ook opnieuw een Regio Dealaanvraag gedaan, om voort te kunnen zetten wat we de afgelopen jaren hebben ingezet. Er komt een programma preventie met gezag; daar heeft de burgemeester zojuist ook iets over gezegd. Er is een partnerraad ingesteld en er is ook een projectorganisatie met een projectdirecteur. Dat brengt mij op de eerste motie van Hart voor Den Haag. Dat is motie D.7, Eén projectorganisatie voor Zuidwest. Die is er al en daarom kan de motie worden ontraden. Hart voor Den Haag vraagt in motie D.8 ook om één budget voor Zuidwest. Er is een budget voor Den Haag Zuidwest. Er is € 8 mln. en nog eens € 15 mln. in het coalitieakkoord vrijgemaakt. Ik noemde net al de Regio Dealaanvraag. Die moet ook een bijdrage leveren. Helaas is er geen ontschot budget van het Rijk gekomen; dat heb ik ook bij de begrotingsbehandeling aangegeven.
Wij zullen het dus ook moeten hebben van verschillende potjes, bijvoorbeeld in het kader van de veiligheidsaanpak van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Zo proberen wij de komende tijd middelen bij elkaar te schrapen, dus eigen middelen en middelen van de rijksoverheid, om de doelstelling te realiseren om in twintig jaar Den Haag Zuidwest weer bij het Haagse gemiddelde te krijgen op alle mogelijke fronten. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Ik wil nog even terug naar het vorige punt. Klopt het dat er insprekers waren die in dienst zijn van door de gemeente gesubsidieerde welzijnsorganisaties? Wethouder Balster (PvdA). Dat zou ik niet weten. Ik heb de insprekers niet getoetst. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Kan dat uitgezocht worden, wellicht voor de tweede termijn? De voorzitter. Aan wie stelt u die vraag eigenlijk? Ik weet niet of de wethouder … Bovendien mogen ook mensen die in dienst zijn van een organisatie gewoon inspreken als ze inwoner zijn. Voor de duidelijkheid: dat recht heeft iedereen. Even een toelichting, meneer Sluijs. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Er wordt van alles gezegd en dat mag zeker, inderdaad, maar het lijkt me wel goed om er duidelijkheid over te hebben, ook richting de stad. En ik stel de vraag aan de wethouder, die immers stadsdeelwethouder Escamp is. De voorzitter.
Ik weet niet of hij hem kan beantwoorden, maar dat zal hij zo laten blijken. Wethouder Balster (PvdA). Nogmaals, ik kan de vraag niet beantwoorden. Het lijkt me ook echt iets voor het presidium en het Reglement van orde. Ik zie de relevantie van deze vraag eerlijk gezegd ook geenszins. De voorzitter. Meneer Sluijs, voor de laatste maal. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). De wethouder hoeft de relevantie van mijn vragen inderdaad niet te zien, maar ik wil wel graag een antwoord en dat zou ik graag in de tweede termijn willen hebben. De voorzitter. Volgens mij heeft de wethouder wel degelijk gezegd dat hij dit niet kan beantwoorden. U vroeg volgens mij niet of het ambtenaren waren, maar mensen die in dienst zijn via een constructie. Dat zijn vragen waarvan ook ik denk dat de wethouder die moeilijk voor u kan beantwoorden, zeker op deze korte termijn. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Meneer de voorzitter, u gaat daar niet over. Ik stel een duidelijke vraag. Er zitten voldoende ambtenaren in dit gebouw die precies kunnen nakijken wie er wel en niet voor de gesubsidieerde instellingen werken. Dat lijkt me gewoon een mooie taak om straks even tijdens de schorsing te doen. 52
De voorzitter. De wethouder mag daarop reageren. Ik hoor dat er hier een punt van orde wordt gemaakt door meneer De Vuyst. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Ik begrijp het punt van collega Sluijs ook als een punt van orde. Ik ben het er niet mee eens. Het wekt de suggestie dat we het criterium hanteren dat je hier alleen mag komen als je geen relatie tot de gemeente hebt. Dat is een hellend vlak, waar ik niet aan zou willen beginnen. We hebben in het verleden complete jongerenorganisaties gehad van partijen die hier aanwezig zijn. Daar hebben we ook niks over gezegd. Laten we nu niet doen alsof er een soort entree is, een soort ballotage waar je doorheen moet om hier te mogen inspreken. De voorzitter. Ik deel dat met u. Zo staat het ook niet in het Reglement van orde. We kunnen het punt dus daarbij niet meenemen, maar de heer Sluijs zegt dat hij het voor zijn eigen inbreng van belang acht. Maar goed, ik zie dat iedereen hier nu op wil reageren dus ik ga gewoon het rijtje af. Eerst meneer Kruis op dit punt, dat nu een ordepunt aan het worden is. Ik weet eigenlijk ook niet of we hiervan een ordepunt moeten maken. Ik ga dat eigenlijk niet doen. Ik ga het anders doen. Ik ga de wethouder gewoon het woord geven. Hij gaat gewoon verder met zijn beantwoording. Hij zal aan u laten merken of hij er wel of niet op ingaat, en dan is het aan u om daar wat mee te doen of niet.
Nee, het woord is aan de wethouder. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter, nogmaals, dit is niet een vraag aan mij. Ik ga verder met de beantwoording van de gestelde vragen en de afdoening van de moties. De voorzitter. Excuus, wethouder. Een punt van orde van de heer Sluijs. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Aan wie moet ik de vraag dán stellen? De voorzitter. Kijk, dat is het punt. Ik weet niet aan wie u die kunt stellen. Aan de mensen zelf, maar het punt dat u ermee wilt maken, kunt u niet meer maken want ze zijn al weg. Bovendien is de relevantie voor het debat van het achterhalen waar de insprekers van zijn … Ik vind dat ook wel een gevaarlijk iets, maar of u dat wilt weten, is aan u. Ik kan dat in ieder geval als voorzitter niet voor u achterhalen en de wethouder geeft aan dat hij dat ook niet kan. Dat is vervelend voor u; dat snap ik. En daar mag u op reageren. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). De voorzitter gaat hier niet over en de voorzitter weet helemaal niet welk punt ik wil maken, dus ik laat me die woorden ook niet in de mond leggen. Ik heb deze vraag gesteld en ik krijg er blijkbaar geen antwoord op. Dan gaan we gewoon een Woo-verzoek doen en komen we er op die manier achter. De voorzitter. Dat staat u altijd vrij. Ik geef de wethouder nu gewoon het woord om verder te gaan.
Meneer Smit, wilt u hier echt heel graag nog iets over zeggen? Ik wil het debat namelijk gewoon verder laten gaan. Robin Smit (PvdD). Voorzitter, ik begrijp dat u verder wil en ik wil hier eigenlijk ook geen nieuwe discussie uitlokken, maar ik merk dat het een beetje moeilijk ligt met insprekers, ook voor de toekomst. Als mensen zich aanmelden om in te spreken, voor commissies maar ook voor de raad, wordt van tevoren gevraagd namens wie zij spreken, dus namens een organisatie of op persoonlijke titel. Het is aan de personen zelf op wat voor titel zij hier komen inspreken. Deze mensen hebben op persoonlijke titel ingesproken en volgens mij is dat gewoon het recht van de democratie. De voorzitter. Dat hebben we al meerdere keren gezegd. Meneer Kruis, ik hoorde u terecht zeggen dat u eerder was dan de heer Smit. Ik was echter in de veronderstelling dat u een interruptie wilde plegen op de wethouder over de inhoud van het debat. Maar u krijgt nu uiteraard ook de gelegenheid om uw punt te maken.
53
Sebastian Kruis (PVV). Nou, het is niet heel gek dat ik een punt maak op de inhoud van het debat. Ik zou bijna deelnemen aan het debat. Ik zie alleen dat links zo zenuwachtig wordt. Ik val nu inderdaad meneer Sluijs bij, en het is goed als iedereen een beetje stil is als meneer Kruis aan het woord is, want daar kun je een hoop van opsteken. Mijn punt is het volgende. Als deze mensen inderdaad in dienst zijn van een organisatie die subsidie krijgt van de gemeente moeten we, denk ik, een motie indienen om direct de subsidiebanden met die organisatie te verbreken. Dat zou dan mijn voorstel zijn, want ze lieten eerder vanavond zien onderdeel te zijn van het probleem en niet van de oplossing. Als je hier komt om een gekozen volksvertegenwoordiger de maat te nemen, is dat niet per se iets wat bijdraagt aan de langetermijnoplossing voor Escamp. Maar wie ben ik, hè? Ik ben ook maar een gekozen raadslid. De voorzitter. Dank u wel, meneer Kruis. Ook u heeft uw punt gemaakt. Dan wil ik nu de wethouder verzoeken om door te gaan met het debat. Wethouder Balster (PvdA). Ja, voorzitter. Ik was bij het ontraden van motie D.8, Eén budget voor Zuidwest. Dat ontraden geldt niet voor motie D.9 Hart voor Den Haag, Een raadscommissie voor Zuidwest.
Ik geef wel even aan dat het college met uw raad en uw raadscommissies in gesprek is en blijft over de vraag hoe we de verschillende onderwerpen die ten aanzien van Zuidwest in uw raad aan de orde komen het handigst kunnen bespreken. Die onderwerpen zijn soms heel ongelijksoortig, want het ene onderwerp is echt ruimtelijk en komt terug in de commissie Ruimte, terwijl het andere gaat over het nationaal programma, dat besproken wordt in de commissie Samenleving. Maar het is aan u om daar een weg in te vinden, zoals ik de vorige keer ook heb aangegeven. Dan vraagt Hart voor Den Haag in motie D.10, Eén budget voor participatie/ondersteuning bewonersinitiatieven Zuidwest, om een vast percentage. Ook die motie ontraadt het college. Er is budget voor bewonersparticipatie vrijgemaakt in het coalitieakkoord, en dat is ook nog eens onderwerp van de vierde tranche Regio Deals. Het is niet noodzakelijk om deze motie daarbovenop te zetten. De voorzitter. Voordat u de laatste motie beantwoordt, heeft de heer Sluijs nog een vraag. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Dus alle punten uit het manifest Zuidwest op z'n Best zijn geregeld, volgens de wethouder. Wethouder Balster (PvdA). Die zijn grotendeels in gang gezet inderdaad. De voorzitter. Meneer Sluijs met een vervolgpunt. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Grotendeels in gang gezet; dat is de boodschap richting die 100 organisaties.
Dat is het verhaal. Wethouder Balster (PvdA). Ja, en we zijn met deze organisaties ook heel intensief in gesprek om de plannen verder te brengen. Dat gebeurt onder andere permanent in de gesprekken die we hebben met de partnerraad. De voorzitter van de partnerraad was afgelopen maandag ook mee tijdens een werkbezoek in delen van Zuidwest. Zo proberen we permanent met de belangrijke actoren in de wijk, de sleutelfiguren, de mensen die zich roeren, in gesprek te zijn over wat er nodig is. Dat gaan we alleen maar intensiveren de komende tijd. De voorzitter. Meneer Sluijs voor de laatste maal. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Dus ik concludeer dat het manifest Zuidwest op z'n Best afgehandeld, geregeld en klaar is. Het is goed zo. Wethouder Balster (PvdA). Ik ga mezelf niet herhalen. Ik heb tijdens de begrotingsbehandeling en zojuist ook aangegeven hoe we met het manifest zijn omgegaan. We zijn in heel goed gesprek met de 54
actieve bewoners om de ambities verder te brengen. En het nationaal programma heeft een beslag van twintig jaar, zoals u weet, dus we zijn er nog lang niet. We trekken daarbij heel intensief met de bewoners op. Dan kom ik op de motie Versterk de zwakke wijken, D.11 Hart voor Den Haag, die het college vraagt de Rotterdamwet in te voeren. Net als in de vorige periode gaat het college daar niet aan. Het staat ook in onze woonagenda dat we dat niet zullen inzetten. We zijn wel met woningcorporaties in gesprek, ook in het kader van het doorbraakplan om bijzondere doelgroepen overal in de stad te huisvesten, maar de Rotterdamwet draagt niet bij aan een verbeterde leefbaarheid. Dat blijkt, zoals u weet, uit verschillende onderzoeken. Het college ontraadt de motie dan ook. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Dus over de 52.000 adressen in Nederland waar deze wet wordt toegepast, zegt u: dat is allemaal gekkigheid en onzin en het werkt niet. Dat zegt de wethouder. Wethouder Balster (PvdA). Er is geen onderzoek dat aantoont dat het werkt, en dat is de reden waarom het college deze motie niet zal uitvoeren en haar ook ontraadt. Ik kom nu bij de motie van … De voorzitter. De heer Sluijs heeft eerst nog een vervolgvraag. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag).
Dus de wet werkt niet in Rotterdam, die werkt niet in Schiedam, die werkt niet in Capelle aan den IJssel, die werkt niet in Den Bosch, die werkt niet in Dordrecht en die werkt niet in Nijmegen, Vlaardingen en ga zo maar door. Wethouder Balster (PvdA). Van de Rotterdamwet is niet aangetoond dat die een positief effect heeft op de leefbaarheid. De leefbaarheid heeft onze aandacht, maar er zijn heel veel andere instrumenten om de leefbaarheid te bevorderen. U weet dat we die vol ambitie inzetten, maar de Rotterdamwet werkt niet en die zullen we dus niet toepassen. De voorzitter. Meneer Sluijs voor de laatste maal. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Noemt u er eens drie. Wethouder Balster (PvdA). Ik weet niet waar deze vraag betrekking op heeft, voorzitter. De voorzitter. Meneer Sluijs, kunt u toelichten welke drie u bedoelt? Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Leefbaarheid. U had allemaal middelen om de leefbaarheid te verbeteren. Ik zei: noem er eens drie. Wethouder Balster (PvdA). Laat ik er voorlopig eens even twee noemen die me direct te binnen schieten. Dat zijn het zoeken naar ontmoetingsplekken in de wijk waar bewoners en jongeren terechtkunnen, en het programma Preventie met gezag, dat zal worden uitgerold. Ook dat zal effecten hebben op de leefbaarheid. Laat ik nog een punt noemen.
Ook de investeringen die we in de buurttuinen in Den Haag Zuidwest doen, zullen een positief effect hebben op de leefbaarheid. Ook het verbeteren van de woonkwaliteit en het verduurzamen van de woningvoorraad, bijvoorbeeld door het vernieuwen van oude woningen, zullen een positief effect hebben op de leefbaarheid. Nou, ik ben al bij vier; ik denk dat ik hier stop, voorzitter. De voorzitter. Voordat u weer naar de moties teruggaat, heeft de heer Kruis nog een vraag. Sebastian Kruis (PVV). Ja. Ik vind dit eigenlijk nogal lef hebben van een PvdA-wethouder, wiens partij al tientallen jaren verantwoordelijk is voor dit pamperbeleid en het elk jaar maar meer subsidiëren van die wijken. Hij moet toch ook kunnen inzien dat de verkeerde statistieken in deze wijk alleen maar oplopen in plaats van naar beneden gaan? Hoe durft hij dus te zeggen dat iets wat meneer
55
Sluijs voorstelt niet werkt maar zijn eigen PvdA-pamperbeleid wel werkt? Dat zien we namelijk niet terug in de statistieken, zoals hij weet. Wethouder Balster (PvdA). Ik sta hier niet als PvdA'er. Ik sta hier als lid van het college en ik heb net heel uitvoerig aangegeven waarom het college de Rotterdamwet niet zal invoeren. De voorzitter. Meneer Kruis met een vervolgvraag. Sebastian Kruis (PVV). Nee, dat klopt inderdaad; daar was de wethouder heel stellig in. Maar de wethouder heeft ook niet aangegeven waarom het beleid dat nu is ingezet, wél zou werken. Dat wordt namelijk al tientallen jaren ingezet, en we zien toch dat het de verkeerde kant uitgaat in plaats van de goede? Wethouder Balster (PvdA). Er is echt heel veel te zeggen over het beleid van de afgelopen jaren, absoluut. Wij zijn dan ook heel blij dat het Rijk weer erkend heeft dat er zeer kwetsbare wijken in Nederland zijn, waaronder de wijken in Zuidwest, die de komende twintig jaar onze aandacht nodig hebben. Het is inmiddels ruim een jaar geleden dat u heeft gesproken over de plannen die we hebben met Zuidwest. Die plannen moeten de komende tijd ook verder worden uitgewerkt, samen met alle partners in de stad. Dat is de manier waarop het college aan de slag is om deze wijken erbovenop te krijgen. Dat is gewoon keihard nodig en ik hoop daarbij op uw steun. De voorzitter. Meneer Kruis voor de laatste maal.
Sebastian Kruis (PVV). De Haagse PvdA is al tientallen jaren aan de macht en uiteindelijk concludeert nu zelfs het Rijk dat we zeer kwetsbare wijken hebben in Den Haag. Ik adviseer de wethouder om een keertje bij zichzelf te rade te gaan of ze daar misschien ook zelf een rol in hebben gespeeld. Wethouder Balster (PvdA). Ook dit lijkt een vraag aan de Partij van de Arbeid, en daarvoor moet u vandaag niet bij mij zijn. De Haagse Stadspartij heeft twee moties ingediend. De eerste motie is motie D.18, Betrek jongeren en hun ouders bij aanpak Zuidwest. Het college doet al veel op dit vlak, maar de motie is wat dat betreft ook echt een stimulans en een ondersteuning van beleid. Het college kan deze motie dan ook omarmen. Dan motie D.17 HSP, Train jongeren en kinderen op emotionele ontwikkeling. Ik zou u eigenlijk willen vragen om deze motie nog even aan te houden. Er gebeurt namelijk ook al heel erg veel op dit vlak door allerlei verschillende partners in de stad. Dan zetten wij voor u even op een rij wat er allemaal al gebeurt op dit vlak, en kunt u op basis daarvan beoordelen of u dat voldoende vindt of vindt dat er nog een schepje bovenop moet. Ik zie mevrouw Faïd knikken, maar … De voorzitter. Dat klopt. Zij heeft een vraag aan u. Fatima Faïd (HSP). Ik houd deze motie even aan. De voorzitter.
Aangezien motie D.17 HSP is aangehouden, maakt zij geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. Wethouder Balster (PvdA). Dan kom ik bij motie D.16 PvdA, die het college oproept om jongeren een prominente plek te geven bij het meepraten over de eigen toekomst in Escamp. Het is toch goed om nog even te benadrukken dat er per wijk kinderraden en jeugdraden zijn, maar in het kader van het verstevigen van de participatie, waar het college hard aan werkt, en van het inrichten van de partnerraad, is dit een goede steun in de rug om die positie nog verder te versterken. Het college werkt in deze richting, maar kan deze motie ook omarmen. De voorzitter. Meneer Icar, heeft u een punt van orde? U heeft namelijk geen spreektijd meer. 56
Nur Icar (DENK). Nee, ik wilde even een kleine aanvulling doen op de motie van de heer Sewtahal. Ik sprak zonet een bewoner, die terecht zei dat we misschien ook rekening moeten houden met de duurzaamheid ervan, dus dat … De voorzitter. Dit gaan we niet doen, want u heeft geen spreektijd meer. Wethouder, gaat u verder. Nur Icar (DENK). Oké, ik heb het meegegeven. Dank u wel. Wethouder Balster (PvdA). Ik durf het bijna niet te zeggen, maar ik denk dat het goed is dat de heer Icar en ik hierover nog eens verder praten. Ik denk dat we dan nader tot elkaar zullen komen. Dat zit wel goed. DENK vroeg specifiek naar de acties op korte termijn. Er gebeurt al ontzettend veel en het voert nu te ver om daarop in te gaan. We gaan u voor de zomer informeren over de stand van zaken rond de uitvoering van het nationaal programma. Dan zullen we u daar ook over bijpraten, net als over de acties die daaruit vervolgens weer volgen. Ik denk dat dat voor nu het beste antwoord is. De heer Smit van de Partij voor de Dieren vroeg nog wat we op korte termijn en op dit moment al doen aan met name het creëren van ontmoetingsplekken voor onze jongeren. Daar is de afgelopen twee, drie jaar al heel erg veel op gebeurd. Er zijn verschillende nieuwe plekken gecreëerd, ook in Bouwlust en Vrederust. Denk aan het jeugdhonk aan de Dreef maar ook aan Sterrenhoek en de jeugdsoos in wijkcentrum Bouwlust.
En Zuidwest-breed zijn er de Twickelstraatlocatie en de fietsenwinkel aan het Heeswijkplein. Er zijn verschillende nieuwe plekken, maar er is echt heel erg veel behoefte aan dus we werken daar de komende periode verder aan, ook op basis van de wensen en de initiatieven van jongeren. We doen dat onder andere in de Gaarden en de Zichten, waar een grote wijkvernieuwing plaatsvindt. Dan, voorzitter, denk ik dat ik alle vragen en moties heb geadresseerd. Wethouder Bredemeijer (CDA). Voorzitter. Ik geef nog de inbreng vanuit de portefeuille Jeugd en Onderwijs. Ik denk dat het goed is om iets te zeggen over de contacten die we hebben met schoolbesturen over veiligheid. Schoolveiligheid is een vast onderwerp op de reguliere agenda die wij hebben voor overleggen met schoolbesturen. Dat is ook het moment waarop die gesprekken uiteraard plaatsvinden. Er wordt veel contact gelegd tussen schoolleiders en de wijkagent. Dat zijn ook de meest directe contacten die er zijn tussen scholen en de politieorganisatie. Wij als gemeente proberen ook onze bijdrage te leveren. Daarnaast heeft de burgemeester zojuist al even de manier geschetst waarop kluiscontroles kunnen plaatsvinden. Dat is inderdaad het terrein van scholen, dus het is geen openbaar terrein. Scholen kunnen inderdaad het initiatief nemen om kluiscontroles te doen. Het gebeurt ook veelvuldig.
Ik heb er ook een aantal keren getuige van mogen zijn wat zo'n controle oplevert en daar word je niet altijd vrolijk van. Sterker nog, dat stemt erg droevig op sommige momenten. Ze krijgen daarbij desgevraagd ook hulp van politie en de gemeente. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Ik ben wel benieuwd naar de resultaten daarvan. Kunnen die ook gedeeld worden met de raad? Wethouder Bredemeijer (CDA). Het lastige is dat dat niet mijn informatie is. Het is geen informatie die het college bezit. Het is natuurlijk informatie van de schoolbesturen. Wat ik zelf heb kunnen zien, met mijn eigen ogen, de enkele keer dat ik erbij was, is dat het best heel vaak wat oplevert. Het is echter geen informatie waar ik over beschik, dus dat maakt het ingewikkeld om die te delen. De voorzitter. De heer Sluijs met een vervolgvraag. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Kan de wethouder het opvragen bij de scholen? Wethouder Bredemeijer (CDA). Het is natuurlijk een lastig vraagstuk dat nu even voorligt. Kijk, scholen kunnen eens in de zoveel tijd kluisjescontroles of andere controles doen, waaruit zij kunnen constateren wat de situatie is. Daar is geen regel voor - doe dat elke week, elke maand of elk jaar 57
maar het kan een wens zijn van een schoolbestuur of van een individuele school om daartoe over te gaan. Ze kunnen daarbij hulp krijgen van agenten en ze kunnen daarbij hulp krijgen van de gemeente, maar wat dat exact oplevert, is natuurlijk niet echt te kwantificeren. De ene keer levert dat vuurwerk op, de andere keer levert het steekwapens op et cetera. Dat is niet echt te kwantificeren. De voorzitter. Voor de laatste maal, meneer Sluijs. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Ik vroeg alleen informatie. Ja of nee is genoeg, hoor. Wethouder Bredemeijer (CDA). Op welke vraag wil de heer Sluijs precies ja of nee als antwoord? De voorzitter. Meneer Sluijs, kunt u dat nog één keer duidelijk maken? Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Op de vraag die ik gesteld heb. De voorzitter. En wat was die vraag? Kunt u die nog een keer herhalen? Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Of bij de scholen gewoon de informatie ingewonnen kan worden wat de opbrengsten zijn van de kluiscontroles. Wethouder Bredemeijer (CDA). Daarop heb ik zojuist geprobeerd antwoord te geven. De voorzitter. Het kan zijn dat het antwoord niet bevredigend is, meneer Sluijs, maar u heeft het drie keer geprobeerd. Dat zijn de spelregels van het debat. Maar de heer Kruis heeft nog wel een vraag. Sebastian Kruis (PVV). Een hele heldere ja-of-neevraag.
Is het mogelijk om die informatie bij die scholen op te vragen, ja of nee? Daarop is nog geen antwoord gekomen en ik ben wel benieuwd. Als er blijkbaar gegevens en data zijn die de wethouder heeft ingezien, want daar vraagt de heer Sluijs volgens mij naar, kunnen we die dan bij al die scholen inventariseren en kunnen die gedeeld worden met de raad, al dan niet vertrouwelijk? Wethouder Bredemeijer (CDA). Ik word hier uitgenodigd om iets te zeggen over de situatie. De raad vergadert en ik word uitgenodigd om daaraan een bijdrage te leveren. Ik doe echt mijn uiterste best om gewoon antwoord te geven op vragen. Op het moment ik bij iedere vraag word verplicht om daar ja of nee op te antwoorden, wordt het wel een ingewikkeld gesprek. Sommige vragen laten zich namelijk niet met ja of nee beantwoorden. Ik doe mijn uiterste best om gewoon antwoord te geven op de vraag. Als de heer Kruis nogmaals de vraag stelt die de heer Sluijs ook probeerde te stellen, is het inderdaad fijn als ik nog een keer probeer om daar antwoord op te geven. Ik zal het kort proberen. Op het moment dat ik gesprekken voer met schoolbesturen, kan ik natuurlijk de vraag stellen: joh, wat levert dat op; kun je dat eens even inzichtelijk proberen te maken? Natuurlijk, en dat doe ik ook. Of ik dat vervolgens met de raad kan delen? Dat lijkt mij ingewikkeld, want het is geen informatie waar ik over beschik.
Het is geen informatie waar ik verantwoordelijk voor ben, om het zo te zeggen. Het is het terrein van schoolbesturen. In scholen vinden kluiscontroles plaats. Of die voldoende opleveren, is uiteindelijk aan het schoolbestuur om te beoordelen, maar dat gesprek heb ik vanzelfsprekend. Sebastian Kruis (PVV). Dan denk ik dat het een kwestie is van aan die scholen vragen: het hoogste orgaan in de stad, de gemeenteraad, zou die gegevens ook graag krijgen; vindt u het bezwaarlijk als ik ze met de gemeenteraad deel? Dan denk ik dat die schoolbesturen, embedded in de Haagse samenleving, zullen zeggen: ja natuurlijk, meneer Bredemeijer, en als u het niet doet, doen wij het zelf wel proactief, gelet op de problematiek in Den Haag. Wethouder Bredemeijer (CDA). Dan is het wel van groot belang om de precieze vraag te weten. Wil je van iedere controle die plaatsvindt een verslag krijgen et cetera? Dat lijkt mij ingewikkeld. Wat ik belangrijk vind als lid van het college van B en W, is om te weten dat schoolbesturen die mogelijkheid hebben, dat ze daar veelvuldig gebruik van maken en dat ze daarin ondersteund kunnen worden door 58
politieagenten. De burgemeester heeft vanmiddag nog aangegeven dat wij, dus ik als wethouder Onderwijs, de burgemeester, de afdeling veiligheid en de afdeling onderwijs, daarin heel nauw optrekken met de scholen om dat vraagstuk op te lossen. Kluiscontroles vormen daarvoor een van de middelen, maar als wij gaan zeggen 'laat eens zien wat dat nou oplevert' sla je het vraagstuk zo plat dat je geen recht meer doet aan wat hier aan de orde is. Marieke van Doorn (D66). Eerder op de avond werd hier door een collega de suggestie gewekt dat scholen een hulpvraag hebben richting politie om te helpen met dat soort kluiscontroles, maar geen hulp krijgen. Krijgt het college dat soort signalen ook van de scholen? Wethouder Bredemeijer (CDA). Dat is eigenlijk de reden waarom ik hiermee begon. Ik was wat verrast door dat signaal dat scholen hiertegen aanlopen. Ik hoor dat niet. Wat ik natuurlijk wel hoor, is dat individuele scholen worstelen met het vraagstuk hoe hiermee moet worden omgegaan. Want natuurlijk zijn er ook bezwaren. Er worden ook bezwaren aangetekend tegen het controleren van kluisjes of tassen et cetera. Hoe kunnen scholen daarmee omgaan? Bij dat gesprek proberen we als gemeente te helpen, om dit met elkaar op te lossen. Dus ja, natuurlijk krijg ik ook weleens te horen: we worstelen met dat vraagstuk. Maar ik krijg niet te horen: we worden niet gehoord door de gemeente.
Daarmee kom ik meteen op de uitkomsten van wat wij met elkaar doen. Belangrijk is het sluiten van convenanten. Dat doen we vaker. We zijn nu bezig met een nieuw convenant, tussen gemeenten, politie en scholen. Met alle scholen die zich daaraan committeren, sluiten we dus convenanten over hoe we hiermee omgaan. Alle scholen staan daar dus straks onder. Dat is wel een goed middel om met elkaar te hebben, waar je dus op terug kunt grijpen. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Papier is geduldig. Wat komt er concreet in het convenant te staan om de wapens bij de jongeren weg te krijgen en met name uit de scholen te krijgen? Wethouder Bredemeijer (CDA). We zijn dat convenant nu aan het opstellen. Zodra het klaar is, zal ik het met de raad delen. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Maar ik weet zeker dat de wethouder daar een aantal ideeën over heeft, laten we zeggen een stuk of drie. Er zijn toch wel een aantal ideeën, wethouder? Wethouder Bredemeijer (CDA). Wat mij betreft staat daar bijvoorbeeld in - dat is nu ook in het concept aan de orde - dat er gelegenheid is om kluiscontroles toe te passen en dat we daar als gemeente en als politieorganisatie graag in ondersteunen als dat aan de orde is.
Dat is een voorbeeld, en zo is er nog een aantal voorbeelden waarvan je kan zeggen: de mogelijkheid is er, we willen het graag en we willen ze ook graag helpen om uiteindelijk dat doel te bereiken dat de heer Sluijs ook nastreeft. De voorzitter. De heer Sluijs voor de laatste maal. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Dus dat voorstel dat we doen is eigenlijk helemaal niet zo gek? Wethouder Bredemeijer (CDA). Even kijken, over welk voorstel heeft u het nu? De voorzitter. Meneer Sluijs mag de vraag toelichten. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Ja, ik hou de vragen zo kort mogelijk, maar ik doelde op het voorstel van bijvoorbeeld de kluisjescontroles. Dat is dan eigenlijk toch helemaal niet zo gek. Wethouder Bredemeijer (CDA). Maar ik zie even niet welk voorstel, want dit gebeurt toch al? Er worden toch gewoon kluisjescontroles gedaan?
59
De voorzitter. Meneer Sluijs, u mag de vraag iets langer toelichten. Ik zal zorgen dat uw spreektijd niet loopt. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Wij zijn hier nu een aantal jaar mee bezig. We doen deze voorstellen nu een aantal jaren. Die worden iedere keer weggehoond: het kan niet, het mag niet, het past juridisch niet, u moet dit rondom de scholen inzetten want anders kan het niet. En nu hoor ik dat het allemaal al gebeurt, dat het allemaal al kan en dat het zelfs wordt opgenomen in het convenant waar de wethouder mee bezig is. Dus zo gek waren die voorstellen van ons niet. Wethouder Bredemeijer (CDA). De burgemeester heeft dat vanmiddag en vanavond al gezegd en ik zeg het nu ook weer: er vinden kluiscontroles plaats en dat gebeurt al jaren, en wij helpen daar eventueel bij en de politieorganisatie ook. Of dat voorstellen waren van wie dan ook, daarvan heb ik geen idee, maar het gebeurt en het levert ook wat op. Dat is, denk ik, het belangrijkste. De voorzitter. Nu bent u wel echt drie keer geweest, meneer Sluijs. U had al drie interrupties gehad en ik heb u zelfs twee keer extra gegeven om het toe te lichten. De wethouder heeft antwoord gegeven en dat is wellicht niet helemaal ter tevredenheid van u.
U krijgt dadelijk eventueel nog een tweede termijn, maar ik wil nu echt door met de beantwoording van de wethouder, ook omdat ik echt moet proberen om voor 0.00 uur klaar te zijn met deze vergadering. We hebben namelijk de afspraak dat we normaal gesproken om 0.00 uur stoppen, en we moeten ook nog stemmen. Ik wil de wethouder dus verzoeken om door te gaan. Wethouder Bredemeijer (CDA). Dat wat betreft de samenwerking tussen gemeente, politie en scholen. Er zijn mij twee moties voorgelegd, waar ik graag een appreciatie van geef. Ik begin met de motie van de heer Sluijs, D.6 Hart voor Den Haag, Betrek scholen en jeugdwerk bij terugdringen wapengeweld. Deze motie is overbodig, omdat ook dit al gebeurt. In 2012 is het convenant Gegevensuitwisseling in het kader van samenwerking tussen politie, jongerenwerk en gemeente van kracht geworden. We hebben dat convenant vorig jaar opnieuw bezien en daarin uiteindelijk afspraken gemaakt over de politie-eenheid Den Haag, welzijnsorganisaties en de gemeente, met z'n drieën, om af te spreken hoe we daarmee omgaan. Wat betreft het onderwijs: van scholen wordt verwacht dat ze incidenten die op hun school aan de orde zijn geweest, melden bij de inspectie. Uiteindelijk is het natuurlijk aan slachtoffers of aan ouders van slachtoffers om aangifte te doen.
Als het docenten of medewerkers van een school betreft, kan een school natuurlijk ondersteuning bieden om die aangifte te doen, en dat gebeurt ook. Tot slot. Misschien mag dat nog, want dat is wel echt van belang voor het dictum. De minister is op dit moment bezig om in wetgeving te vatten dat dit verplicht opgelegd kan worden. Ik denk, als ik het dictum lees, dat dat is waar de heer Sluijs naar op zoek is. Dat is het allerbelangrijkste, en de minister verwacht in 2023, dus dit jaar, met een wetsvoorstel te kunnen komen. Dan is wat de heer Sluijs vraagt ook opgelost. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Dat was inderdaad mijn vraag. De wethouder zegt 'verwacht', maar wordt het van ze verwacht of is het verplicht dat scholen het doen? Wethouder Bredemeijer (CDA). Nee, het is op dit moment niet verplicht. Het melden gebeurt wel. Wel of geen aangifte doen is natuurlijk toch altijd een keus van individuen, maar de verplichting, die straks wettelijk lijkt te worden opgelegd met het wetsvoorstel, is er op dit moment nog niet. De voorzitter. Meneer Sluijs met een vervolgvraag. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Ambtshalve aangiftes vanuit de wijkagent, gebeuren die op dit moment standaard? Wethouder Bredemeijer (CDA). Op die vraag kan ik geen antwoord geven. Die kennis heb ik niet, helaas.
60
De voorzitter. Er wordt achter mij gevraagd of iemand die vraag wel kan beantwoorden. De burgemeester had volgens mij één motie nog niet beantwoord, dus misschien kan hij dan dadelijk … Ja. De burgemeester geeft aan dat hij probeert om daarachter te komen. Hij moet zo dadelijk ook nog één motie toelichten, dus wellicht kan deze vraag dan meegenomen worden. Had u nog een vraag, meneer Sluijs? Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Ja. Ik constateer dan wel dat de motie niet als overbodig gezien kan worden als datgene waartoe wij oproepen, niet gebeurt. Wethouder Bredemeijer (CDA). Daar heeft de heer Sluijs strikt formeel genomen wellicht gelijk in. Ik heb willen schetsen dat de minister met iets bezig is en dat er al heel veel dingen gebeuren waarop ook de motie ziet. Ik zou willen vragen om de motie aan te houden tot het wetsvoorstel van de minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs er is. Anders moet ik de motie echt ontraden, maar wellicht is aanhouden tot dat moment het handigst. De voorzitter. Gaat u verder, wethouder. Wethouder Bredemeijer (CDA). Tot slot de motie van de PVV, D.15, Scholen moeten verplicht aangifte doen van geweldsincidenten. Ik viel natuurlijk met name over de constatering en de overweging.
Onderwijsinstellingen zijn geen marketing- en pr-machines geworden wat mij betreft, maar doen nog steeds elke dag hun uiterste best om kinderen voor te bereiden op een mooie toekomst. Onderwijs geven, dat is eigenlijk wat ze doen. En dan staat in de motie: te regelen dat in Den Haag onderwijsinstellingen altijd aangifte doen van gewelds- en wapenincidenten. Het is gewoon echt niet aan de orde dat onderwijsinstellingen ten behoeve van hun imago allerlei wapenincidenten en geweldsincidenten onder de pet willen houden. Dat gebeurt absoluut niet. Ik heb net al even geschetst wat er gebeurt op het moment dat er aangifte kan worden gedaan, of door individuen of met behulp van het schoolbestuur als het personeel betreft. Dat gebeurt. Er worden meldingen gedaan door de scholen en er wordt overleg gevoerd tussen scholen en de politieorganisatie, die daarbij helpt. Dit is echt geen vraagstuk waar een probleem op zit. Om die reden wil ik de motie ontraden. De voorzitter. Dank, wethouder. Dan kijk ik nu naar de burgemeester, die nog één motie moest … O, meneer Kruis, heeft u nog een interruptie? U heeft nog tijd? Sebastian Kruis (PVV). Het is een korte aanvulling. Ik denk dus dat het enorm helpt als de scholen wel aangifte doen.
Dat is iets anders dan iets melden bij de Onderwijsinspectie, want het komt dan altijd in de aangiftecijfers terecht, waardoor je kunt zien wat het aantal aangiftes vanuit onderwijsinstellingen is. Daar wil ik graag een verplichting voor. Dan kan ik eventueel de constatering en de overweging best weglaten, als dat helpt om de toezegging binnen te hengelen. De voorzitter. De wethouder. En daarmee is trouwens de heer Kruis door zijn spreektijd heen. Wethouder Bredemeijer (CDA). Het zou me sowieso een lief ding waard zijn als we de constatering en de overweging gewoon even kunnen negeren, dus daar zijn we het dan over eens. Maar dan blijft het dictum natuurlijk overeind, en dat zegt dat wij willen dat onderwijsinstellingen altijd aangifte doen van geweldsincidenten. Het is niet aan onderwijsinstellingen om altijd aangifte te doen. Als een slachtoffer een scholier is, is het aan die scholier en zijn of haar ouders om aangifte te doen of niet. Als het een personeelslid van de school betreft waar iets mee is gebeurd, kan de school ondersteuning bieden aan het wel of niet doen van aangifte. Maar de melding die scholen altijd doen, gebeurt wel, dus het melden van een incident bij de politie. Dat is, denk ik, van heel groot belang. De voorzitter. Dank, wethouder. Dan geef ik het woord aan de heer Barker namens het presidium, die een advies zal geven op één motie.
Daarna krijgt de burgemeester nog het woord voor een laatste motie. Eerst meneer Barker namens het presidium.
61
Robert Barker (PvdD). Voorzitter. Er was inderdaad één motie gericht aan het presidium. Dat was motie D.9 Hart voor Den Haag, Een raadscommissie voor Zuidwest. Moties zijn natuurlijk altijd aan het oordeel van de raad, en mocht de raad deze motie aannemen dan zal dat nog nadere uitwerking vergen. Het presidium vindt het belangrijk om hierbij ook te benadrukken dat de vergaderdruk van de huidige vakcommissies al hoog is. Een speciale commissie gericht op Zuidwest kan door de raad worden ingesteld, maar verhoogt die vergaderdruk nog verder. Het presidium geeft verder aan dat een dergelijke speciale commissie voor Zuidwest ook een nadere omschrijving van de onderwerpen vraagt. Je kan denken aan openbare orde en veiligheid, maar ook aan onderwerpen als ruimtelijke ordening. Welke afbakening kies je? Een variant op een afzonderlijke, specifieke commissie zou ook kunnen zijn dat een bestaande vakcommissie ten minste een aantal keren per jaar de actuele situatie in Zuidwest behandelt, zo mogelijk op locatie in Zuidwest, bij wijze van themavergadering of zo. Te denken valt bijvoorbeeld aan de commissie Ruimte of de commissie Bestuur op locatie, of aan een combinatie van beide. Zo zou er ook een invulling aan gegeven kunnen worden, maar het is uiteindelijk aan het oordeel van de raad. De voorzitter. Dank u wel, meneer Barker. Dan de burgemeester, voor de motie die was blijven liggen.
De heer Van Zanen. Voorzitter. De nagekomen vraag van meneer Sluijs of wijkagenten standaard ambtshalve aangifte doen, dus pv opmaken, moet ik even nagaan. Dat weten we nu niet zeker, maar dat hoort u zo snel mogelijk, volgende week of zo, in een raadsmemootje. Dan mijn excuses aan mevrouw Klokkenburg. Ik weet ook niet hoe de motie heet. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). D.19 CU/SGP. De heer Van Zanen. D.19, Terugdringen wapenbezit in risicogebieden. Die motie ontraad ik. Kijk, die extra aandacht in gebieden waar messenbezit onder jongeren aandacht verdient, is natuurlijk onderdeel van het actieprogramma. Daar gaan we in het eerste kwartaal weer over spreken in de evaluatie, en ook in de landelijke evaluatie. Onze informatie is dat wel degelijk per 1 juli het landelijk messenverbod voor jongeren volgt. Dat is de minister tenminste nog steeds van plan. Dat helpt, en dat wordt dan ook meteen in Den Haag geïmplementeerd. Om dan nu nog de APV te wijzigen, lijkt me overbodig. Vanmiddag heb ik ook in antwoord op vragen van meneer Fritschij gezegd dat met de grootwinkelbedrijven vrijwillige afspraken worden gemaakt. Daar wordt ook overwegend positief op gereageerd. Dus om daar nu nog convenanten voor af te sluiten, lijkt me eerlijk gezegd een beetje overdadig. Ik ontraad deze motie dus. Dat heb ik vanmiddag ook gezegd. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP).
Het is hier vanavond al eerder gegaan over de snelheid aan de overkant, in het andere Den Haag. We hebben eerder het voorbeeld gezien van lachgas. Daarbij werd ook steeds gezegd: het verbod komt. Uiteindelijk hebben we het lokaal ingesteld en heeft het nog twee jaar geduurd voordat de wet er daadwerkelijk was. Kan de burgemeester aangeven of hij op het moment dat hij signalen krijgt dat de wet niet per 1 juli in werking treedt, wel lokaal zijn instrumenten wil gaan gebruiken? De heer Van Zanen. Tuurlijk. Ik baseer me nu op deze informatie. Als blijkt dat het nog twee jaar gaat duren, zal ik me daarop beraden. Dat kan overigens al op het moment dat we over de evaluatie van het actieplan, zowel landelijk als lokaal, spreken. Dan kunt u het er ook weer over hebben. Dan moeten we wel even goed nadenken wat er kan via de APV als we het landelijke messenverbod nog niet hebben. Dan krijg je namelijk - vergeef mij, zeg ik tegen mevrouw Van Doorn - een soort straatintimidatiediscussie of lachgasdiscussie. Dan willen we het dolgraag en zetten we het in de APV maar dan levert het nóg niks op, want zolang het nog niet is verboden zit je gewoon heel moeilijk met de handhaafbaarheid. Maar goed, die discussie voeren we dan op dat moment. Voor nu ontraad ik de motie. De voorzitter. Toch nog een vervolgvraag van mevrouw Klokkenburg.
62
Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Dank aan de burgemeester voor de verduidelijking. Ik wil de motie dan graag tot nader order aanhouden. De voorzitter. Aangezien motie D.19 CU/SGP is aangehouden, maakt zij geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. Fatima Faïd (HSP). Ik heb nog een vraag aan wethouder Balster. Ik heb mijn motie aangehouden, maar ik vroeg me toch nog even af hoe lang hij erover wil doen om met dat lijstje te komen. De voorzitter. Wethouder, kunt u daar een reactie op geven, om te voorkomen dat de motie wordt heringediend? Wethouder Balster (PvdA). Laten we april proberen. De voorzitter. April, hoor ik hier. Fatima Faïd (HSP). Dat is wel heel ver weg, hè, april? De voorzitter. Het is sneller april dan … U heeft de motie aangehouden, dus het is wachten tot april of … Ga daarop broeden, zou ik zeggen, mevrouw Faïd. Daarmee komen we bij de vraag of er behoefte is aan een tweede termijn. Dat is niet het geval, zie ik. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. We hebben de afspraak dat we een halfuur schorsen. Is dat nodig? Nee, hoor ik. Een kwartier? Ik maak er een kwartier van, tot 23.35 uur. Dan zien we elkaar terug in deze zaal om te stemmen. De vergadering wordt van 23.19 uur tot 23.35 uur geschorst. De voorzitter. Ik heb de indruk dat we compleet zijn. Dan kunnen wij overgaan tot de stemmingen. -
Actuele situatie Escamp.
In stemming komt motie D.1 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 9 tegen 32 stemmen. In stemming komt motie D.2 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 9 tegen 32 stemmen. In stemming komt motie D.3 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 19 tegen 22 stemmen. In stemming komt motie D.4 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 9 tegen 32 stemmen. In stemming komt motie D.5 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 8 tegen 33 stemmen.
63
In stemming komt motie D.6 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 9 tegen 32 stemmen. In stemming komt motie D.7 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 14 tegen 27 stemmen. In stemming komt motie D.8 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 14 tegen 27 stemmen. In stemming komt motie D.9 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 9 tegen 32 stemmen. In stemming komt motie D.10 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 9 tegen 32 stemmen. In stemming komt motie D.11 Hart voor Den Haag. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 9 tegen 32 stemmen. In stemming komt motie D.12 PVV. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 1 stem tegen 40 stemmen. In stemming komt motie D.13 PVV. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 1 stem tegen 40 stemmen. In stemming komt motie D.14 PVV. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 9 tegen 32 stemmen. In stemming komt motie D.15 PVV. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 1 stem tegen 40 stemmen. In stemming komt motie D.16 PvdA. De voorzitter. De motie wordt aangenomen met 40 stemmen tegen 1 stem. In stemming komt motie D.18 HSP. De voorzitter. De motie wordt aangenomen met 35 tegen 6 stemmen. In stemming komt motie D.20 CDA. De voorzitter. De motie wordt verworpen met 19 tegen 22 stemmen.
Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Sebastian Kruis (PVV). Wij hebben gestemd tegen de motie over de publiekscampagne Een wapen is niet stoer, omdat ik denk dat je daarmee niet per se de mensen bereikt die je ermee wilt bereiken. 64
Ik heb ook tegen de motie gestemd van meneer Sewtahal van de PvdA, Geef jongeren de kans mee te praten, want dan moeten ze misschien eerst een keertje mee gaan stemmen. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Voorzitter. Wij willen worden geacht tegen motie D.18 gestemd te hebben. Wij hebben daarover verdeeld gestemd en we waren een klein beetje van slag. Dat wil ik wel graag eventjes melden. Ik hoorde namelijk bij de stemming over motie D.14 van de PVV, waar wij voor gestemd hebben, vanuit de PvdA-hoek dat wij 'toch wel een beetje fascistisch zijn'. Als dat niet klopt, hoor ik het graag opgehelderd worden, maar dan wil ik graag horen wat mevrouw Holman wél zei. De voorzitter. Daarop wordt gereageerd dat dat bij de borrel gebeurt. Zij heeft geen behoefte om daarop te reageren. Ik heb het zelf niet gehoord, anders had ik daar een punt van gemaakt. Ik vind dat soort teksten namelijk ook niet gepast en zeker niet tijdens de stemmingen. U heeft het punt gemaakt en ik sluit me erbij aan dat het niet gepast is. Er wordt niet gereageerd vanuit de Partij van de Arbeid. Dan is de heer Barker aan het woord voor een stemverklaring. Robert Barker (PvdD). Nee, voorzitter, ik wilde het even corrigeren want ik zat ernaast en het is niet gezegd. De voorzitter. Dan, meneer Sluijs, mag u toch weer reageren. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag).
De heer Dubbelaar zit een paar deuren verder en die hoorde het wél. Dan wil ik graag van mevrouw Holman horen wat ze wél zei. Als het niet klopt, nemen we het graag terug - dan hebben we het niet gehoord - maar hierdoor waren wij een beetje van slag. Ik ben nog steeds een beetje van slag, want ik vind dit heel ernstig. De voorzitter. Ik ben het met u eens dat … Nou, mevrouw Holman, u mag reageren. Even orde, mensen! Dit is een serieus onderwerp. Er werd iets gehoord en nu wordt er gezegd of dat wel of niet gezegd is. Mevrouw Holman heeft het woord en verder wil ik iedereen even stil hebben nu. Janneke Holman (PvdA). Voorzitter, dat heb ik niet gezegd. Ik wil erbij opmerken dat ik me hier al de hele avond blauw zit te ergeren omdat er allemaal commentaar uit die hoek komt, op de insprekers, op andere raadsleden … Het is daar constant rumoerig en ik word daar helemaal gek van. Ik vind het asociaal en ongepast. Dat wil ik nog even kwijt. De voorzitter. Dank, mevrouw Holman. Meneer Sluijs, uiteraard mag u daar nog op reageren en daarna wil ik de vergadering sluiten. We gaan hierover nu geen discussie voeren. Ralf Sluijs (Hart voor Den Haag). Dan staat het mevrouw Holman vrij om daar een punt van orde over te maken, maar als onze partij fascistisch genoemd wordt door de partij van mevrouw Holman … Als wij het verkeerd gehoord hebben, moet u zeggen wat u wél zei.
Maar dat durft u niet te zeggen. De voorzitter. Nee, dit gaan we nu niet doen. Ik ga de vergadering sluiten. Zij heeft gezegd dat ze het niet heeft gezegd en dat is voor nu voldoende. De vergadering is gesloten. Niets meer aan de orde zijnde, sluit de voorzitter te 23.45 uur de vergadering.
65