20231130-RIS316318 Geamendeerd gewijzigd voorstel van het college inzake Vaststelling ontwerpbestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023
Tekst van het document
Datum
Registratienummer
3 oktober 2023
DSO/10572404 RIS316318
Geamendeerd gewijzigd voorstel van het college inzake vaststelling ontwerpbestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 INLEIDING Bij raadsmededeling van 14 maart 2023 (DSO/10399989 - RIS314741) is aan de raad toegezonden het ontwerpbestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023. Begrenzing van het plangebied Het plangebied ligt in het stadsdeel Escamp van de gemeente Den Haag direct naast station Moerwijk en wordt begrensd door de (ventweg van de) Erasmusweg, de ecologische zone langs de Assumburgweg en Rechterenstraat (in een punt lopend gebied). Aanleiding voor het bestemmingsplan De aanleiding voor het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 is de uitspraak van de Raad van State op 1 juni 2022, waardoor de bestemmingen Gemengd en Wonen van het eerder vastgestelde bestemmingsplan Kop Assumburgweg zijn vernietigd. De aanleiding voor het oorspronkelijke bestemmingsplan Kop Assumburgweg ligt in de herontwikkeling van een voormalige brandweerkazerne aan de Assumburgweg en van een daaraan grenzend woonblok uit de jaren 1960 in Moerwijk-Oost, op steenworpafstand van station Moerwijk aan de Rechterenstraat.
De herontwikkeling beoogt de bouw van 548 woningen bestaande uit 142 sociale huurwoningen en 406 middel dure/vrije sector huurwoningen en maximaal 4.500 m² bruto vloeroppervlakte aan bedrijvigheid en/of commerciële ruimte, zoals horeca, zorg, welzijn en kantoren (naast algemene ruimten en bergingen ten behoeve van de woonfunctie) wordt daarin tevens opgenomen. Om de herontwikkeling planologisch mogelijk te maken is het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 noodzakelijk. Doel van het bestemmingsplan Het doel van het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 is het bieden van een juridischplanologisch kader om de herontwikkeling van 548 woningen en maximaal 4.500 m² bruto vloeroppervlakte aan bedrijvigheid of commerciële ruimte, zoals horeca, bedrijvigheid en zorg mogelijk te maken op het terrein van de voormalige brandweerkazerne en het aangrenzende woonblok respectievelijk aan de Assumburgweg en de Rechterenstraat in Moerwijk Oost. Woonprogramma Het woonprogramma is in lijn met het oorspronkelijke bestemmingsplan Kop Assumburgweg. Op 25 januari 2018 heeft de gemeenteraad van Den Haag het projectdocument Locatie Assumburgweg Brandweerkazerne (RIS298574) vastgesteld.
Gemeente Den Haag
Spui 70 Den Haag
Postbus 12600 2500 DJ Den Haag
T 14070 www.denhaag.nl
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Hiermee wijkt het programma af van de Woonagenda 2020-2023. Deze Woonagenda is later vastgesteld dan het eerdergenoemde projectdocument, namelijk op 16 juli 2020. Onder het hoofdstuk 3 van de Woonagenda staat dat reeds gemaakte afspraken blijven gerespecteerd. Zoals in het raadsvoorstel (RIS306859) bij het eerder vastgestelde bestemmingsplan Kop Assumburgweg staat beschreven, is sinds vaststelling van het projectdocument getracht het bouwplan Levels alsnog meer in lijn te brengen met de Woonagenda 2020-2023. Het percentage van minimaal 20% middeldure huur is verhoogd naar 30 procent. Gezien eerder gemaakte afspraken op basis van het vastgestelde projectdocument blijft het percentage sociaal gelijk. Dit is ongewijzigd gebleven. In dit document is een woonprogramma opgenomen met 26% sociale huurwoningen. Het aantal sociale huurwoningen neemt daarmee in absolute zin toe. Het bouwplan kent een hoog percentage betaalbare huurwoningen. Naast de 26% sociale huurwoningen bevat het bouwplan circa 30% middeldure huurwoningen.
Economische uitvoerbaarheid Het voorliggende plan Kop Assumburgweg 2023 maakt planologisch de ontwikkeling van 548 woningen bestaande uit 142 sociale huurwoningen en 406 middel dure/vrije sector huurwoningen en ongeveer 4.500 m² bruto vloeroppervlakte aan bedrijvigheid en/of commerciële ruimte, waaronder bedrijven, horeca en/of ruimte ten behoeve van leerwerkplekken of een onderwijsfunctie en zorg mogelijk. Er is sprake van een bouwplan zoals aangewezen in artikel 6.2.1 Besluit ruimtelijke ordening. De gemeente is op basis van artikel 6.12 Wro verplicht een exploitatieplan op te stellen, tenzij kostenverhaal anderszins verzekerd is. Dit kan via: • een gemeentelijke grondexploitatie, waarbij sprake moet zijn van gemeentelijke gronduitgifte; • meerwaardesuppletie via de erfpachtcanon; • een anterieure overeenkomst met de eigenaar over de ontwikkeling. Voor de locatie is op 25 januari 2018 een gemeentelijke grondexploitatie vastgesteld (RIS298576). Op 27 november 2020 zijn gemeente, woningbouwcorporatie en ontwikkelaar een samenwerkingsovereenkomst aangegaan. Het kostenverhaal is daarmee anderszins verzekerd. Het opstellen van een exploitatieplan is daarom niet nodig. De economische uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan is daarmee gewaarborgd.
Geldende planologische regelingen Het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 herziet gedeeltelijk de bestemmingsplannen: - Moerwijk, vastgesteld op 27 november 2014 en onherroepelijk geworden op 20 februari 2015; - Kop Assumburgweg, vastgesteld op 16 december 2020 en onherroepelijk op 1 juni 2022. Huidig gebruik ‘De Kazerne’ en woningen Hof Wonen Rechterenstraat 2-100 (even) De voormalige brandweerkazerne op de locatie was tussen 2011 en 2021 tijdelijk verhuurd als bedrijfsverzamelgebouw in afwachting van de ontwikkeling. In het licht van de beoogde ontwikkeling van het plan Levels heeft de gemeente de tijdelijke huurovereenkomst met de exploitant van de Kazerne beëindigd. Met de nog aanwezige gebruikers van De Kazerne zijn in een aantal bijeenkomsten goede afspraken gemaakt over het toch nog tijdelijk kunnen blijven gebruiken van het gebouw in de vorm van leegstandsbeheer. Deze afspraken zijn in 2022 vastgelegd in tijdelijke bruikleenovereenkomsten met een opzegtermijn van 8 weken. De ondernemers betalen alleen voor de servicekosten (gas, water en elektra). Het gebouw heeft een vaste conciërge op de locatie, bij wie de gebruikers terecht kunnen. De gebruikers blijven verantwoordelijk voor alternatieve huisvesting na afloop van het leegstandsbeheer.
Door de bedrijfscontactfunctionaris van Den Haag Zuidwest wordt er met alle gebruikers die dat willen meegedacht in hun zoektocht voor toekomstige huisvesting.
2/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Alle bewoners van de 48 portieketagewoningen van Hof Wonen aan de Rechterenstraat 2-100 (even nummering) hebben een andere woning gevonden en ook hier is sprake van leegstandsbeheer, met dezelfde opzegtermijn. De inzet is zo spoedig mogelijk over te gaan tot realisatie van het plan. De omgevingsvergunning voor het project Levels is verleend. Hiervoor loopt nog een juridische procedure. De sloop van de twee gebouwen en start van het nieuwbouwplan zijn afhankelijk van deze juridische procedure. De gemeente heeft geen invloed op het tijdspad hiervan. Het gebruik van de bestaande gebouwen zal worden beëindigd zodra de ontwikkelaar aangeeft met de realisatie te kunnen starten.
PROCEDURE Vooroverleg Doordat voorliggend bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 is opgesteld naar aanleiding van de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en er in wezen geen sprake is van een ander plan, wordt aangesloten op het eerder uitgevoerde artikel 3.1.1. Bro-overleg. Het concept van het ontwerpbestemmingsplan Kop Assumburgweg is in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1. Besluit ruimtelijke ordening op 29 april 2019 toegestuurd aan overlegpartners, waaronder de Provincie Zuid-Holland, het Hoogheemraadschap van Delfland, Rijkswaterstaat, de bewonersorganisaties en overige bij het plan betrokken instanties. Inspraak Bij besluit van burgemeester en wethouders, d.d. 14 maart 2023, RIS314740, heeft het college besloten inspraak te laten plaatsvinden in het kader van de zienswijzenprocedure als bedoeld in art. 3.8 Wro. Terinzagelegging ontwerpbestemmingsplan Op 23 maart 2023 is de kennisgeving van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan toegestuurd aan overlegpartners, waaronder de Provincie Zuid-Holland, Rijkswaterstaat, het Hoogheemraadschap van Delfland en overige bij het plan betrokken instanties. Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 23 maart tot en met 3 mei 2023 ter inzage gelegen. Op 5 april 2023 heeft een informatiebijeenkomst plaatsgevonden. Het bestemmingsplan was in te zien op www.ruimtelijkeplannen.nl.
Er zijn 5 zienswijzen ingediend. Het college biedt de raad hierbij het ontwerpbestemmingsplan ter vaststelling aan. Het plan bestaat uit de plankaart met kenmerk NL.IMRO.0518.BP0376BKopAssum-40ON en regels, en gaat vergezeld van een toelichting. INGEKOMEN ZIENSWIJZEN Nr. 01.
Ra-nr. 10520357
02. 03. 04.
10524431 10524021 10523975
05.
10526935
Indiener zienswijze Algemene Vereniging voor Natuurbescherming voor ’s-Gravenhage en omstreken (AVN) Belanghebbende Bewoners en ondernemers in de directe omgeving van Levels Geloven in Moerwijk en diverse organisaties voor sport, welzijn en religie in Moerwijk Duinstad Auto’s
3/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Ontvankelijkheid zienswijzen De zienswijzen zijn tijdig ingekomen en voldoen aan de wettelijke eisen.
Behandeling zienswijzen 1.
Ra 10520357
Algemene Vereniging voor Natuurbescherming (AVN)
De volgende zienswijze is geciteerd: “Het ontwerpbestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 ligt ter inzage tot en met 3 mei. De Algemene Vereniging voor Natuurbescherming dient deze zienswijze in uit oogpunt van natuur en groen. Wij stellen ten aanzien van de volgende vier aspecten verbeteringen voor: 1. Laat het geplande, massale, gebouw minder uitsteken ten koste van de ecologische verbindingszone en een groene verbinding Het ontwerpbestemmingsplan maakt bebouwing mogelijk daar waar twee ecozones (Erasmuszone evenwijdig aan de Erasmusweg, en ecologische verbindingszone langs het water evenwijdig aan het spoor) bij elkaar komen richting ecozone Laak. Aan de kant van het station steekt een punt van het gebouw evenwijdig aan de Erasmusweg uit ten koste van de ecologische verbindingszone langs het water bij het spoor. Beter zou zijn het gebouw verder van het water te laten eindigen, zodat daar ruimte blijft voor de ecologische verbindingen. Naar wij begrepen is daar al een waterleiding verplaatst, en zijn er bomen gekapt, terwijl dit bestemmingsplan nog niet definitief is vastgesteld. Dat betekent dat weer nieuwe bomen moeten worden geplant om dit deel van de te behouden ecologische verbindingszone langs het water richting Laak te herstellen. Zoals het nu is getekend blokkeert het gebouw ecologische verbindingen.
Die ecologische verbindingszone maakt juist deel uitmaakt van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur, die de Gemeenteraad duurzaam in stand wil houden en waar mogelijk versterken (zie Toelichting 5.7.1). Bij de Rechterenstraat loopt het geplande gebouw -dat evenwijdig aan de Erasmusweg ligt- eveneens te ver door. Daar zou juist een strook groen kunnen blijven. In de huidige situatie worden de twee ecozones verbonden door groen aan weerzijden van het gebouw langs de Van Rechterenstraat. 2. Leg een groen dak en de robuustheid ervan vast in de regels: robuust genoeg zodat daarop bomen kunnen worden geplant Volgens de Toelichting 3.3.4 verdwijnt door het plan het groen langs de Rechterenstraat, en worden daar 92 bomen gekapt. Die worden gecompenseerd. Volgens de Toelichting komen 38 daarvan "voorlopig"(?) in het ontwerp voor de daktuin. Mooi is ook dat het dak aansluit op de ecologische verbindingszone. Die wordt daar als het ware door verbreed. Maar bovenstaande moet wel worden geborgd in de regels, zoals ook is gedaan in de bestemmingsplannen voor Madurodam en bij Steenzicht. Daartoe vraagt de AVN bij de begrippen daktuin 1.32 toe te voegen dat er voldoende dik substraat moet zijn dat er kleine bomen kunnen groeien. En bij de regels voor wonen dat er ter plaatse van de aanduiding parkeergarage een daktuin moet komen.
4/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
3. Doe aanvullend onderzoek hoe voldoende kwaliteit van de daktuin ten aanzien van hoogte, substraat, windhinder en bezonning er kan komen en leg maatregelen vast, zodat die kwaliteit wordt geborgd Onduidelijk is hoe hoog de parkeergarage is. In regels 8.2.2. staat 3m. Op de plankaart max 7m. Hoe lager de daktuin hoe beter bereikbaar voor (vliegende) fauna uit de ecozone. Het bezonningsonderzoek gaat niet in op het effect van schaduw op de ecozone en daktuin. Volgens de illustraties lijkt het dat de meeste schaduw komt aan de kant van de Erasmusweg. Het zou goed zijn dit te onderzoeken. Het onderzoek naar windhinder gaat wel in op het effect op de daktuin: "Op de daktuin van de garage valt het windklimaat in klasse D. Zonder aanvullende maatregelen, zal de activiteit’ zitten’ over het algemeen als matig worden ervaren." Wat is het effect op flora en fauna en bomen van de daktuin? Het lijkt van belang dat de bomen goed kunnen wortelen, dat er voldoende substraat is. Voor de omgeving, bijv. de ecozone wordt op maaiveld wel een redelijk windklimaat verwacht. Het zou goed zijn als het ecologisch rapport inging op de effecten van de geplande nieuwbouw op de bezonning van dak en ecozone. Dit hebben we echter niet kunnen vinden. Daarom concluderen we dat verder onderzoek nodig is naar het effect van bezonning en hoe de effecten van windhinder en mogelijk ook bezonning te verminderen.
En dan maatregelen in het plan op te nemen om schaduw en windhinder te vermijden. In de regels staat (8.3): “Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen ten aanzien van: de situering en/of vormgeving van gebouwen, met name ten aanzien van hierdoor optredende gevolgen voor wat betreft de bezonning en windhinder”. Wij stellen voor deze eisen op te nemen in de regels van het bestemmingsplan. 4. Leg 50% groenvoorziening vast in de regels voor het ‘Verkeer verblijfsgebied’ dat ligt in het verlengde van de ecozone langs het water (evenwijdig aan het spoor); en neem ook eisen op aan de verlichting Mocht de ecologische verbindingszone niet hersteld worden zoals voorgesteld onder 1, leg dan in het ‘Verkeer verblijfsgebied’ in verlengde van de ecozone langs het water (evenwijdig aan het spoor) in ieder geval een percentage groenvoorziening vast, bijv. 50% groen. Dat is ook goed voor de waterberging. In de Toelichting staat (4.7.4).: “Met de verlichting dient daarbij rekening te worden gehouden dat deze niet uitstraalt naar de ecozone en deze geen overlast veroorzaakt voor diersoorten in de stedelijke ecologische verbindingszone, waaronder mogelijke vleermuizen. Ook: “Voor het gepland wandelpad langs de bouwkavel in de ecologische verbindingszone Erasmuszone is beperkte gerichte verlichting toegestaan (lage palen).” (3.3.7.) Deze eisen moeten nog worden opgenomen in de regels.
Wij vragen u bovenstaande voorstellen over te nemen.” Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op:
1.
Laat het geplande, massale gebouw minder uitsteken ten koste van de ecologische verbindingszone en groene verbinding.
a. Zienswijze Aan de kant van het station steekt een punt van het gebouw evenwijdig aan de Erasmusweg uit ten koste van de ecologische verbindingszone langs het water bij het spoor. Beter zou zijn het gebouw verder van het water te laten eindigen, zodat daar ruimte blijft voor de ecologische verbindingen.
5/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Reactie In het bestemmingsplan Moerwijk had de ruimte tussen het spoortalud en het water naast de groenstrook langs de Assumburgweg de gebiedsaanduiding ‘overige zone – ecologische verbindingszone’. Het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 leidt per saldo tot een vergroting van de ecologische verbindingszone doordat ook een strook langs de woonbestemming deze gebiedsaanduiding krijgt. Daarbij wordt voor de volledigheid nog opgemerkt dat de bestemming ‘gemengd’ die met het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 mogelijk wordt gemaakt en het daarbij behorende bouwvlak, niet is geprojecteerd in de gebiedsaanduiding ‘overige zone – ecologische verbindingszone’ die was opgenomen in het bestemmingsplan Moerwijk. In de beroepsprocedure over het bestemmingsplan Kop Assumburgweg heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ten aanzien van deze ecologische verbindingszone geoordeeld dat deze een voldoende breedte heeft en daarmee voldoende ruimte biedt voor groen en bomen. b. Zienswijze Naar wij begrepen is daar al een waterleiding verplaatst en zijn er bomen gekapt, terwijl het bestemmingsplan nog niet definitief is vastgesteld. Dit betekent dat er weer nieuwe bomen moeten worden geplant om dit deel van de te behouden ecologische verbindingszone langs het water richting Laak te herstellen.
Reactie In de nieuwe situatie zullen inderdaad bomen worden terug geplant, ook in de ecologische verbindingszone. c. Zienswijze Zoals het nu is getekend blokkeert het gebouw ecologische verbindingen. Die ecologische verbindingszone maakt juist deel uit van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur die de gemeenteraad duurzaam in stand wil houden en waar mogelijk versterken. Reactie Er is geen sprake van dat het gebouw ecologische verbindingen blokkeert. Het gebouw wordt buiten de Stedelijke Groene Hoofdstructuur en daarbij behorende ecologische verbindingszones gerealiseerd. Hierbij merken we op dat het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 per saldo in een vergroting van de ecologische verbindingszone aan de zijde van de spoorbaan resulteert, zie ook de reactie onder a, en draagt in zoverre bij aan een versterking van de ecologische verbindingszone. d. Zienswijze Bij de Rechterenstraat loopt het geplande gebouw – dat evenwijdig aan de Erasmusweg ligt – eveneens te ver door. Daar zou juist een strook groen kunnen blijven. In de huidige situatie worden de twee ecozones verbonden door groen aan weerszijden van het gebouw langs de Van Rechterenstraat. Reactie In de huidige situatie wordt het groen in de Rechterenstraat op verschillende plekken onderbroken. Dit groen vormt dan ook geen verbinding tussen de twee ecozones.
Ook is er sprake van onderbreking door de parallelweg en de trambaan (lijn 16). Het groen aan weerszijden van het gebouw langs de Rechterenstraat is geen onderdeel van de Hoofd Groen Structuur en ook niet aangewezen als ecologische zone. Er bestaat daarom geen noodzaak voor behoud van een strook groen in de Rechterenstraat.
6/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Tegelijkertijd is er veel aandacht voor de groene inpassing van de ontwikkeling (dat gebeurt evenwel niet via de vaststelling van dit bestemmingsplan maar via een inrichtingsplan). 2. Leg een groen dak en de robuustheid ervan vast in de regels: robuust genoeg zodat daarop bomen kunnen worden geplant. e. Zienswijze Door het plan verdwijnt het groen langs de Rechterenstraat en worden daar 92 bomen gekapt. Deze worden gecompenseerd. 38 daarvan komen in het ontwerp voor de daktuin. Mooi is dat het dak aansluit op de ecologische verbindingszone. Die wordt daar als het ware door verbreed. Bovenstaande moet wel worden geborgd in de regels. Daartoe vraagt de AVN bij de begrippen ‘daktuin’ toe te voegen en in de regels voor wonen dat ter plaatse van de aanduiding parkeergarage een daktuin moet komen. Reactie Vooropgesteld wordt dat een bestemmingsplan niet voorschrijft hoeveel vierkante meters aan groen in een plangebied moeten worden aangelegd. Alleen als de aanleg van groen noodzakelijk is voor de ruimtelijke aanvaardbaarheid van een plan, dan is het nodig hier een voorwaardelijke verplichting voor op te nemen in het bestemmingsplan. Dat is voor onderhavige ontwikkeling niet nodig geacht, niet ten aanzien van het openbaar groen en evenmin ten aanzien van het privégroen.
Dit neemt uiteraard niet weg dat de aanleg van een groene daktuin feitelijk zal bijdragen aan een groene inpassing van de ontwikkeling en in zoverre wordt gewaardeerd. Bovendien geldt dat de aanvraag voor de omgevingsvergunning die inmiddels al is afgegeven voor de ontwikkeling op deze locatie ook de aanleg van een daklandschap op de parkeergarage omvat. Om die reden wordt het daklandschap op de volgende wijze verankerd in de planregels: Aan artikel 8 Wonen, wordt aan de bouwregels, artikel 8.2) een sub f toegevoegd, dat als volgt komt te luiden: f. Ter plaatse van de aanduiding “parkeergarage” (pg) is de parkeergarage voorzien van een daktuin. 3.
Doe aanvullend onderzoek hoe voldoende kwaliteit van de daktuin ten aanzien van hoogte, substraat, windhinder en bezonning er kan komen en leg maatregelen vast, zodat die kwaliteit wordt geborgd.
g. Zienswijze Het is onduidelijk hoe hoog de parkeergarage is. In de regels staat 3 meter, op de plankaart staat 7 meter. Hoe lager de daktuin, hoe beter bereikbaar voor fauna uit de ecozone. Reactie Het bestemmingsplan Assumburgweg 2023 staat ter plaatse van de functieaanduiding parkeergarage een maximale bouwhoogte toe van 7 meter. De daktuin zal op een hoogte van 6,69 meter komen te liggen (bovenkant grondpakket volgens aanvraag omgevingsvergunning). Gelet op deze hoogte verwachten wij dat de daktuin voldoende bereikbaar is voor fauna.
7/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
h. Zienswijze Het bezonningsonderzoek gaat niet in op het effect van schaduw op de ecozone en daktuin. De meeste schaduw komt aan de kant van de Erasmusweg. Het is goed dit te onderzoeken. Eveneens zou onderzoek gedaan moeten worden naar de effecten van windhinder voor de flora en fauna op de daktuin. Op basis daarvan zouden maatregelen en eisen opgenomen moeten worden in het bestemmingsplan. Reactie Bezonningsonderzoek wordt uitgevoerd om de invloed van de toekomstige bebouwing op omliggende woonbebouwing inzichtelijk te maken en wanneer openbare ruimte of semi-openbare ruimte recreatief gebruikt wordt. Er is geen aanleiding om een bezonningsonderzoek te doen naar de bezonningseffecten van de bebouwing op de van de ontwikkeling deel uitmakende parkeergarage of de ecologische verbindingszone, want er worden geen aanknopingspunten gezien dat minder bezonning in de weg staat aan (behoud van) deze zones. Er is geen aanleiding om onderzoek te doen naar de effecten van windhinder voor de flora en fauna, want er worden evenmin aanknopingspunten gezien dat een deels matig windklimaat in de weg staat aan (behoud) van deze zones. Daarbij wordt opgemerkt dat de aanvraag waarvoor inmiddels een omgevingsvergunning is verleend, een daklandschap op de parkeergarage omvat waarvoor een ecologisch adviesbureau met de nodige expertise op dit vlak een gedegen plan heeft uitgewerkt.
Dat plan houdt rekening met alle relevante omgevingsfactoren, ook bezonning en wind. Hetzelfde geldt voor het plan voor de openbare ruimte rondom de ontwikkeling. 4.
Leg 50% groenvoorziening vast in de regels voor het ‘Verkeer verblijfsgebied’ dat ligt in het verlengde van de ecozone langs het water (evenwijdig aan het spoor) en neem ook eisen op aan de verlichting.
i. Zienswijze Mocht de ecologische verbindingszone niet hersteld worden leg dan in het ‘Verkeer verblijfsgebied’ in het verlengde van de ecozone langs het water (evenwijdig aan het spoor) in ieder geval een percentage groenvoorziening vast, bijvoorbeeld 50% groen. Dat is ook goed voor de waterberging. Reactie Zoals hiervoor al is toegelicht (zie o.a. de reactie onder a) leidt het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 niet tot aantasting en verlies van oppervlakte van de ecologische verbindingszone. Er wordt juist een groter gebied met deze aanduiding bestemd. Er is niet voor gekozen om voorwaardelijke verplichtingen op te nemen voor de aanleg en instandhouding van het openbaar groen. Dit wordt niet als een ruimtelijk noodzakelijke voorwaarde gezien voor de ontwikkeling van het plangebied. Bovendien zijn de gronden die als openbaar groen zullen worden ingericht, in eigendom van de gemeente. Met het toekennen van de bestemming “Groen” en de mogelijkheid om groenvoorzieningen aan te leggen op gronden met andere bestemmingen die daaraan zijn toegekend, is een voldoende groene invulling bewerkstelligd. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft dit bevestigd in de uitspraak over het bestemmingsplan Kop Assumburgweg. Op dit punt is het voorliggende bestemmingsplan gelijk gebleven.
8/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
j. Zienswijze In paragraaf 4.7.4 staat dat met de verlichting rekening dient gehouden te worden dat deze niet uitstraalt naar de ecozone en dat deze geen overlast veroorzaakt voor diersoorten in de ecozone, waaronder mogelijk vleermuizen. Ook staat er ‘voor het wandelpad langs de bouwkavel is beperkte gerichte verlichting toegestaan (lage palen)’. Deze eisen moeten nog worden opgenomen in de regels. Reactie Indiener stelt dat er maatregelen in de planregels opgenomen moeten worden ter bescherming van soorten waaronder vleermuizen. Dit is niet aan de orde. De vragen of voor de uitvoering van een bestemmingsplan maatregelen moeten worden getroffen ter bescherming van beschermde soorten (of toestemmingen moeten worden verleend) komen aan de orde in een procedure op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb). In het kader van het bestemmingsplan moet (alleen) worden beoordeeld of het soortenbeschermingsregime in de weg staat aan de uitvoerbaarheid van het plan. Dit is hier niet het geval. Anders gezegd: maatregelen die strekken ter bescherming van soorten (zoals aanpassing van verlichting) worden gesteld in het kader van de beoordeling op grond van de Wnb en worden niet verankerd in de regels van het bestemmingsplan (die moeten strekken tot een goede ruimtelijke ordening).
Wel zal er bij de uitwerking van het herinrichtingsplan voor de openbare ruimte rekening moeten worden gehouden met de genoemde eisen ten aanzien van verlichting, om te voorkomen dat er overtredingen van de Wnb plaatsvinden. Conclusie Gelet op het voorgaande adviseert het college de gemeenteraad de zienswijze deels gegrond en deels ongegrond te verklaren. Naar aanleiding van de zienswijze wordt voorgesteld de volgende aanpassingen in de regels van het bestemmingsplan te maken: Toevoegen artikel 8.2 sub f In artikel 8 Wonen, wordt aan artikel 8.2 (bouwregels) sub f toegevoegd, dat als volgt komt te luiden: f. ter plaatse van de aanduiding “parkeergarage” (pg) is de parkeergarage voorzien van een daktuin. 2.
Ra.10524431
Belanghebbende
De volgende zienswijze is geciteerd: “Naar aanleiding van het nieuw vastgestelde bestemmingsplan voor de Kop van Assumburgweg d.d. 14-03-2023 het volgende: Inmiddels is duidelijk geworden dat het aantal parkeerplaatsen ten opzichte van het vorige bestemmingsplan met slechts één parkeerplaats is uitgebreid namelijk van 204 tot 205. Daarentegen blijft het aantal woningen gehandhaafd op 548. Daarnaast dient ook nog voorzien te worden in parkeerruimte van te huisvesten ondernemers. De gemeente heeft met een boekhoudkundige truc de parkeerbehoefte naar beneden bijgesteld. Maar als men de truc als waarheid zou hanteren blijft het aantal parkeerplaatsen nog steeds zeer onvoldoende. Verder staat vast dat de gemeente het voornemen heeft om in de directe omgeving betaald parkeren in te voeren eensdeels en dat bewoners van het nieuwbouwproject waarvoor het bestemmingsplan geldt niet in aanmerking komen voor een parkeervergunning op de openbare weg.
9/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Op 5 april jl. heeft er een voorlichtingsbijeenkomst plaatsgevonden op de locatie Erasmusweg 68-70. De aldaar verstrekte informatie was minimaal. Het enige dat duidelijk is geworden: is dat er niets veranderd is ten opzichte van het vorige plan. Ook de opzet van de bijeenkomst deugde niet! In plaats van dat plenair een terdege presentatie werd gehouden, waarbij ook de mogelijkheid tot het stellen van vragen werd geboden, werd alleen individueel informatie gegeven. Kennelijk durfde men een plenaire voorlichtingsbijeenkomst niet aan. In het verleden is getracht bij het gemeentelijk informatiecentrum over dit soort projecten helderheid te verkrijgen. Echter, dit soort informatie is alleen via elektronische weg aldaar in te zien. Een ambtenaar zoekt de betreffende informatie op. Bezoekers kunnen niet zelf zoeken. Er mogen geen foto's gemaakt worden en er worden geen afdrukken verstrekt. Eerst moet men wachten tot men uiteindelijk aan de beurt is. Als dan vervolgens deze ambtenaar gaat zoeken wordt deze weer geïnterrumpeerd door de vorige bezoeker, die er kennelijk niet uitkomt, zodat men weer opnieuw moet wachten. Een collega doet niets en zit op een site van een webwinkel naar kleding te zoeken. Een andere collega is weggegaan, hoogstwaarschijnlijk voor een ingelaste rookpauze onder werktijd. Als men vervolgens hiervan wat zegt, krijgt men een grote mond.
In het verleden was dit soort informatie gewoon fysiek aanwezig en zeer makkelijk te raadplegen in het gemeentelijk informatiecentrum onder de raadzaal. Als men er niet uitkwam waren er medewerkers met de nodige bezieling, die behulpzaam waren. Daarnaast werden de gemeenteberichten wekelijks gepubliceerd in het huis-aan-huisblad de Posthoorn. Conclusie: ook het nieuwe plan voldoet in het geheel niet aan de parkeerbehoefte en dient dus te worden vernietigd. Indien de inhoudelijke beantwoording van deze brief langer dan veertien kalenderdagen op zich laat wachten verzoek ik U een kennisgeving van ontvangst aan genoemd adres te doen toekomen.” Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: a. Zienswijze Het aantal parkeerplaatsen is ten opzichte van het vorige bestemmingsplan met slechts één parkeerplaats is uitgebreid en gezien het aantal bewoners en ondernemers te beperkt. Er is een boekhoudkundige truc toegepast. Verder staat vast dat de gemeente het voornemen heeft om in de directe omgeving betaald parkeren in te voeren en dat bewoners van het nieuwbouwproject waarvoor het bestemmingsplan geldt niet in aanmerking komen voor een parkeervergunning op de openbare weg.
Reactie Ten aanzien van het bestemmingsplan Kop Assumburgweg (waarin werd gesproken van een parkeergarage met ca. 204 parkeerplaatsen) omvat het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 (waarin een parkeergarage met 205 parkeerplaatsen is beschreven) inderdaad geen uitbreiding van het aantal parkeerplaatsen. Ook het aantal woningen en andere toegestane functies is vrijwel gelijk gebleven. Er is op basis van de Nota parkeernormen Den Haag 2021 (RIS309940) onderzoek uitgevoerd. De bevindingen zijn neergelegd in het rapport Parkeerbehoefte Levels van 25 januari 2023 (zie bijlage 7 bij de toelichting). Dit rapport brengt in beeld dat en waarom deze parkeergarage toereikend is voor de parkeerbehoefte die wordt gegenereerd met de ontwikkeling. Uit dit onderzoek blijkt ook dat de parkeerbehoefte die de ontwikkeling genereert, op eigen terrein kan worden opgevangen. Dit wordt als volgt toegelicht:
10/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
In de wijk Moerwijk-Oost wordt naar verwachting 1 december 2023 (zie commissiebrief Uitbreiding parkeerareaal RIS315467) een parkeerregime ingevoerd. Bewoners en bedrijven uit het gebied komen in aanmerking voor een parkeervergunning. Dit geldt niet voor bewoners of bedrijven in een bouwontwikkeling waarbij een reductie van de autoparkeervraag is toegepast (waartoe de adressen worden opgenomen op de lijst voor parkeren op eigen terrein (POET-lijst)). Het parkeerregime wordt voorafgaand aan de realisatie en oplevering van de ontwikkeling die het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 mogelijk maakt ingevoerd. Hiermee is rekening gehouden in het onderzoek. De normatieve parkeerbehoefte die het bestemmingsplan genereert voor de woningen (bewoners én bezoekers) bedraagt 378 parkeerplaatsen. Voor de overige functies (inclusief bezoekers) bedraagt de normatieve parkeerbehoefte 117 parkeerplaatsen. Bewoners, gebruikers en bezoekers parkeren niet allemaal gelijktijdig dus dubbelgebruik van parkeerplaatsen is mogelijk. Hiervoor bevat de Nota parkeernormen Den Haag 2021 aanwezigheidspercentages. Omdat de woonfunctie het zwaartepunt vormt van de ontwikkeling die het bestemmingsplan mogelijk maakt, is het maatgevende moment de werkdagavond.
Wanneer de daarvoor geldende aanwezigheidspercentages worden toegepast, dan komt de totale parkeerbehoefte voor de woningen en de overige functies (inclusief bezoekers) uit op 361 parkeerplaatsen. Bij de berekening van de totale parkeerbehoefte is geen rekening gehouden met reductiepercentages voor mobiliteitsalternatieven (OV-alternatief, deelauto's en deelbakfietsen) die in de Nota parkeernormen Den Haag 2021 zijn opgenomen. Hiermee wordt de totale parkeerbehoefte gereduceerd. Gezien de ligging binnen 500 meter van station Moerwijk mag een reductie worden toegepast van 25% van de totale parkeerbehoefte (25% van 361 is afgerond 90 parkeerplaatsen). Daarnaast mag een (maximale netto) reductie worden toegepast van 100 parkeerplaatsen voor deelauto's en 27 voor deelbakfietsen. Bij maximale toepassing van de reducties wordt de totale parkeerbehoefte verlaagd met 217 parkeerplaatsen. Er moeten bij maximale toepassing van reductiepercentages minimaal (361 - 217 =) 144 parkeerplaatsen op eigen terrein worden gerealiseerd. In de ontwikkeling is een parkeergarage met 205 parkeerplaatsen voorzien. Dit is voldoende om binnen de kaders van de Nota parkeernormen Den Haag 2021 (en hierin toegestane reductiepercentages) te blijven en te voorzien in de parkeerbehoefte. Er is hierbij als gezegd rekening gehouden met de omstandigheid dat de wijk Moerwijk-Oost gereguleerd gebied wordt.
Het college zal dit naar verwachting 1 december 2023 (RIS315467) invoeren, vooruitlopend op de realisatie en oplevering van de ontwikkeling die het bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023 mogelijk maakt. Dit wordt in het bestemmingsplan geborgd met een voorwaardelijke verplichting op grond waarvan het verboden is de woningen en voorzieningen in het plangebied in gebruik te nemen of te geven, voordat er in de wijk Moerwijk Oost gereguleerd parkeren is ingevoerd. De (toekomstige) bewoners en gebruikers komen niet in aanmerking voor een bewoners- en of bedrijfsparkeervergunning. Dit is vastgelegd (en geborgd) in artikel 3.6 van de Nota parkeernormen Den Haag 2021 en in artikel 4.2.1 en 4.2.4 van de Regeling parkeerregulering en parkeerbelastingen Den Haag 2022. Dat bewoners en gebruikers niet in aanmerking komen voor een bewoners- of bedrijfsparkeervergunning wordt tot slot ook opgenomen in de omgevingsvergunning. Het huisnummerbesluit wordt te zijner tijd opgenomen op het overzicht met parkeerplaatsen op eigen terrein (de POET-lijst).
11/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Er is kortom geen truc toegepast maar een gedegen onderzoek gedaan, gebaseerd op gedegen beleid. Het is verder juist dat er een parkeerregime zal worden ingevoerd in de wijk Moerwijk-Oost en dat de toekomstige bewoners en bedrijven niet in aanmerking komen voor een parkeervergunning. Dit maakt nu juist dat de parkeerbehoefte goed op eigen terrein moet (en kan) worden opgevangen.
b. Zienswijze Op 5 april jl. heeft er een voorlichtingsbijeenkomst plaatsgevonden. De aldaar verstrekte informatie was te beperkt en de opzet van de bijeenkomst – zonder plenair deel – was ondeugdelijk. De informatie over de ontwikkeling was eerder (en anders dan vroeger toen gemeenteberichten nog werden gepubliceerd in de Posthoorn) ook niet goed te verkrijgen op het gemeentelijk informatiecentrum. Reactie De informatieavond is op de gebruikelijke wijze georganiseerd. Geïnteresseerden konden vragen stellen over het plan. Wij hebben niet de indruk dat door het niet houden van een plenaire bijeenkomst niet alle vragen beantwoord zijn. Gemeenteberichten worden niet meer bekend gemaakt via de Posthoorn, maar sinds 1 mei 2016 via het digitale Gemeenteblad, te vinden op www.overheid.nl.
Er hebben zich geen bewoners gemeld met klachten over de mogelijkheid informatie in te winnen. Eventuele klachten over de dienstverlening van het gemeentelijk informatiecentrum kunnen via het klachtenformulier, dat te vinden is op de website van de gemeente Den Haag, worden ingediend. Conclusie Gelet op het voorgaande adviseert het college de gemeenteraad de zienswijze ongegrond te verklaren. 3.
Ra.10524021
Bewoners en ondernemers in de directe omgeving van Levels
De volgende zienswijze is geciteerd: “Namens bewoners en ondernemers in de directe omgeving van project Levels ontvangt u hierbij onze zienswijze op het ontwerp bestemmingsplan Kop Assumburgweg 2023, zoals dat ter inzage ligt tot 3 mei 2023. Deze zienswijze is een stuk wat deel uitmaakt van een lange reeks interacties tussen de gemeente Den Haag en de wijkbewoners. In 2021 hebben de bewoners bezwaren geuit tegen de omvang van het project, het verlies van groen, de (te lage) parkeernorm en samenwerking tussen gemeente en ontwikkelaar die gekenmerkt lijkt te worden door verstrengeling van belangen. In 2022 heeft de Raad van State het bestemmingplan vernietigd op grond van de parkeernorm. Volgens de RvS is die parkeernorm gebaseerd op ongefundeerde aannames en een dubbeltelling van een afslagfactor. Omdat het onderhavige bestemmingsplan deel uitmaakt van deze reeks ontwikkelingen beperken wij ons nu tot een zienswijze op de te lage parkeernorm, alsmede de dubieuze samenwerking tussen de Gemeente Den Haag en ontwikkelaar Stebru. Dat wij ons in deze zienswijze beperken tot deze twee factoren neemt niet weg dat onze bezwaren nog steeds samenhangen met de andere genoemde factoren, zoals de omvang, de programmering en het verlies van groen en speelruimte.
12/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
1 Parkeren: Paragraaf 5.5.1. van de toelichting op het bestemmingsplan stelt: Zoals in paragraaf 4.4.2.3 is toegelicht, wordt in de ontwikkeling een parkeergarage mogelijk gemaakt met 205 parkeerplaatsen. Deze parkeergarage is voldoende om de parkeerbehoefte die het bouwplan genereerd rekening houdend met mogelijkheden voor dubbelgebruik en reductie vanwege mobiliteitsalternatieven. Het gebied wordt aangewezen als gebied met gereguleerd parkeren en bij toepassing van reductie komen bewoners en bedrijven niet in aanmerking voor bewoners- of bedrijfsparkeervergunningen. Deze parkeerbehoefte wordt derhalve niet afgewenteld op het openbaar gebied zodat dit niet tot een toename van de parkeerdruk leidt. Voor de onderbouwing van de door de gemeente vastgestelde conclusies verwijst zij naar het onderzoek van Ecorys, “parkeerbehoefte Levels" zoals opgenomen in bijlage 7 van de toelichting op het bestemmingsplan. Volgens onze zienswijze is de onderbouwing in het bestemmingsplan onvoldoende en de getrokken conclusies onjuist.
A B
De parkeergarage met 205 plaatsen is absoluut niet voldoende. Door de onderbouwing uitsluitend te baseren op cijfers en percentages blijven een aantal inhoudelijke zaken onderbelicht en is onvoldoende aangetoond dat parkeerdruk niet wordt afgewenteld op de omgeving.
De punten A en B zetten wij als volgt uiteen: A
De parkeergarage met 205 plaatsen is absoluut niet voldoende:
Voor de vaststelling van de algemene parkeernorm in Den Haag zoals uitgewerkt in de Nota Parkeernormen Den Haag 2021 (RIS309940) is ruimte geboden aan ontwikkelaars om het aantal autoparkeerplaatsen te verlagen t.o.v. de basisnorm van de nota. In paragraaf 3.4 van daze nota staat onder a) “de aanvrager een ontwikkeling wil realiseren binnen een straal van 500 meter van station Moerwijk, station Mariahoeve, station Ypenburg en openbaar vervoer knooppunt Leidschenveen wordt gerealiseerd, op voorwaarde dat dit gebeurt met maximaal 25% van de autoparkeervraag;” Het is opmerkelijk dat de algemene parkeernota in §3.4 al expliciet vermeld dat gebouwen binnen een straal van 500 meter van het station mogen worden gerealiseerd met een parkeernorm die wordt verlaagd, echter tot een maximum verlaging van 25%. Project Levels staat binnen een straal van 500 meter van één van de genoemde stations. Daarmee zou de maximale afslag 25% zijn. Echter geeft de algemene nota in § 3.5 de mogelijkheid: "In aanvulling op artikel 3:4 en artikel 3:1 is het toegestaan om de inzet van mobiliteitsalternatieven onderling en met dubbelgebruik te combineren tot maximaal 75 procent van de oorspronkelijke autoparkeeraanvraag. De basisparkeerbehoefte volgens Ecorys is 361 plaatsen. (pag 6, rapport Ecorys). In de parkeergarage zijn 205 plaatsen, waarvan 3 stuks voor het plaatsen van deelauto's.
Omdat die deelauto's onderdeel zijn van de voorzieningen die aangewend worden voor de parkeerafslag, zijn dus feitelijk 202 plaatsen beschikbaar voor de eigen auto’s van bewoners, ondernemers en/of klanten. Daarmee is feitelijk een afslagfactor van 44,05% behaald.
13/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Dan wordt de maximale factor uit paragraaf 3:4 dus overschreden. Met 25% van 361 plaatsen zou de parkeergarage 270,75 plaatsen moeten bevatten, aangevuld met 3 plaatsen voor de deelauto's, en afgerond, dus 274 plaatsen. Voor project Levels is dus gebruik gemaakt van paragraaf 3.5 die een uitzondering mogelijk maakt tot maximaal 75% van de oorspronkelijke autoparkeervraag. Daarmee zou het gecombineerd aanbod van vervoersalternatieven een grotere afslag mogelijk maken. Daarmee ontstaat de belangrijkste en meest invloedrijke dubbelgebruik van afslagfactoren: Enerzijds valt Levels expliciet binnen de categorie van §3.4, met een maximum afslag van 25% als gevolg van de nabijheid van een NS station. Anderzijds beroept de gemeente zich op §3.5 met als voornaamste argument dat het NS station een "vervoersaltematief" is. Naast deze dubbele aanwending van het aanwezige station is door de bewoners vastgesteld dat de aanwezigheid van een station in de praktijk helemaal niet betekend dat er daadwerkelijk sprake is van een lagere behoefte aan autoparkeerplekken. De afslag van parkeerfactoren is in de praktijk onvoldoende aangetoond. Een grondig onderzoek van de bestaande bebouwing in de directe omgeving van het betreffende station toont aan dat de daadwerkelijke parkeerbehoefte juist groter is dan de algemene norm.
Bestaande woongebouwen die zich op gelijke afstand tot station Moerwijk bevinden en vergelijkbare bewoners huisvesten kennen op dit moment een véél hogere parkeernorm. In de dagelijkse praktijk is de parkeerdruk zo hoog dat in de avond en nachten vele stoepen en groenstroken oneigenlijk gebruikt worden als parkeerplek. We verwijzen u daarvoor naar de bijlagen bij deze zienswijze: Bijlage 1: overzicht van de onderzochte gebieden. Bijlage 2: parkeeranalyse Mariaburcht. hoek Erasmusweg en Troelstrakade. Bijlage 3: parkeeranalyse Willem Dreespark, hoogbouwflats. Bijlage 4: parkeeranalyse Hildebrandstraat ter hoogte van station Moerwijk Bijlage 5: parkeeranalyse Moerwijk Oost vanuit het station gezien achter Levels. De belangrijkste conclusie uit onze eigen parkeeronderzoeken is dat vergelijkbare bewoning een parkeerbehoefte kent van rond de 0.8 parkeerplaatsen per woning. De onderzochte woongebouwen hebben een vergelijkbare afstand tot het station en hebben ook redelijk vergelijkbare woningtypen en groepen bewoners. Wij zijn op basis van deze analyse van mening dat het verlagen van de norm volstrekt geen adequate wijze is om te voorzien in een reële parkeerbehoefte. De verlaagde parkeernorm is een weergave van de politieke wens om het autogebruik in Den Haag minder aantrekkelijk te maken zodat de bewoners kiezen voor collectief vervoer of fiets.
Met dat beleid houdt de gemeente geen rekening met twee basale feiten die van belang zijn voor de bewoners: 1 2
Steden zijn van oudsher ontstaan door het samenkomen van logistieke wegen. Transport van goederen en personen is bestaansrecht van steden. Juist in de armere wijken (waarvan Moerwijk een bekend voorbeeld is) woont een relatief hogere concentratie personen die voor het inkomen afhankelijk is van auto's. We noemen als voorbeeld taxichauffeurs, pakketbezorgers, rijschoolhouders, loodgieters, bouwvakkers, (ambulante) handelaren, koeriers. Alle grote pakketbezorgers maken tegenwoordig gebruik van zzp-bezorgers met eigen bussen, en die wonen juist in dit soort wijken.
14/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Indien de werkelijke parkeerbehoefte van Levels vergelijkbaar is met de onderzochte woongebouwen in de directe omgeving, zal de parkeerbehoefte dus wel degelijk worden afgewenteld op de omgeving. Wii stellen dat de gemeente voor Levels de basisparkeernorm moet hanteren, te weten 361 autoparkeerplaatsen. B
Door de onderbouwing uitsluitend te baseren op cijfers en percentages blijven een aantal inhoudelijke zaken onderbelicht en is onvoldoende aangetoond dat parkeerdruk niet wordt afgewenteld op de omgeving.
Een van de belangrijkste factoren om het aantal autoparkeerplaatsen naar beneden bij te stellen is het zogenaamde dubbelgebruik. Dat is zelfs een voorwaarde zoals gesteld in 3.5 van de Haagse parkeernota. In het bestemmingsplan zijn uitsluitend kwantitatieve aspecten vermeld en betrokken bij de onderzoeken en onderbouwingen. Daarmee blijven een aantal zaken buiten beschouwing die in gebruik ernstige verstoring van effectief dubbelgebruik veroorzaken. B.1: Toegangsbeheer garage: De gemeentelijke parkeerregulering voorziet in een parkeertarief in de avonduren. Overdag is het kosteloos. Op die regulering wordt toegezien door de dienst parkeerbeheer door surveillance met geautomatiseerde kentekenscanners. De combinatie van de parkeergarage met een parkeerregime leidt tot de volgende situatie: Indien de parkeergarage toegankelijk is d.m.v. een slagboom, zal ook het gebruik van de parkeergarage overdag tot kosten voor de gebruiker leiden. Het is aannemelijk dat auto's van klanten, medewerkers en dienstverleners (verhuizingen, logistiek, installatieservice) van de bedrijven en bewoners de auto's in de omgeving op straat parkeren. Zij hebben immers geen toegang tot de parkeergarage, of mijden die omdat parkeren langs de straat kosteloos is.
Andersom gesteld, indien de garage overdag onbelemmerd en kosteloos toegankelijk is, zal dit onvermijdelijk leiden tot oneigenlijk gebruik, mede door de nabijheid van het station, en omdat de dienst parkeerbeheer niet zal/kan controleren in de garage. Het bestemmingsplan zal dus moeten voorzien in een aanvullende bindende richtlijn voor het gebruik van de parkeergarage: De kosten voor en de toegankelijkheid van de parkeergarage zullen volledig gelijk moeten zijn aan de kosten voor de parkeerregulering door de gemeente op openbaar gebied, zowel overdag als in de avond/nacht. Er moet worden vermeden dat parkeerders kosten kunnen besparen door in de buurt te parkeren. Ook moet worden vermeden dat de garage op oneigenlijke manier kan worden benut door bijvoorbeeld treinreizigers. B.2: Minder valide plekken: In de algemene parkeernota en in het bestemmingsplan wordt vermeld dat bewoners en ondernemers geen vergunning kunnen krijgen voor een parkeerplek langs de openbare weg. Strijdig hiermee is de nota "Verordening parkeerregulering en parkeerbelastingen Den Haag 2022 (RIS309977)”. Volgens paragraaf 3.3.2. en 3.2.3. kan elke bewoner een individuele gehandicaptenparkeerplaats aanvragen, mits hij daartoe aan de voorschriften voldoet. Ook bewoners van Levels kunnen dus in de toekomst aanspraak maken op een dergelijke parkeerplaats.
In het bestemmingsplan is niet bepaald dat deze gehandicaptenparkeerplaatsen in de besloten parkeergarage moeten worden aangeboden. Indien dit wel de bedoeling is, dient dit: I) Duidelijk vermeld te zijn in het bestemmingsplan.
15/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
II) Gevolgen hebben voor het dubbelgebruik. Een gehandicaptenparkeerplaats is immers gereserveerd op kenteken. Indien deze gehandicaptenparkeerplaatsen niet aangeboden worden in de garage, zal de gemeente deze alsnog moeten aanbieden langs de openbare weg, waarmee de parkeerdruk dus wel wordt afgewenteld op de omgeving. Het aantal gehandicaptenparkeerplaatsen laat zich moeilijk becijferen. Er zijn voorbeelden van straten waar 7 van de 9 beschikbare plaatsen op kenteken zijn gereserveerd. (Meyerstraat, ook een ontwikkellocatie van Stebru met een gigantisch parkeerprobleem). Daarnaast zijn er diverse krantenartikelen, raadvragen en zelfs een TV uitzending geweest over het opvallend aantal gehandicaptenparkeerplaatsen in Schilderswijk. Een concreet voorbeeld uit onze woonomgeving is de seniorenflat boven de COOP aan het Heeswijkplein in Den Haag. Die omvat 30 woningen, en heeft 4 op kenteken gereserveerde gehandicaptenplaatsen. Ons woonblok aan de Assumburgweg, Swanenburgstraat en Schoonhetenstraat omvat 30 woningen en heeft 5 gereserveerde plekken. Eerdere onderzoeken (AD, 29 januari 2021) hebben aangetoond dat er samenhang bestaat tussen het aantal gehandicaptenparkeerplaatsen en de parkeerdruk in de wijk. Immers, alleen een gebrek aan plaatsen maakt het aanvragen en bekostigen van een dergelijke plek noodzakelijk.
Afgeleid uit het door ons uitgevoerde parkeeronderzoek stellen wij dat ongeveer 10 gehandicaptenplaatsen nodig zijn op 100 woningen. Daarmee zou in het geval van Levels het aantal MIVA plaatsen kunnen oplopen tot 55. Onze zienswijze is dat de garage berekend moet worden op minstens 55 qehandicaptenplaatsen en dat de berekening van het aantal autoparkeerplaatsen moet worden bijgesteld op enkelgebruik van deze plekken. B.3: Laadplekken en brandveiligheidsvoorzieningen voor elektrische voertuigen. Ook dit aspect is geheel niet vermeld in het bestemmingsplan, en heeft het in zich om een factor te zijn die als parkeerdruk wordt afgewenteld op de omgeving. Het bestemmingsplan voorziet in een grootschalige bouwlocatie die zomaar 3 tot 4 jaar vergt tot oplevering. Ook als de verdere procedures spoedig doorlopen worden komt de opleverdatum wellicht rond het jaartal 2028. De EU en ook Nederland hebben wetgeving in voorbereiding dat rond 2030 uitsluitend nieuwe elektrische voertuigen mogen worden verkocht. Voor 2e hands EV's is een subsidieregeling in voorbereiding. De elektrificatie van het wagenpark zal hoe dan ook een versnelling kennen. Het bestemmingsplan geeft niet aan dat er in de garage laadcapaciteit moet zijn, en dus ook niet voor hoeveel auto's.
Daarnaast is het niet denkbeeldig dat er vanwege problemen met brandveiligheid en verzekeringsrisico's beperkende maatregelen ontstaan voor het laden van EVs in overdekte garages. Ook is het niet denkbeeldig dat de elektrische aansluiting van de locatie op het landelijk netwerk helemaal niet toereikend is voor zoveel laadplekken in de garage. Wij achten het daarom noodzakelijk dat in het bestemmingsplan wordt bepaald dat de garage minimaal plek moet bieden aan 50 plekken met laadvoorziening. Dat getal is afgeleid van de verwachting dat rond de oplevering minimaal 40 % van de auto's een EV is. Tevens achten wij het noodzakelijk in het bestemmingsplan bepaald moet worden dat de garage op korte en lange termijn geschikt moet worden gemaakt en gehouden voor het plaatsen en laden van EV's, ook als er sprake is van veranderende wetgeving of aanvullende eisen van bijvoorbeeld verzekeraars en/of hulpdiensten.
16/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Onze zienswijze is dat in de toekomst de garage afdoende laadvoorzieningen moet bieden om te voorkomen dat bewoners of ondernemers van Levels een laadvoorziening op openbare parkeerplaatsen aanvragen, en deze ook krijgen. Ook moet worden vastgelegd dat de garage van voldoende veiligheidsvoorzieningen wordt voorzien om EVs te laden en parkeren, ook als vanuit de wetgeving en/of verzekeraars/hulpverleners aanvullende eisen op het gebied van brandveiligheid gesteld worden. B.4: Overige uitzonderingen: Tenslotte is er nog een categorie met uitzonderingen die in de toekomst geen gebruik kunnen maken van de parkeergarage. We noemen in deze categorie als voorbeeld: • Bedrijfswagens (bussen) die te hoog en/of lang zijn voor de parkeergarage. • Auto's met LPG tank, hetgeen in vele parkeergarages niet is toegestaan vanwege explosiegevaar. Hoewel het in deze categorieën verhoudingsgewijs niet om grote aantallen gaat, willen we deze toch noemen. Momenteel rijdt ongeveer 1 % van alle auto's op LPG. Uitgaande van de betrokkenheid van ongeveer 360 auto's (205 plaatsen met dubbelgebruik) zouden het dus 3 à 4 auto's met LPG worden. Volgens het CBS staan er ongeveer 1 miljoen bedrijfswagens geregistreerd. Ze vormen daarmee ongeveer 12% van het totaal aantal auto's. Daarmee kan het aantal bedrijfswagens bij Levels oplopen tot ongeveer 40.
Als van die 40 bedrijfswagens 10 stuks te groot zijn voor de garage kunnen die alleen geparkeerd worden in de omgeving. Deze categorie zou dus kunnen leiden dat tot circa 10 tot 14 auto's in de omliggende woonstraten worden geparkeerd, waarmee parkeerdruk wordt afgewenteld op de omgeving. Wij stellen dat in het bestemmingsplan dus moet worden bepaald dat de parkeergarage ook plaats moet bieden aan deze categorie auto's. 2 De samenwerking tussen De Gemeente Den Haag en ontwikkelaar Stebru BV. Wij constateren in de samenwerking tussen de Gemeente Den Haag en ontwikkelaar Stebru een verstrengeling van belangen. Dat heeft zich gedurende het voorjaar van 2023 ontwikkeld in de vorm van smeergeld en “ongewenste beïnvloeding”. Wij lichten dat als volgt toe: • De samenwerkingsovereenkomst tussen De Gemeente Den Haag en Stebru geeft aan dat de Gemeente zorgdraagt voor: “de benodigde gemeentelijke planologische procedures ter vaststelling van het benodigde bestemmingsplan en het met inachtneming van wettelijke termijnen voortvarend kunnen doorlopen van de gemeentelijke procedures ter verkrijging van de benodigde vergunningen voor het project" • Op 24 mei 2022 heeft de gemeentelijke bezwaarcommissie ons bezwaar ongegrond verklaard wat gericht was tegen de verstrekte omgevingsvergunning.
Ons bezwaar was op dat moment in hoofdzaak gericht tegen het verstrekken van een omgevingsvergunning terwijl de zaak tegen het bestemmingsplan bij de RvS op dat moment nog in afwachting was van de uitspraak. De zitting bij de RvS had al enkele weken daarvoor plaatsgevonden, dus een uitspraak was ophanden. • Inderdaad ontvingen alle partijen op 1 juni de uitspraak van de RvS waarin de bezwaren van de bewoners op het gebied van parkeren gegrond zijn verklaard. • Direct daarna hebben we bij de Rechtbank Den Haag weer beroep aangetekend tegen het afwijzen van ons bezwaar, met de eis om de verstrekte omgevingsvergunning in te trekken. Deze rechtszaak is tot op de dagtekening van deze zienswijze nog in afwachting van een zitting. • Ontwikkelaar Stebru heeft bij monde van dhr Robert Steenbrugge aan ondergetekende aangeboden om de som van € 100.000, -- vrij te maken voor het herhuisvesten van de sportverenigingen in de oude brandweerkazerne. Dit echter onder voorwaarde dat wij het beroep tegen de omgevingsvergunning zouden intrekken. Het aannemen van dit aanbod zou ons verplichten om onze bezwaren in te trekken.
17/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Het afwijzen van het bod geeft een schuldgevoel richting de sporters, mensen die ons na aan het hart liggen. Dit is een ongewenste vorm van beïnvloeding, hetgeen ik ook kenbaar heb gemaakt aan een journalist van het AD. Dit heeft geleid tot een hele reeks ontwikkelingen. o De journalisten hebben grondig onderzoek verricht en wederhoor verzameld, waarin het gedane voorstel is bevestigd. o Het artikel is geplaatst in het AD. o Over het artikel zijn raadsvragen gesteld aan het college van Den Haag, waar de wethouder stelt dat de Gemeente Den Haag volledig buiten spel staat bij het gedane voorstel voor de € 100.000, -- ter beïnvloeding. • Onze zienswijze is dat de Gemeente Den Haag helemaal niet vrijuit gaat De rechtszaak is immers gericht tegen de Gemeente Den Haag als verstrekker van de omgevingsvergunning. Het is ook de taak van de Gemeente Den Haag om procedures voortvarend te door1open, en het ingestelde beroep is dus rechtstreeks in het belang van de Gemeente Den Haag. Als de ontwikkelaar namens het samenwerkingsverband een voorstel doet om een bezwaarmaker te bewegen een beroep tegen de Gemeente in te trekken, is de Gemeente Den Haag op z’n minst medeverantwoordelijk voor de ongewenste wijze van beïnvloeding. • De door politieke partijen schriftelijk gestelde raadsvragen zijn beantwoord.
Uit de antwoorden van B&W blijkt dat ze van mening zijn dat aannemers in de rol van vergunninghouder vrij zijn om met anderen te onderhandelen en een poging te wagen bezwaren weg te nemen. Daarmee stelt de gemeente bij monde van haar burgermeester dat ze het normaal vinden dat een aannemer geld biedt voor bijvoorbeeld een parkeerplek of wat dan ook, teneinde bezwaarmakers te beïnvloeden. Dat is een kwalijke zaak! Bovengenoemde uiteenzetting is gebaseerd op vele onderliggende stukken, zoals het krantenartikel, de samenwerkingsovereenkomst, de diverse stukken van bezwaar, afwijzing en beroep. Om deze zienswijze leesbaar te houden hebben we ervoor gekozen deze niet als bijlage toe te voegen. Desgewenst kunnen wij u kopieën toezenden. Inzake de samenwerking tussen de Gemeente en de ontwikkelaar Stebru stellen wij dat bij vergelijkbaar gedrag door bijvoorbeeld een onderaannemer of medewerker van de Gemeente Den Haag, er onverkort zou worden overgaan tot sancties. Het is onze zienswijze dat De Gemeente Den Haag ook in dit geval medeverantwoordelijkheid draagt en verregaande maatregelen moet treffen om dit te sanctioneren. De suggestie van ons is om de samenwerkingsovereenkomst te ontbinden zodat de gemeente weer onafhankelijk kan optreden in de rol als dienaar van het algemeen belang.
In het vertrouwen dat onze zienswijze afdoende is toegelicht en onderbouwd rekenen wij op een adequate aanpassing van het bestemmingsplan in lijn met deze zienswijze. Om tot effectieve aanpassingen te komen zijn wij gaarne bereid met u in overleg te treden.” Ten aanzien van deze zienswijze merkt het college het volgende op: a. Zienswijze In de parkeergarage zijn 205 plaatsen, waarvan 3 voor het plaatsen van deelauto’s. Omdat de deelauto’s onderdeel zijn van de voorzieningen die aangewend worden voor de parkeerafslag, zijn feitelijk 202 plaatsen beschikbaar voor de eigen auto’s van bewoners, ondernemers en klanten. Daarmee is feitelijk een afslagfactor van 44,05% behaald. Dan wordt de maximale factor uit paragraaf 3:4 overschreden. Met 25% van 361 plaatsen zou de parkeergarage 270,75 plaatsen moeten bevatten, aangevuld met 3 plaatsen voor deelauto’s, afgerond 274 plaatsen.
18/35
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
DSO/10612345
Voor project Levels is gebruik gemaakt van paragraaf 3.5 die een uitzondering mogelijk maakt tot maximaal 75% van de oorspronkelijke autoparkeervraag. Daarmee zou het gecombineerde aanbod vervoersalternatieven een grotere afslag mogelijk maken. Reactie In de Nota parkeernormen Den Haag 2021 is in artikel 3.1 bepaald dat de berekende autoparkeervraag naar beneden kan worden bijgesteld als de initiatiefnemer aantoont dat de parkeerplaatsen in de aan te leggen parkeervoorziening voor meerdere functies met verschillende aanwezigheidsprofielen op basis van de aanwezigheidspercentages van het CROW (zie bijlage 5 bij de nota) kunnen worden gebruikt (aangeduid als dubbelgebruik). Verder zijn in artikel 3.4 van de Nota mogelijkheden opgenomen voor de inzet van mobiliteitsalternatieven ter reducering van de autovraag (OV, deelauto's, deelbakfietsen of een ander hoogwaardig mobiliteitsalternatief). Deze zijn per reductiemogelijkheid aan maximale percentages gekoppeld. In artikel 3.5 van de Nota is bepaald dat het is toegestaan om de inzet van mobiliteitsalternatieven onderling en met dubbelgebruik te combineren. Daarbij geldt wel als randvoorwaarde dat dat tot maximaal 75% van de oorspronkelijke autoparkeervraag mag worden gedaan.
In de zienswijze wordt terecht geconstateerd dat dubbelgebruik en de inzet van de verschillende mobiliteitsalternatieven kunnen worden gecombineerd en daarmee kunnen leiden tot een grotere reductie dan alleen 25% vanwege de ligging nabij station Moerwijk. Dit beleid is gerechtvaardigd omdat elk van de genoemde reductiemogelijkheden (dubbelgebruik, OV, deelauto's, deelbakfietsen en andere hoogwaardige mobiliteitsalternatieven) een eigen effect heeft op de parkeervraag van een project. Als dubbelgebruik mogelijk is, een ontwikkeling nabij een station wordt gerealiseerd én deelauto's en deelbakfietsen worden toegepast (zoals in voorliggend geval) dan zal de parkeervraag lager zijn dan wanneer de ontwikkeling alleen in de nabijheid van een station wordt gerealiseerd zonder toepassing van deelauto's en deelbakfietsen. In artikel 3.5 is als gezegd voorgeschreven dat er nooit verder gereduceerd mag worden dan 75% van de oorspronkelijke parkeervraag. Met een parkeergarage voor 205 parkeerplaatsen wordt (ruimschoots) aan dit vereiste voldaan (75% van de oorspronkelijke parkeervraag van 495 parkeerplaatsen is 372. Er vindt een reductie van 290 parkeerplaatsen plaats (495-205), wat neerkomt op 59%. b. Zienswijze Enerzijds valt Levels binnen de categorie van §3.4, met een maximum afslag van 25% als gevolg van de nabijheid van een NS station.