CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20250313-RIS321152 Voorstel van het college inzake vaststelling bestemmingsplan Strand Den Haag

Gemeenteraad 13 maart 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake vaststelling bestemmingsplan Strand Den Haag (RIS321152)12.988 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

kan de beperking van de dieptemaat vervallen Met betrekking tot de bouwhoogte verzoekt adressant een verruiming tot 4.50 m. Vanwege het behoud van het zicht vanaf de boulevard op zowel het strand als de zee achten wij dit niet gewenst.

21/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

De huidige regeling wat betreft de opbouw van strandpaviljoens als ook het jaarlijks gedurende de winterperiode verwijderen van de bebouwing vindt zijn grondslag in het keur van het Hoogheemraadschap van Delfland. In het kader van de nieuwe Strandnota zijn wij bereid hierover in overleg te treden met het Hoogheemraadschap. Advies: Voorgesteld wordt ten aanzien van deze zienswijze te besluiten: het bezwaar inzake de weergave van de exp0loitatievlakken gegrond te verklaren en daartoe in te stemmen met de op de bij dit voorstel behorende gewijzigde Verbeelding; voor wat betreft de verplichte dieptemaat van strandpaviljoens overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze 4. voorgestelde gegrond te verklaren; het bezwaar tegen de bouwhoogte ongegrond te verklaren; de bezwaren tegen de het verplichte op en afbouwen van de seizoengebonden strandpaviljoens ongegrond te verklaren. 27.

10704004

FDJ Advocaten namens Paviljoen "De Golfslag" B.V., Paviljoen Day by Day B.V., GVZ2 B.V., en GVZ3 B.V., respectievelijk handelend onder de namen OCEANS Beach House, Paviljoen Day by Day B.V. en Miss Maui Beach House Adressante geeft aan dat bij de exploitatievlakken 37 en 38 op de verbeelding slechts een exploitatievlak is weergegeven, waarbij het maximaal bebouwingsoppervlak is bepaald op 470 m2. Verzocht wordt de Verbeelding aan te passen door beide exploitatievlakken aan te duiden, waarbij voor elk geldt dat daarop 300 m2 bebouwing mag worden gerealiseerd. Voort wijst adressante op de voor de herontwikkeling van de Middenboulevard verleende omgevingsvergunning. Uit een bijlage bij dezer vergunning blijkt, dat op een deel van het exploitatievlak 35a stranddouches zijn voorzien. Zij vraagt in hoeverre de realisatie van deze douches in overeenstemming is met de ter voor deze locatie in het bestemmingsplan opgenomen bestemming en de daarbij behorende functieaanduiding. Tevens wordt verzocht om een herindeling van de exploitatievlakken 36, 37 en 40 zodat een meer evenwichtige verdeling van de strandpaviljoens bewerkstelligd wordt. Adressante verzoekt de maximale bouwhoogte en het maximaal bebouwingsoppervlak voor het gehele strand gelijk te trekken, waardoor ook ter plaatse van de Noord- en Middelboulevard een bebouwingsoppervlak van 335 m2 en een bouwhoogte van 4,5 m zal gelden.

Ook vraagt zij de in de regels opgenomen beperking van de bouwdiepte tot 20 m te schrappen. Zij verzoekt tevens de jaarlijkse opbouw van de strandpaviljoens naar februari te verplaatsen. Het bepaalde in artikel 5.3 onder e van de Regels bepaalt dat per strandpaviljoen aan beide zijden één strook van minimaal 5 m breed bebouwingsvrij moet blijven. Het is voor adressante onduidelijk hoe dit zich verhoudt tot artikel 5.2.1. sub k. waarin is bepaald dat per strandpaviljoen aan één zijde een strook van minimaal 5 meter bebouwingsvrij dient te zijn. Voort is adressant van mening, dat de planregels ruimte voor interpretatie laten over de vraag of het is toegestaan twee of meer naast elkaar gelegen exploitatievlakken te gebruiken voor 1 groot strandpaviljoen.

22/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Daarnaast acht adressante de in artikel 12 sub h opgenomen bepaling, dat aan de bouw van of het gebruik van gebouwen parkeereisen verbonden kunnen worden onvoldoende duidelijk en in strijd met de rechtszekerheid. Tot slot wijzen zij erop, dat in het nieuwe bestemmingsplan ten onrechte wordt gesteld, dat geen sprake is van een toename van het aantal strandpaviljoens. Reactie: Bij het opstellen van voorliggend plan is uitgegaan van de feitelijk op beide exploitatievlakken gerealiseerde en samengevoegde bebouwing. Vanuit het oogpunt van rechtsgelijkheid bestaat er geen bezwaar tegen voor elk van de genoemde exploitatievlakken de maximale bebouwing op 300 m2 te bepalen. Ten aanzien van de mogelijkheid tot het realiseren van douches merken wij op, dat de in de begripsomschrijvingen opgenomen definities voor strandbebouwing en strandpaviljoens voldoende ruimte laten voor het mede oprichten van douchegelegenheden. Wat betreft haar verzoek voor het gehele strand de bebouwingsmogelijkheden gelijk te trekken merken wij op, dat wij hier op voorhand geen voorstander van zijn. De ligging, direct aan de Noorden aan Middenboulevard is duidelijk afwijkend van de elders gesitueerde strandtenten. Zo zal zowel het vergroten als ook het ophogen van de aan de boulevard gesitueerde strandpaviljoens direct van invloed zijn op het zicht vanaf de boulevard op het strand en de zee.

Zoals eerder aangegeven van onder meer de zienswijze 4. is aangegeven kan de beperking van de bouwdiepte vervallen. De huidige regeling wat betreft de opbouw van strandpaviljoens vindt zijn grondslag in het keur van het Hoogheemraadschap van Delfland. Wij delen de mening van adressante dat artikel 5.3, onder e in relatie tot het bepaalde in artikel 5.2.1 sub k tot verwarring leidt. Met het bepaalde in artikel 5.2.1 onder k wordt in voldoende mate tegemoet gekomen aan het behoud van vrije doorgangen en zichtlijnen van en naar de zee. Mitsdien kan artikel 5.3 onder e geschrapt worden. In dit verband merken wij op, dat de planregels zich er niet tegen verzetten, dat op aaneengesloten exploitatievlakken een aangesloten bebouwing wordt gerealiseerd, mits deze voldoet aan het per exploitatievlak geldende maximum bebouwingsoppervlak. Doordat overigens op ieder exploitatievlak een strook van minimaal 5 m breed loodrecht op de zeelijn bebouwingsvrij dient te blijven is het niet mogelijk de bebouwing op meer dan twee exploitatievlakken samen te voegen. Naar aanleiding van hetgeen adressante bericht over artikel 12, sub h van de Regels merken wij het volgende op. In artikel 12 zijn de algemene, binnen de gemeente geldende bouwregels opgenomen. Daartoe behoren onder meer de regels tot het stellen van parkeereisen, zowel voor motorvoertuigen als voor fietsen.

In casu kan evenwel gesteld worden, dat het gelet op de situering van de paviljoens op het strand, niet in de rede ligt parkeergelegenheid op eigen terrein te verlangen. In verband hiermede kunnen in artikel 12 de op het parkeren betrekking hebbende leden geschrapt worden. Tot slot benadrukken wij dat dit bestemmingsplan geen ruimte biedt voor het uitbreiden van het aantal strandpaviljoens.

23/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Advies: Voorgesteld wordt: het bezwaar inzake de weergave van de exp0loitatievlakken gegrond te verklaren en daartoe in te stemmen met de op de bij dit voorstel behorende gewijzigde verbeelding; voor zover deze betrekking heeft de verplichte dieptemaat van strandpaviljoens overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze 4. voorgestelde gegrond te verklaren; het verzoek tot het verplaatsen van de jaarlijkse opbouw naar februari af te wijzen; het bezwaar inzake het bepaalde in artikel 5.3, onder e gegrond te verklaren en te besluiten deze bepaling te schrappen; het bezwaar inzake het bepaalde in artikel 12, leden h tot en met k te gegrond te verklaren en te besluiten deze bepaling te schrappen. 28. 10704011 Strandpaviljoen Veronica B.V. Adressante verzoekt in te stemmen met een jaarrondexploitatie van haar strandpaviljoen of indien dat niet mogelijk is de strandpaviljoens toe te staan om zonder exploitatie ook in de winterperiode te mogen blijven staan. Daarnaast vraagt zij om het opbouwen te vervroegen van 1 maart naar 1 februari. Reactie: Met dit bestemmingsplan wordt beoogd het huidige gebruik vast te leggen. Een eventuele vergroting van het aantal paviljoens dat het jaarrond geopend kan zijn, zal betrokken worden bij de nieuwe Strandnota.

De huidige regeling wat betreft de opbouw van strandpaviljoens als ook het jaarlijks gedurende de winterperiode verwijderen van de bebouwing vindt zijn grondslag in het keur van het Hoogheemraadschap van Delfland. In het kader van de nieuwe Strandnota zijn wij bereid hierover in overleg te treden met het Hoogheemraadschap. Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze ongegrond te verklaren 29. 10704046 Strandpaviljoen Zuid B.V. Adressant meldt dat op de Verbeelding zijn strandpaviljoen, alsmede een aangrenzend paviljoen met een verkeerd exploitatienummer zijn vermeld. Reactie: De correcte exploitatienummers zijn op de bij dit voorstel als bijlage 1 toegevoegde Verbeelding vermeld. Advies: Voorgesteld wordt het bezwaar inzake de weergave van de exp0loitatievlakken gegrond te verklaren en daartoe in te stemmen met de op de bij dit voorstel behorende gewijzigde Verbeelding.

24/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

30. 10704507 Provincie Zuid-Holland Adressant bericht, dat: In artikel 5 Recreatie – Strand, dat mede voor de delen van het strand geldt welke door de provincie in het kader van Natuur Netwerk Nederland zijn aangemerkt, komt het woord natuur niet voor. Verzocht wordt het in de toelichting op dit artikel vermelde, dat “het voorziene gebruik alleen is toegestaan met achtneming van behoud, herstel en/of verdere ontwikkeling van de aanwezige natuurwetenschappelijke waarden” ook in de regels op te nemen. Tevens wordt verzocht de mogelijkheid tot het toelaten van evenementen op de als NNN aangewezen strandgedeelten te schrappen. Tevens is artikel 4 Natuur- en Duinen te ruim omschreven, want deze omschrijving maakt ook de aanleg van verharde fietspaden, overigens ook zonder aanlegvergunning, mogelijk. Het plan biedt verder ruimte om horecapaviljoens te vergroten met 35 m2. Dit zou kunnen op basis van een raadsbesluit uit 2008. Inmiddels geldt het Natuurnetwerk Nederland op het merendeel van de stranden van Zuid-Holland en ook op het Zuiderstrand. Het is niet duidelijk of het bestemmingsplan ziet op uitbreidingsmogelijkheden die nog niet zijn vergund. Indien er nog niet-vergunde situaties in het bestemmingsplan worden meegenomen, dan dienen deze aan de regels van Natuurnetwerk Nederland te worden getoetst. Verzocht wordt dit te verduidelijken in de toelichting.

In dit verband wordt tevens aandacht gevraagd voor de 7 in het bestemmingsplan opgenomen jaarrond strandpaviljoens, waarvan er inmiddels 5 zijn vergund. Erop gewezen wordt, dat de 2 nog niet vergunde jaarrondpaviljoens, indien zij op NNN-strand staan niet zondermeer positief kunnen worden bestemd, omdat daarvoor nog geen toets aan de NNN-natuurwaarden, conform de provinciale omgevingsverordening heeft plaatsgevonden. Reactie: Wij kunnen instemmen met de voorgestelde aanpassing van artikel 5 Recreatie – Strand van de Regels. Met het op de verbeelding vermelden van de stranddelen, welke door de Provincie in het kader van Natuur Netwerk Nederland als NNN-gebied zijn aangewezen, stellen wij voor aan artikel 5.1, na lid l toe te voegen: En ter plaatse van de functie-aanduiding NNN: m. Het behoud, herstel en/of ontwikkeling van de natuurwetenschappelijke en landschappelijke waarde. Voor een algehele uitsluiting van evenementen op de NNN-delen van het strand zien wij daarentegen geen reden. In de eerste plaats niet omdat in de praktijk evenementen nagenoeg beperkt zijn tot de delen van het strand waarop de NNN-aanduiding niet van toepassing zijn en in de tweede plaats niet omdat een evenement, dat jaarlijks wel (mede) op de als NNN-gebieden aangewezen delen van het strand plaatsvindt, dan niet langer vergund kan worden. Wij duiden hier op de strand-6 daagse.

Voor zover daarbij in de toekomst aanvragen vergunningen voor evenementen op de NNN-gebieden gevraagd zullen worden, dan zal hiermede uiterst terughoudend worden omgegaan, waarbij gewaakt zal worden voor aantasting van de natuurwetenschappelijke en de landschappelijke waarden. De bemerking, dat artikel 4 te ruim omschreven is delen wij niet. Los van de eigendomssituatie, die ons inziens al voldoende waarborgen geeft dat niet ongebreideld fiets- en voetpaden op de gronden met deze bestemming worden toegevoegd, gebiedt ook het bepaalde in artikel 4.1 onder b dat plannen tot aanleg daarvan beoordeeld moeten worden in relatie tot het behoud, herstel en/of ontwikkeling van de Op basis van uw raadsbesluit uit 2008 (RIS 161651) is voor een beperkt deel van het strand besloten, dat de maximale oppervlakte van strandpaviljoens vergroot is van 300 m2 tot 335 m2. Slechts enkele strandpaviljoens hebben van deze mogelijkheid nog geen gebruik gemaakt.

25/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Aangezien het hier om een wel zeer beperkte uitbreidingsmogelijkheid gaat, het slechts enkele strandpaviljoens betreft en om reden van het feit, dat wij ook naar de paviljoenhouders als een betrouwbare overheid willen gelden, zijn wij van mening, dat deze bepaling gehandhaafd dient te blijven. Ten aanzien van de twee (van de zeven) nog niet vergunde jaarrond paviljoens merken wij op, dat deze niet op als NNN-gebied aangewezen stranddelen gesitueerd zijn. Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze grond te verklaren wat betreft de bezwaren die betrekking hebben op artikel; 5 van de regels alsmede het ontbreken van de NNN-functieaanduiding bij de weergave van deze bestemming op de Verbeelding, waartoe: onder op de verbeelding vermelding van de stranddelen, welke door de Provincie in het kader van Natuur Netwerken Nederland als NNN-gebied zijn aangewezen aan artikel 5 Recreatie – Strand van de Regels artikel 5.1, na lid l wordt toegevoegd:

-

en ter plaatse van de functie-aanduiding NNN: m. Het behoud, herstel en/of ontwikkeling van de natuurwetenschappelijke en landschappelijke waarde. de overige zienswijzen ongegrond te verklaren.

31. 10705745 Stichting Duinbehoud en AVN Adressant brengt het volgende in: het buiten het bestemmingsplan laten van de strandhuisjes acht zij onterecht; het deel van het strand dat behoort tot Natuur Netwerk Nederland dient als natuurecologische verbindingszone te worden aangeduid; de overgang van de bestemming Natuur-Duinen naar de bestemming Recreatie Strand ten noorden van Kijkduin is abrupt en lijkt niet ingegeven door het voorkomen van de habitat “Primaire duinen” die vanuit hun belang voor een natuurlijke ontwikkeling van de kustlijn bescherming verdienen. Reactie: Wat betreft de strandhuisjes wordt kortheidshalve verwezen naar het hierover vermelde bij de zienswijze 1. Onder verwijzing naar onze reactie op de zienswijze 30. merken wij op, dat aan dit aspect tegemoet wordt gekomen door ons voorstel aan artikel 5.1 een lid toe te voegen luidende : het behoud, herstel en/of verdere ontwikkeling van de aanwezige natuurwetenschappelijke waarde. Met deze toevoeging wordt mede tegemoetgekomen aan hetgeen adressant als onderbouwing van haar stelling dat de overgang van de bestemming Natuur-Duinen naar de bestemming Recreatie Strand te abrupt is. Advies: Voorgesteld wordt; voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze 1.

voorgestelde gegrond te verklaren; voor wat betreft het borgen van het belang van de NNN-aanduiding van delen van het strand overeenkomstig het bij de zienswijze 30 voorgestelde gegrond te verklaren.

26/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

32. 10703989 Beachclub Zeezicht Adressant is van mening, dat sprake is van een inconsistentie tussen de in artikel 5.2.1 opgegeven bebouwingsoppervlakten en de verwerking daarvan op de verbeelding. Ook heeft hij bezwaar tegen de in artikel 5.2.2.a opgenomen maximale bebouwingsdiepte van 20 meter. Daarnaast vraagt hij opheldering over het in artikel 5.3.c opgenomen verbodsbepaling dat op de daken van strandpaviljoens geluidsboxen worden geplaatst. Reactie: Inzake de exploitatievakken merken wij op, dat abusievelijk alleen de exploitatievlakken waarop strandpaviljoens staan op de Verbeelding zijn opgenomen. Hierdoor zijn eventueel samengevoegde exploitatievlakken, waarbij de bebouwing op één vlak geconcentreerd is, niet correct weergegeven. Voorgesteld wordt dit aan te passen zoals aangeven bij de reactie op de onder 15 vermelde zienswijze. Voor wat betreft de verplichte dieptemaat van strandpaviljoens overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze 4. voorgestelde te besluiten. Het verbod tot het plaatsen van geluidsboxen op de daken van de paviljoens houdt verband met het voorkomen van geluidsoverlast voor recreanten in de directe omgeving van strandpaviljoens. Wij zijn van mening, dat ook zonder geluidsboxen op de daken voldoende mogelijkheden bestaan om “terras-muziek” aan bezoekers van strandpaviljoens aan te bieden.

Advies: het bezwaar inzake de weergave van de exp0loitatievlakken gegrond te verklaren en daartoe in te stemmen met de op de bij dit voorstel behorende gewijzigde Verbeelding; voor wat betreft de verplichte dieptemaat van strandpaviljoens overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze 4. voorgestelde gegrond te verklaren; het bezwaar tegen het verbod tot het plaatsen van geluidsboxen op de daken van strandpaviljoens ongegrond te verklaren. ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID Het bestemmingsplan Strand Den Haag vormt in hoofdzaak een nieuw juridisch-planologisch kader voor een bestaande situatie. De regeling gaat uit van consolidatie van de bestaande situatie en aan de uitvoering hiervan zijn geen kosten verbonden die ten laste komen van de gemeente. Bovendien zijn met dit bestemmingsplan geen (nieuwe) bouwplannen voorzien, zoals genoemd in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), waarop kostenverhaal mogelijk is. De economische uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan is daarmee gewaarborgd. STAAT VAN WIJZIGINGEN Ambtelijke wijzigingen Nadat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage heeft gelegen is geconstateerd, dat de thans in uitvoering zijnde aanpassingen ter plaatse van de Middenboulevard, RIS308708, niet geheel correct op de Verbeelding (blad 1) zijn aangeduid.

Om deze reden stellen wij u voor de van het bestemmingsplan deel uitmakende Verbeelding integraal gewijzigd vast te stellen, waartoe op de verbeelding ook de aanpassingen zijn verwerkt welke uw raad bij de behandeling van de ingekomen zienswijzen zijn geadviseerd.

27/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Deze gewijzigde Verbeelding is als bijlage 1 en bestaande uit blad 1 en blad 2 aan dit voorstel gehecht. Daarnaast is ook een aanpassing van de aanduiding van de permanente hulpposten hierin verwerkt. Ter verduidelijking wordt voorgesteld aan de tekst, vermeld in Hoofdstuk 2.5.4 van de toelichting de zin toe te voegen: Het bestemmingsplan Scheveningen haven staat een jaarrond openstelling van het beachstadion ook toe. Tevens wordt voorgesteld de hieronder vermelde regels als onder vermeld gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan vast te stellen: Artikel 5.2.5 onder f: Het bruto vloeroppervlak van een gebouw met de functieaanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - permanente hulppost' (sm-php) mag maximaal 400 m² bedragen. De oppervlaktemaat mag overschreden worden ten behoeve van overstek en plankier. Voor de bepaling van de bouwhoogte geldt als peil, in afwijking van het bepaalde in artikel 1.77, dat dit zich bevindt op 5,50 m + NAP binnen de functieaanduiding 'specifieke vorm van maatschappelijk - permanente hulppost' (sm-php). Onder deze hoogte is geen bebouwing toegestaan. -

Artikel 5.2.5. onder g: De bouwhoogte van gebouwen ten behoeve van maatschappelijke doeleinden mag maximaal 5,50 meter bedragen, gemeten vanaf het peil zoals genoemd onder f. In afwijking van deze maximale bouwhoogte geldt dat voor een oppervlakte van 12 m² ten behoeve van een uitzichtpost een bouwhoogte van maximaal 7,50 meter is toegestaan.

Naar aanleiding van de zienswijzen Voorgesteld wordt de toelichting en de regels als volgt te wijzigen: Toevoegen aan de toelichting: o

o o

In de toelichting onder 3.2.1 bij “kustfundament” het navolgende toe te voegen: Rijkswaterstaat is beheerder van de zee en het strand binnen het plangebied en ziet toe op de waterveiligheid. Specifiek voor de omgevingen van Scheveningen reikt deze bevoegdheid tot het gehele strandgebied, nat en droog tot aan de duinvoet. Rijkswaterstaat is verantwoordelijk voor het meegroeien van het kustfundament met de zeespiegelstijging en specifiek beheerder van het strand. Om de waterveiligheid te borgen suppleert Rijkswaterstaat zand op het strand en de vooroever. Om de waterveiligheid en het beheer te borgen mogen er geen activiteiten plaatsvinden die deze zaken in de weg staan. Rijkswaterstaat is ook verantwoordelijk voor de zorg voor het handhaven van de kustlijn en het in evenwicht houden van het kustfundament met de stijgende zeespiegel, door het suppleren van zand. Vanwege het belang van de waterveiligheid en het onderhoud van het kustfundament met zandsuppleties geldt er voor veel activiteiten in het kustfundament een vergunningplicht of meldingsplicht. De regels hiervoor zijn vastgelegd in het Waterbesluit en de Waterregeling, hetgeen onder de Omgevingswet valt onder Hoofdstuk 7 van het Bal. Dit betekent dat initiatieven geen nadelige invloed mogen hebben op de waterveiligheid van het zandige strand en het kustfundament.

De afdeling Vergunningverlening van Rijkswaterstaat toetst dit aan de hand van de genoemde wetgeving en het Uitvoeringskader vergunningverlening kust 2021. In hoofdstuk 5.2.2, 5e alinea na speelvoorziening tevens te vermelden recreatie-strandhuisjes; In hoofdstuk 5.2.2. aan 8e alinea toe te voegen: . specifieke vorm van recreatie – strandhuisjes (sr-sth).

28/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

o o

o

In hoofdstuk 5.3.1, 1e alinea na speelvoorzieningen tevens te vermelden strandhuisjes. In hoofdstuk 5.3.1.5 de alinea toe te voegen, luidende: Daarnaast zijn er op het Zuiderstrand 40 strandhuisjes planologische vastgelegd. In paragraaf 5.3.5 wordt nader ingegaan op de strandhuisjes. Aan de toelichting toe te voegen paragraaf 5.3.5, luidende: . In het bestemmingsplan Strand Den Haag zijn vier locaties van elk 10 strandhuisjes opgenomen, conform de afgegeven vergunningen.

Toevoegen aan de regels: o aan artikel 1 onder vernummering van de daaropvolgende leden toe te voegen: 1.96 strandhuisjes een voor een toeristische overnachting bestemd gebouw op het strand uitsluitend gedurende het badseizoen; o aan artikel 5.1 onder vernummering van de daaropvolgende leden toe te voegen: l. ter plaatse van de functieaanduiding specifieke vorm van recreatie – strandhuisjes (sr-sth) tevens strandhuisjes, uitsluitend gedurende het badseizoen ten behoeve van toeristisch overnachting; o aan artikel 5.1, na lid l toe te voegen: en ter plaatse van de functie-aanduiding NNN: m. Het behoud, herstel en/of ontwikkeling van de natuurwetenschappelijke en landschappelijke waarde. o

aan artikel 5.2 onder vernummering van de daaropvolgende leden toe te voegen: 5.2.6 Gebouwen – strandhuisjes Voor het bouwen van gebouwen in de vorm van strandhuisje, zoals aangeduid met de functieaanduiding specifieke vorm van recreatie – strandhuisjes (sr-sth) gelden de volgende aanvullende regels: d. de bruto vloeroppervlakte per strandhuisje mag maximaal 35 m2 zijn; e. de bouwhoogte van gebouwen ten behoeve van strandhuisjes en de hoogte van de overige bebouwing mag niet meet bedragen dan 4,50 meter; f. de onderlinge afstand tussen de strandhuisjes is minimaal 10 meter.

In de regels gewijzigd vast te stellen: o Artikel 5.2.1.k. Per strandpaviljoen dient ten behoeve van een vrije doorkijk naar zee ten minste aan een zijde van het paviljoen één strook van minimaal 5.00 meter breed, loodrecht op de zee lijn bebouwingsvrij te blijven en mogen geen gebouwen opgericht worden. Van deze verplichting kan het bevoegd gezag ontheffing verlenen indien op andere wijze reeds deze vrije doorkijk verzekerd is. o In artikel 5.2.2 onder a. en 5.2.3 onder a. wordt de vermelde dieptemaat doorgehaald onder vernummering van de leden b. en c. in respectievelijk a. en b. o artikel 10.1 de leden a. tot en met e. als volgt gewijzigd vast te stellen: a. het in stand houden van de Basis kustlijn; b. het in stand houden van het kusfundament; c. de waterhuishouding; d. verkeer te water; e. aanleg, beheer en onderhoud en verbetering van de hoofdwaterkering;

29/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Te schrappen in de regels: o Artikel 5.3, onder e; o Artikel 12, leden h tot en met k als aangeduid in de adviezen bij de hiervoor opgenomen samenvattingen van de zienswijzen. BESLUITVORMING Gezien het vorenstaande stelt het college de raad voor het volgende besluit te nemen: de raad van de gemeente Den Haag, gezien het voorstel van het college van 21 januari 2025, gelet op de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening, besluit: met overneming van de door het college in het hiervoor vermelde voorstel aangegeven overwegingen, welke worden geacht deel uit te maken van dit besluit: I.

de zienswijzen in het bij dit besluit behorende voorstel onder “Ingekomen zienswijzen” opgenomen, ontvankelijk te verklaren en daarop het volgende te besluiten;

II.

de zienswijzen onder 2, 3, 4, 7, 19, 29 en 31 in het bij dit besluit behorende voorstel onder “ingekomen zienswijzen” opgenomen, gegrond te verklaren, een en ander zoals aangeduid bij de advisering over de zienswijzen;

III.

de zienswijzen onder 1, 5, 6, 8, 9, 10, 11, 13, 15, 16, 20, 25, 26, 27, 30 en 32 in het bij dit besluit behorende voorstel onder “ingekomen zienswijzen” opgenomen, deels gegrond en deels ongegrond te verklaren, een en ander zoals aangeduid bij de advisering over de zienswijzen;

IV.

de zienswijzen onder 12, 14, 17, 18, 21, 22, 23, 24 en 28 in het bij dit besluit behorende voorstel onder “ingekomen zienswijzen” opgenomen, ongegrond te verklaren, een en ander zoals aangeduid bij de advisering over de zienswijzen;

V.

tot herziening van de op het plangebied Strand Den Haag betrekking hebbende regelingen: - Bestemmingsplan Strand, vastgesteld bij raadsbesluit 87, d.d. 27 november 2008; - Parapluherziening Staat van Bedrijfsactiviteiten, vastgesteld bij raadsbesluit 224, d.d. 20 december 2018 - Parapluherziening (fiets)parkeren, vastgesteld bij raadsbesluit RIS300391, d.d. 20 september 2018;

VI.

met in achtneming van de Staat van wijzigingen vast te stellen het bestemmingsplan Strand Den Haag bestaande uit de bij dit voorstel behorende en ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan gewijzigde kaart NL.IMRO.0518.BP0334ZStrand-40ON.dgn met ondergrond o_ NL.IMRO.0518.BP0334ZStrand-ond.dgn, d.d. 5 december 2024 en regels, zoals deze bij dit besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte bescheiden zijn aangegeven, toegelicht en beschreven;

30/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665 VII. dat bij het bestemmingsplan voor Strand Den Haag geen exploitatieplan wordt vastgesteld.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 13 maart 2025. De griffier,

De voorzitter,

ValidSigned door De Griffier L. Blankwaard Rombouts op 19-03-2025

Na vaststelling van het bestemmingsplan Strand Den Haag wordt het identificatienummer van het bestemmingsplan gewijzigd van NL.IMRO.0518.BP0334ZStrand-40ON in NL.IMRO.0518. BP0334ZStrand-50VA.

31/31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15310176/1