CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Bijlage 22 bij de Toelichting Oplegnotitie Natuurtoets GEANONIMISEERD

Gemeenteraad 1 februari 2022, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Bestemmingsplan Heesch-West met bijbehorend bestemmingsplan Facetplan geluidszone gezoneerd industrieterrein Heesch West33.466 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Pagina 19

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Verblijfplaatsen/zwermgedrag Vleermuizen gebruiken gedurende het jaar meerdere typen voortplantingsplaatsen en vaste rust- en verblijfplaatsen. Dit zijn zomerverblijfplaatsen, winterverblijfplaatsen, kraamverblijfplaatsen en paarverblijfplaatsen. Het zwermgedrag is gedrag dat veel vleermuissoorten vertonen voordat zij een verblijfplaats binnenvliegen en dat zich kenmerkt door het herhaaldelijk naderen (aanvliegen) van de toegang van de verblijfplaats zonder deze definitief te betreden. Een zwermlocatie is een locatie waar dieren in herfst of voorjaar zwermen (vaak bij of in winterverblijfplaatsen). Foerageergebied Gebied waarbinnen een soort foerageert. Een foerageergebied is van essentieel belang voor het functioneren van de verblijfplaats wanneer er geen alternatieve foerageergebieden zijn om de eventuele aantasting ervan op te vangen. Bij het verdwijnen van essentieel foerageergebied komt de functionaliteit van de verblijfplaats in het geding. Vliegroutes Vaste route vanaf een verblijfplaats naar een foerageergebied, waarvan minimaal 5% van de in de verblijfplaats aanwezige individuen gebruik maakt.

Een vliegroute is essentieel wanneer er geen goede alternatieve vliegroute is om vanuit de verblijfplaats het betreffende foerageergebied te bereiken dan wel dat er wel een alternatieve vliegroute is, maar het gebruik hiervan kost vergeleken met de originele vliegroute teveel energie (te ver omvliegen of te onbeschut). Paarterritoria Territorium waarbinnen een mannelijke vleermuis baltst en deze verdedigt tegen andere mannetjes. Binnen een paarterritorium ligt de paarverblijfplaats. Baltsroep Sociaal geluid (roep) dat mannelijke vleermuizen gedurende de paartijd produceren met de functie om vrouwtjes te lokken en andere mannetjes af te weren. De baltsroep kan bestaan uit een werfroep en contactroep. Baltslocatie Een locatie waar de functie baltsen is en geen paarterritoria of paarverblijfplaatsen worden waargenomen. Figuur 4.3. Overzicht functies vleermuizen binnen een gebied.

De inventarisaties met betrekking tot vleermuizen zijn met behulp van een zogenaamde batdetector uitgevoerd. Er is gewerkt met de Petersson D240X, Petersson D230X, Batlogger M, Petersson M500-384 ultrasone microfoon, Pulsar Helion XP 38 (warmtebeeldcamera) en Anabat walkabout. Dit apparaat vangt de ultrasone geluiden van vleermuizen op en maakt deze hoorbaar voor het menselijk gehoor. Daarnaast biedt het apparaat de mogelijkheid geluiden op te nemen voor analyse achteraf. Enkele soorten zijn namelijk zeer moeilijk te determineren in het veld en vereisen een controle met behulp van analyse-software.

Pagina 20

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Onderzoekgebieden (deelgebieden) Tijdens het vleermuisonderzoek zijn verschillende delen van het plangebied onderzocht. In totaal hebben zes door Antea Group ingezette ecologen het onderzoek naar vleermuizen uitgevoerd. Zodoende is het plangebied afdoende inzichtelijk onderzocht. De onderzoeklocaties in het plangebied zijn gekozen op basis van de biotoopeisen van vleermuizen. Zo is geen onderzoek verricht op open velden en langs bomenrijen welke niet in het plan zijn opgenomen. Alle deelgebieden zijn tegelijkertijd op dezelfde data onderzocht, op de eerste onderzoeksronde na. Deelgebied 6 is bij de eerste onderzoeksronde één dag later onderzocht dan de deelgebieden 1 t/m 5. De deelgebieden zijn hieronder weergegeven in Figuur 4.4. De data waarop deze deelgebieden zijn bezocht, zijn weergegeven in Tabel 4.1.

Figuur 4.4. Deelgebieden waar vleermuisonderzoek is verricht. (Bron: Antea Group, 2021. Bron ondergrond: Qgis)

Zoogdieren - Marterachtigen (das, steenmarter en kleine marterachtigen) Onderzoek naar de das, steenmarter en kleine marterachtigen is uitgevoerd op basis van de Handreiking Kleine Marters in relatie tot soortbescherming (Bouwens, 2017) en het kennisdocument Das (BIJ12, 2017j). Het onderzoek naar de mogelijk aanwezige bunzing, hermelijn, steenmarter en wezel heeft primair plaatsgevonden met behulp van een losse cameravallen en struikrovers, ook zijn enkele mostela’s ingezet. In Figuur 4.5 is aangegeven op welke locaties in 2021 onderzoek is uitgevoerd. Dit zijn de locaties een mogelijke dassenburcht hebben, die geschikt biotoop bieden voor de soorten en/of waar zogeheten wissels (veel belopen dierenpaden) aanwezig zijn. Struikrover De struikrover is een pvc buis waarin een wildcamera is geplaatst. Deze is gemonteerd op een plank waar aan de voorkant een blik sardines is geplaatst. In het blik sardines wordt een gaatje geprikt. Het idee is dat marterachtigen op de geur afkomen en bij het ruiken aan het blik sardines worden gefotografeerd. In het onderzoek zijn 14 struikrovers gebruikt.

Pagina 21

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Losse cameraval Met behulp van een cameraval of wildcamera kunnen schuwe en nacht-actieve dieren worden waargenomen. Inventarisatie van bunzing, das en steenmarter is mogelijk met een cameraval. Mostela De mostela is een standaard cameraval welke in een behuizing met twee openingen geschikt voor marterachtigen is geplaatst. Met behulp van een mostela kunnen wezel en hermelijn op de cameraval, die binnen in de box is gemonteerd, vastgelegd worden. Wezel en hermelijn mijden open ruimtes. De mostela is door middel van een tunnel te bereiken, waardoor deze soorten hun dekking niet hoeven te verlaten. Tijdens het onderzoek zijn 3 mostela’s gebruikt. Tijdens de overige inventarisaties is gelet op sporen, prooiresten, individuen van prooidiersoorten voor de marterachtigen en eventuele zichtwaarnemingen van marterachtigen. Het onderzoek naar marterachtigen heeft plaatsgevonden in de periode 6 mei 2021 – 17 juni 2021.

Figuur 4.5. Overzicht onderzochte locaties in 2021 ten behoeve van onderzoek naar marterachtigen. (bron: Antea Group, 2021, QGIS)

Zoogdieren – Eekhoorn Tijdens het verkennend terreinbezoek zijn drie mogelijke eekhoornnesten waargenomen (figuur 4.6). Het gebruik van deze eekhoornnesten is in het voorjaar 2021 gemonitord middels vier á vijf zichtwaarnemingen van het nest in de periode maart-juni 2021. Hierbij werd gelet op de staat van het nest; was deze geschikt voor bewoning of in vervallen staat en veranderde dit tijdens de onderzoeksperiode. Ook is bij het camera-onderzoek voor marterachtigen gelet op eekhoornwaarnemingen.

Pagina 22

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 4.6. Locaties van eekhoornnesten binnen het plangebied (rood omkaderd). (bron: Antea Group, 2021, QGIS)

Amfibieën Binnen het plangebied kon de alpenwatersalamander niet met zekerheid worden uitgesloten. In het plangebied is gewerkt conform de geldende inventarisatieprotocollen van RAVON (Groeneveld et al., 2011) en netwerk groene bureaus. In Figuur 4.7 zijn de onderzoekgebieden voor het soortgericht amfibieënonderzoek weergegeven. In het hiernavolgende is de methodiek uiteengezet.

Figuur 4.7. Overzicht onderzochte locaties ten behoeve van het amfibieënonderzoek. (bron: Antea Group, 2021, QGIS)

Alpenwatersalamander De beste methode om alpenwatersalamanders te inventariseren is door de dieren te vangen (en los te laten) gedurende de waterfase (periode: april – eind mei). De dieren verblijven in deze periode in het water en zijn bezig met baltsen en het afzetten van eieren. Ook kunnen in deze periode al larven in het water aanwezig zijn. De dieren zijn geïnventariseerd met behulp van een schepnet.

Pagina 23

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Toelichting methodieken Scheppen met een RAVON-net Voor het vangen van dieren is de schepmethode met een RAVON-net ingezet waarbij het net naar het midden van het water wordt uitgegooid en vervolgens over de bodem, naar de onderzoeker toe, naar de kant wordt getrokken. Op deze wijze worden ook veel andere dieren gevangen, welke een bijdrage kunnen leveren aan de indruk op de kwaliteit van het water. Na inventarisatie zijn de dieren weer vrijgelaten in het water. Vissen Binnen het plangebied wordt de grote modderkruiper verwacht. De watergangen zijn geschikt en de soort is in het verleden in het plangebied vastgesteld (Aukema, 2004; Antea Group, 2018). Een actualisatie dient uit te wijzen of de soort nog steeds in de watergangen van het plangebied aanwezig is. Voor deze soort is gewerkt conform de geldende inventarisatieprotocollen van RAVON. De meest effectieve methode om grote modderkruipers vast te stellen is met behulp van eDNA. eDNA bemonstering Er zijn 20 subsamples genomen over een traject van 50-100 meter of rondom een te bemonsteren waterlichaam. Deze 20 subsamples zijn vervolgens gemengd in een steriele samplingzak. Vanuit deze samplingzak is een sample van 90 mL genomen, dat wordt verdeeld over 2 epjes die tot twee derde gevuld zijn met alcohol en een buffer. De buizen zijn vervolgens opgestuurd en geanalyseerd in het laboratorium (Datura, 2021).

In Figuur 4.8 is een overzicht gegeven van de locaties waar eDNA monsters zijn genomen voor het onderzoek naar de grote modderkruiper.

Figuur 4.8. Overzicht Locaties waar eDNA monsters zijn genomen voor het onderzoek naar Grote Modderkruiper (GM). (bron: Antea Group, 2021, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling, 2018, bron ondergrond: QGIS-PDOK).

Overzicht onderzoekdata en weersomstandigheden In Tabel 4.1 is een overzicht gegeven van de data en weersomstandigheden van het onderzoek naar vogels met jaarrond beschermde nesten, zoogdieren, amfibieën en vissen.

Pagina 24

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Tabel 4.1. Overzicht data en weersomstandigheden tijdens de soortspecifieke onderzoeken. JRBN: vogels met jaarrond beschermde nesten anders dan gebouwbewonende uilen en huismus.

Datum

Tijd

07-10-2020

Soort

Weer

Kerkuil

Zoggelsestraat 118

04-02-2021

17:45 – 19:30

Steenuil

5 graden Celsius, licht bewolkt, windkracht 0.

23-02-2021

19:00 – 20:45

Steenuil

7 graden Celsius, licht bewolkt, windkracht 1

04-03-2021

20:00 – 20:30

Steenuil

9 graden Celsius, licht bewolkt, windkracht 1

18-03-2021

13:30 – 17:45

JRBN Eekhoorn

8 graden Celsius, bewolkt, regenachtig, windkracht 2

09-04-2021

08:30 – 12:15

16-04-2021

08:00 - 12:00

JRBN Eekhoorn Huismus

21-04-2021

08:45 – 13:00

JRBN Eekhoorn

8 graden Celsius, zonnig, windkracht 2 13 graden Celcius, bewolkt tot deels zonnig, windkracht 1 13 graden Celsius, licht bewolkt, windkracht 2.

29-04-2021

07:00 - 12:00

Huismus

15 graden Celcius, bewolkt, windkracht 1

29-04-2021

21:00 – 23:00

Steenuil

13 graden Celsius, licht bewolkt, windkracht 2.

06-05-2021

Marterachtigen

07-05-2021 11-05-2021

Marterachtigen JRBN Eekhoorn

07:45 – 12:00

21-05-2021

Locatie

alleen locatie Van Rijckevorselweg 4

14 graden Celsius, bewolkt, windkracht 1

Marterachtigen

27-05-2021

10:00 - 16:00

27-05-2021

10:00 - 16:00

27-05-2021

21:30-00:30

Grote modderkruiper Alpenwatersalamander Vleermuizen

28-05-2021

21:30 - 00:30

Vleermuizen

04-06-2021 17-06-2021

03:00-05:30

Marterachtigen Vleermuizen

09-06-2021

08:45-11:15

17-06-2021 17-06-2021

JRBN Eekhoorn Marterachtigen JRBN

01-07-2021

21:10-21:40

JRBN

01-07-2021

21:40-00:00

Vleermuizen

16-08-2021

23:00-02:00

Vleermuizen

06-09-2021

23:00-02:00

Vleermuizen

17 graden Celcius, zonnig 17 graden Celcius, zonnig 11 graden Celcius, licht bewolkt, windkracht 1 11 graden Celcius, onbewolkt, windkracht 1

Deelgebied 1 tot 5

18 graden Celcius, onbewolkt, windkracht 1 24 graden Celcius, helder, windkracht 1

Deelgebied 1 t/m 6

Deelgebied 6

Enkel nest 2 17 graden Celcius, bewolkt, windkracht 1 15 graden Celcius, bewolkt, windkracht 1 14 graden Celcius, bewolkt, windkracht 1 13 graden Celcius, onbewolkt, windkracht 1

Pagina 25

Enkel nest 2 Deelgebied 1 t/m 6 Deelgebied 1 t/m 6 Deelgebied 1 t/m 6

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

5

Resultaten inventarisatie natuurwaarden In paragraaf 5.1 wordt de ligging en relevantie van beschermde Natura 2000-gebieden beschreven en in paragraaf 5.2 de uiteenzetting van het NNB in de omgeving van het plangebied. In paragraaf 5.3 wordt de bescherming van houtopstanden toegelicht. In paragraaf 5.4 wordt aangegeven welke beschermde soorten in – en in de omgeving van het plangebied van Heesch West voorkomen. Aangegeven wordt uit welke informatie dit is afgeleid. De paragraaf eindigt met een overzicht van alle relevante soorten waarvoor een effectbeoordeling aan de orde is.

Natura 2000-gebieden 5.1.1

Ligging Natura 2000-gebieden De planontwikkeling ligt op grote afstand van Natura 2000-gebieden (zie Figuur 5.1). Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek ligt op circa 10 kilometer afstand ten westen van het plangebied. Ten noorden van het plangebied is het eerste Natura 2000-gebied Rijntakken (op ca 11 km). Verder naar het westen ligt op ca. 20 km afstand het Natura 2000-gebied Kampina en Oisterwijkse Vennen. Ten zuiden en ten oosten van het plangebied liggen de Natura 2000-gebieden op meer dan 30 km (zie Figuur 5.1).

11 km

10 km

20 km

Figuur 5.1. Ligging plangebied (globaal omkaderd) t.o.v. omliggende Natura-2000 gebieden (Bron: AERIUS Calculator, 2020).

Pagina 26

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

5.1.2

Beschrijving dichtstbijgelegen Natura 2000-gebieden Vlijmens Ven, de Moerputten en het Bossche Broek Het Natura 2000-gebied betreft een Habitatrichtlijngebied. Het Vlijmens Ven, de Moerputten en het Bossche Broek vormen samen één gebied ten zuidwesten van 's-Hertogenbosch. Hier gaat het beekdal van de Dommel over in het laagveengebied van de "Naad van Brabant". Door de ligging in deze overgangszone zijn in het gebied base minnende water-, moeras- en graslandvegetaties aanwezig. Het Vlijmens Ven is een kwelgebied waar kranswiervegetaties wordt aangetroffen in sloten. De Moerputten is een natuurreservaat met een groot areaal aan blauwgrasland en elzenbroekbos. Het Bossche Broek is een moerassig gebied in de benedenloop van de Dommel, waar blauwgraslanden aanwezig zijn (Bron: website ministerie van LNV). De instandhoudingsdoelen zijn in Bijlage 2 weergegeven. Figuur 1 in Bijlage 2 geeft nauwkeurig de begrenzing van het Natura 2000-gebied weer. Rijntakken Het Natura 2000-gebied Rijntakken is een omvangrijk Natura 2000-gebied (zie het figuur in Bijlage 2). Het omvat vier deelgebieden: de uiterwaarden van de IJssel, de uiterwaarden van de NederRijn, de Gelderse Poort en – het deelgebied het dichtst bij het plangebied gelegen – de uiterwaarden van de Waal. Het Natura 2000-gebied Rijntakken is een Vogelrichtlijngebied en deels een Habitatrichtlijngebied.

De instandhoudingsdoelen zijn in tabel 2 in Bijlage 2 weergegeven.

Natuurnetwerk Brabant en Groenblauwe mantel 5.2.1

Ligging NNB- en GBM-gebieden In de directe omgeving ligt een aantal percelen / kleine gebiedjes die zijn aangewezen als NBB. Het dichtstbij gelegen grotere NNB-gebied ligt op ca. 800 meter ten noordoosten van het plangebied, aan de overzijde van de A59 (zie Figuur 5.2a en c). Overige groenstructuren binnen de grenzen van het plangebied zijn niet aangewezen als NNB. In - en direct nabij - het plangebied is geen Groenblauwe mantel aanwezig. Aan de noordzijde van de A59 is een groot GBM-gebied gelegen (zie ook Figuur 5.2b). Deze ligt echter buiten de invloedssfeer van voorliggend plan en direct nabij een andere grote verstoringsbron – de A59 – en wordt daarom buiten voorliggende toetsing gehouden.

Pagina 27

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.2a. Boven: Ligging NNB-gebieden (licht groene arcering) nabij het plangebied; er liggen geen NNB gebieden in de directe invloedssfeer van het plangebied. Wel ligt 1 NNB gebied aan de rand van het plangebied. Onder: aanduiding NNB-gebied buiten de grenzen van het plangebied. (Bron: Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant 2020).

Figuur 5.2b. Ligging Groenblauwe mantel gebieden (gestreepte arcering) t.o.v. het plangebied; Er is geen Groenblauwe mantel in het plangebied aanwezig. (Bron: Interim Omgevingsverordening Noord Brabant 2020). Pagina 28

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

5.2.1.1

Beschrijving NNB-gebieden De meeste NNB-gebieden in de directe omgeving van het plangebied bestaan uit versnipperde bospercelen met een gering oppervlakte en/of liggen direct nabij storingsbronnen (zoals de A59 en bebouwing). Ze zijn aangewezen als N16.04 Vochtig bos met productie (zie Figuur 5.2c). De kleine bospercelen liggen geïsoleerd en niet nabij omvangrijke bosgebieden. Er is eveneens geen sprake van een aangewezen en beschermde ecologische verbindingszone (EVZ) in en rondom het plangebied noch tussen de NNB-gebieden. Alleen ten noordoosten van het plangebied is een groot aaneengesloten NNB-gebied aanwezig. Dit gebied is gescheiden van Heesch West door de A59.

NNB

NN NNB B Geen Gee NNB n

NNB

NN NNB

NN NNB B

B

Figuur 5.2c. Aanduiding NNB-gebieden in de omgeving van het plangebied (rood omlijnd) met aanduiding natuurbeheertypen. In de nabijheid van het plangebied zijn voornamelijk bospercelen met de aanduiding N16.04 Vochtig bos met productie en N16.03 Droog bos met productie aanwezig (bron: Provincie Noord-Brabant, Natuurbeheerplan 2018).

De kwaliteit van NNB-gebieden wordt bepaald door een aantal aspecten. Hoe kleiner de natuurgebieden, en hoe verder ze van elkaar liggen (en/of onbereikbaar zijn), hoe groter de kans dat er negatieve effecten optreden en reeds van invloed zijn (huidige situatie) – en hoe lager de kwaliteit is. De drie belangrijkste elementen staan op de volgende pagina weergegeven (Alterra, 2001 en Bohemen, 2004). Pagina 29

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

 

De functionaliteit en de landschappelijke samenhang neemt af. Hierdoor neemt tevens de kwaliteit van het natuurgebied af; Een belangrijk aspect bij eventuele uitwisseling van soorten tussen natuur(NNB)gebieden is dat er migratie mogelijk moet zijn tussen de verschillende deelgebieden. Dit kan echter belemmerd worden door barrières die de gebieden scheiden; de gescheiden leefgebieden raken als gevolg hiervan geïsoleerd; Meer randeffecten treden op doordat natuurlijke gebieden van elkaar gescheiden worden en er zo een grotere oppervlakte/omtrek ratio ontstaat.

Als gevolg van deze versnipperde ligging kunnen andere stressfactoren tevens van grote invloed zijn op het welzijn van de aanwezige soorten. Doordat het aanpassingsvermogen van de soorten achteruitgaat door de vermindering van kwaliteit en omvang, worden de soorten alsmaar gevoeliger voor externe factoren. Gezien bovenstaande wordt de waarde van de aanwezige NNB-gebieden in de directe nabijheid van het plangebied en die met een klein oppervlakte, in ruimtelijk, verbindend en mogelijk kwalitatief opzicht als niet hoog ingeschat. De NNB-gebieden vormen naar verwachting met name een leefgebied voor vogelsoorten, kleine tot middelgrote zoogdieren en mogelijk biotoop voor amfibieën.

Beschermde houtopstanden In en direct rond het plangebied komen bosschages voor. De bosschages in het plangebied vallen buiten de bebouwde kom beschermde houtopstanden en binnen het plangebied. Onder deze voorwaarden vallen een aantal bosschages (> 1.000m2 en rijbeplantingen van meer dan 20 bomen) onder de Wet natuurbescherming. In Figuur 5.2d zijn deze bosschages en rijbeplantingen die vallen onder de bescherming van de Wet natuurbescherming aangegeven en die binnen het plangebied liggen. De overige bomen binnen het plangebied voldoen niet aan deze criteria en zijn buiten beschouwing (en buiten het Figuur) gelaten.

Figuur 5.2d. Aanduiding bosschages binnen het plangebied die beschermd zijn in het kader van de Wet natuurbescherming. Pagina 30

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Beschermde soorten In deze paragraaf worden de bevindingen per soortgroep uiteengezet. Per soortgroep worden allereerst de bevindingen uit de bureaustudie (NDFF en voorgaande onderzoeken) weergegeven. Vervolgens worden de resultaten uit de veldonderzoeken die in 2021 zijn uitgevoerd (in de volgorde: Verkennend onderzoek 2021 en Soortgericht onderzoek 2021), uiteengezet. Dikgedrukt zijn de soorten die essentieel leefgebied in het plangebied hebben. Het daadwerkelijk voorkomen van beschermde soorten is per soortgroep onder aan de betreffende paragraaf samengevat en is tevens in een alles omvattende tabel (voor het hele plangebied) weergegeven in paragraaf 5.4.8.

5.4.1

Vogels Bureaustudie NDFF Uit de recente verspreidingsinformatie van de NDFF blijkt dat in en/of nabij het plangebied in het verleden diverse beschermde soorten zijn waargenomen door derden (binnen een straal van 2,5 kilometer) (zie Tabel 5.1). Tabel 5.1. Voorkomen van vogels met een jaarrond beschermd nest (categorie 1 t/m 4*) in de nabijheid van het plangebied volgens verscheidene bronnen. Onderzoek Onderzoek Onderzoek Soortgroep Soort NDFF 2004 2015 2018 Boomvalk X Buizerd X X Gierzwaluw X Grote gele kwikstaart Havik X Huismus X X X Vogels met een Kerkuil X jaarrond Ooievaar beschermd nest Ransuil Roek X Slechtvalk Sperwer Steenuil

X X

X

X

X

Wespendief

*Jaarrond beschermde nesten van categorie 5-vogelsoorten worden in het plangebied niet verwacht. In het plangebied

worden van deze soorten, waarvan de nesten alleen jaarrond zijn beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen, geen nesten verwacht die zeldzaam zijn in de omgeving of onvoldoende nestgelegenheden hebben in de omgeving. Derhalve zijn er geen zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden die jaarronde bescherming rechtvaardigen.

Pagina 31

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Natuurrapporten uit het verleden In het onderzoek van Aukema, 2004 zijn diverse algemene broedvogels aangetroffen. Twee vogels met een jaarrond beschermd nest zijn destijds waargenomen, namelijk de buizerd en de steenuil. In het onderzoek van Aukema & de Jong (2015) zijn nestlocaties van huismus en steenuil in het plangebied vastgesteld. In het onderzoek van Antea Group (2018) zijn nestlocaties van de huismus, sperwer en steenuil in het plangebied vastgesteld (Figuur 5.3a-c).

Figuur 5.3a. Nestlocaties huismussen (groene stippen) in het plangebied (rood omkaderd). (bron: Antea Group, 2018).

Figuur 5.3b. Aangetroffen sperwer op een nest (groene stip) en verlaten nesten (rode kruizen) in het plangebied. Rechtsonder is een vergrootte weergave van de bosschage west toegevoegd. Hierop is de precieze locatie van het sperwernest gemakkelijker te zien (bron: Antea Group, 2018).

Pagina 32

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.3c. Vastgestelde territoria van steenuil (oranje cirkel) binnen het plangebied (rood omkaderd). Met een ster is de vermoedelijke nestlocaties binnen het plangebied aangegeven. (bron: Antea Group, 2018).

Verkennend onderzoek 2021 Tijdens het verkennend terreinbezoek 2021 is geconstateerd dat een aantal soorten uit de bureaustudie (NDFF), die een jaarrond beschermd nest hebben, niet kunnen voorkomen in het plangebied. Het biotoop in het plangebied is afwijkend. De gierzwaluw broedt voornamelijk in stedelijk gebied. In het buitengebied komen nagenoeg geen nesten voor. Om deze reden worden er in het plangebied geen nesten van de gierzwaluw verwacht. Ook zijn geen aanwijzingen gevonden (zoals mestsporen) om te vermoeden dat de gierzwaluw binnen het plangebied broedt. Verwacht wordt dat het plangebied geen essentieel leefgebied vormt voor de gierzwaluw. Bij het verkennend onderzoek zijn geen mogelijke nesten van ooievaar waargenomen, zoals palen met houten platforms. Nesten van de ooievaar kunnen worden uitgesloten van het plangebied. De grote gele kwikstaart nestelt graag vlak bij stromend water in een nis in een muur of onder een brug of bij boomwortels in oevers. Binnen het plangebied zijn geen geschikte broedplaatsen voor de grote gele kwikstaart aangetroffen. In het open boerenland broedt de slechtvalk in Nederland met name in hoogspanningsmasten en op hoge gebouwen. Deze zijn niet in het plangebied aanwezig.

Op basis van het verkennend terreinbezoek is gebleken dat het plangebied wel geschikt leefgebied kan vormen voor de overige soorten uit de bureaustudie en voor algemeen voorkomende vogelsoorten. Oude schuren en gebouwen binnen het plangebied kunnen in gebruik worden genomen als broedplaats door huismus, kerkuil en steenuil. Dit is ook gebleken uit het onderzoek van Aukema & de Jong (2015) en Antea Group (2018). Daarnaast zijn vijf grote nesten aangetroffen tijdens het verkennende terreinbezoek van 2021 die gebruikt kunnen worden door roofvogels met een jaarrond beschermd nest. Verder zijn er nesten in kolonieverband aangetroffen die in gebruik kunnen zijn door roeken. In het hiernavolgende zijn de resultaten van het soortgericht onderzoek uit 2021 beschreven. Pagina 33

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Soortgericht onderzoek 2021 Naar de volgende soorten is om voorgaande redenen soortgericht onderzoek uitgevoerd om de aan- of afwezigheid vast te stellen: boom bewonende vogels met jaarrond beschermd nest (boomvalk, buizerd, havik, ransuil, roek, sperwer), huismus en uilen (kerkuil en steenuil). De resultaten zijn hieronder uiteengezet. Vogels met jaarrond beschermd nest (anders dan gebouwbewonende uilen en huismus) In het plangebied zijn vijf grote nesten aangetroffen welke mogelijk door boomvalk, buizerd, havik, ransuil, roek of sperwer in gebruik zijn. Aan de hand van het soort-specifieke onderzoek is gebleken dat één nest (nest 3) in gebruik is door de buizerd (zie Figuur 5.4 voor de locatie). De buizerd is een soort waarvan het nest jaarrond beschermd is. Nest 1 en 4 werden niet gebruikt en nest 5 was in gebruik door een zwarte kraai. Nest 1, 4 en 5 zijn hierom niet jaarrond beschermd. Op de locatie van nest 2, dezelfde bosschage als waar in 2018 een sperwernest en in 2019 territoriaal gedrag van de sperwer is vastgesteld, was weer een mannelijke sperwer aanwezig. De mannelijke sperwer was alleen. De sperwer heeft in 2021 niet gebroed in het bosje ter hoogte van nest 2. Naast het sperwernest zijn op locatie 2 ook een aantal nesten aanwezig waarbij de eerste twee bezoeken een aantal roeken aanwezig was. De roeken zijn bij de andere nestcontroles niet meer waargenomen.

Ten noorden van de A59 is een kolonie aanwezig. Waarschijnlijk zijn ze teruggekeerd naar deze locatie. De nesten ter hoogte van locatie 2 zijn niet gebruikt als nestplaats en daarmee niet jaarrond beschermd. De boomvalk, havik en ransuil zijn niet waargenomen bij het onderzoek. Er zijn geen nesten van deze soorten binnen het plangebied aangetroffen.

Figuur 5.4. Locaties met mogelijk jaarrond beschermde nesten. Uit nader onderzoek in 2021 is gebleken dat enkel nest 3 in gebruik is door een jaarrond beschermde soort; de buizerd. Nest 3 is hiermee jaarrond beschermd. De andere nesten zijn niet jaarrond beschermd (bron: Antea Group, 2021, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling, 2018, bron ondergrond: Globespotter)

Huismus In het plangebied zijn dertig broedparen aangetroffen van de huismus. De huismus is een soort waarvan het nest het hele jaar beschermd is. Voornamelijk de woningen aan de Koksteeg bevatten de juiste elementen en omgevingseisen voor de huismus. Figuur 5.5 toont de broedgevallen binnen het plangebied en tabel 5.2 de exacte locaties.

Pagina 34

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.5. Nestlocaties (gele stippen) (met het aantal broedparen) in het plangebied (rood omkaderd). (bron: Antea Group, 2021, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling, 2018, bron ondergrond: Globespotter). Tabel 5.2. Adreslijst en het aantal broedparen per locatie, binnen het plangebied. Locatie

Aantal broedparen

Koksteeg 4 Koksteeg 3 Koksteeg 7 Koksteeg 9 Koksteeg 8 Koksteeg 14a&b

1 3 2 4 4 4

Koksteeg 16

1

Koksteeg 22 Koksteeg 19&21

2 3

Weerscheut 8b

2

Weerscheut 8

4

Totaal

30

Pagina 35

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Steenuil In het plangebied is één nestlocatie vastgesteld van de steenuil, op de locatie Zoggelsestraat 120, zie Figuur 5.6. Hier bevindt zich een nestkast voor de steenuil, hoewel de steenuil volgens de bewoner ook gebruik maakt van een scheefhangende dakpan. De steenuil is hier zowel roepend gehoord als via zichtwaarnemingen vastgesteld. Op de andere locaties zijn geen steenuil territoria vastgesteld.

Figuur 5.6. Vastgestelde nestlocatie van steenuil (gele stip) binnen het plangebied (rood omkaderd).

Kerkuil De kerkuil heeft een verblijfplaats in een kerkuilnestkast op de Zoggelsestraat 118 (Figuur 5.7a). Tijdens het terreinbezoek zijn verse uitwerpselen, braakballen bij de nestkast aangetroffen. Daarnaast is een kerkuil in de stal waargenomen (Figuur 5.7b). De kerkuil is in de rest van het plangebied niet waargenomen.

Figuur 5.7a. Locatie van de kerkuilnestkast binnen het plangebied (blauwe punt).

Pagina 36

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.7b. Boven: Verse sporen van kerkuil (links) en zichtwaarneming kerkuil in stal (rechts). Onder: braakballen bij nestkast.

Pagina 37

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Samenvatting aanwezige vogelsoorten met een jaarrond beschermd nest Aanwezig in plangebied Heesch West

Soort Vogel met jaarrond beschermd nest Buizerd Vogel met jaarrond beschermd nest Huismus Vogel met jaarrond beschermd nest Kerkuil Vogel met jaarrond beschermd nest Steenuil Algemeen voorkomende broedvogels

5.4.2

Beschermings -regime

Aanwezigheid

Toelichting

Artikel 3.1

1 nest buizerd

1 buizerdnest in boom ter hoogte van Koksteeg 8.

Artikel 3.1

30 nesten huismus

Huismussen aanwezig in verschillende bebouwing aan de Koksteeg en Weerscheut.

Artikel 3.1

1 nest kerkuil

1 nestlocatie kerkuil aan Zoggelsestraat 118.

Artikel 3.1

1 nest steenuil

1 nestlocatie steenuil aan Zoggelsestraat 120.

Ja, nesten

Veel nestgelegenheden in struiklagen, bomen en tuinen binnen het plangebied.

Artikel 3.1

Zoogdieren Bureaustudie NDFF Uit de recente verspreidingsinformatie van de NDFF blijkt dat in en/of nabij het plangebied in het verleden diverse beschermde zoogdiersoorten zijn waargenomen (binnen een straal van 2,5 kilometer) (zie Tabel 5.3). Tabel 5.3. Overzicht waargenomen beschermde soorten (Habitatrichtlijn (HR), lijsten A en B behorende bij artikel 3.10) in de directe omgeving van het plangebied (2,5 kilometer). Onderzoek Onderzoek Onderzoek Soortgroep Soort Bescherming NDFF 2004 2015 2018 Bunzing A/B X Das A/B X X Eekhoorn A/B X Steenmarter A/B X X Wezel A/B X X Zoogdieren Gewone HR X X X X dwergvleermuis Gewone HR X X grootoorvleermuis Rosse vleermuis HR X

Pagina 38

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Voorgaande onderzoeken In het onderzoek van Aukema, 2004 is aangegeven dat gewone dwergvleermuizen voorkomen in Heesch West. Het voorkomen van overige beschermde zoogdiersoorten is destijds uitgesloten. In het onderzoek van Aukema & de Jong, 2015 is één verblijfplaats van de gewone dwergvleermuis aangetroffen aan de Koksteeg 20. De exacte locatie en aantallen zijn onbekend. Daarnaast zijn de bomenlanen door het gebied aangewezen als essentiële vliegroutes voor de dwergvleermuizen. Essentiële foerageergebieden zijn in dit rapport uitgesloten. Overige zoogdiersoorten zijn uitgesloten. In het onderzoek van Antea Group, 2018 zijn vier zomerverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis gevonden in de gebouwen Koksteeg 7, Koksteeg 18 en Raktstraat 9 (Figuur 5.8a). Ook is 1 zomerverblijfplaats van de gewone grootoorvleermuis gevonden ter hoogte van de Zoggelsestraat 120 (Figuur 5.8b). Daarnaast zijn 3 paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis gevonden in Koksteeg 14a, Weerscheut 8 en Weerscheut 8b (Figuur 5.8c). Naast deze verblijfplaatsen is ook foerageergebied en een essentiële vliegroute aanwezig ter hoogte van de Ruitersdam (Figuur 5.8d). Behalve vleermuizen toonde het onderzoek ook aan dat in het plangebied één verblijfplaats van de wezel, één verblijfplaats van de steenmarter en een kraamburcht van de das aanwezig is (Figuur 5.8e).

Figuur 5.8a. Zomerverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aan de Koksteeg 7, Koksteeg 18 en Raktstraat 8. (bron: Antea Group, 2018).

Pagina 39

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.8b. Zomerverblijfplaats van vier gewone grootoorvleermuizen (gele cirkel). (bron: Antea Group, 2018)

Figuur 5.8c. Paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aan de Koksteeg 14a, Weerscheut 8 en Weerscheut 8b. (bron: Antea Group, 2018).

Pagina 40

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.8d. Vliegroutes in het plangebied (rood omkaderd). In oranje kader de veel gebruikte vliegroute en in paarse kaders de vliegroutes welke sporadisch gebruikt worden. (bron: Antea Group, 2018).

Figuur 5.8e. Waarnemingen van marterachtigen in het plangebied (rood omkaderd). (bron: Antea Group, 2018). Pagina 41

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Verkennend onderzoek 2021 Tijdens het verkennend terreinbezoek uit 2021 is geconstateerd dat de aanwezigheid van de eekhoorn, naar voren gekomen in de bureaustudie (NDFF), niet uit te sluiten is in het plangebied. Er zijn enkele eekhoornnesten in het plangebied waargenomen. Ook bleek uit het verkennend onderzoek en de resultaten van het nader onderzoek uit 2018 dat de aanwezigheid van marterachtigen en de vleermuizen niet uitgesloten kunnen worden. Zo zijn op het perceel van de Zoggelsestraat 122, aan de Bosschebaan en in het NNB-gebiedje aan de westzijde van het plangebied dassenburchten aanwezig en kunnen verblijfplaatsen van kleine marterachtigen niet uitgesloten worden. Ook in de houtwal van de onder andere de Ruitersdam kunnen verblijfplaatsen van kleine marterachtigen voorkomen. De bebouwing in het plangebied is geschikt als verblijfplaats voor vleermuizen. In 2021 is daarom nader onderzoek uitgevoerd naar het gebruik van het plangebied door eekhoorn, (kleine) marterachtigen, waaronder das, steenmarter en wezel en vleermuizen. Soortgerichte onderzoeken 2021 Naar de volgende soorten is soortgericht onderzoek uitgevoerd: eekhoorn, marterachtigen en vleermuizen. Het soortgericht onderzoek heeft is vrijwel het gehele plangebied plaatsgevonden.

Eekhoorn Er zijn drie eekhoornnesten aangetroffen in het plangebied; ter hoogte van Raktstraat 5, Raktstraat 8 en tussen de Bosschebaan en de A59, net ten oosten van parkeerplaats De Lucht (Figuur 5.9a). De eekhoornnesten verkeerden gedurende de onderzoeksperiode in degelijke staat. Ook zijn eekhoorns waargenomen op de cameravallen (Figuur 5.9b). Geconcludeerd kan worden dat bovengenoemde eekhoornnesten in gebruik zijn.

Figuur 5.9a: Waarnemingen van de eekhoorn op de wildcamera (groene stippen) en vastgestelde eekhoornnesten (oranje stippen) binnen het plangebied (rood omkaderd). (bron: Antea Group, 2021, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling, 2018, bron ondergrond: Qgis).

Pagina 42

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.9b: Een eekhoorn bij de wildcamera.

Marterachtigen Binnen het plangebied is één territoria van de steenmarter aangetroffen tijdens het soortgericht onderzoek naar de marterachtigen. De steenmarter heeft een verblijfplaats bij de stallen aan de Zoggelsestraat 118. De Zoggelsestraat 122 vormt belangrijk foerageergebied. Ook kan niet worden uitgesloten dat de dassenburcht aan de Zoggelsestraat 122 een verblijfplaats van de steenmarter vormt. De steenmarter is hier tweemaal de burcht verlatend vastgelegd door de wildcamera. Daarnaast is de houtwal die vanaf het tankstation aan de A59 richting de Raktstraat in het zuiden loopt een essentieel verbindend element. Naast de steenmarter is ook de wezel op verschillende locaties waargenomen. Door de verspreiding van de waarnemingen, zijn minstens drie territoria van wezels te onderscheiden. De houtwallen zijn hierbij essentiële leefgebieden voor de wezel, op naastgelegen percelen is geen leefgebied beschikbaar door het agrarische karakter. Verder is de bunzing éénmaal waargenomen en hiermee een zeldzame soort binnen het plangebied. Aangenomen wordt dat de bunzing één territorium heeft in het plangebied. Zie Figuur 5.10 voor de waarnemingslocaties, Figuur 5.11 voor de verblijflocaties en Figuur 5.12 voor de beelden. Tot slot is de das meermaals waargenomen op de camera’s in het plangebied. Meerdere burchten in het plangebied bleken bewoond te zijn door dassen.

Ook waren twee burchten in gebruik door vossen. De burcht aan de Zoggelsestraat 122, die in 2019 was bewoond door dassen als kraamverblijfplaats, bleek bij het onderzoek in 2021 door de das, vos, konijn en steenmarter in gebruik te zijn. De burcht in het NNB gebied ten westen van het plangebied werd gebruikt door een vos. De dassen gebruikten meerdere burchten aan de noordzijde van de Bosschebaan (binnen het plangebied) alsook een burcht ten zuiden van het plangebied. Zie Figuur 5.10 voor de waarnemingslocaties, Figuur 5.11 voor de verblijflocaties en Figuur 5.12 voor de beelden. Op aanwijzing van IVN is op 29 oktober 2021 een aanvullend bezoek gebracht aan de houtwallen van de Ruitersdam en hierbij is een derde dassenburcht binnen het plangebied aangetroffen. Bij deze burcht waren ook verse sporen aanwezig, wat duidt op gebruik door dassen. Gezien de resultaten kan er vanuit worden gegaan dat alle houtwallen functioneren als verbindend element voor migratie, verplaatsing tussen foerageergebied en verblijfplaatsen, als verblijfplaatsen en foerageergebied van marterachtigen. Pagina 43

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.10. Steenmarter (gele stippen), dassen (witte stippen), wezel (rode stippen) en bunzing (blauwe stip) in het plangebied (rood omkaderd).

Figuur 5.11. Verblijfplaatsen van marterachtigen en vossen tijdens het onderzoek. Ook is op deze kaart de locatie van de dassenburcht van oktober weergegeven (blauwe driehoek).

Pagina 44

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.12. Foto linksboven: das maakt gebruik van houtwal; foto rechtsboven: das maakt gebruik van burcht in het plangebied; linksmidden: steenmarter op weg naar zijn verblijfplaats in isolatie van het dak; rechtsmidden: wezel in de struikrover; onder: enige waarneming van bunzing in het plangebied. (Bron: Antea Group, 2021)

Vleermuizen Zomerverblijven In totaal zijn vier zomerverblijfplaatsen aangetroffen van de gewone dwergvleermuis. Figuur 5.13 toont de locaties van de aanwezige zomerverblijfplaatsen. De zomerverblijfplaats in de woning aan Weerscheut 8 is in detail weergegeven in Figuur 5.14. Paarverblijfplaatsen Er zijn zes paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aangetroffen in het plangebied. Figuur 5.15 toont de locaties waar baltsende dieren een paarverblijf vinden. In totaal betreft het hier drie paarverblijfplaatsen. Kraamverblijfplaats Er is één kraamverblijfplaats aangetroffen van de gewone dwergvleermuis. Figuur 5.16 toont de locatie van de kraamverblijfplaats. De kraamverblijfplaats bevindt zich in de zuidelijke nok van het dak van de Koksteeg 7.

Pagina 45

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5-13. Zomerverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aan de Weerscheut 8, Koksteeg 16, Zoggelsestraat 120 en Raktstraat 5 (bron: Antea Group, 2021, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling 2018, bron ondergrond: Globespotter).

Figuur 5.14. Locatie verblijfplaats gewone dwergvleermuis aan de Weerscheut 8.

Pagina 46

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.15. Paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aan de Weerscheut 8b, Koksteeg 7, Koksteeg 16, Koksteeg 21, Zoggelsestraat 118 en Zoggelsestraat 122 (geel). (bron: Antea Group, 2021, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling, 2018, bron ondergrond: Globespotter).

Figuur 5.16. Kraamverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis aan de Koksteeg 7. (bron: Antea Group, 2021, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling, 2018, bron ondergrond: Globespotter).

Pagina 47

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Essentiele vliegroute en foerageergebied In het plangebied is een aantal vliegroutes van vleermuizen aanwezig. Eén bomenrij aan de zuidwestzijde van het plangebied (langs de Ruitersdam) is druk bezocht. Elders is sporadisch een vleermuissoort waargenomen. Figuur 5.17 toont de belangrijkste vliegroutes; hierin zijn ook de waargenomen soorten aangegeven. Tijdens het onderzoek zijn de volgende vleermuizen (naast de gewone dwergvleermuis) waargenomen: gewone grootoorvleermuis, laatvlieger, ruige dwergvleermuis en rosse vleermuis. De laatstgenoemde soorten zijn enkele malen waargenomen (met name langs de zuidelijke en noordelijke bomenrij buiten het plangebied).

Figuur 5.17. Vliegroutes in het plangebied (rood omkaderd). In oranje kader de veel gebruikte vliegroute en in paarse kaders de vliegroutes welke sporadisch gebruikt worden. (bron: Antea Group, 2018, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling, 2018, bron ondergrond: Globespotter).

Ruitersdam De houtwal in het oranje kader van Figuur 5.17 is voor enkele vleermuissoorten een essentiële vliegroute en foerageergebied vanwege de hoge aantallen foeragerende dieren. Het betreft hier de houtwal ter hoogte van de Ruitersdam. De Ruitersdam betreft een onverlicht zandpad met – op grote delen – aan weerszijden begroeiing in de vorm van struiken om laanbomen. Er is door de afscherming van de houtwal, struiken en laanbomen sprake van een luw milieu. De houtwal is met name van belang voor gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis, rosse vleermuis en laatvlieger. Onderstaand de belangrijkste bevindingen betreffende deze houtwal:  De gewone dwergvleermuis vliegt voornamelijk aan de buitenzijden van de houtwal, maar wordt ook over het zandpad waargenomen.  De ruige dwergvleermuis wordt voornamelijk boven het zandpad waargenomen.  De gewone grootoorvleermuis wordt voornamelijk boven het zandpad waargenomen.  De laatvlieger is boven de houtwal overvliegend waargenomen.  De rosse vleermuis is boven de houtwal overvliegend waargenomen.

Pagina 48

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

De Ruitersdam is verbonden aan een netwerk van bomenlanen door het landschap tussen Heesch en Vinkel. Met name voor dwergvleermuizen zijn aaneengesloten vliegroutes van hoog belang. Grote afstanden door open veld worden door dwergvleermuizen vermeden door het lage aanbod van voedsel. Doordat deze vleermuizen voortdurend voedselbronnen nodig hebben gedurende de vlucht zijn aaneengesloten vliegroutes essentieel. De beschutting van de houtwal langs de Ruitersdam (luw milieu), in combinatie met de lagere begroeiing, grenzend aan landbouwkundig grasland zorgt voor een optimaal foerageergebied. Gedurende het onderzoek uit 2018 is gebleken dat veel vleermuizen van buiten het plangebied naar deze bomenlaan toe trekken om hier te foerageren. De rosse vleermuis en laatvlieger zijn hoog boven de bomenrij waargenomen en kunnen langere afstanden overbruggen dan eerder genoemde soorten. Geconcludeerd is dat de houtwal een essentiële foerageer- en vliegroute vormt voor de gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en de gewone grootoorvleermuis. De waargenomen vleermuissoorten tijdens het soortgericht onderzoek in 2021 zijn in Tabel 5.3b per deelgebied weergegeven. Tabel 5.3b. Overzicht waargenomen vleermuissoorten tijdens het soortgericht onderzoek in 2021. Een X geeft aan dat de soort is waargenomen tijdens het onderzoek.

De deelgebieden refereren aan de deelgebieden weergegeven in Figuur 4.4. Deelgebied / Waarnemingen 1 Weerscheut noord 2 Weerscheut zuid 3 Koksteeg noord 4 Koksteeg zuid 5 Raktstraat 6 Zoggelsestraat

Gewone dwergvl. X X X X X X

Ruige dwergvl. X X X

Laat vlieger X X X

Pagina 49

Rosse vl. -

Gewone Grootoorvl. X X X

Kleine dwergvl. X X

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Samenvatting aanwezige zoogdieren2 in plangebied Aanwezig in plangebied Heesch West Soort

Vleermuizen

Beschermings regime

Artikel 3.5

Aanwezigheid In gebouwen:  4 zomerverblijfplaatsen gewone dwergvleermuis  6 paarverblijfplaatsen gewone dwergvleermuis  1 kraamverblijfplaats gewone dwergvleermuis Tevens foerageergebied en essentiële vliegroute Ruitersdam

Marterachtigen Wezel Steenmarter Bunzing Das

Artikel 3.10

 3 territoria wezel  1 á 2 verblijfplaatsen steenmarter  1 territoria bunzing  3 burchten van das

Toelichting Zomerverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis in Weerscheut 8, Koksteeg 16, Zoggelsestraat 120 en Raktstraat 5. Paarverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis in Weerscheut 8b, Koksteeg 7, Koksteeg 16, Koksteeg 21, Zoggelsestraat 118 en Zoggelsestraat 122. Kraamverblijfplaats van gewone dwergvleermuis in Koksteeg 7. In de houtwallen in het gebied zijn tussen de dichte vegetatie/ takkenrillen zeer waarschijnlijk verblijfplaatsen van wezels aanwezig. De bunzing heeft 1 territorium in het zuiden van het plangebied. Een verblijfplaats van de steenmarter is aanwezig in de dakisolatie van Zoggelsestraat 118 en mogelijk in de dassenburcht van Zoggelsestraat 122. De das bewoont de burcht van Zoggelsestraat 122 en de burcht in de bosschage tussen A59 en Bosschebaan. Op basis van sporen wordt uitgegaan dat de das ook de burcht aan de Ruitersdam bewoont.

Eekhoorn

Artikel 3.10

 3 verblijfplaatsen

3 eekhoornnesten waargenomen op; - Raktstraat 5, - Raktstraat 8 - tussen de Bosschebaan en de A59, net ten oosten van parkeerplaats De Lucht

2 Enkel de in de Wnb beschermde en niet vrijgestelde zoogdiersoorten zijn opgenomen in de tabel. Pagina 50

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

5.4.3

Amfibieën Bureaustudie NDFF Uit de recente verspreidingsinformatie van de NDFF blijkt dat in en/of nabij het plangebied in het verleden diverse beschermde soorten zijn waargenomen (binnen een straal van 2,5 kilometer) (zie Tabel 5.4). Tabel 5.4. Overzicht beschermde soorten (Habitatrichtlijn (HR), lijsten A en B behorende bij artikel 3.10 en niet vrijgesteld) in de directe omgeving van het plangebied (2,5 kilometer) op basis van NDFF data en uitgevoerde onderzoeken. Soortgroep

Soort

Amfibieën

Alpenwatersalamander Kamsalamander Knoflookpad Poelkikker Rugstreeppad

Bescherming

NDFF

A/B

X

HR HR HR HR

X X X X

Onderzoek 2004

Onderzoek 2015

Onderzoek 2018

Voorgaande onderzoeken In het onderzoek van Aukema, 2004 zijn vier algemene en vrijgestelde amfibieënsoorten aangetroffen, namelijk de bruine kikker, gewone pad, groene kikker en de kleine watersalamander. Overige soorten zijn niet aangetroffen. In het onderzoek van Aukema & de Jong, 2015 werden beschermde amfibieën niet verwacht, is geen gericht onderzoek uitgevoerd en zijn negatieve effecten op beschermde amfibieën uitgesloten. In het onderzoek van Antea Group, 2018 is soortgericht onderzoek uitgevoerd naar de alpenwatersalamander en poelkikker. De alpenwatersalamander en poelkikker zijn niet aangetroffen. Beschermde amfibieënsoorten zijn uitgesloten van het plangebied. Verkennend onderzoek 2021 Uit de bureaustudie (NDFF) is gebleken dat drie beschermde kikker- en paddensoorten in de buurt van het plangebied voorkomen. Dit zijn de rugstreeppad, knoflookpad en poelkikker. Ook komt uit de bureaustudie naar voren dat er twee beschermde salamanders in de buurt van het plangebied voorkomen; de alpenwatersalamander en kamsalamander. De waarnemingen van de rugstreeppad en knoflookpad komen uit het nabijgelegen NNB-gebied ten noordwesten van Nuland. Dit gebied ligt ten noorden van de A59 en buiten het plangebied. De rugstreeppad vereist een goed vergraafbare bodem en voldoende materiaal om onder te schuilen.

Een absolute voorwaarde voor knoflookpad is de aanwezigheid van open zandplekken omringd door vegetatie. In het plangebied is geen geschikt leefgebied voor de rugstreeppad en knoflookpad aanwezig. De poelkikker komt voor in afgesloten vennen met veel watervegetatie die vrij zijn van vis. Dergelijk habitat komt niet voor in het plangebied, waardoor de poelkikker kan worden uitgesloten.

Pagina 51

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Daarnaast komt uit de bureaustudie naar voren dat kamsalamander in omliggende gebieden voorkomt. De kamsalamander stelt hoge eisen aan zijn leefgebied. Zo is een belangrijke voorwaarde voor voortplantingssucces dat waterhoudende vennen zonder vis en met goed ontwikkelde onderwatervegetatie aanwezig zijn. Ook dienen meerdere waterlichamen binnen 500 meter afstand van elkaar te liggen en mag het water niet vervuild of te voedselrijk zijn. Naar de waterlichamen toe dienen verbindingszones te zijn die voldoende schuilmogelijkheden bieden. De watergangen in het plangebied zijn zeer voedselrijk en de oever is te steil voor de kamsalamander. De kamsalamander wordt derhalve in het plangebied niet verwacht. De poel aan de Koksteeg 8 is daarnaast geïsoleerd gelegen waardoor het niet voldoet aan de eis van meerdere geschikte vennen in de directe omgeving van elkaar. Daarnaast bevat de poel geen tot zeer weinig onderwatervegetatie en is daarmee ongeschikt voor de biotoop kritische kamsalamander. De alpenwatersalamander kon op basis van het verkennend onderzoek niet uitgesloten worden in het plangebied en is nader onderzocht. Soortgericht onderzoek 2021 Naar de volgende soorten is soortgericht onderzoek uitgevoerd: alpenwatersalamander. Uit het aanvullende onderzoek is gebleken dat de alpenwatersalamander en andere niet-vrijgestelde beschermde amfibieën niet zijn aangetroffen.

Wel zijn in de poel van Koksteeg 8 veel kleine watersalamanders gevonden, deze zijn echter vrijgesteld in de Provincie Noord-Brabant. Beschermde niet vrijgestelde amfibieën zijn uitgesloten van het plangebied. Samenvatting aanwezige amfibieën in plangebied Aanwezig in plangebied Heesch West

5.4.4

Soort

Beschermings -regime

Aanwezigheid

Toelichting

Amfibieën Kleine watersalamander

Vrijgesteld

Ter hoogte van de poel aan Koksteeg 8

De kleine watersalamander is vrijgesteld bij ruimtelijke projecten

Reptielen Bureaustudie NDFF Uit de recente verspreidingsinformatie van de NDFF blijkt dat binnen 2,5 kilometer van het plangebied de levendbarende hagedis is waargenomen. Deze soort is waargenomen in een NNBgebied ten noorden van de A59 ten zuidwesten van Oss. Voorgaande onderzoeken In voorgaande onderzoeken zijn geen reptielen in het plangebied aangetroffen. Verkennend onderzoek 2021 Bij het verkennend onderzoek zijn geen beschermde reptielensoorten waargenomen en op basis van biotoop worden deze ook niet verwacht. Gedurende de soortgerichte onderzoeken zijn daarnaast ook geen beschermde reptielensoorten waargenomen. Gezien het intensieve landbouwkundig gebruik van het gebied, de afwezigheid van geschikte biotopen voor reptielen en het feit dat begroeide delen versnipperd door het plangebied heen voorkomen is soortspecifiek onderzoek naar reptielen niet aan de orde.

Pagina 52

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

5.4.5

Vissen Bureaustudie NDFF Uit de recente verspreidingsinformatie van de NDFF blijkt dat in en/of nabij het plangebied in het verleden de grote modderkruiper is waargenomen door waterschap Aa en Maas (binnen een straal van 2,5 kilometer, zie Tabel 5.5). De grote modderkruiper is waargenomen in de Rijtsche loop ten westen van het plangebied. Tabel 5.5. Overzicht beschermde soorten (Habitatrichtlijn (HR), lijsten A en B behorende bij artikel 3.10 en niet vrijgesteld) in de directe omgeving van het plangebied (2,5 kilometer) op basis van NDFF data en uitgevoerde onderzoeken. Soortgroep Vissen

Soort Grote modderkruiper

Bescherming

NDFF

Onderzoek 2004

A/B

X

X

Onderzoek 2015

Onderzoek 2018 X

Voorgaande onderzoeken In het onderzoek van Aukema, 2004 zijn het bermpje, de kleine en grote modderkruiper aangetroffen in en om het plangebied. Het bermpje en de kleine modderkruiper zijn in de Wet natuurbescherming niet meer beschermd. De grote modderkruiper werd aangetroffen nabij het zuidelijke deel van het plangebied. In het onderzoek van Aukema & de Jong, 2015 zijn geen beschermde vissoorten aangetroffen in en om het plangebied. In het onderzoek van Antea Group, 2018 is de grote modderkruiper middels eDNA in alle permanent waterhoudende watergangen (watergang 1-5, Figuur 5.18) van het plangebied aangetroffen. Ook is de grote modderkruiper middels een zichtwaarneming aangetoond in watergang 2.

Pagina 53

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.18. Watergangen waar in het plangebied onderzoek naar de grote modderkruiper is uitgevoerd. Met uitzondering van watergang 6 is in alle watergangen de grote modderkuiper aangetoond (Bron: Antea Group, 2018).

Verkennend onderzoek 2021 De watergangen binnen het plangebied bevatten geschikt biotoop voor de grote modderkruiper. De soort kan niet worden uitgesloten. Overige beschermde soorten vissen zijn wel aan de hand van het verkennende terreinbezoek uit te sluiten. Soortgericht onderzoek 2021 Naar de volgende soort is soortgericht onderzoek uitgevoerd: grote modderkruiper. De resultaten worden hierna uiteengezet. Grote modderkruiper De grote modderkruiper is in alle watergangen van het plangebied waar samples zijn genomen aangetroffen. Figuur 5.19 toont de betreffende watergangen. Het aanvullend onderzoek in 2021 bevestigt het voorkomen van de grote modderkruiper in alle permanent waterhoudende watergangen in het plangebied.

Pagina 54

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Figuur 5.19. Watergangen waar de grote modderkruiper is aangetoond. (Bron: Antea Group, 2021, bron grens: Gemeenschappelijke Regeling, 2021, bron ondergrond: Globespotter)

Daarnaast is het interessant te vermelden dat bij het scheppen naar amfibieën een paaiplaats van snoeken in de meest oostelijk gelegen watergang is vastgesteld. Dit is vastgesteld op basis van de grote aantallen juveniele snoeken die hier zijn gevangen. De snoek is geen beschermde soort. Samenvatting aanwezige vissen3 in plangebied Aanwezig in plangebied Heesch West Grote modderkruiper

3

Artikel 3.10

 essentieel leefgebied in alle watergangen

Grote modderkruiper is aanwezig in alle watergangen binnen het plangebied.

Enkel de in de Wnb beschermde en niet vrijgestelde soorten zijn opgenomen in de tabel. Pagina 55

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

5.4.6

Planten Bureaustudie (NDFF en voorgaande onderzoeken) en verkennend onderzoek 2021 Uit de bureaustudie en het verkennend onderzoek zijn geen waarnemingen van beschermde plantensoorten naar voren gekomen. Deze worden op basis van biotoop en het intensieve landbouwkundig gebruik van het gebied ook niet verwacht. Gedurende de soortgerichte onderzoeken zijn daarnaast ook geen beschermde plantensoorten waargenomen.

5.4.7

Overige soortgroepen Bureaustudie NDFF Uit de recente verspreidingsinformatie van de NDFF blijkt dat binnen 2,5 kilometer van het plangebied de gevlekte witsnuitlibel voor komt. Deze soort is waargenomen in een NNB-gebied ten noorden van de A59, ten noordwesten van Nuland. Voorgaande onderzoeken In voorgaande onderzoeken zijn geen soorten, die vallen onder overige soortgroepen, in het plangebied aangetroffen. Verkennend onderzoek 2021 Tijdens het verkennend veldbezoek van 2021 en de soortgerichte onderzoeken van 2021 zijn ook geen ‘overige’ beschermde soorten waargenomen. Deze worden ook niet verwacht vanwege het landbouwkundig gebruik en ongeschikt biotoop voor deze soorten binnen het plangebied.

5.4.8

Samenvatting beschermde soorten Aan de hand van soortgericht onderzoek is naar voren gekomen dat verschillende beschermde, niet vrijgesteld soorten, in het plangebied voorkomen. In Tabel 5.6 is een overzicht van deze soorten weergegeven. In hoofdstuk 6 wordt bij de effectbeoordeling nader op deze soorten in gegaan.

Pagina 56

Natuurtoets Regionaal Bedrijventerrein Heesch West projectnummer 0419174.300 25 november 2021 revisie 04 Gemeenschappelijke Regeling Heesch-West

Tabel 5.6. De in 2021 vastgestelde beschermde soorten in het plangebied. Beschermings Soort Aanwezigheid Toelichting -regime - 1 buizerdnest in boom ter hoogte van Koksteeg 8. Vogel met jaarrond Ja, - Huismussen aanwezig in beschermd nest  1 nest buizerd verschillende bebouwing aan de Buizerd Artikel 3.1  30 nesten huismus Koksteeg en Weerscheut. Huismus – 1 nestlocatie kerkuil aan  1 nest kerkuil Kerkuil Zoggelsestraat 118.  1 nest steenuil steenuil - 1 nestlocatie steenuil aan Zoggelsestraat 120. Algemeen Veel nestgelegenheden in voorkomende Artikel 3.1 Ja, nesten struiklagen, bomen en tuinen binnen broedvogels het plangebied. In gebouwen: Zomerverblijfplaatsen van gewone  4 zomerverblijfplaatsen dwergvleermuis in Weerscheut 8, gewone Koksteeg 16, Zoggelsestraat 120 en dwergvleermuis Raktstraat 5.  6 paarverblijfplaatsen gewone Paarverblijfplaatsen van gewone Zoogdieren dwergvleermuis Artikel 3.5 dwergvleermuis in Weerscheut 8b, Vleermuizen  1 kraamverblijfplaats Koksteeg 7, Koksteeg 16, Koksteeg gewone 21, Zoggelsestraat 118 en dwergvleermuis Zoggelsestraat 122. Tevens foerageergebied en essentiële vliegroute Ruitersdam

Kraamverblijfplaats van gewone dwergvleermuis in Koksteeg 7. In de houtwallen in het gebied zijn tussen de dichte vegetatie/ takkenrillen zeer waarschijnlijk verblijfplaatsen van wezels aanwezig.

Zoogdieren Wezel Steenmarter Bunzing Das

Artikel 3.10

 3 territoria wezel  1 á 2 verblijfplaatsen steenmarter  1 territorium bunzing  3 burchten van das

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10923653/1