A. Brief 28 juni 2022 - Conceptbegroting en Jaarrekening Stadsgewest 's Hertogenbosch - Stadsgewest 's-Hertogenbosch
Tekst van het document
Verzonden: woensdag 29 juni 2022 12:00 Onderwerp: Ingekomen stukken - Conceptbegroting en Jaarrekening Stadsgewest 's
Geachte college en gemeenteraad, Het Dagelijks Bestuur van het Stadsgewest ‘s Hertogenbosch legt u conform artikel 31 van de gemeenschappelijke regeling de ontwerpbegroting 2023 en meerjarenbegroting 2024-2026 alsmede de jaarrekening van 2021 voor aan uw gemeenteraad. Het Dagelijks Bestuur stelt de raad met toezending van de conceptbegroting in de gelegenheid zijn zienswijze kenbaar te maken. De begroting wordt ter vaststelling aangeboden aan het Algemeen Bestuur. De vergadering van het Algemeen bestuur zal nog gepland worden, mede afhankelijk van de mogelijkheid dat alle gemeenteraden hun zienswijze tijdig kunnen geven. Naar verwachting zal in de tweede helft van juli 2022 de vergadering plaatsvinden. Wij willen u dan ook vragen of u tijdig aan ons kunt aangeven wanneer wij uw zienswijze uiterlijk kunnen verwachten, zodat wij hier rekening mee kunnen houden bij het plannen van de AB-vergadering.
Met vriendelijke groet,
Postbus 10.001 - 5460 DA Veghel – stadsgewest@meierijstad.nl
De Gemeenteraad van ‘s Hertogenbosch
Datum
:
Ref.
:
Onderwerp
: Zienswijze conceptbegroting 2023 en
Tel.
:
jaarrekening E-mail :
stadsgewest@meierijstad.nl
Geachte raadsleden, Het Dagelijks Bestuur legt u conform artikel 31 van de gemeenschappelijke regeling de ontwerpbegroting 2023 en meerjarenbegroting 2024-2026 alsmede de jaarrekening van 2021 voor aan uw gemeenteraad. Het Dagelijks Bestuur stelt de raad met toezending van de conceptbegroting in de gelegenheid zijn zienswijze kenbaar te maken.
De begroting wordt ter vaststelling aangeboden aan het Algemeen Bestuur. De vergadering van het Algemeen bestuur zal nog gepland worden, mede afhankelijk van de mogelijkheid dat alle gemeenteraden hun zienswijze hebben kunnen geven. Naar verwachting zal in de tweede helft van juli 2022 de vergadering plaatsvinden. Wij willen u dan ook vragen of u tijdig aan ons kunt aangeven wanneer wij uw zienswijze uiterlijk kunnen verwachten, zodat wij hier rekening mee kunnen houden bij het plannen van de AB-vergadering. Stand van zaken Nazorg provincie Tussen provincie en exploitanten van de vuilstortplaatsen is afgesproken dat het huidige convenant zal worden verlengd tot 2029. Hiermee zal de overdracht van de vuilstortplaats aan Vlagheide in Schijndel niet eerder dan in 2029 worden overgedragen aan de provincie. Het doel is hiervoor is tweeledig. Allereerst zal met de huidige rekenrente het doelvermogen dusdanig moeten hoog zijn dat dit tot onevenredige kosten voor de deelnemende gemeenten zal leiden. Ten tweede is er een onderzoek gestart voor kostenverlaging van de nazorg. Er is een overlegstructuur opgezet met meerdere werkgroepen (juridische zaken, techniek, financiën en lobby voor nieuwe wetgeving). Onverschuldigde betaling Attero Zoals wellicht bekend heeft het Stadsgewest ten gevolge van een arbitragezaak een compensatie betaald aan Attero van ruim € 22.000,-.
Andere contractpartijen hebben hierop besloten een vernietigingsprocedure te starten. Het Stadsgewest heeft hier niet aan meegedaan. In deze vernietigingsprocedure is het arbitraal vonnis vernietigd dat ten grondslag lag aan de gedane betaling. Verondersteld werd dat er sprake zou zijn van onverschuldigde betaling. Schriftelijk heeft het Dagelijks Bestuur van het Stadsgewest dit standpunt gecommuniceerd naar Attero. Hierop is er een reactie gekomen van de advocaat van Attero waarin hij stelt dat er geen sprake is van een onverschuldigde betaling nu wij geen deel hebben genomen in de vernietigingsprocedure. Hiervoor is nader juridisch advies ingewonnen en heeft Holla Advocaten het volgende geadviseerd: “Als we de regel “dat een door een gedaagde ingesteld rechtsmiddel in beginsel niet doorwerkt in de verhouding tot zijn medegedaagden” doortrekken naar het onderhavige arbitrale vonnis en de daartegen gerichte vernietigingsprocedure, betekent dit dat die door de twaalf gewesten en gemeenten gevoerde vernietigingsprocedure dus niet ‘doorwerkt’ in de verhouding tot het Stadsgewest ‘s-Hertogenbosch.” Nu tegen het arbitrale vonnis door het Stadsgewest ’s-Hertogenbosch geen rechtsmiddel is ingesteld, terwijl dat wel had gekund, is het vonnis dus in kracht van gewijsde gegaan jegens het Stadsgewest ’s-Hertogenbosch.
Een rechter zal niet tot het oordeel komen dat het Stadsgewest ’s-Hertogenbosch zich met een beroep op het arrest van Hof Den Haag terecht beroept op onverschuldigde betaling, omdat zij simpelweg haar kansen heeft laten liggen. Het voeren van een procedure hierover -ook vanwege de vermoedelijk hoge kosten, zeker afgezet tegen het belang- wordt dan ook afgeraden. Nieuwe bestuursleden In maart 2022 hebben de gemeenteraadsverkiezingen plaatsgevonden. Op grond van artikel 7 van de Gemeenschappelijke regeling eindigt het lidmaatschap van het algemeen bestuur op de dag waarop de zittingsperiode van de gemeenteraden afloopt. Dit betekent dat op grond van artikel 6 en 7 van de Gemeenschappelijke regeling de nieuwe leden van het Algemeen bestuur door de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten in de eerste vergadering van deze zittingsperiode worden aangewezen uit zijn college van burgemeester en wethouders. Na het aanwijzen van de nieuwe Algemeen bestuursleden zullen daarna door het Algemeen Bestuur ook de leden van het Dagelijks bestuur worden aangewezen. Wij willen u dan ook vragen om aan ons tijdig kenbaar te maken, doch bij voorkeur uiterlijk 27 juni 2022, welk lid van uw college van B&W zal worden aangewezen als nieuw bestuurslid van het Algemeen bestuur van het Stadsgewest ’s Hertogenbosch.
Met vriendelijke groeten, Namens het Dagelijks Bestuur van het Stadsgewest De ambtelijk secretaris,
Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023 Meerjarenraming 2024-2026
19-4-2022
Vastgesteld in de vergadering van de het Algemeen Bestuur d.d.
De voorzitter,
De secretaris,
R.J. van de Mortel
W. van Hees
Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE
2
1. ALGEMEEN
3
2.1 PROGRAMMAVERANTWOORDING
6
2.2 ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN
7
2.3 PARAGRAFEN
8
2.3.2 PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING
11
2.3.3 PARAGRAAF FINANCIERING
12
3.1 OVERZICHT BATEN EN LASTEN 2022
14
3.2 UITEENZETTING FINANCIËLE POSITIE
19
4.
20
BIJLAGEN
4.1 OVERZICHT VAN RESERVES EN VOORZIENINGEN
21
4.2 PROGNOSE RESULTATEN 2020 T/M 2026 EN
22
ONTWIKKELING EIGEN VERMOGEN (VLAGHEIDE)
22
4.3 VERDEELSLEUTEL INWONERS PER 1-1-2021
24
2 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
1. Algemeen 1.1 Inleiding Voor u ligt de programmabegroting van het Stadsgewest 's-Hertogenbosch. Hiermee wordt invulling gegeven aan het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De programmabegroting kent slechts één programma: "Afbouw Stadsgewest 's-Hertogenbosch". Alle nog resterende taken c.q. verplichtingen zijn in deze begroting samengebracht. Het takenpakket van het Stadsgewest is beperkt tot het beheer van de gesloten stortplaats Vlagheide te Schijndel. Bij de vaststelling van de begroting 2020 is besloten om per ultimo 2020 een substantieel deel (€ 4.583K) van het opgebouwde negatief saldo af te rekenen. De gemeenten hadden hiervoor een voorziening getroffen. Door de gemeente ’s-Hertogenbosch is een lening verstrekt voor het resterende negatief saldo. Uiteindelijk verwacht het bestuur het restant van de lening uit een restitutie van teveel opgebouwd doelvermogen in het nazorgfonds te kunnen aflossen. Vanaf 2021 is sprake van een dekking van de lasten van de exploitatie uit een bedrag per inwoner. Dat betekent dat het resterende negatieve saldo niet meer groeit. Voorliggende (meerjaren)begroting gaat uit van een ……….. saldo eind 2021 van € . Dit saldo komt overeen met de concept-jaarrekening 2021. 1.2
Actualiteit (eind maart 2022)
1.2.1 Rekenrente Provincie en exploitanten hebben een overeenkomst afgesloten die inhoudt dat de rekenrente niet wordt verlaagd en dat de exploitanten voorlopig geen stortplaatsen voor eeuwigdurende nazorg aan de provincie overdragen. Deze afspraak geldt voor de periode tot de komende ALM-studie, dus tenminste 5 jaar. Dan wordt opnieuw naar de rekenrente gekeken. Dat betekent dus ook dat het gewest vooralsnog tot tenminste 2025 blijft bestaan. Dit uitstel geeft exploitanten de tijd om samen met de provincie mogelijkheden te onderzoeken of op de onderscheiden stortplaatsen nieuwe inkomsten te genereren zijn. Ook wordt door de gezamenlijke exploitanten gekeken naar ontwikkelingen die bijdragen aan verlaging van het benodigde doelvermogen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan verlenging van de levensduur van de afdichting naar 100 jaar. Ook is er meer tijd om via de belegging van het doelvermogen in het nazorgfonds een hoger spaartegoed te realiseren. Eind 2019 is ons opgebouwde vermogen ad € 16,5 mln. in het nazorgfonds weer opnieuw belegd tegen het standaard beleggingsprofiel. In de begroting van het nazorgfonds wordt t.a.v. het standaard beleggingsprofiel rekening gehouden met een rendement van 4% per jaar.
1.2.2 Overdracht In verband met het hiervoor beschreven proces rondom de rekenrente en doelvermogen, is het overleg met de provincie over de sluitingsverklaring tijdelijk opgeschort. Met de sluitingsverklaring gaat de verantwoordelijkheid voor de nazorg over van exploitante naar provincie. Met de provincie is in 2019 een convenant gesloten waarin is afgesproken dat overdracht niet voor 1-1-2025 zal plaatsvinden. Onlangs is afgesproken het convenant te herzien en o.a. de looptijd te verlengen naar 10 jaar, naar 2029.
3 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
1.2.3 Gemeentelijke bijdrage Zoals aangegeven blijft het Stadsgewest nog een aantal jaren verantwoordelijk voor het beheer (de nazorg) van de stortplaats. Dat betekent exploitatielasten die zijn terug te vinden in bijgevoegde (meerjaren)begroting. De kosten zijn gebaseerd op de huidige inzichten. Begrotingstechnisch vertaalt zich dat in onderstaande bedragen per inwoner. In de kolommen 2021 en 2022 staan de bedragen zoals deze toen in de begroting waren opgenomen.
Jaar 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027
Begroting 2022 1,42 1,41 1,41 1,04 1,11 1,03 1,11 1,04 1,11 1,04 1,08 1,04
2023
2021 1,46 1,41 1,10 1,12
Wij zetten ons er voor in om te komen tot een verdere verlaging van dit bedrag. Wij gaan op zoek naar opbrengsten uit exploitatie van de voormalige stortplaats die een verlagend effect kunnen hebben op het bedrag per inwoner. Dit doen we onder andere in overleg met de gemeente Meierijstad. Samen met de andere stortplaatsen wordt daarnaast, zoals hierboven aangegeven, onderzoek gedaan naar besparingen die een verlagend effect hebben voor het te zijner tijd bij overdracht aan de provincie te betalen doelvermogen. 1.2.4 Belegd vermogen bij Provincie Door het opgebouwde doelvermogen ad 16,8 mln. (stand ultimo februari 2022) weer te beleggen volgens het standaard beleggingsprofie in het nazorgfonds wordt een hoger spaartegoed gerealiseerd. Daarbij wordt uitgegaan van een beleggingsrendement van 4% per jaar.
4 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
1.3
Deelnemende gemeente
De volgende gemeenten maken sinds 2021 deel uit van de gemeenschappelijke regeling:
Boxtel Haaren Heusden (Vlijmen) Maasdriel (enkel Afvalverwerking) Meierijstad (Schijndel, Sint-Oedenrode en Veghel) Oisterwijk s-Hertogenbosch Sint-Michielsgestel Tilburg Vught
1)
1)
1)
31-12-2020 1-1-2021 x x x x x x x x x x x x x x x x x
1) De gemeente Haaren is per 31-12-2020 opgeheven. De 4 dorpskernen zijn toegevoegd aan de gemeenten Oisterwijk (Haaren), Vught (Helvoirt), Boxtel (Esch) en Tilburg (Biezenmortel). De gemeenten Oisterwijk en Tilburg zijn per 1-1-2021 toegetreden tot het Stadsgewest. Daarnaast kennen we de zogenaamde contract-gemeente: Bernheze. Deze gemeente is mede risico dragend in de exploitatie Vlagheide. De rechten/plichten van de voormalige gemeente Maasdonk (Nuland) zijn, t.g.v. de fusie per 1-12015, overgenomen door de gemeente 's-Hertogenbosch.
1.4
Bestuur
De gemeenschappelijke regeling kent een Dagelijks- en een Algemeen Bestuur.
5 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
2.1 Programmaverantwoording Met de Provincie is in 2019 een convenant gesloten waarin is vastgelegd dat er zeker tot 1-1-2025 geen overdracht zal plaatsvinden. Onlangs is afgesproken het convenant te herzien en o.a. de looptijd te verlengen naar 10 jaar. Hierdoor gaat de overdracht naar 2029. Tot het moment van overdracht blijft het Stadsgewest verantwoordelijk voor het beheer van de stortplaats (met name de gas- en waterhuishouding, alsmede het terreinonderhoud) conform de wettelijke voorschriften. Binnen het programma "Afbouw" worden de volgende deelproducten onderscheiden: Kostengroep Omschrijving 4410 4420 4430 4440
Algemene kosten Water Gas Nazorg Sub-totaal Verrek ening met reserves Totale kosten programma
Baten
Lasten 0 0 0 0 0
98 151 38 164 451
Saldo
2023
2024
2025
-98 -151 -38 -165 -452
-98 -146 -38 -68 -350
-98 -146 -38 -64 -346
-98 -146 -38 -68 -350
0
-350
-346
-350
6 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
2.2 Algemene Dekkingsmiddelen Kostengroep Omschrijving 1 2
Saldo financieringsfunctie Gemeente bijdragen Sub-totaal Verrek ening met reserves Alg.dekkingsmiddelen
Baten
Lasten
451 451
Saldo
2023
2024
2025
451 451
350 350
346 346
350 350
451
350
346
350
Algemeen Het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen vormt tezamen met het gepresenteerde programma het programmaplan. In dit overzicht wordt inzicht verschaft in de opbouw en samenstelling van de algemene dekkingsmiddelen. Deze middelen vormen de tegenhanger van het saldo van het programma en leidt tot het begrotingssaldo. Rentelasten Per 1 februari 2021 is bij de gemeente 's-Hertogenbosch een lening ad € 2,5 mln. afgesloten met een looptijd van 4 jaar en een rentepercentage van 0 %. De lening dient ter dekking van het negatief Eigen Vermogen. Het bestuur van het Stadsgewest verwacht het restant van de lening uit een restitutie van teveel opgebouwd doelvermogen bij de provincie te kunnen aflossen.
7 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
2.3 Paragrafen 2.3.1 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Om een goede inschatting van de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling te kunnen maken is het van belang om naast de cijfers in de begroting ook inzicht te hebben in enerzijds potentiële mee- en tegenvallers die zich kunnen voordoen (risico's) en anderzijds de mogelijkheden om tegenvallers op te vangen (weerstandscapaciteit). Het gaat dan om de robuustheid van de begroting, c.q. de budgettaire kwetsbaarheid van de gemeenschappelijke regeling. Een gezond weerstandsvermogen voorkomt dat iedere zich voordoende tegenvaller direct leidt tot een financiële claim bij de deelnemende gemeenten. 1. Weerstandscapaciteit De mogelijkheden om tegenvallers op te vangen liggen deels in de sfeer van de exploitatie, c.q. de begroting van lasten en baten en deels in de sfeer van de reserves en voorzieningen. Exploitatie In de begroting en meerjarenraming zijn zowel de uitgaven als inkomsten zo reëel mogelijk geraamd. Er zijn geen posten voor onvoorzien of inflatie opgenomen. Reserves en voorzieningen In enge zin zijn alleen vrij besteedbare, niet gebonden reserves beschikbaar voor het opvangen van tegenvallers. In bredere zin echter is de totale stadsgewestelijke reservepositie relevant voor de beoordeling van de stadsgewestelijke weerstandscapaciteit.
De reserves behoren tot het eigen vermogen van het Stadsgewest en worden uitgesplitst naar algemene reserve en bestemmingsreserves. Bestemmingsreserves zijn middelen die op basis van bestuurlijke besluitvorming zijn afgezonderd voor specifieke doeleinden. De algemene reserve dient als buffer voor de opvang van calamiteiten. Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen van het stadsgewest, omdat het stadsgewest over deze middelen niet vrij kan beschikken. Deze voorzieningen zijn gevormd ter dekking van te kwantificeren verplichtingen. De in deze begroting verwerkte stand en (verwachte) meerjarige ontwikkeling van de reserves en voorzieningen is gebaseerd op de concept-jaarrekening 2021, en de verwachte ontwikkelingen 2022 t/m 2026. Algemene reserve De algemene reserve vertoont al jaren een negatief saldo. Nu de overdracht van de stortplaats aan de provincie is uitgesteld tot minimaal 1-1-2025 heeft het bestuur van het stadsgewest per ultimo 2020 een bedrag van € 4.583.000 aan de gemeente in rekening gebracht. Het restant ad € 1.955.000 zal naar verwachting, na overdracht, uit een restitutie van teveel opgebouwd vermogen in het nazorgfonds bij de Provincie kunnen worden afgelost. Zie voorts Bijlage 4.2: Prognose resultaten 2020 t/m 2026 en ontwikkeling Eigen Vermogen (Algemene Reserve). Bestemmingsreserves In 2023 zijn er geen bestemmingsreserves aanwezig.
Voorziening nazorg Op 1 april 1998 is de Leemtewet bodembescherming in werking getreden. Deze wet legt de verantwoordelijkheid voor de eeuwigdurende nazorg van stortplaatsen, waar na 1-9-1996 afvalstoffen zijn of worden gestort, bij de provincie. Doel van de wetgever is te voorzien in een zodanig beheer van stortplaatsen na sluiting, dat nu en in de toekomst de grootst mogelijke bescherming tegen nadelige milieugevolgen wordt geboden. Hiervoor hebben Provinciale Staten van Noord-Brabant de "Verordening Nazorgheffing Stortplaatsen Noord-Brabant" vastgesteld. In deze verordering is voorzien in de vorming van een nazorgfonds. De Provincie heeft op basis van deze verordening een voorlopige aanslag tot het betalen van de heffing van de nazorgkosten voor de stortplaats De Vlagheide opgelegd. De 8 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
voorlopige aanslag is gebaseerd op een doelvermogen dat bij overdracht van de stortplaats aan de provincie, beschikbaar moet zijn. Het doelvermogen moet toereikend zijn om daaruit eeuwigdurend de berekende nazorgkosten te kunnen betalen. Op basis van recente afspraken met de provincie zal de nazorgplicht van de provincie niet aanvangen voor 1-1-2025. Inmiddels wordt gewerkt aan een nieuw convenant met een looptijd van 10 jaar. In juli 2019 is met de provincie afgesproken dat zij de huidige rekenrente “bevriest” op het bestaande niveau en dat de exploitanten de stortplaats nog niet voor eeuwigdurende nazorg overdragen aan de provincie. Dat geeft exploitanten samen met de provincie de mogelijkheid om te onderzoeken of op de onderscheiden stortplaatsen nieuwe inkomsten te genereren zijn. Ook wordt door de gezamenlijke exploitanten gekeken naar ontwikkelingen die bijdragen aan verlaging van het benodigde doelvermogen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan verlenging van de levensduur van de afdichting naar 100 jaar. Ook is er meer tijd om via de belegging van het doelvermogen in het nazorgfonds een hoger spaartegoed te realiseren. In juni 2015 was het beleggingsprofiel van ons doelvermogen € 16,5 mln) omgezet van het standaard naar het defensief beleggingsprofiel, omdat toen op korte termijn overdracht van de nazorg aan de provincie werd voorzien.
In de afgelopen jaren is bij de lage rentestand sprake geweest van een groei van 0%. Sinds 5 november 2019 is het standaard beleggingsprofiel weer van toepassing. Met ingang van 2020 wordt rekening gehouden met een rendement van 4% per jaar. 2. Risico’s Onder risico's worden hier verstaan onzekere gebeurtenissen met mogelijke financiële consequenties, die niet apart in de ramingen van de begroting zijn ingedekt. Het op één plaats in de begroting schetsen van een overzicht van relevante risico's, in samenhang met de weerstandscapaciteit, levert een bijdrage aan de beoordeling van de financiële positie van het Stadsgewest. Het gaat in dit verband om risico's die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal of de financiële positie van het Stadsgewest. Doelvermogen nazorg Na definitieve sluiting van de stortplaats, niet eerder dan 31-12-2024, wordt de stortplaats overgedragen aan de Provincie. Deze is dan verantwoordelijk voor de eeuwig durende nazorg. Bij overdracht moet een vermogen zijn overgedragen waaruit de provincie de kosten van nazorg eeuwigdurend kan bekostigen. De Provincie heeft dit doelvermogen in 2008, op basis van een rekenrente van 5,06%, berekend op € 17,6 mln. Medio vorig jaar heeft de Provincie in het kader van de lopende ALM-studie, het doelvermogen, op basis van een rekenrente van 5,06% berekend op € 17,536 mln. per 1-1-2021.
Een onderbouwing voor deze berekening is niet overlegd. Het bestuur van het Stadsgewest blijft, op basis van eigen berekeningen, alsmede die van de extern adviseur, uitgaan van maximaal € 14,0 mln. per 1-1-2021. Voor het verschil is geen voorziening gevormd. Bij de opbouw van het doelvermogen wordt rekening gehouden met een inflatie van 2% per jaar en een rendement op het belegd vermogen van 4,2% per jaar. Deze percentages zijn conform de door de Provincie gehanteerde uitgangspunten in de begroting voor het Nazorgfonds 2021. Met ingang van 5-11-2019 wordt de belegging in het Nazorgfonds weer volgens het standaard beleggingsprofiel belegd. Na indexering met 2% per jaar wordt het doelvermogen per 1-1-2025 berekend op € 15,2 mln. De belegging van het in het Nazorgfonds reeds opgebouwde doelvermogen groeit, rekening houdend met bovenstaande uitgangspunten, aan tot € 20,1 mln (ultimo 2024). Na aanpassing van het convenant met de Provincie zullen de berekeningen daarop aangepast worden. Steunlaag De omgevingsdienst Midden- en West-Brabant is van mening dat bij de aanleg van de bovenafdichting meer afval-/bouwstoffen in de steunlaag zijn toegepast dan functioneel noodzakelijk en daarmee als gestort beschouwd dienen te worden. De OMWB heeft hiervan in mei 2019 melding gemaakt bij de Belastingdienst. Zowel Stadsgewest als de adviseur Afvalzorg zijn het hier pertinent mee oneens.
Afvalzorg heeft namens Stadsgewest dan ook bezwaar gemaakt. De Belastingdienst heeft onze adviseur voor de afvalstoffenbelasting aangegeven overleg te willen, maar heeft daartoe verder nog geen initiatief ondernomen. Het bestuur acht 9 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
een voorziening niet nodig. 3. Beleid ten aanzien van risico’s en weerstandscapaciteit Risicomanagement Het is van belang dat het Stadsgewest de op hem afkomende risico's doeltreffend en in een vroeg stadium weet te signaleren. Hiervoor is de inbedding in het stadsgewestelijk bedrijfsproces een relevante invalshoek. Het voeren van een adequaat voorzieningenbeleid (analyse van risico's en financiële afdekking daarvan) is een voorbeeld van het gericht reageren op specifieke ontwikkelingen. Periodieke actualisering meerjarig budgettair kader Een belangrijke pijler voor een gezond weerstandsvermogen is de inrichting van het stadsgewestelijk begrotingsproces. Het Stadsgewest werkt nadrukkelijk met een meerjarig budgettair kader (tot ultimo 2026), dat periodiek wordt geactualiseerd. Verwezen wordt naar Bijlage 4.2: Prognose 2020 t/m 2026.
10 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
2.3.2 Paragraaf Bedrijfsvoering Inleiding Met de invoering van de Programmabegroting is een paragraaf bedrijfsvoering voorgeschreven. Een goede bedrijfsvoering is geen doel op zich, maar draagt er toe bij dat de doelstellingen van de organisatie worden gerealiseerd. Het Stadsgewest heeft geen eigen personeel meer in dienst. De werkzaamheden worden uitgevoerd/gecoördineerd door een interim-managers, een financieel adviseur en een ambtelijk secretaris vanuit de gemeente Meierijstad. Sinds 1 februari 2021 wordt de ambtelijk secretaris door de gemeente Meierijstad geleverd. Gemeente Meierijstad heeft de wens om de interim-manager ook aankomende periode te vervangen door een medewerker van de gemeente De hiermee samenhangende kosten worden door de gemeente Meierijstad bij het Stadsgewest in rekening worden gebracht. De meeste uitvoerende werkzaamheden zijn opgedragen aan externe bedrijven, waaronder Bodemzorg B.V. voor het technisch beheer van de stortplaats. De werkzaamheden voor het dagelijks beheer van de stortplaats zijn, sinds 2014 en het contract is verlengd in 2021, opgedragen aan Bodemzorg B.V., een 100% dochteronderneming van N.V. Afvalzorg Holding uit Assendelft. Bodemzorg voert deze taken uit in nauwe samenwerking met Milon B.V. uit Schijndel.
Milon en/of haar medewerkers is/zijn in het verleden met enige regelmaat betrokken geweest bij verschillende projecten op Vlagheide. De historische kennis wordt als een belangrijke meerwaarde gezien. De stortgasactiviteiten zijn sinds 2021 nihil, omdat de opbrengst niet meer voldoende is. Op dit moment lopen er onderzoeken met andere partijen om te kijken of er nog wat met de huidige opbrengst gedaan kan worden.
11 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
2.3.3 Paragraaf Financiering 2.3.3 Paragraaf Financiering x € 1.000,-
Investering- en financieringsstaat 1.
Geïnvesteerde middelen
1.1.
Materiële vaste activa Boekwaarde per 1/1 Vermeerderingen Verminderingen Afschrijvingen Boekwaarde per 31/12
1.2. 1.2.1.
1.2.2.
Financiële vaste activa Lening u/g Uitgeleend per 1/1 Uitgezette leningen Aflossingen Uitgeleend per 31/12 Beleggingen Beleggingen per 1/1 Aangegane beleggingen Aflossingen Beleggingen per 31/12
2020
2021
2022
2023
2024
2025
2026
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
1.2.
Boekwaarde financiele vaste activa per 31/12
-
-
-
-
-
-
-
1.
Geïnvesteerde middelen per 31/12
-
-
-
-
-
-
-
2.
Financieringsmiddelen
2.1.
Eigen vermogen Saldo per 1/1 Vermeerderingen Verminderingen Saldo per 31/12
-6.809 4.854,00
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-
-
-
-
-
-
-
6.550 250
6.800 -4.300
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
6.800
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
Totaal financieringsmiddelen 31/12
4.845
545
545
545
545
545
545
Financieringspositie per ultimo
4.845
545
545
545
545
545
545
2.2.
2.3.
2.
Voorzieningen Saldo per 1/1 Rentetoevoegingen Vermeerderingen Verminderingen Saldo 31/12 Opgenomen langlopende leningen Schuldrest per 1/1 Opname Aflossingen Schuldrest per 31/12
12 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
1. De meerjarige financieringssituatie / treasury De investerings- en financieringsstaat geeft inzicht in de ontwikkeling van de geïnvesteerde middelen en beschikbare financieringsmiddelen. Geïnvesteerde middelen Financiële vaste activa Financieringsmiddelen Eigen vermogen en voorzieningen
Het verloop van de reserves en voorzieningen is behandeld in de paragraaf "weerstandsvermogen", waarnaar kortheidshalve wordt verwezen. Opgenomen langlopende leningen
In 1 februari 2021 is bij de gemeente 's-Hertogenbosch een lening ad € 2,5 miljoen afgesloten met een looptijd van 4 jaar en een rentepercentage van 0 %. De lening dient ter dekking van het negatief Eigen Vermogen. Het bestuur van het Stadsgewest verwacht het restant van de lening uit een restitutie van teveel opgebouwd doelvermogen bij de provincie te kunnen aflossen.
13 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
3.1 Overzicht baten en lasten 2022 Kostenplaats Omschrijving
lasten/baten
4410 Vlagheide: algemene kosten lasten
baten
grootboek omschrijving
4430 Gas
50 15 3 1 pm 1 1 3 1 2 18 pm 2 1 98
50 15 3 1 pm 1 1 3 1 2 18 pm 2 1 98
50 15 3 1 pm 1 1 3 1 2 18 pm 2 1 98
88110 Onttrekking voorziening nazorg totaal baten
0
0
0
0
0
0
0
-168
-122
-98
-98
-98
-98
-98
5 3 14 7 12 0 7 8 33 12 6 107
6 2 55 5 12 3 7 9 34 12 6 151
6 2 50 5 12 3 7 9 34 12 6 146
6 2 50 5 12 3 7 9 34 12 6 146
6 2 50 5 12 3 7 9 34 12 6 146
6 2 50 5 12 3 7 9 34 12 6 146
6 2 50 5 12 3 7 9 34 12 6 146
88110 Onttrekking voorziening nazorg totaal baten
0
0
0
0
0
0
0
saldo voor resultaat
-107
-151
-146
-146
-146
-146
-146
40110 Tijdelijk personeel
0 0 0
14 20 1
14 20 1
14 20 1
14 20 1
14 20 1
14 20 1
88110 Onttrekking voorziening nazorg totaal baten saldo voor resultaat
baten
2027
50 15 3 1 pm 1 1 3 1 2 18 pm 2 1 98
baten
lasten
2026
50 15 3 1 pm 1 1 3 1 2 18 pm 2 1 98
41420 Beveiligingskosten 41990 Overige kosten 43150 Onderhoud onttrekkingsinstallatie 44010 Elektra totaal lasten
4440 Nazorg
2025
72 15 3 1 pm 1 1 3 3 2 18 pm 2 1 122
40110 Tijdelijk personeel 41210 Waterschapsomslag 41240 Zuiveringsheffing/rioolheffing 43150 Onderhoud installaties 43190 Doorspuiten bovendrainage 43191 Doorspuiten percolaatdrainage 44010 Elektra 44532 Monitoring: water kwantiteit 44533 Monitoring: water kwaliteit 44534 Monitoring: afvalwater kwantiteit 44535 Monitoring: afvalwater kwaliteit totaal lasten
baten
2024
59 60 1 2 pm 0 1 2 4 2 26 7 0 4 168
lasten
lasten
2023
40110 Tijdelijk personeel 40122 Bodemzorg: dagelijks beheer 40520 Reiskosten 41010 Telefonie 41110 Verzekeringen 41210 Belastingen 41340 Bankkosten 41380 Contributies en lidmaatschappen 41390 Kantoorkosten 41397 Huur archiefruimte 41510 Accountantskosten 41520 Juridisch advies 41522 Advieskosten ALM-studie nazorg 41990 Overige kosten totaal lasten
saldo voor resultaat
4420 Water
rekening begroting 2021 2022
40110 Tijdelijk personeel - Bodemzorg 41990 Overige kosten 43000 Visuele inspecties 43011 Terreinonderhoud 43150 Onderhoud installaties 44220 Externe installateis 44224 Externe advieskosten 44228 Zettingsmeting 44558 2-jaarlijkse keuring Onderzoek alternatieven
88110 Onttrekking voorziening nazorg totaal baten saldo voor resultaat
0
3
3
3
3
3
3
0
38
38
38
38
38
38
0
0
0
0
0
0
0
0
-38
-38
-38
-38
-38
-38
20 0 8 13 2 0 4 0
20 6 8 20 5 3 2
20 6 8 20 5 3 2 4
20 6 8 20 5 3 2 pm
20 6 8 20 5 3 2 4 pm
20 6 8 20 5 3 2 4 pm
20 6 8 20 5 3 2 4 pm
0 47
100 164
68
64
68
68
68
0
0
0
0
0
0
0
-47
-164
-68
-64
-68
-68
-68
14 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
Kostenplaats Omschrijving 9800 Algemene dekking
lasten/baten Lasten
Baten
grootboek omschrijving 42012 Rente rekening courant 43200 Rente geldlening 48110 Dotatie aan voorzieningen: - nazorg - toekomstige investeringen 98100 Buitengewone lasten
82010 Rentebaten 88110 Onttrekking aan voorzieningen: - nazorg wegens vrijval - toekomstige investeringen wegens vrijval 88240 Bijdragen deelnemende gemeenten wegens: - deel negatief Eigen Vermogen - dekking exploitatielasten
saldo voor resultaat
2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
0
0
0
0
0
0
0
479 479
475 475
350 350
346 346
350 350
350 350
350 350
479
475
350
346
350
350
350
Toelichting
4410 Vlagheide: algemene kosten 40110 Tijdelijk personeel De raming heeft betrekking op de volgende functies: - ambtelijke secretaris (via gemeente Meierijstad) - directeur milieu en afvalverwerking - financieel adviseur - financiële administratie
6 30 13 1 50
Ten opzichte van de raming in de oorspronkelijke begroting 2022 zijn de kosten met € 20K verlaagd. Dit door het overnemen van de werkzaamheden door de gemeente Meierijstad. Bij het opstellen van de begroting 2024 zal er gekeken worden, gezien de vervanging van de interim directeur of er wederom verlaagd kan worden. 40122 Bodemzorg Het betreft de kosgten welke samenhangen met de coördinatie van het dagelijks beheer van gas, water, terreinbeheer etc. 41110 Verzekeringen Het betreft: - WA bedrijven
15
1
41390 Kantoorkosten: Het betreft: - Overige kantoorkosten - Vergoeding kantoorkosten derden
1 1
41510 Accountantskosten Het betreft de kosten van de accountantscontrole door Baker Tilly.
15 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
16 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
4420 Water 40122 Bodemzorg De raming heeft betrekking op de personele inzet t.b.v. het dagelijks beheer van de waterstrome op Vlagheide alsmede t.b.v. het verzorgen van de bijbehorende rapportage.
41240 Zuiveringsheffing/rioolrecht Op deze post wordt de verontreinigingsheffing verantwoord. Op basis van o.a. de vervuilingseenheden en het debiet wordt bepaald hoe hoog het bedrg is. De raming voor de jaren 2022 en 2022 is gebaseerd op de eigen aangifte 2021 met een inflatiecorrectie. Voor 2023 en volgende jaren wordt uitgegaan van een verdere afname van het aantal vervuilingseenheden.
43150 Onderhoud installaties Het betreft de kosten van onder andere onderhoud aan de debietmeterput, de installatiekast, de monsternamepunten en de pompen.
44010 Gas en elek tra Voor de electra van de pompen et. worden de volgende ramingen opgenomen: - Verbruik stroom - Vergoeding netwerk
4 3 7
44531 Monitoring etc. Het betreft het geheel aan voorgeschreven metingen, monsternames, analyses en rapoortages conform WABO en WW-vergunningen. De werkzaamheden worden uitgevoerd door Afvalzorg en Milon.
4430 Gas 40110 Tijdelijk personeel Bij het ondereel gas wordt onderscheid gemaakt tussen: - onttrekking De werkzaamheden voor de onttrekking worden door Bodemzorg uitgevoerd voor een fixed fee van € 16K per jaar. - benutting Aangezien zowel de kwaliteit als de kwantiteit van het gas onvoldoende is, wordt het gas afgefakkeld. Om deze reden heeft Stortgas B.V. in 2020 het contract inzake de benutting opgezegd. Dat betekend dat de kosten weer voor rekening van het Stadsgewest komen. 43150 Onderhoud installaties Het betreft de onderhoudskosten aan de stortgasonttrekkingsinstallaties.
17 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
4440 Nazorg 40110 Bodemzorg: terreinonderhoud etc. De raming heeft betrekking op coördinatie terreinonderhoud, inspecties, opstellen inspectierapporten, jaarrapportage t.b.v. Omgevingsdienst, Provincie en Waterschappen.
43011 Terreinonderhoud Het betreft de kosten van: - begrazing
- maaien, sloten, bermen, etc. - onkruidbestrijding
4
10 6 20
44558 Project sluitingsprocedure De raming heeft betrekking op de kosten samenhangend met zowel de opbouw van een omvangrijke nazorgdossier, alsmede de tijdsbesteding t.b.v. de verschillende fases in de overdrachtsprocedure. T.g.v. het uitstel van de overdracht tot minimaal 1-1-2025 wordt voorlopig geen werkzaamheden voorzien.
Onderzoek alternatieven In juli 2019 is met de provincie afgesproken dat zij de huidige rekenrente "bevriest" op het bestaande niveau en dat de exploitanten de stortplaats nog niet voor eeuwigdurende nazorg overdragen aan de provincie. Dat geeft exploitanten samen met de provincie de mogelijkheden om te onderzoeken of op de onderscheiden stortplaatsen nieuwe inkomsten te genereren zijn. Ook wordt door de gezamelijke exploitanten gekeken naar ontwikkelingen die bijdragen aan verlaging van het benodigde doelvermogen. Voor de hiermee samenhangende externe onderzoekskosten is voor de jaren 2020 t/m 2022 een raming van € 100k per jaar opgenomen.
9800 Algemene dekking 82010 Rente baten Sinds 16 december 2013 vallen de overtollige liquiditeiten onder het reguim van Schatkistbankieren. Gezien de huidige marktsituatie wordt geen rekening meer gehouden met een rentevergoeding over de in de schatkist aangehouden gelden.
43200 Rente geldlening Per 1 februari 2021 is bij de gemeente 's-Hertogenbosch een lening ad € 2,5 miljoen afgesloten met een looptijd van 4 jaar en een rentepercentage van 0%. De lening dient ter dekking van het negatief Eigen Vermogen. Het bestuur van het Stadsgewest verwacht het restant van de lening uit een restitutie van teveel opgebouwd doelvermogen bij de provincie te kunnen aflossen.
18 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
3.2 Uiteenzetting financiële positie Recapitulatie lasten en baten Kostengroep Omschrijving 4410 4420 4430 4440
Algemene kosten Water Gas Nazorg
9800
Algemene dekkingsmiddelen Sub-totaal Toevoeging aan algemene reserve Totale kosten programma
Baten
Lasten 0 0 0 0 451
98 151 38 164
Saldo
2023
2024
2025
-98 -151 -38 -165
-98 -146 -38 -68
-98 -146 -38 -64
-98 -146 -38 -68
451 0
350 0
346 0
350 0
0
0
0
0
19 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
4.
Bijlagen
20 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
4.1 Overzicht van reserves en voorzieningen x € 1.000,-
Naam reserve/voorziening
2020
2021
2022
2023
2024
2025
2026
-6.973
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-6.973
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-6.973
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
-1.955
Rubriek A: Reserves Algemene reserve Vlagheide Subtotaal rubriek A Rubriek B: Bestemmingsreserve Subtotaal rubriek B Rubriek C: Voorzieningen Nazorgvoorziening Investeringsvoorziening Voorziening kosten 1998 e.v. Subtotaal rubriek C Totaal reserves en voorzieningen
21 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
4.2 Prognose resultaten 2020 t/m 2026 en ontwikkeling Eigen Vermogen (Vlagheide) In bijgaande meerjarenprognose is de exploitatie voor de jaren 2020 t/m 2026, alsmede de realisatie van het meerjareninversteringsplan in beeld gebracht. Tevens zijn de daaruit voortvloeiende balansposities per 31-12 van deze jaren opgenomen. Bij de opstelling van deze prognose zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: o Uitstel van overdracht van de stortplaats aan de provincie tot minimaal 1-1-2017 o Een doelvermogen nazorg per 1-1-2021 van € 14 mln. o Indexering doelvermogen nazorg met 2% per jaar o De stand per 30-11-2020, van het reeds opgebouwde doelvermogen bij de provincie, bedraagt volgens de rapportage over de maand november 2020 € 16.957 mln. o Verwachte beleggingsresultaten op het door de provincie belegde doelvermogen: - Vanaf 2021: 4,2 % - Voorlaatste jaar: 0% Na indexering met 2% per jaar wordt het doelvermogen per 1-1-2025 berekend op € 15,2 mln. Het reeds opgebouwde doelvermogen groeit rekening houdend met bovenstaande uitgangspunten aan tot € 20,2 mln. Op basis hiervan houden wij vast aan de aanname dat bij overdracht ten minste € 1,955 mln. resteert voor restitutie vaan het gewest respectievelijk de deelnemend gemeenten. o o o o
Jaarlijkse exploitatiekosten zijn gebaseerd op de ervaringen en inzichten van februari 2021. Een nihil-rendement op de in de Schatkist belegde overtollige liquiditeiten. Per 1 februari 2021 is een geldlening ad € 2,5 mln. afgesloten bij de gemeente ’sHertogenbosch. De rentelast bedraagt 0%. Met ingang van 2021 afrekenen middels een bedrag per inwoner
De meerjarenprognose zal jaarlijks worden bijgesteld op basis van gerealiseerde uitkomsten en mogelijk gewijzigde inzichten.
22 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
Prognose Exploitatie: x € 1.000,-
2021
2022
2023
2024
2026
2025
166 107 47
122 148 38 164
98 146 38 68
98 146 38 64
98 146 38 68
98 146 38 68
320
472
350
346
350
350
320
472
350
346
350
350
Opbrengsten: - Onttrekking voorziening nazorg - Onttrekking voorziening investeringen - Vrijval toekomstige investeringen - Vrijval voorziening nazorg - Opname Prov/NB: surplus nazorgfonds - Deelnemendegemeenten
479
475
350
346
350
350
Bijdrage per inw oner
1,42
1,41
1,04
1,03
1,04
1,04
b
479
475
350
346
350
350
c=b-a
159
3
-
-
-
-
2022
2023
2024
2026
2027
2028
- Materiële vast activa - Schatkist - Liquide middelen
500 20
500 20
500 20
500 20
500 20
500 20
- Saldo k ortlopende vorderingen minus k ortlopende schulden
25
25
25
25
25
25
545
545
545
545
545
545
Voorzieningen + Nazorg + Toekomstige investeringen Bijdrage per inwoner
-1.955 -1.955 -
-1.955 -1.955 -
-1.955 -1.955 -
-1.955 -1.955 -
-1.955 -1.955 -
-1.955 -1.955 -
- Lening gemeente Den Bosch
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
545
545
545
545
545
545
Exploitatie: Bedrijfskosten: - Algemeen - Water - Gas - Nazorg - Financiering - Afrondingsverschillen
- Storting voorziening nazorg - Storting in voorz. Toekomstige invest. a
- Rentebaten etc: + Schatkistbankieren + Overige
Resultaat
Prognose vereenvoudigde Balans: x € 1.000,-
Activa:
Passiva: Eigen vermogen + Algemene Reserve + Resultaatbestemming 2020 e.v.
- Saldo k ortlopende schulden minus k ortlopende vorderingen
23 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
4.3 Verdeelsleutel inwoners per 1-1-2021
24 Stadsgewest ’s-Hertogenbosch Programmabegroting 2023
Stadsgewest ’s-Hertogenbosch
Jaarverslag en Jaarrekening 2021
11-07-2022
Vastgesteld in de vergadering van de het Algemeen Bestuur d.d. ……
1
De voorzitter,
De secretaris,
R.J. van de Mortel
W. van Hees
1. Inhoud 1.
Inhoud................................................................................................................................................................................................. 2
2.
Algemeen ............................................................................................................................................................................................ 3
3.
2.1
Inleiding .................................................................................................................................................................................... 4
2.2
Deelnemende gemeenten sinds 1-1-2021 ............................................................................................................................... 4
2.3
Bestuur ..................................................................................................................................................................................... 4
2.4
Begrotingsprocedure................................................................................................................................................................ 4
2.5
Weergave bedragen ................................................................................................................................................................. 4
Jaarverslag .......................................................................................................................................................................................... 5 3.1 3.1.1
Programma 1: “Afbouw” activiteiten Stadsgewest ............................................................................................................. 6
3.1.2
Algemene Dekkingsmiddelen .............................................................................................................................................. 7
3.2
4.
Paragrafen ................................................................................................................................................................................ 8
3.2.1
Paragraaf: Weerstandsvermogen en risicobeheersing........................................................................................................ 8
3.2.2
Paragraaf: Bedrijfsvoering ................................................................................................................................................. 11
3.2.3
Paragraaf: Financiering ...................................................................................................................................................... 11
Jaarrekening ..................................................................................................................................................................................... 12 4.1
5.
Programmaverantwoording ..................................................................................................................................................... 6
Balans per 31 december 2021 (voor resultaatbestemming) .................................................................................................. 12
Toelichtingen .................................................................................................................................................................................... 14 5.1. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ...................................................................................................................... 15 5.1.1 5.2
7.
2
Toelichting op de balans ........................................................................................................................................................ 16
5.2.1
Activa ................................................................................................................................................................................ 16
5.2.1.2
Liquide middelen .......................................................................................................................................................... 16
5.2.1.3
Overlopende Activa ...................................................................................................................................................... 16
5.2.2
Passiva............................................................................................................................................................................... 17
5.3
6.
Balans ................................................................................................................................................................................ 15
Toelichting op het overzicht van baten en lasten ............................................................................................................ 19
5.3.1
Analyse van het resultaat t.o.v. de begroting.................................................................................................................... 19
5.3.2
Toelichting op het overzicht van baten en lasten.............................................................................................................. 20
5.4
Wet normering Topfunctionarissen (WNT) ...................................................................................................................... 21
5.5
Gebeurtenissen na balansdatum ........................................................................................................................................... 22
Overige gegevens.............................................................................................................................................................................. 23 6.1
Controleverklaring accountant............................................................................................................................................... 24
6.2
Voorstel tot bestemming resultaat ........................................................................................................................................ 25
Bijlagen ............................................................................................................................................................................................. 26 7.1
Prognose 2022 t/m 2026 ........................................................................................................................................................ 27
7.2
Prognose vereenvoudigde balans .......................................................................................................................................... 28
7.3
Mutaties overzicht ................................................................................................................................................................. 29
7.4
Verdeelsleutel inwoners per 1-1-2021 ................................................................................................................................... 31
2. Algemeen
3
2.1 Inleiding Voor u ligt de programmaverantwoording van het Stadsgewest 's-Hertogenbosch. Hiermee wordt invulling gegeven aan het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De programmaverantwoording kent slechts één programma: "Afbouw Stadsgewest 's- Hertogenbosch". Alle nog resterende taken c.q. verplichtingen zijn in deze programmaverantwoording samengebracht. Dit betreft alleen de activiteiten in het kader van de pre-nazorgfase van Vlagheide. 2.2
Deelnemende gemeenten sinds 1-1-2021 o o o o o o o o o
Boxtel Heusden (Vlijmen) Maasdriel (enkel Afvalverwerking) Meierijstad (Schijndel, Sint-Oederrode en Veghel) Oisterwijk ’s-Hertogenbosch Sint-Michielsgestel Tilburg Vught
De gemeente Haaren is per 31-12-2020 opgeheven. De 4 dorpskernen zijn toegevoegd aan de gemeenten Oisterwijk (Haaren), Vught (Helvoirt), Boxtel (Esch) en Tilburg (Biezenmortel). De gemeenten Oisterwijk en Tilburg zijn per 1-1-2021 toegetreden tot het Stadsgewest. Daarnaast kennen we de zogenaamde contract-gemeente: Bernheze (Heeswijk-Dinther) Deze gemeenten zijn mede risico dragend in de exploitatie Vlagheide De rechten en plichten van de voormalige gemeente Maasdonk (Nuland) zijn, t.g.v. de fusie per 1-1-2015, overgenomen door de gemeente ’s-Hertogenbosch.
2.3 Bestuur De gemeenschappelijke regeling kent een Dagelijks- en een Algemeen Bestuur.
2.4 Begrotingsprocedure De oorspronkelijke begroting is in juni 2019 vastgesteld. Er is geen begrotingswijziging vastgesteld. 2.5 Weergave bedragen Alle in deze jaarrekening weergegeven bedragen zijn in Euro en x 1.000 tenzij, anders aangegeven.
4
3. Jaarverslag
5
3.1
Programmaverantwoording
3.1.1
Programma 1: “Afbouw” activiteiten Stadsgewest
In 1997 is een proces gestart om de gemeenschappelijke regeling Stadsgewest 's-Hertogenbosch te ontmantelen. De stortactiviteiten zijn in december 2003 beëindigd en de stortplaats bevindt zich nu in de prenazorg fase. In 2020 resteerde alleen nog het beheer van de gesloten Afvalberging De Vlagheide. Conform de besluitvorming in het AB van 13 maart 2012 is overgegaan tot afdichting van de stortplaats ter voorbereiding op de overdracht aan de provincie voor de eeuwigdurende nazorg. Deze werkzaamheden zijn in 2018 afgerond. De aanleg van een waterbasin ter opvang van een eventuele piek in het hemelwater is voor onbepaalde tijd uitgesteld. De hiermee samenhangende voorziening is vrijgevallen. Indien op een later moment alsnog tot aanleg van een waterbasin wordt besloten, zullen de kosten via een bedrag per inwoner aan de deelnemende gemeenten in rekening worden gebracht. Met de aannemer van de bovenafdichting zijn in 2018 een 2-tal procedures bij de Raad van Arbitrage voor de bouw gevoerd. Dit betreft enerzijds een beroepsprocedure tegen een uitspraak in de vorig jaar verloren procedure over de staat van het werk per 22 december 2016 (al dan niet gereed) en een door de aannemer aangespannen bodemprocedure over een meerwerkclaim van ca. € 1,7 mln. die door het Stadsgewest is afgewezen.
De beroepsprocedure is op 16 april 2018 behandeld en op maandag 1 oktober 2018 is de bodemprocedure behandeld. In de beroepsprocedure is het Stadsgewest in het ongelijk gesteld. In de bodemprocedure is de aannemer voor ca. € 1,5 mln. in het ongelijk gesteld. Stadsgewest is veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 203K, excl. BTW en excl. wettelijke rente. De aannemer heeft hoger beroep ingesteld. De mondelinge behandeling heeft op 26 november 2019 plaats gevonden. In mei 2020 is er een uitspraak gedaan, waarbij de aannemer op vrijwel alle punten in het ongelijk is gesteld. Op 22 juni 2020 heeft de advocaat van de aannemer bij de Raad van Arbitrage een verzoek tot verbetering van het vonnis ingediend. De Raad van Arbitrage heeft het verzoek afgewezen. In 2015 is een start gemaakt met het doorlopen van het overdrachtsprotocol met de provincie, zodat de overdracht aan de provincie Noord-Brabant sneller kon plaatsvinden. Aanvankelijk werd hierbij uitgegaan van overdracht aan de provincie per 1-1-2017. Dit is later bijgesteld naar 1-1-2019, vervolgens 1-1-2021 en 1-12025, inmiddels is besloten de overdracht uit te stellen tot minimaal 1-1-2029.
Het laatste uitstel houdt verband met de uitvoering van een ALM-studie, naar aanleiding waarvan medio 2019 is overeengekomen dat de Provincie de rekenrente, vanaf heden, voor een periode "bevriest" en de exploitanten gedurende deze periode geen stortplaatsen overdragen. Tot de datum van overdracht blijft het Stadsgewest verantwoordelijk voor het beheer van de stortplaats (met name de gas- en waterhuishouding, alsmede het terreinonderhoud) conform de wettelijke voorschriften. De werkzaamheden m.b.t. het overdrachtsprotocol zijn bij Stadsgewest en de Provincie "on hold" gezet.
x € 1.000,-
Programma Lasten Vlagheide: algemene kosten Water Gas Nazorg Baten bijdrage gemeenten Saldo
6
Raming Raming Realisatie Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo 122 151 38 168
479
122 151 38 168 479
122 151 38 168 479
479
479
166 107 47
479
166 107 47 320 479 159
3.1.2
Algemene Dekkingsmiddelen
Algemeen Het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen vormt tezamen met het gepresenteerde programma het programmaplan. In dit overzicht wordt inzicht verschaft in de opbouw en samenstelling van de algemene dekkingsmiddelen. Deze middelen vormen samen met het saldo van de deelprogramma's het exploitatiesaldo. Het overzicht algemene dekkingsmiddelen bevat alleen de rentebaten en de incidentele baten en lasten. Realisatie Begrotingsjaar Saldo financieringsfunctie Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal
7
-
Raming begrotingsjaar na wijziging
-
Raming begrotingsjaar voor wijziging
-
3.2
Paragrafen
3.2.1
Paragraaf: Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Om een goede inschatting van de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling te kunnen maken is het van belang om naast de cijfers in de rekening ook inzicht te hebben in enerzijds potentiële mee- en tegenvallers die zich kunnen voordoen (risico's) en anderzijds de mogelijkheden om tegenvallers op te vangen (weerstandscapaciteit). Het gaat dan om de robuustheid van de financiële huishouding, c.q. de budgettaire kwetsbaarheid van de gemeenschappelijke regeling. Een gezond weerstandsvermogen voorkomt dat iedere zich voordoende tegenvaller direct leidt tot een financiële claim bij de deelnemende gemeenten. Weerstandscapaciteit De mogelijkheden om tegenvallers op te vangen liggen deels in de sfeer van de exploiatie, c.q. de begroting van lasten en baten en deels in de sfeer van de reserves en voorzieningen. - Reserves en voorzieningen In enge zin zijn alleen vrij besteedbare, niet gebonden reserves beschikbaar voor het opvangen van tegenvallers. In bredere zin echter is de totale stadsgewestelijke reservepositie relevant voor de beoordeling van de stadsgewestelijke weerstandscapaciteit. De reserves behoren tot het eigen vermogen van het stadsgewest en worden uitgesplitst naar algemene reserve en bestemmingsreserves. Bestemmingsreserves zijn middelen die op basis van bestuurlijke besluitvorming zijn afgezonderd voor specifieke doeleinden.
De algemene reserve dient als buffer voor de opvang van calamiteiten. Voorzieningen behoren tot het vreemd vermogen van het stadsgewest, omdat het stadsgewest over deze middelen niet vrij kan beschikken. Deze voorzieningen zijn gevormd ter dekking van te kwantificeren verplichtingen. Per 31 december 2020 zijn er geen voorzieningen meer. - Algemene reserve De algemene reserve vertoont, na verwerking van het exploitatieresultaat 2020, een negatief saldo. Zie voorts Bijlage I; de prognose resultaten 2021 t/m 2025. Per 31-12-2020 zal het negatief EV grotendeels (tot negatief € 1.885K) worden verrekend met de deelnemende gemeenten door een bijdrage van € 4.583K. Er is bewust voor gekozen om de in de begrotingswijziging 2019 aangekondigde verrekening van € 4.583K, waarmee de gemeenten al rekening hebben gehouden, te handhaven om zo het risico in de toekomst te verkleinen. - voorziening nazorg Op 1 april 1998 is de nazorgregeling wet Milieubeheer (voorheen Leemtewet bodembescherming) in werking getreden. Deze regeling legt de verantwoordelijkheid voor de eeuwigdurende nazorg van stortplaatsen, waar na 1-9-1996 afvalstoffen zijn of worden gestort, bij de provincie. Doel van de wetgever is te voorzien in een zodanig beheer van stortplaatsen na sluiting, dat nu en in de toekomst de grootst mogelijke bescherming tegen nadelige milieugevolgen wordt geboden.
Hiervoor hebben Provinciale Staten van Noord-Brabant de "Verordening Nazorgheffing Stortplaatsen NoordBrabant" vastgesteld. In deze verordering is voorzien in de vorming van een nazorgfonds. De Provincie heeft op basis van deze verordening een voorlopige aanslag tot het betalen van de heffing van de nazorgkosten voor de stortplaats De Vlagheide opgelegd. De voorlopige aanslag is gebaseerd op een doelvermogen dat bij overdracht van de stortplaats aan de provincie, beschikbaar moet zijn. Het doelvermogen moet toereikend zijn om daaruit eeuwigdurend de berekende nazorgkosten te kunnen betalen. Op basis van het in 2019 met de provincie gesloten convenant zal de nazorgplicht van de provincie niet aanvangen voor 01-01- 2025. Inmiddels is een nieuw convenant in voorbereiding waarbij de looptijd wordt verlengd tot 10 jaar. De voorziening is per 31-12-2020 komen te vervallen. Met ingang van 1-1-2021 worden de jaarlijkse prenazorgkosten middels een bedrag per inwoner aan de deelnemende gemeenten in rekening gebracht. 8
- voorziening toekomstige investeringen Deze voorziening is per 31-12-2020 komen te vervallen. Er is geen concreet investeringsvoornemen. Risico's Onder risico's worden hier verstaan onzekere gebeurtenissen met mogelijke financiële consequenties, die nog niet afzonderlijk middels voorzieningen zijn ingedekt. Het op één plaats in de rekening schetsen van een overzicht van relevante risico's, in samenhang met de weerstandscapaciteit, levert een bijdrage aan de beoordeling van de financiële positie van het Stadsgewest. Het gaat in dit verband om risico's die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal of de financiële positie van het Stadsgewest. - doelvermogen nazorg Na definitieve sluiting van de stortplaats, niet eerder dan 31-12-2024, wordt de stortplaats overgedragen aan de Provincie. Deze is dan verantwoordelijk voor de eeuwig durende nazorg. Bij overdracht moet een vermogen zijn overgedragen waaruit de provincie de kosten van nazorg eeuwigdurend kan bekostigen. De Provincie heeft dit doelvermogen in 2008, op basis van een rekenrente van 5,06%, berekend op € 17,6 mln. Medio vorig jaar heeft de Provincie in het kader van de lopende ALM-studie, het doelvermogen, op basis van een rekenrente van 5,06% berekend op € 17,536 mln. per 1-1-2021. Een onderbouwing voor deze berekening is niet overlegd.
Het bestuur van het Stadsgewest blijft, op basis van eigen berekeningen, alsmede die van de extern adviseur, uitgaan van maximaal € 14,0 per 1-1-2021. Met de Provincie is overeengekomen de komende jaren de mogelijkheid te onderzoeken of op de onderscheiden stortplaatsen nieuwe inkomsten te genereren zijn. Ook wordt door de gezamenlijke exploitanten gekeken naar ontwikkelingen die bijdragen aan verlaging van het benodigde doelvermogen. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan verlenging van de levensduur van de afdichting naar 100 jaar. Ook is er meer tijd om via de belegging van het doelvermogen in het nazorgfonds een hoger spaartegoed te realiseren. In verband hiermee is met ingang van 5 november 2019 het beleggingsprofiel van ons doelvermogen (O 16,5 mij) omgezet van het defensief- naar het standaard beleggingsprofiel. - steunlaag De omgevingsdienst Midden- en West-Brabant is van mening dat bij de aanieg van de bovenafdichting meer afvai-Zbouwstoffen in de steunlaag zijn toegepast dan functioneel noodzakelijk en daarmee als gestort beschouwd dienen te worden. De OMWB heeft hiervan in mei 2019 melding gemaakt bij de Belastingdienst. Zowel Stadsgewest als de adviseur Afvalzorg zijn het hier pertinent mee oneens. Afvalzorg heeft namens Stadsgewest dan ook bezwaar gemaakt.
De Belastingdienst heeft onze adviseur voor de afvalstoffenbelasting aangegeven overleg te willen, maar heeft daartoe verder nog geen initiatief ondernomen. Het bestuur acht een voorziening niet nodig.
9
Beleid ten aanzien van risico’s en weerstandscapaciteit - Risicomanagement Het is van belang dat het Stadsgewest de op haar afkomende risico's doeltreffend en in een vroeg stadium weet te signaleren. Hiervoor is de inbedding in het stadsgewestelijk bedrijfsproces een relevante invalshoek. Het voeren van een adequaat voorzieningenbeleid (analyse van risico's en financiële afdekking daarvan) is een voorbeeld van het gericht reageren op specifieke ontwikkelingen. - periodieke actualisering meerjarig budgettair kader Een belangrijke pijler voor een gezond weerstandsvermogen is de inrichting van het stadsgewestelijk begrotingsproces. Het Stadsgewest werkt nadrukkelijk met een meerjarig budgettair kader (tot en met 2026), dat periodiek wordt geactualiseerd. Verwezen wordt naar Bijlage I: Prognose 2021 t/m 2026. - Covid 19 De uitbraak van COVID-19 (corona) eind februari 2020 heeft een enorme impact op ons allemaal. De wereldwijde pandemie leidt tot ongekende omstandigheden. Voor de aanpak van COVID-19 kijken wij wat we, aanvullend op de landelijke maatregelen van het Rijk, kunnen/moeten doen. Dit raakt de uitvoering van het dagelijks beheer van Vlagheide en de werkzaamheden met betrekking tot de toekomstige organisatie van Vlagheide c.q. Stadsgewest.
We streven naar een zo adequaat mogelijke uitvoering van de landelijke en lokale maatregelen en naar zoveel mogelijk continuïteit van de reguliere werkzaamheden en van noodzakelijke (digitale) besluitvorming en hebben daarvoor de nodige interne maatregelen genomen.
10
3.2.2
Paragraaf: Bedrijfsvoering
Inleiding Met de invoering van de Programmabegroting is een paragraaf bedrijfsvoering voorgeschreven. Een goede bedrijfsvoering is geen doel op zich, maar draagt er toe bij dat de doelstellingen van de organisatie worden gerealiseerd. Het Stadsgewest heeft geen eigen personeel meer in dienst. De werkzaamheden worden, onder toezicht van de ambtelijk secretaris, gedetacheerd vanuit de gemeente 's-Hertogenbosch, uitgevoerd/gecoördineerd door een 2-tal interim-managers. De meeste uitvoerende werkzaamheden zijn opgedragen aan externe bedrijven. In de loop van 2021 zullen de rollen van de ambtelijk secretaris en de beide interim-managers vanuuit/door de gemeente Meierijstad worden overgenomen. De werkzaamheden voor het dagelijks beheer van de stortplaats zijn opgedragen aan Bodemzorg B.V., een 100% dochteronderneming van N.V. Afvalzorg Holding uit Assendelft. Bodemzorg voert deze taken uit in nauwe samenwerking met Milon B.V. uit Schijndel. Milon en/of haar medewerkers is/zijn in het verleden met enige regelmaat betrokken geweest bij verschillende projecten op Vlagheide. De historische kennis wordt als een belangrijke meerwaarde gezien. De werkzaamheden m.b.t. de onttrekking en benutting van stortgas zijn opgedragen aan Stortgas B.V., eveneens een 100% dochteronderneming van N.V. Afvalzorg Holding.