RIS314516 Bijlage 2
Tekst van het document
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 15
in een andere (onderwijs)omgeving. Bij complexe plaatsingsvraagstukken zal SPPOH de school intensief ondersteunen om te bewerkstelligen dat kinderen snel een passende plek krijgen aangeboden. In samenwerking met de gemeente en andere ketenpartners is het routeboek ‘Verzuim en thuiszitten’ ontwikkeld. Doel van dit routeboek is met elkaar afspraken te maken over hoe om te gaan met signalen van verzuim. En uiteindelijk ook over een aanpak gericht op het voorkomen en oplossen van thuiszitten inclusief opschalingsmogelijkheden. Deze manier van werken zal in de komende jaren worden geïmplementeerd. Bijzondere aandacht zal zijn voor kinderen waarvoor een vrijstelling van de leerplicht wordt aangevraagd. SPPOH wordt betrokken bij de beoordeling van het onderwijskundig perspectief voor deze kinderen. Tussen plek en plaatsing Scholen hebben zorgplicht in het kader van continuïteit van onderwijs. Zij volgen een preventief beleid om thuiszitten van leerlingen te voorkomen. Het kan echter gebeuren dat leerlingen tijdelijk geen onderwijs op een school (kunnen) volgen. Voor leerlingen die thuiszitten, maar waar wel een perspectief is voor onderwijs of een combinatie van onderwijs en jeugdhulp, heeft het samenwerkingsverband een faciliteit waar kinderen in een veilige setting een paar uur per week onderwijs volgen. Meestal gecombineerd met een vorm van onderzoek.
Dit is geen oplossing voor thuiszitters, maar een manier om de weg naar een passend aanbod weer mogelijk te maken.
Onderwijs aan zieke kinderen Ieder kind heeft recht op onderwijs. Ook leerlingen die een ongeluk krijgen, plotseling ziek worden of langdurig of chronisch ziek zijn. Dat is geregeld in de Wet onderwijsondersteuning zieke leerlingen (WOOZ). Voor deze leerlingen is juist de continuïteit in onderwijs heel belangrijk. In samenwerking met de consulenten onderwijsondersteuning zieke leerlingen (OZL) van het HCO (aangesloten bij het landelijke netwerk Ziezon) worden scholen ondersteund om zieke leerlingen zo goed mogelijk te begeleiden. Dit kan thuis zijn of in het ziekenhuis.
Samenwerking met gemeenten en G4 Passend onderwijs houdt in dat er een aanbod is van onderwijs en jeugdhulp afgestemd op leerlingen die dit nodig hebben. Om dit te realiseren is een intensieve samenwerking noodzakelijk met de gemeenten die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de jeugdhulp. In overleg met de vier grote gemeenten (G4) stemmen wij het beleid rond passend onderwijs af.
Onderwijs-jeugdhulp Voor leerlingen waarbij de school niet alleen kan voorzien in de ondersteuningsbehoeften van een leerling, is samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp nodig. Een onderwijs-jeugdhulparrangement bevat extra ondersteuning op onderwijsgebied en ondersteuning vanuit jeugdhulp. Doel is het realiseren van een ononderbroken ontwikkeling van het kind via een integrale aanpak op school, in de vrije tijd en thuis. Het gaat om een arrangement waarin onderwijs en een of meerdere instellingen voor jeugdhulp liefst structureel samenwerken met ouders en leerling, op basis van één gezin, één kind, één plan en één regisseur. Uitgangspunt in de uitvoering is het versterken van de eigen kracht van de leerling en zijn omgeving, op basis van afspraken die gemeente en onderwijs maken.1 Dit kan plaatsvinden in het regulier onderwijs en in intensievere vorm binnen het speciaal (basis) onderwijs. Het kan gaan om behandeling, maar ook bijvoorbeeld om het verlenen van feitelijke zorg (hulp bij aankleden, eten, enz.) binnen een onderwijssetting.
Jeugdhulp-onderwijsarrangementen Bij een jeugdhulp-onderwijsarrangement geldt dezelfde integrale aanpak als bij een onderwijsjeugdhulparrangement. Het verschil is dat bij deze vorm jeugdhulp vooraf ging: het kind is geplaatst in een jeugdhulpvoorziening en kan (nog) niet functioneren in een schoolomgeving. Onderwijs zal in zo’n geval moeten plaatsvinden op de plek waar de leerling ook behandeling ontvangt.
Financiering Binnen de begroting wordt jaarlijks een budget opgenomen ten behoeve van de (extra) onderwijsondersteuning. Dit geldt tevens voor de uitvoering van het beleid rond thuiszitters en de ondersteuning van de langdurig zieke kinderen. Ten behoeve van de laatste onderwerpen wordt een subsidie verkregen vanuit de lokale educatieve agenda van de gemeenten.
1
Definitie Nederlands jeugdinstituut
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 16
Perspectief 2025 •
•
•
• •
In samenwerking met de gemeenten en jeugdhulp is het dekkend aanbod in Haaglanden verrijkt met een aanbod van onderwijs-jeugdhulparrangementen en jeugdhulp-onderwijsarrangementen. Er zijn afspraken over financiering en verantwoordelijkheden. Een arrangement is meer dan leerlingbegeleiding. Er is altijd een transfer van het arrangement naar het handelen van de leerkracht en de ondersteuning in de eigen groep. Hiermee willen we bereiken dat de leerling op individueel niveau wordt geholpen en dat tegelijkertijd de betrokken leerkracht leert, zodat de begeleiding van de leerling in de eigen groep verbetert. De kennis van de school en de leerkracht zal toenemen zodat ze in vergelijkbare gevallen beter in staat zijn de leerlingen te begeleiden. Binnen de arrangementen wordt gewerkt volgens de systematiek van handelingsgericht werken. Dit betekent bijvoorbeeld dat school en ouders en (waar mogelijk) ook het kind, het arrangement evalueren. De kwaliteit en efficiency van het MDO op de scholen is aantoonbaar verbeterd. Het routeboek ‘Verzuim en thuiszitten’ bevat een duidelijke werkwijze om thuiszitten te voorkomen. We implementeren deze werkwijze samen met onze partners bij onder andere leerplicht en jeugdhulp. Leerlingen hebben binnen drie maanden een passend aanbod van onderwijs en/of zorg.
Thema 3: SBO en SO Wat is SBO en SO? Het speciaal basisonderwijs biedt onderwijs aan leerlingen die zich op het regulier onderwijs niet optimaal ontwikkelen. De school biedt leerlingen een intensieve vorm van extra ondersteuning op het gebied van leren en ontwikkeling van gedrag. Leerlingen hebben bijvoorbeeld minder last van prikkels van de omgeving in kleinere klassen met meer structuur. Leerlingen die naar het speciaal basisonderwijs gaan krijgen extra ondersteuning om de onderwijsdoelen te bereiken. De school heeft dezelfde kerndoelen als het regulier onderwijs. De scholen voor speciaal onderwijs bieden onderwijs aan leerlingen die intensieve (onderwijs)ondersteuning nodig hebben. Het onderwijs is toegesneden op de specifieke doelgroep van de school. De verschillende scholen specialiseren zich in onderwijs voor kinderen die moeilijk leren, langdurig ziek of gehandicapt zijn en/of kampen met psychiatrische problemen of gedragsproblemen. Op dit moment is er een gevarieerd aanbod door scholen voor S(B)O. Wat gemist wordt zijn (anderstalige) voorzieningen die zijn toegesneden op de kinderen van expats of internationals. Door het hoge aantal expats in Haaglanden is de ontwikkeling van een vorm van internationaal georiënteerd S(B)O onderwijs gewenst.
Toelaatbaarheid tot het SBO en SO Voordat een leerling kan worden aangemeld bij een school voor SBO of SO is een toelaatbaarheidsverklaring (TLV) van het samenwerkingsverband noodzakelijk. De voorwaarden voor de toelaatbaarheid van een leerling tot een van deze vormen van onderwijs staan in de bijlagen bij dit plan beschreven. Uitgangspunt is dat leerlingen zoveel mogelijk binnen het regulier onderwijs passend onderwijs krijgen. Alleen als dit niet mogelijk is, kan een leerling een plek krijgen op het S(B)O.
Afgifte van een TLV De TLV wordt aangevraagd door een school voor regulier of speciaal (basis) onderwijs. De directeur van het samenwerkingsverband neemt namens het bestuur een besluit over de aanvraag. Hij of zij laat zich hierbij adviseren door twee onafhankelijke deskundigen. In het MDO op de school wordt consensus over een voorstel rond de aanvraag van een TLV bereikt. De school heeft de regie en betrekt minimaal ouders (en kind), SPPOH-adviseur en een SBO- en/of SO-school. Betrokkenheid van SO of SBO is hierbij verplicht. Bij voorkeur gaat het hier om de doelschool die aangeeft de leerling een passend plek te kunnen bieden. Bij een aanvraag TLV door de school gaan we uit van instemming door ouders. In uitzonderlijke gevallen kan hiervan worden afgeweken. Uitgaande van de onderwijsondersteuningsbehoefte van het kind wordt de TLV in principe afgegeven voor de gehele schoolloopbaan. Hiermee wordt onnodige bureaucratie rond tussentijdse verlenging vermeden. De school evalueert de ontwikkeling van het kind en de TLV periodiek met ouders. Indien de TLV voor een kortere periode is afgegeven dan wordt de verlenging van de TLV besproken in het MDO. Als uit de periodieke evaluatie en bespreking blijkt dat het S(B)O niet langer de passende plek is voor het kind, dan wordt de overstap naar een reguliere basisschool in gang gezet.
De adviseur van SPPOH ondersteunt de school in dit proces.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 17
Financiering De verplichte wettelijke financiering van het S(B)O wordt jaarlijks in de begroting opgenomen, hierbij wordt ook een raming gemaakt van de te bekostigen groei op basis van de 1februari-telling. Daarnaast wordt een bedrag begroot dat aangewend kan worden om S(B)O scholen te ondersteunen bij noodzakelijke uitbreiding van het aantal leerlingplaatsen. Er wordt een budget opgenomen om de advisering door het S(B)O rond de TLV afgifte te financieren.
Perspectief 2025 • • • • •
Het samenwerkingsverband, schoolbesturen en scholen voor S(B)O dragen in afstemming met elkaar zorg voor voldoende plaatsen in het S(B)O. SO en SBO zijn belangrijke partners in de ontwikkeling van de onderwijs-jeugdhulparrangementen en de jeugdhulp-onderwijsarrangementen. SBO en SO worden tijdig betrokken bij een aanvraag voor een TLV, zodat het S(B)O efficiënt te werk kan gaan en adviseren. Als uit de periodieke evaluatie en bespreking van de TLV blijkt dat het S(B)O niet langer de passende plek is voor het kind, dan wordt de overstap naar een reguliere basisschool in gang gezet. Er is een kwalitatief volwaardige en geïntegreerde voorziening voor SBO en SO voor expats/internationals.
Thema 4: Ondersteuning scholen Hoe ondersteunen wij scholen? Schoolbesturen en hun scholen zijn verantwoordelijk voor het bieden van passend onderwijs aan alle leerlingen in Haaglanden. Om dit mogelijk te maken ondersteunt onze bureauorganisatie de scholen en werkt ze samen met ketenpartners.
Adviseurs passend onderwijs Het samenwerkingsverband heeft adviseurs in dienst om de daadwerkelijke ondersteuning van de scholen bij vragen over passend onderwijs uit te voeren. Deze adviseurs hebben verschillende taken en vormen de verbindende factor tussen het beleid van het samenwerkingsverband en de uitvoering daarvan op de scholen. De vier belangrijkste taken van de adviseur passend onderwijs zijn: Inhoudelijk adviseur passend onderwijs De adviseur adviseert de school over (extra) ondersteuning die nodig is voor leerlingen, leraren en ouders, over de verdere ontwikkeling van de basisondersteuning en over de schoolontwikkeling in het kader van passend onderwijs. Vertegenwoordiger van het samenwerkingsverband De adviseur is de vertaler van het beleid van het samenwerkingsverband naar de praktijk op de scholen. Hij/zij is vraagbaak voor de school met betrekking tot de werkwijzen en besluiten van het samenwerkingsverband. De adviseur vertegenwoordigt het samenwerkingsverband in gesprekken met de school, in MDO’s en dergelijke. De adviseur passend onderwijs is hierbij mede-bewaker (medetoetser) van de toepassing van het denk- en werkkader arrangementen en het denk- en werkkader toelaatbaarheidsverklaringen. Makelaar De adviseur koppelt (extra) ondersteuningsvragen van de school aan degenen die dit uit kunnen voeren.
In het werkgebied speelt de adviseur een actieve rol in het verbinden van scholen, bijvoorbeeld door vraag en aanbod bij elkaar te brengen en leersituaties te organiseren. ‘Critical friend’ In het kader van de lerende organisatie kan de adviseur de school gevraagd en ongevraagd een spiegel voorhouden. De adviseur geeft vanuit zijn of haar invalshoek en rol feedback aan de school zonder hierbij een controlerende of beoordelende houding aan te nemen. De feedback is altijd gericht op het verbeteren van de kwaliteit van (basis)ondersteuning en op de samenwerking onderling, met ouders en met derden.
Schoolmaatschappelijk werk Schoolmaatschappelijk werk (SMW) is een laagdrempelige voorziening op school, gericht op vroegtijdige aanpak van door de school gesignaleerde ondersteuningsvragen. De gemeenten en SPPOH bekostigen het SMW. Met de gemeenten Den Haag en Rijswijk is een gezamenlijke aanbesteding gedaan. Dit contract wordt in 2023 geëvalueerd en kan verlengd worden tot uiterlijk 2025. Elke school in Haaglanden heeft de beschikking over een
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 18
schoolmaatschappelijk werker ( SMW’er) die naast hulp op school ook een belangrijke schakel vormt naar het CJG/jeugdteam. SMW ondersteunt de zorgstructuur op school en sluit aan in het overleg met de interne zorgcoördinator (IZC)/MDO. SMW gaat met de leerling het gesprek aan om samen tot een oplossing te komen. SMW vervult bij kinderen bij wie de ontwikkeling dreigt te stagneren, een brugfunctie tussen kind, ouders, school, collectief aanbod/voorliggende voorzieningen en jeugdhulp (CJG en (jeugd)zorginstelling). SMW is bekend met het totale aanbod en helpt waar mogelijk kinderen en ouders hiermee. Wanneer dit aanbod en de eigen inzet van gesprekken door SMW niet afdoende (b)lijken, vervult de SMW’er een brugfunctie naar het CJG/jeugdteam.
Ambulante begeleiding Vanuit onze scholen voor SBO en SO ondersteunen wij alle scholen door het beschikbaar stellen van de expertise via ambulante begeleiding in de school. Dit doen wij zowel op schoolniveau als op het niveau van de individuele leerling.
Steunpunten Via onze steunpunten ondersteunen we scholen op een aantal specifieke gebieden met advies, kennisdeling en scholing. Waar mogelijk maken we hierbij gebruik van de expertise uit het (speciaal) onderwijs. Onze steunpunten zijn: Steunpunt trauma Steunpunt autisme Steunpunt hersenletsel Steunpunt begaafdheid
Financiering In de begroting is een personeelsbudget opgenomen om de adviseursformatie te dekken. Er wordt bovendien een budget opgenomen om het SMW in het S(B)O te bekostigen. Voor de zogenaamde onderwijsachterstandsscholen ontvangt SPPOH extra SMW-budget van het Rijk en deelt die toe aan de scholen. De komende vier jaar wordt er een calamiteitenbudget SMW in de begroting opgenomen voor tijdelijke inzet op scholen. De ambulante ondersteuning vanuit de S(B)O scholen wordt gedurende de planperiode gecontinueerd. De huidige steunpunten krijgen de komende vier jaar de mogelijkheid om hun adviserende taak en hun kennistaak voort te zetten.
Perspectief 2025 •
• •
Laagdrempelige ondersteuning is beschikbaar in de vorm van ambulante begeleiding op school. Deze richt zich zowel op de leerling als op de leerkracht. We benutten hiervoor de kennis en ervaring van de S(B)O scholen. De adviseur adviseert de school op leerling- en op schoolniveau over passend onderwijs. De adviseur handelt hierin proactief richting scholen. De ondersteuning door de steunpunten is uniform en professioneel.
Thema 5: Samen leren en ontwikkelen De lerende netwerkorganisatie Het samenwerkingsverband is een netwerk van schoolbesturen en scholen. Binnen dit netwerk wordt onderling samengewerkt. Net zo belangrijk is de samenwerking met partners die van belang zijn voor het onderwijs aan leerlingen. Ook zij zijn onderdeel van het netwerk. Het samenwerkingsverband wil dit netwerk en de samenwerking daarbinnen optimaliseren. Het samenwerkingsverband werkt volgens de principes van de lerende organisatie. Doel hiervan is steeds te kunnen anticiperen op een voortdurend veranderende omgeving. Lerende organisaties zijn organisaties waarin mensen steeds hun capaciteiten vergroten om de resultaten te behalen die ze voor ogen hebben, waar ruimte is voor nieuwe denkpatronen en waar mensen samen blijven leren. Het samenwerkingsverband werkt projectmatig en in professionele leergemeenschappen. Op thema worden partijen betrokken die een bijdrage kunnen leveren aan de doelstellingen van de organisatie.
Kwaliteit via cyclisch werken Kwaliteit is gekoppeld aan de realisatie van onze missie en de bijbehorende doelstellingen. Wij bereiken dit door cyclisch te werken. Daarbij richten we ons op lerend verbeteren. Wij zien een lerende organisatiecultuur en informatie gestuurd werken als essentiële randvoorwaarden voor de realisatie van kwaliteit.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 19
Borging van de kwaliteit vindt plaats door middel van een jaarcyclus, waarbij de PDCA-cyclus (de plan-do-checkact-methode) het uitgangspunt is. Hierin zijn het meerjarig ondersteuningsplan en de begroting leidend. Informatievoorziening en evaluatie vinden plaats binnen de belangrijkste niveaus: schoolbesturen, scholen, ketenpartners en medewerkers SPPOH. Ook ouders en leerlingen vormen een belangrijke doelgroep als het gaat om evaluatie. Het kwaliteitsbeleid (bijlage) is hierbij leidend.
Monitoring en verantwoording SPPOH wil zicht hebben op de inzet van de basisondersteuning en extra ondersteuning die zij biedt. Zowel financieel als inhoudelijk. Daarom is het belangrijk een werkcultuur te ontwikkelen met een focus op kwaliteit. Doel van verantwoording is niet het controleren, maar het leren van en met elkaar. Door middel van managementrapportages en evaluaties van de inzet op scholen verzamelen we informatie die ons helpt bij deze kwaliteitsontwikkeling. Via gesprekken verzamelen we de kwalitatieve gegevens.
Werkgebieden Het samenwerkingsverband kent tien werkgebieden. Deze bestaan uit de acht stadsdelen in Den Haag, de gemeente Leidschendam-Voorburg en gemeente Rijswijk. De werkgebieden zijn de basis voor de bijeenkomsten met intern begeleiders en directeuren.
Netwerken met scholen Samenwerken in een netwerk van scholen Passend onderwijs maak je niet alleen, samenwerking hierin is essentieel. Binnen de werkgebieden bestaan netwerken van scholen. Deze netwerken kunnen bestaan uit een compleet werkgebied of een deel daarvan (wijken). De scholen werken binnen dit netwerk samen met elkaar en met relevante partners, waaronder het CJG/jeugdteams. Het samenwerkingsverband bevordert de samenwerking. Door bijeenkomsten waarin leren met en van elkaar centraal staat, maar ook door pilots gericht op een intensievere samenwerking. In het kader van de samenwerking met jeugdhulp bestaat de driehoek school-SMWCJG. Deze samenwerking richt zich op preventief en adequaat organiseren van hulp voor leerlingen en hun gezinnen. Ib / SO / SBO / Beleidsoverleg Leren van en met elkaar ontstaat als professionals elkaar kennen en ontmoeten. Daarom organiseert SPPOH een breed scala aan bijeenkomsten gericht op ontmoeten en leren. Deze bijeenkomsten richten zich op ib’ers en directeuren. Ook SO en SBO zijn belangrijke doelgroepen voor structureel overleg. Beleidsmedewerkers van schoolbesturen worden betrokken bij de beleidsontwikkeling. Zij zijn immers een belangrijke schakel bij de vertaling van het overkoepelend beleid naar het beleid binnen de school.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 20
Betrokkenheid ouders en leerlingen Het bureau van het samenwerkingsverband is primair gericht op de ondersteuning van scholen. Betrokkenheid en ondersteuning van ouders en leerlingen vinden op school plaats. Ouders nemen een belangrijke plek in binnen het MDO, hebben toegang tot het digitale dossier in OnderwijsTransparant en kunnen (indien van toepassing) hun zienswijze geven bij de aanvraag van een TLV. Informatie over hoe ouders en leerlingen de ondersteuning ervaren, verkrijgen we door evaluatie per arrangement en periodiek onderzoek in het kader van de uitvoering van het (meerjaren)beleid. Ouders hebben inspraak via de medezeggenschapsraad van de school en de ondersteuningsplanraad van SPPOH. De inrichting, vormgeving en facilitering van passend onderwijs is voor veel ouders moeilijk te doorgronden. De school is in ons samenwerkingsverband de belangrijkste plaats waar ouders geïnformeerd worden over onze manier van werken. Het samenwerkingsverband heeft zich voorgenomen om de informatie op de website voor ouders verder uit te breiden. De informatie is zowel in het Nederlands als in het Engels beschikbaar. We zullen samen met het Samenwerkingsverband ZHW (VO) en ouders een onafhankelijk ouder- en jeugdinformatiepunt inrichten.
Hierbij trachten we om bestaande informatiekanalen vanuit gemeenten te integreren zodat een regionaal informatiepunt rond (passend) onderwijs tot stand komt. Dit naast de bestaande mogelijkheden van de onderwijsconsulenten, onze eigen adviseurs en de bemiddelaars.
Samenwerking met partners Een school is geen eiland, maar staat steeds in verbinding met partners die bijdragen aan de vormgeving van onderwijs of de ondersteuning van kinderen. De eigen rol en verantwoordelijkheid is hierin van groot belang. Het samenwerkingsverband stimuleert deze samenwerking door pilots en projecten. De komende vier jaar zal de samenwerking met jeugdhulp en leerplicht hierin een belangrijk aandachtspunt zijn. Jeugdhulp Jeugdhulp is de verantwoordelijkheid van de gemeente. Het merendeel van de inzet is individueel gericht. Op veel plekken ontbreekt het nog aan een integraal aanbod in samenwerking met het onderwijs. Op een enkele school is er een geïntegreerd aanbod van hulp binnen de school. Een voorbeeld hiervan is een zorgmedewerker (lichamelijke verzorging en zelfredzaamheid) op de cluster-3-scholen. Elke school werkt nauw samen met SMW en CJG (gezinscoachmaatje/jeugdteammaatje). In deze samenwerking ligt de focus op preventie. Met name het benutten van het voorliggend veld (niet geïndiceerde hulp), wordt daar waar mogelijk ingezet.
Financiering Binnen de begroting wordt een budget opgenomen voor informatievoorziening, scholing, netwerksamenwerking en de samenwerking binnen de werkgebieden. Dit wordt deels gefinancierd vanuit de bijdrage uit de LEA van de gemeenten. De kwaliteitszorg zal de komende jaren een extra impuls krijgen door het uitvoeren van onderzoeken en het vernieuwen van systemen. Binnen het budget van de bureauorganisatie wordt hiervoor een bedrag opgenomen.
Perspectief 2025
Wij gaan uit van vertrouwen, vermijden onnodige bureaucratie. We bewaken onze kwaliteit en hanteren de PDCA-cyclus. Scholen en schoolbesturen verantwoorden zich daarom over de doelen en resultaten rond basisondersteuning en extra ondersteuning. Wij werken planmatig en vraaggericht. Onze ambitie is realistisch en gekoppeld aan de draagkracht van de school. Uitgangspunt van de samenwerking binnen het (wijk)netwerk in en rondom de school is een integraal en preventief aanbod. School, SMW en jeugdhulp werken hierbij effectief samen. Het preventief aanbod is snel en adequaat voorhanden voor leerlingen en ouders. Wij zijn een lerend samenwerkingsverband. Zowel binnen de organisatie van het samenwerkingsverband SPPOH als in de onderlinge samenwerking met alle schoolbesturen en scholen. De school informeert ouders over passend onderwijs en de wijze waarop dit in Haaglanden is georganiseerd. De ouderinformatie op de website van SPPOH wordt uitgebreid en samen met SWV ZHW wordt een onafhankelijk ouder- en jeugdinformatiepunt ingericht. Bij de evaluatie en ontwikkeling van onze werkwijze maken wij gebruik van kwalitatieve en kwantitatieve gegevens uit verschillende bronnen.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 21
Thema 6: Innovatie passend onderwijs Hoe stimuleren we vernieuwing en creativiteit? In een constant veranderende omgeving is het van belang om zelf mee te blijven bewegen en ontwikkelen. In gesprek met de verschillende partners zoeken we steeds naar mogelijkheden die bijdragen aan goed passend onderwijs voor alle leerlingen. Door expertise en financiën beschikbaar te stellen, stimuleren we scholen om hieraan mee te doen. Het advies van de Onderwijsraad om te streven naar inclusiviteit nemen we ter harte. In Haaglanden zijn al mooie voorbeelden van een vorm van meer inclusief onderwijs. Samen willen we het aanbod verder ontwikkelen en versterken. We doen dit op basis van experimenten en stimuleren scholen bij hun samenwerking. We streven naar meer integratie en mengvormen van basisscholen en S(B)O scholen. Ook de inzet van expertise uit SBO en SO in de basisscholen willen we stimuleren, bijvoorbeeld door het versterken van ambulante begeleiding gericht op schoolontwikkeling.
Projecten en impulsen Jaarlijks stelt het samenwerkingsverband een budget beschikbaar voor projecten binnen de scholen. Deze projecten zijn bedoeld om te komen tot samenhangende voorzieningen of meer inclusief onderwijs. Voor het realiseren van verbeteringen rond passend onderwijs op schoolniveau en kleinere projectinitiatieven zijn impulsgelden beschikbaar.
Financiering Er zal jaarlijks een substantieel budget beschikbaar worden gesteld voor projectmatig werken. Hierbij zal getracht worden externe fondsen te verwerven voor innovaties.
Perspectief 2025 • •
Wij stimuleren de innovatie van passend onderwijs door de financiering van projecten en impulsen binnen de scholen gericht op schoolinnovatie en een dekkend aanbod. Wij experimenteren met vormen van inclusief onderwijs waarbij scholen voor BO, SBO en SO intensief samenwerken.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 22
Bestuur en bureauorganisatie Hoe besturen wij ons samenwerkingsverband? De besturen die samen het samenwerkingsverband Passend Onderwijs Haaglanden vormen vinden het belangrijk om direct betrokken en verantwoordelijk te zijn voor het passend onderwijs dat ze gezamenlijk organiseren. Daarvoor is een goede bestuursvorm nodig; we gebruiken de uitgangspunten van de code ‘Goed Bestuur’ van de PO-Raad. Er is gekozen voor het zogenaamde ‘one-tier-model’. Een deel van de besturen heeft daarbij een uitvoerende bestuurlijke rol in het dagelijks bestuur. De andere besturen vervullen de toezichthoudende rol in het algemeen bestuur. Hiermee wordt een organieke scheiding tussen uitvoering en toezicht gerealiseerd. Het bestuur wordt voorgezeten door een onafhankelijk voorzitter die toeziet op een juiste naleving van de principes van goed bestuur. We denken dat via dit model de betrokkenheid van de besturen en de gewenste onderlinge samenwerking beter gewaarborgd zijn dan via het zogenaamde ‘Raad van Toezichtmodel’. In de Tweede Kamer is in november 2020 een motie aangenomen om bij de samenwerkingsverbanden te komen tot een onafhankelijke raad van toezicht. Op basis van de definitieve uitwerking door de overheid zal SPPOH de governance-structuur aanpassen zodat voldaan wordt aan de wettelijke vereisten.
De bureauorganisatie De bureauorganisatie zorgt voor de voorbereiding, uitvoering en facilitering van het bestuursbeleid. De directeur werkt op basis van een breed mandaat en legt verantwoording af aan het dagelijks bestuur. We streven naar een
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 23
klein en doelmatig bureau waardoor de overheadkosten laag blijven. Dit impliceert dat bij uitval van medewerkers er een grote impact kan zijn op de continuïteit van de ondersteuning en bedrijfsvoering. Om de kwetsbaarheid van de kleine bureauorganisatie te verminderen, wordt onderzocht of in samenwerking met SWV ZHW een gezamenlijke bureauorganisatie kan worden vormgegeven. Het managementteam Het managementteam bestaat uit een directeur, twee managers Team & Werkgebieden en een manager Bedrijfsvoering. Eén van de managers Team & Werkgebieden is tevens plaatsvervangend directeur. De ondersteunende staf De management assistenten, ambtelijk secretaris, financieel medewerker, HR-medewerker en de beleidsmedewerkers-orthopedagogen vormen samen de staf van het samenwerkingsverband.
Medezeggenschap De MRp De MR-personeel is het medezeggenschapsorgaan van het personeel van het samenwerkingsverband. De onderwerpen en bevoegdheden betreffen met name de personele en organisatorische aangelegenheden van het samenwerkingsverband. De OPR De ondersteuningsplanraad is het medezeggenschapsorgaan van het samenwerkingsverband dat bestaat uit een afvaardiging van ouders en personeelsleden uit de aangesloten besturen/scholen. De ondersteuningsplanraad heeft instemmingsrecht op het besluit tot vaststelling van het ondersteuningsplan, inclusief de meerjarenbegroting. Ook de jaarplannen worden als deel van het ondersteuningsplan ter instemming voorgelegd aan de OPR. Verder heeft de OPR een rol in het volgen van de uitvoering van het beleid en het adviseren van het samenwerkingsverband.
Communicatie Communicatie is van essentieel belang voor het slagen en verder ontwikkelen van passend onderwijs. Het belangrijkste communicatiemiddel is de website van het samenwerkingsverband die zowel voor scholen, partners en ouders heldere en inzichtelijke informatie moet bevatten. Binnen een nieuw te ontwikkelen communicatiestrategie willen we expliciet aandacht besteden aan alle verschillende doelgroepen. En aan de manier waarop en door wie zij over relevante zaken worden geïnformeerd, en ook bepalen wie daarvoor verantwoordelijk is.
Financiering De bureauorganisatie kent een eigen budget voor de financiering van de staf en het management. Ook zijn hierin de kosten voor huisvesting en faciliteiten opgenomen. Voor het vernieuwen van de website en het realiseren van adequate ouderinformatie wordt een extra innovatiebudget opgenomen.
Perspectief 2025
Alle schoolbesturen nemen deel aan de bestuursvergaderingen van SPPOH. Zij dragen het gezamenlijke beleid actief uit richting de scholen en zorgen voor een vertaling hiervan in hun eigen schoolbestuur. Wij werken informatie-gestuurd en monitoren en evalueren passend onderwijs op basis van kwantitatieve en kwalitatieve gegevens uit verschillende bronnen. Binnen de bestuursstructuur is de onafhankelijkheid van het toezicht gegarandeerd. Wij werken volgens de landelijk bepaalde governance-afspraken. We ontwikkelen een communicatiestrategie om scholen, ouders en andere belanghebbenden beter te informeren over alles wat voor hen relevant is.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 24
Financieel perspectief, een blik in de toekomst Financiering van het samenwerkingsverband De inkomsten van het samenwerkingsverband komen grotendeels vanuit de rijksoverheid. Daarnaast zijn er inkomsten uit gemeentelijke subsidies en projectsubsidies. De overheid is bezig om de systematiek van bekostiging in het primair onderwijs te vereenvoudigen. Verwachte ingangsdatum van het nieuwe stelsel is 1 januari 2023. Momenteel zijn de eerste concept wetswijzigingen beschikbaar. Voor het samenwerkingsverband zal dit waarschijnlijk geen grote effecten hebben op de hoogte van de bekostiging. Belangrijkste wijziging betreft de teldatum die naar 1 februari verschuift. Hierdoor ontstaat eerder in het jaar zicht op de verwachte bekostiging voor het volgend kalenderjaar. De nieuwe teldatum betekent een wijziging in de financiering van het S(B)O. De wettelijke groeiregelingen voor het S(B)O en de grensverkeerregeling voor het SBO zullen verdwijnen. Ook zal de 2%-regeling in het SBO verdwijnen en verrekent de overheid de kosten direct met het samenwerkingsverband dat de TLV heeft afgegeven. Dit alles verhoogt de betrouwbaarheid van de verwachte inkomsten en uitgaven en maakt het bekostigingsmodel eenvoudiger.
SBO en SO overdracht Op basis van de door DUO gepubliceerde leerlingtellingen van 1 oktober en 1 februari maken we een prognose van de overdrachtskosten die gemoeid zijn met het SBO- en SO-onderwijs. De uitbetaling vanuit het samenwerkingsverband aan de S(B)O-besturen loopt per schooljaar en gebeurt in twee delen: over de periode augustus t/m december en over de periode januari t/m juli. Dit wordt uitgewerkt in de faciliteringsregeling (bijlage). Uitputting bekostiging In het ondersteuningsplan moet wettelijk worden vastgelegd hoe de bijdragen van de aangesloten schoolbesturen wordt vastgesteld wanneer er sprake is van uitputting van de bekostiging. Uitputting van de bekostiging wil zeggen dat de baten (rijksbijdragen) bedoeld voor de bekostiging van de TLV’s in het SO of SBO lager zijn dan de lasten voor de bekostiging van de TLV. Wanneer uitputting van de bekostiging zich voordoet zullen de besturen de ontbrekende bekostiging moeten bijdragen. De besturen van SPPOH hebben afgesproken het tekort dan om te rekenen naar een bedrag per leerling. Als het om het SBO gaat, betekent het dat de besturen van de basisscholen extra bijdragen om aan de overdrachtsverplichtingen te voldoen. Gaat het om het SO, dan dragen de besturen van alle scholen aanvullend bij.
Mocht het al aan de orde zijn op de teldatum, dan houdt DUO die bijdragen per leerling al meteen in op de reguliere bekostiging aan die schoolbesturen. Als het de aanvullende bekostiging op grond van de peildatum betreft, dient het samenwerkingsverband zelf het ontbrekende budget (omgerekend in een bedrag per leerling basisschool, SBO en SO) op te halen van de betreffende besturen.
Ontwikkelingen in de begroting 2021-2025 In de meerjarenbegroting komen drie ontwikkelingen samen: 1. De niet geprognosticeerde afname van het aantal leerlingen in het basisonderwijs op 1 oktober 2020; 2. De groei in het speciaal onderwijs; 3. De afbouw van het vermogen naar 3,5% van de bruto baten. Na een aantal jaren van positieve verevening heeft SPPOH in 2021 de beschikking over het volledige rijksbudget voor passend onderwijs. In afwijking van de prognose en de groei in voorgaande jaren zien we dat het aantal leerlingen in het basisonderwijs op 1 oktober 2020 met bijna 400 leerlingen is teruggelopen. Dit doordat veel buitenlandse werknemers in maart 2020 ten gevolge van de corona- pandemie met hun gezinnen zijn teruggekeerd naar het land van herkomst. Dit maakt dat er vanaf augustus 2021 minder rijksinkomsten zijn en er een relatief hogere afdracht aan het SBO moet plaatsvinden omdat de 2%-grens verschuift. In de meerjarenbegroting wordt er vanuit gegaan dat de lagere leerlingaantallen structureel van aard zijn en zich niet herstellen. De ontwikkeling zal zorgvuldig worden gevolgd. Daarnaast zien we de behoefte aan plaatsen in het speciaal onderwijs toenemen. Om een dekkend aanbod te behouden, zijn er extra plaatsen in het SO gerealiseerd en meer TLV’s afgegeven. Dit leidt in de komende jaren tot een structurele extra uitgave van ca.
1 miljoen euro ten behoeve van de bekostiging van het speciaal onderwijs. De versterking van de reguliere basisscholen is een belangrijk beleidsthema. Daarom zal de vergoeding aan de scholen ten behoeve van de basisondersteuning tot 2025 op peil blijven. In begrotingsjaren 2021 en 2022 wordt het vermogen aangewend om alle thema’s optimaal te bekostigen. Vanaf 2023 is op een aantal thema’s
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 25
minder geld begroot om de begroting in balans te brengen. Door deze aanpak kunnen we de in dit plan beschreven beleidsdoelen uitvoeren en bekostigen. Het eigen vermogen zal in de jaren 2021 en 2022 teruggebracht worden naar 3,5% van de bruto baten. Dit realiseren we mede door extra te investeren in de SO-cluster-4-scholen die hiermee de ontoereikende rijksbekostiging kunnen compenseren en de tijd krijgen om aanpassingen in hun organisatie en onderwijs door te voeren. De rijksbekostiging zal per 1 januari 2023 wijzigen. Hiervan wordt geen groot financieel effect verwacht. SPPOH zal de financiële gevolgen van deze wijziging vroegtijdig in beeld brengen en zo nodig de meerjarenbegroting aanpassen.
Ontwikkeling van het vermogen Het vermogen van het samenwerkingsverband is bedoeld om eventuele tegenvallers te kunnen opvangen, het is een weerstandsvermogen. Op basis van een risico-onderzoek in 2018 is het noodzakelijke weerstandsvermogen bepaald op minimaal 1 miljoen euro, ca. 3% van de bruto baten (peil 2021). Het bestuur heeft de afgelopen jaren de inspectienorm van 5% van de bruto inkomsten aangehouden als streefdoel. Er is actief gestuurd op de verlaging van het vermogen en de realisatie van de 5%-norm per 31 december 2022. De overheid stuurt op een aangescherpte norm van 3,5% voor het weerstandsvermogen van de samenwerkingsverbanden. Deze nieuwe norm van 3,5% ligt in de lijn van het noodzakelijke weerstandsvermogen en wordt overgenomen als nieuw streven. In de begrotingsjaren 2021 en 2022 investeren we extra in passend onderwijs. Hierdoor wordt het vermogen versneld verlaagd en realiseren we de inspectienorm uiterlijk op 31 december 2022.
Mutatie eigen Vermogen Beginsaldo Eigen Vermogen Mutatie resultaat Toevoeging Flexbudget Besteding Flexbudget Eindsaldo Eigen Vermogen Doelstelling weerstandsvermogen 3,5% Toets omvang Eigen Vermogen
2021 2.193.000 -716.000 500.000 -500.000 1.477.000 1.335.000 142.000
2022 1.477.000 -281.000 500.000 -500.000 1.196.000 1.354.000 -158.000
2023 1.196.000 -120.000 500.000 -500.000 1.076.000 1.370.000 -294.000
2024 1.076.000 68.000 500.000 -500.000 1.144.000 1.407.000 -263.000
2025 1.144.000 200.000 500.000 -500.000 1.344.000 1.444.000 -100.000
Perspectief 2025 • •
Bekostiging van scholen vindt plaats in het hybride model via een vergoeding voor basisondersteuning op schoolniveau en aan te vragen extra ondersteuning voor individuele kinderen. Het weerstandsvermogen is passend in relatie tot de risico’s van SPPOH. Wij hanteren als maximum de norm van de overheid: 3,5% van de bruto inkomsten.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 26
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12.
Lijst met afkortingen Uitwerking van de basisondersteuning Extra ondersteuning en toelaatbaarheidsverklaringen Werkwijze en kaders rond projecten Routeboek ‘verzuim primair onderwijs Haaglanden’ Kwaliteitsbeleid Leerlingaantallen en deelname SBO en SO Aangesloten besturen Meerjarenbegroting 2021-2025 Jaarplan 2021-2022 Faciliteringsregeling 2021-2022 Vindplaatsen van wettelijk verplichte onderdelen
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 27
Bijlage 1 Lijst met afkortingen AWB BAO BOVO CJG Cluster 1 Cluster 2 CvO EMB G4 GGD GMR Ib HGA HGW HP JGZ LEA LBT MDO MRp OOGO OPP OPR OT PGB PO SBO S(B)O SMW SO SOP SPPOH SWV SWV ZHW TLV VVE VO VSO WEC WPO
Algemene wet bestuursrecht Basisonderwijs Organisatie en begeleiding overstap van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs Centrum jeugd en gezin Onderwijs voor leerlingen met een visuele beperking Onderwijs voor auditief en/of communicatief beperkte leerlingen Commissie van Onderzoek (van instellingen cluster 1 en 2) Ernstig meervoudig beperkte kinderen De 4 grote steden: Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Utrecht Gemeentelijke gezondheidsdienst Gemeenschappelijke medezeggenschapsraad Intern begeleider Handelingsgericht arrangeren Handelingsgericht werken Handelingsplan Jeugdgezondheidszorg Lokale educatieve agenda Landelijke adviescommissie bezwaar TLV Multidisciplinair overleg Personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad Op overeenstemming gericht overleg tussen gemeenten en samenwerkingsverbanden Ontwikkelingsperspectiefplan Ondersteuningsplanraad Onderwijs Transparant, 1Loket module Persoonsgebonden budget Primair onderwijs Speciaal basisonderwijs Speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs Schoolmaatschappelijk werk PLUS Speciaal onderwijs Schoolondersteuningsprofiel Stichting Passend Primair Onderwijs Haaglanden Samenwerkingsverband Samenwerkingsverband Zuid-Holland West (VO) Toelaatbaarheidsverklaring Voor- en vroegschoolse educatie Voortgezet onderwijs Voortgezet speciaal onderwijs Wet op de expertisecentra Wet op het primair onderwijs
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 28
Bijlage 2 Uitwerking van de basisondersteuning Basisondersteuning is ondersteuning die op elke school in Haaglanden geboden wordt. Scholen ontvangen jaarlijks een bijdrage vanuit het samenwerkingsverband voor de basisondersteuning. Deze kan bijvoorbeeld ingezet worden voor het versterken van passend onderwijs in de school, denk aan het goed organiseren van een MDO of de inzet van preventieve en licht-curatieve interventies. Met deze basisondersteuning krijgt het grootste deel van de leerlingen onderwijs binnen de eigen mogelijkheden van de school. Om dit te kunnen bereiken, hebben de schoolbesturen met elkaar afgesproken wat elke school binnen het primair onderwijs in ieder geval biedt. De basisondersteuning van onze scholen bestaat uit: A. Basiskwaliteit B. De ondersteuningsstructuur op school C. Werken volgens de uitgangspunten van Handelingsgericht Werken D. Preventieve en licht curatieve interventies A. Basiskwaliteit De basisondersteuning van een school is ten minste op orde als deze voldoet aan de basiskwaliteit zoals gesteld door de Inspectie van Onderwijs. De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het op orde hebben van deze basiskwaliteit. Het samenwerkingsverband ondersteunt scholen hierin waar nodig. B. Ondersteuningsstructuur De ondersteuningsstructuur is de ondersteuning die binnen een school aan alle leerlingen geboden wordt.
In basis gebeurt dit door het geven van goed onderwijs. Daarnaast wordt de ontwikkeling van leerlingen cyclisch gemonitord en gerapporteerd. Wanneer het onderwijs binnen de basisondersteuning niet toereikend blijkt, beschikt de school over een vaste route om te komen tot extra ondersteuning. C. Handelingsgericht werken In Haaglanden hebben we afgesproken dat we werken volgens de uitgangspunten van Handelingsgericht Werken. Scholen werken doelgericht en denken in mogelijkheden. Bij het vormgeven van (extra) ondersteuning voor een leerling staan de ondersteuningsbehoeften centraal. Ouders en professionals werken ieder vanuit hun eigen expertise en verantwoordelijkheid samen om een kind te ondersteunen, zodat hij/zij zich zo optimaal mogelijk ontwikkelt (Pameijer, 2019). D. Preventieve en licht-curatieve interventies Naast het bieden van onderwijs in de klas heeft elke school ook een aanbod van maatregelen die zij kan nemen wanneer een of meerdere leerlingen (lichte) ondersteuning nodig heeft. Deze protocollen en interventies vallen in ons samenwerkingsverband voor het grootste deel onder het bieden van goed onderwijs. Denk hierbij bijvoorbeeld aan kennis hebben over de leerlijnen 1F en 1S, weten hoe te handelen bij pesten of bij vermoedens van dyslexie en het bieden van een positief pedagogisch leerklimaat.
Tabel 1 geeft een overzicht van de afgesproken preventieve en licht-curatieve interventies. Op basis van onze ervaringen lijkt dit onderdeel van de basisondersteuning het meest te verschillen tussen scholen. In het schoolondersteuningsprofiel (SOP) van de school staat beschreven wat de school kan bieden op het gebied van onderwijs, preventieve en curatieve interventies, extra ondersteuning en jeugdhulp.
Tabel 1 Preventieve en lichtcuratieve interventies voor de leerlingen
Te realiseren als onderdeel van de basisondersteuning
Een positief pedagogisch klimaat
Op alle scholen werken leerkrachten aan een gezamenlijk gedragen (positief pedagogisch) schoolklimaat. Er zijn school- en groepsregels opgesteld. Leerkrachten en leerlingen zijn bekend met deze regels en deze regels worden gehandhaafd. Indien nodig kan de school leerlingen extra begeleiden om zich aan de school- en groepsregels te houden (denk aan kindgesprekken).
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 29
Signaleren van leerlingen met een eigen leerlijn en opzetten van plan van aanpak
Signaleren van leerlingen met behoefte aan een uitdagende, verdiepende leeromgeving die verder gaat dan het huidige curriculum en opzetten van een plan van aanpak Differentiëren tussen leerlingen
Signaleren en ondersteunen van leerlingen met een ondersteuningsbehoef-te bij het leren leren Vroegtijdige signalering van leer- en ontwikkelproblemen anders dan de didactische ontwikkeling.
Signaleren, differentiëren en ondersteunen van leerlingen met een ondersteunings-behoefte aan passend leesonderwijs Signaleren, differentiëren en ondersteunen van leerlingen met een ondersteunings-behoefte aan passend reken- en wiskundeonderwijs Protocollen Elke school werkt tenminste met de hiernaast genoemde protocollen.
Op alle scholen beschikken leerkrachten over interventies om tegemoet te komen aan enkelvoudige (lichte) ondersteuningsbehoeften op het gebied van gedrag. *SOVA wordt gefaciliteerd vanuit het samenwerkingsverband. Indien hier geen gebruik van gemaakt (kan) wordt/worden door een school, dient dit vanuit jeugdhulp te worden ingezet. Scholen zijn in staat leerlingen te signaleren die een aangepaste leerlijn nodig hebben binnen een groep als zij het niveau van 1F niet halen of significant afwijken van het aanbod van de rest van de groep. Een school is in staat hier een plan van aanpak voor te maken en de nodige aanpassingen in te zetten.
Op alle scholen kunnen leerkrachten een afgestemd aanbod inzetten voor deze leerlingen: De school beschikt over een protocol om leerlingen te herkennen die meer- of hoogbegaafd zijn. De school beschikt over opdrachten om de leerling creatief en kritisch uit te dagen. De school beschikt over een rijke leeromgeving (extra materialen, middelen, onderzoeksmogelijkheden, inzet ICT). Op alle scholen zijn de leerkrachten in staat om verschillende hulpmiddelen/ICT in te zetten om te differentiëren tussen leerlingen. Denk aan aanbod op het gebied van werken op niveau of een motorische ondersteuningsbehoefte. Het zorgdragen dat het schoolgebouw fysiek toegankelijk is voor alle leerlingen, is hier tevens onderdeel van. Op alle scholen signaleren de leerkrachten leerlingen die ondersteuning nodig hebben bij executieve functies. Leerkrachten beschikken over verschillende interventies om het leren leren te bevorderen, zoals het leren van flexibiliteit, timemanagement, planning. Op alle scholen is diagnostische expertise aanwezig om tijdig leer-, opgroei- en opvoedproblemen bij leerlingen te signaleren. Dat betekent dat leerkrachten regelmatig leerlingen observeren, zowel in de klas als op het schoolplein. Daarnaast hebben leerkrachten regelmatig contact met ouders om over de ontwikkeling van hun zoon/dochter te praten.
De school onderhoudt contacten met schoolmaatschappelijk werk en indien wenselijk met het CJG of andere hulpverleningsorganisaties. Scholen werken hierin samen met het systeem rondom de leerling. Alle scholen maken gebruik van de protocollen zoals die door het Steunpunt Dyslexie zijn ontwikkeld. Scholen voor speciaal (basis)onderwijs werken met een bij hun eigen schoolpopulatie passende beschrijving van hun werkwijze op het gebied van leesproblemen en dyslexie. Alle scholen maken gebruik van het protocol Dyscalculie zoals dit landelijk is ontwikkeld. De scholen voor speciaal (basis)onderwijs werken met een bij hun eigen schoolpopulatie passende beschrijving van hun werkwijze op het gebied van rekenproblemen en dyscalculie.
-
pestprotocol meldcode kindermishandeling sociaal veiligheidsplan risico-inventarisaties
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 30
Verzuim en thuiszitten
protocol voor medisch handelen protocol voor overlijden/rouwverwerking Voor zover er protocollen op landelijk niveau beschikbaar zijn, in ieder geval de meldcode kindermishandeling en de risico-inventarisaties, wordt gewerkt met deze landelijke protocollen. Alle scholen werken conform de Haagse aanpak met betrekking tot schoolverzuim, schorsing en verwijdering en de SPPOH-brede afspraken met betrekking tot melden mogelijk thuiszitten, tussentijds overstappen en moeilijke aanmeldingen (zie bijlage bij dit ondersteuningsplan)
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 31
Bijlage 3 Extra ondersteuning; arrangementen en toelaatbaarheidsverklaringen Extra ondersteuning Er is sprake van extra ondersteuning wanneer een leerling meer ondersteuning nodig heeft, dan binnen de basisondersteuning van de school geboden kan worden. In ons samenwerkingsverband kennen wij twee vormen van extra ondersteuning, namelijk: de inzet van een arrangement op een basisschool of een verwijzing naar een school voor speciaal basisonderwijs of speciaal onderwijs (met TLV). Bij de inzet van extra ondersteuning wordt gewerkt met een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). We gaan hierbij uit van de eigen documenten van de school. Het samenwerkingsverband heeft op de website indien nodig ook formats beschikbaar. In het geval van extra ondersteuning hanteren we de volgende uitgangspunten: A. Het kind en zijn/haar onderwijsbehoeften staan centraal (de ondersteuningsbehoeften van de leerkracht en ouders kunnen hierbij onderdeel zijn van het plan). B. We werken handelingsgericht op alle scholen, waarbij er van overzicht, naar inzicht en uitzicht wordt gewerkt (Pameijer, 2017). C. Het schoolbestuur is verantwoordelijk voor het bieden van passend onderwijs, de basisschool organiseert en heeft de regie, het samenwerkingsverband faciliteert. D. Ouder(s)/verzorger(s), leerling en professionals werken als partners samen bij het vormgeven van passende ondersteuning in een MDO. E.
Voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, wordt een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) opgesteld. Arrangeren van extra ondersteuning Op alle scholen binnen het samenwerkingsverband werken we handelingsgericht. Bij het vormgeven van extra ondersteuning werken we in vier fasen: Op basis van wat eerder is ingezet (overzicht) wordt bepaald of er voldoende bekend is over de leerling om een uitstroombestemming en doelen te kunnen bepalen (inzicht). Op basis van de door de leerkracht en/of intern begeleider gestelde uitstroombestemming en doelen worden onderwijsbehoeften geformuleerd (uitzicht). Aan de hand van deze onderwijsbehoeften kan de school bepalen in hoeverre zij hier binnen haar basisondersteuning aan kan voldoen of dat er extra ondersteuning ingezet moet worden.
.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 32
Onderweg naar passende ondersteuning Wanneer op basis van de onderwijsbehoeften van een leerling naar voren komt dat een leerling meer nodig heeft dan in de basisondersteuning geboden kan worden, gaan we onderweg naar extra ondersteuning. Dit markeert de overgang van schoolniveau naar het niveau van het samenwerkingsverband. Voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, vormt het multidisciplinair overleg (MDO) een belangrijk middel om te komen tot deze extra ondersteuning. Een leerling wordt aangemeld voor een MDO als: In de leerling- of groepsbespreking is geconstateerd dat de afgesproken interventies onvoldoende of geen resultaat hebben gehad. De school bij aanmelding van een nieuwe leerling inschat dat de leerling ondersteuningsbehoeften heeft die de basisondersteuning overstijgen. De situatie van de leerling dusdanig ingrijpend is veranderd dat een leerling ondersteuningsbehoeften heeft die de school niet (meer) kan bieden. Partners Afhankelijk van het doel en het proces kan de samenstelling van een MDO variëren. Het MDO bestaat in ieder geval uit de intern begeleider, leerkracht, de ouders en vaak ook de adviseur passend onderwijs en de directie. De school betrekt ook de leerling bij het vormgeven van extra ondersteuning. In ons samenwerkingsverband vinden we het belangrijk om systemisch naar kinderen te kijken.
Dat betekent dat we naast de schoolsituatie, ook aandacht hebben voor de omgeving en thuissituatie van de leerling (opgroeien en opvoeden). Vandaar dat ook het schoolmaatschappelijk werk (SMW+) in principe altijd deelneemt aan een MDO. Afhankelijk van de ondersteuningsbehoefte van leerling, leerkracht en/of ouder kunnen ook andere externe partners aansluiten, zoals CJG (gezinscoach), jeugdhulp, jeugdarts, ambulante begeleiders, psycholoog/orthopedagoog van een SBO/SO-school of leerplicht. De school (vaak de intern begeleider): heeft de regie en is verantwoordelijk voor het vormgeven van passend onderwijs en de inzet van extra ondersteuning. De school is tevens verantwoordelijk voor het betrekken en raadplegen van de juiste partners. De leerling: de leerling wordt betrokken en gehoord bij het vormgeven van extra ondersteuning, bijvoorbeeld in een kindgesprek. De leerkracht: heeft zicht op de leerling in de klas en geeft de extra ondersteuning (en het plan van aanpak) mede vorm. De leerkracht is tevens expert in de haalbaarheid van het beoogde plan van aanpak en stemt extra ondersteuning af met (externe) begeleiders. Ouder(s)/verzorger(s): zijn partners bij het vormgeven van extra ondersteuning en expert op het gebied van de ontwikkeling van hun kind. Adviseur passend onderwijs: denkt vanuit zijn/haar vier rollen mee met de school.
SMW(+): is een belangrijke schakel naar de inzet van lichte ondersteuning en de inzet van jeugdhulp. Overige experts: leveren vanuit hun eigen expertise input bij het vormgeven van extra ondersteuning.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 33
Arrangementen Voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben op de eigen (basis)school, kan de school gebruik maken van een arrangement. Het arrangement wordt over het algemeen uitgevoerd op de eigen school, maar dit kan ook (tijdelijk) op een andere school in het samenwerkingsverband. Een arrangement kan door verschillende deskundigen worden uitgevoerd, zoals een collega van de eigen of een andere school (BAO of S(B)O), het HCO of een andere dienst). Een arrangement is een uitkomst van een proces om te komen tot extra ondersteuning. De beoogde ondersteuning is gebaseerd op doelen en onderwijs- en ondersteuningsbehoeften van de leerling. Voor het opstellen van arrangementen is een aantal richtlijnen geformuleerd: A. Arrangementen hebben een looptijd variërend van een aantal weken tot in principe een jaar. In sommige situaties is het logisch om een arrangement voor te stellen voor langer dan een jaar. Bijvoorbeeld als in mei een arrangement ter sprake wordt gebracht voor een leerling uit groep 7. In die situaties geldt een maximum van anderhalf jaar. B. De onderwijsbehoeften en benodigde ondersteuning van de leerling overstijgt de basisondersteuning, inclusief interventies. C. Arrangementen worden tussentijds en bij afloop door de school, in goed overleg met ouders, geëvalueerd. Scholen hebben hier eigen afspraken over binnen de cyclus van handelingsgericht werken.
Bij afloop van een arrangement wordt een evaluatie in OnderwijsTransparant ingevuld. D. Voor de bekostiging geldt dat de ondersteuningsbehoefte van de leerling/leerkracht leidend is. Het (jaarlijks) maximaal aan te vragen bedrag wordt -uitgaande van het ondersteuningsniveau- gerelateerd aan de SBO of SO leerlingvergoeding2. In uitzonderingen kan het bedrag afwijken van deze richtlijnen indien beargumenteerd. Ontwikkelingsperspectiefplan Voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, stelt de school een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) op. De wettelijke onderdelen van een OPP zijn: a. De verwachte uitstroombestemming van de leerling. b. De onderbouwing van de verwachte uitstroombestemming. De onderbouwing bevat in elk geval een weergave van de belemmerende en bevorderende factoren die van invloed zijn op het onderwijs aan de leerling. c. Een beschrijving van de te bieden ondersteuning en begeleiding en (indien aan de orde) de afwijkingen van het (reguliere) onderwijsprogramma. Tabel 2 Benodigde documenten voor de aanvraag van een arrangement OPP waarin minimaal beschreven staat: Bevorderende en belemmerende factoren De verwachte uitstroom met onderbouwing Een beschrijving van de te bieden ondersteuning en begeleiding in de vorm van doelen en plan van aanpak. De onderwijs- en ondersteuningsbehoeften van de leerling.
Let op: Ouder(s)/verzorger(s) hebben instemmingsrecht op het handelingsdeel van het OPP, het OPP dient dus voorzien te zijn van een handtekening van de ouder(s)/verzorger(s). De belangrijkste MDO-verslagen waarin in ieder geval duidelijk wordt in hoeverre de onderwijsbehoeften van de leerling de basisondersteuning van de school overstijgen en dat er overeenstemming is met alle betrokkenen over het voorstel dat wordt ingediend bij het SWV Er wordt dringend geadviseerd om het MDO-verslag te laten ondertekenen door betrokkenen. Een begroting in OnderwijsTransparant, tabblad 5.
2
De ondersteuningsbekostiging van een leerling die toelaatbaar is tot het SBO bedraagt ongeveer € 4.500. De ondersteuningsbekostiging voor een leerling die toelaatbaar is tot het speciaal onderwijs varieert: € 9.000 bij TLV categorie laag, € 14.000 TLV categorie midden en € 21.000 TLV categorie hoog. Dit zijn afgeronde bedragen. De bedragen worden jaarlijks opnieuw vastgesteld door de overheid.
Ondersteuningsplan 2021 2025, definitief - versie 2.0 (na herstelopdracht)
Pagina 34
SBO en SO Het kan duidelijk worden dat de, door de basisschool ingezette ondersteuning, niet voldoende is om een leerling te bieden wat hij/zij nodig heeft. Soms is dat na de inzet van een arrangement, soms is het direct al duidelijk dat een arrangement niet de passende manier van ondersteunen is. Uit de onderwijsbehoeften en ondersteuningsbehoeften wordt in deze gevallen duidelijk dat het nodige aanbod alleen kan worden gerealiseerd binnen de setting van een school voor speciaal basisonderwijs (SBO) of speciaal onderwijs (SO). Voor plaatsing op deze schoolsoort is een toelaatbaarheidsverklaring (TLV) van het samenwerkingsverband noodzakelijk (wettelijke verplichting). Om te kunnen overwegen of een leerling in aanmerking komt voor een toelaatbaarheidsverklaring, heeft SPPOH criteria opgesteld. Een leerling is toelaatbaar tot het SBO of SO als: a. De onderwijsbehoeften van de leerling de basisondersteuning van de huidige school overstijgen. b. De inzet van extra ondersteuning onvoldoende tegemoet kan komen aan de behoeften van de leerling, leerkracht of ouders. c. Bovenstaande is aangetoond aan de hand van documentatie. d. Over de onderwijsbehoeften van de leerling is gesproken in een multidisciplinair overleg met onder meer de school, ouders, adviseur passend onderwijs en de mogelijke s(b)o-school. e.
Op basis van de onderwijsbehoeften van de leerling is gekeken welk schoolprofiel het best passend is. Hierbij is het type school onderbouwd en is beschreven welke SBO- of SO-school het beste kan voldoen aan de behoeften van de leerling. Ook de duur van de TLV en, indien nodig, de bekostigingscategorie wordt door de betrokkenen onderbouwd. Voor het aanvragen van een toelaatbaarheidsverklaring gelden de volgende uitgangspunten: - Het is duidelijk dat de leerling toelaatbaar is voor het S(B)O. - Het is duidelijk dat de TLV bij SPPOH moet worden aangevraagd. - Er is sprake van een ontvangende school (doelschool). - Naast de onderbouwing voor de toelaatbaarheid van een leerling, wordt ook de duur van de TLV, en in het geval van een TLV SO, ook de bekostigingscategorie afgesproken. - Het dossier bevat naast een OPP en een MDO ook twee deskundigenadviezen. De toelaatbaarheidsverklaring Het toekennen van een TLV betekent dat een leerling toelaatbaar is op een SBO- of SO-school. Over de feitelijke toelating op de school zelf, beslist de SBO- of SO-school. Binnen ons samenwerkingsverband hebben we afgesproken dat bij het aanvragen van een toelaatbaarheidsverklaring, er een doelschool (SBO of SO) moet zijn, die heeft aangegeven te kunnen voldoen aan de onderwijsbehoeften van de leerling en op korte termijn kan plaatsen.
De wet voor het speciaal onderwijs (Wet op de expertisecentra (WEC)) schrijft voor dat de TLV voor het speciaal onderwijs minimaal één volledig schooljaar bedraagt. In de WPO zijn geen bepalingen opgenomen voor de tijdsduur van een TLV voor het SBO. In ons samenwerkingsverband hebben we de afspraak dat zowel een TLV SBO als een TLV SO minimaal één schooljaar bedraagt. Een plaatsing in het SBO en SO wordt in ieder geval jaarlijks geëvalueerd om te onderzoeken of de huidige setting nog passend is bij de onderwijsbehoeften van de leerling of dat een overstap wenselijk is. De TLV wordt in principe afgegeven voor de gehele schoolloopbaan. Hieronder verstaan we maximaal het schooljaar waarin een leerling 12 jaar wordt. Dit om onnodige bureaucratie rond tussentijdse verlengingen te vermijden. De school evalueert de ontwikkeling van het kind en de TLV periodiek met ouders. In specifieke gevallen, denk aan leerlingen in de kleuterperiode, kan een kortere duur worden beargumenteerd. Partners: In het proces TLV zijn, naast de ouder(s)/verzorger(s), betrokken: a. Medewerker(s) van de huidige school (interne begeleiding, leerkracht en indien nodig directie) b. De adviseur passend onderwijs vanuit het samenwerkingsverband c. Veelal ook de SMW+ d. Medewerker(s) van de doelschool (SBO en/of SO) e.