RIS311824 Bijlage 1 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
Tekst van het document
2018
2019
2020
2021 eerste halfjaar
68%
69%
67%
66%
70%
In DH geslaagde starters uit de regio
14%
15%
18%
17%
15%
In DH geslaagde starters van buiten de regio
18%
16%
15%
17%
16%
Totaal aantal geslaagde starters in Den Haag
100%
100%
100%
100%
100%
In DH geslaagde Haagse starters
Tabel 18a: Verdeling gehuisveste starters in Den Haag. Bron: SVH.
2017
2018
2019
2020
2021 eerste halfjaar
78%
80,3%
81%
82%
88%
In DH geslaagde doorstromers uit de regio
12%
11,3%
12%
13%
10%
In DH geslaagde doorstromers van buiten de regio
10%
8,4%
7%
5%
2%
Totaal aantal geslaagde doorstromers in Den Haag
100%
100%
100%
100%
100%
In DH geslaagde Haagse doorstromers
Tabel 18b: Verdeling gehuisveste doorstromers in Den Haag. Bron: Tabellenboeken jaargangen 2017 tot en met eerste halfjaar 2021, opgesteld door Explica in opdracht van de SVH. Cijfers die bij de jaren staan vermeld zijn afkomstig uit de aanbodrapportage van dat betreffende jaar.
19 Met de ingang van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 (1 juli 2019) is de definitie van doorstromer aangescherpt. Dat betekent dat huishoudens die in de regio een koopwoning leeg achterlaten na verhuizing géén doorstromer meer zijn, maar starter. En dat woningzoekenden van buiten de regio die een huur- of koopwoning leeg achterlaten na verhuizing, géén doorstromer meer zijn, maar starter. Voor woningzoekenden die reeds ingeschreven stonden vóór de ingang van de huisvestings verordening gold een overgangstermijn van twee jaar. Deze overgangstermijn verliep per 1 juli 2021.
34 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
Het aandeel Haagse starters onder de geslaagden neemt de laatste jaren tot en met 2020 af. Het aandeel Haagse doorstromers onder de geslaagde doorstromers in Den Haag neemt tot en met 2020 juist toe. (zie tabel 18a en 18b). De stijging van het aandeel geslaagde starters van buiten de regio en de daling van het aandeel geslaagde doorstromers van buiten de regio kan zijn veroorzaakt door de eerder genoemde verandering in definitie van doorstromer in de huisvestingsverordening. 3.7.2 Haagse starters 2020
1 persoons
2 persoons
t/m 22 jaar
11
2
13
23-26 jaar
7
3
10
27-34 jaar
12
5
35-44 jaar
6
45-54 jaar
8
1
totaal
18 6
1
55-64 jaar 44
3 persoons
11
9 1
1
2
57
Tabel 19a Verdeling in aantallen van de in 2020 via loting lokaal maatwerk Haagse starters geslaagde huishoudens over huishoudgrootte en leeftijd. Bron: SVH.
2020
1 persoons
2 persoons
3 persoons
totaal
t/m 22 jaar
19%
4%
0%
23%
23-26 jaar
12%
5%
0%
18%
27-34 jaar
21%
9%
2%
32%
35-44 jaar
11%
0%
0%
11%
45-54 jaar
14%
2%
0%
16%
55-64 jaar
0%
0%
2%
2%
77%
19%
4%
100%
Tabel 19b: Verdeling in percentages van de in 2020 via loting lokaal maatwerk Haagse starters geslaagde huishoudens over huishoudgrootte en leeftijd. Bron: Bewerking van de gegevens van de SVH.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 35
2021-1
1 persoons
2 persoons
3 persoons
4 persoons
totaal
t/m 22 jaar
9
2
23-26 jaar
5
2
2
9
27-34 jaar
6
3
1
10
35-44 jaar
4
45-54 jaar
8
8
55-64 jaar
7
7
65-74 jaar
1
1
11
1
40
7
3
5
1
51
Tabel 20a: Verdeling in aantallen van de in de eerste helft van 2021 via lokaal maatwerk loting Haagse starters geslaagde huishoudens over huishoudgrootte en leeftijd. Bron: SVH.
2021-1
1 persoons
2 persoons
3 persoons
4 persoons
totaal
t/m 22 jaar
18%
4%
0%
0%
22%
23-26 jaar
10%
4%
4%
0%
18%
27-34 jaar
12%
6%
2%
0%
20%
35-44 jaar
8%
0%
0%
2%
10%
45-54 jaar
16%
0%
0%
0%
16%
55-64 jaar
14%
0%
0%
0%
14%
65-74 jaar
2%
0%
0%
0%
2%
78%
14%
6%
2%
100%
Tabel 20b: Verdeling in percentages van de in de eerste helft van 2021 via lokaal maatwerk loting Haagse starters geslaagde huishoudens over huishoudgrootte en leeftijd. Bron: bewerking van de gegevens van de SVH.
Er zijn in het eerste halfjaar van 2021 bijna evenveel woningen via het lokaal maatwerk loting Haagse starters verhuurd als in heel 2020 (57 over heel 2020 en 51 in de eerste helft van 2021).20 Zie ook onder paragraaf 3.5.3 Gebruik en effecten nieuwe regionaal-/lokaal maatwerkregels. In de tabellen 19a, 19b, 20a en 20b staan de onderverdelingen van deze geslaagden personen naar leeftijd en huishoudgrootte over 2020 en de eerste helft van 2021 in aantallen en in percentages.
20 Voor wat betreft de registratie van het lokaal maatwerk, zijn we samen met de SVH en de woningcorporaties bezig met een verbeterslag voor het niet geautomatiseerde deel van het lokaal maatwerk (bemiddelingen) en de andere bemiddelingen. Er worden nog verhuringen geboekt onder lokaal maatwerkregels die de gemeente Den Haag niet heeft ingesteld. Dat is onwenselijk en maakt monitoring lastig.
36 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
Het volgende valt op wanneer gekeken wordt naar de huishoudens die via dit lokaal maatwerk zijn geslaagd: •
Ruim driekwart betreft een eenpersoonshuishouden;
•
De meeste van de geslaagde meerpersoonshuishoudens zijn jonger dan 35 jaar;
•
Bij de eenpersoonshuishoudens is spreiding over vrijwel alle leeftijdscategorieën.
3.8
(Grote) gezinnen
Doel: - Meer Kansen voor (grote) gezinnen in de sociale huursector; - Betere kans op corporatiewoning in de regio voor (grote) gezinnen (regionaal maatwerk in HVO). Reële slaagkans voor aanbod in DH (in %)
2017
2018
2019
2020
1 persoons
13,6
11,3
12,3
11,9
2 persoons
10,8
9,8
11,2
10,9
3 persoons
11,8
10
10
11
4 persoons
9,3
8,2
10,5
9,5
5 persoons
7,9
8,4
10,6
13,6
6 en meer persoons
14,8
11,1
17,4
15,6
Tabel 21: Reële slaagkans uitgesplitst naar huishoudgrootte voor aanbod in Den Haag. Bron: Tabellenboek Den Haag 2017, 2018, 2019, 2020, Explica in opdracht van de SVH.
Aandeel van de geslaagde huishoudens die NIET via woon-/inschrijfduur is geslaagd (in %)
2018
2019
2020
1 persoons
49%
49%
53%
2 persoons
48%
44%
47%
3 persoons
54%
51%
51%
4 persoons
54%
64%
49%
5 persoons
73%
71%
47%
6 en meer persoons
100%
88%
91%
Tabel 22: Aandeel van de geslaagde huishoudens die NIET via woon-/inschrijfduur zijn geslaagd. Bron: Tabellenboek Den Haag 2018, 2019 , 2020, Explica in opdracht van de SVH).
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 37
wachttijd naar grootte huishouden
2018
2019
2020
1 persoons
55
61
72
2 persoons
52
57
66
3 persoons
56
66
63
4 persoons
65
83
75
5 persoons
62
88
94
-
86
-
6 en meer persoons
Tabel 23: Wachttijd van de geslaagde huishoudens naar grootte van het huishouden. Bron: Tabellenboek Den Haag 2018, 2019, 2020, Explica in opdracht van de SVH).
Als we vanuit het perspectief van gezinnen naar tabellen 21 tot en met 23 kijken dan valt het volgende op: • Van alle geslaagden kandidaten hebben 6+-persoonshuishoudens de hoogste slaagkans. Deze huishoudens slagen het minst vaak via woon-/inschrijfduur. Circa 90% van deze huishoudens slaagt op een andere manier (denk aan bemiddeling). Een wachttijd kan veelal niet gegeven worden voor deze groep, omdat slechts een klein aantal huishoudens slaagt op grond van woon-/ inschrijfduur. En dat is de groep waarover de wachttijd wordt berekend; • Huishoudens bestaande uit vier personen hebben veelal de laagste slaagkans. Dit komt mogelijk doordat deze groep concurrentie ondervindt van twee- en driepersoonshuishoudens naast concurrentie van de vijfpersoonshuishoudens. Volgens de bezettingsnormtabellen van de SVH komen twee- en driepersoonshuishoudens namelijk ook in aanmerking voor de kleinere 4-kamerwoningen en 5-kamerwoningen. Opvallend is dat het aandeel van de vierpersoonshuishoudens dat is geslaagd via woon-/inschrijfduur in 2020 is toegenomen, terwijl hun slaagkans is gedaald. De wachttijd voor deze groep is in 2020 echter ook gedaald; • Bij vijfpersoonshuishoudens is het aandeel van de huishoudens dat is geslaagd via woon-/ inschrijfduur nog sterker toegenomen dan bij de vierpersoonshuishoudens, terwijl de slaagkans ook is toegenomen.
De wachttijd van deze groep is echter ook toegenomen;
38 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
Kenmerken van geslaagde woningzoekenden regionaal (in %)
2017
2018
2019
2020
2021-1
1 persoons
56%
55%
57%
58%
59%
2 persoons
20%
21%
20%
18%
18%
3 persoons
12%
11%
10%
11%
11%
4 persoons
6%
6%
6%
5%
6%
5 persoons
2%
2%
2%
3%
3%
6 en meer persoons
1%
1%
1%
2%
2%
onbekend/rechtspersonen
3%
3%
3%
3%
1%
Tabel 24: kenmerken van geslaagde woningzoekenden in de regio. Bron: Aanbodrapportage 2018, 2019, 2020, Explica in opdracht van de SVH.
Over het regionaal maatwerk is in paragraaf 3.5.3 Gebruik en effecten nieuwe regionaal-/lokaal maatwerkregels al het een en ander gezegd. In tabel 24 met daarin de kenmerken van geslaagde woningzoekenden in de regio Haaglanden, valt op dat er vanaf 2020 een stijging is te zien in het aandeel 5- en 6-persoonshuishoudens dat is geslaagd. Mogelijk heeft het regionaal maatwerk hieraan bijgedragen.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 39
Voor het gebied Zuidwest wordt een integraal programma opgesteld met daarin aandacht voor een sociale, economische en fysieke aanpak. Het gebied Zuidwest wordt opgenomen in het Rijksprogramma Stedelijke Vernieuwing 3.0.
4. Leefbaarheid in de wijken Overkoepelende doelen: - Bij ingrepen in de bestaande woonruimtevoorraad of gebruik van woonruimte de leefbaarheid en het karakter van wijken beschermen; - Rem op bouw kleine woningen. 4.1
Aanpak Zuidwest
De ondertekenaars van het Verbond Zuidwest (8 juli 2021), waaronder de gemeente, corporaties, bewoners, ondernemers, professionele partijen en het Rijk, beloven komende 20 jaar zich samen in te zetten opdat bewoners van Zuidwest zich net zo gezond voelen, een net zo goede schoolloopbaan doorlopen, zich net zo veilig, thuis, met elkaar verbonden voelen, waar mogelijk deelnemen aan de arbeidsmarkt en in ieder geval bestaanszekerheid kennen en schulden-zorgenvrij zijn, en evengoed wonen als een gemiddelde Hagenaar. Doelen De aanpak voor Zuidwest sluit aan bij de doelstelling in de Woonagenda ten aanzien van stedelijke vernieuwing en gebiedsontwikkeling. • De leefbaarheid en de veiligheid wordt via een integrale aanpak verbeterd. Voor het gebied Zuidwest wordt een integraal programma opgesteld met daarin aandacht voor een sociale, economische en fysieke aanpak. • Het gebied Zuidwest wordt opgenomen in het Rijksprogramma Stedelijke Vernieuwing 3.0. Samengevat ligt er een integrale opgave voor Zuidwest met een scope tot 2040: een sociaal economische opgave, een duurzaamheidsopgave, een woningbouwopgave en een ruimtelijke inrichting van de groene en openbare ruimte en een mobiliteitsopgave; dit landt in een structuurvisie. Programma Zuidwest 2040 Er vindt een lobby plaats naar het Rijk (ministerie BZK) voor de bijzondere Rijksstatus.
Het Nationaal programma Zuidwest en de projectorganisatie en governance wordt t/m maart 2022 nader uitgewerkt.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 41
Bijdrage Wonen Vanuit Wonen hebben we drie rollen in de gebiedsadvisering voor Zuidwest; opdrachtgever, opdrachtnemer en partner (adviseur). We dragen bij aan de Structuurvisie Zuidwest 2040 en het programma Zuidwest 2040. Dit doen we door één van de zes Allianties van het programma beleidsmatig te ondersteunen; de Alliantie Wonen & Leefomgeving. De doelen van projecten, beleid en programma’s van Wonen moeten landen in de gebiedsontwikkeling van Zuidwest. De doelen en maatregelen voor het programma en het monitoren van het programma Zuidwest wordt gestart in 2022. Deze informatie volgt in de voortgangsrapportage 2022.
4.2
Bestaande Woningvoorraad
Doelen: -
Concentratie van kleine woningen beperken met primaat bij studentenwoningen, zorgwoningen en bijzondere concepten;
-
Norm kleine woning: <40m2 in het CID en <50m2 in de rest van de stad;
-
Geen bouwbouwkundige splitsing, tenzij…;
-
Ontmoedigen omzetten koopwoningen in huurwoningen.
4.2.1 Buy to let: In 2019 heeft het onderzoeksbureau ABF onderzoek gedaan naar de ontwikkelingen van buy to let in Den Haag over de jaren 2012 tot en met 2018. In totaal zijn er 10.270 woningen die voldoen aan de buy to let (BTL)-definitie.21 Dat komt neer op 4% van alle woningen in Den Haag en 16% van de totale particuliere huurvoorraad. Ruim 30% van de BTL-woningen van begin 2018 hebben in het voorafgaande kalenderjaar de overgang gemaakt. Bijna 10% van de BTL-woningen van begin 2018 hebben gedurende 2012 (tussen begin 2012 en begin 2013) de overgang gemaakt. BTL-woningen zijn ongelijk verdeeld over de stad. Sommige wijken tellen naar verhouding veel meer BTLwoningen dan andere. Dat heeft vooral te maken met de samenstelling van de woningvoorraad in elk van de wijken. In de wijk Rustenburg en Oostbroek is een kleine 11% van de woningvoorraad een BTL-woning. Als percentage van de totale particuliere huurvoorraad is dat 28%. In Den Haag als geheel bedragen die percentages 4% en 16%. In Bezuidenhout, Laakkwartier en Spoorwijk en de Archipelbuurt komt het percentage ook boven de 6% uit. Als aandeel van de totale particuliere voorraad gaat het dan om een kleine 20%. Om de negatieve effecten van buy to let aan te pakken, is in de Woonagenda opgenomen dat het instrument van de opkoopbescherming wordt ingezet, zodra dit mogelijk is.
In 2021 hebben diverse voorbereidende acties plaatsgevonden om de opkoopbescherming in Den Haag zo snel mogelijk in
21 Voor het afbakenen van woningen die in 2018 BTL-woningen zijn, is de definitie als volgt. Het zijn woningen die in 2018 tot de woningvoorraad volgens de BAG1 behoren en: (1) In 2018 door CBS worden beschouwd als ‘overige huurwoningen’ (niet-corporatiehuur) én (2) in de periode 2012-2018 van de CBS-eigendomsstatus ‘koop’ (eigenaar-bewoner) zijn overgegaan naar de CBS-eigendomsstatus ‘overige huur’ én (3) per 1 januari 2018 bewoond zijn (minstens 1 persoon) én (4) waarvan de eigenaar niet op dat adres woont én - waarvan de eigenaar niet vóór 1 januari 2018 is overleden.
42 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
te voeren, zodra dit wettelijk mogelijk is. Zo heeft er onder andere een update plaatsgevonden van het bovenstaande onderzoek van ABF. 4.2.2 Bouwkundig splitsen: Per 1 juli 2019 kan in een groot aantal gebieden in Den Haag niet meer bouwkundig gesplitst worden. Hier worden geen woningvormingsvergunningen afgegeven. Er mag nog in een beperkt aantal gebieden, onder voorwaarden, bouwkundig gesplitst worden. Om bouwkundig te kunnen splitsen heeft een woningeigenaar een omgevingsvergunning nodig op basis van de Wabo en een woningvormingsvergunning op basis van de huisvestingsverordening. In de onderstaande tabellen is het aantal aangevraagde en verleende omgevingsvergunningen en woningvormingsvergunningen voor bouwkundig splitsen weergegeven in 2019 en 2020: Jaar
aanvragen
vergund
geweigerd
ingetrokken/ buitenbehandeling
2019
163
132
15
26
2020
8
2
3
3
Tabel 25: Overzicht omgevingsvergunningen bouwkundig splitsen. Bron: V&T en bewerkt door Wonen.
Tabel Bron V&T en bewerkt door Wonen ingetrokken/ Jaar25: Overzicht omgevingsvergunningen aanvragenbouwkundig splitsen. vergund geweigerd buitenbehandeling 2019
40
26
6
8
2020
7
3
2
2
Tabel 26: Overzicht woningvormingsvergunningen bouwkundig splitsen. Bron: V&T en bewerkt door Wonen.
In 2019 zijn er 163 omgevingsvergunningen aangevraagd, waarvan er 132 zijn verleend. Het merendeel van de aangevraagde en verleende vergunningen heeft plaatsgevonden vóór 1 juli 2019. Vanaf het moment dat de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 per 1 juli 2019 van kracht is geworden, is het aantal aanvragen sterk afgenomen. Dat is logisch gezien de zeer beperkte mogelijkheden die er zijn overgebleven om naast een omgevingsvergunning ook een woning vormingsvergunning op basis van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 te verkrijgen. Dit patroon is duidelijk terug te zien in het aantal aangevraagde en verleende omgevings vergunningen van respectievelijk acht en twee in 2020. Hetzelfde patroon is terug te zien in de cijfers van de woningvormingsvergunningen. In 2020 zijn nog slechts zeven woningvormings vergunningen aangevraagd waarvan er drie zijn verleend.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 43
4.2.3 Kamerbewoning Vanaf medio 2015 tot 1 juni 2021 was een omzettingsvergunning benodigd voor kamerbewoning vanaf vier personen. In de onderstaande tabel is het aantal aangevraagde en verleende omzettingsvergunningen weergegeven voor kamerbewoning vanaf vier personen in 2019 en 2020. Jaar
aangevraagd
verleend
geweigerd
ingetr./bb
2019
225
194
2
29
2020
143
89
21
33
Tabel 27: Overzicht omzettingsvergunningen voor kamerbewoning 2019 & 2020. Bron: V&T en bewerkt door Wonen.
In 2019 zagen we een piek in het aantal aangevraagde en verleende vergunningen voor kamer bewoning. Oorzaak hiervoor was hoogstwaarschijnlijk de aanscherping van het beleid voor bouwkundig splitsen in de Huisvestingsverordening Den Haag 2019. Door het splitsingsverbod dat geldt voor een groot deel van de stad kozen mensen er sneller om een vergunning voor kamer gewijze verhuur aan te vragen. Daarnaast zorgde ook de forse druk op de woningmarkt en de vraag naar betaalbare (en snel beschikbare) woonruimte vermoedelijk voor een groei in het aantal aanvragen. Aan de toename van het aantal verleende omzettingsvergunningen is in 2020 een einde gekomen. In 2020 zijn er 143 vergunningen aangevraagd, waarvan er 89 zijn verleend. In maart 2020 is er, door middel van de beleidsregel ‘Omzettingsvergunning Den Haag 2020’ eerst een stop op de afgifte van omzettingsvergunningen gekomen in wijken met een gemiddeld genomen goedkope woningvoorraad. De beleidsregel is in juni 2020 uitgebreid met een volledige stop op de afgifte van omzettingsvergunningen in heel de stad totdat er nieuw kamerbewoningsbeleid van kracht zou worden. Door de ingevoerde stop lag het aantal afgegeven omzettingsvergunningen fors lager dan in 2019. De top 3 van wijken in 2020 waar de meeste aanvragen voor een omzettingsvergunningen zijn gedaan, zijn: 1. Rivierenbuurt (15 aanvragen, 11 verleend); 2.
Bezuidenhout (15 aanvragen, 11 verleend); 3. Leyenburg (12 aanvragen, 7 verleend). Sinds 1 juni 2021 is er nieuw beleid van kracht geworden op het gebied van kamerbewoning. Dit beleid is verwoord in de Nota voorraadbeleid 2020 en juridisch verankerd in de Huisvestings verordening Den Haag 2019. Het nieuwe beleid voor kamerbewoning kent, conform de gestelde ambities uit de Woonagenda, strengere regels. Zo geldt er onder andere een vergunningplicht bij kamerbewoning vanaf drie personen en worden in wijken met een gemiddeld genomen goedkope en middeldure woningvoorraad geen omzettingsvergunningen meer verleend. Datzelfde geldt ook voor wijken waar al in meer dan 5% van de woningen kamerbewoning plaatsvindt. Daarnaast is het minimum woonoppervlak per kamerbewoning opgehoogd naar 18 m2 en worden er geluidseisen gesteld bij kamerbewoning vanaf vijf personen. 44 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
4.3
Reflectie op kwaliteit nieuwbouwproductie
Doelen: -
Gedifferentieerd bouwen in centrumgebied voor diverse stedelijke doelgroepen;
-
Norm kleine woning: <40m2 in het CID en <50m2 in de rest van de stad;
-
Flexibel bouwen bij kleine woningen;
-
Bij ontwikkelingen in de hele stad ligt het aantal kleine woningen op maximaal 20% van het totaal aantal woningen;
-
Een bouwinitiatief moet bijdragen aan diversiteit qua woningprijs en woningtype en woninggrootte.
Naast kwantitatieve doelstellingen voor het bouwprogramma, is ook de kwaliteit van de gerealiseerdewoningen en woonmilieus van belang. Om eenzijdigheid te voorkomen is de bouw van kleine woningen genormeerd tot ca 20% van de bouwproductie. Voor studentenwoningen, zorgwoningen en bijzondere concepten geldt een uitzondering. Gedifferentieerd bouwen voor verschillende doelgroepen is het uitgangspunt, waarbij in sommige gebieden de nadruk meer ligt op kleiner bouwen voor 1 persoons huishoudens, zoals rondom de campus HS, terwijl in andere gebieden de nadruk meer ligt op wat groter bouwen voor meerpersoonshuishoudens. Zo krijgen de gebieden een bij het woonmilieutype en doelgroepen passende woonkwaliteit. In de Binkchorst zijn de eisen aan een bouwinitiatief in het omgevingsplan vastgelegd in beleidsregels voor de woonkwaliteit. In 2020 is de programmering van het project the Grace in Laakhaven aangepast en meer in lijn gebracht met de intenties van de woonagenda om tot een gemengd woningaanbod te komen. Bij veel van de grotere projecten die nu in voorbereiding zijn wordt gestreefd naar een zo gemengd mogelijk programma van betaalbaar, sociaal en marktwoningen en van kleinere woningen tot ruimere woningen. Bij kleinere woningen is het toevoegen van gemeenschappelijke ruimten belangrijk om ontmoeting tussen bewoners te stimuleren en zo de sociale cohesie te versterken.
Dit valt onder de bijzondere concepten. De beleidsregels in het omgevingsplan van de Binckhorst worden geactualiseerd, onder andere n.a.v. de Woonagenda en de motie ‘Sociale huur Binckhorst Sociaal houden’(RIS302085).
4.4
Huurteam
Doel: huurders ondersteunen in hun huurrecht en tegengaan huisjesmelken (huurteam). In 2019 zijn door het Huurteam 10.475 adressen van particuliere huurwoningen benaderd waar volgens de basisregistratie van de gemeente een mutatie had plaatsgevonden22. Deze benaderingen hebben in 2019 geleid tot 529 opnames door de medewerkers van het Huurteam. Bijna driekwart van alle opnames vond plaats in de stadsdelen Centrum, Segbroek en Laak. Van alle opnames die zijn gedaan in 2019 is 93% ‘niet conform’ gebleken. Dat wil zeggen dat bijvoorbeeld de toegekende
22 Onderzoeksrapport Resultaten Huurteam 2019, DSO/Programmamanagement, Strategie en Onderzoek, 6 mei 2020.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 45
punten een andere huurprijs uitwijzen of dat er achterstallig onderhoud is geconstateerd. Bij veruit de meeste gevallen (350) gaat het om huurprijzen die niet conform de puntentelling zijn. In 102 gevallen is er een procedure gestart bij de Huurcommissie. In de meeste gevallen gaat het hierbij om het aanvragen van huurverlaging of om een huurprijscheck (door de landelijke Huurcommissie). Van de procedures die in 2019 zijn afgerond en waarbij er een uitspraak is gedaan over de huurprijs, komt de gemiddelde huurprijsverlaging uit op circa 250 euro per woonruimte. In 2020 zijn 347 opnames door de medewerkers van het Huurteam verricht.23 In vergelijking met 2019 zijn in 2020 minder opnames uitgevoerd door het Huurteam. Dit heeft vooral te maken gehad met de beperkende contactmaatregelen door Covid-19. Van alle opnames die zijn gedaan ging het in 277 gevallen om een zelfstandige woning en in 61 gevallen om een onzelfstandige woning. In 9 gevallen is het niet duidelijk of het een zelfstandige of onzelfstandige woning betrof. Bijna driekwart van de 347 opnames die in 2020 door de medewerkers van het Huurteam zijn verricht, vond plaats in de stadsdelen Centrum, Segbroek en Laak. 1. Verrichtte opnames in 2020 Jaar waarin de opname is gedaan% aantal
%
1 Loosduinen
8
2%
2 Escamp
56
16%
3 Segbroek
80
23%
4 Scheveningen
31
9%
5 Centrum
97
28%
6 Laak
66
19%
7 Haagse Hout
7
2%
8 Leidschenveen-Ypenburg
3
1%
347
100%
Totaal
Tabel 28a: Opnames huurteam in 2020 naar jaar opname. Bron: Opnamebestand Huurteam Den Haag, bewerking: DSO/PSO.
23 Cijfers over 2019 zijn op het moment van schrijven nog niet beschikbaar.
46 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
2. Opnames in 2020 naar eigendomssituatie Eigendomssituatie onbekend
Particuliere huurwoning
Corporatie woning
Totaal
aantal
aantal
aantal
aantal
1 Loosduinen
8
8
2 Escamp
56
56
3 Segbroek
5
47
4 Scheveningen
1
30
5 Centrum
4
92
1
97
6 Laak
1
62
3
66
7 Haagse Hout
6
1
7
8 Leidschenveen-Ypenburg
2
Totaal
11
330
1
80 31
2 6
347
Tabel 28b: Opnames huurteam in 2020 naar eigendomssituatie. Bron: Opnamebestand Huurteam Den Haag, bewerking: DSO/PSO.
3. Opnames in 2020 naar zelfstandig en onzelfstandige woningen Onbekend zelfstandig of onzelfstandig
Onzelfstandige woning
Zelfstandige woning
Totaal
aantal
aantal
aantal
aantal
1 Loosduinen
2
6
8
2 Escamp
10
46
56
11
64
80
7
24
31
3 Segbroek
5
4 Scheveningen 5 Centrum
1
12
84
97
6 Laak
3
18
45
66
1
6
7
2
2
277
347
7 Haagse Hout 8 Leidschenveen-Ypenburg Totaal
9
61
Tabel 28c: Opnames huurteam in 2020 naar zelfstandige en onzelfstandige woningen. Bron: Opnamebestand Huurteam Den Haag, bewerking: DSO/PSO.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 47
Van alle 347 opnames die zijn gedaan in 2020 is ruim 88% ‘niet conform’ gebleken. Dat wil zeggen dat bijvoorbeeld de punten van de opname een andere huurprijs uitwijzen dan die door de verhuurder wordt gevraagd in relatie tot de prijs/kwaliteitverhouding van de woonruimte. Redenen waarom opnames afwijken, ‘niet conform’ zijn, zijn onder meer vanwege het resultaat van de puntentelling, de onderhoudsklachten of een combinatie van punten en onderhoud, vanwege de servicekosten, all-in huur of de toetsingsprocedure. In 83 gevallen is er wel een procedure gestart bij de landelijke Huurcommissie in 2020. In de meeste gevallen gaat het hierbij om het aanvragen van huurverlaging of om een huurprijscheck (door de landelijke Huurcommissie) uit te laten voeren. En daarnaast ook vanwege achterstallig onderhoud en gevraagde servicekosten.
4.5
Bevorderen goed verhuurderschap
Doel: bevorderen ‘goed verhuurderschap’ (pilot). De afgelopen twee jaar heeft de pilot goed verhuurderschap plaatsgevonden. In de Haagse pilot is onderzocht of de rol van het huurteam bij de handhaving versterkt kan worden, is er gewerkt aan het verbeteren van de informatiepositie van de huurder/verhuurder en is er extra aandacht gegeven aan hoge huren als symptoom van malafide verhuurderschap. Aan de hand van de gecombineerde huisbezoeken en diverse externe onderzoeken die zijn uitgezet, heeft de pilot verschillende belangrijke resultaten geboekt. In de Raadsbrief (RIS307156) wordt er uitgebreid ingegaan op de tussentijdse resultaten van de pilot die behaald zijn in 2019/2020. In het kort gaan we in op de belangrijkste uitkomsten. 4.5.1 Gecombineerde huisbezoeken, kwetsbare groepen n het kader van de pilot goed verhuurderschap zijn er ruim 170 huisbezoeken uitgevoerd. De huis bezoeken hebben plaatsgevonden door de HPB in combinatie met het Huurteam in wijken en adressen waar problemen verondersteld werden op basis van data of signalen. Er waren meer huisbezoeken gepland, maar mede door de coronacrisis zijn de actieve huisbezoeken half maart gestopt. Alle respons van huisbezoeken is verwerkt in een speciale database en de resultaten daarvan worden geanalyseerd.
Door de huisbezoeken is, mede wegens de actieve werkwijze, waardevolle informatie opgehaald met name over de groep kwetsbare huurders in Den Haag. Deze groep kwetsbare groep huurders is vaak de taal niet machtig, is onbekend met de rechten en weet de weg niet naar het Huurteam te vinden. Dit kan enerzijds omdat ze niet op de hoogte zijn van de mogelijkheden, anderzijds omdat ze niet durven, mede vanwege intimidatie door de verhuurder of het feit dat er sprake is van een tijdelijke huurovereenkomst. Ook kan de taal een barrière voor ze vormen. Op basis van de eerste scan van de huisbezoeken, vallen diverse zaken op. De huur is structureel veel hoger (t.o.v. het woningwaarderingsstelsel), het onderhoud is matig tot slecht en er is vaak sprake van tijdelijke huurovereenkomsten. Men ziet regelmatig woningen die onterechte verhuurd zijn boven de liberalisatiegrens. In conflictsituaties staan huurders vaak machteloos tegenover hun verhuurders. Een deel van de onderzochte groep huurders wordt met regelmaat geïntimideerd door de verhuurder. In woningen waar extreme omstandigheden (zowel 48 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
op gebied van een te hoge huur als achterstallig onderhoud) worden geconstateerd, wonen bijna altijd van oorsprong niet-Nederlandsebewoners die de Nederlandse of Engelse taal niet (goed) machtig zijn. Door de actieve benadering van het Huurteam in combinatie met de Haagse Pandbrigade hebben we een specifieke (en kwetsbare) groep weten te bereiken en is er meer zicht op de bijbehorende problematiek. De aanpak om huisbezoeken af te leggen zorgt weliswaar voor waardevolle informatiemaar heeft tegelijkertijd een keerzijde. Deze manier van werken is bijzonder arbeids intensief, vindt noodgedwongen meestal in de avonduren plaats en kost door de manier van werken en het overwinnen van de taalbarrière veel tijd. De pilot heeft tot het inzicht geleid dat een nauwere samenwerking tussen de Haagse Pandbrigade en het Huurteam tot vruchtbare resultaten leidt. De noodzaak tot een betere samenwerking is in lijn met het recent vastgestelde uitvoeringsbeleid “Handhaven met ambitie” (RIS306211) van de Haagse Pandbrigade, waarin een gerichte en stevige aanpak tegen notoire overtreders wordt aangekondigd. Een goede verhuursituatie is daarbij het sluitstuk. Ook de uitvoering van de komende Wet goed verhuurderschap vraagt om een nauwere samenwerking tussen de Haagse Pandbrigade en het Huurteam. Hierom wordt op dit moment verkend hoe de samenwerking structureel kan worden versterkt.
4.5.2 Externe onderzoeken Naast het interne onderzoek gericht op kwetsbare huurders, uitgevoerd door de HPB en het Huurteam, zijn er diverse externe onderzoeken uitgevoerd waardoor we een beter beeld krijgen van de particuliere huurmarkt: • Een onderzoek van bureau Tabula Rasa naar de redenen waarom kwetsbare huurders misstanden niet melden; • Een onderzoek van RIGO naar de drijfveren van verhuurders in het kader van goed verhuurderschap; • Een onderzoek van Dimensus onder particuliere huurders om inzicht te krijgen in de omvang en aspecten van slecht verhuurderschap in Den Haag; • Discriminatie op de Haagse woningmarkt. Het eerste onderzoek (Tabula Rasa) richt zich, net als bij de huisbezoeken die hebben plaats gevonden, op een specifieke groep huurders, namelijk de kwetsbare groep huurders. Middels dit onderzoek krijgen we een beter beeld van de niet redzame huurder in Den Haag. Het gaat hier om een klein gedeelte van de totale groep huurders in Den Haag. Het onderzoek bevestigt tevens een belangrijk deel van de uitkomsten van de huisbezoeken. Daarnaast geeft het meer inzicht in waarom huishoudens die te maken hebben met bepaalde aspecten van slecht verhuurderschap niks ondernemen. De ondervraagde huurders hebben laten weten dat in eerste instantie de nood voor een woning erg hoog was. De meerderheid van de geïnterviewden was de Nederlandse taal niet of nauwelijks machtig.
Ook is door het onderzoek duidelijk geworden dat kwetsbare huurder zich afhankelijk voelen van de verhuurder. Zo zijn ze minder geneigd om vervolgacties te onder nemen, ondanks dat ze zich bewust zijn van bepaalde misstanden, omdat ze bang zijn om op straat Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 49
te belanden. Daarnaast weten ze vaak niet wat hun (huur)rechten zijn of bij welke instantie ze moeten zijn om ondersteuning te vragen. Het tweede onderzoek betreft een onderzoek van RIGO waar de drijfveren van verhuurders voor goed verhuurderschap zijn onderzocht. Dit onderzoek geeft een goed beeld weer van hoe verhuurdersopereren, wat zij belangrijk vinden en waar de behoefte ligt. Uit het onderzoek is naar voren gekomen hoe divers de groep verhuurders in Den Haag is. In totaal zijn er meer dan 9.000 verhuurders actief in de stad die zeer verschillen qua omvang van de woningportefeuille en in professionaliteit. Naast de eigenaren van de huurwoningen zijn er ook diverse andere ‘spelers’ actief met veel invloed op de huurmarkt, denk hierbij aan tussenpersonen als beheerders aan makelaars. Er is een grote groep aan welwillende verhuurders die de diverse aspecten van goed verhuurderschap, zoals onderhoud, huurprijzen en een goede relatie met de verhuurder, belangrijk vindt en hier ook naar opereert. Daarnaast hebben meerdere verhuurders aangegeven meer behoefte te hebben aan meer contact met de gemeente over diverse actuele thema’s zoals hoe we goed verhuurderschap in de stad kunnen borgen. Het onderzoeksbureau Dimensus heeft onderzoek gedaan naar hoe huurders in de particuliere huursector goed of slecht verhuurderschap ervaren.
Op basis van een aselecte steekproef van de particuliere huurmarkt zijn uiteindelijk 4.100 particuliere huurders benaderd om een vragenlijst in te vullen over thema’s als huurprijzen, onderhoud, duurzaamheid en de relatie met de verhuurder. Dit onderzoek geeft inzicht in de omvang van goed/slecht verhuurderschap in Den Haag onder huurders. Zo komt naar voren dat de huurprijs het meest scheef is (t.o.v. het WWS stelsel) in particuliere huurwoningen in Laak. Toch geeft het grootste gedeelte (62%) van de huurders aan tevreden te zijn over de huurprijs. Aan de huurders is verder gevraagd hoe ze het onderhouds niveau van de woning vinden. Hiervan geeft 21% aan dat het onderhoudsniveau slecht is, dit komt neer op 15.000 woningen in de stad. Huurders hebben helaas ook te maken met verhuurders of beheerders die slecht bereikbaar (16%) zijn of kapotte zaken in de woning niet snel repareren (30%). Het lijkt er verder op dat excessen, waaronder intimidatie of discriminatie door de verhuurder, gering voorkomen. Het gaat om ongeveer 10% van de huurders die hebben aangegeven hier ooit eens mee te maken hebben gehad. Een positief opvallend resultaat is dat huurders grote waarde hechten (82%) aan een duurzame woning. De helft van de Haagse huurders heeft er een huur verhoging voor over.
Tot slot is een andere betekenisvolle uitkomst voor het vervolg van goed verhuurderschap, dat lang niet alle huurders weten wat hun rechten en plichten zijn bij het huren van een woning. Zo heeft 40% aangegeven goede informatie hierover te missen. Het vierde en laatste onderzoek betreft het onderzoek naar discriminatie op de Haagse particuliere huurwoningmarkt. Met behulp van praktijkteksten (mystery mails en calls) is in beeld gebracht in hoeverre makelaars bereid zijn te discrimineren op het gebied van migratieachtergrond en seksuele geaardheid en in hoeverre dit in de praktijk ook daadwerkelijk voorkomt. De resultaten van de mystery calls wijzen erop dat ongeveer 57% van de verhuurmakelaars in Den Haag bereid is om op verzoek van de opdrachtgever te discrimineren op migratieachtergrond of seksuele geaardheid. Een kwart van hen liet tijdens het onderzoek blijken wel te weten dat het selecteren van kandidaten op basis van migratieachtergrond of seksuele geaardheid wettelijk niet is toegestaan. Vervolgens is 50 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
onderzocht in hoeverre er discriminatie plaatsvindt tijdens het verhuurproces bij woningzoekenden op grond van migratieachtergrond of seksuele geaardheid. Op basis van het uitgevoerde onderzoek kan geconcludeerd worden dat woningzoekenden met een niet-westerse naam bij de toewijzing van particuliere huurwoningen in Den Haag regelmatig benadeeld worden ten opzichte van woningzoekenden met een Nederlandse naam: zij maken 18,8% meer kans om negatief gediscrimineerdte worden. Uit het onderzoek blijkt ook dat koppels met een homoseksuele geaardheid bij de toewijzing van particuliere huurwoningen in Den Haag 8,5% vaker nadelig worden behandeld dan heteroseksuele koppels die een woning zoeken. Over de tussentijdse resultaten van de pilot goed verhuurderschap is in medio 2021 gerapporteerd (RIS 307156). Er volgt ook nog een eindrapportage van de pilot goed verhuurderschap.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 51
De komende jaren zetten we voor enkele doelgroepen extra maatregelen in om ze makkelijker aan een woning te helpen. 52 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
5. Doelgroepen Doel: Verbeteren kans op huisvesting voor enkele kwetsbare en enkele onmisbare doelgroepen. 5.1
Onmisbare beroepsgroepen
Doel: sleutelberoepen in Den Haag huisvesting bieden. We hebben in ons coalitieakkoord en in de Woonagenda opgenomen dat we ons inzetten om zorgmedewerkers, politieagenten en leraren (sleutelberoepen) met voorrang proberen te huisvesten. In de afgelopen jaren hebben we afspraken gemaakt met verhuurders over het beschikbaar stellen van de huurwoningen voor zorgmedewerkers, politieagenten en leraren. Dit doen we in nauwe samenwerking met de sectoren Zorg, Onderwijs en de Politie. Voor 2021 hebben we voor enkele nieuwbouwprojecten afspraken gemaakt met verhuurders over het beschikbaar stellen van de woningen voor de doelgroep, het gaat om ruim 200 middeldure huurwoningen. Daarnaast zijn er ook andere partijen in de stad die zich inzetten voor deze doelgroep, waaronder de Koninklijke Haagse woningvereniging 1854, die 16 woningen ontwikkelt aan de Zeezwaluwstraat en 43 woningen aan de Fahrenheitraat. Verder zetten we ons de komende tijd verder in om afspraken te maken met partijen over het beschikbaar stellen van meer woningen voor de sleutelberoepen. Bij nieuwe grote ontwikkelingen in bijvoorbeeld Den Haag Zuidwest nemen we dit ook mee.
5.2
Zorgdoelgroepen
Doelen: -
Aanbod voor zorgdoelgroepen door corporaties verhogen tot 313 zelfstandige woningen per jaar;
-
Aanbod voor zorgdoelgroepen verder verhogen met 50 woningen per jaar vanuit transformeerbaar gemeentelijk vastgoed;
-
100 woningen per jaar realiseren door het realiseren van tijdelijke woningen en door met woningcorporaties afspraken te maken over labelen nieuwbouw voor zorgdoelgroepen en door te kijken naar mogelijkheden in de particuliere verhuur;
-
Evenwicht in huisvesting huishoudens uit zorginstelling in regiogemeenten.
Met de woningcorporaties is in de Raamovereenkomst wonen 2019-2024 (RIS303208) afgesproken dat zij jaarlijks 313 zelfstandige woningen toewijzen aan zorgdoelgroepen. In 2019 en 2020 is dit Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 53
aantal niet tijdig behaald. In 2020 is de achterstand van 2019 (41 woningen) door de woning corporaties ingelopen. In 2021 is de achterstand van 2020 (27 woningen) op één woning na ingelopen door de woningcorporaties. In de raadsmededeling RIS 308570 (28 april 2021) heeft het college aangegeven extra inzet te plegen op de huisvesting van zorgdoelgroepen en statushouders. Er zijn groepen, zoals zorgdoelgroepen en statushouders, waarvoor de gemeente een wettelijke taak heeft deze te huisvesten. In de huidige situatie kan de gemeente niet aan deze taak voldoen. In het onder paragraaf 3.6 statushouders genoemde doorbraakplan (RIS310115) wordt daarom ingezet op extra woonplekken voor zorgdoelgroepen en statushouders buiten de corporatiesector. Dit plan is in oktober 2021 gepubliceerd en valt daarom buiten de scope van deze rapportage. Regio Voor de regio is gestart met het in beeld brengen van de behoefte en het aanbod van woningen voor de uitstroom van zorgdoelgroepen.
5.3
Woonwagenbewoners
Doel: uitbreiding van het aantal standplaatsen. In de Woonagenda 2020-2023 is opgenomen dat de gemeente afstand heeft genomen van het ‘uitsterfbeleid’ ten aanzien van standplaatsen voor woonwagens. Dat doet de gemeente onder andere door vorm te geven aan nieuw woonwagenbeleid. De participatie met de woonwagen bewoners is gestart in 2020 met het proactief afnemen van interviews met woonwagenbewoners in het kader van het woonbehoefte onderzoek. In 2021 is er een stedelijk overleg georganiseerd waar de Haagse woonwagenbewoners en de gemeente Den Haag voor de eerste keer georganiseerdmet elkaar in gesprek zijn getreden. Beheer
Aantal locaties
Aantal standplaatsen
Gemeente/CVDH
3
107
Staedion
3
70
Haag Wonen
4
51
WoonInvest
1
5
Snipperlocaties
8
8
11 (+ 8 snipperlocaties)
233 (241)
Totaal
Tabel 29: Aantal standplaatsen naar beheer (Be Flex 2020). Bron: Rapportage Uitkomsten inventarisatie woonbehoefte woonwagenstandplaatsen (Be Flex: 2020) (RIS307739 Bijlage 1).
In Den Haag bestaan momenteel 233 standplaatsen exclusief snipperlocaties, en 241 inclusief snipperlocaties. Waar mogelijk worden er locaties gezocht voor de uitbreiding van standplaatsen op bestaande en nieuwe locaties.
In de Woonagenda is bovendien aangegeven dat we gaan onderzoeken hoe de aanbieding van vrijkomende standplaatsen via het regionale woonruimte verdeelsysteem kan plaatsvinden. In 2021 heeft er een eerste gesprek plaatsgevonden met de woonwagenbewoners waarin zij hun wensen ten behoeve van de volgordebepaling op de wachtlijst kenbaar hebben gemaakt. In 2022 gaan wij hierover verder in gesprek met de regio. Een nieuw woonruimte- (/standplaats-) verdeelsysteem is bovendien onderdeel van het nieuwe Haagse woonwagenbeleid dat in 2022 gereed zal zijn.
5.4
Jongeren
Doel: meer kans op een corporatiewoning voor jongeren. Regionaal gezien is er een afname in het aantal verhuringen aan jongeren tot en met 26 jaar. In Den Haag, Delft en Zoetermeer slagen echter relatief gezien en verhoudingsgewijs vaak jongeren tot 22 jaar. In Den Haag is het aandeel geslaagden met een leeftijd tot en met 26 jaar al een aantal jaren 28%.24
5.5
Groepswonen
Doel: 10 procent van de nieuw te bouwen betaalbare koopwoningen wordt gebruikt voor verschillendewoonvormen, zoals wooncoöperaties, groepswonen, zelfbouw en/of collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO). In Den Haag zijn circa 38 woongroepen actief, met ca. 800 woningen. Volgens opgave van het Centrum Groepswonen is er in 2019 een groep gerealiseerd (‘Harvest’ aan de Oude Haagweg) en zijn er 8 groepen in oprichting die plaats moeten bieden aan ca. 150 huishoudens. Dit worden groepen in zowel de sociale huur als de vrije sector huur en koop.
5.6
Studenten
Doel: voldoende studentenhuisvesting voor een wervend studentenklimaat. Jaar
Realisatie
Aantal studenteneenheden
2019
Leemanstoren
480
2019
Laakhaven West
59
2019
Esperantoplein
24
2020
Lutherse Burgwal 10
123
2020
Leeghwaterplein
114
2021
’s Gravenzandelaan 181
90
Tabel 30: Realisatie studenteneenheden. Bron: gemeente Den Haag, afdeling Wonen/SEPO. 24 Bron: Tabellenboek Den Haag jaargangen 2018 tot en met eerste halfjaar 2021, opgesteld door Explica in opdracht van de SVH en aanbodrapportage eerste halfjaar 2021, opgesteld door Explica in opdracht van de SVH.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 55
De Leemanstoren, Laakhaven West, het Esperantoplein en de Lutherse Burgwal zijn allen opgeleverd voor de vaststelling van de nieuwe Woonagenda. De ambitie die door het college is vastgesteld in de Woonagenda 2020-2023 is dat het inzet op 1.000 nieuwe studenteneenheden tot 2023. In oktober 2020 zijn er aan het Leeghwaterplein 114 tijdelijke studenteneenheden gerealiseerd. Er zijn in 2020 met de ’s Gravenzandelaan 181 (90 eenheden) en de Prinsegracht (58 eenheden) in totaal 148 studenteneenheden in aanbouw genomen, waarvan de ’s Gravenzandelaan in 2021 ook is opgeleverd. In 2021 zijn de Loosduinseweg 615-619 (56 eenheden) en de Rijswijkseweg 626 (3 eenheden) in aanbouw genomen en de verwachting is dat er in 2022 wordt gestart met de bouw van de Verheeskade 105-197 (540 eenheden). Behalve de onzelfstandige studentenwoningen aan het Leeghwaterplein betreffen bovengenoemde projecten allen zelfstandige studentenwoningen. Tot 2023 wordt er momenteel uitgegaan van de bouw van circa 861 studenteneenheden (reeds gerealiseerd of in de pijplijn). Dat betekent dat er nog 139 studenteneenheden resteren om de ambitie van 1.000 studenteneenheden in 2023 te behalen. Door middel van een taskforce studentenhuisvesting wordt er momenteel geprobeerd projecten versneld tot de fase van start bouw te krijgen.
5.7
Arbeidsmigranten
Doelen: -
Groei huisvestingsbehoefte in goede banen leiden door voldoende, kwalitatief goede en betaalbare huisvesting en daaraan gelieerde zaken;
-
Regionaal huisvestingsplan voor arbeidsmigranten.
In 2013 is door de regio Haaglanden de ambitie van het realiseren van 6.000 huisvestingsplaatsen voor arbeidsmigranten vastgesteld. Waarvan 2.000 plaatsen als opgave voor de gemeente Den Haag. Daarvan zijn er circa 1.900 gerealiseerd. Grotendeel via kamerverhuur in de particuliere voorraad en voor een deel via grootschalige (logies)huisvesting op tijdelijke locaties en 1 permanente locatie. Voor de tijdelijke locaties is een vergunning verstrekt voor ten hoogste 10 jaar (juridisch maximale termijn). Inmiddels zijn of worden deze locaties vanwege het verlopen van termijnen gesloten. Zie tabel 31. In 2020 is een locatiescan naar tijdelijke en permanente locaties voor de huisvesting van bijzondere doelgroepen, waaronder arbeidsmigranten, uitgevoerd. Uit de scan is een beperkt aantal potentiële locaties voortgekomen, die verder kunnen worden uitgewerkt voor de huisvesting van bijzondere doelgroepen. Per locatie wordt na nader onderzoek een afweging gemaakt over geschiktheid en urgentie waarop toewijzing aan een doelgroep kan plaatsvinden. Een groot deel van deze locaties wordt bestemd voor zorgdoelgroepen, uitstromers uit maatschappelijke opvang, spoedzoekers en statushouders. We kijken bij verdere verkenningen naar co-housingsopties, die mogelijk ook ruimte bieden voor de huisvesting van arbeidsmigranten.
56 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
Grootschalige logies huisvesting arbeidsmigranten
Aantal plaatsen
Sluiting
Rieff (Laakhavens). Tijdelijk.
190
2020
Jobcenter (Jaap Edenweg 2). Tijdelijk.
324
2021/2022
Mixx-Inn (Zichtenburglaan). Permanent.
135
n.v.t.
Tabel 31: Grootschalige logies huisvestingsplaatsen arbeidsmigranten.
5.7.1 Tegengaan overbewoning en overlast bij arbeidsmigranten De aanpak om misstanden bij de huisvesting en tewerkstelling van arbeidsmigranten tegen te gaan en de daarvoor noodzakelijke samenwerking tussen de diverse betrokken partijen is versterkt. Voor het samenhangend pakket aan (niet direct woongerelateerde) maatregelen die de positie van arbeidsmigranten moet versterken en uitbuiting en misbruik moeten tegengaan, waaraan de afgelopen periode hard is gewerkt, wordt verwezen naar de 1e25 en 2e26 Voortgangsrapportage arbeidsmigranten. 5.7.2 Regionaal huisvestingsplan Op initiatief van de gemeente Den Haag is in 2020 jaar in de Bestuurlijke Tafel Wonen met de gemeenten in de regio Haaglanden afgesproken in samenwerking met de provincie te komen tot een regionale aanpak huisvesting van arbeidsmigranten. De aanpak moet leiden tot een verdelingsvoorstel waarin een huisvestingsopgave per regiogemeente wordt vastgesteld. In samenwerking met de gemeente Westland is in 2021 een onderzoeksopdracht en uitvraag geformuleerd en opdracht gegeven aan bureau P2. Het verschil tussen de regiogemeenten in erkenning noodzaak en urgentie is groot. Daarom ligt er nog geen voorstel. Het onderwerp zal terug komen in de nieuwe regionale woonagenda.
25 Voortgangsrapportage aanpak huisvesting arbeidsmigranten (RIS307302). 26 RISnummer is nog niet bekend. Collegedatum is 1 februari 2022.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 57
We zijn met de Rijksoverheid in gesprek over het reguleren van de betaalbaarheid van de bestaande woningvoorraad.
58 Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020
6. Actuele zaken In dit hoofdstuk wordt ingegaan op onderwerpen die niet expliciet zijn benoemd in de Woonagenda, maar wel actueel zijn en bijdragen aan de doelen van de Woonagenda. 6.1
Toeristische verhuur
Met de introductie van de Wet toeristische verhuur van woonruimte is het instellen van een vergunningplicht specifiek gericht op toeristische verhuur van woonruimten mogelijk geworden voor gemeenten. Dit heeft geleid tot nieuw beleid In Den Haag om de schaarse woonruimte te beschermen en mogelijk negatieve effecten op de leefbaarheid te voorkomen. Dit beleid is vast gelegd in de Nota voorraadbeleid 2020 en juridisch verankerd in de Huisvestingsverordening Den Haag 2019. Daarin wordt onderscheid gemaakt tussen vier vormen van toeristische verhuur met daaraan gekoppeld verschillende voorwaarden: • Vakantieverhuur: dit betreft het tijdelijk (maximaal 30 nachten per kalenderjaar) verhuren van de eigen woning aan toeristen. De eigenaar is zelf niet thuis als gasten in de woning zijn. Een registratienummer en vergunning is benodigd en de nachten moeten vooraf worden gemeld. • Pied-à-terre: verhuur van een pied-à-terre betekent dat de eigenaar een woning aan iemand verhuurt die het als pied-à-terre (2e woning) wil gebruiken. De eigenaar woont niet zelf in de woning en de huurder staat niet ingeschreven op het adres in de Basisregistratie Personen. Een ontheffing op de vergunningplicht en een registratienummer is benodigd. • Bed & breakfast: bij deze vorm verhuurt de eigenaar een kamer of deel van de woning aan toeristen en is thuis tijdens het verblijf van de gasten.
Een gast mag niet langer dan vier maanden in een Bed & breakfast verblijven. Een registratienummer is verplicht. Indien een omgevings vergunning benodigd is, is deze ook verplicht. • Short stay: dit is het bedrijfsmatig (met het oogmerk om winst te behalen) verstrekken van logies in woningen voor een periode tot maximaal vier aaneengesloten maanden. Als de eigenaar van een woning de bestemming van de woning wenst te wijzigen naar logies is hiervoor een omgevingsvergunning én een onttrekkingsvergunning nodig. Met de huidige hoge druk op de woningmarkt zal een onttrekkingsvergunning in de meeste gevallen niet worden verleend. De nieuwe regels rondom toeristische verhuur zijn op 1 augustus 2021 ingegaan. Daarvoor is een ICT-systeem ingericht, waardoor inwoners makkelijk een registratienummer en een vergunning of een ontheffing daarop aan kunnen vragen. Via dit systeem kunnen bewoners ook meldingen doen van het aantal nachten dat hun woning verhuurd wordt aan toeristen.
Voortgangsrapportage Woonagenda 2019-2020 59
Colofon Dit is een uitgave van Gemeente Den Haag Vormgeving Dienst Bedrijfsvoering Multimedia Februari 2022