CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS307135 Bijlage 2 - DSO2020 191 Bijlage PlanMER Deelrapport klimaatbestendigheid

Commissie Ruimte 23 juni 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Gewijzigd raadsvoorstel van het college inzake Structuurvisie Central Innovation District19.028 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

63 | 64

Witteveen+Bos | 110741/20-004.535 | Definitief 02

6.2

Monitoring en evaluatie

De hoeveelheid en type groen is erg belangrijk om te monitoren. Vegetatie heeft grote impact op de kwaliteit van het CID zoals het comfort (hitte), aantrekkelijkheid, biodiversiteit en (financiële) waarde. Daarnaast speelt groen een grote rol in de klimaatbestendigheid van het gebied, wat zich met name uit ten tijde van weersextremen zoals hitte en extreme neerslag. Het is zeer aanbevelenswaardig om windonderzoek te doen, nauwkeurige hittestresskaarten te maken en wateroverlast in kaart te brengen. Bij het uitwerken van de ontwikkelingen kan deze informatie worden benut om een klimaatadaptieve inrichting op gebiedsniveau te creëren.

6.3

Maatregelen achter de hand

Het is mogelijk dat het CID de komende jaren minder klimaatadaptief wordt dan het nu is. De meest waarschijnlijke oorzaak hiervoor is een toename van de hoeveelheid verharding, mogelijk doordat de gemeente geen grondpositie heeft en weinig sturingsmogelijkheden heeft op de grote hoeveelheid privaat terrein. Private ontwikkelaars en eigenaren zouden gestimuleerd kunnen worden op eigen terrein aanpassingen te doen door eisen te stellen, subsidieregelingen, het aanreiken van informatie en het faciliteren van initiatieven. Bijsturen op privaat gebied is echter een onzekere methode, daarom is het goed om in openbaar gebied ruimte te maken voor klimaatadaptieve inrichtingen zoals groen. Dit vraagt om financiële middelen voor planning, ontwerp en beheer.

64 | 64

Witteveen+Bos | 110741/20-004.535 | Definitief 02

Bijlage(n)

I BIJLAGE: VERKLARENDE WOORDENLIJST

Witteveen+Bos | 110741/20-004.535 | Bijlage I | Definitief 02

Tabel I.1 Verklarende woordenlijst Begrip

Definitie

Alternatief

Een oplossing voor het behalen van de doelstelling van het CID.

Autonome ontwikkeling

Dit zijn de ontwikkelingen die ook plaatsvinden als de Structuurvisie CID geen doorgang vinden. Dit kunnen toekomstige ruimtelijke of infrastructurele ontwikkelingen zijn, waarvoor een (ontwerp)besluit beschikbaar is. Deze ontwikkelingen worden naar verwachting binnenkort (volledig) gerealiseerd en zijn doorgaans planologisch mogelijk gemaakt in de afgelopen jaren.

CID Den Haag

Central Innovation District Den Haag - het gebied tussen en rondom de stations Hollands Spoor, Den Haag Centraal Station en Den Haal Laan van NOI. Inclusief Binckhorst Noordwest.

Gebiedsagenda

Binnen het CID hebben drie deelgebieden rondom de hoofdstations bestuurlijk prioriteit. Voor deze drie deelgebieden zijn aparte gebiedsagenda's opgesteld. De ambities en opgaven van de Gebiedsagenda's vorming samen de inbreng voor CID Agenda 2040: Policy Campus: gebiedsagenda Den Haag Utrechtsebaan/CS-Oost; ICT-Security Campus: gebiedsagenda Den Haag Laan van NOI; College Campus: gebiedsagenda HS/Laakhavens.

Structuurvisie CID

Schetst in hooflijnen de ontwikkeling van het gehele CID, schetst de contouren van de prioritaire deelgebieden op basis van de agenda's die voor de gebieden worden opgesteld en bevat een ontwikkelstrategie en fasering voor het gebied. De Structuurvisie krijgt de vorm van een structuurvisie in de zin van de Wet ruimtelijke ordening.

m.e.r.

Milieueffectenrapportage (de procedure) - het in beeld brengen van de milieugevolgen van een besluit voordat het besluit wordt genomen. De onderzoeksresultaten worden gepubliceerd in het milieueffectrapport (MER).

MER

Milieueffectrapport (het rapport): een beschrijving en beoordeling van milieueffecten die ingaan op reële alternatieven voor de beoogde ontwikkelingen die vanuit het oogpunt van milieu onderscheidend zijn.

NRD

Notitie Reikwijdte en Detailniveau - geeft aan welke alternatieven de gemeente onderzoekt en welke criteria en methodes de onderzoekers gebruiken om milieueffecten in beeld te brengen.

PlanMER

Brengt in beeld wat de milieueffecten zijn van de strategische keuzes die voorliggen in de Structuurvisie CID. Heeft een globaal karakter, passend bij het abstractieniveau van de Structuurvisie. De alternatieven in het plan-MER richten zich op de maatgevende keuzes in het CID-gebied met de meest onderscheidende milieueffecten: de omvang van het bouwprogramma en de mobiliteitsstrategie. Op deze wijze levert het MER-milieu-informatie op die betrokken wordt in de belangenafweging over strategische keuzes in de Structuurvisie CID.

Project-MER

Het project-MER levert - waar nodig - aanvullende gedetailleerde milieu-informatie ten behoeve van het voorliggende bestemmingsplan. Deze informatie is naast het motiveren van de milieueffecten van belang om te toetsen of de beoogde ontwikkelingen in het plangebied voldoen aan de vereisten vanuit wet- en regelgeving voor onder andere geluid, luchtkwaliteit, ecologie, enzovoort. Daarom hanteert het projectMER een hoger detailniveau voor het plangebied Spoorzone Hollands Spoor. De alternatieven in het project-MER vormen onderdeel van de alternatieven voor het plan-MER en dekken de maximale planologische mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt.

Witteveen+Bos | 110741/20-004.535 | Bijlage I | Definitief 02

II BIJLAGE: REFERENTIES

Witteveen+Bos | 110741/20-004.535 | Bijlage II | Definitief 02

1 2

Gemeente Den Haag. (2005). Structuurvisie Den Haag 2020. Wéreldstad aan Zee. Gemeente Den Haag (2015). Gemeentelijk Rioleringsplan Den Haag 2016-2020 (concept), Den Haag, geraadpleegd op 21 januari 2020. https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/3356334/1/RIS289287%20Bijlage%20GRP%202016-2020. 3 Gemeente Den Haag. (2016). Agenda Ruimte voor de Stad. Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling. Den Haag: Gemeente Den Haag. 4 Gemeente Den Haag. (2017). Haagse hoogbouw, Eyeline en Skyline. 5 Gemeente Den Haag. (2018a). Policy Campus Centraal - Gebiedsagenda Overkluizing Utrechtsebaan (A12)/CS Oost. Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling, Den Haag. 6 Gemeente Den Haag. (2018b). College Campus HS - Gebiedsagenda Hollands Spoor/Laakhavens. Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling, Den Haag. 7 Gemeente Den Haag. (2018c). ICT - Security Campus - Gebiedsageda Den Haag Laan van NOI. Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling. Den Haag: Gemeente Den Haag. 8 Gemeente Den Haag. (2018d). Coalitieakkoord 2018 - 2022: Den Haag, Stad van Kansen en Ambities. 9 Hoogheemraadschap van Delfland. (2015). Factsheet: NL15_01 Oost Boezem. 10 Huynen et al. (2001). Geraadpleegd via https://www.sikb.nl/bodembeheer/richtlijnen/brl-12000. 11 Kunst, O. (2016). Het nut van stedelijk waterbeheer. Ede: Stichting RIONED, geraadpleegd op 21 januari 2020.

https://www.riool.info/documents/20182/26130/Doelen+van++Het+nut+van+stedelijk+waterbeheer.pdf/f0c50e18-f5a1-4f8b-bd06-f63d9e1afed3. 12 Klok, L. (2018). Waarom steden inrichten op extreme hitte? Extreme hitte heeft veel gevolgen voor de stad. Amsterdam: Hogeschool van Amsterdam, geraadpleegd op 21 januari 2020. https://ruimtelijkeadaptatie.nl/actueel/actueel/interviews/waarom-steden/. 13 Ministerie van Economische Zaken. (2013). Aanwijsbesluit Natura 2000-gebied Meijendel & Berkheide. Programmadirectie Natura 2000 | PDN/2013-097 | 097 Meijendel & Berkheide, 25 april 2013. 14 Ministerie van Landbouw, natuur en voedselkwaliteit. (2018). Ontwerp-wijzigingsbesluit Habitatrichtlijngebieden vanwege aanwezige waarden. Directie Natuur & Biodiversiteit | DN&B/2018-000 | Aanwezige waarden (ontwerp-wijziging), 23 februari 2018. 15 Ministerie van Economische Zaken. (2017). Wijzigingsbesluit Natura 2000-gebied Solleveld & Kapittelduinen. Directie Natuur en Biodiversiteit | DN&B/2017-099 | 099 Solleveld & Kapittelduinen (wijzigingsbesluit), 30 maart 2017. 16 Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. (2011a). Aanwijsbesluit Natura 2000-gebied Solleveld & Kapittelduinen. Programmadirectie Natura 2000 | PDN/2011-099 | 099 Solleveld & Kapittelduinen, 30 september 2011. 17 Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (2011b).

Aanwijsbesluit Natura 2000-gebied Westduinpark & Wapendal. Programmadirectie Natura 2000 PDN/2011-098 098 Westduinpark & Wapendal, 30 september 2011. 18 Nationale Databank Flora en Fauna, geraadpleegd op 9 april 2019. https://www.denhaag.nl/nl/in-de-stad/natuur-en-milieu.htm, geraadpleegd op 9 april 2019. 19 Provincie Zuid-Holland. (2017a). PAS Gebiedsanalyse Meijendel & Berkheide. 20 Provincie Zuid-Holland. (2017b). PAS Gebiedsanalyse Solleveld & Kapittelduinen. 21 Provincie Zuid-Holland. (2017c). PAS Gebiedsanalyse Westduinpark & Wapendal.

Witteveen+Bos | 110741/20-004.535 | Bijlage II | Definitief 02

www.witteveenbos.com

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9574352/1