CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 2025-06-03

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente 's-Hertogenbosch61.761 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

het echt over uitvoering gaat is het wat anders, maar als je nieuw beleid gaat vastleggen en daar middelen voor gaat alloceren die over de gemeenteraadsverkiezingen heen gaan, dan wordt het natuurlijk een heel lastig verhaal en dan ga je de nieuwe raad gewoon in de weg zitten. De heer ROOVERS: Het is natuurlijk een beetje situatieafhankelijk of nieuw beleid, langjarig beleid nodig is. Dat is een afweging die we in principe bij de begroting maken en dan kunnen we daar iets van vinden. Ik zou het bijvoorbeeld heel positief vinden als het college de komende begroting nog met een uitwerking komt van het overnemen van schulden, een motie die we nu indienen. Dan is dat toch een afweging die wij op dat moment gewoon kunnen maken of het noodzakelijk is of dat we tot na de verkiezingen moeten wachten. Waarom zouden we dat nu al moeten dichttikken? De heer VAN HATTEM: Zover het lopend beleid betreft, kan dat ook. Als het over uitlopende uitvoering gaat ook. Maar als je gaat zeggen: we gaan richting de begroting met allerlei toekomstpijlers en dat soort zaken, al zaken in de steigers zetten en daar ook middelen aan toekennen of beleid al helemaal vastklikken of contracten daarvoor afsluiten, dan ga je de nieuwe raad echt wel in de weg zitten.

Dan is gewoon de oproep: als de begroting in het najaar wordt gepresenteerd dat in ieder geval de nieuwe raad nog de ruimte heeft om die afwegingen te maken. Niet dat er bijvoorbeeld wordt gezegd: we hebben nog zoveel middelen over en die gaan we in een of ander fonds wegzetten en de toekomende raad heeft er helemaal geen zeggenschap meer over. Dus dat soort zaken wil ik eigenlijk absoluut voorkomen. De heer ROOVERS: Volgens mij zijn wij gekozen tot de laatste dag van de periode van deze raad en dan stellen wij in november gewoon de begroting voor 2026 vast. In 2026 vinden inderdaad verkiezingen plaats, maar dat weerhoudt ons er toch niet van om problemen van inwoners die in armoede verkeren gewoon op te lossen? Wat ik zo vreemd vind is dat de PVV hier wel een soort kunstmatige scheidslijn tussen een nieuwe en een oude raadsperiode belangrijker lijkt te vinden dan de realiteit waarmee onze inwoners te maken hebben. De heer VAN HATTEM: Als er actuele problemen moeten worden opgelost voor inwoners die in armoede zitten dan vindt u mij aan uw zijde om daarop in te grijpen. Het is wat anders als jij bijvoorbeeld gaat zeggen: we gaan een of ander potje maken dat we voor de komende twintig jaar moeten wegzetten of misschien zelfs maar voor vier jaar, waar de nieuwe raad eigenlijk geen grip op heeft en niet aan kan komen. Dan ben je eigenlijk echt over het graf heen aan het regeren.

Dan moet het ook echt aan de nieuwe raad zijn die die middelen opnieuw kan besteden en uitgeven. Mevrouw HENDRICKX: Even in de richting van de heer Van Hattem, volgens mij hebben beide collega's het punt dat ik wilde maken heel duidelijk gemaakt. Ik probeer heel erg een eindje met u op te lopen. Hoe stelt u zich dat in godsnaam voor dat we dan een jaar lang bij wijze van allerlei dingen niet meer zouden doen? De heer VAN HATTEM: Om een voorbeeld te geven, stel dat het college dit najaar komt met: we gaan een Designfonds inrichten waarbij de komende tien jaar allerlei zaken kunnen worden aangeschaft om het Design Museum te vullen. Dan denk ik: dat moet je echt wel aan de nieuwe raad… Mevrouw HENDRICKX: Maar mijnheer Van Hattem, dat is dan toch gewoon een democratisch genomen besluit door deze gemeenteraad in de samenstelling zoals we die nu kennen. Daar kunt u het dan inhoudelijk niet mee eens zijn, maar zo werkt het natuurlijk wel. Dat is een vraag aan u: zo werken we toch met elkaar? De heer VAN HATTEM: We kunnen ook evengoed vanuit een democratisch perspectief het verzoek doen om dat niet te doen. Mevrouw HENDRICKX: Dat verzoek doet u vanavond.

De heer VAN HATTEM: Dat doe ik om in ieder geval te zorgen dat die nieuwe raad ook gewoon op het moment dat zij in charge zijn nieuwe keuzes kunnen maken en dat de burger ook echt wat te zeggen heeft en dat de burger bij de gemeenteraadsverkiezingen niet tegen iets gaat aanlopen van: dat is allemaal al vastgelegd voor de komende jaren. En waar we ook op stemmen, 41

het ligt toch allemaal al in kannen en kruinen vastgelegd. Ter afsluiting, ik heb ook nog een aantal moties mede ingediend, met groot genoegen, onder andere over het supportershome voor FC Den Bosch, over de financiering van DTV, over de externe inhuur en over de afvalboetes. De heer HUIBERS: Ik heb helaas nog een interruptie, excuus, het ging allemaal zo snel. Nog even over de motie van het jaarverslag, motie 2, waarin wordt opgeroepen om te stoppen met subsidie te geven aan integratie. Dank in ieder geval voor de link die is meegestuurd. Ik ben daar in gedoken en ik zie ook wel een aantal seniorenverengingen die zich niet alleen maar richten op de integratie maar ook op de emancipatie en de maatschappelijke participatie. Ze pakken het wat breder aan. Bent u niet bang dat met uw motie ook deze partijen subsidie gaan kwijtraken die ze ook besteden aan andere activiteiten? De heer VAN HATTEM: Ik dank de heer Huibers van Rosmalens Belang voor deze terechte vraag. Ik heb het ook gezien, ik zag heel dat lijstje voorbijkomen, en waar ik me vooral over verbaasde: het is een beetje een grabbelton qua categorie.

Je kunt er van alles in stoppen en daar wordt subsidie voor verleend, en ik denk dat het juist goed is om daar gewoon scherper naar te kijken, want wat mij betreft: alle organisaties die er staan moeten gewoon op hun merites beoordeeld worden of ze recht hebben op subsidie, maar voor iedere subsidie moet gewoon een duidelijk kader liggen waarop de subsidie gebaseerd is. En als er dan staat: het is ook op integratie, dan moet dat kopje integratie er in ieder geval uit, dus niet zozeer dat de organisaties an sich geen recht zouden hebben op subsidie, maar geen subsidie vanwege integratie. Dan is het vanwege een van de andere aspecten, maar als het college duidelijk zegt in de beantwoording van raadsvragen: wij voeren geen integratiebeleid, dan ook geen integratiesubsidie. De heer VAN GENUGTEN: In aansluiting op de vragen van de heer Huibers, ik heb die lijst ook gezien. Volgens mij zijn het allemaal activiteiten die zorgen dat mensen, ongeacht achtergrond, inkomen, leeftijd, geloof, whatsoever, mee kunnen doen in de samenleving, in die zin is dat breed integreren, zorgen dat iedereen meedoet. En dat zijn activiteiten van bijvoorbeeld de KBO Kring 'sHertogenbosch, het Vicki Brownhuis, de Transfarmers, Stichting Noorderpoort. En als ik uw motie dan lees, dan zou u toch bijna honderd initiatieven overboord gooien met één motie.

De heer VAN HATTEM: Zo moet de motie ook niet gelezen worden. Het is niet de bedoeling om de subsidies voor die organisaties stop te zetten. Het is alleen bedoeld om de subsidie niet op basis van integratie te verlenen. Ik vind het wel scherp dat die opmerking even wordt gemaakt, dat het echt bedoeld is om de subsidiegrondslag te wijzigen, maar niet dat per se die organisatie… Want u noemt een aantal prachtige organisaties op die in deze stad actief zijn. Maar het gaat om de subsidiegrondslag en niet om de organisatie die er gebruik van maakt. Die kan gewoon subsidie aanvragen en verkrijgen op basis van een subsidieregeling. Maar in die subsidieregeling moet dan niet meer staan: integratie, als het college daadwerkelijk zegt: wij voeren geen lokaal integratiebeleid. Zo is het bedoeld. De heer VAN SILFHOUT: Dan wil ik toch even doorvragen, want ik krijg toch de indruk, Amerika heeft DOGE, Department of Government Efficiency, waarbij, omdat bepaalde dingen ons niet bevallen in een bepaald subsidiepotje dat hele subsidiepotje dan maar wordt geschrapt. Ik krijg toch dat gevoel bij deze motie. Wordt de heer Van Hattem eigenlijk de persoon die gewoon, omdat er één of twee, drie zes woorden in staan die hem niet zinnen, dan mag het allemaal niet meer? De heer VAN HATTEM: Nee, ik zou het persoonlijk wel goed vinden om een keer de bezem door de hele overheid te halen, los daarvan.

En dan kun je inderdaad ook heel veel van zulke dingen eruit halen, maar waar het hier om gaat is gewoon ook een kwestie van, ik zou het woord bijna niet meer durven gebruiken, goed bestuur. Je gaat eigenlijk uit van een subsidiegrondslag om een subsidie te kunnen verlenen, ook gewoon een stukje bestuursrecht. Als het college zegt: wij voeren geen integratiebeleid, en je gaat vervolgens wel integratiesubsidies verlenen, dan mis je de grondslag. Dus eigenlijk zeg ik: als je geen grondslag hebt, kun je ook bestuursrechtelijk gezien daarvoor geen subsidie verlenen, dus dan moet je of zorgen dat er een grondslag is of zorgen dat de regeling wordt aangepast zodat er dan wel een titel is waarbij je een subsidie kan verlenen maar dan wel vanuit de juiste grondslag. Volgens mij is het juridisch gewoon heel zuiver. Schorsing

42

De VOORZITTER: Dames en heren, iedereen van harte welkom. Ik hoop dat iedereen een goede bekomst heeft. Dan gaan we over naar de beantwoording en de advisering van het college op de moties. Per portefeuillehouder is er maximaal, zet het er maar even bij, zes minuten. We beginnen bij de wethouder van Financiën, de heer Van der Geld en daarna de wethouders en als laatste kom ik aan de beurt en dan zal mevrouw Hendrickx het voorzitterschap even overnemen. Reactie college Wethouder VAN DER GELD: Aan mij om de after dinner dip weg te praten. Ik begin met de moties. Bingo. Ik ga er zes doen. Motie 3 'Subsidieregister permanent op de website van de gemeente', amendement 2 'Budget Second Opinion Complexe projecten', motie 7 'Niet over graf heen regeren', motie 16 'Meer inzicht in proces herontwikkeling Tramkade', motie 24 'Zicht op randvoorwaarden voor realistische begrotingskeuzes' en motie 29 'Voorwaarden voor aanvullende financiering DTV Den Bosch'. Dus daar kom ik zo nog even op terug. Motie 3, subsidieregister. Op zich een logische om een subsidieregister te vragen. Die hebben we ook inderdaad in de lucht. Alleen als je naar de toelichting van indiener, de heer Van Hattem, luistert, dan is straks het verzoek vier keer per jaar updaten met misschien nog wel het liefst – ik heb de indiener goed beluisterd – een realtime-update.

Dat gaat ons echt te ver, dus wij vinden hem niet proportioneel en daarom ontraden we motie 3. … Dit is geen sabotage hoor, voorzitter. De heer VAN HATTEM: Ik doe het even zo, want ik ben dus niet Rinie Mees voor de goede orde. Nee, wel dezelfde kapper, maar dat terzijde. Ik hoor de wethouder zeggen dat ik het het liefst realtime heb, maar in de motie staat duidelijk per kwartaal. Nou ja, daar mag zelfs nog een iets andere vorm omheen gemaakt worden, als het maar op regelmatigere basis is dan een keer per jaar. Dus het hoeft voor mij echt niet realtime. Dus niet iedere subsidiebeschikking hoeft erop te staan. Maar als het meerdere keren per jaar is, in plaats van een keer per jaar, dat is eigenlijk het idee van de motie. Wethouder VAN DER GELD: Maar als college geven we aan: we zien hoeveel kruim het kost, het subsidieregister, zoals we dat in de lucht hebben staan inmiddels. Dat de opmaat er wel degelijk een is – ook gezien de bijdrage van de heer Van Hattem – van nu vier keer per jaar – u zwakt het misschien af – maar waarin de intentie, volgens mij, wel degelijk wordt uitgesproken van het liefst nog realtime. Dus daarin zien we wel een glijdende schaal, voorzitter. En dan even reflecterend op het debatje.

Ook mee eens dat, als het gaat om uiteindelijk de verantwoording als het gaat om die subsidies, ook die conform de P&C-cyclus, het gewoon transparant is hoe het college vaart of heeft gevaren als het gaat om die subsidies. Dus die zijn ook transparant met dat subsidieregister een keer per jaar. Dan de werklast die vier keer per jaar met zich meebrengt in relatie tot wat het toevoegt, dat vindt het college niet proportioneel en daarom ontraden wij de motie. De heer VAN HATTEM: De wethouder moet mij geen woorden in de mond leggen. Ik heb niet gezegd dat het realtime zou moeten. Ik heb gezegd dat het bij de wijk- en dorpsbudgetten bijna realtime gebeurt en daar heb ik als voorbeeld aangegeven dat het ook op een andere manier kan dan een keer per jaar. De motie is duidelijk. Die zegt gewoon een keer per kwartaal een update ervan geven. Dus ik hoor toch graag van de wethouder waarom dat dan een onoverkomelijke werklast zou zijn. De VOORZITTER: Interrupties hebben geen tweede termijn. Wethouder VAN DER GELD: Dat was op zich geen vraag, maar dan herhaal ik: ook vier keer per jaar vinden wij in de weging disproportioneel en daarom ontraden wij de motie. Amendement 2, second opinion. Ja, het is een logisch voortvloeisel uit de commissie en ook het advies van de commissie en wat daarin is opgeleverd. We kunnen een heel technische exercitie doen over hoe dat dan gedekt moet worden.

Dat laten we achterwege. En daarom geen bezwaar als het gaat om amendement 2. Dan motie 7 'Niet over het graf heen regeren'. Ja, voorzitter, wij kiezen er wel voor om vier jaar te besturen en niet een jaar. Ik meen hem bloedserieus. We zijn voor minimaal vier jaar besteld. Daarmee moet je in het laatste jaar wel degelijk zorgvuldigheid betrachten. Dat doen we ook. Maar sommige opgaves kunnen ook gewoon echt niet wachten en dat is de reden dat we die niet in de koelkast zetten. Daarmee zie je geen beleidsrijke begroting zoals we die hebben aan de start van een bestuursperiode, maar kiezen we er duidelijk niet voor om te zeggen: daarmee komen we totaal niet met nieuw beleid en dat als dogma verheffen. Dat is de reden waarom we motie 7 ontraden. 43

De heer VAN HATTEM: Ik heb de wethouder dus in de vorige vergadering letterlijk horen zeggen dat het ging om keuzes in kaart te brengen om de toekomstige raad in positie te brengen. Kan de wethouder dan wel duidelijk aangeven hoe hij de toekomstige raad nog in positie laat zijn? Wethouder VAN DER GELD: Als het gaat om potentiële ombuigingen om ook met nieuw beleid te kunnen komen – ook als de wensen groter zijn dan de budgettaire ruimte – dan moet er ruimte zijn om te kiezen, om te zeggen dat je ook bereid bent om daar bijvoorbeeld op te bezuinigen. Daar zijn we knoppen voor in beeld aan het brengen, zoals dat vaker is ook in toekomstige periodes. Die ruimte moet er zijn. En zo brengen we de raad dan ook in stelling voor de volgende periode. Dan 'Meer inzicht in proces herontwikkeling Tramkade'. Zoals de motie voorligt, is het een heel redelijk verzoek, maar ik wil wel wat zeggen over de inleiding. Er wordt gezegd dat Conceptenbouwers weg zijn/weggaan vanwege de onduidelijkheid et cetera. Ik heb ook met ze gesproken. Ze geven juist ook aan van: wij gaan weg, komen ook heel graag terug en zien ook eigenlijk de ontwikkeling zoals die nu gaande is als heel erg positief. Dus ik vind het beeld dat geschetst wordt van zowel heden als toekomst op de Tramkade nogal duister. Toch even kort een aantal dingen belichten.

Die huurprijzen houden we laag, ook mede dankzij het besluit dat uw raad heeft genomen, omdat het straks nietcommerciële huur betreft en we dat ook in de grondwaardering hebben meegenomen. Dat borgen we dus ook. Als het gaat om de planning schuift hij niet naar achter, maar loopt hij gewoon nog conform het gebiedspaspoort zoals uw raad die heeft vastgesteld, namelijk Q3 de eerste kavelpaspoorten uitzetten. En rondom de communicatie naar de omgeving – maar dat zullen we verder wel uiteenzetten, bijeenkomsten in de Verkadefabriek, nieuwe website waarop heel duidelijk de planning te zien staat, ook voor de omgeving en ieder die dat wil zien, www.tramkade.nl en er zijn daarnaast ook nog nieuwsbrieven et cetera. Dus eigenlijk vanwege de inleiding zou ik de motie wel willen ontraden, maar ik wil u wel toezeggen dat ik u de informatie die verzocht wordt graag doe toekomen. Dus dat voorzitter voor wat betreft motie 16. Mevrouw HENDRICKX: Ik begrijp dat u zegt dat u op planning ligt en dergelijke zaken meer. U zegt eigenlijk 'ja, ik zie het probleem niet zo'. Nou goed, wij zien dat net even wat anders. Dat kan dat we daar verschillend naar kijken. Maar u bent wel bereid om die informatie te leveren die wij hebben staan in de motie? Heb ik dat goed gehoord? Wethouder VAN DER GELD: Dan gaan we misschien wat technisch de diepte in op het aggregatieniveau zoals we het kunnen ontsluiten.

Want echt het prijsniveau, echt op kavel, u snapt dat dat marktgevoelige informatie is. Die kunnen wij niet zomaar in het openbaar delen. Maar het gros van wat u hier vraagt, kunnen wij gewoon met uw raad delen. Zeg ik ook graag toe, als dat meer duidelijkheid verschaft, om dat ook te doen. Mevrouw HENDRICKX: Als wij dan die inleiding schrappen, want ik snap dat daar voor u de pijn zit, heeft u dan nog moeite met de motie of zegt u dan van: 'nou goed, dan willen we eigenlijk hetzelfde'? Kunnen we er dan een strik omheen doen? Wethouder VAN DER GELD: Dan is eigenlijk de vraag: dan delete de inleiding maar in mijn gedachte als zijnde dat het nooit is uitgesproken. Als we dat met elkaar kunnen afspreken, met die rekkelijkheid: geen bezwaar op motie 16, wat mij betreft. Dan motie 24 'Zicht op randvoorwaarden realistische begrotingskeuzes' hebben we in de commissie inderdaad al uitgebreid met elkaar over gewisseld. Er ligt nu een scherpe motie in dat opzicht. Geen bezwaar op deze motie. Wel even een korte toelichting qua verwachting van hoe wij die motie zullen uitvoeren, of eerlijk gezegd… Vandaag het nieuws: kabinet valt. Veel over gewisseld, ook vandaag. Dat zegt ook wel iets in de dynamiek alleen al als het gaat om bijvoorbeeld de huurbevriezing – staat ook in het nieuws – die is dan ineens weer van tafel. Hebben corporaties in één keer wel geld te besteden.

Het is zomaar een wisselkoers die verandert op één dag. Kortom, wij zullen op dat moment een foto met u delen terwijl we in de ontwikkeling van al deze zaken in een film zitten. En dat is, denk ik, wel goed om te realiseren als u straks ook die momentopname tot u krijgt. Maar nogmaals: motie 24 geen bezwaar. En dan tot slot motie 29 'Voorwaarden voor aanvullende financiering DTV Den Bosch'. Dat is eigenlijk ook wat we in de commissie met elkaar hebben gewisseld. Het college stelt voor om een extra bijdrage aan DTV te leveren vanwege de financiële situatie, om ook de ambities in de lucht te houden zoals die er op dit moment zijn. Even heel plat: als wij dit niet doen, dan zal ook daar in kwaliteit moeten worden ingeboet of in informatie. Dat willen we niet. Dat is de reden waarom we extra geld alloceren voor DTV. Dus dan nog de vragen dat we dan wel extra eisen stellen. Ja, daar is juist extra personeel 44

voor nodig en dat gaat dus niet. Vandaar dat we motie 29 ontraden. En dat waren volgens mij de moties op mijn portefeuille. Wethouder RALPH GEERS: Ik mag twaalf moties behandelen bij de voorjaarsnota en vier moties bij het raadsvoorstel over de Afvalstoffendienst. En voor uw bingokaart zal ik de nummers van de moties noemen. Dan begin ik met motie 9, volgens mij een motie die ook gelijk de complexiteit laat zien, omdat kunstmatige intelligentie heel nuttig is, maar ook gewoon een aantal dingen niet weet en je er niet altijd op kunt bouwen en het heel erg afhankelijk is van welke vraag je stelt. De motie op zichzelf is zonder gevolg, omdat wij namelijk al richtlijnen voor AI in de organisatie hebben. We hebben daar ook al allerlei pilots op lopen voor hoe we het kunnen inzetten ter verbetering van onze dienstverlening en onze werkprocessen en we daar ook al samenwerken met andere partners over hoe we dat het beste kunnen doen. Het enige wat daar nog niet standaard in zit, is het periodiek rapporteren aan de raad. Wat we vanuit het Programma Den Bosch Datastad doen, is jaarlijks een jaarplan en een jaarverantwoording sturen. Dat we daar ook het element over AI in betrekken. Dan is deze motie zonder gevolg daarin.

Dan motie 13 'Buurtvoedselbossen', die is ook zonder gevolg maar lezen we wel als een extra aansporing om werk te maken van meer ruimte geven voor buurt-/voedselbossen in de openbare ruimte en daar dus ook een informatiepunt voor in te zetten. Dus misschien is geen bezwaar de zuiverste, omdat het informatiepunt wel nieuw is. Laat ik dan geen bezwaar daarvoor geven. Past ook binnen de ambities die we hebben op groen en klimaatbestendig. De heer VAN HATTEM: Ik heb een vraag bij deze motie. Als bijvoorbeeld in een wijk een bepaalde ruimte is die ook tijdelijk gebruikt kan worden, omdat er in de verdere toekomst een ruimtelijke ontwikkeling plaatsvindt, maar eerst nog een aantal jaren niet beschikbaar is: kan de motie ook zo gelezen worden dat daar bijvoorbeeld een tijdelijk moestuincomplex of iets anders kan komen? Past dat ook binnen de strekking? Wethouder RALPH GEERS: Op zich kan dat zeker. Wel even met het voorbehoud dat ook tijdelijke dingen altijd tot reuring leiden als die afgesproken tijdelijkheid eindigt en we het onszelf hier in de politieke arena weer lastig maken als we alles wat we tijdelijk afspreken ineens permanent willen gaan behouden. Dus ja, wel mogelijkheden, maar wel met die beperking. Tijdelijk is dan ook echt tijdelijk. De VOORZITTER: Mijnheer Van Hattem, u was er bij het begin niet bij.

We hebben een beetje afgesproken vandaag rondom de moties: het is ook agenderend bedoeld om daarmee een actie te ondernemen. Dus we gaan het vandaag wat minder hebben over de uitvoering van: is het mogelijk? Kan dit en kan zus? Want dan gaan we elke motie tot in de details ontwikkelen en het komt toch terug als hij aangenomen wordt. Dus als het bepalend is voor de besluitvorming, prima, dan kunt u de vraag stellen. Maar dat is wat we afgesproken hebben. Ik hoop dat dat duidelijk is. De heer VAN HATTEM: Ik heb dat begrepen, maar het is voor mij ook bepalend of ik hem wel of niet ga steunen of het ook zo gelezen kan worden. Wethouder RALPH GEERS: Dan ga ik naar motie 14 'Extra investeringen in de openbare ruimte'. Die moet ik in deze vorm ontraden. De doorkijk van Beleidsplan Beheer Openbare Ruimte, over het onderhoudsniveau, heeft de raad eind 2021 de analyse gevraagd en die is ook verwerkt in het bestuursakkoord met een ingroeimodel voor de maatregelen in de openbare ruimte. Dat zou ik daarnaar verwijzen. En tegelijkertijd gaan er ook twee dictumpunten over de financiering die wij in die zin ook niet kunnen steunen. In die zin hebben wij met elkaar de afspraak gemaakt over het beheer openbare ruimte en gaat u na de zomer een discussie voeren over een nieuwe BBOR, zoals het dan heet.

En daarnaast hebben we ook het uitvoeringsprogramma Groen en Klimaatbestendig dat ambities voor die openbare ruimte neerlegt vanuit de gebiedspaspoorten. Dus die ontraden. Dan komen we naar motie 18 'Digitale versnelling'. Ik had het in de pauze met de heer Van Creij er al over dat die mooi ook stappen zet dat, naast het behoud van de papieren Bossche Omroep en het behoud van de steunpunten in de kernen zodat mensen fysiek het gesprek kunnen voeren, ook deze digitale versnelling niet uit de weg gaat. Dat doen wij ook al. Dus er lopen al allerlei robots op de achtergrond die rond WOZ en Europese subsidieaanvragen dingen doen. Slim documentbeheer doen wij. We werken aan de digitale belastingbalie en kijken ook of we een chatbot in kunnen zetten. Dus we doen al een heleboel en wat wij zien is dat we daar niet direct besparingen uit kunnen gaan halen in die grootte dat die ook terugvloeien naar de algemene middelen, omdat je altijd keuzes kunt 45

maken binnen je dienstverlening. Dus we ontraden deze motie. Niet omdat we de inhoud niet steunen over de acties, maar wel omdat het financiële rendement dat u hiermee anders in wilt zetten wat ons betreft niet passend is. Dan motie 20 'Beperk externe inhuur tot het landelijk gemiddelde'. De heer Roovers gaf al aan dat er een erratum bij de jaarstukken zit, omdat er ergens een rekenfout inzat, maar dan nog ben ik het met de heer Roovers en de SP wel eens dat de urgentie er is om iets aan de externe inhuur te doen. Tegelijkertijd gaat u vanavond ook weer van heel veel moties die onderzoeken vragen iets doen en ook over aandacht voor onze werkdruk. Dus ja, we gaan echt wel daar scherper op sturen en ook vragen of mensen in onze organisatie nog ruimte hebben om er een klus bij te doen, maar ik wil ook onze mensen niet over de kling jagen om maar die externe inhuur te beperken. De motie kan ik grotendeels volgen, waarbij ik twee elementen aan wil geven. Er wordt gevraagd naar het landelijk gemiddelde. Wij zijn natuurlijk ergens ook, zowel qua grootte als als centrumstad als het aantal taken dat wij als gemeente uitvoeren, denk ook aan een Afvalstoffendienst, anders dan een gemiddelde gemeente. Dus als u ons de ruimte geeft om de benchmark te pakken op gemeenten met hetzelfde soort takenpakket en centrumfunctie en daar een percentage op te pakken, kunnen wij hem volgen.

En ik zoek nog een beetje – en dat kwam niet helemaal naar voren in de bijdrage – wat de SP zoekt in het plan van aanpak, omdat dat ook afhankelijk is van de keuzes in de praktijk. In hoeverre kunnen we mensen in vaste functies vinden? In hoeverre gaan tijdelijke uitkeringen nu wel of niet door met de val van het kabinet? Dus op voorhand al gaan anticiperen is voor ons wat lastig behalve dan een paar basisuitgangspunten. Die kunnen we wel opleveren. Maar een heel plan van aanpak is eigenlijk te groot om voor de begroting op te leveren. Dus als de SP nog naar met name het laatste dictum zou willen kijken, dan hoop ik dat we daar een formule in vinden die tot geen bezwaar leidt, omdat we wel de opgave delen. De heer ROOVERS: Om daarop te reageren. Wat het eerste punt betreft, dat is goed. Wat betreft die benchmark: daar kan ik in meegaan. Het is natuurlijk zo dat niet iedere gemeente gelijk is. Op het moment dat het gaat over beleid: u heeft, ik meen in mei vorig jaar, een brief gestuurd waarin u ook uitlegde wat er allemaal al lag als het gaat over het tegengaan van externe inhuur. Het draaideurbeleid zat daar inderdaad in. Ik moet alleen constateren dat het beleid dat in die brief werd beschreven niet heeft geleid tot een stagnering en helemaal niet tot een daling van het budget aan externe inhuur.

Mocht het nou zo zijn dat u zegt, ik ga wat in die brief staat nog eens even doorlichten, kijken of daarop kan worden aangevuld in het investeren in het eigen personeel, dat soort zaken, en dat richting de begroting naar ons toebrengt, dan zou dat iets zijn wat ik zou verstaan onder plan van aanpak-beleid. Kan de wethouder daarmee werken? Wethouder RALPH GEERS: Ik denk dat ik die wel begrijp zonder dat we daarmee op een te operationeel niveau gaan zitten, want dat is nog altijd de afweging van het management in de organisatie. Maar nog eens kritisch kijken naar wat daar de uitgangspunten zijn en kijken of we daar aanscherpingen moeten doen, volgens mij kan dat geen kwaad. Dus in die zin zou hij dan geen bezwaar hebben. Ik pak hier gelijk ook even de vraag van Rosmalens Belang over. Mevrouw CRASTE: Ja, dank u wel, voorzitter. Wat ik me afvroeg, was of alle dictumpunten geen bezwaar krijgen. Dus ook het eerste om het aandeel externe huur te beperken tot het landelijk gemiddelde of dat er dan uitgaat voordat er geen bezwaar is.

Wethouder RALPH GEERS: Zoals ik net ook tegen de heer Roovers, die daar ook iets over aangaf: wij gaan met elkaar in de benchmark kijken, gezien de taakopvatting die we als gemeente hebben en gelijkwaardige gemeenten: wat is dan ongeveer een percentage externe inhuur dat er is? Dat als doelstelling stellen en vervolgens gaan we in de jaarrekening verantwoording afleggen over waarom dat wel of niet gelukt is, want er kunnen allerlei onvoorziene omstandigheden zijn geweest waarom het niet lukt. Maar wel het streven om die externe inhuur wel terug te dringen. En eigenlijk als je naar de afgelopen jaren kijkt, zitten we ook niet heel ver van een gemiddelde benchmark af. Mevrouw CRASTE: Hoe zit het dan met het ambitieniveau? Gaat het ambitieniveau dan naar beneden? Waar wordt die afweging gemaakt? Wethouder RALPH GEERS: Volgens mij is dat precies wat we nu richting de begroting aan gaan geven, wat dat dan betekent en wat voor plan van aanpak daar dan op zit. En uiteindelijk zijn uw ambities leidend. En als dat vraagt uiteindelijk toch inhuur te doen, dan leggen we in de jaarrekening verantwoording af, ook omdat door u gestelde ambities niet zonder die mate van externe inhuur te behalen zijn geweest. 46

De VOORZITTER: Laatste keer. Mevrouw CRASTE: Dus in de praktijk huurt u dan wel in, maar geeft u aan de achterkant aan waarom dat zo is geweest? Wethouder RALPH GEERS: Dat zou een vorm kunnen zijn, inderdaad. We gaan kijken hoe we die externe inhuur zoveel mogelijk kunnen beperken. Dat is niet altijd mogelijk, zeker niet met tijdelijke financieringsmaatregelen vanuit het rijk en een krappe arbeidsmarkt, maar we gaan ons best doen dat te gaan doen. En inderdaad, als dat niet zo is, leggen we daar verantwoording over af en duiden we dat. De heer HOEBEN: Maar de wethouder geeft zo te horen wel aan dat we dicht bij die gemiddelde inhuur zitten in vergelijking met andere steden. Waar komt dat dan vandaan? Is dat ook zo? Heb ik dat juist gehoord? Wethouder RALPH GEERS: Met de collega's in de raad waren wij in de jaarrekening 2024 ook wel geschrokken van het bedrag dat daar stond en vinden wij ook met elkaar dat we daar wat in te doen hebben. Vandaar dat ik positief kijk naar de motie van de SP die daar eigenlijk toe oproept. Ook omdat het afgelopen jaar wel een ander getal liet zien dan de jaren daarvoor in de mate waarop we daar bezig waren.

Dus vandaar dat wij er scherp op willen zijn, die motie steunen en kijken wat we op de beste manier kunnen doen om uw beleidsdoelen te realiseren en tegelijkertijd ook zoveel mogelijk kennis in huis vast te houden in plaats van alleen extern in te huren. Dan de vraag van Rosmalens Belang over de paragraaf Bedrijfsvoering in de jaarrekening. Ik denk een terechte vraag, zeker met alles wat er in de afgelopen jaren heeft gespeeld. Wij waren ambtelijk en intern al wel bezig, ook na een eerdere opmerking van de heer Van der Krabben die het had over het sociaal jaarverslag, om te kijken of we daar niet een vorm van kunnen maken. Dus we hopen nog voor de zomer de eerste versie van ons sociaal gemeentelijk jaarverslag naar uw raad toe te kunnen sturen om daarmee wat meer kleur en duiding te geven dan de bedrijfsvoeringsparagraaf. Dan ga ik naar motie 23 'Bewustwording bij aanschaf huisdier'. Een motie die we vorig jaar eigenlijk in een variant ook hadden. Het blijft in die zin hetzelfde: ontraden. Omdat wij het niet als gemeentetaak zien om hier nu in te stappen en tegelijkertijd hier ook geen extra budget gevraagd wordt en het budget ook niet beschikbaar is binnen de post Dierenwelzijn. Dus daarom ontraden wij de motie.

Mevrouw SAMSHUIJZEN: Zoals we ook in de motie hebben aangegeven… De wethouder geeft aan dat dit niet de taak is van de gemeente, maar dat gaf ik net ook aan, ook in de motie. Er zijn heel veel dingen die niet per se de verplichting zijn van de gemeente, maar die wel gedaan worden. Dus bijvoorbeeld informatie, communicatie, in welke vorm je het ook wilt doen, dat kan gewoon een keuze zijn, als u dat belangrijk vindt. Mijn vraag aan de wethouder: vindt de wethouder het belangrijk dat mensen weten waar ze aan beginnen bij de aanschaf van een huisdier? Wethouder RALPH GEERS: Ja, maar wij vinden dat niet de verantwoordelijkheid van de gemeente om daar een initiatief in te nemen. Een aantal van die campagnes komt uit kerntaken van de gemeente of omdat de gemeenteraad er in meerderheid expliciet aandacht voor heeft gevraagd. Als dat hier het geval is, gaan we uiteraard daar ook mee aan de slag, maar wij zien het niet als kerntaak om daar iets voor te doen. En op dat moment zit er ook binnen het dierenwelzijnsbudget geen ruimte om zo een campagne op te gaan zetten. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Kan de wethouder dan toch voor mij verduidelijken waarom bijvoorbeeld, heel recent, een 'koop lokaal'-campagne wel een kerntaak van de gemeente is en waarom de gemeente dit niet zou oppakken in welke vorm dan ook? Wethouder RALPH GEERS: Dat kan ik en dat is omdat ik twee aanleidingen gaf.

Enerzijds de kerntaak van de gemeente en anderzijds dat uw raad in meerderheid ergens om gevraagd heeft. De 'koop lokaal'-actie was een motie van de VVD die in meerderheid is aangenomen en die wij daarmee ook uitvoeren. Dus als deze het haalt, zei ik daarnet ook, gaan we deze ook uitvoeren. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ja, dan tot slot. Dan vraag ik me toch af waarom de wethouder deze motie dan moet ontraden. Is het niet gewoon aan de raad en niet aan de wethouder om te beslissen of het dan een taak van de gemeente is of iets wat de gemeente zou willen? 47

Wethouder RALPH GEERS: Het is altijd aan de raad, hè? Alles is inderdaad aan de raad. Binnen de aanpak van het Economisch Actieplan zat ook financieel ruimte om een 'koop lokaal'campagne te voeren. Binnen het dierenwelzijnsbudget zit dat niet. Dus mocht de PvdD uiteindelijk… Dan moet er ook dekking voor gevonden worden en die heb ik nu niet binnen dierenwelzijn omdat we onze capaciteit en middelen inzetten voor de directe zorg aan de dieren die u ook onderschrijft. Dus we moeten het budget verhogen en daar zien we op dit moment financieel geen ruimte voor. Dan motie 26 'Centen voor studenten'. Ook wij als college hechten er belang aan dat we onze studenten in de breedste zin van het woord goed kennis laten maken met onze gemeente. Het is een programma dat vanuit Economie wordt gefinancierd. Vandaar dat ik deze motie pak. De motie snappen we en hebben we op zich geen bezwaar tegen met de kanttekening dat we in de uitwerking even moeten kijken hoe een en ander binnen dat subsidievierkant past. Maar het is aan ons om een uitwerking te geven aan hoe we dit op een goede manier kunnen doen. Wij zullen in de afdoening van de motie uitleg geven hoe wij met initiatieven rond studenten omgaan. Dan kom ik bij de voorjaarsnotamoties over de Afvalstoffendienst. We beginnen met motie 5 'Financiering Afvalstoffendienst uit duurzaamheidsbudget'. Die ontraden wij.

Daar is het duurzaamheidsbudget ook niet voor bedoeld. Dat is bedoeld voor het aardgasvrij maken van wijken. Dat is bedoeld voor het verduurzamen van bedrijventerreinen en andere duurzaamheidsopgaves. En onderaan de streep – en dat geldt straks ook voor de andere financieringsmotie – is uiteindelijk alles gemeenschapsgeld waar wij mee werken. Mevrouw HERNÁNDEZ: Bedankt aan de wethouder. Gezien de moties van mijn andere collega's en de bewoording van de wethouder ga ik deze motie intrekken. Wethouder RALPH GEERS: Dan de campagne voor afvalboetes. Wij delen de opgave die er is als het gaat om afval in de openbare ruimte. Daar moeten we echt een aantal elementen in doen. Dat doen we ook. De heer Gersjes haalde aan dat er nu 341 boetes uit waren gedeeld. Dat is alleen dit jaar, in deze maanden. Vorig jaar waren het er ongeveer 900, het jaar daarvoor ongeveer 400. We zitten ongeveer al rond 1650 boetes die we hebben uitgeschreven en daarmee maken we ook wel echt een impact. Tegelijkertijd is dat niet alles oplossend, want een autoband heeft niet per definitie een adressticker erop zitten. We gaan dus nu die afvalboetes conform de voorjaarsnota verhogen. En dat lijkt ons best een goed moment om mensen nog eens te waarschuwen dat als je afval dumpt je het risico loopt om daar een stevige boete voor te krijgen.

Dus tegen die motie hebben wij in die zin geen bezwaar, al om extra aandacht voor de handhaving van regels, onze taak te pakken. Dan motie 17 'Pilot plaatsen van statiegeldbakken'. En inderdaad, de heer Hoeben haalde al aan dat het ook op zijn initiatief was met de doneerringen en GroenLinks heeft daar recent ook vragen over gesteld. Wij gaan graag met Statiegeld Nederland in gesprek om te kijken wat we hierin kunnen doen. Tegelijkertijd zien we ook echt nog wel een aantal uitdagingen. Want als het nu eenmaal een vuilnisbak is, kunnen mensen daar ook andere spullen ingooien dan waar hij voor bedoeld is. Hoe ga je om met extra beheerkosten? Hoe gaan we met die doneerringen om? Maar wij zijn wel bereid om die pilot voor te bereiden, maar die willen we graag in combinatie met die doneerringen en eventueel de evaluatie daarvan doen. Dus ons voorstel zou zijn dat we eerst die evaluatie doen en de vragen daarop beantwoorden en van daar kijken of we die pilot kunnen doen, zodat we die op een gegeven moment ook kunnen doen. In principe dus geen bezwaar tegen de oproep om dit te onderzoeken. Dan motie 25 'Verhoging afvalstoffenheffing beperken'. Uiteraard verhogen wij als college niet voor onze lol de afvalstoffenheffing.

Wel omdat het nodig is voor de veiligheid en de toekomstbestendigheid van onze Afvalstoffendienst en dan vinden we het ook zuiver om dat te doen in de post die daarvoor bedoeld is, want uiteindelijk is alles gemeenschapsgeld, zowel de afvalstoffenheffing als de algemene middelen. Collega Van der Geld vanuit Financiën heeft ook terecht gewezen op al de onzekerheid die er is. Vandaar dat wij het zuiver vinden niet nu de algemene reserve daarvoor leeg te trekken, maar dat gewoon, zoals gebruikelijk is, te verwerken in de afvalstoffenheffing. De heer HOEBEN: Maar dan toch: niet de algemene middelen daarvoor leeg te trekken, maar die trekken we juist niet leeg. We zakken alleen iets onder het wenselijke niveau, maar daar is het ook voor bedoeld. Dus waarom zou het college dit niet kunnen overwegen omdat de roep binnen de raad best groot is om de lastenverzwaring niet te ver door te voeren? Wethouder RALPH GEERS: Omdat wij bij deze voorjaarsnota berekend hebben wat de gewenste stand is van de algemene reserve en wat het doet met het overschot dat daarop zit. Dus 48

als je deze motie aanneemt terwijl we ook die andere voorstellen in de voorjaarsnota hebben, trek je de algemene reserve leeg en daar kiezen wij niet voor omdat we een robuust financieel beleid willen voeren, zeker met alle onzekerheid die er nu ook weer in Den Haag plaats gaat vinden. En uiteindelijk is het een wilsvraag, maar dat is de positie van ons college. Dan motie 28 'Respect voor de medewerkers van de Afvalstoffendienst op de werkvloer in de Treurenburg'. Volgens mij haalt 50PLUS terecht aan dat onze medewerkers te vaak te maken krijgen met intimiderend onbeschoft gedrag van bezoekers. Absoluut, dat delen wij met u. Vandaar dat wij er ook aandacht aan besteden in onze werkwijze, dat er protocollen zijn hoe daarmee moet worden omgegaan en dat we hopen dat onze medewerkers – als ze daar ervaring mee hebben – dat ook gelijk melden zodat we dat protocol in werking kunnen zetten. Ik begrijp inmiddels dat u ook gesproken heeft met onze directeur Stadsbeheer en daar het signaal ook heeft neergelegd. Dat lijkt me een meer geëigende route dan het via een motie te doen, omdat daarmee op de goede manier het signaal in de praktijk uitgevoerd kan worden. Dus ik hoop eerlijk gezegd dat 50PLUS deze motie dan in zou willen trekken, omdat we nu via de geëigende weg deze signalen een plek hebben gegeven.

Wat ik dus wel onderschrijf is absoluut: je blijft met je handen en met je verkeerde taalgebruik van onze medewerkers af. Mevrouw HERNÁNDEZ: Inderdaad, ik heb in de pauze al gesproken met onze collega's van de organisatie. Gezien de toezegging van de wethouder ga ik deze motie intrekken. Wethouder RALPH GEERS: Dan ga ik naar de moties bij de Afvalstoffendienst. 'Naar een realistisch & gestructureerd uitvoeringsplan', nummer 1. Geen bezwaar, ook voor het juiste abstractieniveau. Motie 2 'Eerlijk delen van de lasten van de Afvalstoffendienst'. Ook geen bezwaar. Die motie is wat ons betreft uitvoerbaar. Dan motie 3 'Niets wordt veiliger door tijdsdruk'. Ik herken mezelf niet in de overwegingen, want ik heb nergens gezegd dat wij pas oog zouden hebben voor de werk- en tijdsdruk na implementatie van alle plannen. De vraag van mevrouw Visscher in de commissie was: kan het zijn dat mensen door werkdruk de regels gaan overtreden? Daarvan heb ik gezegd dat dat niet de bedoeling is en dat we daar ook aandacht voor hebben. De geest van de motie snap ik wel. Dus mijn voorstel zou eigenlijk zijn dat we het element aandacht voor werk- en tijdsdruk betrekken bij motie 1 in het plan dat wij maken en daarbij kijken hoe we in relatie tot werkdruk daar wel aandacht aan besteden. Anders zou ik hem op basis van de overwegingen en de andere manier daarop moeten ontraden.

Mevrouw VISSCHER: Ik had wel degelijk begrepen dat u zei dat als het is geïmplementeerd we evaluatiegesprekken gaan hebben en dan komt naar boven of daar werkdruk is of niet. Dus dat had ik begrepen. Maar ik heb geen bezwaar tegen de door u voorgestelde manier om het te betrekken bij motie 1. De VOORZITTER: Dus dat betekent dat motie 3 wordt ingetrokken? Ja. En dan als onderdeel wordt gezien, naar aanleiding van de toezegging van de portefeuillehouder, bij motie nummer 1. Dank u wel. Gaat u verder. Wethouder RALPH GEERS: En dan tot slot motie 4 'Herinvoering containerdagen'. Dat is echt wel een tijd geleden. Die hebben voor het laatst eigenlijk in Boschveld gestaan. Daar hadden ze toen slechte ervaringen met hoe daarmee werd omgegaan. Tegelijkertijd draagt het niet bij aan onze doelen om afval goed te scheiden, de vervuiler betaalt en is gratis niet gratis, zoals door een van uw raadsleden werd opgemerkt. Daarom moeten we motie 4 ook ontraden. De heer VAN HATTEM: Gratis is niet gratis, dat zal ik volledig beamen. Ik ben de eerste die dat altijd zal zeggen. Maar van de andere kant: op dit moment maak je ook kosten om het afval op te ruimen dat bij die containers en op andere plekken wordt gedumpt. En ik heb juist vanuit de stad ook andere geluiden gehoord, dat het juist heel positief werd gewaardeerd in sommige wijken.

Dus ik hoor toch graag van de wethouder, nu hij het ontraadt, of het toch niet zou opwegen tegen de kosten van nu steeds maar weer die troep moeten opruimen dat bij de containers ligt, als het al wordt opgeruimd. Wethouder RALPH GEERS: Uiteindelijk begint het met onze inwoners die geen afval moeten dumpen. Dat is de absolute basis, met alle instrumenten die we daarvoor hebben om dat te voorkomen en waar mensen met hun afval terechtkunnen. Op het moment dat wij een systeem in gaan richten waarin wij op gezette momenten al onze inwoners gaan bedienen, brengt dat een organisatorisch plaatje en een prijskaartje met zich mee en ook een verantwoordelijkheid die wij als 49

overheid op ons laden waarvan we op dit moment zeggen: nee, wij vinden dat we niet als Afvalstoffendienst nu die containerdagen in moeten gaan voeren. We pakken aan wat we aan moeten pakken. We zorgen ook voor zoveel mogelijk toegankelijkheid van onze milieustraat waar mensen hun spullen, zoals het hoort, af kunnen geven. De heer VAN HATTEM: Het zegt ook iets over de uitstraling van wijken, van een leefomgeving. Als je daarin wilt investeren, is dat ook een investering daarin om dat weer goed op orde te krijgen. Kan het niet op die manier worden gezien in plaats van alleen maar boekhoudkundig of het bij de Afvalstoffendienst goed uitkomt? Wethouder RALPH GEERS: Volgens mij is het juist dat we ook moeten kijken wat we als Afvalstoffendienst goed kunnen doen en wat niet, wat het betekent als wij in allerlei wijken containers neer gaan zetten waar mensen zomaar iets in mogen gooien zonder dat daar enige controle op zit. Of als daar wel controle op zit, dan gaat het helemaal geld kosten, want dan moeten we overal mensen bij hebben staan. Dat vinden wij zonder onderlegger op dit moment geen goede keuze om te gaan doen. De VOORZITTER: U kunt de raad nog overtuigen. Wethouder VERMIN: Voor mij één motie 'Versterk het jongerenwerk online en op straat'. We zijn trots op, zoals mevrouw Hoekstra al zei, het mooie jongerenwerk in onze gemeente. Dus dank voor deze woorden.

Maar met de indieners maak ik me zorgen over de onlinewereld waar we als gemeente, maar ook onze partners, minder zicht en grip op hebben, deels door de door mevrouw Hoekstra genoemde voorbeelden die daar een probleem zouden zijn. Dus ik ga heel graag aan de slag om onze onlineaanpak te versterken, met onze partners te kijken welke mogelijkheden we daar ook hebben, ook gegeven alle ICT-issues. Ten aanzien van het op straat: we passen maatwerk toe bij het ambulante jongerenwerk., dus daar inzet plegen waar het nodig is. Dat zijn nu wellicht de in de motie genoemde wijken als De Kruiskamp/Maaspoort. Maar dat kan ook op een ander moment zijn als daar aanleiding toe is. Dus uw oproep om te zijn daar waar het nodig is, die neem ik van harte over, maar passen we ook al goeddeels toe. Tot slot spreekt de motie over een evaluatie. We hebben sinds 1 januari jl. een nieuwe aanbieder voor het jongerenwerk. Dus een volledige evaluatie zou nu echt nog heel voorbarig zijn. We zitten zelfs op dit moment nog in de evaluatie van de aanbesteding. Dus als ik het zo mag interpreteren dat ik u in het eerste kwartaal van januari een stand van zaken toe doe komen, dan kunt u daar een oordeel mee vormen. Dan heb ik verder geen bezwaar op deze motie. De VOORZITTER: Dat is motie nummer 21. Wethouder VERMIN: Excuses, had ik dat niet gezegd? Oh, slordig.

Wethouder ROY GEERS: Voor mij vijf moties even snel geteld. Te beginnen bij motie 22, betreft de bollenteelt, waarbij er alle begrip is voor de zorgen in uw raad, maar ook de zorgen bij inwoners als het gaat om het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Uw raad heeft een jaar geleden de motie aangenomen waarbij u ons heeft verzocht om de publieke mogelijkheden te onderzoeken inclusief het standpunt van VNG. Die motie is aangenomen en dat verzoek hebben wij in uitvoering waarbij we bij de algemene beschouwingen ook duidelijk hebben aangegeven dat we het uitblijven van het VNG-standpunt op dit moment aan de kant schuiven en op verzoek van PvdD het rapport van Urgenda meenemen in dat onderzoek en dat voeren wij op dit moment ook uit. Dus de motie, zoals u die heeft aangenomen, is op dit moment gewoon in uitvoering en daar zullen wij u na de zomer – ik verwacht richting het najaar – over informeren waarbij we uw voorstel in de huidige motie, om een voorbereidingsbescherming op te nemen, ook meenemen. Mijn advies of de vraag vanuit het college aan uw raad zou dan ook zijn om de huidige motie aan te houden, zodat u op basis van het rapport straks een duidelijk besluit kunt nemen en niet vooruit te lopen op de publieke mogelijkheden die er zijn om bollenteelt tegen te gaan. Maar goed, dat is geheel aan u. Dan motie 2 voor wat betreft het gebiedsgericht werken.

Ik zie de motie vanuit GroenLinks echt als een steun in de rug volgend op de raadsinformatiebrief die we u hebben toegestuurd. Wat wel een belangrijke daarin is om te vermelden: we gaan vanuit onze eigen ambities en opgaves die we zien voor verschillende wijken waar we aan de slag gaan, in combinatie met die van externe partners maar ook de wensen van inwoners, al kijken welke stappen dan genomen zouden moeten worden, hoe we zo een ontwikkelplan voor een gebied kunnen oppakken. Op basis daarvan zou de prioritering, zoals u die 50

in de derde bullet van de motie heeft opgenomen, ook vormgegeven kunnen worden. Maar geen bezwaar tegen deze motie. Mevrouw CRASTE: Sorry, nog heel even terug naar de vorige motie. U neemt de standpunten van de VNG mee en Urgenda, dat rapport. Neemt u ook mee de noodroep van de artsen en dat soort standpunten? Wethouder ROY GEERS: Het standpunt van de VNG blijft dus uit en dat nemen we dan ook niet mee, want dat gaat dan niet. Maar daar waren we eigenlijk op aan het wachten ook gezien alle beweging die er is op dit dossier, zowel in de media als vanuit jurisprudentie. Daar lijkt nu een wat vastere lijn in te komen. Maar we zullen op basis van de informatie die beschikbaar is… En dan kunnen we inderdaad ook de brief vanuit een huisarts ondersteund door meerdere huisartsen daarin meenemen, waarbij we u wel proberen te voorzien van de juiste informatie, zodat u gefundeerd een besluit kunt nemen. Dan motie 15. Allereerst richting Rosmalens Belang die vraagt naar de stand van zaken. Wij zijn inderdaad in gesprek met de werkgroep, zoals we dat u ook hebben laten weten via de raadsinformatiebrief. Daarin hebben we ook afgesproken dat we na de zomer proberen te komen tot een conclusie vanuit het idee dat de werkgroep heeft over hoe we dit zouden kunnen aanpakken. En uiteraard gaan we u als raad daar ook verder in betrekken.

En ik ben natuurlijk heel blij dat we de werkgroep en Stem van het Bos weer bij elkaar hebben weten te brengen, zodat twee partijen met hetzelfde doel weer samen aan tafel zitten. Dat betekent wel dat we de motie die oproept om alle mogelijkheden te onderzoeken, ontraden, want dat zorgt echt voor een vertraging in dit proces. Mevrouw HENDRICKX: Ja, goed, ik hoor u eigenlijk zeggen dat de inzet van het college echt is om de uitkomsten van de werkgroep naar de raad terug te leggen met daarbij een aantal opties en de raad te betrekken. Dat is eigenlijk wat wij vragen in deze motie. Begrijp ik u goed dat u dat eigenlijk al van plan bent en gaat doen? Wethouder ROY GEERS: Ik zie in de motie een heel ander verzoek, namelijk alle mogelijkheden uit te zoeken en bij de begroting aan u voor te leggen. Dat is iets anders dan in overleg met de werkgroep kijken welke mogelijkheden zij zien om tot een conclusie te komen. En daarom ontraad ik de motie. Dan de motie nummer 1. Ik zie dat ik het niet helemaal op volgorde doe van de nummers. Maar ik denk dat u daar toch wel uitkomt. De VOORZITTER: Dat is met bingo ook nooit zo, hè? Wethouder ROY GEERS: Nee, klopt. Dan moet dat helemaal goedkomen. Ik zal de volgende keer ook het bolletje meenemen. De motie vanuit 50PLUS voor wat betreft bereikbaarheid en mobiliteit bij grote ingrepen in de stad.

Ik moet eerlijk zeggen dat we even getwijfeld hebben over de motie en het advies dat we daarop geven. Wat we doen bij grote ingrepen in de stad is eigenlijk precies wat u vraagt. Dus we kijken heel nadrukkelijk naar de verschillende doelgroepen en hoe die bereikbaar blijven of hun bereikbaarheid op peil blijft en dat zij mobiel blijven. Dat doen we bijvoorbeeld door extra tijdelijke bushaltes te plaatsen bijvoorbeeld ook op de Hekellaan, maar ook door te kijken welke omleidingen specifieke bussen kunnen rijden. Dus dat is echt een specifiek onderdeel van het bereikbaarheidsteam dat we hebben. Dus in dat opzicht zou het zonder gevolg zijn. Maar de vraag is even wat u nu precies bedoelt met de motie. Want als u zegt dat er veel meer moet gebeuren dan er nu gebeurt, dan ontraden wij de motie, want we zetten ons maximaal in. En dat er een bepaalde overlast is en wellicht minder bereikbaarheid en mobiliteit in de periode van grote ingrepen, dat is iets wat we niet altijd kunnen voorkomen. Mevrouw HERNÁNDEZ: Bedankt voor de vraag, wethouder. Het gaat om de respons van de bouwwerken die hebben plaatsgevonden vorig jaar aan de Zuid-Willemsvaart. De verzorgingshuizen aan de andere kant konden de bus niet nemen aan deze kant en zij hadden geen bushalte in de buurt. Dat is de reactie. Als u zegt dat het gaat gebeuren of er een toezegging is, daar kan ik ook mee leven.

Wethouder ROY GEERS: De wijze waarop we nu in ieder geval werken is juist ervoor te zorgen dat we ook mensen die minder mobiel zijn zoveel mogelijk faciliteren, maar niet alles kan. Dus vanuit die lijn, als we hem op die manier kunnen interpreteren, dan is het een motie zonder gevolg. 51

De heer VAN HATTEM: Misschien toch nog een vraag erbij, want ik hoor de wethouder zeggen dat het niet altijd gefaciliteerd kan worden, maar ik hoorde mevrouw Hernández net zeggen dat het vorig jaar bij de Zuid-Willemsvaart niet helemaal goed ging. Kan de wethouder misschien aangeven of hij daar lessen uit heeft getrokken en wat er dan anders gaat gebeuren als bij de ZuidWillemsvaart is gebeurd ten aanzien van deze motie? Wethouder ROY GEERS: Volgens mij zijn wij in de maatregelen die we in de afgelopen maand hebben genomen, daar anders mee omgegaan en hebben we de bereikbaarheid op een andere manier geregeld, ook voor de mensen aan de andere kant van de Zuid-Willemsvaart. Dus op het moment dat bereikbaarheid volgens de inwoners onvoldoende op peil is, dan kijken we serieus welke extra maatregelen op dat moment nodig en mogelijk zijn en dan zullen we die ook treffen. Dus de bereikbaarheid en mobiliteit van alle doelgroepen in onze gemeente zijn wat ons betreft erg belangrijk. Dan motie nummer 19. We gaan weer omhoog in de cijfers. Een motie vanuit gewoon geDREVEN voor wat betreft de prioritering verkeersproblematiek aan de oostzijde van de gemeente. Natuurlijk heel fijn dat gewoon ge-DREVEN erg gedreven is als het gaat om de verkeersproblematiek aan de oostzijde, net zoals meerdere partijen in de raad en net zoals het college.

Wij zijn er volop mee bezig om u te kunnen voorzien van een goede richting als het gaat om bijvoorbeeld de ontsluiting van De Groote Wielen en wat daarmee samenhangt. Daarvoor zijn ook die klankbordgroepen op dit moment gaande. Wij vinden het wel vreemd, want daar lijkt uw motie naartoe te gaan, dat de ambities en opgaves die we hebben, uitgewisseld gaan worden. Het is natuurlijk zo dat, op het moment dat wij voor de bereikbaarheid van De Groote Wielen een meer concrete oplossing hebben, u als raad gaat over de prioritering in het Structuurfonds. Daarmee ontraden wij de motie, omdat we op voorhand zeker niet willen uitwisselen in ambities en opgaves. De heer VAN CREIJ: Dan toch eventjes richting de wethouder. Stel voor dat bij het verzoek punt 2 komt te vervallen: de uitwisseling mogelijkerwijs met het Designmuseum. Maar in het debat daarstraks heb ik eigenlijk al toegelicht dat het er staat als optie. Maar als punt 2 van het dictum komt te vervallen, hoe denkt u er dan over? Wethouder ROY GEERS: Volgens mij heeft u dan niks nieuws wat u aanlevert en is het zonder gevolg. De heer BROEKMEULEN: Even toch een verduidelijkende vraag aan de wethouder, want hij zegt dat de raad zelf gaat over de prioritering. Nu is het over het algemeen zo dat Structuurfondsprojecten zo complex zijn dat het voor de raad ingewikkeld is om die zelf tot op detailniveau uit te werken.

Dus in die zin zijn we wel enigszins afhankelijk van wat er uit het college komt. Hoe ziet de wethouder dat en ziet hij dit eventueel ook als een oproep om zo snel mogelijk die plannen waar de heer Van Creij in zijn motie naar verwijst, uit te voeren? Wethouder ROY GEERS: Nee, ik zie dat niet als een oproep. De opgave om De Groote Wielen en de oostzijde van de gemeente goed bereikbaar te houden, zien wij als de reden om zo snel mogelijk met deze plannen te komen. Daarom wordt er voortvarend gewerkt aan deze opgave en proberen we u en ook onszelf zo snel mogelijk het juiste plaatje voor te leggen en ervoor te zorgen dat we daar ook een stukje financiering of in ieder geval een prijskaartje aan kunnen koppelen. Dat is voor ons het belangrijkste. En als we dat in beeld hebben, dan is het aan u als raad om daar weer een stap verder in te zetten. Dan nog één motie. Dat is een motie die weliswaar laat is ingediend, een motie vanuit Volt. Een motie met nummer 30. Heel creatief gedacht vanuit Volt. Dus als we in Zuid-Europa denken dat we de verhoging van de defensiebudgetten kunnen organiseren door meer geld op infra mee te nemen, kunnen we het hier dan omdraaien. Dus de verhoging van de defensiebudgetten inzetten om de infra te financieren. Wij zijn stevig in de lobby richting Den Haag als het gaat om het vlot trekken van de MIRT A2, het verbreden van de A2.

En eerlijk gezegd grijp ik elke kans aan om die lobby bij te zetten. Dus in dat opzicht geen bezwaar. Het is natuurlijk wel zo, het debatje in de raad klopt ook wel: het ijzer smeden als het heet is, maar we hebben nog geen ijzer op dit moment. Dus we moeten daar nog wel even het juiste moment voor pakken, maar ik grijp deze kans graag aan. Geen bezwaar. Wethouder VAN DER SLOOT: Ik heb er vier: één amendement en drie moties. Eerste amendement is ook meteen amendement 1, dus dat is lekker duidelijk. En dat amendement laat zien dat zo een beetje uw hele raad grote liefde heeft voor onze club, voor FC Den Bosch, omdat u 52

voorstelt om bij te dragen aan het supportershome. Nou, dat is mooi. Het supportershome is ook relevant. We zien ook dat dat voor de club belangrijk is. Wij hadden die vraag nog niet als college bij ons liggen, maar ik begrijp dat de supporters u als raad hebben weten te bereiken. Dat is natuurlijk ook hoe het kan en hoe het hoort. Dus dit amendement heeft uiteraard ook geen bezwaar vanuit onze kant. Het sluit niet uit dat we op een ander moment nog een keer bij u langs gaan komen als er nog wat speelt over FC Den Bosch, maar dat is op dit moment niet. Dan wil ik doorgaan, voorzitter, met motie 3. Motie 3 gaat over de energietoeslag. Dat is een verhaal op zich. Ik kan mij goed voorstellen dat er in de motie ook gesproken wordt over de energietoeslag. Aan de ene kant natuurlijk heel erg fijn dat er geld is voor mensen die ook financieel kwetsbaar zijn. Aan de andere kant is er behoorlijk wat af te dingen op hoe het is opgezet. Het is ook een beetje geld uit eigen zak of broekzak-vestzak als ik vanuit de gemeente kijk. Er is een heel verhaal over te vertellen. Er zijn ook veel mensen buiten de boot gevallen. Dat beschrijft u ook in uw motie. En het lastige is als ik naar de motie kijk: u vraagt te kijken welke mensen dat zijn en daar iets voor te doen. En zo werkt het dan weer net niet, want dit is echt een rijksregeling met eigen gegevensdeling regels, privacy et cetera.

Dus wij kunnen niet bij zo een lijst van mensen die hier uit gevallen zijn. Dus in die zin kan ik ook niet aan deze motie voldoen, dus dat maakt dat ik hem moet ontraden. Mevrouw VISSCHER: Zou u misschien kunnen zeggen, als we hem aanhouden, dat we dan in overleg kunnen gaan en kijken wat er dan wel mogelijk is voor deze groep mensen? Wethouder VAN DER SLOOT: Als ik kijk wat er wel mogelijk is voor deze financieel kwetsbare mensen die specifiek ook misschien wel met de energierekening zitten: we hebben daar verschillende zaken op staan. Gelukkig ook. De Eerste Hulp Bij Geldzaken. Ook vanuit uw raad is er gezegd dat er meer communicatie moet komen om niet-gebruik tegen te gaan. Dat is ook het hele idee achter de Bossche Pas. Dus daar wil ik graag met u over in gesprek. Deze motie aanhouden met dit dictum, dat zal altijd ontraden blijven omdat ik gewoon niet bij die gegevens kan. Dus er is heel veel goede wil, maar ik kan niet achter deze gegevens komen. Dus dat is het punt. Dan ga ik even door met motie nummer 4 'Afrekenen met schulden na Roermond ook in Den Bosch, het voorstel dat ze ook in Roermond hebben staan. Dat is geen bezwaar. Ik heb deze week al een afspraak staan met het Kansfonds, ook om te kijken wat daarin mogelijk is voor onze stad. Betekent niet direct dat we ook eenzelfde pilot gaan doen als in Roermond.

Ik vind het juist ook wel sterk, zeker met Spoor 2 van de Participatiewet dat eraan komt, dat we gewoon in het land kijken wat de verschillende best practices en pilots zijn, zodat we ook met elkaar dan kijken in dat Spoor 2 in de Participatiewet wat het beste kan werken. We hebben op dit moment ook al Jongeren Perspectief Fonds en het Bouwdepot lopen. Dus er zijn ook zaken waar we daar al op doorschakelen, maar deze motie is in ieder geval geen bezwaar. De heer VAN HATTEM: Ik heb wel een vraag. Ik vind het een sympathiek idee, maar als wordt gezegd dat het een pilot is en dat bepaalde gezinnen ervoor in aanmerking komen, kan de wethouder dan ook aangeven of daarbij in ieder geval wel wordt voorkomen dat er willekeur plaatsvindt, dat niet één gezin wel en het andere gezin niet in een soortgelijke situatie op zo een pilot aanspraak kan maken. Wethouder VAN DER SLOOT: Nou, ik zeg geen bezwaar op het in gesprek gaan met het Kansfonds, in gesprek gaan met Roermond en wat er vervolgens uitkomt zal altijd weer langs uw raad komen. Maar in alle gevallen moet het altijd zorgvuldig zijn en dat geldt zeker als je iets eenmalig doet of iets in een pilotvorm doet. Ik hoop dat een nieuw kabinet dat ook gaat snappen. Dan ga ik even door met de laatste motie die op mijn naam stond. Dat is de motie over de Lokale Goededoelengids, een eenmalige bijdrage.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15751502/1