RIS309550 Bijlage
Tekst van het document
33
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
Het totaalaanbod aan participatietrainingen wordt opgenomen op het gemeentelijke trainingsplatform (LOES) en is vanaf het najaar 2021 beschikbaar. Ook bewoners kunnen ondersteund worden bij participatietrajecten, bijvoorbeeld met trainingen of workshops. Het ondersteuningsaanbod voor bewoners wordt besproken met de bewonersorganisaties, PEP en andere aanbieders. Voor het eind van het jaar wordt een overzicht verspreid van de verschillende manieren waarop bewoners(organisaties) ondersteund kunnen worden.
4 Pool van participatieprofessionals Een pool van participatieprofessionals die participatieprojecten vanuit de gemeente, van bewoners en van particuliere ontwikkelaars ondersteunen. Het Netwerk Haags Samenspel bestaat uit 132 participatieprofessionals binnen de gemeente Den Haag. Expertise en ervaring van deze ambtenaren zijn vastgelegd waarmee bekend is waar zij goed in zijn en ook waar zij leervragen over hebben op het vlak van participatie. Deze inzichten worden verwerkt in een brede toolkit. De interne expertise, kennis en kunde wordt zo op centraal gebundeld en kan worden ingezet door andere collega’s. Daarnaast wordt er gewerkt aan een pool met externe participatie professionals die kunnen ondersteunen bij participatievraagstukken. Er zijn verkennende gesprekken gevoerd met een tiental experts. Deze experts kunnen worden ingezet bij de uitvoering van participatieprojecten. Daarbij worden afspraken gemaakt over de kwaliteitskaders die Haags Samenspel hanteert en de manier waarop de kennis wordt geborgd in de stad. In het najaar 2021 wordt geëxperimenteerd met deze aanpak. Bij succes kan de pool worden uitgebreid.
5 Brede toolkit voor (online) participatie Een brede toolkit voor online participatie die ambtenaren en bewoners kunnen gebruiken om bewoners online te betrekken. Den Haag heeft in 2019 als eerste gemeente in Nederland het open source participatieplatform OpenStad hergebruikt. Gemeente Amsterdam heeft OpenStad ontwikkeld om eenvoudig interactieve websites maken voor participatietrajecten. Het platform bevat widgets die speciaal zijn ontwikkeld om inwoners op een interactieve manier meer invloed en zeggenschap te geven op wat er in hun stad of wijk gebeurt. Denk bijvoorbeeld aan een online stemtool, manieren om plannen in te sturen, een tool waarmee bewoners budget kunnen toewijzen aan plannen voor de wijk en een keuzewijzer voor bijvoorbeeld complexe openbare ruimteprojecten. Het platform is in Den Haag ingezet voor 24 online participatietrajecten. Van wijkbudgetten en wijkagenda’s tot herinrichtingen, gebieds ontwikkelingen en projecten in de openbare ruimte. < INHOUD
34
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
OpenStad wint de GemeenteDelers-prijs 2021, de landelijke competitie van de VNG voor het delen en vermenigvuldigen van waardevolle gemeentelijke initiatieven. OpenStad is uit 64 inzendingen als winnaar uit de bus gekomen in de categorie ‘Externe Dienstverlening’. De jury vindt het een enorm sterke casus met uitgebreide documentatie en meetbare resultaten; een inzending waar het enthousiasme vanaf spat. De jury is van mening dat deze manier van het organiseren van participatie de samenleving inclusiever en democratischer kan maken. Sterk punt vindt de jury dat de tool herbruikbaar, schaalbaaren breed toepasbaar is voor allerlei trajecten waarin inwoners betrokkenheid gewenst is.
Open Stad wordt continu doorontwikkeld. Zo wordt er momenteel geëxperimenteerdmet toepassingen op aanvraag van particuliere ontwikkelaars(Gebiedspaspoort Maanweg) en op aanvraag van bewoners (herontwerp Sweelinckplein). Op basis van de lessen uit deze experimenten wordt het instrumentarium aangepast. Open Stad kan worden gezien als een toolbox voor online participatie, maar er zijn ook andere online tools beschikbaar. Denk aan digitale enquêtes via denhaag.nl, digitale bijeenkomsten via Studio B of digitale werkgroepen of commissies via MS Teams. Er wordt onderzocht of bewonersorganisaties, bewonersgroepen en mogelijk ook particuliere ontwikkelaars behoefte hebben om gebruik te maken van deze online tools en wat nodig is om deze beschikbaar te maken.
< INHOUD
35
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
6 Een participatieprofiel : structurele participatie-infrastructuur per wijk De contouren van een participatieprofiel (aanpak, tools en kanalen) per wijk, zodat elk participatieproces qua aanpak aansluit op de behoefte van wijkbewoners. Participatie is maatwerk. In elke wijk is het anders. De meeste participatieprocessen vinden plaats in een wijk of een buurt georganiseerd door een dienst in samenwerking met het stadsdeel. Daarbij is de dienst verantwoordelijk voor de participatie, maar het stadsdeel kent het netwerk en de verschillende belangen en kanalen van de wijk het beste. De coördinatie tussen verschillende participatieprocessen in een wijk ligt dan ook bij de stadsdelen. Dit is belangrijk om te voorkomen dat bewoners worden overvraagd en om te zorgen dat duidelijk is wie, wanneer, waarvoor wordt gevraagd. Voor deze coördinatie wordt gewerkt aan een pilot voor de ontwikkeling van een participatieplatform op gebiedsniveau. Dit platform wordt ontwikkeld voor de vier gebiedsontwikkelingen (Zuidwest, Binckhorst, CS/Laan van NOI en HS/Laakhavens) en de wijk Mariahoeve. Het is een pilot. Naar verwachting is het platform eind 2021 beschikbaar. Bij de ontwikkeling wordt gezorgd dat het aansluit op de gemeentelijke website en er mogelijkheid is om het platform uit te breiden.
Via het platform kunnen inwoners enerzijds geïnformeerd worden over projecten en plannen die in hun omgeving spelen. Anderzijds biedt het platform ook participatiemogelijkheden zoals een enquête, peiling en andere interactieve functies. De wijkprofielen die bij het maken van wijkagenda worden opgesteld kunnen onderdeel zijn van de platforms. In het wijkprofiel staan kwantitatieve en kwalitatieve data over de wijk en een uitgebreide stakeholder- en doelgroepenanalyse van de wijk. Dit profiel vormt een goede basis voor participatieprocessen in die wijk. Aangevuld met behoefte- en gebruikersonderzoek via de Stadskamer.
7 Voorstel volgend college: borging Een voorstel voor een volgend college voor borging van de Haagse werkwijze in de organisatie en sturing van de gemeente, zodat de kwaliteit van participatie in Den Haag hoog blijft. Team Haags Samenspel legt de basis neer voor een Haagse Werkwijze voor participatie. Met duidelijke spelregels, een kompas en verschillende instrumenten die uiteindelijk worden vastgelegd in een Participatieverordening. Maar een papieren verordening is nog geen werkwijze. Daarom wordt ingezet op leren en professionaliseren met bouwstenen als: een netwerk, een leerplatform, een pool, een toolkit en een leeraanbod. Met deze bouwstenen geeft Haags Samenspel invulling aan een lerende aanpak.
< INHOUD
36
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
Het is belangrijk dat die lerende participatie-aanpak onderdeel wordt van de werkwijze van de hele gemeente. Alleen dan kan de kwaliteit van participatie worden verbeterd. Borging van de Haagse werkwijze binnen stadsdelen en diensten kan op verschillende manieren. Bijvoorbeeld via HR-instrumenten, door middel van participatie-budgetten of door middel van een evaluatie-methodiek. Maar essentieel is de aandacht van het bestuur, een actieve sturing vanuit het college en de gemeenteraad op de kwaliteit van participatie. Als die sturing ontbreekt zal de aandacht in de organisatie ook verslappen. Aan het eind van de huidige collegeperiode zal Haags Samenspel worden geëvalueerd. Wat werkt en wat werkt niet? Welke instrumenten hebben de kwaliteit van participatie verbeterd? Welke bouwstenen zijn gerealiseerd? Hoe zorgen we ervoor er in de hele gemeente systematisch wordt gewerkt aan het verbeteren van de kwaliteit van participatie? Op basis van die lessen wordt een voorstel gemaakt voor een volgend gemeentebestuur. Participatie is onderdeel van een breder gesprek over de vitalisering van de Haagse lokale democratie. Daarbij zijn de representatieve, participatieve en doe-democratie onlosmakelijk met elkaar verbonden. Dat gesprek gaat bijvoorbeeld ook over vormen van wijkdemocratie en wellicht ook directe democratie.
Een voorstel hiervoor worden dit najaar voorbereid voor een nieuw collegeprogramma.
3.1
Effect Haags Samenspel Na 1 jaar Haags Samenspel kan nog weinig worden gezegd over het effect van de activiteiten binnen de gemeente of de impact in de lokale samenleving. Daarvoor is het nog té vroeg en bovendien moet daarvoor beter worden gemonitord. Wel zijn concrete graadmeters benoemd voor zowel intern als extern effect. Die graadmeters worden ook opgenomen in het Participatiejaarverslag. Uiteraard is het niet eenvoudig om de precieze relatie tussen activiteiten, resultaten en effect vast te stellen. Maar de graadmeters geven wel een signaal over de verankering in de organisatie en de mening van inwoners over de kwaliteit van participatie.
< INHOUD
37
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
4
Reflectie Ondanks corona zijn in Den Haag het afgelopen jaar weer vele kleine en grote participatietrajecten georganiseerd door stadsdelen en diensten. Vooral digitaal en mede aangejaagd door het nieuwe programma Haags Samenspel. In deze voortgangsrapportage schetsen we een (vooral kwalitatief) beeld van participatie in Den Haag anno 2021. Participatie is niet makkelijk. Het gaat niet altijd goed; het zijn soms lastige processen waarbij verschillende belangen tegenover elkaar staan. Dat is ook de kern van democratische participatie: alle belangen rondom een vraagstuk in beeld brengen en een stem geven. En daar komt soms wat ‘democratisch ongemak’ bij kijken. Want een goed participatieproces is niet een proces waar iedereen zijn zin krijgt maar een proces waarin ieders belang serieus wordt genomen, waarbij duidelijke afspraken zijn gemaakt over wie, waarover, hoe, hoeveel invloed krijgt op de besluitvorming. Waarbij deelnemers achteraf positief zijn over het proces, ook als ze ontevreden zijn over de uitkomst.
< INHOUD
38
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
In deze voortgangsrapportage is te zien dat we overal in de stad werken we aan betere participatie. Bij grote gebiedsontwikkelingen, bij de Omgevingswet, bij bewonersinitiatieven, bij digitale trajecten of bij het formuleren van spelregels in een nieuwe Participatieverordening. We zoeken samen met de stad naar manieren om het beter te doen. Daarbij boeken we successen zoals de VNG-prijs voor digitale participatie met Open Stad of de pilots met Participatieplatform. Maar er gaat ook wel eens wat minder goed. Zo zijn bewoners weleens kritisch over de manier waarop participatie in grote gebiedsontwikkelingen wordt georganiseerd. Ook de plaatsing van tijdelijke voorzieningen leidt vaak tot ingewikkelde processen. Van al die praktijkervaringen leren we steeds beter en systematischer. ‘Leren door doen’ is het adagium. Met evaluaties, projectgarages, een leeragenda, een leernetwerk en een betere monitoring bouwen we aan een stevige lerende aanpak; de Haagse werkwijze. Dit moet uiteindelijk leiden tot duidelijke spelregels, vastgelegd in een Participatieverordening. Maar ook in handreikingen, tools en duidelijke afspraken over de organisatievan participatie. Wat er het afgelopen jaar is gedaan leest u in deze voortgangsrapportage. De komende maanden worden de bouwstenen van de Haagse werkwijze opgeleverd.
Daarover gaan we ook in gesprek met de gemeenteraad die uiteindelijk die nieuwe spelregels vaststelt en een belangrijke rol speelt bij het toetsen van de kwaliteit van de participatie. Slotstuk daarbij is de Participatieverordening, maar daarmee stopt het niet. Het is straks aan het nieuwe gemeentebestuur (college en raad) om deze lijn door te zetten en blijvend te investeren in betere participatie. Want het samenspel in onze lokale democratie vraagt om permanent onderhoud.
< INHOUD
39
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
Bijlage: vragen raads werkgroep Participatie en Democratie De raadswerkgroep Participatie en Democratie heeft een aantal vragen geformuleerd waarop Haags Samenspel in deze voortgangsrapportage al antwoord kan geven.
Politieke participatie V: Helpt initiëren van een referendum of burgerforum door de raad om meer bekendheid te krijgen? A: In Den Haag is nog nooit een lokaal referendum uitgevoerd. De gemeenteraad kan hiertoe het initiatief nemen. Daardoor zal dit instrument zeker meer bekendheid krijgen. Overigens zegt 65% van de inwoners bekend te zijn met het instrument referendum (stadsenquête 2019). Een experiment met een burgerforum kan ook worden gestart op initiatief van de gemeenteraad. De uitvoering ligt bij het college, maar de raad kan aangeven op welk terrein of in welke wijk een burgerforum gewenst is. Bekendheid van deze instrumenten is vooral afhankelijk van de communicatie die er omheen wordt georganiseerd.
< INHOUD
40
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
Top-down participatie V: Hoe staat het met de bekendheid en het gebruik van top-down instrumenten? A: In de stadsenquête wordt gevraagd naar de bekendheid van een aantal nieuwe middelen om mee te denken met de gemeente: chat sessies, serious gaming, Haags Stadspanel, Haagse krachtbijeenkomsten en MAEX. De bekendheid van deze nieuwe middelen is nog beperkt. Het Haagse stadspanel (bekend bij 24%) en chatsessies (21%) zijn nog het meest bekend, maar het percentage deelnemers (resp. 4% en 2%) is nog klein. De Haagse krachtbijeenkomst (11%), serious gaming (7%) en MAEX (3%) zijn nog minder bekend en worden nauwelijks gebruikt. Het beeld komt vrijwel overeen met dat van 2018 en 2019. [Inwonersonderzoek 2020]. Naar de bekendheid van andere instrumenten worden in het inwonersonderzoek niet gevraagd. In de volgende stadsenquête worden instrumenten als wijkbudget en wijkagenda toegevoegd. Overigens leren we uit landelijk onderzoek (Lokaal KiezersOnderzoek) dat vormen van bottom-up participatie (burgerinitiatief) bij 75% bekend zijn terwijl top-down participatie en directe democratie (referendum) minder bekend zijn bij bewoners (resp 56 en 53%).
V: Wat kunnen we verbeteren aan bestaande instrumenten? A: De kwaliteit van de participatie-instrumenten wordt nu niet systematisch geëvalueerd, dus we kunnen moeilijk beoordelen wat er beter kan. Wel weten we uit gesprekken met bewoners en onderzoek elders (bv Nationale Ombudsman ‘We gooien het de inspraak in’) dat de kaders/spelregels voor het participatieproces vooraf vaak onduidelijk zijn waardoor achteraf vaak teleurstelling ontstaat door verkeerde verwachtingen. Duidelijke kaders en heldere spelregels zijn cruciaal. Verder blijkt dat het bereik van digitale participatie vele malen groter is dan bij offline bijeenkomsten.
V: Hoe voorkomen we dat we mensen overvragen? A: De meeste inwoners worden helemaal niet overvraagd; maar een klein deel van de (actieve) bewoners worden relatief vaak gevraagd. Als elk participatietraject start met een goede stakeholderanalyse waarbij alle belangen actief worden uitgenodigd (en niet alleen de usual suspects) dan zal een bredere groep worden gevraagd. Een betere afstemming tussen verschillende participatieprocessen in dezelfde wijk helpt daarbij uiteraard ook. Hiertoe wordt gewerkt aan een participatieplatform per wijk.
V: Hoe wil de raad sturen op kwalitatieve participatie? A: Die vraag kan de raad alleen zelf beantwoorden. De Participtieverordening met duidelijke spelregels kan daarbij helpen, maar ook het vaststellen of bespreken van een startnotitie aan het begin en een eindverslag aan het eind van elk groot participatieproces.
< INHOUD
41
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
V: Hoe evalueren we de participatie? A: Momenteel worden niet alle participatieprocessen systematisch geëvalueerd. De grote trajecten worden wel geëvalueerd maar de evaluaties worden niet centraal geregistreerd waardoor het lastig is om antwoord te geven op deze vraag. Momenteel wordt een evaluatiemethode ontwikkeld die wordt toegepast bij alle nieuwe participatietrajecten waar Haags Samenspel bij is betrokken. Die methode wordt opgenomen in de Participatieverordening. In het Participatiejaarverslag wordt vanaf volgend jaar gerapporteerd over de evaluaties van alle grote participatietrajecten.
V: Participatie paradox: betekent meer participatie een betere representatie, of juist slechtere? (meer onvrede over bestuur) A: Niet persé, dat is afhankelijk van de kwaliteit van de participatie. Goede participatie zorgt juist voor een goede afspiegeling van alle belangen en daarmee voor een betere representatie.
Bottom-up participatie V: Welke instrumenten van bottom-up participatie zijn er? A: De gemeente Den Haag kent een groot aantal regelingen en projecten ter ondersteuning van initiatieven. Belangrijk en veel gebruikt is bijvoorbeeld de subsidie Leefbaarheid en Bewonersparticipatie, maar vrijwel elk domein kent daarnaast eigen regelingen. Een totaaloverzicht is er nog niet. Voor het domein duurzaamheid en energie zijn die projecten dit jaar wel in beeld gebracht, voor de andere domeinen moet dat nog gebeuren.
V: Waarover en hoe worden initiatieven vormgegeven? En hoe kunnen we meer inzicht genereren? A: In het voorjaar zijn interviews gehouden met 75 initiatiefnemers/stadmakers. Uit die nietrepresentatieve onderzoek kan Haags Samenspel iets zeggen over de sectoren waar de respondenten zich op richten, maar niet over aard en de vorm van de initiatieven. Uit landelijk onderzoek is daar wel iets over te zeggen, maar specifiek voor Den Haag is meer onderzoek nodig om inzicht te krijgen.
V: Welke soort organisaties worden betrokken bij het komen tot initiatieven? A: Deze vraag is onlangs gesteld aan de stadsdelen die veel contact hebben met initiatieven. Daaruit blijkt bijvoorbeeld dat initiatieven veel worden ondersteund door het stadsdeel zelf, door welzijnsorganisaties en bewonersorganisaties. Maar om een goed antwoord op deze vraag te krijgen zal onderzoek moeten worden gedaan onder de initiatiefnemers zelf.
< INHOUD
42
Voortgangsrapportage Participatie/Haags Samenspel
V: Hoe als gemeente actief invulling te geven aan Right to Challenge? A: Het uitdaagrecht kan worden opgenomen in de Participatieverordening. Daarnaast kunnen stadsdelen informatie aan actieve bewoners geven over de mogelijkheden voor het uitdaagrecht, specifiek sectoren als groenbeheer of beheer van een wijkvoorziening. Maar initiatieven kunnen op verschillende manieren worden ondersteund, het is uiteraard aan de bewoners zelf om daarvoor gebruik te maken van het uitdaagrecht.
V: Wat hebben bewonersorganisaties nodig vanuit de gemeente om beter te kunnen functioneren? A: In de afgelopen maanden heeft de gemeente in nauw overleg met bewonersorganisaties gewerkt aan een nieuw beleidskader bewonersorganisaties. Daarbij is deze vraag ook aan de orde gekomen. Dit wordt meegenomen in het nieuwe beleidskader dat binnenkort wordt vastgesteld in het college.
V: Wat zou de gemeenteraad kunnen doen om participatietrajecten bespreekbaar te maken in commissies? A: In de huidige Inspraak- en Participatieverordening 2012 wordt gesproken over een startdocument en eindverslag voor participatieprocessen. Hierin worden afspraken gemaakt over de inrichting van participatie. De raad kan deze documenten bij grote participatieprocessen in de commissie agenderen. Daarmee verplaatst de rol van de raad zich van het eind naar het begin van het beleidsproces.
< INHOUD
43