RIS308408 Bijlage Deel 2
Tekst van het document
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Datum
Opdrachtnaam
Status
september 2020
concept
Versie
haalbaarheidsonderzoek overkluizing Teldersweg
0.2
Opdrachtgever
Auteur
Wim Gideonse
Arthur Post
Opdrachtnummer
FH044
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Inhoudsopgave
1 Inleiding
4
2 Samenvatting
6
3 Beschouwing per thema
11
3.1 3.2
Voorgaande stappen en kaarten Thema Verbindingen voor mens en dier
11 13
3.2.1 Bijdrage aan de doelstellingen van de visie
14
3.2.2 Aandachtspunten in het ontwerp
14
3.2.3 Kansen voor verdere versterking
15
3.3
Thema Natuur en Biodiversiteit
16
3.3.1 Bijdrage aan de doelstellingen van de visie
17
3.3.2 Aandachtspunten in het ontwerp
17
3.3.3 Kansen voor verdere versterking
18
3.4
18
Thema Gebruik, Beheer en Onderhoud
3.4.1 Bijdrage aan de doelstellingen van de visie
18
3.4.2 Aandachtspunten in het ontwerp
19
3.4.3 Kansen voor verdere versterking
19
3.5
19
Thema Identiteit, Bekendheid en Positionering
3.5.1 Bijdrage aan de doelstellingen van de visie
19
3.5.2 Aandachtspunten in het ontwerp
19
3.5.3 Kansen voor verdere versterking
20
3.6
20
Aspect Kunstwerken en Tunnelveiligheid
3.6.1 Aandachtspunten in het ontwerp
20
3.6.2 Kansen voor verdere versterking
21
3.7
21
Aspect Bouw- en bouwfasering
3.7.1 Aandachtspunten in het ontwerp
21
3.7.2 Kansen voor verdere versterking
22
3.8
23
Aspect Raakvlakken omliggende projecten/omgeving
3.8.1 Bos- en boomcompensatie Madurodam
23
3.8.2 Ongelijkvloerse kruising Scheveningseweg
23
3.8.3 Verdiepte ligging Johan de Wittlaan
24
3.8.4 HUB Hubertus
24
3.8.5 Dr. Aletta Jacobsweg: Sterroute voor de fiets en vergroening
24
3.8.6 Vergroening Ver Huellweg
24
3.8.7 Warmte- koude opslag (WKO)
24
3.8.8 Autoluw centrum Noord
25
3.8.9 Hubertusviaduct
25
3.8.10 Uitvoering grootschalige onderhoudswerkzaamheden
25
4 Conclusies en aanbevelingen 4.1 4.2
27
Conclusies Aanbevelingen
27 28
4.2.1 Oostelijke overkluizing
28
2/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
4.2.2 Westelijke overkluizing
29
4.2.3 Algemeen
29
Bijlage 1: Kaart: locaties met meerwaarde, aandachtspunten en kansen
3/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
1 Inleiding ‘Breng Romantiek Terug’, de visie op Westbroekpark en Scheveningse Bosjes met de Waterpartij (visie WSBW) geeft richting aan de wijze waarop het Westbroekpark en de Scheveningse Bosjes, met behoud van eigen karakter, aantrekkelijk kunnen worden gehouden en gemaakt. Onderdeel van deze visie is het realiseren van een tweetal overkluizingen over de Prof. B.M. Teldersweg om de beide gebieden van de Scheveningse Bosjes opnieuw met elkaar te verbinden. Dit staat ook wel bekend als de DODO-constructie (dicht-open-dicht-open). In het Plan van Aanpak voor de uitvoering van de visie zijn diverse quick wins benoemd waaronder een haalbaarheidsonderzoek naar de overkluizingen. Onderhavig rapport vormt samen met een technisch rapport (Arcadis, 12 september 2019) dat haalbaarheidsonderzoek. Het technische rapport werkt het ruimtelijk ontwerp uit, op basis van het kader geschetst door de visie, en maakt de bijbehorende investerings- en levensduurkosten inzichtelijk. Tevens gaat het rapport in op een diverse bijkomende technische aspecten, zoals Kabels&Leidingen en geluid. Onderhavige rapportage vormt een vervolg op die technische uitwerking. Het geeft een reflectie op de zachtere aspecten, zoals ecologie, landschap, natuur en beleving.
De reflecties worden gekoppeld aan de relevante thema’s en doelstellingen uit de visie en aan enkele aspecten die niet specifiek in de visie staan benoemd, maar die wel van belang zijn voor een volledig beeld. Waar het technisch rapport beschrijft hoe de DODO-constructie fysiek is in te passen maakt dit rapport duidelijk waar de meerwaarde en kansen liggen en waar het ontwerp juist een verslechtering oplevert voor mens en natuur. Leeswijzer Hoofdstuk 3 vormt de kern van het rapport. Paragraaf 3.1 geeft een korte inleiding en presenteert een aantal kaarten die enerzijds de relatie leggen tussen dit rapport en de voorgaande rapporten en anderzijds refereren aan de belangrijkste reflecties uit dit onderzoek. De reflecties zelf zijn gekoppeld aan vier van de zes thema’s uit de visie (het vijfde en zesde thema hebben geen relevante aanknopingspunten voor dit onderdeel van de visie) en aan een aantal aanvullende aspecten die niet in de visie zijn opgenomen. Achtereenvolgens komen aan bod: ▪ thema ‘Verbindingen voor mens en dier’ (3.2); ▪ thema ‘Natuur en biodiversiteit’(3.3); ▪ thema ‘Gebruik, beheer en onderhoud’ (3.4); ▪ thema ‘Identiteit, bekendheid en positionering’(3.5); ▪ aspect ‘Kunstwerken en tunnelveiligheid’ (3.6); ▪ aspect ‘Bouw en bouwfasering’ (3.7); ▪ aspect ‘Raakvlakken omliggend projecten / omgeving’ (3.8).
4/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Voorafgaand aan hoofdstuk 3 geeft hoofdstuk 2 een samenvatting van de rapportage. Hoofdstuk 4 sluit de rapportage af de conclusies die uit de reflecties getrokken worden en met aanbevelingen voor een vervolg.
5/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
2 Samenvatting Het technisch onderzoek toont aan dat de DODO-constructie zoals is opgenomen in de visie op Westbroekpark en Scheveningse Bosjes met de Waterpartij (visie WSBW) technisch in te passen is. Ook is het technisch mogelijk om een spoor mee te laten lopen met de Teldersweg en die aan de oostkant aan te laten sluiten op een eventuele OV hub in de buurt van Madurodam en aan de westkant door te trekken over de Scheveningseweg. De investeringskosten worden geraamd op €83 mln. resp. €122 mln., met een bandbreedte van ±40%. De levensduurkosten, voor een periode van 100 jaar, worden geraamd op €21,3 mln. resp. €29,6 mln. excl. BTW, met een bandbreedte van ±40%. Onderhavig rapport brengt in kaart of de DODO-constructie ook daadwerkelijk bijdraagt aan de doelstellingen van de visie, welke positieve dan wel negatieve neveneffecten er optreden en of er kansen zijn voor verdere versterking. De overkluizingen zijn relevant voor vier van de zes thema’s uit de visie. ▪ Verbindingen voor mens en dier ▪ Natuur en biodiversiteit ▪ Gebruik, beheer en onderhoud ▪ Identiteit, bekendheid en positionering Ook zijn er drie aspecten beschouwd die niet in de visie zijn benoemd.
▪ Kunstwerken en tunnelveiligheid ▪ Bouw en bouwfasering ▪ Raakvlakken omliggende projecten / omgeving Het blijkt dat de positieve effecten zich vooral voordoen op de overkluizingen zelf (letters C en E in afbeelding 2.1). Het gaat dan om het verbinden van de twee gebieden van de Scheveningse Bosjes voor natuur en voor recreanten. Voor natuur is de westelijke overkluizing (C) nog belangrijker dan de oostelijke (E).
afbeelding 2.1 – locaties met meerwaarde, aandachtspunten en kansen
Op en langs het gehele tracé van de Teldersweg (A en D) en rond de kruising met de Dr. Aletta Jacobsweg / het voorplein van Madurodam (F) treden voornamelijk juist negatieve effecten op.
6/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Kansen liggen er bij het kruispunt met de Scheveningseweg (B), ter hoogte van het gazon bij de Waterpartij (D) en ook wel rond de Dr. Aletta Jacobsweg (F). Bijdrage aan de doelstellingen van de visie De beide overkluizingen koppelen de twee groengebieden van de Scheveningse Bosjes aan elkaar en drukken de Teldersweg naar de achtergrond. Doordat de barrière van de Teldersweg wordt weggenomen ontsnippert het gebied en vergroot het leefgebied van de in het gebied aanwezige fauna. De overkluizingen bieden ruimte aan allerlei wenselijke vegetatie (kruiden, mantelzoom, bosschages). De overkluizingen kunnen zo de diversiteit in het gebied vergroten en/of een geleidelijke overgang geen vormen tussen de twee gebieden. De veilige langzaam verkeerverbindingen op de overkluizingen versterken het recreatieve netwerk in/door de Scheveningse Bosjes. Bezoekers kunnen gemakkelijk een combinatiebezoek van bos en Waterpartij maken. De fietsverbindingen langs de Teldersweg blijven behouden. Er is voldoende ruimte om te zorgen dat de paden de natuur niet verstoren. Ook het automatische gevolg dat de Ver Huellweg autovrij wordt is positief voor de natuur. Aandachtspunten Op andere punten blijkt de DODO niet het voorziene positieve effect te hebben, of zelfs nadelig te werken voor het gebied.
Zo blijkt dat het onder de grond brengen van de Teldersweg en het weghalen van een deel van het Hubertusviaduct niet automatisch leidt tot een afname van het geluid in het bosgebied. Het telkens op en neer gaan van de Teldersweg heeft een negatief effect op de doorstroming . Door de ligging in een tunnelbak van enkele honderden meters wordt veiligheid van de weggebruiker een aandachtspunt. Vluchtwegen moeten voorhanden zijn en in geval van een calamiteit moeten hulpdiensten ter plekke kunnen komen. Ruimtelijk verandert er veel rond de kruising met de Dr. Aletta Jacobsweg. Waar er nu nog een ‘plein’ ligt onder het viaduct komt er in het ontwerp een verdiepte weg te lopen die Madurodam, de Koninginnegracht en verder afsnijdt van de Scheveningse Bosjes. Een entree van het bosgebied gaat hiermee verloren in plaats van dat die versterkt wordt. Ook voor de natuur zijn er negatieve effecten. Dit vooral in de vorm van de kap van bomen ten behoeve van de aanleg. Een deel van de verloren hectares zal weer terug aangeplant kunnen worden, maar niet volledig. Ook zullen de karakteristieke bomen rond de Teldersweg verdwijnen. Cultuurhistorisch gezien grijpt deze oplossing niet terug op enig tijdsbeeld. Door het uit het zicht halen van de Teldersweg wordt juist verder afgestapt van het beeld van de Parkweg.
Voor het andere relevante tijdsbeeld, de Romantiek, zou de weg juist tegenover de Waterpartij onder de grond moeten worden gebracht.
7/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Voor in eerste instantie het bouwen en later het onderhouden van de constructies zal de Teldersweg gedeeltelijk moeten worden afgesloten en verkeer worden omgeleid. Op de weg zelf en in de omgeving leidt dit tijdelijk tot verkeersoverlast. Uit het technisch rapport blijkt dat een spoor langs de noordkant van de Teldersweg is mee te nemen met marginale extra impact. Vooral speelt dat op het krapste stuk tussen het tennispark en Madurodam grond moet worden verworven en mogelijk en fietsverbinding vervalt. Aansluitend bij de gedachte uit de visie is de constructie zo ontworpen dat het qua veiligheid buiten het tunnelregime blijft vallen. De veiligheid voor de weggebruiker kan met relatief eenvoudige maatregelen geborgd worden. Wanneer bij nadere uitwerking, met name in relatie tot een eventuele ondertunneling van de Scheveningse weg of een verdiepte ligging van de Johan de Wittlaan, toch sprake zou gaan zijn van een tunnelregime heeft dit aanzienlijke gevolgen voor de benodigde veiligheidsmaatregelen en leidt dit tot aanzienlijk hogere levensduurkosten. Kansen Onderhavig rapport benoemt een aantal kansen die onderzocht kunnen worden voor mogelijk een betere invulling van het gebied. Daarbij wordt relatief dicht bij het originele ontwerp gebleven. De lijst is niet uitputtend. Voor het gebied rond de Dr.
Aletta Jacobsweg zou een bredere verbinding over de Teldersweg heen een impuls kunnen geven aan dat gebied als entree van de Scheveningse Bosjes. De ecologisch minder interessante oostelijke overkluizing kan mogelijk ‘verschuiven’ richting de Dr. Aletta Jacobsweg. Een langzaam verkeersbrug zou de verbinding bij de Ver Huellweg kunnen invullen. Aan de westkant biedt het fysiek schakelen van de westelijke overkluizing met een eventuele ondertunneling van de Scheveningseweg, waarbij de doorgaande Teldersweg verlaagd blijft liggen, wellicht de mogelijkheid een bredere groene oversteek te realiseren. Zowel aan de noordkant als aan de zuidkant van de Teldersweg is een twee-richtingenfietspad in het ontwerp opgenomen. Als een van beide paden kan vervallen, vervalt daarmee ook een barrière voor kleine dieren. Ook het verlaagd houden van de weg in het tussenstuk tussen de overkluizingen biedt kansen. Hoewel hierbij de eis ten aanzien van het zicht op het Indisch monument vanaf de Teldersweg losgelaten moet worden ontstaat er veel meer vrijheid voor het positioneren van de overkluizingen. Het is dan zelfs mogelijk om juist ter hoogte van de Waterpartij de Teldersweg onder de grond te brengen. Dit biedt kansen voor het terugbrengen van elementen uit het tijdsbeeld van de Romantiek. Mogelijk heeft dit ook een positief effect op het geluidsniveau in het park.
Tot slot liggen er nog een aantal kansen in de uitvoeringsfase. Hoe eenvoudiger het ontwerp uiteindelijk wordt hoe korter de bouwtijd, hoe meer zekerheid en hoe lager de kosten. Een tijdelijke omleidingsweg parallel aan de Teldersweg kan de bouwtijd en
8/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
verkeershinder aanzienlijk inperken. Hinder kan beperkt worden door de uitvoering gelijktijdig te laten lopen met werkzaamheden die elders op de Noordelijke Randweg plaatsvinden. Raakvlakken omliggende projecten In de omgeving van de Teldersweg gaan de komende tijd een aantal projecten spelen die van invloed zijn op onderhavig project. Een eventuele herinrichting van de Teldersweg, in welke vorm dan ook, moet altijd bezien worden in relatie tot die projecten. Een directe fysieke relatie is er onder meer met het ongelijkvloers maken van de kruising met de Scheveningseweg, de herinrichting van de Ver Huellweg en een spoorverbinding langs de Teldersweg. Deze en andere projecten zijn ook benoemd in de gebiedsvisie Internationale Zone. Conclusies en aanbevelingen Conclusies Uit het onderzoek naar de inpassingsmogelijkheid van de DODO-constructie blijkt dat de DODO-constructie fysiek in te passen is, zowel zonder als in combinatie mét een spoorverbinding langs de Teldersweg. De kosten zonder spoorverbinding worden geraamd op €83 mln investeringskosten en €21,3 mln levensduurkosten. De kosten mét spoorverbinding op €122 mln investeringskosten en €29,6 mln levensduurkosten. Prijzen excl. BTW. Deze middelen zijn op dit moment nog niet beschikbaar.
Met het koppelen van de twee groengebieden draagt de DODO-constructie zondermeer bij aan het realiseren van diverse doelstellingen uit de visie. Vooral voor natuur en recreatie heeft het verdiepen en overkluizen van de weg een grote meerwaarde. Vooral de westelijk overkluizing heeft ecologische meerwaarde. Bij de oostelijke overkluizing is die meerwaarde lager. Ook kleven er een aantal nadelen aan de DODO constructie zoals die in de visie is beschreven en voor dit haalbaarheidsonderzoek is uitgetekend. Er spelen ruimtelijke aandachtspunten ter hoogte van de Dr. Aletta Jacobsweg, verkeerskundige aandachtspunten op de Teldersweg en aandachtspunten ten aanzien van natuur/bomen langs het tracé en rond het gazon bij de waterpartij ten aanzien van cultuurhistorie. Er zijn desalniettemin mogelijkheden voor optimalisaties van het ontwerp waarbij een aantal van de nadelige effecten voorkomen of verminderd kunnen worden. Kansen liggen er ook in het spelen met de plaatsing van de overkluizingen, in het onderzoeken van mogelijkheden om een andere invulling te geven aan eisen/wensen en in het aansluiten bij andere projecten. Er is een sterke samenhang met diverse grote raakvlakprojecten. De samenhang met de spoorverbinding langs de Teldersweg, de ondertunneling van de Scheveningseweg en de Vergroening van de Ver Huellweg zijn hiervan het belangrijkste.
De ontwikkeling van de projecten moet in samenhang worden bezien.
9/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Aanbevelingen In alle gevallen nauwe afstemming te houden met de genoemde raakvlakprojecten. Op het moment van schrijven moet voor al die projecten nog besluitvorming plaatsvinden. Dit leidt tot kansen, maar ook tot onzekerheden m.b.t. de uitwerking en realisatie van de DODO-constructie. Aanbevolen wordt om met een verdere uitwerking in ieder geval te wachten totdat bekend is of er een spoorverbinding langs de Teldersweg (ambitie 2028) gerealiseerd gaat worden, om zodoende geen desinvesteringen te doen of het fysiek inpassen van het spoor onmogelijk te maken. Indien er wordt besloten tot het realiseren van een spoorverbinding langs de Teldersweg wordt aanbevolen de overkluizingen en de spoorverbinding, samen met de andere raakvlakprojecten, in een integraal ontwerptraject te ontwikkelen. Indien er niet besloten wordt tot het realiseren van een spoorverbinding langs de Teldersweg wordt aanbevolen om te wachten met het verder ontwikkelen van de oostelijke overkluizing totdat het Hubertusviaduct ter hoogte van de Aletta Jacobsweg aan vervanging toe is, ondanks dat dit mogelijk nog tientallen jaren duurt. Hierdoor wordt werk met werk gemaakt en kan mogelijk gebruik worden gemaakt van vrijkomende middelen voor het vervangen van het kunstwerk. Aanbevolen wordt te overwegen de oostelijke overkluizing dan te verplaatsen naar, of eventueel door te trekken tot aan, de Dr.
Aletta Jacobsweg. Hierdoor blijft er een ruimtelijke verbinding bestaan tussen de Scheveningse Bosjes en het voorplein van Madurodam. Die verbinding vormt een entree tot het bosgebied. Aanbevolen wordt om vooruitlopend op de ontwikkeling van de oostelijke overkluizing wel alvast onderzoek te doen naar een ongelijkvloerse oversteek over de Teldersweg voor langzaam verkeer ter hoogte van de Ver Huellweg. Voor de recreatieve beleving van het gebied is die oversteek van grote meerwaarde. In de huidige situatie bestaat er op die plek geen officiële oversteek. Aanbevolen wordt om de westelijke overkluizing te realiseren in een integraal traject met een ondertunneling van de Scheveningseweg, al dan niet in combinatie met een spoorverbinding langs de Teldersweg. Door de twee/drie projecten te combineren wordt werk met werk gemaakt en komt er één geïntegreerd ontwerp. De doelstelling uit de visie m.b.t. natuur en recreatie moeten bewaakt worden. Aanbevolen wordt om bij de uitwerking van de verschillende onderdelen te heroverwegen welke eisen, die ten grondslag lagen aan het ontwerp in deze haalbaarheidsstudie, behouden moeten blijven of eventueel op een andere manier ingevuld kunnen worden. Onder meer is de eis van het behouden van het zicht op het Indisch monument zeer bepalend, maar tevens ook beperkend voor andere onderdelen.
Een andere invulling van de behoefte zou ontwerpvrijheden kunnen opleveren. Ook is gebleken dat het ontwerp niet leidt tot de gewenste geluidsreductie in het bos. Het effect van additionele geluidreducerende maatregelen, dan uitsluitend het verlagen van de weg, kunnen onderzocht worden bij de verder uitwerking.
10/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
3 Beschouwing per thema Dit hoofdstuk vormt de kern van het rapport. Het brengt in beeld in welke mate de DODO-variant bijdraagt aan de doelstellingen als benoemd in de visie enerzijds, en anderzijds op welke wijze de DODO verder nog een bijdrage levert, afbreuk doet aan of een kans kan zijn voor de meerwaarde van het gebied. De doelstellingen zijn in de visie geformuleerd aan de hand van zes thema’s. Vier daarvan zijn relevant voor dit haalbaarheidsonderzoek. 1. Verbindingen voor mens en dier 2. Natuur en biodiversiteit 3. Gebruik, beheer en onderhoud 4. Identiteit, bekendheid en positionering Daarnaast geeft dit hoofdstuk een reflectie op een aantal aspecten die door in de visie niet zijn benoemd, maar die wel van belang worden geacht bij de afweging van de vervolgstap. 1. Kunstwerken en tunnelveiligheid 2. Bouw- en bouwfasering 3. Raakvlakken omliggende projecten Het hoofdstuk begint (§3.1) met het kort benoemen van de voorgaande stappen in dit onderzoek en presenteert een aantal kaarten, waaronder een overzichtskaart waarop de locaties met meerwaarde, aandachtspunten en kansen zijn aangegeven. De volgende paragrafen behandelen achtereenvolgens eerst elk thema (§3.2-§3.5) en vervolgens elk aspect (§3.6-§3.8). Met nummering (middel de letters A t/m F) wordt daarbij verwezen naar de kaart in paragraaf 3.1.
3.1
Voorgaande stappen en kaarten
De drie kaarten in dit hoofdstuk geven een beeld van de stappen in het proces tot nu toe. Van schets, via technische uitwerking, naar onderhavige beschouwing.
afbeelding 3.1 – schets overkluizingen Teldersweg | bron: Visie WSBW (uitsnede)
11/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Afbeeld in 3.1 is een uitsnede van een grotere overzichtsschets uit de Visie op Westbroekpark en Scheveningse Bosjes met de Waterpartij. Over de Teldersweg zijn twee brede overkluizingen geprojecteerd, in de schets aangeduid met ‘natuurbrug’. De groene pijlen geven de te herstellen (groen)verbindingen aan. In de bosgebieden komt het woord ’rust’ terug. De Teldersweg komt verdiept te liggen. Op basis van bovengenoemde schets, de visie zelf en een op basis van de visie opgesteld Programma van Eisen zijn twee de technische ontwerpen opgesteld. Eén zonder en één mét een spoorverbinding langs het tracé. Afbeelding 3.2 geeft het ontwerp mét spoor weer.
afbeelding 3.2 – technisch ontwerp overkluizingen Teldersweg | bron: Haalbaarheidsonderzoek; ARCADIS
Ook zijn de beide situaties geraamd. De kosten zonder spoorverbinding worden geraamd op €83 mln investeringskosten en €21,3 mln levensduurkosten. De kosten mét spoorverbinding op €122 mln investeringskosten en €29,6 mln levensduurkosten. Alle kosten zijn geraamd met een bandbreedte van ±40%. De levensduurkosten zijn berekend op basis van een levensduur van 100 jaar. In het vervolg wordt, tenzij expliciet aangegeven, geen onderscheid meer gemaakt tussen de situatie zonder of mét spoor. Gebleken is dat de aanwezigheid van een spoorverbinding in principe leidt tot een vrijwel zelfde waardering als wanner er geen spoor aanwezig is. De derde kaart, afbeelding 3.3, zie tevens bijlage 1, geeft de belangrijkste locaties aan waar zich, in het ontwerp, meerwaarde, aandachtspunten en de kansen voor mens en natuur voordoen. A: het wegtracé, inclusief de werkruimte rond het tracé; B: kruispunt Teldersweg/Scheveningseweg; C: westelijke overkluizing (1: verbinding voor de natuur; 2: verbinding voor de mens); D: gazon bij de Waterpartij; E: oostelijke overkluizing (1: verbinding voor de natuur; 2: verbinding voor de mens); F: viaduct over Dr. Aletta Jacobsweg en de verbinding met het plein voor Madurodam.
12/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
afbeelding 3.3 – locaties met meerwaarde, aandachtspunten en kansen
De kleur van de markering geeft aan of er op die locatie overwegend sprake is van een meerwaarde, aandachtspunten of kansen. Groen: meerwaarde {C+E} het object / de herinrichting op die locatie draagt bij aan de doelstellingen uit de visie of heeft anderszins een positief effect op het gebied. Rood: aandachtspunt {A+D+F} het object / de herinrichting op die locatie heeft negatieve effecten of geeft daar kans op. In vervolgstappen is het zaak die negatieve effecten te beperken of voorkomen, indien mogelijk. Blauw: kans {B+D+F} door het aanpassen van het ontwerp kunnen meer positieve effecten worden bereikt of negatieve effecten worden beperkt. Hiervoor doet het rapport een aantal suggesties, zonder al te ver af te wijken van de kaders uit de visie. De kaart is het resultaat van de analyse in het vervolg van dit hoofdstuk. De komende paragrafen bespreken per thema/aspect achtereenvolgens de meerwaarde, de aandachtspunten en tot slot de kansen. Daarbij zijn referenties naar de kaart (letters AF) opgenomen. 3.2
Thema Verbindingen voor mens en dier
Onder het thema ‘Verbindingen voor mens en dier’ beschrijft de visie WSBW het volgende (wens)beeld. De Professor B.M. Teldersweg doorsnijdt het groengebied. De weg vormt een barrière en zorgt voor onveilige situaties voor mens en dier. Door het realiseren van twee ecoducten over de Teldersweg met kruiden en struiken en wandel-, fiets- en ruiterpaden, wordt deze barrière voor mens en natuur weggenomen. Door het verlagen van de Teldersweg tot onder het maaiveld neemt de geluidsoverlast in het bos af en verdwijnt de weg uit het zicht. Verblijven in het bos wordt hierdoor aangenamer. De toegenomen rust is positief voor de natuur. De doorgaande fietsverbinding langs de Teldersweg en de kruising bij de Van Stolkweg blijven behouden. De monumenten rond de waterpartij, waaronder het Indisch monument blijven toegankelijk.
13/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
3.2.1 Bijdrage aan de doelstellingen van de visie Afname van de versnippering voor natuur {C+E} De twee overkluizingen zorgen voor een hernieuwde verbinding van de bosgebieden aan weerszijden van de Teldersweg. Het bosgebied raakt hierdoor minder versnipperd. Dit heeft een gunstige invloed en biedt kansen voor verschillende diersoorten. Uitgangspunt bij het ontwerp van de constructies is dat zij een voldoende gronddek hebben om er kleine bomen, heesters en kruidenvegetaties op te kunnen realiseren. Deze vegetatie biedt schuilplekken voor overstekende dieren. De overkluizingen vormen hierdoor robuuste schakels tussen de groengebieden, waarmee het leefgebied van de dieren vergroot. Minder barrières voor bezoekers {C+E} Bezoekers (voornamelijk recreatief) verplaatsen zich, te voet, met de fiets of te paard, van de ene naar de andere kant van het gebied. Met de realisatie van de overkluizingen verdwijnt de noodzaak om de Teldersweg hierbij gelijkvloers te kruisen. Oversteken is veiliger en de natuurbeleving wordt niet onderbroken. De Teldersweg vormt niet langer een barrière. Het aaneengesloten groengebied wordt groter, ook voor de recreant. Scheiding van paden en groen {C+E} De situering van de paden aan de randen, zorgt voor een scheiding tussen recreatief gebruik en natuur. Hierdoor wordt de natuur op de overkluizing niet verstoord.
Langzaam verkeer {A} In de huidige situatie bevinden zich aan beide zijden van de Teldersweg fietsvoorzieningen, grotendeels in twee richtingen. Bij een nadere uitwerking van een DODO variant zal nog kritisch gekeken moeten worden naar het fietsnetwerk en de optimalisatie van de beschikbare ruimte. Is het met de komst van twee veilige oversteken over de Teldersweg nog steeds wenselijk om aan beide zijden een fietspad in beide richtingen te hebben? Toe- en afritten Dr. Aletta Jacobsweg blijven bestaan {F} In de huidige situatie kruist de Teldersweg (ongelijkvloers) over de Dr. Aletta Jacobsweg. In de visie, en in de technische uitwerking, kruist de Teldersweg onder de Dr. Aletta Jacobsweg. De bestaande aansluitingen (toe-/afritten) tussen de Teldersweg en de Dr. Aletta Jacobsweg blijven gehandhaafd. 3.2.2 Aandachtspunten in het ontwerp Rust en stilte in het gebied nemen niet toe {D+F} Het streven in de visie om het gebied stiller te maken door het gedeeltelijk ondergronds brengen van het autoverkeer. Meer rust en stilte in het gebied is voor natuur zeer positief. Echter blijkt uit de studie naar de technische haalbaarheid dat door het verlagen van de weg het gebied niet per definitie stiller wordt. Het wegverkeergeluid uit de verdiepte ligging weerkaatst vanaf de wanden van de constructies alsnog het gebied in.
Onderzocht zou moeten worden, of er maatregelen zijn te nemen toch voor geluidsreductie te zorgen, zodat dit voor de natuur en de recreant winst oplevert. Verkeerskundig niet van toegevoegde waarde {A}
14/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Er is geen directe verkeerskundige noodzaak voor het realiseren van de overkluizingen. Er verbetert niets aan de huidige verkeerskundige functie van de Teldersweg, behoudens dat de oversteken bij de Ver Huellweg en Galgenpad/Dwarsweg ongelijkvloers en daarmee veiliger worden. Met het overkluizen van de weg komt de verbinding tussen de Teldersweg en de Ver Huellweg voor het autoverkeer te vervallen. In beginsel zijn voor het realiseren van een veilige (ongelijkvloerse) oversteek ook andere, minder ingrijpende en minder kostbare, maatregelen denkbaar. Verslechtering van de verkeersdoorstroming {A} De nieuwe weg krijgt met twee keer dalen en stijgen over een relatief korte afstand een zeer geaccidenteerde ligging. Uit oogpunt van de verkeersafwikkeling/-doorstroming is zo’n geaccidenteerde ligging niet gewenst. Dit kan, in combinatie met de overkluizingen, leiden tot een verschil in snelheden bij het oprijden van de hellingen of het inrijden van de overkluisde wegdelen. Dit beïnvloedt de verkeersdoorstroming op de Teldersweg negatief. Geen verlichting op de overkluizing {C+E} Het behouden van onverlichte paden op de overkluizingen is van belang om verstoring voor dieren te verkleinen.
Voorruimte bij Madurodam verslechtert {F} Het afbreken van het viaduct over de Aletta Jacobsweg heen heeft grote gevolgen voor het plein voor Madurodam en aangrenzende verbindingen via de Aletta Jacobsweg. Het huidige viaduct geeft op maaiveld meer ruimte voor langzaam verkeersverbindingen dan de verdiepte situatie. Met de geschetste situatie is juist het infrastructurele landschap zeer dominant geworden. Met name de autoverbinding Teldersweg en de toe- en afritten ernaar toe vragen veel ruimte. De Scheveningse Bosjes bevinden zich, vanaf de Koninginnegracht gezien, achter deze nieuwe verkeersingreep en het voorplein voor Madurodam staat ook ten dienste van verkeersafwikkeling voor de auto. 3.2.3 Kansen voor verdere versterking Koppeling met ongelijkvloerse kruising Scheveningseweg {B} Het ongelijkvloers maken van het kruispunt met de Scheveningseweg, zoals dit is opgenomen in de gebiedsvisie Internationale zone biedt kansen waar de natuur verder van kan profiteren. Door de westelijke overkluizing en de ongelijkvloerse kruising ‘dicht te ritsen’ ontstaat een breed gebied waar dieren zich in kunnen verplaatsen. Of dit fysiek inpasbaar en anderszins haalbaar en van meerwaarde is moet nog aangetoond worden.
Mogelijke aanleg hoogwaardige openbaar vervoerverbinding {A+F} Waar de technische rapportage wel op ingaat, maar wat niet in de visie is opgenomen, is de opgave van een mogelijke aanleg van een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding langs de Teldersweg vanaf de Koninginnegracht richting het World Forumgebied in het kader van Schaalsprong OV. Ten tijde van het opstellen van de visie was de Preverkenning Schaalsprong OV, waarin deze hoogwaardige openbaar vervoerverbinding wordt geïntroduceerd als visie, nog niet openbaar. Echter, bij het opstellen van deze haalbaarheidsstudie is als extra onderzoeksopgave meegegeven dat
15/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
naast het realiseren van twee overkluizingen over de huidige Teldersweg ook inzicht wordt gegeven van de ruimtelijke en technische impact die een dergelijke openbaar vervoerverbinding met zich meebrengt in combinatie met de DODO verbinding. Deze combinatie biedt eventueel kansen voor een hoogwaardige inpassing van een openbaar vervoerverbinding langs de Teldersweg. In beginsel lijkt de aanleg van een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding technisch haalbaar. De totale beschikbare ruimte tussen Madurodam en tennispark Thor de Bataaf lijkt echter onvoldoende te zijn voor het inpassen van zowel een verdiepte ligging van de Teldersweg, de huidige op-/afritten en tweerichtingsfietspaden als voor de aanleg van een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding (twee richtingen). Dit kan tot gevolg hebben dat er grond van derden moet worden verworven. Ingrijpend alternatief voor het Hubertusviaduct {A+F} Het Hubertusviaduct wordt in de studie gedeeltelijk in stand gehouden. Het deel vanaf de Hubertustunnel tot over de Koninginnegracht blijft in tact bij in deze studie geschetste situatie. Mocht de DODO echter gerealiseerd worden, dan kan ook worden nagedacht over het volledig afbreken van het Hubertusviaduct en te kijken naar gelijk een geheel nieuwe invulling, bijvoorbeeld in de vorm van een tunnel die doorloopt vanaf de Hubertustunnel.
Oostelijke overkluizing oostelijker realiseren {E+F} De geschetste situatie van het viaduct over de Aletta Jacobsweg heeft grote gevolgen voor de ruimte vóór Madurodam en aangrenzende verbindingen via de Aletta Jacobsweg. Door het verschuiven van de oostelijke overkluizing richting de Aletta Jacobsweg kan de beleving van het bos al vanaf de Koninginnegracht beginnen en ontstaat er meer ruimte vóór Madurodam. In de visie Internationale zone staat als ambitie uitgesproken dat de groengebieden (waaronder de Scheveningse Bosjes) uitlopers zijn van het Nationaal Park Hollandse Duinen voor zowel fiets- en voetverkeer als ecologie. Verdiepte wegligging tussen de overkluizingen {D} Door de weg niet omhoog te laten komen tussen de overkluizingen in ontstaan er diverse voordelen. Allereest geeft dit voor de weggebruiker een rustiger wegbeeld, wat onder meer de doorstroming op de Teldersweg ten goede komt. Ten tweede geeft het meer speling in de ligging en lengte van de overkluizingen. De overkluizingen kunnen verder richting elkaar worden doorgetrokken. Met de blijvende verdiepte ligging komt wel het zicht vanaf de Teldersweg op het Indisch monument te vervallen. Daar tegenover staat dat er geen noodzaak meer is voor aanpassingen aan het gazon voor de Waterpartij.
Optillen van de uiteinden van de overkluizingen {C+E} Door de uiteinden van de overkluizingen iets “op te tillen’ kan de overkluizing verder doorlopen en ontstaat meer ruimte naaste het fietspad / voetpad/ ruiterpad. Door de grotere afstand tot de weg ervaart de gebruiker de beleving van de natuur sterker. 3.3
Thema Natuur en Biodiversiteit
Onder het thema ‘Natuur en biodiversiteit’ beschrijft de visie WSBW het volgende (wens)beeld.
16/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
De betekenis van het gebied wordt ondergewaardeerd als groene longen voor geluk en gezondheid van bewoners, als klimaatbuffer en als aantrekkingskracht voor nieuwe bewoners, bedrijven en instellingen. De versnippering zorgt voor een isolement van zoogdieren en amfibieën waardoor hun voortbestaan op den duur bedreigd wordt. Bij het ecologisch beheer moet onder meer aandacht zijn voor opgaande bosranden met zoomvegetatie en bloemenweides. 3.3.1 Bijdrage aan de doelstellingen van de visie Ontwikkeling kruidenvegetatie {C+E} Op de overkluizingen ligt een kans om kruidenvegetaties te ontwikkelen. Deze vegetatie komt nu relatief weinig voor binnen de Scheveningse Bosjes, omdat die voornamelijk uit bos bestaat. Zo kunnen kruidenvegetaties die aantrekkelijk zijn voor bijen en andere insecten worden gecombineerd met bosschages die schuilplekken bieden aan vogels en (overstekende) dieren. Voor de recreant levert dit een prettige oversteek van de Teldersweg op. Geen autoverkeer op de Ver Huellweg {E} Wanneer de oostelijke overkluizing wordt gerealiseerd vervalt de aansluiting van autoverkeer op de Ver Huellweg. Het afwaarderen van de weg betekent dat de weg een minder grote barrière vormt voor kleine dieren. Desalniettemin blijft het nieuwe fietspad iets van een obstakel vormen waardoor versnippering niet wordt opgeheven.
Naast het noordelijke deel van de Ver Huellweg wordt het bos begrensd door Madurodam. Ter hoogte van de beoogde overkluizing is de bosstrook erg smal. Ook het bos in zuidelijke richting bij de Bataaf blijft een bosstrook met een minimaal oppervlak. Zie ook 3.8.6 over de relatie met het deelproject Vergroenen Ver Huellweg. 3.3.2 Aandachtspunten in het ontwerp Aantasting van het bos {A+B+C+E} Het nieuwe wegtracé volgt zoveel mogelijk het bestaande wegtracé en beperken daarmee de impact op het bestaande groen. Maar door de nieuwe hoogteverschillen ontstaan er taluds die het bos aantasten. Dat is onder meer het geval ter hoogte van de waterpartij. Tussen de waterpartij en de kruising met de Scheveningseweg zal verder de bestaande boombeplanting in de middenberm verdwijnen en ook de beplanting aan beide zijde van de weg door nieuwe taluds. Om een comfortabele langzaam verkeersverbinding te maken over de Teldersweg zal diep het bosgebied in moeten worden opgehoogd. De effecten van deze gevolgen van de aanleg van de overkluizingen mogen niet onderschat worden. En vragen in een eventueel vervolgproces om een nadrukkelijke detaillering. Beperkte ecologische meerwaarde van de oostelijke overkluizing {E} Het verbinden van het groengebied levert de meeste meerwaarde op wanneer een zo groot mogelijke ontsnippering kan worden gerealiseerd.
De westelijke overkluizing heeft daarvoor de meeste potentie, omdat die overkluizing de grootste aaneengesloten bosgebieden met elkaar verbindt. De oostelijke overkluizing sluit aan op kleinere
17/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
bosstroken, waardoor de ecologische potentie veel geringer is. Dit komt enerzijds door de aanwezigheid van deze Madurodam (noordkant) en het tennispark (zuidkant) en anderzijds door de aanwezigheid van de Ver Huellweg. Beperkte ecologische meerwaarde van het gazon bij de waterpartij {D} Puur ecologisch gezien voegt het gazon voor het Indisch monument weinig toe. Onder meer heeft het terrein vrijwel geen dekking voor dieren. Gezien het belang van het gazon voor landschappelijke beleving en tijdens de herdenkingen, valt hier ecologisch weinig kwaliteit aan toe te voegen. 3.3.3 Kansen voor verdere versterking Opheffen van het zuidelijke fietspad {A} Bij realisatie van de overkluizingen, is het vanuit ecologisch opzicht gewenst om, in het bijzonder het fietspad aan de zuidkant van de Teldersweg op te heffen. Hiervoor moet dan wel het fietspad aan de noordzijde volledig dubbelzijdig zijn. Hiermee ontsnippert een groot bosgedeelte aan de zuidzijde waarmee het leefgebied voor dieren vergroot wordt. Doordat hiermee ook het aanlichten van het fietspad verdwijnt keren er meer vestigingsmogelijkheden terug voor dieren, in het bijzonder vleermuizen. 3.4
Thema Gebruik, Beheer en Onderhoud
Onder het thema ‘Gebruik, beheer en onderhoud’ beschrijft de visie WSBW het volgende (wens)beeld. Door de komst van snelle (en geruisloze) elektrische fietsen, scooters en auto’s neemt het risico op confrontaties met wandelaars of ‘traditionele’ fietsers toe. Daar waar die elkaars wegen kruisen dienen snelheidsadviserende verkeermaatregelen toegepast te worden. Paden voor fietsers, wandelaars en ruiters dienen gescheiden en geaccentueerd te worden. Diversiteit in de ruimtelijke structuur en gradiënt in het gebied bieden kansen voor diversiteit van de natuur. Deze kansen moeten worden verankerd in een dynamisch beheerplan. 3.4.1 Bijdrage aan de doelstellingen van de visie Vergroten bruikbaarheid {C+E} De overkluizingen gaan in gebruik zeker positief bijdragen aan de Scheveningse Bosjes. De bruikbaarheid wordt zondermeer groter, door de toename van routes en de mogelijk om een rondje te maken. Bezoekers kunnen makkelijk een combinatiebezoek maken van Waterpartij en bosgebied. Gewenste overgang tussen bosgebied en waterpartij {C+E} Bij den verdere uitwerking kunnen de overkluizingen of verschillende manieren worden ingericht. Zo kunnen zij voor dieren, maar evengoed voor de mens, een geleidelijke overgang vormen tussen het bosgebied en het gebied rond de waterpartij.
De overkluizingen bieden de mogelijkheid om natuur aan te leggen die diversiteit en gradiënt in het gebied bevorderen.
18/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
3.4.2 Aandachtspunten in het ontwerp Er zijn geen aandachtspunten in het ontwerp binnen dit thema. 3.4.3 Kansen voor verdere versterking Voor het thema ‘Gebruik, beheer en onderhoud’ zijn op dit moment nog geen kansen geïdentificeerd. In vervolgfases kan hier meer invulling aan gegeven worden. 3.5
Thema Identiteit, Bekendheid en Positionering
Over het thema ‘Identiteit, bekendheid en positionering’ beschrijft de visie WSBW het volgende (wens)beeld. De Scheveningse Bosjes en het Westbroekpark zijn qua natuur, landschappelijke diversiteit, sferen in het gebied, verbindingen, cultuurhistorische waarden, kernkwaliteiten en het groen zo anders dan een gemiddeld stadspark. Een iconisch gebied om trots op te zijn. Belangrijke elementen zijn de cultuurhistorische waarden en de expliciete aandacht voor herdenken in het gebied. Rust en ruimte zijn kernbegrippen. 3.5.1 Bijdrage aan de doelstellingen van de visie Het DODO-principe sluit niet goed aan bij het versterken van de cultuurhistorische waarden van het gebied en draagt daarmee niet bij aan die specifieke doelstelling uit de visie. De paragrafen 3.5.2, over de aandachtspunten, en 3.5.3, over de kansen, geven hierop een toelichting. Ten aanzien van de rust die de visie nastreeft met het verlagen van de weg tot onder maaiveld is een ander opgenomen in paragraaf 3.2.2. De rust in het gebied neemt niet toe. 3.5.2 Aandachtspunten in het ontwerp Afbreuk van oude kwaliteit {C+D+E} De Scheveningse Bosjes hebben cultuurhistorisch twee gezichten. Het vooroorlogse tijdsbeeld van de Romantiek, met bosgebied, een meer parkachtig gebied rond de waterpartij en het Westbroekpark (na de oorlog verder ontwikkeld).
Het andere gezicht is die van een Parkweg door groengebied, met grote maten en vergezichten, ontworpen vanuit de wederopbouw van de stad (Dudok). Dit tijdsbeeld kenmerkt zich door brede lanen en de zichtbare aanwezigheid van de auto in de park-/groenomgeving. Vanuit de auto wordt de groene omgeving beleefd, maar evenzeer hoort de auto in het beeld van het groen. De prominente aanwezigheid van de Teldersweg verwijst sterk naar het tijdsbeeld van de Parkweg. Met de komst van de overkluizingen wordt de weg uit het zicht gedrukt en gaat dat tijdsbeeld juist verloren, in plaats van dat het versterkt wordt. In het eerdere tijdsbeeld, de Romantiek, neemt het grasveld voor de Waterpartij de centrale plek in de Scheveningse Bosjes in. Het grasveld vormt de overgang tussen bos
19/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
en waterpartij. Het is dé plek waar je elkaar ontmoet. Om dat tijdsbeeld terug te brengen moet de auto juist tegenover de waterpartij onder de grond verdwijnen. Het ontwerp dat er nu ligt sluit bij geen van beide tijdsbeelden aan en levert daarnaast ook geen nieuwe kwaliteit op. Puur vanuit cultuurhistorisch oogpunt bezien heeft het ontwerp zoals dat er nu ligt beperkt tot geen meerwaarde. 3.5.3 Kansen voor verdere versterking Terugbrengen van de centrale ontmoetingsplek {D} Het historische middelpunt uit het tijdsbeeld van de Romantiek, DE centrale ontmoetingsplek op de grens van bos en Waterpartij, komt in de visie niet terug. Met eventueel het doortrekken van de overkluizing ter hoogte van de waterpartij wordt het wél mogelijk die centrale plek te maken. Daar ligt een kans om de Scheveningse Bosjes nieuwe herkenbaarheid te geven die nu gemist wordt in identiteit en positionering. Uit de eerde uitgevoerde cultuurhistorische verkenning is dit punt te destilleren. Zo’n plek zou de bruikbaarheid van de omgeving van de Waterpartij ten goede komen. Het zicht op het Indisch monument vanaf de Teldersweg komt hiermee te vervallen. 3.6
Aspect Kunstwerken en Tunnelveiligheid
De Teldersweg transformeert van een (grotendeels) op maaiveld gelegen, ‘open’ ligging naar een veel geslotenere situatie. Autoverkeer komt over een afstand van circa een kilometer te rijden door een verdiepte bakconstructie. Op twee locaties wordt de weg overkluisd. De overkluizingen hebben een gezamenlijke lengte van circa 220 meter. In één van beide uitgewerkte situaties loopt er een spoorverbinding langs de weg. De automobilist raakt meer ‘opgesloten’. In geval van een calamiteit moeten weggebruikers kunnen vluchten, moeten schadelijke stoffen en branden kunnen worden beheerst en moeten hulpdiensten de locatie kunnen bereiken. In het nieuwe ontwerp is (tunnel)veiligheid hierom een belangrijk aandachtspunt. 3.6.1 Aandachtspunten in het ontwerp Veiligheid voor de weggebruiker {A+C+E} Met de voorgestelde oplossing van twee onderdoorgangen van <250 meter is er geen sprake van tunnels in het licht van de WARVW. In dit geval kan de RWS-richtlijn voor veiligheidsvoorzieningen verdiepte wegen als leidraad dienen bij verdere uitwerking van het ontwerp. Zaken op het gebied van veiligheid voor de weggebruiker, in de vorm van mogelijkheid tot zelfredzaamheid en ventilatie, komen daarbij aan de orde. In het geval van realisatie van het spoor zal ook hier het vluchtconcept nader uitgewerkt moeten worden i.r.t. de naastgelegen constructie voor het wegverkeer.
Punt van aandacht daarnaast blijft evt. LPG transport naar het tankstation aan de Scheveningseweg door de onderdoorgangen en de daarvoor noodzakelijke voorzieningen. Het voorgenoemde maakt en DODO-constructie niet onhaalbaar, maar verdere uitwerking van het veiligheidsconcept vraagt aandacht bij een vervolg. Daarbij moet er dan naar gestreefd worden buiten het tunnelregime te blijven vallen, ook in relatie tot de
20/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
raakvlakprojecten ongelijkvloerse kruising Scheveningseweg en verdiepte ligging Johan de Wittlaan. Kosten voor beheer en onderhoud {A+C+E} De tunnelbakken en overkluizingen zullen aangelegd worden met een levensduur van ten minste 100 jaar. Technisch zal dit gerealiseerd kunnen worden. Bij verder uitwerking, en later bij een eventueel positief besluit zal rekening gehouden moeten worden met de beheer- en onderhoudskosten. Deze zullen zich met name concentreren, naast schoonmaakkosten en inspectiekosten, op het instandhouden /vervangen van installaties die aangebracht worden. De levensduurkosten worden in het technisch rapport geraamd op €21,3 mln. zonder spoorverbinding (± 40%) en € 29,6 mln. met spoorverbinding (± 40% en excl. spoorkosten uit te voeren door HTM). Daarnaast zal het coördineren van het Beheer en Onderhoud aan de constructies iets meer vragen van de gemeentelijke organisatie dan het coördineren van het Beheer en Onderhoud van de huidige weg. In het ontwerp wordt erop gestuurd dat de weg valt binnen het regime van een verdiepte ligging en niet als tunnel beschouwd hoeft te worden. Bij een tunnelregime nemen de beheerkosten en/of het incidentmanagement sterk toe. Dit is een risico voor de levensduurkosten en de inzet van de gemeentelijke organisatie. Wegafsluiting t.b.v.
beheer en onderhoud {A+C+E} Wanneer beheer- of onderhoudswerkzaamheden plaatsvinden zal de weg geheel of gedeeltelijk afgesloten moeten worden. Dit is in het nieuwe ontwerp vaker het geval dan in de huidige situatie. In geval van een afsluiting dient een goede alternatieve route beschikbaar te zijn. 3.6.2 Kansen voor verdere versterking Voor het aspect kunstwerken en tunnelveiligheid zijn op dit moment nog geen kansen geïdentificeerd. In vervolgfases kan hier meer invulling aan gegeven worden. 3.7
Aspect Bouw- en bouwfasering
De Teldersweg is een van de drukste wegen in Den Haag en maakt onderdeel uit van het Netwerk BereikbaarheidsRegie. Het is voor meerdere stadsdelen een cruciale uitvalsweg naar buiten de stad. Werkzaamheden aan de weg leiden al snel tot vertragingen en tot verkeershinder in een ruim omliggend gebied. Een van de randvoorwaarden bij het realiseren van de overkluizingen is dat er altijd verkeer over het traject moet blijven rijden, zij het met één in plaats van twee rijstroken per richting. 3.7.1 Aandachtspunten in het ontwerp Beschikbaarheid van de infrastructuur tijdens de uitvoering {A} In het haalbaarheidsonderzoek is een mogelijke uitvoeringsfasering gevonden waarbij de Teldersweg met één strook per rijrichting beschikbaar blijft voor het autoverkeer. De verkeershinder door het project voor en in de omgeving is hierdoor niet maximaal. Afslaande bewegingen van het verkeer van/naar de bestaande aansluitingen zijn tijdens de fasering fysiek niet mogelijk.
21/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
In de beschreven verkeersfasering is het tijdelijk, zelfs voor hulpdiensten en Openbaar Vervoer, niet mogelijk om de Teldersweg te kruisen of om op de weg in-/uit te voegen. Buslijn 22 een omleiding rijden tijdens de werkzaamheden. De route wordt langer en de reistijd neemt toe. Ander lijnen die in de omgeving van de Teldersweg rijden zullen te maken krijgen met meer drukte op de weg, en daardoor met langere rittijden. Het werk is daarmee evengoed een forse barrière in het verkeersnetwerk. Daarnaast zal het noodzakelijk zijn om het traject enige malen af te sluiten onder meer om fasewisselingen te realiseren of liggers van de overkluizingen aan te brengen. In een latere projectfase moet nader worden onderzocht wanneer verkeersstops of afsluitingen nodig zijn. Verkeersoverlast in de omgeving {A+C+E} De uitvoering van de werkzaamheden zal een beslag leggen op de omgeving om geen verkeerscapaciteit beperkende maatregelen vooraf of tijdens het project in/door te voeren. Alle wegcapaciteit voor het verkeer is nodig. De situatie met spoor zal in de realisatiefase voor extra verkeershinder zorgen ten opzichte van de situatie zonder spoor, omdat er extra wegen afgesloten moeten worden. Bouwveiligheid {A} De aanleg van een DODO-constructie met verkeer langs of in het projectgebied leidt tot aandachtspunten in kader van veiligheid. Zowel voor de weggebruiker als voor de wegwerker.
Onder meer is er tijdens de uitvoering, als gevolg van het gekozen principe van een verlaagde Teldersweg, sprake hoogteverschillen. In een latere projectfase zal moeten worden onderzocht of de bouwveiligheidseisen invloed hebben op het faciliteren van verkeer op/langs het werk. 3.7.2 Kansen voor verdere versterking Eenvoud van het ontwerp {A+C+E} Hoe eenvoudiger het ontwerp, hoe korter de bouwtijd en hoe minder faseringen nodig zijn. Een korte bouwtijd leidt tot een minder lange duur van de overlast. Minder faseringen betekent voor de automobilist minder wisselingen van de situatie op de weg. Dit heeft een positief effect op de doorstroming en op de verkeersveiligheid. Het ontwerp wordt significant eenvoudiger wanneer bijvoorbeeld, één overkluizing wordt gerealiseerd in plaats van twee, het Hubertusviaduct behouden blijft of het spoor niet wordt aangelegd. Tijdelijke weg {A} Het in paragraaf 3.3.2 benoemde punt zo veel mogelijk bomen willen sparen is een beperkende factor in de zoektocht naar faseringsmogelijkheden om het verkeer langs de werkzaamheden te laten gaan. In een vervolgstap kan onderzocht worden welke mogelijkheden er zijn om specifieke bomen te verplaatsen om zo ruimte creëren voor een tijdelijke parallelweg. Met een parallelweg kan de constructie veiliger, sneller en mogelijk goedkoper worden gerealiseerd.
Onderzocht moet dan worden wat de gevolgen zijn van de tijdelijke weg voor o.a. het groen.
22/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Combinatie van werkzaamheden Noordelijke Randweg {A} Het project ligt op een verkeersinprikker vanaf de A4 naar Scheveningen. Op andere delen van de inprikker worden vanaf 2023 diverse grootschalige projecten uitgevoerd. Afsluitingen als gevolg van die projecten leidt tot tijdelijk minder verkeer op de Teldersweg. Kansen kunnen verkend worden voor een gelijktijdige uitvoering van de overkluizingen en de andere projecten. De verkeershinder a.g.v. de overkluizingen zal dan minder omvangrijk zal zijn. De exacte verkeersimpact moet nog verder worden onderzocht. 3.8
Aspect Raakvlakken omliggende projecten/omgeving
De technische rapportage gaat kort in op de ruimtelijke ontwikkelingen die spelen in de omgeving van de Teldersweg en die van invloed zijn of beïnvloed worden door het DODO-project. In aanvulling op de technische rapportage volgen in deze paragraaf nog enkele toevoeging daarop. In de gebiedsvisie Internationale Zone zijn onderstaande projecten (met ruimtelijke impact) ook opgenomen. De visie WBSW is in de visie Internationale Zone integraal overgenomen. 3.8.1 Bos- en boomcompensatie Madurodam De aanplant van bomen ter compensatie van boomkap als gevolg van uitbreiding van Madurodam gaat naar verwachting op zijn vroegst pas over enkele jaren spelen. Eerst zal de beroepsprocedure i.z. de aanpassing van het bestemmingsplan plaatsvinden. Daarna wordt een vergunningaanvraag voor uitbreiding ingediend. Pas na het doorlopen van die procedure zal aanplant van compensatiegroen in het talud in gang worden gezet, dan ook afgestemd op de daadwerkelijke fasering van de uitbreiding van Madurodam. De boomcompensatie blijft een aandachtspunt bij verdere uitwerking van de overkluizingen, maar vormt geen knelpunt. 3.8.2 Ongelijkvloerse kruising Scheveningseweg Het ongelijkvloers maken van het kruispunt met de Scheveningseweg is opgenomen in de Gebiedsvisie Internationale Zone. Het biedt mogelijk kansen voor het verlengen van de westelijke overkluizing door de twee fysiek aan elkaar te koppelen.
Daar tegenover staat dat een ongelijkvloerse kruising ook inhoud dat verkeer langer in een tunnel(bak) rijdt, wat mogelijk consequenties heeft voor te treffen veiligheidsmaatregelen. De vraag is verder hoe, in de situatie dat daartoe besloten wordt, een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding fysiek moet worden ingepast in combinatie met de ongelijkvloerse kruising. Van belang is vooral inzicht te krijgen in de benodigde ruimte voor het realiseren van infrastructuur om het spoor aan te sluiten op de tramsporen in de Eisenhowerlaan en om het autoverkeer uit te kunnen wisselen tussen de Teldersweg (verdiepte ligging) en de infrastructuur op maaiveld.
23/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
3.8.3 Verdiepte ligging Johan de Wittlaan Zoals reeds vermeld in het technisch rapport is de relatie met een verdiepte ligging van de Johan de Wittlaan voornamelijk functioneel en gericht op veiligheid. Het verdiepen van de Johan de Wittlaan zal gebeuren in combinatie met een ongelijkvloerse kruising met de Scheveningseweg. Hierdoor ontstaat, in combinatie met de overkluizingen, een tunnelbak met een nog groter lengte. Dit hoeft geen obstakel te zijn, maar is wel een aandachtspunt bij verdere uitwerking en kan aanvullende (veiligheids)eisen tot gevolg hebben. 3.8.4 HUB Hubertus In het kader van de preverkenning Schaalsprong OV als ook de Gebiedsvisie Internationale Zone wordt nagedacht over het realiseren van een mobiliteits-HUB in de nabijheid van Madurodam. Dit openbaar vervoerknooppunt, een overstaphalte met aanvullende (mobiliteits-) voorzieningen en verschillende vervoerssoorten, wordt voorgesteld om de openbaar vervoersverbinding van, naar en parallel aan de kust te verbeteren. Op dit moment is voor deze HUB nog geen exacte locatie bekend. De zoektocht naar een geschikte locatie richt zich op een zone rond de halte. Bij een verdere uitwerking van de plannen rond de overkluizingen verdient het aanbeveling om ook de spoor aansluiting nader uit te werken teneinde inzicht te krijgen in de impact van deze aansluiting. 3.8.5 Dr.
Aletta Jacobsweg: Sterroute voor de fiets en vergroening De herinrichting van de Dr. Aletta Jacobsweg vormt in de basis geen risico voor het realiseren van de overkluizingen. Het verdient wel aanbeveling om met een eventuele herinrichting qua ontwerp en planning af te stemmen. Met name op het punt waar de Dr. Aletta Jacobsweg en de Teldersweg elkaar kruisen en op elkaar aansluiten. Bij gebrek aan afstemming is er een risico op desinvesteringen, bij een goede afstemming een kans om werk met werk te maken. 3.8.6 Vergroening Ver Huellweg De Ver Huellweg is gelegen nabij het westelijke uiteinde van de oostelijke overkluizing. De huidige Teldersweg ‘knipt’ de Ver Huellweg in twee delen. Het vergroeningsproject van de Ver Huellweg houdt in dat het wegprofiel terug wordt gebracht naar passende proporties. Vrijkomende ruimte wordt ingevuld met groen. De weg wordt een aantrekkelijke route voor recreatieve fietsers en voetgangers. Het traject van de Ver Huellweg komt te lopen over de rand van de oostelijke overkluizing. Hierdoor ontstaat een veilige oversteek over de Teldersweg. In het vergroeningsproject komt naar voren dat een veilige oversteek een belangrijke voorwaarde is voor de meerwaarde van met name het noordelijk deel.
3.8.7 Warmte- koude opslag (WKO) In het kader van de ontwikkeling van het Plesmangebouw wordt een WKO-installatie in de nabijheid van het talud van het Hubertusviaduct gerealiseerd. In het trottoir langs het viaduct zijn een aantal ontluchtingspunten voorzien. Hoe de installatie er ondergronds
24/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
uitziet is op het moment van schrijven niet bekend. De aanwezigheid van de WKOinstallatie is een aandachtspunt bij verder uitwerking van de DODO, maar leidt niet tot het niet kunnen realiseren van de DODO. 3.8.8 Autoluw centrum Noord Het autoluw maken van Centrum Noord kan goed leiden tot een toename van het verkeer op het gehele Telderstracé, waaronder de Teldersweg. Eventuele capaciteitsproblemen zullen in eerste instantie optreden bij de kruispunten. Pas als daar geen capaciteitsproblemen optreden zouden eventueel de wegvakken een bottleneck kunnen gaan vormen. In het ontwerp van de DODO-constructie houdt de Teldersweg hetzelfde aantal rijstroken als in de bestaande situatie en behoudt daarmee in principe ook dezelfde capaciteit, behoudens het aandachtspunt m.b.t. het op en neergaan van de weg en de effecten daarvan op de doorstroming, als benoemd in paragraaf 3.2.2. Als de huidige situatie het verkeer van de toekomst aan kan, dan kan de DODO-situatie dat ook. Op het moment van uitvoering moet met actuele prognoses rekening gehouden worden. Verder zijn er als gevolg van het autoluwer maken van Centrum Noord tijdens de bouw mogelijk minder omrijdroutes beschikbaar. Bouwfasering en omrijdroutes worden in een later stadium uitgewerkt.
3.8.9 Hubertusviaduct Op basis van periodiek constructief onderzoek naar de staat van kunstwerken wordt bepaald wat er nodig is aan grootschalig onderhoud om te zorgen dat de kunstwerken in goede staat blijven. Dat kan, afhankelijk van de staat van het kunstwerk, uiteenlopen van klein onderhoud tot complete vervanging (indien het niet meer te behouden valt) en allerlei tussenliggende vormen. Zeker wanneer het gaat om grootschalige investeringen ontstaat bij het Hubertusviaduct-complex de noodzaak om gezamenlijk op te trekken met het DODOproject. Het is onwenselijk om grootschalige investeringen te doen om het viaduct te behouden wanneer straks blijkt dat het viaduct afgebroken wordt ten behoeven van de verdiepte ligging. Andersom kan een eventuele noodzaak voor vervanging een reden zijn gelijk naar een verdiepte ligging over te gaan. De ontwikkeling van de DODO en het beheer en onderhoud aan het viaduct staan niet los van elkaar. Onlangs echter is de staat van de verschillende viaducten van het Hubertusviaductcomplex in beeld gebracht. Daaruit blijkt dat, met enig onderhoud, het complex nog zeker 15 tot 30 jaar veilig mee kan. Over 15 jaar wordt het complex opnieuw gekeurd. Meeliften met het vervangen van het Hubertusviaduct lijkt op de korte termijn geen optie.
3.8.10 Uitvoering grootschalige onderhoudswerkzaamheden Grootschalig onderhoud op een aantal verkeersaders in en rond de stad de komend jaren heeft invloed op de periode en mate waarin de Teldersweg afgesloten kan worden om de overkluizingen te realiseren. Enerzijds kunnen afsluitingen van andere wegen een bedreiging zijn omdat alternatieve routes dan niet meer beschikbaar zijn. Er moet dan gewacht worden op een geschikt moment om de werkzaamheden uit te voeren.
25/31
Haalbaarheidsonderzoek overkluizing Prof. B.M. Teldersweg beschouwing op thema’s en aspecten
Anderzijds zijn er juist kansen omdat het kan zijn dat door de afsluiting en de verkeersdrukte op de Teldersweg ook afneemt. De Teldersweg vormt een belangrijke route voor het autoverkeer en (gedeeltelijke) afsluiting moet te allen tijde tijdig en passend ingepland worden.