Bijlage 3 - Bestemmingsplan Sluiswachterskade (toelichting en regels)
Tekst van het document
Sluiswachterskade
Inhoudsopgave
Toelichting Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3 2.4 Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3
Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12 5.13 5.14 5.15 5.16 Hoofdstuk 6 6.1 6.2 6.3
2
5 Inleiding Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Leeswijzer Huidige situatie Ligging in de stad Historie Beschrijving plangebied Geldend bestemmingsplan Planbeschrijving Marktuitvraag Stadscamping Bebouwing Gebruik Verkeer, parkeren en openbare ruimte Bomen Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid 4.3.1 Structuurvisie 4.3.2 Inspiratiedocument Zuid-Willemspark 4.3.3 Horecavisie 4.3.4 Verordening bomen, water en groen 's-Hertogenbosch 2021 4.3.5 Nota Duurzaamheid Milieu, duurzaamheid en waarden Inleiding Bedrijven en milieuzonering Geluid Trillingen Verlichting Externe veiligheid Lucht Bodem Geur Hoogspanningslijnen Water Duurzaamheid Gezondheid Milieueffectrapportage Ecologie Archeologie en cultuurhistorie Juridisch-bestuurlijke aspecten Algemeen Toelichting op de verbeelding Toelichting op de planregels 6.3.1 Inleidende regels 6.3.2 Bestemmingsregels 6.3.3 Algemene regels 6.3.4 Overgangs- en slotregels
7 7 7 8 9 9 11 12 13 15 15 15 16 17 18 22 25 25 27 28 28 29 29 30 31 33 33 34 35 39 39 40 42 43 44 44 44 48 50 51 52 55 57 57 58 58 58 58 59 59
Hoofdstuk 7 Hoofdstuk 8 8.1 8.2
Economische uitvoerbaarheid Omgevingsdialoog en vooroverleg Omgevingsdialoog Vooroverleg
61 63 63 64
Regels
65
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Gemengd Artikel 4 Verkeer Artikel 5 Water Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 6 Anti-dubbeltelregel Artikel 7 Algemene bouwregels Artikel 8 Algemene gebruiksregels Artikel 9 Algemene aanduidingsregels Artikel 10 Algemene afwijkingsregels Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 11 Overgangsrecht Artikel 12 Slotregel
67 67 73 75 75 78 80 81 81 82 83 84 85 87 87 88
Bijlagen toelichting Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9
Toelichting verkeer en parkeren evenementen Sluiswachterskade Akoestisch onderzoek Duurzaamheidsparagraaf Stikstofdepositieonderzoek (incl. aanleg- en gebruiksfase) Quickscan Sluiswachterskade Aanvullende toets evenementen Sluiswachterskade Omgevingsdialoog (eerste communicatiemoment) Omgevingsdialoog (tweede communicatiemoment) Omgevingsdialoog (ontwikkelingen plan)
Bijlagen regels Bijlage 1 Bijlage 2
Parkeernota 2021 Ecologisch werkprotocol Sluiswachterskade
3
4
Toelichting
5
6
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1
Aanleiding
De gemeente 's-Hertogenbosch zocht naar ideeën voor een passende, nieuwe invulling van de locatie Sluiswachterskade in het Zuid-Willemspark en heeft daarom een marktuitvraag uitgezet. De insteek was dat deze plek een invulling kreeg welke bijdroeg aan de ambities van het Zuid-Willemspark: een aantrekkelijke en levendige plek aan het water met nieuwe kwaliteiten voor de hele stad en de buurt. Om deze reden heeft de gemeente inwoners en ondernemers gevraagd welke inspirerende, creatieve en kansrijke ideeën zij voor deze plek hadden. De inschrijving voor een kleinschalige stadscamping en ontmoetingsplek had de hoogste score. Om dit initiatief juridisch mogelijk te maken wordt het bestemmingsplan gewijzigd.
1.2
Ligging en begrenzing plangebied
Het plangebied bevindt zich in de wijk Zuid-Oost aan de zuidzijde van de Zuid-Willemsvaart (figuur 1.1.). De Sluiswachterskade ligt rondom de Lambooijbrug. Tot 1934 lag hier 'Sluis 1'. Dat is nog terug te zien aan het voormalige sluiswachtershuis (van Veldekekade 35, zie ook figuur 1.2.) en de versmalling van de Zuid-Willemsvaart. Aan de zuidkant van het plangebied loopt de weg Van Veldekekade die begeleid wordt door een rij bomen. Op enkele plekken kun je de Van Veldekekade oversteken, waardoor een verbinding wordt gelegd tussen de woonbuurt en het Zuid-Willemspark. Deze oversteken zijn aagepakt in het kader van het project Woonbootlocaties Van Veldekekade en Rosmalense plas. De Van Veldekekade heeft een belangrijke verkeersfunctie voor de ontsluiting van het centrum in oostelijke richting en is een entree van de binnenstad.
Figuur 1.1. Ligging plangebied
7
Figuur 1.2. Voormalig sluiswachtershuis
1.3
Leeswijzer
Deze toelichting is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 wordt de huidige situatie van het plangebied beschreven. Een korte planbeschrijving is te vinden in hoofdstuk 3 Het beleidskader dat van toepassing is op de locatie en het initiatief is opgenomen in hoofdstuk 4 Vervolgens worden de verschillende milieuaspecten beschreven in hoofdstuk 5. Hoofdstuk 6 geeft een toelichting op de regels. De financiële haalbaarheid van het initiatief komt in hoofdstuk 7 aan de orde. Hoofdstuk 8 gaat in op inspraak en vooroverleg.
8
Hoofdstuk 2 Huidige situatie 2.1
Ligging in de stad
De Sluiswachterskade maakt deel uit van de ontwikkeling van het Zuid-Willemspark. Het plangebied ligt in de wijk Zuid-Oost, ten oosten van de historische binnenstad van 's-Hertogenbosch. Het plangebied wordt vanaf het noorden achtereenvolgens door de Zuid-Willemsvaart begrensd. De westkant van het plangebied ligt in de buurt Bazeldonk, en wordt aan de oostkant door het Bedrijventerrein Zuid begrensd. Figuur 2.1. geeft de ligging van het plangebied in groter verband weer. De wijk Zuidoost is in twintig jaar tot stand gekomen. In het noorden grenst de wijk aan Graafsepoort en Rosmalen Zuid, in het westen aan de Binnenstad. In het oosten grenst het stadsdeel aan de gemeente Sint-Michielsgestel en in het zuiden aan de gemeente Vught. In het zuiden van de wijk bevindt zich het natuurgebied Het Bossche Broek. De buurt Bazeldonk is in de jaren 50 en 60 gebouwd en wordt getypeerd door woningen die in de Bossche stijl zijn gebouwd. De buurt is opgenomen in het gebied met een bijzonder welstandsniveau. De bebouwing aan de Zuid-Willemsvaart staat in een rooilijn, maar varieert in hoogte. Rijtjeswoningen van 1 laag en een kap worden afgewisseld met meerlaagse woongebouwen van 3 lagen en een kap. De woningen staan op enige afstand van de Zuid-Willemsvaart en de deze ruimte is in gebruik als groenstrook, ventweg voor de woningen en de weg van Veldekekade.
Langs de Van Veldekekade staat een rij bomen die onderdeel is van het structuurgroen. Recent is het bestemmingsplan woonbootlocaties Van Veldekekade vastgesteld en ten westen van het plangebied zullen woonboten aangelegd worden. Langs het water zal een wandelpad aangelegd worden die het mogelijk maakt om vanaf de Binnenstad naar de westzijde van het plangebied te lopen. De van Veldekekade heeft nieuwe oversteekpunten die beide groenstroken verbindt waardoor de woonbootlocatie en de woonbuurt beter met elkaar verbonden worden. Het Bedrijventerrein Zuid is in de jaren 60 gebouwd. Op dit bedrijventerrein is een breed scala van bedrijven gevestigd; productiebedrijven, autoschade- en servicebedrijven, groothandel, zakelijke en maatschappelijke dienstverlening. Het is een relatief kleine locatie met een vrij gesloten karakter. De bebouwing bestaat overwegend uit eenvoudige loodsen met eventueel een klein kantoor- of kantinegedeelte. Binnen het gebied zijn aan de oostzijde, nabij het plangebied, kleinschaligere bedrijven gevestigd. Aan de westzijde vindt een schaalsprong plaats naar grotere opslagloodsen.
9
Figuur 2.1. Plaatje begrenzing plangebied uitgezoomd. Het plangebied is in oranje aangegeven.
Figuur 2.2. Plaatje begrenzing plangebied ingezoomd. Het plangebied is in oranje aangegeven.
Kadastraal is het plangebied bekend als Gemeente 's-Hertogenbosch, sectie C, perceelnummer 971 en 972. Daarnaast behoren de percelen C 3698 en D 1902 gedeeltelijk bij het plangebied. De oppervlakte van het plangebied bedraagt gezamenlijk circa 3000 m2. Zowel de grond als de huidige opstallen blijven in eigendom van de gemeente 's-Hertogenbosch en worden aan de initiatiefnemers verhuurd. De houten woning en bijbehorende schuur zijn door de gemeente verwijderd.
Figuur 2.3. Sluiswachterskade vanaf het noorden kijkend
10
Figuur 2.4. Sluiswachterskade vanaf het zuiden kijkend
2.2
Historie
Sluis '1' Met de aanleg van de Zuid-Willemsvaart in 1822 ontstaat een rechtstreekse verbinding via een kanaal met Maastricht. Aangezien het verval zeer groot is tussen 's-Hertogenbosch en Maastricht werden op verschillende plaatsen sluizen aangelegd om het water op peil te houden. De eerste sluis in het kanaal kreeg de naam 'Sluis 1'. Later in 1825, werd ter plekke van de oostelijke begrenzing van de middeleeuwse stad een nieuwe sluis aangelegd, deze werd om begrijpelijke redenen daarna 'Sluis 0' genoemd. De Zuid-Willemsvaart was van groot belang voor de beroepsvaart. Aan de Van Veldekekade vonden ook laaden losactiviteiten plaats en kon men wachten tot de sluis open ging. De bolders op de kade zijn nog een herinnering aan deze nautische historie (figuur 2.5.). Inmiddels heeft het kanaal deze functie niet meer door de aanleg van het Maximakanaal om de stad heen. De Zuid-Willemsvaart wordt getransformeerd tot het Zuid-Willemspark: een park dat de binnenstad met het buitengebied verbindt, van Maximakanaal tot aan de Maas. Het inspiratiedocument Zuid-Willemspark: een nieuw park voor ’s-Hertogenbosch vastgesteld in 2017 geeft richting aan deze nieuwe invulling.
Figuur 2.5. Bolders Zuid-Willemsvaart
11
Figuur 2.6. Plattegrond Sluis 1 en 0 1877
Figuur 2.7. Projectie kadastrale minuut 1832 op huidige ondergrond
2.3
Beschrijving plangebied
Het langgerekte plangebied ligt ingeklemd tussen de Zuid-Willemsvaart en de Van Veldekekade. Het terrein is maximaal 24 meter diep en ongeveer 180 meter breed. Het plangebied wordt op hoogte doorsneden door de Lambooijbrug die de Merwedelaan verbindt tussen zuid en noord. In de toekomst is het belangrijk dat er ruimte vrijgehouden wordt voor het beheer van de brug. Het oostelijke deel van het plangebied is grotendeels verhard en met hekken omheind. Dit terrein wordt nu vaak gebruikt voor opslag van materialen. Het westelijk deel van het plangebied is groener dan het oostelijke deel. Nabij de brug staan drie monumentale bomen. In het westelijke plangebied staan twee gebouwen die sinds 2016 door de gemeente 's-Hertogenbosch in eigendom zijn: Van Veldekekade 35 en een houten gebouw aan de Van Veldekekade 591. Het houten gebouw inclusief de bijbehorende schuur is inmiddels gesloopt. Het pand aan de Van Veldekekade 35 was oorspronkelijk een sluiswachtershuisje voor de uit 1825 daterende Sluis 0 waar de sluisknechten woonden. Na 12
het opheffen van de sluisfuncties was dit pand in gebruik door Rijkswaterstaat en op dit moment wordt het pand bewoond via een bruikleenovereenkomst. Van Veldekekade 35 heeft de status gemeentelijk monument. Aan de oostkant van de woning staat een later gerealiseerde garage. Het nog aan te leggen wandelpad langs de nieuwe ligplaatsen voor woonboten in de Zuid -Willemsvaart, komt aan de westzijde het plangebied binnen. Dit pad kan in de toekomst wellicht doorgetrokken worden zodat er een doorgaande route ontstaat langs het water. Op dit moment zijn hier geen concrete plannen voor, maar in het plangebied wordt hier wel ruimte voor gereserveerd.
Figuur 2.8: Zicht vanaf noorden op het plangebied en het omliggende terrein, met het Sluiswachtershuis op nummer 35 en het inmiddels gesloopte houten huisje Van Veldekekade 591.
2.4
Geldend bestemmingsplan
Het plangebied ligt binnen de grenzen van het bestemmingsplan 'Zuid' dat sinds 30 augustus 2011 onherroepelijk is. Ter plaatse gelden de bestemmingen 'Bedrijf' en 'Verkeer'. De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor bedrijven en/of het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten. Ter plaatse van de aanduiding 'Bedrijfswoning' is uitsluitend een bedrijfswoning toegestaan. De bestemming 'Verkeer' is bedoeld voor parkeervoorzieningen, wegverkeer en verblijfsgebied. Verder geldt (deels) de gebiedsaanduiding 'Geluidzone – industrie'. Ter plaatse van de aanduiding 'geluidzone industrie' geldt dat een op grond van de aangewezen bestemmingen toelaatbaar gebouw, of de uitbreiding daarvan, welk aangemerkt kan worden als een geluidsgevoelig object, slechts mag worden gebouwd indien de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein 'Zuid '66' op de gevels van dit gebouw niet hoger zal zijn dan de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde of een verkregen hogere grenswaarde. De gemeente 's-Hertogenbosch wil de Sluiswachterskade een levendige invulling geven. Dit is in het geldende bestemmingsplan met bedrijfs- en verkeersbestemming niet mogelijk. Om deze reden is een nieuw bestemmingsplan vereist. Hierbij moet rekening worden gehouden met de gebiedsaanduiding geluidzone industrie.
Dit houdt in dat op de Sluiswachterskade geen gevoelige functies, zoals wonen, gerealiseerd mogen worden.
13
Figuur 2.9. Uitsnede geldend bestemmingsplan 'Zuid'
14
Hoofdstuk 3 Planbeschrijving 3.1
Marktuitvraag
De gemeente 's-Hertogenbosch heeft ervoor gekozen om de Sluiswachterskade door middel van een openbare inschrijving uit te geven (verhuur). In de winter van 2021-2022 is een marktuitvraag gedaan. De gemeente was op zoek naar initiatiefnemers, die deze bijzondere locatie in de stad wilden ontwikkelen tot een aantrekkelijke, levendige en bijzondere plek welke een bijdrage levert aan de ontwikkeling van het Zuid-Willemspark. Het college heeft de inschrijvingen voor de marktuitvraag beoordeeld op de volgende thema's: meerwaarde voor en bijdrage aan de ambities van het Zuid-Willemspark, functionele invulling, inpassing op de locatie en in de omgeving, meerwaarde voor de buurt, duurzaamheid en financiële onderbouwing. Het initiatief moet bijdragen aan de ambities van het Zuid-Willemspark; een aantrekkelijke en levendige plek aan het water, waar reuring kan ontstaan en welke meerwaarde voor de buurt biedt.
3.2
Stadscamping
Het college van burgemeester en wethouders heeft de exploitatie van de Sluiswachterskade aan de initiatiefnemers gegund die op deze plek een kleinschalige stadscamping met gemeenschappelijke pluk/moestuin en ontmoetingsplek (theetuin/stadsstrand) met daghoreca willen realiseren. In deze inschrijving waren tentplekken nabij de bomen voorzien. Bij de gunning is dit als nader te onderzoeken aspect van het plan benoemd omdat niet duidelijk was in hoeverre dit mogelijk is. Na de gunning hebben de initiatiefnemers het plan verder doorontwikkeld met behulp van onder andere input uit de buurt. Een nieuwe samenwerking met een maatschappelijke organisatie is tot stand gekomen en verschillende beleidsaspecten van de gemeente.
Figuur 3.1. Inzending marktuitvraag kleinschalige stadscamping met ontmoetingsplek. 15
3.3
Bebouwing
Het langgerekte plangebied krijgt meerdere functies. Gedeeltelijk ten westen en geheel ten oosten van de Lambooijbrug (uitdrukkelijk niet onder de brug) komt de stadscamping met een mix van verschillende overnachtingsplekken. Twee recreatieve nachtverblijven, twee bijzondere verblijven waarin overnacht kan worden en plekken voor campers, caravans en tenten. In dit deel van het plangebied komt ook een sanitair gebouw. Dit gedeelte van het terrein krijgt de aanduiding kampeerterrein met een bebouwingspercentage van maximaal 20%. Om de stadscamping in te passen in het straatbeeld, wordt een onbebouwde zone van circa 3 meter breed aangehouden. Het meest oostelijke gedeelte van het bebouwingsvlak ligt op circa 2 meter van de plangrens. Onder de brug is ruimte voor de benodigde parkeerplaatsen. Voor het beheer en onderhoud aan het kanaal dient een zone van 3 meter direct langs het water vrijgehouden te worden. Daarnaast mag het onderhoud van de Lambooijbrug niet belemmerd worden. Dat betekent dat alle onderdelen van de brug te allen tijde vanaf de openbare weg bereikbaar moeten zijn voor onderhoudsvoertuigen. Periodiek moet de gehele brug visueel geïnspecteerd kunnen worden met een hoogwerker. Vanwege het beheer van de brug is voldoende ruimte nodig. Het westelijk gedeelte van het plangebied rondom het Sluiswachtershuis zal een mix van maatschappelijk gebruik en daghoreca krijgen.
Intensievere vormen van horeca die ook in de late avonden nacht publiek generen, zijn niet gewenst. Dit betekent dat een uiterlijke sluitingstijd van 22.00 uur geldt. Op het westelijk gedeelte van het plangebied komt een ontmoetingsplek voor de buurt. Gedacht wordt aan een moes- of pluktuin. In het Sluiswachtershuis wordt op de begane grond daghoreca toegestaan. Rondom het Sluiswachtershuis is ruimte voor een terras met eventueel een buitenbar voor de drukke zomerdagen. De buitenbar mag een maximale afmeting van 20 m2 hebben. Verder is er een wens om aan de westzijde een gebouwde ontmoetingsplek van circa 50 m2 te realiseren. Deze gebouwde ontmoetingsplek kan gaan fungeren voor ontvangst van groepen voor workshops, vergaderingen, ontmoetingsplaats voor de buurt. Voor dit westelijk deel van het plangebied is in totaal een bebouwingspercentage van 15% opgenomen. Het bouwvlak ligt op circa 5 meter afstand van de weg voor een goede inpassing in het straatbeeld. Net als aan de oostzijde van de brug wordt ook hier afstand gehouden tot de brug en het water door het bouwvlak terug te leggen. Ten westen van de Lambooijbrug komt de inrit van de stadscamping. Er zijn nu geen concrete plannen voor het aanleggen van een drijvende steiger, maar het is wel een wens voor de langere termijn om de Sluiswachterskade ook via het water te kunnen bereiken.
Daarvoor wordt een zone langs de kade gereserveerd van 2 meter breed. De aanduiding steiger begint aan weerzijden van de brug op 3 meter afstand. Aan de westzijde van de brug loopt de aanduiding 'steiger' 40 meter door naar het westen. Hierdoor is een minimale afstand tot de woonboten van circa 45 meter verzekerd. Aan de oostzijde loopt de aanduiding 'steiger' door tot 3 meter aan de rand van het plangebied. Het is namelijk belangrijk dat voldoende ruimte overblijft voor de pleziervaart die wil passeren. De steiger kan voor kort aanmeren gebruikt worden, maar het is niet de bedoeling dat hier langdurig aangemeerd en overnacht wordt. Deze drijvende steiger(s) is/zijn mogelijk middels een melding wanneer de A-watergang geen vaarweg is, onderhoud vanaf het water gebeurt, deze geen vastgestelde ecologische functie heeft en het werk vrijstaand is en rust op de oeverwerken. Indien de drijvende steiger(s) hier niet aan voldoet/voldoen, dient los van deze planologische mogelijkheid nog apart een vergunning te worden aangevraagd bij Waterschap Aa en Maas. Bestaande en nieuwe bebouwing aan de westzijde van de Lambooijbrug heeft een maximum bouwhoogte van 7 meter en een maximum goothoogte van 4 meter. Nieuwe bebouwing aan de oostzijde van de Lambooijbrug heeft een maximum bouwhoogte van 5 meter en een maximum goothoogte van 3 meter. Het terrein kan in de nacht afgesloten worden.
Bij aanvraag van een omgevingsvergunning wordt het plan getoetst aan de algemene Welstandscriteria.
16
Figuur 3.2. Mogelijke indeling Sluiswachterskade
Figuur 3.3. Mogelijke indeling Sluiswachterskade op luchtfoto
3.4
Gebruik
De gemeente 's-Hertogenbosch streeft naar een voorziening met een gastvrije uitstraling die past binnen het karakter en de uitstraling van de stad en een bijdrage levert aan de ambities van het Zuid-Willemspark. Water en park gerelateerde recreatieve functies hebben de voorkeur. Deze plek moet gaan fungeren als een ontmoetingsplek voor de buurt. De gemeente was op zoek naar een publiekgerichte invulling die tegelijkertijd niet leidt tot overlast voor de omgeving. Wat betreft het onderdeel horeca is sprake van daghoreca. Intensievere vormen van horeca die ook in de late avonden nacht publiek generen, zijn niet gewenst. Dit betekent dat een uiterlijke sluitingstijd van 22.00 uur geldt.
Binnen het plangebied met de bestemming gemengd zijn de volgende functies/activiteiten toegestaan: 1. Dagrecreatieve voorzieningen Hierbij kan gedacht worden aan gebruik horend bij een park, maar ook bijvoorbeeld een stadsstrand. 2. Kunst, cultuur en ontspanning 3. Maatschappelijke voorzieningen Hierbij kan gedacht worden aan de educatieve, sociaal culturele en levensbeschouwelijke voorzieningen. In het plangebied willen de initiatiefnemers een plek creëeren waar de buurt de mogelijkheid heeft om elkaar te ontmoeten. 4. Speelvoorzieningen 5. Tuinen, erven en terreinen 6. Volkstuin Hierbij kan aan de moestuin gedacht worden. 7. Evenementen Op het terrein mag maximaal twaalf keer per jaar een evenement plaatsvinden, waarvan maximaal vijf geluidsevenementen met versterkt geluid. Een evenement mag maximaal een dag duren (excl. opbouwen en afbreken). Tijdens een evenement mogen maximaal 600 bezoekers gelijktijdig aanwezig zijn. Bij geluidsevenementen mag het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau op de gevel van een geluidsgevoelige 17
bestemming niet meer dan 60dB(A) en 75 dB(C) bedragen. Bij niet-geluidsevenementen mag het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau op de gevel van een geluidsgevoelige bestemming niet meer dan 50 dB(A) etmaalwaarde bedragen en moet aan normen Activiteitenbesluit voldoen. De eindtijd van muziekactiviteiten op vrijdag en zaterdag (en weekdagen waarop een nationale feestdag volgt) is uiterlijk 24:00 uur en voor overige dagen uiterlijk 23:00 uur. 8. Daghoreca Dit betreft horecabedrijven, waarbij de bedrijfsactiviteit gericht is op het – overdag – al dan niet ter plaatse verstrekken en bereiden van etenswaren en dranken en waarvan de openingstijden (in belangrijke mate) binnen de openingstijden van winkels vallen. Andere vormen van horeca zijn niet toegestaan. 9. Kampeerterrein Op dit terrein mogen kampeerplaatsen, recreatieve nachtverblijven, bijzondere nachtverblijven, buitengebouw en een toiletgebouw geplaatst/gebouwd. 10. Terras Bij dit terras kan tevens een buitenbar worden gerealiseerd.
Deze functies hebben een zodanige impact dat nog steeds sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en naar aard, schaal en functie passend zijn op deze plek. Voor een nadere toelichting op deze aanvaardbaarheid, wordt verwezen naar de navolgende paragrafen waarin de diverse effecten worden onderzocht en toegelicht.
3.5
Verkeer, parkeren en openbare ruimte
Verkeer De parkeerplaatsen onder de brug zijn bereikbaar via de entree in het verlengde van de Melis Stokestraat. Deze entree wordt vernieuwd, zodat de toegang geschikt is voor campers en caravans. De entree aan de oostzijde zal waarschijnlijk alleen nog als nooduitgang gehandhaafd blijven. Voor mindervaliden en laden en lossen wordt voor het voormalige Sluiswachtershuis mogelijk een extra voorziening gemaakt die bereikbaar is vanaf de straat. De verwachting is dat een groot deel van de bezoekers van de daghoreca te voet of met de fiets komen. In het westelijke deel van het plangebied worden daarom ten minste 35 fietsparkeerplekken gerealiseerd. De Van Veldekekade heeft ter hoogte van de Melis Stokestraat een extra midden-eiland zodat hier een veilige oversteek voor voetgangers en fietsen gecreëerd wordt. Voetgangers kunnen ook via het wandelpad dat langs het water en de woonboten loopt het plangebied bereiken. Deze route heeft ook nieuwe toegangen gekregen vanaf de buurt door aanleg van drempels met de bestaande oversteekpunten aan de Van Veldekekade aansluitend op de bestaande voetpaden in de groenstrook aan de overzijde. In het plangebied wordt langs de Zuid-Willemsvaart een zone vrijgehouden waar op de lange termijn een wandelpad gelegd kan worden. Zo kan de route langs de woonboten verder richting het buitengebied getrokken worden.
18
Figuur 3.4. Inrichtingstekening Woonbootlocaties Van Veldekekade
Parkeren Voor ontwikkelingen op het gebied van de ruimtelijke ordening heeft de gemeente 's-Hertogenbosch een eigen parkeernormenbeleid vastgesteld. Dit beleid is vastgelegd in de Nota Parkeernormering 2021, vastgesteld op 12 oktober 2021. De nota geeft normen en richtlijnen voor functies, gebaseerd op kentallen van het CROW, voor de zes verschillende zones binnen de gemeente. De nota geeft alleen voor de meest voorkomende functies, zoals wonen, werken en winkels, parkeernormen. Voor de ontwikkeling van andere functies gelden richtlijnen hoe met parkeren omgegaan moet worden. Bij het toelaten van initiatieven moet inzichtelijk zijn dat in de parkeerbehoefte van auto's en fietsen voorzien kan worden. Dat moet in principe op eigen terrein. Wanneer dat niet mogelijk is en er binnen loopafstand geen parkeerruimte is, kan dat leiden tot ruimtebeslag voor (meer) parkeren in de openbare ruimte. Dit ruimtebeslag mag de verkeersveiligheid en een goed woon- en leefklimaat niet aantasten. Voor deze locatie is bij de marktuitvraag al meegegeven dat op eigen terrein (binnen het plangebied) parkeerplaatsen voor zowel auto- als fietsen gerealiseerd moeten worden om te voorzien in de parkeerbehoefte van het reguliere gebruik. Het nieuwe gebruik mag geen extra parkeerdruk toevoegen in de omgeving. De Van Veldekekade ligt binnen de in de nota aangegeven Zone 2.
Voor een groot deel van het gewenste gebruik is echter geen standaard norm in de Nota Parkeernormering 2021 opgenomen.
Fietsparkeren De initiatiefnemers gaan op eigen terrein minimaal 35 fietsenrekken realiseren en in stand laten. Dit aantal voldoet aan de fietsnorm uit de Nota. De totale behoefte aan fietsparkeerplekken voor alle toegelaten functies gezamenlijk, bedraagt in totaal namelijk 26,6 plekken, zie hierna figuur 3.5.
19
Figuur 3.5. Tabel parkeernorm fiets
Autoparkeren De initiatiefnemers hebben 16 parkeerplaatsen ingetekend onder de brug. Als maatwerk zijn voor het gebruik de volgende parkeereisen meegegeven.
Figuur 3.6. Tabel parkeernorm auto
Voor de gebouwen zijn 9,1 parkeerplaatsen van de 16 nodig, de rest van de parkeerplaatsen is voor gebruik van de camping. Omdat een camper geen parkeerplek nodig heeft is het aantal tentplekken en caravanplekken samen gemaximeerd op 11. De rest van de ruimte kan opgevuld worden met camperplaatsen. Hier is geen rekening gehouden met gasten die met openbaar vervoer of fiets komen. De parkeerbehoefte voor auto's bedraagt in totaal 15,7 parkeerplaatsen. Aangezien initiatiefnemers in totaal 16 parkeerplaatsen gaan realiseren, wordt voldaan aan de parkeernorm. Er zijn voldoende parkeervoorzieningen beschikbaar voor de beoogde functies. De parkeerdruk op het openbaar gebied neemt niet toe. In de praktijk gaan de initiatiefnemers werken met een systeem dat campinggasten bij het reserveren van een kampeerplek aangeven of, en zo ja, met hoeveel auto’s ze komen. Hier worden geen kosten voor in rekening gebracht, maar dit is puur voor registratiedoeleinden. Zo kan het gebruik van de parkeerplaats tijdig en goed gemonitord worden en zo nodig bijgestuurd.
Evenementen Voor de verkeerafwikkeling en parkeerbehoefte tijdens evenementen heeft de gemeente een aanvullend onderzoek laten uitvoeren. Dit onderzoek is in bijlage 1 toegevoegd. In de regels is een maximaal aantal van 600 bezoekers per evenement vastgelegd. Voor een doorstroomevenement is deze 600 bezoekers derhalve het piekmoment. Vervolgens is het aantal benodigde autoparkeerplaatsen en fietsenstallingen bepaald. Op basis van de parkeerbehoefte kan de verkeersgeneratie bepaald worden. Autoparkeren Voor het reguliere gebruik als (dag)horeca en stadscamping, zijn 16 auto-parkeerplaatsen en 35 fietsparkeerplaatsen op het terrein aanwezig. Onderzocht is hoeveel extra autoparkeerruimte er gevonden kan 20
worden op eigen terrein indien enkel een evenement plaats zou vinden en gedurende dat evenement alle overige functies zoals de stadscamping, niet in gebruik zijn. In dat scenario kunnen 26 extra parkeerplaatsen gerealiseerd worden wat het totaal op 42 parkeerplaatsen brengt. Uit het onderzoek blijkt dat in het uiterste geval (worst case) 99 auto-parkeerplaatsen nodig zijn ten behoeve van het evenementenplein. Het autoparkeren kan derhalve niet in alle gevallen binnen het plangebied zelf worden opgevangen. Extra parkeerdruk van een evenement in de openbare buitenruimte (de wijk) is niet wenselijk. Om dergelijk onwenselijk parkeergedrag te voorkomen is de evenementenorganisatie verplicht om in het kader van de evenementenvergunning op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente 's-Hertogenbosch een mobiliteitsplan aan te leveren. Hierin staat beschreven hoe de extra parkeerbelasting (van zowel voertuigen als fietsen) naar aanleiding van het evenement opgevangen moet worden. De evenementenorganisatie dient dit zelf te regelen. Dit betekent dat, alleen wanneer de evenementenorganisatie aantoont dat het autoparkeren op een goede wijze is geregeld, hij in aanmerking komt voor een evenementenvergunning: via deze wijze is het opvangen van de autoparkeerbelasting ten behoeve van een evenement geborgd.
Het anderszins regelen van de parkeerbehoefte op eigen terrein, is bij evenementen zeer gebruikelijk. In dit geval blijkt uit het onderzoek dat de extra parkeerbelasting naar aanleiding van een evenement in theorie altijd (in het uiterste geval / worst case scenario) kan worden opgevangen in betaalde parkeervoorzieningen (parkeergarage Sint-Jan) en/of in samenspraak op omliggende privéterreinen bij bedrijven of instellingen (dubbelgebruik). Daarnaast kan de evenementenorganisatie ook gebruik maken van het openbaar vervoer en/of het transferium De Vliert, door bijvoorbeeld te werken met pendelbusjes. Het evenemententerrein is ook goed bereikbaar met het openbaar vervoer. Op loopafstand zijn diverse bushaltes aanwezig met diverse buslijnen. Voorafgaand aan het houden van een evenement dient, in het kader van de evenementenvergunning, inzichtelijk te worden gemaakt hoe men denkt te voorzien in de parkeerbehoefte behorende bij dat type evenement. Deze inschatting van het aantal benodigde autoparkeerplaatsen verschilt uiteraard per evenement, omdat elk evenement qua tijdsduur, aantal bezoekers, waar de bezoekers vandaag komen, enz., verschilt. Daardoor is dus niet altijd bij elk evenement sprake van het uiterste geval (worst case) met 99 benodigde autoparkeerplaatsen: per evenement zal het aantal benodigde parkeerplaatsen worden bepaald.
Fietsparkeren bij evenementen In het tweede verkeersontwerp is onderzocht wat een evenement met het grootst aantal fietsbezoekers aan ruimtebeslag zou vragen. In dat geval zouden er 333 fietsparkeerplaatsen op eigen terrein moeten worden ingericht. Dit is goed mogelijk waarbij, indien de stadscamping op datzelfde moment buiten gebruik is, nog zo'n 20 autoparkeerplaatsen beschikbaar zijn. Het fietsparkeren kan dus in voldoende mate op eigen terrein worden opgevangen. Om mogelijke overlast voor omwonenden en/of beschadigingen van groenvoorzieningen te voorkomen, hebben wij in de regels voor evenementen verplicht gesteld dat in ieder geval het fietsparkeren altijd op eigen terrein moet plaatsvinden.
Kiss & Ride Bij diverse evenementen worden ook bezoekers gebracht (door ouders, vrienden en dergelijke). Zij worden met de auto afgezet en na afloop weer opgehaald. Dit halen en brengen kan niet op het terrein zelf en mag evenmin plaatsvinden aan de Van Veldekekade (hoofdrijbaan), vanwege de doorstroming en de bereikbaarheid van hulpdiensten. De evenementenorganisatie zal zelf een haal en breng voorziening moeten voorzien om het halen en brengen van bezoekers op een veilige manier af te wikkelen, hetgeen hij moet aantonen in het kader van de evenementenvergunning. Ook het onderdeel Kiss & Ride maakt verplicht onderdeel uit van het mobiliteitsplan en zal zodoende ook tijdig door ons getoetst kunnen worden.
Conclusie Het onderzoek heeft aangetoond dat er voldoende ruimte is voor fietsparkeren op eigen terrein. Dit wordt 21
geborgd in de regels van het bestemmingsplan en getoetst bij de aanvraag evenementenvergunning. Voor autoparkeren bij evenementen blijkt er waarschijnlijk onvoldoende ruimte op eigen terrein aanwezig te zijn. Een en ander afhankelijk van de omvang en het type evenement. Indien er inderdaad een tekort blijkt, toont het onderzoek aan dat er voldoende mogelijkheden zijn om de verkeersvraag en de parkeer/stallingsbehoefte op een adequate manier te regelen. Dit zal worden getoetst met het mobiliteitsplan behorende bij de aanvraag om evenementenvergunning.
Openbare ruimte De Zuid-Willemsvaart in ’s-Hertogenbosch transformeert van kanaal naar park. Het Zuid-Willemspark wordt een multifunctionele landschappelijke en stedelijke parkzone van maar liefst 12 kilometer lang dat de binnenstad en de buitengebieden verbindt. Hierdoor ontstaat een langgerekt lint waar zich allerlei initiatieven kunnen ontplooien. Langs het water wordt daarom ook in dit plangebied een zone vrijgehouden om wellicht op termijn de wandelroute vanuit de binnenstad langs de nieuwe woonbootlocatie door te trekken naar het oosten van de stad.
Figuur 3.7. Zuid-Willemspark met overige parken en groengebieden in 's-Hertogenbosch
3.6
Bomen
Op de Sluiswachterskade staan aan de westzijde van de Lambooijbrug een cluster bomen, hiervan zijn 3 bomen monumentaal. Aan de oostzijde van de brug staan bomen net buiten het plangebied die onderdeel uitmaken van het zogenaamde structuurgroen. De gemeente heeft naar aanleiding van de herinrichting van het terrein rondom Van Veldekekade 35 een bomen inventarisatie uitgevoerd. In het plangebied staan in totaal negentien bomen. Het gaat om een fijnspar, een levensboom, een sierkers, een appelboom, een beuk, twee esdoorns, twee berken, vijf winterlindes en vijf gewone lindes. De bomen 4, 5, 7, 8, 9, 10, 12, 13, 14, 15, 16 en 17 dienen duurzaam in stand te worden gehouden. Bomen 6 en 18 dienen verwijderd te worden aangezien zij slecht zijn. Bomen 1, 2, 3, 11 en 19 dienen ten behoeve van ruimtebeslag verwijderd te worden. Bomen 1 en 2 moeten worden gecompenseerd. Deze worden aan de rand van het terrein teruggeplaatst. Boomgroep 11 zijn beuken en staan tussen lindes. De beuken worden weggehaald om de lindes beter uit te laten groeien. Rondom het terras, in de moestuin en op de camping is ruimte om nieuwe bomen te plaatsen.
22
Figuur 3.8. Bomenkaarten
Figuur 3.9. Tabel bomen
Wanneer initiatiefnemers tenten onder de monumentale bomen (bomen 7, 8, 9, 12, 13 en 14) willen plaatsen, 23
dienen zij deze tenten op vlonders te plaatsen. Tussen deze bomen worden in eerste instantie geen gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals het plaatsen van een vlonder, toegestaan. Dit allereerst ter instandhouding en bescherming van de (wortels van de) monumentale en waardevolle bomen. Om deze reden is hier de aanduiding 'Waardevolle boom' opgenomen. Wanneer initiatiefnemers gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals het plaatsen van een vlonder, onder de voorgenoemde bomen willen realiseren, is een omgevingsvergunning noodzakelijk waar hier voorwaarden aan gesteld kunnen worden. Ook is het nodig dat initiatiefnemers voorgenoemde bomen aan een inspectie onderwerpen of zij geschikt/in gebruik zijn als vleermuisverblijf.
24
Hoofdstuk 4 Beleidskader 4.1
Rijksbeleid
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) In het kader van de invoering van de Omgevingswet, die op 1 januari 2024 is ingegaan, heeft het Rijk de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) opgesteld. Deze is vastgesteld op 9 september 2020. De NOVI is vastgesteld op grond van de huidige regelgeving (dus als structuurvisie) en zal bij inwerkingtreding van de Omgevingswet gelden als Nationale omgevingsvisie in de zin van de Omgevingswet. De NOVI vervangt de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR), die met uitzondering van paragraaf 4.9 Caribisch Nederland en Caribische Exclusieve Economische Zone is komen te vervallen. Daarnaast vervangt de NOVI delen van het Nationaal Waterplan, de Natuurvisie en het Nationaal Milieubeleidsplan. Inhoudelijk gezien bevat de NOVI een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De intentie van het Rijk is om met de NOVI een perspectief te bieden om grote maatschappelijke opgaven aan te pakken. Bij die opgaven kan worden gedacht aan grote en complexe opgaven met betrekking tot klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Een centraal aspect van de NOVI is de focus op een nieuwe aanpak van vraagstukken in de fysieke leefomgeving.
Werken op basis van integraliteit met betrekking tot verschillende vraagstukken in plaats van sectorale aanpakken voor individuele vraagstukken vormt de kern van deze nieuwe aanpak. Het streven naar integraliteit dat onderdeel is van de NOVI valt samen in vier verschillende prioriteiten waartussen een onderscheid wordt gemaakt in de NOVI, te weten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; duurzaam economisch groeipotentieel; sterke en gezonde steden en regio's; toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Binnen de NOVI worden drie afwegingsprincipes gehanteerd om te komen tot weloverwogen beleidskeuzes. Die zouden moeten helpen bij het afwegen en prioriteren van verschillende belangen en opgaven: 1. combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; 2. kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. afwentelen wordt voorkomen. Doorwerk ing plangebied 25
Met het voorgenomen plan wordt een kleinschalige stadscamping met ontmoetingsplek opgericht. Gelet op de aard van het project en de ligging van het plangebied, zijn er in beginsel geen Rijksbelangen aan de orde. Het onderhavige plan combineert de hoofdfunctie recreatie met andere passende functies op het perceel. Tussen en rondom de gebouwen is ruimte voor groen en landschapsbeleving. Door de gewijzigde invulling van het plan ten opzichte van het huidige bestemmingsplan, is deze combinatie van functies beter mogelijk. Bovendien wordt beter aangesloten bij de kenmerken, kwaliteiten en identiteit van het gebied. Het beperkt toestaan van de bebouwing zorgt voor het zoveel mogelijk behouden van het groene en open karakter van het gebied. Deze keuzes sluiten aan bij de afwegingsprincipes uit de NOVI.
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Structuurvisies hebben geen bindende werking voor andere overheden dan de overheid die de visie heeft vastgesteld. De nationale belangen die juridische borging vragen, zijn geborgd in het Barro. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen en zorgt voor sturing en helderheid van deze belangen vooraf. Het Barro voorziet in de juridische borging van het nationaal ruimtelijk beleid. Het bevat regels die de beleidsruimte van andere overheden ten aanzien van de inhoud van ruimtelijke plannen inperken, daar waar nationale belangen dat noodzakelijk maken.
Doorwerk ing plangebied Het Barro heeft geen doorwerking naar het bestemmingsplan, omdat er geen nationale belangen aan de orde zijn.
(Ladder voor) Duurzame verstedelijking Om zorgvuldig ruimtegebruik te bevorderen is in 2012 de ladder voor duurzame verstedelijking in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6 Bro) opgenomen. De ladder ziet op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Per 1 juli 2017 is een gewijzigde Ladder in werking getreden. Hierin is de tekst van de Ladder teruggebracht naar de essentie, namelijk de noodzaak om aan te geven dat de voorgenomen nieuwe stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte plus een motivering indien de stedelijke ontwikkeling niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden gerealiseerd.
Doorwerk ing plangebied Het onderhavige plan voorziet in het realiseren van een kleinschalige stadscamping met een ontmoetingsplek. Gezien de aard en omvang van de ontwikkeling, is er op basis van vaste jurisprudentie sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling en is de ladder van toepassing. De locatie van de stadscamping is gelegen in bestaand stedelijk gebied. Het initiatief heeft een onderscheidend karakter en is erg kleinschalig. Op dit perceel worden maatschappelijke, culturele, recreatieve en horecavoorzieningen gerealiseerd. Deze voorzieningen van de stadscamping leveren een bijdrage aan het Zuid-Willemspark. De stadscamping fungeert tevens als ontmoetingsplek voor de buurt en draagt bij aan de levendigheid van de omgeving. Een camping met tentplaatsen kent de gemeente 's-Hertogenbosch nog niet. Het geringe aantal recreatieve nachtverblijven, het onderscheidende karakter van deze verblijven en het gehele concept zal het voorgestelde initiatief naar verwachting geen ontwrichtende werking hebben op de huidige hotelbrance en op de camperplaats op West. De camperplaats op West is namelijk meer een standplaats/tijdelijke plek om de campers te stallen. De tentplaatsen worden als grootste meerwaarde en meest onderscheidend gezien. Samenvattend kan worden gesteld dat het beoogde initiatief een aanvulling is aan het Zuid-Willemspark.
26
4.2
Provinciaal beleid
Omgevingsvisie Op 14 december 2018 hebben de Provinciale Staten de omgevingsvisie Noord-Brabant vastgesteld. Deze omgevingsvisie vervangt na het inwerking treden van de Omgevingswet de provinciale structuurvisie. Met de omgevingsvisie formuleert de provincie haar ambitie over hoe zij de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit wil zien. Daarbij stelt zij tussendoelen voor 2030, maar legt nu nog niet vast hoe zij die doelen wil bereiken. De provincie wilt daarmee ruimte bieden voor inbreng vanuit partijen en disciplines. Om hiermee aan de slag te gaan is volgens de provincie een verdere uitwerking van de ambities nodig in de vorm van programma's. Met de visie geeft de provincie aan wat zij belangrijk vindt voor de verbetering en duurzame ontwikkeling van Brabant. Daarbij legt zij de focus op vier hoofdopgaven voor de middellange en lange termijn: werken aan energietransitie, een klimaat proof Brabant, de slimme netwerkstad en een concurrerende duurzame economie. Deze vier hoofdopgaven staan ten dienste van de basisopgaven: werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. Om te komen tot de slimme netwerkstad richt de provincie zich op duurzame verstedelijking. Zij wil daarin richting geven door middel van het bevorderen van regionale afspraken, het sturen op zorgvuldig ruimtegebruik en het periodiek opstellen van prognoses.
Verder wil zij een actieve rol spelen om beweging te stimuleren (o.a. door samen te werken bij gebiedsopgaven en bij het opstellen van uitvoeringsprogramma's) en gewenste ontwikkelingen mogelijk te maken. Doorwerk ing plangebied Voor de onderhavige planontwikkeling, die plaatsvindt binnen bestaand stedelijk gebied, is met name de ambitie tot duurzame verstedelijking in combinatie met zorgvuldig ruimtegebruik van belang. Met de gekozen planinvulling wordt de bestaande locatie met een stedelijk functie passend ingevuld, maar wordt tegelijkertijd voldoende onbebouwd (groen) terrein behouden. Door een locatie binnen bestaand stedelijk gebied, die reeds lange tijd braak lag, optimaal en passend te benutten, past de ontwikkeling op dit punt bij de provinciale ambities. De planontwikkeling is in lijn met de Omgevingsvisie.
Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant De provincie wil met haar regels aansluiten op de werkwijze van de Omgevingsvisie en de Omgevingswet. Daarom is ervoor gekozen om de verschillende provinciale verordeningen voor de fysieke leefomgeving samen te voegen tot een Interim omgevingsverordening. Provinciale Staten hebben op 25 november 2019 deze verordening vastgesteld. Het is een 'Interim' omgevingsverordening om zo te benadrukken dat dit een tussenstap is naar de 'definitieve' omgevingsverordening gebaseerd op de Omgevingswet. De Interim omgevingsverordening is gebaseerd op de huidige wetgeving en moet aan de wettelijke bepalingen van die wetgeving voldoen. Dat betekent dat nieuwe mogelijkheden uit de Omgevingswet nog niet zijn verwerkt. Er is wel zo veel als mogelijk aansluiting gezocht bij de Omgevingswet en de voorwaarden voor een omgevingsverordening (bijvoorbeeld bij de opbouw en de digitale vormgeving). De Interim omgevingsverordening vervangt zes provinciale verordeningen, waaronder de Verordening ruimte 2014. In de omgevingsverordening staan onderwerpen uit de provinciale omgevingsvisie, waarbij is aangegeven welke belangen de provincie wil behartigen en hoe ze dat wil doen. Deze verordening bestaat uit kaartmateriaal en regels waarmee gemeenten rekening moeten houden bij het opstellen van ruimtelijke plannen.
De Omgevingsverordening treedt gelijktijdig met de Omgevingswet in werking.
Doorwerk ing plangebied Het plangebied ligt volgens de Verordening binnen de structuur 'concentratiegebied' (stedelijk gebied) en betreft de ontwikkeling van een locatie voor een stadscamping in combinatie met voorzieningen in en rondom de 27
bebouwing. Het dient te gaan om een duurzame stedelijke ontwikkeling (art. 3.42 lid 1). 's-Hertogenbosch is en blijft als toeristische trekpleister in trek. Daarnaast is er behoefte aan kampeerfaciliteiten in de nabijheid van het historische stadscentrum. Van duurzame stedelijke ontwikkeling is sprake omdat een nieuw en toekomstbestendig concept ten behoeve van een functie waaraan ook op lange termijn grote behoefte zal bestaan, wordt gerealiseerd. Verder zijn ook behoud en herstel van watersystemen en Natuur Netwerk Brabant in de nabijheid van het plangebied gelegen. Ten aanzien van de natuurwaarden wordt opgemerkt dat een aantal bomen verwijderd worden om de ontwikkeling mogelijk te maken. Deze worden echter ruimschoots gecompenseerd. Overige natuurwaarden zijn niet aanwezig. Verder ziet de planontwikkeling grotendeels op gronden die reeds volgens het huidig bestemmingsplan voor bedrijfsbestemming en verkeer dienden. Derhalve is van een extra aantasting van natuurwaarden geen sprake. Dit plan maakt binnen de water bestemming de aanleg van drijvende steigers mogelijk. Conform het huidige bestemmingsplan konden al bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden opgericht.
Gezien het belang van waterbergend vermogen, waterafvoer en scheepsvaart op de Zuid-Willemsvaart hebben we daarom de plaatsing van dergelijke drijvende steiger(s) door middel van een aanduiding 'steiger' op de verbeelding vastgelegd. Daarmee is verzekerd dat een drijvende steiger slechts twee meter diep wordt en zodoende geen afbreuk wordt gedaan aan eerder genoemde belangen. Conform onze RSV willen we de Zuid-Willemsvaart aantrekkelijk maken voor de recreatievaart en bovendien de aantrekkelijke verbinding tussen de wijken versterken. Dit plan draagt aan deze doelstellingen bij zonder afbreuk te doen aan de doelstellingen uit de Interim omgevingsverordening ter behoud, beheer en herstel van watersystemen. Het plan is dan ook niet in strijd met de Interim Omgevingsverordening.
4.3
Gemeentelijk beleid
4.3.1 Structuurvisie In juni 2003 heeft de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch de Ruimtelijke StructuurVisie vastgesteld, met de ondertitel 'Stad tussen stromen'. De Ruimtelijke StructuurVisie geeft richting aan de ruimtelijke ambities van de stad. Op 28 januari 2014 heeft de gemeenteraad de actualisatie van de structuurvisie uit 2003 vastgesteld. In deze geactualiseerde structuurvisie integreert gemeente het provinciaal beleid. De geactualiseerde structuurvisie bevat een integrale visievorming voor lange termijn, 10 jaar met een doorkijk naar 15 à 20 jaar. De structuurvisie bestaat uit het Ruimtelijk Casco, een visie geformuleerd op het plangebied. Een ruimtelijke analyse van de stad en het gemeentelijk beleid vormen de input voor deze visie. De visie formuleert de ontwikkelingskoers, beschrijft een wensbeeld van de stad voor de lange termijn en biedt het casco voor concrete projecten en plannen. Het is een toetsingskader, en tegelijkertijd ook een inspiratiekader voor ruimtelijke ontwikkeling. Zo wordt bepaald waar strakke contouren ter bescherming van kwetsbare waarden liggen en kansen voor ontwikkeling. En worden locaties aangeduid waar deze ontwikkeling tegen randvoorwaarden mogelijk zijn en afweegbare gebieden voor uitbreidingen en intensiveringen aangewezen.
Het 'ruimtelijk motto' van compacte, complete en contrastrijke stad als het uitgangspunt voor de ruimtelijke ontwikkeling voor de stad blijft gehanteerd, in de overtuiging dat dit de juiste basis biedt voor een duurzame ruimtelijk hoofdstructuur.
Doorwerk ing plangebied In de RSV wordt gewezen op de kansen die er liggen voor het tracé van de Zuid-Willemsvaart. Na het gereedkomen van de omlegging van dit kanaal (het Maximakanaal) is de beroepsvaart verdwenen van het stadstracé van de oude Zuid-Willemsvaart. Hiermee is de oudste functie van het kanaal komen te vervallen. Als nieuw kansen voor dit stukje 's-Hertogenbosch worden o.a. gezien: 28
Het oude kanaal is een aantrekkelijke vaarroute voor de recreatievaart, dicht langs de Bossche binnenstad. Het realiseren van terrassen langs het water. Aan bovenstaande kansen draagt het planvoornemen bij. Met de realisatie van dit initiatief aan de Zuid-Willemsvaart wordt namelijk onder andere een terras aansluitend aan het Sluiswachtershuis, welke langs het water ligt, mogelijk gemaakt. Dit leidt tot een (nog) aantrekkelijkere vaarroute voor de recreatievaart en bevordert de levendigheid van deze locatie in het Zuid-Willemspark.
4.3.2 Inspiratiedocument Zuid-Willemspark De Zuid-Willemsvaart in ’s-Hertogenbosch transformeert van kanaal naar park. Het Zuid-Willemspark wordt een multifunctionele landschappelijke en stedelijke parkzone van maar liefst 12 kilometer lang dat de binnenstad en de buitengebieden verbindt. Met het verdwijnen van de beroepsvaart uit de kanaalzone van ’s-Hertogenbosch, is de mogelijkheid ontstaan om het kanaal te transformeren. Om dit doel te bereiken heeft de gemeenteraad op 11 juli 2017 het Inspiratiedocument Zuid-Willemspark opgesteld. In het document wordt een visie weergegeven en geen uitgewerkt plan. Het document vormt een inspiratiebron voor het ontwikkelen van projecten, die vorm moeten geven aan het Zuid-Willemspark. Het Zuid-Willemspark is een aaneenschakeling van verschillende landschappen met elk zijn eigen kwaliteiten. De hoofdingrepen voor de ontwikkeling van het gehele park zijn het aanplanten van bomen, het verbinden van het park met zijn omgeving en het zoveel mogelijk toegankelijk (en openbaar) maken van de oevers. Als ruimtelijk concept van het Zuid-Willemspark wordt onder andere gezegd dat vast en tijdelijk programma zorgen voor reuring en dat dit het Zuid-Willemspark tot een nieuw fenomeen in ’s-Hertogenbosch maakt. Doorwerk ing plangebied Onderdeel van het Zuid-Willemspark betreft de Van Veldekekade (Sluiswachterskade).
De Van Veldekekade ligt binnen het deelgebied 'Oostelijke entree binnenstad: Van Veldekekade - Maastrichtseweg west'. Over de Van Veldekekade is in het Inspiratiedocument o.a. opgenomen dat de oever tussen Sluis 0 en de Lambooijbrug ingericht kan worden als park en dat dit park ruimtelijk kan aansluiten op het groengebied langs de vesting (Bastion Sint Antonie), op de hoek Hekellaan/Van Veldedekade. Het programma dat middels dit bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt, draagt bij aan de boogde reuring op deze plek.
4.3.3 Horecavisie ’s-Hertogenbosch en horeca zijn van oudsher sterk met elkaar verbonden. Horeca is bij uitstek de functie om het gastvrije en bourgondische karakter uit te dragen. De afgelopen jaren is de behoefte aan horeca toegenomen. Er is behoefte aan diversiteit in het aanbod en kwaliteit. Opgemerkt wordt dan ook dat de horeca zich in de afgelopen jaren ruimtelijk op een herkenbare manier heeft gegroepeerd. De horecavisie beoogt deze functionele en conceptuele verscheidenheid verder te onderstrepen. Kernkwaliteiten voor de horeca in de gemeente zijn: Gastvrij en bourgondisch; Gemoedelijk en kleinschalig; Meest karaktervolle binnenstad van het zuiden; Unieke stad- en landverbindingen (groen en water). Onder andere wordt ingezet op horecaconcepten bij unieke stad- en landverbindingen. Dragers als plassen, parken, de Dieze, de Dommel, de Aa en de Zuid-Willemsvaart bieden tal van kansen aan mooie, passende horecaconcepten die inspelen op en gebruikmaken van deze groene en blauwe kwaliteiten. Binnen de horecavisie worden dan ook mogelijkheden en kansen buiten de binnenstad geboden. Niet onbeperkt en ongelimiteerd, maar gedoseerd en passend. Op zo’n manier dat het goed is voor de binnenstad als voor de buitenstad.
29
Doorwerk ing plangebied Het Sluiswachtershuis op het perceel zal de functieaanduiding horeca krijgen. Hierin wordt horeca in categorie 3, daghoreca inclusief terras, toegestaan. Mocht deze invulling gerealiseerd worden, betreft het hier een horeca inrichting op een speciale locatie, in een groene omgeving, dicht bij het water en net iets buiten de binnenstad. Conform de horecavisie worden plekken buiten de binnenstad, met name in een groenblauwe omgeving, als kansrijk aangemerkt. De onderhavige planlocatie is hier een goed voorbeeld van. De ontwikkeling van kleinschalige lichte horeca op deze plek kan bovendien bijdragen aan het versterken van de relatie van de bebouwing met de omgeving (zoals de Zuid-Willemsvaart). Deze ontwikkeling past binnen de uitgangspunten van de gemeentelijke Horecavisie en horeca vormt een passende functie op deze locatie.
4.3.4 Verordening bomen, water en groen 's-Hertogenbosch 2021 's-Hertogenbosch is een groene gemeente. Groen is nodig, groen is gezond en mooi. Toch staat deze kwaliteit steeds meer onder druk. De verandering van het klimaat, de toenemende verstedelijking en het intensievere ruimtegebruik hebben negatieve gevolgen voor de natuur en de waterkwaliteit in en rond de stad en dorpen. Daarom is het nodig 's-Hertogenbosch klimaatbestendiger te maken, groener en biodivers. Samen met inwoners en partners is deze visie opgesteld. Gezamenlijk wordt daarmee de grote waarde van groen en water in de gemeente onderschreven. Met 's-Hertogenbosch Groen en Klimaatbestendig is de doelstelling gesteld 's-Hertogenbosch beter bestand maken tegen de gevolgen van klimaatverandering door in te zetten op een groene en klimaatbestendige inrichting van de stad, wijken en dorpen. Er zullen zo veel mogelijk kansen benutten om 's-Hertogenbosch meer en beter groen en blauw in te richten. De ambities worden uitgewerkt in concrete opgaven en een gericht uitvoeringsprogramma. Normen en richtlijnen worden opgesteld voor de leidende thema's groen, water en biodiversiteit en er worden regels voor nieuwe ontwikkeling in een verordening gezet. Deze verordening betreft de Verordening Bomen, Water en Groen 's-Hertogenbosch 2021, die door de gemeenteraad is vastgesteld op 9 maart 2021.
Deze verordening bestaat uit drie onderdelen: bomen, water en groen en behoort bij de visie 's-Hertogenbosch Groen en Klimaatbestendig. In de verordening worden regels gesteld over het vellen van houtopstanden (bomen), het lozen van hemelwater en grondwater en het realiseren van groen. Het doel hiervan is het beperken van de gevolgen van klimaatverandering. Door de gevolgen van klimaatverandering wordt de gemeente 's-Hertogenbosch kwetsbaarder voor verdroging, extreme hitte en extreme neerslag. Ook is sprake van achteruitgang van de biodiversiteit. Met de regels in de verordening kunnen de gevolgen van klimaatverandering beter worden opgevangen en wordt een meer groene en blauwe inrichting van de stad, wijken en dorpen geborgd.
Bomen Voor bomen (houtopstanden) is aangesloten bij de uitgangspunten van het Bomenbeleidsplan van de gemeente 's-Hertogenbosch. Het Bomenbeleidsplan 's-Hertogenbosch is in 2010 door de gemeenteraad vastgesteld. Bij de ruimtelijke procedure vindt een afweging plaats ten aanzien van verschillende functies waaronder groen. De gemeente stelt daarbij voorwaarden ten aanzien van groen. Hierbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij beleidsuitgangspunten uit het Bomenbeleidsplan, zoals het zoveel mogelijk behouden van bomen, verbeteren groeiplaats, boombeschermingsplan (tijden de bouw), het verplanten van bomen en herplant en compensatie van groen en bomen. Afspraken over velling, herplant en compensatie wordt bij het plan vastgelegd zodat hierbij aangesloten kan worden bij de uiteindelijke vergunningprocedure. Het kan zowel om behoud als om ontwikkeling van nieuw groen gaan. Bomen dragen bij aan een betere wateropvang, leveren schaduw, een hogere luchtvochtigheid en dragen daarmee bij aan verkoeling. Ook dragen bomen bij aan een aantrekkelijke, biodiverse en gezonde leefomgeving en zijn bepaalde houtopstanden waardevol voor onze leefomgeving. Daarom zijn in de verordening regels opgenomen om categorieën houtopstanden die voor de gemeente van belang zijn te beschermen. Voor deze categorieën houtopstanden geldt onder meer een vergunningplicht.
Zonder een vergunning mogen deze houtopstanden niet worden geveld. 30
Het plangebied ligt blijkens de bomenkaart (bijlage 2 bij de Verordening) in een 'Sfeervlak'. Dit zijn gebieden waarin beschermde houtopstanden aanwezig zijn en waar houtopstanden bepalend zijn voor de beleving van het gebied. Houtopstanden binnen Sfeervlakken maken deel uit van het functionele groen en kunnen met name als inrichtingselement worden gezien. Het vellen van monumentale en waardevolle bomen, alsmede het vellen van bomen in een Sfeervlak die een minimale omtrek van 1 meter hebben (gemeten op 1,30 meter boven maaiveld) is vergunningplichtig. In paragraaf 3.6 is beschreven op welke wijze in het plan rekening is gehouden met bomen. Bij de ontwikkeling moeten bomen namelijk direct in beeld zijn. Hiervoor is een bomeninventarisatie uitgevoerd en zijn alle bomen in beeld gebracht en op waarde beoordeeld. Hier is beschreven dat de meeste bomen in het plangebied kunnen worden behouden. Een aantal bomen zal moeten verdwijnen om de realisatie van het plan mogelijk te maken. In de betreffende paragraaf is tevens op hoofdlijnen beschreven op welke wijze het verdwijnen van deze bomen wordt gecompenseerd in lijn met het gemeentelijk bomenbeleid. Bij de vergunningaanvraag zal de exacte locatie van de nieuwe bomen aangegeven worden.
Water Voor water gelden regels voor het lozen van grondwater en hemelwater. Door klimaatverandering neemt de kans op onder andere wateroverlast en overstromingen door extreme neerslag toe, maar ook de kans op langdurige periodes van droogte. Om wateroverlast door extreme neerslag te voorkomen en verdroging tegen te gaan is het onder meer van belang dat voldoende waterberging op eigen terrein wordt gerealiseerd. Daarom is in de verordening onder meer de verplichting opgenomen om hemelwater op eigen terrein te verwerken, waarbij een hemelwatervoorziening met een bepaalde minimale capaciteit moet worden gerealiseerd. In pararaaf 5.11 van deze toelichting is een waterparagraaf opgenomen. Hierin is beschreven hoe met dit onderdeel in het plan wordt omgegaan.
Groen In de Verordening bomen, water en groen 's-Hertogenbosch 2021 staat aangegeven dat het verboden is meer dan 500m2 nieuwe verharding te realiseren zonder daarbij te voldoen aan de groennorm die geldt voor een bepaald gebied, zoals opgenomen op de Groenkaart in bijlage 3 van deze Verordening, en te voldoen aan de minimale kwalitatieve biodiversiteitscore, zoals opgenomen in bijlage 4b van deze Verordening. Aangezien in dit plan niet meer dan 500m2 nieuwe verharding wordt gerealiseerd, volgt uit deze bepaling geen verplichting voor de Sluiswachterskade. Het geeft wel een ambitie weer. 4.3.5 Nota Duurzaamheid In mei 2019 heeft de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch de Nota Duurzaamheid ('Samenwerken aan een duurzaam 's-Hertogenbosch') vastgesteld. Overkoepelende doelstelling is dat 's-Hertogenbosch in 2050 duurzaam is. Deze is vertaald in vier concrete ambities: 1. 2. 3. 4.
Gezonde, groene en klimaatbestendige omgeving; CO2-neutrale gemeente; Waardebehoud van grondstoffen; Duurzame mobiliteit.
Deze ambities zijn uitgewerkt in 17 concrete Duurzame Ontwikkelingsdoelen. Naast deze ambities kent 's-Hertogenbosch ook een verstedelijkingsopgave. Aspecten zoals veiligheid en gezondheid zullen hierin moeten worden meegenomen. Per ambitie is in de Nota beschreven wat de gemeente wil bereiken en hoe men dit wil monitoren. Daarnaast is een aantal goede voorbeelden opgenomen, bedoeld als inspiratie voor alle betrokken partijen.
Doorwerk ing plangebied 31
De verstedelijkingsopgave voor 's-Hertogenbosch ziet onder meer op het bieden van voldoende en kwalitatief goede huisvesting voor verschillende doelgroepen. Daarbij is van belang dat een gezonde, groene en klimaatbestendige leefomgeving centraal staat. Het plangebied biedt hiervoor al een aantal voorwaarden vanwege de groene directe omgeving. Dit groene karakter blijft behouden en is een voorwaarde voor de beoogde ontwikkeling. Ook is door middel van onderzoek gemonitord dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat voor wat betreft onder meer akoestiek en luchtkwaliteit. Hiermee voldoet de locatie van het initiatief aan deze randvoorwaarden. In paragraaf 5.12 van deze toelichting wordt nader ingegaan op de wijze waarop bij de ontwikkeling en uitvoering van het plan rekening is gehouden met het thema duurzaamheid.