Bijlage 1 Ruimtelijk en functioneel kader De Donken
Tekst van het document
Zone buurtkamer (indicatie)
Hoofdontsluiting (indicatie)
Wadizone (indicatie)
Hoogte accent
Secundaire paden (indicatie)
Donkzone (indicatie)
Geluidsmaatregelen gevel (indicatie)
Private buitenruimte voorzijde (1-3 meter)
Elektriciteitsnetwerk
Geluidsscherm
Private buitenruimte hof (3,5-5 meter)
Bufferzone elektriciteitn. (45 meter)
maximaal 5 meter naar het noorden of zuiden
Geluidsmaatregelen gevels en geluidsscherm Op de kaart is aangegeven dat aan een deel van de gevels mogelijk geluidswerende
Woonwagenstandplaatsen
50
51
maatregelen worden getroffen, zodat een
door gemotoriseerd verkeer. De leefstraten
meer dan 4 meter bedragen en moet deze
aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan
bevinden zich tussen de woonblokken in,
altijd in overeenstemming zijn met het RFK
worden gegarandeerd, zowel in de woningen
zijn autovrij, en 19 meter breed. De exacte
en het BKP. Daarnaast geldt voor dakranden
als bij de woningen in de vorm van een
positie van de hoofdontsluiting, secundaire
een specifieke uitzondering, waarbij de
luwe (rustige) zijde en rustige buitenruimte
paden en leefstraten worden in de verdere
bouwhoogte met maximaal 1 meter mag
(balkon). Daarnaast zijn er, zoals aangegeven
planuitwerking bepaald, in het dan op te
worden overschreden.
op de kaart, geluidsschermen tussen de
stellen inrichtingsplan.
woonblokken nodig om genoemde zaken
Buurtkamer
te kunnen realiseren en daarmee een
Woonwagenstandplaatsen
De buurtkamer krijgt een plek binnen de
aanvaardbaar woon- en leefklimaat te
Op de kaart is aangegeven waar de drie
zone op de meest zuidoostelijke hoek van het
kunnen garanderen in en bij de woningen. De
woonwagenstandplaatsen zijn beoogd. Deze
middelste woonblok. De buurtkamer heeft een
hoogte van de geluidsschermen is maximaal
moeten worden gerealiseerd binnen het
adres aan zowel de zuidzijde als oostzijde van
10 meter, maar bij voorkeur lager mits een
witte vlak, gelegen aan de oostelijke zijde
het woonblok.
aanvaardbaar woon- en leefklimaat niet in het
van het plangebied. Op de kaart is eveneens
geding komt.
aangegeven wat de maximale bouwhoogte van
Parkeren
de woonwagens is. Dit bedraagt telkens één
Er zijn vier parkeerclusters in de openbare
Hoofdontsluiting, secundaire paden en
bouwlaag, met een maximale bouwhoogte van
ruimte, bedoeld voor bewoners en bezoekers
leefstraten
4,5 meter.
van het meest westelijke en middelste
De hoofdontsluiting voor gemotoriseerd-
woonblok. Eén parkeercluster ligt aan de
en langzaam verkeer is aangesloten op
Net als bij de woonblokken geldt dat de
westzijde langs de hoofdontsluiting en is
de Donkse Dreef en loopt westelijk om de
maximale bouwhoogte niet van toepassing
bedoeld voor de woonwagenstandplaatsen.
woonblokken heen tot aan de ondergrondse
is op ondergeschikte bouwonderdelen, zoals
Drie parkeerclusters liggen aan de noordzijde
parkeergarage van het meest oostelijke
schoorstenen, antennes, klimaatinstallaties
langs de hoofdontsluiting en zijn bedoeld voor
woonblok. De secundaire paden worden
en bouwonderdelen die naar hun aard
de bewoners van De Donken. De exacte positie
door langzaam verkeer gebruikt en enkel
daarmee gelijk zijn te stellen. In totaal mag
van de parkeerclusters worden nader bepaald
bij calamiteiten, verhuizingen of onderhoud
de overschrijding van de bouwhoogte niet
in de verdere planuitwerking. Onder het meest oostelijke woonblok bevindt zich een ondergrondse parkeergarage, die
Raamwerk van routes
in elk geval voldoende parkeerplaatsen moet Donkpad
Leefstraat
Struinroute
bezitten voor de bewoners van dat woonblok. Deze wordt ontsloten via de hoofdontsluiting. De parkeergarage is volledig verdiept en
Ploossche Plas
afgezien van de entree niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte. De parkeergarage past niet volledig onder het woonblok. Het is daarom mogelijk deze noordelijk en/of oostelijk ondergronds te vergroten, mits dit niet zichtbaar is vanuit de openbare ruimte en dit niet ten koste gaat van bestaande bomen.
5-6 meter 3-5 meter Hoofdontsluiting Secundaire paden
52
19-21 meter
4-5 meter
53
2.7 Thematische verdieping
Donkpad
Donkzone
Geschakeld blok
Leefstraat Wadizone
Doorwaadbaar blok
“Binnen De Donken vormt het landschap de basis en bouwen we een hechte gemeenschap voor de toekomst. Deze belangrijke thematische uitgangspunten zijn daarom verder uitgediept.”
Struinroute
Leefstraat
Getrapt blok
Buurtkamer
Deze 3D-vogelvlucht geeft een nadere impressie van het stedenbouwkundig ontwerp, waarin de uitgangspunten uit dit RFK integraal samenkomen. Op de volgende pagina's worden enkele belangrijke thema's - zoals biotopen, watersysteem, mobiliteit, gemeenschapsvorming en duurzaam bouwen - verder uitgewerkt. De planuitwerking dient
Ploossche Plas
hierop voort te bouwen.
54
55
Groene- en bruine daken Horizontale schuil mogelijkheden solitaire bij
Groene- en bruine daken
gewone vlinder kleine plevier
Gevels en geluidsschermen
Gevels en geluidsschermen Verticale schuil mogelijkheden vleermuis gierzwaluw
eerste trap: daken en buitenruimtes
zwarte
tweede trap: hoven en leefstraten
roodstaart
derde orde: parklandschap
Bosrand
Zon en schaduw pimpelmees grote bonte specht egel solitaire bij
Bosrand
gewone vlinder
Donken
Nat en droog
Donken
ijsvogel gewone pad salamander libellen
Biotopen van De Donken
Getrapt watersysteem
De Donken bevat vier verschillende biotopen.
Aan de verschillende biotopen zijn doelsoorten
De Donken heeft een toekomstbestendig
of te infiltreren. Het parklandschap rondom de
De volgende biotopen worden onderscheiden:
gekoppeld. De biotopen en de ontwerpingrepen
watersysteem. Het watersysteem bestaat uit
gebouwen vormt de derde trap. Hier worden
die nodig zijn om de leefcondities voor
drie trappen waarin het water van grof naar
robuuste infiltratiezones en parkeerclusters
de doelsoorten te kunnen garanderen
fijn wordt opgevangen en kan infiltreren. De
met grasstenen voorzien. Een deel van het
delen en lagere kleiige nattere delen.
dienen nader uitgewerkt te worden in het
eerste trap bestaat uit de groene daken en
parklandschap wordt ingericht om water
• De Bosrand bestaat uit een afwisseling
inrichtingsplan en de ontwerpen voor de
private buitenruimtes. Tenminste 50% van het
op te kunnen vangen en/of te infiltreren.
van beschutte en zonnige plekken aan de
gebouwen. Voor gevelbiotoop en de dakbiotoop
oppervlak hiervan dient geschikt te zijn om
In geval van extreme waterdruk wordt via
randen van het plan.
zijn criteria voorgeschreven in het kader van
water op te kunnen vangen en/of te infiltreren.
overstortinrichtingen afgewaterd af op de
natuurinclusiviteit die zijn opgenomen in het
De tweede trap bestaat uit de hoven en
omliggende sloten, zodat het water niet de
BKP.
leefstraten. Deze is tenminste voor 50 tot 70%
woningen in kan.
• De Donken bestaan uit hogere zandige
• De Gevels en geluidschermen bestaan uit natuurinclusieve gevels waar nestkasten en groene gevels een plek krijgen.
geschikt om water op te kunnen vangen en/
• De Daken bestaan uit bruine daken die tevens geschikt zijn voor groen, om tijdelijk water op te vangen en af te voeren en/of voor zonnepanelen.
56
57
P
eerste orde: langzaam verkeer
Woning: partners of gezin
tweede orde: langzaam verkeer + calamiteiten
Entree, blok en hof: gelijkgestemden
derde orde: hoofdontsluiting
P
Sociale huur
Leefstraten, struinroute en buurtkamer: buurt Donkpad en Ploosche Plas: wijk en stad
P
P
Midden huur
(Betaalbare) koop
Do
nk
se
Dr
ee
f
vP
Heldere hierarchie in mobiliteit
58
Verbonden gemeenschappen
Het mobiliteitssysteem van de Donken
alle modaliteiten toegankelijk. Het profiel
Als mensen zijn we onderdeel van een complex
gemeenschappen. De eigen woning en privé
heeft een heldere hiërarchie. Het
van de hoofdontsluiting is ca. 5 meter.
web van diverse gemeenschappen. Binnen de
buitenruimte is de plek voor partners of het
mobiliteitssysteem bestaat uit drie ordes
Ongeveer 3,5 meter bestaat uit bestrating
gebiedsontwikkeling De Donken worden geen
gezin. De entree, het blok en het collectieve
routes. Eerste orde routes zijn routes die
en 1,5 meter uit vormen van grasstenen.
woningen gebouwd maar gemeenschappen.
hof vormt de plek waar buren in rust
enkel toegankelijk zijn voor langzaam verkeer
Dit zorgt ervoor dat gemotoriseerd verkeer
Hiervoor is een heldere visie uitgewerkt zodat
samenleven. De leefstraten, struinroute
en bij hoge uitzondering voor calamiteiten
van nature minder hard zal rijden en moet
een heldere ordening van gemeenschappen
en buurtkamer zijn openbare plekken van
en onderhoud. Twee orde routes zijn routes
uitwijken bij een tegenlichtend voertuig.
kan ontstaan. Op deze manier is het voor
de buurt. Het Donkpad en de Ploossche
die bestemd zijn voor langzaam verkeer en
Langs de hoofdontsluiting zullen ook de
bewoners zowel mogelijk om volledig terug te
Plas wordt gebruikt door wijkgenoten en
bij hoge uitzondering voor gemotoriseerd
afvalcontainers worden gepositioneerd. De
trekken in de eigen vertrouwde omgeving als
Bosschenaren.
verkeer en bij hoge uitzondering voor
woonpanden zijn ten alle tijden bereikbaar
onderdeel van de stad te zijn waar ontmoeting
calamiteiten. onderhoud en verhuizingen.
voor hulpdiensten en noodzakelijk onderhoud.
centraal staat.
Het profiel van deze routes is ongeveer
In hoofdstuk 5 Mobiliteit vanaf pagina 81 zijn
3,5 meter breed. Derde orde route is de
de mobiliteitsuitgangspunten en de aansluiting
Het samenspel van openbare ruimte en
afgestemd op deze visie. In de uitwerking van
hoofdontsluiting. De hoofdontsluiting is voor
bij omliggende straten verder uitgewerkt.
gebouwen draagt bij aan de beoogde heldere
het ontwerp zullen de overgangen tussen deze
verbinding en ordening van gemeenschappen.
gemeenschappen met uiterste zorgvuldigheid
Van klein naar groot gaat het om de volgende
moeten worden ontworpen.
De positionering van wooncategorieën sociale huur, midden huur en (betaalbare) koop is
59
bos aanplant
productie afwaarderen verbranden composteren herverwerken
verwerking Houtengevels en terrassen
gebruik
klei Roze baksteen in verschillende tinten
duurzame baksteen
Vertrouwd en vernieuwend bouwen
De Donken moet de uitstraling van een
als er speciale afspraken worden gemaakt
nieuwe buurt ontstaat. Baksteen is verbonden
bij aan een revival van de productie- en
vertrouwde en een voor de omliggende
met woningcorporaties over nieuwbouw
met het rivierkleilandschap van de Maas.
hergebruikketen van houtbouwmaterialen in
wijken vernieuwende woonomgeving krijgen.
(duurzaamheidsakkoord). Dit zorgt ervoor dat
Architecten zullen uitgedaagd worden om
Nederland.
Deze ambitie wordt in de uitwerking van
nieuwbouw binnen onze gemeente duurzamer,
baksteen op vernieuwende wijze toe te passen.
gebouwen en beoogde bewoning doorvertaald
zuiniger en toekomstbestendiger wordt met
Bijvoorbeeld door gebruik van lokale rivierklei,
en is ook vastgelegd in het BKP. Er wordt
een minder grote belasting op het milieu
korte ketens, hergebruik en technieken om
zowel met vertrouwde als vernieuwende
dan het Besluit bouwwerken leefomgeving
materiaal of energie te besparen.
bouwmethodieken en materialen gewerkt.
nu toelaat. Lokale materiaalketens worden
We sluiten voor dit moment aan bij de
aangejaagd en architectuur verbonden met
Hout staat voor een vernieuwende
wettelijke MPG-normering en waar mogelijk
het landschap tot stand komt.
bouwcultuur binnen De Donken. Hout wordt
aan bij de actualiteit van gemeentelijke
60
toegepast aan de Leefstraten. Op deze manier
duurzaamheidsambities. Dit betekent dat als er
Baksteen, het meest voorkomende
wordt de natuurlijke kwaliteit van buiten
een gemeentelijk duurzaamheidsbeleid of Nota
bouwmateriaal van Nederland, staat voor een
ook het plan ingetrokken. In het verleden
is vastgesteld met duurzamere uitgangspunten
vertrouwde bouwcultuur binnen De Donken.
werden op zandgronden bossen aangelegd
dan het Besluit bouwwerken leefomgeving,
Baksteen wordt toegepast aan de Parkranden
voor productie van bouwmaterialen. Door
hier aansluiting bij wordt gezocht. Dit geldt ook
zodat een herkenbare uitstraling van de
opnieuw hout toe te passen draagt De Donken 61
Programma Op basis van het Stedenbouwkundig ontwerp zijn in dit hoofdstuk de uitgangspunten voor het programma van De Donken verder uitgewerkt.
3
3.1 Programma Wonen
van naastgelegen buurt de Donk een betere
Gemeente ‘s-Hertogenbosch streeft naar
woonbuurt te maken, waar kansen voor
een woningmarkt waar iedereen passend
iedereen zijn en het prettig wonen verder
en toekomstbestendig kan wonen. Binnen De
verbeterd wordt.
Donken wordt sterk ingezet op betaalbaar wonen. De bandbreedte van het aantal woningen is tussen de 275 en 300 woningen. Het exacte aantal wordt bepaald in de nadere uitwerking van de woonblokken. Conform het Bestuursakkoord 2022-2026 is gekozen voor tenminste 70% betaalbare woningen. Voor de ontwikkeling van het woningaanbod wordt gestuurd op de volgende verdeling: circa 30% sociale huur, circa 30% middenhuur, circa 10% betaalbare koop en circa 30% dure huur
“Het terrasje voor de buurtkamer vormt het ontmoetingspunt voor jong en oud in de buurt.”
64
Zorg en gemeenschap De Donk is een relatief draagkrachtige wijk waar op dit moment nog weinig tot geen bijzondere doelgroepen gehuisvest worden. Bij de ontwikkeling van de Donken wordt daarom ook ruimte geboden aan een nader te bepalen woon-zorgdoelgroepen. Hierbij wordt een richtlijn van circa 20 woningen voor een zorgdoelgroep en circa 40 woningen voor de doorstroming van ouderen uit de
en (middel) dure koop.
wijk gehanteerd. Het streven is om een
Doelgroepen
woningbouwcorporatie worden ontwikkeld,
De Donken wordt een plek waar verschillende
levensloopbestendig te ontwikkelen.
doelgroepen hun thuis vinden. Een mix van
Daardoor blijven de woningen geschikt
verschillende doelgroepen per woonblok is
voor zowel jong als oud. Daarnaast is een
een belangrijk uitgangspunt. Jong, oud, samen
richtlijn dat de middenhuurwoningen van
of alleenstaand, mensen in verschillende
de woningbouwcorporatie (circa 30 tot 40
levensfases weten elkaar hier te ontmoeten.
woningen) levensloopbestendig zijn.
groot deel van de woningen die door de
Op deze manier kan een gemeenschap ontstaan waar mensen naar elkaar omkijken.
Gemeenschappelijk wonen
Jongeren helpen ouderen, bijvoorbeeld
Voor een goede samenleving is het van belang
door het doen van boodschappen in het
dat we prettig samen leven. Het is belangrijk
nabijgelegen centrum De Kroon. Ouderen
dat we naar elkaar omkijken. In het licht van
passen op de pasgeboren baby van een
de demografische ontwikkeling (dubbele
jong stel op een doordeweekse werkdag.
vergrijzing, hogere druk op zorgstelsel
Met de mix van doelgroepen en aanbod van
en afnemend aandeel beroepsbevolking)
een ander woonproduct stellen we huidige
komt het huidige zorgstelsel steeds meer
buurtbewoners in de gelegenheid om door
onder druk te staan, zowel financieel
te stromen in de eigen wijk, waardoor
als organisatorisch door een tekort aan
eengezinswoningen vrij kunnen komen
personeel. De maatschappij is (nog te) veel
voor jonge gezinnen. Een dynamiek die
gericht op rechten en de vanzelfsprekendheid
we tot stand proberen te brengen om de
dat het zorgstelsel in alle behoeften voorziet,
omliggende buurten verder op te waarderen,
in plaats van te starten vanuit zelf- en
als onderdeel van een langjarig proces om
samenredzaamheid voordat professionele
65
zorg en ondersteuning wordt ingeschakeld.
de bewoners, met een duurzame visie op
De collectieve functie krijgt een prominente
extra woonwagenstandplaatsen. Deze
samenleven en zelfredzaamheid.
plek in de plint aan de zuidzijde van het
woonwagenstandplaatsen zullen via een
blok, georiënteerd op de Ploossche Plas. Op
informeel looppad verbonden worden met
Steeds vaker is de wens en behoefte van inwoners om samen te wonen en leven.
Intergenerationeel wonen combineert
deze manier is de collectieve functie direct
het huidige kamp, waardoor een sociale
Gemeenschappelijke woonvormen kunnen
jong en oud in één woonomgeving, gericht
zichtbaar bij de hoofdentree van het gebied
samenhang tussen beide kampen ontstaat.
de sociale cohesie en gemeenschapszin
op uitwisseling van hulp en kennis.
en ontstaat een directe verbinding met de
versterken, gebaseerd op een gezamenlijke
Jongeren helpen met dagelijkse taken,
Ploossche Plas
verantwoordelijkheid voor het geheel. Er zijn
terwijl ouderen actief betrokken kunnen
verschillende vormen van gemeenschappelijk
blijven door bijvoorbeeld buurtactiviteiten
Een collectieve buurtfunctie, versterkt
wonen voor verschillende doelgroepen.
op te pakken. Daarom zullen we circa
daarnaast de sociale veiligheid in de buurt. We
Zowel landelijk als lokaal is er de wens om
20 van de 40 woningen die beschikbaar
kennen hiervan diverse goed functionerende
meer gemeenschappelijke woonvormen
zijn voor doorstromers aanbieden als
voorbeelden in de stad, zoals bijvoorbeeld
te realiseren. Denk daarbij aan “ Collectief
gemeenschappelijke woonvorm. De
de weeshuisjes aan de Zuid-Willemsvaart
Particulier Opdrachtgeverschap (CPO),
doorstromers kunnen dan samen met nieuwe
en Bloem in het Prins-Hendrikpark. In de
gestapeld gemeenschappelijk wonen,
(jongere) bewoners gezamenlijk en gedreven,
buurtkamer is ruimte voor een luisterend
geclusterd wonen voor ouderen,
vanuit hun wil om bij te dragen aan de wijk en
oor en oog voor het reilen en zeilen binnen
flexwonen met een gezamenlijk aspect of
de gemeenschap, een gemeenschappelijke
de buurt. In een hechte gemeenschap
woonexperimenten, die aan een oplossing
woonvorm vormgeven.
kennen de bewoners elkaar en helpen zij
bij kunnen dragen;” We onderzoeken
elkaar waar dat nodig is. Dit houdt ook in
voor De Donken de mogelijkheid voor een
Buurtkamer
dat de functie langjarig kan blijven bestaan,
gemeenschappelijke woonvorm, van 30 à
Met de ontwikkeling van 275 tot 300
toekomstbestendig is, zonder subsidierelatie
40woningen.
gestapelde woningen is er behoefte
met de gemeente. Een buurtkamer, met een
aan een collectieve voorziening die de
mini-terrasje aan de gevel, kan deze rol
We onderzoeken de mogelijkheid om
gemeenschapszin in de buurt kan vergroten.
uitnodigend vervullen. Hierbij is uiteraard een
een gemeenschappelijke woonvorm te
We willen, mede ter voorkoming van
restaurant of fastfood uitgesloten. Het gaat
realiseren die gericht is op sociale cohesie
vereenzaming, dat mensen in de gelegenheid
om de verbinding in de buurt, het creëren
en onderlinge ondersteuning, passend
zijn om elkaar te ontmoeten. In het middelste
van gemeenschapszin en gelegenheid om
bij de veranderende maatschappelijke en
blok (dus inpandig) wordt daarom een
uit eenzaamheid te ontsnappen. We borgen
demografische uitdagingen. In het licht van
kleinschalige collectieve ontmoetingsfunctie
deze langjarige rolneming door het onderdeel
de dubbele vergrijzing, de toenemende druk
voor de buurt voorzien. Dit wordt gerealiseerd
te laten zijn van het middelste blok, van de
op het zorgstelsel en het dalende aandeel
in de vorm van een buurtkamer, een plek waar
woningbouwcorporatie. Hiermee beogen we
van de beroepsbevolking, kan een woonvorm
buurtbewoners na een korte wandeling elkaar
ook langjarige continuïteit.
die zelfredzaamheid en zorg voor elkaar
kunnen ontmoeten en koffie of thee kunnen
stimuleert een waardevolle aanvulling zijn.
drinken met elkaar.
Uitbreiding van het aantal woonwagenstandplaatsen
bewoners elkaar actief ondersteunen,
Belangrijk uitgangspunt is dat deze functie
Zoals eerder aangeven is onder de bewoners
waardoor de behoefte aan professionele zorg
alleen overdag open is, een kleinschalig
van het woonwagenkamp De Donkse Dreef al
en ondersteuning wordt verminderd. Deze
karakter krijgt (van circa 100m2) en niet op
lange tijd behoefte aan extra standplaatsen.
woonvorm zou bijdragen aan het versterken
wijkschaal gaat concurreren met de functies
Met de ontwikkeling van De Donken zet de
van het lokale netwerk en het welzijn van
die in BBS Haren Donk en Reit zijn te vinden.
gemeente actief in op het bieden van drie
We streven naar een gemeenschap waar
66
67
Duurzaamheid en milieu Met De Donken werken we aan een woonbuurt met een duurzame en leefbare toekomst. Duurzaamheid is daarbij een belangrijk aspect voor de ontwikkeling van De Donken. In dit hoofdstuk wordt daar nader op ingegaan. Daarna wordt ingegaan op de relevante milieuaspecten en waarden die direct of indirect van invloed zijn op De Donken.
4
“De Donken liggen middenin een groen park. Deze plek biedt de optimale condities voor een gezonde en duurzame leefomgeving.”
4
Duurzaamheid en milieu Groen en klimaatbestendig De Donken wordt een gezonde en duurzame leefomgeving voor mens en dier. Een plek waar mensen in een bijzonder groene setting wonen, ontmoeten en kunnen bewegen. Dit onder meer door het behoud van zoveel mogelijk volwassen groen, wandelpaden door het gebied en publieke plekken te maken ten gunste van de sociale cohesie (ontmoeten) tussen de bewoners van het nieuwe woongebied en eventueel andere buurtgenoten. Een nieuwe woonbuurt die bijdraagt aan de duurzaamheidsambities van de stad: veel en biodivers groen, klimaatbestendig, gezond, CO2-neutraal, circulair en met hoge mate van duurzaamheid.
Groennormen De 3-30-300 regel wordt gehanteerd: 3 bomen zichtbaar vanuit je woning, 30% van de openbare ruimte is beschaduwd en 300 meter afstand tot een grote, groene, koele plek. Daarnaast moet voldaan worden aan de groennorm, die voor dit deel in 's-Hertogenbosch uitgaat van minimaal 50% van het plangebied groen. Dit is terug te lezen in de gemeentelijke ‘Verordening Bomen, Water en Groen 2021’. Bovenop deze groennorm dient 10% (meer) groen, maar ook water, in het plangebied gerealiseerd te worden. Dat is vastgelegd in de gebiedspaspoorten Groen en Klimaatbestendig. Verder is het van belang op te merken dat bij de keuze van beplanting de voorkeur wordt gegeven aan gebiedseigen en klimaatbestendige soorten die de biodiversiteit vergroten. Verder worden de daken voorzien van groen (al dan niet in combinatie met zonnepanelen).
Gezondheid De gemeente ’streeft er naar om een ‘gezonde’
70
stad te zijn. Met het Programma Samen gezond dragen we hieraan bij. We ondersteunen onze inwoners door het stimuleren en faciliteren van een gezonde leefstijl en meedoen. Maar ook door het zo inrichten van de leefomgeving dat het maken van een gezonde keuze gemakkelijker is. Wanneer de gezondheid van inwoners verbetert, dan nemen ook de veerkracht en kansen om mee te doen toe. Het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit is ook een van de maatschappelijke doelen van de Omgevingswet (artikel 1.3 sub a). De aspecten veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit hangen nauw met elkaar samen. Bij het beschermen van de gezondheid zijn de effecten van een ontwikkeling op de diverse milieuaspecten ook van groot belang.
In De Donken wordt daarom ingezet op onder andere: • het bevorderen en uitnodigen tot bewegen (wandelen, spelen), elkaar ontmoeten en ontspannen; • het bevorderen van klimaatbestendigheid (groen voor tegengaan van hittestress en wateroverlast); • het bevorderen en gebruik van duurzame en gezonde materialen (gezondheidsbelang gekoppeld aan circulariteit); • een goede toegang tot diverse voorzieningen (met de buurtkamer en de nabijheid van diverse voorzieningen); • een goede bescherming op milieukwaliteit (lucht en geluid, waarbij het uitgangspunt is “kunnen slapen met een raam open”);
Energie en CO2 neutraal DDe Donken wordt dusdanig ontwikkeld dat er zo min mogelijk energie in de gebouwen
71
wordt verbruikt en de benodigde energie zo duurzaam mogelijk opgewekt te worden. De Donken wordt aardgasvrij door zo zuinig mogelijke nieuwbouw en duurzame energiebronnen te gebruiken. De gebouwen van De Donken voldoen aan BENG (Bijna Energie Neutraal Bouwen). Bij nieuwbouw wordt geen fossiele energie gebruikt (BENG2 = 0%). Is er energie nodig, dan komt die van duurzame bronnen (BENG3 = 100%). Een kansrijk energiepakket bestaat bijvoorbeeld uit zeer goede isolatie, warmteterugwinning uit ventilatielucht, warmte-koude opslag en zonnepanelen. Bovendien dienen maatregelen getroffen te worden om het risico op oververhitting bij nieuwbouwwoningen te beperken. De initiatiefnemer moet bij het verder ontwerpen van de plannen, dus in een vroeg stadium van de planontwikkeling, rekening houden met de aansluitingen van de gebouwen (netcongestie). Trafostations, eventuele transportverdeelstations en overige bovengrondse en ondergrondse voorzieningen van netbeheerders dienen goed ingepast te worden in de omgeving. Hierbij dient onder andere rekening gehouden te worden met geluid en elektromagnetische velden. Op basis van de projectkarakteristieken en in lijn met de gemeentelijke doelstellingen lijkt de toepassing van (semi)-collectieve energiesystemen in nieuwbouwproject De Donken te prefereren.
Door de hoge energiedichtheid, voldoende schaalgrootte en een relatief korte fasering wordt verwacht dat collectiviteit financieel loont voor zowel de ontwikkelende partijen als de toekomstige bewoners. Bij collectiviteit wordt gedacht aan collectieve energievoorzieningen op woonblokniveau of gebiedsniveau. Het collectief benutten van het beschikbare bodempotentieel middels warmte- en koudeopslagsystemen
72
(WKO) wordt daarbij aangemoedigd. De gemeente ’s-Hertogenbosch is minder gecharmeerd van individuele toepassingen zoals bodem-lussen of lucht-/ waterwarmtepompen. In het projectgebied geldt een diepterestrictie voor bodem-lussen, waardoor honderden gaten nodig zouden zijn om alle ontwikkelingen van warmte en koude te voorzien. De aanwezige kleilagen zo vaak doorkruizen ziet de gemeente als een risico en daarom zijn individuele bodemlussen uitgesloten. De individuele lucht-/waterwarmtepompen zijn ongewenst, aangezien deze goed zicht- en hoorbaar zijn en een grote impact hebben op het elektriciteitsnet. Het heeft daarnaast de voorkeur om de daken in te zetten voor PVpanelen of groene daken. We willen inzetten op een bodemenergiesysteem. Er dient nader onderzocht te worden op welke schaal deze het beste toegepast kan worden. Hiermee wordt het optimaal toepassen van bodemenergie geregeld, waarbij de ondergrond zo volledig mogelijk wordt gebruikt en negatieve interactie tussen verschillende gebruikers wordt geminimaliseerd. Binnen het gebied zijn op dit moment geen bodemenergiesystemen aanwezig. Aandachtspunt is de provinciale Omgevingsverordening, waarin wordt gesteld dat de diepte van nieuwe bodemenergiesystemen zich moet beperken tot de eerste scheidende laag, de natuurlijke barrière tussen het eerste en tweede watervoerende pakket.
Voor De Donken betekent dat een maximale diepte van 80 meter onder maaiveld.
Circulair Het Nationaal Programma Circulaire Economie geeft richting. De woonblokken in de De Donken worden zoveel als technisch en financieel mogelijk circulair uitgevoerd. De gemeente heeft daarnaast het Convenant Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB) getekend. Praktisch betekent dat er gebruik wordt gemaakt van de R-ladder: refuse en rethink, reduce, re-use, repair refurbisch, remanufacture, repurpose, recycling and recover. Nieuwe materialen zijn waar technisch en financieel mogelijk hernieuwbaar, biologisch, afbreekbaar en/ of herbruikbaar. Indien hier niet aan voldoen kan worden, wordt dat gemotiveerd (circulair tenzij). De Milieu Prestatie Gebouwen (MPG) geeft aan wat de milieubelasting in de sloop-, bouw- en onderhoudsfase is. Hoe lager de MPG, hoe duurzamer het materiaalgebruik. De grenswaarde is (nu, 2024) 0,8 euro per m2 bruto vloeroppervlak voor een nieuwbouwwoning. Voor De Donken zal worden aangesloten bij de eerst aankomende norm (van 0,5 euro per m2 verwacht per 2025). De initiatiefnemer maakt voor de desbetreffende ontwikkeling een materialenpaspoort. Daarin staat welke materialen in welke hoeveelheden worden toegepast en wat de impact ervan is. Dit met als doel om tot een daadwerkelijk circulaire bouw te komen. In daken, gevels, verhardingen en regenwatervoorzieningen worden in ieder geval geen uitlogende bouwmaterialen (zoals zink, koper ed.) gebruikt.
In het plangebied gebruiken we geen infiltratiekratten, omdat die het risico van extra microplastics in het water met zich meebrengen.
Hittestress De kans op langdurige periodes van droogte is iets waar rekening mee wordt gehouden.
Hittestress is een probleem wat tegengegaan dient te worden. Daarom moet worden gezorgd voor verkoeling en zo min mogelijk verharding. Op deze manier ontstaat een gezonde, leefbare en aangename woonbuurt. In De Donken worden daarom veel nieuwe bomen geplaatst (zoals hieronder verder toegelicht) en wordt rekening gehouden met het kunnen doorwaaien van de binnentuinen. Daarnaast wordt met het tegengaan van hittestress rekening gehouden in de uitwerking van de (bouw)plannen op stedenbouwkundig niveau, waardoor schaduwwerking op openbaar toegankelijk gebied ontstaat. Ook wordt bij de selectie van materialen rekening gehouden met de opwarming ervan. De geldende groennormen, in combinatie met de eisen uit de gebiedspaspoorten (10% extra groen) zullen resulteren in woonpanden in een bijzondere groene setting, dat hittestress doet tegen gaan.
Hemel- en grondwater tHet klimaat verandert. Het aantal perioden met hevige neerslag en langdurige droogte neemt toe. De kans op wateroverlast en overstromingen door extreme neerslag neemt dan ook toe. Wateroverlast bij extreme buien moet voorkomen worden.. Het is daarom onder meer van belang dat schoon hemelwater zoveel mogelijk binnen het plangebied wordt vastgehouden en wordt afgekoppeld van het rioolstelsel. Kortom: het hemelwater moet binnen het plangebied worden opgevangen en geïnfiltreerd. Bij het afkoppelen geldt de volgende voorkeursvolgorde: besparen / hergebruik, infiltreren en vasthouden, bovengronds bergen, ondergronds bergen en vertraagd afvoeren. De bergingscapaciteit moet voor het plangebied minimaal 70 mm per m2 nieuwe of vernieuwde verharding zijn. Dit is vastgelegd in de Gebiedspaspoorten ‘s-Hertogenbosch
73
Groen en Klimaatbestendig’. Om verdroging van het groen in droge periodes te voorkomen en de sponswerking van de bodem te herstellen, geldt er een aanvullende eis van minimaal 10 mm infiltratie (van de 70mm) per m2 nieuwe of vernieuwde verharding. Dit is hemelwater bij een normale regenbui. De hemelwateropgave gaat hand in hand met groen. Er kan daarom ook worden voorzien in een hemelwaterberging middels de aanleg van een groen- of tuindak met een berging van minimaal 25 liter per m2 . De planlocatie bevindt zich in een invloedsgebied ten behoeve van de grondwaterhuishouding. Dat betekent dat er geen ingrepen mogen plaatsvinden op de grondwaterhuishouding. Bij eventuele bronnering, zal het onttrokken grondwater op basis van de waterschapsverordening volledig terug in de bodem dienen te worden gebracht. Mocht dat aan de orde zijn, zal voorafgaand overlegd moeten worden met het waterschap. Daarnaast bevindt zich rondom het plangebied een leggerwatergang. Aan beide zijden van deze watergang geldt een beschermingszone met een breedte van 5 meter ten behoeve van het doelmatig beheer en onderhoud. Binnen deze beschermingszone is de Waterschapsverordening van toepassing. Deze stelt onder andere beperkingen aan het aanbrengen van obstakels, in welke vorm dan ook. Het realiseren van obstakels binnen de beschermingszone mag alleen als hiervoor door ons een (water)vergunning is verleend.
Een vergunning hiervoor wordt alleen verleend indien het beheer en onderhoud van de watergang niet belemmerd wordt. In de beleidsregel de beleidsregel 3 “werken en objecten in de watergang en beschermingszone” is opgenomen aan welke voorwaarden voldaan moet worden. Het aanvragen van deze vergunning is de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer.
74
Bomenbeleid Het plangebied met de bestaande bomen is als geheel geïnventariseerd. De bomen zijn nog niet individueel opgenomen in het bomenbestand van de gemeente ’s-Hertogenbosch, maar verkeren over het algemeen in goede conditie en vertonen voldoende vitaliteit. Ze zijn duurzaam in stand te houden. Het betreft een gebied met sfeerbomen, zonder specifieke beschermde status. Voor gemeentebomen geldt dat we bij elke gerooide boom minimaal één nieuwe boom terug planten. Er is daarom geen vergunningsplicht, maar voor elke te kappen boom dient wel een kapmelding te worden ingediend. Dit zorgt ervoor dat we in de herplant kunnen voorzien. Dit geldt voor bomen met een omtrek van één meter of meer op 1,3 meter hoogte. Het perceel wordt omzoomd door een bomenstructuur met verschillende boomsoorten. Deze structuur is duurzaam en vormt een uitstekende invulling voor de omranding van de nieuwe woonwijk. Deze structuur wordt in stand gehouden en eventueel te verwijderen bomen worden verplaatst of na kap vervangen. Daarnaast voegen we meer bomen toe dan er momenteel aanwezig zijn in het gebied. Specifiek in de gebieden tussen De Donken en de bestaande woonwijken wordt, waar mogelijk, ingezet op het planten van een aantal omen met een grotere omvang.
Milieuaspecten en waarden Op basis van gemeentelijk beleid, de wettelijke kaders, indicatieve berekeningen en verrichte milieu-vooronderzoeken is in kaart gebracht welke milieuaspecten op welke wijze een rol spelen in De Donken. De milieuaspecten die voor De Donken het zwaarst meewegen zijn: geluid, duurzaamheid, externe veiligheid,
natuur (groen), stikstof en elektromagnetische velden.
voorkomen door maatregelen. Er wordt dan ook geen plan milieueffectrapportage en/of verdere m.e.r.-procedure vereist.
Milieueffectrapportage Het RFK is kaderstellend voor latere besluiten en daarom plan-MER-beoordelingsplichtig. Er is sprake van een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in categorie J11 van bijlage V van het Omgevingsbesluit. Bij De Donken gaat het om een klein plangebied op lokaal niveau. Dit betekent dat in een planMER-beoordeling moet worden beoordeeld of sprake is van belangrijke dan wel aanzienlijke milieueffecten. Bij deze beoordeling wordt rekening gehouden met de criteria van bijlage III bij de MER-richtlijn. Deze plan MER-beoordeling is als aparte bijlage bij het ontwikkelkader gevoegd. De conclusie van deze beoordeling is dat de gebiedsontwikkeling De Donken naar verwachting niet tot aanzienlijke milieugevolgen zal leiden. Er treden geen wezenlijk negatieve effecten op of effecten kunnen afdoende worden beperkt/
Geluid Bij nieuwe ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving speelt geluid een rol. Bij plannen moet rekening worden gehouden met geluiden van het spoor, wegverkeer, industrie en geluid door overige milieubelastende activiteiten. Geluid boven bepaalde waarden kan door mensen als hinderlijk worden ervaren, daar moet ook rekening mee worden gehouden. Daarnaast dient een goede kwaliteit van de woon- en leefomgeving gerealiseerd te worden en dienen kansen te worden benut om de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren en de blootstelling aan te veel geluid te verminderen. Het uitgangspunt is dat het geluid bij de geluidgevoelige gebouwen (zoals woningen) aanvaardbaar moet zijn en dat sprake is van een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’.
Impact geluid op 1,5 meter hoogte vanaf maaiveld
Impact geluid op 7,5 meter hoogte vanaf maaiveld
De zone waarde maximale ontheffingswaarde van het Besluit kwaliteit leefomgeving voor snelwegen wordt overschreden bedekt grote delen van het plangebied. Ontheffingswaarde bedraagt 53 dB na aftrek, 57 dB zonder aftrek.
75
Geluid van wegverkeer Het plangebied is gelegen nabij de Rijksweg A59/A2. Op basis van het stedenbouwkundig ontwerp zijn indicatieve geluidberekeningen uitgevoerd, gebaseerd op data van het wegverkeersnetwerk. Dit met als doel om inzichtelijk te krijgen wat de geluidsbelasting op de geprojecteerde woonblokken in het stedenbouwkundig ontwerp zal zijn en of er ontwerptechnische opgaven uit voortkomen om te kunnen voldoen aan de landelijke geluidsnormen voor woningen en het gemeentelijke (geluid)beleid ten gunste van het woon- en leefklimaat. Geconstateerd is dat het plangebied flink belast is met het verkeerslawaai van de Rijksweg A59/A2. Voor Rijkswegen geldt een standaardwaarde (voorkeurswaarde geluid) van 50 dB. De grenswaarde voor geluid afkomstig van Rijkswegen is 60 dB. Uit indicatieve berekeningen blijkt dat in het plangebied de standaardwaarde voor geluid op vrijwel alle posities en hoogten wordt overschreden. De grenswaarde van 60 dB
net niet. Daarom dient geluid bij het ontwerp van de woonblokken en woningen een leidend principe te zijn om vergunningverlening mogelijk te maken. Dit in samenhang met de vereiste dat sprake moet zijn van (tenminste) één geluidsluwe (rustige) gevel per woning. Van daaruit kan met open raam een woning/ slaapkamer geventileerd worden zonder onacceptabele hinder of slaapverstoring. De buitenruimte van een woning (balkon, tuin) dient te voldoen aan de streefwaarde die hoort bij het gebied (hier stromingszone, waar een reeds een verhoogde belasting heerst). Het gebruik van de zogenaamde ‘dove gevel’ dient zoveel als mogelijk te worden vermeden. In ieder geval niet meer dan 1 per woning. In de nieuwe woonbuurt dient indirecte hinder – hinder als gevolg van het aan- en afrijdend verkeer - voorkomen te worden. In de verdere planuitwerking is dit een aandachtspunt en gebeurt door de toegepaste beperkte verkeersstructuur (zonder rondgaande verkeersbewegingen) en de plaatsing van de parkeerplaatsen op enige afstand van
de woonbebouwing. Uitgangspunt voor het woonblok aan de zijde van de Ploossche Plas is ondergronds parkeren. De ingang van de halfverdiepte parkeervoorziening verdient in het stedenbouwkundig ontwerp van de bouwplannen (en in een geluidsonderzoek) aandacht. Ten behoeve van de opgave van de beoogde koopappartementen is een planconsultatie uitgevraagd bij een lokaal expertisebureau: ‘Het Waare Huis’. Deze heeft voor de koopappartementen expliciet aanbevolen om het parkeren op maaiveldniveau realiseren. Mensen die voor een appartement kiezen, kiezen graag een appartement op een hogere etage vanwege veiligheid. Het halfverdiepte parkeren, bedoeld om ruimte te besparen en een zo groen mogelijk gebied te kunnen creëren, wordt hiermee vanuit deze planconsultatie ondersteund. Binnen het plangebied Het is niet de bedoeling dat er een ‘Wie het eerste komt, het eerst maalt’ situatie ontstaat. Dat betekent dat in de verdere planuitwerking elk initiatief zal worden beoordeeld in het licht van het ruimtelijke en programmatische eindbeeld in dit RFK. Het kan dus voorkomen dat een initiatiefnemer rekening moet houden met een aanpalende ontwikkeling die wel gepland, maar nog vergund is.
Bedrijven en milieuzonering Het is van belang dat er altijd voldoende ruimtelijke scheiding is tussen enerzijds bedrijven of overige milieubelastende functies en anderzijds milieugevoelige functies zoals woningen. Dit wordt milieuzonering genoemd. Bij de ontwikkeling van De Donken wordt daar rekening mee gehouden, zodat de kwaliteit van het woon- en leefmilieu is gegarandeerd en bestaande vergunningen en rechten van gevestigde bedrijven worden gerespecteerd.
Ten noorden van de planlocatie bevindt zich een terrein bestemd voor hondensport. Deze functie van hondensport kan geluidshinder geven en heeft daarom in deze gemengde – rumoerige – omgeving een indicatieve hinderafstand (voor geluid) van 30 meter tot woningen. Deze afstand wordt met De Donken gerespecteerd. Onacceptabele hinder als gevolg van de hondersportvereniging is daarom niet aannemelijk. Externe veiligheid De nabijgelegen rondweg A2/A59 valt binnen het Basisnet. Dit is een landelijk aangewezen netwerk voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. De rondweg is daarom relevant voor de externe veiligheid ten opzichte van De Donken. Deze weg kent een aandachtsgebied voor zowel brand, explosie- en gifwolk. Het plangebied valt buiten het aandachtsgebied voor brand: deze zone is 30 meter van de A59 en het plangebied is – met 150 meter afstand van de weg - een flink stuk verder gelegen. Het brandaandachtsgebied is dan ook voor het plangebied niet van belang. De aandachtsgebieden voor explosie- en gifwolk zijn wel van belang. Een deel van het plangebied is in die aandachtsgebieden gelegen. Het explosieaandachtsgebied en het gifwolkaandachtsgebied liggen op respectievelijk 200 en 1.500 meter van de weg. Daarbinnen moeten, in overleg met de gemeente en de Veiligheidsregio, passende maatregelen worden getroffen om te komen tot een voldoende beschermingsniveau voor de bewoners.
Zo dienen er voldoende vluchtmogelijkheden aanwezig te zijn (onder dekking van gebouwen) om binnen 15 minuten op 200 meter van de risicobron (A59) te kunnen zijn. Als ook schuilmogelijkheden
Aandachtsgebieden externe veiligheid rond A2/A59
76
77
en het afschakelen van ventilatie in de woningen bij een calamiteit. Eventueel de toepassing van scherfvrij glas binnen het explosieaandachtsgebied. Vast zullen extra blusvoorzieningen nodig zijn na advies van de Veiligheidsregio en de locatie moet altijd goed toegankelijk zijn voor hulpdiensten. Het geheel aan maatregelen moet leiden tot een veilig en verantwoord plan. Dit dient initiatiefnemer in samenspraak te doen met de gemeente, Veiligheidsregio en de brandweer. Bodem en ondergrond Bij plannen en ontwikkelingen is altijd de vraag of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het huidige of toekomstige gebruik van die bodem en hoe deze optimaal op elkaar kunnen worden afgestemd. Het uitgangspunt is dat de bodemkwaliteit als gevolg van aanwezige bodemverontreiniging geen onaanvaardbaar risico oplevert voor de gebruikers van de bodem. Van het plangebied zijn weinig bodemgegevens bekend, maar gezien de historie wordt deze locatie niet verdacht van bodemverontreinigingen en wordt verwacht dat deze wel geschikt zal zijn voor de nieuwe
functie ‘wonen’. Bij de planontwikkeling zal initiatiefnemer de geschiktheid moeten aantonen met een bodemonderzoek. Waar mogelijk dient bij de uitvoering van de plannen in de ondergrond op gerichte plekken kansen te worden benut om de bodem te herstellen. Hiermee wordt de chemische, fysische en biologische kwaliteit van de ondergrond versterkt. De bodem vormt daarnaast een aandachtspunt bij de aanleg van het beoogde klimaatbestendig groen. Voor het creëren van een klimaat robuuste bodem met een goede sponswerking is een verbetering van de bodemstructuur en samenstelling noodzakelijk. Ook moet rekening worden gehouden met de drukte in de ondergrond. De diverse ondergrondse toepassingen, zoals de waterberging, parkeren, boomwortels, kabels en leidingen, vergen een zorgvuldige ondergrondse afstemming. Gelet op het plan en de daarmee gepaard gaande ingrepen in de ondergrond, zal in een vroeg stadium van de planontwikkeling een verkenning naar de ondergrond moeten worden uitgevoerd om de beschikbare ruimte in de ondergrond te
In bovenstaande afbeelding is de specifieke magneetveldzone gearceerd aangegeven
78
ordenen, zodanig dat zowel de ontwikkelingen op de korte termijn doorgang kunnen vinden als dat deze geen belemmering gaan vormen voor toekomstige ontwikkelingen. Zoals eerder benoemd wordt binnen de gebiedsontwikkeling een gesloten grondbalans gehanteerd. Elektromagnetische velden Bij de aanleg van nieuwe hoogspanningslijnen houdt de Rijksoverheid tegenwoordig vanuit gezondheidsoverwegingen rekening met woningen. Voor 2005 was dat nog niet het geval en liepen hoogspanningslijnen ook door bewoond gebied. Het huidige advies is om nieuwe woningen, scholen en kinderdagverblijven buiten de magneetveldzones van hoogspanningslijnen te plaatsen. Voor bestaande woonobjecten geldt dit advies niet. Nabij het plangebied bevindt zich een bovengrondse hoogspanningslijn. De berekende magneetveldzone van de nabijgelegen hoogspanningslijn is 45 meter vanaf het hart van de lijn. Deze afstand wordt gerespecteerd voor de nieuwe woningen, de buurtkamer en de privé buitenruimtes van de woningen. Voor bestaande woonobjecten geldt
dit advies niet. Naast hoogspanningslijnen zijn transformatorstations en middenstations ook relevante bronnen van elektromagnetische velden. Hoewel hier formeel geen afstanden voor gelden, adviseert de Gezondheidsraad er - uit voorzorg - rekening mee te houden bij de positionering bij woningen, daar waar sprake is van langdurig verblijf. Afstand tot woningen is hierbij gewenst, hetgeen waar we rekening mee houden in de verdere uitwerking van De Donken.
Archeologie In juni 2023 is een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek en verkennend booronderzoek uitgevoerd voor het plangebied De Donken te ’s-Hertogenbosch. Uit het bureauonderzoek is gebleken dat het plangebied ligt op de overgang van de Brabantse zandgronden in het zuiden naar het rivierengebied in het noorden. In de ondergrond liggen lage dekzandkoppen of – welvingen die in de loop van het neolithicum met veen bedekt raakten en vanaf de middeleeuwen met klei. Daardoor worden de
In bovenstaande afbeelding is de specifieke archeologische situatie weergegeven
79
zandkoppen aan het oog onttrokken. Bovendien is tegenwoordig sprake van een opgebracht pakket grond ten behoeve van de woonwijk, waardoor het maaiveld tenminste een meter hoger ligt dan voorheen. Op dekzandkoppen zijn in het verleden al archeologische vondsten gedaan, waardoor aan deze op de gemeentelijke verwachtingskaart een middelhoge verwachting aan is toegekend. Historisch gezien blijkt de ligging van het plangebied in de komgronden uit de langgerekte slotenverkaveling, de weteringen die het polderwater afvoeren en de voormalige eendenkooi iets ten oosten van het plangebied. De huidige woonwijk is in de jaren 1970 aangelegd. Op basis van de verzamelde gegevens worden in het plangebied op de dekzandwelvingen vindplaatsen van jagerverzamelaars verwacht, afgedekt door een dunne laag klei en daarop ophoogzand. Vanwege die afdekking, is de verwachte gaafheid hoog. Uit het veldonderzoek is gebleken dat in het plangebied enkele dekzandwelvingen aanwezig zijn afgedekt onder komklei. De bodem in de top van het dekzand varieert van veen in de delen waar het zand het diepst zit tot een natte podzol op de hogere kopjes. Voor landbouwers waren ze daarom niet interessant (te nat en te klein). Het is echter niet uit te sluiten dat de kopjes in de steentijd door de jagerverzamelaars zijn gebruikt.
De bodem in het dekzand is vanwege de afdekkende klei intact, zodat eventuele vuursteenvindplaatsen gaaf zullen zijn. Gezien de diepteligging van de dekzandwelvingen, is het advies toekomstige bodemingrepen te beperken tot 2.4 m +NAP (30 cm boven het hoogste voorkomen van het dekzand op de zuidwestelijkewelving). In dat geval blijven het dekzand en eventueel daarin aanwezige vuursteenvindplaatsen ongeroerd in de bodem behouden. Indien dit niet mogelijk is, is het aan initiatiefnemer om voorafgaand
80
een nader karterend booronderzoek uit te voeren om de welvingen (twee vastgesteld, één verwacht) en eventueel daarop aanwezige vindplaatsen in kaart te brengen en in gelet daarop, eventuele maatregelen te treffen. In het overige deel van het plangebied worden geen vindplaatsen verwacht en wordt verder onderzoek niet nodig geacht. Natuur en stikstof Het plangebied De Donken ligt op circa 4 km afstand van het Natura 2000-gebied Vlijmens Ven, Moerputten en Bossche Broek. De aanleg- en gebruikersfase van het project mogen geen significante negatieve gevolgen op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 2000-gebieden hebben. De meeste effecten (zoals licht, geluid en trilling) op de instandhoudingsdoelstellingen zijn op voorhand uit te sluiten. Een stikstofberekening met het rekeninstrument AERIUS Calculator moet uitwijzen of de stikstofdepositie beneden de 0,00 mol N/ha/jaar blijft. Blijkt het meer, dan dienen er mogelijke oplossingen te worden onderzocht. Bij een berekende toename zal de provincie uiteindelijk beoordelen of de ontwikkeling De Donken een aantasting van het Natura 2000-gebied betekent. De provincie is het bevoegd gezag om, op basis van een positief resultaat, vergunning te verlenen.
In de voorbereiding van voorliggend RFK is, op basis van reeds bestaande en toekomstige emissiebronnen, de stikstofdepositie (voor) berekend op de nabijgelegen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Uit zowel de plantoets voor de gebruiksfase als de uitvoerbaarheidstoets voor de aanlegfase blijkt dat de stikstofdepositie beneden de 0,00 mol N/ha/ jaar blijft. Voor nu is uitgesloten dat er negatieve effecten zullen zijn op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 200-gebieden. Bij de start van de planontwikkeling zal opnieuw een zogenaamde ‘AERIUS-berekening’ gedaan moet worden, waarbij een stikstofdepositie beneden de 0,00
mol N/ha/ het uitgangspunt blijft.
de werkzaamheden soortgericht onderzoek noodzakelijk voor deze soortgroepen.
Natuur-inclusieve woonbuurt Een van de opgaves van De Donken is om een natuur-inclusieve woonbuurt te maken. Dit gaat verder dan enkel het ophangen van nestkastjes, groene daken en gevels. Het gaat ook om het integraal mee-ontwerpen voor stedelijke levenskwaliteit waarbij planten, dieren en mensen samen floreren. De vestigingsplaatsen van planten en dieren behoren een volwaardig en integraal onderdeel van de bebouwing te zijn. Het gaat hierbij om duurzame en robuuste oplossingen, die daadwerkelijk effect hebben op de biodiversiteit in de omgeving. De gebouwen en bouwwerken als bruggen, muurtjes en andere voorzieningen dienen een spontane uitnodiging te zijn aan gebouwbewonende soorten, zoals zoogdieren, vogels, muurplanten en insecten. Met dit alles dient in de stedenbouwkundige uitwerking van de plannen rekening te worden gehouden. Hierbij is het vereist dat een ecoloog meewerkt aan de nadere uitwerking van de gebouwen.
Soortenbescherming Om te toetsen of de plannen voor De Donken mogelijk negatieve effecten hebben op beschermde natuurwaarden, zoals wilde plant- en diersoorten, en om te bepalen of een vergunningplicht geldt onder de Omgevingswet, is een quickscan natuur uitgevoerd. In principe blijven bestaande groenstructuren langs de randen van het plangebied, zoals houtwallen en bosjes, zoveel mogelijk behouden. Bij behoud van deze groenstructuren zijn negatieve effecten op soorten zoals eekhoorn, bever, steenmarter, boommarter, vogels met jaarrond beschermde nesten, alpenwatersalamander, kamsalamander en vleermuizen uitgesloten. Indien besloten wordt (delen van) deze bomen toch te kappen, is voorafgaand aan
Voor de kleine marterachtigen, zoals de wezel en bunzing, kunnen de voormalige voetbalvelden binnen het plangebied een essentieel leefgebied vormen. Om te bepalen of deze soorten aanwezig zijn, is soortgericht onderzoek vereist. Ook voor vleermuizen moet rekening worden gehouden met verlichting tijdens de uitvoeringsfase en in de nieuwe situatie; deze verlichting dient vleermuisvriendelijk te zijn. Tijdens de verdere planuitwerking moet rekening worden gehouden met de eisen voor deze diersoorten. Indien uit soortgericht onderzoek blijkt dat verblijfplaatsen of essentiële leefgebieden van een of meer van deze soorten aanwezig zijn, moet in principe een omgevingsvergunning worden aangevraagd. Deze wordt dan aangevraagd voor een flora- en fauna-activiteit met betrekking tot schadelijke handelingen zoals beschreven in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Eén van de vereisten hierin is het nemen van mitigerende maatregelen. Daarnaast geldt de algemene zorgplicht voor alle soortgroepen, en voor rode lijstsoorten een specifieke zorgplicht. Initiatiefnemer moet bovendien in de verdere planuitwerking aantonen hoe de ontwikkeling bijdraagt aan actieve soortbescherming.
Dit houdt in dat wordt gestuurd op essentiële condities en natuurlijke processen, gericht op het beschermen, herstellen en in stand houden van biotopen en leefgebieden voor een gevarieerd en omvangrijk aantal soorten, ook buiten Natura 2000-gebieden.
81
Mobiliteit De Donken wordt een eigentijdse groen-stedelijke woonbuurt. De voetganger en fietser nemen een prominente plek in de buurt in. Toch zorgt de toevoeging van een groot aantal woningen voor extra verkeer. Mobiliteit, bereikbaarheid, verkeersontsluiting en parkeren zijn daarom van groot belang. In dit hoofdstuk wordt hier nader op ingegaan.
5
5
Mobiliteit Duurzame mobiliteit
de Donkse Dreef en Ploossche Hof. Deze
In De Donken wordt op schoon, slim en veilig
wegen zijn erftoegangswegen (ETW) met een
vervoer ingezet. Bewoners parkeren binnen
snelheidslimiet van 30 km/uur en vormen
het plangebied, op een beloopbare afstand
de verkeersontsluiting van De Donken. De
tot hun woning. Een deel van het parkeren
rijbaanbreedte is dusdanig dat het verkeer
wordt opgelost in een verdiepte ondergrondse
hierop goed kan worden afgewikkeld.
parkeergarage. Ook zijn er voldoende stallingsmogelijkheden voor de fiets en scooter
Donkse Dreef
in de gebouwen en in de openbare ruimte.
Met de gebiedsontwikkeling De Donken
Zowel op het maaiveld als in de parkeergarage
zal het verkeer op de Donkse Dreef
zijn laadvoorzieningen en n bewoners kunnen
toenemen. Deze toename verdeelt zich naar
gebruikmaken van deelmobiliteit. In deze
verwachting tussen de routes richting de
ontwikkeling wordt voor minimaal 10% van de
Harendonkweg en de Ploossche Hof, waarbij
parkeerplaatsen voorzien van een laadpunt
de meerderheid waarschijnlijk de route naar
voor elektrische voertuigen. We streven
de Harendonkweg zal kiezen als snelste optie.
naar een veel groter aantal laadpunten in de
De Donkse Dreef is circa 6 meter breed en
collectieve fietsenstallingen om elektrische
kan een verkeersstroom van ongeveer 6.000
fietsen goed te kunnen bedienen.. Om
motorvoertuigen per etmaal verwerken, een
voorbereid te zijn op de toekomst worden
aantal dat met deze ontwikkeling niet zal
(ondergrondse) voorzieningen aangebracht –
worden overschreden. Ook is de intensiteit bij
middels een leidingdoorvoer voor oplaadpalen
het nabijgelegen cafetaria aan de Ploossche
per parkeervak – om het aantal laadpunten
Hof afgenomen door het vertrek van de
te kunnen uitbreiden, naar 100% van de
voetbalvereniging.
parkeerplaatsen. Dit geldt ook voor laadpunten voor de fiets en scooter.
Harendonkweg De Donkse Dreef en de Ploossche Hof sluiten
84
“Langzaam verkeer staat op één. Op veel plekken zal de auto uit het zicht zijn.”
Deelmobiliteit
aan op de Harendonkweg via rotondes die
Verspreid door het gebied, komen er vaste
tussen de 20.000 en 25.000 motorvoertuigen
locaties voor deelfietsen en -scooters. Het
per etmaal kunnen verwerken. Ook met de
is aan ontwikkelende partijen om deelauto’s
extra verkeersdruk door De Donken kunnen
aan te bieden. Het aanbieden van deelauto’s is
deze rotondes het verkeer afwikkelen. De
niet verplicht, maar kan (dure) parkeerruimte
verwachting is dat de meeste voertuigen via
uitsparen. Een reductie van de parkeernorm
de rotonde Donkse Dreef – Harendonkweg
behoort dan in principe tot de mogelijkheden,
naar de nieuwe wijk zullen rijden, omdat dit
mits het deelconcept in langjarige contracten
de meest directe route is. De route via de
geborgd is.
Ploossche Hof of de Eerste Reitse Dreef, met
Bereikbaarheid Het plangebied is bereikbaar voor zowel langzaam als gemotoriseerd verkeer via
veel bochten en drempels, is minder logisch. De Harendonkweg is een gebiedsontsluitingsweg (GOW) met een
85
snelheidslimiet van 50 km/uur en is circa
De Donkse Dreef is momenteel de
Parkeren
Naast parkeren op het maaiveld wordt
6,80 meter breed, geschikt voor een
hoofdontsluiting van het plangebied. Met De
Fietsparkeren
een deel van de parkeervoorzieningen
verkeersstroom tot circa 20.000 voertuigen
Donken, waarbij circa 275 tot 300 woningen
Fietsen is gezond en duurzaam. Daarom
ondergronds gerealiseerd, in een verdiepte
per etmaal. Ook hier zal dit aantal niet worden
worden toegevoegd, zal het verkeer op de
wordt het gestimuleerd. Een goede
parkeergarage onder het meest oostelijke
bereikt met de gebiedsontwikkeling De Donken.
Donkse Dreef toenemen, verdeeld over
fietsparkeeroplossing bij de woningen is
woonblok. Deze parkeergarage is bestemd
de routes richting de Harendonkweg en
daarmee van belang. Bij niet-grondgebonden
voor de bewoners en bezoekers van dat
de Ploossche Hof. Verkeersanalyses en
woonblok. De ingang van de verdiepte
Het zuidelijke, westelijke en noordelijke
woningen, zoals in De Donken, kan het
indicatieve berekeningen tonen aan, zoals
parkeergarage sluit direct aan op het
deel vanaf de Donkse Dreef vormt de
fietsparkeren aantrekkelijker geregeld worden
hiervoor aangegeven, dat zowel de Donkse
Donkpad, wat rondrijden door het plangebied
ontsluiting van de woonbuurt De Donken
door middel van een gemeenschappelijke,
Dreef als de Harendonkweg de extra
voorkomt. Het uitgangspunt is dat zowel voor
voor gemotoriseerd verkeer, fietsers en
inpandige fietsenberging, eventueel
verkeersdruk als gevolg van De Donken goed
auto- als fietsparkeren altijd voldaan moet
voetgangers vanuit de stad. Mogelijk wordt in
in combinatie met een losstaande
kunnen verwerken.
gemeenschappelijke fietsenberging op eigen
worden aan de Nota Parkeernormering 2021
terrein. Bewoners parkeren in elk geval niet
of, indien deze beleidsregels gedurende de
op straat maar in een gebouwde voorziening.
planperiode wijzigen, aan de meest actuele
Net als bij autoparkeren, moet ook hier
beleidsregels.
Verkeerscirculatie en ontsluiting
de toekomst in het westelijke deel een loopen fietsbrug aangelegd richting de westelijke buurt De Donk om sociale verbondenheid tussen de buurten te bevorderen.
aandacht zijn voor de mogelijkheden voor het opladen van fietsen. Daarnaast dient in de
Toegankelijkheid
uitwerking van de plannen rekening te worden
Omdat een belangrijk deel van de doelgroep
gehouden met fietsparkeervoorzieningen voor
van De Donken uit ouderen bestaat zal bij
bezoekers, wanneer dit niet mogelijk is op
de uitwerking nadrukkelijk worden gekeken
eigen terrein.
naar toegankelijkheid van de openbare ruimte . Zowel de wegen als paden als
DE DONKEN
Autoparkeren
parkeerplaatsen worden zo ontworpen en
Aan het noordelijk deel van het plangebied
uitgevoerd dat deze ook toegankelijk zijn voor
komen drie parkeerclusters. Deze clusters
mindervaliden. In de verdere uitwerking moet
zijn landschappelijk ingepast in De Donken.
ook aandacht zijn voor de bereikbaarheid van
Per cluster zijn ongeveer tussen de 40 en 60
nood- en hulpdiensten. Ook bij het creëren
parkeerplekken voorzien. De parkeerclusters
van een autoluw gebied, zullen mogelijk
zijn bedoeld voor bewoners en bezoekers
enkele routes als calamiteitenroute moeten
van het meest westelijke woonblok en het
worden aangeduid en ook zo moeten worden
middelste woonblok. De parkeerclusters
vormgegeven.
kunnen worden bereikt via het westelijke gedeelte van het zogenaamde Donkpad. Hiermee wordt voorkomen dat door het De ontwikkeling van De Donken gaat gepaard met een minimale toename van verkeer. Volgens het voorgesteld
plangebied heen gemotoriseerd verkeer
woonprogramma zal de toename ongeveer 950 tot 1200 voertuigbewegingen per dag zijn. Deze toename kan op de
komt: men rijdt alleen van en naar de
huidige wegen in de wijk afgewikkeld worden (Donkse Dreef en Harendonkweg). Bovenstaande afbeelding laat het
parkeerclusters toe.
gebruik van wegen door motorvoertuigen in zien rekeninghoudend met de ontwikkeling van De Donken.
86
87
Strategie In dit hoofdstuk worden de strategische uitgangspunten om de ontwikkeling De Donken een stap dichterbij te brengen op hoofdlijnen beschreven.
6
6
Strategie Juridisch planologisch kader De nieuwe woonbuurt De Donken past, zoals eerder aangegeven, niet binnen het huidige omgevingsplan van ‘s-Hertogenbosch. Om medewerking te kunnen verlenen aan een initiatief dat niet past binnen het omgevingsplan, kan het omgevingsplan worden gewijzigd of kan van het omgevingsplan worden afgeweken met een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactivieit (Bopa).
Geschakeld blok
Doorwaadbaar blok Getrapt blok
Voor de ontwikkeling van De Donken is een omgevingsvergunning voor een Bopa het geschikte instrument. In voorliggend RFK zijn de kaders voor de ontwikkeling van het gebied vastgelegd. Vervolgens kunnen op basis van deze kaders (deel)plannen worden uitgewerkt en worden opgepakt door het indienen van aanvragen om omgevingsvergunning voor een Bopa. Een aanvraag omgevingsvergunning dient te passen binnen het voorliggend RFK en in overeenstemming te zijn met het criterium van ‘een evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Vervolgens kan de gemeente medewerking verlenen aan de ontwikkeling van een (deel)plan, door af te wijken van het bestaande omgevingsplan via een omgevingsvergunning voor een Bopa.
Ontwikkelstrategie Verdeling van de bouwblokken Huur Koop
90
De ontwikkeling wordt in beginsel gefaseerd opgepakt. Uitgangspunt is dat sociale huurwoningen in eigendom en exploitatie komen bij een woningcorporatie die is aangesloten bij Thuispoort: dit gaat in principe om het geschakelde blok en het doorwaardbare blok. Gronden voor sociale huurwoningen worden dan ook rechtstreeks aan een bij Thuispoort aangesloten woningcorporatie uitgegeven.