RIS314649 Verbeter medische zorg dakloze mensen bijlage
Tekst van het document
53
Ja/ Nee
Wanneer
Geregeld
D. Bewindvoering en mentorschap Bewindvoering, beschermingsbewind, onderbewindstelling van meerderjarigen
Aan bod kwam al de Wsnp bewindvoerder (zie hoofdstuk 1.8). Dit is een bewindvoerder die werkt voor de schuldeisers. De Wsnp bewindvoerder bewaakt dat: 1. Er maximaal wordt afgedragen aan de schuldeisers 2. De sollicitatieplicht wordt nagekomen 3. Er alle informatie gegeven wordt die in het belang is voor de voortgang van het Wsnp traject (inlichtingenplicht) 4. Er geen nieuwe schulden worden gemaakt Dat is een hele andere rol dan een bewindvoerder in het beschermingsbewind. Dit werkt juist van uit het perspectief van de cliënt. Er zijn verschillende beschermingsbewindkantoren; elk kantoor dat benoemd wordt, is goedgekeurd door het Landelijk Kwaliteitsbureau Curatoren, Bewindvoerders en Mentoren. Beschermingsbewind wordt vaak ingezet als voorbereiding op en ondersteuning van het schuldenoplossingstraject. Het voordeel van bewindvoering is dat het inkomen en de toeslagen (als ze er zijn!) beschermd worden ontvangen en de vaste lasten dus altijd betaald kunnen worden. Vanuit die stabiele situatie is het dus mogelijk een toeleiding naar de gemeentelijke schuldhulpverlening te organiseren. Aanmelding. De weg naar beschermingsbewind start met de aanmelding bij een bewindvoerderskantoor. Die zal je veel werk uit handen nemen, maar in grote lijnen zal het volgende ingevuld / aangeleverd moeten worden: Verzoekschrift. Hierover valt nog het volgende te zeggen: •
•
• • • • • •
Hiermee wordt aan de kantonrechter gevraagd de zaak in behandeling te nemen. Voor het ondertekenen van een verzoekschrift moet de cliënt voldoende wilsbekwaam zijn, anders zal de kantonrechter een andere verzoeker willen. Bijvoorbeeld een familielid, of de instelling die cliënt verzorgt en/of begeleidt. In een uiterst geval kan de Officier van Justitie het verzoek verzorgen. Waarom moet de cliënt onder bewind? Er zijn twee grondslagen: 1. De geestelijke en/of lichamelijke grondslag. Dat betekent dat een cliënt onvoldoende in staat is zijn financiële belangen goed waar te nemen. Eigenlijk staat de vraag of de cliënt wel of geen schulden heeft hier los van. De geestelijke grondslag zal nauwkeurig onderbouwd moeten worden. 2. Het hebben van problematische schulden en/of verkwisting. De eerste is momenteel de snelste manier om onder bewind te komen, want het makkelijkste te onderbouwen. Voor een stabiele toekomst is het wel zaak zorgvuldig af te wegen wat de grondslag wordt. De bereidheidsverklaring van de bewindvoerder De akkoordverklaring van familie (bij schulden vaak niet verplicht) De schuldenlijst Plan van aanpak Aanvullend plan van aanpak bij schulden Eventueel rapportage over de geestelijke toestand 54
Beschikking van de kantonrechter. Wanneer de kantonrechter zitting gehouden heeft, wordt er een beschikking opgesteld. Nu staat de cliënt officieel onder bewind. Nieuwe schulden maken. Wanneer de cliënt vanwege schulden onder bewind staat, is er automatisch sprake van een openbaar bewind. Dat betekent dat hij geen nieuwe verplichtingen meer kan afsluiten: elke nieuwe schuldeiser had immers kunnen weten dat hij onder bewind stond. Wanneer een cliënt onder bewind staat vanwege geestelijke toestand kan er om openbaarmaking gevraagd worden. Dat is handig wanneer iemand makkelijk beïnvloedbaar is. Wanneer een cliënt nieuwe boetes maakt, vallen die niet onder de bescherming tegen nieuwe schulden. Het is dus in specifieke gevallen nog steeds mogelijk schulden te maken. Beheerrekening. De bewindvoerder zal eerst proberen een ‘schone bankrekening’ te openen. De zogenaamde ‘beheerrekening’. De bewindvoerder zal zorgen dat het inkomen en de toeslagen op deze nieuwe rekening terecht gaan komen. Ook zal de bewindvoerder bewaken dat de cliënt alles krijgt waar hij recht op heeft. Denk er aan dat hij dan toeslagen aanvraagt, beslagen hersteld, verrekeningen er af haalt. Met dit volledige inkomen zal hij starten met het betalen van de lopende vaste lasten. Misschien raar om te bedenken, maar een bewindvoerder zal altijd focussen op: 1. Het voorkomen van nieuwe schulden.
Nieuwe schulden zouden immers betekenen dat de toegang tot schuldhulpverlening geweigerd wordt. 2. Schuldenrust creëren. De bewindvoerder zal alle schuldeisers aanschrijven met het verzoek de vordering bij hem in te dienen. In beginsel zal er nog niet aangegeven worden wat de oplossing wordt. In een nieuw dossier weet je vaak niet of er sprake is van een saneerbaar geheel Wanneer de bewindvoerder beoordeelt dat: 1. Het budget stabiel is 2. De schuldenaar stabiel gedrag vertoont 3. De schuldenlijst juist en volledig is Dan zal er pas een toeleiding naar de gemeentelijke schuldhulpverlening mogelijk zijn. Waarschijnlijk zullen de oude schulden in deze fase zelfs hoger zijn geworden. In een problematische schuldensituatie is dat niet erg. Immers: er gaat een percentage afgelost worden en niet de hele schuld. Reken een halfjaar tot een jaar ná eerste ontvangst van het inkomen voor dit deel van het verhaal. alle beheeractiviteiten behoren tot het werk van de bewindvoerder: belastingaangifte, aanvragen bijzondere bijstand, aanvragen kwijtschelding enzovoort. Pinnen en boodschappen doen moet de cliënt nog steeds zelf doen… Een bewindvoerder mag een bedrag in rekening brengen bij de cliënt. Dit bedrag wordt jaarlijks vastgesteld door het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Wanneer een cliënt dit bedrag zelf niet kan betalen, dan kan een bewindvoerder hiervoor bijzondere bijstand aanvragen bij de gemeente. Dan moet de cliënt dus: a. Ingeschreven staan bij die gemeente b. Aan de voorwaarden voor bijzondere bijstand voldoen Een bewindvoerder zal dus elke aanmelding aan kunnen nemen. Doet een bewindvoerder zijn werk niet goed? Elke bewindvoerderskantoor moet een klachtenregeling hebben. Nog steeds niet tevreden? Dan kun je een verhoor aanvragen bij de kantonrechter. De cliënt stuurt dan zijn klachtenbrief naar de kantonrechter. Dit is heel laagdrempelig: hiervoor worden geen 55
kosten gerekend en je hebt ook geen advocaat nodig. Komen cliënt en bewindvoerder er samen niet uit? Dan kun je een wijziging bewindvoerder verzoeken. Elk jaar moet een bewindvoerder een rekening en verantwoording maken: een financieel verslag van zijn werkzaamheden. In het geval van een schuldenbewind zal de cliënt dat moeten ondertekenen. In het geval van een toestand bewind zal de kantonrechter zelf de controle uitvoeren. Wanneer een cliënt onder bewind uit wil, dan moet in beginsel de grondslag zijn verdwenen. Immers: de cliënt kwam ooit onder bewind vanwege: 1) Geestelijke en/of lichamelijke toestand 2) Problematische schulden en/of verkwisting Wanneer dat niet meer aan de orde is kan je aan de kantonrechter opheffing vragen. Wanneer je vindt dat voortzetting geen zin meer heeft kun je ook opheffing vragen. Bedenk dat een bewindvoerder in een schuldendossier 22 uur op jaarbasis heeft. Zeker in het eerste jaar is dat niet veel. Een bewindvoerder hanteert daarom vaak strikte kantoortijden. Mocht het niet lukken om via schuldhulpverlening de financiën weer op orde te krijgen door bijvoorbeeld een psychische of lichamelijke beperking? Dan kan beschermingsbewind een mogelijkheid zijn. Beschermingsbewind is vooral bedoeld om de cliënt financieel te beschermen.
Een beschermingsbewindvoerder beheert de inkomsten cliënt en zorgt bijvoorbeeld dat zijn/haar rekeningen op tijd worden betaald. Ook zorgt een beschermingsbewindvoerder dat de kans op (nieuwe) schulden kleiner wordt. Kortom, een beschermingsbewindvoerder regelt al de geldzaken van de cliënt. Zo kunnen anderen geen misbruik van de cliënt zijn/haar situatie maken. De rechtbank bepaalt of de cliënt wel of niet in aanmerking komt voor beschermingsbewind. De cliënt mag zelf een beschermingsbewindvoerder kiezen. Een professionele bewindvoerder wordt ook aangesteld door de rechtbank. De bewindvoerder moet aantonen dat deze aan de kwaliteitseisen van de rechtbank voldoet. Pas daarna zal de rechtbank de bewindvoerder benoemen. Ook controleert de rechtbank regelmatig op de kwaliteit. Beschermingsbewind kost geld. Kan de cliënt de kosten niet zelf? Dan kan de gemeente de cliënt ondersteunen met bijzonder bijstand. Wanneer de cliënt een klacht heeft over de bewindvoerder, dan bespreekt hij/zij dit eerst met de bewindvoerder zelf. Alle bewindvoerderskantoren hebben een klachtenprocedure waarvan de cliënt gebruik kan maken. Komen de cliënt en de bewindvoerder er samen niet uit, dan kan de cliënt de kantonrechter een brief schrijven waarin hij/zij uitlegt wat uw klachten zijn. Deze brief moet naar de rechtbank (sector kanton) die uw bewind onder toezicht heeft.
De rechter beoordeelt of de klachten gegrond zijn en nodigt u mogelijk allebei uit voor een zitting. Op https://www.rechtspraak.nl/Onderwerpen/Bewind bewindvoering te vinden inclusief uitleg over de
is
nog
veel
meer
informatie
over
Mentorschap
Waar bewindvoering de uitvoering van de financiën uit handen neemt, zorgt mentorschap voor de coördinatie van ‘belangen van niet-vermogensrechtelijke aard’. Dit is een relatief nieuwe tak van sport. Je ziet dat veel bewindvoerderskantoren ook deze vertegenwoordiging gaan aanbieden, maar dat kan nog maar sinds 2014. Daarom is er ook nog veel niet helemaal duidelijk.
56
Bedenk goed dat een mentor geen hulpverlener is, maar een coördinator. De mentor is er voor verantwoordelijk dat de cliënt de juist zorg en huisvesting krijgt. Net als bij bewindvoering bepaalt de kantonrechter of je wel of niet onder mentorschap komt. Je kunt het met hetzelfde verzoekschrift en met dezelfde bijlagen aanvragen als bewindvoering. Wanneer iemand onder mentorschap staat heb je als hulpverlener altijd een partij ter beschikking die als eerste aanspreekpunt geldt: de mentor moet altijd rekening houden met de wensen van de cliënt, maar de mentor is ook verantwoordelijk voor het bewaken van de belangen van de cliënt. Bij bijvoorbeeld zorgmijdend gedrag kan een mentor knopen doorhakken en een rol in dwangverzorging spelen. Bij LVB, laagbegaafdheid of DSM5 problematiek kun je je afvragen of er voldoende overzicht, langetermijninzicht en ziektebesef is. Dan is het misschien niet verantwoord om de gezondheidsvragen aan de cliënt te stellen. Bij cliënten waarbij een WLZ indicatie mogelijk is kan een mentor zorgen dat de indicatie verzorgd wordt. Wanneer er eenmaal een WLZ indicatie is, dan kan er een plek gezocht worden. Curatele
Je zou curatele kunnen zien als de combinatie van bewindvoering en mentorschap. Nu het bewind openbaar uitgesproken kan worden (sinds 2014 pas mogelijk) is de noodzaak van curatele veel kleiner geworden. Mocht bewindvoerder én mentorschap niet voldoende zijn, dan zal het behandelend kantoor dit vanzelf verder uitdiepen.
57
E. Formulier medische intake dakloze mensen De USS bestaat uit 5 onderdelen [45]: 1. Algemene gegevens; 2. De somatische screening. Bestaande uit: 2a Zorggebruik; 2b somatische ziekten, familiaire aandoeningen en infectieziekten; 2c leefstijlanamnese; 2d Lichamelijke screening /meten; 3. Actuele klachten (bespreken van de klachtenlijst); 4. Medicatiegebruik; 5. Samenvatting.
Vragenlijst Lichamelijke klachten
Datum:
Welke klachten heeft u afgelopen maand gehad?
Nooit
Soms
Vaak
Actie
Ik ben moe
□
Ik heb last van mijn geheugen
□
Ik transpireer veel
□
Ik heb pijnklachten, omschrijf waar:
□
Ik ben duizelig
□
Ik heb last van wegrakingen
□
Ik heb last van neusbloedingen
□
Ik heb last van een droge mond
□
Ik heb last van speekselvloed
□
Ik heb last van hoesten
□
Ik hoest slijm op
□
Ik hoest bloed op
□
Ik ben benauwd
□
Ik heb pijn op de borst
□
Ik heb last van hartkloppingen
□
45 . https://assets-sites.trimbos.nl/docs/2d33e141-a774-4538-b79f-fde0ee60c1a1.pdf
58
Ik heb veel dorst
□
Ik heb problemen met slikken
□
Ik ben misselijk
□
Ik moet braken
□
Ik heb last van brandend maagzuur
□
Ik heb last van diarree
□
Ik heb last van verstopping
□
Mijn ontlasting heeft een afwijkende kleur46
□
Ik moet vaker plassen
□
Ik heb moeite mijn plas op te houden
□
Ik heb last van huiduitslag
□
Ik heb last van jeuk
□
Ik heb gemakkelijk blauwe plekken
□
Ik heb last van trillingen
□
Ik heb last van bewegingsonrust
□
Mijn spieren voelen stijf
□
Ik heb last van doof /tintelend /veranderd gevoel in mijn handen/ voeten
□
Datum screening: ………… □ startmeting □ periodieke screening □ jaarscreening □ andere reden: ……………………. Naam interviewer: ……………………Team …………………………………Setting: □Ambulant □Klinisch □Deeltijd
1. Algemene gegevens Voor en achternaam ………………………………
Man/Vrouw
Geboortedatum: Geboorteland patiënt zelf:
Vader……………
Moeder……………………
Zorgverzekeraar en polisnummer:
………………………………..
…………………………………
BSN…………………………………………………
(Legitimatie vragen)
2. Somatische screening A. Zorggebruik Kunt u lezen?
□ ja
□ nee
Naam (laatste)huisarts
…………………………………
46 Ontkleurde of rood/zwarte ontlasting. Slijm bij de ontlasting. 59
Hoe vaak heeft u in het afgelopen jaar uw (eigen) huisarts bezocht?
……… (Aantal keren)
Naam tandarts:
Reden ………………………………………………
………………………………………… …..
Heeft u in het afgelopen jaar uw tandarts bezocht?
□nee, reden……………
□ja, reden………………………………………
Wanneer was de laatste keer? …………..
Naam apotheek:
………………………………………… …...
Heeft u een psychiatrische diagnose:
……………………………………………………………………………………………….
Is er contact met een GGZhulpverlener:
□ nee
□ ja, namelijk:
Naam: ......... ......
Instelling…… ……
Laatste contact: ..... ..........
Is er bij u ooit een hartfilmpje gemaakt?
□ nee
□ ja, reden………………………………………
Bent u momenteel onder behandeling bij een medisch specialist?
□ nee
□ ja: naam: ……. Naam ziekenhuis:
Heeft u ooit in uw leven een operatie ondergaan?
□ nee
□ ja, waarvoor was dit en wanneer? ………………………………………………… ………………………
Deelname preventieve bevolkingsonderzoeken Vrouwen
Ja
Nee
Bevolkingsonderzoek borstkanker
□
□
Doet u aan zelfonderzoek van de borsten
□
□
□ Niet van toepassing bij vrouwen onder de 50 of boven de 75 jaar
60
Bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker
□
□
□ Niet van toepassing bij vrouwen onder de 30 of boven de 60 jaar
Bevolkingsonderzoek darmkanker
□
□
□ Niet van toepassing voor vrouwen onder de 55 en boven de 75 jaar ÓF nog geen oproep voor gehad (i.v.m. implementatieperiode)
□ ja
□ nee
□ Niet van toepassing voor mannen onder de 55 en boven de 75 jaar ÓF nog geen oproep voor gehad (i.v.m. implementatieperiode)
Mannen Bevolkingsonderzoek darmkanker
2. B. SOMATISCHE ZIEKTEN, FAMILIAIRE AANDOENINGEN en INFECTIEZIEKTEN Bent u bekend met een somatische aandoening?
Actie
................................................................................................................................................................. ..............................................................................................................................................................
□
Bent u ergens allergisch voor?
Actie
Denk aan: Inhalatieallergenen, voedingsmiddelen (eieren), insecten gif, Geneesmiddelen (antibiotica), Contactallergenen, Beroepsallergenen ................................................................................................................................................................. ..............................................................................................................................................................
DIABETES
Bent u bekend met diabetes?
Patiënt Ja
Nee
□
□
Vader
Moeder
Broers/zussen
Ja
Ja
Ja
Nee
Nee
□
Actie
Nee □
Indien ja: type I of II ……………………………………… Is iemand van uw familie bekend met diabetes47
LONGAANDOENINGEN
□
Patiënt Ja
□
□
Vader Nee
Ja
Nee
□
□
□
□
Moeder
Broers/zussen
Actie
Ja
Ja
Nee
Nee
47 Vraag naar diabetes Mellitus Type II bij ouders, broers, zussen. Bron: NHG-standaard Diabetes Mellitus Type II, 2006
61
Heeft u COPD48?
□
□
Heeft u een Manouks test gehad in het verleden?
□
□
Longfoto
□
□
□
(Astmatische bronchitis en/of longemfyseem
Wanneer was dit?
HART- EN VAATZIEKTEN Bron: NHGstandaard Cardiovasculair risicomanagement, 2012
Patiënt
Vader
Ja
Nee
Bent u bekend met hart- en vaatziekten?49
□
□
Ja
Nee
Moeder
Broers/zussen
Ja
Ja
Nee
Actie
Nee
□
Is iemand van uw familie bekend met een hart- en vaatziekte?50 Zo ja welke? ……………………………………………………… ………………………………………………………..
KANKER
Bent u zelf gediagnosticeerd (geweest) met kanker? Zo ja, wat voor kanker
Patiënt
Vader
Ja
Nee
□
□
Ja
Nee
Moeder
Broers/zussen
Ja
Ja
Nee
Actie
Nee □
……………………………………………….. Is iemand van uw familie bekend met darm (D)- of borstkanker (B)? Zet een D of B bij vader, moeder broers/zussen
□
48 Astmatische bronchitis en/of longemfyseem 49 De meest voorkomende hart- en vaatziekten zijn: Hartinfarct, CVA, Angina pectoris, hartfalen, hartritmestoornissen. 50 Vraag naar diabetes, hart- en vaatziekten bij ouders, broers, zussen ontstaan vóór het 65ste levensjaar. Bron: NHG-standaard Cardiovasculair risicomanagement, 2012
62
Opmerkingen:
INFECTIEZIEKTEN EN GESLACHTSZIEKTEN
Ja
Nee
Toelichting
Actie
Is er ooit de diagnose HIV, SOA en/of tuberculose bij u gesteld?
□
□
Welke?
□
Zo ja: behandeling succesvol afgerond?
Is er ooit bij de diagnose hepatitis gesteld? Bent u gevaccineerd tegen Hepatitis B
□
□
Heeft u op dit moment een (vermoeden van een) geslachtsziekte?
□
□
Hepatitis A□ B□ C□
□
Zo ja: wanneer?
□ □
2. C. LEEFSTIJL ANAMNESE51 VOEDING en EETPATROON
Ja
Hoe tevreden bent u met uw eigen voeding- en eetpatroon op een schaal van 0-10?
Cijfer:
Ontbijt u dagelijks?
□
Nee
Toelichting
Actie
□ □
Hoe vaak eet u op een dag?
□ □ 1 keer per dag
□
□ 2 keer per dag □ 3 keer per dag Eet u dagelijks ten minste 2 stuks fruit?
□
□
□
Eet u dagelijks ten minste 200 gram groenten?
□
□
□
Hoeveel fris- of fruitdrank drinkt u per dag?
□0
□
□ < 0,5 liter Dit omvat alle dranken behalve koffie, thee zonder suiker en water.
□ 0,5- 1,0 liter
Hoeveel koffiedrinkt u? (Koppen per dag)
□ minder dan 5
□ > 1,0 liter □
□ 5 of meer Gebruikt u suiker in de thee of koffie?
□
□
Hoeveel vocht krijgt u in totaal per dag binnen?
Hoeveel klontjes gebruikt u per consumptie?............ □ Minder dan 1500 cc □ Tussen de 1500- 2000 cc
51 Gebaseerd op de aanbevelingen uit de “Richtlijn Leefstijl bij met mensen met ernstige psychische aandoeningen” (Meuwissen et al, 2015). In de richtlijn staan instrumenten beschreven waarmee een uitgebreidere leefstijlanamnese kan worden afgenomen. 63
□
□ Meer dan 2000 cc
Hoeveel blikjes energydrank gebruikt u per dag52?
□
□
□0
□
□ tussen de 2-4 □ Meer dan 4
BEWEGING & SPORT
Ja
Nee
Toelichting
Actie
Hoe tevreden bent u met uw eigen beweegpatroon op een schaal van 0-10?
Cijfer:
Beweegt u dagelijks ongeveer een half uur matig intensief53? (Zodat u ademhaling iets sneller is en u licht transpireert)
□
□
Welke activiteiten zijn dit?
□
Beweegt u regelmatig ongeveer 20 minuten achter elkaar intensief54? (Tijdens deze activiteiten u moeite heeft met spreken doordat de ademhaling versneld is. Een ander kenmerk is dat u flink transpireert).
□
□
Wat voor beweging/sport?
□
□ 3 keer per week of meer
□
Zo ja: hoe vaak doet u dat?
□ minder dan 3 keer per week □ onregelmatig
MIDDELENGEBRUIK Hoe tevreden bent u over uw eigen middelengebruik op een schaal van 0-10?
Ja
Nee
Toelichting
Cijfer:
Actie □
Rookt u?
□
□
Zo nee: heeft u ooit gerookt?
□
□
□ Aantal jaren gerookt:
□
Aantal sigaretten per dag destijds: Zo ja: Hoeveel rookt u per dag?
Aantal per dag:
□
52 De standaard is maximaal 4 per dag wanneer gekeken wordt naar het cafeïnegehalte. Elk blikje bevat 2-4 suikerklontjes. Het advies is zo min mogelijk toegevoegde suikers te nuttigen. 53 Opgestelde Nederlandse beweegnorm: 30 minuten per dag, 5 dagen in de week matig intensieve inspanning, zoals fietsen, stevig wandelen, tuinieren, enz. (Kemper, Ooijendijk & Stiggelbout, 2000). 54 Opgestelde Nederlandse Fitnorm: fit: driemaal per week minimaal 20 minuten zwaar intensief. (Kemper, Ooijendijk & Stiggelbout, 2000). 64
Zo ja, hoe lang rookt u al?
Aantal jaren:
□
Denkt u wel eens aan stoppen met roken?
□
□
□
Gebruikt u: (aankruisen wat van toepassing is)
Alcohol
Cannabis
Cocaïne
Heroïne
Amfetam inen
Benzodia zepinen
Gokken
Anders:
Actie □
Bent u bekend met onthoudingsinsulten?
Ja □
Nee □
□
INVENTARISATIE RISICOSITUATIES OOIT
Ja
Nee
Actie
IV-gebruik
□
□
□
Gezamenlijk gebruik naald/ spuit/ water/ filter/ lepel
□
□
□
Gezamenlijk gebruik koker/ pijp (chinezen/basen)
□
□
□
Risico door seksuele contacten/ seks-werk
□
□
□
Tatoeages (niet via tattoo-shop)
□
□
□
Gezamenlijk gebruik scheermesje, tandenborstel, badhanddoek
□
□
□
ONTSPANNING EN SLAAP
Ja
Hoe tevreden bent u over de mate van ontspanning die u kan vinden op een schaal van 0-10?
Cijfer:
Nee
Toelichting
Actie
□
Wat doet u om te ontspannen?
□
Dag en nachtritme Hoe tevreden bent u over de kwaliteit van uw slaap op een schaal van 0-10?
Cijfer:
□
Hoe laat gaat u (meestal) naar bed?
Tijdstip:
□
Hoe laat staat u (meestal) op?
Tijdstip:
□
Totaal aantal uren slaap per nacht Heeft u klachten over uw slaap?
□ □
□
HYGIENE
Toelichting:
□
Actie
65
Hoe tevreden bent u over uw eigen lichamelijke verzorging op een schaal van 010?
Cijfer:
Hoe vaak doucht of wast u zich?
□ elke dag
□
□ meerdere keren per week, maar niet elke dag □ minder dan een keer per week □ bijna nooit Hoe vaak poetst u uw tanden of verzorgt u uw mond?
□ dagelijks 2 x
□
□ dagelijks 1x □ meerdere keren per week □ minder dan 1 keer per week
Wanneer er sprake is van een gebitsprothese: Hoe vaak poetst u uw gebitsprothese?
□ dagelijks 1x
□
□ wekelijks □ nooit
Hoe beoordeel je je eigen mond?
□ Goed, ik heb geen klachten en ik verzorg mijn mond goed
□
□ Ik heb wel ontstekingen, aantasting, maar ik heb geen klachten □ Ik heb ontstekingen en klachten. Opmerkingen:
SEKSUEEL GEDRAG EN SOA PREVENTIE
Ja
Nee
Bent u tevreden met uw seksuele leven?
□
□
□
Als u vrijt, vrijt u dan veilig?
□
□
□
Welke maatregelen treft u om veilig te vrijen?
Toelichting
□ gebruik altijd een condoom
Actie
□
□ gebruik van anticonceptie □ ik (en mijn partner) laat me regelmatig testen □ Geen
Heeft u lichamelijke klachten bij het vrijen?55
□
□
Omschrijving:
□
□
Welke?
Vrouw Gebruikt u anticonceptie?
55 Mannen: erectiestoornissen, libidoverlies, verminderd ejaculaat, symptomen van SOA Vrouwen: verminderd libido, vaginale droogheid, pijn bij het vrijen, symptomen van SOA 66
□
Bent u zwanger geweest?
□
□
□
Menstrueert u regelmatig?
□
□
□
2. D. Meten Actie Lengte
……………cm
Gewicht (met /zonder schoenen)
……………… kg
□
Buikomvang56
……………. Cm
□
Is uw gewicht afgelopen maand toeof afgenomen?
Indien ja: Toegenomen: □
□
BMI (=gewicht/ lengte2)57
………………kg/m2
□
Polsfrequentie
………………min
□
Bloeddruk (zittend)58
………/ …… mm Hg
□
Orthostatische bloeddruk meten?59
Ja □ nee □
□
Afgenomen: □
56 Buikomvang afkapwaarden afwijkend: >88 cm bij vrouwen >102 cm bij mannen
57 BMI-index (lichaamsgewicht/ lichaamslengte in het kwadraat) BMI < 18 Ondergewicht BMI 18 tot 25 Normaal gewicht BMI 25 tot 27 Licht overgewicht BMI 27 tot 30 Matig overgewicht BMI 30 tot 40 Ernstig overgewicht (obesitas) BMI > 40 Zeer ernstig overgewicht (morbide obesitas)
58 Afkapwaarden hypertensie Systolische Bloeddruk > 140 mmHg Diastolische Bloeddruk > 90 mmHg
59 Bij alle cliënten wordt een normale bloeddruk gemeten. Een orthostatische bloeddruk wordt gemeten bij duizeligheidsklachten. Een orthostatische bloeddruk wordt als volgt gemeten: laat de cliënt 5 minuten liggen, meet dan liggend de bloeddruk. Daarna de cliënt laten staan en binnen 3 minuten 2 maal meten. Er is sprake van een orthostatische bloeddruk wanneer: er een systolische daling tussen de 1ste en 2de of 3de meting is van 20 mmHg of meer.
67
Ogen Hoe is uw gezichtsvermogen?
Actie □ Goed
□ matig
□ slecht
Heeft u een bril?
□Ja
□nee
Oren Hoe is uw gehoor?
Actie □ Goed
□matig
□ slecht
Heeft u een gehoorapparaat?
□Ja
□nee
Mond Wat is de indruk van de screenen m.b.t. het gebit?60
□
□
Actie □ Goed
□matig
□ slecht
Heeft u een prothese? Aanwezig?
□Ja
□nee
□
□Ja
□nee
□
Inspectie handen
Actie
Aandachtspunten: schoon; wondjes; huidaandoeningen; nagels; roodheid van de handpalmen; tremors bij gestrekte armen en vingers, eczeemblaasjes ................................................................................................................................................................. ...............................................................................................................................................................
□
Inspectie buik
Actie
Aandachtspunten: opgezette buik; huidaandoeningen zoals opgezette bloedvaten rondom de navel, bloedvaatjes vanuit een centraal punt (spinnenvorm, spider naïeve); littekens op de buik ................................................................................................................................................................. ...............................................................................................................................................................
□
Inspectie voeten
Actie
Aandachtspunten: schoon; wondjes; kalknagels; likdoorns; schimmels; oedeem aan de enkels, ingegroeide teennagels, rode gezwollen gewrichten; loopvoeten; gevoelloosheid, tintelingen of slapheid in de voeten ................................................................................................................................................................. ..............................................................................................................................................................
68
□
3. ACTUELE KLACHTEN Bespreek de lichamelijke klachtenlijst na. Welke lichamelijke klachten verdienen aandacht? ................................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................................
Optioneel Geef op de figuren met cijfers aan waar de patiënt op dit moment klachten zoals pijn of ongemak ervaart.
Zet de cijfers met een toelichting in de onderstaande tabel. Nummer
Probleem
Gevolg
Actie □ □ □ □ □ □
Hoe tevreden bent u met uw gezondheid op een schaal van 0-10: 1 2 _3__4__5__6__7__8__9__10
Wat zou er moeten gebeuren om dit cijfer hoger te laten worden? ……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………
69
4. MEDICATIEGEBRUIK Welke medicijnen gebruikt u? (Alleen navragen indien niet bekend binnen EPD) Psychiatrische en niet-psychiatrische medicatie, drogisterijartikelen, illegaal verkregen medicatie, alternatieve middelen) Indien niet of onvoldoende bekend, vraag het na bij de apotheker of de huisarts Geneesmiddel en voorschrijver
Dosering
Datum aanvang
1 2 3 4 5 6
Ja
Nee
Heeft u vragen over de medicijnen die u nu gebruikt?
□
□
Zo ja, graag details beschrijven:
□
□
□
□
Actie
□
………………………………………………………………………………………………………….......... …………………………………………………………………………………………………………………..
Bent u gemotiveerd om de medicatie te gebruiken? Indien neen: patiënt motiveren en hieronder toelichten……………………………………………………………………………………………………….
□
………………………………………………………………………………………………………………………
Heeft u klachten over deze medicijnen (bv bijwerkingen, allergie)?
□
□
Indien ja, noteren en overleggen met (voorschrijvend) arts of apotheker
□
…………………………………………………………………………………………………………………….. ……………………………………………………………………………………………………………………..
Kent u de gevolgen van als u de medicatie niet inneemt? Indien nee, noteren en overleggen met (voorschrijvend) arts of apotheker ……………………………………………………………………………………………………………….. ………………………………………………………………………………………………………………….
70
□
□ □
In hoeverre kunt u zelfstandig de zorg voor uw lichamelijke gezondheid organiseren
□
□
Zo nee, waarbij heeft u ondersteuning nodig? ………………………………………………………………………………………………………………..
□ □
………………………………………………………………………………………………………………….
LABORATORIUMONDERZOEK
Ja
Nee
Actie
Gaat u akkoord met laboratoriumonderzoek?
□
□
□
Indien ja, met verpleegkundig specialist/ arts laboratoriumonderzoek aanvragen en wanneer nodig met patiënt naar laboratorium gaan
□
Let op: mogelijk zijn hier kosten aan verbonden. Dit hangt af van de zorgverzekering van de patiënt CONTACT HUISARTS Wil de patiënt contact met een huisarts?
□
□
Indien ja, huisarts zoeken, informeren en evt. Samen met patiënt de huisarts bezoeken
□ □
TOESTEMMING OM INFORMATIE OP TE VRAGEN
Geeft de patiënt toestemming om informatie op te vragen? Toestemmingsformulier invullen
□
□
5. SAMENVATTING EN BELEID
Is de uitkomst van de USS 2.0. Besproken met huisarts/(hoofd)behandelaar?
71
Ja □ nee □
□
Colofon ©2021 Nederlandse Straatdokters Groep, www.straatdokter.nl
Auteurs Dr. Igor van Laere, arts Maatschappij & Gezondheid, voorzitter Nederlandse Straatdokters Groep Drs. Ronald Smit, arts Maatschappij & Gezondheid, Volksgezondheid Gemeente Utrecht Prof. Dr. Maria van den Muijsenbergh, huisarts en bijzonder hoogleraar gezondheidsverschillen en persoonsgerichte integrale eerstelijnszorg Radboudumc/Pharos
Ontwerp omslag Jurgen Diependaal Schilderij omslag Igor van Laere
Met medewerking van Geerte van Beek, Opvang en hulp - Gemeente Gouda; Eric-Jan van Dam, stichting Doctors for Homeless Foundation; Melissa Diaz, huisarts/straatdokter Amsterdam; Dick van Dijk, stichting Doctors for Homeless Foundation; Manon den Hartog, (1) Manon den Hartog | LinkedIn; Julia den Hartogh, programmamanager Schouders Eronder, Schouders eronder; Dick Haster, Werkplaats Financiën Sittard-Geleen (wpfinancien.com); Stephanie Hoogland, https://www.steefhelpt.nl/; Peter Hoornweg, Veritas - Veritas Vertegenwoordiging; Joyce van Horn, projectleider en communicatie adviseur Schouders Eronder, Schouders eronder; Eva Jansen, teammanager Leger des Heils Gouda, Leger des Heils - strijd met ons mee!; Sharon Kim, Straatadvocaat Volwassenen – Stichting KernKracht Gouda; Tamara Madern, Lectoraat Schulden en Incasso | Hogeschool Utrecht; Nieuwe Gevers https://denieuwegevers.nl/; Edo Paardekooper Overman, Werkplaats COMO – Cliënten Organisaties Maatschappelijke Opvang (wordpress.com); Marcel Slockers, huisarts/straatdokter Rotterdam; Rolf de Witt Huberts, stichting Doctors for Homeless Foundation
Gefinancierd door Adessium Foundation, Stichting Diorapthe en Gemeente Gouda
Bronvermelding van Laere I, Smit R, van den Muijsenbergh M. Sociaal medische zorg aan dakloze mensen in Nederland: handreiking voor implementatie van bouwstenen in de praktijk. Nederlandse Straatdokters Groep, Doctors for Homeless Foundation, Radboudumc, 2021.
72