CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4) Jaarverantwoording 2021

Gemeenteraad 14 juni 2022, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Zienswijze Programmabegroting 2023 en resultaatbestemming 2021 Veiligheidsregio Brabant-Noord27.398 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Totaal Bedrijfsvoering

Begroting 2021 Primair 9.216 179 -9.037 -9.037

Begroting 2021 na wijziging 9.867 117 -9.750 1.870 260 -1.610 -11.360

Werkelijk 2021

Werkelijk 2020

9.889 90 -9.800 1.870 196 -1.674 -11.473

12.130 76 -12.054 14 14 -12.040

-9.037

-11.360

-11.473

-12.040

De afwijkingen worden nader toegelicht in 4.4.2 Verschillenanalyse.

2.4 Totale verantwoorde realisatie en algemene middelen Het totaal van de lasten die we over de toegelichte programma’s verantwoorden telt op tot het volgende saldi, voor en na reservemutaties.

Totaal saldo van baten en lasten programma's

-44.213

-43.503

-42.270

-41.926

Totaal saldo reservemutaties programma's

270

-1.637

-2.406

-1.842

Totaal saldo programma's na verrekening reserves

-43.943

-45.140

-44.676

-43.768

Begroting 2021 Primair

Begroting 2021 na wijziging

Werkelijk 2021

Werkelijk 2020

BDUR - Brandweer

4.746

5.195

5.235

4.876

BDUR - GHOR

1.233

1.285

1.258

Gemeentelijke bijdrage Brandweer

36.636

37.295

37.295

35.768

Gemeentelijke bijdrage GHOR

1.087

746

806

2.469

Gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg

683

687

687

669

44.385

45.208

45.281

43.782

-442

-2

-6

-11

Totaal Algemene Middelen

43.943

45.206

45.275

43.771

Gerealiseerd resultaat

-

66

599

3

Daartegenover zijn de volgende dekkingsmiddelen gerealiseerd.

Algemene Middelen Algemene Middelen

totaal bijdragen Saldo financieringsfunctie

Daarmee is in 2021 een batig saldo gerealiseerd van € 599.000, wat € 533.000 hoger is dan het begrote voordeel naar aanleiding van de prognoses bij de bestuursrapportage. De overhead van de veiligheidsregio maakt zowel in de begrotingen als in de realisatie 22% uit van het lastenvolume. Een specificatie gebaseerd op de baten en lasten per taakveld (zie 4.6) is opgenomen in de paragraaf Bedrijfsvoering.

26 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

3. Jaarverslag: Paragrafen

In dit hoofdstuk komen de paragrafen aan bod. Het doel van een paragraaf is om voor thema overstijgende onderwerpen één totaalbeeld te geven. Volgens het BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) zijn de volgende paragrafen verplicht: - lokale heffingen, - weerstandsvermogen en risicobeheersing, - onderhoud kapitaalgoederen en investeringen, - financiering, - bedrijfsvoering, - verbonden partijen, - grondbeleid. Omdat wij als veiligheidsregio geen lokale heffingen heffen en niet over grondposities beschikken, zijn de paragrafen ‘lokale heffingen’ en ‘grondbeleid’ niet opgenomen in de jaarstukken. Het overzicht investeringen is toegevoegd aan de paragraaf ‘onderhoud kapitaalgoederen’ om een eenduidig en volledig beeld te geven betreffende dit onderwerp.

3.1

Bedrijfsvoering

Formatie en Bezetting In onderstaand overzicht is onze formatie opgenomen. De realisatie van de gegevens heeft betrekking op de stand van zaken per ultimo 2021. Dit betreft de medewerkers met een aanstelling. De

27 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

brandweervrijwilligers zijn uitgezonderd van het FTE-overzicht en apart verantwoord in deze paragraaf.

Beroepsformatie

Formatie FTE's

Crisis en multi (excl. GHOR)

15

Brandweer

204

Bedrijfsvoering

59

Totaal

277

De medewerkers van GHOR zijn in dienst bij GGD Hart voor Brabant en komen in bovenstaande cijfers niet terug. De centralisten van Meldkamer Brandweer Oost-Brabant (MKBOB) en de Calamiteiten Coördinatoren (Caco’s) komen wel terug in bovenstaande cijfers. Zowel de centralisten als de Caco’s zijn in dienst van Veiligheidsregio Brabant-Noord, maar werken ook voor Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost. Ziekteverzuim In 2021 is het ziekteverzuimpercentage (4,29%) iets hoger ten opzichte van 2020 (4,15%). De gemiddelde verzuimduur is gestegen naar 20,56 dagen in 2021 t.o.v. 20,16 dagen in 2020. Het totale aantal ziekmeldingen was 223.

Ziekteverzuim Soort verzuim in %

2021

2020

ziekteverzuimpercentage

4,29%

4,15%

meldingsfrequentie

0,71%

0,80%

gemiddeld verzuimduur in dagen

20,56

20,16

Mobiliteit

Instroom

Uitstroom

Beroeps

19

14

Vrijwilligers

62

67

Jeugdbrandweer

8

16

Mobiliteit

Mobiliteit

Algemene Verordening Gegevensbescherming Iedereen heeft er recht op dat organisaties zorgvuldig met zijn of haar persoonsgegevens omgaan. Onder de verantwoordelijkheid van Veiligheidsregio Brabant-Noord vinden verwerkingen van persoonsgegevens plaats. Het is de taak en de verantwoordelijkheid van het Dagelijks Bestuur om de privacy rechten van medewerkers en burgers te borgen en gegevensbescherming een prominente plek te geven binnen de organisatie. De implementatie van informatiebeveiliging vergt commitment van het bestuur, het management van de organisatie en de verwerkingsverantwoordelijken. Alleen als zij het belang onderstrepen, dit uitdragen, ondersteunen en de benodigde tijd en middelen beschikbaar stellen, heeft informatiebeveiliging een kans van slagen. Op dit vlak ligt er nog een opdracht voor de organisatie, zeker met de opgestelde visie voor de nabije toekomst die voor een groot deel is gestoeld op een informatiegestuurde netwerkorganisatie. De aandacht ligt nog regelmatig op het sectorale vlak, terwijl een integrale aanpak van projecten en verwervingen vereist is, waaronder passende aandacht voor de bescherming van persoonsgegevens.

28 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Voor een gedetailleerde beschrijving kan het jaarverslag 2021 van de Functionaris Gegevensbescherming (FG) worden geraadpleegd. Deze rapportage geeft aan welke activiteiten de FG het afgelopen jaar heeft uitgevoerd, de bevindingen en aanbevelingen daarbij en de speerpunten voor het komend jaar. Dit biedt de portefeuillehouder en het managementteam een tool om te sturen op (de voortgang van) compliance met de AVG. De vermelde aanbevelingen voor 2022 kunnen hierbij als vertrekpunt gebruikt worden en zijn inmiddels ook belegd. Inkoop In 2021 heeft Veiligheidsregio Brabant-Noord een aantal Europese en niet-Europese aanbestedingen doorlopen. Een overzicht hiervan is opgenomen in bijlage 5.4. De meerjarige verplichtingen die zijn aangegaan, zijn opgenomen in de toelichting op de balans. Rechtmatigheid Het controleprotocol 2021 van Veiligheidsregio Brabant-Noord is vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Hierin is opgenomen waaraan de accountant bij zijn controle over het jaar 2021 specifiek aandacht aan besteedt en welke rapporteringstoleranties hij hierbij dient te hanteren. Het controleprotocol is tevens de basis voor specifieke interne controles die door de veiligheidsregio en de GHOR worden gedaan om de werkprocessen en de genomen interne controlemaatregelen te toetsen.

Rechtmatigheidsverantwoording vanaf 2022 Het Dagelijks Bestuur is verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving. Op dit moment brengt de accountant hierover verslag uit. Met ingang van verslagjaar 2022 dient het Dagelijks Bestuur zelf een rechtmatigheidsverantwoording op te stellen, die opgenomen wordt in de jaarrekening. In paragraaf bedrijfsvoering dient dan gerapporteerd te worden over de bevindingen boven de rapporteringstolerantie. De vaststelling van de notitie rechtmatigheidsverantwoording legt samen met het In-Controlplan de basis voor de rechtmatigheidsverantwoording. De accountant zal overigens wel blijven toetsen of de jaarrekening getrouw is. Oftewel, conform de realiteit. De rechtmatigheidsverantwoording wordt onderdeel van de jaarrekening. De accountant controleert ook of de rechtmatigheidsverantwoording van het Dagelijks Bestuur getrouw is. CO2-footprint VRBN Vanuit de duurzaamheidsambitie hebben we in 2021 onze eerste CO2-footprint opgesteld. Deze is als volgt: CO2-footprint 2021 CO₂-parameter

CO₂-equivalent

Elektriciteit Ingekochte elektriciteit

966.108 kWh

0,556 kg CO₂ / kWh Subtotaal

537 ton CO₂ 537 ton CO₂

Brandstof & warmte Aardgas voor verwarming

328.409 m3

1,88 kg CO₂ / m3 Subtotaal

619 ton CO₂ 619 ton CO₂

Zakelijk verkeer Gedeclareerde km privé auto's Personenwagen (in liters) diesel

80.621 km 114.021 liter

0,195 kg CO₂ / km 3,26 kg CO₂ / liter Subtotaal

15,7 ton CO₂ 372 ton CO₂ 388 ton CO₂

CO₂-uitstoot

1.544 ton CO₂

Deze CO2-footprint laat zien hoeveel broeikasgas wordt uitgestoten en eventueel wordt gecompenseerd door inkoop van CO2-compensatie. De CO2-emissies zijn in deze footprint gegroepeerd per thema. In de footprint is ook af te lezen wat de grootste bijdrage aan de CO2-uitstoot 29 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

veroorzaakt. Momenteel meten we een beperkt aantal indicatoren. We gebruiken hiervoor de milieubarometer. We werken de komende jaren aan uitbreiding van de footprint met andere thema’s zoals afval, water, woon-werkverkeer en SROI.

Deze grafiek is een grafische weergave van de CO2-footprint in ton CO2 per jaar. Hoe groter een thema in deze grafiek, des te groter is de bijdrage van dat thema aan de uitstoot van broeikasgassen. Aan afval wordt in de milieubarometer geen CO2-uitstoot toegerekend. Percentage overhead Het gerealiseerde percentage overhead was in 2021 nagenoeg aan het begrote percentage. Overheadpercentage Veiligheidsregio Brabant-Noord Begroting 2021 na wijziging

Werkelijk 2021

Werkelijk 2020

21,5%

21,6%

21,8%

28,8%

Overheadpercentage

3.2

T a a k v e ld o v e rhe a d in % v a n de la s t e n

Begroting 2021 Primair

Financiering

Het beleid van de veiligheidsregio inzake de financiering is vastgelegd in het Treasurystatuut Veiligheidsregio Brabant-Noord 2018 (AB, 4 juli 2018). De belangrijkste doelstellingen van het treasurybeleid zijn: - De toegang tot de vermogensmarkten tegen de scherpst mogelijke condities. - Het vermijden van ongewenste financiële risico’s zoals rente-, valuta-, koers-, intern liquiditeits- en kredietrisico. - Het minimaliseren van de hiermee gemoeide interne verwerkingskosten en externe kosten. - Het realiseren van een flexibel en controleerbaar liquiditeitenbeheer in de organisatie. Veiligheidsregio Brabant-Noord Bij de uitvoering van het beleid streeft de organisatie naar zekerheid en stabiliteit en kent ze haar beperkingen bij het inspelen op marktontwikkelingen. Daarom wordt lange termijn financiering verkozen boven rentevoordelen die op korte termijn te behalen vallen door kort te financieren. Ook omdat deze voordelen op middellange termijn kunnen verdwijnen als sneller geherfinancierd moet worden. Bovendien zou de voorspelbaarheid nadelig worden beïnvloed. Terwijl deze keuze ervoor zorgt dat op de korte termijn het kredietrisico onder de kasgeldlimiet blijft, wordt op de lange termijn het renterisico beperkt door de langlopende leningen lineair af te lossen en zo een optimale spreiding te bewerkstelligen.

30 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Liquiditeitspositie In 2021 zijn geen kortlopende financiële middelen ingezet en is niet of nauwelijks gebruik gemaakt van de kredietfaciliteit. Kasgeldlimiet Op grond van de wet Fido dienen de begroting en de jaarverantwoording inzicht te verschaffen in de kasgeldlimiet over het afgelopen jaar en de renterisiconorm voor de komende vier jaar van de organisatie. Bij de berekening is de primaire (programma)begroting van het betreffende jaar uitgangspunt. De kasgeldlimiet beperkt de omvang van de vlottende schulden ten opzichte van de begroting en de vlottende middelen. Aangezien geen korte financiering of roodstand binnen de kredietfaciliteit aan de orde is geweest, is het kasgeldniveau in alle kwartalen van 2021 ruim onder de limiet gebleven. bedragen * € 1.000

Toets kasgeldlimiet VRBN (exclusief GHOR) Begrotingstotaal Voorgeschreven percentage Kasgeldlimiet

45.098 8,2% 3.698 1e kwartaal 2021

2e kwartaal 2021

3e kwartaal 2021

4e kwartaal 2021

Gem vlottende schuld

33.141

23.928

13.658

6.076

Gem vlottende middelen

37.689

27.125

17.978

7.726

Gem netto vlottende schuld

4.548-

3.197-

4.320-

1.650-

Ruimte onder kasgeldlimiet

8.246

6.895

8.018

5.348

Met de huisbankier, BNG bank, is er een krediet- en depotarrangement vastgelegd van € 3.300.000 voor de kortlopende negatieve saldi in rekening-courant. Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt voor de periode langer dan 1 jaar het bedrag waarvoor maximaal aflossingsverplichtingen aangegaan mogen worden die in één boekjaar vallen. bedragen * € 1.000

Toets renterisiconorm VRBN (exclusief GHOR) Jaar

2021

2022

2023

2024

Begrotingstotaal

45.098

48.336

48.272

48.211

Voorgeschreven percentage Renterisiconorm

20% 9.020

20% 9.667

20% 9.654

20% 9.642

Renteherzieningen

-

-

-

-

Aflossingen Renterisico

2.250 2.250

2.250 2.250

2.250 2.250

2.250 2.250

Ruimte onder renterisiconorm

6.770

7.417

7.404

7.392

Opmerking: o.b.v. bestaande leningen; de laatste aflossingen van de geldleningen van de gemeenten i.v.m. de overdracht van kazernes in eigendom zijn niet in dit overzicht opgenomen, omdat deze leningen vervielen zonder aflossing bij het vervallen van de tijdelijke overdracht.

Uit het overzicht blijkt dat de veiligheidsregio in de huidige situatie ruim binnen de limiet blijft. Bij grotere investeringen in de nabije toekomst (bv. in huisvesting), wordt voor maximale spreiding van aflossingen over de looptijd van de investeringen gekozen om binnen de renterisiconorm te blijven. 31 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

De GHOR heeft geen aparte liquiditeitspositie. De kas- en bankmutaties lopen volledig via de subrekeningen van de GGD Hart voor Brabant. Rentelasten, Renteresultaat en Rentetoerekening Het financieel overzicht op taakvelden (4.6) laat een gerealiseerd totaal van € 155.000 aan rentelasten zien ten opzichte van een begroot totaal van € 142.000. Dit verschil wordt verklaard doordat een globale inschatting werd gehanteerd. Het renteresultaat, wat uit hetzelfde overzicht afgelezen kan worden als het verschil van de aan activa toebedeelde rente en de werkelijk betaalde rente, bedroeg /- € 6.000. Dit verwaarloosbare bedrag is in lijn met de voorschriften en het streven om enkel de werkelijke kosten te dekken. De rente wordt 1 op 1 doorbelast aan de (sub)programma’s waarin de betreffende activa worden benut. Elk activum is slechts aan één programma toegewezen en alle programma’s maken deel uit van slechts één taakveld. Er worden dan ook geen verdeelsleutels toegepast. Om de rente om te slaan over de genoemde activa, wordt de omslagrente berekend conform de notitie Activabeleid en dat resulteert voor 2021 in een omslagrente van 0,4% Financieringsbehoefte Samenhangend met het uitzonderlijke verloop van 2021, bevindt de inzet van liquiditeiten zich onder het voorspelde niveau.

Dit kan voornamelijk worden bestempeld als vertraging en heeft als gevolg dat de herfinanciering van bestaande leningen uitgesteld kon worden. In verband met belangrijke investeringen in de huisvestingsprojecten, diende begin 2022 de leningenportefeuille uitgebreid te worden met twee langlopende leningen voor een totaal van € 36 miljoen. Op het moment van schrijven zijn deze leningovereenkomsten met succes afgesloten voor tarieven binnen de vooraf gedane aannames. EMU-saldo VRBN EMU-saldo Lasten

bedragen x € 1.000

Werkelijk 2021

Saldo van baten en lasten

42.270

Bij: Afschrijvingen ten laste van exploitatie

4.076

Dotaties aan voorzieningen

1.873

Af: Investeringen

6.634

Voorzieningen voorzover transacties met derden

3.212

Totaal EMU-saldo

38.373

3.3

Onderhoud kapitaalgoederen

Veiligheidsregio Brabant-Noord In artikel 12 van het BBV wordt aangegeven wat de beleidskaders zijn van het onderhoud van de kapitaalgoederen, de hieruit voortvloeiende financiële consequenties en de vertaling van deze consequenties in de begroting.

32 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Veiligheidsregio Brabant-Noord beschikt over een aanzienlijke omvang kapitaalgoederen. Met het onderhoud van de kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. Deze kapitaalgoederen bestaan uit gebouwen, materieel en voertuigen. Gebouwen In 2019 is het besluit genomen om alle 39 kazernes over te dragen aan Veiligheidsregio BrabantNoord. Hiermee berust het eigendom van deze kazernes bij de veiligheidsregio. De kazerne Haaren is per 1 januari 2021 terug overgedragen aan de gemeente Oisterwijk. Naast de brandweerkazernes wordt gebruik gemaakt van een kantoorpand aan de Kooikersweg in ’s-Hertogenbosch. Bij het voorstel tot resultaatbestemming 2019 is een beslispunt opgenomen om een bestemmingsreserve groot onderhoud kazernes te vormen. Dit voor het egaliseren van de in de tijd gespreide onderhoudskosten. De reserve wordt gevoed op basis van het meerjarenonderhoudsplan (MJOP) dat voor elke kazerne is opgesteld. Materiaal en voertuigen De veiligheidsregio heeft een grote vloot aan voertuigen en ander werkmaterieel. Het onderhoud aan zowel de voertuigen als de bepakking wordt voor een deel extern gedaan en voor een deel in eigen beheer. Er is door de veiligheidsregio een bestemmingsreserve kapitaallasten ingesteld t.b.v. vervanging van materieel en materiaal.

3.4

Weerstandsvermogen

3.4.1 Weerstandscapaciteit Het weerstandsvermogen geeft aan hoe goed de onderdelen in staat zijn om financiële tegenvallers (risico's) op te kunnen vangen. Het weerstandsvermogen wordt ingegeven door de hoogte van de weerstandscapaciteit (o.a. de algemene reserve) in verhouding tot potentiële risico’s. Veiligheidsregio Brabant-Noord De algemene reserve dient om onvoorziene risico’s op te vangen. De stand van de Algemene Reserve was op 31-12-2020 € 2,40 miljoen. Daarna werd - conform het besluit van het Algemeen Bestuur € 370.000 (AB 03-11-2021) en € 3.000 (AB 30-06-2021) aan de reserve toegevoegd (saldo € 2,77 miljoen; zie ook Toelichting op de balans). Bevolkingszorg Brabant-Noord Bij het van start gaan van Bevolkingszorg als programma van de veiligheidsregio in 2015, is een reserve ingesteld waarmee jaarlijks overschotten en tekorten binnen dit programma verrekend worden. Deze reserve heeft een plafond van € 150.000. De stand van de reserve per 31 december 2020 was met instemming van het bestuur € 185.868. Conform het doel van de reserve is de kostenoverschrijding van Bevolkingszorg in 2021 (€ 65.503) hierop in mindering gebracht, zodat per 31-12-2021 een saldo van € 120.366 resulteert. 3.4.2 Financiële kengetallen Veiligheidsregio Brabant-Noord De financiële kengetallen zijn gedefinieerd in het BBV en maken daarom deel uit van de jaarverantwoordingen en begrotingen.

Vanwege het feit dat de kosten van de GHOR worden gepresenteerd als kosten voor gemene rekening is ervoor gekozen deze niet op te nemen.

33 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Kengetallen VR Verloop van de kengetallen

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte VR Algemeen / C&R / BZ / BWZ Structurele exploitatieruimte GHOR

Werkelijk

Begroot

Werkelijk

Ultim o 2020

Ultim o 2021

Ultim o 2021

62% 62% 22% 3% 30%

114% 114% 14% 0% 17%

52% 52% 30% 2% 24%

Opm.: de incidentele kosten voor de doorontwikkeling van de veiligheidsregio zijn geneutraliseerd, omdat deze niet uit de structurele middelen zijn gedekt.

Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de organisatie ten opzichte van de eigen middelen. Daarmee geeft deze een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen wordt voor de volledigheid weergegeven, maar de veiligheidsregio verstrekt geen leningen zodat beide kengetallen gelijk zijn. Hoewel de hoogte van de schuldquote afhankelijk is van bestuurlijke keuzes en het investeringsritme, kan ruwweg gesteld worden dat bij een schuldquote van 130% of hoger de houdbaarheid van de financiële positie in gevaar is (rood) en bij waarden tussen 100% en 130% de capaciteit om tegenvallers op te vangen of grote investeringen te doen een aandachtspunt is (oranje). Voor de veiligheidsregio zijn in 2022 geen zorgwekkende schuldenlasten aan de orde, zoals blijkt uit de waarden onder de 100%. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de veiligheidsregio in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de organisatie.

Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft binnen de totale baten het percentage weer waarmee de structurele baten de structurele lasten overschrijden. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. De incidentele onttrekking uit de reserve Doorontwikkeling Veiligheidsregio is net als voorheen als incidentele baat meegeteld, zodat de betreffende incidentele kosten zijn geneutraliseerd. Daarnaast zijn in deze berekening ook de lasten gecorrigeerd voor de incidenteel lagere uitgaven op structurele kostenbudgetten, om precies te zijn als gevolg van corona. Voorts blijkt uit dit kengetal voor BBN en BZ dat de structurele lasten gedekt worden door de structurele inkomsten, terwijl bij de GHOR zoals reeds onderkend het kengetal wijst op structurele ruimte in de begroting.

34 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

3.4.3

Risico’s

In de risicotabel op de volgende pagina hebben we onze belangrijkste risico’s opgenomen. Risicobedrag Nr. Risico en beheersmaatregel 1 Taakdifferentiatie brandweer 2 Calamiteiten kosten 3 Tekort aan gekwalificeerd deskundig en ervaren personeel. 4 Onvoldoende paraatheid door minder beschikbaarheid brandweerpersoneel 5 Ziekte/ongeval/overlijden personeel 6 Eigenrisicodrager WW/WIA 7 Opleidingskosten 8 Huisvesting 9 Niet verzekerde schade materiaal 10 Uitval/storing/wegvallen en vernieuwen ICT 11 Niet verzekerde aansprakelijkheid voor handelen medewerkers veiligheidsregio 12 Fraude 13 Niet voldoen aan wet- en regelgeving 14 Fiscaal risico 15 Grotere prijsstijging overige bestaande lasten 16 Verlaging BDUR uitkering en gemeentelijke bijdrage

Kolom BBN BBN VR

S/I* S I S

BBN

S

VR VR BBN BBN BBN VR BBN

I S S S/I S S S

BBN VR VR VR VR

I I I S S

17 Pandemie

GHOR

I

Impact 1.000.000 350.000 200.000

€ € €

€ € € € €

Kans (impact x kans) 50% € 500.000 50% € 175.000 50% € 100.000 25%

P.M.

300.000 200.000 250.000 2.040.000 55.000 > € 1.000.000

50% € 25% € 50% € 50% € 25% € 25% < 1%

150.000 50.000 125.000 1.020.000 13.750 P.M. P.M.

200.000 715.000 245.000

10% € 50% € 25% €

P.M. P.M. 20.000 357.500 61.250

-

P.M.

€ € €

-

Totaal

€

2.572.500

*In deze kolom is aangegeven of het risico naar verwachting een structureel of incidenteel effect heeft. In het geval van een structureel risico geven we de bedragen per jaar weer.

Vervallen / nieuwe of gewijzigde risico’s Gewijzigd – Taakdifferentiatie brandweer De impact van dit risico is verlaagd van € 3,0 miljoen naar € 1,0 miljoen. Gewijzigd – Huisvesting De impact van dit risico is verhoogd van € 640.000 naar € 2,0 miljoen. Gewijzigd – Indexering: grotere prijsstijging overige bestaande lasten De impact van dit risico is verhoogd van € 230.000 naar € 715.000 en daarnaast is de kans gestegen van 25% naar 50%. De gewijzigde risico’s vormen ook de top 3 en worden hieronder verder toegelicht.

35 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Top drie risico’s Risico en Kolom S/I* Impact Kans Risicobedrag (impact x kans) beheersmaatregel Taakdifferentiatie BBN S € 1.000.000 50% € 500.000 brandweer In het Veiligheidsberaad van 21 juni 2021 is de nieuwe stuurgroep ‘toekomstbestendig brandweerstelsel’ ingericht met o.a. de opdracht om een implementatieplan uit te werken voor de bouwsteen ‘verplichtend karakter’, de enige bouwsteen die (vooralsnog) geïmplementeerd zal worden bij de veiligheidsregio’s. De status per februari 2022 m.b.t. de implementatie van bouwsteen 1: In juni besproken in de BAC Brandweer en op 1 juli 2021 in het Veiligheidsberaad met de minister van JenV. Na de besluitvorming over het implementatieplan hebben veiligheidsregio’s drie jaar de tijd om te implementeren. Momenteel is er nog veel onduidelijk over personele, organisatorische en financiële consequenties en wachten we landelijke de ontwikkelingen af. Het uitgangspunt blijft dat het Rijk zal bijdragen aan de financiering. Op basis van de huidige informatie is binnen Veiligheidsregio Brabant-Noord de doelgroep die geraakt wordt door de implementatie van bouwsteen 1 in kaart gebracht. In totaal gaat het over ongeveer 35 functionarissen. De € 3,0 miljoen opgenomen in een eerdere risicoparagraaf, was gebaseerd op een impact in 20% van de posten en het significant anders organiseren van de sector Brandweerzorg.

Brandweerzorg voortzetten zoals we het nu uitvoeren lijkt met de implementatie van bouwsteen 1 toekomstbestendig en de impact zit op een beperkte groep. Wat de exacte kosten zullen zijn is nog onbekend, maar het fors verlagen van het eerder opgenomen risico lijkt gepast. Veiligheidsregio Brabant-Noord ziet nog één risico en dat zijn de koude taken die regelmatig door vrijwilligers worden uitgevoerd (bijvoorbeeld instructeurs en jeugdleiders). Deze taken zijn niet in bouwsteen 1 meegenomen, echter als deze toch toegevoegd worden heeft dit forse (financiële en organisatorische) consequenties voor Veiligheidsregio Brabant-Noord.

Risico en beheersmaatregel

Kolom S/I*

Impact

Kans

Risicobedrag (impact x kans)

Huisvesting BBN S/I € 2.040.000 50% € 1.020.000 Huisvesting - nieuw- en verbouw kazernes BBN S € 1.040.000 50% € 520.000 Het bestuur heeft ingestemd met de huisvestingsvisie. Dit betekent dat de veiligheidsregio verantwoordelijk wordt - en dus ook risicodrager is - voor alle brandweerkazernes. In de visie is ook rekening gehouden met een aantal ontwikkelingen, zoals de nieuwbouw van drie kazernes, de renovatie van zes kazernes en de nieuw/verbouw van de hoofd- en nevenvestiging. Gezien de ontwikkelingen in de bouw speelt het risico van prijsstijgingen. Dit houden we de komende vier jaar scherp in de gaten. Als blijkt dat de prijsstijgingen dusdanig zijn, zal dit gerapporteerd worden en moeten we keuzes maken. Huisvesting onderhoud en beheer kazernes BBN I € 1.000.000 50% € 500.000 Wat betreft de exploitatie van de kazernes zijn er onzekerheden. Het groot onderhoud wordt gedekt door middel van een onderhoudsreserve die aansluit bij de meerjarenonderhoudsplanningen, maar daarnaast blijven er wel risico's bestaan op onverwachtse tegenvallers, zoals niet eerder bekende bouwkundige gebreken.

36 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Risico en beheersmaatregel Kolom S/I* Impact Kans Risicobedrag (impact x kans) Grotere prijsstijging overige bestaande lasten VR S € 715.000 50% € 357.500 Veiligheidsregio Brabant-Noord krijgt de te hanteren indexeringscijfers voor lonen en prijzen door van de centrumgemeenten 's-Hertogenbosch en Tilburg. Voor de begroting vragen we in januari / februari de dan bekende indexeringscijfers op voor het volgende jaar. Dit betekent dat er 10 á 11 maanden tussen het opstellen van de begroting en de werkelijkheid zitten. Hierdoor kunnen de gehanteerde indexcijfers afwijken van de werkelijke stijging van lonen en prijzen.

3.4.4 Beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's Iedere vier jaar wordt de nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen herzien, of eerder als onverwachte grote wijzigingen in de risicosfeer hiertoe aanleiding geven. Bij Veiligheidsregio Brabant-Noord bestaat de weerstandscapaciteit uit de Algemene Reserve die per 31-12-2021 de stand van € 2,77 miljoen had. Bij een benodigde weerstandscapaciteit van € 2,57 miljoen op basis van de risico’s, komt het weerstandsvermogen daarmee uit op 1,08. Volgens de kwalificatie van het Nederlands Adviesbureau is de omvang van het weerstandsvermogen in relatie tot geïdentificeerde risico’s daarmee voldoende (boven de 1 is voldoende).

3.5

Verbonden partijen

Er is sprake van een verbonden partij volgens het BBV als er sprake is van zowel een bestuurlijk als een financieel belang voor Veiligheidsregio Brabant-Noord. Het bestuurlijk belang komt tot uitdrukking in de zeggenschap. Het financieel belang komt tot uitdrukking in het aan de verbonden partij ter beschikking gestelde bedrag. Dat is niet verhaalbaar als de verbonden partij failliet gaat, of waarvoor aansprakelijkheid bestaat als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Veiligheidsregio Brabant-Noord is een samenwerkingsverband op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, waaraan 16 gemeenten deelnemen. Vastgelegd is dat de deelnemende gemeenten er zorg voor dragen dat Veiligheidsregio Brabant-Noord over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen te kunnen voldoen waarmee de exploitatie en het afdekken van financiële risico’s gewaarborgd is. Hierdoor is Veiligheidsregio Brabant-Noord een verbonden partij voor de 16 gemeenten. De veiligheidsregio zelf kent geen verbonden partijen conform de definitie van het BBV. Desondanks zijn er wel partijen waar sprake is van een structureel samenwerkingsverband. Deze worden hieronder toegelicht. Gemene rekening GHOR Met ingang van 1 januari 2014 is voor de bedrijfsvoering van de GHOR een overeenkomst kosten voor gemene rekening afgesloten met de GGD Hart voor Brabant.

Daar zijn de activiteiten van de GHOR in ondergebracht. De gemeenschappelijke regelingen GGD Hart voor Brabant en Veiligheidsregio Brabant-Noord maken deel uit van deze gemene rekening.

37 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

In de gemene rekening zijn de kosten opgenomen ten aanzien van het personeel (inclusief de kosten van ziekte, arbeidsongeschiktheid en ontslag), de toerekenbare overhead en de overige kosten van de GHOR. Ter verdeling van het werkelijke niveau van de kosten is een verdeelsleutel tussen de partijen afgesproken. Veiligheidsregio Brabant-Noord participeert voor een aandeel van 94,9% in de gemene rekening. Het instellen en in stand houden van een GHOR is een taak van de veiligheidsregio. De GHOR is een onderdeel van de GGD. Gemene rekening Meldkamer Brandweer Oost-Brabant Met ingang van 1 januari 2018 is voor de Meldkamer Brandweer Oost-Brabant (centralisten en leiding) een overeenkomst kosten voor gemene rekening afgesloten met de Veiligheidsregio BrabantZuidoost. Daar zijn de activiteiten van de Meldkamer Brandweer Oost-Brabant in ondergebracht. De gemeenschappelijke regelingen Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost en Veiligheidsregio Brabant-Noord maken deel uit van deze gemene rekening. In de gemene rekening zijn de kosten opgenomen ten aanzien van het personeel (inclusief de kosten van ziekte, arbeidsongeschiktheid en ontslag) en de overige kosten van de Meldkamer Brandweer Oost-Brabant. Ter verdeling van het werkelijke niveau van de kosten is een verdeelsleutel tussen de partijen afgesproken.

De Meldkamer Brandweer Oost-Brabant is ondergebracht bij Veiligheidsregio Brabant-Noord en beide veiligheidsregio’s participeren voor een aandeel van 50% in de gemene rekening. Daarnaast wordt Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost een opslag van 8% voor de overhead in rekening gebracht. Gemene rekening Calamiteiten-coördinatoren Met ingang van 1 september 2019 is voor het 24/7 organiseren van de Calamiteiten Coördinator (CaCo) functionaliteit op de Meldkamer Oost-Brabant een overeenkomst kosten voor gemene rekening afgesloten met Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost. Daar zijn de activiteiten van de Calamiteiten Coördinatoren in ondergebracht. De gemeenschappelijke regelingen Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost en Veiligheidsregio Brabant-Noord maken deel uit van deze gemene rekening. In de gemene rekening zijn de kosten opgenomen ten aanzien van het personeel (inclusief de kosten van ziekte, arbeidsongeschiktheid en ontslag) en de overige kosten van de Calamiteiten Coördinatoren. Ter verdeling van het werkelijke niveau van de kosten is een verdeelsleutel tussen de partijen afgesproken. De Calamiteiten Coördinatoren zijn ondergebracht bij Veiligheidsregio BrabantNoord en beide veiligheidsregio’s participeren voor een aandeel van 50% in de gemene rekening.

3.6

Declarabele meerkosten wegens corona

In 2021 zijn de veiligheidsregio’s geconfronteerd met extra kosten in verband met het bestrijden en beheersen van covid-19. Op basis van de Wet op de Veiligheidsregio’s, hebben veiligheidsregio’s extra taken en opdrachten van de minister gekregen. De meerkosten worden door het ministerie van VWS direct vergoed aan de veiligheidsregio’s. Veiligheidsregio Brabant-Noord heeft die meerkosten waar mogelijk geregistreerd volgens het protocol dat door de hiervoor gevormde werkgroep is overeengekomen en zal op basis van deze gegevens een declaratie indienen ter hoogte van € 224.000. Wegens onzekerheid omtrent het exacte moment en bedrag van de toe te kennen vergoeding, is het voorzichtigheidsbeginsel toegepast en is geen verwachte opbrengst meegenomen in het verantwoorde resultaat van 2021. Hierin wordt dezelfde lijn gevolgd als die van de gemeenten voor vergelijkbare kosten.

38 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Totaaloverzicht Veiligheidsregio Brabant-Noord Coronahotels/centra Nvt Subtotaal Inkoop en distributie PBM Inkoop en distributie PBM Subtotaal Overige specifieke meerkosten Extra taken Crisisbeheersing & rampenbestrijding Subtotaal Overige Meerkosten (reguliere taken) Bedrijfsvoering Subtotaal Minder opbrengsten (verrekend met minder kosten; reguliere taken) NVT Subtotaal Totaal

39 Samenwerken aan veiligheid.

be dra ge n in €

Opgave kosten

0 Opgave kosten 43.400 43.400 Opgave kosten 9.069 9.069 Opgave kosten 171.807 171.807 Opgave kosten

0 224.276

Jaarverantwoording 2021

4. Jaarrekening

4.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij in deze grondslagen anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Voor latente verplichtingen die voorvloeien uit afspraken met (ex-) personeelsleden die een betalingsverplichting in de toekomst tot gevolg hebben, wordt een voorziening gevormd. Technische uitgangspunten van de jaarrekening Uitgegaan is van de volgende technische uitgangspunten: Afschrijvingen  Investeringen beneden € 10.000 worden niet geactiveerd.

 Investeringen boven € 10.000 worden op grond van economische levensduur tegen historische aanschafwaarde lineair afgeschreven.

40 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Btw compensatie  De door Brandweer Brabant-Noord betaalde btw inzake brandweertaken is vanaf 2014 niet meer compensabel.  De door Brandweer Brabant-Noord betaalde btw inzake taken die vallen onder Bevolkingszorg is daarentegen wel compensabel. Ten aanzien van weergegeven bedragen en toelichtingen:  Waar in dit document bedragen in duizenden euro’s worden getoond, worden deze bedragen niet tussentijds afgerond; weergegeven totalen zijn daarom de optelling van de exacte bedragen.  Per programma worden afwijkingen van meer dan € 25.000 toegelicht. De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. De terminologie die in deze jaarrekening voor de posten in de Balans en het Overzicht van baten en lasten wordt gehanteerd, wijkt op enkele onderdelen af van het voorgeschreven jaarrekeningmodel volgens het BBV. Wij zijn echter van mening dat deze afwijkende terminologie voor de gebruikers het inzicht in de jaarrekening ten goede komt, omdat hiermee meer recht wordt gedaan aan de verantwoording over de specifieke activiteiten van de veiligheidsregio.

Vaste activa Materiële vaste activa - Investeringen met economisch nut Op 7 november 2018 is de Nota Activabeleid Brandweer Brabant-Noord 2018 vastgesteld die per 1 januari 2018 in werking trad. In deze nota zijn de uitgangspunten geformuleerd zoals die worden gehanteerd op grond van het activabeleid. In de nota zijn uitgebreide tabellen voor de afschrijftermijnen per object opgenomen. De belangrijkste wijzigingen in deze Nota Activabeleid 2018 zijn, naast de aanpassing van enkele termijnen, een andere systematiek voor het starten van de afschrijvingen. Tot en met 2017 is als activeringsmoment aangenomen de maand waarin het object in gebruik werd genomen. In BBV-Notitie Materiële vaste activa worden drie keuzemogelijkheden genoemd waarvan we in de Nota Activabeleid 2018 voorstellen om met ingang van 2018 gedane investeringen te activeren en af te schrijven per 1 januari van het jaar volgend op de ingebruikname van het object (T+1). De totale afschrijvingskosten blijven bij deze systematiek gelijk; er vindt alleen een verschuiving in de toerekeningsperiode plaats. Deze wijziging vergroot het inzicht van de prognoses in de begroting. Voor specifieke informatie over het activabeleid en de afschrijftermijnen verwijzen we naar de Nota Activabeleid Brandweer Brabant-Noord 2018. De volgende uitgangspunten worden voor BBN gehanteerd op grond van het activabeleid: a.

Kosten verbonden aan het afsluiten van geldleningen en het saldo agio/disagio verwerken we via de exploitatie. b. Kosten voor onderzoek en ontwikkeling activeren we alleen op het moment dat de investeringsbegroting voor een actief deze kosten benoemt. c. Bijdragen aan activa van derden activeren wij mits dit voldoet aan de voorwaarden. d. Software en eenmalige gebruikersrechten activeren we als een investering met economisch nut. e. Grond activeren we tegen verkrijgingsprijs of tegen de (lagere) actuele waarde. Op grond schrijven we niet af. f. Brandweer Brabant-Noord kent doorgaans alleen investeringen met economisch nut. g. Voor het activeren van een investering dient sprake te zijn van een meerjarig nut.

41 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

h. Activa met een aanschafwaarde/verkrijgingsprijs van minder dan € 10.000 activeren we niet. i. Activa met een levensduur minder dan 3 jaar brengen we direct ten laste van de exploitatie, tenzij de wet of subsidieregeling anders voorschrijft. Activa met een levensduur gelijk aan of langer dan 3 jaar, activeren we. j. Gelijksoortige- en bulkuitgaven die individueel minder dan € 10.000 bedragen, maar als productgroep samen meer dan € 10.000 en die 3 jaar of langer gebruikersnut opleveren behandelen we als te activeren vaste activa. k. Voor de financiële activa bestaat alleen schatkistbankieren met een looptijd van ≥ 1 jaar. l. De Brandweer waardeert materiële vaste activa op basis van de verkrijgingsprijs en vermindert deze met de afschrijvingen. m. We waarderen de investeringen in materiële vaste activa inclusief btw en verminderden met eventuele fiscale aftrekposten. n. Het Algemeen Bestuur kan reserves ter dekking van de kapitaallasten voor investeringen met economisch nut benoemen. o. De Brandweer waardeert kosten voor onderzoek en ontwikkeling en draagt bij aan activa van derden tegen verkrijgingsprijs en vermindert deze met de afschrijvingen. p. De Brandweer waardeert schatkistbankieren aan de hand van de nominale waarde. q. De Brandweer waardeert voorraden tegen de verkrijgingsprijs en vermindert deze met de afschrijvingen. r.

De Brandweer waardeert haar liquide middelen tegen nominale waarde. s. De Brandweer waardeert vorderingen tegen nominale waarde en vermindert deze met de in de voorziening dubieuze debiteuren vermelde bedragen. t. De Brandweer hanteert de lineaire methode voor het afschrijven van activa. u. De afschrijvingstermijn mag nooit langer, maar wel korter zijn dan de technische levensduur. v. We starten met het afschrijven van een actief per 1 januari van het jaar volgend op het moment van ingebruikname c.q. na afronding van een investering. w. De Brandweer kan, indien de investering dit noodzakelijk maakt, gebruik maken van de componentenbenadering. x. We schrijven activa af tot 0. Eventuele opbrengsten uit de restwaarden verantwoorden we als incidentele baten in de programma’s. y. De rentelasten berekenen we vanaf 1 januari van het jaar volgend op het moment van ingebruikname c.q. na afronding van een investering. z. Investeringskredieten die zijn gevoteerd in de jaren voorafgaande aan het verantwoordingsjaar en waar in dat jaar geen bestedingen op plaatsvonden, sluiten we af. In onderstaand overzicht een korte recapitulatie van de gehanteerde afschrijftermijnen conform de Nota Activabeleid 2018 (AB, 7-11-2018).

42 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Materiele Activa VRBN Materiele Activa omschrijving

Afschrijvingsduur in jaren

Gronden en terreinen -Gronden en terreinen

-

Bedrijfsgebouwen - Gebouwen

40

- Renovatie en bouwkundige aanpassingen

20

- Bestrating en hekwerken

20

ICT voorzieningen - ICT bekabeling

15

- ICT hardware

4><8

- ICT smartphones en deskphones

3><5

Instrumenten en Apparatuur - Ademluchttoestellen, gelaatstukken en cilinders

10 > < 20

- Ademlucht test- en vulapparatuur

8 > < 15

- Duikapparatuur

5><7

- Electrisch en hydraulisch (red-)gereedschap - IBGS/WVD, oefen & wedstrijdmateriaal en warmtebeeldcamera - Oppervlaktereddingsteam

16 8 > < 16 5

- PPMO apparatuur

3 > < 10

- Standaardbepakkingsmaterialen op voer- en vaartuigen

5 > < 17

Persoonlijke beschermingsmiddelen - Chemiepak en gaspak

10 > < 12

- Uitrukhelmen en uitrukkleding

7 > < 10

- Uitrukkleding was- en droogapparatuur

10 > < 15

Verbindingsmiddelen - Portofoons, mobilofoons, semafoons/pagers, headsets en navigatie apparatuur

5><8

Werkmaterieel - Aanhangers en Aggregaten

16

- Grootwatertransportsysteem

20

- Haakarmbak gesloten en open

20

- Heftruck

20

- Poederblusaanhanger

16

- Oefencontainer en oefentanks

8

Vaartuigen - Brandweervaartuigen en waterongevallenboot

12

Voertuigen - Tankautospuit, Redvoertuig, Hulpverleningsvoertuig

16 > < 17

- Vrachtauto, Haakarmvoertuig, Waterwagen

16 > < 20

- Dienstauto's, Dienstbussen, Waterongevallenwagen voor boot bepakking

12

Inventaris - Airco-, Audio- en Video-installaties en apparatuur - Hefkolommen - Meubilair en Inventaris - Technische installaties

10 20 3 > < 20 20

- Verlichting binnen en buiten

15 > < 25

- Werkplaatsgereedschap, materialen

8 > < 10

Vlottende Activa - Uitzettingen met rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen en overige vorderingen Vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarden. Indien er sprake is incassorisico’s kan een voorziening wegens oninbaarheid worden gevormd. Uitzettingen met rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen betreft uitgezette gelden via schatkistbankieren. Worden gewaardeerd tegen nominale waarden.

Vaste passiva Eigen vermogen - Reserves

43 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorzieningen Jaarlijks wordt op basis van bestaande afspraken vastgesteld of de voorzieningen nog toereikend zijn om aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen te voldoen. De voorzieningen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Vaste schulden Langlopende schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Vlottende Passiva – Vlottende schuld met rentetypische looptijd < 1 jaar Vlottende schuld met rentetypische looptijd < 1 jaar Kortlopende schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Compensabele btw Betaalde compensabele btw van verschillende VR-taken werd in het verleden doorgeschoven naar gemeenten. Met ingang van 1 januari 2014 is de btw die wordt betaald door de brandweer in zijn geheel niet langer compensabel. Eerder (per 1 oktober 2011) gold dat al voor GHOR, GMC/MKOB en multidisciplinaire taken. Voor het programma Bevolkingszorg blijft de btw compensabel, doordat dit een gemeentelijke taak is. Het betreft een bescheiden bedrag en hiervan wordt jaarlijks opgave gedaan aan de deelnemende gemeenten.

44 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

4.2

Overzicht van baten en lasten

In deze paragraaf wordt het overzicht van de baten en lasten en de toelichting op de voornaamste verschillen per programma weergegeven. 4.2.1 Overzicht van baten en lasten Onderstaand treft u het overzicht van de baten en lasten. In het overzicht wordt de begroting voor wijziging en begroting na wijziging vergeleken met de realisatie. Totaaloverzicht van baten en lasten Veiligheidsregio Brabant-Noord

be dra ge n * € 1.0 0 0

Begroting 2021 Primair

Begroting 2021 na wijziging

Werkelijk 2021

Werkelijk 2020

VR Algemeen / Crisis en Rampenbestrijding / Brandweer

43.945

42.705

41.517

41.340

GHOR

2.445

2.080

1.986

1.808

686

719

753

567

Totaal lasten

47.076

45.504

44.255

43.715

Baten VR Algemeen / Crisis en Rampenbestrijding / Brandweer

2.738

1.886

1.864

1.696

125

115

121

92

-

-

-

-

2.863

2.001

1.985

1.788

-44.213

-43.503

-42.270

-41.926

VR Algemeen / Crisis en Rampenbestrijding / Brandweer

41.382

42.490

42.530

40.644

GHOR

2.320

2.031

2.064

2.469

BZ

683

687

687

669

Saldo financieringsfunctie

-442

-2

-6

-11

43.943

45.206

45.275

43.771

-270

1.703

3.004

1.845

25

5.521

6.964

2.087

Lasten

BZ

GHOR BZ Totaal baten

Saldo Programma's Algemene Dekkingsmiddelen

Totaal algemene middelen

(Gerealiseerd) Totaal saldo van baten en lasten

Dotatie aan reserves VR Algemeen / Crisis en Rampenbestrijding / Brandweer GHOR BZ

-

-

-

-

subtotaal dotaties

25

5.521

6.964

2.087

VR Algemeen / Crisis en Rampenbestrijding / Brandweer

292

3.852

4.493

245

3

31

66

-

Onttrek k ing aan reserves GHOR BZ subtotaal onttrek k ingen Saldo verrekening reserves

Gerealiseerd resultaat

45 Samenwerken aan veiligheid.

295

3.884

4.558

245

270

-1.637

-2.406

-1.842

-

66

599

3

Jaarverantwoording 2021

4.2.2 Toelichting op de baten en lasten Hieronder zijn per financieel thema de voornaamste verschillen tussen de begroting na wijziging en de realisatie weergegeven. Per thema en onderwerp geven wij een korte toelichting. De bedragen worden gevolgd door een I of S, die aangeven of het incidentele of structurele afwijkingen ten opzichte van de begroting betreft. Crisis- en rampenbestrijding Onderdeel Bedrijfsvoeringskosten

Salarissen en sociale lasten

Mutaties reserves Informatiemanagement Bestrijding risico's Voorbereiding Crisisorganisatie

b ed r ag en x € 1.0 0 0

Toelichting Dit betreft een nadeel van € 80.000 door extra uitgaven wegens corona (welke wellicht in 2022 deels gecompenseerd worden). Daarnaast verklaren de niet geheel begrote incidentele uitgaven voor het beleidsplan het verdere nadeel van € 99.000 (neutraal, want dit bedrag is onttrokken uit de reserve Het nadeel op de post salarissen wordt veroorzaakt door het akkoord voor een nieuwe cao gemeenten. Daarin is een eenmalige uitkering van € 1.200 bruto over 2021 opgenomen per medewerker. Bij de b-rap 2021 in september konden wij dit niet voorzien. Betreft de onttrekking voor het beleidsplan die onder bedrijfsvoeringskosten is genoemd.

Nadeel 179

96

Voordeel door een kostenverschuiving van de licentiekosten van netcentrisch werken naar andere bijdragen aan IFV/NIPV. In de begroting 2022 is dit gecorrigeerd. Dit nadeel bestaat uit kleinere voordelen waarvan de belangrijkste ontstaan is door vertraging in de ontwikkeling van een dashboard. Overig saldo Totaal analyse Crisis- en rampenbestrijding

275

Per saldo na verrekening reserves

81

GHOR Onderdeel Bedrijfskosten

Overige

I/S* I

I

99

I

41

I

40

I

14

I

194

b ed r ag en x € 1.0 0 0

Toelichting Mede door de invloed van de COVID-crisis zijn o.a. automatiseringsprojecten en onderdelen van Opleiden, Trainen en Oefenen voor crisisfunctionarissen uitgesteld, hebben er geen bestuursbijeenkomsten plaatsgevonden en zijn overige kosten (o.a. opslag materiaal, telefonie) lager uitgevallen. Overig saldo

Nadeel

-

GHOR-GGD Algemene Middelen GHOR-taak VR Wegens bevolkingsaanwas en bijstellingen is een voordeel op het totaal aan middelen voor de GHOR-taak ontstaan.

Voordeel 88

I/S I/S

12

I/S

100 33

GHOR-VR

-

33

Totaal analyse GHOR

-

133

Per saldo

I/S

133

Bevolkingszorg Onderdeel Mutaties reserves

Voordeel

b ed r ag en x € 1.0 0 0

Bedrijfsvoeringskosten

Toelichting Dit verschil betreft de hogere onttrekking dan voorzien aan de reserve Bevolkingszorg, welke het gevolg is van een nadeliger saldo op de exploitatie. Beperkt voordeel doordat de kapitaallasten lager zijn uitgevallen.

Salarissen en sociale lasten

Overig saldo

Functiestructuur BZ

Nadeel verklaard door nagekomen facturen van piketkosten uit voorgaande jaren.

41

Opleiden en oefenen BZ

Lichte overschrijding doordat er weer wat meer opleidingsactiviteiten georganiseerd konden worden.

10

Totaal analyse BZ

51

Per saldo na verrekening reserves

Nadeel

Voordeel 34

I/S I

12

I

4

I I

0 51

-

*) Waar een afwijking geduid is als incidenteel/structureel (I/S), is nader te bepalen of en welke structurele componenten hiervan deel uitmaken.

46 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

Brandweerzorg

b ed r ag en x € 1.0 0 0

Onderdeel

Toelichting Materieel & Materiaal Materieel en materiaal geeft een voordelig saldo dat ontstaan is op meerdere plekken zoals onderhoud, reparatie, brandstofverbruik, schoonmaak van materieel en materialen alsmede logistieke kosten daarvan. Doordat de oefenactiviteiten zeer beperkt zijn geweest door corona, is het gebruik en verbruik van materialen ook dit jaar aanzienlijk lager geweest dan eerder bij de bestuursrapportage is ingeschat. Trainen en oefenen - Brandweerzorg Op het gebied van trainen en oefenen zijn veel activiteiten zoals realistisch oefenen en wedstrijden geannuleerd of aangepast en in kleine groepen beperkt uitgevoerd. Doordat de Coronamaatregelen tot in 2022 voortduurde is er een extra incidenteel voordeel ontstaan. Overige vrijwilligerskosten / Mutatie Dit overschot betreft de onderschrijdingen op de budgetten voor postactiviteiten. Conform het beleid reserve Activiteitenbudgetten wordt dit overschot gestort in de reserve activiteitenbudgetten (dus is dit neutraal voor 2021) en toegevoegd aan de budgetten voor 2022. Vrijwilligersvergoedingen Doordat vele activiteiten als gevolg van de Coronamaatregelen beperkt of aangepast konden doorgaan is het primaire budget van ruim € 4.000.000 bij de bestuursrapportage eerder dit jaar met € 550.000 verlaagd. Het werkelijke incidentele voordeel blijkt nog € 87.000 meer.

Overige mutaties reserves Aan de reserve doorontwikkeling is € 158.000 meer onttrokken dan begroot doordat aangesloten wordt op de daadwerkelijke uitgaven voor activiteiten vanuit het beleidsplan in 2021. Op de realisatie van het budget kapitaallasten materieel bleef de realisatie achter waardoor er uiteindelijk € 51.000 meer gedoteerd dan begroot in reserve Kapitaallasten materieel en materiaal. De beoogde uitgaven ter verbetering van het brandweeronderwijs zijn vervallen waardoor de begrote € 25.000 niet is onttrokken aan de reserve Kwaliteitsverbetering brandweeronderwijs. Planvorming Op preparatie is een incidenteel voordeel ontstaan doordat geparkeerd budget voor logistieke/repressieve I-pads dit jaar nog niet is gebruikt. Verder is een bedrag voor dynamisch alarmeren ingecalculeerd waarmee we dit jaar nog niet zijn gestart. Verzekeringen en eigen risico Tijdelijk voordeel wegens gunstig schadeverloop op premies en eigen risico's.

Nadeel

Voordeel 359

107

I/S* I

119

I

107

I

87

I

82 45

I I

27

I

26

I

Informatisering en automatisering

Door de Coronacrisis is het niet mogelijk geweest de opleidingscapaciteit optimaal in te zetten. Ook de geplande (fysieke) deskundigheidsbevordering van instructeurs kon om die reden geen doorgang vinden. Overig saldo

11

I

Jeugdbrandweer

Overig saldo

11

I

Overige personeelskosten

Overig saldo

2

I

Huisvesting / Mutaties reserve Huisvesting

Op huisvesting is een voordeel ad € 184.000 ontstaan doordat minder gerealiseerd is aan groot onderhoud dan tijdens de bestuursrapportage geraamd op basis van het MJOP. Conform besluit AB worden overschotten/tekorten verrekend met de daarvoor bestemde reserve Groot onderhoud. Ook op kapitaalasten is een voordeel ontstaan ad € 673.000 doordat de extra afschrijving van de kazerne Den Bosch nu over 4 jaar (2021-2024) wordt toegerekend in plaats van 2 jaar (2021-2022) doordat de verwachte oplevering van de nieuwe hoofdlocatie nu in 2024 wordt verwacht. Omdat de extra afschrijving via de reserve huisvesting loopt is ook dit voordeel na verrekening reserves uiteindelijk neutraal. Op de huisvestingskosten is een nadeel ontstaan ad € 86.000, doordat de exploitatiebegroting op alle onderdelen en dan vooral bij de onderhoudskosten en de nutsvoorzieningen (o.a. gas en stroom) in het afgelopen jaar enorm gestegen zijn. Vooral de prijsstijgingen van gas en elektra hebben een grote impact op met name de oudere kazernes en werkplaatsen. Het nadeel op de post salarissen wordt veroorzaakt door het eerder vermelde akkoord voor een nieuwe cao gemeenten. Nadeel met name ontstaan door een hogere realisatie op de incidentele doorontwikkelingsprojecten uit het beleidsplan dan meegenomen in de begroting.

771

I

Opleiden - Brandweerzorg

Salarissen en sociale lasten Bedrijfsvoeringskosten

Totaal analyse Brandweerzorg

858

76 73 1.113

Per saldo na verrekening reserves

533

Risicobeheersing Onderdeel

b ed r ag en x € 1.0 0 0

Mutaties reserves

Toelichting Betreft de onttrekking voor het beleidsplan die onder bedrijfsvoeringskosten is genoemd.

Brandveilig leven

Beperkt voordeel dat samenhangt met de corona-omstandigheden.

Bedrijfsvoeringskosten

Een nadeel wat bestaat uit de onbegrote incidentele uitgaven voor het beleidsplan (Invulling geven aan de Omgevingswet) voor een bedrag van € 45.000, hetgeen aansluit op bovengenoemde onttrekking uit de reserve, en daarnaast een voordeel van € 20.000 wegens onder andere uitgestelde opleidingsactiviteiten. Overig saldo

25

Totaal analyse Risicobeheersing

28

Salarissen en sociale lasten

1.646

Per saldo na verrekening reserves

47 Samenwerken aan veiligheid.

Nadeel

Voordeel 45 10

I/S* I I I

3 55 26

Jaarverantwoording 2021

Bedrijfsvoering Onderdeel Informatisering en automatisering Bedrijfsvoeringskosten

Huisvesting

Algemene middelen Communicatie Verzekeringen en eigen risico Salarissen en sociale lasten

Mutaties reserves

Bovenregionale projecten

Overige personeelskosten

Financieringsfunctie

b ed r ag en x € 1.0 0 0

Toelichting Betreft een voordeel van € 36.000 in verband met de vervanging van inhuur door formatie t.b.v. het beheer van Afas en een vervallen claim van € 80.000 die is vrijgevallen. Betreft een voordeel met 3 componenten: het onbegrote deel van incidentele uitgaven voor het beleidsplan (een nadeel van € 121.000); minder uitgaven op reguliere bedrijfsvoeringskosten (een voordeel van € 34.000); en het nog niet bestemde incidentele frictiebudget wegens de overdracht van Haaren (een incidenteel voordeel van €185.000) Doordat we in afwachting van de hoofdlocatie tijdelijk in een huurlocatie zitten waar kritisch wordt omgegaan met nieuwe investeringen is een tijdelijk voordeel ontstaan op met name de afschrijvingslasten van gebouw en invesntaris van de huidige hoofdlocatie. Betreft de prijsbijstellingen in de Rijksbijdrage BDUR, die achteraf ook op 2021 zijn toegepast, waardoor een tijdelijk voordeel ontstaat. Een incidenteel voordeel op communicatiekosten door vertraging in project sociaal intranet en door het vervallen van open dagen i.v.m. corona. Overig saldo

Nadeel

Voordeel 116

I

48

I

40

I

19

I

1 236

I

64

I

De bijdragen aan IFV (straks NIPV) zijn uitgebreid met 2 informatieprojecten, wat hier een structureel nadeel geeft maar dit wordt gecompenseerd door lagere applicatiekosten voor netcentrisch werken (C&R). Binnen de diverse afwijkingen onder de categorie overige personeelskosten zijn de coronameerkosten op Arbo verantwoordelijk voor dit nadeel. Deze kosten i.v.m. de alternatieve ppmo-testlocatie zullen deel uitmaken van de coronadeclaratie (mogelijke opbrengst in 2022). Overig saldo

31

S

26

I

Totaal analyse Bedrijfsvoering

361

Per saldo na verrekening reserves

78

4

I 284

b ed r ag en x € 1.0 0 0

Toelichting

Nadeel

Afwijkingen

Voordeel

1.829

I/S*

2.362

Afwijkingen per saldo na verrekening reserves Aansluiting Begroot voordeel GHOR

61

Naast de eenmalige uitkering van € 1.200 bruto per medewerker vanuit de cao is er bij bedrijfsvoering meer ingehuurd dan voorzien. Deze inhuur was deels voor de vervanging van medewerkers die langdurig ziek zijn. Dit nadeel betreft het spiegelbeeld van 2 van de 3 afwijkingen onder bedrijfsvoeringskosten: een vervallen onttrekking voor het frictiebudget i.v.m. Haaren (hier een nadeel van € 185.000) en hogere ontrekking voor de incidentele uitgaven van het beleidsplan (hier een voordeel van € 121.000).

Totaal afwijkingen Onderdeel

I/S* S

533

Bij de 2e wijziging van de begroting werd een positief resultaat begroot op de GHOR-taak

66

Resultaat per saldo na verrekening reserves

599

In aanvulling op de per onderdeel toegelichte afwijkingen, vermelden we hieronder de gerealiseerde structurele en incidentele reservemutaties daarbinnen ten opzichte van de begrote mutaties. Overzicht structurele mutaties reserves VRBN

bedragen * € 1

Begroting na wijziging Reserve

Onttrekkingen

Algemene reserve

Waarvan structureel

Realisatie Waarvan structureel

Dotaties

Onttrekkingen

Waarvan structureel

Waarvan structureel

Dotaties

-

370.000

-

370.000

Activiteitenbudget vrijwilligers Realistisch oefenen

-74.984 -25.000

-

-74.984 -

106.762 -

Kwaliteitsverbetering brandweeronderwijs BZK Materieel haakarmvoertuig

-7.465

-

-7.465

-3.250.000 -

750.000 2.901.065

-3.250.000 -427.006

801.698 3.604.000

Bevolkingszorg

-31.184

-

-65.503

-

Doorontwikkeling VR Eigen Risico 3e jaar WW

-495.000 -

-

-733.472 -

12.913

-

1.500.000

-

1.500.000

Kapitaallasten materieel & materiaal Huisvesting

Reserve digitale werkplekken Groot onderhoud Totaal

-7.465

-3.883.633

-7.465

5.521.065

-

-7.465

-

-4.558.429

12.913

581.865 -7.465

6.977.238

12.913

Opm.: de dotatie in de reserve Eigen risico 3e jaar WW is in de overzichten van baten en lasten niet onder reservemutaties weergegeven, aangezien deze via de loonjournaalpost op een groot aantal salarisbudgetten drukt.

De ontwikkeling van de reserves wordt nader toegelicht in de toelichting op de balans.

48 Samenwerken aan veiligheid.

Jaarverantwoording 2021

4.2.3

Overzicht incidentele baten en lasten

Incidentele baten en lasten groter dan € 50.000 Artikel 28, lid c van het BBV schrijft voor dat in de programmarekening een overzicht wordt opgenomen van de incidentele baten en lasten. De incidentele baten en lasten zijn in onderstaande tabel opgenomen. Hierdoor ontstaat inzicht in hoeverre het resultaat beïnvloed wordt door posten naast de reguliere bedrijfsvoering. Het is van belang te vermelden dat de dekking van structurele lasten met incidentele middelen in feite bij een GR als deze veiligheidsregio niet aan de orde is of in elk geval nooit beleid is. Het structurele begrotingssaldo (notitie Structurele en incidentele baten en lasten, Commissie BBV) is dan ook in principe altijd gelijk aan het begrotingssaldo na bestemming, omdat het saldo van incidentele baten en lasten gelijk wordt gehouden. In 2021 kwamen er twee significante incidentele posten voor in de begroting, de incidentele uitgaven (en onttrekkingen) in het kader van het Beleidsplan en de incidentele stelpost voor de frictiekosten vanwege de herindeling van de gemeente Haaren. De begrote incidentele lasten en baten in het kader van het Beleidsplan 2020-2023 betroffen de volgende doorontwikkelingsactiviteiten. Incidentele baten en lasten Onderdeel BP - Invullinggeven aan de Omgevingswet BP - Investeren in (brandweer)vrijwilligers BP - Veiligheidsinformatie samenbrengen en delen BP - Doorontwikkeling organisatie

b ed r ag en x € 1.0 0 0

Uitgaven Onttrekking 114 114 269 269 154 154 196 196 733 733

Op basis van de prognoses was hiervoor in de gewijzigde begroting een totaal van € 310.000 opgenomen, gedekt uit de daarvoor gevormde reserve Doorontwikkeling VR. Ten opzichte van deze voorzichtige prognose zijn de gerealiseerde uitgaven hoger uitgevallen, eindigend op een totaal van € 733.000, hetgeen ook onttrokken is. De achterliggende afwijkingen zijn in de toelichtingen op de baten en lasten in voorgaande paragraaf meegenomen (onder Bedrijfsvoeringskosten en Reservemutaties). Het (frictie)tekort als gevolg van een lagere bijdrage door de herindeling van Haaren heeft zich gezien de coronaomstandigheden in 2021 niet voorgedaan. De begrote onttrekking die dit tekort dekte is daarom ook vervallen, zodat dit geen effect op het resultaat had.

49 Samenwerken aan veiligheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11482173/1