Bijlage 2 Concept ontwerpbestemmingsplan (toelichting en regels)
Tekst van het document
Woonbootlocaties Rosmalense plas
Van
Veldekekade
en
Inhoudsopgave
Toelichting Hoofdstuk 1 1.1 1.2 Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3 Hoofdstuk 3 3.1
3.2
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3
Hoofdstuk 5 5.1
5.2
5.3
5.4
5.5
5.6
5.7
5.8 2
5 Inleiding Aanleiding Begrenzing plangebied Huidige situatie Van Veldekekade Rosmalense Plas Geldend bestemmingsplan Planbeschrijving Van Veldekekade 3.1.1 (Ruimtelijke) uitgangspunten 3.1.2 Stedenbouwkundig opzet en inrichting openbaar gebied 3.1.3 Welstandscriteria 3.1.4 Bereikbaarheid en parkeren Rosmalense Plas 3.2.1 (Ruimtelijke) uitgangspunten 3.2.2 Stedenbouwkundige opzet en inrichting openbare ruimte 3.2.3 Welstandscriteria 3.2.4 Bereikbaarheid en parkeren Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid 4.3.1 Ruimtelijke StructuurVisie 's-Hertogenbosch 4.3.2 Woonvisie 2020 4.3.3 Algemeen kader Bossche plassen 4.3.4 Bomen 4.3.5 Inspiratiedocument Zuid-Willemspark 4.3.6 Raadsbesluiten m.b.t. woonboten Milieu, duurzaamheid en waarden Bedrijven en milieuzonering 5.1.1 Van Veldekekade 5.1.2 Rosmalense Plas Geluid 5.2.1 Van Veldekekade 5.2.2 Rosmalense Plas Externe veiligheid 5.3.1 Van Veldekekade 5.3.2 Rosmalense Plas Luchtkwaliteit 5.4.1 Van Veldekekade 5.4.2 Rosmalense Plas Bodemkwaliteit 5.5.1 Van Veldekekade 5.5.2 Rosmalense Plas Hoogspanningslijn 5.6.1 Van Veldekekade 5.6.2 Rosmalense Plas Water 5.7.1 Van Veldekekade 5.7.2 Rosmalense Plas Milieueffectrapportage 5.8.1 Van Veldekekade
7 7 7 11 11 13 15 17 17 17 21 24 25 25 25 29 31 32 33 33 34 35 35 36 37 37 37 38 41 41 42 42 42 43 44 45 46 47 48 48 49 50 50 50 50 50 50 51 52 52 53 53
5.9
5.10
5.11
Hoofdstuk 6 6.1 6.2 Hoofdstuk 7 Hoofdstuk 8 8.1 8.2
5.8.2 Rosmalense Plas Duurzaamheid 5.9.1 Van Veldekekade 5.9.2 Rosmalense Plas Ecologie 5.10.1 Gebiedsbescherming Van Veldekekade en Rosmalense Plas 5.10.2 Soortenbescherming Van Veldekekade 5.10.3 Soortenbescherming Rosmalense Plas Archeologie en cultuurhistorie 5.11.1 Van Veldekekade 5.11.2 Rosmalense Plas Juridisch bestuurlijke aspecten Planmethode Opzet van de regels Economische uitvoerbaarheid Inspraak en vooroverleg Vooroverleg Inspraak
53 53 54 54 55 56 56 56 57 57 57 59 59 59 61 63 63 65
Bijlagen toelichting
83
Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4
84 183 259 270
Akoestisch onderzoek Van Veldekekade Akoestisch onderzoek Rosmalense Plas Quickscan Flora en Fauna Rosmalense Plas Onderzoek stikstofdepositie
Regels
307
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Groen Artikel 4 Natuur Artikel 5 Verkeer Artikel 6 Water Artikel 7 Waarde - Archeologie Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 8 Anti-dubbeltelregel Artikel 9 Algemene bouwregels Artikel 10 Algemene gebruiksregels Artikel 11 Algemene afwijkingsregels Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 12 Overgangsrecht Artikel 13 Slotregel
309 309 312 315 315 317 319 320 323 325 325 326 327 328 329 329 330
Bijlagen regels
331
Bijlage 1
332
Lijst afwijkingen woonboten Ertveldplas
3
4
Toelichting
5
6
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1
Aanleiding
's-Hertogenbosch is een waterrijke stad en over het wonen op het water wordt al jaren gesproken. Wonen op het water kan een bijdrage leveren aan het creëren van meer variatie in het woonaanbod. In 2007 is er bestuurlijk ook de wens uitgesproken om nader onderzoek te doen naar de ontwikkeling van nieuwe woonbootlocaties. Daarnaast zijn er in de stad in de loop van de tijd ook niet-legale woonsituaties op het water ontstaan, die vroegen om een oplossing. Dat betrof de locaties Molengat en Ertveldplas. Onderzoeken en discussies hierover hebben er uiteindelijk toe geleid dat de gemeenteraad hiervoor een oplossingsrichting heeft gekozen. Voor de locaties Molengat en Ertveldplas is gekozen voor verschillende soorten uitsterfconstructies, aangezien ter plekke een goed woonklimaat niet realiseerbaar is. Dat betekent dat wonen op het water daar op termijn eindigt. Voor de locatie Molengat is dat inmiddels ook in een bestemmingsplan vastgelegd. Daarnaast heeft de gemeenteraad gekozen voor de ontwikkeling van een nieuwe woonbootlocatie aan de Van Veldekekade. Hier kan een permanente woonbootlocatie worden gerealiseerd, waarbij de huidige bewoners aan de Ertveldplas de mogelijkheid krijgen om hier naar toe te verhuizen. Naast de Van Veldekekade is ook de realisatie van een nieuwe woonbootlocatie in de Rosmalense Plas in beeld gebleven.
De verantwoordelijke wethouder heeft hierover de gemeenteraad de toezegging gedaan om de ontwikkeling van een kleinschalige woonbootocatie aan de Rosmalense Plas (zonder verbinding met het Maxima-Kanaal) te onderzoeken. Dit bestemmingsplan maakt een permanente plek voor woonboten op de locaties Van Veldekekade en de Rosmalense Plas planologisch mogelijk.
1.2
Begrenzing plangebied
Het plan maakt woonbootlocaties mogelijk op twee verschillende locaties mogelijk. De eerste locatie betreft de Van Veldekekade. Aan de zuidzijde van de Zuid Willemsvaart, tussen Sluis 0 en de de Lambooybrug, wordt een woonbootlocatie gerealiseerd. Ook het gebied tussen de Zuid-Willemsvaart en de Van Veldekekade wordt in het plangebied meegenomen. Op onderstaand kaartje is globaal de begrenzing van het plangebied daar aangegeven.
7
Deel plangebied Van Veldekekade
De tweede locatie betreft de noordoost hoek van de Rosmalen Plas. Hier zal een (kleinschalige) woonbootlocatie, zonder waterverbinding met het Maximakanaal, worden aangelegd. In het plangebied is ook een deel van de oever opgenomen. Hieronder is globaal de begrenzing van dit deel van het plangebied aangegeven.
8
Deel plangebied Rosmalense Plas
9
10
Hoofdstuk 2 Huidige situatie Hieronder volgt een beschrijving van de huidige situatie van beide locaties. Daarbij wordt ingegaan op de zowel de ruimtelijke als de functionele context.
2.1
Van Veldekekade
Ligging en voormalige functie De Van Veldekekade bevindt zich aan de rand van de binnenstad aan de zuidzijde van de Zuid-Willemsvaart. De kade ligt tussen sluis '0' en de Lambooybrug. De Zuid-Willemsvaart was van groot belang voor de beroepsvaart. Inmiddels heeft het deze functie niet meer door de aanleg van het Maximakanaal om de stad heen. Aan de Van Veldekekade vonden laad- en losactiviteiten plaats en ook kon men wachten tot de sluis open ging. De bolders op de kade zijn nog een herinnering aan deze nautische historie. De Zuid-Willemsvaart is op dit punt ca. 46 meter breed.
11
Locatie Van Veldekekade 12
Naast de kade ligt aan de zuidkant een groenstrook met lindes. Vervolgens ligt daar de weg Van Veldekekade. Aan de overzijde van deze weg ligt weer een groenstrook en een parallelweg. Op enkele plekken kun je de Van Veldekekade oversteken, waardoor een verbinding wordt gelegd tussen de twee groenstroken. De weg Van Veldekekade heeft een belangrijke verkeersfunctie voor de ontsluiting van het centrum in oostelijke richting en dient als entree van de binnenstad. Tussen de Zuid-Willemsvaart en de weg Van Veldekekade ligt zowel aan de westzijde (richting sluis '0') als aan de oostzijde (richting de Lambooybrug) een parkeerterrein. Het westelijke parkeerterrein is voorzien van een slagboom. Verder ligt er aan de noordzijde van de weg Van Veldekekade ook een parkeerstrook voor touringcars van ca. 75 meter. Omgeving Aan de noordzijde van de Zuid-Willemsvaart ligt de (woon)wijk Eikendonk. Deze wijk is enkele jaren geleden deels geherstructureerd, waarbij ook het openbaar gebied is herontwikkeld. Daarbij is de groenstrook aan de noordzijde van de Zuid-Willemsvaart vrij gemaakt van parkeren. Een aantal woningen kijkt uit op de Zuid-Willemsvaart. Aan de zuidzijde van de Zuid-Willemsvaart en de weg Van Veldekekade ligt eveneens een woonwijk (Zuid).
Aan de parallelweg van de Van Veldekekade liggen afwisselend woningen en kleine appartementsgebouwen, die ook uitkijken op de Zuid-Willemsvaart. Sluis '0' Aan de westzijde van de Van Veldekekade ligt sluis 0. De oorspronkelijke sluis dateert uit 1886 en is in 1993 aangepast tot de huidige sluis. De gemeente heeft in 2016 de sluis van Rijkswaterstaat overgenomen. Sluis 0 is op dit moment op een aantal punten aan vervanging toe. De 200 jaar oude funderingspalen zijn bijvoorbeeld aan het einde van hun levensduur. De huidige sluis is aangelegd en gedimensioneerd op het schutten van de beroepsvaart. Sinds opening van het Máximakanaal is deze functie niet meer nodig. Alleen de recreatievaart zal nog van de sluis gebruik maken. Door de beperkte beschikbaarheid van het schutwater wordt in Sluis 0 nu niet vaker geschut dan drie keer per week tussen 1 april en 31 oktober. Het is wenselijk om vaker te schutten, zodat het aantrekkelijk wordt om de stad per boot te bezoeken. Ook tijdens droge perioden met een lage doorstroming (grote verblijftijd van het water) is het wenselijk om de doorstroming in de Stadstraverse te vergroten door bijvoorbeeld vaker te schutten. Als de sluiskolk kan worden verkleind tot een minimaal benodigde breedte en diepte voor de toegestane recreatievaart, kan veel vaker geschut worden (tot enkele keren per dag).
Gelet daarop is voor de vervanging van sluis 0 een inrichtingsplan in voorbereiding. Door de renovatie/versmalling van de sluis ontstaan kansen om hier een deel ook als park- en verblijfsgebied in te richten. In het door de gemeenteraad vastgestelde Inspriratiedocument Zuid Willemspark (zie ook paragraaf 4.3.5) wordt daarop aangesloten. In dat document is aangegeven dat aan de oostzijde van sluis 0 bij het sluiswachterhuisje een horecafunctie en terras boven het water voorstelbaar is. Ook is er een mogelijkheid voor een halte van een watertaxi. Bebouwing bij Lambooijbrug Ten westen van de Lambooijbrug, aan de zuidzijde van de Zuid-Willemsvaart staan nu nog twee panden. Het pand dat het dichtst bij de Lambooijbrug is gelegen, is een gemeentelijk monument. Op een termijn zal dit pand een bij het park passende functie kunnen gaan vervullen. Het andere pand wordt momenteel nog bewoond, maar zal na beëindiging van deze bewoning, woren gesloopt. De daarmee vrijkomende ruimte kan gekoppeld worden aan het park.
2.2
Rosmalense Plas
Ligging De Rosmalense Plas is een recreatieplas gelegen tussen 's-Hertogenbosch Noord, Rosmalen, De Groote Wielen en Empel. Het ligt tussen de snelweg A2 en het Maximakanaal. Om de plas ligt, behoudens de zuidzijde, een ruime groenzone met een bosachtig karakter en een afwisseling van zichtlijnen naar het water. Rond de plas ligt een wandelpad dat op verschillende plekken is ontsloten. Aan de noordzijde van de plas ligt een boomrijke recreatieve zone, aansluitend op het landschap rond het 13
Maximakanaal. De Empelseweg ten noorden van de Rosmalense plas is een doodlopende weg sinds de aanleg van het Maximakanaal. Enkel voor langzaam verkeer is er een doorgang naar het Kanaalpark. Er is een bestaand parkeerterrein gelegen in het noorden van de plas, bereikbaar via deze doodlopende weg. De plas heeft geen verbinding met open water. Boven de plas liggen in de zuidwest-noordoost richting hoogspanningskabels.
Locatie Rosmalense Plas
14
Omgeving Ten westen van de plas wordt een bedrijvenpark gerealiseerd. Het bestemmingsplan voor dit bedrijvenpark is in 2012 vastgesteld. Er is ruimte voor een middelgroot hoogwaardig bedrijvenpark. Op het bedrijvenpark zijn bedrijven uit de milieucategorieën 1 t/m 3.2 toegestaan. Er wordt aan gedacht om in de strook grenzend aan de Rosmalense Plas ook kantoren toe te staan met een hoogte van ca. 14 tot 16 meter. Hiervoor moet het bestemmingsplan nog wel worden herzien. Aan de zuidwestkant van de plas is het Fletcher Hotel gelegen, met een terras met uitkijk op de plas. Naast het Fletcher Hotel ligt een vestiging van de McDonalds. De terrassen van de McDonalds zijn niet gericht op de Rosmalense Plas. Ten oosten van de McDonalds zijn kantoren gevestigd en een groot pand van Shoeby: Een Service Center. Ook deze laatstgenoemde kantoren en bedrijven zijn niet gericht op de plas. Aan de oostkant van de plas ligt sinds 2015 het Máximakanaal binnen een langgerekt natuurgebied: het Kanaalpark. Dit nieuwe kanaal is negen kilometer lang en de omgeving is een onderdeel van een veel groter blauwgroen raamwerk in en om 's Hertogenbosch. Deze omlegging van het kanaal is van wezenlijk belang voor de Groene Delta. Gebruikers De Plas wordt gebruikt door visvereniging De Vrolijke Vissers met 14 á 15 visplekken rondom de plas.
Hieronder valt een invalidesteiger die gelegen is bij de parkeerplek in het noorden van de plas. Ook maken duikers gebruik van de plas. In de noordwesthoek van de plas ligt een boothelling en een lange steiger, voor gebruikers van de plas.
2.3
Geldend bestemmingsplan
Van Veldekekade De locatie Van Veldekekade ligt binnen de grenzen van het geldende bestemmingsplan 'Zuid', dat op 17 mei 2011 is vastgesteld. De locatie heeft daar de bestemmingen 'water', 'verkeer' en 'groen' gekregen. Het realiseren van een woonbootlocatie op deze plek is op basis van dit bestemmingsplan niet mogelijk. Rosmalense plas De locatie Rosmalense Plas ligt binnen de grenzen van het geldende bestemmingsplan 'Kanaalpark', dat op 24 maart 2011 is vastgesteld. De locatie heeft daar de bestemmingen 'water' en 'natuur' gekregen. Het realiseren van een woonbootlocatie op deze plek is op basis van dit bestemmingsplan niet mogelijk.
15
16
Hoofdstuk 3 Planbeschrijving In dit hoofdstuk wordt per nieuw te realiseren woonbootlocatie de planopzet beschreven en wordt ingegaan op de ruimtelijke uitgangspunten die daarbij zijn gehanteerd. Daarbij wordt ook ingegaan op de inrichting van het gebied, de ontsluiting en het parkeren en de gewenste beeldkwaliteit.
3.1
Van Veldekekade
De planopzet voor een nieuwe woonbootlocatie aan de Van Veldekekade is gebaseerd op een aantal (ruimtelijke) uitgangspunten, die hieronder eerst zullen worden toegelicht. De uitgangspunten hebben geresulteerd in een stedenbouwkundige opzet voor een woonbootlocatie en in een inrichtingsplan voor het openbaar gebied. Daarnaast zal er ook aandacht zijn voor de gewenste beeldkwaliteit van de woonboten en voor de bereikbaarheid en het parkeren. 3.1.1
(Ruimtelijke) uitgangspunten
Aansluiting op bestaand groen Het Zuid Willemspark is een langgerekt park langs de Zuid Willemsvaart. Dit park moet een lange lijn door de stad vormen en de maritieme historie van de stad laten zien. Hierdoor ontstaat een langgerekt lint waar zich allerlei initiatieven kunnen ontplooien. De woonboten zijn als het ware een nieuw 'gebeuren' in het park. Hoewel het woningen zijn, moeten ze de kade laten herleven en kunnen ze het maritieme karakter ondersteunen. Dit is ook het uitgangspunt van de inpassing van de woonboten in het gebied. Het gedeelte van de Zuid Willemvaart bij Sluis '0' moet vrij blijven van woonboten om het doorzicht naar het open water te behouden en ruimte te bieden aan de groenverbinding tussen het Zuiderpark en het Zuid Willemspark. Het open houden van deze ruimte is tevens van belang vanuit de mogelijkheden die het Inspiratiedocument Zuid Willemspark (zie ook paragraaf 4.3.5) op deze plek voor de toekomst biedt: een groot openbaar terras boven het water bij het brugwachtershuisje met uitzicht over het water (evt. in combinatie met horeca) en/of een halte voor een watertaxi.
17
Op de hoek van de Hekellaan en de Van Veldekekade ligt het Bastion Sint Anthonie. Dit bastion dat in 1618 is gebouwd, vormt een onderdeel van de vestingwerken. Ook de ruimte rondom het bastion moet zoveel mogelijk open worden gehouden om het bastion als entree van de binnenstad te kunnen blijven ervaren. Het bastion en een deel van de Zuid-Willemsvaart ligt ook binnen de begrenzing van het rijks beschermd stadsgezicht. Behoud gebruiksfunctie water en waterbeleving De zuidkant van de Zuid Willemsvaart is aangewezen als ligplaats voor de woonboten. Vanwege de gewenste groenverbinding tussen het Zuiderpark en het Zuid Willemspark, wordt het gedeelte van de Zuid Willemsvaart bij sluis '0' vrijgehouden en zijn woonboten op deze plek niet gewenst.
18
Doordat de kade aan de zuidzijde van de Zuid Willemsvaart altijd in gebruik is geweest als laad- en loskade en als wachtplaats voor sluis '0' en door het ruime profiel van de Zuid Willemsvaart ter plekke, is de plek geschikt om te functioneren als ligplaats voor woonboten. Het is daarbij belangrijk dat er voldoende ruimte overblijft voor de pleziervaart. Ook is het belangrijk dat door de komst van de woonboten er vanuit het Zuid Willemspark het water nog steeds beleefd kan worden. Dit is te bereiken door de woonboten en drijvende vlonders op enige afstand van de kade te plaatsen en door tussen de woonboten ook enige ruimte te houden.
19
Beeldkwaliteit Zowel aan de noordzijde als aan de zuidzijde van de Zuid Willemsvaart kijken veel woningen uit op het water van de Zuid Willemsvaart. Dit uitzicht verandert als de woonboten er liggen. Ook vanuit het Zuid Wilemspark is er straks zicht op de woonboten. Dat betekent dat er aandacht moet zijn voor de beeldkwaliteit van de woonboten. Het is wenselijk dat de woonboten de nautische uitstraling van de omgeving, o.a. de kade met de bolders, versterken. Bovendien is het van belang dat de woonboten goed onderhouden zijn.
Woonkwaliteit woonboten Voorwaarde voor het realiseren van een woonbootlocatie is dat er ook voldoende woonkwaliteit wordt gehaald. Dat betekent op deze plek dat er aandacht moet zijn voor de geluidsbelasting van de weg Van Veldekekade. Er zal een geluidswerende voorziening in het park tussen de weg Van Veldekekade en de Zuid-Willemsvaart moeten komen, die een te hoge geluidsbelasting op de woonboten voorkomt. Vanuit ruimtelijk oogpunt is het wenselijk dat een dergelijke voorziening onderdeel wordt van de parkachtige inrichting.
20
In rood is schematisch de geluidswerende voorziening aangegeven 3.1.2 Stedenbouwkundig opzet en inrichting openbaar gebied Op basis van bovengenoemde uitgangspunten is een stedenbouwkundig plan opgesteld. Dat is gebeurd in overleg met een aantal van de huidige bewoners aan de Ertveldplas, die mogelijk naar deze locatie verhuizen.
Stedenbouwkundige opzet Op de eerste plaats is bepaald dat de woonboten een stuk van de kade komen te liggen. De woonboten komen te liggen op een rooilijn van 5,5 meter uit de kade. Dit bevordert de waterbeleving vanuit het Zuid Willemspark. De grotere afstand van de woonboten/arken tot de kade zorgt ook voor meer privacy voor de 21
woonbootbewoners en voor meer lichtinval in de woonboot. Ten slotte geeft het ruimte voor variatie langs de kade. De waterbeleving wordt verder versterkt door de eerste 2 meter uit de kade helemaal vrij te houden. Tussen deze 2 meter lijn en de woonboot is er ruimte voor een drijvend terras. Aan de noordzijde van de Zuid Willemsvaart blijft er voldoende breedte over (ruim 30 meter), o.a. voor de pleziervaart. Aan de woonschepen/arken worden ook eisen gesteld ten aanzien van de maatvoering. De lengte van de te verplaatsen woonschepen/arken zijn in beginsel leidend voor de ruimte die men op de nieuwe locatie krijgt. Daarnaast wordt wel een maximale maat aangehouden voor de breedte van een schip/ark, nl. maximaal 6 meter. Verder is vanuit het beeld en de nautische uitstraling een bepaalde lengte-breedte verhouding wenselijk. Daarvoor is opgenomen dat de lengte van een schip/ark minimaal 2,5 keer de breedte moet zijn. De hoogte van een woonschip/ark mag, gemeten van de waterlijn, maximaal 3,5 meter bedragen. Een ondergeschikte opbouw (maximaal 30% van de oppervlakte van schip/ark) tot een hoogte van maximaal 5 meter (gemeten vanaf de waterlijn) is daarbij onder voorwaarden mogelijk.
Tussen de kade en het schip/ark mag een drijvend terras worden gerealiseerd van maximaal 20m2. Dit terras dient ook twee meter vanaf de zijkant van het schip/ark te blijven, zodat er genoeg waterbeleving over blijft.
22
Aangezien het bij deze nieuwe locatie voor een belangrijk deel gaat over verplaatsing van bestaande woonschepen/arken, wordt er voor wat betreft de maatvoering voor deze schepen/arken een uitzondering gemaakt. Voor zover deze te verplaatsen schepen/arken bovengenoemde maatvoering overschrijden, gelden de bestaande afmetingen als maximaal toegestaan. Op het moment dat een dergelijk woonschip/ark wordt vervangen door een andere woonschip/ark geldt de maximale maatvoering zoals hierboven bepaald. De onderlinge afstand tussen de woonboten dient minimaal 5 meter te zijn. Dit in verband met de brandveiligheid, privacy en de waterbeleving. Bij elk woonschip/ark is één bijboot toegestaan. Deze mag maximaal 15m2 bedragen en mag geen opbouw hebben. Vanuit ruimtelijke kwaliteit is ervoor gekozen om de eerste ligplaatsen vanaf de binnenstad en sluis 0 uitsluitend te reserveren voor woonschepen. Schepen hebben veel meer een relatie met de scheepvaart van vroeger dan woonarken en zorgen voor een meer nautische uitstraling. Op dit deel van het plangebied wordt dit passender in het beeld geacht. Op de overige ligplaatsen zijn ook woonarken toegestaan. Om het groen van het Zuid Willemspark te behouden en waar kan te versterken, zullen de kades vrij en openbaar blijven.
De parkachtige structuur van het gras met de lindes zal versterkt worden en aangevuld met extra bomen om de oorspronkelijke ritmiek van de bomen terug te brengen. Er komen bovendien parkachtige inrichtingselementen, zoals bankjes en verlichting op de kade, zodat het een prettige verblijfslocatie wordt. Op de kade zullen de bergingen voor de woonbootbewoners worden gebouwd. Er komen op drie plaatsen gekoppelde bergingsunits. Door deze clustering wordt de kade zoveel mogelijk vrij en openbaar gelaten. Ter plekke zullen daardoor 3 lindes moeten verdwijnen. Indien mogelijk worden deze verplant elders binnen het park. Dit zou kunnen op de parkeerstrook voor bussen aan de Van Veldekekade. Deze parkeerstrook verdwijnt hier, waardoor de strook onderdeel wordt van het park met gras en lindes. Op de kades zijn nu reeds twee parkeerterreinen aanwezig. Deze parkeerplekken worden gehandhaafd en meer geïntegreerd in het park. Parallel aan de weg Van Veldekekade (noordzijde) komt een geluidswerende voorziening van circa 1 meter hoog, waarmee een te hoge geluidsbelasting op de woonboten wordt voorkomen. Deze voorziening bestaat uit een keerwand die aan alle zijden is beplant met een haag De drie bestaande toegangen voor voetgangers vanaf de zuidzijde van de weg Van Veldekekade naar de vaart worden verbreed.
Hier worden ook drie parkeerplekken verplaatst om de toegankelijkheid van het plangebied 23
te verbeteren. 3.1.3 Welstandscriteria Op 17 mei 2011 heeft de gemeenteraad de 'Actualisering Welstandsnota 2011' vastgesteld. In de Welstandsnota zijn per bebouwingstype architectonische en bouwtechnische welstandscriteria opgenomen. Daarnaast gelden de algemene welstandscriteria als beoordelingskader. Ten tijde van de vaststelling van deze nota werden woonboten nog niet gezien als bouwwerken en was hiervoor nog geen omgevingsvergunning voor het bouwen vereist. In de huidige welstandsnota zijn dan ook geen specifieke welstandscriteria voor woonboten opgenomen. In 2014 heeft de Raad van State echter geoordeeld dat een woonboot moeten worden aangemerkt als een bouwwerk op grond van de Woningwet en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Daardoor is voor het plaatsen van een woonboot een omgevingsvergunning op grond van de Wabo vereist. Bij het beoordelen van een dergelijke aanvraag om omgevingsvergunning zal naast de toets aan het bestemmingsplan en het Bouwbesluit ook een toets aan de welstandseisen plaatsvinden. Aangezien er op dit moment nog geen specifieke welstandscriteria voor woonboten zijn, worden deze in het kader van dit bestemmingsplan opgesteld. Een voorstel voor het vaststellen van deze welstandscriteria zal tegelijkertijd met het voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan aan de gemeenteraad worden voorgelegd.
Deze welstandscriteria geven een aantal richtlijnen voor het uiterlijk van de woonschepen- en arken. In essentie beschrijft het de kwaliteitseisen en randvoorwaarden die aan het beeld van de woonboten gesteld worden en biedt een kader in de beoordeling van de bouw- en verbouwplannen om de nagestreefde kwaliteit te verwezenlijken langs de Van Veldekekade. Dit betreffende volgende criteria: Algemeen Zorgvuldigheid, proportionaliteit, terughoudendheid en bescheidenheid zijn trefwoorden bij het gebruik en interpretatie van de criteria. De gemene deler van de criteria is zorgvuldigheid. In het ontwerp moet zorgvuldig worden omgegaan met stijlen, materialen, verhoudingen, licht, kleur en detaillering. En er moet minstens zo zorgvuldig worden omgegaan met alles wat beïnvloed wordt door het ontwerp: de gebruiker, de omgeving en de sociaal-culturele context met inbegrip van cultuurhistorische waarden. Criteria Voor de schepen geldt dat het wenselijk is dat ze de nautische uitstraling in hun vormgeving versterken. Dit dient te gebeuren door in te zetten op het traditionele uiterlijk van een schip, materialisering van staal en een kleurstelling passend bij het scheepskarakter. Kleuraccenten passend bij het schip zijn toegestaan. Ingrepen ten behoeve van de woonfunctie moeten passend zijn bij de vormgeving en het karakter van het schip en mogen het totaalbeeld niet domineren.
Oorspronkelijk zijn er geen ramen in het laadruim. Maar als het de functie wonen krijgt, is het vanzelfsprekend dat er behoefte is aan daglicht, ventilatie en zicht naar buiten. Het is gewenst dat deze ramen duidelijk ondergeschikt zijn aan de romp, met de zeeg mee worden geplaatst en in gedekte kleuren worden uitgevoerd. Een duidelijke ritmiek in de ramen is kenmerkend voor een woonschip. De vorm en plaatsing van de ramen dient in onderlinge verhouding en passend in de compositie van het schip te gebeuren. Materialen met een laagwaardige uitstraling zijn niet toegestaan. Voor de arken geldt dat deze terughoudend en zorgvuldig vormgegeven dienen te worden. Het principe is dat het volume onder een nadrukkelijk vormgegeven dakrand gepositioneerd is. Door de woonark eenduidig vorm te geven ontstaat rust in het beeld. Deze eenduidigheid uit zich in een hoofdmateriaal dat het aanzicht van de ark bepaalt. Dit materiaal kan metaal, hoogwaardig staal, glas of hout zijn. Het gebruik van materialen met een laagwaardige uitstraling is niet toegestaan. De kleurstelling van de materialen past bij de terughoudende vormgeving van het geheel. Het dak van een schip mag in hout, metaal of zeil worden uitgevoerd. Het dak van een ark mag in hout, metaal, EPDM met grind of als groen dak worden uitgevoerd.
Het gebruik van zonnepanelen is mogelijk binnen de terughoudendheid van de compositie van het geheel. 24
platte dakramen zijn toegestaan, met een maximale hoogte van 15 centimeter boven het dakvlak. Voor zowel de arken als de schepen geldt dat zij een loopbrug als entree hebben. Deze loopbrug is eenduidig voor alle boten vormgegeven. Doordat de afstand die overbrugd moet worden per schip/ark verschilt en ook de hoogteligging niet eenduidig is, ontstaat sowieso een gevarieerd landschap van eenduidige loopbruggen. Deze loopbruggen vormen de overgang tussen de publieke kade en het privégebied van de schepen en arken. Deze loopbruggen hebben een nautisch karakter en hebben een transparante uitstraling. Een eventuele opbouw dient in zijn vormgeving, volume, materiaal en kleur te passen bij het totaalontwerp van de ark/schip. Bij de woonarken dienen de gevelopeningen de compositie te ondersteunen en te passen in de nautische omgeving. De bak van een woonark heeft een gedekte kleur. Indien een drijvend terras/tuin een omheining heeft, dient deze transparant of begroeid te zijn. Leidingen (riool, water, electra etc.) dienen zo kort mogelijk en zoveel mogelijk geclusterd onder de loopplank/steiger naar de wal te lopen. 3.1.4 Bereikbaarheid en parkeren Voor ontwikkelingen op het gebied van de ruimtelijke ordening heeft de gemeente 's-Hertogenbosch een eigen parkeernormenbeleid vastgesteld.
Dit beleid is vastgelegd in de Nota Parkeernormering 2016 Auto en Fiets dat is vastgesteld op 21 september 2016. De nota geeft normen en richtlijnen voor functies, gebaseerd op kentallen van het CROW, voor de zes verschillende zones binnen de gemeente. De nota geeft alleen voor de meest voorkomende functies, te weten wonen, werken en winkels, parkeernormen. Voor de ontwikkeling van andere functies gelden richtlijnen hoe met parkeren omgegaan moet worden. De Van Veldekekade ligt binnen de in de nota aangegeven Zone 2, waardoor de parkeerbehoefte 1,5 parkeerplaats per woning bedraagt. Dit is inclusief bezoekersparkeren. Dat betekent dat de totale parkeerbehoefte 18 parkeerplaatsen bedraagt. Op de 2 parkeerterreinen aan de kade (west- en oostzijde van plangebied) komen 19 parkeerplaatsen, waardoor aan de parkeerbehoefte wordt voldaan. Voor de fietsen voor de woonbootbewoners is er plek in de berging of op de boot/ark. De kade, waaraan de woonboten liggen is onderdeel van het park en wordt ingericht als langszaamverkeersroute voor voetgangers en fietsers. Deze kade is wel toegankelijk voor calamiteitenverkeer.
3.2
Rosmalense Plas
De planopzet voor een nieuwe woonbootlocatie op de Rosmalense Plas is gebaseerd op een aantal (ruimtelijke) uitgangspunten, die hieronder eerst zullen worden toegelicht. De uitgangspunten hebben geresulteerd in een stedenbouwkundige opzet voor een woonbootlocatie en in een inrichtingsplan voor het openbaar gebied. Daarnaast zal er ook aandacht zijn voor de gewenste beeldkwaliteit van de woonboten en voor de bereikbaarheid en het parkeren. 3.2.1
(Ruimtelijke) uitgangspunten
Inpassing in natuurlijke omgeving De Rosmalense Plas is omgeven door een groene bosachtige zone. Met name aan noordoostzijde waar de woonarken zijn gepland is dit karakter kenmerkend. Een deel van de oever is in de Verordening Ruimte van de provincie ook aangewezen als 'Natuur Netwerk Brabant' (NNB). In dat kader is het belangrijk dat de bestaande oever met bomen en beplanting zoveel mogelijk wordt gehandhaafd en dat de Rosmalense Plas zijn groene karakter behoudt. 25
De uitstraling van de woonarken dient te passen bij de natuurlijke en groene uitstraling van de omgeving. De woonboten dienen op deze plek terughoudend en ondergeschikt te worden geplaatst, zodat de groene context dominant blijft. Handhaven 'rondje om de plas' Een belangrijk uitgangspunt voor het ontwerp is het handhaven van het bestaande rondje om de plas. Dit biedt ruimte voor recreatie vanuit de omgeving (benoemd in het 'Algemeen Kader Bossche Plassen'). Daarbij is het van belang dat er vanuit het 'rondje' ook zichtlijnen naar de plas behouden blijven om het water te beleven, waardoor het aantrekkelijk is om op deze plek te recreëren.
26
Toekomstig bedrijvenpark Aan de westzijde van de Rosmalense Plas wordt een bedrijvenpark gerealiseerd. Het bestemmingsplan voor dit bedrijvenpark is in 2012 vastgesteld. Mede vanwege de economische crisis in die tijd is hier tot op heden nog niet gebouwd. Het geldende bestemmingsplan biedt ruimte voor een middelgroot hoogwaardig bedrijvenpark, waar bedrijven uit de milieucategorieën 1 t/m 3.2 zijn toegestaan. Met deze geldende bedrijvenbestemming dient rekening te worden gehouden. De ligplaatsen voor woonboten dienen op voldoende afstand van het bedrijvenpark te liggen. Momenteel wordt er aan gedacht om de bestemming van de oostelijke strook van het toekomstige bedrijvenpark (grenzend aan de Rosmalense Plas) te wijzigen naar kantoren, waardoor een kleinere afstand zou kunnen worden aangehouden. In de planvorming voor de ligplaatsen voor de woonboten wordt daar vooralsnog geen rekening mee gehouden.
27
Hoogspanningslijn Midden over de Rosmalense Plas loopt een hoogspanningslijn van het type 150 kVolt. Bij nieuwe gevoelige functies dient rekening te worden gehouden met de magneetveldzone van deze lijn. Deze bedraagt 70 meter aan beide zijden van de lijn. Dat betekent dat de ligplaatsen voor de woonboten buiten deze zone moeten worden gelegd.
28
3.2.2 Stedenbouwkundige opzet en inrichting openbare ruimte Ook hier is op basis van bovengenoemde uitgangspunten en in overleg met potentiële verhuizers vanaf Ertveldplas een stedenbouwkundige opzet gemaakt. Om te zorgen dat de woonboten op een zachte manier ingepast worden en het bosachtige karakter dominant blijft, is gekozen voor twee eilanden die voor de oever worden gerealiseerd. Deze eilanden hebben elk één toegang vanaf de oever. Op de oever hoeven daardoor nauwelijks ingrepen plaats te vinden, waardoor het natuurlijke karakter intact blijft. Door het realiseren van deze eilandjes wordt ook het gebruik van de vaste oever door bewoners voorkomen. Op eilandjes ontstaat een soort van collectieve ruimte die door de bewoners onder voorwaarden kan worden gebruikt. Hier is er ook ruimte om een kleine berging te bouwen.
29
Stedenbouwkundige opzet Per eiland is ruimte voor vijf ligplaatsen. De woonarken hebben elk hun eigen positie in het geheel. Vier van de tien ligplekken krijgen een mogelijkheid voor een tweede ondergeschikte ark om meer variatie in het programma te brengen. De tweede ark mag echter niet als zelfstandige woning worden gebruikt, maar vormt samen met de eerste ark (hoofdark) één 'woning'. Om die reden is er op die ligplekken ook maar één toegang tot de arken vanaf het eiland toegestaan. Deze woonarken liggen parallel aan de eilandjes. De overige zes woonarken zullen min of meer loodrecht op het eiland komen te liggen. De woonarken aan de zijkanten van de eilanden zijn de meest zichtbare arken in het geheel. De andere woonarken liggen immers voor de bezoeker aan de noordzijde van de plas verscholen achter de eilanden, die zo natuurlijk mogelijk ingericht worden. De eilandjes krijgen een natuurlijke uitstraling, die aansluit op de omgeving. Op de verbeelding (van het bestemmingsplan) wordt een aanduiding ('woonschepenligplaats') opgenomen waarbinnen de woonarken moeten komen te liggen. Zo is sturing mogelijk op de ligging van de woonarken aan de eilandjes, waarbij enige flexibiliteit behouden blijft. Aan de maatvoering van de woonarken worden ook eisen gesteld. De oppervlakte van een woonark mag een maximale oppervlakte hebben van 120m².
De oppervlakte van een eventuele tweede ondergeschikte ark (op de daarvoor aangewezen plekken) mag maximaal 90m2 bedragen. Verder is ook hier een bepaalde lengte-breedte verhouding wenselijk. Daarvoor is opgenomen dat de lengte van een ark minimaal 2,5 keer de breedte moet zijn. De hoogte van een ark mag, gemeten van de waterlijn, maximaal 3,5 meter bedragen. Een ondergeschikte opbouw (maximaal 30% van de oppervlakte van ark) tot een hoogte van maximaal 5 meter (gemeten vanaf de waterlijn). Bij de ligplaatsen met één woonark mag ook een drijvende vlonder (tuin of terras) worden aangelegd, met een maximale oppervlakte hebben van 35m². Bij de ligplaatsen waar ook een tweede ondergeschikte ark is toegestaan, mag een vlonder (van maximale 35m2) worden aangelegd, mits de oppervlakte van de vlonder en tweede ark samen niet meer dan 90m2 bedragen. Ook hier geldt een uitzondering voor de te verplaatsen woonarken van de Erveldplas, die nu reeds deze maatvoering overschrijden. De bestaande maatvoering is dan leidend tot het moment dat deze woonark wordt 30
vervangen door een andere woonark. Dan geldt de maximale maatvoering.
Op de eilandjes mag per ligplaats één individuele berging worden gebouwd (max. 6m2). De bergingen liggen los van elkaar, zodat de impact op de groene uitstraling van het eiland gering is. Ook kunnen zo de bergingen op korte afstand van de woonarken worden geplaatst. De woonarken worden ontsloten door loopbruggen (per ligplaats één) die een transparante en natuurlijke uitstraling hebben. Via een halfverhard pad is de ontsluiting geregeld van de loopbruggen en bergingen naar de bestaande oever. Vanaf hier komt men via bestaande en nieuwe paden naar de nieuwe parkeerplekken langs de weg of de bestaande parkeerplek die gehandhaafd blijft. Langs de paden komt verlichting. Alle bomen op de oever blijven behouden. 3.2.3 Welstandscriteria Ook voor de Rosmalense Plas worden in het kader van dit bestemmingsplan welstandscriteria opgesteld. Een voorstel voor het vaststellen van deze welstandscriteria zal tegelijkertijd met het voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Deze welstandscriteria geven een aantal richtlijnen voor het uiterlijk van de woonarken. In essentie beschrijft het de kwaliteitseisen en randvoorwaarden die aan het beeld van de woonarken gesteld worden en biedt een kader in de beoordeling van de bouw- en verbouwplannen om de nagestreefde kwaliteit op de Rosmalense Plas te verwezenlijken.
Dit betreffende volgende criteria: Algemeen Zorgvuldigheid, proportionaliteit, terughoudendheid en bescheidenheid zijn trefwoorden bij het gebruik en interpretatie van de criteria. De gemene deler van de criteria is zorgvuldigheid. In het ontwerp moet zorgvuldig worden omgegaan met stijlen, materialen, verhoudingen, licht, kleur en detaillering. En er moet minstens zo zorgvuldig worden omgegaan met alles wat beïnvloed wordt door het ontwerp: de gebruiker, de omgeving en de sociaal-culturele context met inbegrip van cultuurhistorische waarden. Criteria De woonarken moeten qua materialisering, detaillering en kleurstelling passen bij het natuurlijke karakter / de natuurlijke identiteit van de omgeving van de Rosmalense Plas. Mogelijke gevelmateriaal is hout, evenals andere natuurlijke en of organische materialen (groene gevels). Sterke stedelijke materialen met een laagwaardige/onnatuurlijke uitstraling zijn niet toegestaan. 31
Het kleurgebruik dient voor de gehele woonark terughoudend te zijn. Hierbij is het gebruik van aardetinten noodzakelijk. Dit zijn bijvoorbeeld bruintinten, oker tinten en mosgroen tinten. Het dak bestaat uit natuurlijke materialen. Deze daken zorgen ervoor, net als het overige groen op de arken dat het massavolume textuur en dieptewerking krijgt, waardoor dit genuanceerd wordt. Een opbouw dient qua architectonische uitwerking te passen bij de hoofdmassa. De gevelopeningen dienen de compositie te ondersteunen en te passen in de natuurlijke omgeving. De loopbruggen dienen een transparante en natuurlijke uitstraling (denk aan hout) te krijgen. Indien een drijvend terras/tuin een omheining heeft, dient deze transparant óf begroeid te zijn. De bak van de woonark mag van beton zijn, bij voorkeur geschilderd in een donkere gedekte kleurstelling. Het is wenselijk dat de bak als los element in het massavolume ervaren wordt. Hierdoor wordt de voet van de ark losgekoppeld van het volume daarboven. Dat draagt bij aan het breken van het massavolume. De materialisering van de buitenzijde van de bergingen is van hout, dat voorzien is van grillige randen die de natuurlijke uitstraling ondersteunen. Leidingen (riool, water, electra etc.) dienen zo kort mogelijk en zoveel mogelijk geclusterd onder de loopplank/steiger naar de wal te lopen.
3.2.4 Bereikbaarheid en parkeren Voor ontwikkelingen op het gebied van de ruimtelijke ordening heeft de gemeente 's-Hertogenbosch een eigen parkeernormenbeleid vastgesteld. Dit beleid is vastgelegd in de Nota Parkeernormering 2016 Auto en Fiets dat is vastgesteld op 21 september 2016. De nota geeft normen en richtlijnen voor functies, gebaseerd op kentallen van het CROW, voor de zes verschillende zones binnen de gemeente. De nota geeft alleen voor de meest voorkomende functies, te weten wonen, werken en winkels, parkeernormen. Voor de ontwikkeling van andere functies gelden richtlijnen hoe met parkeren omgegaan moet worden. De Rosmalense Plas ligt binnen de in de nota aangegeven Buitengebied, waardoor de parkeerbehoefte 1,9 parkeerplaats per woning bedraagt. Dit is inclusief bezoekersparkeren. Dat betekent dat de totale parkeerbehoefte 19 parkeerplaatsen bedraagt. Het bestaande parkeerterrein aan de noordoost zijde van de plas wordt gehandhaafd. Daarnaast zullen parkeerplaatsen worden aangelegd aan de noordzijde van de Empelseweg. Op deze plekken is voldoende ruimte om aan de parkeerbehoefte te kunnen voldoen.
32
Hoofdstuk 4 Beleidskader 4.1
Rijksbeleid
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte in werking getreden. Met de Structuurvisie brengt het Rijk de ruimtelijke ordening zo dicht mogelijk bij burgers en bedrijven, laat het meer over aan gemeenten en provincies en komen de burgers en bedrijven centraal te staan. Het Rijk kiest voor een selectieve inzet van rijksbeleid op 13 nationale belangen. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid: 1. een excellent en internationaal bereikbaar vestigingsklimaat in de stedelijke regio's met een concentratie van topsectoren; 2. ruimte voor het hoofdnetwerk voor (duurzame) energievoorziening en de energietransitie; 3. ruimte voor het hoofdnetwerk voor vervoer van (gevaarlijke) stoffen via buisleidingen; 4. efficiënt gebruik van de ondergrond; 5. een robuust hoofdnetwerk van weg, spoor en vaarwegen rondom en tussen de belangrijkste stedelijke regio's inclusief de achterlandverbindingen; 6. betere benutting van de capaciteit van het bestaande mobiliteitssysteem van weg, spoor en vaarwegen; 7. het instandhouden van de hoofdnetwerken van weg, spoor en vaarwegen om het functioneren van de netwerken te waarborgen; 8. verbeteren van de milieukwaliteit (lucht, bodem, water) en bescherming tegen geluidsoverlast en externe veiligheidsrisico's; 9.
ruimte voor waterveiligheid, een duurzame zoetwatervoorziening en klimaatbestendige stedelijke (her)ontwikkeling; 10. ruimte voor behoud en versterking van (inter)nationale unieke cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten; 11. ruimte voor een nationaal netwerk van natuur voor het overleven en ontwikkelen van flora- en faunasoorten; 12. ruimte voor militaire terreinen en activiteiten; 13. zorgvuldige afwegingen en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke plannen. Het laatstgenoemde nationaal belang houdt in dat bij stedelijke ontwikkelingen de ladder van duurzame verstedelijking (zoals opgenomen in artikel 3.1.6 lid 2 Bro) dient te worden gemotiveerd.
Besluit Algemene Regels Ruimtelijke Ordening Op 30 december 2011 is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) in werking getreden. Dit besluit stelt eisen aan een bestemmingsplan daar waar het gaat om gebieden van nationaal belang: 33
rijksvaarwegen; project Mainportontwikkeling Rotterdam; kustfundament; grote rivieren; waddenzee en waddengebied; defensie; hoofdwegen en hoofdspoorwegen; elektriciteitsvoorziening; buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen; ecologische hoofdstructuur; primaire waterkeringen buiten het kustfundament; IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde.
4.2
Provinciaal beleid
Structuurvisie Ruimtelijke Ordening Op 1 januari 2011 is de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening in werking getreden. Hierin geeft de provincie Noord-Brabant de hoofdlijnen aan van het provinciaal ruimtelijk beleid tot 2025 (met een doorkijk naar 2040). De visie is bindend voor het ruimtelijk handelen van de provincie. Het is de basis voor de wijze waarop de provincie de instrumenten inzet die de Wet ruimtelijke ordening haar biedt. De visie ondersteunt daarnaast het beleid op andere provinciale beleidsterreinen, zoals het economisch, mobiliteits-, sociaal, cultureel, milieu- en natuurbeleid. Met deze structuurvisie geeft de provincie ook (mede) gestalte aan nationale ruimtelijke belangen en doelen. Deel A bevat de hoofdlijnen van het beleid. Op basis van trends en ontwikkelingen heeft de provincie haar ruimtelijke belangen gedefinieerd en ruimtelijke keuzes gemaakt. De ruimtelijke visie is uitgewerkt in dertien provinciale ruimtelijke belangen, zoals de concentratie van verstedelijking.
De wijze waarop de provincie deze ruimtelijke belangen behartigt is uitgewerkt in vier manieren van sturen: regionaal samenwerken; ontwikkelen, zowel gebiedsgericht als thematisch zoals de Ecologische Hoofdstructuur en de herstructurering van bedrijventerreinen; beschermen van provinciale belangen zoals zorgvuldig ruimtegebruik en ruimtelijke kwaliteit, door middel van de Verordening ruimte; stimuleren, door middel van subsidies en door het beschikbaar stellen van kennis en informatie. In deel B staan de ambities, het beleid en de uitvoering voor de vier ruimtelijke structuren: de groenblauwe structuur, het landelijk gebied, de stedelijke structuur en de infrastructuur. Op de Structurenkaart is de Van Veldekekade aangewezen als 'stedelijk concentratiegebied'. Binnen het stedelijke concentratiegebied liggen mogelijkheden voor verdere verstedelijking. Het realiseren van een woonbootlocatie behoort op deze plek dan ook tot de mogelijkheden. De Rosmalense Plas is aangegeven als 'Groenblauwe Mantel' en als 'Zoekgebied Verstedelijking'. De aanduiding 'zoekgebied verstedelijking' geeft aan dat het transformeren van buitengebied naar stedelijk gebied (bv. wonen) afweegbaar is als dat nodig is om in de stedelijke ruimtebehoefte te voorzien.
Nieuwe ontwikkelingen binnen de groenblauwe mantel zijn mogelijk, als deze bestaande natuur-, bodem- en waterfuncties respecteren of bijdragen aan een kwaliteitsverbetering van deze functies. Het beleid is er op gericht dat de belevingswaarde en de recreatieve waarde van het landschap toeneemt. Ontwikkelingen dienen qua aard en schaal te passen bij het ontwikkelingsperspectief voor de groenblauwe mantel en houden rekening met omliggende waarden. Dit wordt betrokken bij de zorgplicht voor ruimtelijke kwaliteit.
Interim omgevingsverordening Noord-Brabant De Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is één van de uitvoeringsinstrumenten voor de provincie om haar doelen te realiseren. Provinciale Staten van de provincie Noord-Brabant hebben op 25 oktober 2019 de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld. Belangrijke onderwerpen in de Verordening ruimte zijn: ruimtelijke kwaliteit; 34
stedelijke ontwikkelingen; natuurgebieden en andere gebieden met waarden; agrarische ontwikkelingen, waaronder de intensieve veehouderij; overige ontwikkelingen in het landelijk gebied. Op de kaart 'Stedelijke ontwikkeling' van de Interimverordening ligt de Van Veldekekade in 'stedelijk concentratiegebied'. Op de Zuid-Willemsvaart is de aanduiding 'behoud en herstel watersystemen' en 'natuurnetwerk Brabant' van toepassing. De aanduiding 'natuurnetwerk Brabant - ecologische verbindingszone is, o.a. op het deel van de Zuid-Willemsvaart aan de Van Veldekekade, in 2018 door de provincie verwijderd. In het stedelijk concentratiegebied zijn stedelijke ontwikkelingen, zoals een woonbootlocatie mogelijk. Verder wordt rekening gehouden met de aanduidingen 'behoud en herstel watersystemen' en 'natuurnetwerk Brabant' in de zin dat de woonbootlocatie aan de Van Veldekekade slechts een beperkt deel van de breedte van de Zuid-Willemsvaart zal beslaan. Aan de Van Veldekekade lagen tot voor kort ook altijd al (vracht)schepen) te wachten voor de sluis. Het overgrote deel van het water blijft vrij van bebouwing en de naastgelegen oever wordt als park ingericht. De Rosmalense plas incl. de oevers vallen binnen het gebied 'Verstedelijking afweegbaar'. Verder ligt de plas zelf en een deel van de omgeving binnen de aanduiding 'groenblauwe mantel'.
De oever aan de westen noordzijde van de plas behoort tot het 'natuur netwerk Brabant'. Binnen het 'natuur netwerk Brabant' staat het behoud, herstel of de duurzame ontwikkeling van de ecologische waarden en kenmerken voorop. Ook binnen de 'groenblauwe mantel' dient rekening te worden gehouden met aanwezige ecologische en landschappelijke waarden. Maar aangezien ter plekke van de Rosmalense Plas ook de aanduiding 'Verstedelijking afweegbaar' is opgenomen, zijn hier onder voorwaarden ook stedelijke ontwikkelingen mogelijk. Deze dienen dan plaats te vinden in samenhang en in evenredigheid met een groene en blauwe landschapsontwikkeling. Er dient daarbij rekening te worden gehouden met de aanwezige ruimtelijke kwaliteiten en structuren in het gebied zelf en in de naaste omgeving. Een stedelijke ontwikkeling mag geen betrekking hebben op een te ontwikkelen of een uit te breiden middelzwaar- en zwaar bedrijventerrein. De kleinschalige woonbootlocatie (maximaal 10 ligplaatsen) is hier voorzien in de Rosmalense Plas. De ingreep op de oever binnen het 'natuur netwerk Brabant' is minimaal en bij de ruimtelijke uitwerking is ingezet op versterking van de ruimtelijke kwaliteiten ter plekke. Zo worden eilandjes gecreëerd in de plas waaraan de woonboten worden gesitueerd. Tussen de eilandjes en de oever ontstaat een meer natuurlijke en moerasachtige zone.
4.3
Gemeentelijk beleid
4.3.1 Ruimtelijke StructuurVisie 's-Hertogenbosch In juni 2003 heeft de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch de Ruimtelijke StructuurVisie vastgesteld, met de ondertitel 'Stad tussen stromen'. De Ruimtelijke StructuurVisie geeft richting aan de ruimtelijke ambities van de stad. Op 28 januari 2014 heeft de gemeenteraad de actualisatie van de structuurvisie uit 2003 vastgesteld. De geactualiseerde structuurvisie bevat een integrale visievorming voor lange termijn, 10 jaar met een doorkijk naar 15 à 20 jaar. De structuurvisie bestaat uit het Ruimtelijk Casco, een visie geformuleerd op het plangebied. Een ruimtelijke analyse van de stad en het gemeentelijk beleid vormen de input voor deze visie. De visie formuleert de ontwikkelingskoers, beschrijft een wensbeeld van de stad voor de lange termijn en biedt het casco voor concrete projecten en plannen. Het is een toetsingskader, en tegelijkertijd ook een inspiratiekader voor ruimtelijke ontwikkeling. Zo wordt bepaald waar strakke contouren ter bescherming van kwetsbare waarden liggen en kansen voor ontwikkeling. En worden locaties aangeduid waar deze ontwikkeling tegen randvoorwaarden mogelijk zijn en afweegbare gebieden voor uitbreidingen en intensiveringen aangewezen.
Het ‘ruimtelijk motto’ van compacte, complete en contrastrijke stad als het uitgangspunt voor de ruimtelijke ontwikkeling voor de stad blijft gehanteerd, in de overtuiging dat dit de juiste basis biedt voor een duurzame ruimtelijk hoofdstructuur. In de RSV wordt gewezen op de kansen die er liggen voor het tracé van de Zuid-Willemsvaart. Na het gereedkomen van de omlegging van dit kanaal (het Maximakanaal) is de beroepsvaart verdwenen van het 35
stadstracé van de oude Zuid-Willemsvaart. Hiermee is de oudste functie van het kanaal komen te vervallen. Als nieuw kansen voor dit stukje 's-Hertgenbosch worden o.a. gezien: Het oude kanaal is een aantrekkelijke vaarroute voor de recreatievaart, dicht langs de Bossche binnenstad. Het realiseren van terrassen langs het water. Woonboten of andere vormen van wonen aan het water kunnen een plek krijgen in het oude tracé. Het verkleinen van Sluis 0 tot zijn oorspronkelijke omvang met herstel van de groene taluds geeft een interessant ruimtelijke beeld. Voor wat betreft de plassen in de stad wordt opgemerkt dat deze een belangrijke bijdrage leveren aan de vrijetijdbesteding. Daarnaast ligt de Rosmalense Plas in de directe nabijheid van een 'groen transformatiegebied', de aanleg van het Maximakanaal en het bijbehorende kanaalpark. 4.3.2 Woonvisie 2020 Het woonbeleid van de gemeente 's-Hertogenbosch is vastgelegd in de Woonvisie 's-Hertogenbosch. Deze is door de gemeenteraad op 9 juni 2020 vastgesteld. Ontspannen en soms ook spannend wonen, in een sterke stad met leefbare buurten en dorpen. Waar inwoners trots zijn op hun woonplaats en iedereen zoveel als mogelijk kan wonen in een woning die aansluit bij hun woonwensen en mogelijkheden. Dat is het doel.
Om dit te bereiken zijn er vier opgaven geformuleerd: Passend en betaalbaar wonen voor iedereen Leefbare en inclusieve buurten Toekomstbestendige en duurzame woningvoorraad Strategisch innovatief woonprogramma. Passend en betaalbaar wonen Binnen deze opgave gaat extra aandacht uit naar starters en (lage) middeninkomens. We zetten in op het realiseren van divers en passend woningaanbod, met nadruk op de toenemende groep 1 en 2 persoonshuishoudens. Om de voorraad passend te blijven houden, wordt er een flexibele schil gerealiseerd, voor o.a. spoedzoekers. Daarnaast is er aandacht voor het huisvesten van specifieke doelgroepen, waaronder ouderen, mensen met een handicap of psychische kwetsbaarheid, maar ook jongeren, starters en studenten. Leefbare en inclusieve buurten De Woonvisie streeft naar eenheid in verscheidenheid. Interventies in nieuwbouw en de bestaande woningvoorraad versterken de buurt en, zorgen voor een divers aanbod. Daarbij is bijzondere aandacht voor de huisvesting van kwetsbare doelgroepen en het stimuleren van nieuwe woonconcepten en bewonersinitiatieven die bijdragen aan ontmoeting, leefbaarheid en veiligheid. Toekomstbestendige en duurzame woningvoorraad De woonvisie heeft een gezonde, duurzame én flexibel inzetbare woningvoorraad als doel. Een woningvoorraad die ook de toekomstige uitdagingen en veranderende woonwensen aan kan.
De opgave ligt hierbij zowel in de nieuwbouw als in de bestaande woningvoorraad. Strategisch innovatief woonprogramma De gemeenteraad heeft als ambitie uitgesproken om 10.500 woningen te realiseren in de periode 2020 – 2030. Daarbij is de ambitie een stedelijke differentiatie over de volgende categorieën: minimaal 30% sociale huur minimaal 20% middenhuur en goedkope koop maximaal 50% dure huur en (middel)dure koop. Op projectniveau wordt gestreefd wordt naar differentiatie binnen de categorieën. Daarbij is maatwerk in de percentages mogelijk, indien dat bijdraagt aan een leefbare en inclusieve buurt. Nieuwe woningen kunnen bijdragen aan de aantrekkelijkheid en diversiteit van woonmilieus. Dit door het realiseren van (hoog)stedelijke woonmilieus met hoogbouw, compacte woonvormen en (collectieve) voorzieningen. Maar ook door het mogelijk maken van verdichting en verduurzaming van woonbuurten buiten 36
het centrum en in groenstedelijke woonmilieus. In de dorpse woonmilieus worden ook op kleine schaal woningen toegevoegd. We stimuleren projecten die innovatief en vernieuwend zijn, bijvoorbeeld door circulair te bouwen of door toekomstige bewoners te betrekken en zeggenschap te geven. Daarnaast dienen projecten bij te dragen aan de hierboven genoemde opgaven. Dit bestemmingsplan maakt nieuwe locaties voor woonboten mogelijk. Dit sluit aan bij het beleid tot het vergoten van de woningdifferentiatie en -variatie in de stad. 4.3.3 Algemeen kader Bossche plassen De gemeente 's-Hertogenbosch is rijk aan plassen. Maar liefst veertien (voormalige zandwin-)plassen bieden allerlei vormen van recreatie, sport en natuurbeleving. Ieder jaar genieten duizenden Bosschenaren en mensen van buiten 's-Hertogenbosch van ons buitenwater. Denk aan de Zuiderplas, de Oosterplas, de Groote Wielenplas en het Engelermeer. Deze plassen bieden velen een vakantie of middag uit dicht bij huis. Op en rond de plassen neemt de vraag naar meer sport en recreatie activiteiten, naar versterking van natuur en naar voorzieningen/faciliteiten toe. Om die reden is bekeken hoe de kwaliteiten en potenties van de plassen beter kunnen worden benut voor de verschillende functies.
Op basis van drie bouwstenen sport en recreatie, natuur en voorzieningen zijn de verschillende plassen in kaart gebracht en is aangegeven waar versterking mogelijk is. Dit is uiteindelijk vastgelegd in het Algemeen kader Bossche plassen, waarmee de gemeenteraad in 2017 heeft ingestemd. Voor de Rosmalense plas heeft de raad de volgende conclusies getrokken: Er is een aanzienlijke toename van sport en recreatie mogelijk. Er is een aanzienlijke toename van voorzieningen mogelijk. Daarnaast heeft de raad wel uitdrukkelijk aangegeven dat de resultaten van het woonbotenonderzoek (dat ter voorbereiding op dit bestemmingsplan is uitgevoerd) in een later stadium bij enkele plassen nog van invloed kunnen zijn op het algemeen kader Bossche Plassen. Naar aanleiding van het woonbotenonderzoek is uiteindelijk de keuze gemaakt om aan de Rosmalense Plas een woonbotenlocatie van maximaal 10 ligplaatsen te realiseren. Deze keuze betekent niet dat daarmee een toename van sport, recreatie en voorzieningen elders op en aan de plas niet meer mogelijk is. 4.3.4 Bomen Het Bomenbeleidsplan 's-Hertogenbosch geeft aan dat bij de ruimtelijke procedure een afweging plaats vindt ten aanzien van verschillende functies waaronder groen. De gemeente stelt daarbij voorwaarden ten aanzien van groen.
Hierbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de uitgangspunten uit het Bomenbeleidsplan, zoals het zoveel mogelijk behouden van bomen, het verplanten van bomen en herplant en compensatie van groen. Afspraken over velling, herplant en compensatie wordt bij het plan vastgelegd zodat hierbij aangesloten kan worden bij de uiteindelijke vergunningprocedure. Het kan zowel om behoud als om ontwikkeling van nieuw groen gaan. Zowel bij de Van Veldekekade als bij de Rosmalense Plas staan op de aangrenzende kade/oever bomen. Bij de Rosmalense Plas kunnen alle bestaande bomen worden behouden. Bij de Van Veldekekade zullen op de kade bergingen worden gebouwd: 3 clusters van 4 bergingen. Op die plekken zullen een aantal bomen niet behouden kunnen blijven. Maar deze kunnen gecompenseerd worden ter plekke waar nu nog de parkeerstrook voor de bussen (aan de noordzijde van de weg Van Veldekekade) ligt. De parkeerstrook kan verdwijnen en kan aan het Zuid Willemspark worden toegevoegd. 4.3.5 Inspiratiedocument Zuid-Willemspark Op 11 juli 2017 heeft de gemeenteraad het Inspiratiedocument Zuid-Willemspark vastgesteld. Door de omlegging van de Zuid-Willemsvaart om de stad (het nieuwe Maximakanaal) is de beroepsvaart op het oude tracé door de de stad verdwenen. Hierdoor kan het kanaal worden getransformeerd naar park: Het Zuid-Willemspark.
Het Zuid-Willemspark wordt een multifunctionele landschappelijke en stedelijke parkzone van maar liefst 12 kilometer lang dat de binnenstad en de buitengebieden verbindt. Om deze doelstelling te bereiken is het 37
Inspiratiedocument opgesteld. De visie brengt alle realistische ideeën voor het kanaal samen en legt de koers voor de gebiedstransformatie vast. Het Inspiratiedocument is nadrukkelijk een visie en geen uitgewerkt plan. Het is een visie die potentiële ontwikkelingen schetst, zonder dat het eindbeeld is uitgewerkt. Het document is de inspiratiebron voor het ontwikkelen van projecten, die vorm moeten geven aan het Zuid-Willemspark. Onderdeel van het Zuid-Willemspark betreft de Van Veldekekade. De Van Veldekekade ligt binnen het deelgebied 'Oostelijke entree binnenstad: Van Veldekekade - Maastrichtseweg west'. Over de Van Veldekekade is in het Inspiratiedocument o.a. opgenomen dat er tussen Sluis 0 en de Lambooybrug mogelijkheden zijn voor het realiseren van een woonbootlocatie. Daarnaast is aangegeven dat de oever ingericht kan worden als park en dat dit park ruimtelijk kan aansluiten op het groengebied langs de vesting (Bastion Sint Antonie), op de hoek Hekellaan / Van Veldedekade.
4.3.6 Raadsbesluiten m.b.t. woonboten In 's-Hertogenbosch wordt al jaren gesproken over de mogelijkheden tot het realiseren van nieuwe woonbootlocaties. Dit komt enerzijds door de door de gemeenteraad in het verleden geuite wens om na omlegging van de Zuid-Willemsvaart te onderzoeken of nieuwe woonbootlocaties ontwikkeld kunnen worden. Daarnaast is dit ingegeven door de aanwezigheid van de niet-legale woonbootlocatie aan de Ertveldplas. Op deze locatie is het permanent legaliseren van de woonboten niet mogelijk. De woonboten liggen binnen de inlvoedsfeer van de het bedrijventerrein 'De Rietvelden - Ertveld' (geluid en geur) en binnen de invloedsfeer van de daar aanwezige hoogspanningslijn. Ter plekke is daarom geen goed woonklimaat te realiseren. Dit is in 2011 ook bevestigd door de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State in het kader van het beroep van een aantal woonbootbewoners aan de Ertveldplas tegen het bestemmingsplan Buitengebied. Daarnaast zou de keuze voor een permanente woonbootlocatie aan de Ertveldplas leiden tot ongewenste beperkingen van de mogelijkheden van de bedrijven op het bedrijventerrein. Om die reden is gezocht naar andere geschikte locaties voor woonboten.
Hieronder volgt een overzicht van de relevante besluiten die de afgelopen jaren over woonbootlocaties zijn genomen: Besluit 23 januari 2007 De gemeenteraad heeft ingestemd met het initiatiefvoorstel van de CDA, waarin men een uitbreiding van het 38