RIS309865 Bijlage
Tekst van het document
belanghebbenden bij de ontwikkelingen. De gemeente sluit bij deze informatiemomenten aan. Om initiatiefnemers te helpen bij de communicatie met belanghebbenden heeft de gemeente de “Handreiking communicatie particuliere bouwinitiatieven” opgesteld. Deze is als bijlage aan dit planuitwerkingskader toegevoegd.
7.2 Communicatie en participatie voorafgaand aan het Planuitwerkingskader In het “Participatie- en communicatieplan CID” (RIS303004) is op 5 juli 2019 vastgesteld dat voor een PlanUitwerkingsKader (PUK) er geparticipeerd moet worden door te adviseren. Voorafgaand aan de vaststelling van het PUK moet de initiatiefnemer dus al in gesprek met omgeving. Dit houdt het volgende in: • Particulier initiatiefnemer is verantwoordelijk voor de participatie met omwonenden. Initiatiefnemer organiseert het samenstellen van een klankbordgroep/panel. Vooraf moet helder zijn, wat de kaders zijn waarover wordt geraadpleegd. • Gemeente faciliteert (bijvoorbeeld de stedenbouwkundige inpassing) en beoordeelt aan de hand van de stedelijke kaders en richtlijnen. De initiatiefnemer bepaalt zelf het niveau en
60
PLANUITWERKINGSKADER
• De communicatie moet aansluiten op en afgestemd worden met de integrale communicatie-inspanningen van de gemeente voor de projecten rond Den Haag Centraal (Policy Campus/ Rondje Centraal). Er wordt verwacht dat er – zo nodig meebewogen wordt met andere partijen in de omgeving die bouwen en/of ontwikkelen, in belang van de integrale communicatie. Aan bovenstaande eisen is tijdens de drie participatieavonden voldaan door de initiatiefnemers. 7.2.1 Belanghebbenden, standpunten en stappen De volgende stappen worden doorlopen om de meningen van belanghebbenden te waarborgen: 1. Er wordt een eerste informatieavond georganiseerd waarop het plan door de ontwikkelaar wordt gepresenteerd. De gemeente is hierbij ook aanwezig en licht haar kaders/
Van belang daarbij zijn de volgende stappen in de communicatieaanpak: • Breng alle belanghebbenden in kaart en inventariseer ze. Zoek eerst contact met de direct belanghebbenden. Op www. denhaag.nl vindt u per stadsdeel een overzicht van organisaties in de wijken. Bedenk of u aan bepaalde belangen tegemoet wilt komen door uw plan aan te passen. • Breng in kaart wat mogelijke gevoeligheden zijn en bepaal hoe communicatie een bijdrage kan leveren om deze op te lossen. Bespreek uw bevindingen met uw contactpersoon bij de gemeente. • In het communicatie- & participatieplan CID (waarin deze locatie zich bevindt) is vastgesteld dat voor het PUK de particulier initiatiefnemer op het niveau van ‘adviseren’ een participatietraject moet laten lopen. De initiatiefnemer is vrij in de keuze waarop geadviseerd kan worden, maar moet liggen binnen de invloedssfeer van de initiatiefnemer. Een voorbeeld is de invulling van de stedelijke plint. Hier ligt immers de grootste relatie met de (openbare) leefomgeving en het gebruik van de openbare ruimte. • Bepaal uw strategie voor participatie en communicatie op basis van de voorgaande stappen.
uitgangspunten toe. Na afloop van deze avond krijgen aanwezigen en ook andere belanghebbenden, de mogelijkheid om onderwerpen/opmerkingen door te geven, waarvan zij vinden dat die aandacht vragen/verdienen in en tijdens de ontwikkeling van het project. 2. Er wordt een tweede en derde informatieavond georganiseerd, waarbij deze thema’s door belanghebbenden kunnen worden verdiept. Tijdens de verdieping vindt er zo mogelijk gelijk terugkoppeling plaats op de inbreng. 3. Deze verzamelde onderwerpen worden door de gemeente beoordeeld en ingedeeld op thema. De gemeente beoordeelt de verzamelde onderwerpen op basis van gezamenlijke belangen en weegt deze belangen in samenhang af. Daarnaast wordt gekeken of het onderwerpen zijn die de gemeente kan afdwingen bij een toekomstige ontwikkeling, of dat zij als redelijk dringend advies aan de initiatiefnemer worden meegeven. Deze thema’s zijn als bijlage bij deze PUK gevoegd. 4. Uiteindelijk moet de ontwikkelaar een aantal thema’s uitwerken in een participatietraject, op het niveau ‘adviseren’.
7.3 De uitwerking van de ontwikkeling Voorafgaand aan de besluitvorming voor het PUK hebben de eigenaren van de locatie een participatieproces gelopen, zoals vermeld in paragraaf 7.2. De informatie die daaruit naar voren is gekomen, is ter informatie in de bijlagen van dit PUK opgenomen. De thema’s die door de participanten als belangrijk zijn aangemerkt, moeten een invullingen krijgen bij het vervolgproces. Tijdens de uitwerking van de ontwikkeling moet de initiatiefnemer de omgeving en belanghebbenden blijvend betrekken. De initiatiefnemer stelt een adviescommissie samen, waarin de thema’s bij de ontwikkeling van het plan, in samenspraak met de ontwikkelaar worden uitgewerkt. De commissie adviseert. De leden van de adviescommissie moeten daarbij het meerderheidsbelang dienen, maar ook de minderheid mee nemen in de adviezen. De commissie moet ook oog hebben voor de belangen van de initiatiefnemer en kijken naar wat redelijkerwijs in het maatschappelijke en economische verkeer mogelijk is. De commissie moet bestaan uit een groep vertegenwoordigers met diverse achtergrond. De minimale grootte van de adviescommissie is 9 personen, er is geen maximum. De vorm van de commissie staat de initiatiefnemer vrij in te vullen. De initiatiefnemer heeft verder de plicht de omgeving actief en regelmatig te informeren.
Ook hier geld weer dat de communicatie moet aansluiten op en afgestemd moet worden met de integrale communicatieinspanningen van de gemeente voor de projecten rond Den Haag Centraal (Policy Campus/Rondje Centraal). Er wordt verwacht dat er – zo nodig - meebewogen wordt met andere partijen in de omgeving die bouwen en/of ontwikkelen, in belang van de integrale communicatie.
PLANUITWERKINGSKADER
61
8. FINANCIERING EN UITVOERINGSASPECTEN 8.1
Financiering
De locatie is volledig privaat eigendom en de ontwikkeling vindt volledig voor rekening en risico van de initiatiefnemer plaats. Voor deze ontwikkeling is een herinrichting van een deel van de omliggende openbare ruimte noodzakelijk. De herinrichting van en de aansluiting op de bestaande openbare ruimte komt voor rekening van de ontwikkelaar en moet conform het “Handboek openbare ruimte” worden uitgevoerd. Daarnaast zullen er (plan) kosten worden gemaakt voor de noodzakelijke ambtelijke inzet in verband met de beoordeling van dit privaatrechtelijke initiatief. Ook zal een eventuele planologische inpassing kunnen leiden tot voor vergoeding in aanmerking komende schade ex artikel 6.1 Wro (planschade). Kostenverhaal Bij de vaststelling van het bestemmingsplan voor een particuliere ontwikkeling dient de gemeente te borgen dat de kosten die de gemeente maakt voor o.a. de aanleg van
van planschade. De gemeente kan deze kosten verhalen
overeenkomst, is de gemeente verplicht een exploitatieplan
door een exploitatieplan op te stellen, maar het sluiten van
op te stellen op grond waarvan de exploitatiekosten bij u in
een anterieure overeenkomst geeft vooraf zekerheid voor alle
rekening worden gebracht.
partijen en heeft sterk de voorkeur. Hierover is reeds gesproken in de overleggen tussen gemeente en ontwikkelaar.
Wij benadrukken dat tegen vaststelling van Dit betekent dat een anterieure (voor vaststelling
bestemmingsplannen, omgevingsvergunningen en alle
bestemmingsplan of voor verlening van de
andere besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht
omgevingsvergunning indien er een uitgebreide Wabo
belanghebbenden bestuursrechtelijke rechtsmiddelen van
procedure gevoerd gaat worden) exploitatieovereenkomst
bezwaar en/of beroep kunnen instellen. Hiervoor is de
zal worden gesloten met de initiatiefnemer waarin voor
gemeente nimmer aansprakelijk.
de niet gedekte kosten een exploitatiebijdrage zal worden overeengekomen, door initiatiefnemer te voldoen aan de gemeente. Het sluiten van een anterieure overeenkomst is noodzakelijk voordat een omgevingsvergunning kan worden verleend. Als deze afspraken gemaakt zijn is het kostenverhaal vooraf volledig verzekerd en kan het besluit worden genomen om geen exploitatieplan vast te stellen.
bovenwijkse voorzieningen, ondergrondse-en bovengrondse
Financiën in het vervolgproces
infrastructuur, plankosten en planschade worden verhaald
Het PUK geeft de kaders om het plan verder te ontwikkelen.
op de initiatiefnemer (afd. 6.4 Wro). Dit initiatief betreft een
Voor de uiteindelijke realisatie van uw plan dient u de verdere
complex met 2 torens met een maximale hoogte van circa
procedure te volgen via het Omgevingsloket. U dient dan een
180 meter. In de stedelijke laag zullen naast de noodzakelijke
aanvraag voor een omgevingsvergunning in. Uw plan wordt
gebouw functies ook nog andere voorzieningen worden
vervolgens beoordeeld op een goede ruimtelijke onderbouwing,
gerealiseerd. De ontwikkeling is hiermee een bouwplan in de
de aanpassing van het bestemmingsplan en de bijbehorende
zin van art. 6.2.1 van het Bro. Hiermee is afdeling 6.4 Wro van
verzekering van het kostenverhaal. De gemeente brengt
toepassing. Omdat het bij deze ontwikkeling private percelen
hiervoor separaat de kosten bij u in rekening.
betreft en er nog geen anterieure overeenkomst is gesloten, is
De verzekering van het kostenverhaal is de verrekening van
het kostenverhaal nog niet anderszins verzekerd.
kosten voor het mogelijk maken van de ontwikkeling. De gemeente is op grond van artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke
62
De gemeente is verplicht het kostenverhaal te verzekeren.
ordening verplicht deze kosten bij u in rekening te brengen bij
Het betreft hierbij zowel gemeentelijke plankosten,
het opstellen van een nieuw juridisch-planologisch kader.
uitvoeringskosten en toe te rekenen bovenwijkse kosten die zij
Het uiteindelijke bedrag van de bij u te verhalen kosten
maakt om het gebied te transformeren zodat de ontwikkeling
leggen wij – zoals hierboven is beschreven - met u vast in een
mogelijk wordt. Bovendien zullen we bijzondere afspraken
anterieure overeenkomst. Indien de gemeente niet met u tot
willen maken met de initiatiefnemer waaronder het afwentelen
overeenstemming komt over het sluiten van een anterieure
PLANUITWERKINGSKADER
Voorbehoud gemeente
8.2
Juridisch-planologische procedure
Op basis van dit PUK kan de initiatiefnemer zijn planvoorstel verder uitwerken richting een omgevingsvergunning. De initiatiefnemer is er zelf voor verantwoordelijk dat zijn planuitwerking voldoet aan de kaders uit het PUK. Uiteraard
De bundeling van wetten en regelingen voor ruimte, wonen,
(gewijzigd) bestuurlijk besluitvormingsproces en externe
infrastructuur, milieu, natuur en water heeft grote impact op de
omstandigheden kunnen, ondanks de ambtelijke inspanningen
bestaande processen, uitgangspunten, werkwijzen en eisen.
ten behoeve van uw planvorming, de totstandkoming en de
Eén Omgevingswet moet leiden tot een eenduidige aanpak van
inwerkingtreding van het nieuwe juridisch-planologische regime
het omgevingsrecht.
beïnvloeden. Hiervoor is de gemeente nimmer aansprakelijk.
blijft de initiatiefnemer ook zelf verantwoordelijk voor al die
In 2016 is de Omgevingswet aangenomen en gepubliceerd.
aspecten die niet in dit PUK zijn geregeld. De vigerende wet- en
De vier algemene maatregelen van bestuur (AMvB’s) werden
regelgeving blijven van toepassing.
in augustus 2018 gepubliceerd. Nu wordt gewerkt aan de
Voor het gebied van het CID wordt een plan-MER doorlopen die uitspraken doet voor onder andere dit project en mogelijk tegen welke voorwaarden het uitgevoerd kan worden. Zie paragraaf 6.6.8 over de de project-MER voor Bellevue. De procedurele
ministeriële regeling, de Invoeringswet en onderliggende regelgeving en de aanvullingswetten en onderliggende regelgeving. De Omgevingswet treedt op 1 januari 2022 inwerking.
stappen die voor de vormvrije m.e.r-beoordeling gelden
In de Invoeringswet wordt het overgangsrecht geregeld
zijn opgenomen in paragraaf 7.6 Wet milieubeheer. Dit zijn
waardoor er een soepele overgang ontstaat tussen bestaande
dezelfde verplichtingen als bij de formele m.e.r.-beoordeling.
en nieuwe wetten. Zo wordt met het overgangsrecht het
Met uitzondering van het bekendmaken van het m.e.r.-
bestemmingsplan van de gemeente gelijk gesteld met het
beoordelingsbesluit
omgevingsplan. Daarmee heeft de gemeente op het moment
procedure na vaststelling PUK en plan-MER CID: Het project Bellevue kan juridisch-planologisch mogelijk worden gemaakt op de volgende drie manieren: • PUK->eventuele project-MER->uitgebreide WABO-procedure • PUK->eventuele project-MER->omgevingsplan-> WABO • PUK->eventuele project-MER->coördinatieplan met WABO
dat de Omgevingswet in werking treedt dus in formele zin een omgevingsplan. Gedurende de overgangstermijn kan de gemeente het omgevingsplan ‘in naam’ dan omvormen naar een volwaardig omgevingsplan. Dat is nodig want in het bestemmingsplan staan alleen ruimtelijke regels, maar in het omgevingsplan zullen uiteindelijk veel meer regels staan, denk daarbij bijvoorbeeld aan regels over milieu en erfgoed. Ook
Het is wenselijk om hiervoor voorafgaande aan het formele
regelt het overgangsrecht hoe procedures die onder het ‘oude’
vergunningentraject een ‘beginselplanprocedure’ te doorlopen.
recht zijn gestart na de inwerkingtreding van de Omgevingswet
Deze dient als vroegtijdige toetsing door de gemeente, bij
moeten worden afgehandeld.
plannen die niet in de huidige bestemming passen. Een beginseluitspraak helpt om in een vroegtijdig stadium mogelijke risico’s en knelpunten duidelijk te krijgen en de nodige adviezen te verzamelen, die bij de verdere planuitwerking kunnen worden gebruikt.
Voorbehoud gemeente Tegen de vaststelling van ruimtelijke besluiten, omgevingsvergunningen en alle andere besluiten in de
Omgevingswet
zin van de Algemene wet bestuursrecht belanghebbenden
De Omgevingswet bundelt 26 bestaande wetten voor onder
bestuursrechtelijke rechtsmiddelen van bezwaar en/of
meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur.
beroep kunnen instellen. Eventuele gerechtelijke procedures,
PLANUITWERKINGSKADER
63
8.3
Planning en fasering
De beoogde planning Nadat in 2020 het participatietraject is doorlopen kan de PUK bestuurlijk worden vastgesteld. Ontwikkelaar zal vervolgens de bouwplannen verder uitwerken. Afhankelijk van voortgang en te voeren juridisch-planologische procedures kan de procedure wellicht voor invoering van de Omgevingswet in 2021 worden doorlopen. Vooralsnog is de beoogde start in 2023 voorzien voor fase 1. Fase 2 volgt mogelijk later, maar wordt wel in één bouwstroom uitgevoerd. Procedure Buitenruimte Voor de herinrichting van de openbare ruimte dient na vaststelling van de PUK een aparte procedure te worden doorlopen. Onderdeel hiervan is het voorleggen van het plan in de verschillende ontwikkelstadia aan Vooroverleg over Verkeerszaken (VOV) en de Adviescommissie Openbare Ruimte (ACOR)
8.4 Omgevingsveiligheidsplan
8.5 Leefbaarheid tijdens de bouw
Bouwveiligheid
Als er gebouwd wordt in de stad is de dynamiek groot. Vooral bij hoogbouw, omdat dit vaak grootschalige en meerjarige projecten zijn. Een goede uitstraling van een bouwplaats, een goede invulling bij eventuele leegstand en een goede bereikbaarheid zijn belangrijk, zodat de leefomgeving ook in tijdelijke situaties haar kwaliteit behoudt.
Het project moet de BVC-procedure volgen. Informatie daarover is te vinden op www.denhaag.nl/bvc. 18 maanden voor de start bouw moet een hoofdlijnenplan en 9 maanden voor de start bouw moet een BVC-plan worden voorgelegd aan het SBO. Bij hoogbouw worden veiligheidseisen gesteld t.a.v. bouwen sloop. Hiervoor geldt de Landelijke Richtlijn Bouw- en
Voor het realiseren van het project Bellevue dient de gemeente
Sloopveiligheid d.d. 15 mei 2018 (RIS 299692).
Den Haag op een verantwoorde en veilige manier bereikbaar
Om te kunnen beoordelen of het project Bellevue op deze
te blijven rekening houdend met de hulpverlening instanties,
binnenstedelijke locatie op een verantwoorde wijze te realiseren
voetgangers, fietsers en het overige (vaar-)verkeer. Om
is, zal vooraf een bouwveiligheidsplan in hoofdlijnen bij de
hierin duidelijkheid te krijgen dient de ontwikkelaar van het
Dienst Stedelijke Ontwikkeling ingediend moeten worden. Het
bouwproject Bellevue vooraf het initiatief tot bouwen ter
bouwveiligheidsplan zal dan worden getoetst aan de Landelijke
beoordeling voor te leggen in het Stedelijk Bereikbaarheid
Richtlijn bouw- en sloopveiligheid van de gemeente Den Haag
Overleg (SBO). In dit overleg zal het bouwproject Bellevue
welke op 15 mei 2018 door Burgemeester en wethouders is
getoetst worden op wat de gevolgen zijn voor de bereikbaarheid
vastgesteld. De initiatiefnemer heeft in 2019 reeds een concept
van de stad Den Haag in relatie tot de uitvoering van andere
BVC-plan op hoofdlijnen gepresenteerd waar het SBO positief
grote projecten binnen de gemeente.
op heeft gereageerd.
Verdichting betekent langdurige hoogbouwprojecten en tijdelijke
Het doel van een bouwveiligheidsplan is het vooraf inzichtelijk
aanpassingen aan de buitenruimte. Dit zal voor meer mensen,
maken of een beoogd initiatief veilig en verantwoord, in
op meer plekken en met betrekking tot meer systemen overlast
zijn relatie tot de directe omgeving en de openbare ruimte,
opleveren. Dit vraagt om een goede planning, een duidelijke
gerealiseerd wordt. In het bouwveiligheidsplan staat vermeld
communicatie met de omgeving en transparantie over de
hoeveel openbare ruimte benodigd is in relatie tot de hoogte
impact op de stad.
van het gebouw tijdens de uitvoering van de werkzaamheden.
De uitvoering, het gebruik, de inrichting en het beheer van
Op de site van Vereniging van bouw- en woningtoezicht staat
de openbare ruimte moet ook in de bouw- en ontwikkelfase
een risicomatrix wat als hulpmiddel kan fungeren.
voldoen aan een basisniveau dat voldoet aan de ambities van
Zie www.bwtinfo.nl
het CID.
Voor het in gebruik nemen van de benodigde openbare ruimte dient separaat een procedure gevolgd te worden om een
Verkeersaspecten tijdens de bouw
instemmingsbesluit te verkrijgen. Vanwege het feit dat ook in
De ontwikkeling van de Bellevuelocatie middels een bouwplan
de nabijheid van het HTM-tracé gewerkt gaat worden dient op
van deze omvang heeft impact op de omgeving. Aan eisen ten
basis van Wet Lokaal Spoor toestemming verleend te worden
aanzien bouwveiligheid,bouwlogistiek en werkterrein moet in
door de Metropoolregio Rotterdam Den Haag.
64
PLANUITWERKINGSKADER
een BLVC-plan worden voldaan en zijn met name belangrijk richting het verdere proces van bouwvoorbereiding. Echter de schaal van het project maakt dat de gemeente ook al in deze PUK kaders wil opnemen ten aanzien van de invloed op de openbare ruimte. Belangrijke uitgangspunten tijdens de bouwfases zijn: • Het tramverkeer wordt niet beperkt tijdens de bouw. • De Bezuidenhoutseweg blijft tijdens de bouw open voor fietsverkeer in twee richtingen. • De Rijnstraat blijft tijdens de bouw open voor fietsverkeer in twee richtingen, indien dit niet mogelijk is een veilig alternatief via de Oranje Buitensingel noodzakelijk. • De Bezuidenhoutseweg is een aanrijdroute voor de Nooden Hulpdiensten wat betekent dat de deze eisen stelt aan de beschikbaarheid van deze route. • De Bezuidenhoutseweg en in het verlengde daarvan Herengracht is een bevooradingsroute en onderdeel van de parkeerroute, een goed circulatie plan icm met routes voor het bouwverkeer is noodzakelijk om de bereikbaarheid van de omgeving van de Herengracht te waarborgen. • Rekening houden met de beperkingen op de locatie van de Koningstunnel.
PLANUITWERKINGSKADER
65
Disclaimer beeldrechten Bij het opstellen van dit document is fotomateriaal gebruikt waarbij we ons uiterste best de rechthebbenden van fotomateriaal te achterhalen en te vermelden. Mocht het desondanks zo zijn dat u aanspraak denkt te hebben op fotorechten, dan verzoeken we u vriendelijk contact op te nemen.
Colofon
Vastgesteld door college van B&W op 15 december 2020 RIS307191 Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Stedenbouw & Planologie