RIS303592 Gewijzigd Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn (1)
Tekst van het document
De 14-dagentermijn en de daarmee gepaarde tegemoetkoming is achterhaald en dekt de kosten waarvoor de gemeente een wettelijke taak heeft in de verste verte niet. Zo blijven honden gemiddeld 131 dagen, katten 31 dagen51, en konijnen 67 dagen zitten, is uit de jaarverslagen van de opvangen op te maken. De tegemoetkoming van de gemeente Den Haag dekt voor het Haags Dierencentrum maximaal 20% van de totale jaarlijkse kosten52. Aangezien de opvang van de gemeente een vast bedrag per dier krijgt, draait de opvang voor de meerkosten op. De opvanginstellingen hebben hierdoor moeite het hoofd boven water te houden, ondanks de inzet van vele hardwerkende
Grafiek: opgevangen dieren in Den Haag in 2017.
Honden Katten Konijnen en knaagdieren Park- en volièrevogels Koudbloedigen 0
500
1000
Het Knaaghof59 Vogelopvang De Wulp60 Haags Dierencentrum61 Dierenambulance Den Haag e.o.62
1500
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
46
vrijwilligers. De gemeente heeft echter een algemene zorgplicht voor de opvang en de benodigde verzorging voor deze dieren. In 2018 heeft de Dierenambulance 144 reptielen opgehaald53. In Den Haag worden deze dieren opgevangen bij de Dierenambulance Den Haag en omstreken of bij andere gespecialiseerde opvanglocaties in omliggende gemeenten. Het is zowel in het belang van de dieren als van inwoners dat de opvang van koudbloedigen, algemeen bekend is en goed geregeld wordt. Hierdoor kan de gemeente proberen om te voorkomen dat mensen reptielen loslaten op straat.
Wilde dieren
In 2018 zijn 9.461 in het wild levende dieren vervoerd door de dierenambulance Den Haag en omstreken54. Het merendeel (8.854) betrof vogels die in de problemen waren geraakt door verkeer, verstrikt raakten in plastic of vislijnen of tegen glas aan waren gevlogen. Verder zijn er egels (213), hazen (189), vleermuizen (145), reeën (6), koudbloedigen (30), zeehonden (19) en verschillende soorten roofdieren (5) vervoerd naar de diverse opvanginstellingen. De daadwerkelijke aantallen van gewonde in het wild levende dieren die verzorging nodig hebben gehad liggen hoger, omdat veel dieren direct door de vinder naar de opvanginstelling worden gebracht.
61
De gemeente geeft op de website duidelijk aan waar mensen reptielen heen kunnen brengen als zij deze vinden op straat of hier afstand van willen doen.
Naarmate de stad verdicht lijken de aantallen dieren die in de problemen raken toe te nemen.
Dieren in het wild
In Den Haag zijn meerdere opvangorganisaties die gewonde in het wild levende dieren verzorgen en daar een ontheffing voor hebben zoals de Dierenambulance Den Haag en omstreken, vogelopvang De Wulp en de Egelopvang. Het uitgangspunt van de behandeling moet altijd zijn dat gerevalideerde dieren succesvol terug kunnen keren in het wild. De gemeente vergoedt de verzorging door de Dierenambulance maar voor een klein deel. Dierennoodhulporganisaties hebben veel kosten bij het uitvoeren van de wettelijke taken die zij uitvoeren in opdracht van de gemeente. Een gemeente geeft een bijdrage om die taken uit te voeren. Bij de vergoeding moet rekening worden gehouden met de medische toestand (pillen, vaccinaties
47
en eventuele operaties), de algemene huisvestingskosten (gas, water en licht) de verblijfsduur van het dier in de opvang, de kosten voor het personeel en onderhoudskosten voor het pand (of verduurzamen van het pand). De Dierenambulance Den Haag e.o. maakt jaarlijks zo’n 6.000 tot 6.800 ritten55. De kosten daarvan zijn zo’n € 27,50 per rit, exclusief btw. Dit komt neer op jaarlijkse ritkosten van minstens € 165.000. De gemeente geeft jaarlijks een tegemoetkoming van € 50.000. Een aantal gemeenten zoals Velsen56, Eindhoven57 en Rotterdam58 betaalt een vast bedrag per inwoner per jaar aan de dierennoodhulporganisaties. Welke vorm van financiële steun het beste is voor de dierenopvanginstellingen moet gezamenlijk met
62
De gemeente biedt, in samenspraak met de regio en de dierenhulporganisaties, een kostendekkende vergoeding voor het vervoer, de opvang en de verzorging van gewonde en zieke in het wild levende en zwerfdieren.
hen worden besproken om zo tot een kostendekkende vergoeding te komen.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
48
Bedreigingen In een dichtbevolkte stad, is er zeer weinig ruimte voor dieren. Bebouwing en verkeer nemen toe, wat zorgt voor een onveilige leefomgeving voor veel vogel- en diersoorten. In een stad die ontwikkelt raken dieren in de problemen door ingrepen en veranderingen in de openbare ruimte. Vaak lopen dieren tegen onnatuurlijke barrières aan die door de mens zijn aangebracht. In onze stad zijn dat onder andere straatkolken, kademuren, baggerwerkzaamheden, afrasteringen, sluizen en gemalen.
Jacht In een ecosysteem hebben alle dieren en planten een rol. Het natuurlijke evenwicht hierin wordt verstoord door dieren van een bepaalde diersoort te doden. Daarnaast volgt de dood van een dier na een schot niet altijd even snel. Dieren vluchten soms met hagel in het lijf, waarna ze langdurig lijden tot ze uiteindelijk sterven. Wanneer een ouderlijk dier wordt afgeschoten bestaat de kans dat de jongen ook overlijden, omdat zij verhongeren en zichzelf niet kunnen redden. Een direct effect van de jacht is dat dieren schrikkerig worden en zich verplaatsen naar andere gebieden. De regels voor de jacht en schadebeheersing zijn
opgenomen in de Wet natuurbescherming. Er liggen hier geen bevoegdheden voor de gemeente tenzij de gemeente grondeigenaar is. Helaas zijn er ook signalen dat in de gemeentegrenzen van Den Haag zwanendrif-
ters actief zijn. Deze vorm van stropen is sinds 2017 verboden.
64
63
De gemeente voert een jachtverbod in op eigen grondgebied. Den Haag spreekt zich uit tegen de jacht.
De gemeente spoort aan dat wijkagenten en BOA’s meer samenwerken met de (dieren)politie bij signalen van vermeende zwanendrifters om de in het wild levende dieren te beschermen in hun leefgebied.
Dieren in het wild
49
Visserij Een andere vorm van stropen is de visserij. Door de visserijwet uit 1963 (artikel 21) moet men zelf visrechthebbende zijn of schriftelijke toestemming hebben om te kunnen vissen in het Nederlandse binnenwater63. Grondeigenaren met visrecht verhuren dit recht vaak, bijvoorbeeld aan een Hengelsportvereniging, en dragen de zorg voor de visstand en de vergunningverlening over aan de huurder. De vergunningverlening wordt op doelmatigheid getoetst door de Kamer van Binnenvisserij. De hengelsportvereniging is vaak de visrechthebbende die het huurt van de eigenaar van de grond onder het water. Mensen die willen gaan vissen schaffen hun VISpas aan bij de hengelsportwinkel, bij de hengelsportvereniging GHV/Groene Hart of met een simpele muisklik via de
website van de hengelsportvereniging. Zo hebben de mensen die willen gaan vissen de schriftelijke toestemming hiervoor. De belangen van de sportvisserij en dierenwelzijn zijn tegenstrijdig. Er is lang verondersteld dat vissen geen gevoel hebben. Daarom werden ze ook niet genoemd in dierenwelzijnswetgeving. Wetenschappelijk onderzoek toont echter het tegendeel aan. Vissen hebben alle eigenschappen om prikkels die mensen als pijn ervaren te ontvangen, en daarop te reageren met een vluchtreactie64,65,66. Ze zijn zich bewust van hun omgeving en kunnen stress ervaren en lijden. De huidige dierenwelzijnswetgeving gaat uit van de intrinsieke waarde van de dieren, wat wil zeggen dat de dieren waardevol zijn in zichzelf. Dat geldt dus ook voor vissen.
Het vangen van vissen gaat altijd gepaard met stress, pijn, leed en angst. Bij de sportvisserij lopen vissen verwon65
De pachtovereenkomsten tussen de gemeente (als grondeigenaar) en de hengelsportvereniging GHV/Groene Hart (als huurder) worden beëindigd. Ook worden geen nieuwe overeenkomsten gesloten met hengelsportverenigingen.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
50
dingen op bij het op het land brengen, verwijderen van haken, wegen en terugzetten. Dit is vooral het geval als er weerhaken worden gebruikt. Dierenwelzijnsorganisaties stellen daarom dat sportvissen in strijd is met dierenwelzijn67. In overleg met de gemeente en bijvoorbeeld de Vissenbescherming kunnen lessen voor scholen worden ontwikkeld waarbij het vissenwelzijn centraal staat. Helaas worden vissen en andere zeezoogdieren ook gevangen aan de Haagse kust door staandwantnetten. Al meerdere mensen zijn in de problemen gekomen door de netten, maar helaas ook dieren. Zo is een bruinvis overleden nadat het verstrikt is geraakt in het net. De gemeente moet deze onnauwkeurige netten weren op Haags grondgebied. Hierover is een initiatiefvoorstel ingediend68. Uitgaande van de intrinsieke waarde van vissen en van het feit dat zij pijn, angst en
66
67
De gemeente informeert Hagenaren op de website over diervriendelijke alternatieven voor de visserij. Ook promoot de gemeente de visserij niet op de website.
stress kunnen ervaren, moet de gemeente dit leed niet promoten of subsidiëren. De sportvisserij wordt op de gemeentelijke pagina gepromoot als een populaire sport. De gemeente promoot zelfs tripjes voor een dagje sportvissen op zee. Ook geeft de gemeente subsidie aan vlaggetjesdag om het eten van vis te promoten.
De gemeente stelt samen met onder meer de Vissenbescherming lesmateriaal over vissen op waarbij het dierenwelzijn van de dieren centraal staat.
68
De gemeente verleent geen subsidies voor (de promotie van) de visserij, waaronder Vlaggetjesdag.
Dieren in het wild
51
69
Verkeer Veel dode dieren die worden opgehaald door de dierenambulance zijn slachtoffer van het verkeer. Niet alleen is het verkeer gevaarlijk voor dieren, in sommige situaties zorgen dieren in het verkeer ook voor gevaarlijke situaties voor mensen. De gemeente moet dan ook zorgen dat dieren en mensen waar mogelijk worden beschermd tegen de gevaren die het gebruik van (gemotoriseerd) vervoer met zich meebrengt. In 2019 heeft de gemeenteraad een motie aangenomen om gevaarlijke hondenlosloopgebieden te inventariseren en te komen met verbeteringsvoorstellen om de gebieden veiliger te maken. Maar ook voor in het wild levende dieren zijn de wegen vaak een obstakel. Dieren kunnen zich door deze ecologische knelpunten niet van het ene naar het andere leefgebied verplaatsen. Op plaatsen waar frequent aanrijdingen plaatsvinden met dieren wordt onderzocht of hekken, wildroosters of andere diervriendelijke maatregelen uitkomst kunnen bieden. Indien de gevaarlijke verkeerssituatie zich bevindt
op een grensgebied met omliggende gemeenten, moet de gemeente Den Haag aandringen op het nemen van diervriendelijke maatregelen. Uit de omgevingskenmerken valt af te lezen waar dieren het meeste risico lopen. Vaak wordt dat door gegevens van de Dierenambulance bevestigd. Ook kan gebruik worden gemaakt van de veldkennis van de stadsecologen. In een aantal gemeenten zoals Utrecht worden waarnemingen bijgehouden over welke dieren waar verongelukken om het knelpunt aan te pakken. In Den Haag gebeurt het in kaart brengen van verkeersongevallen nu alleen nog bij ongevallen met mensen69. Ook de oorzaken van ongelukken met dieren kunnen inzichtelijker worden door een kaart.
De gemeente brengt in kaart welke knelpunten bestaan tussen verkeer en fauna en lost deze met spoed op.
70
De gemeente voorkomt dat bij wegaanpassingen en aanleg van nieuwe wegen of fietspaden nieuwe ecologische knelpunten ontstaan.
71
De gemeente houdt actief een (digitale) kaart bij waar ongelukken met dieren op worden geregistreerd.
52
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
Bouw Dieren hebben een haat-liefdeverhouding met gebouwen. Sommige gebouwen kunnen een gevaar vormen voor dieren, met name voor vogels. Gebouwen bieden anderzijds ook kansen voor vogels en vleermuizen, wanneer er gelegenheden worden gecreëerd waar zij een nest kunnen bouwen. Bij het ontwerpen en bouwen van grootstedelijke voorzieningen en projecten kunnen preventieve maatregelen worden genomen om de risico’s voor dieren te verminderen. Basisinformatie over
wildgeleiding, faunapassages, wilduitstapplaatsen, glasmarkering bij doorzichtige geluidsschermen en glas in gebouwen dient overzichtelijk in een handleiding te worden samengebracht. In modernere ontwerpen van nieuwe woonhuizen en bedrijfspanden zijn vaak weinig of geen verblijfsmogelijkheden voor diersoorten die daarvan gebruikmaken zoals vleermuizen, gierzwaluwen en huismussen. Zij hebben hun nesten in spouwmuren, spleten, kieren of onder dakpannen en/of overwin-
72
De gemeente stelt een handleiding op met preventieve maatregelen om risico’s bij flora en fauna te voorkomen door ontwerpen en ingrepen in de buitenruimte.
Dieren in het wild
53
teren er. Ook bij energiebesparende maatregelen zoals het isoleren van bestaande gebouwen en bij vervanging van daken waarbij alle spleten en kieren worden gedicht, kunnen onbedoeld verblijfplaatsen worden vernietigd.
egels in Nederland doordat zij worden aangereden. Egels lopen vele kilometers op zoek naar voedsel. Niet alleen de openbare weg maar ook tuinen zijn een obstakel tijdens de zoektocht naar eten of partners.
Natuurinclusief bouwen houdt in dat bij bouwen, verbouwen of renoveren van woningen of bedrijfspanden de natuur integreert in de bouw70. Bij natuurinclusief bouwen worden bijvoorbeeld voorzieningen in gevels en daken gerealiseerd voor vogels.
In Engeland is een publieksactie gestart: de egelsnelweg. Inwoners helpen mee door een gat in hun schutting te maken waardoor de egels de tuin kunnen betreden. Deze egelsnelwegen zorgen ervoor dat egels een groter en veiliger leefgebied tot hun beschikking krijgen.
Na een aangenomen motie (in 2015) is de gemeente druk bezig met natuurinclusief bouwen middels een puntensysteem. Voor het natuurinclusief bouwen gelden nu nog geen strikte eisen, waardoor aannemers al voldoen door het aanleggen van een mussendakpan. Het is nu tijd voor de volgende stap om natuurinclusief bouwen uit te breiden, waardoor strengere voorwaarden moeten worden gesteld om te kunnen spreken over natuurinclusief bouwen bij een bouwproject. De zoogdierenvereniging heeft 2019 uitgeroepen tot het jaar van de egel. Het aantal egels is met 65% gedaald, sinds in 1994 is gestart met het tellen van het aantal egels71. Jaarlijks verongelukken zo’n 135.000
realiseren, maar ook inwoners oproepen hetzelfde te doen door het op haar website te vermelden. Daarbuiten kan de gemeente ook bij nieuwbouw of renovatieprojecten ervoor zorgen dat tuinen aan elkaar verbonden zijn middels de egelsnelweg. 74
De eisen die aan een natuurinclusief gebouw worden gesteld, worden aangescherpt.
De gemeente kan in haar groenbeheer ook rekening houden met egels door onder andere ook egelsnelwegen te 73
75
De gemeente bouwt en renoveert alleen nog natuurinclusief. Als de gemeente opdrachtgever is, worden natuurdoelstellingen gesteld.
De gemeente legt waar mogelijk egelsnelwegen aan en stimuleert bewoners dat ook te doen. Bij nieuwbouwprojecten op gemeentelijke grond worden egelsnelwegen verplicht.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
54
Licht en geluid Als je Den Haag vanuit de lucht ziet is het een grote bron van licht. Verlichting is in de stad in sommige gevallen van belang, maar is vaak ook ongewenst. Er wordt gesproken over lichtvervuiling wanneer het licht uit een stad dermate uitstraalt naar
andere gebieden, dat deze indirect verlicht worden72. De dieren die in onze stad in het wild verblijven ervaren nadelige invloeden van de verlichting. Nachtdieren zoals vleermuizen raken door verlichting gedesoriënteerd en kunnen hierdoor verongelukken tijdens hun vlucht. Vleermuizen mijden niet alleen daglicht, maar ook kunstmatige verlichting73. De verstoring kan leiden tot een negatieve populatieontwikkeling. Het is van belang voor ons als stad en voor het dier om hiermee rekening te houden bij de inrichting van de openbare ruimte. Vleermuizen nemen het blauwe en ultraviolette licht van straatlantaarns zeer sterk waar74. Zij worden hierdoor bijvoorbeeld gehinderd in het zoeken naar voedsel. Vleermuizen hebben last van alle soorten en sterktes licht75. Op plaatsen waar verlichting toch noodzakelijk is en die zich in het leefgebied van vleermuizen bevinden, kan daarom beter gebruik worden gemaakt van vleermuisvriendelijke lampen. Rijkswaterstaat heeft een
speciale batlamp laten ontwikkelen met kleuren die minder hinderlijk zijn voor vleermuizen. 76
De gemeente stelt een plan op om lichtvervuiling in de ecologische verbindingszones, groengebieden en parken terug te dringen en nieuwe lichtvervuiling te voorkomen.
77
De gemeente vervangt lampen rondom leefgebieden van vleermuizen door vleermuisvriendelijke verlichting.
Dieren in het wild
Straatverlichting kan worden voorzien van een bewegingssensor. Zo kan het worden gedimd of uitgaan bij lage activiteit. Dit beperkt de algehele lichtvervuiling en bespaart energie. Diverse gemeenten hebben reeds positieve ervaringen met verschillende soorten dimbare LED-straatverlichting76,77,78, die dimt als geen beweging wordt waargenomen.
55
Ook het omgevingsgeluid beïnvloedt het gedrag en de gezondheid van mens en dier. Bij (her)inrichting en beheer van de stad en (recreatie)projecten verdient geluid meer aandacht. Zoals eerder gezegd verbiedt de wet natuurbescherming (artikel 3.5 en 3.9) beschermde inheemse dieren te verstoren. Geluid kan verstoring veroorzaken voor in het wild levende dieren.
78
De gemeente inventariseert plekken in de stad waar dimbare verlichting met sensoren kan worden geplaatst.
79
Vuurwerk Vuurwerk wordt gezien als een leuke attractie tijdens de jaarwisseling of als afsluiter van evenementen. Voor de dieren en het milieu is vuurwerk minder aangenaam. Veel dieren ervaren stress door de knallen, flitsen en geur van het vuurwerk79. De hoge
intensiteiten die in een keer verschijnen, maar ook in een keer weer ophouden zorgen voor een impuls. Veel dieren hebben een sterker ontwikkeld gehoor- of reukvermogen dan de mens. Ook kunnen de dieren geraakt worden wanneer ze toevallig in de
De gemeente is terughoudend met (wegen)bouw, recreatieve projecten en het verlenen van vergunningen voor evenementen die kunnen leiden tot verstoring van fauna.
buurt zijn. De concentraties van zware metalen maar ook fijnstof zijn rond de jaarwisseling veel hoger dan gemiddeld80. De eerste twee uur van het nieuwe jaar beginnen zelfs met concentraties die tien-
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
56
80
81
De gemeente zet in op een landelijk vuurwerkverbod.
tallen keren zo hoog zijn als normaal81. Zware metalen als barium, antimoon en strontium zijn schadelijk voor de gezondheid van mens en dier. Koper is in hoge concentraties giftig voor dieren die in het water leven. Vuurwerk draagt bij voor ongeveer 18% van al het koper in het oppervlaktewater. De stad kan op bepaalde plaatsen een vuurwerkevenement houden zonder daarbij dieren te verstoren en te verjagen. Zolang de wet consumentenvuurwerk niet verbiedt, kan de gemeente wel zones aanwijzen waar geen vuurwerk mag worden afgestoken. In Den Haag zijn verschillende vuurwerkvrije zones ingesteld bij stadsboerderijen, dierenasielen en ziekenhuizen. Het is belangrijk dat er rond gevoelige locaties een bufferzone geldt waarin geen vuurwerk wordt afge-
82
De gemeente organiseert zelf alternatieve evenementen op geschikte locaties waar geen gevaar of hinder is voor dier, milieu en mens.
De gemeente stelt vuurwerkvrije zones in op plaatsen waar veel dieren voorkomen en communiceert deze middels borden op locatie en de gemeentewebsite.
stoken. Het risico is dat dieren anders alsnog stress en angst ervaren door licht, geluid en geuren van het vuurwerk dat vlakbij het leefgebied van de dieren wordt afgestoken.
vuurwerk tijdens festivals en evenementen voor overlast zorgt bij dieren, bijvoorbeeld door geluidsoverlast te voorkomen tijdens het broedseizoen.
Ook moet worden voorkomen dat buiten oud en nieuw 83
De gemeente hanteert een ruime bufferzone bij vuurwerkvrije zones rondom de dierenverblijven.
84
De gemeente roept organisatoren van evenementen op geen vuurwerk af te steken tijdens het broedseizoen.
Dieren in het wild
57
Water Landelijk is geschat dat 1 tot 3 miljoen dieren per jaar in putten terechtkomen82. Vooral tijdens de voorjaaren zomertrek van en naar voortplantingswateren vallen dieren, zoals de bedreigde rugstreeppad in de put, waar ze niet uitkomen, verhongeren of in het riool terecht komen. Door uitklimvoorzieningen kunnen de dieren de situatie ontvluchten. De gemeente kan de voorzieningen plaatsen als andere werkzaamheden moeten worden uitgevoerd, in het kader van werk met werk. Tijdens schoonmaak-
werkzaamheden van putten kunnen uitklimvoorzieningen worden beschadigd. Het is dus van belang dat bij onderhoud daar rekening mee wordt gehouden. Veel grachtengordels, en ook de Haagse, kenmerken zich door de steile en stenige walkanten. Ieder jaar komen in het broedseizoen jonge watervogels in de problemen doordat zij niet op het droge kunnen komen. Ook zoogdieren als katten en egels kunnen in het water terechtkomen en door de steile kanten komen zij niet
85
De gemeente streeft ernaar dat alle straatkolken in Den Haag worden voorzien van uitklimvoorzieningen. Bij werkzaamheden worden deze aangebracht.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
58
zelfstandig uit het water. De dieren wacht een langzame en akelige verdrinkingsdood. In 2018 is een voorstel met algemene stemmen aangenomen waardoor het college met dierenhulporganisaties de knelpunten in kaart brengt en een plan van aanpak opstelt om de watergangen in Den Haag diervriendelijk te maken. Om nieuwe knelpunten aan te pakken moet een meldpunt komen waar de inwoners van de stad locaties kunnen melden. Deugdelijke afrasteringen kunnen een hoop dierenleed voorkomen. Iedere diersoort gaat op een andere manier om met afrastering. De afrastering moet hierop worden afgestemd en moet de juiste hoogte, kwaliteit en functionaliteit hebben. In natuurgebieden vormen de aanwezigheid van prikkeldraad, glad schrikdraad en schriklint een bedreiging voor dieren. Tijdens een schrikreactie kunnen dieren zich hieraan verwonden. Het baggeren zorgt voor een gevaar voor de aanwezige dieren. Voordat overgegaan wordt op baggeren moet een inventarisatie plaatsvinden van aanwezige diersoorten. Daarna moeten maatregelen genomen worden om de aanwezige soorten te ontzien van leed. De beste periode om
86
De gemeente inventariseert dieronvriendelijke steile walkanten. Er komt een actieplan om knelpunten op te lossen en nieuwe te voorkomen.
87
De gemeente gebruikt geen prikkeldraad of glad schrikdraad in of aan de rand van natuurgebieden.
te baggeren is in september of oktober. Dit is tussen de voortplanting en de winterrust. Van belang is dat de werkzaamheden gefaseerd worden uitgevoerd, zodat dieren de kans hebben om zich te kunnen verplaatsen. Wanneer vissen moeten
88
Er wordt gefaseerd en op ecologische wijze gebaggerd in september of oktober. Voorafgaand wordt een inventarisatie gedaan van aanwezige diersoorten.
89
Den Haag zet zich samen met het waterschap in om vismigratie te bevorderen. Toepassingen in het water hebben als harde voorwaarde dat vissen kunnen passeren.
worden overgezet is het van belang dat dit op een deskundige manier gebeurt, met zo min mogelijk stress en pijn.
Dieren in het wild
59
Sommige vissoorten leven deels op zee en deels in zoet binnenwater. In hun trektocht komen zij obstakels als stuwen, gemalen, sluizen en waterkrachtcentrales tegen. Daardoor worden soorten als de paling en zalm nu met uitsterven bedreigd. Het Hoogheemraadschap van Delfland neemt inmiddels maatregelen om vissen te helpen verder te zwemmen.
Hitte Soms kunnen in het wild levende dieren het moeilijk hebben met bepaalde weersomstandigheden. Den Haag kent een aantal hitte-eilanden waar de temperaturen flink op kunnen lopen. Extreme droogte en hitte kunnen ervoor zorgen dat dieren niet genoeg vocht binnenkrijgen en uitdrogen. Eenvoudige maatregelen zoals het onder water zetten van een stuk groen kunnen de dieren
aanzienlijk helpen. Ook moet de gemeente een lokaal hitteplan opstellen voor de dierenverblijven in eigendom van de gemeente, zoals de stadsboerderijen maar bijvoorbeeld ook in vijvers en parken.
90
De gemeente stelt een lokaal hitteplan op voor alle dierenverblijfplaatsen in eigendom van de gemeente.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
60
Ecologie De stad is aan het verdichten. In onze gemeente zijn een aantal groene gebieden die als woonplaats dienen voor diverse flora en fauna. Onderdeel van die groene gebieden zijn de hoofdboomstructuren, Stedelijke Groene Hoofdstructuur, Ecologische Verbindingszones en Natura 2000-gebieden. Helaas bevinden zich in onze stad nog veel ecologische knelpunten. Dit zijn punten waar migratie van natuur niet of nauwelijks mogelijk is door menselijke ingrepen in de openbare ruimte. In de nota Ecologische Verbindingszones 2008 201883 staan een aantal van die knelpunten en welke de prioriteit krijgen om aan te pakken. Inmiddels is de tijd van de nota verstreken maar zijn nog niet alle knelpunten opgelost. De vraag is zelfs of er geen nieuwe knelpunten zijn bijgekomen.
Biodiversiteit De Nederlandse insectenstand laat een dramatische daling zien en dit heeft een groot effect op de rest van de flora en fauna, ook in onze stad. Onlangs zijn in het wetenschappelijke tijdschrift Biological Conservation 73 studies naar de insectensterfte geanalyseerd. Daaruit blijkt dat insectensoorten acht keer zo snel uitsterven als reptielen, vogels en zoogdieren84. Insecten vormen een belangrijke voedingsbron voor vogels en ze bestuiven vele planten. Zonder bestuiving
bijvoorbeeld geen appels of zwarte bessen. In totaal is 80% van de plantensoorten afhankelijk van insecten voor bestuiving85,86,87. De afname van de insecten aantallen heeft onder andere te maken met het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Het is van groot belang dat dit gebruik wordt beëindigd. Voor de instandhouding en de diversiteit van de insecten is het van belang om ook in de stad beplanting aan te brengen die voor deze dieren aantrekkelijk is. Bloemen maken de stad aantrekkelijk
voor insecten zoals vlinders en bijen. Niet alleen de gemeente kan bijdragen aan een insectvriendelijke stad door rekening te houden met de inrichting van de openbare ruimte. Ook kunnen bedrijven, woningcorporaties, instellingen en de inwoners van onze stad worden aangemoedigd om hun tuinen op een natuur- en diervriendelijke manier in te richten. Vervolgens is het van belang om de openbare ruimte kleinschalig, gefaseerd en natuurvriendelijk te beheren.
Dieren in het wild
91
De gemeente vergroot het aanbod en de diversiteit van planten voor insecten in het openbaar groen.
61
92
93
De gemeente stimuleert inwoners van de stad om hun tuin natuur- en diervriendelijk in te richten.
De gemeente promoot het plaatsen van vleermuiskasten en nestgelegenheden voor vogels.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
62
Maaibeleid In de gemeente Den Haag wordt sinds 2018 doorgroeimaaien toegepast op een aantal groenstroken langs waterkanten88. Bij doorgroeimaaien wordt minder vaak gemaaid. Pas na het broedseizoen wordt begonnen met maaien. Zo blijven de nesten van watervogels rond de waterkanten en op andere locaties beter beschermd. Ook zorgt deze manier van maaien voor het behoud van de nodige voeding en huisvesting voor vele insectensoorten. Daarmee zorgt de stad er ook voor dat het voedsel (de insecten) voor vogels beschik-
baar blijft. De gemeente werkt dit maaibeleid uit in de Nota Stadsnatuur. Toch is er verbetering van het huidige beleid mogelijk. In andere groenstroken in de stad kan doorgroeimaaien worden toegepast waardoor insecten in de hele stad mogelijkheden hebben om te ontwikkelen en te overleven.
94
Het gemeentelijke maaibeleid gebeurt op basis van ecologisch beheer, kleinschalig en gefaseerd, waar mogelijk.
Dieren in het wild
63
Broedseizoen Volgens de Wet natuurbescherming is het verboden om opzettelijk dieren te verstoren die door de wet worden aangewezen89. Verder staat in de wet dat het verboden is opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels te vernielen of te beschadigen of nesten weg te nemen. Voor het broedseizoen geldt geen vaste periode. Iedere soort heeft een eigen broedperiode en door de onvoorspelbare weersinvloeden en klimaatverandering is de broedperiode flexibeler geworden90. Ook de wet legt geen begin- of einddata van het broedseizoen vast. Sommige vogels, zoals de blauwe reiger en de bosuil, beginnen al in februari met
broeden en bepaalde (zang) vogels broeden nog in augustus91,92. Veel vogels broeden ongeveer tussen 15 maart en 15 juli. Moerasvogels en andere watervogels broeden meestal tussen 1 april en 15 augustus. Het broedseizoen zou in beleidsstukken van de
gemeente daarom moeten gelden tussen 15 februari en 31 augustus, de periode die de provincie hanteert93. 96
95
De gemeente hanteert de periode van 15 februari tot 31 augustus als broedseizoen.
De gemeente laat in warme zomers het broedseizoen langer doorlopen zodat geen verstoring van nesten en jonge dieren wordt veroorzaakt.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
64
Conflicten Dieren hebben zich gedurende duizenden jaren aangepast aan de aanwezigheid van mensen. Bijvoorbeeld de huismuis en de stadsduif. Zij zijn goed in het opsporen van eten dat door de mens is achtergelaten, en komen steeds terug naar de plekken die kansen bieden op het vinden van eten. In veel gevallen is het eten in deze situaties niet geschikt voor deze dieren. Sommige mensen ervaren overlast van bepaalde diersoorten. In de Wet natuurbescherming zijn bepalingen opgenomen die bestrijding van schade door dieren mogelijk maken. Hier zijn wel restricties in opgenomen om bedreigde diersoorten beter te beschermen. Bij algemene maatregel van bestuur zijn een aantal beschermde diersoorten die in het hele land veelvuldig schade aanrichten door de Minister aangemerkt, de zogenaamde landelijke schadesoorten. Bestrijding van deze soorten is onder voorwaarden toegestaan zonder ontheffing. Bestrijding door middel van doding is onwenselijk. De gemeente moet inzetten op preventief beleid, daardoor is uiteindelijke bestrijding vaak niet eens meer nodig. Als bestrijding wel nodig is, dient dit op de meest diervrien-
delijke manier te gebeuren. Methoden die dieronvriendelijk zijn en die nodeloos lichamelijk en psychisch lijden bij dieren veroorzaken moeten worden vermeden. Hierbij valt te denken aan verdrinkingsvallen, lijmplanken, klemmen en chemische bestrijding. Bovendien zijn ze niet selectief. Vaak worden de plekken die de gevangen dieren hadden in een ecosysteem ingenomen door nieuwe dieren. Hierdoor blijven dieren en mensen met elkaar in aanraking.
Deze middelen gaan met veel leed gepaard.
Het gebruik van gif is onwenselijk. Het meeste vergif dat gebruikt wordt, waaronder anticoagulantia (meest gebruikte middel tegen ratten en muizen) is traag werkend94.
Over het algemeen kan worden gesteld dat dieren afkomen op voedsel dat makkelijk te bemachtigen is. In de stad moet hierbij worden gedacht aan rondslingerend afval, overvolle afvalbakken en het opzettelijk voeren van dieren. Hierop hebben de inwoners van de stad zelf invloed. In de aanpak van vermeende overlast moet dit gedrag van inwoners worden aangepakt. Er zijn verschillende maatregelen die bij kunnen dragen aan het terugdringen van de beschikbaarheid van voedsel in de openbare ruimte. Zo kan in de APV een voederverbod worden opgenomen voor bepaalde
97
98
De gemeente handhaaft op het verbod om straatafval te creëren of afval op onjuiste tijdstippen of plekken aan te bieden.
De gemeente voert voor alle wijken het voederverbod uit de APV in, met betrekking tot bepaalde in het wild levende dieren.
Dieren in het wild
diersoorten in de gehele stad, waar dat nu alleen maar in bepaalde delen van de stad geldt. Mensen denken dan wel twee keer na of ze een boete willen riskeren om voedsel op straat te gooien. In de afvalstoffenverordening kan ook een verbod worden opgenomen op het achterlaten van straatafval. Het achterlaten van vuilnis op andere tijdstippen en
65
plekken dan is aangegeven kan ook verboden worden via de afvalstoffenverordening. Handhaving hierop is noodzakelijk. Centraal en eenduidig beleid voor het aanbieden van huisvuil en grofvuil is noodzakelijk voor het scheppen van duidelijkheid.
99
De gemeente stopt per direct met dieronvriendelijke bestrijdingsmethoden en zet in op preventie.
66
Vermaak met dieren
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
Vermaak met dieren
67
Het welzijn van dieren die gebruikt worden voor evenementen, kunstuitingen, reclamespots, televisieprogramma’s, levende kerststallen en volksspelletjes is vaak niet
gegarandeerd. Om stress en andere aantasting van dierenwelzijn te voorkomen, moeten er in elk geval gedragscodes komen voor het gebruik van dieren voor amusement.
Evenementen Helaas worden dieren nog altijd gebruikt voor het vermaak van mensen en lijden dieren daaronder. De dieren die bij evenementen worden gebruikt, kunnen vaak hun soorteigen gedrag niet vertonen. Ook hebben zij vaak geen mogelijkheid om zich terug te trekken. Zo krijgen roofvogels bijvoorbeeld nauwelijks de kans om te vliegen en zitten ze voor het grootste deel van de tijd in te kleine hokken of met een kort touw vastgebonden aan een blok, zonder schaduw of water.
In Nederland staan ongeveer 200 bedrijven geregistreerd bij de Kamer van Koophandel die dieren verhuren voor evenementen, zoals mobiele kinderboerderijen, roofvogelshows en levende kerststallen. Alle bedrijven bij elkaar bieden ongeveer 150 diersoorten aan en in totaal enkele duizenden individuele dieren. Door verhuurbedrijven wordt niet altijd bijgehouden hoe vaak welk dier verhuurd wordt. Niet alle begeleiders van de dieren zijn daarvoor geschoold. Dit kan leiden tot welzijnsproblemen bij de dieren.
100
De gemeente verzoekt de minister, samen met andere gemeenten, meer mogelijkheden te krijgen om het gebruik van dieren bij evenementen te weren.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
68
Het is wenselijk dat Den Haag afstand neemt van het op deze manier gebruiken van dieren. Momenteel is het wettelijk niet mogelijk om dieronvriendelijke evenementen te verbieden op grond van dierenwelzijn. Wel kan worden gekozen voor het vergunningplichtig maken van evenementen met dieren. Onlangs is daar in Den Haag een initiatiefvoorstel over ingediend95.
101
De gemeente spreekt zich actief uit tegen evenementen met dieren, waaronder roofvogelshows.
Duiven Het gebruik van sierduiven voor bijvoorbeeld trouwerijen kan het welzijn van deze duiven nadelig beïnvloeden. Vaak kunnen de sierduiven de weg naar huis niet meer terugvinden. De duif kan in het wild moeilijk overleven omdat hij tot het moment van loslating steeds is gevoerd en beschermd. Soms vallen deze duiven ten prooi aan grote vogels of verhongeren ze langzaam96.
de gemeente het loslaten van sierduiven bij bruiloften, zo is te lezen op de trouwwebsite van Den Haag98.
De Dierenambulance ontfermt zich bij melding over uitgeputte losgelaten sierduiven97. De kosten voor de verzorging komen meestal ten laste van de Dierenambulance, dierenarts of Dierenbescherming. De geringde sierduiven worden nauwelijks opgehaald bij de opvang.
102
Landelijk is er geen verbod op het loslaten van sierduiven. Inmiddels ontraadt
De gemeente hanteert een actief ontmoedigingsbeleid voor het loslaten van vogels, zoals sierduiven.
Vermaak met dieren
69
Dierentuinen In Den Haag zijn twee vergunningen voor dierentuinen afgegeven door de RVO: aan Sea Life (sinds 2003) en Avonturion (sinds 2016), ook wel bekend als Avonturia De Vogelkelder99. In Europa geldt een Dierentuinrichtlijn100. In het Besluit Houders van Dieren is opgenomen aan welke eisen dierentuinen moeten voldoen101. Ook worden dierentuinen in het Besluit Houders van Dieren verplicht tot instandhouding van diersoorten en deelneming aan educatieve programma’s, door het uitvoeren van minimaal een activiteit als deelnemen aan onderzoek, deelname aan fokprogramma’s voor populatie herstel of herintroductie of het opvangen van dieren
uit opvangcentra en in beslag genomen dieren. De inzichten in aard en functie van dierentuinen veranderen. Het welzijn van dieren krijgt steeds meer aandacht. Het houden van wilde (zoog) dieren en roofvogels in gevangenschap voor educatieve en recreatieve waarde staat in toenemende mate ter discussie. De wetenschap en maatschappij zien ook steeds liever dat dieren in zo natuurlijk mogelijke situaties worden gehuisvest. Dit is niet altijd mogelijk in de beperkte ruimte die dierentuinen hebben op hun locatie. Ook zijn diverse klachten binnengekomen bij de Partij
103
De gemeente draagt het standpunt uit dat een dierentuin alleen een aanvaardbare, bij voorkeur tijdelijke, huisvesting is voor dieren die zich niet in hun oorspronkelijke leefgebied kunnen handhaven en niet kunnen worden uitgezet.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
70
voor de Dieren over hoe de dieren worden gehouden bij voornamelijk Avonturion. Het dierenwelzijn is het meest gebaat bij een model waarin de opvang van dieren in nood centraal staat, waarbij de focus op dierenwelzijn en educatie ligt. Het houden van een collectie levende dieren met als voornaamste doel om deze tentoon te stellen zou de gemeente niet meer moeten steunen.
104
De gemeente verzoekt beide dierentuinen het doel en de uitwerking van de fokprogramma’s te verantwoorden in het gemeentelijke dierenwelzijnsbeleid.
105
De gemeente gaat in gesprek met Sea Life en Avonturion over het uitfaseren van het tentoonstellen van dieren.
Paardenwelzijn Hoewel paarden kuddedieren zijn die veel bewegingsvrijheid nodig hebben, staan veel paarden en pony’s het grootste deel van de tijd alleen in een box. Uit onderzoek van Dier&Recht blijkt dat ruim 80% van de manegepaarden lijden onder ernstige, psychische of fysieke, welzijnsproblemen102. Als kuddedier individueel opgesloten in een box, urenlang zonder vrije bewegingsruimte, weinig fysiek contact met soortgenoten en chronische stress. In tegenstelling tot andere landen stelt Nederland geen wettelijke minimumeisen aan de huisvesting en verzorging van paarden. De Sectorraad Paarden stelde richtlijnen
op die zelfregulerend zouden moeten werken. De Dierenbescherming en Dier&Recht constateerden dat dit nog onvoldoende het geval is.
het welzijn van de dieren aantoonbaar wordt geschaad. Veel meldingen met betrekking tot paarden en pony’s 107
Strafrechtelijk kan alleen worden opgetreden als 106
De gemeente formuleert beleid omtrent paarden en koetsen op basis van het Paardenbesluit van de Dierenbescherming.
De gemeente onderzoekt mogelijkheden om de voorwaarden in het Paardenbesluit een plaats te geven in de vergunningverlening.
Vermaak met dieren
gaan over zaken die strafrechtelijk niet zijn aan te pakken. Uit jaarcijfers van het LID uit 2013 blijkt dat in 20% van de zaken betrekking hebben op slecht welzijn van paarden en pony’s, die vooral worden gehouden voor hobbydoeleinden. In 2011 is de Dierenbescherming gekomen met het Paardenbesluit dat, naar de mening van 108
De gemeente geeft voorlichting aan paardenhouders en maneges over het verbeteren van paardenwelzijn op basis van de uitgangspunten van het Paardenbesluit.
71
de Dierenbescherming, als minimumrichtlijn zou moeten dienen voor het houden van paarden103. Hierin staat onder meer dat paarden minimaal vier uur per dag los moeten kunnen lopen, in groepen worden gehuisvest en worden gevrijwaard van eindeloze verveling. Den Haag zou deze wensen uit het Paardenbesluit als richtlijn moeten overnemen.
Paarden zijn ook verkeersdeelnemers. Zodra een paard verongelukt kan het voor onrust en onduidelijkheid zorgen. Het is daarom belangrijk om op voorhand duidelijke afspraken te maken over hulp aan het verongelukte paard.
109
110
De gemeente maakt duidelijke afspraken met dierenartsen, dierenhulporganisaties en noodhulpinstanties over de handelswijze bij een verongelukt paard.
De gemeente pleit er bij de Rijksoverheid voor dat het Paardenbesluit van de Dierenbescherming als basis dient voor het waarborgen van het paardenwelzijn in de Wet dieren.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
72
Stadsboerderijen De gemeente bezit momenteel tien stadsboerderijen. De stadsboerderijen kunnen een educatieve functie hebben als kinderen leren hoe ze met dieren moeten omgaan. In een aantal stadsboerderijen is het welzijn van de dieren niet altijd optimaal, waardoor de educatieve functie ook in het geding komt. In 2005 heeft de raad het initiatiefvoorstel ‘Boeren met beleid’ aangenomen104. Hierin worden zeven uitgangspunten voor de omgang met dieren op stadsboerderijen vastgelegd. Een overzicht hiervan staat elders op deze pagina. De Partij voor de Dieren heeft ‘Boeren met beleid’ in de praktijk geanalyseerd. Daaruit blijkt dat het beleid op sommige punten tekortschiet. Zo is het voor dieren niet altijd mogelijk het soorteigen gedrag te vertonen. Ook is er niet altijd adequaat toezicht op de dieren tijdens de knuffelmomenten met cavia’s en konijnen en voldoet het fokbeleid niet. In de gemeentelijke nota dierenwelzijn uit 2012 is te lezen dat de Haagse stadsboerderijen op dat moment koploper waren als het ging om dierenwelzijn105. Ze zijn inmiddels ingehaald door andere boerderijen die het keurmerk ‘Diervriendelijke
De zeven uitgangspunten van de nota ‘Boeren met beleid’. 1. Dieren worden gehuisvest conform hun natuurlijke behoeftes en leefomgeving; 2. Dieren worden zoveel mogelijk via aanschaf verworven; 3. De gemeente blijft verantwoordelijk voor (onverhoopt) overtollige dieren; 4. Bij de educatie komt meer aandacht voor het in hun waarde laten van dieren; 5. Maatregelen worden genomen om vervetting van dieren tegen te gaan; 6. Zieke dieren worden in principe niet vervoerd; 7. Weiden en knuffelhoeken zijn slechts voor publiek toegankelijk als adequaat toezicht aanwezig is.
kinderboerderij’ hebben ontvangen106. Het huidige beleid staat het fokken met konijnen, knaagdieren en kippen niet toe. Wel is het fokken met landbouwhuisdieren toegestaan om de populatie op peil te houden. In praktijk betekent dat per stadsboerderij, per ras maximaal één dier gedekt wordt. Indien nodig worden overige landbouwhuisdieren middels aanschaf verkregen. In de praktijk blijkt dat sommige stadsboerderijen nog wel eieren uitbroeden. Onduidelijk is waar de kuikens blijven als zij ouder worden. Ook worden jonge landbouwhuisdieren geboren op stadsboerderijen waar geen
plek voor meer dieren is. Door de stadsboerderijen ook in het voorjaar te bezoeken is geconstateerd dat op bijna alle stadsboerderijen dezelfde rassen van geiten- en schapen lammeren rondliepen. Doordat geiten en schapen vaak een tweeling krijgen loopt het aantal jonge dieren snel op. De dieren waar geen plek voor is, worden verkocht aan derden met een halfjaarlijkse eigendomsovereenkomst. De nieuwe eigenaren worden steekproefsgewijs binnen een half jaar na aanschaf en op kosten van de gemeente bezocht door een dierenarts. Deze toetst de gestelde voorwaarden (huisvesting, samen staan en gezondheid).
Vermaak met dieren
Het is voorgekomen dat niet alle verkochte dieren na een bezoek aanwezig waren op de locatie. In het vervolg zijn aan de betreffende koper geen dieren meer verkocht107.
73
die genomen kunnen worden, maar bijvoorbeeld ook de handelswijze van werknemers en hulpdiensten ten tijde van brand.
Ook kunnen de Haagse stadsboerderijen te maken
krijgen met een brand. De dieren zitten opgesloten in hun verblijven. Om voor deze dieren een zo brandveilig mogelijk verblijf te realiseren is het voor de stadsboerderijen noodzakelijk om hier een plan over op te stellen. Hierin staan maatregelen in
111
112
113
De gemeente evalueert de situatie van de stadsboerderijen in Den Haag op het gebied van dierenwelzijn, educatie en kwaliteit van inrichting.
De gemeente zorgt ervoor dat de stadsboerderijen voldoen aan alle voorwaarden die zijn gesteld aan het keurmerk ‘Diervriendelijke kinderboerderij’.
De Haagse stadsboerderijen stellen een plan op om hun stallen brandveiliger te maken.
74
Tot slot
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
Tot slot
75
Financiën Dit voorstel bestaat uit diverse maatregelen die geen extra geld kosten. Ook zijn er maatregelen die beperkt extra geld kosten, wat binnen het dierenwelzijnsbudget kan worden opgevangen. De maatregelen in het kader vereisen budgettaire wijzi-
gingen. Deze middelen zouden kunnen worden gehaald uit andere beleidsprogramma’s zoals de internationale stad en buitenruimte. Het is logisch de ogen te richten op andere beleidsprogramma’s, omdat veel actiepunten gezamenlijk kunnen worden opgepakt bij
herinrichtingen in de openbare ruimte. Ook kan worden aangeklopt bij de provincie voor taken of geld voor het helpen van gewonde in het wild levende dieren.
Maatregelen die budgettaire wijzigingen vereisen. • • • • • • • • • •
Adviesraad met dierenwelzijnsexperts (3); Aanleggen van veilige losloopgebieden (37); Kosten afstandsdieren vergoeden (45); Financiële steun aan minima (46 & 48); Opvang slachtoffers huiselijk geweld openstellen voor huisdieren (57); Kostendekkende vergoeding dierenopvangen (62); Oplossen knelpunten verkeer en fauna (69); Vleermuisvriendelijke straatverlichting (77); Straatkolken voorzien van uitklimvoorzieningen (85); Vergroten diversiteit beplanting (91).
Planning Dit voorstel kan worden geïntegreerd in de nota die het college aan het samenstellen is en die rond de zomer van 2020 is te verwachten.
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
76
Ontwerp-raadsbesluit De gemeenteraad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen d.d. …, gezien het voorstel van Robin Smit, Partij voor de Dieren. Besluit: I. De in dit initiatiefvoorstel beschreven uitgangspunten als basis te nemen voor het gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid. II. De intrinsieke waarde van dieren en de kwaliteit van leven van dieren, zowel de lichamelijke conditie als het welbevinden, als pijler vast te stellen van het gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid. III. Binnen dit gemeentelijk beleid de in dit initiatiefvoorstel genoemde, genummerde 111 actiepunten uit te voeren.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van ...
De griffier,
De voorzitter,
Tot slot
77
Eindnoten 01 Partij voor de Dieren. (2011, maart 10). Den Haag, stad van vrede en recht; ook voor dieren! (RIS179579). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 02 De Waal, F. (2016). Zijn we slim genoeg om te weten hoe slim dieren zijn? Amsterdam: Atlas Contact. 03 De Cock Buning, T., Pompe, V., Hopster, H., de Brauw C. (2012, maart 20). Denken over Dieren. Opgehaald van http://edepot.wur.nl/ 04 Partij voor de Dieren Den Haag. (2011, december 6). Den Haag, stad van vrede en recht; ook voor dieren! Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 05 Gemeente Den Haag. (2011, september). Nota dierenwelzijn Den Haag. Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 06 Animal Rights History. (sd). Cruel and Improper Treatment of Cattle Act (1822), Great Britain Parliament: Richard Martin Act to Prevent the Cruel and Improper Treatment of Cattle. Opgehaald van https://web.archive.org/ 07 Gemeente Den Haag. (1997, december). Nota Dierenwelzijn 1998 (RIS021476). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 08
Verdrag van Amsterdam. (1997). Opgehaald van https://eur-lex.europa.eu/
09 Sophia Vereeniging. (2019). 152 jaar Sophia-Vereeniging. Opgehaald van https://www. sophia-vereeniging.nl/ 10 Wijsmuller, G.H.M., Gyömörei, I.M., Pijl, W.J. (2004, december 23). Initiatiefvoorstel Boeren met beleid (RIS123353). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 11 Dierenbescherming. (sd). Dierenbescherming pleit voor wetgeving paardenwelzijn. Opgehaald van https://www.dierenbescherming.nl/ 12 Teunissen, C. (2016, november 4). Motie: Haags rapport dierenwelzijn (RIS295494). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 13 Gemeente Amsterdam. (2016, april 21). Agenda Dieren 2015 -2018: Een diervriendelijk Amsterdam. Opgehaald van https://objectstore.eu/ 14 Gemeente Antwerpen. (sd). Adviesraad voor Dierenwelzijn. Opgehaald van https://www. antwerpen.be/ 15 Rijnmond.nl (2018, december 5). Dierenambulance mag voortaan over de busbaan, maar wel emissievrij. Opgehaald van https://www.rijnmond.nl/
78
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
16 Barker, R., Wijsmuller, J., Holman, H. (2019, november 18). Duurzaam voedsel; nog een tandje bijzetten. Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 17 Bont voor Dieren. (sd). Echt bont op grote schaal verkocht als nepbont. Opgehaald van https://www.bontvoordieren.nl/ 18 Straver, F. (2017). Echt bont aan je jas, en je weet van niets. Opgehaald van https://www. trouw.nl/ 19 Dierenbescherming. (2018, april 6). Amsterdam de eerste bontvrije stad van Europa? Opgehaald van https://www.dierenbescherming.nl/ 20 RTL Nieuws New York. (2018, oktober 23). Los Angeles legt verkoop bont aan banden. Opgehaald van https://www.youtube.com/ 21 HAS Hogeschool. (2015). Feiten & Cijfers Gezelschapsdierensector 2015. Opgehaald van http://edepot.wur.nl/ 22
Besluit houders van dieren. (2014). Opgehaald van https://wetten.overheid.nl/
23
Amivedi. (sd). Opgehaald van https://www.amivedi.nl/
24
Kok, A. (2019, mei 26). Hond trekt zich terug uit de stad. Opgehaald van https://www.ad.nl/
25 Animal Sciences Group van Wageningen UR. (2008). Hondenbeten in perspectief: een evaluatie van de RAD en aanbevelingen voor het terugdringen van bijtincidenten. Opgehaald van https://edepot.wur.nl/ 26
Gemeentewet, artikel 121. (2020). Opgehaald van https://wetten.overheid.nl/
27
Wetboek van Strafrecht, artikel 425. (2020). Opgehaald van https://wetten.overheid.nl/
28 Werkgroep Hulp Inbeslaggenomen Honden. (sd). Stay Home Protocol. Opgehaald van http://hulpinbeslaggenomenhonden.nl/ 29 Raad voor Dieraangelegenheden. (2013, augustus). Verantwoord Honden Houden: Paal en perk aan onaanvaardbaar gedrag van honden en hun houders. Opgehaald van https://edepot.wur. nl/ 30 Dierenopvang Amsterdam. (2019). Jaarverslag 2018. Opgehaald van https://www.doamsterdam.nl/ 31 Bullens, E. (2012, juli). Zorg voor dierenwelzijn komt ten goede aan de burger. Opgehaald van https://www.stichtingmensdiernood.nl/ 32 Dierenopvang Rotterdam. (2017, september 1). AOW’ers krijgen tegoed voor Minimax Dierendokter. Opgehaald van https://www.dierenbescherming.nl/ 33
Gemeente Apeldoorn. (sd). Inkomsten en uitgaven. Opgehaald van https://www.
Tot slot
79
apeldoorn.nl/ 34
Gemeente Helmond. (sd). Advies en hulp. Opgehaald van https://www.helmond.nl/
35 De Groot, M.J.E. (2014, januari 31). DierEnZorg: Welzijn van mens en dier binnen de zorg (RIS269901). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 36 Open Universiteit. (2017, september 21). OU hoogleraar neemt initiatief voor landelijke richtlijnen honden in gezondheidszorg. Opgehaald van https://www.ou.nl/ 37
Dog-Sense. (2005). Opgehaald van http://www.dog-sense.nl/
38 Enders-Slegers, M.J., & Janssen, M. (2009). Cirkel van geweld. Verbanden tussen dierenmishandeling en huiselijk geweld. Amsterdam: Stichting DierZijn. 39 Hondenbescherming. (2012). Link huiselijk geweld en dierenmishandeling ook in Nederland aangetoond. Opgehaald van https://hondenbescherming.nl/ 40
IFAW, Kadera. (2014). Blijf van mijn Dier. Opgehaald van https://docplayer.nl/
41 Enders-Slegers, M.J., Janssen, M.A. (2009). Cirkel van geweld: verbanden tussen dierenmishandeling en huiselijk geweld. Opgehaald van https://www.yumpu.com/ 42
Wet maatschappelijke opvang. (2015). Opgehaald van https://wetten.overheid.nl/
43
Together we care. (sd). Opgehaald van http://www.togetherwecare.info/
44
Sheltering Animals and Families Together. (sd). Opgehaald van https://alliephillips.com/
45 Hermans, F. (2019). Hulpverlener gaat in Nijmegen voortaan ook huisdier checken bij kwetsbare gezinnen. Opgehaald van https://www.gelderlander.nl/ 46 Smit, R. (2019). Herkennen signalen huiselijk geweld door onderhoudsmedewerkers woningcorporaties (RIS301121). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 47 Animals Today. (2019). Honden welkom bij daklozenopvang IrisZorg in Arnhem. Opgehaald van https://www.animalstoday.nl/ 48 Scherpenberg, K. (2011, december 6). Nachtverblijf voor daklozen met honden ingehuldigd. Opgehaald van https://www.gva.be/ 49
All4Paws. (2019). About our Clinic. Opgehaald van https://all4pawsedinburgh.org/
50 Barker, R. (2018, november). Invulling toezegging om vervoer gewonde wilde dieren te vergoeden (Amendement G). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 51 Haags Dierencentrum. (2018). Jaarverslag 2017. Opgehaald van https://www.haagsdierencentrum.nl/
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
80
52 Haags Dierencentrum. (2019). Jaarverslag 2018. Opgehaald van https://haagsdierencentrum.nl/ 53 Dierenambulance Den Haag. (2019). Stichting Dierenhospitaal en Ambulancedienst ‘s-Gravenhage e.o. Jaarverslag 2018. Opgehaald van https://dierenambulancedenhaag.nl/ 54 Dierenambulance Den Haag. (2019). Stichting Dierenhospitaal en Ambulancedienst ‘s-Gravenhage e.o. Jaarverslag 2018. Opgehaald van https://dierenambulancedenhaag.nl/ 55
Persoonlijke communicatie.
56 Nota Dierenwelzijn Velsen 2017-2020. (2017). Opgehaald van https://decentrale.regelgeving. overheid.nl/ 57 Van der Kooi, Vanda. (2018, 9 augustus). Nieuw asiel Eindhoven mogelijk zonder Dierenbescherming. Opgehaald van https://www.ed.nl/ 58 Dierenbescherming Rijnmond. (2012, mei). Aandacht gemeentelijke vergoeding asielen. Opgehaald van http://www.dierenbescherming-rijnmond.nl/ 59
Persoonlijke communicatie.
60 Haagse Vogelbescherming. (2018). Vogeltelling 2017. Opgehaald van http://www.vogelopvangdewulp.nl/ 61 Haags Dierencentrum. (2018). Jaarverslag 2017. Opgehaald van https://www.haagsdierencentrum.nl/ 62 Dierenambulance Den Haag. (2018). Stichting Dierenhospitaal en Ambulancedienst ‘s-Gravenhage e.o. Jaarverslag 2017. Opgehaald van https://cdn.geef.nl/ 63 Sportvisserij Nederland. (2020). Toestemming om te vissen. Opgehaald van https://www. sportvisserijnederland.nl/ 64
Braithwaite, V. (2010). Do Fish Feel Pain? Oxford: OUP Oxford.
65 Keven N. Laland, Brown, C., Krause, J. (2003). Learning in Fishes: from three-second memory to culture. FISH and FISHERIES 2003 nr. 4, p. 199-202. 66 Sneddon, L. U., Braithwaite, V. A., & Gentle, M. J. (2003). Do fishes have nociceptors? Evidence for the evolution of a vertebrate sensory system. Proceedings. Biological sciences, 270(1520), 1115–1121. doi:10.1098/rspb.2003.2349 67 Vissenbescherming. (2011). Voelen vissen pijn? Opgehaald van http://www.vissenbescherming.nl/ 68 Smit, R. (2019). Vistuig aan banden (RIS303383). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/
Tot slot
81
69 Smart Traffic Accident Reporting. (2020). Actuele STAR-ongevallenkaart. Opgehaald van https://www.star-verkeersongevallen.nl/ 70 IVN. (sd). Natuurinclusief bouwen; voor méér biodiversiteit! Informatie om bij nieuwbouw-, renovatie- en verbouwplannen nest- en verblijfplaatsen voor vogels en vleermuizen te realiseren. Opgehaald van https://www.ivn.nl/ 71 Wesseling, M. (2019, 16 juli). Het gaat uiterst beroerd met de egel; zo kunnen we hem helpen. Opgehaald van https://www.trouw.nl/ 72 Omroep West. (2018). Minder lichtvervuiling in Nederlandse steden, maar niet in de regio Den Haag. Opgehaald van https://www.omroepwest.nl/ 73
AD. (2016). Vleermuis in gevaar door verlichting. Opgehaald van https://www.ad.nl/
74 Rijkswaterstaat. (sd). Vleermuisvriendelijke verlichting (Batlamp). Opgehaald van https:// www.rijkswaterstaat.nl/ 75
Vleermuis.net. (sd). Vleermuizen en licht. Opgehaald van https://www.vleermuis.net/
76 Reijn, G. (2017, 7 augustus). Deze lantaarnpalen dimmen vanzelf als niemand op straat is. Opgehaald van https://www.volkskrant.nl/ 77 Gemeente Helmond. (sd). Sensoren slimme straatverlichting. Opgehaald van https://www. helmond.nl/ 78
MRDH. (sd). Inkoop van energiezuinige straatverlichting. Opgehaald van https://mrdh.nl/
79
LICG. (sd). Vuurwerk. Opgehaald van https://www.licg.nl/
80 CBS, PBL, RIVM, WUR. (2018, april). Luchtverontreiniging tijdens de jaarwisseling 1994-2018. Opgehaald van https://www.clo.nl/ 81
Milieu Centraal. (2019). Vuurwerk. Opgehaald van https://www.milieucentraal.nl/
82 Stichting RAVON. (2012). Het voorkomen van amfibieën in straatkolken. Opgehaald van https://www.ravon.nl/ 83 Gemeente Den Haag. (2008). Nota Stedelijke Ecologische Verbindingszones in Den Haag (RIS159450). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 84 Sánchez-Bayo, F., Wyckhuys, K.A.G. (2019). Worldwide decline of the entomofauna: A review of its drivers. Biological Conservation, 232: 8-27. Opgehaald van https://www.sciencedirect.com/ 85 Jacquemin, F., Violle, C., Rasmont, P., Dufrêne, M. (2017). Mapping the dependency of crops on pollinators in Belgium. One Ecosystem 2: e13738. Opgehaald van https://doi.org/ 86 Vanbergen, A.J. (2013). Threats to an ecosystem service: pressures on pollinators. Frontiers in Ecology and the Environment 2013: 11(5): 251–259. Opgehaald van https://esajournals.onlineli-
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn
82
brary.wiley.com/ 87 Biesmeijer, J., Roberts, S., Reemer, M., Ohlemüller, R., Edwards, M., Peeters, T. & Schaffers, A.P., Potts, S., Kleukers, R., Thomas, C., Settele, J., Kunin, W. (2006). Parallel Declines in Pollinators and Insect-Pollinated Plants in Britain and the Netherlands. Science (New York, N.Y.). 313. 351-4. Opgehaald van https://www.researchgate.net/ 88 Smit, R. (2019). Locaties dier-en natuurvriendelijk maaien. Opgehaald van https://denhaag. raadsinformatie.nl/ 89 Wet natuurbescherming. (2019). Artikel 3.2. Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn. Opgehaald van https://wetten.overheid.nl/ 90 Engels, J. (2019, 23 juli). Veel vogels kunnen de opwarming van de aarde niet bijbenen. Opgehaald van https://www.trouw.nl/ 91 Dotinga, H. (2017, 10 april). Snoeien in het broedseizoen, mag dat? Opgehaald van https:// www.vogelbescherming.nl/ 92
RVO. (sd). Natuurkalender broedvogels. Opgehaald van https://mijn.rvo.nl/
93 Provincie Zuid-Holland. (2019, 15 januari). Bijlage kaart A buffergebied Wet natuurbescherming binnen broedseizoen. Opgehaald van https://decentrale.regelgeving.overheid.nl/ 94 Van Gerwen, M. (2018). Omgang met ratten en muizen in dierplagen: Duurzaam en Verantwoord? Opgehaald van https://www.uu.nl/ 95 Barker, R. (2019). Haagse evenementen vrij van dierenleed (RIS303419). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 96 Dierenbescherming. (2018). Gemeente en Dieren. Opgehaald van https://www.dierenbescherming.nl/ 97 RTL Nieuws. (2019, 24 mei). Sierduiven loslaten op je bruiloft? ‘Die dieren vliegen hun dood tegemoet’. Opgehaald van https://www.rtlnieuws.nl/ 98
Gemeente Den Haag. (2019). Trouwlocaties. Opgehaald van https://www.denhaag.nl/
99 RVO. (2015, mei). Overzicht dierentuinen met een vergunning. Opgehaald van https://www. rvo.nl/ 100 Europese Unie. (1999, 29 maart). Richtlijn 1999/22/ EG van de Raad betreffende het houden van wilde dieren in dierentuinen. Opgehaald van https://eur-lex.europa.eu/ 101
Besluit houders van dieren. (2018). Opgehaald van https://wetten.overheid.nl/
102 nl/
Dier & Recht. (2018). Misstanden op de manege. Opgehaald van https://www.dierenrecht.
Tot slot
103
83
Dierenbescherming. (2011). Het Paardenbesluit. Opgehaald van https://edepot.wur.nl/
104 Wijsmuller, G. (2005). Boeren met beleid (RIS123353). Opgehaald van https://denhaag. raadsinformatie.nl/ 105 Gemeente Den Haag. (2012). Voorstel van het college inzake Nota Dierenwelzijn (RIS247809). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/ 106 Comité Dierennoodhulp. (2018). Keurmerk Diervriendelijke kinderboerderijen. Opgehaald van https://www.diervriendelijkekinderboerderijen.nl/ 107 Gemeente Den Haag. (2007). Evaluatie Boeren met Beleid (RIS147308). Opgehaald van https://denhaag.raadsinformatie.nl/
Colofon
Partij voor de Dieren Den Haag Spui 70 2511 BT Den Haag Tel. nr. | 070 353 3714 E-mail | pvdd@denhaag.nl Website | denhaag.partijvoordedieren.nl Robin Smit | Tekst Robert Barker | Tekst Pieter Groenewege | Tekst, vormgeving Leonie Gerritsen | Tekst Joost Leuven | Tekst Foto’s | Pixabay
RIS303592
Initiatiefvoorstel Nota Dierenwelzijn