CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS310020 Bijlage 1 Onderzoeksrapportage Evaluatie Jeugdteams Den Haag

Commissie Samenleving 30 september 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Brief van wethouder Zorg, Jeugd en Volksgezondheid inzake Jaarrapportage 2020 Jeugd en Wmo17.086 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 32/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Figuur 5.3.1.1 Mate waarin gezinscoaches via consultatie en advies worden bevraagd op hun expertise

Hoe vaak word je bevraagd op jouw expertise door andere gezinscoaches? 50% 40% 30% 20%

10% 0% Dagelijks

Meerdere keren per week

Enkele keren per jaar

Niet

Meerdere keren per maand

Grafiek 5.3.1.2 Gedragswetenschappers: Mate waarop zij vanuit percelen bevraagd worden

Mijn expertise wordt het meest gevraagd vanuit de volgende percelen (maximaal drie antwoorden) 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp

Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek

Stedelijke teams Totaal Welzijn

Complexe opvoedhulp

Licht Verstandelijke Beperking (LVB)

Multi-problem

Veiligheid en Bescherming

Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ)

Bemoeizorg

5.3.2 Tevredenheid over de mate waarin men via consultatie en advies wordt bevraagd Zowel gezinscoaches, gedragswetenschappers als managers moederorganisaties zijn erg tevreden over de mate waarin er via consultatie en advies gebruik wordt gemaakt van hun expertise c.q. de expertise die vanuit hun organisatie wordt geboden (figuur 5.3.2.1). In totaal is 86% neutraal tot zeer tevreden. De gedragswetenschappers zijn hierover nog iets positiever dan de gezinscoaches en managers van moederorganisaties (95% vs. 85% vs. 82% is neutraal tot zeer tevreden).

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 33/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Bekeken naar cluster (figuur 5.3.2.2) dan zien we dat in het cluster ‘Stedelijke teams’ gezinscoaches het meest positief zijn (89%). Het cluster ‘Scheveningen, Loosduinen en Segbroek’ is het minst positief, maar ontloopt de overige clusters niet veel. Uit de focusgroepen blijkt dat de beschikbare tijd voor het geven van consultatie en advies aan collega’s niet geformaliseerd in. Als de caseload hoog is en er met enige frequentie om consultatie en advies wordt verzocht, komen de gezinscoaches in tijdnood. Zo geven gezinscoaches aan dat de huidige bezetting op het perceel ‘Veiligheid en bescherming’ onvoldoende ruimte laat om ook advies en consultatie te bieden aan andere gezinscoaches. Dat maakt dat gezinscoaches voornamelijk vanuit een gevoel van verantwoordelijkheid en collegialiteit consultatie en advies geven. Daarnaast halen de coaches ook een deel van hun werkplezier uit het geven van consultatie en advies, ze vinden dit doorgaans een leuk onderdeel van hun werk, ze zouden er graag meer tijd voor krijgen. De gemeentelijke teammanagers sluiten daarbij aan: de gezinscoaches dienen meer tijd te krijgen voor consultatie en advies om dat kwalitatief goed te kunnen doen. Deze tijd moet ook formeel worden vastgelegd. De teammanagers verwachten dat dit positief zal bijdragen aan het werkplezier van de coaches, aan de behapbaarheid van de werkzaamheden en aan de collegialiteit.

Figuur 5.3.2.1 Gezinscoaches, gedragswetenschappers en managers moederorganisaties: tevredenheid over benutten expertise via consultatie en advies

Collega’s maken via consultatie en advies voldoende gebruik van mijn expertise 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90% 100%

Gezinscoaches Gedragswetenschappers Moederorganisatie Totaal Zeer oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 34/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Figuur 5.3.2.2 Gezinscoaches: tevredenheid over benutten expertise via consultatie en advies naar cluster

Collega’s maken via consultatie en advies voldoende gebruik van mijn expertise 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal

Zeer oneens

5.4

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

Werkomstandigheden Vraag 10. Hoe worden de werkomstandigheden beoordeeld? Beantwoording ▪ Gezinscoaches en gedragswetenschappers zijn (zeer) tevreden over de aansturing door hun teammanager (74%). Gezinscoaches zijn eveneens (zeer)tevreden over de aansturing vanuit de moederorganisatie (75%). ▪ Men is ontevreden over de werkplek en faciliteiten en over deskundigheidsbevordering. Slechts 53% is (zeer) tevreden over de werkplek en faciliteiten en zelfs maar 48% over de deskundigheidsbevordering. ▪ Het merendeel van de gezinscoaches en gedragswetenschappers (95%) ervaart geen problemen met de mate waarin zij hun werk veilig kunnen uitvoeren ▪ Het T&R team wordt overwegend als ondersteunend ervaren; 86% scoort neutraal tot positief.

De gezinscoaches en gedragswetenschappers is gevraagd naar hun tevredenheid over de werkomstandigheden, uitgesplitst naar verschillende onderdelen. Onderstaand worden per subparagraaf de volgende onderwerpen behandeld; aansturing door teammanager, aansturing door moederorganisatie, veiligheid, inrichting werkplek en andere faciliteiten, deskundigheidsbevordering en de ondersteuning vanuit het T&R team. Uit de focusgroepen komt in algemene zin over de werkomstandigheden het signaal vanuit de managers van de moederorganisaties dat de meeste klachten die zij krijgen, komen van medewerkers uit de jeugdteams. Daarbij geven zij aan dat het lastig is om

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 35/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

mensen voor de jeugdteams te werven omdat het aantrekkelijker is om bij de moederorganisatie te blijven werken. De inhoud van het werk vinden de coaches in de jeugdteams wel fijn, maar de werkomstandigheden maken het minder aantrekkelijk. 5.4.1 Aansturing door teammanager Bijna driekwart (74%) van de gezinscoaches en gedragswetenschappers is (zeer) tevreden over de aansturing door de teammanager. Het meest positief is men in het cluster ‘Stedelijke teams’; daar is 96% van de medewerkers (zeer) tevreden. In het cluster ‘Haagse Hout, Leidschenveen-Ypenburg en Laak’ is men het minst tevreden; daar is 21% (zeer) ontevreden. Uit de focusgroepen bleek dat gezinscoaches een tweeledige verwachting hebben van een teammanager. Enerzijds zien ze het als de taak van de teammanager om goed te sturen op het proces. Anderzijds zien de coaches de teammanager als iemand bij wie ze terecht moeten kunnen voor een luisterend oor als dat nodig is. Stabiliteit en vertrouwen zijn hierbij belangrijk. De vele wisselingen van de gemeentelijke teammanagers in bepaalde teams heeft hieraan afbreuk gedaan. Figuur 5.4.1.1 Gezinscoaches en Gedragswetenschappers: Tevredenheid over aansturing teammanager

Mate van tevredenheid over aansturing teammanager 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100%

Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer ontevreden

Ontevreden

Neutraal

Tevreden

Zeer tevreden

5.4.2 Aansturing door moederorganisaties Over de aansturing vanuit de moederorganisaties zijn de gezinscoaches eveneens zeer te spreken; 75% is (zeer) tevreden. Hier scoort het cluster Haagse Hout, Leidschenveen-Ypenburg en Laak het meest positief (95%). Opvallend genoeg scoort dit cluster het minst positief in de waardering ten opzichte van de aansturing door de gemeentelijke teammanagers. De clusters ‘Centrum’ en ‘Escamp’ hebben het minst aantal gezinscoaches die (zeer) tevreden is over de aansturing. De gezinscoaches beschrijven in de focusgroepen dat ze de relatie met de manager vanuit hun moederorganisatie soms ingewikkeld vinden. De coaches worden namelijk vanuit de moederorganisaties beoordeeld, wat niet voor alle coaches natuurlijk voelt.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 36/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Sommigen geven namelijk aan zich meer verbonden te voelen met het CJG dan met hun moederorganisatie. Voor anderen maakt het geen verschil en zegt men aan te kloppen bij diegene waar ze de beste klik mee hebben. Figuur 5.4.2.1 Gezinscoaches: Tevredenheid over aansturing vanuit moederorganisatie

Mate van tevredenheid over aansturing vanuit moederorganisatie 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer ontevreden

Ontevreden

Neutraal

Tevreden

Zeer tevreden

5.4.3 Veiligheid Het merendeel van de gezinscoaches en gedragswetenschappers ervaart geen problemen met de mate waarin zij hun werk veilig kunnen uitvoeren. 77% is (zeer) tevreden over de veiligheidsomstandigheden en 18% antwoordt neutraal. Slechts 5% ervaart onveiligheid. Het Cluster ‘Stedelijke teams’ scoort het meest positief, het cluster ‘Haagse hout, Leidschenveen-Ypenburg en Laak’ het minst positief. Uit de focusgroepen blijkt dat stabiliteit erg belangrijk is voor de ervaren veiligheid in de teams. De gezinscoaches en gedragswetenschappers geven aan dat er momenteel een goede sfeer is in de teams. Ten tijde van de aanbesteding was dit echter anders. De onzekerheid en vele wisselingen die daarmee gepaard gingen, hadden grote impact op de teams en ervaren veiligheid. Om de huidige goede sfeer en veiligheid te borgen, is stabiliteit in omvang en bemensing van de teams belangrijk.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 37/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Figuur 5.4.3.1 Gezinscoaches en Gedragswetenschappers: Tevredenheid over veiligheid

Mate van tevredenheid over veiligheid 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &…

Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer ontevreden

Ontevreden

Neutraal

Tevreden

Zeer tevreden

5.4.4 Werkplek en faciliteiten Over de inrichting van de werkplek en andere faciliteiten, zoals ICT, telefonie en het administratief proces, is slechts een kleine meerderheid van de gezinscoaches en gedragswetenschappers (zeer) tevreden (53%), 28% is (zeer) ontevreden. De clusters ontlopen elkaar hierbij niet veel. De clusters ‘Centrum’ en ‘Escamp’ zijn het meest ontevreden. Ter toelichting benoemen de gezinscoaches in de focusgroep het werken in de kantoortuin. Hoewel dit als voordeel heeft dat je in contact met elkaar blijft, is het lastig om je te concentreren en af te sluiten. Daarnaast wordt het administratieve proces omslachtig genoemd, omdat er op meerdere plekken geregistreerd moet worden en de systemen van de jeugdteams niet ‘praten’ met die van de moederorganisaties. Grafiek 5.4.4.1 Gezinscoaches en Gedragswetenschappers: Tevredenheid over inrichting en werkplek (ICT, telefonie, administratief systeem)

Mate van tevredenheid over inrichting werkplek en faciliteiten 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer ontevreden

Ontevreden

Neutraal

Tevreden

Zeer tevreden

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 38/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

5.4.5 Deskundigheidsbevordering Het minst tevreden zijn gezinscoaches en gedragswetenschappers over deskundigheidsbevordering. Ten aanzien van deskundigheidsbevordering is slechts 48% van de respondenten (zeer) tevreden, bijna een kwart (23%) is (zeer) ontevreden. Ook hier ontlopen de clusters elkaar niet veel. Het cluster ‘Scheveningen, Loosduinen en Segbroek’ scoort net iets negatiever dan de andere clusters, ‘Stedelijke teams’ het minst negatief. In de focusgroepen komt naar voren dat de gezinscoaches en gedragswetenschappers graag zien dat er in het algemeen meer wordt geïnvesteerd in deskundigheidsbevordering en in het bijzonder dat er meer geïnvesteerd wordt in nieuwe medewerkers. Er is nu veel verloop binnen de teams, met name onder startende coaches. Om ervoor te zorgen dat nieuwe collega’s zich gesteund voelen door hun team, dragen de coaches intervisie en deskundigheidsbevordering aan als mogelijke oplossing. Daarnaast wordt in de focusgroep aangegeven dat het aanbod vanuit de moederorganisaties erg verschillend is. Bij sommige moederorganisaties zijn er regelmatig collegiale overleggen, trainingen en deskundigheidsbevordering, bij andere vrijwel niet. Grafiek 5.4.5.1 Gezinscoaches en Gedragswetenschappers: Tevredenheid over deskundigheidsbevordering

Mate van tevredenheid over deskundigheidsbevordering 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100%

Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer ontevreden

Ontevreden

Neutraal

Tevreden

Zeer tevreden

5.4.6 T&R team De meerderheid van gezinscoaches en gedragswetenschappers ervaart het T&R team als ondersteunend (57%). 14% van de respondenten vindt dit niet het geval, de overige 29% antwoordt neutraal. Het cluster ‘Haagse hout, Leidschenveen-Ypenburg en Laak’ ervaart het meeste ondersteuning van het T&R team, ‘ Scheveningen, Loosduinen en Segbroek’ het minst.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 39/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Uit de focusgroepen blijkt dat het T&R team werk uit handen van de gezinscoaches neemt. Zij doen namelijk de onderhandelingen met en controle op de zorgaanbieders. Ook heeft het T&R team goed zicht op de sociale kaart en dragen ze alternatieve/ lokale zorgaanbieders aan. De gezinscoaches en gedragswetenschappers geven echter ook aan dat de T&R een vertraging in het proces vormt. Dit komt met name omdat ze te laat in het proces in beeld komen en zich soms ook met de inhoud bemoeien. Nadat een casus al in het team besproken is en bij T&R terecht komt, komt het regelmatig voor dat de gezinscoach weer terug naar het team gestuurd wordt omdat T&R iets van de inhoud vindt. Ook is T&R niet altijd bereikbaar. De gemeentelijke teammanagers brengen nog een ander perspectief in. Zij noemen kostenbewustwording namelijk zowel een voordeel als een nadeel. Voor de komst van het T&R team waren de teams bezig om kostenbewust te werken. Met de komst van het T&R team zien de gemeentelijke teammanagers dat de gezinscoaches niet meer over de kosten nadenken omdat ‘T&R daarover gaat’. Dus hoewel de kosten in totaliteit nu beter bewaakt worden, heeft de komst van het T&R team wel geleid tot minder aandacht voor de kosten bij de gezinscoaches. Verder vinden de gemeentelijke teammanagers dat de rol en taakverdeling van het T&R team beter ingebed moet worden.

Ze zouden op inhoud minder bepalend moeten zijn. Daarnaast moeten de gezinscoaches, al dan niet met hulp van de gedragswetenschappers, de vragen die zij bij het T&R team neerleggen concreter formuleren. Grafiek 5.4.6.1 Gedragswetenschappers en gezinscoaches: Mate waarin het T&R team als ondersteunend wordt ervaren

Het T&R team ervaar ik als ondersteunend 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 40/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

6

Kwaliteit van het werk In dit hoofdstuk behandelen we de kwaliteit van de hulpverlening die vanuit de jeugdteams wordt geboden en hoe deze gewaardeerd wordt door de betrokken professionals en managers.

6.1

Kwaliteit hulpverlening Vraag 11. Hoe wordt de kwaliteit van de hulpverlening beoordeeld? Beantwoording ▪ De respondenten beoordelen de kwaliteit van de hulpverlening overwegend positief. ▪ Bijna 90% van de gezinscoaches en gedragswetenschapper vindt dat de geleverde hulpverlening goed is. De hulpverlening wordt effectief geacht en vanuit de juiste expertise geleverd. Men is minder positief over de tijdigheid van hulpverlening. ▪ Gedragswetenschappers hebben over het algemeen goed zicht en sturing op de kwaliteit van de hulpverlening. ▪ Bijna alle gezinscoaches (92%) en gemeentelijke teammanagers (93%) vinden hun deskundigheid dan wel de kwaliteit op het generieke deel van het profiel minimaal voldoende. Over de kwaliteit op de percelen is 87% van de gemeentelijke teammanagers positief. De percelen ‘Geestelijke gezondheidszorg’, Licht verstandelijke beperking’ en ‘Multi-problem’ scoren het best; ‘Welzijn’ en ‘Bemoeizorg’ het minst. De kwaliteit van de hulpverlening is in de enquête op verschillende manieren uitgevraagd. Allereerst is gevraagd naar de algemene beoordeling van de kwaliteit van de dienstverlening en vervolgens per onderdeel. Daarnaast zijn de gedragswetenschappers specifiek bevraagd naar hun sturing en zicht op de inhoudelijke kwaliteit van casuïstiek.

Tenslotte is vanuit de gezinscoaches en gemeentelijke teammanagers ingezoomd op de kwaliteit op het generiek en specialistisch profiel.

6.1.1 Kwaliteit hulpverlening overall In de enquête is – als standaard voor kwaliteit – gevraagd in welke mate de medewerkers van de jeugdteams SKJ geregistreerd zijn. Vanuit de moederorganisaties is aangegeven dat alle medewerkers die werkzaam zijn in de jeugdteams aan deze eis voldoen. Daarnaast zijn de respondenten bevraagd over de kwaliteit van de geleverde hulpverlening. Hierbij is bijna 90% van de gezinscoaches en gedragswetenschappers het eens tot zeer eens met de stelling dat de kwaliteit van de geleverde hulpverlening in hun team goed is (figuur 6.1.1.1). Slecht 2% is het hiermee oneens.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 41/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Gezinscoaches en Gedragswetenschapper uit het cluster ‘Haagse Hout, LeidschenveenYpenburg en Laak’ beoordelen de kwaliteit van de hulpverlening het minst hoog. De overige clusters scoren vergelijkbaar hoog. Figuur 6.1.1.1 Gezinscoaches en Gedragswetenschappers: oordeel kwaliteit hulpverlening eigen team

De kwaliteit van de door ons team geleverde hulpverlening is goed. 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams

Totaal Zeer oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

6.1.2 Kwaliteit hulpverlening op onderdelen De kwaliteit van de hulpverlening is ook uitgevaagd op drie onderdelen (figuur 6.1.2.1). Over de tijdigheid van de hulpverlening zijn de gezinscoaches en gedragswetenschappers het minst positief. 43% van de respondenten vindt dat cliënten niet op tijd worden geholpen. De ondersteuning wordt wel effectief geacht (94% neutraal tot zeer positief) en vanuit de juiste expertise geleverd (89% neutraal tot zeer positief). Figuur 6.1.2.1 Gezinscoaches en gedragswetenschapper: oordeel kwaliteit dienstverlening op drie onderdelen

Kwaliteitsoordeel op onderdelen 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% De ondersteuning is effectief

Ondersteuning is vanuit de juiste expertise Cliënten worden op tijd geholpen Zeer oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

6.1.3 Zicht en sturing gedragswetenschappers De gedragswetenschappers zijn vanwege hun functie en rol specifiek bevraagd of zij voldoende zicht en sturing hebben op de inhoudelijke kwaliteit van de hulpverlening.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 42/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

43% van de Gedragswetenschappers geeft aan dat zij voldoende zicht en sturing hebben op de inhoudelijke kwaliteit van de hulpverlening. Nog eens 52% heeft een neutraal oordeel. Slechts 5% is negatief. Figuur 6.1.3.1 Gedragswetenschapper: mate van zicht en sturing op de inhoudelijke kwaliteit van de hulpverlening

Als gedragswetenschapper heb ik voldoende zicht en sturing op de inhoudelijke kwaliteit van de hulpverlening binnen dit team. 0%

10%

20%

30%

Zeer oneens

40%

Oneens

50%

60%

Neutraal

70%

Eens

80%

90%

100%

Zeer eens

6.1.4 Kwaliteit generiek en specialistisch profiel In de enquête zijn vragen gesteld over de kwaliteit en deskundigheid op het generieke en specialistische profiel. Generiek profiel Op het generieke profiel voelen gezinscoaches zich overwegend voldoende deskundig om de vragen op te pakken (figuur 6.1.4.1). Slechts 8% is hierover negatief. Indien we inzoomen op het oordeel van de gemeentelijke teammanagers dan bevestigen zij het positieve beeld van gezinscoaches ten aanzien van de dienstverlening op het generieke profiel (figuur 6.1.4.2). 93% van de teammanagers vindt de kwaliteit van de dienstverlening op het generieke profiel voldoende tot zeer goed. Het cluster ‘Scheveningen, Loosduinen & Segbroek’ wordt hierbij het minst positief beoordeeld, het cluster ‘Stedelijke teams’ het meest positief. Specialistisch profiel Ten aanzien van hun deskundigheid op het specialistisch profiel zijn gezinscoaches nog iets positiever dan ten opzichte van het generieke profiel (figuur 6.1.4.3). Hier voelt slechts 5% zich niet voldoende deskundig. Gemeentelijke teammanagers hebben ook hun oordeel gegeven over de kwaliteit op het specialistisch profiel naar perceel (figuur 6.1.4.4). Overall vindt 87% van de teammanagers de kwaliteit van de dienstverlening vanuit de percelen voldoende tot zeer goed. Er zijn echter verschillen per perceel.

‘ Geestelijk gezondheidszorg’ scoort het best (100% voldoende tot zeer goed), op de voet gevolgd door ‘ Licht Verstandelijke Beperking’ en ‘Multi-problem’ (beiden 93% voldoende tot zeer goed). De percelen ‘Welzijn’ en ‘Bemoeizorg’ worden het minst positief beoordeeld. Ruim een kwart van

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 43/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

de gemeentelijke teammanagers heeft hier een negatief oordeel over de kwaliteit van dienstverlening. Het oordeel verschilt overigens per team; er zijn diverse teams waar deze percelen wel positief worden beoordeeld. Figuur 6.1.4.1 Gezinscoaches: mate van ervaren deskundigheid op generiek profiel

Ik voel mij voldoende deskundig om de vragen die behoren bij het generieke profiel adequaat op te pakken 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp

Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

Figuur 6.1.4.2 Gemeentelijke teammanagers: oordeel kwaliteit generiek profiel

Hoe ervaar je de kwaliteit van dienstverlening op het generieke profiel? 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum

Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer slecht

Slecht

Voldoende

Goed

Zeer goed

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 44/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Figuur 6.1.4.3 Gezinscoaches: mate van ervaren deskundigheid op specialistisch profiel

Ik voel mij voldoende deskundig om de vragen die behoren bij het specialistische profiel adequaat op te pakken 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &…

Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

Figuur 6.1.4.4 Gemeentelijke teammanagers: oordeel kwaliteit specialistisch profiel naar perceel

Hoe ervaar je de kwaliteit van dienstverlening op de verschillende percelen? 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100%

Welzijn Complexe opvoedhulp Licht Verstandelijke Beperking (LVB) Multi-problem

Veiligheid en Bescherming Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) Bemoeizorg Totaal Zeer slecht

Slecht

Voldoende

Goed

Zeer goed

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 45/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

7

Organisatie van het werk In dit hoofdstuk gaan we in op de onderwerpen die samenhangen met de organisatie van het werk. We behandelen achtereenvolgens de onderwerpen: • •

7.1

Samenwerking (paragraaf 7.1) Organisatievorm (paragraaf 7.2)

Samenwerking Vraag 12. Hoe wordt de samenwerking beoordeeld? Beantwoording ▪ De samenwerking tussen de gezinscoaches en gedragswetenschappers is persoonsafhankelijk. De gezinscoaches benadrukken de behoefte aan kwalitatieve en inhoudelijke ondersteuning, waar de gedragswetenschappers met name ingaan op het tijdig betrokken worden. ▪ De gemeentelijke teammanagers (83%) en managers moederorganisaties (100%) beoordelen de onderlinge samenwerking overwegend neutraal tot positief. ▪ De managers moederorganisaties zijn overwegend negatief over hun betrokkenheid bij (beleids)ontwikkelingen aangaande de jeugdteams; slecht 9% heeft een positief oordeel. Van de gezinscoaches en gedragswetenschappers betreft dit 42%. In deze paragraaf wordt achtereenvolgens ingegaan op de samenwerking tussen de gezinscoaches en gedragswetenschappers, tussen de gemeentelijke teammanagers en de moederorganisaties, de betrokkenheid bij (beleids)ontwikkelingen en implementatie en de inhoudelijke verantwoordelijkheid van de moederorganisaties.

7.1.1 Samenwerking gezinscoaches en gedragswetenschappers De samenwerking tussen de gezinscoaches en gedragswetenschappers is in de focusgroepen aan bod gekomen. De gezinscoaches ervaren de kwaliteit van de samenwerking met de gedragswetenschappers als persoonsafhankelijk. Voor een goede samenwerking vinden de coaches het cruciaal dat de gedragswetenschapper goed aansluit bij de behoefte van het team. Daarnaast ervaren de gezinscoaches de onderlinge taakverdeling vaak als onduidelijk. Zij zien graag dat de gedragswetenschapper een kwalitatieve en inhoudelijke bijdrage levert aan het team en niet dat deze het werk van de gezinscoaches overneemt, door bijvoorbeeld dossierstukken te herschrijven. Ook de gedragswetenschappers benoemen dat de kwaliteit van de samenwerking met de gezinscoaches persoonsafhankelijk is. De gedragswetenschappers beoordelen de relatie met de gezinscoaches aan de hand van de mate waarin ze (tijdig) betrokken

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 46/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

worden en de mate waarin de gezinscoach daadwerkelijk handelt zoals overeengekomen. Dit blijkt per gezinscoach te verschillen. De teammanager kan hier een positieve bijdrage aan leveren door de positie van de gedragswetenschapper te erkennen en erop te sturen dat gezinscoaches de gedragswetenschappers tijdig betrekken. Waar de gezinscoaches waken voor overname van bepaalde taken door de gedragswetenschapper, zo benoemen de gedragswetenschappers richting de gemeentelijke teammanager dat het van belang is dat de teammanager zich focust op het proces en niet op de inhoud van casuïstiek of zelfs de rol van de gedragswetenschapper overnemen. De gemeentelijke teammanagers geven echter aan dat zij duidelijke afspraken hebben met de gedragswetenschapper waardoor de rollen niet door elkaar lopen. Bij sommige managers komt het wel eens voor dat de gezinscoaches naar de manager stappen met een inhoudelijke vraag in plaats van naar de gedragswetenschapper. Bijvoorbeeld als er een crisissituatie is en de gedragswetenschapper afwezig of niet direct beschikbaar is. 7.1.2 Samenwerking gemeentelijke teammanagers en moederorganisaties In de enquête is de samenwerking tussen de gemeentelijke teammanagers en de moederorganisatie uitgevraagd. De teammanagers zijn over het algemeen tevreden over de samenwerking met de moederorganisaties (figuur 7.1.1.1).

40% van de teammanagers geeft aan tevreden te zijn over de samenwerking met de moederorganisaties, 43% antwoordt neutraal. Het meest tevreden zijn de managers van het cluster ‘Escamp’. De managers van de moederorganisaties zijn erg te spreken over de samenwerking met de gemeentelijk teammanagers (figuur 7.1.1.2). 73% is positief en de rest van de respondenten antwoordt neutraal. De gemeentelijke teammanagers vinden het lastiger om een oordeel te hebben over hoe de aansturing vanuit de moederorganisatie verloopt: 64% antwoordt neutraal (figuur 7.1.1.3). Uit de focusgroepen blijkt dat de samenwerking tussen de gemeentelijke teammanagers en moederorganisaties steeds beter gaat. De kwaliteit van de samenwerking blijkt wel afhankelijk van de mate van pro-activiteit in de communicatie vanuit beide kanten. In het begin was de verhouding ‘zoeken’, maar de managers van beide kanten weten elkaar steeds beter te vinden. Ook hier speelt continuïteit in de bezetting, en daarmee het kunnen opbouwen van een samenwerkingsband, een rol. Daarnaast is het binnen de huidige organisatiestructuur voor zowel gemeentelijke teammanagers als managers van de moederorganisaties zoeken bij wie welke verantwoordelijkheden belegd zijn en hoe deze waar te maken. Hier gaan in paragraaf 8.2 nader op in.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 47/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Figuur 7.1.1.1 Gemeentelijke teammanagers: tevredenheid over de samenwerking met de moederorganisaties

Ik ben tevreden over de samenwerking met de moederorganisaties 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal

Zeer oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

Figuur 7.1.1.2 Managers moederorganisaties: tevredenheid over de samenwerking met de gemeentelijke teammanagers

Ik ben tevreden over de samenwerking met de gemeentelijke teammanagers Moederorganisaties 0%

10%

Zeer oneens

20%

30%

Oneens

40%

50%

Neutraal

60%

70%

80%

Eens

Zeer eens

90%

100%

Figuur 7.1.1.3 Gemeentelijke teammanagers: tevredenheid over aansturing medewerkers vanuit de moederorganisaties

Ik ben tevreden over de wijze waarop de aansturing vanuit de moederorganisaties ten opzichte van mijn medewerkers verloopt 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100%

Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams Totaal Zeer oneens

Oneens

Neutraal

Eens

Zeer eens

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 48/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

7.1.3 Betrokkenheid bij ontwikkelingen Aan gezinscoaches en gedragswetenschappers is de vraag gesteld of zij zich voldoende betrokken voelen bij (beleids)ontwikkelingen en de implementatie daarvan binnen de jeugdteams (figuur 7.1.2.1). Van deze groep respondenten is 25% negatief. Minder dan de helft van deze respondenten (42%) is wel tevreden. In de focusgroepen wordt dit beeld door de gezinscoaches bevestigd, zij geven aan een afstand te ervaren tussen beleid en uitvoering. Ze missen een vaste structuur om informatie vanuit beleid in de teams te brengen én om input en verbetervoorstellen vanuit de werkvloer bij beleid te adresseren. Voor de implementatie van beleid en uitgangspunten aangaande de jeugdteams achten de gezinscoaches meer uniformiteit noodzakelijk. Zij zien graag dat de implementatie gecoördineerd wordt en voor de uitvoerende medewerkers minimaal worden omgezet in werkinstructies. De managers van de moederorganisaties voelen zich onvoldoende betrokken bij de ontwikkelingen binnen het jeugdteam en de gemeente (figuur 7.1.2.2). Slechts 9% van de respondenten heeft een positief oordeel. In de focusgroep bevestigen de gemeentelijke teammanagers het beeld dat er geen duidelijke structuren zijn voor de manier waarop beleid geïmplementeerd wordt. Zij geven aan dat de communicatielijnen niet rechtlijnig zijn.

Zo kan het dat de teammanager A ergens wel van op de hoogte is, terwijl de manager B, actief in een ander stadsdeel, dat niet is. Daarnaast worden er soms dingen opgelegd waar de teammanagers niet achterstaan. Dat brengt de teammanager is een lastige positie binnen hun team. De wens is meer nadrukkelijk en aan de voorkant betrokken te worden. De managers van de moederorganisaties geven in de focusgroep aan dat de betrokkenheid bij ontwikkeling vanuit beleid is gegroeid. Ze worden nu eerder dan voorheen op de hoogte gesteld van beslissingen vanuit de gemeente. Daarnaast wordt hen vaker vooraf om input gevraagd. Er is volgens de managers echter geen sprake van een partnerschap. Ze stellen dat de gemeente beslist en vervolgens de betrokken partijen inlicht. Beslissingen worden volgens hen niet in samenspraak gemaakt, maar nadat de moederorganisaties hun input hebben geleverd – vindt op directieniveau van de gemeente besluitvorming plaats, zonder dat zij daar zicht op of betrokkenheid bij hebben. De teams worden volgens de moederorganisaties nog onvoldoende betrokken bij het maken van beleid. Zowel bij de teams als bij de moederorganisaties zijn goede ideeën aanwezig voor beleid en uitvoering waar onvoldoende gebruik van wordt gemaakt.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 49/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Figuur 7.1.2.1 Gezinscoaches en gedragswetenschappers: betrokkenheid bij (beleids)ontwikkelingen en implementatie

Ik word in voldoende mate betrokken bij de (beleids)ontwikkelingen en implementatie daarvan binnen de jeugdteams 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Centrum Escamp Haagse Hout & Leidschenveen/ Ypenburg &… Scheveningen & Loosduinen & Segbroek Stedelijke teams

Totaal Zeer ontevreden

Ontevreden

Neutraal

Tevreden

Zeer tevreden

Figuur 7.1.2.2 Managers moederorganisaties: betrokkenheid bij de ontwikkelingen

Ik voel mij als vertegenwoordiger van de moederorganisatie voldoende betrokken bij de ontwikkelingen binnen het jeugdteam en de gemeente Moederorganisaties 0%

10%

Zeer oneens

20%

30%

Oneens

40%

50%

Neutraal

60%

70%

80%

Eens

Zeer eens

90%

100%

7.1.4 Inhoudelijke verantwoordelijkheid moederorganisaties De managers van de moederorganisaties is gevraagd of zij de hen belegde inhoudelijke verantwoordelijk kunnen waarmaken (figuur 7.1.3.1). Het beeld hierover is duidelijk; de managers van de moederorganisaties zijn van mening dat zij hun inhoudelijke verantwoordelijkheid onvoldoende kunnen waarmaken. 82% is hierover negatief en de rest antwoordt neutraal. Zoals eerder beschreven in de paragraaf over verantwoorde werktoedeling (5.2) geven de managers van de moederorganisaties aan dat zij niet in staat zijn om op casusniveau aan te sturen. Dit ervaren zij niet als een probleem zolang de gemeentelijke teammanager goed aanstuurt. Als er echter iets misgaat, zouden de managers van de moederorganisaties graag meer invloed willen hebben, omdat de moederorgansaties verantwoordelijk en aansprakelijk zijn. Dit wordt als knelpunt van de organisatiestructuur ervaren.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 50/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

In de focusgroep omschrijven de managers van de moederorgansiaties dat momenteel op alle percelen enkel geregistreerde gezinscoaches werkzaam zijn17. Die zijn in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor de inhoud en trekken aan de bel waar nodig. Enkele van deze gezinscoaches uiten bij hun manager van de moederorganisatie het gevoel dat ze zich in het team te veel moeten verantwoorden. Dit staat haaks op de zelfstandigheid die de coaches ervaren in de benadering vanuit hun moederorganisatie. De managers vanuit de moederorganisaties met geregistreerde coaches voelen zich voornamelijk verantwoordelijk voor de deskundigheid van hun medewerkers. Daarop hebben de managers van de moederorganisaties wel invloed aangezien zij de deskundigheidsbevordering verzorgen. Figuur 7.1.3.1 Managers moederorganisaties: mate waarin zij hun inhoudelijke verantwoordelijk kunnen waarmaken

Ik vind dat ik mijn inhoudelijke verantwoordelijkheid in voldoende mate kan dragen en waarmaken Moederorganisaties 0%

10%

Zeer oneens

7.2

20%

30%

Oneens

40%

50%

Neutraal

60%

70%

80%

Eens

Zeer eens

90%

100%

Organisatievorm Vraag 13. Is met het oog op de kwaliteit en continuïteit de huidige organisatievorm (netwerk) geschikt en zijn er alternatieve organisatievormen (meer) geschikt? Beantwoording ▪ De meerwaarde van de huidige organisatievorm is de brede expertise en werkervaring die de verschillende organisaties inbrengen in de jeugdteams; dit verhoogt de kwaliteit van de hulpverlening. ▪ Nadelen van de huidige organisatievorm zijn met name de onduidelijk structuur en onduidelijke verdeling van taken en verantwoordelijkheden tussen de gemeentelijke teammanagers en managers van de moederorganisaties; beiden ervaren te weinig mandaat en sturingsmogelijkheden om hun verantwoordelijkheden waar te kunnen maken.

17

In de voorliggende jaren 2018 en 2019 waren niet alle gezinscoaches SKJ geregistreerd, ten tijde van de evaluatie door een inhaalslag wel.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 51/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

▪

Aangedragen mogelijk geschikte alternatieve organisatievormen zijn gericht op het beleggen van de aansturing van de medewerkers bij één organisatie. Er zijn verschillende varianten benoemd: a) beleggen bij een consortium van welzijnen zorgaanbieders, b) geheel onderdeel van de gemeente maken als uitvoeringsafdeling of c) een construct waarbij de moederorganisaties de gezinscoaches detacheren aan de gemeente.

In de focusgroepen zijn de voor- en nadelen van de huidige organisatievorm besproken. Daarnaast zijn mogelijke alternatieve organisatievormen doorgenomen. 7.2.1 Voordelen De gezinscoaches benoemen in de focusgroep als groot voordeel van de organisatievorm de veelheid aan expertises en werkervaring in de teams. De gedragswetenschappers, gemeentelijke teammanagers en managers van de moederorganisatie sluiten hierop aan. Hun gedeelde conclusie is dat het belangrijkste voordeel van de netwerkorganisatie ligt in de aanwezige expertise en dat deze in de teams versterkt wordt doordat er uitwisseling van deskundigheid plaatsvindt. Dit verhoogt de kwaliteit van de hulpverlening en heeft meerwaarde voor de inwoners van Den Haag die bij opgroeien en opvoeden ondersteuning nodig hebben. De gezinscoaches noemen als ander voordeel dat de samenwerking met de jeugdgezondheidszorg, het voorliggend veld en de Wmo is verbeterd, mede als gevolg van de wijze waarop de jeugdteams georganiseerd zijn. De gemeentelijke teammanagers benoemen aanvullend dat door het werken met jeugdteams meer lokale bekendheid en verankering is gerealiseerd, waardoor de betrokkenheid in de stad is verhoogd; inwoners en professionals weten de jeugdteams steeds beter te vinden.

Ook zien ze het als voordeel dat de financiën worden gedragen door de moederorganisaties waarbij de teammanagers niet verantwoordelijk zijn voor personeelskosten. 7.2.2 Nadelen Gezinscoaches noemen de onduidelijke structuur als groot nadeel. Voor de gedragswetenschappers zijn de nadelen gelinkt aan de aansturing en beoordeling van medewerkers door de strikte scheiding tussen de manager van het team en die vanuit de moederorganisatie. Ook het verschil in beleid en beroepscodes tussen de organisaties en de gemeente bemoeilijkt het werk van de teams. Voor zowel de gemeentelijke teammanagers als managers van de moederorganisaties is de verdeling van verantwoordelijkheden en taken in de aansturing een groot knelpunt. De teammanagers geven aan dat zij in aanleg beschikken over de juiste sturingsmogelijkheden, zoals het dashboard en de prestatiedialoog. Tegelijkertijd ervaren zij geen mandaat om te kunnen handelen op het moment dat er iets spaak loopt of zich een probleem voordoet. Bijvoorbeeld wanneer een gezinscoach niet goed functioneert of moet re-integreren. In deze gevallen is het niet de teammanager die de

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 52/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

gesprekken met de gezinscoach voert, maar de manager vanuit de moederorganisatie. De gemeentelijke teammanagers geven aan dat zij door deze werkwijze niet kunnen doen wat zij zelf denken dat passend is voor die medewerker en daarmee uiteindelijk voor het team. De teammanagers voelen zich dus afhankelijk van de moederorganisaties. Deze afhankelijkheid is extra belemmerend doordat de moederorganisaties elk hun eigen werkwijze en -instructies hebben die vaak onderling, maar ook van die van de gemeente, verschillen. De teammanagers krijgen namelijk vanuit hun eigen directie instructies over waarop en hoe gestuurd moet worden. De teammanagers hebben hierdoor het gevoel dat ze in een driehoek moeten functioneren waarin ze soms op eieren moeten lopen. Deze constructie vergt veel afstemming, vertraagt de sturing en is niet bevorderlijk voor het smeden van een team dat tegen een stootje kan. ‘’Ik kan sturen op professionaliteit, maar eigenlijk kan ik niet sturen want ik heb nergens controle over. Ik ga namelijk niet over het functioneren van de coaches. Tegelijkertijd gaan we over alles. Zolang het goed gaat, kan je goed sturen. Zodra het mis gaat en er een conflict ontstaat, wordt het lastig.’’ Ook de managers van de moederorganisaties ervaren de verdeling van taken en verantwoordelijkheden binnen de huidige organisatievorm als onwerkbaar en inefficiënt.

Zoals reeds aangegeven is een groot knelpunt dat zij verantwoordelijk zijn voor de inhoud en kwaliteit van het werk van hun medewerkers terwijl ze daar nauwelijks zicht op hebben. Hun medewerkers functioneren in de jeugdteams immers onder de dagelijkse leiding van de gemeentelijke teammanagers. De verantwoorde werktoedeling en de mate waarin hun medewerkers daarbij casuïstiek krijgen toebedeeld die al dan niet aansluit op hun expertise is hierbij een belangrijk aspect. De werktoedeling vindt plaats in de teams en is medebepalend voor de mate waarin hun medewerkers het bieden van kwalitatief hoogwaardige hulpverlening kunnen waarmaken. Kortom, de managers van de moederorganisaties hebben geen sturing op de casuïstiek die hun medewerkers moeten oppakken terwijl ze uiteindelijk wel voor de inhoud verantwoordelijk zijn. De managers van de moederorganisaties geven in de focusgroep aan dat zij de huidige netwerkorganisatie ervaren als een opdrachtgever-uitvoerdersrelatie tussen de gemeente en de moederorganisaties. Daarbij ervaren ze de besluitvorming bij de gemeente als top-down en soms als ad hoc. Doordat de gemeente onder meer via de gemeentelijke teammanagers directe invloed heeft op de uitvoering in de jeugdteams worden er geregeld wijzigingen doorgevoerd waarin zij niet of beperkt betrokken zijn.

Hierbij gaat het om de mate van betrokkenheid én het gaat erom dat wijzigingen vaak tussentijds en soms ook politiek ingegeven worden doorgevoerd. Het is de organisatievorm die deze directe invloed van de opdrachtgever op de uitvoering – zonder dat hier een formele acceptatie van de opdrachtnemer c.q. de moederorganisaties voor nodig is – mogelijk maakt. De managers van de moederorganisaties pleiten dan ook voor meer partnerschap tussen de beide kanten

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 53/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

of voor een organisatievorm waarin het opdrachtnemerschap nadrukkelijk bij een organisatie is belegd en minder ad hoc beïnvloed wordt door politieke sturing. De gemeentelijke teammanagers noemen als aanvullend nadeel dat de gezinscoaches terwijl zij binnen het team als gelijkwaardig worden beschouwd – verschillende arbeidsvoorwaarden hebben. Ook zijn de doorgroeimogelijkheden beperkt. Alleen al het switchen naar een andere expertise maakt dat een gezinscoach van baan moet wisselen en bij een andere moederorganisatie in dienst moet treden.

7.2.3 Alternatieve organisatievormen In de focusgroepen zijn verschillende alternatieven organisatievormen kort aan bod gekomen. Duidelijk is dat men – zeker vanuit de gemeentelijke teammanagers en managers moederorganisaties – vanuit de ervaren knelpunten opteert voor een organisatievorm waarbij personeel en aansturing geheel bij één organisatie is ondergebracht. Vanuit dit uitgangspunt zijn verschillende varianten aan bod gekomen. Een eerste variant brengt alle gezinscoaches, gedragswetenschappers en gemeentelijke teammanagers van de jeugdteams onder bij de gemeente. Het wordt daarmee een omvangrijke gemeentelijke uitvoeringsorganisatie. Nadeel is dat men vreest voor verlies van diversiteit aan expertise, hetgeen nu juist als de meerwaarde van de jeugdteams wordt aangegeven. Een andere mogelijkheid is het onderbrengen van de jeugdteams binnen een stichting of consortium van welzijns- en zorgaanbieders. Hierbij zou de aansturing van de uitvoeringspraktijk c.q. de teammanagers niet langer bij de gemeente belegd zijn maar door het consortium worden ingevuld. Indien binnen deze variant de werkplek voor de Jeugdteams op de CJG locaties blijft, dan behoudt men de synergie met de andere onderdelen van het CJG/JMO, zoals de opvoedsteunpunten en Wmo.

Uit de focusgroepen kwam naar voren dat de teammanagers eerder mogelijkheden zagen in de gemeentelijke variant terwijl de managers van de moederorganisaties opteren voor de tweede variant. Bij beide varianten geldt als voordeel dat de gezinscoaches op dezelfde manier worden aangestuurd en gelijke arbeidsvoorwaarden kennen. De aanname is dat dit de stabiliteit en continuïteit vergroot. Je moet dan echter wel een manier vinden om de expertises te borgen. Daarnaast geldt dat aanpassing van de rechtspositie van medewerkers om een ingrijpende reorganisatie vraagt en dat medewerkers bereid moeten zijn om van werkgever te wisselen. Er is ook een derde variant ter sprake gekomen waarbij de gezinscoaches vanuit verschillende welzijns- en zorgorganisatie geleverd blijven worden, maar waarbij dit niet in de vorm van een netwerkorganisatie maar via detachering plaatsvindt. In deze vorm zijn de moederorganisaties verantwoordelijk voor het beschikbaar stellen van voldoende gekwalificeerde gezinscoaches maar vindt de volledige aansturing, inclusief P&O gerelateerde zaken en inhoudelijke verantwoordelijkheid, plaats door de gemeente. Deze variant lost het aansturingsvraagstuk op. De verschillende

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 54/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

arbeidsvoorwaarden tussen de gezinscoaches blijven bestaan, omdat ze bij de moederorganisaties in dienst blijven. Daarnaast is het, met de krapte op de arbeidsmarkt van zorg en welzijn, de vraag of moederorganisaties in staat en bereid zijn om voldoende personeel op detacheringsbasis te leveren aan de jeugdteams.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 55/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

8

Conclusies en verbetervoorstellen In dit hoofdstuk zijn de conclusies van de evaluatie (paragraaf 8.1) opgenomen, gevolgd door een aantal verbetervoorstellen (paragraaf 8.2).

8.1

Conclusies In de onderstaande conclusies worden de drie hoofdvragen van de evaluatie van de jeugdteams Den Haag beantwoord. Voor een uitgebreide beantwoording van de deelvragen verwijzen wij naar de voorliggende hoofdstukken 3 tot en met 7. A. Is de dienstverlening geleverd conform de eisen? B. Kloppen de percelen en klopt de hoeveelheid dienstverlening per perceel? C. Is de huidige organisatievorm geschikt?

De dienstverlening is in hoge mate geleverd conform de eisen, het verzuim is hoog (A) ▪

Gerealiseerde uren en kosten in hoge mate conform overeenkomsten We constateren dat de gerealiseerde uren en kosten18 in 2018 en 2019 in hoge mate overeenkomen met de afspraken zoals vastgelegd in de inkoop- en subsidieovereenkomsten. Op een totaal begrote inzet van ruim 202 fte gezinscoaches is in 2018 circa 5 fte minder (-2,5%) en in 2019 ruim 6 fte minder (-3,3%) ingezet. Ook de kosten laten een onderrealisatie zien (2018: -3,1%; 2019: -5,1%).

▪

▪

100% SKJ registratie Ten tijde van deze evaluatie zijn alle gezinscoaches SKJ geregistreerd. Op deze eis is een inhaalslag gepleegd, aangezien in 2018 en 2019 nog niet iedere gezinscoach een passende beroepsregistratie had. Hoog verzuim Het verzuim in de jeugdteams is hoog. Het gemiddeld gewogen verzuimpercentage

▪

lag in 2018 op 7,7% en in 2019 op 14,1%19. Op nagenoeg alle percelen is het verzuim in 2019 ten opzichte van 2018 gestegen. Positief oordeel over kwaliteit dienstverlening De respondenten beoordelen de kwaliteit van de hulpverlening overwegend positief. Aandachtspunt is de tijdigheid van de hulpverlening.

18

Dit betreft de door de gemeente Den Haag gemaakte kosten voor de inzet van gezinscoaches in de jeugdteams vanuit de moederorganisaties en de eigen organisatie. 19 Alleen daadwerkelijk geleverde uren zijn door de gemeente betaald. Het ziekteverzuim is door de moederorganisaties opgevangen.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 56/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Overall voldoende capaciteit op de percelen en goede aansluiting tussen caseload en expertise (B) ▪

Capaciteit op percelen over het algemeen voldoende, tekort op met name Veiligheid en Bescherming De capaciteit op de percelen wordt over het algemeen als voldoende ervaren. Er zijn echter percelen waarop men te weinig capaciteit ervaart. Alle respondentgroepen geven met stip aan dat er te weinig capaciteit beschikbaar is

▪

op het perceel ‘Veiligheid en Bescherming’, gevolgd door ‘Complexe Opvoedhulp’ en ‘Multiprobleem’. Verloop van gezinscoaches aandachtspunt Het verloop van gezinscoaches binnen de teams wordt door een deel van de respondenten als een knelpunt gezien. Een aantal gemeentelijke teammanagers geeft aan dat er binnen hun team specifieke expertise onvoldoende of helemaal

▪

niet aanwezig is. Dit wordt veroorzaakt door het verloop binnen de teams, waarbij de formatie niet altijd wordt aangevuld of soms met een andere expertise. Daarnaast doet een hoog verloop afbreuk aan de samenhang en ontwikkeling binnen een team. Ook wordt een gedegen inwerkprogramma voor nieuwe medewerkers gemist. Werkbelasting wordt wisselend ervaren De combinatie van onderrealisatie in geleverde inzet, hoog ziekteverzuim en verloop onder medewerkers vertaalt zich in een wisselend beeld over de ervaren werkbelasting. 62% van de gezinscoaches geeft aan voldoende tijd te hebben om hun werkzaamheden te verrichten tegen 48% van de gedragswetenschappers. 53%

▪

van de gemeentelijke teammanagers geeft aan met de huidige formatie de casuïstiek goed te kunnen afhandelen. Het beeld wisselt per team. Goede aansluiting tussen caseload en expertise Het merendeel van de gezinscoaches geeft aan dat hun caseload voor 60% of meer aansluit bij hun expertise. Men is daar doorgaans (zeer) tevreden over. Daarbij wordt het door de gezinscoaches als een verrijking gezien om ook casuïstiek op andere percelen te verrichten, indien dit het aansluit bij hun vaardigheden. Men geeft wel aan dat de deskundigheidsbevordering doorgaans verbetering verdient.

▪

Consultatie en advies van meerwaarde Van de consultatie en adviesfunctie wordt goed gebruik gemaakt. Nadeel is dat het niet geformaliseerd is. Dat maakt dat gezinscoaches voornamelijk vanuit een gevoel van verantwoordelijkheid en collegialiteit consultatie en advies geven. Gezinscoaches vinden consultatie en advies doorgaans een leuk onderdeel van hun werk, maar geven aan graag hiervoor meer ruimte te willen hebben omdat het in

▪

de praktijk veel tijd kost en het niet ten koste van hun caseload mag gaan. Verantwoorde werktoedeling is aandachtspunt

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 57/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Aangegeven is dat de percelen niet per se doorslaggevend zijn bij de toedeling van casuïstiek. Ook zaken zoals de prioriteit van een casus, de ruimte in de caseload of specifieke vaardigheden van gezinscoaches spelen een rol. De managers van de moederorganisaties vinden het onwerkbaar om op inhoud verantwoordelijk te zijn, temeer hun gezinscoaches ook op andere percelen worden ingezet. De gemeentelijke teammanagers geven een verschillend oordeel over de verantwoorde werktoedeling, sommigen zijn positief, andere geven aan dat het niet werkt. Binnen de huidige organisatievorm is de diversiteit aan expertise van grote waarde, de verdeeld belegde verantwoordelijkheid voor gezinscoaches werkt contraproductief (C) ▪

Diversiteit aan expertise als grootste kracht Alle betrokkenen zien grote meerwaarde in de diversiteit van specialismen aanwezig in de Jeugdteams. De kwaliteit van de ondersteuning is verbeterd en de afwisseling wordt als verhogend voor het werkplezier ervaren. Werken vanuit de Jeugdteams heeft de aansluiting van de verschillende expertises op het

▪

voorliggende veld en aansluitende sociale domeinen als WMO versterkt. Samenwerking is aandachtspunt De managers van de moederorganisaties zien verbetering maar voelen zich alsnog onvoldoende betrokken bij de ontwikkelingen binnen het jeugdteam en de gemeente. Ook gezinscoaches geven aan afstand te ervaren tussen beleid en uitvoering.

▪

Verantwoordelijkheidsverdeling als belangrijkste knelpunt Uit de evaluatie komt naar voren dat er voldoende aanleiding is om de huidige organisatiestructuur tegen het licht te houden. Naast de ervaren beperkte mate van partnership, wordt vooral de verdeelde verantwoordelijkheid in de ondersteuning en aansturing van de gezinscoaches als niet prettig en contraproductief ervaren. Zowel gemeentelijke teammanagers als managers van moederorganisaties ervaren een formele verantwoordelijkheid, die zij in de praktijk niet kunnen waarmaken.

8.2

Verbetervoorstellen Tijdens de focusgroepen zijn aandachts- en verbeterpunten voor de Jeugdteams Den Haag opgehaald. Onderstaand zijn die aandachts- en verbeterpunten opgenomen waarvan wij als onderzoekers op basis van de uitkomsten van deze evaluatie menen dat ze relevant en passend zijn. Het zijn verbetervoorstellen waarvan wij adviseren om er mee aan de slag te gaan ter verbetering van de kwaliteit en het proces van de jeugdteams Den Haag.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 58/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

Investeer in de gezinscoaches en gedragswetenschappers ▪

Benader de gezinscoaches niet enkel als onderdeel van een perceel, maar maak ruimte voor hun drive, talenten, vaardigheden en handelingsrepertoire als gezinscoach (los van het perceel of specifieke expertise).

▪

Leer van elkaar binnen én tussen de teams; door intervisie binnen de teams en door stedelijke uitwisseling, opleiding en (thema)bijeenkomsten tussen de teams. Dit zorgt eveneens voor een meer gedeeld en ingebed kader.

▪

Verbeter de deskundigheidsbevordering vanuit de moederorganisaties, waarbij de moederorganisaties structureel en voldoende inzetten op het actueel houden van kennis en vaardigheden van hun gezinscoaches.

▪

Investeer in nieuwe medewerkers. Om ervoor te zorgen dat (nieuwe) collega’s zich gesteund voelen in hun werk en behouden blijven, dient een inwerkprogramma te worden ontwikkeld en kan intervisie of de koppeling aan een meer ervaren gezinscoach een oplossing bieden. Zorg dat de begeleiding, en de daarvoor benodigde tijd, van de nieuwe medewerkers door de meer ervaren gezinscoaches wordt geformaliseerd.

Verbeter de samenwerking ▪

Partnership: creëer meer ruimte voor wederkerigheid tussen uitvoering, management en beleid. Maak ruimte voor ideeën vanaf werkvloer; bied gezinscoaches en gedragswetenschappers de mogelijkheid om verbeteringen op kwaliteit en proces aan te dragen. Betrek medewerkers bij de uitwerking van

▪

ontwikkelingen en opgaven die vanuit beleid en bestuur worden ingezet. Versterk de verbinding tussen de moederorganisaties en de gemeente Den Haag. Ga verder op de ingeslagen weg waarbij de moederorganisaties bij relevante ontwikkeling meer intensief en vroegtijdig worden betrokken. Zorg daarbij dat het speelveld helder is binnen de opdrachtgever – opdrachtnemer relatie.

Schep een helder kader ▪

▪

Zorg voor stadsbrede werkinstructies en implementatierichtlijnen voor een meer eenduidige manier van werken. Realiseer daarbij een goede inbedding en consequent gebruik van de instructies en richtlijnen. Heb aandacht voor de taak- en verantwoordelijkheidsverdeling tussen de

▪

gemeentelijke teammanagers en managers van de moederorganisaties. Formuleer gezamenlijk een visie op leiderschap en de wijze waarop medewerkers in de jeugdteams worden aangestuurd.

Formatie ▪

Geef de gemeentelijke teammanagers een stem in de manier waarop vanuit de moederorganisaties en JMO medewerkers worden ingezet en geplaatst binnen

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 59/60

RadarAdvies | bedreven in beter samenleven

de jeugdteams. Zorg dat – binnen de huidige constellatie – de gemeentelijke

▪

▪

teammanagers mede invulling kunnen geven aan (de samenstelling van) hun team. Formaliseer de tijd voor consultatie en advies. Dit onderdeel wordt ervaren als van meerwaarde voor de kwaliteit van de ondersteuning en als verrijkend voor het werk, mits de gezinscoaches er voldoende tijd voor hebben. Zorg voor een formatie per team en daarbinnen per perceel die beter aansluit op de vraag van het gebied waarin een jeugdteam actief is. Zorg in tijden van schaarste c.q. een tekort aan gezinscoaches - al dan niet op een bepaald perceel voor het evenredig verdelen van de lasten c.q. het tekort.

Organisatievorm ▪

Start een gezamenlijk traject om tot een meer passende organisatievorm te komen. Zorg hierbij voor een goede representatie vanuit zowel de moederorganisaties als de gemeente en vanuit zowel uitvoering, management als beleid. Ga daarbij uit van de kracht en meerwaarde van de jeugdteams (de diversiteit aan expertise) en van de synergie met de verschillende onderdelen van de JMO en zorg minimaal voor een oplossing voor het verantwoordelijkheidsen aansturingsvraagstuk.

______________________________________________________________________________ 30-06-2020 | RadarAdvies | Evaluatie jeugdteams Den Haag 60/60

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10566949/1