CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-02-09 Commissie Bedrijvigheid concept aangepast

Commissie BEDRIJVIGHEID 1 juni 2026, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Vaststellen van het verslag van de commissie Bedrijvigheid van 9 februari 202611.807 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Commissie BEDRIJVIGHEID Conceptverslag Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter: Secretaris: (plv.) Commissieleden:

Collegeleden:

9 februari 2026 Raadzaal M.A.J.T. Korver-van Weegberg mr. drs. R. van der Meer drs. E.M.M.P. Altenburg-Collin, A.W. van Boven, ir. J.M. van Boxmeer, M. Claessen (m.u.v. agendapunt 8), A.M. Cremers, J.J. M. Gersjes, L.A.J. van Griensven, W. de Groot MSc, A. Hernández (vanaf agendapunt 7), W.B.G. Hoeben (agendapunt 8), L. Holterman, mr. drs. N.M.C. Huijbrechts, RO CIA, M.P. Kagie, J.M. Klerks, J. Kouwenberg, W.M. van de Leemput, REV H.W. Pennings, mr. S.J.M. Peters, M.C.J.M. Ploegmakers, P.J. Romijn, E. Samshuijzen, D.G.G. Scholten en mr. C.H.A. van den Wildenberg R.J.J. Geers

Afwezig:

S.J.A. Elders BA, T.A.J. Heijmans, B.B.G.M. van den Hoven, H.J.M. Kitslaar, R.T.P.M. Koolen en C.K.J. Visscher

Verslaglegging:

DemiSec

1.

Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet allen welkom. Er is bericht van verhindering van de heer Van den Hoven. Hij wordt vervangen door de heer Gersjes. Mevrouw Hernández en mevrouw Huijbrechts zullen iets later komen. Bij agendapunt 8 zal de heer Hoeben mevrouw Claessen vervangen.

2.

Vaststellen van de agenda De agendapunten 9 en 10 worden omgewisseld. De gewijzigde agenda wordt vastgesteld.

3.

Vaststellen van het verslag van de commissie Bedrijvigheid van 12 januari 2026 Het verslag d.d. 12 januari 2026 wordt ongewijzigd vastgesteld.

4.

Vaststellen van de lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties. Motie 13, 16 en 17 worden als afgedaan beschouwd. De lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties worden vastgesteld.

5.

Werkplanning De werkplanning wordt in verband met de gemeenteraadsverkiezingen niet behandeld.

6.

Wensen en bedenkingen oprichting coöperatieve vereniging Klein Gevaarlijk Afval (KGA) De heer Peters (PvdA) spreekt mede namens de fractie van GroenLinks. Hij begrijpt dat het oprichten van een coöperatieve vereniging voorkomt dat de Afvalstoffendienst en Midwaste een aanbesteding voor klein chemisch afval moeten doen. Hiermee wordt ervoor gezorgd dat de hoeveelheid klein chemisch afval voor de Afvalstoffendienst voldoende is om deze service als publieke dienst te kunnen blijven aanbieden. Gevraagd wordt naar de alternatieven en om deze uit te werken. Met een kosten-batenanalyse van een mogelijke aanbesteding zou het voorstel beter kunnen worden beoordeeld. Daarnaast vraagt de fractie zich af wat de gevolgen zijn als de oplossing juridisch niet-houdbaar blijkt te zijn. Is er dan een plan B uitgewerkt dat op korte termijn geïmplementeerd kan worden? De heer Ploegmakers (CDA) stelt dat de markt in beweging is. Het CDA kan zich vinden met het voorliggend voorstel tot het oprichten van de coöperatie. Wat de fractie belangrijk vindt is dat er continuïteit is en geboden wordt bij de inzameling van klein chemisch afval. Door deel te 1

nemen in de coöperatie blijft de gemeente grip op en zeggenschap houden in de coöperatie waarin de Afvalstoffendienst een betere waarborg biedt dan een aanbesteding aan een marktpartij uit de vrije markt. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) merkt op dat het nog niet duidelijk is hoe de manier waarop zaken in eigen beheer gehouden wordt opweegt tegen de eventuele voordelen van een echte aanbesteding. Het gaat hier niet over enorme risico's. Tegelijkertijd horen zij wel graag de reflectie van de wethouder hierop en mogelijk kan hij de twijfel wegnemen. De heer Van Griensven (PVV) is benieuwd of de voorliggende keuze juridisch haalbaar is en of eventuele kosten voor die coöperatie moeten worden gemaakt. Worden die kosten dan verhaald op de burgers? De heer Van Boven (SP) vindt dat je jezelf de vraag moet stellen of je dit wilt privatiseren of niet. De SP vindt van niet. Liever houdt hij de afvalverwerking in publieke handen. Hij geeft op een briefje dat bij privatisering de kosten de pan uit zullen rijzen. De heer Romijn (PvdD) begrijpt de noodzaak om de samenwerking rond gevaarlijk afval juridisch toekomstbestendig te maken. Een aantal punten is belangrijk: publieke zeggenschap moet geborgd zijn en blijven en ongewenste commerciële invloed moet worden vermeden en de milieu-impact moet aantoonbaar verbeteren.

Het traject moet resulteren in minder gevaarlijk afval, betere scheiding en meer hergebruik. liefst met periodieke rapportages richting de raad om dit te kunnen volgen. Mevrouw Klerks (Volt) sluit aan bij bijdragen van haar voorgangers, juist ook omdat moet worden gewaarborgd dat het in publieke handen blijft en niet in commerciële handen valt. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) ziet in dat de huidige manier van samenwerken niet meer voldoet aan de Europese regels en dat de oprichting van deze coöperatie nodig is om dit goed en toekomstbestendig te regelen. Belangrijk voor haar is dat de Afvalstoffendienst zijn werk kan blijven doen en dat continuïteit wordt geboden aan het personeel en het afvaldepot behouden blijft. Dit voorstel zorgt daarvoor. De fractie waardeert dat de gemeente door deelname goed toezicht houdt op de nieuwe vereniging zodat publieke belangen geborgd blijven. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) legt voor dat ook nog door de leden van Midwaste een stemming moet worden gehouden en daarvan is nog niet bekend hoe die stemming is. Hij vraagt of in het klein chemisch afval ook lachgascilinders zitten. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) vindt deze voorziening een essentiële basisvoorziening. Wat Rosmalens belang betreft houden ze het ook in publieke handen.

De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) is van mening dat in publieke handen beter is dan het doen van een aanbesteding. Het is alleen nog niet duidelijk of het alleen voor 's-Hertogenbosch of voor heel Oost-Brabant wordt opgericht en hoe dat verder wordt uitgewerkt. De heer Van Boxmeer (De Bossche Groenen) sluit zich aan bij de woorden van Volt, PvdD en de SP. Wethouder Geers zegt dat de Afvalstoffendienst al jarenlang een van de partijen is die het klein chemisch afval inzamelt, verwerkt en afvoert naar de verwerkers daarachter. Hij is het eens met de SP, juist in deze markt heb je af en toe nodig dat er ook een publieke partij zorgt voor het hoog houden van de normen en dat je daarmee in onderhandeling zit met de verwerkers. Het is uitgangspunt geweest om te zorgen dat het juridisch passend is. Bij de stukken is ter onderbouwing een juridisch advies toegevoegd. Midwaste heeft vorige week een voorgenomen besluit genomen om in te stemmen met deze samenwerking. Uiteraard kan dat pas als de raad heeft uitgesproken dat daadwerkelijk de coöperatie met Midwaste is opgericht. De vraag over de gascilinders wordt gezien als een technische vraag. Uiteraard wordt het op een aparte manier bewaard zodat het niet in de verbrandingsoven belandt waar explosies kunnen plaatsvinden. 2

Er zijn verschillende typen contracten. Daaronder kunnen zich ook buurgemeenten bevinden. De KGA is echt een eigen stroom met een eigen locatie en eigen contracten. In principe komen er geen extra kosten bij, behalve eventueel beheerskosten van de coöperatie. Die zitten verwerkt in de tarieven met Midwaste. De voorzitter concludeert dat het onderwerp als hamerstuk wordt doorgeleid naar de raadsvergadering. 7.

Zienswijze Kadernota 2027 Omgevingsdienst Brabant Noord ODBN De heer Altenburg-Collin (VVD) kijkt met een positieve blik naar de kadernota 2027 van de Omgevingsdienst Brabant Noord. De fractie waardeert de zorgvuldige wijze waarop de uitgangspunten voor de begroting zijn opgesteld en ziet dat de ODBN zich blijft ontwikkelen als een professionele en toekomstgerichte organisatie. Vooral de aandacht voor innovatie, in het bijzonder de inzet van kunstmatige intelligentie en robotisering juichen zij toe. Deze ontwikkeling biedt kansen om het werk van de Omgevingsdienst efficiënter en effectiever in te richten. Zeker gezien de uitdagingen rondom capaciteit en prioritering binnen vergunningverlening, toezicht en handhaving. Tegelijkertijd is belangrijk dat investeringen in technologie gepaard gaan met inzicht in de impact op de organisatie. De voorgestelde inzet van AI kan leiden tot verschuivingen in de werkzaamheden en personeelsinzet. Het verzoek is om in lijn met de gemeentelijke conceptreactie in het nader uit te werken stappenplan concreet te maken welke resultaten de gemeente beoogt, op welke terreinen AI een verschil kan maken en welke operationele of personele verschuivingen hierbij kunnen worden voorzien. Dit zal leiden tot transparantie richting deelnemende gemeenten en helpen bij het monitoren van de opbrengsten van deze innovaties.

Tot slot is de VVD tevreden dat de prijsstijgingen tot 2027 beperkt blijven en is benieuwd naar de nieuwe cao na 1 april 2027. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vindt het belangrijk dat als een leverancier met een kostenverhoging komt het volgens een volgbare systematiek gebeurt. Tegelijkertijd wil hij benadrukken dat onvoldoende concreet is hoe de ODBN uiteindelijk intern ervoor gaat zorgen dat processen efficiënter gaan worden en dat de eigenlijke kosten niet direct bij de gemeente komen te liggen, maar ook gemitigeerd worden met efficiëntieslagen. Er wordt geïnvesteerd in AI en hij wil daarvan een concretiseringsslag zien. Hij vraagt reflectie van de wethouder op het risico op nacalculatie en de gevolgen voor de cao na 1 april 2027. De heer Cremers (D66) kan zich vinden in de kadernota en wil graag geïnformeerd worden over de uitkomsten van de visitatiecommissie. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) kan instemmen met de kadernota. De heer Van Boven (SP) stelt dat in het stuk vooral wordt gerefereerd aan AI en robotisering. De techniek staat niet stil maar anderzijds vraagt de SP hoe veilig het is wanneer de ODBN AItools gaat gebruiken. Wat gebeurt met de datagegevens? De ODBN is de organisatie voor schone, duurzame en veilige leefomgeving. Hoe is dat te vereenzelvigen met het feit dat deze organisatie AI gaat gebruiken dat bekend staat om een energie slurpende tool.

Mevrouw Klerks (Volt) kan instemmen met de kadernota. Ze vraagt aandacht voor de waterkwaliteit en lozingen en wil graag daar in de reactie van het college een aanscherping zien. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) sluit zich aan bij de woorden van de heer Van Boven inzake AI. Rosmalens Belang kan instemmen met de voorgestelde reactie. De heer Romijn (PvdD) heeft in het verleden aangegeven zich zorgen te maken over goed toezicht en consequente handhaving van de milieuregels. Het is daarom positief om te zien dat de OBDN inzet op betere efficiency en structurele kwaliteitsverbetering waarbij dus ook stappen worden gezet op het gebied van toezicht en handhaving van de eerdergenoemde milieuregels. De heer Ploegmakers (CDA) kan zich vinden in de zienswijze van het college. Toegejuicht wordt dat gekeken wordt naar efficiency door middel van kunstmatige intelligentie en robotisering. De taken van de ODBN worden steeds verder uitgebreid met toezicht, handhaving 3

en vergunningverstrekking. Het college wordt opgeroepen kritisch te blijven op de kosten van de ODBN, want uiteindelijk worden de kosten doorbelast richting de burgers Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) is van mening dat met deze zienswijze duidelijke aandachtspunten worden geven aan de ODBN. De kadernota is nog geen begroting, maar vormt wel een belangrijke bouwsteen voor 2027. De fractie kan daarom instemmen met het voorstel zodat de ODBN verder kan gaan met het opstellen van een volledige en onderbouwde begroting. Mevrouw Hernández (50PLUS) waardeert het werk van de ODBN en de hoofdlijnen van de Kadernota 2027. Deze geeft goed inzicht in de lopende activiteiten, de financiële uitgangspunten en de uitdagingen die op de gemeente afkomen. Bij innovaties zoals AI en robotisering wordt een concreet stappenplan gemist met meetbare effecten. De fractie maakt zich zorgen over de juridische druk door complexe dossiers zoals de stikstof en waterkwaliteit. Actieve monitoring en landelijke oplossingen zijn nodig om de procedures te beperken. Tot slot wordt gevraagd om betere communicatie richting de inwoners en duidelijke meetbare duurzaamheidsmaatregelen in 2027.

De heer Van Griensven (PVV) sluit zich aan bij de reactie van het college dat terecht een opmerking heeft over het inzichtelijk maken van de financiële consequenties van de overdracht van het archiefmandaat en voor over het correct weergeven van de kosten van de SIB. Wethouder Geers is blij met de complimenten voor de ODBN, een van de meest robuuste en daarmee kwalitatief sterke omgevingsdiensten van Nederland. De afgelopen jaren is fors geïnvesteerd om deze complexe dienst vorm te geven. Dat gaat niet altijd makkelijk, dus dat vraagt ook steeds mee blijven gaan in die vernieuwing. De doelstelling van AI en robotisering is het routinematig automatiseren van administratieve zaken zodat het personeel beter kan worden benut en er een datasysteem is waarin risico's kunnen worden gekwantificeerd en daarmee veel gerichter de handhaving kan worden gedaan. Hij heeft er evenwel geen probleem mee wanneer de regels omtrent AI nog iets worden aangescherpt. Veiligheid is belangrijk. Er moet zorgvuldig met de data worden omgegaan en het is niet de computer die besluiten neemt. Bij een aantal partijen is het nog onduidelijk hoe de ODBN effectiever of efficiënter gaat werken. Dat is aan de uitvoering van de ODBN. Het is niettemin legitiem om kritisch te blijven toezien.

Vanuit het algemeen bestuur is er constant aandacht voor om te zorgen dat eventuele kostenstijgingen binnen de perken blijven en er geen keuzes worden gemaakt die niet nodig zijn. De visitatiecommissie komt deze week langs. De gemeenteraad wordt over de uitkomsten geïnformeerd. AI en energie kunnen tegenstrijdig klinken. Aan de andere kant kan het ook een handig hulpmiddel zijn. Vandaar dat ze gaan experimenteren wat de kosten-batenanalyse is. De opmerking van Volt over de Kaderrichtlijn Water is terecht. In een aantal sessies met het Waterschap, de Omgevingsdienst en deelnemende gemeenten is in kaart gebracht welke pilots er lopen. Hij dankt de commissie voor vier jaar lang mooie debatten. De voorzitter concludeert dat het onderwerp als hamerstuk wordt doorgeleid naar de raadsvergadering. 8.

Discussienota Landtong park Brabanthallen De heer Hoeben (De Bossche Groenen) wil spreken over de Landtong, de lange strook bij de Brabanthallen die omgezet is naar een parkeerterrein van 900 parkeerplaatsen. Dat is eind 2019 afgesproken. Ter compensatie is een stukje vergroening afgesproken voor de buurt en ten behoeve van het Kanaalpark. Daarover is een intentieovereenkomst gesloten. Er is inderdaad voortvarend mee aan de slag gegaan. Maar als zes jaar later gekeken wordt naar hoe het parkje is ingericht, dan schrikt de fractie daar een beetje van. Het is eigenlijk een inrichting met parkeervakken en het functioneert als een overloopparkeerplaats in plaats van een parkje. Daar zijn vorig jaar al vragen over gesteld aan het college en het college vond het eigenlijk wel prima. Die vond dat het voldeed aan hetgeen wat was afgesproken. In het programma van eisen stonden echter hele andere dingen. Daarom is een aantal vragen opgesteld. Gevraagd wordt of 4

de huidige inrichting voldoet aan hetgeen is afgesproken in het programma van eisen. Wordt de huidige inrichting gezien als een parkje of als een overloopparkeerplaats? Zijn er aanvullende kaderstellende eisen nodig vanuit de raad om de eigenaar te bewegen om de inrichting te maken zoals dat is afgesproken? De heer Cremers (D66) vraagt waarom de vragen aan de gemeenteraad worden gesteld en niet aan het college. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) wil er serieus met z'n allen van gedachten over wisselen. Wanneer een afspraak wordt gemaakt over compensatie voor die 900 parkeerplaatsen ten gunste van de buurt en ten gunste van de vergroening, dan is dat wel zo netjes om dat na te komen. De heer Ploegmakers (CDA) heeft de discussienotitie van De Bossche Groenen met interesse gelezen en heeft een paar vragen: heeft De Bossche Groenen wel eens gesproken in de afgelopen tijd met de Brabanthallen? Is de heer Hoeben ervan op de hoogte dat er een landschapsarchitect bezig geweest is en dat er aanpassingen aan het plan komen? Is de heer Hoeben ervan op de hoogte dat komende maand de Brabanthallen de Landtong gaat aanpassen en dat dit project wat vertraagd is door sneeuwval? De heer Hoeben (De Bossche Groenen) heeft niet persoonlijk gesproken met de directie van de Brabanthallen, maar wel een fractiegenoot.

Ze weten dat er inderdaad nog een verbetering komt, maar heel veel veranderen gaat er niet. Dat is aangegeven in een formeel antwoord. Er is aangegeven dat als daar evenementen georganiseerd worden die ruimte nodig is. Dan is het best ingewikkeld en moeilijk om het in te richten, want die ruimte moet wel beschikbaar blijven voor de organisatie van evenementen. De praktijk is dat er parkeerplaatsen aangelegd zijn tegen de afspraken in. Die parkeerplaatsen gaan niet verdwijnen. Er is wat schaamgroen extra geplaatst langs de zijkanten, maar het voldoet niet aan het programma van eisen zoals het in 2019 afgesproken is. Er zijn inderdaad verbeteringen komende maar dat is niet conform de afspraak. De heer Ploegmakers (CDA) had hedenochtend een gesprek met de directeur van de Brabanthallen en die zegt dat hij nog nooit met iemand van De Bossche Groenen heeft gesproken. De heer Altenburg-Collin (VVD) waardeert het dat er aandacht wordt gevraagd voor de kwaliteit van de leefomgeving in de stad. Toch heeft de fractie ernstige bezwaren tegen de inhoud en het doel van deze notitie. De gestelde vragen gaan grotendeels voorbij aan de bestuurlijke en juridische werkelijkheid. De eigenaar van de betreffende gronden is Libéma. Zij hebben het recht en de verantwoordelijkheid om te bepalen hoe hun eigendom wordt ingericht, uiteraard binnen de geldende wet- en regelgeving.

Het programma van eisen waar in de notitie naar wordt verwezen is een kaderstellend document en dat is door de raad vastgesteld. Echter, de uitvoering ligt logischerwijs bij de eigenaar zelf. Wat de huidige situatie betreft, Libéma heeft aan de VVD aangegeven dat er een landschapsarchitect is aangesteld en dat de uitvoering van de plannen in maart van dit jaar zal plaatsvinden. Het project is per 1 april a.s. afgerond. Daarmee wordt niet alleen aan de gemaakte afspraken voldaan, maar gaat men zelfs verder om de groene en hoogwaardige invulling te realiseren met zogeheten landschapscoulissen. De VVD heeft daarom geen behoefte aan aanvullende kaderstelling of politieke inmenging. Deze discussie lijkt vooral een poging om een vertrouwenskwestie te creëren die niet bestaat. Mevrouw Klerks (Volt) is het eens met De Bossche Groenen dat er geen sprake is van hoogwaardig groen bij de Brabanthallen. Ze gaan er bij de Brabanthallen mee aan de slag. Als blijkt dat de uitvoering niet naar de zin is van de gemeenteraad, dan kunnen ze daar via de notitie op terugkomen. Met de kennis van nu is het een beetje prematuur om een oordeel te geven over de huidige situatie. De heer Van Boven (SP) vindt het een terechte discussienotitie van De Bossche Groenen. Het is zeker niet ondernemer pesten.

Als er zeven jaar geleden afspraken zijn gemaakt, dan mag van de ondernemer verwacht worden dat deze er wat krachtiger mee omgaat. Wat er nu ligt, moet worden verbeterd. Hij laat zich graag verrassen. 5

De heer Altenburg-Collin (VVD) vraagt of de heer Van Boven is gaan kijken op de locatie. De heer Van Boven (SP) vindt het er niet aantrekkelijk uitzien. Er wordt gesteld dat de opknapbeurt op 1 april a.s. gereed is en hij laat zich graag verrassen. Zoals het er nu bij ligt lijkt het hem niet voldoen aan het programma van eisen. De heer Scholten (GroenLinks) sluit aan bij de woorden van de SP. Het is belangrijk dat er een mooie plek wordt gecreëerd, want dat is het nu oprecht niet. De afspraken dienen te worden nagekomen. De heer Romijn (PvdD) stelt dat de kop van de Landtong door de raad duidelijk is aangewezen als een groene hoogwaardige verblijfsruimte en wat er nu ligt voldoet daar op geen enkele manier aan. Het is geen park, geen groene plek, maar een versteende overloopzone die de belofte aan de bewoners niet waarmaakt. Als afspraken worden gemaakt over een groene inrichting, dan moet die ook daadwerkelijk groen zijn. Het is teleurstellend dat private partijen hun verantwoordelijkheid niet nemen en dat de gemeente onvoldoende stuurt op naleving. Het kader is in principe voldoende duidelijk. Het is gewoon een kwestie van een fatsoenlijke uitvoering, waar het op dit moment aan schort. Het college wordt opgeroepen om te zorgen voor handhaving richting de eigenaar.

Laat het college komen tot een concreet bindend plan voor een echte groene verblijfsruimte en zodoende het vertrouwen herstellen door de kwaliteit te leveren die de bewoners mogen verwachten. De heer Altenburg-Collin (VVD) merkt op dat de plek ook in geval van calamiteiten moet worden gebruikt. Als daar auto's en vrachtwagens gestald moeten worden vanwege een calamiteit, is die overloopplek broodnodig. Daarom kan het niet als een hele mooie groene oase worden ingeregeld met mooie bloemetjes en perkjes. De heer Romijn (PvdD) zegt zich hiervan terdege bewust te zijn. Er is ontzettend veel ruimte tussen wat het nu is en wat het zou kunnen zijn. Het voldoet op geen enkele manier aan hetgeen is toegezegd. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) begrijpt dat er al acties worden ondernomen om het gebied op te knappen. Dat proces moet worden afgewacht. Het is compensatiegroen en geen echt stadspark. Mevrouw Klerks (Volt) stelt dat zeven jaar wel erg lang is voordat er een verbetering is op de kwalitatieve groenslag daar. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) vindt het ook heel erg lang duren. Daarom vindt hij het goed dat De Bossche Groenen die vragen heeft gesteld en dat het is opgepakt. De huidige inrichting voldoet niet maar er wordt wel wat aan gedaan. Er is geen nieuwe kaderstelling nodig.

De heer Hoeben (De Bossche Groenen) stelt dat er afspraken zijn gemaakt over de komst van parkeerplaatsen voor 900 auto's. Er zou een park komen ten behoeve van de buurt en ten behoeve van kleine evenementen. Hij vindt dat afspraken dienen te worden nagekomen. Een ondernemer kan er blijkbaar mee wegkomen. Er moet worden gestuurd op een verbeterde inrichting. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) kan daar nu geen goed antwoord op geven omdat de ondernemer al bezig is om het aan te passen. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) heeft kennisgenomen van de discussienotitie en vindt de antwoorden op de vragen bevredigend. Er zijn afspraken gemaakt met Libéma en het groen heeft nog tijd nodig om te groeien. De fractie denkt dat het nog te vroeg is om te oordelen over de kwaliteit van dit parkje. De heer Holterman (Leefbaar 's-Hertogenbosch) stelt vast dat op de kop van de Landtong een prachtige goed verlichte onverharde parkeerplaats ligt, maar geen parkje. De afspraken voor een groene inrichting van dit gebied als hoogwaardige verblijfsruimte zijn niet nagekomen. Wat 6

hen betreft komt er geen nieuwe kaderstelling, want deze klopte. De uitvoering moet opnieuw gebeuren. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) vindt dat afspraken dienen te worden nagekomen. Als is afgesproken dat het gebied als een groene parkachtige openbare omgeving zou worden ingericht, dan hoort dat ook gebeuren. De fractie hoort uit reacties van het CDA dat het ook gaat gebeuren. Wat triggert is de vraag: "Hoe borgt het college de kwaliteit van de semiopenbare ruimte?" Als het terrein van Libéma is, dan heeft de gemeente er eigenlijk veel minder over te zeggen De heer Hoeben (De Bossche Groenen) antwoordt dat de grond is verpacht aan Libéma om daar 900 parkeerplaatsen te realiseren en als compensatie zou het resterende deel worden ingericht worden als park. Er zijn tijden afgesproken over de momenten dat het gebied openbaar mag worden gebruikt. De heer Van Griensven (PVV) vindt dat afspraken moeten worden nageleefd. Hij heeft de foto's gezien. Het is winter en er groeit nog niet veel. Het kan zijn dat het er later veel groener uitziet. Wellicht heeft het even geduld nodig voordat de raad oordeelt. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt het belangrijk dat afspraken worden nagekomen. De discussie moet niet nu worden gevoerd gezien de informatie die heden erover is ontvangen. De heer Cremers (D66) vindt niet dat deze discussie nu dient plaats te vinden.

Het is een zaak voor het college. D66 gaat niet mee in de framing van De Bossche Groenen over deze plek. Het is een multifunctionele ruimte. Die moet nog op een goede manier worden ingericht en er moet nog een slag worden gemaakt. Er gaat echter geen groot stadspark verloren voor Den Bosch. D66 vindt een aanvullende kaderstelling niet nodig. Mevrouw Klerks (Volt) vraagt of het juist niet een taak van de raad is om te kunnen ingrijpen op beslissingen van het college op het moment dat de raad vindt dat bijsturing nodig is. De heer Cremers (D66) is het daarmee eens. Dat moet worden gedaan in het bijzijn van het college en niet onderling. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) wil de eigenaar van de Brabanthallen graag houden aan de afspraken. Hij wil zeker niet de ondernemer pesten. Hij wilde juist met zo'n bespreeknotitie proberen om in te laten zien dat als afspraken worden gemaakt, het twee kanten op werkt en dat je dus ondernemers ook best mag houden aan hetgeen wat afgesproken is. Hij neemt het mee terug naar de fractie. 9.

Discussienotitie aanbevelingen Nationaal Burgerberaad Klimaat De heer Peters (PvdA) wijst erop dat afgelopen jaar het Nationaal Burgerberaad Klimaat plaatsvond. 175 Nederlanders uit alle hoeken van het land, van jong tot oud, van verschillende achtergronden en uiteenlopende meningen kregen samen één opdracht. Kom met oplossingen voor een van de grootste vraagstukken van onze tijd. Dat was klimaatverandering. Gedurende meerdere bijeenkomsten dachten zij na over hoe we kunnen eten, spullen gebruiken en reizen op een manier die beter is voor het klimaat. Dit leidde tot zestien concrete aanbevelingen. In Den Bosch zijn de afgelopen jaren goede ervaringen opgedaan met burgerberaden. De twee lokale burgerberaden die hier zijn geweest hebben geleid tot goede, creatieve en gedragen adviezen. Wel is er een belangrijk vereiste voor het slagen van een burgerberaad, namelijk dat er ook echt iets met die adviezen gebeurt. En daarom ziet de fractie de uitkomsten van het Nationaal Burgerberaad Klimaat als een hele mooie kans om hier ook in de gemeente gevolg aan te geven om zo verder te bouwen aan een groen en duurzaam Den Bosch. Gelukkig gebeurt er in de gemeente op dit punt al veel. Daarom heeft de fractie middels de bijgevoegde technische vragen inzichtelijk gemaakt welke stappen al worden gezet op de verschillende thema's die in het burgerberaad aan de orde komen.

De fractie hoort graag van de commissie hoe zij kijkt naar de aanbevelingen vanuit het burgerberaad en waar de commissie kansen ziet deze aanbevelingen ook in Den Bosch verder handen en voeten te geven.

7

Mevrouw Klerks (Volt) is een voorstander van een Burgerberaad Klimaat en zij is ontzettend blij met deze discussienotitie voor het Nationaal Burgerberaad rondom het thema klimaat. Eén van de belangrijkste zaken is wel: hoe dichter bij, hoe meer relevant. Het moet langs de lokale maatlat gelegd worden. Verbazingwekkend genoeg is er een aantal zaken die Den Bosch zowaar beter doet dan in het burgerberaad is aangegeven. De kleine stappen die de gemeente morgen al kan doen moeten als eerste worden opgepakt. Het allerbelangrijkste is evenwel participatie. Hoe zorgen we ervoor dat mensen meekomen? Het uitvoeringsprogramma wordt gesteund. De heer Ploegmakers (CDA) stelt dat een burgerberaad eigenlijk een zaak is die de volgende gemeenteraad en het volgende college moeten gaan regelen. Nu moeten niet al opdrachten worden gegeven aan het college. Mevrouw Klerks (Volt) verwijst naar eerdere discussies, eerdere beleidsterreinen en zelfs visiestukken die door de gemeenteraad zijn vastgesteld. Daar kunnen op deze manier handen en voeten aan worden gegeven. Ze is zich ervan bewust dat een volgend college het gaat uitwerken. Het Nationaal Burgerberaad is al wel uitgevoerd. Dat betekent dus dat die resultaten er al liggen. De heer Van Boven (SP) had deze discussie liever gezien tijdens de debatten omtrent de gemeenteraadsverkiezingen.

Een burgerberaad is een hartstikke mooi instrument en moet zeker serieus worden genomen. Echter, de resultaten van dit burgerberaad zijn wel heel erg micromanagement. Mocht het zover komen dat er zonneweides komen of windmolens neergezet worden, moet ervoor gezorgd worden dat het in publieke handen blijft. Een beter milieu begint bij het grootkapitaal, dat moet op zijn verantwoordelijkheid worden gewezen. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) is het er niet mee om de aanbevelingen uit het Nationaal Burgerberaad over te nemen. Er staan allerlei punten in waar zij het niet mee eens zijn. Pasgeleden is een motie aangenomen over participatie aan de voorkant. Betrek de mensen erbij en kom dan terug met uitvoeringsplannen. De heer Peters (PvdA) vraagt welke aanbevelingen wel kunnen worden gesteund. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) verzoekt de PvdA zelf een prioritering aan te geven en dan komt hij met een reactie. Als er een uitvoeringsprogramma moet komen, ga in ieder geval terug naar de voorkant en naar degene die de inbreng hebben gedaan. De heer Romijn (PvdD) is voorstander van het uitvoeren van klimaatactie, maar dit stuk voelt eerlijk gezegd wat weinig concreet en ook niet erg ambitieus. Uit de beantwoording van de technische vragen blijkt bovendien dat er al heel veel gebeurt op het gebied van de genoemde adviezen.

Als de indieners echt vooruit willen, dan mag het wat de fractie betreft wel wat steviger en doelgerichter met focus op gebieden waar de gemeente zowel invloed als grote impact heeft. Door alleen op de consument te focussen blijven grote besparingskansen liggen. Voedselverspilling is belangrijk, maar juist daar gebeurt al heel veel. Echter, de eiwittransitie wordt niet meegenomen, terwijl juist daar een enorme winst te behalen valt. Door in te zetten op de eiwittransitie wordt structureel gestuurd op een gezondere consumptie, veel minder verspilling en een forse CO2-reductie. Hij is het eens met de aanbevelingen met uitzondering van de ontheffing voor biodiesel. Den Bosch moet kiezen voor echte klimaatrechtvaardigheid. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) kan in principe niet tegen de benoemde aanbevelingen uit het Nationaal Burgerberaad zijn. De grote morele vraag is: worden er veel verplichtingen en sancties opgelegd als wij onze steun hieraan gaan geven? De fractie ziet het maatschappelijk accepteren als de beste oplossing. Dat is lastig om te bereiken, maar uiteindelijk het beste. Iets móeten roept vaak tegengestelde reacties op. De fractie gaat niet inhoudelijk in op dit onderwerp omdat dit onderwerp te groot is en dient te worden behandeld na de gemeenteraadsverkiezingen.

De heer Holterman (Leefbaar 's-Hertogenbosch) meldt dat Den Bosch al grote stappen zet om te verduurzamen. Daarom ziet de fractie niets in het blijven stapelen van nieuwe initiatieven en beleid. Dit stadhuis heeft al genoeg ambities op het gebied van klimaat en energie. Een groot 8

deel daarvan bestaat nog vooral op papier. Denk aan een enorme hoeveelheid daken van gemeentegebouwen waarop nog geen zonnepanelen liggen en sociale huurwoningen met nog steeds een slecht energielabel. Kortom, eerst uitvoeren, daarna pas nieuwe plannen maken. De fractie wil de inwoners en hun portemonnee dienen. Dat betekent dat ze vooral nog veel winst kunnen halen met bijvoorbeeld zon op dak en het beter isoleren van woningen. De inwoners profiteren hier direct van met een lagere energierekening en meer wooncomfort. Mevrouw De Groot (VVD) vindt het goed om de uitkomsten van het burgerberaad mee te nemen in vervolgstappen. Ze vindt het goede bouwstenen om als nieuwe raad een integrale afweging te maken over de vervolgstappen van het klimaatbeleid en het een en ander ook vooral in samenhang te bezien. Het getuigt thans niet van meerwaarde om met losse flodders te gaan schieten en willekeurige prioriteiten te benoemen zonder deze zorgvuldig ten opzichte van impact, alternatieven, bestaand beleid en financiële haalbaarheid af te wegen. De heer Van Griensven (PVV) noemt de plannen, zo vlak voor de verkiezingen, niet nodig en niet wenselijk. Het volgend bestuur kan zomaar heel anders gaan stemmen over dit soort zaken. Het burgerberaad is een wassen neus gebleken en ondemocratisch.

De vraag was immers: hoe kunnen we als Nederland eten, spullen gebruiken en reizen op een manier die beter is voor het klimaat? En als er een vraag gesteld had moeten worden, dan had die vraag moeten zijn: vindt u het nodig dat we dit soort dingen veranderen? Burgers en ondernemers moeten vooraf worden betrokken bij de plannen. De enige positieve aanbeveling vindt hij het inzetten op kernenergie om een duurzame energievoorziening te creëren. De heer Ploegmakers (CDA) bedankt de PvdA voor de uitgebreide notitie, maar hij wil niettemin een kanttekening erbij maken. Dit is de laatste commissievergadering voor de verkiezingen. Het CDA vindt dit onderwerp best belangrijk, maar eigenlijk is het nu niet het moment om het te bespreken. Het voelt een beetje als over je graf heen regeren. Mevrouw Klerks (Volt) schrikt een beetje van de inbreng van het CDA. Ze hoort dat de aanbevelingen eventueel kunnen worden ingebracht na de verkiezingen in het bestuursakkoord. Het is juist opportuun om een mening te hebben die je mee kunt nemen. De heer Ploegmakers (CDA) is het niet eens met mevrouw Klerks. Er komen 18 maart a.s. verkiezingen en dan zit er weer een raad in een nieuwe samenstelling. Dan wordt gesproken over hetzelfde democratisch proces als nu. Laten ze na 18 maart a.s. opnieuw met elkaar discussiëren over dit onderwerp.

De heer Romijn (PvdD) vindt klimaat een onderwerp dat enorm groot is en niet even in een bestuursperiode kan worden opgelost. Is het dan ook niet juist per definitie een onderwerp waarbij misschien zelfs wel over de verkiezing heen moet worden gekeken en nu al samen plannen worden gemaakt en hieraan richting worden gegeven? De heer Ploegmakers (CDA) vindt het van belang dat er straks een nieuwe raad zit. Laat die over dit onderwerp met elkaar van gedachten wisselen in de samenstelling die er op dat moment zit. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) vraagt of de heer Peters met de antwoorden uit deze sessie in de nieuwe raadsperiode aan de slag wil of deze nog wenst te gebruiken voor de huidige periode. Dat gezegd hebbende wil Rosmalens Belang graag aansluiten bij realistische en haalbare doelen zoals Europese en landelijke klimaatdoelstellingen. De fractie is geen voorstander van het integraal overnemen van alle aanbevelingen uit het Nationaal Burgerberaad op lokaal niveau. Ze zijn kritisch op brede circulaire doelen die mogelijk kostenopdrijvend zijn voor inwoners en ondernemers. Voedselverspilling ziet de fractie niet als een sturende taak van de gemeente, al kan bewustwording wel worden ondersteund. Op het gebied van mobiliteit ziet de fractie juist concrete kansen, zoals het delen van privélaadpalen, gerichte ontheffingen en praktische maatregelen die inwoners faciliteren.

Het structureel voorleggen van klimaatvraagstukken aan middelbare scholieren steunt de fractie niet. Scholen moeten zich vooral richten op kernvakken en groepsvorming. Inspraak van inwoners over hun leefomgeving vindt de fractie wel belangrijk. Moet de gemeente met de aanbevelingen aan de

9

slag? Antwoord: Selectief. Welke prioriteit? Het liefst te behandelen (met het uitvoeringsprogramma) in de nieuwe raadsperiode. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) sluit zich aan bij de woorden van de PvdD. De fractie is voor iedere maatregel die ten goede komt aan het klimaat. De fractie waardeert het enorm dat GroenLinks-PvdA de conclusies van het Nationaal Burgerberaad onder de aandacht brengt. De gemeente als schakelpunt voor gedragsverandering klinkt als muziek in de oren. De fractie is het met de opstellers eens dat aan de slag moet worden gegaan met de aanbevelingen, maar dat vraagt dus ook om lokale inzichten. De beantwoording van de technische vragen neemt er al een voorschot op. De vertaalslag moet lokaal gemaakt worden. De fractie verwijst naar de Klimaatcoalitie en de kwartiermaker die is aangesteld om het verschil te kunnen maken. De fractie is voor de eiwittransitie en het verbod op fossiele reclame. Ze ziet de onderwerpen graag na de verkiezingen terugkomen in een volgend bestuursakkoord. Mevrouw Hernández (50PLUS) stelt dat de gemeente al veel doet op het gebied van duurzaamheid, vergroening en klimaatadaptatie en ze vraagt zich af welke toegevoegde waarde een Nationaal Burgerberaad Klimaat voor het lokaal beleid kan hebben.

In Den Bosch is al veel ervaring met de burgerparticipatie en er worden al concrete maatregelen uitgevoerd op het gebied van mobiliteit, energie, circulaire economie en leefomgeving. Het is belangrijk om kritisch te kijken naar dit soort landelijke burgerberaden die echt nieuwe inzichten opleveren, voordat zij letterlijk lokaal een eigen leven gaan leiden. Er moet worden voorkomen dat tijd en energie wordt gestoken in maatregelen die weinig effect hebben op de bestaande plannen. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) is grote voorstander van burgerberaden. De fractie vindt echter dat de aanbevelingen niet zonder meer moeten worden overgenomen voor de gemeente. Er moeten lokaal keuzes worden gemaakt met een lokaal burgerberaad. Een burgerberaad werkt alleen als inwoners zich erin herkennen en als deelnemers echt een gemeenschap weerspiegelen. Zij deelt de mening van het CDA. Laat de nieuwe raad hierover besluiten met daarbij een luisterend voor wat de inwoners willen. Zij waardeert het initiatief van de GroenLinks-PvdA, maar vindt dit nu niet het juiste instrument om er lokaal beleid op te baseren. De heer Cremers (D66) kan zich inhoudelijk zeer vinden in de notitie. De fractie proeft een bepaalde ambitie bij GroenLinks-PvdA om duurzaamheid altijd op de agenda te zetten en D66 steunt dat. De timing is echter niet heel gelukkig, zo vlak voor de verkiezingen.

De maatregelen die in zo'n burgerberaad worden voorgesteld zijn ingrijpend en concreet en dat moet juist in een nieuwe bestuursperiode worden besproken. De heer Peters (PvdA) concludeert dat er draagvlak is voor verschillende maatregelen, maar dat de timing wellicht niet goed is gekozen, in verband met de gemeenteraadsverkiezingen, om grote stappen te zetten. Hij tracht het zo breed mogelijk te behandelen. Een aantal fracties heeft inhoudelijk gereageerd en andere niet. Het onderwerp wordt terug meegenomen in de fractie. 10.

Discussienota verbod op fossiele reclame en reclame voor ongezonde voeding in de openbare ruimte Mevrouw Samshuijzen (PvdD) herinnert eraan dat de gemeenteraad van Den Bosch gezondheid belangrijk vindt. De raad heeft in 2024 gezegd dat het moeilijk te verdedigen is dat de gemeente geld verdient aan reclames in de openbare ruimte die bijdragen aan gezondheidsproblemen bij de inwoners van Den Bosch. Reclame voor ongezonde voeding staat haaks op de gezondheidsdoelen, zeker als die ook zichtbaar is voor kinderen en voor jongeren. De wethouder heeft van de week een brief gestuurd over de voortgang en de inspanningen voor gezondheid en de gezonde leefomgeving, daarbij zouden reclames voor fossiele producten en ongezonde voeding moeten worden betrokken. Fossiele reclame staat in haar optiek haaks op het klimaatbeleid. Andere gemeenten hebben al laten zien dat het anders kan. De rechter heeft ook bevestigd dat gemeenten bevoegd zijn om verboden op te leggen. Verder verwijst ze naar een brief van Outreach die op het laatste moment op de mat viel. Dat is een lobbybrief van een sector die haar inkomsten verdedigt en probeert twijfel te zaaien over beleid waar de rechter zich al eerder over heeft uitgesproken dat het absoluut mag. Een lobbyclub mag lobbyen, maar de wijze waarop dit nu als waarheid wordt gepresenteerd, stuit

10

haar tegen de borst en vindt ze op z'n minst kwalijk. Als het aan de PvdD en De Bossche Groenen ligt, de indieners van de notitie, dan wordt gekozen voor gezondheid en voor klimaat. De heer Van Griensven (PVV) vraagt of een carnavalswagen straks nog wel een vette hap of een biertje mag gebruiken. In principe is dat ook reclame. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) antwoordt dat dit absoluut mag. In dit geval gaat het om reclames in de openbare ruimte, zoals de abri's of elektronische reclamezuilen die de afgelopen jaren als paddenstoelen uit de grond zijn geschoten. Het gaat er niet om wat mensen zelf in hun hand houden. Het gaat ook niet om een reclamebord dat een ondernemer aan de gevel heeft hangen. Het gaat om de reclameborden die de multinationals gebruiken om inwoners te beïnvloeden op hun consumptie. Mevrouw De Groot (VVD) is geen voorstander van betutteling, maar als beleid wordt gevoerd over het verbeteren van verduurzaming en gezondheid, inclusief flinke bewustwordingscampagnes, dan past het hen ook om tegenovergestelde uitingen tegen te gaan. De VVD is dan ook voorzichtig positief over de lijn die in de notitie te zien is. Dit dient wel zorgvuldig en samen met de markt te worden vormgegeven. Mevrouw Klerks (Volt) steunt de notitie.

Als de gemeente zich druk maakt over de gezonde leefomgeving en de gezondheid van de inwoners dan moet zij zich ook druk maken over de gezondheid in de leefomgeving. Dat betekent dus ook de reclame-uitingen die daarin zitten waarin mensen niet kiezen voor wat ze consumeren. De gemeente heeft wel degelijk een verantwoordelijkheid om gezond gedrag te stimuleren. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) vindt een verbod op fossiele reclame te ver gaan. Dat is voor de fractie een principiële keuze. De fractie vindt niet dat dit een taak is van de gemeente en vraagt zich ook af waar dan uiteindelijk de grens gaat liggen. De fractie vindt het belangrijk dat ondernemers ook ruimte houden om te ondernemen binnen de bestaande weten regelgeving. En als iedere gemeente eigen verboden gaat instellen ontstaat versnippering en juridische onduidelijkheid. Dit soort keuzes hoort thuis op landelijk of zelfs Europees niveau. Als het gaat om stimuleren van gezonde keuzes dan begrijpt de fractie de gedachte daarachter wel beter, al vinden zij ook dat het niet primair een gemeentelijke taak is. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt Rosmalens Belang of de lucht die iedereen inademt gezond moet zijn en dat het verbieden van fossiele reclame daaraan kan bijdragen dat mensen gezondere lucht gaan inademen. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) vindt dat zijn woorden wordt verdraaid.

Hij begrijpt de gedachte erachter beter, maar wat is dan de grens? Het is lastig om er eenduidig antwoord op te geven. Die grenzen moeten niet te veel worden opgezocht. Voor wat betreft het verbod op tabaksreclame is hij blij dat dit landelijk is geregeld. Daar kun je niet op tegen zijn. De heer Cremers (D66) vindt het een lastige discussie, zo bleek ook uit een WhatsApppeiling bij de achterban. Ze zijn het ten principale eens met de doelstellingen voor de volksgezondheid en duurzaamheid. Dat weegt zwaar. Tegelijkertijd zijn ze ook echt een liberale partij die niet te snel voor andere mensen gaat zeggen wat ze zouden moeten of niet moeten doen. Alles overwegende en daarbij ook kijkend naar de implicaties die dit heeft om zelfstandig beleid te voeren als gemeente en alle aspecten die daarbij komen kijken, vindt de fractie het niet opportuun om daar als gemeente Den Bosch eigen beleid op te maken. De verantwoordelijkheid ligt bij de volwassen mensen zelf. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) hoort collega Cremers aangeven dat het belangrijk is dat inwoners zelf hun keuzes mogen maken. Die keuzes worden haars inziens juist beïnvloed door de multinationals. Hoe kijkt D66 ernaar dat juist die keuzevrijheid beperkt wordt en dat in de openbare ruimte ook juist kinderen en jongeren beïnvloed worden? De heer Cremers (D66) denkt dat er veel dingen zijn in de stad die zij niet kunnen beïnvloeden.

Dat gaat ook over TikTok of Instagram of de coffeeshop dichtbij school. Er zijn veel dingen die men soms niet in de hand heeft. Het is heel moeilijk om te diversifiëren naar leeftijd als het gaat 11

om reclame. Mensen moeten daar zelf ook selectief in zijn, want iemand krijgt heel veel prikkels binnen in de samenleving. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) denkt er anders over. Er zijn inmiddels zeventien gemeenten die dit al hebben uitgevoerd. Het wiel hoeft niet opnieuw uitgevonden te worden. De heer Cremers (D66) denkt dat het heel wat voeten in de aarde heeft om het op een goede manier te doen. Dat kost ook allemaal capaciteit, prioriteit en inkomstenderving. Wil je hier stappen in zetten door hier te gaan normeren of laat je dat aan het gezond verstand van de mensen zelf over? D66 kiest voor het laatste. De heer Van Boven (SP) snapt de opstelling van D66 niet. D66 laat aan de voorkant zien dat ze voor duurzaamheid en volksgezondheid is maar wil verder geen stappen zetten waar het gaat om minder reclame in de openbare ruimte. De heer Cremers (D66) is het daarmee oneens. D66 is superconsistent waar het de afgelopen vier jaar ging om groen en duurzaamheid. Er kan nooit worden gezegd dat D66 zich niet sterk maakt voor een groen en duurzaam Den Bosch. Waar het hier om gaat is een heel andere kwestie en dat is de levenssfeer van mensen zelf en deze te kunnen beïnvloeden. D66 vindt dat een dilemma voor de partij. In de afweging van dat dilemma kiest D66 niet voor het opgeheven vingertje. Mensen moeten zelf afwegingen maken.

De heer Van Boven (SP) stelt dat de discussie gaat over de openbare ruimte. Dit staat los van het gegeven dat mensen een keuze moeten maken over hoe zij zich bewegen in hun persoonlijke levenssfeer. De discussienotitie gaat over de openbare ruimte die vervuild wordt door allerlei ongezonde reclames. Dat is ongezond voor mensen, het klimaat en het milieu. De heer Cremers (D66) staat achter de doelstellingen en de geest van de discussienotitie, maar dat moet niet zover gaan dat extra stappen moeten worden gezet in de beïnvloedingsmogelijkheden die mensen zelf moeten maken. Mevrouw Klerks (Volt) vindt het positief dat D66 haar achterban heeft geraadpleegd. Het stoort haar dat het gaat over de gemeentelijke ruimte. D66 heeft het over de volwassen filter van mensen. Dit is de enige plek waarin de volwassenen geen filter kunnen hebben, want ze zijn verplicht om deze borden te zien. Hoe verhoudt zich dat tot de filter die mensen wel of niet kunnen kiezen om die tot zich te nemen? De heer Cremers (D66) antwoordt dat er meer zaken zijn in de stad waaraan iemand wordt blootgesteld als diegene er rondfietst. Als de gemeenteraad tot aan iedere etalage toe daar een mening over gaat hebben, dan gaat hij daar niet in mee. Hij is te porren om voldoende afstand te houden van coffeeshops tot scholen, maar dit is een ander verhaal. Daar is D66 terughoudend in.

Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) schrikt daar flink van. De volwassen keuzes die zogenaamd gemaakt worden, kunnen ook verkeerde keuzes zijn. Daarom kan die reclame wellicht beter niet getoond worden. Fossiele reclame staat haaks op groen en duurzaam. De heer Cremers (D66) noemt dat een groot dilemma voor de partij. D66 is uitgesproken voor groen en duurzaam en zeker voor volksgezondheid. Dat zijn hele belangrijke thema's, maar daarbij altijd de afweging: moet je het als gemeente kaderen en normeren voor de inwoners of ga je ervan uit dat het volwassen mensen betreft? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) legt voor dat er ook kinderen en jongeren zijn. Wat is ervoor nodig dat de heer Cremers toch meegaat in een duurzame en gezonde besluitvorming op dit onderwerp? De heer Cremers (D66) vindt jongeren een kwetsbare doelgroep, zeker als het gaat om volksgezondheid. Als dat mogelijk is dan wil de fractie er graag in meedenken, maar de fractie is wel terughoudend inzake een algemeen verbod zoals aangegeven in een eerdere bijdrage.

12

Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) legt voor dat jongeren ook kijken naar het gedrag van volwassenen. Zolang de volwassenen het blijven aanbieden en die keuzes maken, maken jongeren die keuzes ook. De heer Cremers (D66) is zich hiervan bewust. De heer Ploegmakers (CDA) heeft met interesse de discussienotitie gelezen. Ondanks dat de indieners het misschien heel sympathiek vinden wat ze voorstellen, wringt het bij het CDA. Uit onderzoek is namelijk gebleken dat een verbod op reclame voor fossiele brandstof geen zin heeft als er niet meer aanvullend beleid wordt ontwikkeld. Anders is het niet efficiënt en effectief. Het moet een gedragsverandering met zich meebrengen. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) noemt reclame een bewezen strategie van bedrijven om gedrag te beïnvloeden. Kan die reclame niet juist beter worden ingedamd om de gedragsverandering, waar het CDA het ook over heeft, te bewerkstelligen? De heer Ploegmakers (CDA) deelt deze mening niet. De gedragsverandering die de PvdD voor zich ziet, beperkt zich tot de stad. Het CDA vindt dat als je een gedragsverandering wilt laten plaatsvinden dat op nationaal en mogelijk zelfs op internationaal niveau moet gebeuren.

Wat heeft het nu voor zin als hij de televisie aanzet en allemaal reclames aanschouwt die in Den Bosch niet meer zijn toegestaan? Mevrouw Samshuijzen (PvdD) wijst erop dat zeventien gemeenten de gemeente Den Bosch al voorgingen. Het zou natuurlijk het best zijn als het nationaal of wellicht wereldwijd geregeld zou zijn, maar het begint wel ergens. Wetenschappers geven wel degelijk aan dat reclame bijvoorbeeld voor fossiele brandstof het klimaatbeleid beïnvloedt. De heer Ploegmakers (CDA) herhaalt dat een reclameverbod op zich niet voldoende is. Er zal meer aanvullend beleid voor nodig zijn om daadwerkelijk tot gedragsverandering te komen. Die gedragsverandering moet vanuit Den Haag komen en moet veel breder worden opgepakt. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) heeft het wetenschappelijk advies aan de Tweede Kamer gelezen en daarin staat letterlijk: "Een verbod op fossiele reclame is essentieel." Dat is de eerste stap. Maar als die eerste stap niet wordt genomen, dan hoeven die vervolgstappen ook niet te worden genomen. Zij vraagt de heer Ploegmakers of die eerste stap in ieder geval moet worden genomen en daarna moet worden gekeken wat de aanvullende maatregelen zijn. Zo staat het in het wetenschappelijk onderzoek en niet anders. De heer Ploegmakers (CDA) heeft dat rapport anders gelezen.

De minister geeft heel duidelijk aan dat parallel aan het verbod op reclame er veel meer moet gebeuren om tot gedragsverandering te komen. En dat begint wat CDA betreft op nationaal niveau en niet met het verbieden van een billboard op de bushalte of op de digitale displays. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt of die eerste stappen en signalen er niet toe leiden dat landelijk sneller vervolgstappen worden gezet tot landelijk beleid. Als voorbeeld noemt ze het vuurwerkverbod. Dat is ook lokaal begonnen. De heer Ploegmakers (CDA) blijft van mening dat het op nationaal niveau aangepakt moet worden. Hij zit hier met het mandaat van de inwoners van Den Bosch en de fractie probeert iedere dag bezig te zijn met de belangen van de inwoners. Alleen wat hier het verschil is, is dat je politiek gezien van mening mag verschillen en dat doen zij op dit punt. De heer Van Boven (SP) hoort zeggen dat het verbod op reclame in de gemeente niet helpt, omdat op televisie nog altijd reclame is te zien. De heer Ploegmakers (CDA) herhaalt dat het verbod op reclame veel breder moet worden gezien. Het moet in de breedte worden aangepakt. Het begint in zijn beleving in Den Haag en niet in Den Bosch.

13

De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) ziet de notitie als iets waar ze nu niet uit gaan komen Gaan ze al niet te ver? Is het zo ernstig in Den Bosch gesteld en zijn de inwoners ongezonder dan in Nederland dat ze een voorbeeld moeten stellen? Reclamebureaus werken vaak landelijk. Het is heel moeilijk om vanaf volgende week reclames te verbieden. Ook in de reclamewereld gelden afspraken. Dan kan het nog lang duren voordat het misschien uitgevoerd gaat worden. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) stelt dat er geen contract wordt afgekocht want het contract verandert niet. Het is evenmin het contract van de gemeente dat opengebroken wordt. Alleen de wetgeving verandert. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) vindt dat er een ernstige reden moet zijn voor een verbod. Hij denkt dat men in Den Bosch niet slechter af is dan in andere gemeenten. Het is derhalve meer een nationale zaak dan een lokale zaak. Wat mag vervolgens wel of niet. Een vliegreis naar Spanje mag niet, maar een fietsvakantie op Texel wel? Daar moet je ook eerst met de auto naartoe. Den Bosch gaat op de verkeerde stoel zitten door dit lokaal te regelen. Het is een probleem dat veel verder gaat, het wordt een eindeloze discussie.

De heer Van Griensven (PVV) denkt dat door een verbod op fossiele reclame en reclame voor ongezonde voeding in de openbare ruimte door de PvdD een steeds strakkere communistische dwangcontrole over de inwoners uitgespreid wordt. Wie bepaalt dan wat ongezond is? Is eens in de week een frietje ongezond of drie flesjes bier op een avond of de wiet die gedoogd wordt in de coffeeshop. Gaan we lippenbalsem om de petroleum verbieden? Een product kan ongezond zijn als het verkeerd of overmatig gebruikt wordt. En dat kan zelfs gebeuren met water. Moeten ze daar dan ook maar geen reclame voor maken dan? Want het start nu met deze reclame. Maar de volgende stap kan zijn dat een carnavalswagen straks als opvolging van deze notitie geen gebruik meer mag maken van een vette hap en bier. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of de PVV de notitie heeft gelezen waarin duidelijk staat wat de definitie is van ongezonde voeding en fossiele reclame. De heer Van Griensven (PVV) zegt dit te hebben gelezen. Wat de PVV Den Bosch betreft mag er gewoon reclame gemaakt worden voor fossiele brandstoffen en voeding en gaan ze weer serieus spreken over de zorg voor ouderen en minder draagkrachtigen in de gemeente. De heer Van Boven (SP) vraagt of de fossiele reclame en de reclame voor ongezonde voeding kunnen worden uitgeruild voor reclame op bijvoorbeeld maatschappelijk gebied.

De heer Van Griensven (PVV) denkt dat dat naast elkaar kan bestaan. De heer Van Boven (SP) meent dat de plek voor reclame die nu wordt opgekocht door de grote bedrijven voor ongezonde voeding en fossiele brandstoffen beter gebruikt kan worden voor iets nuttigs of maatschappelijks. De heer Van Griensven (PVV) denkt dat daar nog meer dan genoeg plaats voor is. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt of het eigenlijk een oneerlijke strijd is dat de rijkste bedrijven alle reclameruimte kunnen inkopen. De heer Van Griensven (PVV) is het daarmee niet eens. Hij neemt aan dat er ook locaties zijn voor andere bedrijven om reclame te kunnen inkopen. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) is blij met de discussienotitie. De fractie staat voor een gezonde samenleving en het verminderen van de klimaatimpact. Vorige maand koos Groningen als tiende gemeente voor het weren van fossiele reclames uit de openbare ruimte. Dat kan dus wel net voor de verkiezingen. En ook daar stemde een ruime meerderheid van de raad voor deze maatregel. Waarom is het dan zo belangrijk dat deze maatregelen ook voor Den Bosch worden genomen? De gedragswetenschappers tonen duidelijk aan dat fossiele reclame het klimaatbeleid ondermijnt. Reclame in de openbare ruimte normaliseert en stimuleert gedrag. Een verbod is daarom een essentieel onderdeel van een effectief pakket maatregelen om de

14

vraag naar fossiele energie te verminderen. Fossiele brandstoffen veroorzaken verdere opwarming van de aarde, hittestress, fijnstof en andere directe gezondheidsproblemen. De heer Ploegmakers (CDA) legt voor dat er meer nodig is dan het verbieden van reclame om gedragsverandering tot stand te brengen. Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) geeft aan dat haar fractie vindt dat er meer nodig is dan het verbieden van reclame. Zij vinden dat ook windmolens gebouwd moeten worden en zonnepanelen gelegd moeten worden. Er zijn nog veel andere maatregelen die genomen moeten worden om ervoor te zorgen dat de impact voor het klimaat vermindert, een reclameverbod is een waardevolle bijdrage. Al tien gemeenten zijn den Bosch voorgegaan. Het is logisch dat de gemeente deze reclame niet langer faciliteert. Dit past perfect bij de ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Het reclameverbod is praktisch. Het kost burgers niks. Het is snel in te voeren en geniet volgens meerdere studies breed draagvlak onder inwoners. Het is een concrete stap die werkt zonder ingewikkelde regelgeving of hoge kosten. Dan de reclame voor ongezonde voeding. De raad heeft in 2024 een motie aangenomen die vraagt om een onderzoek naar het verbieden van reclame voor ongezonde voeding in een openbare ruimte. De fractie staat nog steeds achter deze motie.

Wel vindt ze dat het college voldoende ruimte moet geven om opvolging te geven aan de door Outreach aangekondigde effectieve reclamecode en pakket van maatregelen. Dit pakket zou per 1 januari 2026 aangeleverd worden en de fractie vindt het ook teleurstellend dat dit nog niet gebeurd is. Ze vindt het van belang dat de wethouder druk blijft houden op dit dossier. Op het moment dat Outreach niet met voldoende opties komt, moet de wethouder gaan kijken naar alternatieven voor een definitie van ongezonde voeding. Invoering van een verbod op reclame voor ongezonde voeding heeft een duidelijke definitie nodig en de Schijf van Vijf geeft op dit moment nog onvoldoende houvast om een duidelijk verbod op ongezonde voeding in te voeren. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) stelt dat Outreach nog niet over de brug is gekomen en zijn eigen deadline heeft overschreden. Is de tijd van wachten voorbij? Mevrouw Huijbrechts (GroenLinks) vindt de datum vrij recent en de wethouder moet de kans worden gegeven om met Outreach in gesprek te gaan en te kijken waarom het contact nog niet gelukt is. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) vindt niet dat er een verbod moet komen op fossiele reclame voor ongezonde voeding in de openbare ruimte. De fractie vindt het juist niet aanstootgevend.

Ze krijgt niet echt zin om een pizza te halen 's ochtends vroeg als ze langs een winkelpand loopt waarop een pizza staat afgebeeld. En als toch een dergelijk verbod moet komen, dan vindt de fractie dat dit landelijk geregeld moet worden. De heer Van Boven (SP) is het eens met de discussienotitie. De fractie kijkt uit naar een eventuele motie. Als partij vindt hij het heel belangrijk dat aan de voorkant de ongezonde keuzes bij mensen worden weggehaald. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt dat deze keuzes horen bij de landelijke regelgeving. Buiten de grenzen van de gemeente houdt het leven immers niet op. Daarnaast komt veel reclame uit andere hoeken, zoals eerder genoemd TikTok en YouTube, et cetera. Uit een binnengekomen brief van de wethouder maakt de fractie op dat de gemeente bezig is met gezonde voeding en dat er gezocht wordt naar een samenwerking. Bosch Belang is terughoudend. Zij denkt dat er te veel regels zijn en gaat uit van het gezonde verstand van de inwoners. De heer Holterman (Leefbaar 's-Hertogenbosch) stelt dat wanneer het product niet verboden is, dan hoort daar ook gewoon het recht bij om het te verkopen en ervoor te adverteren. De fractie ziet daarom geen rol voor de gemeente om dat te beperken. Als iets echt ongewenst is, moet het landelijk verboden worden en dan verdwijnt de reclame vanzelf ook. Daarnaast is de partij een liberale partij.

De fractie gelooft dat mensen prima zelf keuzes kunnen maken. Reclame verbieden omdat de overheid denkt beter te weten wat goed voor je is, vindt de fractie betutteling. Alsof inwoners zelf niet in staat zijn om een eigen afweging te maken.

15

Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) vraagt of Leefbaar van mening is dat het verbieden van tabaksreclame ook betutteling is. De heer Holterman (Leefbaar 's-Hertogenbosch) antwoordt dat een verbod op tabaksreclame landelijk is besloten. Het is beter dat het landelijk goed wordt besloten, anders wordt in Den Bosch een enorme bureaucratie opgetuigd voor bedrijven om het hen lastiger maken om reclame te voeren. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) wil ook dat het landelijk wordt opgelost, maar is daarnaast principieel tegen een verbod. Hoe staat Leefbaar 's-Hertogenbosch daarin? De heer Holterman (Leefbaar 's-Hertogenbosch) antwoordt dat hij ook tegen een verbod is. Het is een druppel op een gloeiende plaat. Het probleem zal er niet mee worden verholpen. De heer Van Boven (SP) stelt dat inwoners van Den Bosch hebben aangegeven dat ze zich bovengemiddeld ongezond voelen in hun lijf. Is het niet slimmer om hen een duwtje in de rug te geven en ze te helpen door de reclame uit de openbare ruimte weg te halen? De heer Holterman (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vindt het een goed idee om mensen die daar moeite mee hebben te motiveren, maar reclame weghalen is daar niet de oplossing voor. Het is een druppel op een gloeiende plaat. Mevrouw Claessen (De Bossche Groenen) heeft met de PvdD maanden gewerkt aan deze notitie. Voor de fractie is het vrij simpel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16989379/1