CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

210616 Rapportage Evaluatie Permanente Winteropvang eindconcept

Commissie Samenleving 23 juni 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Programma werkbespreking Winteropvang11.553 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Evaluatie permanente winteropvang Gemeente Den Haag 2018-2019

Een korte subtitel kan hier

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

1

Mei 2019

Evaluatie permanente winteropvang Gemeente Den Haag 2018-2019

Inhoudsopgave Kernpunten per locatie Hoofdstuk 1: Inleiding

4 5

1.1

Achtergrond

5

1.2

Daklozen in Den Haag

5

1.3

Permanente winteropvang

5

1.4

Doel onderzoek

6

Hoofdstuk 2: Methode

7

2.1.

Onderzoeksopzet

7

2.2.

Analyse

9

Hoofdstuk 3: Resultaten

10

3.1 Locatie Wenckebach

10

3.1.1. Instroom Wenckebach

10

3.1.2. Kenmerken daklozen locatie Wenckebach

11

3.1.3. Toeleiding naar opvang en zorg locatie Wenckebach

12

3.1.4. Ervaringen professionals permanente winteropvang locatie Wenckebach

3.2

14

Locatie Zilverstraat

16

3.2.1. Instroom Zilverstraat

16

3.2.2. Kenmerken daklozen permanente winteropvang locatie Zilverstraat

17

3.2.3. Toeleiding naar opvang en zorg locatie Zilverstraat

19

3.2.4. Ervaringen professionals permanente winteropvang locatie Zilverstraat

20

Hoofdstuk 4: Discussie en conclusies

22

4.1 Locatie Wenckebach

22

4.2 Locatie Zilverstraat

23

4.3 Conclusies

24

Bijlage 1 Beslisboom Daklozenloket

25

Bijlage 2 Vragenlijst/topic lijst

26

Colofon

29

Kernpunten per locatie Locatie Wenckebach 

Van de 37 cliënten die tot nu toe op de locatie verbleven is 22% succesvol uitgestroomd naar een andere voorziening, bij 19% is reeds een uitstroomtraject opgestart. 57% kampt met verslaving, bij 43% is er sprake van multiproblematiek

Cliënten zijn hoofdzakelijk man, tussen de 45 en 65 jaar oud en verbleven voorafgaand eerder 1) in de reguliere nachtopvang, maar waren daar psychisch eigenlijk te kwetsbaar voor (waardoor ze daar vaak maar kort verbleven), of 2) (langdurig) op straat en waren zorgmijdend

Zorgprofessionals noemen de kleinschaligheid van de locatie, 24-uurs setting en de ongedwongen sfeer als voornaamste succespunten

De eigen bijdrage voor de maatschappelijke opvang (70% van het inkomen) zou volgens professionals de door- of uitstroom negatief kunnen beïnvloeden

Locatie Zilverstraat 

Tijdens de permanente winteropvang was 37% van de 504 cliënten die bij het Daklozenloket verschenen nieuw. Deze groep was voornamelijk man, tussen de 23 en 45 jaar oud, en had waarschijnlijk een Midden- of Oost-Europese achtergrond; deze groep zou zonder de permanente winteropvang mogelijk niet in aanmerking zijn gekomen voor een nachtopvangpas

Zorgprofessionals van Barka geven aan tijdens de permanente winteropvang meer contact te hebben gehad met daklozen met een Poolse achtergrond

Zorgmijders / buitenslapers worden niet bereikt omdat cliënten anoniem willen blijven en ervaren daarom de meldplicht bij het Daklozenloket als een drempel om gebruik te maken van de permanente winteropvang op de locatie Zilverstraat

Zorgprofessionals geven aan dat voor positieve uitstroom een kleinschalige 24uursopvang nodig is om rust, structuur, stabiliteit, vertrouwen en perspectief te kunnen bieden; dit is onvoldoende aanwezig op de locatie Zilverstraat waardoor de uitstroom gebrekkig is

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

4

Hoofdstuk 1: Inleiding 1.1

ACHTERGROND

‘Feitelijk daklozen’ zijn personen zonder vaste verblijfplaats, die in de openlucht slapen of in overdekte openbare ruimten, zoals portieken, fietsenstallingen, stations of winkelcentra; of verblijven in een maatschappelijke opvang, zoals een voor deze groep opgezette nachtopvang; of op niet-structurele basis slapen of verblijven bij vrienden, kennissen of familie*. Volgens een schatting van het CBS waren er in 2016 in Nederland circa 30.500 mensen in de leeftijd van 18 tot 65 jaar feitelijk dakloos. Van deze groep bevindt 43% (wat neerkomt op 13.000 daklozen) zich in de vier grote steden (G4): Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag†. Feitelijk daklozen hebben meer gezondheidsproblemen en een lagere levensverwachting dan de algemene bevolking‡. Dit komt onder andere door zwaardere omstandigheden op straat, risicogedrag en zorgmijding. Daarnaast kampen daklozen dikwijls met meerdere en complexe problemen. Zo is bijvoorbeeld twee derde deel van de populatie feitelijk daklozen psychisch ernstig kwetsbaar§.

1.2

DAKLOZEN IN DEN HAAG

In Den Haag kunnen daklozen zichzelf aanmelden, of door hulpverlening worden aangemeld, bij het Daklozenloket. Indien een dakloze aan bepaalde criteria (zie bijlage 1) voldoet, wordt een reguliere nachtopvangpas (voorheen: zorgpas) verstrekt die geldig is voor acht weken. Hiermee kan voor een vergoeding van 2 euro worden gegeten en overnacht in nachtopvanglocaties en heeft de cliënt toegang tot dagopvang of dagbesteding. Zodoende wordt zorg op maat geboden met als (uiteindelijk) doel de dakloosheid te beëindigen. Naast deze reguliere regeling is bij extreme kou tijdens de wintermaanden de koudweerregeling van kracht. Tijdens deze regeling heeft een dakloze géén nachtopvangpas nodig en kan kosteloos gebruik worden gemaakt van de nachtopvang.

1.3

PERMANENTE WINTEROPVANG

Naar aanleiding van een rapport van de Rekenkamer Den Haag heeft de Gemeente Den Haag een tienpuntenplan opgesteld om het welzijn van daklozen in Den Haag te verbeteren. Eén van deze punten is de invoer van de permanente winteropvang, die loopt van 1 november 2018 tot en met 31 maart 2019**. Overigens is deze regeling pas de facto in werking getreden op 1 december 2018 wegens organisatorische redenen. De naam permanente winteropvang is gekozen omdat de opvang in deze periode in principe continu open is, en omdat de locatie Wenckebach 24 uurs opvang biedt. Deze regeling kan worden opgevat als een tussenvorm tussen de reguliere daklozenregeling (het hele jaar door) en de koudweerregeling (uitsluitend nachtopvang tijdens extreme koude in de winter). Voor de permanente winteropvang is een nachtopvangpas nodig, maar het verkrijgen van deze nachtopvangpas is tijdens de permanente winteropvang vergemakkelijkt (zie kader 1, p.8). De permanente winteropvang is ingesteld met het doel drempels voor de populatie buitenslapers en/of zorgwekkende zorgmijders te verlagen, opdat zij niet op straat hoeven te slapen tijdens de wintermaanden, als ze dat niet willen. Buitenslapers en/of zorgwekkende zorgmijders vormen een *

Wolf et al. (2002)

†

Coumans et al. (2018). Inzicht in dakloosheid: Een onderzoek naar daklozen 2009-2016. CBS

‡

Reijn, Henken & Keetman (2017). Epibul, 4, 4-15.

§

CCP Jaarrapportage centrumgemeente Den Haag 2015-2017 (2018).

**

Motie RIS 299159 Een humane winteropvang is de hele winter open

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

5

moeilijk bereikbare groep, terwijl zij hulp juist goed zouden kunnen gebruiken. Bij deze groep is namelijk meestal sprake van geestelijke problematiek en kunnen er bij langer verblijf buiten lichamelijke klachten ontstaan. Locatie Zilverstraat en locatie Wenckebach Er zijn in Den Haag twee locaties aangewezen voor de permanente winteropvang: de locatie Zilverstraat en de locatie Wenckebach. De opvanglocatie Zilverstraat heeft een grootschalig karakter (146 bedden) en biedt alleen opvang voor de nacht: de dakloze kan vanaf 18.00u ’s avonds terecht en dient ’s ochtends voor 8.00u de locatie weer te verlaten. Bepaalde zorgmijders ervaren het grootschalige karakter van de Zilverstraat als afstotend en daarom is er een nieuwe, meer kleinschaliger locatie geopend, locatie Wenckebach. Deze locatie biedt opvang aan slechts 20 personen. Hier kan men 24 uur per dag verblijven en er is getracht een prikkel-arme omgeving te creëren, bijvoorbeeld door twee personen op één kamer te plaatsen. De verwachting is dat door het instellen van een permanente winteropvang het aantal mensen dat op straat slaapt tijdens de winter afneemt. Daarnaast verwacht men dat door de invoering van de permanente winteropvang zorgmijdende buitenslapers beter in beeld komen en er zorg op maat geboden kan worden om deze daklozen uit te laten stromen naar een doorstroomvoorziening of eigen onderkomen.

1.4

DOEL ONDERZOEK

In opdracht van de gemeente Den Haag voert GGD Haaglanden een onderzoek uit naar de meerwaarde van het instellen van de permanente winteropvang ten opzichte van de reeds bestaande reguliere daklozenopvang en koudweerregeling. Het doel van dit onderzoek is om inzicht te krijgen in de gevolgen van de invoering van de permanente winteropvang ten opzichte van reguliere daklozenopvang op de deelname aan zorgtrajecten en het welzijn van de populatie daklozen in Den Haag. Hierbij zullen de volgende onderzoeksvragen worden beantwoord: 1.

Welke groep mensen wordt bediend tijdens de permanente winteropvang en verschilt deze ten opzichte van de reguliere daklozenopvang?

2.

Zijn er tijdens de permanente winteropvang meer daklozen naar opvang en zorg toegeleid dan tijdens de reguliere daklozenopvang, en naar welke voorzieningen stromen daklozen uit vanuit de permanente winteropvang?

3.

Ervaren de professionals van de opvanglocaties voordelen van de permanente winteropvang ten opzichte van de reguliere daklozenopvang en zo ja, welke?

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

6

Hoofdstuk 2: Methode 2.1.

ONDERZOEKSOPZET

Voor de beantwoording van de onderzoeksvragen zijn er twee verschillende methodes gebruikt. Er zijn in dit onderzoek zowel kwantitatieve als kwalitatieve gegevens verzameld en geanalyseerd. Beide methoden worden hieronder verder toegelicht. 2.1.1. Registraties van het Daklozenloket (kwantitatieve gegevens) Om inzicht te krijgen in de groep daklozen die gebruik maakt van de permanente winteropvang en de groep die gebruik maakt van de reguliere daklozenopvang (onderzoeksvraag 1) en in het aantal daklozen dat naar opvang en zorg is toegeleid tijdens de permanente winteropvang en de reguliere daklozenopvang (onderzoeksvraag 2) is gebruik gemaakt van kwantitatieve gegevens van het Daklozenloket. Het Daklozenloket coördineert de opvang en toeleiding naar zorg van een dakloze bij aanmelding bij het Daklozenloket. Per geval moet worden bepaald of een dakloze rechthebbend is en daarmee in aanmerking komt voor de daklozenvoorzieningen, via een zogenaamde nachtopvangpas, van de Gemeente Den Haag. Zie kader 1 voor een uitgebreidere uitleg over het toekennen van nachtopvangpassen en mogelijkheden tot door- en uitstroom. Het Daklozenloket registreert van elke cliënt demografische kenmerken, zoals leeftijd en geslacht, en voor welke (nachtopvang)pas de dakloze in aanmerking komt.

Ook wordt in het registratiesysteem bijgehouden of de (nachtopvang)pas is verlengd, of dat een dakloze is uitgestroomd, en zo ja, waar naartoe. De door het Daklozenloket aangeleverde informatie was in die mate geanonimiseerd dat de data niet meer herleidbaar was tot een persoon.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

7

Kader 1: Uitleg (toekennen) nachtopvangpassen en door- en uitstroommogelijkheden Den Haag. Toekennen nachtopvangpassen Het Daklozenloket coördineert de opvang en toeleiding naar zorg van een dakloze bij aanmelding bij het Daklozenloket. Per cliënt moet worden bepaald of een dakloze rechthebbend is en daarmee in aanmerking komt voor de daklozenvoorzieningen, via een zogenaamde nachtopvangpas, van de Gemeente Den Haag. Vragen die een rol spelen bij het verstrekken van een nachtopvangpas zijn: 1) Is er sprake van binding met Den Haag?; 2) Heeft de dakloze een Europese nationaliteit?; 3) Heeft de dakloze een eigen netwerk waarin hij / zij zou kunnen verblijven?; 4) Is de dakloze kwetsbaar?; 5) Wil de dakloze meewerken aan een traject om uit de dakloosheid te geraken? Op geleide van een beslisboom en een persoonlijke inschatting van een medewerker van het Daklozenloket wordt bepaald voor wat voor regeling een dakloze in aanmerking komt (zie bijlage 1). Reguliere nachtopvangpas (8-weken pas) Indien een dakloze in aanmerking komt voor de daklozenvoorzieningen in Den Haag, wordt een reguliere nachtopvangpas verstrekt. Deze pas biedt toegang tot de nachtopvang en heeft een geldigheid van acht weken.

De meeste cliënten met een 8-weken pas worden opgevangen in de reguliere nachtopvang op de locatie De la Reyweg (beheerd door de Kesslerstichting) of op de locatie Zilverstraat (beheerd door Stichting Dr Schroeder van der Kolk; zorg wordt geboden door het Leger des Heils). Onderzoekspas (4-weken pas) In bepaalde gevallen kunnen er twijfels bestaan over de binding met Den Haag of rechthebbendheid van de dakloze om in aanmerking te komen voor een reguliere nachtopvangpas, en dient er verder onderzoek te worden gedaan. In dit geval ontvangt de dakloze een onderzoekspas met een geldigheid van maximaal vier weken. Bij een dakloze die niet uit de regio komt, wordt bij het onderzoek naar binding met Den Haag gekeken of het traject in Den Haag succesvol kan zijn. Zo niet, dan zal er een warme overdracht plaatsvinden (terugkeer regio van herkomst). Een onderzoekspas geeft toegang tot de reguliere nachtopvang op locatie Zilverstraat. In de praktijk werd een onderzoekspas in het kader van de permanente winteropvang voor de locatie Zilverstraat ook wel een zilveren pas genoemd. Mensen uit Midden- en Oost-Europa die in Den Haag dakloos zijn geraakt hebben vaak geen of onvoldoende binding met de gemeente Den Haag om in aanmerking te komen voor de reguliere daklozenregelingen.

In het kader van de permanente winteropvang is het voor hen echter ook mogelijk om via het Daklozenloket een onderzoekspas van vier weken te krijgen, mits ze zich willen committeren aan een zogenaamde Barka-traject. Dit traject heeft als uitgangspositie om daklozen uit Midden- en Oost-Europa terug te laten keren naar het land van herkomst en daarmee de dakloosheid in de regio Haaglanden te beëindigen. De meeste cliënten uit Midden- en Oost-Europese landen verblijven op een speciaal daarvoor ingerichte locatie aan de Binckhorstlaan. Een aantal cliënten wilde daar echter niet heen, en is daarom naar de Zilverstraat doorverwezen. Greencard Voor de permanente winteropvang is de locatie Wenckebach als nieuwe locatie geopend om zorgmijdende buitenslapers te bereiken. Wegens het zorgmijdende karakter van de daklozen werd er in deze context niet gesproken over een nachtopvangpas, maar over een Greencard. In de praktijk was dit vaak een sleutel die toegang bood tot de accommodatie. Door- en uitstroom Cliënten kunnen vanuit daklozenopvangvoorzieningen naar verschillende plekken doorstromen, waaronder Beschermd Wonen, de Maatschappelijke Opvang, Housing First of een GGZ-instelling. In deze gevallen woont een cliënt nog wel onder begeleiding, maar is de dakloosheid beëindigd. In deze gevallen wordt vaak over ‘positieve uitstroom’ gesproken.

Het kan echter ook dat een cliënt niet meer naar afspraken komt, geen gebruik meer maakt van de daklozenopvangvoorzieningen en zodoende uit beeld raakt bij zorgverleners. Hierbij wordt vaak gesproken over ‘negatieve uitstroom’.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

8

2.1.2. Focusgroepen (kwalitatieve gegevens) Cliënten die gebruik maakten van de permanente winteropvang verbleven dus ofwel op de locatie Zilverstraat ofwel op de locatie Wenckebach. Om inzicht te krijgen in de ervaringen van de professionals die bij deze opvanglocaties van de permanente winteropvang betrokken zijn (onderzoeksvraag 3), zijn er twee focusgroepen gehouden met een aantal van deze professionals. De professionals die zijn uitgenodigd voor de focusgroepen zijn geselecteerd op 1) betrokkenheid bij de opvanglocatie, 2) werkervaring op de locatie tijdens de permanente winteropvang, en 3) bekendheid met de reguliere daklozenopvang, om zodoende de meerwaarde van de permanente winteropvang in te kunnen schatten boven de reeds bestaande regelingen. De eerste focusgroep is gehouden met vier professionals (Daklozenloket: n=1; Straatteam: n=1; Leger des Heils: n=2) die actief en intensief betrokken zijn geweest bij de locatie Wenckebach. Deze focusgroep vond plaats op dinsdag 16 april 2019. De tweede focusgroep is gehouden met 9 professionals (Daklozenloket: n=1; Kesslerstichting: n=2; Dr Schroeder van der Kolk: n=1; Straatconsulaat: n=1; Stichting Barka: n=2; Leger des Heils: n=2) die betrokken zijn geweest bij de Zilverstraat. Deze focusgroep vond plaats op maandag 30 april 2019.

Beide focusgroepen werden geleid door een ervaren gespreksleider (medewerker van de afdeling Epidemiologie), een andere medewerker van de afdeling, betrokken bij dit onderzoek, was aanwezig als secondant. De focusgroep is uitgevoerd aan de hand van een vragenlijst/topic lijst (bijlage 2). De focusgroepgesprekken zijn opgenomen middels een dictafoon. Voorafgaand aan de focusgroep is aan de deelnemers van de focusgroep toestemming gevraagd voor het opnemen van het gesprek en het anoniem verwerken van de uitspraken in de rapportage. Voorafgaand aan het transcriberen van de opgenomen gesprekken, is een lijst met topics samengesteld (zie bijlage 2). De gesprekken zijn vervolgens letterlijk getranscribeerd, zodat altijd kan worden achterhaald waar bepaalde quotes vandaan komen en op basis van welke informatie of uitspraken bepaalde conclusies zijn getrokken. De geluidsopnames zijn veilig opgeslagen en worden bewaard in het GGD Haaglanden gebouw zodat de ruwe data altijd herleidbaar is.

2.2.

ANALYSE

Omdat het karakter van beide locaties voor de permanente winteropvang verschilt, zijn zowel de kwantitatieve als kwalitatieve gegevens van dit onderzoek per locatie (Wenckebach en Zilverstraat) geanalyseerd en gepresenteerd. Omdat de permanente winteropvang in de praktijk pas op 1 december 2018 is ingegaan, is in de analyses gebruik gemaakt van kwantitatieve data vanaf 1 december 2018. De permanente winteropvang zou lopen tot en met 31 maart 2019, maar is inmiddels op locatie Wenckebach verlengd. Gegevens van het Daklozenloket zijn op 19 april 2019 uit het het elektronisch patiëntsysteem van het Daklozenloket gehaald. De data is met de programma’s Excel en SPSS versie 25.0 geanalyseerd. De focusgroepgesprekken zijn per vraag geanalyseerd met behulp van een overzichtsschema in Excel.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

9

Hoofdstuk 3: Resultaten 3.1 LOCATIE WENCKEBACH 3.1.1.

Instroom Wenckebach

De mensen die in aanmerking komen voor een plekje op de Wenckebach worden zorgvuldig geselecteerd door de locatiemanager van de opvanglocatie en een medewerker van het Daklozenloket. Een deel bestaat uit zorgmijdende buitenslapers die ook niet naar binnen komen als de reguliere koudweerregeling geldt. Het straatteam kent deze mensen en een deel van hen komt wel bij de dagopvang om te douchen en te eten. Het zijn over het algemeen mensen die al lang in beeld zijn, maar er om verschillende redenen toch voor kiezen buiten te slapen. De permanente winteropvang was een uitgelezen kans om deze mensen opnieuw te benaderen. Dit gaat heel informeel en vrijblijvend: ze mogen eens komen kijken en het proberen. Bevalt het niet, dan kunnen ze ook weer gaan. Soms weigeren ze in eerste instantie, maar worden ze ziek of horen ze van anderen dat het toch niet zo slecht is, dan gaan ze toch mee. Een ander deel bestaat uit cliënten uit de reguliere nachtopvang die psychisch kwetsbaar zijn en intensievere begeleiding nodig hebben in een prikkel-arme omgeving. Als duidelijk is dat er iemand uitstroomt uit de opvanglocatie, bespreken de locatiemanager en het Daklozenloket wie er benaderd gaat worden voor het vrijgekomen plekje: “Weet je, A. en ik hebben heel veel telefonisch contact sowieso al. Een paar keer in de week.

Om te zeggen van iemand stroomt positief uit, dat weten we he volgende week en dan bel ik A. op en dan zeg ik A. heb je nog iemand vanuit de straat of hebben wij nog iemand vanuit de dagopvang? Dan overleggen we even van; Oh, Jantje kan erheen. Dan gaan we Jantje benaderen als wij het erover eens zijn en we zijn het eigenlijk altijd wel eens en dan gaan we Jantje benaderen en zeggen we: ‘Jantje er is een plekje, wil je mee?’. Desnoods pakken we iemand op en die zetten we in een auto van een medewerker en die brengen we erheen.” De Wenckebach is een kleine locatie met een ingewikkelde doelgroep, dus het is nodig dat het op deze manier gaat. Het plaatsen van iemand die er niet tussen past kan ervoor zorgen dat het hele concept verloren gaat. “Dit gaat ook volgens mij zo goed omdat we het toch een beetje uitgekiend hebben. Het hele project met de populatie en wat voor soort figuren erin komen. En dit is zo om zeep geholpen. Als je de Zilverstraat binnenloopt en je haalt daar vandaan vijf man en zet ze daar neer is het volgende week klaar.” De locatie aan de Wenckebach is erg populair en zit permanent vol. Er zijn ook veel mensen die zich spontaan aanmelden, maar die behoren vaak niet tot de doelgroep en worden geweigerd. De verwachting is dat er binnenkort tien plekken bij komen.

Sommige buitenslapers worden bewust niet gevraagd, omdat de inschatting is dat zelfs deze vorm van opvang ze niet zou helpen. Om ze nog een teleurstelling in de hulpverlening te besparen worden ze niet gevraagd. Bij nog een teleurstelling is er een kans dat ze zelfs het straatteam niet meer te woord willen staan, dus dat is een reden om bepaalde mensen niet te vragen.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

10

3.1.2.

Kenmerken daklozen locatie Wenckebach

3.1.2.1 Resultaten registraties In de periode december 2018 tot april 2019 zijn er 37 cliënten ingestroomd op de locatie Wenckebach. Eénentwintig van deze 37 cliënten (84%) zijn man en de meeste cliënten vallen in de leeftijdscategorie 45 tot 65 jaar (57%) (figuur 1). Figuur 1. Aantal cliënten Wenckebach december 2018 tot april 2019 naar leeftijd en geslacht. Evaluatie permanente winteropvang, Den Haag 2018-2019.

Aantal personen

25 20

4

15 10

2

5

9

17 5

0 23-44

45-65

65+

Leeftijd (jaren) Man

Vrouw

Het grootste deel van de cliënten is ingestroomd vanuit de nachtopvang (54%) (figuur 2). Dit betreffen cliënten die psychisch zeer kwetsbaar zijn, waardoor de reguliere nachtopvang geen goede plek voor ze is (o.a. te veel prikkels). Hierdoor verblijven deze cliënten vaak maar kort in het reguliere opvangsysteem, waarna ze weer op straat belanden. Elf cliënten zijn afkomstig van de straat (30%). Een aantal cliënten verbleef voorafgaand aan hun instroom op de Wenckebach op diverse plekken, zowel op straat als in de nachtopvang (13%). Eén cliënt was ingestroomd vanuit de maatschappelijke opvang. Figuur 2. Verblijfplaats voorafgaand aan Wenckebach. Evaluatie permanente winteropvang, Den Haag 2018/2019.

3%

30%

Nachtopvang Nachtopvang/Straat 54%

Straat Maatschappelijke opvang

13%

De cliënten die verblijven op de Wenckebach hebben te maken met problemen op verschillende gebieden: verslaving, geestelijke gezondheid, lichamelijke gezondheid en licht verstandelijke beperking. Een vorm van verslaving komt voor bij 57% van de cliënten, net als problemen met de geestelijke gezondheid. Daarnaast is er bij 14% het vermoeden van een verslaving en is er bij

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

11

19% een vermoeden van problemen met de geestelijke gezondheid. Lichamelijke problematiek of een licht verstandelijke beperking komt voor bij respectievelijk 11% en 8% van de cliënten (figuur 3). Bij 43% clienten was er sprake van multiproblematiek; zij hadden problemen in twee of meer (van de vier) gebieden. 3.1.2.2. Resultaten focusgroepen Volgens de professionals zijn het vooral de hardnekkige zorgmijders die ingestroomd zijn op de locatie Wenckebach. Het zijn mensen die langdurig buiten sliepen, soms wel 25 jaar. Het zijn over het algemeen daklozen die weinig perspectief meer zagen en geen behoefte meer hadden aan hulpverlening. Ze vallen in een andere categorie dan de mensen die nu om verschillende redenen dakloos worden. “Want als je nu dakloos wordt, om wat voor reden dan ook, dan val je in een hele andere categorie dan mensen die dat eigenlijk al hun hele leven doen. Want die mensen zijn dan wel 20 jaar dakloos, maar als je met ze gaat zitten en je bekijkt hun hele leven dan zijn het heel vaak mensen die al op hun twaalfde of op hun tiende al het huis uit zijn gegaan. In een internaat terecht zijn gekomen, meerderjarig zijn geworden en de straat op, zo. En dat is heel iets anders als dat je ruzie met je moeder maakt of je drinkt te veel thuis, je gaat scheiden, je hebt schulden en je draait je huis uit.

Dat is een hele andere categorie.” Een groot deel van de cliënten kampt met lichamelijke of psychiatrische problematiek of verslaving. Ook multiproblematiek komt voor bij een groot deel van deze groep. Tevens wordt genoemd dat dit de mensen zijn die zich niet thuis voelen op de Zilverstraat, omdat dat te massaal is en er daar te veel prikkels zijn. “Maar vooral het massale en de prikkels. Ondanks dat mensen buiten zijn, zijn er ook heel veel mensen en die houden zichzelf wat meer overeind. Dus die blijven uit verslaving. Die proberen dan zo min mogelijk te drinken en ze weten als ze in een normale daklozensetting komen dat ze worden omgeven ermee en dat gaat mis. Daarom hebben ook heel veel mensen zoiets van laat maar.”

3.1.3.

Toeleiding naar opvang en zorg locatie Wenckebach

3.1.3.1. Resultaten registraties De cliënten van de Wenckebach zijn wat betreft toeleiding naar opvang en zorg in te delen in vier categorieën: 1) niet meer op locatie, uitstroom, 2) niet meer op locatie, uitval, 3) verblijven op de Wenckebach, traject uitstroom, en 4) verblijven op de Wenckebach, inzet uitstroom (tabel 1). Zeventien van de 37 cliënten verblijven niet meer op de locatie: acht cliënten (22%) zijn uitgestroomd naar een andere voorziening en negen cliënten (24%) zijn uitgevallen. Bij zeven cliënten (19%) is er al wel een traject gestart om in de toekomst uit te stromen, maar zij verblijven nog wel op de Wenckebach. Voor de overige 13 cliënten die nog op de Wenckebach verblijven is nog geen traject gestart, maar is er soms al wel een inschatting van de professional waar deze cliënt mogelijk naar uit gaat stromen.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

12

Tabel 1. Uitstroom locatie Wenckebach naar traject. Evaluatie permanente winteropvang, Den Haag 2018/2019. Niet meer op locatie Traject

Uitstroom

Uitval

Verblijven op de Wenckebach Traject uitstroom

Inzet uitstroom

Maatschappelijke opvang

2

1

4

Beschermd wonen

2

4

GGZ

2

Housing First

1

Zelfstandig wonen

1

3

2

Uitval

9

Onbekend Totaal

6 8 (22%)

9 (24%)

7 (19%)

13 (35%)

3.1.3.2. Resultaten focusgroepen Volgens de professionals staan de cliënten van de Wenckebach open voor door- of uitstroom. Zelfs mensen die weinig perspectief meer zagen, knappen op tijdens hun verblijf op de Wenckebach en krijgen weer hoop. Ook het feit dat ze anderen zien door- of uitstromen geeft hoop. “En dat maakt ook wel weer dat de ene die dan achterblijft op die kamer denkt: als jij het kan, kan ik het ook’. Een beetje de goede voorbeelden die ze zien bij elkaar is echt helpend om weer een beetje het hoofd omhoog te doen en te denken oké.” Eén van de professionals geeft aan dat veel van deze daklozen eigenlijk niet terug de straat op willen, maar de daklozenopvang zoals deze de afgelopen twintig jaar georganiseerd was, voor deze groep niet geschikt was. “Wat ik ook een heel belangrijk argument vind en wat ik allemaal terug hoor: ze wilden niet terug in een tent, maar de opvang zoals het de afgelopen 20 jaar in den Haag georganiseerd was, dat trokken ze gewoon niet. Dus nu ze dit, heel veel mensen die nu op de Greencards zitten zeggen: als het 10 jaar geleden was geweest, had ik er toen al gezeten.” Het bespreken van door- of uitstroom met de cliënt gaat op een laagdrempelige en respectvolle manier. Er wordt met verschillende partijen op een laagdrempelige manier besproken wat een geschikte keuze zou zijn voor een bepaalde cliënt.

Dit wordt vervolgens op een ongedwongen manier met de cliënt besproken. Er wordt ook aan de cliënt gevraagd wat hij/zij wil en er wordt geprobeerd om daar bij aan te sluiten. Dit gesprek wordt niet direct gehouden als de cliënt instroomt, maar als dit gesprek na een aantal weken wordt gevoerd, staat bijna elke cliënt er wel voor open. ‘Ja, vanmiddag hadden we toevallig nog een overleg over een cliënt. En dan bekijken we met verschillende partijen wat zou goed zijn voor Pietje. En onze intake afdeling die gaat langs, en die zet een pot koffie neer en die intakers die gaan gewoon zitten, en die zeggen: goh je woont hier, wat zou je hierna willen, wat wil je nou eigenlijk? Weet je dat Limor dat heeft (dat is een

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

13

organisatie) of het Leger des Heils dat heeft. En dan willen ze wel vaak een foldertje hebben en er nog eens over door praten en zo zijn al een paar mensen doorgestroomd naar zo’n vervolgplek. Door de, zeg maar, de laagdrempeligheid.’ De cliënten op de Wenckebach zijn volgens de professionals verrassend genoeg makkelijk te plaatsen, ondanks het feit dat er over het algemeen te weinig mogelijkheden voor door- of uitstroom zijn. Zelfs de ouderen stromen redelijk snel door. Dit heeft te maken met het feit dat er bij een deel van hen al een traject loopt. Ze zijn bijvoorbeeld vorig jaar al aangemeld voor Housing First. Dit traject heeft een wachtlijst van een jaar, maar die is dan al voorbij. Ook zaten er al cliënten in trajecten bij de reclassering, GGZ, verslavingszorg etc., maar omdat deze vaak vanuit kantoor met afspraken werkten, werkte dat niet goed voor deze groep. Deze groep komt namelijk vaak niet opdagen voor afspraken, maar ze hadden die trajecten wel. Die zijn bij het verblijf in de Wenckebach weer gestart. De behandelaars kunnen naar de Wenckebach komen voor de afspraken. Een ander voordeel is dat deze opvanglocatie dicht bij bepaalde locaties ligt, waar de cliënten heen moeten voor hun afspraken. De forensische poli ligt bijvoorbeeld om de hoek van de Wenckebach. De groep die er het langst zit, staat vaak op de wachtlijst voor beschermd wonen.

Volgens de professionals zijn er naast de wachtlijsten twee redenen die door- of uitstroom kunnen tegenwerken. Ten eerste is er sprake van een financiële drempel door de eigen bijdrage die geldt voor de maatschappelijke opvang (70% van het inkomen). In de nachtopvang wordt een veel lagere bijdrage gevraagd, vandaar dat dit als een grote financiële teruggang wordt ervaren. De eigen bijdrage in de doorstroom is bedoeld om alle kosten van levensonderhoud en huisvesting te dekken, los van persoonlijke uitgaven. Als iemand doorstroomt vanuit de Wenckebach naar bijvoorbeeld Herstart van het Leger des Heils of Zamenhofstraat van de Kessler Stichting, dan komen ze in eenzelfde soort voorziening, maar moeten ze wel 70% van hun inkomen afstaan. Dat kan een drempel zijn. Ten tweede moet ervoor worden gewaakt dat cliënten zich niet te comfortabel gaan voelen in de opvang en ‘wegzakken’, of zich insluiten en niet meer weg willen. “Je moet echt heel erg op je qui vive zijn dat mensen daar niet wegzakken. Zo van: hier zit ik goed, bekijk het allemaal maar en dan niet meer weggaan. Of dat mensen zich insluiten. Dus wel met de neus effe eruit komen, bijvoorbeeld met het avondeten eruit komen maar vervolgens verpieteren op hun kamer. Daar moet je wel voor oppassen.” 3.1.4.

Ervaringen professionals permanente winteropvang locatie Wenckebach

De professionals zijn het allemaal met elkaar eens dat deze vorm van opvang het welzijn van de daklozen heeft verbeterd en dat dit eigenlijk de manier is waarop je een opvang zou moeten organiseren. Dit is een wispelturige en onrustige doelgroep die zich moeilijk laat vatten in maatwerkarrangementen. Deze manier met aandacht van een hulpverlener en woonbegeleider lijkt goed te werken in plaats van cliënten proberen door te schuiven naar de volgende partij die de zorg zal gaan verlenen. Ook de cliënten ervaren deze vorm van opvang, volgens de betrokken zorgprofessionals, als erg positief. Daarnaast zien de professionals grote veranderingen in gedrag en leven cliënten weer op. Ze zijn opgewekter, opgeruimder. Er wordt een aantal sterke punten en voordelen genoemd door de professionals: 1.

Ongedwongenheid en vrije keuze De opvang is erg ongedwongen. Cliënten hebben hun eigen sleutel en kunnen zelf naar binnen zonder door poortjes te gaan of gefouilleerd te worden, zoals op de Zilverstraat. Ook hebben ze een vrije keuze in de indeling van hun dag. Ze kunnen aanschuiven voor ontbijt, lunch of avondeten, maar kunnen ook op hun kamer eten als ze dat willen. Cliënten beslissen

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

14

ook zelf wat ze overdag doen. Een aantal gaat naar de dagbesteding of de dagopvang. Weer anderen doen niks, maar daar wordt niks van gezegd of druk op uitgeoefend. De ervaring is des te minder druk er wordt uitgeoefend, hoe meer mensen uit zichzelf komen. 2.

Kleinschaligheid De kleinschaligheid zorgt ervoor dat er tijd en ruimte is voor persoonlijke aandacht en dat de begeleiders hun cliënten echt kennen en weten wat de cliënten nodig hebben. Er kan bijvoorbeeld altijd een medewerker mee naar een afspraak van een cliënt. Ook de cliënten sluiten vriendschappen doordat bijvoorbeeld twee cliënten één kamer delen en de kleinschalige opzet van de opvang. ‘Er gebeuren wel bijzondere dingen hoor. Mensen die al 10/15 jaar in een tent wonen en als dan 50 meter verderop iemand anders komt met een tent dan pakken ze normaal gelijk hun boeltje op en zijn ze weg. En dan zijn ze hier met z’n tweeën op een kamer en de eerste dag een beetje hmm en de tweede dag ook nog. En na een maand zijn het gewoon dikke vrienden.’ Sinds kort is er ook een corvee dienst ingesteld. Het is niet verplicht om bij lunch of ontbijt aanwezig te zijn, maar de professionals zien dat sommige cliënten er speciaal voor terug komen en dat iedereen gezellig met elkaar aan het kletsen is. Volgens een van de professionals heerst er bijna een ‘vakantiegevoel’ door de huiskamersetting.

3.

24 uurs-setting De 24 uurs-setting geeft de dakloze rust en een stukje zekerheid. Ze hoeven niet meer de hele dag buiten rond te lopen met hun spullen en bang te zijn dat ze iets kwijt raken of dat er iets wordt gestolen. De vermoeidheid neemt enorm af en hierdoor knappen ze aanzienlijk op. Bij een aantal is zelfs de verslaving iets afgenomen, omdat er eindelijk rust is. De mensen worden ook wat socialer en gaan contacten leggen met elkaar. De cliënten krijgen weer een normaal dag- en nachtritme. Ook zorgt de 24-uurssetting ervoor dat de begeleiders hun cliënten echt goed leren kennen. Daar knappen ze wel heel goed van op en dat is wel heel helpend. Dat je niet ’s morgens om 8 uur je boeltje hoeft te pakken. Alles mee moet zeulen op je rug. In rugzakken. Maar dat er gewoon een kast is waar je spullen in kunnen. En wil jij ’s morgens om 7 uur blijven liggen, dan blijf je liggen. Al blijf je liggen tot 11 uur, prima. Dat doet echt iets met mensen individueel, maar ook met de hele groep.

4.

Korte lijnen Er is een beperkt aantal hulpverleners betrokken bij de locatie Wenckebach, wat het geheel overzichtelijk maakt. Er is sprake van weinig bureaucratie en er zijn korte lijnen tussen de uitvoerende locaties en de mensen van het Daklozenloket.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

15

3.2

LOCATIE ZILVERSTRAAT

3.2.1.

Instroom Zilverstraat

Wat betreft het aanmelden is er volgens de leden van de focusgroep geen verschil tussen de permanente winteropvang en de reguliere opvang. Een cliënt meldt zich bij een voorziening en kan daar een nacht of het weekend slapen met het verzoek om een dag later naar het Daklozenloket te gaan. Daar wordt een pas verstrekt waarmee iemand toegang krijgt tot de permanente winteropvang of de reguliere nachtopvang. Als er geen twijfel is over de situatie van de aanvrager, dan wordt het verzoek ingewilligd en krijgt deze cliënt een reguliere nachtopvangpaspas. Bij twijfel over bijvoorbeeld de mogelijkheid tot het verblijven in het eigen netwerk, krijgt iemand een onderzoekspas van vier weken (zie ook kader 1 en bijlage 1). Volgens de medewerker van het Daklozenloket is binnen de permanente winteropvang de werkwijze aan het Daklozenloket veranderd. Normaalgesproken wordt een onderzoekspas uitgegevens op basis van de beslisboom (zie bijlage 1), maar tijdens de permanente winteropvang werd wat soepeler met de criteria omgegaan. De cliëntmanagers aan het Daklozenloket kregen de opdracht om met goed verstand en met coulance te werken omdat het kouder was. Wanneer men twijfelde aan de situatie van de cliënt werden deze twijfels omgezet in een onderzoekspas.Er werd daardoor dus eerder een onderzoekspas uitgegeven, die voorwaardelijke toegang geeft tot de opvang.

Er is ook een groep daklozen die onjuist instroomt op de Zilverstraat. Het voordeurbeleid van de Zilverstraat schrijft voor dat er, in principe, niemand geweigerd mag worden wanneer een dakloze zich meldt bij de locatie. Officieel moet de dakloze zich na de overnachting zo snel mogelijk melden bij het Daklozenloket voor een officieel intakegesprek voor een nachtopvangpas of onderzoekspas. Omdat er echter veel cliënten gebruikmaken van de Zilverstraat en de locatie een diffuse organisatie en dynamische opzet kent, komt het in de praktijk voor dat een dakloze meerdere malen terugkomt zonder dat dit door het personeel wordt opgemerkt. De cliënt meldt zich onder het mom van de permanente winteropvang. Het Daklozenloket beschikt daardoor niet over gegevens van deze groep. Bij navraag wordt geschat dat het om een aantal van 25 daklozen gaat. Volgens de leden van de focusgroep is de drempel voor een dakloze om naar binnen te komen door de permanente winteropvang niet verlaagd. Men geeft aan dat de drempel misschien juist is verhoogd door mensen te verplichten zich te melden bij het Daklozenloket. Tijdens de koudweerregeling komen zorgmijders en notoire buitenslapers weleens naar binnen, omdat ze zich niet hoeven te legitimeren, en onder de radar kunnen blijven.

Melden bij het loket is voor deze mensen een drempel, en daarmee zien de leden van de focusgroep geen verschil tussen de reguliere regeling en de permanente winteropvang. Het enige verschil dat ze in de praktijk zien, is dat cliënten een zilveren pas krijgen. “De zorgmijders bereik je op deze manier gewoon niet. Die gaan niet naar het daklozenloket, die gaan die twee euro niet betalen die gaan zich niet legitimeren, die hebben niet eens legitimatie, die willen dat allemaal niet dus die ga je zo gewoon niet bereiken’’. In de focusgroep wordt ook benoemd dat de permanente winteropvang soms verwarring oproept bij de cliënten, omdat er tijdens de permanente winteropvang soepeler met de regels wordt omgegaan. De situatie van een dakloze is in mei echter vaak niet anders dan in de winter, maar de procedure aan het loket is dan wel anders, wat voor verwarring zorgt en vragen oproept bij de doelgroep.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

16

3.2.2.

Kenmerken daklozen permanente winteropvang locatie Zilverstraat

3.2.2.1. Resultaten registratie In de periode december 2018 tot april 2019 zijn er in totaal 869 nachtopvangpassen verstrekt of verlengd door het daklozenloket, voor alle opvanglocaties in Den Haag (tabel 2). Ter vergelijking, in dezelfde periode in de winter van 2017/2018 zijn er 644 nachtopvangpassen verstrekt of verlengd door het Daklozenloket. Er is dus een duidelijke toename geweest in het aantal verstrekte of verlengde nachtopvangpassen ten opzichte van vorig jaar. Alle onderzoekspassen die verstrekt zijn in de winter van 2018/2019 worden gezien als een pas in het kader van de permanente winteropvang voor de locatie Zilverstraat. Het totale aantal verstrekte of verlengde onderzoekspassen is toegenomen van 76 in 2017/2018 naar 116 in dezelfde periode in 2018/2019. Wanneer er onderscheid wordt gemaakt in het type onderzoekspas (onderzoek rechthebbendheid/onderzoek binding) is een kleine toename te zien in het aantal verstrekte onderzoekspassen voor een onderzoek naar rechthebbendheid (van 50% in 2017/2018 naar 58% in 2018/2019). Het absolute aantal uitgegeven onderzoekspassen is dus toegenomen, maar omdat het aantal reguliere nachtopvangpassen ook is toegenomen, is er procentueel geen sprake van een toename (aantal uitgegeven onderzoekspassen/totaal aantal verstrekte nachtopvangpassen is gelijk gebleven). Tabel 2.

Absoluut aantal uitgegeven nachtopvangpassen en onderzoekspassen in 2017/2018 en 2018/2019. Evaluatie permanente winteropvang Den Haag, 2018/2019. Pas

2017/2018

2018/2019

Reguliere nachtopvangpas

568 (88%)

753 (87%)

Onderzoekspas Onderzoek rechthebbendheid Onderzoek binding

76 (12%)

Totaal

644

116 (13%) 38 (50%) 38 (50%)

67 (58%) 49 (42%) 869

Daklozen uit Midden- en Oost-Europa kunnen een onderzoekspas krijgen waarmee ze in traject komen bij Stichting Barka, zij verblijven op de Binckhorstlaan. In de periode december 2018 april 2019 zijn 73 van de 116 onderzoekspassen uitgegeven voor een Barka-traject (63%). In dezelfde periode in de winter van 2017/2018 waren 33 van de 76 onderzoekspassen uitgegeven voor een Barka-traject (43%). Een groep daklozen uit Midden- en Oost-Europa die geen gebruik heeft gemaakt van het Barkatraject, verbleef op de Zilverstraat. Om meer inzicht te krijgen in het aantal unieke cliënten dat in de periode van de permanente winteropvang (periode december 2018 tot april 2019) een onderzoekspas heeft gekregen, is een onderverdeling gemaakt in drie groepen, namelijk 1) reeds bekende cliënten die vóór 1 december 2018 zijn opgenomen in de nachtopvang, 2) reeds bekende cliënten die ná 1 december 2018 zijn opgenomen in de nachtopvang, en 3) onbekende, nieuwe cliënten die ná 1 december 2018 zijn opgenomen in de nachtopvang (Tabel 3). In totaal zijn 99 onderzoekspassen in de genoemde periode uitgegeven aan unieke personen. De 80 onbekende, nieuwe personen die na 1 december 2018 zijn opgenomen (met onderzoekspas) vormen waarschijnlijk de groep die voorafgaand aan de invoering van de permanente winteropvang niet in aanmerking kwam voor de nachtopvang in de regio Den Haag.

Van deze groep is 79% man, valt 68% in de leeftijdscategorie van 23-44 jaar, is 16% onder de 23 jaar en 16% tussen de 45 en 65 jaar.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

17

Tabel 3. Aantal unieke bekende en nieuwe cliënten die in de periode december 2018 tot april 2019 een reguliere nachtopvangpas of onderzoekspas ontvingen via het Daklozenloket. Evaluatie permanente winteropvang Den Haag, 2018/2019. Absolute aantal cliënten (%) Bekend + vóór 1 december 2018

140 (28%)

Waarvan reguliere nachtopvangpas

134

Waarvan onderzoekspas

6

Bekend + ná 1 december 2018

176 (35%)

Waarvan reguliere nachtopvangpas

163

Waarvan onderzoekspas

13

Nieuw + ná 1 december 2018

188 (37%)

Waarvan reguliere nachtopvangpas

108

Waarvan onderzoekspas

80

Totaal

504 (100%)

3.2.2.2. Resultaten focusgroepen De Zilverstraat is een noodvoorziening die voor tijdelijke opvang tijdens de koudweerregeling was bedoeld. Volgens de focusgroep is de Zilverstraat een ‘overloop’ geworden van de nachtopvang en is er in de praktijk geen onderscheid te maken tussen cliënten die er zitten in het kader van de reguliere regeling of de permanente winteropvang. “Dat was ook het complexe, dat vond ik zelf ook het complexe. Er gingen teveel groepen zitten op de Zilverstraat, verschillende type groepen. Zilverstraat was een locatie voor de winterregeling en Zilverstraat is langzamerhand een overloop geworden van de nachtopvang. Het is een brei van mensen met een verschillend label. Als je een plek hebt voor de permanente regeling en een plek voor de gewone winterregeling, dan kun je daar naar toe gaan en kijken van wie zit er en wat moeten we. En dat is nu niet zo, dat maakt het gewoon heel complex dit.” Volgens de professionals is de groep op de Zilverstraat complexer geworden voor wat betreft de klachten en de OGGZ-problematiek, en de multiproblematiek is toegenomen. Er worden steeds meer mensen met lichamelijke problemen gezien, die eigenlijk in het ziekenhuis thuis horen. Mensen met een alcoholverslaving komen op de Zilverstraat mensen met dezelfde problematiek tegen, waardoor de problematiek zich versterkt.

Dit beeld bestond al, maar is verstevigd sinds de permanente winteropvang. De situatie lijkt erger geworden. Dat merkt men aan de toename van het aantal incidenten en de inzet van beveiliging. Er worden hier verschillende oorzaken voor genoemd, zoals de toename van psychosociale problematiek, maar ook de samenstelling van de groep, de diversiteit en het langdurig samen zijn van die groep worden genoemd als oorzaken van die problemen. Volgens een van de leden van de focusgroep heeft de permanente winteropvang er wel voor gezorgd dat er ook een andere groep in beeld is gekomen. “Voor mij heeft het wel opgeleverd dat er toch een aantal mensen in beeld zijn gekomen, weliswaar met verkeerde verwachtingen. Ik had ook andere verwachtingen bij een permanente winterregeling, ik had er een ander beeld van, maar er zijn toch wel wat meer mensen in beeld

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

18

gekomen. Dat moet ik gewoon toegeven. Dus nogmaals: ik juich dat wel toe, welk naampje je er ook aan geeft. Ik juich dit soort initiatieven wel toe. Omdat het ons in het veld ook weer motiveert en activeert van: er is een nieuwe regeling, hoe gaan we daarmee om, wat gaan we daarmee doen, wie kunnen we daarvoor benaderen. Je gaat toch met andere gespreksstof het bos in om daar mensen uit te halen.” 3.2.3.

Toeleiding naar opvang en zorg locatie Zilverstraat

3.2.3.1. Resultaten registraties 26 van de 116 cliënten (22%) met een onderzoekspas in de periode december 2018 – april 2019 zijn uitgestroomd. Van deze 26 zijn er 15 (58%) teruggekeerd naar land van herkomst (58%), de rest is overgedragen naar de eigen regio, doorgestroomd naar zelfstandig wonen, inwonend of was er geen traject benodigd (Tabel 4). Daarnaast zijn er ook 26 cliënten (22%) uitgevallen, met als voornaamste reden voor uitval eenzijdige verbreking van de gemaakte afspraken. Tabel 4. Uitstroom cliënten met een onderzoekspas, locatie Zilverstraat. Evaluatie permanente winteropvang Den Haag, 2018/2019. Traject

Uitstroom

Terugkeer land van herkomst

15

Overdracht naar eigen regio

3

Zelfstandig wonen

3

Inwonend

3

Geen traject benodigd

1

Totaal

26

Van de 73 cliënten die een Barka traject via een onderzoekspas hebben gekregen, zijn 21 cliënten (29%) in de periode december 2018 – april 2019 uitgestroomd (Tabel 5). Er zijn 44 cliënten met een Barka pas uitgevallen, voornamelijk doordat ze uit beeld zijn geraakt (60%). Bij het overige deel is de nachtopvangpas verlengd of loopt het traject nog (11%). In dezelfde periode in 2017 – 2018 zijn er 33 Barka-trajecten opgestart, waarvan er 14 cliënten zijn uitgestroomd. Tabel 5. Uitstroom Barka trajecten binnen de periode december 2017 – april 2018 en december 2018 – april 2019. Evaluatie permanente winteropvang, Den Haag 2018/2019. Traject

Aantal 2017/2018

Aantal 2018/ 2019

Terugkeer land van herkomst

7

18

Zelfstandig wonen

5

1

Inwonend

2

2

Loopt nog

0

8

14

21

Positieve uitstroom (totaal) Uitval

19

44

Totaal aantal cliënten

33

73

3.2.3.2. Resultaten focusgroepen De Zilverstraat was bedoeld als een noodvoorziening en niet per se als opvang waar cliënten worden begeleid naar een zorgtraject. Bezoekers komen daar in het algemeen ook niet om begeleid te worden, maar willen anoniem blijven. Volgens de leden van de focusgroep wordt het mensen ook makkelijk gemaakt om in de anonimiteit te blijven. Op de Zilverstraat zitten 120 tot 130 man. Het personeel, zes personen, doet de registratie, de rondleiding, de was. Dat is te weinig om daarnaast contact te leggen met daklozen, waardoor sommigen worden vergeten en makkelijk anoniem kunnen blijven.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

19

“Ik ken echt voorbeelden van mensen die hebben anderhalf jaar in de Zilverstraat gezeten, en die hebben daar nooit verder iemand gesproken.” Er was ook een groep die opzettelijk laat binnen kwam, omdat zij wisten dat degene van de hulpverlening om 21 uur vertrok. Het is bovendien niet eenvoudig om zo’n traject te krijgen en er komt veel bureaucratie bij kijken, wat het voor een dakloze niet aantrekkelijk maakt om mee te werken. “Ja, nog heel even terug komend op de Kessler dat die gestopt is op de Zilverstraat, dat heeft te maken met de financiering. Er moet een traject zijn, dus dat is niet van de ene op de andere dag en als er geen middelen beschikbaar worden gesteld, kunnen wij geen begeleiding geven. Dus je zou ook iets moeten doen als gemeente om dat makkelijker te maken. En dat iemand sneller een begeleidingstraject kan krijgen en niet die hele lange weg moet bewandelen.” Een van de leden van de focusgroep vraagt zich af of het woord ‘willen’ wel op zijn plaats is wanneer het gaat om zorg en begeleiding. Het is een kwetsbare groep, ‘willen’ is niet aan de orde. Ze overzien niet de status waarin ze verkeren en steken de hakken in het zand, en accepteren geen hulp meer. Ze willen wel hulp, maar zijn te afgestompt om daar om te vragen. Het grootschalige karakter van de Zilverstraat heeft bovendien tot gevolg dat alleen beheersmatig gewerkt kan worden.

De opvang geeft mensen te eten, een slaapplaats en sust ruzies. Volgens de professionals is er bovendien geen extra begeleiding ingezet in de Zilverstraat in het kader van de permanente winteropvang. Er is wel extra capaciteit ingezet, omdat het aantal cliënten hoger werd, maar er is geen extra capaciteit ingezet voor het voeren van gesprekken en begeleiding naar een zorgtraject. Het ontbreekt aan mogelijkheden voor door- en uitstroom. De permanente winteropvang kan alleen succes hebben op het moment dat er daadwerkelijk mogelijkheden tot uitstroom zijn. Alle goede dingen die gedaan worden vóór de uitstroom hebben alleen nut wanneer de uitstroom ook succesvol is. Genoemd wordt ‘Housing First’, de capaciteit daarvan zou omhoog moeten. Ook wordt door de leden van de focusgroep genoemd dat de uitstroom verstopt is vanuit de doorstroomvoorzieningen. “We hebben met z’n alleen een stuwmeer gecreëerd, maar we hebben geen vervolgrivier waar het verder gaat. En ja op een gegeven moment loopt dat over en dat is eigenlijk wat er gebeurt.” Voor Barka geldt dat zij tijdens de periode van de permanente winteropvang twintig plekken beschikbaar hadden in plaats van de reguliere 10 plekken. De professionals van Barka geven aan dat zij sinds de permanente winteropvang meer contact hebben met hun doelgroep. Er waren veel Polen dit jaar, geen Bulgaren en Roemenen.

Met de groep Bulgaren en Roemenen is er dus geen contact gelegd. 3.2.4.

Ervaringen professionals permanente winteropvang locatie Zilverstraat

Volgens de professionals is het welzijn van de daklozen niet verbeterd door het instellen van de permanente winteropvang aan de Zilverstraat. De nieuwe regeling is mooi, maar de eisen die daarbij worden gesteld aan daklozen verhogen de drempel: drempels als legitimatie, je moeten melden, weer aan de leiband moeten lopen. De meeste leden van de focusgroep geven aan dat er geen eisen gesteld moeten worden, maar mensen moeten binnen gelaten worden zodat er met ze gesproken kan worden. Van hieruit kun je ze observeren en ze stapje voor stapje overeind helpen. Daar heb je wel de permanente regeling voor nodig, omdat ze geen gebruik maken van de reguliere regeling. Bij een permanente Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

20

regeling zonder drempels zou die groep wel regelmatig naar de opvang komen. De gedachte achter de permanente winteropvang is goed, maar er moet vooraf meer rekening worden gehouden met de praktijk. De focusgroep noemt ook het gemis aan overleg op voorhand. Zij hadden graag gezien dat er bij de opzet en start van de nieuwe regeling overleg was geweest. Er zou bijvoorbeeld eerst bepaald moeten worden welke doelgroep men wil bereiken, en wat daarvoor nodig is. ‘Zo’n evaluatie als nu, is hartstikke leuk, maar je kunt het niet als een geïsoleerd iets doen… het is een keten, en het is niet gebonden aan een bepaalde tijd, want in de winter, ja, er zijn misschien wat meer mensen, maar in de zomer speelt dezelfde problematiek, zijn ze er ook, alleen hebben mensen er minder last van, maar is het toch aangenamer om buiten te zijn. Dus je moet het hele spectrum bekijken …’. Men benadrukt dat de evaluatie gaat over de permanente winteropvang, maar dat er drie regelingen zijn die zich met dezelfde doelgroep bezighouden op dezelfde locaties. Als er iets ‘nieuws’ (nadrukkelijk met aanhalingstekens) wordt gebracht zou je je ook moeten afvragen wáár je dat laat plaatsvinden. Als je dat binnen een reguliere voorziening doet, dan is dat iets wat erbij komt. Ook het gebrek aan uitstroom, het bieden van perspectieven aan daklozen, wordt nogmaals benadrukt. Daar is winst te behalen.

En er zijn meer mensen nodig die begeleiden. Om het welzijn van de daklozen te verbeteren is meer capaciteit nodig. De leden van de focusgroep hebben een duidelijke voorkeur voor een kleinschalige opvang. In een kleinschalige opvang is er ruimte voor een gesprek, het verkrijgen van vertrouwen en kan een stap worden gezet naar begeleiding. Vooral de 24 uursopvang geeft stabiliteit en structuur en kan er per probleem anders gehandeld worden (differentiëren). Zo kan er bijvoorbeeld beter gelet worden op de medicatie. Een 24 uursopvang geeft perspectief. Daarnaast voelen mensen in de 24 uursopvang zich meer verantwoordelijk voor de locatie.

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

21

Hoofdstuk 4: Discussie en conclusies Het doel van dit onderzoek was om inzicht te krijgen in de gevolgen van de invoering van de permanente winteropvang, ten opzichte van de reguliere daklozenopvang, op deelname aan zorgtrajecten en het welzijn van de populatie daklozen in Den Haag. Een kenmerk van dit onderzoek is dat er zowel van kwantitatieve als kwalitatieve gegevens gebruik is gemaakt. Kwantitatieve gegevens van het Daklozenloket zijn gebruikt om inzicht te krijgen in de groep daklozen die gebruik maakt van de permanente winteropvang en in het aantal daklozen dat naar opvang en zorg is toegeleid tijdens de permanente winteropvang. Verder zijn er twee focusgroepen gehouden met professionals die hebben gewerkt bij de opvanglocaties van de permanente winteropvang. Deze focusgroepen hebben waardevolle kwalitatieve gegevens opgeleverd. Allereerst is het goed om op te merken dat de permanente winteropvang in korte tijd moest worden opgezet en moest er veel worden geïmproviseerd. Bovendien is het lastig om iets groepsgewijs op te zetten voor een groep die zo divers is als de groep daklozen in Den Haag. Dit maakt het aan het loket ingewikkeld en ook voor de dakloze zelf. De situatie van een dakloze is in de zomer namelijk niet anders dan in de winter, maar de procedure is wel anders.

Professionals van de focusgroep geven daarbij aan dat ze graag gezien hadden dat er bij de opzet en start van de nieuwe regeling overleg geweest was met hen. Er zou bijvoorbeeld eerst bepaald moeten worden welke doelgroep men wil bereiken, en wat daarvoor nodig is. Als laatste is het de onderzoekers opgevallen dat er tijdens de uitvoering van het onderzoek bij vrijwel alle betrokkenen erg veel verwarring bestaat over de naamgevingen en de daaraan gekoppelde regelingen en procedures. Hoewel er voor dit onderzoek geen daklozen direct zijn gesproken, is het zeer voorstelbaar dat de veelheid aan regels en uitzonderingen voor deze kwetsbare groep verwarrend werkt. Een aanbeveling zou dan ook zijn om de naamgeving en regels te versimpelen en de hieraan gekoppelde procedures beter te stroomlijnen.

4.1 LOCATIE WENCKEBACH De cijfers laten zien dat er tot nu toe 37 personen zijn ingestroomd op locatie Wenckebach. De meerderheid van hen was man en tussen de 45 en 65 jaar. Daarnaast heeft meer dan de helft van hen te maken met verslaving of GGZ-problematiek en 43% met multiproblematiek. Opvallend is dat de groep cliënten die is ingestroomd op locatie Wenckebach gemiddeld ouder is dan de gemiddelde groep daklozen. Van de personen die zich de afgelopen jaren hebben gemeld bij het Daklozenloket is de meerderheid tussen de 23 en 45 jaar oud (persoonlijke communicatie C. van Gorsel, dd 17-5-2019). Zeventien personen zijn reeds uitgestroomd, waarvan de helft is doorgestroomd naar één van de mogelijke doorstroomvoorzieningen of zelfstandig wonen. Van de 20 personen die nu op de locatie verblijven is er voor een derde ook al een traject voor door- of uitstroom gestart, en voor de overige cliënten is al een inschatting gemaakt over waar de cliënt mogelijk naar kan uitstromen.

De professionals geven aan dat met de permanente winteropvang twee doelgroepen zijn bereikt: 1) zorgmijdende buitenslapers, die soms zelfs niet naar de nachtopvang komen als de koudweerregeling van kracht is en vaak niets met hulpverlening te maken willen hebben, en 2) een groep (psychisch) extra kwetsbare cliënten uit de reguliere nachtopvang die behoefte hebben aan een prikkel-arme omgeving en meer intensieve begeleiding. Zij verblijven vaak maar kort in de reguliere nachtopvang, waarna ze weer op straat belanden. Het mag dan ook als een succes worden gezien dat de locatie permanent vol zit en er vanuit de locatie cliënten doorstromen naar zelfstandige woonruimte of een andere (doorstroom)voorziening. Deze resultaten bevestigen de verwachting dat de permanente winteropvang zou bijdragen aan een afname van het aantal

Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

22

mensen dat tijdens de winter op straat slaapt en er zorg op maat geboden kon worden om deze daklozen uit te laten stromen naar een eigen onderkomen. Vanwege het succes van de opvanglocatie is de locatie onlangs uitgebreid naar 30 slaapplaatsen. Ook geven de focusgroepleden van de Wenckebach aan dat er nu minder mensen op straat zijn. De daklozen die nu nog op straat slapen zijn de “zorg- zorg- zorg- zorgwekkende zorgmijders” die zo onder de radar zijn dat je ze niet ziet, en de niet-rechthebbende Midden- en Oost-Europeanen. De daklozen die in aanmerking komen voor de Wenckebach worden zorgvuldig geselecteerd door de locatiemanager en een medewerker van het Daklozenloket. Ze zijn vaak al in beeld van het straatteam of komen wel naar de dagopvang om te eten en douchen. Alle professionals zijn het erover eens dat deze manier van opvang de manier is om een opvang te organiseren en dat het welzijn van hun cliënten is verbeterd. Sterke punten van de opvang zijn het kleinschalige karakter en dat het een 24-uursopvang is. Dit geeft de cliënten rust waardoor ze geestelijk en lichamelijk aansterken en open staan voor verdere hulpverlening. Ook zorgt dit ervoor dat de begeleiders hun cliënten echt goed leren kennen en weten wat ze nodig hebben. De opvang heeft bovendien een ongedwongen karakter: cliënten hebben hun eigen sleutel en ze hebben een vrije keuze in de indeling van hun dag.

Nog een sterk punt is dat er maar een beperkt aantal hulpverleners betrokken bij de locatie Wenckebach wat zorgt voor korte lijnen tussen de uitvoerende locaties en de mensen van het Daklozenloket. De professionals geven bovendien aan dat deze vorm van opvang ook uitermate geschikt is voor andere groepen daklozen, bijvoorbeeld jongeren die per ongeluk dakloos zijn geworden, kwetsbare vrouwen of EPA’s (mensen met een Ernstige Psychiatrische Aandoening).

4.2 LOCATIE ZILVERSTRAAT Resultaten laten zien dat er 116 onderzoekspassen (incl. verlengingen) zijn verstrekt in de periode 1 december 2018 tot 1 april 2019, op een totaal van 869 nachtopvangpassen. Hoewel dit een absolute toename is ten opzichte van het jaar ervoor, is het percentage verstrekte onderzoekspassen van het totaal gelijk gebleven. Het is daarom onduidelijk of deze toename een direct gevolg is van de invoering van de permanente winteropvang, of dat het een natuurlijke stijging betreft die samenhangt met de toename van het totale aantal verstrekte nachtopvangpassen. Van de 116 afgegeven onderzoekspassen zijn er 73 uitgegeven in het kader van een Barkatraject. Dit is een stijging ten opzichte van het jaar ervoor. Het aantal onbekende, nieuwe cliënten dat tijdens de permanente winteropvang bij het Daklozenloket aanklopt, geeft mogelijk een indicatie van de mensen die binnen de reguliere daklozenopvang geen nachtopvangpas zouden hebben gekregen. Tijdens de permanente winteropvang hebben 80 (unieke) nieuwe cliënten een onderzoekspas gekregen. Dit geeft ook voor de locatie Zilverstaat aan dat de permanente winteropvang heeft bijgedragen aan het in beeld krijgen van bepaalde daklozen. Van deze 80 cliënten was een ruime meerderheid man in de leeftijd van 23 tot 45 jaar, waarmee het dus een jongere groep is dan op locatie Wenckebach.

Hoewel dit lastig uit de cijfers is te extraheren, is het waarschijnlijk dat een groot deel van deze groep bestaat uit personen uit Midden- en Oost-Europa. Aanvullend hierop gaven medewerkers van Barka aan meer Poolse clienten gesproken te hebben in de periode van de permanente winteropvang. Wat betreft de uitstroom kan er geen vergelijking worden gemaakt met vorige winter. Van de cliënten met een onderzoekspas is 22% uitgestroomd, eenzelfde percentage cliënten is uitgevallen. Van de Barka-trajecten is 29% teruggekeerd naar land van herkomst, 60% is uitgevallen. De professionals van de Zilverstraat geven aan dat er in de dagelijkse praktijk weinig is veranderd op de Zilverstraat sinds de invoering van de permanente winteropvang. Voor hen is er Evaluatie permanente winteropvang 2018/2019

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10306357/1