RIS308007 Bijlage 1
Tekst van het document
B3.3
Totale educated guess SOR
In 2012 zijn er in Amsterdam naar schatting 689 slachtoffers van snorfietsongevallen, onderverdeeld in 71 ziekenhuisopnamen en 618 spoedeisende hulp behandelingen. De effecten door de invoering van de SOR, de helmdraagplicht en de modal shift zorgen samen voor een geschatte daling van 261 slachtoffers. Dit is 38%.
Maatregel Geen maatregel Helmplicht Maatregel SOR Modal shift
Totaal effect (reductie)
Verleende zorg Ziekenhuisopnamen Spoedeisende hulp 71 -12 (-17%) -5 (-7%) -18 (-25%) -35 (-49%)
618 -20 (-3%) -48 (-8%) -158 (-26%) -226 (-37%)
Totaal 689 -32 (-5%) -53 (-8%) -176 (-25%) -261 (-38%)
Tabel B3.1: Geschat effect van maatregelen op verschillende groepen slachtoffers van snorfietsongevallen in Amsterdam per jaar (Bron: SWOV, 2013)
B3.4
Dieptestudie snorfietsongevallen Amsterdam
In opdracht van de gemeente Amsterdam heeft SWOV (2016) een dieptestudie uitgevoerd naar twaalf snorfietsongevallen die plaatsvonden binnen de bebouwde kom in Amsterdam. Acht hiervan vonden plaats op het fietspad, vier gebeurden op de rijbaan van een weg zonder fietsvoorzieningen. Snorfietsongevallen op wegen met een fietsstrook zijn dus buiten beschouwing gelaten. Alle ongevalstypen zijn meegenomen, dus zowel een eenzijdig ongeval, obstakelongeval of een botsing met een andere verkeersdeelnemer. In totaal waren 96 snorfietsongevallen relevant, 12 daarvan zijn gekozen voor de dieptestudie.
B3.4.1
Kenmerken van de snorbestuurder
De snorfietsers die betrokken waren bij de bestudeerde ongevallen varieerden sterk in leeftijd. Zo was de jongste 16 jaar en de oudste 71. Kijkend naar de totale set ongevallen (96) is circa 60% van de snorfietsbestuurders jonger dan 30 jaar. Dit verschil komt waarschijnlijk omdat de jongere snorfietsers nauwelijks letsel hadden overgehouden aan het ongeval, en ze minder bereid waren om mee te werken aan het onderzoek. De verhouding tussen man en vrouw is wel representatief, in beide gevallen is twee derde van de snorfietsers man. Man
Vrouw
Totaal
16 t/m 29 jaar
Leeftijd
2
2
4
30 t/m 49 jaar
2
1
3
50 jaar of ouder
4
1
5
Totaal
8
4
12
Tabel B3.2: Snorfietsers die betrokken waren bij de bestudeerde ongevallen, naar leeftijd en geslacht. Bron: SWOV, 2016
www.goudappel.nl
B3-3
Man
Vrouw
16 t/m 29 jaar
Leeftijd
33
24
Totaal 57
30 t/m 49 jaar
16
7
23
50 jaar of ouder
12
4
16
Totaal
61
35
96
Tabel B3.3: Snorfietsers die betrokken waren bij de 96 relevante ongevallen, naar leeftijd en geslacht. Bron: SWOV, 2016 B3.4.2
Kenmerken betrokken voertuigen
Zoals eerder vermeld ligt de maximaal toegestane snelheid van snorfietsers lager dan die van bromfietsers; daarom is een helm niet verplicht voor snorfietsrijders. De werkelijke snelheid van de snorfiets blijkt echter regelmatig meer te zijn dan de maximaal toegestane snelheid van 25 km/u. Van de twaalf bestudeerde ongevallen kon de helft van de snorfietsers harder rijden dan 35 km/u, de snelheid wanneer een boete wordt uitgedeeld. De snorfietsers kwamen bij het ongeval in aanraking met een auto, fietser, of ze kwamen ten val zonder contact met een ander voertuig. Relevante ongevallen
Bestudeerde ongevallen
Valongeval
Type ongeval
27
4
Obstakelongeval
2
Snorfiets – voetgangersongeval
3
Snorfiets – fietsongeval
26
Snorfiets – snor-/bromfietsongeval
3
Snorfiets – auto-ongeval
31
Snorfiets – zwaar-verkeerongeval
2
Tegenpartij onbekend
2
Totaal
96
5 3
12
Tabel B3.4: Verdeling van de relevante en bestudeerde ongevallen naar type ongeval. (SWOV, 2016) Bij vier van de twaalf bestudeerde ongevallen was de snorfietser de enige partij die bij het ongeval betrokken was, hier geclassificeerd als valongeval. Echter bij twee van de vier valongevallen was de interactie met een andere verkeersdeelnemer wel aanleiding voor de uiteindelijke val, bijvoorbeeld door geen voorrang te krijgen van een weggebruikers die van links nadert.
B3.4.3
Kenmerken ongevalslocaties
Van te voren was bij deze studie bepaald dat acht van de twaalf opgevallen op het fietspad moesten hebben plaatsgevonden. Dit blijkt echter een goede weerspiegeling van de locaties van de relevante ongevallen. Daarvan vond 73% plaats op een fietspad en 22% op de rijbaan. De verschillende typen ongevallen vonden zowel op een rijbaan als op een fietspad plaats. Van de ongevallen die plaatsvonden op een fietspad was er twee keer sprake van een fietser en snorfietser die in dezelfde richting reden en in botsing met elkaar kwamen. Bij een derde ongeval op een fietspad reden de snorfietser en fietser in tegengestelde richting. Bij de ongevallen waarbij zowel een snorfietser als een auto bij betrokken was,
www.goudappel.nl
B3-4
reden de voertuigen eenmaal parallel waarna de auto voor de snorfietser langs naar rechts afsloeg. Bij andere ongevallen naderden ze elkaar uit kruisende straten.
B3.4.4
Overige factoren
De geconstateerde maximumsnelheid van een snorfiets of breedte van een fietspad speelden niet per definitie een rol bij het ontstaan van een ongeval. Andere factoren die vaker een rol speelden bij het ontstaan van een ongeval zijn: De positie van de snorfietser op het fietspad of de rijbaan; Het rijden met een snelheid die niet past bij de omstandigheden, zowel door de snorfietser als een andere weggebruiker; Het niet verlenen van voorrang, met name door de andere weggebruiker (fietser of automobilist); Zijn ervaring met het voertuig; Een object dat het zicht op kruisend verkeer belemmerde; De kwaliteit van het fietspad of de rijbaan; De wijze waarop het kruispunt is ingericht.
www.goudappel.nl
B3-5
Bijlage 4 Voorbeelden uit andere steden
B4.1
Amsterdam
In Amsterdam is er de laatste decennia een flinke groei waarneembaar van de snorfiets. De laatste 10 jaar is het aantal snorfietsers toegenomen met 223%, van 11.000 in 2008 naar 35.000 in 2018. Daarnaast is uit onderzoek gebleken dat ca. 80% van de snorfietsers te hard rijdt. Bij de bromfiets is dit ‘slechts’ 18%.
Figuur B4.1: Snor- en bromfietsbezit in Amsterdam (Gemeente Amsterdam, 2018) Onderzoeksbureau The Choice heeft in opdracht van de Gemeente Amsterdam een inventarisatie gedaan naar het type gebruiker van de snor- en bromfiets in Amsterdam. De gebruikers zijn gesegmenteerd in verschillende groepen met hun eigen
www.goudappel.nl
B4-1
demografische, psychologische en levensstijl kenmerken. Er blijken vijf hoofdgroepen te bestaan. Dit zijn onderstaande, met bijbehorende kenmerken: Goed Stadsleven (28%): Hoog opgeleid, samenwonend en druk met carrière, dus nog geen kinderen. Alle voorzieningen op loopafstand. OV voor de deur, dus geen auto nodig; Sociale Huurders (11%): Lage opleiding, laag inkomen, geen beroep, kortom heeft het niet breed. Makkelijk om snorfiets te hebben, het is goedkoper en scheelt veel tijd; Jonge Digitalen (10%): Jong (student), single, huurwoning, op dit moment nog laag inkomen, part time baan. Reist naast snorfiets ook veel met het OV; Stedelijke Balanceerders (10%): Jong, single, niet-westerse allochtone afkomst, en schoolgaand. Heeft het niet breed, en een hoog kredietrisico. Gebruikt naast de scooter ook veel het OV. Kind en Carrière (5%): Gezin, kind & carrière. Schippert tussen werk en thuis, druk met carrière en gezinsleven. Hoog opgeleid en heeft leiding gevende functie. Inkomen is geen probleem, en een auto is aanwezig. Uit bovenstaande classificaties blijkt dat een relatief groot deel van de snor- en bromfietsers hoog opgeleide dertigers zijn. Het type dat een koopappartement heeft in Amsterdam-Zuid.
Figuur B4.2: Percentage weggebruikers dat zich aan de max. snelheid houdt (Gemeente Amsterdam, 2018) In het centrumgebied en binnen de ring van Amsterdam geeft de gemeente veel prioriteit aan de fietser en de voetganger om het gebied bereikbaar en leefbaar te houden. De brom- en snorfiets bevat slechts 1 á 2% van de dagelijkse verplaatsingen in Amsterdam, maar het is wel (samen met de motor) de grootste groep onder verkeersdoden in het verkeer in Nederland. In onderstaande figuur valt af te lezen dat het aantal doden per miljard kilometer in Nederland weliswaar is gedaald van ± 100 in de periode 2000-2003 naar ruim 40 in 2013-2017, maar nog steeds een stuk hoger ligt dan de kans op overlijden voor de fietser. Bij de fietser waren in de periode 2013-2017 namelijk ruim 10 doden, tegenover ruim 40 doden per miljard kilometer bij de brom- en snorfiets. Dit is dus ongeveer vier keer zo veel.
www.goudappel.nl
B4-2
Figuur B4.3: Het overlijdensrisico (slachtoffers per afgelegde afstand) in Nederland voor verschillende vervoerswijzen, gemiddeld over periodes van 4 of 5 jaar. Bron: CBS en SWOV
Mede door de toenemende drukte in Amsterdam, door de woningbouwplannen en de verwachte groei van het aantal inwoners en bezoekers, is de verwachting dat de fietspaden de komende jaren steeds drukker worden. Cijfers uit voorgaande jaren onderbouwen dit. Tussen 1986 en 1991 was 21% van de verplaatsingen in Amsterdam op een werkdag per fiets. In 2015 is dit gegroeid naar 35% (Bron: V&OR, 1986-2014; CBS, 2015). Amsterdam wil al jaren de drukte op de fietspaden verminderen en de verkeersveiligheid verbeteren en heeft hiertoe als een van de maatregelen de verwijzing van de snorfiets naar de rijbaan opgenomen in het Meerjarenplan Verkeersveiligheid 2016-2021. Dit Meerjarenplan Verkeersveiligheid is na een inspraakprocedure op 14 september 2016 vastgesteld door de gemeenteraad. Uit onderzoek blijkt dat de meeste fietspaden binnen de ring A10 niet voldoen aan de CROW-criteria voor bromfietspaden en te druk zijn in relatie tot de breedte. De gemeente Amsterdam is daarom van mening dat het grote aantal verkeersdeelnemers met verschillende rijsnelheden op de relatief smalle fietspaden in de stad leidt tot verkeersonveilige situaties, slechtere doorstroming en tot situaties die als verkeersonveilig worden beleefd. Omwille van de beperkt beschikbare ruimte in de binnenstad is verbreding van de fietspaden op veel plaatsen geen oplossing voor dit probleem.
Een goede bereikbaarheid per fiets is wezenlijk voor het functioneren van de binnenstad. Het college heeft om die reden besloten voor een groot aantal fietspaden binnen het gebied, dat wordt omsloten door de ring A10 van Amsterdam, een verkeersbesluit in procedure te brengen omtrent het verplaatsen van de snorfiets naar de rijbaan (met helmplicht) om zo de veiligheid op de weg te verzekeren en de bruikbaarheid van met name de fietspaden te verbeteren (Gemeente Amsterdam, 2018).
www.goudappel.nl
B4-3
De belangrijkste overwegingen voor de Gemeente Amsterdam om de maatregel in te voeren zijn hieronder nogmaals weergegeven: De fiets is populairder dan ook. Het aandeel van de fiets in de modal split blijft stijgen. De maatregel draagt bij aan een veiligere en prettigere fietsomgeving. Verplaatsing naar de rijbaan verlaagt hoogstwaarschijnlijk de drukte op de fietspaden, waardoor de doorstroming en comfort verbetert. Daarnaast blijft de veiligheid van de snorfiets tevens gewaarborgd, mede door de helmplicht. CROW-normen gaan uit van werkelijke breedte fietspaden. Echter in de praktijk, zeker in de steden, is het effectief vaak veel smaller. Dit komt bijvoorbeeld door voorwerpen en objecten langs het fietspad. Dit zorgt ervoor dat de ruimte op het fietspad nog beperkter is. De maatregel die wordt ingevoerd moet consistent en duidelijk zijn, zodat de gebruiker weet waar hij aan toe is. Er is echter voor gekozen om de belangrijkste doorstroomwegen voor de auto en het OV (zoals S100: Ruijterkade, Stadhouderskade, etc. en de S112: Weesperstraat, Wibautstraat etc.) voorlopig uit te zonderen van de maatregel, zie figuur B4.4.
Figuur B4.4: Kaart snorfiets op de rijbaan (paarse wegen zijn de uitzondering). Bron: Gemeente Amsterdam De Amsterdamse maatregel is per 8 april 2019 ingevoerd en wordt gemonitord en geëvalueerd. De eerste rapportage daarvan wordt eind 2019 verwacht.
www.goudappel.nl
B4-4
B4.2
Utrecht
Ook de gemeente Utrecht heeft onderzoek gedaan naar een plan om de snorfiets naar de rijbaan te verplaatsen. Bij het plan van de gemeente Utrecht is gekeken naar vrijliggende fietspaden die nu erg druk zijn en waar het voor snorfietsers veilig genoeg is om de rijbaan op te gaan. In onderstaande figuur is de conceptkaart te zien voor de mogelijkheden voor het voorkeursgebied en de wegen die wel of niet geschikt zijn.
Figuur B4.5: Conceptkaart Utrecht De gemeente Utrecht is nog in overleg met belangenorganisaties zoals de hulpdiensten (politie, brandweer, ambulance) en busvervoerder Q-buzz. Zij hebben nog vraagtekens wat de invloed is van de mogelijke verplaatsing van de snorfiets naar de rijbaan op de doorstroming en de (aan)rijtijden van de nood- en hulpdiensten. Tevens zijn er nog vragen in de gemeenteraad over de veiligheid, doorstroming en uitvoering. Er wordt daarom nog gewacht met het nemen van een verkeersbesluit tot er meer duidelijkheid is.
www.goudappel.nl
B4-5
Bijlage 5 CROW (brom)fietspad normen
Onderstaande tabellen tonen de CROW fietspad- en bromfietspadnormen. Deze zijn gebruikt om de vertaalslag van breedte en intensiteiten naar drukte op de fietspaden te maken. Deze methode staat nader omschreven in hoofdstuk 2.
Figuur B5.1: Vrijliggend fiets-/bromfietspad normen voor breedte van een fietspad (CROW Ontwerpwijzer fietsverkeer, 2016)
Figuur B5.2: Vrijliggend fietspad normen voor breedte van een fietspad (CROW Ontwerpwijzer fietsverkeer, 2016)
www.goudappel.nl
B5-1
Bijlage 6 Snelheden op de autowegen
Deze bijlage gaat in op de V85 snelheden van de autowegen in Den Haag. Onderstaand figuur geeft de limietoverschrijdingen weer op wegen in Den Haag, op basis van ViaStat data uit januari 2019 (op moment van analyse de meest recente maand).
Figuur B6.1: Limietoverschrijdingen gemiddeld V85 in gemeente Den Haag (ViaStat, januari 2019)
www.goudappel.nl
B6-1
De V85 is de snelheid die door 85% van de weggebruikers niet wordt overschreden. Indien deze V85 niet boven de maximaal toegestane snelheid uit komt, is de aanname dat de snelheid op deze weg redelijk en veilig is. Analyse limietoverschrijdingen hoger dan 5 km/u Onderstaande tabel toont de lengte weg (in km en percentage) van limietoverschrijdingen van meer dan 5 km/u. Dit correspondeert in bovenstaand figuur met de onderste vijf categorieën (oranje t/m paars). Bij deze analyse zijn de wegen meegenomen waar de maatregel gaat gelden: de 50 km/u wegen langs vrijliggende fietspaden, dus niet de bromfietspaden.
Lengte fietspad naast limietoverschrijding >5km/h [km] 2,0
Percentage van totale lengte fietspaden [%] 7%
1 Centrumring met rand
2,8
7%
2 Vooroorlogse wijken
9,8
8%
2 Vooroorlogse wijken met rand
18,1
13%
2b Vooroorlogse wijken (zonder 2x2)
4,9
5%
2b Vooroorlogse wijken met rand (zonder 2x2)
6,7
6%
3 Gemeentegrens min
36,0
14%
4 Gemeentegrens
46,2
17%
1 Centrumring
Tabel B6.1: Kilometer fietspad naast weg met overschrijding van limietsnelheid (V85) meer dan 5 km/u Overzicht snelheden diverse wegen in de scenario’s De tabellen geven een overzicht van de snelheden op het merendeel van de wegen die aan de rand van het scenario zijn gelegen, de uitzonderingswegen (bij scenario 2b) en de wegen waar de snelheden hoog liggen.
www.goudappel.nl
B6-2
Wegen aan de rand van het stelsel van scenario 1: Locatie Lekstraat, s100 (ri. noord-west) Lekstraat, s100 (ri. zuid-oost)
Aanwezig in Scenario: 1 - 4 (excl 2b) 1 - 4 (excl 2b)
Toegestane snelheid [km/u] 50 50
Binckhorstlaan, s100 (ri. noord-west) Binckhorstlaan, s100 (ri. zuid-oost)
1 - 4 (excl 2b) 1 - 4 (excl 2b)
Neherkade (thv. Slachthuisstraat, ri. zuid-west) Neherkade (thv. Slachthuisstraat, ri. noord-oost) Calandstraat (ri. noord-west)
1 - 4 (excl 2b)
Calandstraat (ri. zuid-oost) Vaillanlaan (thv. Hoefkade ri noord)
1 - 4 (excl 2b) 1 - 4 (excl 2b)
Vaillanlaan (thv. Hoefkade ri zuid) Buitenom (ri. noord)
1 - 4 (excl 2b) 1 - 4 (excl 2b)
Buitenom (ri. zuid) Waldeck Pyrmontkade (ri. noord) Koningin Emmakade (ri. zuid)
V85 52,7 51,1
V85 (zonder vertraging) 53,0 51,3
Vgem (zonder vertraging) 46,4 44,7
Vgem (tijdens vertraging) 27,0 24,7
50 50
49,9 53,5
52,7 54,6
41,2 45,4
24,5 29,2
1 - 4 (excl 2b)
50
66,8
66,8
57,2
17,2
1 - 4 (excl 2b)
50
65,3
65,7
56,0
18,9
50
40,4
49,2
36,0
16,8
50 50
48,8 52,0
50,1 53,8
41,1 45,5
26,9 25,8
50 50
46,3 42,5
51,5 46,9
42,1 40,1
21,5 29,3
1 - 4 (excl 2b) 1 - 4 (excl 2b)
50 50
46,2 51,2
48,0 52,2
39,9 45,5
25,5 30,1
1 - 4 (excl 2b)
50
35,7
48,8
42,2
17,1
V85
Vgem (zonder vertraging) 52,1
Vgem (tijdens vertraging) 25,2
Wegen aan de rand van het stelsel van scenario 2 Locatie Soestdijksekade (ri noord-west)
Aanwezig in Scenario: 2a, 2b, 3, 4
Toegestane snelheid [km/u] 50
59,0
V85 (zonder vertraging) 61,1
Soestdijksekade (ri zuid-oost) Volendamlaan (ri. oost)
2a, 2b, 3, 4 2a, 2b, 3, 4
50 50
54,1 49,5
54,4 50,7
47,9 46,8
31,5 26,2
Volendamlaan (ri. west) Thorbeckelaan (thv. Mient, ri west)
2a, 2b, 3, 4 2a, 2b, 3, 4
50 50
50,3 41,7
51,1 44,3
46,5 38,0
26,8 22,9
Thorbeckelaan (thv. Mient, ri. oost) Ln v. Nw Oost-Indië (thv J.v.Stolberg, ri. noord-west) Ln v. Nw Oost-Indië (thv J.v.Stolberg, ri. zuid-oost) Ln v. Nw Oost-Indië (thv. Haagse Bos ri noord-west)
2a, 2b, 3, 4 2a, 2b, 3, 4
50 50
24,3 39,8
45,0 48,5
41,8 43,4
15,6 23,1
2a, 2b, 3, 4
50
40,5
41,9
35,9
21,9
2a, 2b, 3, 4
50
59,7
60,2
53,5
14,1
Ln v. Nw Oost-Indië (thv. Haagse Bos ri zuid-oost)
2a, 2b, 3, 4
50
60,7
60,7
53,3
27,5
Van Alkemadeln (thv Clingendael, ri. noord-west)
2a, 2b, 3, 4
50
58,4
58,6
50,0
24,5
Van Alkemadeln (thv Clingendael, ri. zuid-oost) Van Alkemadeln (thv KZ, ri noord-west)
2a, 2b, 3, 4
50
54,2
55,7
47,2
21,9
Van Alkemadeln (thv KZ ri zuid-oost) Zwolsestraat (thv. Harstenhoekweg, ri west) Zwolsestraat (thv. Harstenhoekweg, ri oost)
www.goudappel.nl
2a, 2b, 3, 4
50
61,6
61,6
55,6
-
2a, 2b, 3, 4 2a, 2b, 3, 4
50 50
57,0 49,4
57,1 50,3
52,8 45,0
27,5 28,3
2a, 2b, 3, 4
50
47,5
47,5
44,1
20,9
B6-3
Uitzonderingswegen (2x2) van scenario 2b en aandachtspunten in de overige scenario’s: Locatie
Aanwezig in Scenario: 2a, 3, 4 2a, 3, 4
Toegestane snelheid [km/u] 50 50
Loosduinseweg (thv Regentesselaan, ri zuid-west)
2a, 3, 4
Loosduinseweg (thv Regentesselaan, ri noord-oost) Oude Haagweg (thv. Thorbeckelaan, ri zuid-west) Loosduinsekade (thv. Thorbeckelaan, ri noord-oost) Bernhardviaduct (ri. noord-oost) Bernhardviaduct (ri. zuid-west) Schenkviaduct (ri. noord-oost) Schenkviaduct (ri. zuid-west) Maanweg (ri noord-oost) geen fietspad of stroken! Maanweg (ri zuid-west) geen fietspad of stroken!
Segbroeklaan (ri zuid-west) Segbroeklaan (ri Noord-oost)
V85 51,1 54,4
V85 (zonder vertraging) 56,6 54,5
Vgem (zonder vertraging) 50,2 49,0
Vgem (tijdens vertraging) 15,1 28,6
50
48,7
52,6
45,8
23,3
2a, 3, 4
50
53,8
54,9
48,9
27,8
2a, 3, 4
50
50,9
51,6
45,4
27,3
2a, 3, 4
50
57,2
57,4
51,9
26,5
2a, 3, 4
50
54,5
58,8
50,2
21,5
2a, 3, 4 2a, 3, 4
50 50
58,5 68,0
58,8 68,1
50,6 58,4
25,9 17,8
2a, 3, 4 2a, 3, 4
50 50
69,5 56,7
70,3 58,1
60,5 50,0
17,5 21,8
2a, 3, 4
50
58,1
58,1
47,9
24,1
V85
Vgem (zonder vertraging) 58,6
Vgem (tijdens vertraging) 15,8
Aandachtspunten scenario 3 en 4: Locatie Bezuidenhoutseweg (thv Hofzichtln, ri noord-oost) Bezuidenhoutseweg (thv Hofzichtln, ri. zuid-west) Erasmusweg (thv Steenhouwersgr. ri noord-oost) Erasmusweg (thv Steenhouwersgr. ri zuid-west) Moerweg (thv. Zuiderpark ri zuid)
Aanwezig in Scenario: 3, 4
Toegestane snelheid km/u] 50
63,2
V85 (zonder vertraging) 63,3
3, 4
50
63,0
63,1
58,5
9,0
3, 4
50
55,1
55,4
50,5
24,2
3, 4
50
57,2
57,3
51,9
30,7
3, 4
50
55,9
57,6
47,4
28,3
Moerweg (thv. Zuiderpark ri noord) Dedemsvaartweg (thv Meppelweg ri noord-west)
3, 4 3, 4
50 50
58,2 56,4
58,2 57,4
50,4 50,8
32,1 29,3
Dedemsvaartweg (thv Meppelweg ri zuid-oost)
3, 4
50
54,3
57,0
51,4
24,7
Ypenburgseboslaand (ri noord-oost) Ypenburgseboslaan (ri. zuid-west)
4 4
50 50
60,5 59,5
60,6 59,6
55,7 54,3
24,2 29,0
Donau (thv. De bocht ri noord) Donau (thv. De bocht ri zuid)
4 4
50 50
62,7 60,9
62,8 61,4
55,8 55,3
25,5 18,7
Rijswijkse waterweg (ri noord-oost) Rijswijkse waterweg (ri zuid-west)
4 4
50 50
59,1 55,9
59,1 56,0
54,0 51,6
31,5 28,8
www.goudappel.nl
B6-4
Vestiging Den Haag New Babylon Center Offices Anna van Buerenplein 46 2595 DA Den Haag T (070) 305 30 53 F (070) 389 66 32
www.goudappel.nl goudappel@goudappel.nl