RIS311675 bijlage 1
Tekst van het document
De Global Goals in het gemeentelijk beleid •
Een handreiking voor Nederlandse gemeenten
INLEIDING De energietransitie, inclusiviteit , lokale economie, biodiversiteit… Allemaal onderwerpen met een lokale en internationale dimensie, die samenkomen in de mondiale agenda voor duurzame ontwikkeling. Gemeenten in Nederland én wereldwijd dragen elk op hun eigen manier bij aan de realisatie ervan. Op zoek naar manieren om uw lokale beleid aan te laten sluiten bij de duurzame ontwikkelingsagenda? Lees verder! De 17 Global Goals (ook Sustainable Development Goals of SDG’s) zijn duurzame ontwikkelingsdoelen die in 2015 door alle lidstaten van de Verenigde Naties zijn aangenomen, en vormen voor de periode tot 2030 dé wereldwijde duurzaamheidsagenda. Ook Nederland heeft deze ambitieuze agenda onderschreven. Om de doelen ook echt te halen is ieders bijdrage nodig. De specifieke inzet van gemeenten is onmisbaar, omdat veel van de doelen raakvlakken hebben met opgaven van lokale overheden. Denk aan het terugdringen van ongelijkheid, maatschappelijke integratie, een prettige en veilige leefomgeving, duurzame productie en consumptie, en kwalitatief en participatief bestuur. Alle 17 Global Goals bevatten subdoelen die direct of indirect raken aan het dagelijkse werk van Nederlandse gemeenten. In deze handreiking is dat in kaart gebracht. De Gemeenten4GlobalGoals campagne van de VNG ondersteunt gemeenten bij het werken aan de Global Goals.
Inmiddels gaat het aantal aangesloten gemeenten richting de 100! Het laat zien dat de urgentie om actie te ondernemen voor duurzame ontwikkeling steeds breder gevoeld wordt. Meer informatie over de campagne is te vinden op pagina 5.
‘Binnen de VNG wil ik graag verder werken aan de verbinding tussen die internationale dimensie en opgaven als de energietransitie en circulaire economie, migratie en integratie, en regionale economische ontwikkeling. In wezen is dit ons huiswerk: de samenwerking tussen rijk en decentrale overheden op een nog hoger niveau te brengen. Het werk van lokale overheden heeft een steeds grotere internationale dimensie, ik kan het niet vaak genoeg herhalen.’ Jan van Zanen, burgemeester van Utrecht, voorzitter van de VNG.
Tip: Bezoek www.vng.nl/gemeenten4globalgoals voor onder andere: • Wat betekent het om Global Goals gemeente te zijn? • Overzicht welke gemeenten al Global Goals Gemeente zijn • Praktijkvoorbeelden en inspiratie uit andere gemeenten 2
Waar de eerste stap van de Gemeenten4GlobalGoals campagne is om de bekendheid van de Global Goals onder gemeenten te vergroten, gaat de volgende stap over de toepassing in de praktijk. Hoe kom je als gemeente voorbij het ‘labelen’ of meten van wat je al doet, of het in algemene zin uitspreken van steun voor de duurzame ontwikkelingsdoelen?Hoe kun je feitelijk meer bereiken voor de doelen? En hoe kunnen zij jou helpen om meer te bereiken? Deze gids is bedoeld om gemeenten een handelingsperspectief te bieden bij zulke vragen.
Toelichting op de 2e editie Omdat de ontwikkelingen in de samenleving en gemeentelijke taken snel gaan, evenals aanpassingen in wetgeving, programma’s, regelingen en instrumenten, hebben we de tekst geactualiseerd. Tevens zijn enkele wijzigingen doorgevoerd in de opzet en de lay-out. Allereerst hebben we voor de overzichtelijkheid de indeling van de 17 doelen in vier domeinen losgelaten en de doelen op volgorde gezet. Bij iedere Global Goal zijn de subdoelen (targets) toegevoegd die voor gemeenten relevant kunnen zijn. Deze maken de opgaven concreter en brengen ook de samenhang tussen de doelen goed in beeld. Een volledig uitgeschreven lijst van alle subdoelen vindt u op de website van SDG Nederland. Bij het actualiseren van de rubrieken over (inter)nationale wet- en regelgeving, programma’s en instrumenten hebben we ook nu een selectie gemaakt; het is onmogelijk om alle relevante kaders 3
op te nemen. Voor programma’s en instrumenten die niet algemeen worden toegepast zijn in veel gevallen hyperlinks opgenomen naar de websites.
Word ook Global Goals Gemeente De VNG campagne Gemeenten4GlobalGoals
Met betrekking tot de taken en rollen van gemeenten en hun eigen bedrijfsvoering zijn de teksten uitgebreid, om nog meer ideeën te geven hoe gemeenten concreet aan de slag kunnen. De inhoud van deze rubriek is toegespitst op vormen van gemeentelijke inzet die een actieve bijdrage leveren aan het behalen van de Global Goals, verder dan een opsomming van kerntaken. We beginnen steeds met aanpakken die in veel gemeenten al gangbaar zijn of die aansluiten bij de VNG-agenda 2024 en het Interbestuurlijk Programma. Daarna volgen suggesties voor gemeenten die een extra inspanning willen plegen.
Via haar Gemeenten4GlobalGoals campagne wil de VNG zoveel mogelijk gemeenten ondersteunen in het lokaal implementeren en realiseren van de duurzame ontwikkelingsdoelen, met hun sociale, fysieke en economische dimensie. Inmiddels gaat het aantal aangesloten gemeenten richting de 100!
Gemeenten zien als belangrijke meerwaarde van de Global Goals dat zij een samenhangend kader vormen. Voor medewerkers is van belang om te zien hoe de eigen taken samenhangen met die van anderen, zodat menskracht en middelen effectief kunnen worden gebundeld. In deze nieuwe uitgave besteden we op pagina’s 24-25 apart aandacht aan het thema integraliteit. Daarnaast brengen we de onderlinge samenhangen tot uitdrukking door voor ieder doel bij sommige taken en activiteiten te verwijzen naar andere Global Goals. Er bestaan echter nog veel meer dwarsverbanden.
•
Tot slot willen we met deze brochure laten zien dat het thema inclusiviteit als een rode draad door de Agenda 2030 loopt. ‘Leave no one behind’, zorgen dat iedereen kan meedoen, is een uitdrukkelijk uitgangspunt van de Global Goals. Daarom zijn bij alle 17 doelen voorbeelden opgenomen van inzet die bijdraagt aan een inclusieve samenleving, en deze inzet is dik en in kleur afgedrukt. Dit geldt niet voor doel 10, dat in zijn geheel gaat over het tegengaan van ongelijkheid.
Aanbod Gemeenten4GlobalGoals campagne
Deze brochure gaat over aspecten van duurzame ontwikkeling waarin gemeenten een grote rol kunnen spelen. Echter, het is duidelijk dat gemeenten menskracht en financiële middelen te kort komen om dat allemaal waar te maken. Zo is de ruimte voor effectieve armoedebestrijding in belangrijke mate afhankelijk van financiering en regelgeving van het rijk. Gemeenten hebben een hoofdtaak op het gebied van afvalinzameling, maar alleen de nationale overheid heeft instrumenten om de overvloed aan verpakkingsmateriaal terug te dringen. De VNG zet zich in voor het scheppen van betere randvoorwaarden voor gemeenten. Binnen de bestaande context hopen wij dat deze handreiking kan inspireren tot lokale keuzes met optimale maatschappelijke meerwaarde.
Leeswijzer: welke doelen hebben het meest direct betrekking op mijn werkterrein? Sociaal domein – Global Goal 1, 2, 3, 4, 5, 8, 10, 11 Duurzame economie, (digitale) infrastructuur en werkgelegenheid – Global Goal 2, 8, 9, 11, 12 Fysieke leefomgeving – Global Goal 2, 3, 6, 7, 9, 11, 12, 13, 14, 15 Veiligheid, goed bestuur en informatiesamenleving – Global Goal 16 Partnerschappen en beleidscoherentie voor duurzame ontwikkeling – Global Goal 17
4
Waarom ook aansluiten? •
• •
De Global Goals zijn een helder, bruikbaar kader om als leidraad te gebruiken bij het ontwikkelen en toetsen van gemeentelijk beleid. Het is dé wereldwijde duurzaamheidsagenda met een positieve blik op de toekomst; De Global Goals laten de samenhang zien tussen veel gemeentelijke activiteiten, en hebben daarom een verfrissende, verrijkende en verbindende werking in de gemeentelijke organisatie; De integrale benadering van duurzaamheid in de Global Goals agenda leidt tot nieuwe gesprekken en kansen in de samenwerking met burgers, bedrijven, scholen en maatschappelijke organisaties; De herkenbare en begrijpelijke beeldspraak van de Global Goals heeft een mobiliserende en verbindende werking voor iedereen die zich lokaal in wil zetten voor duurzaamheid.
De Gemeenten4GlobalGoals campagne biedt deelnemende gemeenten: • Informatie over de Global Goals en advisering bij de lokale invulling van de doelen; veel van uw huidige activiteiten sluiten al heel direct aan; • Kennisuitwisseling tussen gemeenten door het delen van ‘best practices’ en actieformats; • Ontwikkeling van tools voor gemeenten, zoals handreikingen over de Global Goals en de omgevingsvisie, Global Goals en raadsleden, en Global Goals monitoringsmogelijkheden voor gemeenten; • Communicatiematerialen en een op maat gemaakt Gemeenten4GlobalGoals campagnelogo; • Jaarlijkse evenementen zoals de Global Goals Gemeenteverkiezing en Global Goals Vlaggendag, en uitwisselingsbijeenkomsten voor bestuurders en/of ambtenaren.
Aanmelden voor de Gemeenten4GlobalGoals campagne? Aansluiten kan heel gemakkelijk via vng.nl/gemeenten4globalgoals > ‘Doe Mee’. Aan deelname zijn geen kosten of minimale vereisten verbonden. Gemeenten bepalen zelf hun ambitieniveau.We reiken diverse actiemogelijkheden aan en bieden gezamenlijkheid én ruimte voor eigen initiatief. Wilt u graag eerst persoonlijk contact over de campagne? Neem dan telefonisch of per mail contact met ons op. Telefoon 070 373 84 01 E-mail: GlobalGoals@VNG.nl Website: vng.nl/gemeenten4globalgoals
5
De Global Goals met paginaverwijzing
Goal 10 Verminderen van ongelijkheid binnen en tussen landen
Goal 11 Maak steden en dorpen inclusief, veilig, veerkrachtig en duurzaam
Goal 01
Goal 12
Einde aan armoede
Duurzame consumptie en productie
Goal 02
Goal 13
Einde aan honger, zorgen voor voedselzekerheid en duurzame landbouw
Aanpak van klimaatverandering
Goal 03
Goal 14
Gezondheids zorg voor iedereen
Beschermen en duurzaam gebruik van de oceanen en
Goal 04 Inclusief, gelijkwaardig en goed onderwijs voor iedereen
ZEEËN
Goal 15 Beschermen en duurzaam gebruik van ecosystemen, bossen en biodiversiteit
Goal 05 Gelijke rechten voor mannen en vrouwen en empowerment van vrouwen en meisjes
Goal 16 Bevorderen van veiligheid, publieke diensten en recht voor iedereen
Goal 06 Schoon water en sanitaire voorzieningen voor iedereen
Goal 17 Versterken van mondiaal partnerschap en coherent beleid voor duurzame ontwikkeling
Goal 07 Toegang tot betaalbare en duurzame energie voor iedereen
Goal 08 Inclusieve economische groei, werkgelegenheid en fatsoenlijk werk voor iedereen
Goal 09 Infrastructuur voor duurzame
industrie
6
7
global goal
01
EINDE AAN ARMOEDE
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten
1.1 Extreme armoede in de wereld uitbannen 1.2 Het aandeel mannen, vrouwen en kinderen van alle leeftijden die volgens nationale definities in armoede leven in al haar dimensies, minstens halveren 1.3 Nationale sociale zekerheidssystemen en maatregelen implementeren voor iedereen 1.4 Voor iedereen gelijke rechten op economische middelen, toegang tot basisdiensten, eigenaarschap en controle over land en andere vormen van eigendom, natuurlijke hulpbronnen, nieuwe technologie en financiële diensten 1.6 De blootstelling van kwetsbare groepen aan klimaatgerelateerde en andere economische, sociale en ecologische schokken beperken en hun weerbaarheid verhogen (zie GG 13) 1 a. Meer middelen voor armoede-bestrijding in ontwikkelingslanden
• Europese Verdrag voor de rechten van de mens • VN-agenda 2030 • EU 2020 strategie en indicatoren • VN-verdrag Handicap • Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) 2021-2027 • Participatiewet • WIA, IOAZ, IOAW • Bijstandsbesluit zelfstandigen • Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) • Jeugdwet • Landelijke Aanpak 16-27 • Wet gemeentelijke schuldhulpverlening • Programma Schouders eronder voor professionalisering van de schuldhulp • Schuldenlab • Interbestuurlijk Programma (IBP) • Manifest Iedereen doet mee!
8
voorbeelden van extra inzet :
•Omvang, aard en oorzaken van (verborgen) armoede en ongelijkheid in gemeente in kaart brengen •In overleg met participatieraad, doelgroepen, partners, werkgevers een integrale aanpak van armoede opstellen vanuit de verschillende maatschappelijke opgaven •Professionalisering sociale wijkteams en goede samenwerking met maatschappelijke, buurten vrijwilligersorganisaties; onafhankelijke cliëntondersteuning waarborgen •Kinderarmoede actief bestrijden, deelname van alle kinderen aan onderwijs en sport, recreatie en cultuur mogelijk maken (GG 10) •Schuldpreventie en vroegsignalering samen met scholen en andere partijen; geïntegreerde, sectoroverstijgende aanpak voor schuldhulpverlening en coaching •Burgers pro-actief informeren over (veranderingen in) gemeentelijke toeslagen en bijdragen waar zij recht op hebben; aanvraag minima-regelingen versimpelen •Maatregelen om woon- en zorgkosten voor bewoners te beperken;voorkomenvanenergie-armoede(GG3,7,11) •Zorgen voor voldoende sociale huurwoningen (GG 11) •Betaalbare toegang voor iedereen tot basisvoorzieningen en openbaar vervoer (GG 11) •Goed (coachings)aanbod voor begeleiding van mensen naar passend werk (GG 8)
•Diverse typen van ondersteuning voor het vergroten van de zelfredzaamheid van kwetsbare groepen; extra aandacht voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt •Beleid toetsen met een armoede-effectrapportage •Pilots met integrale aanpak schulden: zie Schuldenlab •Alternatief bieden voor beschermingsbewind •Experimenteren met basisinkomen •Via maatschappelijk verantwoord inkopen zorgen dat gemeente niet bijdraagt aan uitbuiting van kwetsbare arbeiders elders (GG 8) •Met kennis en expertise bijdragen aan internationale samenwerking voor armoedebestrijding (GG 17)
9
global goal
02
EINDE AAN HONGER, ZORGEN VOOR VOEDSELZEKERHEID EN DUURZAME LANDBOUW Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten
2.1 Een einde aan honger en toegang tot veilig, voedzaam en voldoende voedsel voor iedereen 2.2 Einde aan alle vormen van ondervoeding
•Warenwet (voedselveiligheid) •Nationaal Preventie-akkoord •Programma Jongeren op gezond gewicht (JOGG) •City Deal Voedsel op de Stedelijke Agenda •Suggesties aan gemeenten voor duurzaam voedselbeleid •VNG-model inkoop- en aanbestedingsbeleid met uitgebreide MVI-paragraaf _______ •Gemeenschappelijk Landbouwbeleid EU; Programma LEADER/POP3; EU Green Deal •EU Kaderrichtlijn water •EU Vogel- & Habitatrichtlijn •Wet Natuurbescherming •Omgevingswet en NOVI •EU-regels en nationale wetgeving inzake lucht-, bodem en waterkwaliteit en toegestane emissies •IBP: vitaal platteland •Klimaatwet en -akkoord •Kabinetsvisie Landbouw, natuur en voedsel: waardevol en verbonden •Deltaplan biodiversiteit •Deltaplan agrarisch waterbeheer •VNG position paper GLB • Green Deals en Regio Deals
________ 2.3 De landbouwproductiviteit en inkomens verdubbelen voor kleinschalige voedselproducenten, in het bijzonder vrouwen en inheemse bevolkingen, o.a. door gelijke toegang tot land, hulpbronnen, inputs, kennis, financiële diensten en markten met toegevoegde waarde 2.4 Duurzame voedsel-productiesystemen garanderenenveerkrachtigelandbouwpraktijken bevorderen die ecosystemen helpen behouden, de kwaliteit van land en bodem verbeteren en klimaatadaptatie ondersteunen
10
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
Targets 2.1 en 2.2 •Met lokale partners als (sport)scholen, gezondheidscentra, winkeliers en de agrarische sector een lokale voedselstrategie opstellen die gezonde eetgewoonten bevordert en het aanbod van vers en gezond voedsel stimuleert (GG 3) •Aandacht voor goede voeding en tegengaan verspilling binnen (schuld)hulpverlening; faciliteren van voedselbanken, sociale restaurants (GG 1) •Ondersteunen van buurtmoestuinen, stadslandbouw, voedselcoöperaties en de deelname daaraan van kwetsbare groepen (GG 1, 3, 10) voorbeelden van extra inzet :
•Gezond en vers voedsel aanbieden in eigen kantine •Bevorderen van aanbod gezond voedsel in horeca en winkels in alle wijken; biologische markten ondersteunen • Aanbod van ongezond voedsel ontmoedigen (bijvoorbeeld via reclamebeleid, vestigingsbeleid) (GG 3) • Via verantwoorde inkoop bijdragen aan eerlijke en duurzame voedselproductie in binnen- en buitenland; FairTrade principes volgen •Bewustzijn over voedselverspilling vergroten in de eigen organisatie en via campagnes als Foodbattle (GG 12) •Bijdragen aan Gezonde school aanpak
Targets 2.3 en 2.4 •Terugdringen van schadelijke emissies uit veehouderij en akkerbouw door voorlichting, positieve prikkels, regulering, en handhaving, minimaal op basis van de wettelijke normen (GG 3, 6, 12, 15) •(Planologisch) ruimte bieden aan agrarische bedrijven voor bredere verdienmodellen (bijv. zorg, kleinschalige recreatie, winkelfunctie) (GG 3, 8, 9) •(Duurzame) starters en kleine bedrijven helpen met grond • Ruimte bieden aan grondgebonden landbouw en vernieuwend initiatief zoals Herenboeren, voedselbossen, nieuwe teelten; stimuleren van korte ketens en streekproducten (GG 8) en agrarisch natuurbeheer (GG 15) •Kansen voor CO2-reductie en (kleinschalige) duurzame opwek van energie in de land- en tuinbouwsector verkennen en de sector meenemen in RES en warmtevisie (GG 7, 13) •Bodemdaling in veenweidegebieden tegengaan (GG 13) voorbeelden van extra inzet :
•De transitie naar een natuurinclusieve (kringloop) landbouw actief ondersteunen via omgevingsbeleid, subsidies, pachtbeleid, kavelruil, cursussen en een verbindende rol; deze transitie in gebiedsgerichte processen koppelen aan opgaven als klimaat, herstel van biodiversiteit, landschappelijke kwaliteit en houdbare verdienmodellen voor boeren (GG 8, 15) •Proeftuin Boer aan het Roer in regio Food Valley •Regio Deal Natuurinclusieve Landbouw • Verduurzaming en sanering veestallen; geen uitbreiding als omgevingswaarden niet op orde zijn (GG 3) •Samen met bedrijven en bewoners emissies meten; pesticidevrijezones instellen (GG 3) 11
global goal
03
GGEZONDHEIDSZORG VOOR IEDEREEN Meest relevante targets
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten •Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) 2021-2027 •Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) •Wet Langdurige zorg (Wlz) •Nationaal Preventie Akkoord •Landelijke Nota Gezondheidsbeleid 2020-2024 •Nationaal Sportakkoord •Wet publieke gezondheid (WPG) •Wet verplichte GGZ •VLOT (Verbindend Landelijk Ondersteuningsteam) •Jeugdwet •Landelijke Aanpak 16-27 •Programma Jongeren op gezond gewicht (JOGG) •Programma Kansrijke Start •Programma “Gezond in..” •Sport & Bewegen in de buurt, Grenzeloos actief (voor mensen met een beperking) •Taskforce Wonen-Zorg •Wet Milieubeheer •Omgevingswet •Gids Gezonde Leefomgeving van RIVM •Schone Lucht Akkoord •Bodemconvenant 2011-2020 •Rijksvaccinatieprogramma
3.1 Mondiale moedersterfte terugdringen 3.2. Mondiale kindersterfte terugdringen 3.3 Epidemieën en overdraagbare ziekten bestrijden 3.4 Mentale gezondheid en welzijn bevorderen 3.5 De preventie en behandeling versterken van misbruik van verslavende middelen 3.6 Tegen 2020 het aantal doden en gewonden in het verkeer wereldwijd halveren (zie bij 11.2) 3.7 Universele toegang tot seksuele en reproductieve gezondheidsdiensten 3.8 Verzekerde zorg voor iedereen, inclusief toegang tot goede basiszorg en betaalbare essentiële geneesmiddelen en vaccins 3.9 Terugdringen sterfgevallen en ziekten door gevaarlijke chemicaliën en vervuiling van lucht, water en bodem
12
voorbeelden van extra inzet :
• Met professionele wijkteams en partners in de zorgketen betaalbare en tijdige zorg op maat bieden; • Tegengaan sociaaleconomische gezondheids- verschillen, ook met ruimtelijke maatregelen (GG 1, 10) • Goede regie op het totale proces van zorg en ondersteuning voor jongeren, ouderen, kwetsbare groepen en verwarde personen (GG 1) • Terugdringen wachttijden in de GGZ en aandacht voor problematiek m.b.t. straf en zorg (GG 16) • Opstellen van Lokale Preventieakkoorden • In een lokale coalitie aan de slag met programma Kansrijke Start •Bevorderen van gezonde leefstijlen via het omgevingsbeleid: bereikbare en betaalbare voorzieningen voor sport, recreatie en ontmoeting in alle wijken; netwerk van wandel- en fietspaden; aantrekkelijke, groene en veilige inrichting van de openbare ruimte (GG 11, 15); terugdringen van milieuvervuiling, lawaai en hinder (GG 9, 12) • Zorgen voor aanbod vers en gezond voedsel (GG 2) • Verhogen van de vaccinatiegraad • Zelfredzaamheid van ouderen en mensen met een beperking ondersteunen; eenzaamheid tegengaan; zorgen voor zinvolle dagbesteding, ook in kleinere kernen •Samen met (zorg)partners maatregelen treffen gericht op preventie en behandeling verslaving •Bodemsanering, met voorrang op humane spoedlocaties •Milieuzones instellen en terugdringen fijnstof uit verkeer, industrie, landbouw en houtstook
•Zoveel mogelijk de zorgvraag centraal stellen bij lokale zorgkeuzes, niet de kosten leidend laten zijn •Keuzevrijheid geven aan burgers bewonersinitiatief rond zorg en welzijn steunen, ook in het buitengebied •Collectieve zorgverzekering bieden voor kwetsbare groepen (GG 1, 10) •Volwaardige ondersteuning mantelzorg en vrijwilligerswerk •Speciale aandacht voor statushouders en vrouwen en meisjes met een migratie-achtergrond (GG 5, 10) •Trainingen en maatjesprojecten voor mensen met een beperking; cursus rolstoelvaardigheden bieden •Combineren van zwembaden met zorgaanbod •Duurzame zorglocaties stimuleren, zie Green Deal Duurzame Zorg (GG 12) •Gezondheid als leidend thema zoals in gemeente Utrecht healthy urban living; WHO-norm voor gezonde lucht hanteren •Lokale stichtingen en organisaties ondersteunen die bijdragen aan gezondheidszorg elders (GG 17)
13
global goal
04
INCLUSIEF, GELIJKWAARD EN GOED ONDERWIJS VOOR IEDEREEN Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten
4.1 Zorgen dat alle meisjes en jongens goed lager en middelbaar onderwijs kunnen voltooien 4.2 Universele toegang tot kwalitatieve ontwikkeling, zorg en opvoeding voorafgaand aan de lagere school 4.3 Gelijke toegang voor iedereen tot betaalbaar en goed technisch, beroeps- en hoger onderwijs 4.4 Het aantal jongeren en volwassenen met relevante vaardigheden, inclusief technische en beroepsvaardigheden, voor goed werk en ondernemerschap aanzienlijk verhogen 4.5 Gendergelijkheid in het onderwijs en gelijke toegang tot alle onderwijs voor kwetsbare groepen 4.6 Zorgen voor geletterdheid en rekenvaardigheid 4.7. Zorgen dat alle leerlingen kennis en vaardigheden verwerven om duurzame ontwikkeling te bevorderen, o.a. via vorming omtrent duurzame levenswijzen, mensenrechten, gendergelijkheid, een cultuur van vrede en geweldloosheid, wereldburgerschap en de waardering van culturele diversiteit. 4.a. Onderwijs-faciliteiten met aandacht voor kinderen, mensen met een beperking en gendergelijkheid en die een veilige, geweldloze, inclusieve en effectieve leeromgeving bieden voor iedereen.
14
•Leerplichtwet •Jeugdwet •Wet educatie en beroepsonderwijs inzake regionale samenwerking voortijdig schoolverlaten en jongeren in kwetsbare positie; Regionale aanpak schooluitval •Aanpak voor Passend onderwijs en leven lang leren •Actieplan gelijke kansen in onderwijs en GKAagenda’s •Landelijke Aanpak 16-27 •Integrale Kindcentra •VN-verdrag Handicap •Actieprogramma Tel mee met taal •Lokale en Regionale Educatieve Agenda •Human Capital Agenda •www.gezondeschool.nl
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
voorbeelden van extra inzet :
•Handhaven van de leerplicht, voorkomen van voortijdig schoolverlaten •Zorgen voor goed aanbod van voor- en vroegschoolse educatie, ook in krimpgebieden; optimale ontwikkelingskansen bevorderen door met lokale partners integrale en inclusieve kindcentra in te richten (GG 10) •In overleg met scholen en ouders maatregelen nemen die segregatie tegengaan en gelijke kansen bevorderen (GG 10) •Deelname van alle kinderen aan sport, schoolreis en andere activiteiten mogelijk maken (GG 1) •Bijdragen aan effectief jongerenwerk, mede voor een soepele overgang van 18- naar 18+ •Stimuleren van een goede aansluiting tussen het aanbod van (beroeps)onderwijs en de lokale/regionale arbeidsmarkt (GG 8); regionaal afstemmen van onderwijsaanbod •Investeren in veilige, gezonde, duurzame en toegankelijke schoollocaties, met aansluiting op OV en sportfaciliteiten (link met GG 3, 7, 11) • Voorzien in veilige en aantrekkelijke speelplaatsen • Aanpak ontwikkelen voor laaggeletterdheid en taalachterstanden (GG 1, 5, 10) • Goed aanbod van (taal)onderwijs en bijscholing voor vluchtelingen en statushouders, zowel mannen als vrouwen (GG 5, 10) •Ruime ontwikkelingsmogelijkheden bieden aan alle eigen werknemers in de gemeente (GG 8) •Maatregelen om lerarentekort te verhelpen, bijvoorbeeld zorgen voor betaalbare woningen (GG 11)
•Doorstromen van leerlingen vergemakkelijken door voldoendeaanbodvanbredescholengemeenschappen en goede samenwerking tussen scholen (om negatief effect van vroege selectie tegen te gaan) •Ondersteunen van proeftuinen voor innovatief onderwijs •Actieve inzet om wijk- en dorpsbibliotheken te behouden •‘Samen naar school klassen’ voor kinderen met en zonder beperking; aansluiten bij het SamenSpeelAkkoord (GG 10) •Aandacht voor weerbaarheid op school, bijvoorbeeld met THINKopschool •Inzet op groene schoolpleinen en autoluwe zones rond scholen (GG 3, 13, 15) •Jongerenkrediet om school af te maken; erop toezien dat ouderbijdragen vrijwillig en niet te hoog zijn (GG 1, 10) •Met scholen en organisaties als IVN, Natuur & Milieu en kinderboerderijen een aanbod verzorgen voor natuureducatie en duurzaamheid (GG 7, 12, 13, 15) •Met scholen samenwerken aan wereldburgerschap en jeugdactiviteiten rond de duurzame ontwikkelingsdoelen, zoals met de Schooldag van de Duurzaamheid •Meedoen aan het netwerk Child Friendly Cities •Lokale stichtingen en organisaties steunen die bijdragen aan goed onderwijs elders (GG 17)
15
global goal
05
GELIJKE RECHTEN VOOR MANNEN EN VROUWEN EN EMPOWERMENT VAN VROUWEN EN MEISJES Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten •VN Conventie inzake eliminatie van discriminatie van vrouwen (CEDAW) •EU Gender equality strategy 2020-2025 •European Charter for Equality of Women & Men in local life en pilot CEMR voor geschikte indicatoren •Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) 2021-2027 •Actieprogramma van de Internationale Conferentie over Bevolking en Ontwikkeling en het PekingActieplatform •Emancipatienota 2018-2021 •Emancipatiemonitor SCP •Charter Diversiteit •Programma Kracht on tour •Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling •Programma Nu Niet Zwanger
5.1. Een einde maken aan alle vormen van discriminatie jegens vrouwen en meisjes 5.2. Allevormenvangeweldtegenvrouwenenmeisjes in de openbare en de privésfeer uitroeien, ook vrouwenhandel en (seksuele) uitbuiting 5.3. Einde maken aan schadelijke praktijken als vroege en gedwongen huwelijken en genitale verminking 5.4. Erkennen en naar waarde schatten van onbetaalde zorg en thuiswerk door het voorzien van openbare diensten, infrastructuur en sociale zekerheid en bevorderen van gedeelde verantwoordelijkheid 5.5. Volledige en doeltreffende deelname van vrouwen en gelijke kansen inzake leiderschap op alle niveaus van de besluitvorming in het politieke, economische en openbare leven 5.6. Universele toegang tot seksuele en reproductieve gezondheidszorg en reproductieve rechten 5.a. Gelijke rechten vrouwen op economische middelen, controle over land en andere vormen van eigendom, financiële diensten, erfenissen en natuurlijke hulpbronnen 5.b. Het gebruik doen toenemen van innovatieve (communicatie)-technologie voor een grotere zelfredzaamheid van vrouwen.
16
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
voorbeelden van extra inzet :
•Aandacht voor gendergelijkheid in gemeentelijk beleid; speciale aandacht voor situaties waar meerdere kwetsbaarheden in 1 persoon samen komen, bijvoorbeeld vrouwen met een beperking en een migratie-achtergrond •Zorgen voor veilige, voldoende verlichte straten en openbare ruimtes (GG 11) •Mensenhandel tegengaan, extra aandacht voor mensenhandel bij AZC’s •In overleg met sekswerkers zorgen voor veilige werklocatiesenbeschermingtegenuitbuitingengeweld (GG 16) •Samenwerking met partners om (huiselijk) geweld en seksuele exploitatie te signaleren en tegen te gaan; veilige (nood)opvang bieden •Bevorderen van economische zelfstandigheid en ondernemerschap van vrouwen (GG 8) •Bevorderen van de participatie van vrouwen, ook laagopgeleide en vrouwen met een migratieachtergrond, in lokale activiteiten, arbeidsmarkt, maatschappelijke en publieke functies •Relevante opleidingen aanbieden, waaronder computervaardigheden (GG 4) •Voorzien in betaalbare kinderopvang •Als werkgever hetzelfde betalen aan mannen en vrouwen voor gelijk werk en zorgen voor evenredige vertegenwoordiging van vrouwen in leidinggevende functies; ruimte bieden voor parttime werk (GG 8) •Bevorderen van actieve en evenredige deelname van vrouwen in lokale politiek en bestuur (GG 10, 16) •Maatschappelijk verantwoord inkopen, rekening houdend met arbeidsomstandigheden in productielanden zoals in de kledingindustrie;
keurmerken gebruiken (GG 8)
•Meedoen aan het programma Nu Niet Zwanger (GG 5.6) •Experiment met basisinkomen om zo de kloof tussen betaald en onbetaald werk te verkleinen (GG 1) •‘Safe Streets Gemeente’ worden •Aandacht voor kwetsbare vrouwen en vrouwen met een migratie-achtergrond bij de toegang tot anticonceptie en reproductieve zorg •Seksuele intimidatie in openbare ruimten bespreekbaar maken bij verschillende bevolkingsgroepen •FairTrade principes volgen •Lokale stichtingen en organisaties steunen die zich inzetten voor gendergelijkheid in Nederland en elders (GG 17)
17
global goal
06
SCHOON WATER EN SANITAIRE VOORZIENINGEN VOOR IEDEREEN Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten • EU Kaderrichtlijn water; • Doel: in 2027 in alle Europese landen het water schoon en gezond • EU richtlijn stedelijk afvalwater; • Deltawet waterveiligheid en zoetwatervoorziening; • Deltaprogramma •Drinkwaterwet; Waterwet • Nationaal Waterplan 2016-2021; • Nationaal Water Programma 2022-2027 • Bestuursakkoord water • Omgevingswet • Wet milieubeheer; • Deltaplan agrarisch waterbeheer • RVO Routekaart afvalwaterketen • Kansenkaart waterketen en kansenkaart 2 • Kennisbank Rioned
6.1. Toegang tot veilig en betaalbaar drinkwater voor iedereen 6.2. Toegang tot gepaste sanitaire voorzieningen voor iedereen, met speciale aandacht voor de behoeften van vrouwen en meisjes 6.3. De waterkwaliteit verbeteren door het terugdringen van verontreiniging en lozing van gevaarlijke chemicaliën en materialen; het aandeel van onbehandeld afvalwater halveren en veilig hergebruik aanzienlijk verhogen 6.4. Efficiënt watergebruik in alle sectoren; duurzame winning en aanbod van zoetwater garanderen 6.5. Geïntegreerd beheer van water op alle niveaus, ook via grensoverschrijdende samenwerking 6.6. Op water gebaseerde ecosystemen beschermen (zie GG 15.1) 6.a. Internationale samenwerking en capaciteitsopbouw uitbreiden rond water en sanitatie 6.b. Lokale participatie bij de verbetering van het waterbeheer en sanitatie versterken
18
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
voorbeelden van extra inzet :
• Voorkomen van waterafsluiten bij schulden (GG 1) •Op basis van gemeentelijk water- en rioleringsplan zorgdragen voor 3 zorgplichten: •Inzameling en transport van stedelijk afvalwater •Doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater, afkoppelen regenwater •Structurele nadelige gevolgen grondwaterstand beperken door goed peilbeheer; hierbij ook natuur beschermen •Maatregelen voor herstel van de biologische en chemische kwaliteit van grond- en oppervlaktewater •Efficiënt watergebruik stimuleren in de eigen organisatie en bij lokale bedrijven en inwoners; samen met waterschap gebruik van grondwater- en oppervlaktewater prioriteren bij droogte •Ontwerp van infrastructuur afstemmen op verwachte natheid en droogte (GG 9, 11, 13) •Waterbuffers en reservoirs inrichten in combinatie met opgaven zoals groen en recreatie (GG 13, 15) •Waterkwaliteit beschermen door bronmaatregelen zoals bouwen met onschadelijke materialen; speciale aandacht voor nieuwe toxische stoffen zoals PFAS
•De openbare ruimte inclusief maken met watertappunten (Join the Pipe) en openbare toiletten, ook voor vrouwen en genderneutrale toiletten (GG 3, 10, 11) •Pilots met kennisnetwerken en bewoners voor circulaire bedrijfsclusters en wijken; hergebruik van water bevorderen door kleinschalige decentrale waterzuivering, ook op wijkniveau •Gebruik van (gezuiverd) afvalwater als bijvoorbeeld gietwater of stedelijk recreatiewater •Verbeteren ecologische waterkwaliteit door aanleg van natuurvriendelijke oevers en beekherstel; herstel van leefgebied van dieren en planten (GG 15) •Regionaal samenwerken aan water •Pilots met variabele rioolheffing •In gemeentelijke gebouwen water hergebruiken •Deelnemenaaninternationalesamenwerkingsprojecten en netwerken (GG 17)
19
global goal
07
TOEGANG TOT BETAALBARE EN DUURZAME ENERGIE VOOR IEDEREEN Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten • Klimaatakkoord Parijs • EU Green Deal •EU Connecting Europe Facility (CEF) •Energie-akkoord •Klimaatwet0 •Klimaatakkoord •Klimaatakkoord. Doel: 49% reductie CO2 (equivalenten) in 2030 t.o.v. 1990 •NP-RES en Regionale energie- (en klimaat) strategieën •Omgevingswet •Wet Milieubeheer •Programma Aardgasvrije wijken •IBP – Samen aan de Slag voor het Klimaat en Toekomstbestendig wonen •Green Deals, Regio Deals •Regelingen als SDE, RRE •Leerervaringen van het Programma Innovatieve Aanpakken; •BENG-indicatoren voor nieuwbouw •Energie-labels milieubarometer •CO2-Prestatieladder •Gedragscodes en richtlijnen voor grootschalige opwekking duurzame energie, zoals •Gedragscode Zon op Land en Gedragscode Wind •40-puntenplan Urgenda
7.1. Universele toegang tot betaalbare, betrouwbare en moderne energiediensten garanderen 7.2. Tegen 2030 in aanzienlijke mate het aandeel hernieuwbare energie in de globale energiemix verhogen 7.3. Tegen 2030 de mondiale snelheid van verbetering in energie-efficiëntie verdubbelen. 7.a. De internationale samenwerking verhogen om toegang te vergemakkelijken tot onderzoek en technologie inzake schone energie
20
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
voorbeelden van extra inzet :
•Energie-armoede en afsluiting van energie door betaalachterstand voorkomen, zorgen dat wijkteams hier aandacht aan besteden (GG 1) •Actieve regie nemen op de energetische verduurzaming van de bebouwde omgeving en zowel het bestaande woningenbestand als (klimaatneutrale en -positieve) nieuwbouw, m.b.v. onafhankelijke advisering, leningen, subsidieregelingen; ontzorgen van bewoners en bedrijven; met woningcorporaties zorgen dat ook sociale huurders kunnen profiteren van de energietransitie (GG 1,10) •Ambitieuze inzet op energiebesparing, ook ten behoeve van kostenverlaging inwoners (GG 1) •Energietransitie verbinden met het levensloopbestendig en comfortabel maken van woningen, circulair bouwen en wijkvernieuwing zoals in Wijk van de Toekomst (GG 11, 12) •Participatief in kaart brengen van het (ruimtelijke) potentieel voor opwekking, opslag en transport van hernieuwbare energie in aansluiting met andere gebiedsopgaven (GG 2, 13, 15) •Heldere regels stellen voor participatie van de omgeving in ontwerp en gebruik van grootschalige opwek; lusten en lasten eerlijk verdelen (GG 10, 16) •Stimuleren van energiecoöperaties en bewonersinitiatief (GG 16) •Opstellen en uitvoeren van transitievisie warmte; duurzame warmtebronnen op wijkbasis introduceren, gebruik van restwarmte en groengas via warmtenetten •Duurzaam ontwerp en beheer van gemeentelijk en maatschappelijk vastgoed •Maximale
benutting van daken, ook in het buitengebied, en strategische inzet op versterking netcapaciteit
•Stellen van ambitieuze (tussen)doelen voor een energie- en klimaatneutrale gemeente; gebruik CO2prestatieladder •Inzetten en leren van pilots en voorbeeldprojecten •Minima ondersteunen. Zie Stookjerijk (GG 1) •Korting op grondprijs of OZB voor klimaatneutrale en -positieve woningen •Als gemeente groene stroom inkopen; alleen duurzame biomassa gebruiken, ontbossing voorkomen (GG 15) •Ontmoedigen open winkeldeuren en terrasverwarming
21
global goal
08
INCLUSIEVE ECONOMISCHE GROEI , WERKGELEGENHEID EN FATSOENLIJK WERK VOOR IEDEREEN Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten
Duurzame en inclusieve economische groei 8.1. De economische groei in stand houden in overeenstemming met nationale omstandigheden en minstens 7% aangroei van het BBP per jaar in de minst ontwikkelde landen 8.2. Economische productiviteit verhogen door diversificatie en innovatie, met nadruk op sectoren methogetoegevoegdewaardeenarbeidsintensieve sectoren 8.3. Beleidterondersteuningvanproductieveactivi-teiten, waardevollebanen,onder-nemerschap,creativiteiten innovatie, en de groei bevorderen van MKB. 8.4. De wereldwijde efficiëntie van productie en consumptie van hulpbronnen verbeteren en streven naar ontkoppeling tussen economische groei en achteruitgang van het milieu, waarbij de ontwikkelde landen de leiding nemen (zie GG 12) 8.9. Ondersteuning van duurzaam toerisme dat banen schept en plaatselijke cultuur en producten bevordert.
22
•10-jarig Programmakader VN voor Duurzame Productie en Consumptie •Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) •Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) 2021-2027 •EU-programma InvestEU 2021-2027 •EU Green Deal •IBP-Regionale Economie als versneller, Vitaal Platteland •Regio Deals en Green Deals •REOS (ruimtelijk economische ontwikkel-strategie) •MKB Samenwerkingsagenda •Retail Agenda (versterken van vitale winkelgebieden) •Techniekpact •Human Capital Agenda en aanpak •Netwerk Trade NL •Lokaal MVO-beleid •ISO 26.000 •VNG-model inkoop- en aanbestedingsbeleid met uitgebreide MVI-paragraaf
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
•Op basis van gezamenlijke analyse van kansen en knelpunten regionaal samenwerken aan voorwaarden voorduurzameeconomischeontwikkeling,bijvoorbeeld via lokale en regionale (innovatie)clusters •De economische agenda koppelen aan investeringen in de energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie (GG 7, 12, 13) •Actieve dialoog met ondernemers(verenigingen) •Via een ‘human capital agenda’ vraag en aanbod op de arbeidsmarkt op elkaar laten aansluiten; actief verbindingen leggen tussen bedrijven en onderwijs, onder meer via keuze, planning en inrichting van schoollocaties en campussen •Zorgen voor een aantrekkelijk ondernemings- en vestigingsklimaat, met groen, gevarieerde woningen en cultureel aanbod; zorgen voor (digitale) verbindingen en aansluiting van werklocaties op OV (GG 11) •Aanpak (winkel)leegstand •MKB ondersteunen in digitaliseringsslag en innovatie en met vinden van goed personeel •Start-ups ondersteunen, ook met betaalbare werkplekken •Zelf maatschappelijk verantwoord inkopen en bij lokale bedrijven MVO stimuleren •Duurzaam toerisme en recreatie in de regio stimuleren, via onder meer aantrekkelijk netwerk van wandel- en fietspaden, gekoppeld aan horeca, musea, winkels
voorbeelden van extra inzet :
•Meedoen aan regionaal innovatiepact zoals in Friesland •Online platform voor verbinden van vraag en aanbod, zoals de Osse talentencampus •Rode Loperbeleid koppelen aan inzet op verduurzaming; promoten van duurzaamheidscertificering voor bedrijven, horeca en recreatielocaties (GG 12) •Bevorderen sociaal ondernemerschap (GG 8) •Meedoen aan matching-programma’s RVO (GG 17) •Vergunningen voor festivals/evenementen koppelen aan inzet op lokale werkgelegenheid, positieve effecten voor omwonendenentegengaanverstoringvoormensennatuur
23
Van sectorale aanpak naar samenwerken
DE GLOBAL GOALS: EEN INTEGRALE AGENDA Samenhang tussen alle 17 duurzame ontwikkelingsdoelen is een kernboodschap van de Agenda 2030. In de introductie van de agenda staat: ‘The interlinkages and integrated nature of the Sustainable Development Goals are of crucial importance in ensuring that the purpose of the new Agenda is realized. If we realize our ambitions across the full extent of the Agenda, the lives of all will be profoundly improved and our world will be transformed for the better. (…) These are universal goals. They are integrated and indivisible and balance the three dimensions of sustainable development.’
Maar hoe zorg je in de dagelijkse uitoefening van taken voor een integrale aanpak? De praktijk van ruimtelijke ordening en vergunningverlening bijvoorbeeld gaat nog vaak uit van enkelvoudige ingrepen in de fysieke leefomgeving. Geïntegreerde visievorming en ontwerp is niet de standaard. Integraal werken vereist veranderingen in beleid, uitvoering en ondersteunende systemen. Het vraagt om goede samenwerking. Intern, met collega’s, en extern, met andere overheden en maatschappelijke partners. De dialoog aangaan over maatschappelijke opgaven helpt hierbij. Gemeenten kunnen medewerkers stimuleren om actief te bedenken wat zij vanuit de eigen portefeuille kunnen doen voor de opgaven van andere afdelingen, en omgekeerd wat zij van anderen nodig hebben. Ook kunnen zij uitvoeringsdiensten, leveranciers, ondernemers en initiatiefnemers uitdagen bij onderhoud, dienstverlening, infrastructuur of projectontwikkeling meerdere doelen te dienen. Het is van belang om integraliteit tot iets praktisch en laagdrempeligs te maken. De gemeente Rheden stelt bijvoorbeeld eenvoudige handreikingen op voor verschillende uitvoeringsdiensten.
Ruimte voor maatschappelijk initiatief en oog voor publieke waarden De kracht van de Global Goals agenda zit dus in haar ondeelbaarheid. Het uitgangspunt is dat alleen sprake kan zijn van duurzame ontwikkeling bij een goede balans tussen de pijlers people, planet en prosperity, ofwel het welzijn van mensen, de kwaliteit van natuurlijke ecosystemen en economische welvaart. De 17 doelen omvatten deze ‘drie P’s’, en voegen daar de pijlers ‘peace’ en ‘partnerships’ als randvoorwaarden aan toe. De onderstaande visualisatie van de 3 P’s laat de raakvlakken zien tussen sociale, ecologische en economische waarden. Waar twee van de pijlers elkaar raken vindt integratie plaats tussen een aantal deelgebieden van duurzame ontwikkeling. Van integrale duurzame ontwikkeling is sprake als de drie P’s elkaar raken: hier wordt met alle aspecten rekening gehouden
De uitdaging voor Nederland Nederland en andere rijke landen scoren over het algemeen goed op doelen die te maken hebben met armoedebestrijding, economische productiviteit, dienstverlening in onderwijs en zorg en de kwaliteit van instituties. Maar daarmee is hun ontwikkeling nog niet duurzaam. De hoge welvaartsscores zijn vaak omgekeerd evenredig met de (lage) scores voor de planeetdoelen. Nederland behoort binnen de EU tot de slechts scorende landen op het gebied van klimaat en biodiversiteit. Dat stelt de houdbaarheid van ons model in vraag. Ook zijn er zorgen over inclusiviteit, zoals op de arbeidsmarkt, en over groeiende maatschappelijke tegenstellingen. Dit raakt aan de rechtvaardigheid van onze samenleving. Er is dus inzet nodig voor een betere balans, wat tot uiting komt in de groeiende aandacht voor het concept Brede Welvaart. In deze handreiking geven we suggesties voor het verbinden van verschillende deelgebieden en voor de verankering van duurzame ontwikkeling – in de brede zin – in de gemeentelijke beleids- en uitvoeringspraktijk.
Belang van een integrale benadering In het openbaar bestuur wordt het belang onderschreven van een integrale manier van werken. Dit zien we binnen het sociale domein, waar gestreefd wordt een samenhangende benadering van aspecten als inkomen/schulden, woonlasten en gezondheid, en waar aandacht is voor zorg in relatie tot veiligheid. En in het Interbestuurlijk Programma, waarin elk van de 10 urgente opgaven ‘samengestelde’opgaven zijn, met bovendien onderlinge dwarsverbanden. Binnen de Omgevingswet is integraliteit een van de centrale uitgangspunten. Veel gemeenten werken al met gebiedsgerichte processen waarin opgaven in samenhang worden benaderd. 24
Voor het integraal benaderen van vraagstukken vanuit de leefwereld van inwoners is essentieel om - binnen de wettelijke mogelijkheden - financieel, juridisch en fysiek ruimte te geven aan buurt-, burger- en maatschappelijk initiatief, en dit als volwaardig speelveld te beschouwen naast overheid en markt. Dit geldt voor wat grootschaliger initiatief, zoals gebiedscoöperaties, maar ook voor kleine buurtinitiatieven. Van belang is dat niet slechts wordt gestuurd op kostenbeheersing, sectorale doelen of financieel rendement, maar juist ook op het creëren van maatschappelijke meerwaarde.
Proef met een SDG-Kompas voor de Leefomgeving Duurzame ontwikkeling is een van de maatschappelijke doelen van de Omgevingswet. Allegemeentenmoetenineensamenhangendeomgevingsvisieopstrategischniveauverschillende opgaven in de fysieke leefomgeving met elkaar verbinden. Naast lokale thema’s als wonen, bodem, natuur en cultureel erfgoed vragen mondiale thema’s om aandacht, zoals de circulaire economie en de energietransitie. De spanning tussen de vele claims op onze beperkte ruimte vraagt om een verbindende manier van werken en soms om daadkrachtige keuzes. Hierbij is een transparante afweging nodig. Samen met de gemeenten Dongen, Súdwest-Fryslân, Smallingerland en Staphorst deed de VNG in 2019 een praktijkproef met een integraal afwegingskader op basis van de Global Goals. Het doel van zo’n afwegingskader is tot evenwichtige en toekomstbestendige keuzes te komen in het omgevingsbeleid. In de proef is een praktisch instrument ontworpen dat kan helpen om de huidige kwaliteit van de leefomgeving te beoordelen en alternatieve ontwikkelrichtingen te vergelijken: het SDG-Kompas voor de Leefomgeving. Het is geïnspireerd op de Omgevingswijzer uit de Green Deal Duurzaam GWW, die bij infrastructuurprojecten invulling geeft aan verschillende dimensies van duurzaamheid. De kracht van de Global Goals is dat ze aanzetten tot het proactief opzoeken van synergie tussen verschillende opgaven.
Het SDG-kompas kent een indeling in twaalf hoofdthema’s. Het toetsingskader wordt gevormd door een selectie van 47 subdoelen, die samen een breed palet aan opgaven in de leefomgeving vertegenwoordigen. Uit de proef werd duidelijk dat het betrekken van de Global Goals bij keuzes in de fysieke leefomgeving tot nieuwe en inspirerende invalshoeken leidt.Bekijk de handreiking‘Praktijkproef afwegingskader Omgevingsvisie.Vanuit de perspectieven milieueffectrapportage en Sustainable Development Goals’ op vng.nl/artikelen/omgevingsvisie
25
global goal
08 VERVOLG
INCLUSIEVE ECONOMISCHE GROEI , WERKGELEGENHEID EN FATSOENLIJK WERK VOOR IEDEREEN Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten
Fatsoenlijk werk voor iedereen 8.5. Volledige en productieve tewerkstelling en waardig werk voor alle vrouwen en mannen, ook voor jonge mensen en personen met een handicap, en gelijk loon voor werk van gelijke waarde. 8.6. Tegen 2020 het aandeel aanzienlijk terugschroeven van jongeren die niet aan het werk zijn, geen onderwijs volgen en niet met een opleiding bezig zijn. 8.7 Effectieve maatregelen om een einde te maken aan gedwongen arbeid, moderne slavernij, mensensmokkel en de ergste vormen van kinderarbeid; tegen 2025 een einde maken aan kinderarbeid in al haar vormen 8.8. Arbeidsrechten beschermen en veilige en gezonde werkomgevingen bevorderen voor alle werknemers, met inbegrip van migrantenarbeiders, in het bijzonder vrouwen en mensen in precaire werkomstandigheden
26
•Participatiewet •Jeugdwet •WMO •Landelijke Aanpak 16-27 •VN-verdrag Handicap •125.000 Banenplan •Manifest Investeren in werk voor kwetsbare groepen •Programma’s voor sociaal-maatschappelijk ondernemen •IMVO-convenanten •Manifest Maatschappelijk verantwoord inkopen •Wet arbeid vreemdelingen (Wav)
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
voorbeelden van extra inzet :
•Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt die kunnen werken op basis van een integrale aanpak begeleiden naar passend en blijvend werk: actieve job coaching bieden en oplossingen op maat zoeken (GG 1,3,4) •Extra inzet voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt, zoals mensen met een lage opleiding, weinig werkervaring, schulden of taalproblemen (GG 10) •Zorgen voor goede aansluiting van het onderwijsaanbod op de lokale arbeidsmarkt •Bieden van beschutte werkplekken •Toegankelijkheid van werkplekken garanderen voor mensen met een beperking (GG 10) •Kansen van statushouders op passend werk verhogen via (taal)onderwijs en bijscholing (GG 10) •Goed werkgeverschap uitoefenen als gemeente: diversiteit bevorderen en zelf mensen met arbeidsbeperking of migrantenachtergrond in dienst nemen •Een veilige en gezonde werkomgeving bieden (GG 3) •Toezien op fatsoenlijke huisvesting en arbeidsomstandighedenvoormigrantenarbeiders(GG10)
•Stimuleren dat bedrijven kansarmere groepen in dienst nemen via het social-return criterium bij aanbesteding; bij vestigingsbeleid aandacht geven aan arbeidsvoorwaarden van personeel •Sociale ondernemers steunen en contracteren: zie bijvoorbeeld programma Eindhoven •FairTrade principes volgen, mensenrechtencriteria ontwikkelenvoorgemeentelijkesteunaanlokalebedrijven •Aanmoedigen dat leveranciers zijn aangesloten bij erkendeketeninitiatievenenconvenantenomgedwongen arbeid tegen te gaan, zoals voor schone kleding en eerlijk natuursteen
27
global goal
09
INFRASTRUCTUUR VOOR DUURZAME INDUSTRIE Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten
9.1. Ontwikkelen van betrouwbare, duurzame en veerkrachtige infrastructuur ter ondersteuning van de economische ontwikkeling en het menselijk welzijn, met betaalbare en billijke toegang voor iedereen. 9.2. Bevorderen van inclusieve en duurzame industrialisering 9.3. Betere toegang van kleinschalige ondernemingen tot financiële diensten, en hun integratie in waardeketens en markten (zie 8.3) 9.4. De infrastructuur moderniseren en industrieën verduurzamen, met de nadruk op doeltreffend gebruik van hulpbronnen en schonere technologieën en industriële processen 9.c. In aanzienlijke mate de toegang verhogen tot ICT en streven naar universele en betaalbare toegang tot internet
•EU-programma InvestEU 2021-2027 •EU-programma Horizon Europe 2021-2027 •EU Connecting Europe Facility (CEF) •EU Green Deal •VN-verdrag Handicap •ITstandaard voor toegankelijk bouwen •IBP en Gezamenlijke investeringsagenda Naar een duurzaam Nederland •Omgevingswet •NOVI •Wet Milieubeheer •Wet natuurbescherming •Omgevingsagenda’s •Grondstoffenakkoord •Klimaatakkoord •Regionale mobiliteitsprogramma’s (RMPS) en RESsen •Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) •City Deals, Green Deals en Regio Deals voor duurzame economie •Convenant verduurzaming bedrijventerreinen •BENG-indicatoren •Duurzaamheidscertificering in de bouw zoals BREEAM, FSC •CO2-prestatieladder •Omgevingswijzer Duurzaam GWW •Nationale Agenda Laadinfra
28
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
voorbeelden van extra inzet :
•Aanleggen en onderhouden van veilige, duurzame en toegankelijke publieke gebouwen en infrastructuur •Voorzien in ruimte voor bedrijven- en werklocaties, afgestemd op lokale economische agenda en arbeidsmarkt •Bij aanleg of herinrichting bedrijventerreinen (minimaal)sturenopwettelijkeduurzaamheidsvereisten en MER uitvoeren; met initiatiefnemer inzetten op duurzaamheid en maatschappelijke meerwaarde; instellen van een duurzaamheidsloket (GG 7, 12, 13, 15) •Samen met (haven)bedrijven en ketenpartners inzetten op duurzame innovatie en invulling geven aan afspraken uit het klimaatakkoord en grondstoffenakkoord •Duurzame mobiliteit stimuleren, laadinfrastructuur voor elektrisch (vracht)vervoer en laadinfra meenemen bij nieuwbouw •(Digitale) bereikbaarheid vergroten, ook in het buitengebied •Faciliteren van groene hubs, duurzaamheidsfabrieken, proeftuinen •Zorgen voor goede afstemming rond ondergrondse infrastructuur en tegengaan verrommeling
•Bij gemeentelijke investeringen ecologische en sociale aspecten van duurzaamheid meenemen, m.b.v instrumenten als BREEAM en de Omgevingswijzer. •Bevorderen van het gebruik van circulaire materialen en natuurinclusief bouwen (GG 3, 12, 13, 15); Green Deals infranatuur •Bij aanleg van infrastructuur werkkansen bieden aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (GG 8) •Experimenteerruimte bieden waar bestaande regels verduurzaming tegenwerken •Mogelijkheden van houtbouw onderzoeken zonder dat dit leidt tot ontbossing (GG 15) •Knelpunten in mobiliteit oplossen door afspraken over minder, schoner en slimmer (buiten de spits) reizen •Beschermen van waardevol open landschap door maximaal benutten en revitaliseren van bestaande bebouwing/terreinen en een optimale keuze van regionaal afgestemde bedrijfsactiviteiten; voorkomen van ‘verdozing’ (GG 11, 15)
29
global goal
10
VERMINDEREN VAN ONGELIJKHEID BINNEN EN TUSSEN LANDEN Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten •Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de mens •EU Agenda Stad •Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) 2021-2027 •Agenda 21 for Culture •VN-verdrag Handicap •VN-Vluchtelingenverdrag •Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorziening •Participatiewet •WMO •Emancipatienota 2018-2021 •IBP •VNG Agenda 2024 •VNG-Handreiking Lokale Inclusie Agenda •Manifest Iedereen doet mee! •Code diversiteit en inclusie •IBP-Nederland en migrant goed voorbereid •Uitwerkingsakkoord verhoogde asielstroom •Wet arbeid vreemdelingen (Wav) •Bed-Bad-Brood regeling/LVV’s •EU Agenda Stad: Partnerschap Inclusie van migranten en vluchtelingen •Manifest Maatschappelijk verantwoord inkopen
10.1. Zorgenvooreenblijvendeinkomensstijgingvoor de onderste 40% van de bevolking in een tempo dat hoger ligt dan het nationale gemiddelde (Zie GG 1, 8) 10.2. De sociale, economische en politieke inclusie van iedereen mogelijk maken, ongeacht leeftijd, geslacht, handicap, ras, etniciteit, herkomst, godsdienst of economische of andere status 10.3. Gelijke kansen verzekeren en ongelijkheden wegwerken, ook door het schrappen en aanpassen van discriminerende wetten, beleid en praktijken 10.4. Beleid voeren dat tot een grotere gelijkheid leidt, in het bijzonder fiscaal en inkomensbeleid en sociale zekerheid 10.7. Een ordelijke, veilige, regelmatige en verantwoordelijke migratie en mobiliteit van personen mogelijk maken
30
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
voorbeelden van extra inzet :
•Inclusieve samenleving bevorderen door kwetsbare groepen in kaart te brengen en met hen een lokale inclusie-agenda op te stellen en uit te voeren •Zorgen dat alle gemeentelijke dienstverlening inclusief is; alert zijn op mogelijke discriminatie •Regie nemen op het totale proces van zorg en ondersteuning voor kwetsbare groepen en actief samenwerken met (vrijwilligers)organisaties; participatie van ouderen en mensen met een beperking bevorderen •(GG 1, 3); mensen begeleiden naar werk (GG 8) •Bevorderen sociale cohesie in wijken en voorkomen van tweedeling, ook via ruimtelijk en woonbeleid (GG 11) •Openbare ruimten inclusief maken door o.a.
ontmoetingsplekken,rustplekken,begaanbaretrottoirs •Sport, cultuur en kunst breed toegankelijk maken (11.3) •Segregatie tegengaan in het onderwijs, met speciale aandacht voor huishoudens met lage inkomens en mensen met een migratie-achtergrond (GG 4) •Bibliotheken op wijkniveau behouden •Participatie minderheden en kwetsbare groepen in activiteiten gemeente en in de Raad bevorderen •Jongerenraad ondersteunen (GG 16) •Via lokaal diversiteits-, minderheden- en LHBT(i)-beleid tegengaan van discriminatie, intimidatie en geweld tegen minderheden en positieve maatregelen nemen (GG 16) •Culturele diversiteit stimuleren, ook in de eigen organisatie •Goede (nood)opvang voor vluchtelingen •Adequate huisvesting en steun voor integratie, (bij) scholing, gezondheid en participatie van statushouders
•Fysiek en financieel ruimte bieden aan sociaal initiatief uit de samenleving (zie bijvoorbeeld MAEX) •Dialoog voeren met maatschappelijke en religieuze organisaties van (etnische) minderheden •Dementievriendelijke gemeente worden •Positieve evenementen rond wereldburgerschap en (culturele)diversiteitorganiseren;Regenbooggemeente worden •City deals Inclusieve stad en Eenvoudig Maatwerk •Koplopergemeenten Manifest Iedereen doet mee! •Maatschappelijk verantwoord inkopen; Focus op brede welvaart, niet alleen economische groei
31
global goal
11
MAAK STEDEN EN DORPEN INCLUSIEF, VEILIG, VEERKRACHTIG EN DUURZAAM Meest relevante targets
Relevante (inter)nationale wetgeving, kaders, programma’s, instrumenten
11.1 Tegen 2030 voor iedereen toegang voorzien tot adequate, veilige en betaalbare huisvesting en basisdiensten, en sloppenwijken verbeteren. ______ 11.2 Toegang voorzien tot veilige, betaalbare, toegankelijkeenduurzamevervoerssystemenvoor iedereen, waarbij de verkeersveiligheid verbeterd wordt. Met name door het openbaar vervoer uit te breiden, met aandacht voor de behoeften van mensen in kwetsbare situaties, vrouwen, kinderen, personen met een handicap en ouderen
•Woningwet •Huisvestingswet •Woonakkoord 2018 •IBP- Toekomstbestendig wonen •Crisis- en herstelwet, Omgevingswet •Ladder voor duurzame verstedelijking •Meerjarenagenda beschermd wonen en maatschappelijke opvang •Subsidieregelingenvoorlevensloopbestendigmaken en verduurzamen van woningen _____ •Stimuleringsregeling Wonen en zorg •EC-programma ELENA •EU Green Vehicle Directive •Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT); •Nationale Agenda Laadinfra •VN-verdrag Handicap •Bestuursakkoorden •Green Deals Zero Emissie vervoer •Programma VerDuS SURF •Tour de Force
32
HOE GEMEENTEN VIA HUN TAKEN, ROLLEN EN BEDRIJFSVOERING AAN DE DOELEN KUNNEN BIJDRAGEN
Target 11.1 •Gevarieerd en gespreid aanbod van passende en betaalbare woonruimte voor alle doel- en inkomensgroepen •Behoud en nieuwbouw van voldoende, sociale (huur) woningen in alle wijken, ook in de binnenstad •Energetische verduurzaming van het woningenbestand waarbij energie-armoede wordt tegengegaan (GG 7) •Bij nieuwbouw rekening houden met kwaliteit van de openbare ruimte, klimaatbestendigheid, goede aansluiting op OV, bereikbaarheid van dagelijkse voorzieningen •Voorzieningen voor beschermd en begeleid wonen •Actief beleid voor het tegengaan van dakloosheid (GG 1) •Voorzieningeninkrimpgebiedenoppeilhoudenendorpen bereikbaar houden; met dorpsbelangenorganisaties werken aan vitale kernen
Target 11.2 •Bevorderen OV-gebruik via multimodale systemen, P&R-en park & bike voorzieningen, fietsenstallingen •Bevorderen van emissieloosrijden door laadinfrastructuur; stimuleren van elektrische deelauto’s (GG 7) •Strategisch plan verkeersveiligheid op basis van risicoanalyse •Veilige inrichting van straten met voorrang voor voetgangersenfietsers;snelheidsbeperkendemaatregelen; autoluwe binnenstad en dorpen; aanleg van snelfietspaden (GG 3) •OV inrichten op mensen met een beperking (GG 10) •Openbaar vervoer op maat, doelgroepenvervoer •Eigen wagenpark verduurzamen en prestatieafspraken met leveranciers
voorbeelden van extra inzet :
•Milieuzones instellen; zero-emissiezones voor bestel- en vrachtwagens; differentiatie in parkeertarieven •Bij aanbesteding vervoer WMO letten op eerlijke arbeidsvoorwaarden (GG 8) en op duurzaamheid bijvoorbeeld in VNG International-programma DEALS (GG 17)’
voorbeelden van extra inzet :
•Inclusiviteit centraal stellen in woonvisie- en plannen •Bij gebiedsplanning en (her)inrichting nadruk op leefbaarheid en welzijn •Optreden tegen ‘huisjesmelken’ •Faciliteren van innovatieve woon(/zorg-)vormen (GG 3) •Woonkostentoeslag onder de aandacht brengen van rechthebbenden (GG 1) •(Duurzaamheids)leningen voor starters (GG 10)