A. Brief 22 december 2020 - Verslag Covid-19 - Veiligheidsregio Brabant-Noord
Tekst van het document
Veiligheidsregio Brabant-Noord Postbus 218 5201 AE ‘s-Hertogenbosch
Aan de raden van de aangesloten gemeenten in Brabant-Noord Iaa College van Burgemeester en Wethouders
Datum Onze referentie
22 december 2020 2020-U11596
Behandeld door
Uw referentie
Zaaknummer
BBN20-24092 Verslag Covid-19 tot en met november 2020
Onderwerp
Secretaris VR
Bijlage
1
Telefoon
secretarisveiligheidsregio@vrbn.nl
Geachte Raad, Op 1 december jl. is de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (Twm) in werking getreden. Volgens artikel VIIb, dient de voorzitter van de veiligheidsregio binnen een maand na inwerkingtreding een verslag uit te brengen. Dit verslag dient te voldoen aan artikel 40 van de wet Veiligheidsregio’s (Wvr). Het bevat het verloop van de gebeurtenissen en de besluiten die de voorzitter heeft genomen voor de bestrijding van de epidemie van covid-19, of een directe dreiging daarvan. Eerder dit jaar op 6 juli 2020 ontving u het Tussentijdsverslag covid-19 tot 1 juli 2020. Nu ontvangt u het verslag covid-19 over de totale periode maart tot en met november 2020. Voorwoord In het voorwoord van bijgaand verslag neem ik u mee in mijn bevindingen bij deze crisis als voorzitter van Veiligheidsregio Brabant-Noord. Raadsinformatieavond d.d. 1 februari 2021 Op woensdag 28 oktober jl. was er een webinar waarbij we aan de hand van de film ‘Hoe Brabant GRIP krijgt op corona’, u een terugblik op de eerste golf van de coronacrisis gaven. Daar heb ik samen met mijn collega’s de vragen die bij u leefden naar aanleiding van het tussentijdse verslag beantwoord. Beide kan u via de links terugkijken. Op maandag 1 februari a.s. zal er wederom een raadsinformatieavond middels een webinar plaatsvinden. De uitnodiging hiervoor wordt u afzonderlijk toegezonden.
Wederom stel ik u in de gelegenheid vragen te stellen over de dillema’s, afwegingen en de door mij genomen besluiten. Als u (formele) vragen heeft over dit verslag dan vragen wij u deze kenbaar te maken bij de secretarisveiligheidsregio@vrbn.nl, zodat we deze bij de voorbereiding van de raadsinformatieavond kunnen betrekken. U kunt uw vragen tot donderdag 28 januari 2021 indienen. U kan uw vragen natuurlijk ook tijdens deze avond stellen.
Onze referentie:
2020-U11596
Mocht u na afloop van deze informatieavond nog openstaande vragen hebben dan kunt u deze tot 15 februari 2021 kenbaar maken bij de secretarisveiligheidsregio@vrbn.nl, uw ontvangt binnen 6 weken een reactie op uw vraag. Mocht u nadien toch niet tevreden zijn over de door mij verstrekte onderbouwing over besluiten die ik tijdens deze crisis heb genomen dan kan u een standpunt innemen over een door mij genomen besluit of besluiten. Dit standpunt dient u dan ter kennis te brengen van Onze Minister, dit geschiedt door tussenkomst van de commissaris van de Koning. De commissaris laat het standpunt van de raad vergezeld gaan van zijn oordeel over de besluiten. Hopend u zo voldoende te hebben geïnformeerd.
Jack Mikkers Voorzitter Veiligheidsregio Brabant-Noord
2 van 2
VERSLAG COVID-19 Over de periode maart tot en met november 2020
COLOFON Uitgave en redactie Veiligheidsregio Brabant-Noord, 22 december 2020 Opmaak en lay-out Slooves Grafische Vormgeving, Grave Fotoverantwoording Veiligheidsregio Brabant-Noord Meer informatie Veiligheidsregio Brabant-Noord Postbus 218 5201 AE ’s-Hertogenbosch 088 02 08 208 info@brwbn.nl
Veiligheidsregio Brabant-Noord omvat Brandweer Brabant-Noord, de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie In de Regio (GHOR) en Bevolkingszorg. In de veiligheidsregio werken zij met de 17 gemeenten en de GGD samen op het gebied van brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen en bevolkingszorg. Ook de Nationale Politie, de Meldkamer Oost-Brabant, het Waterschap Aa en Maas, het Waterschap De Dommel en het Regionaal Militair Commando-Zuid werken samen de veiligheidsregio.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
2
Inhoudsopgave
Voorwoord
4
Aanleiding
6
1. Wereldwijde pandemie
7
2. Onbekend met het virus
8
3. De eerste weken
9
4. De volgende maanden
10
5. De crisis in de zorg
11
6. Aanpak van de crisis
16
7. Bijzondere situaties in Brabant-Noord
23 23
8. Overige
25
Bijlage 1.
Overleggen
26
Bijlage 2.
Besluiten van de voorzitter
27
Bijlage 3.
Bezwaren van burgermeesters
31
Bijlage 4.
Cijfers covid-19 tot 1 juli
32
Bijlage 5.
Cijfers covid-19 na 1 juli
34
Bijlage 6.
Lijst met afkortingen
37
= terug naar inhoudsopgave
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
3
Voorwoord Geachte raadsleden, Voor u ligt het verslag covid-19 van Veiligheidsregio Brabant-Noord over de periode maart tot en met december 2020. Op 27 februari werd in Nederland bij een patiënt de eerste besmetting vastgesteld. Sinds die tijd leven we allemaal in een andere wereld. Een samenleving waarin we met corona om moeten gaan. We zeggen keer op keer dat het ons alleen sámen gaat lukken om het coronavirus eronder te krijgen. Die herhaling gaat misschien wat vervelen, maar ik zie het als de essentie en bittere noodzaak dat we dit met elkaar blijven voelen. Want alleen zo kunnen we onze ‘normale’ manier van leven op dit moment zo veel mogelijk overeind te houden en elkaar zo veel als mogelijk bewegingsvrijheid geven. Het is de manier om het virus er uiteindelijk onder te krijgen. In ieder geval tot het moment dat er op grote schaal gevaccineerd is. Ondanks de veelbelovende berichten gaat dat nog even duren. Tot die tijd moeten we schouder aan schouder staan. Samen zetten we de schouders eronder. Dat heb ik de afgelopen maanden ook enorm veel gezien. Bij inwoners, ondernemers, vrijwilligers en bij u als raadsleden. Maar ook bij de bestuurders die zich lokaal, regionaal en landelijk inzetten om dit coronavirus aan te pakken. En bovenal, bij al die mensen die vanwege hun werk vooraan staan om hier uitvoering aan te geven. Daar ben ik enorm dankbaar voor.
Want we vragen nogal wat van iedereen. Aan uren, inzet, denkkracht, creativiteit, vertrouwen, oog voor elkaar, geduld en uithouding. We hebben te maken met een vijand die we steeds beter leren kennen. En samen lukt het ons het coronavirus en de effecten ervan zo mogelijk tegen te gaan. We gaan we de goede kant op, zij het met wat horten en stoten. Voor de zomer kregen we te maken met een versoepeling van de landelijke maatregelen. Basis- en primair onderwijs, horeca, theaters en concertzalen mochten met de nodige bepalingen weer open. In de zomer sprak het kabinet de verwachting uit dat het aantal besmetting verder zal dalen. Toch volgde er weer een stijging van het aantal besmettingen in september. De landelijke aanpak kwam weer in de plaats van de regionale, en we kregen te maken met een tijdelijke verzwaring van de gedeeltelijke lockdown. We staan samen aan de lat, en durven elkaar kritisch te benaderen. Altijd op een constructieve manier. Om zo met elkaar de besluiten te nemen. Of we als Veiligheidsregio altijd de beste besluiten hebben genomen? Dat zal moeten blijken, dat gaf ik u ook aan bij het Tussentijdse Covid-19 verslag. Het is in ieder geval zo dat ieder besluit uiteraard met die intentie genomen is. En daar zaten lastige momenten en ingewikkelde afwegingen tussen. Een van die momenten wil ik hier terughalen.
Dat is het besluit over het al dan niet mogelijk maken van meer dan 30 personen in gebouwen van groot belang voor de regio, zoals theaters, culturele centra en poppodia. Dit speelde begin oktober. In onze regio besloten we in eerste instantie geen ontheffing te verlenen voor een periode van drie weken. In lijn met het kabinetsbeleid om het aantal contactmomenten en reisbewegingen terug te dringen.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
4
Maar, het is niet uitlegbaar dat wat hier niet kan, een paar kilometer verderop wel kan. Om het coronavirus te bestrijden is eenheid van beleid (tussen alle veiligheidsregio’s) cruciaal voor het maatschappelijk draagvlak. Daar heb ik dan ook landelijk aandacht voor gevraagd, en het besluit in onze regio conform de ontstane landelijke lijn aangepast. Ook dat is besturen: kritisch kijken naar eigen besluiten en als daar aanleiding toe is, dat durven aanpassen. We zijn er nog niet, zo veel is duidelijk. In onze regio is de coronasituatie ingeschaald op ‘zeer ernstig’. En hoewel de landelijke maatregelen resulteren in een geleidelijke afname van het aantal besmettingen, is de daling beduidend langzamer en met meer horten en stoten dan bij de eerste golf. De verwachting is dat de tweede golf nog tot ver in het eerste kwartaal van 2021 kan duren. Ik heb er vertrouwen in dat we dit virus als samenleving gaan doorstaan. We moeten hier doorheen, er is simpelweg geen andere mogelijkheid. Waarom ik vertrouwen heb? Omdat de finishlijn van de marathon die we met elkaar lopen meer en meer in zicht komt. We weten nog niet precies wanneer er op grote schaal gevaccineerd kan worden, maar dat moment komt steeds dichterbij. We gaan op het punt komen dat we weer op een manier kunnen leven waarin we veel meer bewegingsvrijheid hebben en we elkaar weer meer kunnen opzoeken en ontmoeten.
Waar we allemaal zo naar verlangen. In de tussentijd doet het me goed dat we kunnen vertrouwen op de goede samenwerking die ik eerder noemde. Want dat doen we goed. Het is in Brabant-Noord geen kwestie van moeten, maar van willen samenwerken. Dat laten alle partners in deze Veiligheidsregio zien. Een goede communicatie, vertrouwen in elkaar en het samen doen, zijn vanaf het begin een belangrijk uitgangspunten. Voor deze intensieve periode die we met elkaar doormaken, wil ik tot slot weer mijn grote dank en waardering uitspreken. Aan iedereen die zich op de voorgrond en achtergrond zo onuitputtelijk in blijft zetten om de samenleving ten goede te keren. Daar ben ik trots op, en daar heb ik enorm veel respect voor. Ik wil niemand tekortdoen, maar een groep wil ik toch apart noemen. Dat zijn alle mensen die in de zorg werken. Alle bewondering voor jullie inzet, kracht en vakkundigheid. Dat is iets om trots op te zijn en voor ons als samenleving om te koesteren. Mijn grote dank aan jullie hart voor de zorg. Hou vol. Alleen samen krijgen we corona eronder. ’s-Hertogenbosch, 1 december 2020 Voorzitter Veiligheidsregio Brabant-Noord Jack Mikkers
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
5
Aanleiding Conform artikel 40 van de Wet Veiligheidsregio’s brengt de voorzitter van de veiligheidsregio na afloop van een ramp of crisis van meer dan plaatselijke betekenis, in overeenstemming met de burgemeesters die deel uitmaakten van het regionaal beleidsteam, schriftelijk verslag uit aan de raden van de getroffen gemeenten over het verloop van de gebeurtenissen en de besluiten die hij heeft genomen. De coronacrisis is nog niet voorbij maar in de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (Twm) is bepaald dat de voorzitter van de veiligheidsregio binnen een maand na inwerkingtreding van de wet verslag uitbrengt over het verloop van de gebeurtenissen en de besluiten die de voorzitter heeft genomen voor de bestrijding van de epidemie van covid-19.
Leeswijzer Dit verslag bevat ook de eerdere informatie uit het tussentijds verslag covid-19 van 1 juli 2020, hiermee is deze rapportage volledig. Voor degene die het tussentijds verslag al kennen zijn de aanvullende teksten over de periode juli tot en met november 2020 in kaders geplaatst (zoals deze tekst).
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
6
1. Wereldwijde pandemie In december 2019 duikt in de Chinese miljoenenstad Wuhan een nog onbekend virus op. De ziekte wordt geïdentificeerd als covid-19. De veroorzaker is SARS-CoV-2, een voor de mens nieuw coronavirus, vermoedelijk afkomstig uit een dierlijke gastheer. Vanaf half januari 2020 manifesteert het virus zich in naburige gebieden. Later treden infecties buiten China op en verspreidt het virus zich snel, ook binnen Europa. Sinds 11 maart 2020 wordt de uitbraak van covid-19 erkend als een pandemie door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Op 12 maart staat het aantal besmettingen per dag in Nederland op 85, waarvan 11 in BrabantNoord. Het hoogtepunt van het aantal besmettingen per dag, 153 personen, bereikt BrabantNoord op 27 maart. Landelijk komt dat iets later namelijk op 10 april.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
7
2. Onbekend met het virus Covid-19 was een nieuw virus. Er waren en zijn rondom dit nieuwe virus veel vragen en er was weinig wetenschappelijke informatie beschikbaar. Zo bestond bij het RIVM eind januari 2020 nog de veronderstelling, op basis van informatie uit China, dat het virus niet makkelijk van mens op mens over zou gaan. En begin februari was de verwachting dat een verspreiding binnen Nederland relatief klein zou blijven en dat er voldoende testcapaciteit zou zijn. Dat de overdracht van het virus ook plaats kan vinden wanneer iemand lichte klachten heeft, werd pas begin maart echt duidelijk. Als in die periode uit onderzoek onder patiënten in Brabant bekend wordt dat de bron van besmettingen niet meer te achterhalen is, wordt duidelijk dat het toen gehanteerde protocol voor de bestrijding van infectieziekten niet meer afdoende was voor Brabant. Ondanks het gebrek aan informatie en kennis moesten niettemin grote beslissingen regionaal en landelijk genomen worden. In de maanden daarna groeide de kennis over het virus en de wijze waarop het zich verspreidt. Er is nog steeds veel onbekend en nog dagelijks groeit het inzicht. Het vraagt van ons dat we voortdurend balanceren tussen het beschermen van de volksgezondheid, het inschatten van risico’s en het minimaliseren van de maatschappelijke en economische impact.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
8
3. De eerste weken Op 27 februari 2020 werd in Nederland een eerste besmetting met het covid-19-virus vastgesteld bij een patiënt die was opgenomen in het Tilburgse Elisabeth-TweeSteden ziekenhuis. Na de eerste bevestigde besmetting volgden enkele hectische weken waarin steeds meer besmettingen met het coronavirus werden vastgesteld en een deel van de patiënten voor behandeling in het ziekenhuis moest worden opgenomen.
Noord-Brabant en Nederland
De burgermeesters in Brabant-Noord zijn in het Algemeen Bestuur van 29 januari door de Directeur publieke gezondheid GGD Hart voor Brabant / GHOR Brabant Noord op de hoogte gesteld van de voorbereidingen die landelijk en lokaal zijn getroffen. Om zich zo goed mogelijk te kunnen voorbereiden op een eventuele casus van Coronabesmetting in haar werkgebied besloot de GGD Hart voor Brabant (GGD HvB) op 6 februari tot de inwerkingtreding van haar GROP (GGD Rampen Opvang Plan). Vanuit de veiligheidsregio zijn de ontwikkelingen vanaf januari continu gemonitord en werd (operationeel) overleg opgestart tussen de Brabantse veiligheidsregio’s om de ontwikkelingen te volgen en te bezien of en welke voorbereidingen noodzakelijk waren. Op 2 maart werden de colleges en raden geïnformeerd over de 1e besmetting in onze regio (de gemeente Oss) en over de inzet van een flexibel RBT en de verantwoordelijkheden rondom de bestrijding. Communicatie en vertrouwen in elkaar is meteen een belangrijk uitgangspunt voor het delen van informatie, en voor het afstemmen van werkzaamheden. Op bestuurlijk niveau gebeurde dat onder meer via het burgemeestersoverleg en informatiebrieven. Burgemeesters konden hierdoor ook informatie delen met colleges en raden. Op 6 maart was bij de GGD zichtbaar dat de bron van de besmetting niet eenduidig te herleiden was.
Vanuit het ROAZ kwamen verontrustende geluiden over de ziekenhuiscapaciteit als het aantal besmettingen en patiënten snel zou stijgen. Met het RIVM werd in dat weekend een steekproef en onderzoek gedaan in Brabant. De drie voorzitters van de Brabantse Veiligheidsregio’s legden hier de basis om voor een gezamenlijke aanpak in Brabant te kiezen. Dit vanuit de behoefte aan een eenduidig beleid en geluid richting de inwoners van heel Noord-Brabant. Op 8 maart was er overleg met Brabantse zorgpartners en het RIVM. Op diverse plekken was een stijging van de ziekenhuisopnamen en de voorlopige steekproefresultaten gaven zorgen. Er werd duidelijk dat het niet alleen ging over de bestrijding van een pandemie en het beheersen van besmettingen, maar ook over maatregelen om zorg te kunnen blijven leveren. Continuïteit voor de zorg door de instroom te minimaliseren en de beschikbaarheid te maximaliseren. Op 9 maart participeerden we in het landelijke bestuurlijke afstemmingsoverleg, de interdepartementale commissie crisisbeheersing en de Ministeriële commissie crisisbeheersing. Landelijk zaten we in de eerste fase van indammen, ofwel containment. De bewustwording groeide over de ernst van de situatie in Brabant, dat kenmerken van mitigatie had. Dit rechtvaardigde een aantal maatregelen.
Op 10 maart kondigden de drie voorzitters de Brabantse maatregelen aan en riepen de burgers in Noord-Brabant op tot 7 dagen sociale onthouding. Dit was voor Brabant een duidelijk markeerpunt. Later die week werden er landelijke maatregelen aangekondigd, en is de input uit Brabant meegenomen in die maatregelen.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
9
4. De volgende maanden De piek van de eerste golf van besmettingen lag eind maart 2020. Vanaf april zet een geleidelijke daling in. In de persconferentie van 6 mei wordt door het kabinet een routekaart gepresenteerd daarmee beoogt het kabinet een perspectief te bieden op een geleidelijke versoepeling van de strengste maatregelen. Vanaf 1 juni mogen daarom o.a. horeca, concertzalen en theaters met de nodige maatregelen weer open. Ook mogen de basis- en middelbare scholen in de loop van juni de leerlingen weer op school verwelkomen. In het openbaar vervoer wordt een mondkapje verplicht,omdat de anderhalve meter afstand niet te borgen is. Op 24 juni vindt een persconferentie van het kabinet plaats waarin het kabinet de verwachting uitspreekt dat het aantal besmettingen verder zal dalen. Verdere versoepelingen per 1 juli worden aangekondigd en de landelijke crisisstructuur wordt (gedeeltelijk) opgeschort. Ook regionaal zijn de besmettingscijfers op een laag niveau en wordt de frequentie van samenkomsten van de regionale crisisstructuur verlaagd. In de zomermaanden worden (bestuurlijke) scenario’s opgesteld voor de komende maanden. De verwachting is dat de aanpak meer regionaal zal gaan plaatsvinden gericht op het beheersen van regionale besmettingen en minder met landelijk uniforme maatregelen voor heel Nederland.
Om de situatie per regio goed te kunnen monitoren en vast te kunnen stellen welke maatregelen regionaal getroffen dienen te worden, is sinds begin juli het ‘Dashboard corona’ operationeel. Aan de hand van verschillende gegevens wordt de verspreiding van het virus in de gaten gehouden en bepalen Rijk, GGD’en, RIVM en veiligheidsregio’s gezamenlijk het risiconiveau per veiligheidsregio. Eind augustus beginnen de besmettingscijfers weer op te lopen met een sterke stijging in september. Met name in de grote steden in de Randstad lopen de cijfers hard op. De regionale aanpak blijkt niet goed houdbaar. Het aantal besmettingen stijgt te snel en ‘robuuste’ maatregelen worden nodig geacht. De regionale aanpak wordt losgelaten en vanaf 28 september zijn er weer landelijke maatregelen van kracht. Eind oktober heeft het risiconiveau in Brabant-Noord ook het niveau van ‘zeer ernstig’ bereikt. De regionale aanpak is vooral gericht op de uitvoering en handhaving van de landelijke maatregelen. De landelijke maatregelen resulteren in een geleidelijke afname van het aantal besmettingen. De daling is beduidend langzamer dan bij de eerste golf. Gedurende de maand november is er echter sprake van een kentering in de situatie, het aantal besmetting daalt of stijgt niet meer. De zorg is dat een stijging snel weer kan plaatsvinden.
De verwachting bij de inwerkingtreding van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (Twm) is dat de tweede golf nog tot ver in het eerste kwartaal van 2021 kan duren.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
10
5. De crisis in de zorg Begin december 2019 werd in Brabant gestart met het monitoren van grieppatiënten en de beddencapaciteit in de ziekenhuizen. Op 17 januari verstuurde het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) een eerste bericht naar professionals werkzaam in de infectieziektebestrijding. Er was voldoende aanleiding om in Nederland zorgprofessionals te gaan voorbereiden op het kunnen herkennen en testen van mensen die het nieuwe coronavirus meebrengen uit het buitenland. In januari werden er per veiligheidsregio quarantainelocaties voorbereid en vonden er extra afstemmingsoverleggen vanuit de zorgsectoren plaats. Op 28 januari maakte de minister van VWS, op advies van het Outbreak Management Team (OMT) en na consultatie van het Bestuurlijk Afstemmingsoverleg (BAO), covid-19 meldingsplichtig als A ziekte. Op 27 februari werdin Brabant bij een patiënt covid-19 vastgesteld. Vanuit de acute zorg werd er direct opgeschaald tot een Brabant brede coördinatie, in de vorm van het Regionaal Overleg Acute Zorg, ROAZ. De besmettingen in maart 2020 in Brabant Noord gingen razendsnel. De druk op de GGD nam enorm toe doordat alle patiënten getest moesten worden en er rondom deze patiënten bron- en contactonderzoek moest plaatsvinden.
Half maart werd duidelijk dat bron- en contactonderzoek niet meer goed mogelijk was door de snelle toename van het aantal besmettingen, die niet meer te herleiden waren naar de bron. Begin maart nam ook de druk op de zorg in Brabant in een rap tempo toe en kwam het zorgstelsel in de ziekenhuizen onder druk te staan. De IC capaciteit begon in een enorm tempo vol te raken. Extra IC-capaciteit werd noodzakelijk en werd per ziekenhuis uitgebreid. Vanuit Defensie werd er bijstand verleend door IC verpleegkundigen en extra verpleegkundigen beschikbaar te stellen aan de ziekenhuizen. Tevens werd er veelvuldig gebruik gemaakt van de pool van mensen die zich bij VWS hebben aangemeld voor ‘Extra handen voor de Zorg’. Het weekend van 20/21 maart werd er in Brabant met bijstand vanuit Defensie met spoed een actiecentrum Overplaatsingen ziekenhuizen in Tilburg bij de meldkamer ingericht. Colonnes met ambulances kwamen vanuit het noorden van het land om covid patiënten uit Brabant op te halen. De Brabantse ziekenhuizen konden de grote patiëntenstroom niet meer aan en patiënten werden overgebracht naar ziekenhuizen in andere delen van het land. Tevens werd er per veiligheidsregio een coördinatiepunt ingericht voor de VVT-zorg. Dit om patiënten versneld uit de ziekenhuizen richting de verzorgtehuizen en thuis(zorg) over te plaatsen en om de huisartsen in hun werkzaamheden te ondersteunen.
Daarnaast werd er extra capaciteit op verschillende locaties ingericht om patiënten die uit het ziekenhuis mogen, maar nog zorg nodig hebben, op te vangen. Onder leiding van de GHOR werd een Regionaal Overleg Niet-Acute zorg RONAZ geïnitieerd. Dit overleg bestaat o.a. uit bestuurders vanuit de verzorg- en verpleeghuizen, thuiszorg, verstandelijk gehandicaptenzorg en jeugdzorg, GGD en een burgemeester als afvaardiging vanuit het Openbaar bestuur.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
11
Bovenregionale structuren werden gaandeweg ontwikkeld door de vorming van nieuwe bovenregionale en landelijke teams en netwerken in reactie op gesignaleerde knelpunten. Het hiervoor genoemde RONAZ, een PBM distributiecentrum (PBM: Persoonlijke beschermingsmiddelen) en het Regionaal Coördinatiecentrum overplaatsingen. Meerdere teststraten werden binnen de GGD-regio opgezet en aparte teams voor de bron- en contactonderzoeken werden geformeerd. De GGD draaide op volle toeren om de besmettingen te monitoren en zo zoveel mogelijk onder controle te houden.
Testen Tot het vaccin een oplossing biedt om grip te krijgen op het virus moet het grootschalig en frequent testen in combinatie met het bron- en contactonderzoek bijdragen aan het openhouden van de samenleving en het zicht houden op het virus. De ambitie van het ministerie van VWS is om de bevolking vanaf maart 2021 eens per maand te laten testen. Hiervoor is een forse uitbreiding van de huidige testcapaciteit nodig. Er wordt ingezet op XL-testlocaties, sneltesten en de uitbreiding van het aantal testlocaties en testafnameaanbieders. De GGD HvB heeft steeds hard gewerkt aan de uitbreiding van de testcapaciteit. In november zijn bestaande testlocaties verplaatst naar grotere, winterbestendige locaties. Hiermee wordt de landelijke doelstelling voor testcapaciteit behaald, nl. 6.800 testen per dag voor de GGD Hart voor Brabant. De doorlooptijden worden behaald: binnen 24 uur kan men terecht op de testlocaties en vervolgens krijgt de cliënt binnen 24 uur de testuitslag. Naast de standaard PCR-testen zal de GGD binnenkort ook antigeentesten aanbieden. Mensen kunnen niet zelf kiezen of ze een antigeentest krijgen. Dat wordt bepaald bij het inplannen van de test. De uitslag van een antigeentest is er gemiddeld binnen anderhalf uur.
Commerciële teststraten Sinds kort zien we een toename van het aantal commerciële testlocaties. Het uitgangspunt van het kabinet is dat alle inzet die een bijdrage levert aan het indammen van het virus welkom is. In dit geval door mensen te testen. Alle testafname-aanbieders moeten werken volgens de vereisten die daarvoor gelden. Alle positieve testuitslagen, met álle relevante informatie, moeten snel aangeleverd worden aan de lokale GGD, zodat bron- en contactonderzoek uitgevoerd kan worden. Het gaat helaas niet in alle gevallen goed. We zien bijvoorbeeld dat er sneltesten worden toegepast op mensen zonder klachten. Die sneltesten zijn echter voor deze personen ongeschikt. Er gaan ook geruchten dat er namaaktesten in omloop zijn, daarom zijn we blij met de aandacht die zowel de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) als het ministerie aan dit onderwerp besteden.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
12
Bron- en contactonderzoeken Met het bron- en contactonderzoek wordt de verspreiding van het virus verder tegengegaan. Door de hoge besmettingsraad is de GGD HvB, gezamenlijk met de andere GGD’en, eind september overgegaan op een beperkte vorm van bron- en contactonderzoek. Vanaf 10 november voert de GGD weer een volledig bron- en contactonderzoek uit. Dit komt door een daling van het aantal positief geteste inwoners en een robuustere landelijke ondersteuning.
CoronaMelder Daarnaast heeft het ministerie van VWS de CoronaMelder-app ontwikkeld, als ondersteunend middel om mensen te waarschuwen dat ze extra risico lopen, omdat ze in contact zijn geweest met een positief getest persoon. Deze app meldt of je in de buurt bent geweest van iemand die na een test corona blijkt te hebben. Als je een melding krijgt word je geadviseerd om thuis te blijven tot 10 dagen na de datum van het contact.
Clusteranalyses De GGD heeft clusters van besmettingen in beeld gebracht. En op deze clusters een situatieanalyse verricht. De bedoeling van deze aanpak is om de uitgebreidheid van de verspreiding vast te stellen. Ook zijn settings van de clusters geïdentificeerd, denk daarbij o.a. aan leeftijdscategorieën of aan locaties (bedrijven, scholen etc.) of aan gemeenten (plaatsen, wijken en buurten) om handreikingen te kunnen geven voor de bestrijding van het virus. Voor meer informatie over clusters, zie bijlage 5.
Dilemma’s en schaarste in de zorg • Op 12 maart informeerde de minister van VWS de Tweede Kamer over een overleg met de voorzitters van de elf regionale overleggen acute zorg (ROAZ-regio’s). De ROAZ-regio’s zijn verantwoordelijk voor de continuïteit van zorg en bereiden zich voor op een mogelijk grote belasting van de zorg. Het dilemma van VWS was en is; ‘Hoe kunnen we de regie en de coördinatie in de zorg organiseren?’ • Schaarste van beschikbare persoonlijke beschermmiddelen was erg groot gedurende de hele crisis. Dit heeft geleid tot landelijke prioritering van het gebruik van deze beschermmiddelen in de zorg. De eerste prioriteit lag bij de ziekenhuizen en daarna pas de VVT (Verpleeg- en verzorgingstehuizen). • Zorgmedewerker en medewerkers in vitale sectoren moesten blijven werken ondanks lichte klachten terwijl de rest van Nederland dringend werd geadviseerd thuis te blijven. • Door uitbraken in verpleeghuizen, werd bezoek niet langer toegestaan. Dit was een ethisch dilemma.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
13
• Ter voorbereiding voor de tweede golf is als eerste het dilemma bezoekregeling aangepakt. Het sluiten van de zorginstellingen heeft zo veel neveneffecten gehad, dat we dit in ieder geval in de tweede golf wilden voorkomen. Hiervoor zijn diverse voorzorgsmaatregelen getroffen. Dit was mogelijk nu we wisten wat het virus deed en hoe we hier beter binnen de instellingen mee om konden gaan. Dit neemt niet weg dat we toch nog te maken hebben met grote uitbraken in zorginstellingen; deze zijn helaas nu ook nog niet te voorkomen. • Tijdens deze tweede golf was het streven om zoveel mogelijk de reguliere zorg in de ziekenhuizen door te laten gaan. Echter gedurende de tweede golf bleek dit niet mogelijk. covid-patiënten moesten wederom worden opgevangen in de extra voorzieningen, maar ook de uitstroom van reguliere revalidatiepatiënten bleef doorgaan. Hierdoor is er wederom een enorme druk gekomen op de VVT-zorg en de medewerkers daar. • Op 31 augustus waren er storingen in de teststraten Rosmalen en Uden. Maar vanaf dinsdag 8 september kon de GGD Hart voor Brabant het werk niet meer aan, het was zo druk bij de teststraten, waardoor het vaak niet mogelijk was om binnen 24 uur een afspraak te maken bij de dichtstbijzijnde testlocatie. Om dit knelpunt op te lossen heeft de GGD Hart voor Brabant verder opgeschaald door binnen afzienbare tijd een extra teststraat te openen.
• Daarnaast leidde tevens een tekort aan laboratoriumcapaciteit tot oplopende wachttijden voor de coronatesten. Testen op corona betekent dat de afgenomen tests vervolgens in een laboratorium geanalyseerd moeten worden. De maximale laboratoriumcapaciteit beperkt daarmee ook de maximale testcapaciteit in de teststraten.
Zorgen in de zorg • Door de enorme toestroom van besmettingen was het bijhouden van de juiste data binnen alle verschillende zorginstellingen een enorme klus, waar de GGD en GHOR niet eerder mee te maken hebben gehad. • De GGD werd tevens ingezet voor het testen van allerlei specifieke doelgroepen waar het virus zijn kop op steekt, zoals bij nertsenfarms, vleesverwerkingsfabrieken en groepen van arbeidsmigranten. • De onzekerheden rondom het virus blijven voorlopig bestaan, en daarmee gedurende een lange tijd ook de onzekerheid over de verwachte druk op de zorgketen. Hoe haalbaar is het om flexibel op- en af te schalen. Dat vraagt om voorbereiding op extra IC capaciteit. • Het gevolg van deze crisis was leegstand in verpleeghuizen: door overlijdens als gevolg van covid-19 en doordat zich minder nieuwe bewoners aanmelden (angst, terughoudendheid). Ook stonden er bedden vrij doordat de reguliere zorg in de ziekenhuizen was afgeschaald en er bijna geen revalidatie patiënten waren. • Zorgen over de effecten van de uitgestelde zorg. Artsenbezoeken blijven achter en electieve zorg start langzaam op. Ziekenhuizen roepen op om met klachten vooral te komen. Mogelijk zijn er langere termijn gevolgen door uitgestelde zorg. • Gezien het feit dat was afgesproken dat de reguliere zorg in de ziekenhuizen zoveel mogelijk bleef doorgaan, was het noodzakelijk om hiervoor goede plannen te maken.
• De ziekenhuizen hebben tussen de eerste en tweede golf de voorbereiding getroffen om de ic-capaciteit zo nodig flink te kunnen uitbreiden. • De plannen voor de opschaling langdurige zorg zijn vanuit het Regionaal Overleg NietAcute Zorg (RONAZ) −opgericht in de 1ste golf− bijgewerkt.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
14
• De spanning nam toe toen het aantal covid-patiënten weer snel opliep en de reguliere zorg probeerde door te draaien. De druk op de VVT-zorg en reguliere zorg in de ziekenhuizen nam weer zodanig toe, dat wederom de uit te stellen reguliere zorg is afgeschaald. • Er is een groot ziekteverzuim in de zorg in verband met besmette medewerkers en door medewerkers die in thuisisolatie moesten. • Momenteel wordt er vanuit zowel de zorg, in samenwerking met onder andere het Sociaal Domein, gekeken naar andere mogelijkheden om de druk op de zorg met name in de VVT-sector nog verder te verlichten.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
15
6. Aanpak van de crisis Proportionele maatregelen
Het was de grote onbekendheid met het virus waardoor we verregaande maatregelen hebben getroffen om de verspreiding van het virus in te dammen en de volksgezondheid te beschermen. De maatregelen waren vooral gericht op het beschermen van kwetsbare groepen en het ontlasten van het acute zorgstelsel. Vooruitlopend op de latere landelijke maatregelen zochten we binnen Brabant naar de ‘redelijke’ maat. Het beperken van zoveel mogelijk sociaal contact door de mensen 7 dagen ‘sociale onthouding’ te vragen, op te roepen bij klachten thuis te blijven, publiekssamenkomsten te beperken en evenementen tot 1.000 personen te verbieden. Hierin probeerden we een balans te vinden tussen enerzijds het indammen van het virus en anderzijds de maatschappelijke en economische impact zo klein mogelijk te houden. Met het nemen van maatregelen willen we besmettingen verregaand beperken. Dit gaat om het gedrag van onze inwoners. Uitgangspunten daarbij zijn goede voorlichting, de eigen verantwoordelijkheid van burgers en het feit dat we daar ook echt op willen steunen. Daarbij is het belangrijk om de burgers te overtuigen van nut en noodzaak van het gevraagd gedrag. Er worden wel regels vastgelegd en er is een handhavingskader, maar dat dient als vangnet. Het virus en alle gevolgen ervan hebben een grote impact op de bevolking. Onze regio is zwaar getroffen door het virus.
Met veel zieken, waarvan een deel wordt getroffen door de lange nasleep van de ziekte. Maar ook veel overledenen, waarbij een aantal dorpsgemeenschappen worden geconfronteerd met hoge sterfte aantallen. Dit gaat gepaard met angst, rouw en verdriet. Ook binnen de verpleeg- en verzorgingshuizen heeft het virus haar tol geëist. Bezoek was niet toegestaan en bewoners ervaarden eenzaamheid.
Onderzoeken GGD-monitor In het najaar van 2020 is er bij ruim 95.000 mensen in de GGD-regio Hart voor Brabant een brief op de mat gevallen om mee te werken aan de GGD Gezondheidsmonitor. Dit is een uitgebreide vragenlijst met allerlei vragen over onder andere algemene gezondheid, welbevinden, leefstijl, woonomgeving en veiligheid. In deze vragenlijst zijn ook vragen opgenomen over Corona. Heb je Corona gehad, en is dit al dan niet bevestigd met een test, hoe ziek ben je ervan geweest, en wat doet de Coronacrisis met jouw leven op het gebied van onder andere beweging, genotmiddelen, financiën. De resultaten hiervan komen voor de zomer van 2021 (op regionaal niveau) en na de zomer (op gemeentelijk niveau) online. Ook maken we op basis van deze resultaten vergelijkingen met eerdere jaren (2016 en 2012).
Landelijk panelonderzoek gedrag Corona Naast de brede gezondheidsmonitor wordt sinds april/mei 2020 wordt om de 6 tot 8 weken een panelonderzoek uitgezet ten aanzien van Corona. Hierin wordt gedrag bevraagd: gaan mensen naar teststraten als ze klachten hebben, hoe gaan ze zelf om met de maatregelen en wat zien ze bij anderen en ook bijvoorbeeld de mening over de maatregelen en het vertrouwen in de overheid. De resultaten worden iedere keer op het dashboard van de Brabantscan verwerkt.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
16
Brabantscan De Brabantscan is een kennisplatform voor gezondheidsinformatie in Brabant en is een initiatief van de drie Brabantse GGD’en. Aan het dashboard van de Brabantscan zijn de coronacijfers en de gegevens van gedragsonderzoek toegevoegd. Vanaf 12 november kan iedereen eenvoudig cijfers en ontwikkelingen rond corona in de eigen gemeente en provincie volgen. Het dashboard laat meer zien dan alleen besmettingen of ziekenhuisopnames. Het geeft inzicht in het gedrag van mensen tijdens de coronacrisis en hun beleving van de beperkende maatregelen. Ook geeft het dashboard informatie over de relatie tussen Corona en het gebruik van genotsmiddelen door onze inwoners, hun voedingspatroon en hun bewegingspatroon. De aankomende weken wordt het dashboard verder aangevuld met informatie over onder andere fysiek kwetsbare groepen en psychische gezondheid.
PON-monitor De provincie Noord-Brabant heeft het kennisinstituut PON gevraagd een peiling uit te zetten onder Brabanders om de maatschappelijke effecten van het coronavirus in beeld te brengen. Naast de directe en de te verwachten economische effecten, wil de provincie weten hoe Brabanders de aanwezigheid van het virus en de maatregelen die daartegen worden genomen ervaren. Dit is in nauwe samenwerking met de provincie Noord-Brabant, de Brabantse veiligheidsregio’s en diverse Brabantse gemeenten opgezet. In de periode maart tot en met november zijn er zes metingen verricht.
Crisisstructuur en reguliere structuur De (regionale) crisisstructuur is primair gericht op de bestrijding van een crisis, het coronavirus in dit geval. Deze crisis is een unieke langdurige crisis waarbij de aanpak grote maatschappelijke en economische gevolgen heeft. De bestrijding van de gevolgen van een crisis gebeurt bij een ‘normale’ crisis bij voorkeur via de reguliere structuren. Dit is in Brabant Noord ook zo veel mogelijk gebeurd. Colleges en portefeuillehouders (wethouders) spelen hierin een belangrijke rol. Er zijn o.a. ook extra overleggen geweest met de wethouders van zorg en van onderwijs. En ook is overlegd met bijv. de onderwijskoepels. Wel heb ik als voorzitter rekening gehouden met de maatschappelijke gevolgen en is op een aantal punten voor regionaal maatwerk gekozen. In gesprekken met de zeventien burgemeesters is opgehaald waar het accent van de maatregelen zou kunnen liggen en hoe we de maatregelen kunnen toepassen. Uitgangspunt was om oog te houden voor het brede perspectief. Hoe houden we het leefbaar met elkaar. Hoe zorgen we ervoor dat we niet in een regelreflex schieten, maar helpen we elkaar. In bijlage 1 staat een overzicht van een aantal overleggen binnen de crisisstructuur.
Bestrijding in Brabant-Noord (m.i.v. 2 maart 2020) In verband met de eerste besmetting en de reële kans dat er meer besmettingen volgen, is de regionale crisisorganisatie ingesteld (GRIP 2). Ook is er een Regionaal Beleidsteam (RBT) geformeerd door de voorzitter van de veiligheidsregio. Met deze opschaling kunnen we gecoördineerd inspelen op alle gebeurtenissen. De gemeenten van de Veiligheidsregio Brabant Noord volgen in de bestrijding de landelijke lijn van het RIVM en de GGD.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
17
Verantwoordelijkheden / bevoegdheden Het coronavirus veroorzaakt de ziekte covid-19. Een ziekte van nationale betekenis waardoor covid-19 behoort tot de groep A-infectieziekten. Op grond van de Wet publieke gezondheid (Wpg) geldt voor A-infectieziekten het volgende: • het bestuur van de veiligheidsregio draagt zorg voor de voorbereiding van de bestrijding van de verspreiding het virus. • de voorzitter van de veiligheidsregio draagt zorg voor de bestrijding van het virus. • de minister van VWS (geadviseerd door het RIVM) geeft leiding aan de bestrijding en kan de voorzitter van de veiligheidsregio opdragen hoe de bestrijding ter hand te nemen. • de uitvoering van de bestrijding is opgedragen aan de GGD. • de voorzitter van de veiligheidsregio is bevoegd om maatregelen te nemen rondom het coronavirus in de gemeenten binnen de veiligheidsregio.
Brabantbrede bestrijding (m.i.v. 10 maart 2020) In Noord Brabant steeg het aantal besmettingen sneller dan in de rest van Nederland. Het feit dat het Regionaal Overleg Acute Zorg (ROAZ), een belangrijke speler ten aanzien van de coördinatie van de acute zorg, Brabantbreed werd georganiseerd was een reden om met het ROAZ snel gezamenlijk af te stemmen. Dit vroeg om een andere aanpak dan normaal, namelijk om direct Brabantbreed af te stemmen en te coördineren. Op 10 maart vervolgens beslisten de voorzitters van de drie Brabantse Veiligheidsregio’s tot één gezamenlijke Brabantse aanpak met als doel het besmettingsgevaar in te dammen. Om deze gezamenlijke Brabantse aanpak te coördineren, werd een interregionaal beleidsteam (iRBT) ingericht. Met dit iRBT hebben wij, als voorzitters van de drie Brabantse veiligheidsregio’s, voor een éénduidige aanpak in Brabant gekozen. Als voorzitters hebben we portefeuilles verdeeld. Ook de directeuren veiligheidsregio, directeuren publiek gezondheid en de regionale operationele teams van de drie veiligheidsregio’s hebben onderlinge werkverdelingen gemaakt. Afstemming vond Brabantbreed plaats, maar besluitvorming bleef regionaal verankerd. Op 11 maart beslisten de voorzitters op te schalen naar GRIP 4.
Overleg met sectoren In de zomermaanden zijn er overleggen geweest met verschillende sectoren, waaronder de: • Regionale afdeling van horeca Nederland met betrekking tot de handhaving van coronamaatregelen in de horeca (o.a. placeren en registreren van bezoekers). • Onderwijsinstellingen met betrekking tot de opzet van veilige introductieweken voor nieuwe studenten. • Cultuursectoren over veiligheidsmaatregelen binnen de verschillende musea, theaters en cultuurinstellingen.
Brabantbreed spreekuur evenementen Een van de eerste maatregelen die tijdens de crisis is getroffen is een verbod op evenementen. De termijn van dit landelijke verbod is uiteindelijk gesteld op 1 september 2020. Dit gaf rust en de branche wist weer zij aan toe was; géén evenementen in het seizoen 2020. Tijdens de persconferentie van 23 juni bleek echter zeer onverwacht dat het evenementenverbod al per 1 juli 2020 kon worden versoepeld. Onder een aantal voorwaarden mochten evenementen toch al wél georganiseerd worden. Op deze boodschap was niemand voorbereid; zowel niet de organisatoren en initiatiefnemers van evenementen zelf als de lokale/regionale overheden die een rol spelen in het vergunningsproces van evenementen.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
18
Direct na deze persconferentie stroomden de vragen binnen. Vragen van organisatoren aan gemeenten, en van gemeenten op hun beurt aan de veiligheidsregio’s. Iedereen was op zoek naar duidelijkheid en bevestiging of een aangevraagd evenement nu wel of niet zou mogen volgens de nieuwe regels. In de noodverordening die per 1 juli 2020 inging stonden deze uitgelegd. In een aantal gevallen bood dit duidelijkheid, maar kennelijk in veel gevallen ook niet. Hiertoe namen de 3 Brabantse Veiligheidsregio’s gezamenlijk het initiatief voor een online ‘Spreekuur evenementen’ voor alle 62 gemeenten. Door vragen over de noodverordening centraal te beantwoorden door een vast panel bestaande uit juristen en evenementenadviseurs, werd voorkomen dat vergelijkbare vragen verschillend zouden worden beantwoord. Deze collectieve spreekuren en de uitgebrachte FAQ’s zorgden voor eenduidigheid in de uitleg en interpretatie van de noodverordeningen op het thema evenementen. Het bood alle Brabantse gemeenten houvast in de behandeling van vergunningsaanvragen voor evenementen. Naast het behandelen van inhoudelijke vragen, zijn tijdens de spreekuren ook relevante ontwikkelingen en good practices gedeeld. Denk aan de kermis, het berekenen van het maximaal aantal bezoekers voor een evenement/locatie op 1,5 meter en aan het statement van de veiligheidsregio’s m.b.t. carnaval 2021.
Tijdens een van de spreekuren heeft de voorzitter van onze veiligheidsregio de deelnemers aan het spreekuur deelgenoot gemaakt van de bestuurlijke dilemma’s die spelen. De spreekuren kennen grote belangstelling; gemiddeld zijn er online zo’n 80 ambtenaren verspreid uit heel Brabant aanwezig. Het voornemen is om dit Brabantse spreekuur evenementen ook onder de Tijdelijke wet maatregelen COVID-19 (Twm) te blijven voortzetten.
Aanvullende verantwoordelijkheden / bevoegdheden In verband met de opschaling naar GRIP-4 gaat op grond van artikel 39 Wvr een aantal bevoegdheden op het terrein van openbare orde en veiligheid van rechtswege over van de burgemeesters naar de voorzitter van de veiligheidsregio. De twee belangrijkste zijn de bevoegdheid tot het uitvaardigen van een noodbevel en het afkondigen van een noodverordening. De voorzitter heeft de bevoegdheid om besluiten te nemen. Hij dient hiervoor o.a. het Regionaal Beleidsteam (RBT) te raadplegen waarin verschillende partners/adviseurs zitting hebben. De besluiten die u in deze verantwoording terugleest zijn allen in overeenstemming met het RBT genomen en door de burgemeesters in de regio zijn geen bezwaren ingediend.
Regionale noodverordeningen en handhaving De Minister van VWS heeft een aantal aanwijzingen gegeven. De uitwerking van de landelijke maatregelen heeft plaatsgevonden via regionale noodverordeningen op basis van landelijke model-noodverorde ningen. De verschillende elkaar opvolgende noodverordeningen waren soms moeilijk uit te leggen voor specifieke gevallen. We hebben daarom steeds een beroep gedaan op ieders gezond verstand, door bij de naleving ervan te kijken naar de bedoeling van de maatregelen. Het gedrag van de inwoners was goed, een belangrijk deel van de inwoners heeft de regels nageleefd.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
19
Bij het stapsgewijs versoepelen van de maatregelen ontstond er meer behoefte aan uitleg. Des te langer de maatregelen duurden, terwijl het aantal besmettingen daalden, hoe moelijker het voor sommigen werd. Dat is ook logisch vanwege de grote sociale en economische impact van de maatregelen. Voor de handhaving van de noodverordeningen is er nauw samengewerkt door gemeenten, politie en Openbaar Ministerie. De handhaving vindt plaats binnen de kaders van zowel bestuursrecht als strafrecht. Hierdoor is het noodzakelijk voor de drie genoemde partijen om voortdurend met elkaar af te stemmen. Deze afstemming leidde bij elke nieuwe noodverordening tot een op maat van de veiligheidsregio gemaakt handhavingskader. Uitgangspunten in de handhavingskaders zijn onder andere dat de aanwijzingen van de minister worden opgevolgd. We schrijven alleen op wat we echt willen regelen. We staan daarbij voor gezamenlijke regionale uniformiteit in beleid, maar indien lokale omstandigheden het vragen heb ik als voorzitter van de veiligheidsregio lokale omstandigheden hierin meegewogen, waardoor er lokale verschillen konden zijn. Verder zijn de handhavingskaders zo opgesteld, dat wat er in staat ook wordt gehandhaafd. Hierbij werd wel zoveel mogelijk eerst het gesprek aangegaan en gewaarschuwd, en pas in het uiterste geval een boete uitgedeeld.
Zie bijlage 2 voor een overzicht van de vastgestelde noodverordeningen e.d.
Nationale bestrijding Toen in Nederland het aantal besmettingen en ziekenhuisopnames toenam, is de nationale crisisstructuur geactiveerd, met sturing door de MCCb onder voorzitterschap van de ministerpresident. Voor een goede afstemming tussen kabinet en veiligheidsregio’s heeft het Veiligheidsberaad (overleg van de 25 voorzitters veiligheidsregio’s) frequent overleg gehad met de minister van Justitie en Veiligheid en heeft de voorzitter van het Veiligheidsberaad deelgenomen aan de vergaderingen van het MCCb. Nadat de verspreiding in Nederland toenam en de instroom van patiënten in ziekenhuizen en op de IC’s snel groeide, zijn steeds strengere maatregelen getroffen door het MCCb. De implementatie van de (kabinets) maatregelen hebben we gerealiseerd door het gebruik van elkaar opvolgende regionale noodverordeningen. Ter ondersteuning van de aanpak van de coronacrisis is op 13 maart een Landelijk Operationeel Team Corona (LOT-C) in het leven geroepen. In zomer is de nationale crisisstructuur afgeschaald daarom is vanaf oktober de acute aanpak van het virus gecoördineerd en gefaciliteerd door de projectdirectie COVID-19 van de NCTV. Het Programma-DG COVID-19 bestrijdt de sociaal-economische gevolgen op de (middel)lange termijn en richt zich op het herstel.
Escalatieladder/Routekaart/Dashboard Escalatieladder Eind augustus kwam het kabinet met een regionaal beoordelingssysteem om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Op basis van een wekelijkse evaluatie wordt dan bepaald of het in een veiligheidsregio de goede kant op gaat, of dat er strengere maatregelen moeten worden getroffen. De escalatieladder kent drie trappen: waakzaam, zorgelijk en ernstig. In de eerste categorie komen er weinig nieuwe besmettingen bij, en is er genoeg zorgcapaciteit. Als de situatie zorgelijk is, stijgt het aantal nieuwe besmettingen en neemt de druk op de zorg toe. Aanvullende maatregelen zijn dan nodig. Als een regio er ‘ernstig’ aan toe is, is hard ingrijpen nodig. Het aantal besmettingen stijgt dan snel, en het bron- en contactonderzoek
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
20
is niet meer effectief. De beschikbare zorgcapaciteit is dan ook niet meer voldoende. De maatregelen worden toegespitst op de situatie in een regio. Routekaart Aan de drie trappen van risiconiveaus zijn medio oktober de niveaus ‘zeer ernstig’ − strenge, landelijke maatregelen zijn dan noodzakelijk − en lockdown toegevoegd. De escalatieladder heet vanaf nu routekaart. Op 13 oktober heeft het kabinet besloten een ‘gedeeltelijke lockdown’ in te stellen, deze is tot op heden van kracht. Daarnaast heeft het kabinet begin november besloten om voor 2 weken, bovenop de gedeeltelijke lockdown, extra maatregelen in te stellen om overbelasting van personeel in de ziekenhuizen te voorkomen en om de kwaliteit van de zorg voor alle patiënten te garanderen. Dashboard Ten minste wekelijks gaat het ministerie de situatie per regio bespreken met onder meer de GGD’en, het RIVM en decentrale overheden. Daarbij wordt gebruikgemaakt van de gegevens op het zogenoemde coronadashboard. Dat dashboard is te vinden is op de website van het RIVM.
Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (Twm) De Twm is met ingang van 1 december jl. van kracht. De Twm kent twee belangrijke uitgangspunten. In de eerste plaats beoogt de tijdelijke wet de wettelijke basis van de virusbestrijding te versterken door deze niet langer te baseren op noodverordeningen, maar op ministeriële regelingen. In de tweede plaats beoogt de tijdelijke wet de positie van het lokale bestuur en de lokale democratie bij het bestrijden van de (gevolgen van) het virus, te versterken. Door de Twm worden de bevoegdheden en verantwoordelijkheden ten aanzien van het verlenen van ontheffingen van landelijke regels, het geven van aanwijzingen en bevelen en handhaving inzake de bestrijding van het covid-virus, belegd bij de burgemeester. Hiermee wordt een terugkeer beoogd naar normale interbestuurlijke verhoudingen. De rol van de voorzitter van de veiligheidsregio is met ingang van de Twm vooral gericht op het informeren en coördineren. De voorzitter heeft de plicht om namens alle burgemeesters informatie aan te leveren bij de minister van VWS. Daarnaast zorgt de voorzitter voor de coördinatie binnen de veiligheidsregio. Bevoegdheden komen −indien mogelijk gemaakt door de ministeriële regeling− weer lokaal bij burgemeesters te liggen. Toch wordt er landelijk, maar ook regionaal, gestreefd naar zoveel mogelijk uniformiteit.
In dit krachtenveld is de rol van voorzitter van wezenlijk belang om afstemming hierover tot stand te brengen. Er is gekozen om de huidige structuur en werkwijze zo veel mogelijk vast te houden. In de Twm wordt niet gesproken over een GRIP-procedure, toch is besloten om ‘symbolisch’ de GRIP-4 structuur vast te houden. Dit steunt de voorzitter in zijn coördinerende rol en versterkt die elementen die noodzakelijk zijn in de structuur van de crisisbestrijding ten aanzien van covid-19.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
21
Vooruitdenken over impact Het impactanalyseteam voor de crisisbestrijding van covid-19 bestaat uit beleidsadviseurs uit de verschillende multidisciplinaire kolommen. Zij zijn bezig om extra focus aan te brengen op het middellange termijn denken. Door hen worden de bestuurlijke scenario’s in kaart gebracht, zoals rondom de kerstperiode en jaarwisseling (van eenzaamheid tot carbidschieten en vuurwerk). Binnen het burgemeestersoverleg heeft hiervoor een discussie plaatsgevonden over het thema jeugd/ jongeren. Op die manier doorleven de burgemeesters met elkaar de (lokale) dilemma’s en kan er afstemming plaatsvinden. Het impactanalyseteam draagt daar vooral aan bij, middels het doorleven van dilemma’s en het realiseren van afstemming.
Informatie en communicatie Informatiepositie gemeenteraden De gemeenteraden zijn middels een periodieke informatiebrief geïnformeerd over de actuele situatie in Noord-Brabant, in de regio en over bestuurlijk relevante ontwikkelingen. Dit gebeurde, met uitzondering van de eerste twee brieven, met tussenkomst van de colleges. Het informeren van de gemeenteraden middels de periodieke informatiebrieven is ook na 1 juli gecontinueerd. Op 7 juli hebben de colleges en gemeenteraden de tussentijdse schriftelijke verantwoording van de voorzitter ontvangen. Hierover heeft de voorzitter op 28 oktober bij een digitale regionale raadsinformatiebijeenkomst mondeling verantwoording afgelegd. Alle raadsleden uit de regio waren uitgenodigd om via een webinar de informatie en het gesprek te volgen. De voorzitter gaf toelichting op de besluitvorming van de afgelopen periode en ging in op actuele ontwikkelingen zoals de tijdelijke wet. Er werden door de raadsleden veel vragen*) gesteld, deze gingen onder andere over: • de verschillen in maatregelen tussen de verschillende veiligheidsregio’s i.r.t.
de behoefte aan uniformiteit; • het informeren van de raden over het verloop van de aanpak van de crisis; • strengere handhaving; • stand van zaken van het test- en BCO-beleid; • de behoefte van de raden om meer mee te praten over de besluitvorming en welke rol zij kunnen vervullen in hun eigen lokale samenleving. *) deze vragen zijn beschikbaar bij secretariaat VR.
Crisiscommunicatie De gemeenten in Brabant-Noord hebben binnen de regionale crisisstructuur gezamenlijk de crisiscommunicatie verzorgd. De nadruk lag hierbij afwisselend op betekenisgeving door de bestuurders en daarnaast op schadebeperking en informatievoorziening. Ook is vanaf de aanvang de publieks- en persvoorlichting en de omgevingsanalyse in gezamenlijkheid georganiseerd en gecoördineerd. Daarbij is onder andere gewerkt met een gezamenlijke Q&A-lijst voor veel voorkomende vragen, zodat de informatie gecoördineerd en uniform was richting burgers. Hierbij is zoveel mogelijk in aansluiting met de landelijke informatievoorziening geopereerd, waarbij ook lokaal maatwerk mogelijk is gebleven.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
22
7. Bijzondere situaties in Brabant-Noord Hoogste coronasterfte tijdens de eerste golf in zuiden van Nederland Persbericht 26 november 2020 In de periode 2 maart tot en met 28 juni 2020 zijn 10,1 duizend inwoners van Nederland aan vastgestelde of vermoedelijke covid-19 overleden. Dit komt neer op 58,1 overledenen per 100 duizend inwoners. De sterfte aan covid-19 was het hoogst in het zuiden van Nederland (gemiddeld 105 per 100 duizend inwoners) en het laagst in het noorden (gemiddeld 12 per 100 duizend inwoners). Dit blijkt uit voorlopige regionale cijfers van het CBS. In Zuid-Nederland steeg de sterfte aan covid-19 snel vanaf week 9 maart 2020. De hoogste sterfte werd bereikt in week 14 met 22,0 overledenen per 100 duizend inwoners. Daarna daalde de sterfte aan covid-19.
Onderzoek gezondheid en luchtkwaliteit in Brabant Bij burgers en bestuurders leven vragen over covid-19 in relatie tot de leefomgeving, Q-koorts en luchtkwaliteit. In het maatschappelijk debat worden publicaties van onderzoeken aangehaald op een manier die een oorzakelijk verband veronderstelt tussen omgevingsfactoren en de mate waarin covid-19 voorkomt. De minister van LNV heeft het RIVM formeel gevraagd om een voorstel op te stellen voor een onderzoek naar de relatie tussen luchtkwaliteit, veehouderij en covid-19. De Brabantse GGD’en hebben overleg gehad met het RIVM en met het Kennisplatform Veehouderij en humane gezondheid. Het RIVM heeft een opzet gemaakt voor een onderzoeksvoorstel waarbij de ernst van het verloop van covid-19 in relatie tot luchtkwaliteit in Nederland wordt onderzocht. Indien mogelijk verdiept dit onderzoek zich ook in de relatie tot veehouderij. De GGD denkt hierin actief mee. Dit onderzoek is gericht op het verkrijgen van keuzes of beleidsopties, daarom wordt beoogd de aard van de onderzoeksresultaten aan te laten sluiten bij de behoefte van de regionale en lokale partners. Het doel is dat dit onderzoek binnen 1 tot 1,5 jaar kan worden afgerond. Het onderzoeksvoorstel is half september 2020 met ministeries (VWS, IenW en LNV) en wetenschappers besproken. Dit leidde tot aanvullende vragen en opmerkingen die momenteel verder worden uitwerkt.
Wanneer de betrokken ministers besluiten over dit voorstel is nog niet bekend.
Nertsenfokkerijen Er is transitie van het coronavirus mogelijk gebleken tussen nertsen en mensen. Op verschillende nertsenfokkerijen in Brabant, waaronder enkele in Brabant-Noord, zijn besmettingen geconstateerd. Om te voorkomen dat het virus zich verder kan verspreiden via de nertsenfokkerijen, heeft het ministerie van LNV een aantal maatregelen afgekondigd en besloten alle nertsen op de besmette bedrijven te ruimen. De ruimingen vinden plaats onder verantwoordelijkheid en leiding van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA).
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
23
Op de besmette bedrijven is onderzoek gedaan naar de verspreiding van het virus onder de dieren en het risico voor de volksgezondheid. Op basis van dit onderzoek heeft het kabinet eind augustus besloten om een verplichte stoppersregeling in te voeren voor alle nertsenbedrijven in Nederland vanaf het voorjaar van 2021. De datum waarop de nertsenhouderij in Nederland zou stoppen, wordt hiermee drie jaar naar voren gehaald. De bedoeling is dat de Wet vanaf het begin van 2021 ingaat. Dit is voordat de paartijd van nertsen begint. N.B. dinsdag 8 december 2020 melde de minister van LNV dat er geen nertsen meer zijn in Nederland.
Slachterijen In mei bleek dat bij diverse slachterijen in Nederland sprake was van een groot aantal besmettingen onder het personeel. Bij Vion Boxtel is door de GGD een steekproef gehouden. Ook hier was sprake van een substantieel percentage besmettingen. Het is nog onvoldoende duidelijk welke factoren een rol spelen waardoor er binnen slachterijen relatief veel besmettingen optraden. Nadat de besmettingen onder het personeel waren aangetroffen, zijn mensen in quarantaine gegaan en zijn met het bedrijf expliciete afspraken gemaakt over de te treffen maatregelen. De vicevoorzitter van de Veiligheidsregio Brabant-Noord heeft op 1 juli tekst en uitleg gegeven aan de gemeenteraad van Boxtel over de genomen maatregelen in het kader van de volksgezondheid. In de maanden juli tot en met september zijn de slachterijen gemonitord, daarbij zijn er geen bijzonderheden geconstateerd in de aantallen van positief geteste medewerkers.
Veiligheidsregio Brabant-Noord Verslag Covid-19 maart tot en met november 2020
24
8. Overige Continuïteit van hulpdiensten en vitale sectoren Er is continu gemonitord of de continuïteit van de hulpdiensten (brandweer, politie, ambulancedienst, meldkamers) en vitale sectoren (waterschappen, drinkwater, energievoorziening, openbaar vervoer) voldoende gewaarborgd konden worden. Gedurende de afgelopen periode zijn er geen problemen opgetreden ten aanzien van de paraatheid en was er sprake van een laag ziekteverzuim bij de hulpdiensten en vitale sectoren. Ondanks dat er geen paraatheidsproblemen zijn ervaren, waren er wel preventieve maatregelen getroffen om uitval van processen door ziekte te voorkomen. Tevens zijn er continuïteitsplannen gemaakt om bij uitbraak van ziekte direct hierop te kunnen anticiperen om de primaire dienstverlening te kunnen blijven bieden. Waar in de eerste periode de aandacht primair was gericht op de continuïteit van de zorg kwamen daar in periode na 1 juli de hulpdiensten, de bedrijfsvoering van de hulpdiensten en de vitale sectoren bij. Binnen de kolom bevolkingszorg ontstond er, mede door de duur van de crisis, druk op zowel de continuïteit van de crisisorganisatie als op de continuïteit van de reguliere processen.