CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

20250313-RIS321152 Voorstel van het college inzake vaststelling bestemmingsplan Strand Den Haag

Gemeenteraad 13 maart 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake vaststelling bestemmingsplan Strand Den Haag (RIS321152)12.988 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Datum

Ons Kenmerk

3 februari 2025

DSO/10835665 RIS321152

Voorstel van het college inzake vaststelling bestemmingsplan Strand Den Haag INLEIDING Bij raadsmededeling van 19 december 2023 (DSO/10416187 - RIS317419) is aan de raad toegezonden het ontwerpbestemmingsplan Strand Den Haag. Het ontwerpbestemmingsplan Strand Den Haag heeft voor eenieder ter inzage gelegen van 29 december 2023 tot en met 8 februari 2024. Inleiding De gemeente wil voor het plangebied "Strand" een nieuw bestemmingsplan vaststellen. Het vorige bestemmingsplan “Strand” dateert uit 2008, is verouderd en moet om die reden worden aangepast. Actualisering van dit plan is noodzakelijk geworden, omdat het bestemmingsplan niet in overeenstemming is met de huidige wet- en regelgeving en de juridische vormgeving van het plan niet goed aansluit bij het inmiddels in verschillende beleidsnota's beschreven en verankerde beleid en raadsbesluiten van de gemeente ten aanzien van het strand. Daarnaast houdt het vorige plan geen rekening met de ruimtelijke indelingen en ontwikkelingen die als gevolg van de aanleg van de Midden- en Noordboulevard zijn ontstaan en de nieuwe ontwikkelingen die voortvloeien uit de 'Agenda De Kust Gezond' en de Strandnota 2017-2022 “Het strand is van iedereen” RIS294701.

Huidige en toekomstige ontwikkelingen in het plangebied vinden weliswaar een basis in recent vastgestelde gemeentelijke beleidsdocumenten, maar zijn nog onvoldoende juridisch verankerd in het bestemmingsplan “Strand”, omdat de werkelijke situatie afwijkt van het bestemmingsplan. In het bestemmingsplan is de thans in voorbereiding zijnde nieuwe visie voor het strand en directe omgeving, in afwachting van toekomstige bestuurlijke besluitvorming hierover, niet opgenomen. Het voorliggende bestemmingsplan Strand Den Haag vormt het nieuwe planologisch-juridisch bindende kader voor het toelaatbaar gebruik van de gronden binnen het plangebied, dit is vastgelegd op de digitale verbeelding (plankaart) behorende bij dit bestemmingsplan en in de regels. Het betreft een conserverend bestemmingsplan, waarbij deels de bestaande rechten uit het bestemmingsplan van 2008 zijn overgenomen, deels de bestaande situatie (op basis van het nu geldende maximum oppervlak met een maximale bouwhoogte, gebaseerd op inventarisaties, luchtfoto's en hoogtekaarten is vastgelegd, relevante raadsbesluiten zijn verwerkt, alsook de vergunde situatie.

Begrenzing van het plangebied Het plangebied omvat het gehele Haagse strand (vanaf de grens met gemeente Westland tot aan het grondgebied van gemeente Wassenaar) en wordt begrensd door de duinvoet en een deel van de duinen voor zover het deel uitmaakt van versterking van de zeewering. De Pier van Scheveningen en de haven is buiten het plangebied gelaten. Ten opzichte van het geldende bestemmingsplan valt de plangrens in de Noordzee samen met de gemeentegrens. Verder houden de grenzen rekening met het bestemmingsplan Scheveningen Haven, dat op 15 juli 2015 is vastgesteld. Ook is de plangrens aangepast aan de verlegging van de Midden- en Noordboulevard.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

dienst: afdeling-telefoon dienst: afdeling-website

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Aanleiding voor het bestemmingsplan De gemeente Den Haag heeft om de volgende redenen een nieuw bestemmingsplan voor het plangebied Strand Den Haag opgesteld: • Door het inmiddels verouderde plan te actualiseren wordt het bestemmingsplan in overeenstemming gebracht met de huidige wet- en regelgeving, alsmede met het op dit moment geldende gemeentelijke beleid. Tevens zijn raadsbesluiten, alsmede ruimtelijke ontwikkelingen die gedurende de planperiode zijn vergund verwerkt in deze actualisering; • De huidige situatie van de verlegde Noordboulevard en de door de raad vastgestelde toekomstige verlegging van de Middenboulevard zijn hierin opgenomen; • Er is een regeling opgenomen voor het jaarrond exploiteren van de strandpaviljoens die daar nu reeds toestemming voor hebben op basis van genomen raadsbesluiten; • Twee permanente hulpposten zijn planologisch opgenomen in dit plan; • Het in de tussenliggende periode gebouwde paviljoen aan de Noordboulevard met de bestemming "Cultuur en Ontspanning" is in dit plan opgenomen; Bij het opstellen van het bestemmingsplan is afstemming geweest over jaarlijks terugkerende grootschalige evenementen, zoals Live on the Beach en de vreugdevuren op Scheveningen en Duindorp (Zuiderstrand) en andere terugkerende activiteiten.

Dit om zeker te zijn dat het plan niet op enige wijze in de weg staat aan het houden van dergelijke evenementen en activiteiten. Een afzonderlijke vermelding behoeven de 40 strandhuisjes op het Zuiderstrand. Om reden dat de concessie daarvoor in 2025 afloopt en de bestuurlijke besluitvorming over het verlengen daarvan nog niet heeft plaatsgevonden, waren deze strandhuisjes niet in het ontwerpbestemmingsplan opgenomen. Inmiddels heeft daarover in uw commissie Leefomgeving een uitvoerige discussie plaatsgevonden waarna door uw raad een motie (RIS318347) is aangenomen, waarin is uitgesproken dat de strandhuisjes alsnog in het bestemmingsplan dienen te worden opgenomen. Hieraan wordt in dit voorstel tegemoet gekomen met het voorstel de tegen het niet opnemen van strandhuisjes ingekomen bezwaren gegrond te verklaren. Doel van het bestemmingsplan Het doel van bestemmingsplan Strand Den Haag is het vastleggen van de bestaande ruimtelijke structuur van het strand in een juridisch-planologisch kader. Met het oog op een verantwoord beheer van de ruimtelijke structuur heeft het bestemmingsplan Strand Den Haag tot doel om de bestaande situatie zoveel mogelijk in stand te houden en indien mogelijk te versterken.

Door wijzigingen in vastgesteld beleid, aanpassingen van de boulevards en nieuwe ontwikkelingen, is een situatie ontstaan dat de huidige en toekomstige ontwikkelingen weliswaar hun basis vinden in recent vastgestelde gemeentelijke beleidsdocumenten, maar onvoldoende juridisch verankerd zijn in het geldende bestemmingsplan "Strand". Met andere woorden de werkelijke situatie wijkt dus af van het bestemmingsplan. Hierdoor is het bestemmingsplan niet meer het planologische toetsingskader, zoals dat hoort te zijn voor onder andere diverse omgevingsvergunningen. Met de actualisering van een bestemmingsplan wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de bestaande methodiek en regelgeving van het vorige bestemmingsplan, maar is de regelgeving wel vereenvoudigd. Op die manier worden juridische verschillen met het voorgaande bestemmingsplan voorkomen en worden burgers en direct belanghebbenden (niet in de laatste plaats de ondernemers van de strandpaviljoens) niet geconfronteerd met andere, geheel afwijkende juridische bepalingen of omstandigheden die voor betrokkenen nadelig zouden kunnen zijn. Rechtsongelijkheden ten opzichte van het voorgaande plan doen zich eenvoudigweg niet voor.

2/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Met het bestemmingsplan Strand Den Haag zijn de regels ten aanzien van het bouwen van strandpaviljoens grotendeels in stand gehouden (en daarmee ook de voorgeschreven maxima in oppervlakte). Wel geeft het bestemmingsplan Strand Den Haag ten opzichte van het vorige bestemmingsplan "Strand" enige verruiming in bouwvolume van strandpaviljoens aan het Zuiderstrand. Daarover zijn eerdere raadsbesluiten genomen en reeds uitgevoerd. Door dit nu ook juridisch in het bestemmingsplan vast te leggen, kan hier in de huidige situatie beter op gehandhaafd worden. Het gaat hier niet om een verruiming ten opzichte van de huidige toegestane situatie. Tevens zijn de vergunde situaties planologisch in dit bestemmingsplan vastgelegd. Het bouwvolume (maatvoering in oppervlakte en bouwhoogte opgenomen in de planregels en verbeelding) van de strandpaviljoens is op het Zwarte Pad, Morales Boulevard en Zuiderstrand aan elkaar gelijkgemaakt, conform het raadsbesluit uit 2008 (RIS161651). Dat betekent dat voor dit strandgebied de maximale oppervlakte van strandpaviljoens is vergroot naar 335 m² met een maximale bouwhoogte van 4.50 meter. Daarbij hadden de strandpaviljoens op het Zwarte Pad al volgens het vorige bestemmingsplan deze maatvoering. Dit betekent dat zowel op het Zuiderstrand als op het Noorderstrand een maximum bebouwingsoppervlak van 335 m² voor de strandpaviljoens wordt gehanteerd.

Alleen voor het deel grenzend aan Scheveningen (tussen golfbreker 44 en 46), voor de Midden- en Noordboulevard in Scheveningen Bad, waar de vrije ruimte voor de paviljoens toch al zeer beperkt is door de drukke bezetting langs de boulevards, is een uitzondering gemaakt en wordt het ook nu geldende maximum van 300 m² gehandhaafd met een maximale bouwhoogte van 3.60 meter. Daarnaast wordt een regeling opgenomen voor de zeven strandpaviljoens waar nu jaarrondexploitatie is toegestaan, met een bebouwingsoppervlakte van maximaal 500 m² en een maximale bouwhoogte van 5.50 meter. In die gevallen moet rekening worden gehouden met bijzondere funderingsconstructie-eisen in verband met de voor- en najaarsstormen en zijn de maximale hoogten en bebouwingsoppervlak voor het jaarrond exploiteren van strandpaviljoens enigszins verruimd conform de huidige toegestane situatie. Tenslotte, ook zijn de reeds uitgevoerde verlegging van de Noordboulevard en de door de raad vastgestelde geplande verlegging van de Middenboulevard in dit bestemmingsplan meegenomen. Geldende planologische regelingen Het bestemmingsplan Strand Den Haag vervangt het bestemmingsplan Strand, vastgesteld op 27 november 2008 en onherroepelijk geworden op 1 september 2010.

Naast bestemmingsplannen die op een specifiek plangebied van toepassing zijn, kent de gemeente Den Haag een aantal parapluherzieningen die op heel het gemeentelijke grondgebied van toepassing zijn en die door dit bestemmingsplan voor wat betreft het plangebied worden vervangen: a. Parapluherziening (fiets) parkeren, vastgesteld 20 september 2018, geheel onherroepelijk 16 december 2018, waardoor actuele (fiets)parkeernormen in vigerende plannen worden gehanteerd. b. Parapluherziening Staat van Bedrijfsactiviteiten, vastgesteld op 20 december 2018 en onherroepelijk geworden op 16 april 2019. PROCEDURE Vooroverleg Op 6 december 2021 is het concept van het ontwerpbestemmingsplan in het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1. Bro toegestuurd aan overlegpartners, waaronder de Provincie Zuid-Holland, het Hoogheemraadschap van Delfland, Rijkswaterstaat, de bewonersorganisaties en overige bij het plan betrokken instanties.

3/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Inspraak Bij besluit, d.d. 19 december 2023, kenmerk DSO/10416178, heeft het college besloten het ontwerpbestemmingsplan ter inzage te leggen zoals voorgeschreven in artikel 3.8 Wro en afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Terinzagelegging ontwerpbestemmingsplan Op 28 december 2023 is de kennisgeving van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan toegestuurd aan overlegpartners, waaronder de Provincie Zuid-Holland, Rijkswaterstaat, het Hoogheemraadschap van Delfland, de bewonersorganisaties en overige bij het plan betrokken instanties. Daarnaast zijn de strandexploitanten en andere belanghebbenden door middel van een mailing geïnformeerd over de terinzagelegging van het bestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan Strand Den Haag is nog vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet (d.d. 1 januari 2024) op grond van artikel 3.8 Wet ruimtelijke ordening met inachtneming van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, gedurende zes weken ter inzage gelegd. De termijn van terinzagelegging was van 29 december 2023 tot en met 8 februari 2024. Op 8 januari en 11 januari 2024 waren voor het ontwerpbestemmingsplan inloopbijeenkomsten gehouden op locaties bij het Noorder- en Zuiderstrand. Het bestemmingsplan was in te zien op www.ruimtelijkeplannen.nl. Er zijn 32 zienswijzen ingediend. Aanpassen Verbeelding.

Nadat overigens het ontwerpbestemmingsplan ter inzage heeft gelegen is geconstateerd, dat de thans in uitvoering zijnde aanpassingen ter plaatse van de Middenboulevard, RIS308708, niet geheel correct op de Verbeelding (blad 1) zijn aangeduid. Om deze reden stellen wij u voor de van het bestemmingsplan deel uitmakende Verbeelding integraal gewijzigd vast te stellen, waartoe op de verbeelding ook de aanpassingen zijn verwerkt welke uw raad bij de onderstaande behandeling van de ingekomen zienswijzen wordt geadviseerd. Deze gewijzigde Verbeelding is als bijlage 1 en bestaande uit blad 1 en blad 2 aan dit voorstel gehecht. Overgangsrecht Omgevingswet Op grond van het overgangsrecht van de Omgevingswet blijft het oude recht van toepassing op de bestemmingsplannen, die voor de datum van inwerkingtreding van deze wet ter inzage zijn gelegd. Dat betekent dat de Wro op dit plan van toepassing blijft tot het bestemmingsplan onherroepelijk is. Het bestemmingsplan zal na vaststelling tezamen met alle andere geldende bestemmingsplannen en beheersverordeningen onderdeel gaan uitmaken van het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Het college biedt de raad hierbij het ontwerpbestemmingsplan ter vaststelling aan. Het plan bestaat uit de plankaart met kenmerk NL.IMRO.0518.BP0334ZStrand-40ON en regels, en gaat vergezeld van een toelichting. INGEKOMEN ZIENSWIJZEN Nr. 01. 02. 03. 04. 05. 06. 07.

Ra-nr. 10705117 10702320 10706024 10704547 10706044 10705257 10705374

Indiener zienswijze The Hague & Partners Stichting Leef met de Zee Strand Nederland – Completer Dienstverlening B.V. Strandtent Panama Beach Ondernemersvereniging Kijkduin VVS Zuiderstrand en VVS Scheveningen Kijkduin Strandhuisjes/Bang on the beach BV

4/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

08. 09. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17. 18. 19. 20. 21. 22. 23. 24. 25. 26. 27.

28. 10704011 29. 10704046 30. 10704507 31. 10705745 32. 10703989

10706004 10705858 10705133 10705220 10705771 10703988 10705357 10705280 10705327 10705802 10705988 10705733 10705843 10705091 10703991 10702300 10702283 10704002 10704004 10704004

Strandpaviljoen De Kwartel en KookAburra beach Strandpaviljoen Atthebeach Suiderstrand Strandtent 14 Kijkduin B.V. Beachclub LaParade Beachclub Birds Zanzibar beachclub Vereniging van Strandexploitanten Scheveningen VVS Stichting Buitengewoon Scheveningen Haagsche Kust Zeil Vereniging Strandpaviljoen La Cantina Rijkswaterstaat Strandpaviljoen De Staat Bomenstichting Den Haag Bewonersorganisatie Havenkwartier Stichting SOS Den Haag Hart Beach BV DVDW namens Beachclub Atlantis B.V. DVDW namens Kaily Beach B.V. FDJ Advocaten namens Paviljoen "De Golfslag" B.V., Paviljoen Day by Day B.V., GVZ2 B.V., en GVZ3 B.V., respectievelijk handelend onder de namen OCEANS Beach House, Paviljoen Day by Day B.V. en Miss Maui Beach House Strandpaviljoen Veronica B.V. Strandpaviljoen Zuid B.V. Provincie Zuid-Holland Stichting Duinbehoud en AVN Beachclub Zeezicht

Ontvankelijkheid zienswijzen De zienswijzen zijn tijdig ingekomen en voldoen aan de wettelijke eisen. Behandeling zienswijzen In het onderstaande zijn de ingekomen zienswijzen samengevat weergegeven. De volledige zienswijzen zijn als bijlage bij dit raadsvoorstel bijgesloten. 1. Ra 10705117 The Hague & Partners Adressant is van oordeel, dat voorafgaande aan dit bestemmingsplan de nieuwe strandnota vastgesteld dient te worden. Daarbij maakt zij bezwaar tegen het niet opnemen van de locaties op het strand, waarop in totaal 40 strandhuisjes zijn gevestigd. Hierbij wordt onder verwijzing naar het ten aanzien van deze strandhuisjes gevoerde besluitvormingstraject bepleit deze locaties alsnog in het voorliggende bestemmingsplan Strand op te nemen.

5/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Reactie: Wat betreft de noodzaak om thans tot de vaststelling van een nieuw bestemmingsplan over te gaan merken wij het volgende op. Het huidige bestemmingsplan Strand dateert uit 2008. Actualisering van dit plan is noodzakelijk geworden, omdat het niet meer in overeenstemming is met de huidige wet- en regelgeving en de juridische vormgeving niet goed aansluit bij het inmiddels in verschillende beleidsnota’s beschreven en verankerde beleid en raadsbesluiten van de gemeente ten aanzien van het strand. Zo sluit het huidige plan niet aan op sedert de vaststelling daarvan plaatsgevonden fysieke veranderingen als gevolg van de aanleg van de Morales Boulevard en nieuwe ontwikkelingen die voortvloeien uit de “Agenda De Kust Gezond” en de Strandnota 2017-2022 “Het strand is van iedereen”. Hierdoor is het huidige bestemmingsplan niet meer hanteerbaar als planologisch toetsingskader bij bijvoorbeeld omgevingsvergunningen als ook ingeval van handhaving. Voor zover toekomstig strandbeleid aanleiding zal geven tot het aanpassen van het thans ter vaststelling voorliggende bestemmingsplan zal dit met de mogelijkheden, die de Omgevingswet daartoe biedt, plaatsvinden. Betreffende de bezwaren tegen het niet opnemen van de strandhuisjes in het ontwerpbestemmingsplan merken wij het volgende op.

Naar aanleiding van een pilot in 2020 (RIS306954) is geconcludeerd dat de strandhuisjes een waardevolle aanvulling zijn op het toeristisch programma van het strand en de badplaats Kijkduin. Ze leveren direct en indirect een bijdrage aan de lokale economie. De strandhuisjes bevinden zich ten zuiden van de badplaats Kijkduin, conform de afgegeven vergunningen (kenmerk: 202006317/7864935) en (kenmerk: 202006371/7861538). Nadat de pilotperiode succesvol is verlopen is de plaatsing van veertig strandhuisjes op het strand toegestaan conform de uitgangspunten van het raadsbesluit “Plaatsing Strandhuisjes” (RV143/RIS252107). Op basis van de evaluatie van de pilotperiode is besloten dat het huidige aantal van veertig strandhuisjes niet verder mag worden uitgebreid. In de door de raad aangenomen motie (RIS318347) is besloten dat de veertig strandhuisjes worden opgenomen in het bestemmingsplan en de functie van strandhuisjes wordt bestendigd. Ter uitvoering van deze motie dient zowel de toelichting, als de regels en de verbeelding van het bestemmingsplan Strand Den Haag gewijzigd te worden vastgesteld.

Advies: Gelet op het voorgaande adviseert het college de gemeenteraad de zienswijze: voor zover deze betrekking heeft op het bezwaar dat met dit bestemmingsplan vooruitgelopen wordt op het nieuwe strandbeleid ongegrond te verklaren en; voor wat betreft de strandhuisjes de zienswijze gegrond te verklaren en hiertoe het ontwerpbestemmingsplan op de volgende onderdelen gewijzigd vast te stellen: Het bestemmingsplan als volgt gewijzigd vast te stellen: • in de toelichting: o In hoofdstuk 5.2.2, 5e alinea na speelvoorziening tevens te vermelden recreatiestrandhuisjes. o In hoofdstuk 5.2.2. aan 8e alinea toe te voegen: specifieke vorm van recreatie – strandhuisjes (sr-sth). o In hoofdstuk 5.3.1, 1e alinea na speelvoorzieningen tevens te vermelden strandhuisjes; o In hoofdstuk 5.3.1.5 de alinea toe te voegen, luidende: Daarnaast zijn er op het Zuiderstrand 40 strandhuisjes planologische vastgelegd. In paragraaf 5.3.5 wordt nader ingegaan op de strandhuisjes.

6/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Aan de toelichting toe te voegen paragraaf 5.3.5, luidende: In het bestemmingsplan Strand Den Haag zijn vier locaties van elk 10 strandhuisjes opgenomen, conform de afgegeven vergunningen. in de regels: o aan artikel 1 onder vernummering van de daaropvolgende leden toe te voegen: 1.96 strandhuisjes een voor een toeristische overnachting bestemd gebouw op het strand uitsluitend gedurende het badseizoen; o aan artikel 5.1 onder vernummering van de daaropvolgende leden toe te voegen: l. ter plaatse van de functieaanduiding specifieke vorm van recreatie – strandhuisjes (sr-sth) tevens strandhuisjes, uitsluitend gedurende het badseizoen ten behoeve van toeristisch overnachting; o aan artíkel 5.2 onder vernummering van de daaropvolgende leden toe te voegen: 5.2.5 Gebouwen – strandhuisjes Voor het bouwen van gebouwen in de vorm van strandhuisje, zoals aangeduid met de functieaanduiding specifieke vorm van recreatie – strandhuisjes (sr-sth) gelden de volgende aanvullende regels: a. de bruto vloeroppervlakte per strandhuisje mag maximaal 35 m2 zijn; b. de bouwhoogte van gebouwen ten behoeve van strandhuisjes en de hoogte van de overige bebouwing mag niet meet bedragen dan 4,50 meter; c. de onderlinge afstand tussen de strandhuisjes is minimaal 10 meter.

o Op de als bijlage bij dit voorstel gewijzigde verbeelding waarop met de aanduiding ‘sr-sth’ omkaderde bestemmingsvlakken aangeduid vast te stellen. o

•

2. Ra 10702320 Stichting Leef met de Zee Het in de zienswijze vervatte bezwaar richt zich tegen het niet in het ontwerpbestemmingsplan opnemen van de locaties op het strand, waarop in totaal 40 strandhuisjes zijn gevestigd. Hierbij wordt onder verwijzing naar het ten aanzien van deze strandhuisjes gevoerde besluitvormingstraject bepleit deze locaties alsnog in het voorliggende bestemmingsplan Strand op te nemen. Reactie: Ten aanzien van het bezwaar met betrekking tot het niet opnemen van de locaties waarop de strandhuisjes zijn gelegen wordt kortheidshalve verwezen naar de reactie vermeldt bij de zienswijze vermeld onder 1. Advies: het college adviseert de gemeenteraad overeenkomstig het bij de zienswijze vermeld onder 1. inzake de strandhuisjes voorgestelde, de zienswijze gegrond te verklaren. 03. 10706024 Strand Nederland – Completer Dienstverlening B.V. Het in de zienswijze vervatte bezwaar richt zich tegen het niet in het ontwerpbestemmingsplan opnemen van de locaties op het strand, waarop in totaal 40 strandhuisjes zijn gevestigd. Reactie: Kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie hierover vermeldt bij de zienswijze onder 1. Advies: Het college adviseert de gemeenteraad overeenkomstig het bij de zienswijze vermeld onder 1. inzake de strandhuisjes voorgestelde, de zienswijze gegrond te verklaren.

7/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

04. 10704547 Strandtent Panama Beach Door de specifieke situering van de exploitatiekavel waarop dit paviljoen is gesitueerd bestaat geen aanleiding een corridor van 5 meter ten behoeve van de vrije doorkijk naar zee aan te houden. Doordat de kavel grenst aan een strandtoegang van 5 meter breedte wordt verzocht de corridor te verminderen tot 2,5 m breedte. Voorts wordt verzocht de diepte van de toegestane bebouwing af te stemmen op de diepte van de kavels. Reactie: Doordat met inwilliging van deze verzoeken de uiteindelijke oppervlakte van het strandpaviljoen niet wijzigt bestaan hiertegen geen bezwaren. Een overeenkomstig besluit kan genomen worden met betrekking tot de watersportpaviljoens (artikel 5.2.3). Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze gegrond te verklaren en in de regels de volgende wijzigingen op te nemen: Artikel 5.2.1.k. Per strandpaviljoen dient ten behoeve van een vrije doorkijk naar zee ten minste aan een zijde van het paviljoen één strook van minimaal 5.00 meter breed, loodrecht op de zee lijn bebouwingsvrij te blijven en mogen geen gebouwen opgericht worden. Van deze verplichting kan het bevoegd gezag ontheffing verlenen indien op andere wijze reeds deze vrije doorkijk verzekerd is. In artikel 5.2.2 onder a. en 5.2.3 onder a. wordt de vermelde dieptemaat doorgehaald onder vernummering van de leden b. en c. in respectievelijk a. en b. 05.

10706044 Ondernemersvereniging Kijkduin Adressant is van oordeel, dat in het bestemmingsplan rekening moet worden gehouden met het opstellen van de nieuwe Strandnota. Voorts wordt bezwaar gemaakt tegen het in het ontwerpbestemmingsplan niet opnemen van de locaties waarop de strandhuisjes zijn gelegen. Reactie: Voorgesteld wordt ten aanzien van het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van het nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze vermeldt onder 1 te besluiten. Ten aanzien van het bezwaar met betrekking tot het niet opnemen van de locaties waarop de strandhuisjes zijn gelegen wordt kortheidshalve verwezen naar de reactie hierover bij de zienswijze vermeldt onder 1. Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze: Ten zien van het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van de nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze vermeldt onder 1. voorgestelde ongegrond te verklaren; Voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze vermeldt onder 1. voorgestelde, de zienswijze gegrond te verklaren. 06. 10705257 VVS Zuiderstrand en VVS Scheveningen Adressant maakt bezwaar tegen de in de regels van het bestemmingsplan opgenomen verplichting dat de diepte van strandpaviljoens maximaal 20 meter mag bedragen.

Daarnaast wordt bezwaar gemaakt tegen het niet in het bestemmingsplan opnemen van de strandhuisjes-locaties.

8/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Tevens doet appellant het dringende advies het bestemmingsplan niet eerder vast te stellen dan na een uitgebreide consultatie met alle betrokken bij de op te stellen nieuwe Strandnota. Reactie: Zoals hiervoor bij de zienswijze vermeldt onder 4. voorgesteld kan de verplichte dieptemaat van 20 meter vervallen. Wat betreft de strandhuisjes wordt kortheidshalve verwezen naar de reactie vermeldt bij de zienswijze onder 1. Inzake het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op de zienswijze onder 1. Advies: Voorgesteld wordt ten aanzien van deze zienswijze: voor zover deze betrekking heeft de verplichte dieptemaat van strandpaviljoens overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze onder 4. voorgestelde, de zienswijze gegrond te verklaren; voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze onder 1. voorgestelde de zienswijze ongegrond te verklaren. 07. 10705374 Kijkduin Strandhuisjes/Bang on the beach BV De zienswijze richt zich tegen het in het bestemmingsplan niet opnemen van de locaties van de strandhuisjes op het strand van Kijkduin. Reactie: Kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie vermeldt bij de zienswijze vermeldt onder 1. Advies: Voorgesteld wordt overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze onder 1.

voorgestelde, de zienswijze gegrond te verklaren. 08. 10706004 Strandpaviljoen De Kwartel en KookAburra beach Adressant maakt bezwaar tegen de in de regels van het bestemmingsplan opgenomen verplichting dat de diepte van strandpaviljoens maximaal 20 meter mag bedragen. Voorts verzoekt adressant de oppervlakte voor strandpaviljoens te verhogen tot 500m2. Tevens is adressant van mening, dat zijn strandpaviljoens (strand Zuid 7 en 6) niet goed staan weergegeven op de Verbeelding. Hij verzoekt daartoe de Verbeelding aan te passen. Tot slot is adressant van oordeel, dat voorafgaand aan de vaststelling van dit bestemmingsplan de nieuwe strandnota dient te worden vastgesteld. Reactie: Zoals hiervoor bij de zienswijze onder 4. voorgesteld kan de verplichte dieptemaat van 20 meter vervallen. Dit bestemmingsplan beoogt het planologisch toetsingskader te actualiseren. Eventuele verruiming van de bebouwingsmogelijkheden voor strandpaviljoens zal betrokken worden bij de in de loop van dit jaar op te stellen strandnota.

9/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Uit een nadere beoordeling is gebleken, dat de aanduidingen op de verbeelding van de genoemde strandpaviljoens in overeenstemming is met de feitelijke situatie. Inzake het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op de zienswijze onder 1. Advies: Voorgesteld wordt ten aanzien van deze zienswijze: voor zover deze betrekking heeft de verplichte dieptemaat van strandpaviljoens overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze onder 4. voorgestelde, de zienswijze gegrond te verklaren; het verzoek tot vergroting van de oppervlaktes van de strandpaviljoens ongegrond te verklaren en deze te betrekken bij de het opstellen van het nieuwe strandbeleid; het bezwaar wat betreft de weergave van de strandpaviljoens op de Verbeelding ongegrond te verklaren; voorgesteld wordt ten zien van het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van het nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze onder 1. voorgestelde, de zienswijze ongegrond te verklaren. 09. 10705858 Strandpaviljoen Atthebeach In de zienswijze wordt geduid dat de afmetingen en de situering van het strandpaviljoen van adressant op de Verbeelding niet in overeenstemming zijn met de werkelijke situatie. Daarnaast spreekt adressant zich uit over het z.i.

onterecht niet opnemen van de strandhuisjes in het bestemmingsplan. Tevens geeft hij aan, dat alvorens tot vaststelling van voorliggend bestemmingsplan kan worden overgegaan de strandnota dient te zijn vastgesteld. Reactie: Uit een nadere beoordeling is gebleken, dat de aanduiding op de verbeelding van het genoemde strandpaviljoen overeenkomstig de feitelijke situatie is. Inzake de strandhuisjes kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie vermeldt bij de zienswijze vermeldt onder 1. Wat betreft het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op zienswijze 1. Advies: Voorgesteld wordt ten aanzien van deze zienswijze: het bezwaar wat betreft de afmetingen en weergave van het strandpaviljoen op de Verbeelding ongegrond te verklaren; voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze 1. daaromtrent voorgestelde gegrond te verklaren; voorgesteld wordt ten zien van het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van het nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze 1. voorgestelde, ongegrond te verklaren.

10/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

10. 10705133 Suiderstrand Adressant geeft aan, dat alvorens tot vaststelling van voorliggend bestemmingsplan kan worden overgegaan de strandnota dient te zijn vastgesteld. Daarnaast spreekt hij zich uit over het z.i. onterecht niet opnemen van de strandhuisjes in het bestemmingsplan Voorts wordt geduid dat de afmetingen en de situering van het strandpaviljoen van adressant op de verbeelding niet in overeenstemming zijn met de werkelijke situatie. Reactie: Wat betreft het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op zienswijze 1. Met betrekking tot de strandhuisjes kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie vermeldt bij de zienswijze 1. Uit een nadere beoordeling is gebleken, dat de aanduiding op de verbeelding van zijn strandpaviljoen overeenkomstig de feitelijke situatie is. Advies: Voorgesteld wordt ten aanzien van deze zienswijze: het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van het nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze 1. daaromtrent voorgestelde ongegrond te verklaren; voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze 1.

voorgestelde het bezwaar gegrond te verklaren; het bezwaar wat betreft de afmetingen en weergave van het strandpaviljoen op de verbeelding ongegrond te verklaren. 11. 10705220 Strandtent 14 Kijkduin B.V. Adressant geeft aan, dat alvorens tot vaststelling van voorliggend bestemmingsplan kan worden overgegaan de strandnota dient te zijn vastgesteld. Daarnaast spreekt hij zich uit over het z.i. onterecht niet opnemen van de strandhuisjes in het bestemmingsplan Voorts wordt geduid dat de afmetingen en de situering van het strandpaviljoen van adressant op de verbeelding niet in overeenstemming zijn met de werkelijke situatie. Reactie: Wat betreft het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op de zienswijze 1. Met betrekking tot de strandhuisjes kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie vermeldt bij de zienswijze 1. Uit een nadere beoordeling is gebleken, dat de aanduiding op de Verbeelding van zijn strandpaviljoen overeenkomstig de feitelijke situatie is. Advies: Voorgesteld wordt het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van het nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze 1.

daaromtrent voorgestelde ongegrond te verklaren; Voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze 1. voorgestelde gegrond te verklaren;

11/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

-

Het bezwaar wat betreft de afmetingen en weergave van het strandpaviljoen op de verbeelding ongegrond te verklaren.

12. 10705771 Beachclub LaParade Adressant geeft dat de afmetingen en de situering van het strandpaviljoen van adressant op de Verbeelding niet in overeenstemming zijn met de werkelijke situatie. Voorts bepleit hij, dat alvorens tot vaststelling van voorliggend bestemmingsplan kan worden overgegaan de strandnota dient te zijn vastgesteld. Reactie: Uit een nadere beoordeling is gebleken, dat de aanduiding op de Verbeelding van zijn strandpaviljoen in overeenstemming met de feitelijke situatie is. Wat betreft het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op de zienswijze van The Hague & Partners. Advies: Voorgesteld wordt: Het bezwaar wat betreft de afmetingen en weergave van het strandpaviljoen op de verbeelding ongegrond te verklaren; Voorgesteld wordt ten zien van het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van het nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze 1. ongegrond te verklaren. 13. 10703988 Beachclub Birds Adressant geeft dat de afmetingen en de situering van het strandpaviljoen van adressant op de verbeelding niet in overeenstemming zijn met de werkelijke situatie.

Daarbij verzoekt hij om een aanpassing op de verbeelding voor zowel zijn strandpaviljoen als ook voor het exploitatievlak sba-ez20, waarmede een jaarrond exploitatie mogelijk wordt. Adressant geeft voorts aan, dat alvorens tot vaststelling van voorliggend bestemmingsplan kan worden overgegaan de strandnota dient te zijn vastgesteld. Daarnaast spreekt hij zich uit over het z.i. onterecht niet opnemen van de strandhuisjes in het bestemmingsplan. Reactie: Uit een nadere beoordeling is gebleken, dat de aanduiding op de verbeelding in overeenstemming met de feitelijke situatie is. Wat betreft het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op de zienswijze 1. Dit bestemmingsplan beoogt het planologisch toetsingskader te actualiseren. Eventuele verruiming van de exploitatiemogelijkheden voor strandpaviljoens zal betrokken worden bij de in de loop van dit jaar op te stellen strandnota. Met betrekking tot de strandhuisjes kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie vermeldt bij de zienswijze van 1.

12/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Advies: Voorgesteld wordt: het bezwaar wat betreft de afmetingen en weergave van het strandpaviljoen op de verbeelding ongegrond te verklaren; het verzoek tot verruiming van de exploitatiemogelijkheid van zijn strandpaviljoen af te wijzen en deze te betrekken bij de het opstellen van het nieuwe strandbeleid; voorgesteld wordt ten aanzien van het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van het nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze 1. voorgestelde ongegrond te verklaren; voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze 1. voorgestelde gegrond te verklaren. 14. 10705357 Zanzibar beachclub Adressant verzoekt de maatvoering van zijn strandpaviljoen te vergroten tot circa 400 m2, dit in verband met de te verwachten vergroting van zijn exploitatievlak na de renovatie van de Middenboulevard. Voorts vraagt hij een toelichting op de in artikel 5.2.1 onder k van de regels opgenomen bepaling, dat per strandpaviljoen ten minste aan een zijde van het paviljoen een strook van minimaal 5.00 meter breed, loodrecht op de zeelijn bebouwingsvrij moet blijven. Reactie: Dit bestemmingsplan beoogt het planologisch toetsingskader te actualiseren. Eventuele verruiming van de bebouwingsmogelijkheden voor strandpaviljoens zal betrokken worden bij de in de loop van dit jaar op te stellen strandnota.

De bebouwingsvrije strook van minimaal 5.00 meter breed beoogt het waarborgen van uitzicht vanaf de boulevard op het strand en de zee. Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze ongegrond te verklaren en reclamant te berichten dat het verzoek tot vergroting van de maatvoering van zijn strandpaviljoen betrokken zal worden bij de het opstellen van het nieuwe strandbeleid; de bebouwingsvrije strook beoogt het waarborgen van het uitzicht vanaf de boulevard op het strand en de zee. 15. 10705280 Vereniging van Strandexploitanten Scheveningen VVS Verzocht wordt de in de artikelen 5.2.2. onder a. en 5.2.3. onder a. aan de feitelijke situatie aan te passen. In deze artikelen is de diepte van de bebouwing van de horecapaviljoens en watersportpaviljoens bepaald op 20 meter. Adressant wijst erop, dat het aantal uitgegeven exploitatievlakken groter is dan op de verbeelding is weergegeven. Voorts bepleit adressant, met verwijzing naar zijn reactie in het vooroverleg een vergroting van de bouwvlakken, aangezien naar zijn oordeel de huidige maatvoering van respectievelijk 300 en 335m2 niet meer voldoet aan de eisen die het strand en de maatschappij aan de paviljoens vragen. Tevens wordt verzocht om een aanpassing van de aan de paviljoens aan de Midden- en Noordboulevard gestelde maximale bouwhoogte van 3.60 meter.

13/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Ten aanzien van de parking aan het Zwarte Pad wordt bepleit om met zonnepanelen tot een deels of geheel emissievrije parking te komen. Tot slot pleit adressant voor het in het bestemmingsplan opnemen van de strandhuisjes op Kijkduin. Reactie: Zoals voorgesteld bij de zienswijze 4. kan deze beperking van de bouwdiepte vervallen. Ten aanzien van de hoeveelheid exploitatievakken merken wij op, dat abusievelijk alleen de exploitatievlakken waarop strandpaviljoens staan op de Verbeelding zijn opgenomen. Hierdoor zijn eventueel samengevoegde exploitatievlakken, waarbij de bebouwing op één vlak geconcentreerd is, niet correct weergegeven. In de bij dit voorstel als bijlage 1 toegevoegde Verbeelding zijn deze onvolkomenheden aangepast. De voorstellen met betrekking tot het eventueel vergroten van de bebouwingsmogelijkheden, alsmede van het verduurzamen van de parking aan het Zwarte Pad zullen bij de nieuwe strandnota betrokken worden. Wat betreft de strandhuisjes verwijzen wij kortheidshalve naar onze reactie vermeld bij de zienswijze 1. Advies: Voorgesteld wordt: de zienswijze voor zover deze betrekking heeft de verlichte dieptemaat van strandpaviljoens overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze 4.

voorgestelde gegrond te verklaren; het bezwaar inzake de weergave van de exp0loitatievlakken gegrond te verklaren en daartoe in te stemmen met de op de bij dit voorstel behorende gewijzigde verbeelding; de suggesties wat betreft het vergroten van de bouwmogelijkheden met inbegrip van de bouwhoogte op het strand en het verduurzamen van de parking aan het Zwarte Pad te betrekken bij de nieuwe Strandnota; het bezwaar voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het daarover bij de zienswijze 1. voorgestelde gegrond te verklaren. 16. 10705327 Stichting Buitengewoon Scheveningen Adressante geeft aan, dat alvorens tot vaststelling van voorliggend bestemmingsplan kan worden overgegaan de strandnota dient te zijn vastgesteld. Daarnaast spreekt hij zich uit over het z.i. onterecht niet opnemen van de strandhuisjes in het bestemmingsplan Voorts pleit zij voor verruiming van het maximum bebouwingsoppervlakte voor de paviljoens in verband met gewijzigde omstandigheden en maatschappelijke wensen. Denk aan inpandige opslagverplichtingen of wensen tot aanleg van mindervalide-wc’s.

Ook de bouwhoogte op Midden- en Noordboulevard verdient naar haar mening aanpassing – en wel verhoging – vanwege de lopende en afgeronde renovatie van Middenboulevard respectievelijk Noordboulevard, waardoor de boulevard op plaatsen flink verruimd is en de oude argumentatie voor beperking van de hoogte achterhaald is.

14/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Tot slot constateert zij dat in de verbeelding meerdere malen sprake is van een aanduidingsvlak dat niet aansluit bij door de gemeente verhuurde exploitatievlakken met negatieve gevolgen voor de maximale bebouwingsoppervlakte (die is te klein). Dat zal grote negatieve gevolgen hebben voor de betreffende ondernemers. Zij verzoekt de aanduidingsvlakken in lijn te brengen met de aangeboden exploitatievlakken. Reactie: Wat betreft het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op de zienswijze 1. Ten aanzien van de strandhuisjes verwijzen wij kortheidshalve naar onze reactie daaromtrent vermeld bij de zienswijze 1. Inzake de exploitatievakken merken wij op, dat abusievelijk alleen de exploitatievlakken waarop strandpaviljoens staan op de van het ontwerpbestemmingsplan deel uitmakende verbeelding zijn opgenomen. Hierdoor zijn eventueel samengevoegde exploitatievlakken, waarbij de bebouwing op één vlak geconcentreerd is, niet correct weergegeven. In de bij dit voorstel als bijlage 1 toegevoegde verbeelding zijn deze onvolkomenheden aangepast. De voorstellen met betrekking tot het eventueel vergroten van de bebouwingsmogelijkheden, zullen bij de nieuwe strandnota betrokken worden.

Advies: Voorgesteld wordt: voor zover de zienswijze betrekking heeft op het bezwaar dat met dit bestemmingsplan vooruitgelopen wordt op het nieuwe strandbeleid ongegrond te verklaren; het bezwaar inzake de weergave van de exp0loitatievlakken gegrond te verklaren en daartoe in te stemmen met de op de bij dit voorstel behorende gewijzigde Verbeelding; de suggesties wat betreft het vergroten van de bouwmogelijkheden op het strand ongegrond te verklaren en te betrekken bij de nieuwe Strandnota; voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze van 1. voorgestelde gegrond te verklaren. 17. 10705802 Haagsche Kust Zeil Vereniging In verband met het verbeteren van de faciliteiten voor haar leden wordt verzocht het clubhuis uit te kunnen breiden met 60m2. In dit verband wordt een bevestiging gevraagd van de vraag of het maximaal toegestane metrage gelijk is aan dat van commerciële strandpaviljoens. Voorts wordt gewezen op de aanwezigheid van een parkingstellage voor catamarans in de periode van maart tot oktober en op het gebruik van een trekker om over het strand en door de duinen te rijden. Reactie: In de regels is in artikel 5.2.3 onder b. bepaald dat voor jaarrond watersportpaviljoens het maximum bebouwd oppervlak 500 m2 bedraagt, hetgeen gelijk is aan dat voor de jaarrond horecapaviljoens.

Een eventuele vergroting kan betrokken worden bij de op te stellen Strandnota. De parkingstellage voor der catamarans dient aangemerkt te worden als een bouwwerk, geen gebouw zijnde, waaromtrent in artikel 5.3 van de regels voorschriften zijn opgenomen. Hierin is onder meer bepaald, dat de maximumhoogte daarvan 4 meter mag bedragen.

15/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Het bestemmingsplan bevat geen regeling ten aanzien van het gebruik van een trekker op het strand. Wij zien ook geen aanleiding daartoe bepalingen op te nemen. Advies: Voorgesteld wordt: De suggesties wat betreft het vergroten van de bebouwing van adressant te betrekken bij de nieuwe Strandnota en het bezwaar ongegrond te verklaren; Reclamant overigens te informeren over de in het bestemmingsplan opgenomen bebouwingsmogelijkheden voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 18. 10705988 Strandpaviljoen La Cantina Adressant wijst erop, dat bij zijn strandpaviljoen ten onrechte op de Verbeelding niet de functieaanduiding is opgenomen, die een jaarrond exploitatie toestaat. Hij wijst erop, dat op de Verbeelding wel de maximaal toegestane bouwhoogte is vermeld, die geldt voor jaarrond-paviljoens. Reactie: Op 30 juni 2022 is door uw raad de motie ‘Jaarrond voor La Cantina’ (RIS 312756) aangenomen. Door ons college is u hieromtrent op 22 december 2022 bericht, dat wij de afdoening van deze motie willen betrekken bij de op te stellen strandnota. Hoewel abusievelijk op de verbeelding de maximale bouwhoogte is vermeld, die geldt voor jaarrondpaviljoens zien wij hierin geen aanleiding om terug te komen op dit voornemen.

Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze ongegrond te verklaren en adressant te berichten, dat bij de op te stellen Strandnota de motie ‘Jaarrond voor La Cantina’ (RIS312756) betrokken zal worden. 19. 10705733 Rijkswaterstaat Adressant verzoekt: in de toelichting op te nemen, dat Rijkswaterstaat als beheerder van de zee en het strand verantwoordelijk is voor het meegroeien van het kustfundament, waartoe zij ondermeer de zorg heeft voor het handhaven van de kustlijn en het in evenwicht houden van het kustfundament met de stijgende zeespiegel, door het suppleren van zand. Zij wijst er hierbij op dat vanwege het belang van de waterveiligheid en het onderhoud van het kunstfundament voor veel activiteiten een vergunningplicht of meldingsplicht geldt; in de regels artikel 10.1 gewijzigd vast te stellen, waartoe zij een tekstvoorstel doet; op de verbeelding deze dubbelbestemming te laten geleden voor het gebied van de duinvoet tot de zeewaartse gemeentegrens. Reactie: Met de voorstelde aanpassingen kan worden ingestemd. Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze gegrond te verklaren en daartoe: in de toelichting onder 3.2.1 bij “kustfundament” het navolgende toe te voegen: Rijkswaterstaat is beheerder van de zee en het strand binnen het plangebied en ziet toe op de waterveiligheid.

Specifiek voor de omgevingen van Scheveningen reikt deze bevoegdheid tot het gehele strandgebied, na en droog tot aan de duinvoet.

16/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

-

-

Rijkswaterstaat is verantwoordelijk voor het meegroeien van het kustfundament met de zeespiegelstijging en specifiek beheerder van het strand. Om de waterveiligheid te borgen suppleert Rijkswaterstaat zand op het strand en de vooroever. Om de waterveiligheid en het beheer te borgen mogen er geen activiteiten plaatsvinden die deze zaken in de weg staan. Rijkswaterstaat is ook verantwoordelijk voor de zorg voor het handhaven van de kustlijn en het in evenwicht houden van het kustfundament met de stijgende zeespiegel, door het suppleren van zand. Vanwege het belang van de waterveiligheid en het onderhoud van het kustfundament met zandsuppleties geldt er voor veel activiteiten in het kustfundament een vergunningplicht of meldingsplicht. De regels hiervoor zijn vastgelegd in het Waterbesluit en de Waterregeling, hetgeen onder de Omgevingswet valt onder Hoofdstuk 7 van het Bal. Dit betekent dat initiatieven geen nadelige invloed mogen hebben op de waterveiligheid van het zandige strand en het kustfundament. De afdeling Vergunningverlening van Rijkswaterstaat toetst dit aan de hand van de genoemde wetgeving en het Uitvoeringskader vergunningverlening kust 2021; in artikel 10.1 de leden a. tot en met e. als volgt gewijzigd vast te stellen: a. het in stand houden van de Basis kustlijn; b. het in stand houden van het kusfundament; c. de waterhuishouding; d. verkeer te water; e.

aanleg, beheer en onderhoud en verbetering van de hoofdwaterkering; op de verbeelding de dubbelbestemming ‘Waterstaat-Waterkering’ aan te duiden voor het gebied van de duinvoet tot de zeewaartse gemeentegrens.

20. 10705843 Strandpaviljoen De Staat Adressant geeft aan dat de afmetingen van zijn paviljoen op de Verbeelding niet in overeenstemming zijn met de werkelijke situatie. Adressant is voorts van mening, dat alvorens tot vaststelling van voorliggend bestemmingsplan kan worden overgegaan de strandnota dient te zijn vastgesteld. Daarnaast spreekt hij zich uit over het z.i. onterecht niet opnemen van de strandhuisjes in het bestemmingsplan. Reactie: Uit een nadere beoordeling is gebleken, dat de aanduidingen op de Verbeelding van zijn strandpaviljoen in overeenstemming met de feitelijke situatie is. Wat betreft het verzoek het vaststellen van dit bestemmingsplan op te schorten tot na de vaststelling van het nieuwe strandbeleid wordt kortheidshalve verwezen naar het daaromtrent vermelde in de reactie op de zienswijze 1. Met betrekking tot de strandhuisjes kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie vermeldt bij de zienswijze 1. Advies: het bezwaar wat betreft de weergave van de afmetingen van het strandpaviljoen op de Verbeelding ongegrond te verklaren; ten zien van het verzoek het bestemmingsplan eerst na vaststelling van het nieuwe strandnota vast te stellen overeenkomstig het bij de zienswijze 1. voorgestelde ongegrond te verklaren; voor wat betreft de strandhuisjes overeenkomstig het bij de zienswijze 1. Daaromtrent voorgestelde gegrond te verklaren.

17/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

21. 10705091 Bomenstichting Den Haag Adressant is van mening, dat voor de gedeelten van het strand, die zijn toegevoegd aan het Natuurnetwet Nederland (NNN) als natuur dienen te worden bestemd. Zij acht dit verwarrend met de Provinciale Verordening over NNN. Daarbij acht zij de lintbebouwing van 40 strandhuisjes op het Zuiderstrand, de lintbebouwing ter hoogte van het gebied Meijendel aan het Noorderstrand alsmede individuele strandpaviljoens een ernstige belemmering voor de winddynamiek. Zij verzoekt de strandbebouwing op ruime afstand van de gronden van de Vrijwaringszone te lokaliseren. De begrenzing van het strand ten opzichte van de duinvoet is verwarrend doordat het Hoogheemraadschap voor de duinvoet een andere definitie hanteert, waartoe zij een eenduidige definitie voorstelt. Zij doet daarbij voorstellen omtrent het verplaatsen van het hek dat deze grens markeert. Vanwege de klimaatverandering en de zeespiegelstijging alsmede ter voorkoming van overlast stelt adressant voor geen uitbreiding van de oppervlaktes van strandpaviljoens toe te staan, het aantal strandpaviljoens aan het Noorderstrand ter verminderen, bij de positionering van strandpaviljoens natuurlijke processen voorrang te verlenen, overlast van lawaai, brandstichting en vuurwerk te stoppen en acht zij jaarrondexploitaties, buiten het Scheveningse strand, ongewenst.

Voorts wordt verzocht de strandhuisjes op Kijkduin als pilot te bestemmen, waarbij aan het einde van de proefperiode daarvan geen verlenging zal plaatsvinden, alsmede de horeca in de strandpaviljoens niet langer als categorie zwaar maar als licht te bestemmen, waarbij vuurwerk alsook vuurwerkshows en vreugdevuren worden verboden. Reactie: Onder verwijzing naar hoofdstuk 4.6.1 van de toelichting merken wij op, dat het bestemmingsplan Strand Den Haag geen ontwikkelingen mogelijk maakt, die effecten hebben op het Natura 2000gebied. Met deze actualisering ten opzichte van het voorafgaande bestemmingsplan worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt, anders dan vergunde ontwikkelingen waarbij de vergunningen getoetst zijn op de effecten van de omgeving en op Wnb vergunningen die zijn afgegeven. Gegeven het feit, dat daarmede sprake is van een conserverend bestemmingsplan zien wij geen aanleiding het strand op te delen in meerdere bestemmingen, zulks vanwege de aanduiding van delen van het strand als onderdeel van Natuurnetwerk Nederland. Het deels bestemmen van het strand voor recreatie en deels voor natuur leidt enkel tot een versnipperd kaartbeeld, temeer omdat bij beide bestemmingen gelijkluidende voorschriften gesteld worden.

Wij willen er geen onduidelijkheid over laten bestaan, dat dit bestemmingsplan feitelijk vast legt, waarvoor het strand al sinds mensheugenis gebruikt wordt, waarbij handhaving van de natuurlijke kwaliteit en kwantiteiten geborgd zijn. Omtrent het bestemmingsplan heeft uitvoerig overleg met het Hoogheemraadschap plaatsgevonden, hetgeen ertoe geleid heeft, dat het Hoogheemraadschap met voorliggend plan kan instemmen. Wij zien geen aanleiding bepalingen op te nemen inzake het verplaatsen van het hek dat de overgang van het strand naar de duinvoet markeert. Omwille van natuurlijke omstandigheden zal de scheiding van het strand met de duinvoet altijd fluctueren. Er bestaat geen dwingende aanleiding hieromtrent regels in het bestemmingsplan op te nemen.

18/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Aangaande de bezwaren tegen het in beperkte mate nog toestaan van het vergroten van een beperkt aantal strandpaviljoens achten wij dit niet bezwaarlijk, omdat dat niet zal leiden tot meer toeristen of dagjesmensen die naar het strandgebied zullen komen. Wat betreft de strandhuisjes verwijzen wij kortheidshalve naar onze reactie vermeld bij de zienswijze 1. Wij tekenen hierbij nog aan, dat de voor deze strandhuisjes verleende Wabo-vergunning niet van tijdelijke aard is. Het verlagen van de horecacategorie of anderszins beperken van de gebruiksmogelijkheden voor de horeca-strandpaviljoens sluit niet aan op het feitelijk gebruik daarvan en wordt ook niet gerechtvaardigd door klachten uit de nabijgelegen woonomgevingen. Advies: Gelet op hetgeen in bovenstaande reactie is vermeld stellen wij u voor de zienswijze ongegrond te verklaren. 22. 10703991 Bewonersorganisatie Havenkwartier Met het aanhalen van meerdere voorbeelden wordt benadrukt, dat sprake is van wollige taal en veel aanvullende regels en toelichtingen. De voorbeelden hebben overwegend betrekking op situaties en omstandigheden, die buiten het plangebied liggen. Reactie: Dat de bewonersorganisatie het taalgebruik in dit bestemmingsplan als wollig beoordeeld betreuren wij.

Hoewel wij ons inspannen een leesbaar document op te stellen kan er niet omheen gegaan worden, dat een bestemmingsplan, zeker wat betreft de regels een juridisch document is, dat aan wettelijke eisen dient te voldoen. Hierbij is het door de landelijke standaardisering en rechterlijke uitspraken noodzakelijk en verplicht om juridische teksten te gebruiken. Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze ongegrond te verklaren. 23. 10702300 Stichting SOS Den Haag Adressant is van mening, dat het in de reden ligt om, zoals bij het bestemmingsplan Koekamp, Malieveld en Haagse Bos, in afwachting van het toekomstig debat over de strandhuisjes, ter plaatse daarvan de oude bestemming te handhaven en een wijzigingsbevoegdheid op te nemen. Daarnaast mist zij in artikel 5 van het voorliggende bestemming de wel in het bestemmingsplan Strand uit 2009 opgenomen aanduiding duinen als ook het daarin vermelde streven tot behoud, herstel en/of ontwikkeling van natuurwetenschappelijke en landschappelijke waarden. Ook constateert zij dat de primaire bestemming waterkering is verdwenen, terwijl veel bestemmingen het bouwen buitendijks toestaan. Tevens ontbreekt een dynamische verwijzing naar het gemeentelijk reclamebeleid en acht zij ondergeschikte detailhandel niet duidelijk gedefinieerd.

Wat betreft artikel 7 van de Regels stelt zij de vraag of strekdammen geen bouwwerken, geen gebouw zijnde ten dienste van de waterkering.

19/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

Reactie: Met de inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet per 1 januari jl. houden wijzigingsbevoegdheden opgenomen in bestemmingsplannen van rechtswege op te bestaan. Het heeft dus geen zin in dit bestemmingsplan een wijzigingsbevoegdheid wat betreft de strandhuisjes op te nemen, aangezien van die wijzigingsbevoegdheid na inwerkingtreding van het bestemmingsplan geen gebruik kan worden gemaakt. Voorliggend bestemmingsplan kent de enkelbestemming Natuur-Duinen. In artikel 4 van de regels is geregeld, dat voor de voor deze bestemming aangewezen gronden onder meer bestemd zijn voor het behoud, herstel en/of de ontwikkeling van de natuurwetenschappelijke en de landschappelijke waarde. De bestemming Waterstaat-Waterkering is in artikel 10 als een zgn. dubbelbestemming opgenomen. Met deze regeling is ook naar het oordeel van Rijkswaterstaat en het Hoogheemraadschap van Delfland het belang van de bescherming van de in dat artikel in lid 1 benoemde functies adequaat verzekerd. Het reclamebeleid is ons inziens voldoende geregeld in de APV. Wij zien dan ook geen meerwaarde ook in voorliggend bestemmingsplan hieromtrent bepalingen op te nemen. De kritiek op de definiëring van ondergeschikte detailhandel delen wij niet.

De hierover in de begripsomschrijving opgenomen definitie (artikel 1.70 van de Regels) betreft een standaardredactie, die welhaast in alle bestemmingsplannen is opgenomen en die in de praktijk handhaafbaar is. De in de zienswijze aangehaalde strekdammen zijn benoemd als golfbrekers geregeld in artikel 10.1 onder b. Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze ongegrond te verklaren. 24. 10702283 Hart Beach BV In de zienswijze wordt bepleit, dat jaarrond paviljoens een deel van hun terras tot maximaal150 m2 met een duurzame constructie mogen overkappen, waardoor beter kan worden ingespeeld op de wisselende weersomstandigheden en het bieden van meer comfort aan de gasten. Reactie: Vooropgesteld zij, dat dit bestemmingsplan beoogt het uit 2008 daterende vigerende bestemmingsplan in overeenstemming te brengen met de huidige wet- en regelgeving, waarbij tevens sedert de vaststelling van dat plan vastgestelde gemeentelijke beleidsdocumenten een juridische verankering te bieden. Zo is, op basis van de “Agenda De Kust Gezond” en de Strandnota 2017-2022 “Het strand is van iedereen” een regeling opgenomen voor zeven jaarrond strandpaviljoen, waarbij de oppervlakte van de paviljoens vergroot is tot 500m2. Met deze vergroting is al tegemoetgekomen aan de door adressant aangevoerde argumenten. Advies: Voorgesteld wordt de zienswijze ongegrond te verklaren.

20/31

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10835665

25. 10704002 DVDW namens Beachclub Atlantis B.V. In de zienswijze wordt bericht, dat het bebouwingspercentage bij de kavels van dit strandpaviljoen onjuist is, waarbij ook de toegestane diepte ten onrechte beperkt is. Daarnaast is adressant van mening, dat de maximaal toegestane bouwhoogte onwenselijk laag is en bepleit hij het opbouwen jaarlijks vanaf 1 februari toe te staan en het hoofdgebouw in de winterperiode te kunnen laten staan. Reactie: Uitgaande van het feit, dat adressant 2 aaneengesloten kavels exploiteert is de op de Verbeelding vermelde maatvoering inderdaad onvoldoende. Het uitgangspunt is dat op dit deel van het strand per exploitatievlak 300 m2 bebouwing is toegestaan. Onder verwijzing naar ons reactie op een overeenkomstig bezwaar in de zienswijze 4. kan de beperking van de dieptemaat vervallen Met betrekking tot de bouwhoogte verzoekt adressant een verruiming tot 4.50 m. Vanwege het behoud van het zicht vanaf de boulevard op zowel het strand als de zee achten wij dit niet gewenst. De huidige regeling wat betreft de opbouw van strandpaviljoens als ook het jaarlijks gedurende de winterperiode verwijderen van de bebouwing vindt zijn grondslag in het keur van het Hoogheemraadschap van Delfland. In het kader van de nieuwe Strandnota zijn wij bereid hierover in overleg te treden met het Hoogheemraadschap.

Advies: Voorgesteld wordt ten aanzien van deze zienswijze te besluiten: Het bezwaar inzake de weergave van de exp0loitatievlakken gegrond te verklaren en daartoe in te stemmen met de op de bij dit voorstel behorende gewijzigde Verbeelding; Voor wat betreft de verplichte dieptemaat van strandpaviljoens overeenkomstig het hieromtrent bij de zienswijze 4. voorgestelde gegrond te verklaren Het bezwaar tegen de bouwhoogte ongegrond te verklaren; De bezwaren tegen de het verplichte op en afbouwen van de seizoengebonden strandpaviljoens ongegrond te verklaren. 26. 10704004 DVDW namens Kaily Beach B.V. In de zienswijze wordt bericht, dat het bebouwingspercentage bij de kavels van dit strandpaviljoen onjuist is, waarbij ook de toegestane diepte ten onrechte beperkt is. Daarbij is onduidelijk of artikel 5.2.1. sub e of sub 9 op haar exploitatievlakken van toepassing is. Daarnaast is adressant van mening, dat de maximaal toegestane bouwhoogte onwenselijk laag is en bepleit hij het opbouwen jaarlijks vanaf 1 februari toe te staan en het hoofdgebouw in de winterperiode te kunnen laten staan. Reactie: Uitgaande van het feit, dat adressant twee aaneengesloten kavels exploiteert is de op de verbeelding vermelde maatvoering inderdaad onvoldoende. Onder verwijzing naar ons reactie op een overeenkomstig bezwaar in de zienswijze 4.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15310176/1