RIS308749 Bijlage 1
Tekst van het document
7.7.5 Groen en beheer Agenda groen voor de stad In de Agenda Groen voor de Stad (vastgesteld 15 december 2016, RIS294705) wordt geconstateerd dat door de toenemende bevolking en het bijbehorende ruimtebeslag de leefkwaliteit in het algemeen, en het groen in het bijzonder, soms onder druk komt te staan. Daarnaast zijn er onzekerheden en ontwikkelingen die de stad in de toekomst sterk zullen kleuren zoals de klimaatopgave, veranderingen in mobiliteit en de toenemende impact van informatietechnologie. Omdat Den Haag een aantrekkelijke stad wil blijven voor bewoners, bezoekers en bedrijven, moeten er strategische keuzes worden gemaakt op het gebied van verdichting, vergroening en verduurzaming. De ambitie is een verdere kwalitatieve ontwikkeling van het Haagse groen,
waarbij ruimte ontstaat voor verandering en initiatief en ontwikkelingen waarbij groen toekomstbestendig wordt vormgegeven. Kort samengevat: ‘het groene kapitaal’ dient als basis voor (het uitbouwen van) een goede leefkwaliteit. Stedelijke Groene Hoofdstructuur De Stedelijke Groene Hoofdstructuur van Den Haag bepaalt voor een belangrijk deel het karakter van de stad. De Stedelijke Groene Hoofdstructuur dient duurzaam in stand gehouden te worden en waar mogelijk versterkt (RIS300506). Het groen heeft vele functies, één daarvan is de functie als stedelijke ecologische hoofdstructuur, dat wil zeggen de drager van de stedelijke natuur en verbindingsstructuur voor de omliggende natuur. Deze structuur sluit aan op de provinciale en nationale ecologische hoofdstructuur. De Stedelijke Groene Hoofdstructuur bestaat uit kerngebieden (de groengebieden) met daartussen de ecologische verbindingszones.
Bodemverontreiniging
Ecologische verbindingszones Het beleid voor de ecologische verbindingszones als onderdeel van de Stedelijke Groene hoofdstructuur is verankerd in de Nota Ecologische Verbindingszones 2008-2018 (RIS159450). Inmiddels is de opvolger de Nota Stadsnatuur vastgesteld (RIS305825) waar de borging van de ecologische verbindingszones wederom is bekrachtigd. In deze nota wordt de nadruk gelegd op het behoud, natuurlijke inrichting, ecologisch beheer en mogelijke uitbreiding van de ecologische verbindingszones als basis voor een vitale stadsnatuur. Dit betekent dat de hoofddoelstelling van deze zones gericht is op het behoud en de ontwikkeling van leefgebied voor allerlei soorten planten en dieren. Voor alle ecologische verbindingszones worden inrichtings- en beheerplannen opgesteld die de ecologische waarde van deze structuren moet behouden en verbeteren. De plannen moeten voldoen aan de eisen die worden gesteld een ecologische verbindingszones opgenomen in deze nota. De planvorming voor de Schenkzone staat gepland voor 2021. https://maps.denhaag.nl
S
Auteur: Datum:
geodesk@denhaag.nl
03-apr-2018
Aan deze tekening kunnen ge
Uitsnede kaart Agenda Groen voor de Stad
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
57
Het plangebied grenst aan de stedelijke ecologische verbindingszone Schenkzone. Ter hoogte van de Anna van Hannoverstraat is de zone op zijn smalst en is het streven naar compacte natuurlijke biotopen van groot belang om de ecologische kwaliteit van deze groenstructuur te borgen. Hierbij moet gedacht worden aan een natuurvriendelijke oeverstructuur, afgewisseld met open grasland en (dichte) bosschages. Hierdoor ontstaan natuurlijke overgangen tussen droge en natte natuur en tussen open en gesloten vegetatie. Bossages bieden voedsel en schuilgelegenheid voor kleine zoogdieren en vogels. Voldoende lichtinval is van belang om bloemrijk grasland te behouden en ontwikkelen, zeer belangrijk voor insecten zoals bijen en vlinders.
7.7.6 Flora en Fauna Op basis van de Wet Natuurbescherming (met ingang van 1 januari 2017, voorheen de Flora- en faunawet) geldt er een beschermingsplicht voor planten- en diersoorten. De wet bevat verbodsbepalingen voor het verwijderen van beschermde plantensoorten van hun groeiplaats en het beschadigen of verstoren van voortplantings- of verblijfplaatsen van beschermde diersoorten. Om te achterhalen of er beschermde soorten in of rond de kavels aanwezig zijn, zal een Flora- en Fauna onderzoek worden uitgevoerd. Natura 2000 / stikstofdepositie De initiatiefnemer is verplicht om de stikstofeffecten van het project via een voortoets inzichtelijk te maken. De ODH zal de voortoets beoordelen.
Wanneer uit de voortoets blijkt dat significant negatieve effecten ter plaatse van stikstofgevoelige habitattypen in een Natura 2000-gebied niet kan worden uitgesloten, dan moet vervolgonderzoek worden uitgevoerd, de zogenaamde ‘passende beoordeling’. Geadviseerd wordt om tijdens de voortoets te onderzoeken of interne salderingsmogelijkheden bestaan. Indien er sprake is van significante effecten, is er een passende beoordeling noodzakelijk evenals het opstellen van het daarmee samenhangende milieueffectrapport.
7.7.7 Externe veiligheid Het plan ligt binnen een zone van 150 meter van het LPG station op de hoek van de Prinses Beatrixlaan en de Van Alphenstraat. Hiermee valt het buiten de zonering voor plaatsgebonden risico, maar binnen de zonering voor groepsrisico. De bijdrage aan het groepsrisico zal onderzocht en indien van toepassing, verantwoord moeten worden.
7.8 Vigerend Juridisch planologisch kader Binnen de grenzen van het plangebied van het PUK gelden op dit moment 3 bestemmingsplannen: 1. 2. 3.
Bezuidenhout (vastgesteld d.d. 24 april 2014) Parapluherziening (fiets)parkeren (vastgesteld 20-092018) Parapluherziening Staat van bedrijfsactiviteiten (vastgesteld 20-12-2018)
Ter plaatse van de Soza-kavel geldt de bestemming ‘Kantoren-1’. Binnen deze bestemming is alleen de functie kantoor toegestaan, en de daarbij behorende bouwwerken (geen gebouwen zijnde), groen, water en overige voorzieningen. Binnen het bouwvlak wordt onderscheid gemaakt in twee bouwhoogte. De maximale bouwhoogte aan de zijde van de Schenkkade is 22 meter en aan de zijde van de Anna van Hannoverstraat 31 meter. Daarnaast valt over deel van het plangebied de aanduiding ‘Vrijwaringszone – straalpad’. Ter plaatse van deze aanduiding zijn de gronden, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, bedoeld voor instandhouding van een straalverbinding vanuit het Beatrixkwartier. Straalpaden dienen ter bescherming van telecommunicatieverbindingen. Binnen dit gebied geldt een beperking voor bouwhoogte (maximaal 60 meter). De initiatiefnemer dient in overleg te treden met de beheerder van de toren in het Beatrixkwartier, zodat zij kunnen instemmen met de gewijzigde bouwregels met betrekking tot de bouwhoogte. De ontwikkelingen die in deze PUK worden beschreven passen niet binnen de bouw- en gebruiksregels van het vigerend bestemmingsplan. Voor de realisatie van deze ontwikkelingen is daarom een nieuwe juridische-planologische basis nodig. In paragraaf 8.2 worden de ruimtelijke procedures nader toegelicht.
De parapluherzieningen zijn niet van invloed op de mogelijke functies die via het bestemmingsplan Bezuidenhout binnen het plangebied zijn toegestaan.
58
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
7.9
Welstand en Monumenten
Voor de ontwikkeling is een welstandstoets verplicht. De Welstandscommissie heeft in de welstandsnota vastgesteld dat van de architect een analyse van het omliggende gebied wordt verwacht. In dit PUK worden de stedenbouwkundige uitgangspunten voor de ontwikkeling aangegeven waaraan het uitgewerkte plan getoetst zal worden. Daarnaast is aangegeven dat er een integraal beeldkwaliteitplan voor de omgeving van station Den Haag Laan van NOI wordt opgesteld, waarin de toetsingsgronden worden vastgelegd. Monumenten Het gebied is niet gelegen in een beschermd stadsgezicht. De bestaande gebouwen hebben geen monumentenstatus.
Uitsnede plankaart Bestemmingsplan Bezuidenhout (d.d. 18 augustus 2014)
In het plangebied staat wel een oorlogsmonument ter herdenking van de gebeurtenissen op 3 maart 1945. Naast het monument staan nog een gedenkplaat en andere aan het monument gelieerde objecten. Deze worden ten behoeve van de ontwikkeling verplaatst naar een andere locatie in overleg met de gemeente en belanghebbenden.
7.10 Archeologie Het bestemmingsplan Bezuidenhout geeft aan dat binnen het gehele plangebied van het bestemmingsplan geen archeologische waarden verwacht worden. Dat betekent dat er vanuit de archeologische monumentenzorg geen voorwaarden worden verbonden. Er is wel een archeologische meldingsplicht. Dit houdt in dat wanneer bij graafwerkzaamheden vondsten aangetroffen worden, dit gemeld moet worden aan het bevoegd gezag.
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
59
7.11 Kabels, leidingen en riolering Kabels en leidingen Er dient rekening te worden gehouden met de aanwezige kabels en leidingen in het gebied. Kabels & leidingen tracés moeten ten allen tijden bereikbaar zijn voor de netbeheerder voor beheer en onderhoud. De inrichting van de buitenruimte moet afgestemd zijn op de ondergrondse infrastructuur. Groeiruimte voor bomen en klimaat adaptieve maatregelen voor het vasthouden of vertragen van water kunnen beperkt worden door locaties van de ondergrondse infrastructuur. Houd ook rekening met een grotere ruimte vraag voor kabels en leidingen door het toenemen van het aantal gebruikers en in relatie tot de energietransitie (elektrificatie). Dit dient vroegtijdig te worden afgestemd. Trafo’s en andere ondersteunende bouwwerken zullen inpandig gerealiseerd worden en vanaf de openbare ruimte bereikbaar conform de eisen van de netbeheerders.
Verwachting archeologie
60
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
Riolering Uitgangspunt voor het rioleringsbeleid is het ‘Gemeentelijk Rioleringsplan 2016-2020’. Werken aan duurzaamheid betekent voor de riolering dat rekening gehouden dient te worden met: •
Het voorkomen dan wel het scheiden van afvalwaterstromen aan de bron, • Meer oog te hebben voor hergebruik, • Het terugdringen van energiegebruik, • Het voorkomen dat schoon water vuil wordt. Hierbij is het gebruik van schadelijke stoffen voor het oppervlaktewater niet toegestaan. Het gebied rondom de Anna van Hannoverstraat is deels een gescheiden en deels een gemengd systeem. Voor de nieuwbouw geldt in ieder geval, dat hemelwater en vuilwater gescheiden opgevangen moeten worden. In de bestaande situatie is er geen aanleiding vanuit de gemeente om de riolering op korte termijn te vervangen. Op basis van de concrete bouwplannen zal nader moeten worden onderzocht wat de consequenties zijn voor het rioolsysteem.
7.12 Niet geëxplodeerde explosieven Het plangebied is onderdeel van een deel van Den Haag dat in 2e Wereldoorlog tijdens een luchtaanval gebombardeerd is. De verwachtingskaart geeft aan dat in het plangebied niet geëxplodeerde explosieven aanwezig kunnen zijn. De ontwikkelaar moet een PRA uitvoeren. Het risico van eventuele niet ontplofte explosieven ligt bij de ontwikkelaar.
Riolering
Verdacht gebied niet ontplofte explosieven
https://maps.denhaag.nl
geodesk@denhaag.nl
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
61
Grens ontwikkelgebied Plangebied (ontwikkelgebied inclusief openbare ruimte) Kelder- / garagelaag Gemeente Den Haag Gemeentelijk eigendom belast met erfpacht MRP SOZA B.V. BP Europa SE NS Vastgoed B.V. Railinfratrust B.V. UBS (D) Euroinvest Immobilien Union Investment Institutional Property GmbH
Huidige eigendomsituatie (juli 2020)
62
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
8. FINANCIËLE UITVOERBAARHEID EN UITVOERINGSASPECTEN 8.1
Financiering
8.2 Juridische planologische procedure
Dit initiatief is een bouwplan in de zin van art. 6.2.1 van het Bro. Hiermee is afdeling 6.4. Wro van toepassing. Daarmee komt het initiatief in aanmerking voor gemeentelijk kostenverhaal. Dit zal worden verzekerd in een overeenkomst, waarin ook anterieure afspraken worden vastgelegd.
De ruimtelijke ontwikkelingen die in dit PUK zijn beschreven passen niet binnen de huidige planologische kaders voor het plangebied (bestemmingsplan). Voor de realisatie van de ontwikkelingen die uit dit PUK voortkomen, is daarom een nieuwe juridisch-planologische basis nodig. Deze komen in twee stappen tot stand:
Het initiatief is voor de gemeente in de basis een faciliterend project. Er worden beperkte stukjes grond van de gemeente betrokken bij de ontwikkeling. De initiatiefnemer dient afspraken te maken met derden over gronden voor zover die noodzakelijk zijn voor de realisatie van zijn plan.
1. 2.
Opstellen gebiedsvisie CID (structuurvisie) en Plan MER; Uitwerking van gebiedsvisie in bestemmingsplannen/ omgevingsvergunning voor (deel)projecten (met eventueel Project MER). De samenhang tussen de agenda CID, de gebiedsagenda’s CID en de gebiedsvisie is hiernaast schematisch weergegeven.
De onderwerpen waar afspraken over gemaakt moeten worden in de overeenkomst zijn: • • •
• •
• •
De ruimtelijke en programmatische uitgangspunten van het project. De fasering van het project. Uitgifte van de gemeentelijk gronden op de hoek Anna van Hannoverstraat – Wilhelmina van Pruisenweg en op de hoek van Anna van Hannoverstraat – Laan van Nieuw Oost-Indië en eventuele overige locaties voor zover deze nodig zijn voor de ontwikkeling. Eigendoms-/ erfpachtsituatie na afronding project. Onderhoud en beheer tijdens de verschillende fasen van het plangebied binnen de grenzen van de fase in aanbouw, gedurende de bouw van deze betreffende fase tot en met de oplevering. De vergoeding van planschade en eventuele zekerheidsstellingen hieromtrent. Kostenverhaal
Bovenstaande lijst is indicatief en niet uitputtend.
Agenda CID
Gebiedsvisie CID
PlanMER CID
Planologische procedure Op basis van de structuurvisie, de gebiedsagenda en de PUK worden de kaders voor de ontwikkelingen uitgewerkt in een bestemmingsplan. De planologische kaders kunnen voor een gebied als geheel of per project worden vastgesteld. Afhankelijk van de omvang en samenhang van de projecten binnen een gebied zal bij een bestemmingsplan of omgevingsvergunning ook een projectMER worden opgesteld. Voor deze herontwikkeling dient de initiatiefnemer met een m.e.r.-beoordelingsnotitie te motiveren of het project m.e.r.plichtig is. In de m.e.r.-beoordelingsnotitie wordt op basis van de drempelwaarden en het samenhangcriterium uit het Besluitm.e.r gemotiveerd of het project kan leiden tot ‘belangrijke negatieve effecten op het milieu’. Het bevoegd gezag besluit op basis van de m.e.r.beoordelingsnotitie voor deze ontwikkeling een projectMER dient te worden opgesteld.
Policy Campus
ICT-Security Campus
College Campus
Projecten Den Haag U’baan/CS-Oost
Projecten Den Haag Laan van NOI
Projecten HS/Laakhavens
NVU Bestemmingsplan Omgevingsvergunning
NVU Bestemmingsplan Omgevingsvergunning
NVU Bestemmingsplan Omgevingsvergunning
Gebiedsagenda Den Haag U’baan/CSOost
Gebiedsagenda Den Haag Laan van NOI
Gebiedsagenda HS/Laakhavens
Samenhang PUK met CID Agenda 2040, Gebiedsvisie CID en Gebiedsagenda Den Haag Laan van NOI Een planuitwerkingskader(PUK) is vergelijkbaar met een Nota van Uitgangspunten (NvU) in bovenstaand schema. PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
63
Coördinatieregeling
8.4 Planning en fasering
Indien het uitwerkingsniveau van de plannen ver genoeg is, kunnen omgevingsvergunningen, waaronder die voor de activiteit bouwen, maar ook een eventueel te nemen besluit hogere waarde Wet geluidhinder parallel aan de planologische procedure worden verleend door gebruik te maken van coördinatieregeling. Mocht initiatiefnemer van de coördinatieregeling gebruik willen maken, dan dient zij hiervoor een schriftelijk verzoek bij het college van Burgemeester en Wethouders in te dienen.
Het project zal in meerdere fasen uitgevoerd moeten worden vanwege haar omvang. Om te kunnen starten zal een deel van het huidige gebouw eerst gesloopt moeten worden. Dit betreft het deel aan de Laan van Nieuw Oost-Indië waar geen statushouders zijn gehuisvest. Fase 2 van de ontwikkeling zal op zijn vroegst plaatsvinden nadat de voor ontwikkelaar verplichte verhuurperiode van de statushouders is verstreken, waarna het andere deel van het pand (zijde Wilhelmina van Pruisenweg) gesloopt kan worden om te plaats maken voor nieuwbouw. Deze verplichte verhuurperiode verloopt in de loop van 2022.
8.3 Bouwen in nabijheid van het spoor De herontwikkeling van Soza bevindt zich nabij het spoor en het grondgebied van NS en ProRail. Met deze partijen zullen nadere afspraken worden gemaakt over de belangen van deze partijen m.b.t. de veiligheid van de exploitatie van het spoor en toekomstige ambities voor het station en spoortracé. Voor bouwen aan, op, in, onder, boven of naast de hoofdspoorweg, is artikel 19 van de Spoorwegwet van toepassing. Verder is vanuit het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen uitgebracht. Er wordt geadviseerd deze mee te nemen bij de uitwerking van de bouwplannen. De gemeente heeft met de openbaar vervoer partijen afgesproken een ruimtelijke en programmatische verkenning te maken voor de gebiedsontwikkeling aan de Alphenstraat en het station. De ontwikkeling van een mogelijk nieuw station, daaraan gekoppelde ketenvoorzieningen en mogelijkheden voor capaciteitsuitbreiding langs de noordzijde van het station is hier ondermeer onderdeel van.
64
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
8.5 Veiligheidsplan en BVC-hoofdlijnenplan Zowel voor de sloop als bij de bouw van het initiatief zal een veiligheidsplan conform het bouwbesluit 2012 ter beoordeling ingediend moeten worden waarin de maatregelen om onveilige situaties tijdens werkzaamheden te voorkomen, worden beschreven. In de veiligheidsplannen moet ook de impact op de omgeving en bedrijfsvoering van de NS worden meegewogen. Het gebied kenmerkt zich door doorgaande wegen en hoge bebouwing. Voor de voetganger en fietser is maar beperkt ruimte. Tijdens de bouw van nieuwe gebouwen wordt rekening gehouden met het omliggende gebruik van de gebouwen en de openbare ruimte. Het afsluiten van wegen, fietspaden en trottoirs is slechts beperkt mogelijk. Dit stelt hoge eisen aan de manier van bouwen. Bij het aantonen van de haalbaarheid wordt dan ook speciale aandacht gevraagd voor het ruimtebeslag buiten de kavel en de wijze waarop de omgevingsveiligheid wordt gewaarborgd. In Den Haag is de landelijke richtlijn bouw- en sloopveiligheid van toepassing. Tijdens de planuitwerking moet daarom vroegtijdig contact opgenomen worden met de veiligheidsregio i.r.t. de bereikbaarheid, bestrijdbaarheid en de concepten voor hoogbouw.
Ontwikkelende partijen dienen met de gemeente een bouwlogistiek overleg te initiëren. Daarnaast dient de ontwikkelaar contact op te nemen met ProRail over de condities waaronder naast het spoor gebouwd kan worden i.v.m. de bereikbaarheid en beschikbaarheid van het station en haar omgeving. Hiervoor dient ook een vergunning te worden aangevraagd bij ProRail. Na de vaststelling van het PUK en de eerste gesprekken over het veiligheidsplan dient zo snel mogelijk een BVChoofdlijnenplan (Bereikbaarheid, Verkeersveiligheid en Communicatie) ingediend te worden bij de Bereikbaarheidsregie van de gemeente Den Haag. Hierin worden de consequenties van de realisatie op de bereikbaarheid, de leefbaarheid en verkeersveiligheid uitgewerkt. Als er gebouwd wordt in de stad ontstaan vaak tijdelijk aanpassingen van de verkeersituatie. Vooral bij hoogbouw, omdat dit vaak grootschalige en meerjarige projecten zijn. Een goede uitstraling van een bouwplaats, een goede invulling bij eventuele leegstand en een goede bereikbaarheid zijn belangrijk, zodat de leefomgeving ook in tijdelijke situaties haar kwaliteit behoudt.
B. BIJLAGEN Bijlage 1 Ruimtelijke randvoorwaarden en profielen uitgaande van reservering uitbreiding capaciteit randstadrail en metro spoordijk Bijlage 2 Eindverslag participatie (d.d. 15 mei 2020) Bijlage 3 Bestemmingsplan Bezuidenhout (onherroepelijk vastgesteld d.d. 24 april 2014) Bijlage 4 Verslag HDT SoZA NOI 14 mei 2019 (Gemeente Den Haag) Bijlage 5 Concept Duurzaamheidplan SoZa Den Haag (d.d. 14 mei 2020) Bijlage 6 De Anna Den Haag. Bezonningsonderzoek (Peutz; d.d. 3 april 2020) Bijlage 7 De Anna Den Haag. Windklimaatonderzoek m.b.v. CFD (Peutz; d.d. 15 april 2020) Bijlage 8 Quick-scan luchtkwaliteit (Antea Group; d.d. 24 mei 2019) Bijlage 9 Onderzoek geluidsbelasting (d.d. 6 juli 2020) Bijlage 10 Mobiliteitsconcept SoZa (Rho Adviseurs B.V.; d.d.29 juli 2020) inclusief parkeerbalans, fietsparkeerbalans en verkeersgeneratie. Bijlage 11 DWG randvoorwaardenkaart en profielen Bijlagen 2 t/m 11 zijn seperaat beschikbaar.
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
65
66
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
BIJLAGE 1. DE RUIMTELIJKE RANDVOORWAARDEN EN PROFIELEN UITGAANDE VAN RESERVERING UITBREIDING CAPACITEIT RANDSTADRAIL EN METRO SPOORDIJK
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
67
legenda + spoor uitbreiding Grens ontwikkelgebied Plangebied (ontwikkelgebied inclusief openbare ruimte) Bestaande bebouwing Bebouwing Station Laan van NOI Overkapping perron Spoor en perron Stationspassage (tunnel) Vernieuwing en verbreding toegang naar perrons Onderzoek mogelijke passages (toekomstige interwijkverbinding/ toegang naar perrons) Nieuwe bebouwing footprint hoogbouw (>50 m) (locatie indicatief)
L kk
n he
Sc
footprint middelhoogbouw (25-50 m) (locatie indicatief)
e
ad
Zoekgebied hoogbouw max diagonaal 45 meter
n mi 6m
H=x
Maximale bouwhoogte in meters Hoek plint (nader te onderzoeken, ontwerpopgave)
I
Vergroening dakvlak Contour kelder- / garagelaag Vaste rooilijn plint Uiterste rooilijn plint Indicatie uitkraging stedelijke laag
5m
Accent hoogbouw
n1
mi
II
,5m
P / L Zoekgebied in- en uitgang parkeergarage en/of logistiek
19
Toegang publieke daktuin vanaf maaiveld (tenminste gedurende de dag)
t raa
t
rs ve no
L
ina
lm lhe Wi
P
+
Uitkraging stedelijke (indicatief)
n va eg nw ise
Pru
na An
Pleinruimte / bijzondere verblijfsruimte met groenelementen Vergroening buitenruimte
m 8,2
Bestaand spoortalud
2
,6m
9 n1
mi
n va
Visuele verbreding groene Schenk
n Ha
(Bestaand) groen Bestaand water Openbare ruimte Fietspad Tramhalte Trambaan
ng eri erv mst s re eko to
11 meter uitbreiding spoor reservering
NB: openbare ruimte van Schenkkade, Wilhelmina van Pruisenweg en Anna van Hannoverstraat zijn indicatief en geven hoofdprincipes aan. Toekomstige inrichting is onderwerp van studie. 50m
68
PUK ANNA VAN HANNOVERSTRAAT 4 - MEI 2021
500m
N
max. 125m*
A
max. 75m*
C
A
max. 28m*
max. 28m*
max. 75m*
min 3,6 m min 4,5 m
28,2 m shared space
min 7 m tot de gevel min 3,5 m obstakelvrij
max. 28m*
max. 28m*
min. 3,6 m min. 4,5 m
19,3m shared space
6,4
2,9 2,7 3,2 min 4 2,5 1 accentuering entree
Profiel CC’
setback toren min 2,7 boom min 7 m tot de gevel uiterste rooilijn plint
Profiel AA’
uiterste rooilijn plint in lijn met headquarter
uitkraging max 2,5 meter t.o.v. plint
1 accentuering entree
setback toren min 2
uiterste rooilijn plint in lijn met headquarter
2,9 2,7 3,2 min 4 2,5
uitkraging max 2,5 meter t.o.v. plint
2,5
uiterste rooilijn in verlengde van rooilijn headquarter
2,5
11m reservering uitbreiding capaciteit RET en RR
min 3,5 m obstakelvrij
plint stedelijke laag incl. plint toren
t ms ko toe ng res
eri erv
Identiteit van de buitenruimte Grens ontwikkelgebied
Plangebied (ontwikkelgebied inclusief openbare ruimte) Stedelijke vergroende pleinruimte / trottoir (omgevingsdomein station) Bestaande bomen (onderzoeken kwaliteit, aantallen in het gebied blijven minimaal gelijk) Toevoegen van nieuwe bomen Straat met levendige plinten en extra groen (d.m.v. o.a. straatbomen, 1 rij, 1e orde) Doorsteek met extra groen Bestaande / toekomstreservering toegang perrons en/of interwijkverbinding Ecologische verbinding respecteren & versterken (ambitie herinrichting) Visueel verbreden van ecologische verbinding Schenkzone Groene verblijfsruimte voor de buurt Publieke groene binnenhof/daktuin met verblijfsfunctie (ontmoeten / spelen) Levendige plint (1e prioriteit, geen woningen op BG) Levendige plint (ambitie; buiten plangebied) Realiseren van buitenruimte en vergroening van de stedelijke laag conform Nota Haagse Hoogbouw Toegang publieke daktuin vanaf maaiveld (tenminste gedurende de dag) 11 meter uitbreiding spoor reservering
Bij plaatsing van poller halverwege W. van Pruisenweg (parallel aan het spoor) Grens ontwikkelgebied Plangebied (ontwikkelgebied inclusief openbare ruimte) Kelder- / garagelaag shared space (autovrij)
R
50 km - zone
K&
30 km - zone 30 km - zone (privaat terrein) route voor laden en lossen (venstertijden en beperking aslast en lengte stationsdomein en/of interwijkverbinding keermogelijkheid auto onderzoek mogelijke inpassing Mobi hub onderzoek inpassing K&R & taxistandplaats
L
P L
in- en uitgang parkeergarage en/of logistiek (locatie indicatief) fietsparkeren (inpandig) in- en uitrit benzinepomp tramlijn Bebouwing Station Laan van NOI 11 meter uitbreiding spoor reservering
Mobiliteit
Colofon Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Stedenbouw & Planologie Disclaimer Het beeldmateriaal is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid samengesteld. Waar van toepassing, is de bron vermeld. Voor zover bekend, zitten er geen rechten op de gebruikte foto’s. Mochten er toch foto’s in staan, die in strijd zijn met het auteursrecht, dan vragen we degenen, die menen aanspraak te kunnen maken op auteursrechten, contact op te nemen met de gemeente Den Haag.
26 mei 2021 Vastgesteld door college van B&W op 1 juni 2021 RIS308748