Concept verslag commissie Omgeving d.d. 13 januari 2026
Tekst van het document
Commissie OMGEVING Conceptverslag Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter: Secretaris: (plv) Commissieleden:
Collegeleden:
13 januari 2026 Raadzaal F.J. van Haren mr. G.L. Pijnenburg H.B. Bos, ir. J.M. van Boxmeer, J. Broekmeulen, M.C. Dupuis, L.A.J. van Griensven, B.B.R. den Hartog, A. Hernández, W.B.G. Hoeben, ing. J.Th.M. van Hoek, M.P. Kagie, L.M.M.F. van der Kallen, J. Kanters, W.M. van de Leemput, A.A.J. van der Leest, mr. S.J.M. Peters, M.G.H. van Rens, E.Th. Rozenberg, E. Samshuijzen, ir. P.K. Schuurmans, drs. ing. G.M.M. Verbruggen, ing. J.P. Verhoef BEd, N.R. Verreijt, mr. C.H.A. van den Wildenberg P. Slikker
Afwezig:
J.J.M. Gersjes, T.A.J. Heijmans, B.B.G.M. van den Hoven, drs. P.E. Kagie, M.A.J.T. Korver-van Weegberg, B.F.C. Roovers, A.C. van Silfhout
Verslaglegging:
E.J. Wendt, DemiSec
1.
Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering om 19.00 uur en heet iedereen welkom. Wethouder Craste is vanwege ziekte afwezig en wordt bij agendapunt 6 waargenomen door wethouder Slikker. Verder zijn er geen berichten van verhindering. Mevrouw Janssen heeft de commissie verlaten en wordt bedankt voor haar inzet.
2.
Vaststellen van de agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
3.
Vaststellen van het verslag van de commissie Omgeving van 25 november 2025 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Vaststellen van de lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties De lijst van openstaande moties en de lijst van openstaande toezeggingen worden ongewijzigd vastgesteld.
5.
Werkplanning Hierover worden geen opmerkingen gemaakt.
6.
Zonneparken aan de Roode Brug en Kerkdekske in Rosmalen De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) vraagt voorafgaand aan de bespreking aandacht voor het feit dat zonnepark Kerkdekske niet in Rosmalen maar in Vinkel ligt. De voorzitter heeft van de secretaris begrepen dat er voor de raadsvergadering een gewijzigd voorstel komt. De heer Van Hoek (50PLUS) beschouwt dit voorstel als volstrekt onnodig en verboden volgens de provinciale verordening. Via stukken van begin dit decennium worden geitenpaadjes gezocht. Het landelijk voortschrijdend inzicht negeert het college. Er wordt een financieel product gelanceerd met obligaties waarvan de waarde mogelijk verdwijnt. Enkel de tunnelvisie van enkele groene partijen en de bestuursovereenkomst worden hiermee gediend.
1
Mevrouw Samshuijzen (PvdD) benoemt net als in november dat dit lapje grond niet de ideale locatie voor zon op land is, maar wel de best denkbare inpassing. Bij I&O werd terecht gewezen op de toegepaste participatie d.m.v. obligaties, terwijl de Visie Energielandschap uitgaat van 50% lokaal eigendom, via een corporatie of aandelen. Aandelen en obligaties zijn verschillend: de laatste vormen geen eigendom. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) merkt op dat een obligatie niet meer is dan een schulderkenning van initiatiefnemer. Return of value ontbreekt. Na tien jaar looptijd is het lokaal eigendom weg, wat niet in de geest van de Visie Energielandschap is. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) wijst erop dat de grond die hiermee verloren zou gaan aan zonneparken ook hard nodig is voor woningen, bedrijven en natuur. Eerst zon op daken, met woningen en bedrijven eronder, met aandacht voor het landschap. Ook is zekerheid over de netcapaciteit gewenst: panelen zonder stroom hebben weinig zin. Aan de wethouder wordt de garantie gevraagd dat netcongestie de parken niet jaren stillegt. Ook de vraag hoeveel huishoudens echt profiteren en wat het de niet-profiterende inwoners kost. De heer Dupuis (SP) stelt dat zonneparken niet privaat, maar via de gemeenschap moeten worden uitgebaat. Langs de snelweg kan in de schaarse ruimte ook voor een zonnepaneelmuur worden gekozen.
Dat scheelt veel ruimte. De kennelijke aansluitproblemen en het feit dat dit voor maximaal 25 jaar is, plaatsen de duurzaamheid hiervan in perspectief. De heer Verbruggen (D66) stemt in met de verklaring van geen bedenkingen. Het voorstel draagt bij aan het gevoerde beleid ten bate van een klimaatneutrale gemeente in 2045 en is in lijn met de Visie Energielandschap. Het sluit aan bij een eerder D66-voorstel over goede invulling van het snelwegenlandschap. Positief is dat de omgeving via investeringen en via een omgevingsfonds kan participeren. De heer Den Hartog (PvdA-GroenLinks) is verheugd over het voorstel dat handen en voeten geeft aan de 50 ha zonneveld uit het huidige bestuursakkoord. Een goede stap in het uitvoeren van de lokale energieopgave. Het is goed dat er afspraken zijn gemaakt over de landschappelijke inpassing en dat kwaliteitsverbetering van het landschap is geborgd in een fonds en mooi dat wordt gestreefd naar gedeeltelijk lokale financiering. De vraag is of het college naar eigenaarschap en zeggenschap heeft gekeken. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) is tegen zonnepanelen op agrarische gronden en daarom ook tegen dit voorstel. Als de agrarische bestemming nu niet heel duidelijk wordt vastgelegd, is de vraag wat er over 25 jaar gaat gebeuren. Dan weet niemand nog dat het agrarische gronden waren. De heer Van der Leest (CDA) is positief over het voorstel.
De percelen zijn omsloten door asfalt. Bij het streven naar een energieneutraal Den Bosch in 2045 hoort duurzame energieopwekking, mits in balans met andere belangen in het buitengebied. Positief is dat circa de helft van het areaal wordt ingezet voor natuurontwikkeling en dat de panelen landschappelijk worden ingepast. Deze kwaliteit mag niet slechts tijdelijk zijn. De gevoerde omgevingsdialoog en het (hopelijk) meeprofiteren via een energiecoöperatie zijn goede ontwikkelingen. Lokale betrokkenheid en deling van opbrengsten zijn essentieel voor het draagvlak van de energietransitie. Dit zon op land mag geen ongewenst precedent scheppen. Ook na afloop van de exploitatie dient het college te blijven sturen op kwaliteit van landschap en natuur. De heer Kanters (Volt) schetst dat obligaties beleggingen zijn waar geen participatie aan vastzit. Investeren kan alleen met een volle bankrekening. De eenmalige storting voor de omgeving vangt dit deels af. In een positief scenario gaat het om zo'n € 65.000 voor het hele project. Dat is niet in de geest van de Visie Energielandschap. Vraag aan de wethouder is of strikt financiële compensatie voor een omgevingsfonds en obligaties zonder zeggenschap een juiste invulling is van lokaal eigendom en of de mogelijkheid van energiecoöperaties is bekeken. Gevraagd wordt hoe het college de (financiële) drempel voor dit soort initiatieven verlaagt.
2
De heer Van Griensven (PVV) is tegen dit voorstel als voorbeeld van de negatieve gevolgen van de energietransitie. Netcongestie en de totale opwek van beide parken maken het onduidelijk wanneer Enexis capaciteit heeft om het park in werking te stellen. Door dit door te drukken, wordt de wachtlijst langer. Inwoners moeten, na deels verplicht geplaatste panelen, de rekening voor de overcapaciteit betalen. Geen zonneparken op landbouwgrond. Reactie college Wethouder Slikker geeft namens wethouder Craste aan dat de Visie Energielandschap, het bestuursakkoord en de update van die Visie Energielandschap uit september 2025 de kaders zijn om te komen tot een klimaatneutraal Den Bosch. Die update ging uit van ruimere mogelijkheden voor de burgers – energiecoöperaties en echt lokaal eigendom. Doel is klimaatrechtvaardigheid, opgesplitst in duurzame opwekking, natuurontwikkeling en deugdelijke financiële participatie en een betrouwbare overheid. De vergunningaanvraag dateert van december 2023, ruim een jaar voor op 1 januari 2025 de nieuwe zonneladder inging en anderhalf jaar voor de nieuwe regels voor financiële participatie uit september 2025. Hiermee wordt voldaan aan eerdere regels en afspraken. Met de kennis van nu zou niet worden ingestemd met de voorliggende financiële participatie, gezien de opdracht uit september 2025 de mogelijkheden aan te scherpen.
De betrouwbare overheid is sinds 2020 met deze initiatiefnemers aan de slag. De aanvraag omgevingsvergunning dateert van najaar 2023. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) hoort nu van een update uit september 2025. De originele Visie Energielandschap onderscheidt twee vormen van eigendom, aandelen voor omwonenden of een coöperatie óf investering door een overheidsinstantie ten behoeve van het lokale rendement en de omgeving. Nu wordt niet via de overheid 50% lokaal eigendom aangekocht en obligaties zijn geen aandelen. De vraag is hoe de participatie uit het raadsvoorstel aansluit op de Visie Energielandschap uit 2020. Wethouder Slikker stelt dat zowel de obligaties als het omgevingsfonds goed passen bij de Visie Energielandschap zoals de raad die in 2020 vaststelde. De aanscherping uit 2025 zou om scherpere afspraken vragen. De aanvraag voor de omgevingsvergunning dateert van december 2023. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) stelt dat obligaties al in 2020 niet pasten. In het kader van het omgevingsfonds is volgens haar geen sprake van 50% lokaal eigendom. Kennelijk is er een nieuwe versie, maar ook met de oude versie was dit al niet te rijmen. Wethouder Slikker meent te weten dat zowel obligaties als het omgevingsfonds pasten in 2020. De wens van minimaal 50% lokaal eigendom kwam er later bij, maar is het streven.
Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt om een technische schriftelijke beantwoording, mogelijk in samenspraak met de vaste wethouder. Wethouder Slikker zegt dit toe. Op de gronden ligt een agrarische bestemming. Daar komt de tijdelijke bestemming zonneenergie bij. De agrarische bestemming vervalt in die 25 jaar niet. De heer Van Griensven (PVV) vraagt naar de positie van zon op land volgens de zonneladder. Wethouder Slikker schetst dat het rijk sinds 2025 anders naar zon op land kijkt, alleen als niet anders aan de RES-opgaven kan worden voldaan. Op die grond oordelend zou dit voorstel er net buiten vallen. Deze ontwikkeling is echter van voor die regelgeving. De betrouwbare overheid houdt zich aan afspraken volgens het overgangsrecht. Zou de gemeente dat niet doen, zouden veel initiatiefnemers afzien van zaken doen met deze lokale overheid. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) vreest dat als er na 25 jaar iets gebeurt niemand meer bedenkt dat hier een agrarische bestemming op zat. Eigenlijk wordt dus een loopje genomen met het bestemmingsplan. Wethouder Slikker stelt dat de agrarische bestemming keurig is vastgelegd. 3
Zekerheid bieden op het terrein van netcongestie kan het college niet, evenmin als Enexis. De ACM heeft in december de prioriteitsvolgorde bij netcongestie nog gewijzigd, zoals gemeld. De gevolgen voor alle ontwikkelingen worden nu breed bekeken. Tot die capaciteit weer op orde is, zal worden gewerkt volgens de wachtlijst. Alle ontwikkelingen worden op termijn dus van stroom voorzien. Wat dat moment is, valt nu niet te bepalen. Dat zou geen reden moeten zijn om initiatieven af te wijzen. De heer Schuurmans (VVD) vraagt of de gemeente risico loopt als de stroomvoorziening een aantal jaren op zich laat wachten, wat immers niet is te wijten aan onwil van initiatiefnemer. Wethouder Slikker stelt dat het werk van de gemeente is voltooid zodra de omgevingsvergunning is afgegeven. Daarna is het aan initiatiefnemer en Enexis. Er zijn geen gevallen bekend waarbij gemeenten financieel zijn aangesproken vanwege netcongestie. De heer Van Griensven (PVV) hoort de wethouder beloftes doen zonder een termijn van realisatie te kennen en vraagt hoe die belofte dan is waar te maken. Wethouder Slikker stelt dat het door allerlei oorzaken vastlopend elektriciteitsnetwerk voor Nederland momenteel een gegeven is. Verzwaring van het net door de beheerders kost tijd. Tot de voorziening weer toereikend is, wordt bekeken hoe black-outs zijn te voorkomen.
De systematiek op basis van urgentie wordt bepaald door ACM. De gemeente kan niets over de volgorde zeggen. Alle ontwikkelingen stilzetten werkt niet. De heer Van Griensven (PVV) vreest voor een claim op grond waar nog niets mee kan worden gedaan. Wethouder Slikker geeft aan dat bij de verdeling van schaarse ruimte binnen Den Bosch wordt gekeken naar behoeften als waterretentie, woningbouw, bedrijvigheid en duurzame opwek. Aan die kaders wordt getoetst. Voor al die ontwikkelingen is stroom nodig. Dat gedeelte heeft de gemeente niet in de hand. Als de raad geen zonnevelden wil maar woningen: ook daar is stroom voor nodig en die woningen komen op dezelfde wachtlijst. De heer Dupuis (SP) wil af van het idee dat dit Den Bosch allemaal maar overkomt. Als de raad dit accordeert, wordt er iets anders geblokkeerd, bijvoorbeeld woningen. Die afweging is actief beleid. Wethouder Slikker stelt dat de herziening van de zonneladder hier mede op is gebaseerd. Naast de Visie Energielandschap en de oude zonneladder ziet de raad zich gesteld voor alle gestelde ambities. Zowel qua ruimte als qua stroom heerst in heel Nederland grote schaarste. De heer Kanters (Volt) vraagt of het risico op netcongestie gevolgen heeft voor het omgevingsfonds. Wethouder Slikker geeft aan dat een omgevingsfonds pas wordt gevuld als een zonnepark in bedrijf is.
De voorzitter wijst de raad op de vele interrupties die ongemeen lang waren en niet in een vraag eindigden. Dit is niet volgens de afspraken die in de raadzaal gelden. Tweede termijn De heer Van Hoek (50PLUS) wijst erop dat de participant ook een deel van het risico neemt, als eigenaar en als koper van een obligatie. Als alles instort, is het geld weg. Welk kabinet er ook komt, er zullen enkele kernreactoren worden gebouwd, ruim binnen die 25 jaar. Dan is 25 jaar een heel lange tijd en de vraag is wat er dan van die zonnevelden overblijft. Ook is de vraag wie alles na afloop opruimt en wat de ongetwijfeld dure verwerkingsmethode wordt. De (gedeeltelijke) eigenaar zal aan de lat staan. Het college dient die risico's inzichtelijk te maken richting aspirant-deelnemers. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) stelt dat naast de bijdrage aan het omgevingsfonds het 50% lokaal eigenaarschap blijft staan, evenals het profijt voor de omgeving. Zo'n obligatie is op 4
zeker moment doorlopen, waarna het lokaal eigenaarschap vervalt. Bij de opwek van energie is de zonneladder een belangrijk middel en staat zon op dak voorop, maar dit is afgesproken. Er is niet alleen bezwaar gemaakt door partijen die moeite hebben met opwek door zon, het gaat om het lokaal eigenaarschap. De heer Van Griensven (PVV) citeert een brief van BZK uit oktober 2023, die 'de vrije ruimte op daken, gevels en andere plekken binnen en buiten bebouwd gebied benut voor zonnepanelen' door 'de vrije ruimte binnen bebouwd gebied te gebruiken en de landbouw- en natuurgronden vrij te houden voor andere opgaven'. De PVV leest dit als een oproep van de regering om natuurgronden vrij te houden voor landbouw, veeteelt en overige doelen. Volgens een gemeentelijk bulletin uit begin 2021 beperkt de gemeente het volleggen van daken van grote hallen. Daar is meer opwekking dus niet gewenst. Het beleid staat het aan het eind van de zonneladder nu wel toe. Landbouwgrond staat later op de ladder dan daken. Ook wordt gesteld dat dit strijdig is met de Omgevingsverordening van de provincie. De voorstellen zouden dus afgewezen moeten worden. Wethouder Slikker verwijst wat de balans tussen lusten en lasten betreft naar een PVV-motie uit september 2025 die het college opvolgt. Het verwijderen van zonneparken na 25 jaar is de plicht van de initiatiefnemer.
Dit is vastgelegd in de overeenkomst en de vergunning. Als daar niet aan wordt voldaan, volgen bestuurlijke en zo nodig juridische stappen. Faillissement is bij elke overeenkomst altijd een risico, dus ook hier. Op de financiële participatie wordt technisch teruggekomen. De PVV gaat in op de vereisten onder de nieuwe zonneladder, per 1 januari 2025. Deze aanvraag dateert van najaar 2023. De heer Verbruggen (D66) stelt dat de discussie over financiële participatie uitgaat van meeprofiteren door de omgeving. Naast de obligaties en het omgevingsfonds bieden collectieve inkoop en deelname van lokale bedrijven bij het installeren mogelijkheden. Deze aanvraag is van voor de nieuwe vereisten uit 2025. De voorzitter heeft geen moties horen aankondigen. Mogelijk wordt gewacht op de technische beantwoording door het college. De heer Dupuis (SP) overweegt een motie over zonnepaneelmuren langs snelwegen en neemt het mee terug naar de fractie. De voorzitter stelt voor dit voorstel als licht bespreekstuk door te geleiden naar de raadsvergadering. 7.
Huisvestingsverordening 's-Hertogenbosch 2026 De heer Peters (PvdA-GroenLinks) ziet in de Huisvestingsverordening manieren om de woningnood aan te pakken, zoals het weghalen van onnodige belemmeringen voor woningsplitsing. In de opkoopbescherming is een verbeterpunt dat de WOZ-grens tot waar de opkoopbescherming geldt niet is meegegroeid met de explosief gestegen huizenprijzen. In 2021 viel 30% van de koopwoningen onder de opkoopbescherming, in 2025 was dit 16,2%. De fractie bepleit ophoging tot een punt waarop 30% van de koopwoningen hier weer onder valt. Mevrouw Verreijt (Rosmalens Belang) ziet veel veranderingen in de afgelopen raadsperiode, die zowel begon als vrijwel eindigt met een bespreking over de opkoopbescherming. De Wet betaalbare huur, aanpassingen in box 3 en strengere regels voor verhuurders hebben geleid tot veel uitponden: woningen die eerst werden verhuurd, komen weer te koop. Dat gebeurt dus al, los van de opkoopbescherming. Rosmalens Belang is niet per se positief over dit instrument. Het voegt geen woningen toe, het verschuift enkel eigendom. De motie om sociale woonconcepten uit te zonderen van de opkoopbescherming blijft leidend. Woningsplitsing zorgt daadwerkelijk voor extra woonruimte. Het college moet blijven zoeken naar wat echt iets toevoegt aan de woningmarkt.
De heer Schuurmans (VVD) wijst op een recent landelijk aangenomen motie die van minimaal 25% betaalbare koop en nieuwbouw uitgaat. Gevraagd wordt hoe Den Bosch toewerkt naar die landelijke norm, zodat de starter straks echt iets te kiezen heeft. 5
Met de opkoopbescherming lijkt het paard achter de wagen gespannen te worden. Particulieren verkopen, maar actuele cijfers ontbreken van hoeveel huurwoningen worden verkocht en dus verdwijnen. Het college biedt hier pas in de voortgangsrapportage in maart of april inzicht in. Dat is de omgekeerde wereld als het college nu wil dat de raad beleid voor vier jaar vastlegt, terwijl cijfers over mogelijke schade over uitponden ontbreken. De vrees is dat de middenhuur hiermee volledig opdroogt. Dan is er wel een beschermde koopwoning, maar nergens meer een huurhuis voor de agent, de leraar of de gescheiden ouder die niet kan kopen. Gevraagd wordt waarom de raad blind moet besluiten, vooruitlopend op cijfers die pas over maanden komen en welke instrumenten het college nog heeft om een in elkaar zakkende middenhuurmarkt aan te pakken als deze verordening is aangenomen. De heer Dupuis (SP) heeft moeite met splitsing als dat oudere wijken betreft, met een hoge woondichtheid en autodichtheid waar leefbaarheid onder druk staat. De prijsstelling van de categorie die 'betaalbaar' wordt genoemd – niet altijd volgens de SPdefinitie – is in de afgelopen raadsperiode met meer dan 20% gestegen. Het aantal woningen dat daarbinnen valt, is drastisch gedaald. De vraag is dus of de opkoopbescherming wel werkt. De fractie mist strengere maatregelen tegen langdurige leegstand.
Dat de inkomenstoets voor de Rotterdamwet is losgelaten, verheugt de fractie: mensen die het moeilijk hebben verder belemmeren bij het vinden van een woning is een slechte zaak. De heer Van Hoek (50PLUS) houdt de opkoopbescherming graag in stand, ook al is het effect momenteel beperkt. Het is zinvol om achter de hand te hebben als rijksbeleid wijzigt. Bij de selectieve woningtoewijzing is het criterium inkomen weliswaar geschrapt, maar overlastgevende huurders of huurders met criminele antecedenten niet. Dat roept de vraag op hoe de wethouder dit voor zich ziet. De heer Rozenberg (CDA) ziet een goede balans tussen betaalbaarheid, leefbaarheid en ruimte voor initiatief en bescherming van kwetsbare buurten en stemt in met de verordening. Bescherming van starters en gezinnen wordt geboden, de opkoopbescherming voorkomt dat woningen verdwijnen naar beleggers. Selectieve woningtoewijzing op basis van overlast en crimineel gedrag is proportioneel en nodig om kwetsbare wijken te beschermen. Verfijning van de toewijzingsregels voor woonwagens doet recht aan deze cultuur. Minder regelgeving, zoals het schrappen van de vergunningplicht uit de Huisvestingsverordening, ondersteunt betere benutting van de woningvoorraad.
De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) kan zich voorstellen dat de opkoopbescherming op dit moment pas op de plaats maakt: Den Bosch voert geen 'baat het niet, dan schaadt het niet'beleid. Woningsplitsing werd door onder meer de fractie bij motie bepleit. Tegelijk zet dit extra druk op bepaalde wijken. Gevraagd wordt naar de motivatie voor de aanpassing inzake de woonwagenstandplaatsen. De heer Kanters (Volt) complimenteert het college dat het de kritiek op Art. 8 van de Rotterdamwet ter harte heeft genomen. Armoede mag geen reden zijn iemand een woning te weigeren. Het college houdt wel vast aan screening op gedrag en criminele antecedenten. In vervolg op vragen uit oktober wordt de wethouder gevraagd met cijfers hard te maken dat Art. 10 de leefbaarheid in Hambaken of Gestelse buurt daadwerkelijk heeft verbeterd op een manier die met reguliere handhaving niet mogelijk was. De opkoopbescherming en de maatregelen omtrent woonwagenstandplaatsen zijn broodnodig, maar zitten nu in één pakket met de omstreden Rotterdamwet en worden er aldus door gegijzeld. Aan de wethouder de vraag deze koppeling los te laten om zo de stemming te vereenvoudigen. De fractie overweegt een amendement om een inclusief Den Bosch te waarborgen. De heer Van Boxmeer (De Bossche Groenen) wijst erop dat het schrappen van hoofdstuk 3 leidt tot inboeten op de woningvoorraad, wat mogelijk onwenselijk is.
Als dit zo is, zou de fractie dit liefst handhaven. Overtredingen van de opkoopbescherming worden niet geregistreerd, blijkt uit technische uitvraag. Aansluitend op de Huisvestingsverordening zou ook de Leegstandsverordening moeten worden aangepakt. Woningen staan voor langere tijd leeg, blijkt uit signalen.
6
De heer Van Griensven (PVV) merkt op dat splitsing vooral betrekking zal hebben op wijken waar ruimte schaars is en al is beknibbeld op parkeermogelijkheden. De risicoparagraaf deelt deze zorg. Gevraagd wordt hoe het college de parkeernorm gaat handhaven als woningen worden gesplitst en of dit gelijk opgaat met de woningsplitsing. De fractie waarschuwt voor een overschot aan deelwoningen en daardoor een tekort aan gezinswoningen. Gevraagd wordt naar monitoring. Selectie op inkomen heeft volgens de wethouder geen duidelijk merkbaar effect. Gevraagd wordt of er onderzoek naar de effecten zonder die selectie is gedaan. De fractie vreest dat statushouders in deze wijken worden geplaatst. De heer Van Rens (D66) stemt in met de verordening, die met het schrappen van de vergunningsplicht en het inkomenscriterium alleen maar is verbeterd. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) wil de waarborg dat deze verordening niet leidt tot nog minder huurwoningen en kamers, vraagt hoe wordt gemonitord dat de opkoopbescherming echt werkt en vraagt hoe de eigen inwoners voorrang krijgen waar dat kan. Indien mogelijk wil de fractie dit expliciet in dit beleid verankeren. Bij kwetsbare buurten moet worden gemeten of de aanpak echt effect heeft op de leefbaarheid en veiligheid. De fractie ziet uit naar een evaluatie.
Mevrouw Samshuijzen (PvdD) kijkt kritisch naar hoeveel woningen hier onder vallen en het verloop daarin. De opkoopbescherming is een nuttig instrument. Het leidt niet tot meer huizen, maar er is een beschikbaarheids- en betaalbaarheidscrisis. Op beide kan dit een dempende werking hebben. De fractie is benieuwd naar aanvullende maatregelen die de effectiviteit vergroten. Dat de inkomenstoets uit de selectieve woningtoewijzing is, steunt de fractie. De gedragstoets is te subjectief en niet bewezen effectief maar wordt toch gehandhaafd. De selectieve woningtoewijzing richt zich met name op sociale huur en selecteert daarmee ook op inkomen. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) is blij dat woningsplitsing en -deling via dit voorstel gemakkelijker wordt. De fractie herinnert zich wél een rapport dat de aanpak effect had, anderen bestrijden dit, dus zij wil graag duidelijkheid van het college. Volgens krantenberichten kunnen starters steeds makkelijker woningen voor rond de € 300.000 kopen omdat deze niet meer worden verhuurd vanwege wijzigingen in de belastingregels. De fractie betwijfelt of opkoopbescherming nog veel nut heeft. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) is geneigd dit stuk te omarmen. De casus van 5 januari jl., de inspreekster bij I&O die geen toestemming krijgt voor een gewenste woningsplitsing in Rosmalen, zet een en ander in perspectief.
Na splitsing komt dit onder de WOZ-waardegrens. De vraag is of bij splitsing de vierkante meters of de WOZ-geldwaarde bepalend is. Deze notitie is dan een oplossing of een belemmering voor het college. Reactie college Wethouder Slikker geeft aan dat met het collegevoorstel voor de Wet selectieve woningtoewijzing in december jl. door de raad is ingestemd na uitvoerig inhoudelijk debat, door inkomen te schrappen en criminele antecedenten wel te handhaven. De minister heeft dit laatste inmiddels bekrachtigd, de gemeente moet dit verankeren en doet dit in de Huisvestingsverordening. Het inhoudelijke debat is gevoerd, het gaat nu om een technische vertaling en vastlegging. Voor de opkoopbescherming geldt dat Den Bosch hier in 2023 mee is begonnen. De maatregel werkt, het aantal handhavingsverzoeken is nihil. Makelaars en notarissen bellen de gemeente wel meermalen per maand, als kopers een woning willen gaan verhuren, wat in Den Bosch de eerste vier jaar niet mag onder de grenswaarde. Het beschermt de betaalbare voorraad, maar breidt deze niet uit. Omdat de v.o.n.-prijs zo sterk stijgt, gemiddeld € 550.000 in Den Bosch, neemt het percentage onder de rijks- en lokale betaalbaarheidsgrens af. De private huur is in de afgelopen vier jaar gestegen. Het college wil dan ook vasthouden aan de maatregel om de beperkte betaalbare koopvoorraad te beschermen.
De heer Dupuis (SP) schetst het dilemma van zijn fractie. Het voelt goed, maar de cijfers laten zien dat het niets uithaalt.
7
Wethouder Slikker geeft aan dat de stijging van de v.o.n.-prijzen komt door woningtekorten in combinatie met grote vraag, hypotheekrenteaftrek en andere oorzaken waar lokaal geen invloed op bestaat. Wel kan de gemeente beslissen of de beperkte koopvoorraad opgekocht mag worden om te verhuren of kopers verplichten er eerst zelf vier jaar te wonen. Het is geen gezonde ontwikkeling dat de lonen sterk achterblijven bij de stijgende v.o.n.-prijzen. De heer Dupuis (SP) begrijpt die spagaat, maar wil voorkomen dat niet naar andere oplossingen wordt gekeken. Wethouder Slikker stelt dat vergroting van de voorraad het doel is, binnen alle segmenten, maar met 70% betaalbaar binnen de Bossche Mix voorop. Dit tegen de achtergrond van v.o.n.-prijzen die 8% tot 10% per jaar stijgen. De onderste sport van de woningmarkt wordt zo duurzaam slechter bereikbaar. Daarom wordt stevig ingezet op bouwen in de sociale huur, in de middenhuur en betaalbare koop. Daarmee kan de stijging van v.o.n.-prijzen lokaal niet worden voorkomen. De motie van VVD en NSC landelijk in de Tweede Kamer, om 25% betaalbare koop vast te leggen, wordt niet verankerd in de Wet versterking regie volkshuisvesting. Daarin staat twee derde betaalbaar en minimaal 30% sociaal. Aan de provincies is meegegeven om in de woningmarktregio's te stimuleren dat er binnen de twee derde betaalbaar voldoende aandacht is voor betaalbare koop.
Die wordt niet hard vastgelegd. De wet is nog niet ingegaan. Het zal ongetwijfeld aan de formatietafel bij een nieuw bestuursakkoord ter sprake komen. Dat niet wordt gewacht op de nieuwe cijfers in april is omdat de vier jaar looptijd van de Huisvestingsverordening al voorbij is. Als er niets wordt vastgesteld, heeft Den Bosch geen kader en vervalt de opkoopbescherming. De betaalbare koopvoorraad neemt af, terwijl het percentage private huur is gestegen. Als er actuele ontwikkelingen zijn, kan de verordening altijd worden aangepast. De huidige variant is volgens het college proportioneel. Als de raad een hoger percentage wil, kan dat. Marktomstandigheden wijken lokaal af. Tilburg en Breda zitten tussen de 17% en 20% private voorraad tegenover 9,3% in Den Bosch. De heer Dupuis (SP) merkt op dat financiële maatregelen volgens financieel experts vaak eerder prijsopdrijvend dan -remmend zijn en vraagt naar lokale ervaringen met nét boven die grens gaan zitten om de opkoopbescherming te omzeilen. Wethouder Slikker kent geen cijfers maar kan zich dit voorstellen bij een woning precies op de grensprijs van € 405.000. In de Huisvestingsverordening mochten woningen tot de betaalbaarheidsgrens niet worden gesplitst. De omgevingsvergunningplicht blijft van kracht. Daar valt de nota Verkamering en Splitsing onder die de raad eerder vaststelde.
Die bevat minimale vierkante meters, eigen keuken, eigen buitenruimte en parkeerdrukmetingen. Ook de balans met de leefbaarheid van de buurt zit daarin. Splitsing leidt tot toename van woningen, maar een gezinswoning splitsen, betekent uiteraard een gezinswoning minder. Dat past bij de behoeften van woningzoekenden: 80% van de lokale woningzoekenden is alleen of met zijn tweeën. In de betaalbare voorraad geldt dit uiteraard ook. Dit worden kleinere eenheden, maar wel meer. De heer Van Boxmeer (De Bossche Groenen) vraagt naar het effect van samenvoeging van woningen, dat ook werd benoemd. Wethouder Slikker geeft aan dat die mogelijkheid technisch bestaat, maar dat komt zelden voor. Het doel hier is de splitsing vergemakkelijken. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vraagt hoe met de vierjaarsgrens wordt omgegaan als een bewoner van zo'n woning binnen die vier jaar wil gaan samenwonen en een van hen per definitie een huis achterlaat. De vraag is of dan twee woningen bezet moeten blijven of dat een uitzondering mogelijk is. Wethouder Slikker geeft aan dat afwijkingen altijd worden besproken. Terugkomend op de woonwagengemeenschap: daarmee zijn in 2022 afspraken gemaakt om tot een eerlijker toedeling te komen, waarbij het inwonend kind dat het langst staat ingeschreven voor een plek de eerste rechten heeft.
8
De heer Dupuis (SP) ziet paralellen met de woningtoewijzing bij sociale huurwoningen. Ouders die hun kind vroeg inschreven, hebben nu voordeel en hij vraagt of een dergelijke service daar ook geldt. Wethouder Slikker geeft aan dat een derde van de voorraad gaat naar spoedzoekers met korte inschrijftijd. Het Europees Hof beschouwt voor woonwagenbewoners de cultuur van het bij elkaar leven als kernelement. Daarmee is het langjarig op het kamp gewoond hebben een bepalende voorwaarde. De heer Van Griensven (PVV) vraagt naar de groep die op het kamp woonde maar door ruimtegebrek elders in de stad is gaan wonen. Wethouder Slikker stelt dat het eerste van de acht toetsingscriteria is het hebben van inwonende kinderen. Het aspect wachtlijst is nu geschrapt, het langst inwonende kind krijgt de vrijkomende plek. Daarna kunnen mensen van een ander kamp of mensen die nooit op een kamp woonden in aanmerking komen. De Wet selectieve woningtoewijzing ziet op inkomen en criminele antecedenten als criteria om mensen te weren. Inkomen is vervallen, criminele antecedenten niet. De vermenging hiervan door de PVV met statushouders kan de wethouder niet plaatsen. Statushouders die met voorrang zijn geplaatst werden al gespreid over alle wijken en dorpen.
Op de vraag of bij splitsing de vierkante meters of de geldelijke waarde het zwaarst weegt, in de casus waar het om ging, had het pand een dubbele bestemming. Als het nietwoningdeel alsnog woning zou worden, komen er meer vierkante meters woningbouw. Als dan de WOZ-waarde wordt onderschreden, komt er geen toestemming. Wethouder Slikker geeft aan dat woningen die onder de betaalbaarheidsgrens niet in aanmerking kwamen voor splitsing dat nu wel komen. Voor de omgevingsvergunning blijven alle andere regels van kracht. Of dat hier speelt, valt nu niet te beoordelen. De heer Van Hoek (50PLUS) vraagt of het spreidingsbeleid wegens criminele achtergrond geldt voor de hele gemeente, geen wijken uitgezonderd. Wethouder Slikker geeft aan dat sinds de aanpassing in zes wijken op basis van criminele antecedenten door een woningbouwcorporatie een woning mag worden ontzegd. Men mag dus niet reageren op woningen in die zes wijken. Het is zeer terecht dat de gemeente mensen niet gedwongen mag huisvesten. Alleen bij hoge uitzondering, als aan de voorkant maatregelen zijn genomen, mag op specifieke locaties worden geweigerd. Tweede termijn De heer Peters (PvdA) bepleit verdere ophoging van de WOZ-grens voor inkomensbescherming naast de eerdere argumenten door te wijzen op het puntenaantal in de private huur, bepaald door onder meer energielabel en WOZ-waarde.
Boven die puntengrens kunnen nog steeds zeer hoge huren worden gevraagd. Door deze wet is juist het hogere segment interessanter voor investeerders en beleggers. Vooral in het hogere segment is er een toename van particuliere huur. Dat segment wordt door de opkoopbescherming niet beschermd door de lage WOZ-grens. Die verhogen voorkomt het opkopen van die woningen. Dan worden de woningen bedoeld om in te wonen. Dit leidt al op korte termijn tot meer beschikbaarheid van woningen. Zoals de wethouder aangaf, is de lokale grens aan de lage kant. Breda en Tilburg hebben de Nationale Hypotheek Garantie als grens genomen, wat op € 470.000 neerkomt. Utrecht heeft € 600.000 als grens. De heer Van Griensven (PVV) complimenteert de wethouder met de aanpassing van de toewijzingsregels in overleg met de woonwagenbewoners. Gezamenlijk is geconcludeerd dat toewijzing op basis van woonduur passender is en beter aansluit bij de wensen. Zo zou altijd gehandeld moeten worden: vooraf in gesprek met betrokkenen. Toch zouden zowel woonduur als inschrijving van belang moeten zijn. Het is immers niet de schuld van de bewoners dat er jarenlang te weinig mogelijkheden tot uitbreiding waren. Daarnaast behoren woonwagenbewoners sinds 2018 tot het immaterieel erfgoed. Liever ziet de fractie meer plaatsen, zodat de voorrangsregel geschrapt kan worden.
9
Wethouder Slikker geeft aan dat er geen standaardoverleg met de woonwagengemeenschap meer was en dat dit daarom opnieuw in het leven is geroepen. Dat gaat goed. Ondanks de uitbreiding die er komt alle vraag opvullen, is niet mogelijk. Diverse locaties zijn ingeklemd. Als daar een plek vrijvalt, zijn altijd regels nodig. Bij de uitbreidingsmogelijkheden is tweelaags bouwen meegenomen. bestaande kampen hebben al veel wagens op een klein oppervlak staan, waar vaak bouwsels zijn toegevoegd. De voorzitter heeft amendementen aangekondigd gehoord van PvdA en de SP. Daarmee wordt dit voorstel als licht bespreekstuk naar de raadsvergadering doorgeleid. Schorsing 8.
Discussienotitie gevolgen aanpak spoortrillingen (VVD) De voorzitter benoemt dat hierover is ingesproken tijdens I&O. Alle fracties krijgen één termijn. Indiener krijgt als eerste het woord. De heer Broekmeulen (VVD) is niet tegen de werkzaamheden aan het spoor langs de Magistratenlaan, maar wijst op de gevolgen voor de bereikbaarheid van de binnenstad. Afspraken om te voldoen aan die randvoorwaarde waren het opwaarderen van de capaciteit op de doorstroomassen, monitoring van de economische effecten van de maatregelen, het parkeerverwijs- en reserveringssysteem en het Binnenstadsfonds. Hier is nog niet of nauwelijks aan voldaan, zoals blijkt uit meerdere zienswijzen die zijn ontvangen en de bijdrage tijdens I&O. In de Raadsinformatiebrief (RIB) van november wordt toch een voorkeur uitgesproken voor de knip in de Zuid-Willemsvaart in maart 2026. Dat is niet conform de afspraken, daarom de volgende vragen voor de commissie: Sluit die zich aan bij de constatering dat door de aanleg van de trillingreducerende ondergrondse constructie (TROC) met langdurige afsluiting van de doorstroomas Nelson Mandelalaan-Magistratenlaan aan de afgesproken randvoorwaarden nog niet is voldaan, met nadere toelichting.
Wordt de mening gedeeld dat er geen scenario bestaat waarin de knips worden aangebracht voordat aan alle randvoorwaarden is voldaan, inclusief opwaardering van de Magistratenlaan na aanleg van de TROC. Zo ja, wat betekent dit voor de voorgestelde fasering? Deelt de commissie de mening dat daardoor de voorbereidingen voor de aanleg van de knips moeten worden stilgelegd tot aan alle beschreven randvoorwaarden zoals beschreven in de Verkeersstructuur 2030 en daarbij aangenomen moties is voldaan? De heer Hoeben (De Bossche Groenen) signaleert dat de VVD vraagt om het volledig stilleggen van de voorbereiding op het werken aan een autoluwe en goed bereikbare binnenstad met voldoende parkeergelegenheid voor degenen die dat echt nodig hebben. Dit baseert de VVD kennelijk op alle brieven en inspraak die hierop zijn ontvangen. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt niet om het stilleggen van alle voorbereidingen, maar om een bepaalde volgordelijkheid. De fractie wil alles wat is afgesproken zo snel mogelijk uitgevoerd hebben en daarna de knips aanbrengen. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) stelt dat als de wethouder in december dit balletje niet had opgegooid, de planning en implementatie van start waren gegaan, er geen inspraak was geweest.
Eraan voorafging de belofte dat er werk gemaakt zou worden van de verbetering van de Magistratenlaan en van extra maatregelen tegen extra verkeer door de Muntel, voor beide stond anderhalf jaar gepland. Nu blijkt dat in de Muntel geen maatregelen nodig zijn, voor de Magistratenlaan zou in Q4 van 2025 een voorstel komen. Dat kwartaal is voorbijgegaan zonder voorstel, maar de eerste participatiesessie met de buurtbewoners is al gepland. Tot nu toe wordt van de voortvarendheid van de wethouder niet afgeweken. Er is geen aanleiding om nu uit te stellen. Als de zaak in maart 2026 in gang wordt gezet, is er medio 2027 een knip in de geest van de afspraak die eind 2024 is gemaakt. Goed werk heeft veel tijd nodig en kijk naar de lijst met openstaande moties. Sinds januari 2024 wordt '30 km per uur, tenzij…' gereden, sinds diezelfde maand is er verkeersveiligheid op de fiets en handhaving ter bevordering van de verkeersveiligheid en in december 2024 zou het winkelgebied zijn uitgebreid met enkele straten, dat daarmee een autoluw winkelgebied zou zijn, ter bevordering van de leefbaarheid en 10
veiligheid van de winkelbeleving. Dit zijn allemaal openstaande moties. In december 2024 is het toegangsregime op de parkeergarages op de Binnenstadsring besproken. Het college wilde die laatste motie gênant genoeg afsluiten in januari vorig jaar, met als motivatie dat hier na de zomer van 2025 samen met de parkeervisie op zou worden teruggekomen. Zo staan er nog tien moties rondom verkeer open. Alles wat deze raad nu doet om alles nóg verder naar voren te schuiven, remt alleen maar. De insprekers pleiten er weliswaar voor om nu de knip nog niet te maken, dat gaat om de afspraken die zijn gemaakt rondom de maatregelen. Geen voortgang op de dossiers, dáár gingen die inspraken over. Soms wordt letterlijk gewezen naar de wethouder. Het is niet het uitstellen van de knip die de stad vooruithelpt, daarvoor is een ander soort ingreep nodig. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt of de fractie de volgordelijkheid niet belangrijk vindt en dat als dat niet gebeurt het paard achter de wagen wordt gespannen. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) stelt dat als nu nog wordt gewacht op de maatregelen en de randvoorwaarden de VVD haar wethouder achter de broek moet zitten. De Bossche Groenen hebben geen voorstel over de Magistratenlaan gezien, ook geen parkeervisie. Als nu weer voor wachten wordt gekozen, heeft het gemeentebestuur vier jaar stilgestaan.
Vier jaar onderzoek op rapport op participatiesessie. De fractie gaat mee met de VVD dat naar de insprekers en brievenschrijvers moet worden geluisterd. De punten daarin die houtsnijden, kunnen parallel lopen met het afgesproken proces. Dat is in de Hinthamerstraat en op de Oude Vlijmenseweg gebleken. Er staat niet meteen een betonnen wand midden op de ring. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt of hij goed heeft begrepen dat De Bossche Groenen erkennen dat niet aan alle randvoorwaarden is voldaan, maar dat dit niet cruciaal is om de aanleg van de knip uit te stellen. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) wijst op de jarenlange polarisatie rondom dit onderwerp. Altijd wordt gewezen naar bewoners, ondernemers of raadsleden die iets willen of juist niet willen. De Bossche Groenen heeft ervaren dat prima valt samen te werken met de belanghebbenden en bloedgroepen. De fractie weigert mee te gaan in deze nieuwe polarisatieslag. Maak voortgang, stick to the plan, oog houdend voor de zorgen rondom de invoering. Er wordt géén betonnen muur opgetrokken midden op de ring, het is slechts een verkeersbord. De heer Kanters (Volt) erkent dat het participatieproces verbetering behoeft. Bij I&O zijn zowel voor- als tegenstanders van de knip aan het woord geweest en zij waren eenstemmig in hun kritiek op het participatieproces. Wat Den Bosch participatie noemt, is veelal verificatie.
Het plan is vaak al gemaakt, afwijken is moeilijk. Participatie is pas participatie als het in een veel eerder stadium plaatsvindt, bij de probleemstelling en planvorming, niet vlak voor de uitvoering. Volt sluit zich aan bij De Bossche Groenen en bij de inwoners van het gebied, die stelden dat overlast als gevolg van het geluid, in het bijzonder vanuit de Hinthamerdriehoek, verdwijnt door de knip. Het wegvak vormt geen obstakel meer in de verbinding tussen de binnenstad en het Zuid-Willemspark. Verkeersbewegingen voor voetgangers en fietsers hiertussen worden bevorderd. De huidige verkeersonveiligheid door de gemengde inrichting van dit wegvak wordt door de knip weggenomen. Fietsers worden beter beschermd. Volt is altijd voor maatregelen die de kwetsbare verkeersdeelnemer beschermen. De heer Broekmeulen (VVD) stelt dat er ook zienswijzen zijn van inwoners die het ook niet zien zitten. De heer Kanters (Volt) beantwoordt de vraag hoe hij omgaat met die bewoners die het niet zien zitten tegenover de bewoners die het wel zien zitten door aan te geven dat het overgrote deel voor dit plan is. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt waar de fractie dat op baseert. De heer Kanters (Volt) baseert dit op de verschillende insprekers die de raad heeft gehoord. De vraag is of hier het belang van de bewoner of de ondernemer zwaarder weegt.
De VVD spreekt voor de ondernemers, de bewoners zien hier meer de voordelen dan de nadelen. 11
De heer Broekmeulen (VVD) wil de inspraak niet bagatelliseren, maar dat waren twee mensen. Hij vindt dat te mager om conclusies aan te verbinden. Wellicht sluit het meer aan op de wensen van Volt en komt het daarom uit dit te noemen. De heer Kanters (Volt) kan dit ook omdraaien: de VVD baseert zich op de ene ondernemer die heeft ingesproken. Dit heeft inderdaad te maken met de waarden van Volt. Verkeersveiligheid, het milieu en de lokale inwoner zijn ontzettend belangrijke thema's. De heer Bos (GroenLinks) vraagt of niet ook naar omwonenden van de totale Binnenstadsring gekeken moet worden, zoals ook de Koningsweg snelheidspistolen inzet om te meten en klaagt over hoge snelheden. In december 2024 is over een totaalpakket gestemd. De heer Kanters (Volt) herinnert zich dat onderzoek heeft uitgewezen dat de knip naar voren kon worden gehaald zonder dat dit negatieve gevolgen had voor andere ingrepen. Dat dit goed kan, is tijdens de afsluiting van de Kanaalboulevard afgelopen jaar gebleken. Als er een reden is dit wel te doen, hoort hij die graag van GroenLinks-PvdA in hun bijdrage. De heer Van Hoek (50PLUS) ziet de knip als een klein element in een complex bereikbaarheidsmodel. Bereikbaarheid van de binnenstad is belangrijk. Dat is meer dan de wegen ernaartoe. Die worden door deze knip niet gehinderd. Er moet ook een auto geparkeerd kunnen worden, betogen ook de ondernemers.
De fractie verwijst naar een rapport van grote ondernemers die voor bereikbaarheid en parkeergelegenheid pleiten. De knip kan van verschillende kanten worden bekeken. Voor fietsers is het onoverzichtelijk. De heer Broekmeulen (VVD) stelt dat het in dit debat niet gaat om die technische zaken, maar om de afspraak dat randvoorwaarden op orde moeten zijn voordat hiermee wordt begonnen. Nu wordt de maatregel omgedraaid ten opzichte van de afspraken. De heer Van Hoek (50PLUS) vraagt zich af of de indertijd min of meer geaccepteerde randvoorwaarden in beton zijn gegoten. Het gaat om een zeer groot en ingewikkeld verkeersmodel. Er gebeurt van alles. Dat bij de Magistratenlaan ondergrondse trillingsschermen moesten worden geplaatst, was vijf jaar geleden nog niet te voorzien. Er gebeurt van alles dat de planning beïnvloedt. Als het model aangeeft dat dit kan doorgaan zonder wezenlijke invloed op andere plekken die onaanvaardbaar zou zijn, is er geen reden dat niet te doen. Dit is voortschrijdend inzicht. De factor veiligheid kan een reden zijn het zo vlug mogelijk te doen. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt of op een afspraak die de raad met het college maakt kan worden teruggekomen, door te stellen dat niet alles is beton is gegoten. Als sprake is van voortschrijdend inzicht zou dat in de brief bij de argumentatie moeten staan.
De heer Van Hoek (50PLUS) stelt dat het hier om technische zaken gaat, de uitvoering van werk. Dat mag niet afhankelijk worden gemaakt van ooit gemaakte theoretische afspraken. Als in de praktijk een andere werkwijze beter of sneller is, mag dat prevaleren boven de afspraken. De onderbouwing in de brief was voldoende. De heer Van Rens (D66) wijst op verkeersveiligheid als argument om de knips mogelijk in 2026 te leggen. Gevraagd wordt of de randvoorwaarden wat 50PLUS betreft gelijktijdig kunnen worden gerealiseerd met de vervroegde aanleg van de knip. De heer Van Hoek (50PLUS) vindt ook dit passen binnen de flexibiliteit van de raad waar het de feitelijke uitvoering van werken betreft. Als aan bepaalde randvoorwaarden beter een jaar later kan worden voldaan om de knip voorrang te geven, moet de raad dat accepteren als beste werkwijze. De heer Dupuis (SP) is voor een autoluwere binnenstad. Net als De Bossche Groenen ziet de fractie geen heel sterke vervoersvisie van het college. De knip mag er zo snel mogelijk komen. Er zijn al maatregelen genomen, maak het dan compleet en ga na hoe dat werkt als input voor andere knips. Nu de randvoorwaarden ter sprake brengen neigt naar bureaucratie en zaken voor je uit schuiven in onderzoeken. Kijk eens naar échte maatregelen in de vervoersvisie. De 12
vraag is hoever de ambitie in groei van bedrijvigheid moet gaan, die extra druk legt op de vervoerscapaciteit. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt hoe de SP omgaat met afspraken uit een raadsbesluit. De heer Dupuis (SP) stelt dat alles een compromis is van het totaal waar men mee bezig is. Daarin allerlei maatregelen koppelen en blokkeren, is bureaucratisch. De een is voor de ene maatregel, de ander voor de andere. Wie blijft hangen aan het totaalpakket en niet doorpakt, komt niet vooruit. Als er vervoersvisie ligt, voer die dan ook uit. Dat betreft óók de randvoorwaarden. De randvoorwaarden waartoe is besloten, moeten worden uitgevoerd. Wie daarmee treuzelt, moet de rest niet ophouden. Wie niet voor de knip is en het voorstel van de raad misbruikt om het standpunt door te drukken, doet iets wat niet goed is. Zo voelt het wel. De heer Broekmeulen (VVD) constateert dat afspraken niet worden nagekomen en dat de Magistratenlaan als cruciale doorstroomas straks een jaar dicht is. Als dat wordt gezien als gebruik voor eigen gewin, is de vraag hoe serieus de controlerende en kaderstellende taak van de gemeenteraad dan wordt genomen. De heer Dupuis (SP) geeft al gezegd dat de maatregelen uitgevoerd moeten worden.
Als er een kans is een bepaalde maatregel uit te voeren, mag het feit dat bij andere maatregelen wordt getreuzeld niet worden gebruikt om dit te blokkeren, terwijl het college zelf aangeeft dat het uitvoeren van de maatregel niet tot problemen leidt. Daarmee is de SP het eens. Doorpakken en ervoor gaan. De heer Van Rens (D66) stelt dat de knip uit verschillende fasen bestaat met per fase verschillende mogelijke randvoorwaarden. Gevraagd wordt of de SP D66 steunt dat bij de knip op de Kanaalboulevard aan de randvoorwaarden voldoet, zodat men daar verder kan in voorjaar 2026 en dat de overige knips conform planning naar 2030 gaan. De heer Dupuis (SP) stelt dat aan de noordkant het proces blijft hangen. Maak dat af, is zijn pleidooi. Door dit te doen, kan sneller worden doorgepakt. Hij concludeert dat de fracties het gedeeltelijk eens zijn. De heer Van der Leest (CDA) is voor het weren van doorgaand verkeer op de Binnenstadsring met behulp van de knip zoals in meerderheid door deze raad besloten. Deze knips mogen worden ingericht in 2026 voor test- en implementatiedoeleinden en volledig in gebruik worden genomen, waarbij de genoemde randvoorwaarden bijdragen aan gestelde doelen. De inrichting van de knips omvat cameraregistratie, digitale informatieborden en online informatie. Geen fysieke blokkades die hulpdiensten en houders van ontheffingen ophouden.
Bij eventuele noodsituaties kan de knip worden opgezet. Het CDA onderschrijft dat aanleg van de TROC nodig is voor leefbaarheid en gezondheid van omwonenden. Tegelijkertijd leidt langdurige afsluiting van cruciale doorstroomassen tot verminderde bereikbaarheid van de stad. Door verkeers- en parkeerbewegingen en economische effecten te monitoren, kunnen gepaste maatregelen worden genomen, waarbij mogelijk de knips kunnen worden ingezet. Zolang de Magistratenlaan en Nelson Mandelalaan niet volledig functioneren, zijn de randvoorwaarden nog niet volledig op orde. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt of het CDA vindt dat aan de randvoorwaarden is voldaan. De heer Van der Leest (CDA) stelt dat dit nog niet het geval is, maar dat wil niet zeggen dat de knips niet alvast kunnen worden ingericht en er gebruik van kan worden gemaakt. De heer Broekmeulen (VVD) stelt dat de door het CDA als belangrijk omschreven monitoring nog niet is geregeld. Daarnaast zit er geen geld in het door het CDA bepleite Binnenstadsfonds. Het verbaast de VVD dat het CDA nu geen waarde hecht aan eerder wel bepleite randvoorwaarden. De heer Van der Leest (CDA) ziet dat de randvoorwaarden wél doorgaan, maar dat er wel wat communicatieproblemen zijn. Inrichting van de knips is wezenlijk, want dit kan worden gebruikt voor monitoring van het verkeer. 13
De heer Broekmeulen (VVD) vindt het CDA tegenstrijdig: de fractie vindt dat aan de randvoorwaarden moet worden voldaan. Dat is nog niet zo, maar er kan wel worden doorgegaan, zodat kan worden gemonitord. Tegelijk ís de monitoring nog niet geregeld. De heer Van der Leest (CDA) ziet deze maatregelen bijdragen aan het doel het doorgaand verkeer te weren. De knips helpen daarbij, maar voordat ze in gebruik worden genomen, moet aan randvoorwaarden worden voldaan. Dat mag niet alles ophouden. Pas met de knips beginnen nadat aan alle randvoorwaarden is voldaan, duurt weer twee jaar. Daar gaat de fractie niet in mee. De heer Bos (GroenLinks) vraagt, om aan de verwarring een eind te maken, of het CDA voor het realiseren van de knip is of niet. De heer Van der Leest (CDA) is voor het plaatsen van de knip, voor deze operationeel te maken moet aan randvoorwaarden zijn voldaan. Geen uitstel van de inrichting, wel later bepalen wanneer deze operationeel wordt. De heer Bos (GroenLinks) constateert dat doorgaand verkeer kan blijven doorrijden en de overlast in de Hinthamerdriehoek niet verdwijnt. De heer Van der Leest (CDA) stelt dat het inrichten van de knip ook tijd kost, dus er is nog tijd om aan de voorwaarden te gaan voldoen. Die ruimte geeft het CDA het college.
De heer Van Rens (D66) stelt ook het CDA de vraag of de randvoorwaarden in fasen kunnen worden opgeknipt, waarbij de knip op de Zuid-Willemsvaart prioriteit krijgt voor dit jaar, waarbij aan de overige knips tot 2030 wordt gewerkt. De heer Van der Leest (CDA) kan zich daarin vinden. Daarmee stagneert niet het hele proces. Er is nu lang genoeg gesproken, het proces moet door. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) verwijst naar onderzoek dat de effecten van de knip op de ontwikkelingen op de Magistratenlaan verwaarloosbaar zijn. Gevraagd wordt of het CDA bedoelt dat als er wél effect is de knip weer opengezet moet worden óf dat de knip vooralsnog überhaupt niet operationeel gemaakt moet worden. De heer Van der Leest (CDA) geeft aan dat dát wel de strekking is. Zo'n knip is niet statisch, maar dynamisch. Het is een hulpmiddel voor het doel het doorgaande verkeer te weren. Bij verkeerde effecten moet kunnen worden ingegrepen, net als bij een noodgeval of ongeluk. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vat samen: bouw die knip, maak hem operationeel, als blijkt dat de impact op de werkzaamheden aan de Magistratenlaan te groot is, zet hem dan open. De heer Van der Leest (CDA) onderschrijft deze samenvatting. In vervolg op het antwoord op de VVD-vragen geeft het CDA aan niet tegen de knips te zijn, met uitzondering van de knip op zuid.
Voordat de knips operationeel worden gemaakt, moet worden voldaan aan randvoorwaarden als de aanwezigheid van toegangssystemen en camera's. Calamiteiten- en ontheffingsverkeer moet toegang behouden. Een parkeerreserveringssysteem inclusief goede digitale parkeerbewegwijzering moet onnodige verkeersstromen voorkomen. Deze randvoorwaarden wil het CDA wel zien, maar zij wil de knip er niet voor tegenhouden. Tijdens de implementatie kunnen via een pilot de doelen en randvoorwaarden verder worden gerealiseerd. Bewoners en ondernemers moeten zich gehoord voelen. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) signaleert dat ruimtelijk en organisatorisch de linkerhand op de Zuid-Willemsvaart niet weet wat de rechterhand op de Magistratenlaan doet of gaat doen. Als de TROC wordt gerealiseerd, is het wachten op een verkeersinfarct. Aan de randvoorwaarden zoals verwoord bij I&O is niet voldaan.
14
De heer Van Rens (D66) gaat in plaats van de in de discussienotitie voorspelde verkeerscongestie liever uit van de feiten uit de RIB van het college die het volledige gebrek aan correlatie tussen de (tijdelijke) eenrichtings-Magistratenlaan en de knip op de ZuidWillemsvaart bewijst: er is geen verband. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) meent dat er weinig studie nodig is om te zien dat bij de afsluiting van één van twee parallelle banen een waterbedeffect onvermijdelijk is. De heer Van Rens (D66) vraagt of de fractie de door experts gebruikte modellen in twijfel trekt. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) kan niet oordelen of sprake is van feitelijke onjuistheden. Wel is de vraag gerechtvaardigd of dit de waarheid is. Daar twijfelt hij aan. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt of de fractie het met de VVD eens is dat het ontkennen van een wederzijds effect een zwaktebod is, een uitweg om maar gewoon door te gaan in plaats van de afspraak van eerst de randvoorwaarden op orde gestand te doen. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) stelt dat het gevoel dat er niet naar mensen is geluisterd, wordt gevoed door het niet volgen van de randvoorwaarden. Die moeten worden ingevuld voor een vervolgstap wordt gezet. Als het verkeer niet over de Magistratenlaan kan, gaat het over de Zuid-Willemsvaart.
De heer Van Hoek (50PLUS) vraagt of iedereen het eens is over wat er moet worden uitgevoerd, maar dat de mensen over de volgorde van mening verschillen. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) hecht aan een volgordelijke beoordeling, die begint met de Zuid-Willemsvaart. Terwijl eerder is besloten dat randvoorwaarden moesten worden ingevuld voordat de knip werd gemaakt, wordt nu een heel grote stap gezet. Eerst de randvoorwaarden, stelt hij. De heer Van Hoek (50PLUS) vraagt of het feit dat dit zwart-op-wit staat de enige reden is dat het van belang is. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) zegt dat wie geen randvoorwaarden vooraf stelt, alle vrijheid weggeeft. Randvoorwaarden zijn een conditio sine qua non om tot uitvoering te komen. De heer Van Hoek (50PLUS) verschilt hierin van mening met de heer Verhoef: een randvoorwaarde kan best halverwege het traject of naderhand worden ingevuld. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) ziet een randvoorwaarde als een uitgangspunt, een vertrekpunt, een grens. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) haalt de brief van de wethouder aan: hoewel de Magistratenlaan nog niet voldoet aan de randvoorwaarden, kan de knip wel worden gezet. Uit onderzoek blijkt dat het geen effect heeft. Als dat een feit is, voor die ene knip, kan de planning worden aangehouden. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) heeft de discussienotitie dan waarschijnlijk anders geïnterpreteerd.
Als de TROC wordt doorgezet, roept Den Bosch een verkeersinfarct over zich af. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vraagt of de heer Verhoef op de deskundigheid van de heer Broekmeulen is afgegaan en niet op dat wat de wethouder daarover heeft geschreven. De heer Verhoef (gewoon ge-DREVEN) heeft de RIB gelezen en de notitie. Daarin heeft hij voor zichzelf een afweging gemaakt. De discussienotitie schetst voor hem op hoofdlijnen wat er staat te gebeuren als de nu voorziene stappen worden gezet. Concluderend zou zijn fractie de VVD uitstel willen voorstellen.
15
De heer Bos (GroenLinks-PvdA) is nadrukkelijk voor het terugdringen van verkeer dat niet de binnenstad als bestemming heeft, maar deze als afsnijroute gebruikt. Inwoners wijzen al decennia op te hard rijdend en druk verkeer. De voortgang op dit dossier is deze periode beperkt gebleven. twee jaar onderzoek, een jaar participatie, discussienotitie en commissiebehandelingen. Nu de raad ruim een jaar geleden een besluit heeft genomen, achten GroenLinks en PvdA het tijd om door te pakken en tot uitvoering over te gaan. Uit onderzoek blijkt dat afsluiting van de Nelson Mandelalaan en de knip Zuid-Willemsvaart weinig samenhangen. Eerdere afsluiting van de Zuid-Willemsvaart heeft niet voor overlast gezorgd. De heer Broekmeulen (VVD) merkt op dat de beperkte invloed gaat om verkeersbewegingen, terwijl een deel van de randvoorwaarden om economische effecten gaat. Dat eerdere afsluiting niet tot overlast heeft geleid, is niet objectief vastgesteld. Hij vraagt of de fracties belangrijk vinden dat de knip er komt of dat het goed gebeurt. De voorzitter merkt op dat het feit dat de VVD als indiener van deze notitie veel interruptiemogelijkheid krijgt haar niet ontslaat van de afspraak interrupties beknopt te houden. In dit geval gingen aan de vraag enkele daar niet mee te maken hebbende stellingen vooraf. De heer Bos (GroenLinks-PvdA), wil daar, nu ze geplaatst zijn, tóch op reageren.
Het college heeft heel hard gewerkt aan de integrale aanpak van de brede binnenstad. Getracht wordt de binnenstad écht op te fleuren en het verblijfsklimaat te verbeteren. Dat wordt nu wat gebagatelliseerd. Het belangrijkste is dat doorgaand verkeer wordt geweerd van de Binnenstadsring. Daar hoort de knip bij. Daar is zowat een jaar over gediscussieerd. Nu liggen de stukken voor en kiest GroenLinks-PvdA voor doorpakken. De heer Broekmeulen (VVD) vraagt wat er dan aan economische effecten is bereikt. De heer Bos (GroenLinks-PvdA) geeft aan dat het college keihard bezig is. Daardoor kan gelijktijdig met de knip nog steeds worden doorgepakt op de andere aspecten. Het doel van het eerder aangenomen raadsvoorstel blijft overeind: de Binnenstadsring is geen sluiproute. Door de onverwachte ontwikkelingen bij het rijk moet Den Bosch plannen bijstellen, maar hoeft het niet de ambities los te laten. Samen met andere partijen wordt bekeken of een motie nodig is om de voorgestelde knip komende maart te plaatsen, als daar meer duidelijkheid voor nodig is. De titel van de discussienotitie mist een deel van het verhaal. De zorgen van GroenLinks en PvdA liggen ook bij de bewoners langs het spoor die tijdelijk hun huis moeten verlaten of in een onleefbare situatie komen te zitten. Er gaan best veel werkzaamheden plaatsvinden op korte afstand van de woningen.