RIS313216 Stuur op wijken met karakter Bijlage
Tekst van het document
Afwisseling Het woonmilieu is erg prikkelarm. B ewoners hebben weinig mogelijkheden om naar eigen keuze meer activerende plekken in de buurt op te zoeken. Er is geen contrastwerking door rustige en drukke plekken omdat de doorgaande wegen onbebouwd en te breed zijn waardoor zij geen onderdeel uitmaken de leefomgeving. et bebouwingstype is overal hetzelfde. e functiescheiding is zeer strak en doordat de doorgaande wegen onbebouwd zijn en de verkeersstromen gescheiden, ontbreekt het aan levendige plekken met economische potentie. et dominante bebouwingstype, de blinde plinten en de eigendomsverhoudingen staan de beperkende mogelijkheden voor omze ng van wonen naar andere functies in de weg. et woonmilieu bestaat uit woningen met speeltuinen, bosjes en parkeerplaatsen. e eentonigheid nodigt niet uit tot wandelen.
51
Suburbaan Grondgebonden
Tanthof Delft
Ontsluiting
Verkavelingstype
Bebouwingstype
Straten en woonerven
Bouwblokken van 35m diep, lengte variëert
Rijtjeswoningen, twee onder-één kappers
Eén of twee rijbanen
Strokenbouw of bloemkoolverkaveling
Beukmaat 4-6m
Langsparkeren, haaksparkeren en parkeren op eigen kavel, hoog autobezit
Veel buitenruimten: privé voor- en achtertuinen
Bouwhoogte 2 verdiepingen (met kap) Geen overmaat in de woningen
Elke woning heeft een eigen entree aan de straat Ligging aan de rand van de stad Meestal goed bereikbaar met OV
Architectuur
Functiemenging
Openbare ruimte
Eenvormige verschijning of sterke overeenkomsten tussen woningen
Functiescheiding, zichtbaarwerken aan huis is vaak onmogelijk door regelgeving
Goedkope materialisering
Materialisering van de gevel is vaak zo goedkoop mogelijk met weinig aandacht voor kozijnen en entrees
Winkelcentrum nabij
Vaak asfalt of betonstenen op de rijbaan en betontegels op de stoep
Dagelijkse voorzieningen op fietsafstand
Veel groen, veel bomen
Horizontale geleding
Veel speelplekken
Veel repetitie
Overmaat in het stedelijk weefsel
Beheer en onderhoudsgericht
Aanzicht gevel, Tanthof Delft
Herkenbaar jaren ‘60 stempel patroon, ook jaren ‘70 bloemkoolwijken of modernere patronen mogelijk
25 m
Plattegrond Tanthof Delft
53
Suburbaan grondgebonden: Vinex
Sociale veiligheid D oor de brede kijklijnen wordt natuurlijke surveillance goed gefaciliteerd. Er is goed zicht uit de huizen op de straat. D oordat vooral eengezinswoningen voor tweeverdieners zijn gebouwd, is de levendigheid op straat a ankelijk van de schooltijden. it werkt de natuurlijke surveillance tegen. O ok zijn er poortjes en achterommetjes met weinig overzicht. A an de doorgaande straten is een duidelijke grens zichtbaar tussen privaat en publiek. ij de ho es is de overgang geleidelijk en meer di uus. ij parkeerhavens is de achterkant voor derden even bereikbaar als de voorkant, waardoor de woning aan de achterkant geen compleet veilige zone vormt. D oor de brede opzet kan er makkelijk worden uitgeweken voor dreigingen of onnatuurlijke situaties. e brede vlaktes, lange blokken en vergezichten zijn soms wel onherbergzaam en ongastvrij. Het beheer is keurig; er zijn weinig tekenen van verloedering of normvervaging. Er wordt veel zorg besteed aan de omgeving.
Leesbaarheid Er is een duidelijke centrale as zichtbaar in het stedenbouwkundig plan, met uitlopers naar delen van het woonmilieu. Een structuur is herkenbaar aanwezig en identi ceerbaar. Een rondweg verbindt de verschillende delen in elke wijk. oor de aanwezigheid van enkele karakteristieke grote bouwvolumes wordt ori ntatie vergemakkelijkt aan de centrale as. D e woonblokken zelf vertonen veel sy mmetrie en overeenkomsten in vormgeving, wat orië nteren bemoeilijkt. O p de kruispunten en belangrijkste knooppunten in de wijk wordt er de meeste visuele informatie aangeboden. it helpt met het orië nteren en begrip opbouwen over de structuur van het woonmilieu.
55
Controle D e voortuin bij elke woning biedt de mogelijkheid voor territoriale expressie en a akening van het eigen domein. e domeinen aan de achterzijde zijn vaak ontoegankelijk en uit het publieke zicht. uizen grenzend aan een gezamenlijk ho e hebben een geleidelijke overgang van publiek naar semipubliek. egelijkertijd is de overgang van semipubliek naar priv zeer abrupt. e voortuinen fungeren als een bu erzone en overgangsgebied. D oor het parkeren aan de achterkant en de weg aan de voorkant is er ua functionaliteit geen duidelijk verschil meer tussen voor en achterkant. it hee e ect op de privacy en veiligheidsbeleving. V eel woningen kijken door de kleine kavels direct naar elkaars gevel en in elkaars priv ruimte. it beperkt de aanwezigheid van privacy. B urengeluid uit de achtertuinen verspreidt zich makkelijk over verschillende woningen. ewoners kunnen op maaiveldniveau visuele beschu ng zoeken met schu ngen e.d. e vrije kijklijnen vanuit de tweede verdieping in tuinen van de buren beperken de privacy.
Sociale relaties P lantsoenen en grasvelden doorspekken het woonmilieu. Er zijn veel speelvelden en speeltuintjes op korte loopafstand van de huizen. D e voorzieningen zijn vrijwel uitsluitend op kinderen gericht; voor ( jong) volwassenen zijn er weinig mogelijkheden. D oor de gezamenlijke speelvelden wordt contact sterk ondersteund, vooral tussen ouders en kinderen. D e vrije stoep langs de voortuinen, de achterommetjes, de gemeenschappelijke achterzone en de aanwezige aantrekkelijke wandelpaden faciliteren spontaan contact. et woonmilieu hee veel speelmogelijkheden. Er kan veilig vlak voor de deur worden gespeeld. Er is vaak open en ongestructureerd land voor avonturen en om te ravotten.
Identiteit rijwel elke woning hee een eigen voortuin of voorgevelzone die bewoners zelf invullen. e woningen en geveldetails hebben weinig kenmerken van personi catie. et karakter van de architectuur is sterk eentonig overwegend traditioneel, nieuw jaren stijl . e aanwezige semipublieke ruimte in de woonblokken nodigt uit tot collectief eigenaarschap en ondersteunt de mogelijkheid voor bewoners om ook een collectieve, gemeenschappelijke identiteit waar te nemen en te ontwikkelen. ewoners laten met voorwerpen en meubels zien dat ze de openbare ruimte gebruiken.
Afwisseling Het woonmilieu is prikkelarm, m.u.v. de winkelgalerij en enkele speelplaatsen. Er zijn weinig plekken waar mensen bij elkaar komen. Er is geen echte boulevard of stadsplein om mensen te bekijken of elkaar te ontmoeten. Er is beperkte diepgang in materialisatie van huizen: variatie wordt in grote kleur- en materiaalvlakken gezocht. Er is weinig variatie in structuur, vorm en afmeting van woningen, verschillen liggen in een begrensde set van opties. Er is wel gevarieerd met uniek straatmeubilair. Het woonmilieu bevat veel gras. Er zijn nauwelijks mogelijkheden voor volwassenenontspanning zoals uit eten te gaan of op een terras te zitten. Er zijn weinig sportmogelijkheden en er is vaak een grote loopafstand tot winkels. Lokaal ondernemerschap wordt door inflexibiliteit van de bebouwingstypen en door het ontbreken van stadsstraten niet gefaciliteerd.
57
Suburbaan grondgebonden: Bloemkool/ jaren ‘70
Sociale veiligheid D e natuurlijke surveillance is laag doordat de woningen van de straat afgekeerd zijn. e strokenbouw hee vaak blinde zijkanten naar de weg toe. Er zijn veel semipublieke steegjes en binnenpleintjes die uit het zicht liggen. Er ontbreekt vaak een goede a akening tussen priv en publiek. Er zijn veel doodlopende wegen waardoor veel dode plekken ontstaan. D oor de open bebouwing zijn zowel de voor- als achterkanten makkelijk toegankelijk. Hierdoor is er geen veilige achterkant. V erkeersstromen zijn gescheiden waardoor mensen worden verspreid en natuurlijke surveillance op de verkeersroutes laag is. W andelaars kunnen overal makkelijk komen en voor inbrekers gee dit veel toegang. oor etsers en auto s is de toegankelijkheid beperkt. ierdoor is de surveilleerbaarheid voor politie en gemeente beperkt. Het woonmilieu is onderhoudsintensief. Er is een overmaat aan publieke en semipublieke ruimte waarvan beheer en onderhoud vaak niet geregeld is of niet regelmatig wordt uitgevoerd. efensieve bebouwing ( schuurtjes) aan de voorkant beperkt het eigenaarschap.
Leesbaarheid D e aanwezige structuur in het woonmilieu is moeilijk waar te nemen. Er is vaak een vorm van organische structuur aanwezig waarbij de logica ontbreekt. e wijk hee globaal hetzelfde uiterlijk. Er is weinig di erentiatie in architectuurvorm of unieke plekken die als referentiepunt kunnen dienen. D e visuele toegankelijkheid is laag. A lleen rond de ontsluitingsweg is er een duidelijke verbindende zichtlijn.
59
Controle T ot en met de voortuin kunnen bewoners hun eigen woning aanpassen. Ex pressiemogelijkheden zijn vooral grondgebonden. Het is wel mogelijk om accenten aan te passen zoals kleuren van houtwerk. Er is soms beperkt privé ruimte aanwezig, tuintjes zijn vaak erg klein. ewoners worden gedwongen om sociale relaties aan te gaan. e ho esstructuur dringt contact op. e overhoort elkaar makkelijk in de achtertuinen. Er is een geleidelijke overgang van publiek naar priv . e ho esstructuur fungeert als een extra bu erstrook tussen de publieke weg en de eigen voortuin.
Sociale relaties D e gemeenschappelijke voorzieningen ( plantsoenen en speelplaatsen zijn vaak te versnipperd, wat de beze ng verdunt. roen is goed gepositioneerd, maar hee vaak geen verblijfsfunctie. oor de lage dichtheid en de hoeveelheid groen is er te weinig draagvlak voor de meeste groenvoorzieningen. e ho es functioneren als verbindingspunt als de achtertuinen aangesloten zijn op het semipublieke gebied. ierdoor wordt sociaal contact enigszins opgedrongen. aar er voortuintjes zijn wordt spontaan contact gefaciliteerd. Er zijn beperkt contactplekken voor volwassenen. e doorgaande wegen zorgen voor een scheiding van het woonmilieu in aparte zones. e wijk fungeert goed voor een lee ijdsgroep tussen zeven en twaalf jaar. oor jongere kinderen is de functionaliteit beperkt vanwege de aanwezigheid van water verdrinkingsgevaar . oor oudere kinderen is er te weinig te beleven in de wijk.
Identiteit D e huizen in het woonmilieu zien er nagenoeg hetzelfde uit. Er is veel uniformiteit in materiaalgebruik en architectuur. D e voortuinen verschillen onderling weinig. oms gee een enkele bewoner er wel een unieke expressie aan wat de boel direct opfleurt. it worden meteen unieke plekjes. ij de ho es is een gezamenlijke identiteit zichtbaar door plaatsing van gezamenlijke voorwerpen. e schaal van de ho es is net te groot en de keuzevrijheid te beperkt om echt een gezamenlijke buurtidentiteit te ontwikkelen. p wijkniveau ziet het woonmilieu er zeer gelijksoortig uit. Er zijn weinig kenmerkende of unieke plekken die refereren aan de streek of de eigen cultuur. B uurten hebben een nummer, wat de onpersoonlijkheid bevordert.
Afwisseling e wijk is vlak in stimulatie. Er is geen contrast tussen drukke en rustige plekken. e visuele variatie is door de uniforme architectuur beperkt. Er is een duidelijke stempelstructuur aanwezig door de vele herhaling van aankleding. Er is geen functiemenging in de wijk. lleen rond het winkelcentrum zijn woningen en winkels gemengd, maar dit hee een zeer beperkt oppervlak.
61
Suburbaan Exclusief
Beukenhorstlaan Wassenaar
Ontsluiting
Verkavelingstype
Bebouwingstype
Straten met villa’s
Losse verkaveling
Woningen in het hoger segment
Straatprofiel is vaak een breede laan of een singel
Ruime verkaveling
Entree van de kavel aan de straat, woning ligt vaak op enige afstand van de straat
Parkeren op eigen kavel
Woning op eigen kavel met riante voortuin met veel volwassen groen
Elk kavel een entree aan de straat, woningen zijn niet altijd zichtbaar vanaf de straat
Beukmaat 6- 20 m Bouwhoogte 1 tot 3 verdiepingen Villa’s op eigen kavel
Architectuur
Functiemenging
Openbare ruimte
Gedifferentieerd, elke villa heeft een eigen verschijningsvorm
Werken aan huis is mogelijk, vaak vrije beroepen, vaak op de begane grond
Zeer hoogwaardige materialisering
Diversiteit, van modern tot traditioneel, vaak zelfbouw
Commerciële functies op eigen kavel
Vaak gebakken materialen op de rijbaan Rijkelijk volgroeide bomen in de straat Winkelcentrum op afstand Materialisering van de gevel is zeer hoogwaardig met veel aandacht voor kozijnen en entrees Veelvormig met ruimte voor zelfbouw
Openbare ruimte is definieerd: lanen, singels en parkjes, veel privéruimte
Aanzicht gevel van een typische woning aan de Beukenhorstlaan in Wassenaar
Be uk en ho rst laa n
Lommerrijke lanen met riante villa’s
25 m
Plattegrond rondom de Beukenhorstlaan in Wassenaar
63
Dorps Centrum dorps
Marktplein, ‘s-Gravenzande
Ontsluiting
Verkavelingstype
Bebouwingstype
Straten met straatwanden
Blokverkaveling met een lage dichtheid
Gevels en entree aan de straat
Smalle straten, vaak met een centraal dorpsplein en/of dorpsweg
Verschillende kavelmaten in breedte en lengte
Beukmaat 4 - 7 m
Woning grenst direct aan de straat, met mogelijk een stoepje of voortuintje (< 5m diep)
Bouwhoogte 1 tot 3 verdiepingen met kap, variatie in bouwhoogte en goothoogte
Panden met privé achtertuinen, soms nog verborgen achtererven
Boven-benedenwoningen of volledig pand per eigenaar
Architectuur
Functiemenging
Openbare ruimte
Traditionele architectuur en bouwmethoden
Veel functiemenging, wonen, werken, winkels en publieke voorzieningen >40% van het totale vloeroppervlak andere funties dan wonen
Hoogwaardige materialisering
Langsparkeren op straat en op aangewezen velden Elke woning heeft een eigen entree aan de staat De (historische) dorpskern, er kan een stad of uitbreidingsgebied aan vastgegroeid zijn
Aandacht voor de gevel en de entrees Aandacht voor lokale, traditionele detaillering
Vaak gebakken materialen op de rijbaan Volgroeide bomen in de straat op het dorpsplein
Functies in de plint met een toegang aan de straat Horizontale geleding Winkelstraten Dagelijkse voorzieningen op loopafstand
Openbare ruimte is gedefinieerd: Dorpsstraat en/of dorpsplein
Aanzicht gevels aan het marktplein in ‘s-Gravenzande
Marktplein Kleinschalige bouwblokken > dan 40% van het totale vloeroppervlak zijn andere functies dan wonen 25 m
Plattegrond ‘s-Gravenzande centrum
65
Dorps Lokaal
Molenstraat, Monster
Ontsluiting
Verkavelingstype
Bebouwingstype
Straten met losse woningen of korte rijtjes
Losse verkaveling
Gevels en entree aan de straat
Smalle straten, vaak kronkelend, organisch gegroeid, volgt landschappelijke patronen
Verschillende kavelmaten in breedte en lengte
Beukmaat 4 - 7 m
Posities woningen op het kavel variëren
Bouwhoogte 1 à 2 verdiepingen met kap, variatie in bouwhoogte en goothoogte
Veel parkeren op eigen kavel Entree van de woning via voortuin, vaak met een waterloop langs de weg
Woningen met privé voor- en achtertuinen en soms achtererven
Vrijstaande woningen, twee-onder-een kap en korte rijtjes van max. 4 woningen
Architectuur
Functiemenging
Openbare ruimte
Traditionele architectuur en bouwmethoden
Werken aan huis is mogelijk, vaak kleine bedrijven; schildersbedrijven, timmerbedrijven, loodgieters
Hoogwaardige materialisering
Aandacht voor de kap en kapvorm, verschillende streken hebben verschillende kappen
Commerciële functies op enkele kavels
Vaak gebakken materialen op de rijbaan
Aandacht voor lokale, traditionele detaillering
Winkelstraat / dorpscentrum in de buurt
Volgroeide bomen in de straat en op ‘brinken’
Veelvormig met ruimte voor zelfbouw
Openbare ruimte is gedefinieerd: speelplaatsen en pleintjes of plantsoenen
Mo
len
str
aa
t
Aanzicht gevels van woningen aan de Molenstraat in Monster
krokkelende straat met losse woningen en korte rijtjes
25 m
Plattegrond Monster, rondom de Molenstraat
67
Dorps Suburbaan
Klapwijk, Pijnacker
Ontsluiting
Verkavelingstype
Bebouwingstype
Straten rijtjes woningen of twee-onder-één-kap
stempelbouw, open en half-open bouwblokken
Gevels en entree aan de straat
Gescheiden rijbanen, fietspaden en wandelpaden
Grootschalige verkaveling
Beukmaat 4 - 7 m
Vaak parkeren voor de deur
De grondgebonden woningen hebben een voor- en achtertuin, soms een stoepje
Bouwhoogte 1 à 2 verdiepingen met kap, variatie in bouwhoogte en goothoogte
Elke woning heeft een eigen entree aan de staat twee-onder-een kap en rijtjeswoningen Ligging aan de rand van een dorp
Architectuur
Functiemenging
Openbare ruimte
Eenvormige verschijning
Zichtbaar werken aan huis is lastig
Goedkope materialisering
Moderne vormgevel, weinig detail
Commerciële functies op enkele kavels: buurtsuper, chinees, frietzaak
Vaak asfalt of betonstenen op de rijbaan en betontegels op de stoep
Dagelijkse voorzieningen vaak niet nabij
Veel groen, veel bomen
Materialisering van de gevel is vaak goedkoop met weinig aandacht voor kozijnen en entrees Horizontale geleding Beheer en onderhoudsgericht
Veel openbare ruimte, veel plek om te spelen
Aanzicht gevels van typische rijtjeswoningen in de Klapwijk in Pijnacker
Herkenbaar stempel patroon
100 m
Plattegrond Klapwijk Pijnacker
69
Dorps
Sociale veiligheid Er is een hoge natuurlijke surveillance in het woonmilieu. V anuit de woningen is de straat meestal goed zichtbaar. Er is vrijwel geen niemandsland in het woonmilieu, overal zijn aanwijzingen dat iemand de omgeving verzorgt en overziet. Er is een duidelijke eenduidigheid door het milieu heen. R anden van bezit zijn duidelijk begrensd. Het is helder waar de publieke ruimte overgaat in privé bezit. O p de woonerven is de toegankelijkheid beperkt. oor criminelen is het lastig actief te zijn doordat vluchten moeilijk is door gebrek aan uitwijkmogelijkheden en doordat de sociale controle hoog is in het dorp. Het hoge onderhoudsniveau maakt dit woonmilieu uniek. M et het hoge ( psy chologisch) eigendom en de hoge sociale controle zijn onderhoud en verzorging overal de norm, ook in de publieke ruimte.
Leesbaarheid Er zijn duidelijke hoofdstraten, maar de a akkingen vertonen soms een onlogisch patroon. e oude dorpskern hee een organisch en logisch gevormd stedelijk patroon. e kerken vormen goede ori ntatiepunten. et woonmilieu bevat veel verschillende buurten. e grenzen van deze buurten vormen op zichzelf ori ntatiepunten in het hele woonmilieu. angs de ontsluitingswegen zijn er goede visuele verbindingen. e overige delen hebben een lage visuele verbinding. oordat de afmetingen beperkt zijn en de kerktorens in de oude kern vaak zichtbaar blijven, vormt de lage leesbaarheid geen grote obstructie.
Controle Er is veel territoriale expressie. rijwel iedereen hee een eigen voortuin en uniek gevormde voordeur. n de oude dorpskern zijn er weinig voortuinen, maar zijn de mogelijkheden om de voorgevel naar eigen inzicht aan te passen groter. oor de voortuinen hebben bewoners mogelijkheid om hun privacy t.o.v. de straat te reguleren. oningen in het duurdere segment hebben diepere tuinen met meer mogelijkheden voor exclusie. e voor en achtertuinen bieden goede bu ers t.o.v. de publieke ruimte. et is vaak zichtbaar dat bewoners een extra zone tot semipubliek terrein verklaren en zo een extra gezamenlijke tussenruimte cre ren.
Sociale relaties Er is een breed pallet aan gemeenschappelijke voorzieningen: sport, speeltuinen voor verschillende lee ijden, natuur en winkels. e voorzieningen liggen op korte loop afstand van de woningen. e kerken en het verenigingshuis hebben de mogelijkheid om het milieu te verenigen. Er zijn veel voortuinen en verbindingspaden langs huizen. et ontbreken van lange monotone straten en de aanwezigheid van aantrekkelijke afwisselende wandelpaden met natuur ondersteunen wandelen en veel spontane interacties. et is goed mogelijk om op kinderen toezicht houden. Er zijn veel speelmogelijkheden, weg van de autoweg. Er is veel diversiteit in natuur. Er zijn voldoende plekken voor oudere kinderen om samen te komen maar in het dorp is er ook weinig te doen. et milieu is voor kinderen tot ongeveer jaar erg kindvriendelijk.
Identiteit I n de oude dorpskern zijn de huizen eenvoudig maar wel uniek. D ankzij de overmaat op de kavel kunnen bewoners hun huizen naar eigen smaak aanpassen. e kleine afmetingen van buurten met een eigen bouwstijl vormt een vorm van buurtidentiteit. Er is in het dorp weinig herhaling in het stedelijk weefsel/ stratenpatroon. Het milieu is kleinschalig en bevat veel voorzieningen. D aarnaast is elk nieuw deel van het woonmilieu verbonden met de oude kern. ierdoor is er altijd een aarding in de lokale geschiedenis en cultuur. Er is een hoge onderlinge ruimtelijke verbondenheid stijlen en plekken in het woonmilieu lopen makkelijk in elkaar over. D it zorgt voor veel eenheid en maakt het milieu uniek.
Afwisseling e dorpskern hee door haar organische vorming, unieke variatie en de aanwezigheid van autoverkeer in de nauwe straatjes een verhoogd prikkelniveau. e woonwijken liggen vlakbij en hebben een laag prikkelniveau. ewoners hebben de mogelijkheid naar keuze levendigheid op te zoeken. Er zijn verschillende architectuurvormen vlak naast elkaar in een klein gebied. it gee veel afwisseling. Er is een breed pallet aan functies op korte afstand van elkaar.
73
Landelijk Zouteveenseweg, Midden-Delfland
Ontsluiting
Verkavelingstype
Bebouwingstype
Wegen met vrijstaande woningen en bedrijfsgebouwen
Losse verkaveling
Entree via het erf
Ruime verkaveling
Bouwhoogte 1 à 2 verdiepingen met kap, variatie in bouwhoogte en goothoogte
Het gemengd wegprofiel is vaak een verdicht lint of een dijk, volgt de lijnen in het landschap
Woning op eigen kavel met riante voortuin en achtererf met veel volwassen (bedrijfs) groen
Vrijstaande woningen en bedrijfsgebouwen
Architectuur
Functiemenging
Openbare ruimte
Gedifferentieerd, elke woning heeft een eigen verschijningsvorm
Voornamelijk boeren bedrijven
Hoogwaardige materialisering
Commerciële functies op eigen kavel
Geasfalteerde weg
Dagelijkse voorzieningen niet nabij
lommerijke straten of openzicht naar het landschap
Parkeren op eigen kavel, autobezit noodzakelijk Elk kavel een entree aan de weg, woningen zijn niet altijd zichtbaar vanaf de straat Ver van OV
Vaak traditioneel, vaak zelfbouw Materialisering van de gevel is hoogwaardig met veel aandacht voor kozijnen en entrees Veelvormig met ruimte voor zelfbouw
Openbare ruimte is definieerd: dijken, groen lint, veel privéruimte
Aanzicht typische woning aan de Zouteveenseweg in Midden-Delfland
Ensembles van losse agrarische gebouwtjes langs een verdicht lint
Zo ut ev ee ns ew eg
100 m
Plattegrond Midden-Delfland rondom de Zouteveenseweg
75
Living Labs verslag van twee workshops met hantering van de ordeningsprincipes 1. transformatie van suburbaan richting dorps 2. transformatie van suburbaan richting stedelijk
77
Transformatie Pijnacker Nootdorp Suburbaan
Dorps
Grondgebonden
Centrum Dorps Lokaal
cker
a Pijn cent rum
Transformatiegebied
Plattegrond Pijnacker-Nootdorp
500m
9 december 2014 Living lab: transformatie van het gebied ten oosten van station Pijnacker Centrum. De workshopdeelnemers hebben verschillende achtergronden: van stedenbouwkundigen en planners bij gemeenten en corporaties tot omgevingspsychologen en beleidsmedewerkers. De ordeningsprincipes zoals die zijn vastgesteld in deze handreiking worden gehanteerd om gezamenlijk de transformatie te sturen richting een Dorps milieu. Al snel blijkt dat de verbindingen van het transformatiegebied met het station en het centrum van Pijnacker belangrijk zijn. Ook de parkeernorm en de parkeeroplossing zijn belangrijke topics in de discussie. Iedereen is het erover eens dat om een echt dorpsmilieu te creëren de parkeernorm laag moet zijn. Met een hoge parkeernorm en de daarbij behorende parkeeroplossingen gaat het milieu snel richting suburbaan.
Met het hanteren van de ordeningsprincipes wordt er tijdens de discussie één taal gesproken door mensen met een verschillende achtergrond en vakgebied. De ordeningsprincipes die zijn toegepast om het milieu te transformeren richting een dorps milieu zijn na te lezen op de pagina’s 62-65: dorps centrum en dorps lokaal. Het schetsontwerp dat tijdens de discussie wordt opgetekend helpt om de discussie te verhelderen en beeldend te maken. Het is geen uitgewerkt plan dat zo kan worden doorgevoerd, maar het laat de gevolgen van beslissingen direct zien op de kaart. De schets toont een poging het transformatie gebied te verbinden met het station Pijnacker Centrum en het daarnaast liggende centrum. Het ‘gezicht’ van de wijk richting de hoofdweg is daarbij belangrijk. Er worden straten gemaakt met straatwanden. De straten hoeven niet altijd recht te lopen. Een enkele kronkel of een diagonaal is welkom. Echter wordt opgemerkt dat voor de veiligheid en het gevoel van veiligheid oriëntatie en overzicht belangrijk zijn. De bochten zijn daarom niet al te scherp. Er wordt getracht om een hiërarchie in de straten te maken en er wordt een centraal plein of straat gezocht om de voornaamste functies langs te clusteren. De invulling van de plots is steeds verschillend en biedt ruimte voor verschillende woonwensen en functies, zoals we vaak in een dorp terugzien.
De straten hebben een smal profiel. Er is ruimte voor langsparkeren, grote parkeervelden zijn niet wenselijk, wel kan er af en toe op een slimme manier een plot worden ingevuld met parkeren. Straatprofiel en parkeernorm blijken een belangrijke invloed te hebben op het woonmilieu. Zij spelen een prominente rol in het aansturen op een suburbaan of een dorpsmilieu.
Pijnacker Centrum
Transformatiegebied beoogd milieu: Doprs: dorps centrum/ lokaal
station Pijnacker Centrum
20m
Pijnacker-Nootdorp formaat A1 schaal 1:1000
SmartCityStudio
huidige situatie
schetsontwerp als uitkomst van de discussie
79
Transformatie Delft Poptahof Suburbaan
Stedelijk
Gestapeld
Rustig
Plattegrond Pijnacker-Nootdorp
500m
10 december 2014 - Living Lab: Delft Poptahof onder de loep genomen. Het gebied heeft een grote potentie vanwege de ligging nabij NS station Delft en de binnenstad. Echter is het op dit moment een onaantrekkelijk gebied met hoge flats, blinde plinten en grote parkeervelden. Typisch suburbaan gestapeld. Verderop heeft er al transformatie plaatsgevonden. In de workshop bekijken we hoe het transformatie gebied kan worden gestuurd richting een stedelijk woonmilieu. Wederom zijn de ordeningsprincipes een belangrijke tool. Als we inzoomen op het gebied, zien we dat de dubbelbaanse Westlandse weg een behoorlijke barrière vormt. Zouden we hier een aantrekkelijker profiel van kunnen maken, gebruikmakend van de huidige structuur en maat? In de discussie lijkt het lastig, maar er wordt een poging gedaan een stadse boulevard te maken met straatwanden. Daarnaast wordt er gekeken naar de mogelijkheid om een verbinding te leggen met het Poptapark en naar de mogelijkheid om een aantrekkelijk stedelijk (rustig) milieu te creëren binnen de blokken. Lukt dit binnen de bestaande structuur of moet er sloop-nieuwbouw worden gepleegd?
De ordeningsprincipes die worden gehanteerd om de transformatie van suburbaan richting rustig stedelijk te sturen zijn na te lezen op pagina 36. In de transformatie van Delft Poptahof zijn er een aantal topics die sterk naar voren komen: de verbinding met de omgeving en het gezicht van de wijk, stadsblokken met een aantrekkelijke landschappelijke kwaliteit, straten met straatwanden en de parkeerdruk met een passende oplossing. De schets toont ons een poging om aantrekkelijke straatprofielen te maken. Het nieuwgebouwd stadsblok Le Medi in Rotterdam wordt aangedragen als inspiratiebron voor de stadsblokken. In de discussie lijkt er een midden te worden gezocht tussen behoud van bestaande structuren en gebouwen en sloop nieuwbouw. Zichtlijnen, verbindingen met het Poptapark, oriëntatiepunten en landschappelijke kwaliteiten in de vorm van waterwegen en bomen worden aangedragen om een stedelijke kwaliteit te creëren. Ook functiemenging, een aantrekkelijke plint en entrees aan het park en langs de straten zijn belangrijk in de vorming van het plan. De schets toont het resultaat van de discussie.
20m
Delft Poptahof formaat A1 schaal 1:1000
SmartCityStudio
81
Tips & trucs uit referentieprojecten Steegsche velden Best, NL SmartCityStudio 2009-2014, Stedenbouwkundig ontwerp
Dorpse ordeningsprincipes toegepast Ontsluiting Straten met korte rijtjes Verkavelingstype Verschillende kavelmaten Posities woningen op het kavel variëren Architectuur Aandacht voor gevels en entree Bebouwingstype Bouwhoogte twee verdiepingen met kap Variatie in bouwhoogte en goothoogte Openbare ruimte Hoogwaardige materialisering Gebakken materialen op de rijbaan Openbare ruimte is gedefiniëerd: brinken, speelplaatsen en plantsoenen
Sterrenkwartier Spijkenisse SmartCityStudio 2012-2013, stedelijke transformatie
voor
na
Stedelijke ordeningsprincipes toegepast Ontsluiting Verbonden met de omgeving, de blokken hebben zich geopend naar het park Gebouwd parkeren, minder grote open parkeervelden Verkavelingstype Transformatie naar kleinere blokverkaveling. Woningen met privé achtertuinen of balkons Architectuur Meer aandacht voor kozijnen en entrees Meer differentiatie Bebouwingstype Gevels en entrees georiënteerd op de straat Openbare ruimte Volgroeide bomen in de straat Openbare ruimte is definieerd
83
Bijlage psychologische beleving zes belevingsfacetten
85
Psychologische beleving: doelstelling, werkwijze en interpretatie gegevens
erstructureringsprojecten werden vaak bepaald door woningkwantiteit in plaats van omgevingskwaliteit. ierin is een verschuiving merkbaar van relatief weinig aandacht voor de stedenbouwkundige en ruimtelijke samenhang in stedelijke structuren naar een toegenomen interesse in hoe we deze samenhang kunnen verbeteren. e verandering komt voort uit de wens om leefproblemen op te lossen, problematische wijken betere vooruitzichten te geven en een beter gericht aanbod op de verwachte woonbehoe e te ontwikkelen voor de burger. e verandering in optiek vraagt om ruimtelijke transformatie en verbeteringsvoorstellen voor de her inrichting van de leefomgeving waarbij de ervaring van de burger centraal staat. anuit het idee dat de beleving de kwaliteit van de omgeving sterk be nvloedt wordt in dit project daarom aandacht besteed aan de stedelijke beleving van woonmilieus. et project is een eerste a akening van facetten die de beleving van woonmilieus in belangrijke mate be nvloeden. aarnaast wordt de beleving van acht kenmerkende woonmilieus beschreven.
Leefbaarheid als uitgangspunt. ls centraal uitgangspunt zijn we uitgegaan van de beleving van lee aarheid. ee aarheid de ni ren we als de mate waarin bewoners zelfstandig in staat zijn om eigen doelen te bereiken op het gebied van gezondheid, familieleven, sociale relaties, inrichting, werksituatie, dienstenafname, inkomensniveau, veiligheid, omgevingskwaliteit, sociale gelijkheid, welvarendheid en mate van zelfrealisatie.
Aanwijzingen voor interpretatie van de resultaten. e resultaten beschrijven de veronderstelde beleving op basis van een theoretisch kenniskader. Er is alleen gefocust op mogelijke invloeden van de fysieke omgeving. it zal in de praktijk verschillen van de gepercipieerde beleving op basis van instrumenten zoals de grote woontest, waarbij ook sociale, economische en culturele omstandigheden zijn meegenomen. oor de lezer is het daarbij belangrijk om te realiseren dat de resultaten niet geveri eerd zijn en daardoor niet overal overeen zullen komen met de echte beleving van verschillende doelgroepen. e beschrijvingen fungeren als een startpunt om hypothesen voor oorzaak gevolg relaties op te stellen, maar vormen geen recept om zonder contact met bewoners direct beleid en interventies op te baseren. aarbij kan het belangrijk zijn om een basishouding van possibilisme in te nemen. nterventies vergroten de kans op een bepaalde beleving of ervaring maar dicteren dit zelden. oor te denken in termen van kansen of mogelijkheden wordt voorkomen dat de gedachte ontstaat dat er van bovenaf een maakbare beleving kan worden gecre erd zonder te controleren of het aansluit bij de wens van de burger. e relatie met de bewoner moet zoveel mogelijk worden opgezocht omdat de beleving vanaf de tekentafel vaak anders is dan de beleving van de wijkbewoner.
Hoe zijn we te werk gegaan? oor de woonmilieubeschrijvingen is onderstaande werkwijze gehanteerd: Stap 1: Definiëren wat wordt verstaan onder beleving. Er zijn verschillende manieren om beleving te de ni ren. a een verkennend literatuuronderzoek hebben wij gekozen voor menselijke basisbehoe en. Stap 2: Opzetten van een beschrijvend model. e hebben een model opgezet voor beleving met zes hoofdfacetten. nder elk hoofdfacet zijn drie of vier beschrijvende subfacetten. Stap 3: Selectie van zeven woonmilieus. m de opdracht realiseerbaar te houden zijn de zeven meest kenmerkende en voorkomende woonmilieus geselecteerd. et woonmilieu suburbaan grondgebonden is opgesplitst in een bloemkoolwijk variant en een inex wijk variant omdat de bouwperiode invloed uit kan oefenen op de beleving. Stap 4: Selectie van acht prototypische wijken. m de daadwerkelijke inventarisatie te kunnen baseren op empirische gegevens zijn acht prototypische wijken geselecteerd waarin elk woonmilieu voorkomt. Stap 5: Verzamelen van wijkgegevens d.m.v. fotografie en plananalyse. Elke wijk is uitgebreid gefotografeerd. e plattegronden van elke wijk zijn bestudeerd d.m.v. plananalyse op ruimtelijke patronen en kenmerken. Stap 6: Beschrijving van de acht woonmilieus op basis van de wijkanalyse n een drietal bespreeksessies zijn de gegevens van elke wijk doorgenomen.
an de hand van het beschrijvende model voor beleving is elk woonmilieu beschreven. e resultaten staan in dit document.
87
Psychologische beleving: de selectie van belevingsfacetten
m tegemoet te komen aan de vereisten voor universaliteit over de acht milieus en over alle gebruikersgroepen is er uitgegaan van primaire psychologische basisbehoe en van bewoners. m te komen tot een duidelijk kader wat beleving precies inhoudt is eerst een a akening gemaakt. n onderling overleg zijn zes selectiecriteria gekozen waaraan belevingsaspecten aan moesten voldoen. Er is getwijfeld of er ook binnen het woonmilieu concrete individuele ervaringen van doelgroepen moesten worden verzameld. it zou betekenen dat er ook data moest worden verzameld bij bewoners door middel van bijeenkomsten, vragenlijsten of interviews. it bleek niet realiseerbaar en daarom is hier van afgezien. e zes selectiecriteria zijn: Universeel aanwezig. et onderzoek plaatst woonmilieus naast elkaar voor vergelijking en identi catie. aarom was het uitgangspunt dat alle aspecten aanwezig moesten zijn in alle woonmilieus. Universeel toepasbaar. e aspecten moesten van toepassing zijn op alle aanwezige gebruikersgroepen. e dienen daarom zoveel mogelijk ona ankelijk te zijn van individuele gebruikerskenmerken zoals lee ijd of mate van mobiliteit. Wetenschappelijk relevant. e aspecten moesten uitwerkbaar zijn en te onderbouwen op basis van wetenschappelijke kennis en inzicht. Maatschappelijk relevant. e aspecten moesten teruggrijpen op kernaspecten in de beleving van de woonmilieus door bewoners. Omvattend.
e aspecten moesten samen een omvattende en brede invulling geven aan het begrip lee aarheid. Observeerbaar. et moest mogelijk zijn de aspecten door middel van observatie in kaart te brengen.
Welke facetten zijn gekozen? Er zijn zes belevingsfacetten gekozen om de woonmilieus te beschrijven. eze zes facetten zijn achtereenvolgens: 1. Sociale veiligheid de mate waarin bewoners zich veilig voelen. 2. Leesbaarheid de mate waarin er een duidelijke structuur aanwezig is. 3. Controle de mate waarin bewoners hun omgeving kunnen aanpassen. 4. Sociale relaties de mate waarin sociaal contact gefaciliteerd wordt. 5. Identiteit de mate waarin er identiteitsbepalende en karakterverhogende elementen en structuren aanwezig zijn. 6. Afwisseling de mate van variatie in de bebouwing en inrichting. e eerste vijf facetten volgen losjes twee modellen van de gedragswetenschappers eisel en aslow. eze keuze kwam tot stand doordat deze modellen het meest fundamenteel terugvallen op de basisbehoe en van bewoners. et zesde aspect, afwisseling, is een aspect dat niet in de modellen van eisel en aslow terug te vinden is maar ook een primair universele behoe e vertegenwoordigt. ensen raken gestimuleerd door omgevingen met een zekere mate van complexiteit. Een teveel aan stimulatie en prikkeling in een gebied vinden de meeste mensen vervelend, te weinig zorgt echter ook voor onaangename ervaringen. e overzichtelijke omgevingen zijn snel saai, wat leidt tot een slechtere beleving. e drukke omgevingen zorgen voor overbelasting.
iet toegevoegd maar wel een belangrijk aspect van beleving is contact met natuur. e hebben dit uitgesloten omdat het een te doelgroepa ankelijke kwaliteit is en daardoor in strijd met het criterium universeel toepasbaar . p de volgende pagina s worden de facetten kort samengevat. n de bijlage p.
wordt er dieper ingegaan op de zes belevingsfacetten.
89
Sociale veiligheid ichtbaarheid kan worden bevorderd met kijklijnen op maaiveldniveau die de straat en omliggende ruimte met elkaar verbinden, goed zicht uit woonhuizen op de straat en aanwezigheid van mensen op straat. onkere en onoverzichtelijke plekken zoals links is weergegeven moeten zoveel mogelijk worden voorkomen.
e grens tussen publieke ruimte en private ruimte kan helder worden afgebakend door de rooilijn consistent zichtbaar te maken en grenzen aan te geven, eventueel symbolisch. p plekken waar de grens niet duidelijk is verschijnen vaak verbodbordjes, soms door bewoners zelf geplaatst. it is een indicatie dat de omgeving niet duidelijk grenzen uitdraagt.
oede doorgaande toegangswegen verhogen de bereikbaarheid. linde plinten in de woonomgeving reduceren de zichtbaarheid op straat en geven een perceptie van onbereikbaarheid doordat de mogelijkheid om contact met mensen te maken verkleind wordt.
ls huizen goed verzorgd zijn, wordt visueel gecommuniceerd dat goed onderhoud de norm is en dat de eigenaar een hoge betrokkenheid hee bij zijn bezit en omgeving. ls zelfs een eigenaar geen zorg voor zijn bezit hee , is er voor derden ook minder aanleiding om er zorg voor te dragen.
90
Leesbaarheid
et stratenpatroon van de wijk en aag tatenkwartier is een voorbeeld van een eenduidig patroon. e centrale as is de verbindingslijn van de wijk. wars op deze as verbinden lange lanen de huizen met de rest van de stad. et patroon is makkelijk te onderscheiden en te begrijpen.
Een manier waarop di erentiatie kan worden gerealiseerd is door unieke en afwijkende gebouwen te realiseren op de koppen van straten. ierdoor fungeert dit gebouw als referentiepunt voor een straat of een buurt.
ichtlijnen en doorkijkjes helpen mensen om overzicht te krijgen doordat relaties in het stedelijk weefsel ter plekke inzichtelijk worden gemaakt. et e ect neemt toe naarmate het stedelijk weefsel een logischere opbouw hee .
91
Controle erritoriale expressie kan worden ge ntegreerd in de architectuur door middel van het aanbieden van afscheidingen d.m.v. muurtjes of ornamenten. Een nog e ectievere manier is om mogelijkheden beschikbaar te stellen aan bewoners om deze zelf in te vullen. oe minder vormgeving opgelegd wordt aan bewoners, hoe meer vrijheid en zelfstandigheid bewoners kunnen ervaren. vermaat in woning, kavel en ensemble biedt bewoners ook flexibiliteit om hun woning en omgeving aan te passen aan nieuwe behoe en.
oordat bewoners bijvoorbeeld zelf de privacybehoe e kunnen invullen kan de eigen balans tussen waarneming van het straatleven en bescherming van het priv eigendom vormgeven. ls de behoe e aan privacy verandert, kan de woning meeveranderen zodat de balans behouden blij . p de rechter tekening zijn er vrijwel geen privacyregulerende maatregelen. ewoners kunnen alleen door de interne ruimte aan te passen gordijnen zich afschermen.
onering levert de mogelijkheid op om een graduele overgang te bewerkstelligen tussen het volledige publieke leven en het volledige priv leven. e overgangszone kan worden bewerkstelligd met semipublieke ruimte gezamenlijk voor alle bewoners en semiprivate ruimte van de bewoner zelf, zoals een voortuin . n de beste situatie bevat elke woning een semiprivate zone. eze zone kan er ook voor zorgen dat de straat ook gedeeltelijk opgaat in semiprivaat gebruik.
92
Sociale relaties peeltoestellen direct voor de voordeur zorgen voor een verbindend element in de wijk. ierbij kunnen ook zitvoorzieningen voor volwassenen zoals een plek om buiten te eten worden bijgevoegd zodat de ruimte voor verschillende generaties bruikbaar wordt. ok ruimte voor een lokale winkel, een klein cafe of een gemeenschappelijke ruimte kan dienen als voorziening.
oor kleine verhogingen, trapjes, straatjes e.d. te introduceren in de omgeving ontstaan er plekjes voor een spontaan gesprek. Een goede open verbinding tussen de eigen tuin ruimte en de publieke of semipublieke ruimte is hierbij belangrijk omdat zo mensen in staat worden gesteld om naar behoe e contact te maken.
Een brede stoep stelt kinderen in staat om vrij te spelen, vlak voor de eigen voordeur. ierdoor is het ook makkelijker om toezicht te houden op jonge kinderen. e toegenomen levendigheid voor de voordeur verhoogt de lee aarheid in het woonmilieu.
93
Identiteit
leinschalige objecten en toevoegingen van bewoners laten zien dat er mensen aanwezig zijn in de woonomgeving. e geven een gevoel van herkenning en vriendelijkheid voor de buurtbewoners. oor de bewoner zelf is het een mogelijkheid om zich te laten zien.
oor objecten die buurtbewoners achterlaten in een gezamenlijke afgeschermede omgeving voor buurtbewoners onstaat er meer een sfeer van saamhorigheid. et gee de mogelijkheid om ergens bij te kunnen horen voor de buurtbewoner.
nieke kenmerken in de omgeving stijgen in waarde als er een sociale of culturele waarde aan vast zit. Een uniek geschiedkundig detail gee een vorm van aarding in de omgeving.
94
Afwisseling
oor levendige plekken af te wisselen met rustige plekken hebben huiszoekers een diverser aanbod. uurtbewoners hebben de mogelijkheid om naar gelieve een drukke of rustige plek op te zoeken. et voorkomt een saaie leefomgeving.
fwisselende gevels zorgen dat het straatbeeld niet snel saai wordt. et maakt de straat boeiender om in te zijn en prikkelt de nieuwsgierigheid.
oor woningen en commerci le functies te mengen ontstaat activiteit in het woonmilieu. oor scheiding van functies op blokniveau los te laten ontstaat meer levendigheid, wat de lee aarheid kan verhogen.
95
Colofon
Deze handreiking is gemaakt in opdracht van het stadsgewest Haaglanden. De handreiking bestaat uit twee delen: 1. ruimtelijke ordeningsprincipes, gemaakt door SmartCityStudio 2. psychologische beleving, gemaakt door Eyckveld Aan deze handreiking werkten mee: SmartCityStudio Rogier van den Berg Heidi Klein Eyckveld Wouter Tooren Henk Jelle Zandbergen roos Offinga Ciro Römer Stadsgewest Haaglanden Barend Jansen © januari 2015
97