RIS312899 Bijlage Binckhorst Cultuurvisie Blueyard
Tekst van het document
THE OTHER SIDE Een visie op cultuur in de Binckhorst Henk Scholten Geert Boogaard 24 maart 2022
Inhoudsopgave Samenvatting ........................................................................................ 2 Inleiding ................................................................................................ 4 1.
Lessen leren van elders ............................................................... 8
2.
Wat heeft de stad nodig?............................................................ 16
3.
De Binckhorst ............................................................................ 20
4.
Van betekenis naar visie ........................................................... 28
5.
Aanpak en aanbevelingen ......................................................... 43
6.
Geraadpleegde bronnen en gesprekspartners .......................... 47
© Blueyard Coöperatief U.A., 2022 Deze visie en het erbij horende advies is opgesteld door Henk Scholten en Geert Boogaard Blueyard Keizersgracht 100 – 104 1015 CV Amsterdam www.blueyard.nl info@blueyard.nl
Binckhorst | Cultuurvisie
24 maart 2022
1
Samenvatting
Binckhorst | Cultuurvisie
Kern van de ontwikkelde visie op de toekomstige invulling van kunst, cultuur en creativiteit in de Binckhorst, plus de opgaven voor de gemeente Den Haag
24 maart 2022
2
Ruimtelijke vertaling
Binckhorst | Cultuurvisie
De visie op cultuur in de Binckhorst ruimtelijk vertaald waarbij de vier elementen duidelijk een eigen ‘locatie’ krijgen.
24 maart 2022
3
Inleiding In Den Haag ontwikkelt zich een nieuwe wijk: de Binckhorst. Strategisch gelegen dichtbij zowel het Centraal Station als station Hollands Spoor, transformeert het voormalige industriegebied sinds een aantal jaar stap
Gemeente Den Haag Blueyard gevraagd om voor de toekomstige rol en inhoud van kunst en cultuur in de Binckhorst een visie te ontwikkelen; een cultuurvisie. Deze visie presenteren we in dit document.
De formele vraag van de gemeente De gemeente Den Haag stelt Blueyard drie vragen:
voor stap in een dynamische wijk waar wonen en werken samenkomen. Een eerste tranche voor de realisatie van 5.000 woningen is gegund aan een aantal vastgoedontwikkelaars en een volgende tranche van nog eens 5.000 woningen is aanstaand. Op verschillende plekken zijn sloop en bouwactiviteiten gaande. De komende jaren zullen in de Binckhorst tot zo’n 20.000 mensen gaan wonen, terwijl aan de andere kant ook bedrijvigheid aanwezig blijft: kantoren, maar ook de maak- en creatieve industrie.
1. Welke rol, betekenis en inhoud kan cultuur (van kunst en erfgoed tot design en cultuurparticipatie) in (de verdere ontwikkeling van) de Binckhorst spelen en hoe vertaalt zich dat in concrete programmering vanaf 2022?
Tot op heden ontbrak één wezenlijk element in de het ontwikkelproces: kunst, cultuur in de Binckhorst. Met ons constateert ook de gemeente dat de wijze waarop de Binckhorst (maar niet alleen de Binckhorst) wordt ontwikkeld, leidt tot een situatie waarbij de rol en invulling van kunst en cultuur eigenlijk niet of nauwelijks worden opgenomen in de ontwikkelplannen, noch in de uitvoering daarvan. Kunst en cultuur zitten zogezegd ‘niet aan tafel’ bij het ontwikkelen van de stad. En dat terwijl de betekenis van kunst, cultuur en creativiteit zo ontzettend groot kan zijn voor het vormgeven aan de stad van morgen.
3. Hoe verhoudt culturele ontwikkeling in de Binckhorst zich tot die in het Stadsdeel Laak als geheel?
Kunst en cultuur zitten niet aan tafel bij het ontwikkelen van de stad. Om nu te voorkomen dat kunst en cultuur straks alleen maar een lastig sluitstuk zijn van een stedelijke ontwikkelopgave “waar je toch ook iets mee moet”, heeft de dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn (OCW) van de Binckhorst | Cultuurvisie
2. Biedt de aanpak met een gebiedscurator inderdaad de handvatten om tot een betekenisvolle culturele programmering te komen, waarbij bewoners zijn betrokken en cultuur met name wordt ingezet om maatschappelijke kwesties aan de orde te stellen?
De gemeente vraagt Blueyard concreet: 1. Een plan op te stellen voor de inzet van cultuur in de Binckhorst, vertaald in een programmeringsvoorstel vanaf 2022. Deadline eind november 2021. 2. In het najaar van 2021 bij wijze van pilot de rol te vervullen van gebiedscurator Binckhorst en in die periode ten minste één tot de verbeelding sprekend evenement in en met de Binckhorst te doen plaatsvinden. 3. Zowel in het plan als in de rol van gebiedscurator de relatie met Laak te betrekken. 4. Een fondsenscan te maken ter onderbouwing van de haalbaarheid van de voorgestelde programmering vanaf 2022.
24 maart 2022
4
Gebiedscurator
Wat is een cultuurvisie? En wat is cultuur?
Om de cultuurvisie meer dan een papieren bestaan te gunnen, heeft de gemeente Blueyard ook uitgenodigd om, als een ‘gebiedscurator’, in lijn met de cultuurvisie een eerste inhoudelijk en concreet hoofdlijnenprogramma te presenteren: een concrete en realistische invulling van culturele activiteiten die reeds in 2022 kunnen worden gerealiseerd in de Binckhorst. Daarbij wordt ook een ‘doorkijk’ gevraagd naar de jaren 2023 en verder.
Wanneer we werken aan een cultuurvisie wat bedoelen we dan eigenlijk met ‘cultuur’? Cultuur kan veel zaken betekenen. Wij interpreteren ‘cultuur’ als het totaal van menselijke, creatieve uitdrukkingsvormen: van muziek tot architectuur, van film tot debat, van theater tot design, van ideeën tot verhalen.
De belangrijkste uitgangspunten voor de te realiseren activiteit(en) staan in de notitie Gebiedscurator die door de gemeente (OCW) is opgesteld. Het gaat dan onder andere om het verbinden van kunst en cultuur met thema’s die in het gebied/de samenleving spelen; om het betrekken van culturele initiatieven en bewoners uit in dit geval de Binckhorst zelf; en als eerste stap om het zichtbaar maken van wat er al is. Het inhoudelijke hoofdlijnenprogramma voor 2022 wordt in een separaat document uiteengezet en is als bijlage bijgevoegd.
Twee vragen Wanneer we de vraag van de gemeente naar een cultuurvisie op de Binckhorst wat dieper beschouwen, zien we daarachter eigenlijk twee vragen schuilgaan: 1. Hoe kunnen we een kunst- cultuuraanbod in de Binckhorst ontwikkelen dat een optimale betekenis heeft voor deze wijk? 2. Welk aanbod van kunst en cultuur in de Binckhorst heeft straks de meest optimale betekenis voor de stad Den Haag? Bij het formuleren van de cultuurvisie nemen we beide vragen als opgave mee. Kunst en cultuur dienen straks in de Binckhorst zowel van optimale betekenis voor de bewoners van de nieuwe wijk te zijn (leefklimaat, sociale verbindingen, persoonlijke ontwikkeling) als voor de grotere stad Den Haag (positionering, aantrekkingskracht, internationale uitstraling, en het tastbaar en beleefbaar maken van het innovation district). Binckhorst | Cultuurvisie
Cultuur is wat we vandaag verbeelden en ervaren. Maar cultuur zit ook verankerd in dat wat mensen in het verleden verbeeld en ervaren hebben. De tastbare erfenis daarvan vormt het ‘culturele erfgoed’: monumenten, archeologische vondsten, kunstvoorwerpen, verhalen, etc. Cultuur is het resultaat van het menselijke vermogen om iets nieuws ‘te scheppen’. Dit vermogen noemen we ‘creativiteit’. Creativiteit is voor ons een sleutelbegrip binnen onze definitie van cultuur. We zullen het begrip cultuur dan ook vaak in een drietrap noemen:
Kunst, cultuur en creativiteit Steeds vaker wordt cultuur geschaard onder het verzamelbegrip creatieve industrie. Dat is begrijpelijk omdat er veel overlap is, maar er worden daarmee wel veel verschillende disciplines op één hoop gegooid.
Creatieve industrie is lastige verzamelbak De creatieve industrie bestaat uit verschillende sectoren. Vaak wordt een onderverdeling in drie hoofddomeinen gemaakt: media en entertainment (digitale media, uitgeverijen, tv, gaming), creatieve zakelijke dienstverlening (waaronder reclame, vormgeving) en kunsten en erfgoed (uitvoerende kunstenaars, theaters, musea). Op zich kunnen wij wel leven met deze indeling, maar er gaan wel gauw zaken door elkaar lopen. En dat komt omdat de motivaties van de makers zo verschillend zijn: met welk doel voor ogen wordt iets gemaakt? Het maken van een reclame om zoveel mogelijk luiers te verkopen wordt waarschijnlijk door een andere motivatie gedreven dan bijvoorbeeld het maken van een kunstwerk dat mensen troost moet bieden. Het industrial design van 24 maart 2022
5
een nieuw koffiezetapparaat is heel wat anders dan social design dat naar een antwoord zoekt voor het vraagstuk eenzaamheid. Kortom, we realiseren ons dat de creatieve industrie domeinen omvat die ook wij in deze visie beschrijven, maar we vermijden het gebruik van de term en houden het bij kunst, cultuur en creativiteit.
In één beeld Wij kiezen er nu voor om vooral een ‘beeld’ te geven van de ‘wolk’ aan onderdelen die wij nu tot onze definitie van cultuur rekenen. Het beeld dat we schetsen is verre van compleet, maar het toont wel de grote verscheidenheid die zo kenmerkend is voor het domein cultuur.
De creatieve maker In deze visie op de Binckhorst zal het niet alleen gaan over de brede waaier aan kunst, cultuur en creativiteit, maar vooral ook over de maker; de creatieve maker wel te verstaan. Deze creatieve makers zijn op dit moment juist in de Binckhorst veel actief. En – wanneer we vooruitkijken naar de visie die we hier gaan presenteren – zullen het ook deze makers zijn die het profiel van de Binckhorst in hoge mate gaan bepalen. Daarom is het goed om vooraf duidelijk te maken wat we onder zo’n creatieve maker verstaan. We maken daarbij een vierdeling waarbij de primaire focus van de maker steeds verschillend is: op de expressie; op het onderzoeken (speculatie); op het ambacht; op innovatie.
In het midden zetten we de letter C. Voor ons staat deze letter even goed voor Cultuur als voor Creativiteit. De C staat voor ons ook voor Community, omdat cultuur per definitie iets is dat zich manifesteert en betekenis krijg in een gemeenschap – een community (zie afbeelding). Bands Festivals Popmuziek Food Klassiek Dance Jazz Deejay HaFaBra Games Orkesten (Jazz) ballet
Digital Design
Urban Dance Zingen
Technologie
Koren Theater Cabaret
Fotografie Video Vlogs
Korte film Spoken word Debat Speelfilm Beeldende kunst Documentaires Museum Design Collectie Social Design Archief Cultuurhistorie Architectuur Monumenten Landschap Archeologie Fashion design Bibliotheek Sieraden Lezen Tekenkunst Schrijven Ambacht Ceramiek Schilderkunst
Binckhorst | Cultuurvisie
24 maart 2022
6
Een model met een vierdeling is uiteraard maar een model en schiet per definitie tekort. Makers zullen zich niet zelden in meerdere kwadranten begeven. Toch geeft de verdeling een aardig beeld van en enige houvast binnen de diversiteit die we ook in de Binckhorst zullen aantreffen.
Op onderzoek uit In deze cultuurvisie gaan we na welk aanbod en welke dynamiek van kunst, cultuur en creativiteit in de Binckhorst gestimuleerd zou moeten worden. We nemen daarbij de historie en het bestaande culturele DNA van de Binckhorst als uitgangspunt. We beginnen in die zin niet met een blanco canvas, maar tekenen eerst in dat wat zich nu reeds aan kunst, cultuur en creativiteit krachtig manifesteert. Daarom zijn we op onderzoek uitgegaan en hebben we met een breed palet aan kunstenaars, creatieven en andere cultuurmakers gesproken. Uit de Binckhorst, maar ook van daarbuiten. Ook hebben we gekeken naar de plannen vanuit de vastgoed hoek. Wat willen de vastgoedontwikkelaars met het gebied? Maar misschien hebben we vooral gezocht naar wat ‘de stad’ wil met haar nieuwe wijk. En dan niet zozeer het verhaal over wonen en werken, maar vooral: welke kans biedt de Binckhorst aan Den Haag? Hoe zou de Binckhorst een rol kunnen spelen bij het aangaan van de opgaven waar de stad – en mogelijk zelfs het land – mee worstelt? Hoe kan de Binckhorst de ambities van de stad oppakken en een ander Den Haag invulling geven en een andere kant van die stad achter de duinen laten zien? Om de kansen in beeld te brengen, hebben we ons niet alleen op Den Haag gericht, maar hebben we ook elders in Nederlands inspiratie opgehaald.
We hebben ons in andere steden verdiept in wijken die een min of meer vergelijkbaar transformatieproces hebben doorlopen als de Binckhorst en waar kunst en cultuur een belangrijke aanjager zijn gebleken. We keken naar Strijp S in Eindhoven, naar het Berlijnplein in Utrecht en het NDSM-gebied in Amsterdam. Binckhorst | Cultuurvisie
24 maart 2022
7
1. Lessen leren van elders De Binckhorst is bepaald niet het eerste binnenstedelijke industriële gebied dat getransformeerd wordt naar een dynamische woon/werkwijk. In de hele wereld – en ook in Nederland – slokken de vaak snelgroeiende steden voormalige industriegebieden op om er hun dorst naar meer woningen en ruimte voor innovatievere bedrijvigheid mee te lessen. In heel wat gevallen spelen kunst, cultuur en creativiteit hierbij een bepalende rol.
overigens vernoemd naar het stadsdeel Strijp dat als het dorp Strijp tot 1920 een zelfstandige gemeente was. De toevoegingen S en T (en zelfs de R voor de buurt Strijp-R) zijn de opeenvolgende letters in die naam STRijp. Strijp-S en Strijp-T samen beslaan ongeveer 50 hectare. Dat is grosso modo een derde van het oppervlak van de Binckhorst die 147 hectare groot is.
Om die rol in beeld te brengen, en hier mogelijk ook lessen voor Den Haag aan te verbinden, kijken we naar een aantal van die steden. Hoewel er ook in het buitenland lessen te leren zijn, beperken we ons hier tot een aantal transitiegebieden in Nederlandse steden: Eindhoven (Strijp S), Utrecht (Berlijnplein) en Amsterdam (NDSM en Overhoeks). Vooropgesteld moet worden dat de transitiegebieden die we bekijken niet een op een te vergelijken zijn met de situatie van de Binckhorst. De ervaringen elders zijn dan ook niet zondermeer te kopiëren naar Den Haag. Daarom zoomen we vooral in op elementen die ‘bruikbaar’ zijn; die ons iets kunnen leren voor de ontwikkeling van de Binckhorst.
1.1.
Eindhoven: Strijp S
Een eerste wijk die zich voor een vergelijk in Nederland opdringt, is Strijp S in Eindhoven. Met Strijp-S is een nieuw stuk stad aan Eindhoven toegevoegd dat enerzijds perfect aansluit op het industriële verleden, maar anderzijds nu óók bijdraagt aan de toekomst van deze stad. Strijp S is behalve een woonwijk opnieuw een economische motor geworden, waar nu kleinere tech- en designbedrijven floreren. Wanneer we kijken naar Strijp-S moeten we daar eigenlijk ook het nu snel ontwikkelende Strijp-T aan toevoegen. Beide ‘buurten’ zijn Binckhorst | Cultuurvisie
Het was Philips die vanaf de jaren 20 van de vorige eeuw het gebied rond het dorp Strijp ontwikkelde tot productielocatie voor het vervaardigen van gloeilampen, röntgen buizen en andere Philips-producten (later o.a. televisies). Geïnspireerd door de socialistische transformatie in de toenmalige Sovjet-Unie verschenen er grote witte werkpaleizen die met hun kenmerkende architectuur ook nu nog een duidelijk stempel drukken op het karakter van het gebied. In de jaren 90 ziet Philips zich genoodzaakt de fabriekslocaties op Strijp af te stoten. De fabrieksgebouwen komen een voor een leeg te staan en vele arbeidsplaatsen vervallen. Met het vertrek van Philips, met daar bovenop ook nog het faillissement van vrachtwagenproducent DAF, wordt Eindhoven geconfronteerd met een enorme opgave. 24 maart 2022
8
De strategie die de stad er in relatief korte tijd toch weer bovenop helpt – en zelfs tot de tweede economische motor van Nederland opstuwt – is een strategie die voorbeeld stellend is geworden. We zullen er hier niet diep op ingaan, maar noemen een aantal wezenlijke (en voor ons leerzame) elementen van het succes: 1. Samenwerken De basis voor het succes van Eindhoven wordt door alle direct betrokken spelers in belangrijke mate toegeschreven aan het vermogen om samen te werken; om gezamenlijk achter één groter doel te gaan staan: overheden, bedrijven, kennisinstellingen (de Triple Helix-benadering). Dat vergt een groot onderling vertrouwen. 2. Gebruiken wat er is In Eindhoven is op de humuslaag die in een eeuw Philips was ontstaan, verder gebouwd. Er is gericht geïnvesteerd in (het behoud en de ontwikkeling van) kennis en technologie. Startups in technologie sprongen in het gat dat Philips achterliet (één van die startups was bijvoorbeeld ASML). Het menselijk kapitaal dat hier woonde werd meteen opnieuw aangesproken en is in de crisistijd niet massaal weggetrokken. 3. Organische groei Hoewel er wel grotere en lange-termijndoelen zijn gesteld, is de groei en transformatie (met name ook in Strijp) organisch verlopen. Gewoon beginnen: al lerende doen en al doende leren.
1.1.1. Ontwikkeling van Strijp-S Het geheim van het succes van Strijp-S is in hoge mate op de bovenstaande drie elementen terug te voeren. Maar, zoals zo vaak bij grote transities, was ook de transitie van Strijp-S vooral mensenwerk. Het succes van Strijps-S is in belangrijke mate te danken aan één man: Thom Aussems. Als directeur van de Eindhovense woningcorporatie Trudo zag hij eind jaren 90 als eerste het potentieel van het toen nog afgesloten, en in verval rakende industriegebied. Aussens omschrijft het gebied als “het waaigat met rafelranden en pronkjuwelen”.
Binckhorst | Cultuurvisie
In die jaren zoekt Thom Aussems met Trudo de samenwerking met investeerder VolkerWessels. Samen verwerven zij een aantal van de monumentale, fabriekspanden. De gemeente geeft in 2000 het adviesbureau BVR (Riek Bakker) de opdracht om een masterplan voor het gebied op te stellen. Dit masterplan is vervolgens door Adriaan Geuze van bureau West 8 doorontwikkeld tot een stedenbouwkundig plan. Hij kreeg ook de supervisie over de verdere ontwikkeling van het gebied. Vanaf het begin hebben alle betrokken partijen om de tafel gezeten. Trudo, de architecten van Jo Coenen en Diederendirrix, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de gemeente Eindhoven en de supervisor van West 8. Het gezamenlijke doel was de toekomst van de gebouwen kansrijk en duurzaam te maken. De uitdaging was de identiteit van de gebouwen zoveel mogelijk te behouden, maar ook aan te passen aan de eisen van deze tijd en de toekomst. De ontwikkeling van Strijp-S was geen quick win. Net als nu bij de Binckhorst in Den Haag, heeft het hele transitietraject zo’n 25 jaar in beslag genomen. Met vallen en vooral weer opstaan. En dan juist de crisis weer benutten om van te leren.
Zo zijn in 2005 de ontwikkelingen door de vastgoedcrisis tot stilstand gekomen, maar achteraf bleek deze adempauze “a blessing in disguise” (Thom Aussems) omdat er daardoor ruimte ontstond om aanpassingen te maken die later het verschil zouden betekenen. In 2005 lag er toch een beetje een klassieke planologie klaar. Uiteindelijk is het allemaal veel organischer verlopen. Mede door de lagere huren (o.a. gevolg van de Crisis en Herstelwet) konden nieuwe en vooral ook creatieve en culturele partijen zich in de monumentale fabriekspanden van Strijp-S vestigen. Het Klokgebouw werd een unieke evenementenlocatie. De nu internationaal vermaarde Dutch Design Week werd 17 jaar geleden in dit ecosysteem geboren.
24 maart 2022
9
1.1.2. Lessen van Strijp-S voor Den Haag We vatten de lessen die Strijp-S Den Haag kan leren kort samen: 1. Ga uit van de kracht van het gebied (in het geval van de Binckhorst de maakindustrie). 2. Werk samen; werk op basis van co-creatie (werk samen binnen de gemeente (cultuur, DSO, anderen), maar ook de gemeente met bedrijven, kennisorganisaties en cultuur; werk aan onderling vertrouwen). 3. Ontwikkel op basis van betekenis voor de stad (definieer de rol die de wijk kan/moet spelen voor de ontwikkeling van de stad; 4. Plan op hoofdlijnen, timmer het niet dicht; maar houdt wel regie en toezicht op de ontwikkeling binnen die hoofdlijnen. 5. Werk met een regisseur (curator of intendant) die enerzijds ruimte laat voor ontwikkelingen, maar wel werkt vanuit een duidelijke visie en agenda. 6. Biedt organische groei ruimte; werk op basis van al doende leren en lerende doen 7. Geef bottom up initiatieven ruimte; laat je verrassen door waar creatieven zelf mee komen; regel het niet dicht; wees flexibel, maar wel koersvast. 8. Houdt voor creatieven en cultuur de huren laag, alleen dan blijft het creatieve potentieel of vestigt het zich in de Binckhorst. 9. Realiseer je dat een creatieve wijk nooit af is; die blijft zich altijd ontwikkelen.
Binckhorst | Cultuurvisie
1.2.
Amsterdam
Ook in Amsterdam vormde het wegtrekken van traditionele industrie de aanleiding én het decor voor de ontwikkeling van creatieve, dynamische woon- en werkgebieden. Sinds de jaren 80, toen vooral krakers in Amsterdam het herbestemmen van grote industriële- en kantoorgebouwen aanjoegen, zijn verschillende van deze gebieden ontstaan. Denk daarbij aan het terrein van de Westergasfabriek, nu een park met studio’s, evenementlocaties, en creatieve bedrijven; of aan het Oostelijk Havengebied met zijn pakhuizen vol kleinere (vaak creatieve) bedrijven – onder andere Pakhuis de Zwijger – omringd door veel nieuwe appartementencomplexen voor het hogere segment. We richten de blik echter op Amsterdam-Noord en kijken daar naar twee transitiegebieden: het terrein van de voormalige NDSM en het terrein van het voormalige Shell-onderzoekscentrum (pal tegenover het Centraal Station). De transitiegebieden laten elk een ander traject (of een andere strategie) zien waarbij cultuur de ontwikkeling van het gebied stimuleert.
1.2.1. NDSM Als eerste kijken we naar het gebied waar tot aan de jaren 80 van de vorige eeuw de Nederlandsche Dok en Scheepsbouw Maatschappij (de NDSM) reusachtige scheepen bouwde. Dat NDSM-gebied, aan de oevers van het IJ, transformeert de laatste jaren naar een geheel nieuwe stadswijk waarin wonen en werken samengaan. Het gebied is door zijn industriële roots en rauwe karakteristieken enigszins vergelijkbaar met de Binckhorst. Maar het NDSM-gebied loopt wel zo’n vijftien jaar voor op de Haagse wijk. In het westelijke deel van het terrein van de voormalige scheepswerf verrijst de ene woontoren na de andere. Hier moeten rond 2025 zo’n 5.000 woningen zijn gerealiseerd (waarvan er nu al ca. 2.500 zijn opgeleverd). Meerdere grote bedrijven zijn hier met hun kantoren neergestreken. Zo hebben de Hema en VNU Media hier hun hoofdkantoor.
24 maart 2022
10
Deze boost is overigens pas van de laatste jaren. Toen de NDSM in de jaren 80 failliet was gegaan, lag het complex er jaren verlaten bij. Er volgde een periode waarin verschillende scheepsbouwers probeerden op delen van met name het westelijke deel van het terrein nieuwe bedrijvigheid te ontwikkelen. Dat lukte maar in zeer beperkte mate. Niemand wilde zich destijds branden aan het oostelijke deel van het NDSM-terrein. Daar waren een enorme scheepsbouwloods een lasloods en gigantische scheepshellingen gesitueerd. De loodsen en de hellingen verloederden. Er werden zelfs plannen gesmeed om dit deel van De NDSM in zijn geheel af te breken. Zover kwam het niet. Het gebied en de gebouwen trokken in de jaren 90 de aandacht van kunstenaars, theatermakers, skaters en architecten. Naar goed Amsterdams gebruik van die tijd kraakten zij de leegstaande gebouwen op de NDSM-werf. Daarmee ontwikkelde zich iets als een broedplaats voor kunstenaars. De nieuwe gebruikers van de NDSMwerf bundelden vervolgens hun krachten. Zij richtten gezamenlijk de stichting Kinetisch Noord op en begonnen op uitgebreide schaal met het organiseren van culturele activiteiten: tentoonstellingen, concerten, voorstellingen, opera’s, feesten en festivals.
Er kwamen ook bijzondere restaurants (zoals Noorderlicht, Pllek, de IJkantine) en zelfs een hotel (Double Tree/Hilton) waardoor er ook levendigheid was als er geen activiteiten waren. En hoewel voor veel van de culturele invulling en horeca-invulling slechts tijdelijke vergunningen werden afgegeven, werd het oostelijke deel van het NDSM-terrein een van de belangrijkste culturele hotspots van Amsterdam. Inmiddels zijn de oude scheepshellingen, samen met onder meer de Scheepsbouwloods en de Lasloods tot rijks-monumentaal ensemble bestempeld. Daarmee heeft het oostelijke deel van de werf een beschermde status en zal het complex dus niet zo snel een gewone woonwijk kunnen worden.
immers zo’n 5.000 woningen. Wanneer er te veel woontorens aan het festivalterrein (de scheepshellingen) grenzen, komen bijvoorbeeld de muziekfestivals zeker in het gedrang. Vooralsnog zet Amsterdam wel in op een creatief en cultureel profiel voor dit deel van de NDSM-terrein, maar de druk van de roep naar woningen blijft voelbaar.
Lessen van NDSM voor Den Haag Ook van de ervaringen rond het NDSM-terrein kan Den Haag leren: 1. Bewaar het originele (ruige) karakter, dit is je onderscheidende kapitaal. Het zorgt voor identiteit en heeft aantrekkingskracht. 2. Monumentale status van industriële panden helpt ze te behouden en helpt ook de culturele/creatieve gebruikers. 3. Bundel en organiseer de culturele en creatieve krachten; voorkom dat eenlingen ‘de strijd’ moeten voeren. 4. Let op dat de woonfuncties niet in conflict komen met beoogde culturele functies (bezoekersstromen, overlast van festival, etc).
Of daarmee ook de culturele en creatieve invulling enigszins zeker is gesteld, zal de tijd moeten uitwijzen. Op het hele NDSM-terrein komen Binckhorst | Cultuurvisie
24 maart 2022
11
1.2.2. Het Shellterein Overhoeks Wanneer we van de NDSM-werf oostwaarts gaan langs de noordelijke IJ-oever, komen we ter hoogte van het Centraal Station uit bij het voormalige terrein van Shell research. Het terrein wordt ondertussen aangeduid als Overhoeks. Hier, aan het IJ, staat nu onder andere het iconische filmmuseum EYE. Een ware blikvanger, maar ook de aanjager van de ontwikkelingen in het gebied.
ondernemers en kunstenaars. In de linker voorvleugel is de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten gevestigd en in de achterste vleugel een budget hotel.
Tot in de jaren 90 deed Shell op het 27 hectare grote, maar afgesloten terrein in maar liefst 40 gebouwen onderzoek naar de ontwikkeling van brandstoffen. Echter, aan het eind van de vorige eeuw was (door nieuwe technieken) de behoefte aan onderzoeksruimte bij Shell sterk gekrompen. Daarom verkocht het olieconcern in 2003 het grootste deel van haar onderzoeksterrein aan de gemeente. Deze gaf het terrein vervolgens uit aan ING-Real Estate Development (RED) die er samen met woningbouwcoöperatie Ymere onder andere zo’n 2.000 woningen moest realiseren. Inmiddels heeft Amvest de portefeuille van ING RED overgenomen. De ontwikkeling van de nieuwe wijk Overhoeks moet in 2026 zijn afgerond.
1.2.3. Culturele invasie Na het vertrek van Shell werden veel van de gebouwen op het terrein gesloopt, maar de kenmerkende ‘overhoekse’ toren, de bedrijfskantine bij de Tolhuistuin en het voormalige Groot Laboratorium bleven staan. In deze gebouwen zijn met name creatieve en innoverende organisaties en bedrijven gevestigd. De overhoekse toren werd gekocht door ondernemers uit de (Dance)muziekindustrie en omgedoopt tot A’DAM Toren, die inmiddels plaats biedt aan horeca, verschillende (uitgaans)clubs en ondernemers binnen de muziekindustrie. De bedrijfskantine (de Tolhuistuin) is een culturele hotspot geworden waar velen vormen van cultuur plaatsvinden (theater, festivals, debat). Het Groot Laboratorium biedt ruimte aan drie soorten ‘bedrijvigheid’: In de rechter voorvleugel een reusachtige broedplaats voor creatieve Binckhorst | Cultuurvisie
1.2.4. EYE Dat er kunst en cultuur neerstreek in het gebied was geen toeval. Gekoppeld aan het uitgeven van de grond aan ING RED heeft de gemeente Amsterdam afspraken gemaakt over het ruimte bieden aan kunst, cultuur en creatieve bedrijvigheid. Voor de vastgoedpartijen was de invulling met kunst en cultuur een van de verplichtingen. Een vergelijkbare ‘deal’ maakte de gemeente met ING RED over een te realiseren nieuw filmmuseum aan het IJ. Ook Ymere participeerde in de afspraak (toen mochten woningbouwcoöperaties dat nog). De deal hield in dat er voor zo’n 30 miljoen euro een iconisch nieuw gebouw zou verrijzen aan het IJ voor het tot dan toe veel te klein gehuisveste filmmuseum. En dat filmmuseum kreeg een nieuwe naam: EYE.
24 maart 2022
12
De culturele wereld – en met name de Nederlandse filmindustrie en de liefhebbers van bijzondere films – was blij met de realisatie van EYE. En ook de gemeente was tevreden dat er tegenover het belangrijke Centraal Station – waar veel bezoekers aan Amsterdam voor het eerst de stad met eigen ogen zien – een letterlijk aantrekkelijk markant gebouw was komen te staan. Het hele beeld van dit gebied werd ermee naar een hoger niveau getrokken.
1.2.5. Lessen van Overhoeks voor Den Haag Het voorbeeld van Overhoeks geeft inzicht in de belangrijke relatie tussen stedelijke ontwikkeling, investeerders en de realisatie van markante cultuurgebouwen. We trekken een aantal lessen: 1. De realisatie van een markant cultuurgebouw kan kostbaar zijn, maar is ook van doorslaggevende betekenis voor de uitstraling en aantrekkingskracht van een nieuwe wijk. 2. Investeren in een cultuurgebouw levert niet altijd een direct rendement op. Maar met de toename van de aantrekkingskracht van de wijk leidt de investering in cultuur wel tot een toename van het rendement op de andere vastgoedinvesteringen. Sociaal rendement, maar óók economisch. Rendement voor de betrokken investeerders, maar ook voor een bredere groep van ondernemers en de gemeente in bredere zin. 3. Besef dat cultuur niet alleen gesubsidieerde cultuur is. Ook culturele ondernemers (zoals in Overhoeks uit de muziekindustrie/dance) kunnen met hun cultuuraanbod van betekenis zijn.
Maar niet alleen voor de culturele wereld en voor de stad was de komst van EYE belangrijk, dat gold zeker ook voor vastgoedpartij ING RED. Misschien was voor ING de deal met de gemeente over het te bouwen filmmuseum als zodanig niet echt zo lucratief (al vrij snel na de oplevering wilde ING het EYE gebouw van de hand doen), maar wat de komst van EYE met de omgeving deed was zondermeer heel wat waard voor de investeerder. Met de komst van hoogwaardige cultuur won het gebied sterk aan uitstraling en aantrekkingskracht. En daarmee stegen ook de verkoopprijzen. Daar was het de vastgoedontwikkelaar vanzelfsprekend ook om te doen.
Binckhorst | Cultuurvisie
4. Geef bij het ontwikkelen van markante gebouwen en locaties sterke ondernemers uit de creatieve sector voorrang op de reguliere vastgoedinvesteerders. Ook als dat op de korte termijn wat minder opbrengt. Zie o.a. de A’DAM toren waar muziekindustrie, clubs, restaurant en andere creatieve ondernemingen samenkomen.
24 maart 2022
13
1.3.
Utrecht, Berlijnplein
De stad Utrecht breidt aan de westkant uit met een geheel nieuw stadsdeel: Leidsche Rijn. Midden in deze Vinex-wijk, op en rond het Berlijnplein, ontwikkelt Utrecht een nieuw cultureel hart, een clustering van culturele en creatieve instellingen en activiteiten. Recent is daar ruim 45 miljoen euro voor gereserveerd. In de nieuwe, circulaire bebouwing rond het Berlijnplein ontstaat ruimte voor dans, theater en muziek, een presentatieruimte, ateliers, horeca, werkplaatsen voor onderwijs en creatieve industrie. In totaal gaat het om 9.200 vierkante meter.
1.3.1. Alles nieuw Anders dan de besproken voorbeelden van Strijp-S en het NDSMterrein, is Leidsche Rijn geen voormalig industriegebied dat getransformeerd wordt in een werk- en woonwijk. Voordat hier nieuwbouw werd ontwikkeld, was het gebied vooral agrarisch. De locatie van het nieuwe culturele centrum ligt tussen splinternieuwe woonblokken en een aantal minstens zo nieuwe kantoren. Wat in Leidsche Rijn ook anders is dan bij de voorbeelden in Eindhoven en Amsterdam, is dat het ontwikkelen van cultuur rond het Berlijnplein wél gepland is. Althans, het voornemen om hier een cultureel hart te maken. Wat niet is gepland, is de exacte invulling. Om die invulling te ontwikkelen, gaf de gemeente in 2016 de opdracht aan DePlaatsmaker om met placemaking op het Berlijnplein te starten. DePlaatsmaker is dé organisatie in Utrecht die ruimte realiseert voor kunstenaars, creatieve ondernemers en culturele instellingen. De eerste stap die voor deze placemaking gezet werd was het realiseren van stadslab ‘RAUM’. Vanuit een eigen, tijdelijk en circulair paviljoen is RAUM in 2016 op het Berlijnplein gestart met het programmeren van culturele activiteiten, zoals wisselende exposities, festivals, markten en buurtactiviteiten. Vervolgens streken, gemotiveerd vanuit RAUM, de afgelopen periode meerdere placemakers neer op het Berlijnplein, alle in tijdelijke, circulaire paviljoens.
Het waren onder andere ontwerpersBinckhorst | Cultuurvisie
collectief Goede Vrijdag, het Nieuw Utrechts Toneel, adviesbureau Jonge Honden, wijkrestaurant Venster en een ‘Buurtwerkkamer’. Opgeteld ontstond er een levendig plein waar zowel buurbewoners als mensen van verder op afkomen.
Coöperatie Om meer gecoördineerd te werk te gaan en om een stevige partner te vormen in de ontwikkeling naar de definitieve inrichting van het culturele cluster, hebben de de placemakers van het Berlijnplein zich verenigd in een coöperatie. Gestimuleerd door de coöperatieve gedachte, werken alle pleingenoten gedurende het jaar samen om tot een publieksprogramma te komen. De gemeente ondersteunt de organisatie en activiteiten met subsidies.
1.3.2. Eén centraal thema Heel nadrukkelijk staat op het Berlijnplein in de programmering één thema centraal: ‘De Toekomst van de Stad’. De verschillende initiatieven onderzoeken elk op hun eigen wijze de toekomst van de stad, van de wijk en de wereld waarin we leven. Grote en kleinere opgaven worden, belicht, besproken en vertaald naar culturele en maatschappelijke projecten. Het onderzoeken van de toekomst van de stad waaiert uit over verschillende deel-vraagstukken. Denk daarbij aan vragen als: Hoe 24 maart 2022
14
leven we echt samen (over ontmoeting en inclusie)? Hoe moeten we de stad ontwerpen in het kader van de klimaatverandering? Welke impact heeft technologie op ons (stedelijke) leven? Kunst en cultuur helpen een beeld te vormen van de toekomst.
1.3.3. Naar een permanente cultuur hart De komende jaren vindt op en rond het Berlijnplein de transformatie plaats van placemaking met tijdelijke paviljoens naar een permanente infrastructuur voor de clustering van culturele partijen. Daarbij gaat het niet om één groot verzamelgebouw, maar juist om een clustering van meerdere kleinere gebouwen en publieke buitenruimtes. De verschillende bespelers van de nieuwe gebouwen en ruimtes worden betrokken bij de ontwikkeling en het ontwerp van hun nieuwe onderkomens. In 2025 moeten dit proces en de bouw goeddeels zijn afgerond. Er zullen naar verwachting nog meer culturele partijen een plek krijgen in dit nieuwe culturele hart. Zo heeft Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU) aangegeven om met een filiaal naar het Berlijnplein te komen.
1.3.4. Lessen van Utrecht Berlijnplein voor Den Haag Op basis van de ervaringen rond het geheel nieuwe Berlijnplein zijn vanuit Utrecht een aantal andere lessen te trekken dan vanuit de voormalige industriegebieden in Eindhoven en Amsterdam: 1. Gebruik placemaking als een bewuste strategie voor de ontwikkeling van kunst en cultuur in een (nieuwe) wijk waarbij er ruimte is voor een zekere organische groei (al doende leren en al lerende doen). 2. Besef je dat placemaking een heel gerichte doelstelling en strategie vraagt en daarbij ook een regisseur die de doelen in de gaten houdt en de strategie implementeert. 3. Werken vanuit één centraal thema kan richting geven, profilering versterken en partijen binden. Maar ook kan zo’n centrale
Binckhorst | Cultuurvisie
thematiek van betekenis zijn voor de ontwikkeling en profilering van de stad in bredere zin. 4. Nieuwe ontwikkelingen hoeven niet altijd met nieuwe spelers. Ook bestaande culturele spelers uit de stad kunnen een gebied helpen ontwikkelen. 5. De te realiseren huisvesting voor culturele initiatieven en voorzieningen kan – mits circulair gebouwd of ‘vergroend’ – bijdragen aan de duurzaamheidsambities van de stad.
1.4.
Gemene delers
Wanneer we kijken naar de optelsom van de lessen die we uit de verschillende gebieden trekken, dan zien we een paar gemene delers: a. Cultuur en creativiteit zijn in staat om niet alleen het profiel van een wijk te bepalen, maar kunnen bijdragen aan de profilering van de hele stad. Een duidelijke keuze voor een profiel en/of thema helpt daarbij. b. Het strategische en doelgericht investeren in vastgoed en infrastructuur voor cultuur en creatieve industrie leidt niet alleen tot een maatschappelijk rendement, maar ook tot een wezenlijk economisch rendement voor direct- en indirect betrokkenen. c. Het strategisch inzetten van kunst, cultuur en creativiteit kan bijdragen aan het oplossen van grootstedelijke opgaven. d. Bepaal doelstellingen en organiseer het proces, maar schep bewust ruimte én tijd voor een relatief organische ontwikkeling en bottom up initiatieven; een proces van al doende leren en al lerende doen. e. Werk samen, als gemeente intern en in publiek-private verbanden. f.
Zorg voor stimulerende en creatieve regie en geef de regisseur/intendant/gebiedscurator voldoende positie om verschil te kunnen maken.
24 maart 2022
15
2. Wat heeft de stad nodig?
2.1.
Opgaven voor de stad Den Haag waarbij kunst cultuur en creativiteit een belangrijke rol spelen
Wat we van de ervaringen in andere steden in ieder geval kunnen leren, is dat de impact van het ontwikkelde aanbod van kunst, cultuur en creativiteit niet alleen voor de betreffende wijk van belang is, maar op tal van manieren ook voor de stad als geheel. Denk aan de profilering, aantrekkingskracht op bedrijven en organisaties, verbreden van toerisme, maar ook iets als het helpen verkennen en aanpakken van grootstedelijke vraagstukken. Net als de voormalige industriegebieden in andere steden, heeft ook de Binckhorst het in zich om de stad in dit licht grote diensten te bewijzen. Om de vraag te kunnen beantwoorden wat voor kunst, cultuur en creativiteit zich in de Binckhorst de komende jaren zou moeten ontwikkelen en manifesteren, moeten we dus allereerst kijken naar de stad waarbinnen de Binckhorst een rol en ook een betekenis heeft. Wat is de (latente) behoefte van Den Haag? Wat zijn de opgaven? Wat heeft de stad nodig? Wat zijn de ambities? Om dergelijke vragen te beantwoorden kijken we vooral naar wat de gemeente en de lokale politiek daar zélf over zeggen. Daarnaast betrekken we trendanalyses die in een algemener perspectief zijn gemaakt.
Omdat het ons hier vooral gaat om het bewustzijn van de grotere trends en ontwikkelingen, en niet zozeer over het precieze wat en hoe, geven we in één beeld een samenvatting weer van de belangrijkste opgaven die er voor de stad Den Haag de komende jaren liggen. We beperken ons daarbij tot de opgaven waarbij kunst, cultuur en creativiteit een belangrijke rol kunnen spelen. Zo laten we de opgaven van méér woningen en een betere bereikbaarheid hier buiten beschouwing.
Binckhorst | Cultuurvisie
24 maart 2022
16
Bij alle hierboven genoemde opgaven kunnen kunst, cultuur en creativiteit een belangrijke rol spelen. Ook binnen of vanuit de Binckhorst. Maar bij twee opgaven is de potentiële rol voor de Binckhorst het meest evident: ‘innovatie’ en ‘aantrekkingskracht’.
ook de Binckhorst een rol kan spelen bij de verdere ontwikkeling en vooral ook de positionering van het CID. De Binkhorst is volgens de gemeente een “poort naar het centrum en haar stedelijke publieke functies” en daarmee ook een poort naar het CID.
2.2. Innovatie Den Haag wil zich ontwikkelen tot dé plek voor startups en bedrijven die zich richten op maatschappelijke en technologische innovaties met internationale impact. Juist hier, in de internationale stad van Vrede en Recht, moet worden gewerkt aan vernieuwende oplossingen voor een betere wereld. De stad wil daarbij haar functie van knooppunt benadrukken; een knooppunt dat startups, overheden, internationale bedrijven, kenniscentra en duizenden kleine creatieve ondernemers met elkaar verbindt. De stad zet in op maatschappelijke vraagstukken. Denk daarbij aan vraagstukken op het gebied van veiligheid, recht, water, voedsel of duurzaamheid. Voor Den Haag gaan economisch succes en maatschappelijke impact hand in hand. Men heeft het dan ook over de “impact economy”.
2.2.1. Central Innovation District (CID) Om de ambitie voor de innovatieve stad kracht bij te zetten, heeft Den Haag ook een ruimtelijke vertaling gemaakt. Het gebied tussen en rondom de stations Den Haag Centraal, Hollands Spoor en Laan van NOI is bestempeld als het Central Innovation District (CID). Het CID moet het economisch hart van Den Haag worden. In deze aan het (oude) centrum grenzende zone wordt een mix aan organisaties gevestigd: kennisinstellingen, grotere en kleinere bedrijven, overheden, ngo’s, innovatieve broedplaatsen en andere organisaties. De gemeente noemt het een ‘campusontwikkeling’. Het CID en de Binckhorst We realiseren ons dat de Binckhorst formeel buiten het CID valt en zijn eigen gebiedsontwikkeling kent, maar dat de gemeente toch verkent hoe Binckhorst | Cultuurvisie
Met name in het noordwesten van de Binckhorst (blauwe vlak in de kaart), dicht tegen het CID aan, daar waar de gemeente ook nog beschikt over grondposities, zien wij ruimte voor creatieve voorzieningen en culturele instellingen die de innovatieve kracht van de stad en het CID benadrukken.
24 maart 2022
17
Constateringen Opgeteld onderkennen we een aantal zaken die van cruciaal belang zijn voor de strategische ontwikkeling van kunst, cultuur en creativiteit in de Binckhorst. We constateren samengevat… 1. dat de (toeristische) aantrekkingskracht van het gebied moet worden vergroot, onder andere door toevoeging van publiekstrekkers en aantrekkelijk aanbod van onder andere horeca, evenementen en cultuur; 2. dat (o.a.) nieuwe culturele programmering met een nieuwe generatie makers moet aansluiten op het profiel van het CID; 3. dat de Binckhorst kan bijdragen aan het verbeteren van de vestigingsvoorwaarden voor ondernemers door sfeer, imago en uitstraling; 4. dat huisvesting (voor de creatieve industrie), plekken voor creativiteit, experimenten en het onverwachte aanjagers voor groei zijn;
2.3. Aantrekkingskracht Eerder zagen we dat Den Haag een grote opgave kent wat betreft haar ‘aantrekkingskracht’. Aantrekkingskracht heeft alles te maken met de positionering (Waar zijn wij van? Waar staan wij voor?) en ook met de profilering (Hoe brengen we dat naar buiten?).
2.3.1. Positionering De positionering van Den Haag is een historisch gegroeide optelsom van kenmerken (posities). Het begon met de kleine stad aan zee die uitgroeide tot het regeringscentrum waar de democratie in de 19e eeuw een thuis vond. In de afgelopen eeuw werd Den Haag steeds meer een internationale stad, verbonden met internationale organisaties en internationale opgaven. Vanuit die internationale positie werd Den Haag ook een Stad van Vrede en Recht. En de laatste jaren (zoals we in de vorige paragraaf schetsten) groeit de stad steeds meer ook naar een innovatieve stad.
5. dat in de Binckhorst dergelijke plekken voor creativiteit aanwezig zijn maar ook daarvoor explicieter bestemd dienen te worden; 6. dat de gemeente op verschillende plekken de juiste randvoorwaarden (incl. budget) moet scheppen voor innovatief ondernemerschap, placemaking en initiatieven van onderop; 7. dat flexibiliteit (o.a. in de regelgeving) en ruimte voor experimenten cruciaal is in de ontwikkeling van een sterk innovatief profiel; 8. dat de gemeente meer ruimte moet bieden voor gecombineerde en tijdelijke voorzieningen en tijdelijk gebruik publieke plekken; 9. dat de gemeente, daar waar het maar even mogelijk is, meer druk op de private vastgoedpartijen zou moeten uitoefenen om ruimte te bieden aan creativiteit, kunst en cultuur in de wijk (deels tijdelijk, liefst blijvend, maar vooral met lage huren). Binckhorst | Cultuurvisie
2.3.2. Profilering Deze vijf verschillende kenmerken zijn lastig onder één noemer te vanger en we zien dat Den Haag dan ook al decennia worstelt met een heldere profilering. Het blijft hinken op meerdere gedachten. Daarbij speelt ook dat niet elke positie even gemakkelijk te communiceren of - nog beter tastbaar te maken is. Een positionering als internationale stad van vrede en recht blijft abstract; je kunt hem niet bezoeken, bekijken, aanraken, ervaren.
24 maart 2022
18
De kenmerken Stad aan Zee en ook Stad van onze Democratie komen duidelijk tot uitdrukking in Den Haag. Je kunt het zien en ervaren. Maar ‘internationale opgaven’ of ‘vrede en recht’ zitten vooral verstopt in grote kantoorgebouwen verspreid over de stad. En dat geldt ook voor innovatie: je ziet het niet, je voelt het niet, je kunt het niet beleven en daarom doet het te weinig voor de positionering van de stad.
Vooruitkijkend naar de volgende hoofdstukken, zien we dat de Binckhorst op alle prioriteitspunten kan bijdragen aan de realisatie van het cultuurbeleid, maar zeker bij de laatste drie biedt de Binckhorst volop kansen: maakklimaat en talentontwikkeling, maatschappelijke relevantie en cultuur als economische aanjager en impuls voor meer aantrekkingskracht.
Kunst, cultuur en creativiteit zijn bij uitstek krachten die de nu nog onzichtbare thema’s en kenmerken kunnen verbeelden en beleefbaar te maken. Zeker wanneer cultuur de verbinding opzoekt met wetenschap (Universiteiten Delft en Leiden) en (inter)nationale organisaties, kan zij wat anders verborgen en abstract blijft tot leven brengen. En daarmee bijdragen aan de uitstraling die Den Haag op een aantal terreinen nu nog zo mist. Er zijn goede redenen om die beweging vanuit de Binckhorst te laten beginnen.
In het Beleidskader Kunst en Cultuur 2021-2024 lezen we ook dat de gemeente cultuur een belangrijke rol toedicht bij de gebiedsontwikkeling in de stad. “Een passende rol en ruimte voor kunst, cultuur en creativiteit kan doorslaggevend zijn in de verdere groei en leefbaarheid van deze gebieden en versterkt tegelijkertijd de culturele sector.” Over de Binckhorst wordt gesteld dat deze door de aanwezigheid van veel creatieve bedrijvigheid en broedplaatsen een waardevolle omgeving voor nieuwe kunst en cultuur kan gaan vormen. “De Binckhorst is daarmee van groot belang voor de vitaliteit van de stad en de uitstraling van het Central Innovation District”.
2.4. Cultuurbeleid en de ontwikkeling van de stad Wanneer we kijken naar de (toekomstige) rol en positie van kunst en cultuur in de Binckhorst, dan is het verstandig om ook te kijken naar kunst en cultuur elders in de stad. Immers, het (te ontwikkelen) aanbod van kunst en cultuur moet zich verhouden tot het totaal. In het Beleidskader Kunst en Cultuur 2021-2024: Zee aan mogelijkheden (2019) formuleert de gemeente een zestal prioriteiten: 1. een kwalitatief hoogwaardig en veelzijdig cultuuraanbod; 2. cultuur met een bereik van alle denkbare publieksgroepen; 3. cultuuronderwijs voor Haagse jongeren; 4. een goed maakklimaat met ruimte voor talentontwikkeling; 5. cultuur met maatschappelijke relevantie;
Tegelijkertijd moeten we constateren dat ten aanzien van stads- en gebiedsontwikkeling in vrijwel geen van de omgevingsvisies en andere toekomst-verkennende beleidsstukken echt aandacht wordt besteed aan de rol van kunst en cultuur. Niet in de zin van toekomstige voorzieningen (er wordt daarvoor enkel een getal van 1.630 m2 bvo genoemd) en al helemaal niet in de zin van de rol die kunst en cultuur kunnen spelen in de ontwikkeling van het stedelijk gebied of de stad als geheel. Kunst en cultuur zit niet aan tafel bij de planvorming in de stad. Het is bijzaak. De woorden kunst en cultuur komen vaak letterlijk niet eens voor in de stukken. We zijn blij dat de dienst OCW/Cultuur ons nu de kans geeft om aan de hand van de Binckhorst te laten zien hoe kunst en cultuur kunnen bijdragen en wat daarvoor nodig is.
6. cultuur als economische aanjager en impuls voor meer aantrekkingskracht.
Binckhorst | Cultuurvisie
24 maart 2022
19
3. De Binckhorst Lerend van de ervaringen in andere steden en met de opgaven van de stad Den Haag als geheel in gedachten, komen we nu aan bij De Binckhorst. We onderzoeken het DNA van het gebied en kijken hoe het gebied zich ontwikkelt.
3.1.
Een allegaartje van industriële bedrijvigheid
Het gebied ‘de Binckhorst’ was de laatste honderd jaar vooral een industrieterrein aan de rand van de stad. De ‘industrie’ begon in 1907 met de komst van een gasfabriek naar de toen nog lege Binckhorstpolder. Zeven jaar later vestigde zich ook de Hoofdwerkplaats van de PTT in het gebied. Zowel de gasfabriek als het PTT-complex groeiden in de decennia daarna flink uit. En ook andere industriële bedrijvigheid trok het gebied in, onder andere een sigarettenfabriek, de nu als bedrijfsverzamelgebouw dienstdoende Caballerofabriek.
die de autohandel eerder nog had gekenmerkt, maakte plaats voor onpersoonlijke autobedrijven of enigszins schimmige werkplaatsen. Vanaf de jagen negentig werd aan de westkant van het gebied een aantal kantoorkolossen ontwikkeld, maar elders ging het gebied vooral ‘achteruit’. De achteruitgang en de daarmee gepaard gaande leegstand, bood wel de gelegenheid voor een nieuw soort industrie: de creatieve industrie van beeldend kunstenaars, muzikanten, ontwerpers. Schoorvoetend vestigden zich ook een aantal creatieve ondernemers in het gebied. Zij gaven, vaak op alternatieve wijze, nieuwe inhoud aan vervallen panden. Zo ontstonden clubs, studio’s en maker spaces. Inmiddels is de Binckhorst bepaald niet meer een ideale locatie voor een industriegebied. Daarvoor ligt het te dicht bij het centrum en is het ook te goed ontsloten en bereikbaar via meerdere belangrijke stations. Het gebied is nodig voor wonen en voor een ander soort bedrijvigheid. En daarom heeft de gemeente, na een aanloop van decennia, rond 2012 besloten dat het industriegebied getransformeerd moet worden tot een aantrekkelijke wijk waar wonen en werken hand in hand gaan.
Met name vanaf de Tweede-Wereldoorlog vestigden zich steeds meer autobedrijven (garages/verkopers) in het gebied. Kort na de oorlog werd de bedrijvigheid gestimuleerd met de snel te bouwen en nu markante loodsen aan o.a. de Komeetweg, waar onder andere Jero Papierwerken nog steeds in is gevestigd. Vanaf eind jaren vijftig kwamen er grote ‘fabrieken’: de Haagse Asfalt Centrale (1959), een betonfabriek en in de jaren zeventig de ‘Afvalkathedraal’ voor de verscheping van het Haagse huisvuil richting de afvalverwerking in Rotterdam. Opgeteld was de Binckhorst een allegaartje van industriële bedrijvigheid geworden. Vanaf de jaren 70 ontstond een zeker verval in de zin dat het gebied onprettig werd om te bezoeken en sommige delen zelfs als onveilig werden bestempeld. De gasfabriek was met de komst van het aardgas al in de jaren zestig buiten gebruik gesteld en de zekere allure
Binckhorst | Cultuurvisie
24 maart 2022
20
3.2. DNA van de Binckhorst Om een visie te kunnen ontwikkelen op kunst, cultuur en creativiteit in de Binckhorst moeten we uiteraard niet alleen kijken naar de geschiedenis, maar vooral ook naar het huidige (en straks toekomstige) karakter van het gebied; we moeten kijken naar het DNA van de Binckhorst.
3.2.1. De vijf kernwaarden van I’M Binck Een partij die dit DNA van de Binckhorst in kaart heeft proberen te brengen is I’M Binck. I’M Binck is een onafhankelijk platform en netwerk dat zich bezighoudt met een goede ontwikkeling van de Binckhorst door de betrokkenheid te organiseren van ondernemers, publieke stadmakers, creatieven, ontwikkelaars, gemeente en andere stakeholders. I’M Binck zet zich in om bij de ontwikkelingen gebruik te maken van de rauwe, authentieke kracht en identiteit van het gebied. Als signaal aan de gemeentelijke politiek stelde het I’M Binck-netwerk in 2017 vijf kernwaarden op die het gebied kenschetsten. Daarbij werden beleidsaanbevelingen gedaan. Deze zijn inmiddels door de gemeenteraad overgenomen. De vijf kernwaarden die het I’M Binck-netwerk heeft opgesteld voor de Binckhorst zijn de volgende: 1. Authentiek, ambachtelijk werk-woongebied Toon ambachtelijkheid, geschiedenis en kwaliteiten van het gebied. En pas stedenbouw, architectuur en robuuste inrichting openbare ruimte toe die recht doen aan het gebied (dus geen VINEX). 2. Rauwe, spannende rafelrand(en) in de stad Geen vertrutting buitenruimte, geef ruimte aan het spontane en gewone, stimuleer sportieve kracht. 3. Grote diversiteit, leidend tot ontmoeting en innovatie Koester diversiteit bedrijven en werkruimtes, en ontwikkel goede mix wonen – werken. Stuur op aantallen woningen én banen, bijv.
5.000 Binckhorst | Cultuurvisie
woningen en 7.500 banen waarvan 3.000 op (v)mbo niveau. Organiseer verbinding in het gebied en met omliggende wijken. 4. Dynamische experimenteerruimte, altijd in beweging Maak flexibiliteit in regels en ruimtelijke invulling mogelijk, behoud lege ruimte en experiment met circulaire economie en mobiliteit. 5. De verrassende Haagse waterkant Versterk recreatieve watervoorzieningen, behoud aan water gerelateerde ambachtelijkheid en creëer via water nieuwe verbindingen.
3.3. Ontwikkeling op basis nieuwe omgevingswet Voor de ontwikkeling van kunst, cultuur en creativiteit in de Binckhorst, is het belangrijk om te kijken naar de manier waarop (het vastgoed in) de Binckhorst nu wordt ontwikkeld. Die ontwikkeling is gebaseerd op de richtlijnen van de in 2022 (mogelijk) in te voeren omgevingswet. De ontwikkeling van de Binckhorst geldt als een pilot voor deze wet. Kortgezegd betekent het ontwikkelen volgens de regels van deze nieuwe omgevingswet voor de Binckhorst dat vooral de vastgoedmarkt in het gebied op uitnodiging van de gemeente bepaalt wat er gerealiseerd wordt. De gemeente staat de facto op grote afstand en (zoals ingewijden zeggen) “verliest een groot deel van de regie”.
3.3.1. Omgevingsplan zonder één woord over kunst en cultuur De omgevingswet schrijft voor dat er een omgevingsplan wordt opgesteld en dat vervolgens op basis daarvan de ontwikkelingen worden ingevuld door marktpartijen. Het omgevingsplan zoals dat voor de Binckhorst is opgesteld en door de gemeenteraad is goedgekeurd, bestaat vooral uit grote lijnen en ‘hoog-over-ambities’. Het biedt in theorie alle ruimte om de wijk creatief in te kleuren, maar diezelfde ruimte is er voor vastgoedontwikkelaars om flink te investeren in het realiseren van goed renderende woningbouw een bedrijfsruimte. Het omgevingsplan blijkt in de praktijk de gemeente – ondanks de goede 24 maart 2022
21
bedoelingen – nauwelijks houvast of instrumenten te bieden om het karakter en de functie van de wijk enigszins te sturen en in te vullen. In het omgevingsplan staat letterlijk geen woord over de rol en aanwezigheid van kunst en cultuur in de Binckhorst. Kunst en cultuur moeten hier kennelijk spontaan tot betekenis komen. De plannenmakers degraderen kunst en cultuur tot een voorziening die nu geen aandacht behoeft en waarbij ergens in het ontwikkeltraject slechts vierkante meters hoeven te worden ingetekend.
3.3.2. Wat er wél in het omgevingsplan staat Ook al lijkt voor het omgevingsplan cultuur tot nog toe irrelevant, toch staan er zaken in die wel degelijk van invloed zijn op een mogelijke, toekomstige rol en betekenis van kunst en cultuur in de Binckhorst… 1. Ook het omgevingsplan benadrukt de ligging ten opzichte van het Central Innovation District (CID). Volgens het plan heeft de Binckhorst het CID veel te bieden omdat de Binckhorst “kwaliteiten biedt die complementair zijn aan andere delen van het CID, zoals de ruimte voor startups, creatieve bedrijvigheid in een industriële sfeer en vernieuwende bedrijven die de transitie naar een nieuwe economie, gebaseerd op kennis en duurzaamheid, kracht bijzetten. Ze passen bij de industriële historie en het robuuste karakter van het gebied.”
programma Impact Economy. “Dit wordt nu al vormgegeven door verzamelgebouwen als de Caballero Fabriek, BINK36 en De Besturing en zal in de toekomst verder worden gestimuleerd. “ 5. “Om de transitie naar een stad met sterke kennisintensieve sectoren te bevorderen, wordt ingezet op een dynamische omgeving die een grote aantrekkingskracht op deze doelgroep uitoefent. Avontuurlijke horecaconcepten op bijzondere locaties versterken de dynamische en creatieve sfeer in de Binckhorst. Gebieden rondom de Caballero Fabriek, Binck36, het gebied rondom het Maanplein en de drie havens worden hiervoor als een geschikte omgeving aangemerkt.” (Maar ook hier weer geen woord over kunst en cultuur.) 6. De Binckhorst speelt straks een belangrijke rol in de grote woningbouwopgaven van de stad. De gemeente zet in op verschillende woontypen en woonsferen. Initiatief en ondernemerschap krijgen er, met in het achterhoofd de informele, ruige, industriële sfeer, de ruimte. Het woonklimaat wordt geoptimaliseerd door zorg te dragen voor kwaliteit van de buitenruimte. Met huidige en toekomstige bewoners en ondernemers zullen plannen daarvoor worden afgestemd.
2. Door de gunstige ligging ten opzichte van zowel drie stations als verschillende uitvalswegen (en entree-wegen) kan de Binckhorst “uitgroeien tot een ware stadsentree met een sterke regionale kracht. Hiermee zal de Binckhorst een visitekaartje zijn voor de gemeente Den Haag en een opstap naar de Metropoolregio.” 3. De Binckhorst zal onder andere passende ruimte blijven bieden aan “ambachtelijke bedrijvigheid”. 4. De Binckhorst heeft een magneetfunctie voor startups en creatief talent. Deze functie levert een belangrijke bijdrage aan het Binckhorst | Cultuurvisie
24 maart 2022
22
3.4. Huidige kenmerken van het gebied Wij hebben een intensieve rondgang gemaakt in de Binckhorst. Daarbij hebben we heel wat locaties bezocht en nog meer mensen gesproken. Samengevoegd met de lessen die we trokken uit de bestudeerde bronnen (onderzoek, verslagen, beleidsstukken, websites, etc. – zie ‘Bronnen’), konden we daaruit opgeteld het volgende beeld van de Binckhorst destilleren:
3.4.1. Ruimtelijk De Binckhorst is vanuit het hele land goed bereikbaar via twee stations (CS en HS) en de nabijheid van snelwegen. De bereikbaarheid vanuit (het centrum van) de stad is vooralsnog minder door het ontbreken van hoogwaardig OV (HOV). Het gebied is grotendeels ingekaderd door spoor, brede wegen en water, waardoor het op dit moment niet vanuit alle kanten goed bereikbaar is. Met name de verbinding met het aangrenzende Laakkwartier is (zeker voor voetgangers en fietsers) zeer beperkt. Het gebied wordt doorsneden door de brede, ‘onneembare’ Binckhorstlaan. Op dit moment klieft de vier- en deels zesbaanse uitvalsweg het gebied in twee delen. We vangen signalen op dat deze weg op termijn verder verzonken of overbrugd gaat worden. Dat is ook nodig wil de buitengewoon ongelukkige en lelijke tweedeling enigszins worden opgeheven. Speciale aandacht vraagt daarbij de veelgenoemde en nog altijd als onveilig ervaren onderdoorgang (‘het viaduct’) die vanuit de Binckhorst feitelijk een stadsentree is en omgekeerd vanuit de stad de toegangspoort tot de Binckhorst. De openbare ruimte is op dit moment grotendeels nog rommelig en onaantrekkelijk. Uitzonderingen zijn het havengebied bij de restaurants Capriole en Glaswerk en tot op zekere hoogte de gebieden Maanweg en Binckhaven. De St Barbara begraafplaats is een goed verstopte groene oase.
Het Kasteel De Binckhorst met omringend groen is particulier bezit, in gebruik als kinderdagverblijf en (dus) niet publiek toegankelijk. Binckhorst | Cultuurvisie
Verder is er in de Binckhorst nauwelijks groen en staat er in ieder geval op korte termijn ook weinig groen in de planning. Op een aantal vanuit het oogpunt van (industrieel) erfgoed interessante gebouwen na is de bestaande bouw veelal in slechte, sloopwaardige staat. Veel van die oudbouw is al in het bezit van vastgoedontwikkelaars die op de betreffende locaties hetzij op korte termijn (eerste fase), hetzij over een aantal jaren (fase twee) woontorens en/of andere (commerciële) functies zullen ontwikkelen. In afwachting daarvan wordt een aantal van de bestaande gebouwen al dan niet via Anna’s Vastgoed tijdelijk beschikbaar gesteld aan kunstenaars en andere creatieven. Ambitieuzer zijn de plannen van ontwikkelaar AM om op het huidige HAC-terrein een meerjarig placemaking-programma te ontwikkelen met onder meer ruimte voor culturele makers en activiteiten. Opmerkelijk genoeg vraagt AM daarbij om een duidelijke regie van de gemeente als het gaat om bijvoorbeeld de in de toekomst gewenste (culturele) voorzieningen, maar ook om een integrale visie op groen in de Binckhorst. Zeker voor de toekomst is het van belang hoe de Binckhorst zich gaat verhouden tot de omliggende gebieden. Dan gaat het om de gemeenten Rijswijk en Voorburg, maar ook om Bezuidenhout-West, de Rivierenbuurt en zeker Laak: aan andere kant van de Vliet ligt de Molenwijk, een van de armste buurten van Nederland…