2026-05-28 Commissie Bestuur concept
Tekst van het document
Commissie BESTUUR Conceptverslag Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter: Secretaris: (plv.) Commissieleden:
28 mei 2026 Raadzaal
Collegeleden:
C.G.N. Soetekouw MSc mr. drs. R. van der Meer H.B. Bos (t/m agendapunt 7), J.J.E.L. van Creij, S.J.A. Elders BA, A.W.J.A. van Hattem LLB, drs. J. Hendrickx, F. Hoekstra-Wittebol (vanaf agendapunt 8), M.P. Kagie, J. Kouwenberg, H.J.W.C. Liebregts MBA, mr. drs. R. Lipman, B.F.C. Roovers, E. Samshuijzen en ir. P.K. Schuurmans M. Craste Bc., R.J.J. Geers, drs. J.M.L.N. Mikkers en P. Slikker
Afwezig:
R.W.G.T. van Asch
Verslaglegging:
J. Beaumont, DemiSec
1.
Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet eenieder welkom bij deze eerste vergadering van de commissie van de nieuwe periode.
2.
Vaststellen van de agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
3.
Vaststellen van het verslag van de commissie Bestuur van 12 februari 2026 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Vaststellen van de lijst van toezeggingen en lijst van openstaande moties De voorzitter meldt dat aan het eind van de vorige raadsperiode de lijst van openstaande moties na overleg met de fractievoorzitters in omvang teruggebracht is zodat met een overzichtelijke lijst de nieuwe periode is ingegaan. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) merkt op dat de af te voeren moties niet op de lijst staan. Het is nu lastig voor de commissie om daarmee in te stemmen. De voorzitter geeft aan dat als de commissieleden daar iets mee willen dat teruggelegd moet worden bij het presidium. Het college stelt voor om de toezeggingen inzake sluitingstijden horeca en de weerbaarheidsaanpak af te doen. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) heeft met verbazing kennisgenomen van de wijze waarop het college deze motie inzake nachtvisie wil afdoen. Na alle inzet, ook van externen die hieraan gewerkt hebben, is het wat mager en te makkelijk om nu te zeggen dat het initiatief aan anderen wordt gelaten. Hopelijk komt dit nog een keer terug in de raad. De voorzitter zal dit signaal naar het college doorgeleiden. De lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties worden vastgesteld.
5.
Werkplanning De voorzitter deelt mee dat er nog geen planning is voor de komende periode aangezien er nog geen nieuw college is aangesteld. Een aantal fracties heeft voorgesteld een expertmeeting te 1
houden over de opvang van alleenstaande minderjarige vreemdelingen. De commissie beslist of zij op dit voorstel wil ingaan. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) zegt dat het doel van die meeting is dat de commissieleden zich laten informeren door experts en deskundigen. Hij hoopt dat hiertoe besloten wordt en er een groepje geformeerd wordt dat die meeting gaat samenstellen, liefst zo complementair mogelijk. De heer Bos (GroenLinks-PvdA) was verrast omdat hij begreep dat er een vooroverleg was geweest. Hij stemt in met het voorstel en levert graag een bijdrage aan de werkgroep als afgevaardigde. De heer Roovers (SP) stemt ook in met het voorstel en meldt zich graag aan voor de voorbereidingsgroep. De heer Liebregts (50PLUS) sluit zich daarbij aan. De heer Van Hattem (PVV) heeft uiteindelijk afgezien van indiening van het verzoek omdat hij de vraagstelling te faciliterend van aard vindt en te meewerkend aan een AMV-opvang. Aan een expertmeeting verleent hij graag zijn steun. Als de vraagstelling scherper wordt neergezet, wil hij graag aan de werkgroep deelnemen. De voorzitter constateert dat er voldoende steun is voor een expertmeeting. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) pakt de handschoen op samen met de mede-indieners. De heer Schuurmans (VVD) verzoekt bij de vorming van de werkgroep een zo goed mogelijke afspiegeling van de raad naar voren te laten komen.
Raadsvoorstellen 6.
Initiatiefvoorstel Raadgevend referendum voor de Bosschenaren De voorzitter zegt dat de PVV voorstelt dat ook inwoners een referendum kunnen uitroepen als dit aan bepaalde voorwaarden voldoet. De heer Van Hattem (PVV) heeft dit voorstel ingediend want hij ziet dit als een sluitstuk in het kader van participatie. Aan het eind van de vorige raadsperiode is over de participatievisie gesproken en heeft hij een motie ingediend om te komen tot een referendum als instrument om een participatietraject sluitend te maken. Zoals in de inleiding staat, voelen veel inwoners van de gemeente zich niet gehoord. Dat was ook de conclusie van de verkenner destijds. Er is een aantal stappen genomen om dat te verbeteren zoals het burgerberaad maar het zou mooi zijn om die te finaliseren met een instrument als een raadgevend referendum en burgers zelf de mogelijkheid hebben om een verzoek in te dienen om een referendum te houden. Het voorstel is voorzien van een verordening waar al deze elementen instaan. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zegt dat dit voorstel geheel in lijn is met wat hij voor ogen heeft. Hij merkt op dat er ook een aantal mensen geen Bosschenaren zijn. Mevrouw Lipman (CDA) is geen voorstander van referenda, ook niet van raadgevende referenda, dus zal het voorstel niet steunen.
De heer Bos (GroenLinks-PvdA) zegt dat zijn partij tijdens de participatievisie voor de motie gestemd heeft juist omdat een referendum het sluitstuk kan zijn in een participatietraject. Bovendien laat onderzoek zien dat referenda ook groepen kan bereiken die bij reguliere participatie niet worden bereikt, zoals mensen met een gemiddeld opleidingsniveau of zij die van nature wat 2
wantrouwiger tegenover de overheid staan. Hij kan zich grotendeels vinden in het voorstel maar heeft een aantal aandachtspunten bijvoorbeeld over wanneer een referendum wel en wanneer niet mag plaatsvinden. De huidige uitsluitingsgronden zijn te beperkt geformuleerd en dat kan gaan schuren met de beginselen van goed bestuur. Waarom is er naast een enkele technische uitzondering alleen gekozen voor de uitsluitingsgrond dat een referendum niet mogelijk is bij de bevoegdheid van andere overheden? Staat de initiatiefnemer open voor twee aanvullende uitsluitingsgronden? Ten eerste: wanneer de raad recent al een besluit heeft genomen dat in lijn ligt met het voorliggende raadsvoorstel en ten tweede: wanneer sprake is van andere zwaarwegende politieke elementen. De gemeente Nijmegen heeft vergelijkbare uitsluitingsgronden. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) begrijpt de wens om inwoners meer invloed te geven bij belangrijke besluiten van de gemeente maar is toch geen voorstander van dit voorstel. De raad is gekozen om belangen zorgvuldig af te wegen en besluiten te nemen voor de gehele gemeente. Niet ieder ingewikkeld onderwerp leent zich ervoor in een referendum tegenover elkaar te worden gezet; daarmee kunnen discussies juist ook verder polariseren. De Roovers (SP) steunt het voorstel volmondig.
De parlementaire democratie is het grootste goed dat er is maar zeker niet het eindpunt van democratische ontwikkeling en een meer directe vorm van de democratie is een logische vervolgstap. De beperkende voorwaarden zijn voldoende. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) is geen voorstander van een bindend of raadgevend referendum. Misschien hebben mensen wel minder interesse in de lokale politiek en het lukt de gemeente al niet om de vierjaarlijkse gemeenteverkiezingen zo belangrijk te maken dat er meer dan 50% opkomst is. Primaire taak ligt bij de volksvertegenwoordiging; waar sta je voor en hoe keuzes beargumenteerd worden. Jezelf ontslaan van die verantwoordelijkheid door een heel complex vraagstuk terug te brengen tot een ja of nee is niet verstandig. De heer Schuurmans (VVD) sluit aan bij de vorige spreker. De uitwerking van deze voorgestelde verordening laat een bureaucratische machine zien: 300 handtekeningen in een gemeente van 160.000 inwoners zijn voldoende om een verzoek in te dienen en een heel proces in te gaan. Dat kan betekenen dat een handvol goed georganiseerde activisten bij een complex dossier aan de noodrem kunnen trekken; dat zal leiden tot bestuurlijke verlamming. De inwoners verwachten van de raad dat problemen worden opgelost. Ten aanzien van de financiële kant zal belastinggeld ingezet moeten worden.
Er moet bekeken worden of geld vrijgemaakt kan worden en subsidie moet worden verstrekt. Hoe moet het dan wel? Hij vindt dat naar een moderne vorm van actieve participatie moet worden overgestapt. Niet achteraf maar aan de voorkant inwoners meenemen. Hij vindt dit voorstel te duur, te bureaucratisch en het heeft de potentie te verlammend te zijn. Ondanks de goede intenties zal hij het voorstel niet steunen. De heer Liebregts (50PLUS) zegt dat democratie meer is dan een stem uitbrengen. Het is ook luisteren, uitleggen, verbinden en verantwoordelijkheid nemen. Als dit voorstel daaraan bijdraagt, is dat winst maar als het de verwachting creëert dat de democratie daar uiteindelijk door beschadigd wordt, moet men daar ook eerlijk over zijn. Dit vraagt om zorgvuldigheid. Hoe wordt voorkomen dat referenda bijdragen aan polarisatie in de wijken? En hoe wordt voorkomen dat complexe onderwerpen worden teruggebracht tot een keuze voor een ja of nee? De heer Elders (D66) zegt dat dit instrument een behoorlijke impact kan hebben op de wijze waarop de gemeente wordt bestuurd. Referenda zijn schaars en dit voorstel maakt het mogelijk dat dat kan met handtekeningen. Inspraak en democratie is belangrijk maar het is goed referenda op de juiste manier en met de juiste verwachtingen te organiseren.
Wat wordt bijvoorbeeld gedaan met de afbakening van het onderwerp als een voorstel grote maatschappelijke gevolgen heeft? Wanneer is een onderwerp zwaarwegend genoeg voor een referendum? Het gaat om concept-raadsbesluiten en aan de voorkant is vaak een participatietraject geweest. Doet een referendum die participatie niet teniet? Sommige onderwerpen zijn complex of onderdeel van besluiten; wat wordt daarmee gedaan? Een referendum is niet bindend of zegt de raad 3
daar altijd in mee te zullen gaan? Of kan de raad een referendum naast zich neerleggen hetgeen weer tot een teleurstelling zal leiden? Mevrouw Samshuijzen (PvdD) kan zich vinden in hetgeen D66 aangaf. Er zitten dilemma's in. Hoe wordt er bijvoorbeeld voor gezorgd dat inwoners goed geïnformeerd zijn? Ook over de begrenzing van de onderwerpen heeft zij vragen; welke onderwerpen vindt de raad hiervoor geschikt? Zij staat niet negatief tegenover dit voorstel maar het moet goed uitvoerbaar zijn en inwoners die zich hiervoor gaan inspannen, mogen niet tekortgedaan worden. Reactie college Wethouder Slikker zegt dat het college demissionair is en dus terughoudend met de inhoudelijke advisering. Voorliggend stuk is goed uitvoerbaar en zit goed in elkaar. Een referendum is een sluitstuk van een palet aan maatregelen om betrokkenheid van inwoners te vergroten. Er gaat een werkgroep aan de slag met de participatievisie om te komen tot een participatieverordening en die neemt de diverse instrumenten die de raad kan inzetten onder de loep. Eén mogelijkheid is er niet en dat is het bindend referendum; dat bestaat niet in Nederland. De heer Van Hattem (PVV) bedoelt uiteraard niet alleen de Bosschenaren maar ook de inwoners van de andere kernen. Hij hoopt het CDA alsnog te kunnen overtuigen. GroenLinks-PvdA spreekt over de uitsluitingsgronden.
Er moet een bepaalde maatstaf worden aangehouden, het moet niet te eng worden, dat burgers te weinig mogelijkheden krijgen om iets te agenderen. Hier kan in de uitwerking nog naar gekeken worden. De heer Bos (GroenLinks-PvdA) heeft de opmerkingen gemaakt in het kader van het begrip goed bestuur. Enerzijds zit het in voorstellen die hier meerdere keren terugkomen zoals de Duurzame Polder. Moet er bij elke tussenstap een referendum mogelijk gemaakt worden? Ook zijn er onderwerpen die contextafhankelijk zijn zoals subsidiemogelijkheden die misgelopen worden door het houden van een referendum waardoor een deadline verstrijkt. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat als van een traject dat zich over meerdere raadsperiodes uitstrekt de beperking wordt opgelegd dat in het begin of aan het eind een referendum gehouden had moeten worden het moeilijk is dat in een burgerparticipatie te vatten. Misschien kan in dit kader ook gekeken worden naar de werkwijze rondom complexe projecten. Daar zijn afspraken over gemaakt en als in die structuur ook een juiste modus gevonden kan worden om met referenda om te gaan dan kan daar een stap in gezet worden. De heer Bos (GroenLinks-PvdA) denkt dat dit verzoek bij de Referendumcommissie neergelegd kan worden maar wel met deze uitsluitingsgrond erbij.
Deze commissie zou daar een advies over uit kunnen brengen en bekijken in hoeverre het realistisch is dat bewoners iets twee jaar geleden bijvoorbeeld hadden kunnen weten. De heer Van Hattem (PVV) dankt voor deze suggestie. Als er dwingende deadlines zijn dan zou daar rekening mee gehouden moeten worden. Hij vraagt wat de heer Bos bedoelt met het schuren met het beginsel van goed bestuur. Hij denkt dat het juist een hulpmiddel kan zijn om te voorkomen dat mensen tegenover elkaar komen te staan en een verdere stap is in de democratie. Het maakt dat mensen meer serieus genomen worden in plaats van tegenover elkaar komen te staan. Het gaat om raadsbesluiten die hier al voorliggen. De heer Schuurmans (VVD) vraagt hoe de heer Van Hattem denkt over het in kwestie trekken van de vraagstelling van een expertgroep zoals in het vorige agendapunt en hier een referendum voorstellen. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat wat hier voorligt punten zijn die al in de raadsagenda komen te staan. Daarbij komt er een Referendumcommissie en zo is dat op een zorgvuldige manier te ondervangen. Er is al een raadplegend referendum hier en daar komt evengoed de 4
vraag hoe een raadsvoorstel wordt voorgelegd. Nu kan dit niet alleen vanuit de raad worden gedaan maar kunnen ook burgers zelf een bepaald onderwerp van de raadsagenda als referendum voorleggen. Dit is dus niet veel anders dan wat er al is op dat vlak. De heer Schuurmans (VVD) begrijpt dat een Referendumcommissie dus bepaalt of een onderwerp als referendum voorgelegd kan worden of niet. De heer Van Hattem (VVD) denkt dat een Referendumcommissie vooral kijkt naar het raadsvoorstel en daar geen eigen interpretatie aan gegeven wordt. Waarover besloten wordt door de burgers, dient net zo helder te zijn als de vraag aan de gemeenteraad. De heer Bos (GroenLinks-PvdA) leest in het voorstel dat de Referendumcommissie niet zozeer een voorstel voor een vraag bekijkt maar is de vraagstelling automatisch: bent u voor of tegen dit raadsvoorstel. De heer Van Hattem (VVD) zegt dat het raadsvoorstellen moeten zijn waar de raad zelf over beslist. Een wensen- en bedenkingenprocedure valt daar niet onder. Leefbaar 's-Hertogenbosch zegt geen voorstander van referenda te zijn. Mensen hebben al minder interesse in de lokale politiek. Dat laatste is juist een reden waarom referenda een waardevolle toevoeging kunnen zijn. De 50% die niet gaat stemmen, staat de rest van de bestuursperiode eigenlijk een beetje buitenspel en het is belangrijk die mensen er wel bij te betrekken.
De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of het niet zo zou moeten zijn dat iedereen hier in huis in staat moet zijn om dat wat hier vier jaar lang met een stem wordt gedaan zodanig uit te leggen dat dat vierjaarlijkse referendum een betere aanloop krijgt. Is dat niet een betere weg dan tussendoor complexe vraagstukken te versimpelen tot een ja en nee? De heer Van Hattem (PVV) zegt dat er alle vele jaren aan gewerkt wordt om de opkomst te verhogen. Dat gaat op en af. De grootste partij in deze gemeente is de groep niet-stemmers bij de raadsverkiezingen. Die groep erbij betrekken is essentieel. Dat wordt al vele jaren niet gedaan. Als die groep onderwerpen voorgelegd krijgt waar zij direct invloed op uit kunnen oefenen dan zullen mensen zich actief betrokken voelen. Uit verschillende onderzoeken blijkt ook dat dat geval is. Het ultieme voorbeeld is Zwitserland dat een lange traditie kent van lokale referenda. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) zegt dat ook hier de opkomst uiteindelijk de legitimiteit van de uitslag geeft. Dan is er de kans dat die opkomst tegenvalt en hoe moet dan worden uitgelegd dat de raad een referendum om die reden naast zich neerlegt? En is het niet zo dat in Zwitserland de verplichting bestaat om te komen? De heer Van Hattem (PVV) weet geen antwoord op die laatste vraag.
Al is er geen opkomstplicht, er kunnen wel afspraken gemaakt worden over wat een acceptabele opkomst is. In artikel 11 wordt daarop ingegaan (30% van het aantal kiesgerechtigden), dus er is al een drempel opgenomen. De heer Schuurmans (VVD) zegt als daar al een drempel voor is en die niet gehaald wordt, ook een tweede en derde keer niet, mensen er dan mee stoppen. Een percentage schept ook verwachtingen. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat als het onderwerp maar genoeg leeft in de samenleving de opkomst behoorlijk hoog zal zijn. Een opkomst kan tegenvallen maar als de opkomst bij een gemeenteraadsverkiezing tegenvalt, wordt de democratie ook niet afgeschaft. Het is een aanvullend instrument dat zich verder kan verbeteren. Verschillende onderzoeken laten zien dat het juist een positieve bijdrage heeft.
5
De heer Elders (D66) kan zich herinneren dat de PVV zich wel eens kritisch heeft uitgelaten over besluiten die met minder dan 50% werden genomen. Waarom is een opkomst van 30% hier dan wel afdoende? De heer Van Hattem (PVV) zegt dat dit op basis van verschillende onderzoeken en referendaverordeningen elders is. Dit is een acceptabele en gebruikelijke drempel; hier is zorgvuldig naar gekeken. Ergens moet er een afgewogen gemiddelde zijn maar er zit een marge in. De heer Elders (D66) zegt dat dit ook een politiek punt is: wat vind je een goede drempel. Als het 30% wordt dan wordt het een duivels dilemma voor de politiek wat met de uitslag moet worden gedaan en wat de politiek daarmee moet doen. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat het referendum zelfbindend is en de raad zelf kan kijken hoe de uitslag geïmplementeerd moet worden. Het is wel een belangrijk signaal dat mensen geven en een stuk democratischer dan alleen maar denken dat iets zich op een bepaalde manier ontwikkelt in de samenleving. Iedereen die kiesgerechtigd is, heeft een kans zich uit te spreken. De heer Roovers (SP) zegt dat bij de twee landelijke referenda zichtbaar was ten aanzien van de opkomstplicht dat de opkomst werd ingezet met een politiek doel in de hoop dat de opkomst hoger werd. Die opkomst werd vervolgens onderdeel van het politieke debat.
Heeft zo'n drempel niet juist een tegenovergesteld effect en wordt de opkomst niet lager? Is het een verplichting een drempel op te nemen? De heer Van Hattem (PVV) zegt dat gemeenten zelf een verordening kunnen opstellen; daar bestaat geen wettelijke drempel voor want het is een zelfbindend instrument. Het punt van de heer Roovers is een terecht discussiepunt maar de raad is daar zelf bij. Er zijn referenda geweest met een heel duidelijke uitkomst en waarbij de opkomst overtuigend was. Als er om politieke redenen gespeeld wordt met een opkomstdrempel dan is dat niet zuiver maar het is aan de voor- en tegenstander om daarop in te spelen. Dat is niet aan de voorkant uit te sluiten. 300 handtekeningen en bureaucratie: het zijn wel mensen die zich moeten registreren met naam en toenaam. Als dat aantal hoger gemaakt wordt, wordt de drempel misschien te hoog. Echter, hier is in te schuiven. Financiën: de democratie is iets waardevols en daar mag een prijskaartje aan zitten. Burgerberaden en andere zaken in het kader van participatie worden ook bekostigd. Veel burgers voelen zich niet gehoord en dat geluid wordt veelvuldig in de stad gehoord. Een raadplegend referendum zal hiervoor een nuttig instrument zijn. In 1981 diende de VVD hier al een motie voor in. Voorkomen van polarisatie: het is hetzelfde wat je hier in de raad doet namelijk een onderwerp voorleggen.
Het presidium zet juist een onafhankelijke Referendumcommissie in. Een referendum is het sluitstuk van participatie en iedereen die stemrecht heeft, kan eraan meedoen. Het is inderdaad niet bindend maar zelfbindend is belangrijk om naar te kijken. Uiteraard is het belangrijk inwoners goed te informeren bij zo'n proces. De heer Elders (D66) leest in het voorstel dat het presidium een voorstel doet met daarin ook de vraagstelling. De heer Van Hattem (PVV) komt hierop terug. Tweede termijn De heer Bos (GroenLinks-PvdA) zegt dat participatie moet leiden tot betere besluitvorming en een raadgevend referendum kan daar zeker een bijdrage aan leveren mits de verordening goed in elkaar zit. De ene uitsluitingsgrond die hij noemde, is inmiddels afgestemd. Ten aanzien van de tweede zegt hij dat er situaties zijn die niet in de verordening opgenomen kunnen worden. Er kunnen zwaarwegende politieke of bestuurlijke argumenten spelen die maken dat een referendum op dat moment niet passend is. Hij noemt voorbeelden als strikte deadlines rondom subsidies. Als blijkt dat de gemeente belangrijke middelen misloopt dan schiet het instrument zijn doel voorbij. Er is altijd nog een afweging die de raad maakt op basis van de verordening: is een referendum dan wenselijk en stelt de raad de kaders vast? Hij hoopt dat er een breder 6
debat over participatie met elkaar gevoerd kan worden omdat daar de afgelopen periode onvoldoende discussie over was. De voorzitter constateert dat er geen vragen meer zijn en het college geen behoefte heeft om te reageren. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat er in het voorstel inderdaad staat dat het presidium kijkt naar de vraagstelling maar het is niet zo dat het presidium zich echt over de inhoud buigt. Het gaat om het verzoek dat er ligt; dat is het uitgangspunt. De heer Schuurmans (VVD) vraagt hoe de PVV kijkt naar de mogelijkheid om een burgerinitiatief in te dienen en het feit dat die mogelijkheid weinig benut wordt. Zou daar meer aandacht voor moeten komen, als tussenstap? De heer Van Hattem (PVV) zegt dat dat een geheel ander initiatief is, dat is bedoeld om iets geagendeerd te krijgen. Met een referendum kunnen inwoners hun oordeel over iets geven voordat er een besluit over genomen wordt. Een burgerinitiatief zou een opmaat kunnen zijn voor een referendum en zou misschien de meest ideale combinatie zijn in het kader van participatie. In artikel 3.2 staat iets over vaststelling van de gemeentelijke begrotingen en rekeningen als uitzonderingsgrond. Dat zou uitgebreid kunnen worden naar regelingen waar meer overheden bij betrokken zijn. Het is even puzzelen hoe dit juridisch uitgekauwd kan worden maar hij ziet wel mogelijkheden dat uit te breiden.
Er staan niet veel subsidiemogelijkheden in raadsvoorstellen, wel in collegebesluiten. Daar zou dan een uitzonderingsclausule voor opgenomen moeten worden. De heer Bos (GroenLinks-PvdA) zegt dat er altijd omstandigheden zijn die niet in een verordening meegenomen kunnen worden maar wel zwaar wegen. De tijd die een referendum in beslag gaat nemen, kan gaan wringen met de procedure zelf en het beginsel van goed bestuur. Hij stelt voor ook nog even te kijken naar de verordening van de gemeente Nijmegen. De heer Van Hattem (PVV) denkt dat de heer Bos meer denkt aan een hardheidsclausule: als het voor de gemeentelijke organisatie en in het kader van goed bestuur een te grote impact heeft en de gemeente in de knel komt, zou een hardheidsclausule toegepast kunnen worden. De heer Bos (GroenLinks-PvdA) bevestigt dat. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat het in dat geval vooraf een aantoonbare factor zou moeten zijn. Het is moeilijk een grens te bepalen bij grote maatschappelijke ontwikkelingen want juist bij grote maatschappelijke ontwikkelingen voelen mensen zich extra betrokken. Als je daar vooraf al clausules over opneemt, wordt het een moeilijke verordening. Het is niet goed een uitputtende lijst te maken waar die grens getrokken zou moeten worden. Of iets referendabel is vanwege maatschappelijke impact is een discussie waar je zo ver mogelijk vandaan moet blijven.
De heer Elders (D66) vraagt om een voorbeeld van iets dat de afgelopen periode geschikt zou zijn geweest voor referenda. De heer Van Hattem (PVV) noemt als voorbeeld het Design Museum. De heer Elders (D66) zegt dat dit typisch een voorbeeld is van iets dat onderdeel is van een groter plan en meerdere besluiten. Die besluitvorming is ook in meerdere fasen gegaan dus waar in de besluitvorming kan dan een referendum worden georganiseerd? De heer Van Hattem (PVV) zegt dat een referendum begrijpelijk moet zijn voor alle inwoners. Als er een zelfstandig raadsvoorstel ligt dan zou dat ervoor in aanmerking moeten kunnen komen. Als binnen bepaalde ontwikkelingen het college ervoor kiest een apart raadsvoorstel over een iconisch museum neer te zetten dan is dat voorstel evengoed referendabel. 7
De voorzitter wil overgaan tot de adviesronde. Het voorstel wordt als bespreekstuk doorgeleid naar de raadsvergadering. 7.
Zienswijze Begroting 2027 Veiligheidsregio Brabant-Noord VRBN De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) kan op zich de voorliggende zienswijze volgen maar per 1 januari 2028 komt het Waarschuwings- en Alarmeringssysteem (WAS) te vervallen en in 2023 heeft hij daar al aandacht voor gevraagd. Hij is het niet helemaal eens met de tekst hierover. Hij wil een toekomstbestendig signaal horen als er iets aan de hand is dus hij komt met een amendement om de zienswijze aan te vullen. De heer Schuurmans (VVD) zegt dat buiten kijf staat dat de gemeente moet investeren in weerbaarheid in deze tijd. Vorig jaar zijn tijdens hetzelfde agendapunt zorgen uitgesproken over de financiën van de Veiligheidsregio. Mogelijk effect daarvan zou zijn de paraatheid van de brandweer. Toen was hij al benieuwd hoe de 10% korting vanuit het rijk op de Brede Doeluitkering rampenbestrijding in de praktijk zou uitvallen; hoe heeft dit uitgepakt? Wat is het effect van de oplopende internationale spanningen van de afgelopen maanden op de Veiligheidsregio? De heer Van Hattem (PVV) sluit zich aan bij de eerdere punten en ziet het amendement van de heer Van Creij met belangstelling tegemoet. De Risk Factory wordt nu heel prominent in de begroting meegenomen. Deze Veiligheidsregio moet eigenlijk naar de kerntaken kijken.
Er wordt een heel circus opgetuigd voor preventiezaken, onderwerpen die op zichzelf heel belangwekkend zijn, maar dat moet geëxploiteerd worden met entreeprijzen van € 15 voor bezoekers en € 12,50 voor scholieren. Dan vraagt hij zich af of de gemeente nu bezig is met algemene preventie en bewustwording of is het een kermisattractie rondom veiligheid waar mensen voor moeten betalen? Portefeuillehouder Mikkers zegt richting de heer Van Creij dat dit een verantwoordelijkheid van het rijk is dit op een goede manier te regelen. Zij betalen de rekening en de gemeente gaat niet over wat het WAS kost. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zegt dat vanuit het rijk wel het NL-Alert wordt ingezet om mensen te waarschuwen en in 2024 is geconstateerd dat dat systeem niet meer functioneerde. Het komt ook vaak voor dat mensen hun telefoon uitzetten bijvoorbeeld als zij in vergadering zijn. Alleen het NL-Alert-systeem is niet voldoende. Deelt de burgemeester die mening? Portefeuillehouder Mikkers zegt dat als er zorgen zijn over het NL-Alert-systeem dat een prima aanvulling zou kunnen zijn. Het behouden van het WAS-systeem zou hij niet in de brief melden. De 10% korting van het vorige kabinet: dit is gecompenseerd met een incidentele oplossing. Zoals het er nu naar uitziet, is die korting van tafel zodat doorgegaan kan worden met de investering.
Over twee weken zijn hier gesprekken over met de minister. Wat is er nodig met betrekking tot externe omstandigheden? Met andere woorden: niet meer alleen vertrouwen op defensie maar ook kijken naar wat zelf gedaan kan worden. Dit wordt in kaart gebracht en hij zal de raad voor de zomer een brief sturen over maatschappelijke weerbaarheid en over de Veiligheidsregio. Richting PVV: een kermisattractie is niet de bedoeling. Het is een kerntaak van de Veiligheidsregio om preventiemaatregelen te treffen en in andere regio's is te zien dat een Risk Factory een heel laagdrempelige voorziening is waarin alle doelgroepen op een goede manier uitleg krijgen hoe zij kunnen omgaan met hun eigen veiligheid. Het vallen in huizen is een probleem waar veel mensen mee te maken hebben en door het samenwerken van diverse partners wordt bekeken hoe dit ingezet kan worden. De vergoeding is laag gebleven en is geen entreegeld; het is van belang dat bijvoorbeeld bedrijven hier gebruik van maken en daar een vergoeding voor tegenover staat. Het is een veiligheidsissue in algemene zin en het gaat niet alleen over de brandweer. Het is een grote stap in de weerbaarheidsontwikkeling in deze regio en van grote toegevoegde waarde. Het kost de gemeente slechts € 15.000 en dat geld wordt goed ingezet met dit initiatief.
Hij zal meer informatie verstrekken over de Risk Factory zodat er meer inzage komt in dat proces. 8
De heer Van Hattem (PVV) begrijpt dat het niet zoiets is als een tijdje terug hier in de raadskelder waar mensen een kaartje voor moesten kopen. Is dit op particuliere deelnemers gericht of alleen op instituten en scholen? Portefeuillehouder Mikkers zegt dat het in de raadskelder een initiatief was voor jongeren uit Den Bosch maar dit is voor mensen die groepsgewijs een traject kunnen afspreken die bijvoorbeeld geïnteresseerd zijn in valpreventie of internetoplichting en preventieve maatregelen die zij kunnen nemen. Mensen worden zich zo heel bewust van dit soort zaken en de resultaten zijn heel goed in de rest van Nederland. De voorzitter constateert dat de heer Van Creij een amendement heeft aangekondigd. Hij stelt voor dat het voorstel als licht bespreekstuk naar de raad wordt doorgeleid. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat als er een amendement komt en nog niet bekend is wat dat gaat betekenen voor de alarmsystemen de raad hier dan wel op moet kunnen reageren. Hij wil het dus als uitgebreid bespreekstuk naar de raad laten doorgeleiden. Dat kan altijd nog volgens de voorzitter. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zal ruim van tevoren het concept aan iedereen doen toekomen. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) is niet duidelijk op welk moment dan wordt bepaald dat het toch een uitgebreid bespreekstuk wordt.
In de raadsvergadering zelf? De heer Van der Meer geeft aan dat als uit het amendement blijkt dat partijen daar iets over willen zeggen dat een dag van tevoren gemeld kan worden en dat het dan omgezet wordt naar een uitgebreid bespreekstuk. De voorzitter constateert dat het voorstel als licht bespreekstuk naar de raadsvergadering wordt doorgeleid. 8. 9.
Jaarstukken 2025 Actualisatie Begroting 2026 De voorzitter licht toe dat in deze commissie de onderwerpen financiën, publieke dienstverlening, bestuurlijke organisatie, coördinatie binnenstad, bestuursraden en dorpsraden, openbare orde en veiligheid, regionale en internationale samenwerking, beheer en toezicht openbare ruimte, en toezicht en handhaving uit genoemde stukken worden behandeld. De heer Elders (D66) zegt dat er zeer binnenkort een nieuw bestuursakkoord ligt. Er is een participatievisie opgesteld met behulp van een tweede burgerberaad. Hij hecht veel waarde aan het burgerberaad. Het aantal inwoners dat vindt vooraf voldoende betrokken te worden bij plannen is gestegen naar 27%; hopelijk wordt die positieve lijn doorgetrokken. Er zijn ook zorgelijke cijfers zoals slechts 15% die vindt dat het college besluiten duidelijk uitlegt. Hoe wil het college dat percentage verhogen? Dienstverlening: goed dat er meer geld komt voor de security vanwege de toenemende agressie, al is het jammer dat dat nodig is. Digitale dienstverlening blijft wat achter; het is goed blijvend te investeren in toegankelijke digitale systemen die voor iedereen te vinden en te begrijpen zijn.
Er komen fors extra structurele middelen voor evenementen, marktstandplaatsen en volksfeesten; welke keuzes liggen hieraan ten grondslag en hoe wordt de raad in positie gebracht om hier iets van te vinden? Zo'n grote financiële stijging mag niet zonder meer gebeuren. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt zich af of de verdergaande digitalisering en het feit dat mensen teruggestuurd worden een punt van agressie kan zijn. Volksfeesten kosten nu ongeveer € 1,2 miljoen en het Winterfestijn zou daar ook onder kunnen vallen. 9
De heer Elders (D66) weet niet of mensen agressief worden als de website niet werkt. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zegt dat mensen zich nu vaak vooraf al aangemeld moeten hebben in het digitale systeem. De heer Elders (D66) denkt dat dat een vraag is voor het college. Het Winterfestijn valt begrotingstechnisch onder evenementen en niet onder volksfeesten, vermoedt hij. Er gaat nu veel extra geld naar volksfeesten en zijn vraag is welke keuzes daaraan ten grondslag liggen. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat het college al jaren een somber beeld schetst terwijl de jaarrekeningen telkens aanzienlijke overschotten laten zien, ook dit jaar weer. Ondertussen blijven er veel plannen liggen of worden doorgeschoven, met als gevolg achterblijvende resultaten en oplopende reserves. Inmiddels heeft de gemeente € 83 miljoen opgepot, € 50 miljoen meer dan met de raad is afgesproken. Tegelijkertijd krijgt de raad steeds te horen dat er geen geld is bij voorstellen om problemen van inwoners, clubs en verenigingen aan te pakken. Geen geld voor verkeersveiligheid op scholen, voor het uitvoeringsplan voor de wijken, het achterstallig onderhoud in de wijken, voor armoede, betaalbare ateliers etc. Dat is moeilijk uit te leggen aan de raad en inwoners. Het is tijd om duidelijke keuzes te maken.
Als ambtelijke capaciteit een knelpunt is, richt deze dan op de belangrijkste opgaven zoals betaalbare woningen en niet op overbodige projecten zoals de nieuwe publiekstrekker op de Bossche Stadsdelta. Zij maakt zich zorgen over het functioneren van het stadsbestuur. Het college lijkt geen grip te hebben op de uitvoeringsagenda van de raad en de financiën. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) vraagt of mevrouw Hendrickx tegen een reserve is. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) is niet tegen een reserve maar er is een bedrag afgesproken van ongeveer € 34 miljoen in die reserve en daar zit de gemeente inmiddels € 50 miljoen boven. En als er in de afgelopen vier jaar om geld werd gevraagd dan werd er 'nee' gezegd. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) zegt dat er ook op lange termijn investeringen gedaan moeten worden en er is ook een Structuurfonds dus er zal ook geld moeten zijn om de ambities van later waar te kunnen maken of op te vangen. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vindt dat dat niet moet worden opgelost met de algemene reserve. Bij de voorjaarsnota worden plannen afgesproken en jaarlijks is te zien dat die plannen onvoldoende uitgevoerd worden. Die onderuitputting belandt in de algemene reserve en dat is een teken van het niet functioneren van de overheid.
Het is goed tijdig in het jaar teruggekoppeld te krijgen waarom dat geld niet aan de afgesproken projecten wordt uitgegeven zodat dat voor die projecten behouden blijft in plaats van het in de algemene reserve te storten. Het zou mooi zijn als het geld dat naar het Structuurfonds gaat niet alleen naar investeringen gaat maar ook naar de exploitatie. Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) vindt dat mevrouw Hendrickx hele grote woorden gebruikt over het disfunctioneren van de overheid en het niet waarmaken van een meerderheid van de taken. Zij ziet een andere realiteit in de jaarstukken: er worden juist veel resultaten geboekt. Het blijft een uitdaging om wendbaar te begroten. Op de lange termijn ontstaat er een stevig gat met name op het sociaal domein en het is goed daar een goede reserve voor te hebben. Het geld waar mevrouw Hendrickx het over heeft, is eenmalig geld dat overgehouden wordt. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt ook niet dat al het geld uitgegeven moet worden. Er zijn 17 pagina's met projecten die niet uitgevoerd of doorgeschoven zijn dus op veel programma's worden de doelen niet gehaald; dat vindt zij zorgelijk. Die projecten had zij graag
10
uitgevoerd willen zien worden of ze had van de wethouder willen horen waarom ze niet uitgevoerd konden worden. Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) merkt op dat de voorbeelden die mevrouw Hendrickx noemt allemaal structurele kostenposten zijn en het geld dat wordt overgehouden, is eenmalig geld. Projecten die daar niet van uitgevoerd zijn, zijn niet van de baan en het is ook niet zo dat daar allemaal andere dingen wel van gedaan kunnen worden die om structureel geld vragen. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) ziet enerzijds dat geld dat overblijft in een potje wordt gestopt dat vooral in een Structuurfonds terechtkomt waar grote investeringen van gedaan kunnen worden. Langjarige projecten worden doorgeschoven omdat het niet lukt die te realiseren. De lijst van niet-gerealiseerde projecten is heel lang en de raad zou daar meer grip op moeten krijgen door anders te begroten en tussentijds aan de raad te rapporteren. Er kunnen legitieme redenen zijn waarom een project niet wordt uitgevoerd maar het is zaak de raad daarover te informeren en niet pas achteraf, zodat bijgestuurd kan worden. De heer Elders (D66) vraagt wat voor legitieme redenen dat zouden kunnen zijn. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat de rijksmiddelen pas laat in het najaar vrijkomen en het is lastig het geld van het lopende jaar dan nog te besteden. Er zou ook met een raming gewerkt kunnen worden.
Daarnaast is er een ambtenarentekort; er zou gekeken kunnen worden hoe dat probleem precies zit. De heer Elders (D66) hoort dat mevrouw Hendrickx nu wat coulanter spreekt; zojuist sprak zij over het disfunctioneren van het lokaal bestuur. Dat is een boute uitspraak. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat het verhaal dat verteld wordt niet overeenkomt met wat gerealiseerd wordt. Als keer op keer de doelstellingen niet worden gehaald dan gaat er iets niet goed met het functioneren; dat is een constatering. Het moet dus anders want het gat wordt inmiddels zo groot. De reserve is veel groter dan met de raad is afgesproken. De mensen in de stad moeten bediend worden want daarvoor zit de raad hier. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) zegt dat natuurlijk de gemeente alles wil doen wat beloofd is maar soms laat de uitvoering dat niet toe. Als het niet of minder begroot wordt, kan het geld sowieso niet uitgegeven worden; dat zijn twee verschillende verhalen. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat dit te maken heeft met realistisch begroten. Het college heeft veel ambities maar daarmee worden ook verwachtingen gecreëerd. Het is van belang dat het stadsbestuur communiceert naar de raad waarom projecten niet worden uitgevoerd. Deels geeft het college dit ook zelf aan door met een plan te komen. De raad moet hier scherper op toezien.
De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) zegt dat er inderdaad realistisch begroot moet worden. We willen veel, zegt mevrouw Hendrickx, maar dan begrijpt hij niet wat er allemaal nog meer gedaan zou kunnen worden want dat zijn extra dingen die vervolgens ook niet uitgevoerd kunnen worden. Wat is dan de oproep van mevrouw Hendrickx? Moet er heel veel gedaan worden, wat niet kan, of moet er veel minder gedaan worden en moet de raad realistischer zijn? Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) hoopt dat het college goed bekijkt wat wel en niet kan. Daar heeft zij geen zicht op. Als de raad veel wil dan zou er vanuit het ambtenarenapparaat ook een signaal kunnen komen dat het niet realistisch is wat de raad allemaal wil. Voor het bestuursakkoord zou een uitvoeringstoets afgesproken kunnen worden zodat er ook naar de buitenwereld een realistisch verhaal verteld wordt.
11
De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) meent dat mevrouw Hendrickx cijfers door elkaar haalt. Er wordt ook om een akkoord gevraagd voor projecten die het college voorstelt even uit te stellen. Er blijft € 15,9 miljoen over die in de algemene reserve wordt gestopt. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat dat precies is waar zij het over heeft. De heer Schuurmans (VVD) hoort mevrouw Hendrickx spreken over realistisch begroten maar ook over rijksbijdragen die aan het eind van het jaar worden ontvangen. Er is ook onzekerheid over wat er aan rijksbijdragen naar de gemeente toekomt. Hoe kijkt zij naar realistisch begroten enerzijds en het leunen op andere overheden anderzijds? Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat er gemeenten zijn die met rekentools werken en zij schatten die rijksbijdragen van tevoren in. Dat wordt meegenomen in de begroting waardoor een realistischere begroting gemaakt kan worden. De heer Schuurmans (VVD) zegt dat dat precies de reden is waarom er een reserve is. Er wordt gekeken naar de risico's en op basis daarvan wordt bekeken hoeveel geld achter de hand gehouden moet worden; dat is dezelfde manier van denken maar een iets defensievere houding. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat het financiële huishoudboekje van de gemeente laat zien dat dat niet nodig is.
Er zit nu € 50 miljoen meer in de begroting dan afgesproken en die reserves zijn niet bedoeld als bestemmingsreserve. Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) blijft erbij dat mevrouw Hendrickx met stevige bewoordingen haar bijdrage is begonnen en daar herkent zij zich niet in. Een aantal keuzes wordt inderdaad te behoudend gemaakt maar behoudend is een andere term. Bekeken moet worden hoe daarvan geleerd kan worden in plaats van het bestuur als disfunctioneel te bestempelen en te zeggen dat er niets bereikt wordt. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt niet dat er niets bereikt wordt maar alleen dat er een rode vlag op haar bureau staat. Zou mevrouw Hoekstra die € 50 miljoen niet aan allerlei sociale initiatieven willen besteden bijvoorbeeld? Bij de heer Van Hattem (PVV) ging ook de rode vlag omhoog toen mevrouw Hendrickx het over de uitvoeringstoets had. Als overal uitvoeringstoetsen op worden gezet, worden er daarmee dan niet nog meer ambtenaren onnodig aan het werk gezet? Het is aan de raad om het college te controleren op de uitvoering van taken. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat dat een terecht punt is. Maar er zou ook een tussenvariant kunnen komen, bijvoorbeeld als er een motie komt waar veel werk achter zit en waar veel handhavers voor nodig zijn dan kan het college zeggen: dat gaat niet lukken. Niet de wensenlijst opplussen dus maar ook eens nee zeggen.
Zij roept op tot een realistisch bestuursakkoord zonder onuitvoerbare ambities en luchtkastelen. Het nieuwe college dient zich te richten op haalbare maatregelen die daadwerkelijk bijdragen aan het welzijn van de inwoners. Zij wil een uitvoeringstoets om te voorkomen dat er torenhoge verwachtingen worden gecreëerd waarvan nu al bekend is dat die niet gerealiseerd worden. Zij stemt niet in met het doorschuiven van de kosten van het Design Museum en de parkeergarage. Ga niet opnieuw veel capaciteit vrijmaken voor een leuk plan voor een culturele invulling in de Citadelpoort maar realiseer bouwplannen en betaalbare huizen. Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) weet ook dat als iemand of een organisatie ergens verontwaardigd of teleurgesteld over is De Bossche Groenen als eerste roept: college, hier moeten jullie iets mee. Is mevrouw Hendrickx dan ook bereid om een nee te horen van het college? En dat uit te leggen aan organisaties?
12
Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat 80% tot 90% van de plannen die De Bossche Groenen indient nooit kan, dus zij accepteert al jarenlang een nee van het college. De heer Roovers (SP) is het grotendeels eens met mevrouw Hendrickx maar neemt het woord disfunctioneel niet in de mond. De gemeente is financieel gezond maar ook een bourgondische gemeente en moet niet richting obesitas gaan. De afgelopen jaren heeft de gemeente structureel te veel geconsumeerd en te veel heffingen van de inwoners gevraagd, en er is te weinig bewogen. Het is belangrijk reserves op te bouwen maar meer dan € 80 miljoen is onzin. De gemeente is geen bedrijf en hoeft ook geen winst uit te keren. Naar de inwoners moet verantwoord worden dat het geld goed uitgegeven wordt. De onderbesteding in Den Bosch is iets structureels en daar moet het gesprek over aangegaan worden. Daarmee zijn de heffingen structureel te groot. Het is al jaren hetzelfde verhaal: over een aantal jaren gaan er tekorten ontstaan en dat is altijd op het sociaal domein. Van het geld dat nu naar de algemene reserve gaat, zou het tarief voor de milieustraat flink verlaagd kunnen worden. Daar heeft iedereen in Den Bosch profijt van. Waarom is alles in de begroting naar het Structuurfonds gericht? Een aantal zaken wordt daar niet uit betaald zoals de Afvalstoffendienst. Dat is een problematische beweging.
De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) zegt dat het er uiteindelijk om gaat dat wat de gemeente belooft in meerderheid ook wordt waargemaakt. Daar zit de armoede van deze onderbesteding. De heer Roovers (SP) is het daarmee eens. De constatering is dat de gemeente niet de capaciteit heeft om alle ambities uit te voeren. Er wordt bijna € 40 miljoen aan externe inhuur uitgegeven; ook die kosten rijzen de pan uit. Er is geen enkele noodzaak om een storting in de algemene reserve te doen. De raad zou met een initiatief moeten komen om dat geld terug te geven aan de inwoners en over de begrotingssystematiek zou gesproken moeten worden. De heer Van Hattem (PVV) vraagt waar dat geld dan wel in gestopt moet worden want als het in fondsen wordt gestopt dan staat het nog meer op afstand van de raad en kan de raad nog minder sturen. Hij is het ermee eens het geld terug te geven aan de inwoners maar zou dat niet via de algemene middelen moeten? De afvalstoffenheffing, ozb of milieustraat zou verlaagd kunnen worden. De heer Roovers (SP) zegt dat er nu een voorstel voorligt voor storting in de algemene reserve van € 17 miljoen; dat is niet nodig gelet op de hoogte van de algemene reserve. Met de helft van dat geld zou voor tien jaar het tarief voor de milieustraat gehalveerd kunnen worden.
Van de € 50 miljoen die te veel in de reserve zit, zou richting de begroting een discussie gevoerd kunnen worden over hoe dat geld kan worden ingezet om de kwaliteit van de gemeente te vergroten. Er zou bijvoorbeeld meer kennis in huis kunnen komen bij de ambtenaren zodat er minder externe inhuur nodig is. De heer Van Hattem (PVV) is het daarmee eens maar het gaat nu om het proces. Het is niet zuiver dit geld nu al bij de jaarrekening te bestemmen. Het zou nu naar de algemene middelen moeten gaan en in november tijdens de begrotingsbehandeling zou bepaald moeten worden wat ermee gebeurt. De heer Roovers (SP) is het daar wel mee eens maar nu ligt een voorstel voor voor storting in de algemene reserve. Het zou handig zijn als de raad zich daar nu al over uitspreekt zodat de raad daar straks bij de begroting iets mee kan doen. Hij wil de helft van het geld bestemmen voor het verlagen van het tarief voor de milieustraat. Is daar draagvlak voor? De andere helft kan naar de algemene reserve of daar kunnen andere voorstellen voor gedaan worden. De heer Van Hattem (PVV) ziet daar tot op zekere hoogte draagvlak voor maar het proces moet zuiver gelopen worden.
13
De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zegt dat op 4 juni a.s. uitsluitsel komt over het nieuwe bestuursakkoord. Het nieuwe college zou zomaar die extra middelen al opgebruikt kunnen hebben. De heer Roovers (SP) beaamt dat, maar het college gaat niet over de budgetten, daar is de raad voor. Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) vindt het een goed voorstel want het is een budget van de raad. Dit is iets waar de raad het komend jaar over zou moeten spreken in plaats dat het college dat straks bij het bestuursakkoord gaat invullen. De heer Roovers (SP) is het daarmee eens. De raad heeft budgetrecht. Hij heeft weinig opmerkingen over de actualisatie van de begroting. Het belangrijkste nieuwe beleid betreft woningbouw en daar heeft zijn collega in de commissie Omgeving al een en ander over gezegd. Hij zou graag hardere afspraken maken over wanneer dat geld wordt uitgegeven. Hij stelt voor een motie in de raad aan te nemen waarin staat dat dat geld alleen uitgegeven kan worden aan het verhogen van het aantal betaalbare woningen, al denkt hij een andere uitleg van betaalbare woning te hebben dan het college. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) zegt dat Den Bosch trots mag zijn op het Serious Request-event van vorig jaar. Inmiddels komen er ook aanmerkelijk meer mensen naar Den Bosch.
Den Bosch groeit naar 200.000 inwoners maar voorlopig groeien vooral de lokale lasten elk jaar weer, het aantal overlastgevende jongeren, het aantal wijken in het rood als het gaat om de leefbaarheid. Zoveel ambtenaren en toch wordt steeds naar de ambtelijke capaciteit gewezen als reden waarom plannen uit de tijd lopen. De brief van de ambtelijke top uit 2022 heeft de raad naast zich neergelegd. De organisatie is gediend met heldere prioriteiten en er kan niet oneindig veel van de mensen gevraagd blijven worden. Het initiatief van de SP vindt hij goed maar het gaat hem er vooral voor dat een zak geld niet kan scoren en blijft liggen. Dat is armoedig. De gemeente zegt te investeren maar de wijken staan onder druk, door toenemende overlast en straatintimidatie. Kan de burgemeester reflecteren op de effecten van de Bossche veerkracht? Verkeersdrukte is een doorn in het oog van de inwoners en de gemeente zegt er van alles aan te doen maar wat zijn daar de effecten van? Wanneer gaan de professionals de wijken in om de sociale problematiek, veiligheid en leefbaarheid te verbeteren? En waar is het effect daarvan te zien in de jaarrekening? Het begint allemaal met een dienstbare overheid en persoonlijk contact is belangrijk maar wordt hier ook naar gehandeld? Als hij vandaag een afspraak wil maken voor een paspoort kan hij pas over twee maanden terecht.
Een vijfde van de klachten wordt niet op tijd afgehandeld, een vijfde van de vergunningaanvragen eveneens. In de begrotingsbrief staat dat grote positieve jaarrekeningresultaten ongewenst zijn als gevolg van onjuist begroten. Moet het geen wake-upcall zijn dat veel geld, meer ambtenaren en het stapelen van ambities eigenlijk niet leiden tot resultaten? Hij kijkt uit naar een nieuw college dat echte keuzes maakt en de haalbaarheidstoets wel aandurft. Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) zegt dat het een groot goed is dat de gemeente er goed voorstaat. Het overschot moet inderdaad goed besteed worden en daar moet een goed gesprek over gevoerd worden. Zij kijkt uit naar het nieuwe bestuursakkoord. Ambities hebben is heel mooi en die hebben de gemeente ook veel gebracht. In de jaarrekening is te zien wat samen is bereikt. De uitdagingen waren flink. De burgerberaden: juist in samenwerking met de inwoners ontstaan de mooiste ideeën. Ook ten aanzien van de energietransitie en collectieve buurttuinen ontstaan initiatieven; dat smaakt naar meer. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of dat laatste ook geldt voor de AMV-opvang in Engelen want daar voelen mensen zich juist met de rug tegen de muur gezet. Krijgen die mensen ook een stem? Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) vindt het heel belangrijk om alle stemmen over de AMVlocatie te horen en daar is ook veel aandacht voor in het proces.
Er vinden gesprekken plaats 14
met buurtbewoners en B en W zetten zich enorm in om de polarisatie die daar lijkt te ontstaan om te zetten in verbinding. Er komt ook nog een heel traject voor het opstellen van leefbaarheidsplannen. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of er wel sprake is van echte participatie als je dat pas doet nadat je een voorgenomen besluit kenbaar hebt maakt. Of is dat alleen maar het uitleggen van een genomen besluit van het college? Zou dat niet anders moeten? Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) zegt dat er een moment komt om over het proces dat het college hierin voert te spreken. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of mevrouw Hoekstra net zo trots zou zijn als het een andere locatie zou betreffen. Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) begrijpt de vraag niet. Het is heel goed dat er participatie wordt toegepast ook bij gevoelige dossiers. Serious Request liet Den Bosch op haar mooist zien maar zij noemt ook alle andere fijne festivals hier. Daarmee wordt Den Bosch zichtbaar: de combinatie van cultuur, verschillende groepen mensen die elkaar ontmoeten en samen vieren. Daarnaast een stevige inzet op een veilige samenleving zoals de extra inzet op jongerenwerk om ook in de digitale leefwereld van jongeren te zijn. Ook hier is blijvende aandacht voor nodig en in het bijzonder ook voor vrouwveiligheid. De verbouwing van de vrouwenopvang is een mooie plek geworden. Zij noemt ook de vrouwenschouw.
Met groepen vrouwen en vertegenwoordigers uit de lhbti-gemeenschap is een blik geworpen op de inrichting van de openbare ruimte. Vandaag werd bekend dat meer straten naar vrouwen vernoemd worden; dat is de kers op de taart. Wendbaar begroten is ook voor haar een blijvende uitdaging en aandachtspunt. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt of niet iedereen ermee gediend is dat wat in het bestuursakkoord staat ook geleverd wordt. Hoe kritisch moet gekeken worden naar waar de gelden aan worden besteed? Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) denkt dat het goed is oog te hebben voor wat wel goed gaat en waar de raad kritisch op moet zijn. Er ligt een stevige lijst van zaken waar niet aan toegekomen is en daar moet ook eerlijk naar gekeken worden, welke factoren liggen daaraan ten grondslag De samenleving wordt steeds complexer en groepen komen steeds meer tegenover elkaar te staan. Kabinetten die vallen en onzekerheid over beleid; ook dat vraagt veel van het ambtelijk apparaat. Het zou mooi zijn als de politiek een voorbeeldrol op zich neemt en zegt: moet die samenleving ook niet wat meer zelf voor dingen verantwoordelijk zijn? De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) is daar geen tegenstander van maar een aantal zaken in dit debat lopen door elkaar. Je kunt zeggen: we hebben veel ambtenaren maar nog steeds staat in het stuk dat we de capaciteit niet hebben.
Hebben we dan wel de juiste ambtenaren? En durf je hen wel met een echte opdracht op pad te sturen? Mevrouw Hoekstra (GroenLinks-PvdA) kijkt daarom ook enorm uit naar het bestuursakkoord en naar de ambities daarin. De heer Schuurmans (VVD) zegt dat de jaarrekening inderdaad een solide basis laat zien maar er moet kritisch gekeken blijven worden naar wat met het geld wordt gedaan en tevens naar de manier waarop onze doelen kritisch worden gemeten. Meetmethoden gaan wisselen en er zijn indicatoren die niet echt iets meten of niet altijd even goed aansluiten op de doelstellingen. Het is goed elkaar scherp te houden met betere en concretere indicatoren, vaker in het jaar dan wanneer het op papier voor ons ligt. Scherpe sturing is nodig. De gemeente heeft ambities maar die kunnen niet altijd (tijdig) waargemaakt worden door het gebrek aan capaciteit. Dat raakt op termijn ook de kerntaken van de gemeente zoals het onderhoud van de infrastructuur, bijvoorbeeld het riool. De risico's zijn in beeld en onder controle maar dat houdt ook een keer op; dat 15
baart hem zorgen. Worden er gerichte acties ondernomen om klantgerichtheid en vindbaarheid op de website snel op het gewenste niveau te krijgen? De overhead stijgt naar € 66,8 miljoen mede door hogere ICT-kosten. Digitale dreigingen zijn een steeds groter fenomeen om op te letten, ook voor gemeenten. Neemt de gemeente in het licht van de aankomende Cyberbeveiligingswet op dit moment voldoende stappen om te komen tot cyberveiligheid? De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt ten aanzien van de ICT hoelang de fractie van de heer Schuurmans heeft moeten wachten op hardware. De heer Schuurmans (VVD) denkt dat dat inderdaad te lang is en dat zou verbeterd moeten worden. De gemeente wordt ook geconfronteerd met externe financiële druk. De uitvoeringskosten van inburgering lopen verder op omdat de rijksmiddelen hiervoor afgebouwd worden. Ziet het college een mogelijkheid om hier van het nieuwe kabinet extra middelen voor vrij te krijgen? Er moet stilgestaan worden bij de langetermijnrisico's. De heer Van Hattem (PVV) vraagt of de gemeente niet eerst moet kijken naar een stukje eigen verantwoordelijkheid en het strenger handhaven van de Wet taaleis in plaats van steeds meer geld uit te geven aan de Wet inburgering. De heer Schuurmans (VVD) zegt dat het volgens hem en/en is. Mevrouw Lipman (CDA) vraagt hoe de VVD kijkt naar de voorgestelde lastenverlichting.
De heer Schuurmans (VVD) zal zeker naar dat voorstel kijken als het er komt. Mevrouw Lipman (CDA) zegt dat in principe de gemeenteraad hierbij aan zet is. Of kan dit straks in het bestuursakkoord gelezen worden? De heer Schuurmans (VVD) zegt dat de raad daar over blijft gaan. Hoe gaat het college ervoor zorgen dat de provinciale renteherziening niet leidt tot verdere ongedekte financiële risico's voor de gemeente? Hij steunt de eerdere inzet van het college inzake juridische afdwingbaarheid en de hoogte van de risico-opslag. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat het opnieuw niet is gelukt alle plannen voor 2025 uit te voeren. Vacatures zijn niet of later vervuld en daardoor schuift de uitvoering ook op. Ook budgetten schuiven dan door waardoor € 16 miljoen toch weer naar de algemene reserve gaat. Geld wordt voor een bepaald doel bestemd maar wordt het daar uiteindelijk ook aan uitgegeven? Op geld aanspreken uit de algemene reserve ligt eigenlijk een groot taboe. Doorgaans wordt daar heel kritisch naar gekeken. Wellicht komen er over een aantal jaren magere jaren aan en vervolgens blijft de berg met geld groeien.
Straks komt het nieuwe college waarschijnlijk wel met plannen en in hoeverre beslist de raad nu echt wat met dat overschot wordt gedaan? Kan er niet beter begroot worden zodat er minder geld blijft liggen? Als er toch geld overblijft dan kan ook voor benutting van het overschot gegaan worden. De raad moet altijd fiat geven op wat er met het geld gebeurt maar toch is er een wereld van verschil tussen het tekenen van het voorstel of daadwerkelijk de regie nemen en keuzes maken. Wat haar betreft gaat de raad niet meer zo rigide om met het aanspreken van de reserve. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vindt terugkijkend dat het glas halfleeg is. De lasten voor de burgers zijn de afgelopen vier jaar met 28% gestegen. Hij noemt het gesteggel over het Design Museum, de overlast van de zogenaamde groene vervoersmiddelen, een binnenstad die door het zero-emissiegebeuren niet meer aantrekkelijk is voor ondernemers en andere wegen die overbelast raken, openbare ruimte die niet verbeterd is; zaken waar de burger elke dag mee te maken heeft. Er is al veel gezegd over de financiën. Er zit een groot verschil tussen hetgeen overgeheveld wordt door tekort aan personeel en de € 17,8 miljoen die overblijft in de rekening. 16
Er zou iets meer sturing mogen komen op de dorpsraden. Er zou minimaal een keer per jaar een openbare vergadering moeten zijn, dat is nu namelijk losgelaten en dat bevordert de legitimiteit van dorps- en wijkraden niet. Het onkruid groeit overal immens en dat kan ten koste van de veiligheid gaan. Den Bosch zat op 6,9, de ambitie was 7,2 en 6,7 is gerealiseerd dus daar is nog iets te winnen. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) kijkt alleen naar wat de inwoners hier straks van gaan merken in hun eigen wijk of dorp. Financieel staat de gemeente er stevig voor. Ook de algemene reserve is ver boven het afgesproken niveau. Dat geeft rust. Er begint een nieuwe bestuursperiode dus ook ruimte om keuzes te gaan maken. Geld alleen is echter niet voldoende, gelet op de personeelstekorten. Er is veel aandacht voor wijkgericht werken en ontmoeting; dat is heel positief. Niet alles hoeft echter vanuit het stadhuis geregeld te worden. Verenigingen, buurtinitiatieven en dorps- en wijkraden weten vaak zelf heel goed wat er speelt in hun omgeving dus geef hen ruimte om keuzes te maken. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zegt dat dat haaks staat op wat hij heeft gezegd. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) zegt dat de heer Van Creij pleit voor meer sturing aan dorps- en wijkraden, maar hij wil hen juist meer ruimte en vertrouwen geven.