20241128-RIS319781 Geamendeerd voorstel van het college inzake Vaststelling bestemmingsplan Plesmanweg 1-6
Tekst van het document
Datum
Registratienummer
3 september 2024
DSO/10770250 RIS319781
Geamendeerd voorstel van het college inzake Vaststelling bestemmingsplan Plesmanweg 1-6 INLEIDING Bij raadsmededeling van 12 december 2023 (DSO/10380336 - RIS317247) is aan de raad toegezonden het ontwerp-bestemmingsplan Plesmanweg 1-6. Coördinatieregeling Om de herontwikkeling van de locatie planologisch mogelijk te maken zal, met toepassing van de Coördinatieverordening Den Haag 2018 (RIS300137), een nieuw bestemmingsplan worden vastgesteld onder gelijktijdige afstemming met de af te geven omgevingsvergunningen en een beschikking ontheffing hogere grenswaarden Wet geluidhinder. Daarnaast is de Crisis- en herstelwet van toepassing. Het ontwerp-bestemmingsplan, de ontwerp-omgevingsvergunningen en de ontwerpbeschikking ontheffing hogere grenswaarden hebben van 15 december 2023 tot en met 25 januari 2024 voor eenieder ter inzage gelegen. Begrenzing van het plangebied Het plangebied ligt in het Stadsdeel Scheveningen, in de wijk Westbroekpark en Duttendel (buurt Duttendel) van de gemeente Den Haag. Schuin tegenover het plangebied ligt Madurodam. Aan de noord- en oostkant van het plangebied ligt een woonwijk behorende bij Duttendel. Het plangebied wordt globaal begrensd door de Plesmanweg, Badhuisweg en het Hubertuspark en ligt ingeklemd tussen diverse groenzones, sportparken en een villawijk. Aanleiding voor het bestemmingsplan Plesmanweg B.V.
is eigenaar van de gronden behorende bij de Plesmanweg 1 - 6 te Den Haag. In 2018 is aan Plesmanweg B.V. een omgevingsvergunning verleend om het monumentale pand op het terrein te transformeren naar de functies wonen (waaronder starterswoningen), logies, kantoor en een sportschool c.q. fitness. Naast de transformatie van het monument (reeds in uitvoering) is Plesmanweg B.V. voornemens het achtergelegen kantoorpand, De Saxofoon, te slopen en daarvoor in de plaats drie woongebouwen te realiseren. Het vigerende bestemmingsplan "Duttendel" voorziet niet in de bouw van de drie woongebouwen. Om de beoogde ontwikkeling planologisch juridisch mogelijk te maken is een nieuw bestemmingsplan opgesteld. Het nieuwe bestemmingsplan maakt het mogelijk om ter plaatste van het te slopen gebouwencomplex ‘De Saxofoon’ de ontwikkeling van maximaal 157 appartementen te realiseren. Doel van het bestemmingsplan Het doel van het bestemmingsplan Plesmanweg 1-6 is:
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
• het vastleggen van de bestaande en toekomstige ruimtelijke structuur in een juridisch-planologisch kader; • het mogelijk maken van de ontwikkelingen ter plaatse van 'de Saxofoon': het voormalige kantoorgebouw op het achter terrein. Woonprogramma Op 6 december 2016 is ten behoeve van de door het Rijks Vastgoed Bedrijf beoogde verkoop van het voormalige ministerie van I&M door de gemeente een Nota van Uitgangspunten vastgesteld (RIS29810). In de Nota van Uitgangspunten is geen verplichting opgenomen om een sociaal programma te realiseren noch dat dit dient plaats te vinden door een toegelaten instelling. Ook is er geen verplichting ten aanzien van de realisatie van middenhuurwoningen. De afspraken dateren van voor de vaststelling van de woonagenda 2019-2023 en 2021-2023. De gemeente alsnog met de nieuwe eigenaar in overleg getreden over een te realiseren sociaal programma (Sturing betaalbare woningbouw in lopende projecten, RIS308642). Naar aanleiding van dit overleg zijn alsnog 63 sociale huurwoningen gerealiseerd in het monumentale bouwdeel die voor een periode van minimaal 15 jaar onder de dan geldende liberalisatiegrens worden geëxploiteerd. Geldende planologische regelingen Het bestemmingsplan Plesmanweg 1-6 herziet gedeeltelijk het bestemmingsplan Duttendel, vastgesteld op 11 juni 2009 en onherroepelijk geworden op 5 januari 2011.
Participatie In totaal hebben in de afgelopen periode (2017 tot heden) vier informatieavonden plaatsgevonden, waarbij omwonenden en belangstellenden iedere keer zijn geïnformeerd over de plannen, er gelegenheid was tot het stellen van vragen en het leveren van input op het (stedenbouwkundig) plan. Naast deze bewonersavonden vond er tussen initiatiefnemer en de zogeheten Plesmancommissie overleg plaats (zie ook paragraaf 8.2.5 van deze toelichting). Voorgaande heeft geleid tot diverse aanpassingen in het plan en heeft uiteindelijk geresulteerd in het plan waarvoor onderhavig bestemmingsplan het juridisch-planologisch kader biedt. De omgeving is verder door initiatiefnemer op de hoogte gehouden door nieuwsbrieven over de ontwikkeling. In iedere nieuwsbrief werd men op de hoogte gesteld van de stand van zaken van het plan. Daarnaast is er diverse malen een uitnodiging opgenomen voor inloopdagen in het monumentale pand in het plangebied. PROCEDURE Vooroverleg Op 8 juli 2020 is het concept van het ontwerp-bestemmingsplan in het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1. Bro toegestuurd aan overlegpartners, waaronder de Provincie Zuid-Holland, het Hoogheemraadschap van Delfland, Rijkswaterstaat, de bewonersorganisaties en overige bij het plan betrokken instanties. Inspraak Bij besluit van burgemeester en wethouders, d.d.
5 december 2023, RIS317246, heeft het college besloten het ontwerp-bestemmingsplan ter inzage te leggen zoals voorgeschreven in artikel 3.8 Wro en afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Terinzagelegging ontwerp-bestemmingsplan Op 14 december 2023 is de kennisgeving van de terinzagelegging van het ontwerp-bestemmingsplan toegestuurd aan overlegpartners, waaronder de Provincie Zuid-Holland, Rijkswaterstaat, het
2/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
Hoogheemraadschap van Delfland, de bewonersorganisatie en overige bij het plan betrokken instanties. Het ontwerp-bestemmingsplan, de ontwerp- omgevingsvergunningen en de ontwerp-beschikking ontheffing hogere grenswaarden hebben van 15 december 2023 tot en met 25 januari 2024 ter inzage gelegen. Het bestemmingsplan was in te zien op www.ruimtelijkeplannen.nl. Op woensdag 10 januari 2024 is een informatiebijeenkomst gehouden voor het bestemmingsplan. Er zijn 8 zienswijzen ingediend. Overgangsrecht Op grond van het overgangsrecht van de Omgevingswet blijft het huidige recht van toepassing op de bestemmingsplannen, die voor de datum van inwerkingtreding van deze wet ter inzage zijn gelegd. Dat betekent dat de huidige Wro op dit plan van toepassing blijft tot het bestemmingsplan onherroepelijk is. Het bestemmingsplan zal na vaststelling tezamen met alle andere geldende bestemmingsplannen en beheersverordeningen onderdeel gaan uitmaken van het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Het college biedt de raad hierbij het ontwerp-bestemmingsplan ter vaststelling aan. Het plan bestaat uit de plankaart met kenmerk NL.IMRO.0518.BP0352DPlesmanweg-40ON en regels, en gaat vergezeld van een toelichting. INGEKOMEN ZIENSWIJZEN Nr. 01. 02. 03. 04. 05. 06. 07. 08.
Ra-nr. 10684381 10690338 10690359 10690508 10690567 10690608 10690621 10690471
Indiener zienswijze Belanghebbende Belanghebbenden Belanghebbende Wijkvereniging Duttendel Wittebrug Belanghebbende Belanghebbenden Algemene Vereniging voor Natuurbescherming Bomenstichting Den Haag
Ontvankelijkheid zienswijzen De zienswijzen zijn tijdig ingekomen en voldoen, behalve zienswijze 1, aan de wettelijke eisen. Zienswijze 1. is niet ondertekend en voldoet hierdoor niet aan de wettelijke vereisten. Indiener is in de gelegenheid gesteld het verzuim bij de ondertekening van de zienswijze te herstellen, en heeft hier gebruik van gemaakt. Het verzuim zal niet tegen indiener gebruikt worden. Behandeling zienswijzen Coördinatieprocedure Voordat inhoudelijk op de beantwoording van de ingekomen zienswijzen wordt ingegaan volgt eerst een nadere toelichting en uitleg op de werkwijze in relatie tot de gevoerde coördinatieprocedure op grond van artikel 3.30 Wet ruimtelijke ordening (Wro). De gemeentelijke coördinatieregeling maakt het mogelijk om een procedure voor benodigde vergunningen gelijktijdig op te laten lopen met de procedure van het bestemmingsplan. Met de coördinatieregeling worden de betrokken besluiten gezamenlijk voorbereid en gelijktijdig bekendgemaakt. Ook vindt bundeling van rechtsbescherming plaats zodat kan worden volstaan met
3/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
het indienen van één zienswijze tegen één of meer van de gecoördineerde besluiten. Hierdoor kan de besluitvorming efficiënter, sneller en meer inzichtelijk plaatsvinden. Initiatiefnemer heeft in deze procedure verzocht om de volgende procedures te coördineren: het ontwerpbesluit tot het verlenen van hogere grenswaarden voor geluid op basis van de Wet Geluidhinder (Wgh) het ontwerpbesluit tot vaststelling van het bestemmingsplan op basis van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) de ontwerpbesluiten tot het verlenen van de omgevingsvergunningen op grond van de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsvergunning (Wabo). Op het ontwerpbesluit hogere grenswaarden zijn geen zienswijzen ingediend en het besluit is overeenkomstig het bepaalde in de Wgh en Wro en voorafgaande aan de vaststelling van het bestemmingsplan door de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH), namens het college, verleend. In dit raadsvoorstel is ter kennisgeving dit concept besluit bijgesloten (zie bijlage 2). Zienswijzen De bij de gemeente ingekomen zienswijzen hebben zowel betrekking op het ontwerp-bestemmingsplan waartoe uw raad is bevoegd en op de ontwerpbesluiten voor de omgevingsvergunningen waartoe het college is bevoegd.
De (onderdelen van) zienswijzen, welke zich specifiek richten tegen de ontwerpbesluiten omgevingsvergunningen, worden inhoudelijk behandeld in de ontwerpbesluiten van de omgevingsvergunningen en het voorstel tot besluitvorming hiertoe. Het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning zal plaatsvinden eerst nadat uw raad over het voorliggende bestemmingsplan tot vaststelling heeft besloten. In de hiernavolgende behandeling van de ingekomen zienswijzen tegen het ontwerp-bestemmingsplan wordt, waar dat aan de orde is, dan ook verwezen naar de beantwoording in de ontwerpbesluiten van de omgevingsvergunningen. Vervolgprocedure Nadat in de aangegeven volgorde en over alle benodigde te coördineren besluiten is besloten vindt er publicatie plaats met een gezamenlijke termijn tot tervisielegging van zes weken van de betreffende stukken waardoor voor alle besluiten en op grond van artikel 3.32 Wro er een gecoördineerde beroepsmogelijkheid openstaat bij de Raad van State. 1.
Ra 10684381
Belanghebbende
De volledige zienswijze is als bijlage bij dit raadsvoorstel bijgesloten. Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: a. Zienswijze I went to the inloopavond on January 10 and found there was a lack of information on the construction project. I am concerned about the increase in traffic that the construction would cause. My house already shakes due to the buses and trucks that do not respect the 30km limit. Reactie:
4/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
In de voorschriften bij de omgevingsvergunning is onder meer opgenomen dat beschadiging van belendingen en infrastructuur rondom het bouw- of sloopterrein voorkomen dient te worden. De bouwer is te allen tijde zelf verantwoordelijk voor de veilige uitvoering van bouwwerkzaamheden, waarbij schade aan de eigendommen van derden wordt voorkomen. Mocht er onverhoopt toch schade veroorzaakt worden, dan levert dat mogelijk een vordering op van de benadeelde partij op de partij die de schade heeft veroorzaakt, maar dat is een proces dat buiten de vergunning staat. Procedures omtrent schadeverhaal zijn een privaatrechtelijke aangelegenheid en kunnen niet in een omgevingsvergunning opgenomen worden. De Plesmanweg-Badhuisweg maakt geen onderdeel uit van de ontwikkeling Plesmanweg 1-6. De enige aanpassing aan de zijde van de Plesmanweg-Badhuisweg die betrekking heeft op deze ontwikkeling is de realisatie van een in-/uitrit ten behoeve van de parkeergarage onder blok F (het nieuwbouwblok gesitueerd tussen de Kwekerijvaart en de Badhuisweg, het meest linker blok van de drie nieuwbouwblokken). Deze in-/uitrit sluit aan ter hoogte van de Van Lennepweg op de plek van de huidige bushalte (richting kust). Deze bushalte dient ca. 40 meter te worden verplaatst in noordelijke richting.
In het kader van het programma Ruim baan voor de fiets (RIS 302960) is de PlesmanwegBadhuisweg opgenomen in het Uitvoeringsprogramma Ruim baan voor de fiets (RIS306923) als project ter verbetering van de Sterfietsroute Meijendel. In het kader van dat project, waarvan de uitwerking volgens de huidige planning start in 2024, wordt ook aandacht besteed aan het veiliger maken van de Plesmanweg-Badhuisweg en het veiliger aansluiten van de zijstraten. Hierbij merken wij nog het volgende op: reclamant is woonachtig aan de Badhuisweg en vreest een toename van de verkeersintensiteit op de Badhuisweg en vermindering van het woongenot dat naar haar mening al in de huidige situatie door zwaar verkeer wordt aangetast. Wij hebben kennisgenomen van deze zienswijze maar wij delen de zorgen van reclamant niet. De herontwikkeling van de locatie Plesmanweg 1-6 leidt tot een wijziging van de verkeersintensiteit, waarbij de nieuwe functies naar verwachting een extra intensiteit genereren van 667 voertuigen per weekdag etmaal. Er mag worden verondersteld, dat dit verkeer in principe uit personenvoertuigen en niet uit zwaar verkeer bestaat, waardoor het woongenot van reclamant door de veranderende situatie niet significant zal wijzigen. b. Zienswijze It is also difficult to cross the street to reach the Klatteweg.
An increase in residents and their vehicles in the street thus increases these stresses. Hence, I would suggest that you resolve this issue (installing a speed camera and a zebra crossing) in due course. Reactie: In het mobiliteitsonderzoek (Parkeerkundige en verkeerskundige toets Plesmanweg 1-6), zie bijlage 25 bij het ontwerp bestemmingsplan, is de impact van de ontwikkeling op het omliggende wegennet beoordeeld (paragraaf 4.9.3 van de toelichting en verder). Berekend is dat in de huidige situatie ongeveer 379 motorvoertuigen per etmaal via de Badhuisweg gaat en dat dit toeneemt naar 638 motorvoertuigbewegingen per etmaal wanneer de ontwikkeling gereed is. Het verkeerskundig bureau merkt hierbij op dat de omliggende wegen dusdanig zijn vormgegeven (met fietspaden of fietsstroken) dat een eventuele (lokale) toename van verkeersbewegingen op een verkeersveilige wijze verwerkt kan worden (p.15).
5/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
Het plaatsen van snelheidscamera's is geen taak van de gemeente maar van het Openbaar Ministerie. De gemeente is in gesprek met het Openbaar Ministerie voor het uitbreiden van het aantal snelheidscamera's in de stad. Daarbij wordt vooral ingezet op die locaties in de stad waar aantoonbaar veel (letsel)ongevallen gebeuren, de snelheid veel hoger ligt dan wenselijk en/of waar sprake is van veel roodlichtnegatie (door rood rijden). De Badhuisweg, ter hoogte van de Klatteweg, behoort niet tot de locaties die in aanmerking komen voor een snelheidscamera. Deze locatie overschrijdt niet de grenswaarden met betrekking tot de maximum toelaatbare snelheid en het aantal (letsel)ongevallen op grond waarvan het Openbaar Ministerie bepaalt of er een snelheidscamera kan worden geplaatst. De gemeente hanteert voor het aanbrengen van een zebrapad beleidsuitgangspunten uit de beleidsnota Zebra (RIS119589). Indien het beslissingsdiagram zebra's, zoals opgenomen in deze beleidsnota wordt gevolgd wordt de aanleg van een zebra over de Badhuisweg ter hoogte van de Klatteweg vanwege het bochtige verloop van de Badhuisweg afgeraden. Daarnaast is het de verwachting dat op deze locatie slechts beperkt zal worden overgestoken. Gelet op het voorstaande zien wij geen aanleiding voor het plaatsen van een snelheidscamera en het aanleggen van een zebrapad. c.
Zienswijze Similarly, it is already difficult to find parking. As I understand, there will be a parking garage for the residents of the new buildings and that they will not get a permit to park on the badhuisweg nor for their guests, I would like this to be confirmed. It is not clear how it would work for the short stay part of the building. Reactie: In de huidige situatie zijn, vanwege de sloop- en bouwwerkzaamheden in het plangebied, tijdelijke parkeervergunningen uitgegeven. In de eindsituatie worden deze tijdelijke parkeervergunningen ingetrokken en worden er geen parkeervergunningen buiten het plangebied uitgegeven. Parkeren vindt dan enkel op eigen terrein plaats. In het plangebied is daarnaast op basis van de geldende gemeentelijke Nota Parkeernormen in voldoende mate voorzien in parkeerplaatsen voor zowel bewoners als bezoekers van de functies in het plangebied, waaronder ook voor short stay. d. Zienswijze Finally, I strongly disagree with the plan to fell 72 trees with the circumferences 35-261cm. Such a number of trees and with those circumferences, suggests that some are quite large and thus old. It goes without saying that cutting down trees damages the ecosystem, which could impact the Groencentrum, and of course contributes to greenhouse gas emissions.
Reactie: Geconstateerd kan worden dat de buitenruimte rond het Plesmanweg-complex verschillende groenelementen omvat. Hiertoe behoren inderdaad ook bomen die voor de planrealisatie gekapt zullen moeten worden. Bij de beoordeling van de omgevingsvergunning ten aanzien van de activiteit ‘Kappen’ wordt in zijn totaliteit gekeken naar de waarde van de bomen in relatie tot het belang van de
6/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
aanvrager/ontwikkeling. In dat kader wordt opgemerkt dat de bomen, waarvoor een kapvergunning is aangevraagd in een kantoor- danwel verkeersbestemming zijn gelegen. Als zodanig maken zij geen deel uit van een ecosysteem, dat door een natuur-, bos- of groenbestemming wordt beschermd. In relatie tot de hoofdgroenstructuur langs de Kwekerijweg en de St. Hubertusweg hebben de bomen een perifere ligging en zal het functioneren van de aangrenzende natuurbestemmingen niet significant verslechteren; noch in termen van soortenbescherming noch in termen van CO2 - of andere emissiebalansen. Inzet van de gemeente is een planrealisatie waarbij de thans in principe verharde buitenruimte van het kantorencomplex een groene herinrichting ondergaat. Onderdeel hiervan is de herplant van bomen, maar ook de realisatie van overige flora, die voor een duinachtige omgeving als kenmerkend kan worden beschouwd. Op deze manier kan de groenstructuur uit de aangrenzende natuurbestemmingen binnen de projectlocatie een passende voortzetting en verruiming ondergaan. Aan de omgevingsvergunning voor het kappen van de bomen is daarnaast de plicht verbonden voor de herplant van 90 bomen. De bomen dienen herplant te worden in het eerstvolgende plantseizoen (van november tot en met april), na het kappen van de bomen bij bouw en na realisatie van het bouwplan.
De herplant dient te worden uitgevoerd conform het herplantplan ‘Kapvergunning Fase 2 Plesmanduin’ van 21 juni 2022 opgesteld door Deltavormgroep. Door de herinrichting van het projectplan wordt een groot deel van het aanwezige bosplantsoen vervangen door individuele bomen die een hoge ecologische waarde vertegenwoordigen. Daarnaast is de bomenbalans in ‘absolute getallen’ ook positief omdat er 72 bomen worden gekapt en er 90 bomen voor worden terug geplant. Van het permanent verdwijnen van groen is dan ook geen sprake. Op termijn zal de groenstructuur dan ook tot op zekere hoogte versterkt worden en in ieder geval niet verslechterd. e. Zienswijze Lastly, with the current trend in temperature increases in the summer, urban areas need trees to help prevent heatwaves and cool down cities. As written in The Hague's Memorandum for Sustainability: 'The Hague wants to remain an attractive city, and green is an important part of this. Our intention is to further enhance the quality of The Hague's green’. For these reasons, I urge the municipality of The Hague to find a way not to cut those trees. Reactie: Een omgevingsvergunningaanvraag voor het kappen van bomen wordt enkel verleend indien hiervoor voldoende noodzaak bestaat.
Het aantal te realiseren parkeerplaatsen, waarvoor de bomen gekapt moeten worden, is vastgesteld op basis van de daarvoor geldende gemeentelijke Nota Parkeernormen. De keuze voor het realiseren van een halfverdiepte parkeergarage, waardoor het parkeren zoveel mogelijk aan het zicht wordt onttrokken, is ingegeven vanuit de voor dit plan geldende Nota van uitgangspunten (vastgesteld door de gemeenteraad), alsmede de benodigde goedkeuring van welstand voor de voorgenomen ontwikkeling. Dit is in de ontwerpbeschikking voor het kappen van de bomen toegelicht op (onder meer) pagina 6. Ook is onderbouwd wat maakt dat er geen alternatieven zijn voor het realiseren van de parkeergarage, waardoor de bomen behouden kunnen blijven. Met maatregelen zoals het realiseren van waterbuffers en de groene inrichting van het plangebied wordt een bijdrage geleverd aan het tegengaan van hittestress. Conclusie: De zienswijze heeft niet tot aanpassing van het bestemmingsplan geleid.
7/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
2.
Ra 10690338
Belanghebbendende
De volledige zienswijze is als bijlage bij dit raadsvoorstel bijgesloten. Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: a. Zienswijze 1. inleiding, volume en hoogte De ontwikkeling van de plannen voor de Plesmanduin nieuwbouw, zoals nu verwoord in het ontwerpbestemmingsplan en de ontwerp-omgevingsvergunning zijn tot stand gekomen met input van de Plesmancommisssie van Duttendel-Wittebrug Wijkvereniging (DWW), die daarvoor de gehele wijk geraadpleegd heeft en contact gehouden heeft met direct betrokkenen, zoals mijzelf. Het resultaat / compromis met een BVO van max 22000 m2 en kollosale torens van 31 m hoog (+NAP) is mijns inziens te groot om te passen bij de omgeving: de bebouwing komt naar het park toe en is significant hoger dan de Saxofoon, die het vervangt. Reactie: In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is intensief contact geweest met de Plesmancommissie, het bestuur van Duttendel Wittebrug Wijkvereniging (vertegenwoordigd door de Plesmancommissie) en overige omwonenden. Hiertoe zijn er diverse participatiebijeenkomsten georganiseerd. Er zijn diverse aspecten die geleid hebben tot aanpassingen van het plan. Uiteindelijk is – in overleg met de Plesmancommissie – besloten dat voor de drie nieuw te realiseren woongebouwen in beginsel een bouwhoogte van 28 meter + NAP geldt.
Ook is overeengekomen dat gebouw G (het middelste van de drie nieuwe gebouwen) een extra laag kan krijgen en gebouw H (het meest rechts gelegen gebouw van de drie nieuwe gebouwen) een verhoging ten behoeve van de techniek. De laatstgenoemde gebouwen zijn in het bestemmingsplan inderdaad voorzien van een extra laag; er is een maximum bouwhoogte van 31 meter aan toegekend. Hierdoor zijn de gebouwen gelijk aan het hoogste punt van het monument en daarmee wordt dan ook voldaan aan een van de gemaakte afspraken in het participatieproces. Erkend wordt dat de bebouwing van de beoogde drie solitaire nieuwbouwvolumes hoger is dan de oorspronkelijke kantoorbebouwing (bouwhoogte: circa 17 m). De waarneming van het nieuwe ensemble zal met name door de bouwhoogte van de onderste 7 bouwlagen van gebouw H worden bepaald, waarvan de bouwhoogte krap 25 m bedraagt. De bovenste bouwlagen van dit vastgoed worden immers als terugspringende bouwlagen vormgegeven en zijn daarom vanaf maaiveld slechts in beperkte mate en onder bepaalde kijkhoeken zichtbaar. Een dergelijke maatvoering wordt als passend beschouwd, ook al zal voor de hoogste bouwdelen een bouwhoogte van maximaal 31 m van toepassing zijn.
Hoewel het uitgangspunt bij grote ruimtelijke projecten als de voorliggende is om zoveel mogelijk draagvlak te creëren, is het onoverkomelijk dat een dergelijk project niet altijd op steun van alle omwonenden kan rekenen. Stedenbouwkundig gezien is de voorgenomen bouwhoogte echter aanvaardbaar. Waar gebouw G en H relatief vrij gepositioneerd zijn is gebouw F sterk gerelateerd aan de positie, richting en afmeting van de vleugels van het monument. Ook in volume-opbouw sluit gebouw F aan bij de oudbouw door het hoofdvolume te relateren aan de gootlijn van het monument, de daklagen transparanter uit te voeren en terug te leggen d.m.v. een set-back en de koppen te verjongen.
8/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
De gebouwen G en H vormen met hun alzijdige structuur een uitzondering hierop maar kennen in de uitwerking een heldere en sterke verwantschap met gebouw F, zodat het geheel een krachtig ensemble vormt. De posities liggen zoveel mogelijk binnen de enveloppe van de saxofoon en de afstanden tot de omliggende wegen zijn gelijk of groter dan voorheen. Daar komt bij dat aan de vaststelling van het bestemmingsplan een uitgebreide belangenafweging ten grondslag ligt. In die belangenafweging zijn de belangen van de toenemende Haagse woningbehoefte afgewogen tegen de ruimtelijke effecten van de voorgenomen ontwikkeling. Hierbij is onderzocht of het project past bij de bebouwing in de omgeving en sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Uit de onderzoeken is gebleken dat de ontwikkeling geen onaanvaardbare gevolgen heeft voor het woon- en leefklimaat van de omwonenden. b. Zienswijze Deze visie heb ik bij elke gelegenheid herhaald in de afgelopen jaren en zal geen verrassing zijn voor bouwer of Plesman commissie. Terwijl vrijwel de gehele bevolking van de wijk op afstand woont van de Saxofoon, ben ik de directe buurman en ervaar het ontwerp dus intenser en heb ik niet hetzelfde perspectief als het gemiddelde perspectief in de wijk. Reactie: Zie de reactie onder a c.
Zienswijze De ontwerpers van de Saxofoon hadden destijds vergelijkbare ontwerp dilemma’s als de huidige ontwikkelaar, om volume te creëren dat harmonieert met de omgeving, waar toen met de Saxofoon een veel kleiner bouwvolume uit kwam dan het huidige ontwerp met de 3 torens. Reactie: Zie de reactie onder a d. Zienswijze Het huidig ontwerp overschaduwt het park en het monument. In plaats van een aflopende lijn van monument via gebouwen naar park, die zowel Monument als Park laat uitkomen, ontstaat er nu een opstaande rand van gebouwen tussen monument en park. Reactie: Zie de reactie onder a. e. Zienswijze In discussie tussen ontwikkelaar, direct omwonenden en de Plesmancommissie is een maximum hoogte gesuggereerd van 27m+NAP voor de nieuwbouw, gerelateerd aan het lagere deel van het monument, om nog enigszins te voorkomen dat de nieuwbouw het monument zou overvleugelen. De ontwikkelaar heeft dat opgerekt tot 28m+NAP om toch een 8e verdieping te realiseren. Vervolgens is er nog een "hoogte accent" toegevoegd, wat een volledige verdieping is geworden op torens G&H naast het park, die nu tot 31m +NAP reiken, ruim boven vrijwel alle delen van het monument. Reactie: Zie de reactie onder a.
9/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
f. Zienswijze Mijns inziens zouden ook gebouwen G & H de maximum hoogte van 28m moeten eerbiedigen en dus een verdieping minder hoog moeten worden. Voor de geleidelijke overgang van monument naar park zou verdere reductie van de bouwhoogte nodig zijn. Reactie: Zie de reactie onder a. g. Zienswijze Als een van de weinige direct betrokkene bij gebouw H, zie ik nu een plan om een toren van 31m hoog en 33m breed naast mijn huis te plaatsen, wat te hoog en te groot is. Reactie: Zie de reactie onder a. h. Zienswijze 2. Uitrit Kwekerijweg/Hubertusweg op de Plesmanweg Een belangrijke uitrit van het Plesmanduin komt via de Kwekerijweg/Hubertusweg uit op de Plesmanweg. Dit is een lastige kruising, waar nogal eens bijna-ongelukken ontstaan. Door het extra verkeer van Plesmanduin ontstaat een situatie met meer risico op ongelukken, zeker voor het verkeer dat linksaf slaat richting Raamweg. Reactie: In het mobiliteitsonderzoek (Parkeerkundige en verkeerskundige toets Plesmanweg 1-6), zie bijlage 25 bij het ontwerp bestemmingsplan, is de impact van de ontwikkeling op het omliggende wegennet beoordeeld (paragraaf 4.1 van de toelichting en verder).
Het verkeerskundig bureau merkt in het onderzoek op dat de omliggende wegen dusdanig zijn vormgegeven (met fietspaden of fietsstroken) dat een eventuele (lokale) toename van verkeersbewegingen op een verkeersveilige wijze verwerkt kan worden (p.15). Gelet op het voorstaande zien wij geen aanleiding dat een toename van het verkeer leidt tot een situatie met nog meer risico op ongelukken, ook niet ter plaatse van de Raamweg. i. Zienswijze In discussie met vertegenwoordigers van ontwikkelaar en gemeente (bv. Tijdens bijeenkomst op 10 januari j.l.) krijg ik te horen dat er een verbetering zal komen, maar er wordt niets getoond en niemand weet wat de verbetering precies zal zijn. Reactie: Buiten deze ontwikkeling om wordt gewerkt aan een nieuw inrichtingsplan voor een deel van de Badhuisweg en een deel van de Plesmanweg. Deze maatregel c.q. verbetering houdt in dat de rijstrook voor autoverkeer en het fietspad op de Plesmanweg in de richting van Scheveningen worden uitgebogen om tussen de rijstroken voor autoverkeer op de Plesmanweg verkeerseilandjes aan te kunnen leggen. Autoverkeer, voetgangers en fietsers van en naar de Kwekerijweg kunnen de rijstroken en het fietspad daarmee gefaseerd oversteken. Deze maatregelen maken onderdeel uit van de anterieure overeenkomst tussen de gemeente en de ontwikkelaar en worden binnenkort separaat vrijgegeven voor inspraak.
10/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
j. Zienswijze Om te voorkomen dat de situatie onveiliger wordt zou mijns inzien een besluit over adequate herstructurering van dit verkeerspunt deel moeten uit maken van de omgevingsvergunning voor het realiseren van een in- of uitrit (Plesmanduin). Reactie: Gelet op de hiervoor gegeven reacties onder h. en i, hoeven eventuele besluiten over een herstructurering van de Plesmanweg – Badhuisweg geen onderdeel uit te maken van de nu voorliggende besluiten. k. Zienswijze 3. In-/uitrit aan de Kwekerijweg en Post- en pakketbezorging De zorg over de verkeersbelasting en potentiële chaos rond de entree op de Kwekerijweg heb ik al vele jaren aangekaart bij ontwikkelaar, architect en gemeentelijke vertegenwoordigers. De architect had een systeem bedacht met een afgifte punt voor pakketjes in het monument, waar ook bewoners van de nieuwbouw hun pakketjes kunnen ophalen. Dit is echter omslachtig voor zowel bewoners als bezorgers: de bezorgers moeten de belofte van hun werkgever waarmaken (bv. "Boodschappen geleverd tot in de keuken") en de bewoners willen zo min mogelijk zelf slepen met goederen. De kortste route naar gebouwen G&H is buitenaf gezien via de inrit voor hulpdiensten aan de Kwekerijweg. De ontwikkelaar zou een systeem /routering moeten aanbieden aan de toekomstige bewoners en hun dienstverleners, dat zichtbaar aantrekkelijker is dan het gebruik van de inrit voor hulpdiensten.
Mijns inziens is zou dit een voorwaarde moeten zijn voor het verstrekken van een vergunning, want de ervaring leert dat stopverboden, VVE geboden en handhaving het gedrag van pakketbezorgers onvoldoende beïnvloeden. Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het bouwen en wordt in dat kader beantwoord. l. Zienswijze 4. Bouwverkeer Ontwikkelaar heeft mondeling aangegeven dat de Kwekerijweg en Sint Hubertusweg geen deel worden van circulatie en parkeren van bouwverkeer of verder gebruik als bouwterrein. Mijns inziens moet dit vastgelegd worden in de vergunning. Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het bouwen en wordt in dat kader beantwoord. m. Zienswijze 5. Trillingen, schade en 0-meting Onze woning (Sint Hubertusweg 2) heeft staan trillen tijdens de eerste sloop werkzaamheden aan de Saxofoon, toen een doorgang werd gemaakt voor bouwverkeer (2021). De gevolgschade is toen hersteld. Mijns inziens is een gedetailleerd uitvoerings plan nodig om aan te geven hoe sloop en nieuwbouw gerealiseerd kunnen worden zonder schade te veroorzaken aan omliggende panden en infrastructuur, voordat een vergunning kan worden verleend.
11/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het bouwen en wordt in dat kader beantwoord. n. Zienswijze Het inventariseren van de staat van die woningen vooraf aan werkzaamheden voor sloop of nieuwbouw, en het juridisch vastleggen en bekendmaken van de procedure voor schadeverhaal, dient deel te zijn van de vergunning voor slopen en bouwen Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het bouwen en wordt in dat kader beantwoord. o. Zienswijze 6. Omgevingsgeluid vanaf dak gebouw H Op het dak van gebouw H zijn installaties voorzien voor WKO en/of warmtepompen. Die zijn weliswaar omgeven door een geluidwerende wand, maar ik maak me zorgen over het geluidsniveau in de nacht temeer omdat dit gebouw in een stille natuur-omgeving staat. In de omgevingsvergunning dient te worden aangegeven wat de norm is voor geluid vanwege de installaties in het bosgebied. Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het bouwen en wordt in dat kader beantwoord. p. Zienswijze Ontwikkelaar heeft aangegeven dat (een deel van) de installatie op gebouw H wordt geïnstalleerd voor piek capaciteit en niet permanent draait. Ontwikkelaar moet dus aangeven hoe het ontwerp voldoet aan de norm, zowel voor gemiddelde als de piek belasting van geluid. Reactie: De installatie op het dak van bouwdeel H is onderdeel van de wko-installatie.
Voor installaties zoals warmtepompen gelden vanuit de landelijke bouwregelgeving eisen aan de geluidsproductie ter plaatse van te openen ramen en deuren van appartementen in de gebouwen zelf (maximaal 40 dB). Er is geen sprake van piekbelasting. De installaties voldoen aan deze eisen. q. zienswijze 7. Short-stay / hotel Bij de Bestemming 'logies' in bouwdeel A op voor 'Gemengd' aangewezen grond Bij de herontwikkeling van het monument is duidelijk aangegeven dat er ruimte voor logies, genaamd "short-stay" zou zijn; daarbij zijn voorzieningen zoals restaurant inbegrepen, met horeca bestemming "light" (vergunning 2018). Het begrip "short-stay" is niet gedefinieerd, maar mijn begrip ervan is dat het gaat om verhuur van gemeubileerde appartementjes waar mensen voor enkele weken of maanden verblijven (veelal zakelijk). Reactie:
12/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
Reclamant gaat ervan uit, dat de planontwikkeling gericht is op de exploitatie van short stay voorzieningen zoals gedefinieerd in de Nota Hotelbeleid uit 2021. Daarbij refereert hij aan de aldaar genoemde verhuurtermijnen zoals vastgelegd in de gemeentelijke. Deze aanname van reclamant is echter onjuist. Geconstateerd moet worden dat gedurende de plan- en projectontwikkeling voor onderhavige locatie in 2018 reeds ontwikkelafspraken zijn gemaakt, die andere exploitatiemogelijkheden biedt, dan in huidig short stay-beleid worden geboden. Zo is in de destijds vergunde voorzieningen sprake van een afwijkende ruimtelijke configuratie/ samenstelling van de verblijfsvoorzieningen en mogen de verblijfsvoorzieningen ook voor een kortere termijn verhuurd worden dan thans onder het nieuw shorts stay-beleid mogelijk is. Daarnaast is al in 2018 ruimte geboden voor de ontwikkeling van specifieke voorzieningen resp. functie, waarmee het woongenot ter plaatse verbreed kan worden. Dit heeft zijn neerslag gekregen in separate bestemmings- en functieaanduidingen t.b.v. sport- en horecavoorzieningen maar ook in de feitelijke exploitatie van het vastgoed, waar een zeer flexibele vorm van ‘wonen’ in gemeubileerde appartementen met eigen kookgelegenheden en sanitair wordt gefaciliteerd. In zijn aard wijkt dit gebruik dan ook duidelijk af van de standaard hotel-exploitatie.
Laatstgenoemde is immers hoofdzakelijk op (zeer) kortdurend en toeristisch of kort zakelijk verblijf gericht, terwijl logies-units in het Plesmancomplex in een behoefte voorzien, waarbij het accent ligt op langduriger verblijf en veelal gekoppeld aan langer zakelijk of goevernementeel gemotiveerd verblijf. Met andere woorden: de gemeente dient de in 2018 vergunde exploitatiemogelijkheden te eerbiedigen en de planbepalingen zien hierop toe. Dit geldt met name voor de begripsbepalingen voor logies, die afwijken van begripsbepalingen voor hotelvoorzieningen enerzijds en short stayvoorzieningen volgens het recente hotelbeleid anderzijds. Gezien het feit dat de exploitatie berust op een vergunning uit 2018 op basis van het toen geldende beleid is er geen sprake van een nieuwe definitie van logies, maar van eerbiediging van eerder verleende rechten. Het vorenstaande betekent overigens niet dat bij nieuwe aanvragen eveneens medewerking aan kortdurende verhuurconcepten (minder dan 5 dagen) verleend kan worden. Bij afwijkingen van het bestemmingsplan zal het in 2021 vastgestelde hotelbeleid als aanvullend en doorslaggevend toetsingskader fungeren. r. Zienswijze Het huidige concept bestemmingsplan gaat nu uit van horeca middelzwaar en het begrip logies lijkt een nieuwe betekenis te krijgen.
Wanneer dit meer het karakter krijgt van een hotel, dan komt een heel ander publiek in beeld en verandert ook het gebruik van het park. Hierover is geen overleg geweest met omwonenden en de wijkvereniging. Mijns inziens moet eerst worden bekeken welk gebruik overeenstemt met het gebied, voordat de vergunning wordt aangepast. Reactie: De beoogde horeca-activiteiten zijn naar hun aard deels als lichte en deels als middelzware horecaactiviteiten aan te merken. Zij zijn gelieerd aan zowel de woonfunctie als de logiesfunctie. Gemeten aan het horecabeleid zoals vastgelegd in de ‘Horecavisie 2016 (RIS 288645)’ is de horecavoorziening in het monumentale bouwdeel als een solitaire locatie aan te merken die bijdraagt aan de verbreding van het woon- en leefgenot ter plaatse en die tevens een ondersteunende bijdrage kan leveren aan de exploitatie van de logiesvoorziening. Daarbij is het mogelijk en voorstelbaar, dat de voorziening ook nog na 23.00 uur is geopend, na 23.00 uur nog maaltijden genuttigd kunnen
13/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
worden en na 23.00 uur niet alcoholhoudende dranken worden geschonken. Als zodanig is daarom de aanwijzing van de categorie middelzwaar gerechtvaardigd. Bij deze afweging houdt de gemeente rekening met het gegeven, dat vermaak en het schenken van alcoholhoudende dranken na 23.00 uur zijn uitgesloten, omdat dergelijke horeca-activiteiten als ‘zware horeca’ worden aangemerkt. Met het oog op deze afweging kan de zienswijze van reclamanten niet gehonoreerd worden. s. Zienswijze 8. Licht Positionering en eventuele afscherming van verlichting van de nieuwbouw moet zodanig zijn, dat er minimale licht impact is op flora en fauna in het park. Om dit effectief uit te voeren moet dit als voorwaarde in vergunning staan en in het VVE reglement worden opgenomen. Mijn zorg hier is dat licht kegels ontstaan, zoals bijvoorbeeld is gebeurd met nieuwbouw aan de Badhuisweg, die de Nieuwe Schevenings Bosjes in schijnt. Reactie: Reclamant maakt zich zorgen over negatieve effecten van verlichting in en rond de nieuwbouw, en wenst nadere afspraken hieromtrent in een omgevingsvergunning en VvE-regelementen voor het complex. De planprocedure voor het bestemmingsplan noch de procedure voor de omgevingsvergunning kan gebruikt worden om invloed op een VvE-regelement uit te oefenen.
Een dergelijke regeling is immers privaatrechtelijk van aard en de eigenaren dienen daarin naar eigen inzichten exploitatie en gebruiksafspraken vast te leggen. Uit de uitgevoerde ecologische quickscan volgt dat het bepaalde in de Wet natuurbescherming niet aan vaststelling van het bestemmingsplan (dan wel het verlenen van de omgevingsvergunning) in de weg staat. Er is derhalve ook geen grondslag om in de omgevingsvergunning voorschriften op te nemen inzake de effecten van verlichting. Conclusie: De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
3.
Ra 10690359
Belanghebbende
De volledige zienswijze is als bijlage bij dit raadsvoorstel bijgesloten. Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: a. Zienswijze De zienswijze heeft betrekking op hetgeen omschreven in het 'ontwerpbesluit Plesmanweg 1 tot en met 6', uw kenmerk 202213827/8843905 en Bijlage 'Beoordeling activiteit 'Kappen' gemarkeerd als 'concept'. Relevante citaten document 202213827/8843905:
14/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
De aanvraag betreft nu: het kappen van 72 bomen, staande langs de percelen Plesmanweg 1 -6. De aanvrager wil de 72 bomen kappen om de bouw van 3 appartementengebouwen met parkeergarages ten behoeve van het projectgebied Plesmanduin mogelijk te maken. De locatie en het aanleggen van de parkeerkelder is de noodzaak tot de kap van de opgegeven bomen. Reactie: Wij hebben deze opmerking voor kennisgeving aangenomen b. Zienswijze De parkeerkelder kan niet op alternatieve wijze worden vormgegeven als gevolg van de ligging in het grondwaterbeschermingsgebied; het voldoen aan de parkeernormen vanuit de Gemeente Den Haag en de (gemeentelijke) eis om parkeren zoveel mogelijk uit zicht te realiseren. Reactie: Wij hebben deze opmerking voor kennisgeving aangenomen. c. Zienswijze Doordat er ontgravingswerkzaamheden plaatsvinden tot bijna 6 meter diep en bronbemaling nodig is op kleine afstand van de bomen is de projectinvloed zeer belemmerend op het behoud van de bomen met de boomnummers 74 - 87 en 96 - 102 en kunnen deze niet behouden blijven. Reactie: Wij hebben deze opmerking voor kennisgeving aangenomen. d. Zienswijze Daarnaast kan boom met boomnummer 74 ook niet behouden blijven als gevolg van ontgravingen op kleine afstand van deze boom voor de aanleg van de inrit van de parkeergarage. Reactie: Wij hebben deze opmerking voor kennisgeving aangenomen. e.
Zienswijze Doordat de bomen niet behouden kunnen blijven wegens ontgravingen en bronbemaling van de locatie waarop de bomen zich bevinden of door de hele kleine afstand daarvan zijn er geen specifieke maatregelen op te stellen om duurzaam behoud van deze bomen mogelijk te maken. Reactie: Wij hebben deze opmerking voor kennisgeving aangenomen. f. Zienswijze Reden zienswijze In de op Ruimtelijkeplannen.nl gepubliceerde documenten, en het boven geciteerde document, wordt door de gemeente het belang van verwijderen sterk overdreven, onvoldoende onderbouwd waarom er zoveel parkeerplaatsen nodig zijn en aan de andere kant juist het belang van behoud van de betreffende bomen onderbelicht. Reactie:
15/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het kappen van de bomen, waardoor ze hier niet inhoudelijk is behandeld.
g. Zienswijze Onvoldoende onderbouwd is tevens de keuze voor de positie van de inrit naar de parkeergarage aan de Plesmanweg/Badhuisweg, wat de aanleiding is voor de aanvraag van de kapvergunning van de bovengenoemde bomen op deze plek. Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het kappen van de bomen, waardoor ze hier niet inhoudelijk is behandeld. h. Zienswijze Concreet bestaan er gerede twijfels bij de conclusies dat de volgende bomen gekapt moeten worden, in het document 'b_NL.IMRO.0518.BP0352DPlesmanweg-40ON_tb18' genummerd: 67 t/m 77, 79 t/m 85, 87 en 96, 99 t/m 101. Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het kappen van de bomen, waardoor ze hier niet inhoudelijk is behandeld. i. Zienswijze Gevolgen op omgevingskwaliteit en leefbaarheid Het verdwijnen van groen en toevoegen van verharding en autoverkeer op deze plek in het verlengde van de Van Lennepweg hebben negatieve gevolgen op de leefbaarheid. Gevolgen zijn onder andere: geluidsoverlast door autoverkeer, luchtvervuiling, lichtvervuiling van koplampen, verdwijnen van flora en fauna en hittestress. Reactie: Het bestemmingsplan is opgesteld binnen de wettelijke kaders.
In het kader van het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning zijn een groot aantal milieutechnische onderzoeken uitgevoerd, waaronder naar de effecten van de ontwikkeling op luchtkwaliteit, geluid door verkeer, verkeersveiligheid en verkeersafwikkeling. Er is aangetoond dat de beoogde ontwikkeling niet tot aantasting van de leefbaarheid in de omgeving van het plangebied leidt. Ook worden, conform gemeentelijk beleid, maatregelen genomen om hittestress te voorkomen en is er geen sprake van het verdwijnen van flora- en fauna. Meer concreet: met de voorgestelde maatregelen (het realiseren van waterbuffers) en de groene inrichting van het plangebied (denk aan het groene parkeerdek) wordt zelfs bijgedragen aan het tegengaan van hittestress en de kans op wateroverlast. j. Zienswijze Ten slotte is bij de geplande nieuw te planten bomen onduidelijk of dit volgroeide bomen zijn of wat de leeftijd van de nieuwe bomen zal zijn. Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het kappen van de bomen, waardoor ze hier niet inhoudelijk is behandeld.
16/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
k. Zienswijze Conclusie Een second opinion op de Beoordeling activiteit 'Kappen' m.b.t. de bovengenoemde te kappen bomen en de gekozen plek van de inrit naar de parkeergarage acht ik derhalve noodzakelijk. Reactie: Deze zienswijze ziet op de omgevingsvergunning voor het kappen van de bomen en de omgevingsvergunning voor de uitrit, waardoor ze hier niet inhoudelijk is behandeld. Conclusie: De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. 4.
Ra 10690508
Wijkvereniging Duttendel Wittebrug
De volledige zienswijze is als bijlage bij dit raadsvoorstel bijgesloten. Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: a. Zienswijze 1. Inleiding Het bestuur van Duttendel Wittebrug Wijkvereniging (DWW) is via de Plesmancommissie betrokken geweest bij het ontwerpen van nieuwbouw op Plesmanweg 1-6. Daarover is mededeling gedaan op https://www.plesmancommissie.nl/. In de zomer van 2020 heeft de Plesmancommissie intensief overleg gevoerd met de ontwikkelaar (Impact Vastgoed / Plesmanweg B.V.). Daarbij zijn - in een compromis - kaders overeengekomen voor verdere ontwikkeling van nieuwbouw en het Plesmanduin. Die kaders betreffen zichtlijnen en bouwvlakken, hoogte, massa, parkeren en vergroening. Met dit compromis werd zover aan de wensen en opvattingen van de wijk tegemoet gekomen dat de Plesmancommissie er vertrouwen in had dat het beginselplan voor nieuwbouw op aanvaardbare wijze kon worden uitgewerkt. Via een enquête (van 3 tot 10 september) is aan wijkbewoners gevraagd om instemming met deze kaders. In het overleg tussen Ontwikkelaar en Plesmancommissie - eind september 2020 - zijn de resultaten van de enquête besproken.
Daarbij heeft de ontwikkelaar de toezegging gedaan om de volgende onderdelen en aandachtspunten verder uit te werken en daarover nadere informatie te geven tijdens een buurtpresentatie: parkeergarage, aansluiting bij het groen, massaliteit en technische ruimte. Wederzijds is het vertrouwen uitgesproken dat met de overeengekomen kaders (zie https://www.plesmancommissie.nl/documenten/2020-09-30_KD_pub.pdf) een traject van samenwerking ingezet kon worden. In een vaststellingsovereenkomst is vastgelegd dat Plesmanweg B.V. max. 22.000 m2 BVO aan nieuwbouw zal realiseren en dat de Plesmancommissie haar beroep bij de rechtbank zal intrekken. Met de verdere uitwerking van de nieuwbouwplannen heeft de Plesmancommissie kunnen instemmen. De wijkbewoners zijn via de websites van Plesmancommissie en DWW, via nieuwsbrieven van de Ontwikkelaar, en op wijkvergaderingen geïnformeerd over de uitwerking van de plannen. De ontwikkelaar heeft op 9 november 2021 een omgevingsvergunning aangevraagd voor de nieuwbouw en de inrichting van het landschap. Wij hebben aan het College B&W verzocht om de aandachtspunten (met voorlopige zienswijze) van de Plesmancommissie (zie https://
17/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
www.plesmancommissie.nl/documenten/2021-11-09_aandachtspunten_AO_Plesmanduin.pdf) te betrekken bij de beoordeling van de aanvraag omgevingsvergunning Plesmanduin. Van die aandachtspunten herhalen wij de volgende punten 3, 4 en 6.
2. Verkeersveiligheid en planontwikkeling Paragraaf "4.9 Verkeer en parkeren" in het ontwerp-bestemmingsplan is een weergave van de onderzoeksresultaten uit het rapport van Goudappel BV. Dit rapport geeft een cijfermatige onderbouwing van de parkeerbehoefte, de verkeersgeneratie en de verkeersafwikkeling in relatie tot de nieuwbouw en het monument. In de conclusie van het rapport is opgenomen dat "De wijzigingen in de verkeersdruk geen invloed hebben op het verkeersveiligheidsbeeld van de omliggende wegen". In het ontwerp-bestemmingsplan (p.93) is opgenomen dat "De omliggende wegen dusdanig zijn vormgegeven met fietspaden of fietsstroken dat een eventuele toename van verkeersbewegingen op een verkeersveilige wijze verwerkt kan worden". In beide conclusies is een toekomstige verkeersveilige afwikkeling van het verkeer voorzien, zonder dat hiervoor een adequate onderbouwing wordt gegeven, anders dan de in het rapport Goudappel berekende toename van het aantal verkeersbewegingen. Reactie: Het is niet ongebruikelijk dat in het kader van een grote herontwikkeling, zoals de ontwikkeling Plesmanduin, door een onafhankelijke partij in beeld wordt gebracht welke gevolgen de ontwikkeling heeft op de verkeersaantrekkende werking en de belasting van het verkeersnetwerk in de omgeving van de ontwikkeling.
De gemeente toetst of er in het verkeersnetwerk geen onaanvaardbare situaties ontstaan als gevolg van de ontwikkeling op het gebied van de verkeersbelasting van het netwerk en op het gebied van verkeersveiligheid. In beide gevallen heeft de gemeente de uitkomsten van het rapport als acceptabel beoordeeld. Op wegvakniveau geldt dat de wegen op een adequate wijze zijn vormgegeven met fietsstroken of paden. De omliggende wegen hebben een veilig wegprofiel met fietsstroken of -paden. De locatie van de te handhaven uitritten wijzigt niet ten opzichte van de huidige situatie. Verkeer uit elke uitrit moet voorrang verlenen op al het kruisende verkeer. Deze wijze van voorrangsregeling wijzigt niet ten opzichte van de huidige situatie/vormgeving. Uit de kruispuntberekeningen voor de uitritten blijkt dat er sprake is van een goede doorstroming op de omliggende wegen ter hoogte van de uitritten. Een eventuele (lokale) toename van verkeersbewegingen als gevolg van de ontwikkeling kan op een verkeersveilige wijze verwerkt worden. Voor de nieuwe uitrit aan de Badhuisweg geldt dat vanuit deze uitrit goed zicht is op de omliggende wegen. Ook is sprake van een uitritconstructie, wat betekent dat het uitrijdend verkeer voorrang moet verlenen aan alle verkeersdeelnemers op de Badhuisweg. Deze constructie is nader uitgewerkt in de omgevingsvergunning voor het realiseren van de uitweg. b.
Zienswijze Het rapport Goudappel wekt de suggestie, dat de toekomstige verkeersveiligheid slechts bepaald wordt door de totale verkeersgeneratie van het Plesmanduin. In het rapport is geen rekening gehouden met de toename van de verkeersintensiteit sinds de sluiting van de voormalige kantoor locatie. Afbeelding 9. 1: routering verkeersgeneratie (bron: Goudappel B.V.) Reactie:
18/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
Uit het rapport van Goudappel wordt duidelijk dat de kwaliteit van de verkeersafwikkeling beoordeeld is op het toekomstjaar 2030. Daarbij is niet alleen de rotonde Plesmanweg-Nieuwe Parklaan doorgerekend met behulp van het programma OMNI-X, maar is ook gebruik gemaakt van de ochtendspits- en avondspitsintensiteiten, zoals opgenomen in bijlage 2 van het rapport van Goudappel. De gemeente toetst of er in het verkeersnetwerk geen onaanvaardbare situaties ontstaan als gevolg van de ontwikkeling op het gebied van de verkeersbelasting van het netwerk en op het gebied van verkeersveiligheid. In beide gevallen heeft de gemeente de uitkomsten van het rapport als acceptabel beoordeeld. Betoogd wordt dat de verkeersintensiteit zou zijn toegenomen, maar bij dit betoog wordt geen verdere onderbouwing overlegd. Het wordt daarmee onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er ook daadwerkelijk sprake is van een toename van de verkeersintensiteit sinds de sluiting van het voormalige kantoor. Verder wordt nog opgemerkt dat uit intensiteitsmetingen op de Nieuwe Parklaan (tussen rotonde en Wagenaarweg) en de Badhuisweg tussen Pompstationsweg en Cremerweg) blijkt dat de intensiteiten in 2024 op een vergelijkbaar niveau liggen als in 2022 (etmaalintensiteit Nieuwe Parklaan 9429 mvt in 2024 vs. 9418 in 2022; etmaalintensiteit Badhuisweg 2940 mvt in 2024 vs. 2772 in 2022).
De toename op de Badhuisweg is niet van een dermate omvang dat dit een substantieel effect zal hebben op de verkeersafwikkeling ter plaatse van uitrit A. Tijdens de ochtend-/avondspits gaat het om een toename van 15 voertuigen, gebaseerd op het percentage van 9% dat Goudappel in haar rapportage hanteert (zie tabel 3.6), waarbij voor zowel de ochtendspits als de avondspits als gebruikelijk in het verkeersbeleid een periode van 2 uur wordt aangehouden. Per saldo gaat het om een gemiddelde toename van 1 auto per ca. 8 minuten. Deze toename is in de praktijk nauwelijks waarneembaar en gaat op in het huidige verkeersbeeld. c. Zienswijze In het concept-bestemmingsplan wordt gesteld dat met de vormgeving van omliggende wegen de verkeersveiligheid van verschillende verkeersdeelnemers in het drukke verkeer rond het Plesmanduin gewaarborgd is, maar er wordt geen enkele inzage in te nemen verkeersmaatregelen en de wijze van aansluiten van de in- en uitritten op de omliggende wegen gegeven. Het bestemmingsplan gaat hiermee onvoldoende in op de verkeersveiligheid in relatie tot de planontwikkeling: verkeersveiligheid wordt ondergeschikt gemaakt aan planontwikkeling. Reactie: Uit het verkeerskundig onderzoek van Goudappel volgt dat de kwaliteit van de verkeersafwikkeling is te kwalificeren als ‘redelijk’ t/m ‘zeer goed’.
De kwalificatie ‘redelijk’ doet zich enkel voor op de Doctor Aletta Jacobsweg in het ochtendspitsuur (reservecapaciteit van 288 auto’s/uur) en in het avondspitsuur op de Nieuwe Parklaan (reservecapaciteit van 281 auto’s/uur). De gemiddelde wachttijd op de hiervoor genoemde momenten bedraagt echter 12 seconden, wat valt onder de kwalificatie ‘zeer goed’. Op de overige wegen vallen de resultaten in het ochtend- en avondspitsuur in de kwalificatie ‘zeer goed’ (reservecapaciteit van meer dan 400 auto’s/uur en een gemiddelde wachttijd van minder dan 10 seconden). Gelet op voorgaande is het treffen van verkeersmaatregelen – anders dan het verplaatsen van de bushalte als gevolg van de te realiseren in-/uitrit – niet nodig. De verkeersveiligheid is immers niet in het geding. Wel is in het kader van het programma Ruim baan voor de fiets (RIS 302960) de PlesmanwegBadhuisweg opgenomen in het Uitvoeringsprogramma Ruim baan voor de fiets (RIS306923) als project ter verbetering van de Sterfietsroute Meijendel. In het kader van dat project, waarvan de
19/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
uitwerking volgens de huidige planning start in 2024, wordt ook aandacht besteed aan het veiliger maken van de Plesmanweg-Badhuisweg en het veiliger aansluiten van de zijstraten. Ter plaatse van de aansluiting van de St. Hubertusweg op de Plesmanweg is een aanpassing van de openbare ruimte voorzien. Deze maatregel houdt in dat de rijstrook voor autoverkeer en het fietspad op de Plesmanweg in de richting van Scheveningen worden uitgebogen om tussen de rijstroken voor autoverkeer op de Plesmanweg verkeerseilandjes aan te kunnen leggen. Autoverkeer, voetgangers en fietsers van en naar de Kwekerijweg kunnen de rijstroken en het fietspad daarmee gefaseerd oversteken. Ook ter hoogte van de uitrit, die is gelegen tussen de rotonde en de St. Hubertusweg is een aanpassing van de weg voorzien. Om te voorkomen dat voertuigen komende uit deze uitrit linksaf kunnen slaan in de richting van de Raamweg, wordt een verhoogde middennaald aangelegd ter hoogte van deze uitrit. Voertuigen komende uit de uitrit kunnen dan alleen naar rechts afslaan in de richting van de rotonde. Voertuigen die in de richting van de Raamweg willen rijden kunnen via de rotonde rondrijden om vervolgens in de richting van de Raamweg te rijden. Deze maatregelen, de verplaatsing van de bushalte, de aanpassing ter plaatse van de St.
Hubertusweg en de aanpassing ter hoogte van de uitrit halverwege het wegvak tussen de rotonde en de St. Hubertusweg maken onderdeel uit van de anterieure overeenkomst tussen de gemeente en de ontwikkelaar en worden binnenkort separaat vrijgegeven worden voor inspraak. d. Zienswijze 3. Uitrit Kwekerijweg/Hubertusweg op de Plesmanweg Een belangrijke uitrit van het Plesmanduin komt via de Kwekerijweg/Hubertusweg uit op de Plesmanweg. Daar ontstaat een verkeersonveilige situatie, zeker voor het verkeer dat linksaf slaat richting Raamweg. Wij hebben daarover (en ook over volgende punten 3 en 4) reeds gesproken in het overleg met ontwikkelaar ([naam]), lid Adviescommissie Openbare Ruimte ([naam]), en Projectmanagement gemeente ([naam]) d.d. 20 oktober 2021. Het idee is onder meer: de rijstrook aan de N-zijde zodanig verleggen dat op de middenberm ruimte ontstaat voor opstellen van linksaf-gaand verkeer, zorgen voor voldoende uitzicht (2 parkeerplaatsen aan de NO-zijde verwijderen), en het nemen van verkeersremmende maatregelen (er wordt veel te hard gereden op dit stuk Plesmanweg: plaats camera's). Ons inziens dient een besluit over adequate herstructurering van dit verkeerspunt deel uit te maken van de omgevingsvergunning voor het realiseren van een in- of uitrit (Plesmanduin). Reactie: Zie de reactie onder c. e. Zienswijze 4.
ln-/uitrit aan de Kwekerijweg Ter hoogte van gebouw G is een in-/uitrit van het Plesmanduin voorzien t.b.v. hulpdiensten en incidentele verhuizingen. Voorkomen moet worden dat deze in-/uitrit wordt gebruikt door pakketbezorgers, bezoekers enz. en/of dat er 'met knipperlichten aan' wordt geparkeerd langs de Kwekerijweg. Reactie:
20/55
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10770250
De wijze waarop post- en pakketbezorging (en dergelijke) plaatsvindt, kan niet worden vastgelegd als voorschrift in de omgevingsvergunning voor het bouwen. Wel is hiervoor vanuit de initiatiefnemer aandacht voor. Voor post- en pakketbezorging geldt dat hiervoor één centraal punt wordt ingericht in het plangebied, te weten in het monument. De inrichting van het plangebied is er niet op gericht dat de gebouwen G en H benaderd worden in het noordoosten van het plangebied (via de Kwekerijweg). Indien na realisatie van de nieuwbouw blijkt dat er aan de zijde van de Kwekerijweg ongewenst verkeersgedrag plaatsvindt, zal de gemeente zo nodig onderzoeken of aanvullende maatregelen aan de zijde van de Kwekerijweg kunnen worden gerealiseerd. f. Zienswijze De Kwekerijweg heeft een landelijk karakter dat in stand gehouden moet worden. Reactie: De voorgenomen ontwikkeling voorziet niet in wijzigingen aan (het karakter van) de Kwekerijweg. g. Zienswijze Bovendien wordt hier veel gefietst, en wordt de weg gebruikt door transportvoertuigen richting kwekerij. De ontwikkelaar dient ervoor te zorgen dat er regelgeving komt m.b.t. het gebruik van de in/uitrit; de gemeente dient een stopverbod in te stellen voor beide zijden van de Kwekerijweg ter hoogte van het Plesmanduin. Reactie: Zie de reactie onder e.
Het instellen van een stopverbod aan beide zijden van de Kwekerijweg zal overigens tevens tot gevolg hebben dat bezorgdiensten niet meer mogen stilstaan voor het bezorgen van pakketten bij de huidige bewoners van de Kwekerijweg. h. Zienswijze Ons inziens dient de verplichting voor ontwikkelaar om bedoelde regelgeving juridisch vast te leggen, en een besluit over het instellen van het stopverbod, deel uit te maken van de 'omgevingsvergunning voor bouwen op het Plesmanduin'. Reactie: Zie de reactie onder g. i. Zienswijze 5. ln-/uitrit 'C' op de Plesmanweg De uitrit vanaf parkeerplaatsen langs gebouw A (logies en horeca) komt uit op de Plesmanweg (aangeduid als uitrit C op afbeelding 9.1 in de toelichting bij het concept-bestemmingsplan). Het is verkeersonveilig als auto's bij die uitrit direct afbuigen richting Hubertusviaduct. Dat moet worden voorkomen door een verhoogde middenberm, zodat verkeer wordt geleid richting rotonde. Ons inziens dient een besluit over adequate herstructurering van dit verkeerspunt deel uit te maken van de omgevingsvergunning voor het realiseren van een in- of uitrit (Plesmanduin). Reactie: Zie de reactie onder c. j.