RIS308768 bijlage 1 2b Schaloenstraat e o Toelichting deel 2
Tekst van het document
2.5
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ................................................................................ 7
2.6
BEINVLOEDING ......................................................................................................................... 8
2.7
BODEMVERONTREINIGING ...................................................................................................... 8
2.8
TERREINVERKENNING ............................................................................................................. 9
2.9
BEOORDELING .......................................................................................................................... 9
2.10
CONCLUSIE EN HYPOTHESESTELLING ............................................................................... 10
3.
VERKENNEND BODEMONDERZOEK ............................................................................................. 11
3.1
ONDERZOEKSSTRATEGIE ..................................................................................................... 11
3.2
UITVOERING VELDONDERZOEK ........................................................................................... 11
3.3
UITVOERING LABORATORIUMONDERZOEK ........................................................................ 13
3.4
BESPREKING ONDERZOEKSRESULTATEN ......................................................................... 14
3.5
INTERPRETATIE ...................................................................................................................... 16
3.6
TOETSING HYPOTHESE ......................................................................................................... 16
3.7
CONCLUSIES ........................................................................................................................... 17
3.8
AANBEVELINGEN .................................................................................................................... 17
4.
BETROUWBAARHEID ...................................................................................................................... 18
Bijlagen Milieuhygiënisch vooronderzoek 1 Kaarten en tekeningen 1.1 Topografische kaart
2 2.1 2.2 2.3
Informatie vooronderzoek Rapportage omgevingsdienst Fotoreportage Kaartmateriaal
Verkennend bodemonderzoek 3 Situatietekening 4.
Formulieren veldonderzoek
5.
Boorstaten en legenda
6. 6.1 6.2
Analysecertificaten Certificaten grond Certificaten grondwater
7 7.1 7.2
Toetsingstabellen Toetsingsresultaten grond Toetsingsresultaten grondwater 1902M286/JHA/rap1 Pagina 2 van 18
1.
INLEIDING
In opdracht van Rho Adviseurs B.V. is een milieuhygiënisch vooronderzoek en een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie betreft plangebied Moerwijk te Den Haag. Aanleiding en doelstelling Het onderzoek is uitgevoerd in verband met de aanvraag van een omgevingsvergunning (activiteit bouwen). In het kader van de Woningwet/Gemeentelijke Bouwverordening dient een omgevingsvergunningaanvraag (activiteit bouwen) vergezeld te gaan van een rapportage inzake de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De doelstelling van het verkennend bodemonderzoek is het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de landbodem (grond en grondwater) ter plaatse van de onderzoekslocatie. Milieuhygiënisch vooronderzoek Voorafgaand aan een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740+A1;2016 dient een milieuhygiënisch vooronderzoek te worden uitgevoerd conform de NEN 5725;2017. Op basis van de informatie uit het vooronderzoek wordt een onderzoekshypothese geformuleerd. Het doel van het vooronderzoek is inzicht te verkrijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen. Ook kunnen de resultaten van het vooronderzoek worden gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek.
Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. De te verzamelen informatie is afhankelijk van de aanleiding en het doel van het vooronderzoek en heeft betrekking op locatiegegevens, bodemopbouw, geohydrologie, te verwachten bodemkwaliteit en potentieel bodembedreigende activiteiten op de locatie waar het vooronderzoek betrekking op heeft. Verkennend bodemonderzoek Ter bepaling van de milieuhygiënische bodemkwaliteit binnen de begrenzing van de onderzoekslocatie, is de norm NEN 5740+A1;2016 gehanteerd. Deze norm beschrijft de werkwijze voor het opstellen van de onderzoeksstrategie bij een verkennend bodemonderzoek naar de (mogelijke) aanwezigheid van bodemverontreiniging en de werkwijze voor het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en eventueel vrijkomende grond. Op basis van de informatie uit het milieuhygiënisch vooronderzoek wordt een onderzoekshypothese geformuleerd. Elke uit het milieuhygiënisch vooronderzoek resulterende onderzoekshypothese over de aan- of afwezigheid van bepaalde verontreinigende stoffen en de wijze van verspreiding wordt getoetst met een locatie specifieke onderzoeksstrategie.
1902M286/JHA/rap1 Pagina 3 van 18
Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het milieuhygiënisch vooronderzoek stapsgewijs besproken. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bestaat achtereenvolgens uit het vaststellen van de aanleiding en de afbakening van het onderzoeksgebied. Vervolgens wordt informatie verzameld van de voorgeschreven onderzoeksaspecten en worden de onderzoeksvragen beantwoord. Op basis hiervan worden conclusies getrokken en wordt de hypothese voor de onderzoekslocatie vastgesteld. In hoofdstuk 3 wordt het verkennend bodemonderzoek stapsgewijs besproken. Als eerste stap wordt, op basis van de bij het milieuhygiënisch vooronderzoek voor de locatie vastgestelde hypothese, de onderzoeksstrategie vastgesteld. Vervolgens worden de uitvoering en resultaten van het veld- en laboratoriumonderzoek apart besproken. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de vastgestelde hypothese getoetst en worden indien van toepassing, aanbevelingen gedaan met betrekking tot eventueel te nemen vervolgstappen. In hoofdstuk 4 wordt de betrouwbaarheid van het uitgevoerde onderzoek toegelicht.
1902M286/JHA/rap1 Pagina 4 van 18
2.
MILIEUHYGIENISCH VOORONDERZOEK
2.1
AANLEIDING VOORONDERZOEK
Afhankelijk van de aanleiding voor het verrichten van het vooronderzoek moet antwoord worden verkregen op een aantal onderzoeksvragen. Als eerste stap in het vooronderzoek dient derhalve de aanleiding te worden vastgesteld. In de NEN 5725 zijn zeven aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Opgemerkt wordt dat er sprake kan zijn van een combinatie van meerdere aanleidingen. In dat geval dienen de onderzoeksvragen voor elke afzonderlijke aanleiding te worden beantwoord. Voor onderhavig onderzoek is de volgende aanleiding vastgesteld: A. opstellen hypothese over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. De onderzoeksvragen, behorende bij de vastgestelde aanleiding, zijn in de navolgende paragrafen in tabelvorm aangegeven. Per onderzoeksvraag is, direct onder de betreffende vraag, het antwoord opgenomen.
2.2
AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED
Vraag: Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? De globale ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven op de overzichtskaart die in bijlage 1.1 is opgenomen. In tabel 2.1 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.1: afbakening onderzoeksgebied Vraag
Bronnen
Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? Plangebied
Moerwijk te Den Haag
Adres
Diverse adressen ter plaatse van: - Lichtenbergweg - Schaloenstraat - Polanenhof - Loevesteinlaan
Plaats
Den Haag
Gemeente
Den Haag
Provincie
Zuid-Holland
RD-coördinaten
Omschrijving: globaal middelpunt onderzoekslocatie X: 79.800
Kadastraal
Kadaster / BAG-viewer / www.gpscoördinaten.nl
Y: 451.108
Gemeente
Den Haag
Sectie
AI
Nummer
6634, 6829, 6838, 10787, 10788, 10789, 10790
Hoogte maaiveld
Circa 0,5 m NAP
Oppervlakte
Circa 17.500 m²
Dinoloket
Belendingen
Noord
Wonen met tuin
Oost
Loevesteinlaan
Zuid
Wonen met tuin
West
Hillenraadweg / wonen met tuin
Afbakening VO
25 meter buiten kadastrale grenzen
Afbakening voldoende
Ja
Kadaster / Google Maps
1902M286/JHA/rap1 Pagina 5 van 18
2.3
POTENTIELE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING
Vraag: Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de verdachte parameters? In tabel 2.2 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.2: potentiële bronnen van bodemverontreiniging Vraag
Bronnen
Huidig gebruik
Wonen met tuin / bedrijfsruimte (in plint) Potentiële bronnen aanwezig?
Voormalig gebruik
Nee
De locatie was in het verleden in gebruik ten behoeve van wonen met tuin en bedrijfsruimte in de plint van het gebouw (Loevensteinlaan). Het bouwjaar van de diverse opstallen bedraagt 1952.
Google Maps / Topotijdreis / Informatie opdrachtgever
Ter plaatse van de Loevesteinlaan 1015 wordt melding gemaakt van een brandstoffendetailhandel (vaste en vloeibare) in de periode 1952 – 1972. Potentiële bronnen aanwezig?
Nee
Voor zover bekend hebben geen tanks gelegen op het terrein. De locatie is op basis van de CE bodembelastingkaart van gemeente Den Haag niet gelegen in verdacht gebied met betrekking tot het aantreffen van niet gesprongen Conventionele Explosieven (CE). De locatie betreft geen (voormalige) stortplaats. Toekomstig gebruik
Wonen met tuin
Conclusie van potentiele bronnen
Ter plaatse van de Loevesteinlaan 1015 wordt melding gemaakt van een brandstoffendetailhandel (vaste en vloeibare) in de periode 1952 – 1972. Op de locatie zijn verder geen potentiële bronnen van bodemverontreiniging aanwezig.
2.4
BODEMKWALITEIT EN ASBEST
Vraag: Is de bodem asbestverdacht? Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? In tabel 2.3 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.3: bodemkwaliteit en asbest Vraag
Bronnen
Asbest
Er is geen informatie beschikbaar over de aanwezigheid van asbest in de bodem.
Topotijdreis / BAG-viewer
Bodemkwaliteit
Bodemfunctieklasse
Wonen
Deelgebiedenkaart bovenen ondergrond
B3. Vroeg bebouwd gebied centrum
Ontgravingskaart bovenen ondergrond
Wonen
Omgevingsdienst Haaglanden / Nota bodembeheer Den Haag
Toepassingskaart bovenen ondergrond
Wonen
Conclusie bodemkwaliteit en asbest
Op de locatie is geen informatie beschikbaar over de aanwezigheid van asbest in de bodem, De bodem is naar verwachting ingedeeld als klasse wonen.
1902M286/JHA/rap1 Pagina 6 van 18
2.5
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE
Vraag: Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? In bijlage 2.3 is kaartmateriaal van de periode 1950 – 2016 opgenomen. In tabel 2.4 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.4: Bodemopbouw en geohydrologie Vraag
Bronnen
Bodemopbouw
Circa 0,0 - 1,0 m-mv
Zand
(lokaal)
Circa 1,0 - 2,0 m-mv
Afwisseling van zand, klei en veen
Grondwater (lokaal)
Grondwaterstand freatisch
Circa 0,8 m-mv
Dinoloket / Hoogheemraadschap van Rijnland / Bodematlas provincie Zuid-Holland
Een eenduidige stromingsrichting van het grondwater is niet bekend. Voor zover bekend wordt het grondwater op en in de nabijheid van de onderzoekslocatie niet beïnvloed door menselijk handelen. De onderzoekslocatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied. Geohydrologie
Doordat de grondwaterstand door middel van de slootpeilen op een vast peil wordt gereguleerd, is er nauwelijks sprake van een horizontale stromingsrichting van het grondwater. Een (tijdelijke) optredende horizontale stromingsrichting wordt veroorzaakt door regenoverschot en zal naar de omliggende sloten gericht zijn. Op de locatie is sprake van infiltratie.
Bodemvreemde lagen
Op basis van het kaartmateriaal is bekend dat op de locatie in het verleden mogelijk enkele watergangen hebben gelegen en zijn gedempt. De exacte periode en het materiaal waarmee de watergangen mogelijk zijn gedempt is niet bekend.
Google Earth / Topotijdreis
Op basis van de ligging van de onderzoekslocatie in stedelijk gebied van den haag en mogelijke aanwezigheid van binnenstedelijke ophooglagen kunnen verontreinigingen met o.a. zware metalen en PAK verwacht worden. Conclusie ten aanzien van vigerend bodemonderzoek
Ter plaatse van de locatie zijn mogelijke enkele watergangen gedempt. Betreffende dempingen zijn verdacht op de kritische parameters zware metalen, PAK en asbest. Op basis van mogelijke aanwezigheid van binnenstedelijke ophooglagen, kunnen verontreinigingen met o.a. zware metalen en PAK verwacht worden.
1902M286/JHA/rap1 Pagina 7 van 18
2.6
BEINVLOEDING
Vraag: Is sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? In tabel 2.5 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.5: beïnvloeding Vraag
Bronnen
Beïnvloeding
Er wordt op basis van de beschikbare informatie geen beïnvloeding vanuit de omgeving verwacht.
conclusie
Naar verwachting hebben de activiteiten op de omliggende percelen de chemische bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie niet negatief beïnvloed.
2.7
Bodemloket / Omgevingsdienst Haaglanden
BODEMVERONTREINIGING
Vraag: Wordt op de locatie of een deel daarvan (een geval van ernstige) bodemverontreiniging vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? In tabel 2.6 is de uitwerking met betrekking tot voornoemde onderzoeksvraag opgenomen. TABEL 2.6: bodemverontreiniging Vraag
Bronnen
Zijn er in het verleden milieukundige bodemonderzoeken verricht op de onderzoekslocatie? Voor zover bekend zijn ter plaatse van de onderzoekslocatie of in de nabije omgeving hiervan in het verleden diverse milieukundige onderzoeken uitgevoerd, te weten: -
Archief IDDS / Bodemloket /
Verkennend bodemonderzoek, Vanderhelm Milieubeheer B.V., d.d. 14-092016 (kenmerk IDM0160994). Verkennend bodemonderzoek, Ibdh, d.d. 04-08-2011 (kenmerk 95012549). Verkennend bodemonderzoek, Ibdh, d.d. 08-09-2010 (kenmerk 95009814). Historisch onderzoek, Vanderhelm Milieubeheer B.V., d.d. 11-03-2010 (kenmerk IBD91151).
Op basis van de beschikbare informatie via Bodemloket is de locatie ‘’voldoende onderzocht’’. Diffuse verontreinigingen De locatie is gelegen binnen het stedelijke gebied van Den Haag. Bekend is dat de binnen het gebied mogelijk oudstedelijke ophooglagen aanwezig kunnen zijn, welke heterogeen diffuus, licht tot sterk verontreinigd kunnen zijn met zware metalen en/of PAK.
Omgevingsdienst Haaglanden
Conclusie Op de locatie is geen vermoeden van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Echter kan dit door de aanwezigheid van een oudstedelijke ophooglaag niet uitgesloten worden.
1902M286/JHA/rap1 Pagina 8 van 18