2025-04-14 Commissie Bedrijvigheid concept aangepast
Tekst van het document
15
De heer Kitslaar (Rosmalens Belang) onderschrijft nog steeds de volgorde: gezondheid, wonen, energie. Gezondheid is het meest belangrijk maar er ligt ook een energieopgave die Den Bosch heeft voorzien in de Duurzame Polder. Die heeft consequenties voor de natuur en beschikbare ruimte voor bijvoorbeeld woningbouw. De wettelijke normen van de volksgezondheid worden gevolgd, maar hij blijft scherp op welke mogelijkheden er zijn en zal die verder in het proces aanscherpen als dat nodig blijkt. Het is hem niet duidelijk welke impact windturbines hebben op de natuur en biodiversiteit; daarover ontvangt hij graag meer informatie van het college. Het college vraagt de raad in te stemmen met het voorkeursalternatief. De beschikbare zienswijzen geven een goed beeld van wat er leeft. Als er aanvullende inzichten of resultaten in de toekomst bij komen, zal hij de stukken opnieuw zorgvuldig beoordelen alvorens wordt ingestemd met de start of tijdens het vergunningstraject. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt hoe Rosmalens Belang vindt dat de participatie is verlopen. De heer Kitslaar (Rosmalens Belang) denkt dat de zienswijzen voldoende zijn beantwoord door het college en verwerkt in de voorstellen.
De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt of de heer Kitslaar het met hem eens is dat de zienswijzen alle als nietszeggend zijn afgedaan of heeft de heer Kitslaar inhoudelijke argumenten gehoord waarom die zienswijzen niet gehonoreerd zijn? Nee, volgens de heer Kitslaar (Rosmalens Belang) niet. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) is benieuwd wat de heer Kitslaar vindt van de motie om de Commissie mer ook over de project-MER advies te laten uitbrengen. De heer Kitslaar (Rosmalens Belang) denkt daar graag over mee. Mevrouw Hernández (50PLUS) zegt dat het goed is dat weer over dit plan wordt gesproken want er zijn nog meer signalen dat dit project in deze vorm niet meer realistisch is. De impact op natuur en landschap is fors. De provincie erkent dat het broedgebied van kwetsbare soorten direct wordt geraakt. Ook Defensie heeft aangegeven dat deze locatie midden in haar zone ligt. Dit gaat over veiligheid maar zij hoort niemand hier iets over zeggen. De gezondheidsrisico’s zijn onderbelicht in dit voorstel en dat vindt zij onverantwoord. Draagvlak begint bij vertrouwen en vertrouwen begint met transparantie. De energietransitie is belangrijk maar de gemeente heeft al serieuze stappen gezet in besparingen en die moeten ook meetellen. Deze windzone past niet op deze plek, niet bij de tijd en niet bij de feiten.
De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt of een andere vorm voor 50PLUS wel geschikt zou zijn. Mevrouw Hernández (50PLUS) zegt dat het in deze vorm in ieder geval niet kan maar eigenlijk ook niet in een andere vorm. Den Bosch is heel goed bezig om op andere manier te helpen met de energietransitie en de windmolens vindt zij niet van toepassing in deze zone. De heer Romijn (PvdD) zegt dat de windmolens essentieel zijn voor het halen van de klimaatdoelstellingen van Den Bosch. Of worden die overboord gegooid? Mevrouw Hernández (50PLUS) denkt niet dat de windmolens voldoende energie zullen opwekken om de doelen te behalen, niet hier, niet in Nederland en niet in Europa. Dat zeggen de specialisten en daarvan is zij overtuigd. Er is ook een andere zone aan de andere kant die nog niet gecheckt is voor deze molens. Zij staat open voor elke ontwikkeling maar zij is tegen dit plan. De heer Verbruggen (D66) begrijpt de zorg inzake Defensie, maar door de komst van windmolens zou het ook stiller kunnen worden in de polder doordat er minder geoefend wordt. Mevrouw Hernández (50PLUS) zegt dat Nederland een klein land is. Deze zone is in gebruik als militair oefengebied. Af en toe horen de inwoners inderdaad straaljagers, maar dat moet 16
ergens gebeuren zoals een oud-minister van Defensie ooit zei. De heer Verbruggen (D66) begrijpt dat Defensie ergens moet oefenen. Het gaat hem om het geluidsaspect; dat heeft impact op de gezondheid. Vandaar zijn vraag. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat gezondheid voor hem op nummer 1 staat en blijft staan. Hij is nieuwsgierig naar de aangekondigde motie van GroenLinks. GroenLinks heeft altijd gezegd dat minimaal 50% van dit soort activiteiten lokaal moet landen. Hij wacht de motie af. De heer Roovers (SP) vraagt of de heer Ploegmakers onderscheid wil maken in in publieke handen en in lokale handen. De heer Ploegmakers (CDA) heeft altijd aangegeven dat het minimaal 50% lokaal eigendom moet zijn. Het college heeft gezegd met een aanvullend voorstel te komen. Als GroenLinks met een motie komt dan zal hij die beoordelen. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) zegt dat ook voor haar gezondheid bovenaan staat. Dat is landelijk ook het grootste speerpunt. Zij ziet de moties graag tegemoet. Wethouder Van der Geld zegt dat het wordt gedaan vanwege de klimaatverandering. Ook bij bedrijven staat dit probleem in de top 3; het dreigt ook een economisch drama te worden en geprobeerd wordt dat te voorkomen. Voor de energiemix is zon op dak nodig en zon op land, maar ook wind op land, niet alleen grote projecten maar ook kleinere.
Daarnaast wordt ingezet op besparen door middel van isoleren en zonneparken zoals langs de A59. De raad heeft adviesrecht rondom de vergunning. Ten aanzien van het abstractieniveau van dit stuk zegt hij, dat de raad de kaders vaststelt. Die kaders zouden niet wijzigen naarmate meer onderzoek op detailniveau wordt gedaan. Dat betekent niet dat die details terzijde worden geschoven, integendeel. Die worden meegenomen in de volgende fase. Er is gesproken over blessuretijd. Hij spreekt liever over blessuretijd in de eerste helft maar er wordt nog niet afgefloten. Als dit Commissie mer-rapport er aan het eind van de negentig minuten speeltijd zou zijn dan is het niet mogelijk om die zaken mee te nemen naar een volgende fase want dan is er geen volgende fase. Er is nog meer dan genoeg tijd om dit een plek te geven, conform het schema en de strategie die van tevoren bedacht is. De heer Romijn (PvdD) zegt dat als in de tweede helft blijkt dat er slechts veertien of tien molens passen in het gebied, wat gebeurt er dan? Wethouder Van der Geld zegt dat als blijkt dat conform de natuurwetgeving die windmolens niet geplaatst kunnen worden dan zal dat ook niet gebeuren. Dan zal het aangepast moeten worden. De heer Romijn (PvdD) vraagt hoe de wethouder de slagingskansen van het project dan inziet.
Loopt het hele project dan gevaar? Wethouder Van der Geld zegt dat dat ligt aan waar het project dan in juridische zin op struikelt. Meestal wordt wel de kans gegeven om te herstellen op punten. Dat kost wel tijd en kan consequenties hebben in aantallen of anderszins. Meestal struikelt een project op procedurele punten en moeten zaken opnieuw of beter uitgezocht worden. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) hoort de wethouder zeggen dat er meer dan genoeg tijd is, maar voor 18 maart 2026 moet er toch duidelijkheid zijn? Is dat geen deadline voor de wethouder? Wethouder Van der Geld wil voor die tijd het liefst duidelijkheid hebben, maar zorgvuldigheid gaat voor snelheid. De restdoelstelling vergunnen voor 2025 is niet gehaald omdat er geen verdere concessies werden gedaan in het zorgvuldige proces. Maart 2026 is een streven maar geen heilige deadline. GroenLinks doet de suggestie om de werkelijke wetenschappelijke feiten erbij te betrekken. Er is helaas altijd wel weer iemand te vinden die weer iets anders vindt. Er zijn ook collegawetenschappers die uitspraken doen terwijl het niet hun vakgebied betreft. Die 17
wetenschappelijke feiten kunnen misschien wel iets prominenter in beeld gebracht worden. Dat heeft het college richting de zienswijzen ook wel gedaan. Hij zal kijken hoe dat beter kan. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt waarom de wethouder het woord ‘helaas’ in die zin gebruikt. Wethouder Van der Geld weet niet in welke context hij helaas heeft gezegd. Hij heeft niet gezegd: helaas is er tegenspraak. Er is altijd wel weer een expert te vinden die iets anders vindt en vaak zijn dat zelfbenoemde experts. Vaak is bij de energietransitie te zien dat wetenschappers uitspraken doen die geen wetenschapper in dat vakgebied zijn. Mensen laten zich daardoor soms ook bang maken. Publiek eigenaarschap: het is niet voor niets dat het college het raadsvoorstel van de Essentgelden naar de raad heeft gebracht. Intentie daarbij was om die gelden wel degelijk te gaan verzilveren, maar ook in deze fase kan nog niet hard gezegd worden waar de gemeente staat. Op de twee openstaande vragen van de PVV komt hij schriftelijk terug. Hij komt zo snel mogelijk met een antwoord op de Woo-verzoeken en als het kan voor de raadsvergadering. De heer Van Griensven (PVV) vraagt of de wethouder bereid is het raadsvoorstel uit te stellen als de Woo-verzoeken nog niet openbaar zijn gemaakt. Nee, antwoordt wethouder Van der Geld.
Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat de MER-rapportage om een gewenst detailniveau vraagt. Zij had gevraagd om een toezegging of vanuit de gemeente niet alleen bij de initiatiefnemers dat gewenste detailniveau naar boven gebracht werd maar ook vanuit de actieve informatie en onderzoek vanuit de gemeente. Als de plannen definitief zijn, wordt alleen de definitieve volgorde van waar de molens komen, doorgerekend. Alternatieve opstellingen worden niet meegerekend. Kan in het oog gehouden worden om de afwegingen op bijvoorbeeld gezondheid en natuur toch te kunnen waarborgen? Wethouder Van der Geld moet die laatste vraag nog een keer terugluisteren. Hij komt daar schriftelijk op terug. Als antwoord op de eerste vraag zegt hij dat toe. De heer Romijn (PvdD) zegt dat de Commissie mer een aanvullende toets op natuur aanraadt. Dat is eenvoudig uit te voeren. Waarom is dat niet gebeurd? Wethouder Van der Geld zegt dat ook de initiatiefnemer een aantal onderzoeken moet gaan doen, ook in de vervolgfase. Hij wil daar zuiver in blijven. De heer Romijn (PvdD) zegt dat dan wel het gevoel blijft dat die mensen straks op pad worden gestuurd met een mission impossible, met alle risico’s van dien.
Waarom toch niet nu die toets al uitvoeren op het voorkeursalternatief? Wethouder Van der Geld zegt dat de initiatiefnemer aangeeft dit zelf voor elkaar te kunnen krijgen en deze ontwikkeling te kunnen realiseren met respect voor de natuur. Het is niet zo dat de gemeente helemaal geen natuurtoetsen heeft gedaan, maar Commissie mer geeft aan dat dat diepgaander kan. Dat hoort bij de vervolgfase. Hier wordt ook met de provincie over gesproken. De compensatie zal fors zijn op sommige punten als je naar het gehele gebied van de Duurzame Polder kijkt. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) begrijpt dat er adviezen worden gegeven door de Commissie mer waarvan het college zegt dat daar pas in de volgende fase meer duidelijkheid over komt. Over dit punt van de heer Romijn zegt de Commissie mer: dit moeten jullie nu al voor elkaar hebben. Toch gaat de gemeente daaraan voorbij. Wie bepaalt dit eigenlijk? Wethouder Van der Geld zegt dat het uiteindelijk een advies is, geen groen of rood licht. Naar die adviezen moet geluisterd worden en er moet naar gehandeld worden. De adviezen ten aanzien van de natuur komen in de vervolgfase, nu wordt met elkaar het kader vastgesteld. Meer onderzoek op detailniveau gaat dat kader niet wijzigen, zeker niet voor het Bossche gedeelte. 18
De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) constateert dat het college dit deel van het advies naast zich neerlegt om dat nu voor elkaar te hebben. Wethouder Van der Geld zegt dat het college dat niet naast zich neerlegt maar doet dat niet nu maar in de vervolgfase. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat in het advies staat dat dat nu moet. Wethouder Van der Geld zegt dat de Commissie mer twee dingen zegt: wij willen dat er nader onderzoek wordt gedaan inzake de natuur. Het college zegt dat dat niet het kader wijzigt dat de raad nu afgeeft. De milieueffecten zullen in de tweede helft onderzocht worden. De voorzitter zegt dat de SP eventueel samen met de PvdA of beide partijen apart een motie heeft aangekondigd inzake de financiële participatie en de corporaties. De heer Roovers (SP) overweegt een amendement omdat dit een kaderstellend stuk is, om een ondergrens vast te leggen wat publiek wordt gedaan en om beter uit te leggen wat onder publiek wordt verstaan. De voorzitter zegt dat GroenLinks een motie zal indienen over de project-MER. Gewoon geDREVEN is voornemens een motie in te dienen ten aanzien van het aspect gezondheid. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vult daarop aan: geluid, zorgvuldigheid in het proces en wellicht nog meer punten.
De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zegt dat als de twijfel te groot is aan de overkant hij de motie zal indienen om op de project-MER de commissie toe te passen. De heer Van Griensven (PVV) wil dit als bespreekstuk naar de raad geleiden. Hij wil een motie over woningbouw indienen en een informatieverzoek. Hij wil alle documenten zoals ook verzocht door GROEN inZICHT voor de raadsvergadering ontvangen. Ook zal hij een motie over een referendum indienen. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) hoort dat gewoon ge-DREVEN een motie over gezondheidsrisico’s aangekondigd heeft. Daar sluit zij bij aan. De heer Romijn (PvdD) wil de motie over de aanvullende MER-toets afwachten. Mogelijk komt hij zelf met een motie over het waarborgen van de natuur. De voorzitter vraagt of partijen voor of tegen het voorstel zijn. De heer Romijn (PvdD) wil hiermee terug naar de fractie. Hij vindt het op dit moment niet best. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) neemt het voorstel mee terug naar de fractie. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) is tegen het voorstel. Ook de heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) is tegen het voorstel. Mevrouw Hernández (50PLUS) is tegen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) is in de basis tegen het voorstel maar laat zich graag verrassen in de raadsvergadering.
Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) wacht de initiatieven af maar het lijkt lastig voor te stemmen gelet op het advies van de Commissie mer. 7.
Discussienotitie 'Toekomstvisie Afvalstoffendienst 2030' Mevrouw Hernández (50PLUS) spreekt haar waardering ervoor uit dat deze notitie nu voorligt. 19
Deze komt voort uit haar motie waarin werd verzocht om scenario’s voor de toekomst van de Afvalstoffendienst. Goed dat er nu een geldig afwegingskader ligt. Deze notitie geeft voldoende handvatten om de Afvalstoffendienst daadwerkelijk naar een hoger niveau te tillen. De huidige locatie Treurenburg is niet houdbaar. Op slechts 2,42 hectaren wordt inmiddels 37,8% meer verkeersbewegingen geregistreerd en dat leidt tot druk op de veiligheid en het personeel. Er zijn maatregelen genomen om de werkomstandigheden te verbeteren. De gemeente groeit gestaag door, dus meer afval en meer druk op de al overbelaste locatie. Deze dienst moet toekomstgericht georganiseerd worden: veilig voor medewerkers, efficiënt in de uitvoering en duurzaam in de verwerking van grondstoffen. Haar voorkeur gaat uit naar een oplossing waarbij de Afvalstoffendienst in publieke handen blijft. Afvalverwerking is een publieke taak. Van de meerwaarde van samenwerking met omliggende gemeenten en private partijen is zij overtuigd. Afvalreductie, meer recycling en een verdere stap richting circulaire economie. Dit moet allemaal passen binnen de beschikbare plaats en de capaciteit van de dienst. De heer Altenburg-Collin (VVD) hoort weinig oplossingen voor de kleine locatie. Mevrouw Hernández (50PLUS) zegt dat als de Afvalstoffendienst daar blijft deze in handen van de gemeente moet blijven.
Dat is ook de verantwoordelijkheid van de gemeente. De gemeente moet kaders geven voor de richting waar de Afvalstoffendienst heen moet. Wat gebeurt er als verhuisd wordt naar Heesch West? Wat zijn de consequenties daarvan? De heer Altenburg-Collin (VVD) leest dat circulaire economie juist leidt tot een vraag naar meer ruimte. Hoe kan dat opgelost worden? Mevrouw Hernández (50PLUS) denkt dat dat door samenwerking met omliggende gemeenten kan. Dit moment vraagt om strategische keuzes voor de toekomst van de Afvalstoffendienst. Make de Afvalstoffendienst great again. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat ingezet moet worden op minder afval en het afval dat er is, moet zoveel mogelijk gerecycled worden. Wat overblijft, moet duurzaam verwerkt worden. De eerste vraag beantwoordt zij met ja. Afvalverwerking is fundamenteel voor een schone leefomgeving en daarmee niet voor niets een zorgtaak van de gemeente. Het levert ook kansen, zoals het verwerken van afval tot nieuwe grondstoffen. Er wordt nog onvoldoende gerecycled. Het takenpakket dient zo breed mogelijk te zijn. De gemeente is er voor de inwoners en ondernemers binnen de gemeentegrenzen, en dat kan betekenen dat een publieke regionale samenwerking wenselijk is om de haalbaarheid te waarborgen en de kosten voor inwoners en ondernemers te drukken.
In de verkenning staat meerdere keren CO 2-neutraal zijn in 2045 met alle overwegingen die impact hebben op de verschillende vormen van afvalverwerking, tot elektrificatie van het wagenpark aan toe. De vraag is hoeveel van het afval gerecycled kan worden. De Europese kaderrichtlijn is dat in 2035 65% van het afval gerecycled dient te worden. Waar staat Den Bosch? Niemand heeft een idee daarvan vanwege het ontbreken van adequate gegevens, zo leest zij. Dat is schokkend. In een visie horen meetinstrumenten thuis om je doelen te kunnen meten zodat daarop gestuurd kan worden. Waarom wordt er nog niet gemeten? Moet deze blinde vlek niet zo snel mogelijk opgelost worden? Regionale samenwerking: een belangrijk uitgangspunt want voor veel kleine gemeenten is Den Bosch de samenwerkingspartner. Er wordt inmiddels zelfs meer ingezameld van andere gemeenten dan van Den Bosch zelf. Het streven naar kostendekkendheid betekent blijkbaar niet automatisch dat de dienstverlening kostendekkend is en onze inwoners betalen voor andermans afval. Hoe kijkt de wethouder hiernaar? De heer Ploegmakers (CDA) complimenteert de medewerkers van de Afvalstoffendienst; er wordt hard gewerkt aan een verbeterslag. De verwerking van huishoudelijk afval moet in publieke handen blijven. Het is een basisvoorziening die wat hem betreft niet geprivatiseerd hoeft te worden.
Het afval dient op een zo laag mogelijk tarief voor de burgers verwerkt te worden. Afvalinzameling van huishoudens staat op de eerste plaats. Daarbij is het ook van belang dat ook de inzameling van afval van scholen, verenigingen en zorginstellingen zoveel mogelijk door de Afvalstoffendienst wordt gedaan. De inzameling van bedrijfsafval heeft geen prioriteit; dat kan aan de markt overgelaten worden. Als daar wel capaciteit voor is dan hoopt hij dat de overheadkosten van de Afvalstoffendienst zo laag mogelijk worden. De 20
toekomstbestendigheid van de Afvalstoffendienst is belangrijk. Door samenwerking kun je mogelijk de kosten verlagen. Of het een gemeenschappelijke regeling wordt of een NV: misschien kan de commissie hier meer over geïnformeerd worden. Hij vindt wel dat de Afvalstoffendienst op afstand komt van de gemeentelijke organisatie. De Afvalstoffendienst bestaat 125 jaar maar in deze tijd kan de organisatie niet anders dan omgebouwd worden tot een regionaal samenwerkingsverband, in welke rechtsvorm dan ook. Die samenwerking mag niet leiden tot een extra verhoging van de kosten van de afvalstoffenheffing. Rekening moet worden gehouden met de rechtspositie van de medewerkers. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vraagt wat de heer Ploegmakers precies bedoelt met: op afstand van de gemeente maar wel in publieke handen houden. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat voor een NV kan worden gekozen waarbij de aandelen in handen van de gemeente zijn. Ook kan gekeken worden naar de regio of er gemeenten willen participeren. De vraag is hoe andere gemeenten daarnaar kijken. Mevrouw Hernández (50PLUS) zegt dat als met andere gemeenten wordt gewerkt zij beslissen over hun eigen inzameling. Wat zou dan de toegevoegde waarde voor Den Bosch zijn? De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat dit een onderdeel is van de verdere uitwerking; daar wil hij niet op vooruitlopen.
Mevrouw Hendrickx (De Bossche Groenen) zegt dat wat haar betreft de Afvalstoffendienst in publieke handen blijft. Het is goed om regionale samenwerking te gaan verkennen en daarbij moet ook gelet worden op de risico’s. De heer Koolen (PvdA) zegt ook met het oog op de stakingen van deze week elders dat de inwoners willen dat het vuil wekelijks wordt opgehaald en dat kan gegarandeerd worden als de gemeente daar zelf de regie op houdt. De afvalverzameling moet in publieke handen blijven. Afvalstoffen verwerken tot nieuwe grondstoffen en de expertise van de Afvalstoffendienst inzetten is een prima rol, niet alleen bij het adviseren over hergebruik van grondstoffen maar wellicht ook bij het geheel circulair maken van bedrijfsprocessen van organisaties. Het zou mooi zijn als bijvoorbeeld de expertise van kunstinstellingen en kunstenaars verbonden worden aan het vormgeven van de circulaire economie. Dat geldt ook voor de innovatiespots, chats en het Innovatie Kwartier die mogelijkheden bieden voor experiment en het slim benutten van data. Van de Afvalstoffendienst zou de slimste van Nederland gemaakt moeten worden. Samenwerken aan een circulaire economie die de stad schoner en mooier maakt; hij denkt graag mee over die ambitie. Voor het takenpakket van de Afvalstoffendienst betekent dit breed inzetten op circulariteit zowel in de directe uitvoering als in de rol van kennispartner.
De huidige schaal met regiogemeenten is optimaal om de burgers en bedrijven goed te bedienen. Schaalgrootte is essentieel voor de continuïteit van de Afvalstoffendienst. De dienstverlening aan en samenwerking met regiogemeenten biedt niet alleen operationele voordelen maar ook financiële stabiliteit en versterkte innovatiekracht. Die conclusie trekt hij niet in twijfel. De heer Roovers (SP) zegt dat de Afvalstoffendienst een essentiële dienst is die zeker in publieke handen moet blijven, niet in de vorm van een NV. Overwogen zou moeten worden om de beladers die nu in uitzendconstructies in dienst zijn weer in gemeentelijke dienst te nemen, om er weer één organisatie van te maken waar iedereen zich mede-eigenaar van voelt. Er is nu een krapte. Haal je dat weg bij het publieke aspect? Zeker niet, vindt de SP. Of bij het takenpakket en dat bedrijfsafval bijvoorbeeld bij particuliere organisaties wordt gelaten? Ook dat niet want dat betekent een minder efficiënte afvalinzameling voor hetzelfde gebied. De derde optie betreft het gebied dat bediend wordt. Hij heeft ooit een paar maanden op de vuilniswagen gestaan en toen vond hij het al gek dat in Moergestel afval werd opgehaald dat in Tilburg gelost moest worden omdat de eigen overslagplaats het niet aan kon.
Als ergens op beknibbeld moet worden, moet het gebied dan niet kleiner? Of als dat niet kan iets meer vragen van de kleinere gemeenten naast dat ze alleen contractueel afnemer zijn van de Afvalstoffendienst en bijvoorbeeld een tweede overslagplaats realiseren? Dan gaat de druk ook wat van Den Bosch af. De heer Altenburg-Collin (VVD) vraagt of regionale samenwerking alleen al voldoende kan zijn 21
in plaats van het gebied kleiner maken. De heer Roovers (SP) heeft die suggestie ook gegeven. De heer Altenburg-Collin (VVD) vraagt wie een tweede locatie buiten Den Bosch zal gaan betalen. De heer Roovers (SP) meent dat alle gemeenten die van de Afvalstoffendienst afnemen de bedrijfsvoering betalen. Het is een gemeenschappelijk probleem dus het is een verantwoordelijkheid van al die gemeenten om dat op te lossen, om te voorkomen dat bepaalde gemeenten misschien afgestoten moeten worden omdat hier te weinig capaciteit is. De heer Koolen (PvdA) zegt dat als er hubs worden gecreëerd, hoe verhouden die zich dan tot het uitnutten van de waarde van het afval dat je wilt verwerken? De heer Roovers (SP) zegt dat de aanleiding voor deze notitie is dat er krapte is in Den Bosch en dat gekozen moet worden uit schaarste. Er kan gekozen worden voor het afstoten van taken aan de markt, waar hij op tegen is, of in het gebied dat je moet bedienen. Ook daarin zijn twee keuzes: een kleiner gebied bedienen en als dat niet wenselijk is dan moet met alle gemeenten naar een oplossing gekeken worden. Waarom moet altijd alles van en naar de gemeente Den Bosch? De heer Koolen (PvdA) zegt dat als geoptimaliseerd wordt in circulariteit dan er wellicht minder ruimte nodig is. Die processen moeten slim georganiseerd worden.
De heer Roovers (SP) zegt dat het in beginsel altijd goed is om processen te optimaliseren als daar nog ruimte in zit. Dat mag echter niet ten koste gaan van de arbeidsomstandigheden van het personeel en er moet ook niet een soort diftarsysteem komen. De industrie creëert veel te veel afval en die wordt daardoor ontzien en zij zijn vooral de oorzaak van het afvalprobleem. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat de buurtgemeenten eigenlijk verliesgevend zijn voor de gemeente Den Bosch. De kostendekkendheid van de diensten die andere gemeenten van Den Bosch afnemen, zou afgewenteld moeten worden op die gemeenten en niet op Den Bosch. De heer Roovers (SP) zegt dat het niet zo is dat de SP zich helemaal onverantwoordelijk voelt voor andere gemeenten. Den Bosch is een grotere gemeente en een kleine gemeente kan misschien minder makkelijk een eigen Afvalstoffendienst organiseren. Als tussen deze drie gekozen moet worden dan is het aantal gemeenten dat wordt bediend minder heilig dan het in publieke handen houden van de dienst. Als de gemeente Den Bosch met een capaciteitsprobleem zit bij de Afvalstoffendienst en Den Bosch al die andere gemeenten bedient dan zouden die andere gemeenten daar een oplossing voor moeten bedenken, ook financieel. De heer Verbruggen (D66) zegt dat het goed is met de veranderingen in de samenleving te kijken naar de toekomst van de dienst.
Hij deelt de mening van het college om de dienst in publieke handen te houden want zo kan de gemeente de regie voeren op de kosten die de inwoners moeten betalen. Strategische keuzes zorgen ervoor dat resultaatgericht gewerkt wordt. Regionale gemeentelijke samenwerking is wenselijk om slagen te maken in circulariteit en het maken van betere afspraken met afvalverwerkers. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) heeft met interesse de discussie in de ledenvergadering gevolgd. Hij kwam er niet uit. Een deel zei dat de dienst makkelijk geprivatiseerd kan worden, dat het afval inzamelen goedkoper en sneller kan en dat dat zelfs een lagere werkdruk zou geven voor de gemeente. Sommige zaken moeten echter in publieke handen blijven, zeker sociaal gezien. Er is hard gewerkt binnen de Afvalstoffendienst om alles weer op orde te maken. Qua circulariteit en duurzaamheid heb je als direct opdrachtgever meer invloed dat beter ingezameld kan worden voor het milieu dan wanneer een private partij dat in handen heeft. De vraag is inderdaad of dat dan allemaal in Den Bosch moet; dat is nergens voor nodig. Het ophalen van bedrijfsafval door de Afvalstoffendienst is niet noodzakelijk. Al wat nieuw gebruikt kan worden, is winst maar hoe moet dat afval goed gesorteerd worden en op de juiste plek komen? Op meerdere plekken kan vooraf verschillend afval gesorteerd worden of 22
wordt gekozen voor een groter afvalstoffenophaalgebied? In Treurenburg is een prima station en er kan dichtbij voor een tweede station worden gekozen waarmee samengewerkt wordt. Er wordt al jaren oud papier opgehaald; dat kan een particuliere partij ook doen. De vraag is of dat goed gaat gebeuren en op de juiste plek. De heer Altenburg-Collin (VVD) is voorstander van zoveel mogelijk taken aan de markt overlaten. Afvalinzameling kan ook aan de markt worden uitbesteed, maar Den Bosch zamelt al 125 jaar zelf het afval in. Alle kennis en ervaring is daarvoor in huis. De afvalmarkt is in beweging; de marges staan onder druk. Het lijkt hem goed dat het inzamelen van huishoudelijk afval in publieke handen blijft. Voor bedrijfsafval geldt min of meer hetzelfde. Ook hier is sprake van een terugtrekkende markt. Milieuzones helpen hier niet bij. Het is goed als er één partij is die al het afval in de gemeente inzamelt. Daarmee kan een efficiencyslag worden bewerkstelligd. Publieke diensten ontkomen niet meer aan een goede regionale samenwerking. De ruimte op de Treurenburg is beperkt en spreiding van het inzamelen van verschillende soorten afval is voor Den Bosch pure noodzaak. Kiezen voor een andere plek zal leiden tot een aanzienlijke lastenverhoging, wat niet wenselijk is voor de inwoners en bedrijven.
De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat een ondernemer niet gedwongen kan worden zaken te doen met de Afvalstoffendienst. De heer Altenburg-Collin (VVD) kiest ervoor de afvalinzameling in publieke handen te houden en zo efficiënt mogelijk door één partij te laten doen. Ook in het kader van de circulaire economie moet dat goed geregeld worden in het kader van duurzaamheid, regionale samenwerking. Oproep aan het college is te zorgen voor een goede regionale samenwerking, voor nu en in de toekomst. De heer Van Griensven (PVV) zegt dat de VVD van mening is dat de zero-emissiezones hierbij niet helpen. Waarom heeft de VVD daarmee ingestemd? De heer Altenburg-Collin (VVD) denkt dat het een niet direct samenhangt met het ander. Hij heeft ingestemd met de zero-emissiezone en hoopt dat ondernemers daar zoveel mogelijk bij geholpen worden. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) denkt graag mee over de toekomst van de Afvalstoffendienst. Die dienst moet in gemeentelijke handen blijven zodat er grip wordt gehouden op de kosten en kwaliteit geborgd kan worden. Kerntaak ligt bij het huisafval, daar is zeker een terugtrekkende beweging van de markt te zien. Dat geldt ook voor bedrijfsafval. Nu wordt wel tegen een limiet aangelopen op deze locatie. Het is moeilijk in te schatten wat de kosten zijn van een eventuele tweede locatie en wat efficiencyslagen zouden kunnen zijn.
De taak van de gemeente is primair ervoor zorgen dat een eigen afvalstoffenbedrijf het huishoudelijk afval ophaalt en verwerkt. Als het goed georganiseerd kan worden, zou dat ook voor het bedrijfsafval moeten gelden omdat het infrastructureel en verkeerstechnisch een uitdaging is als de ondernemers dat allemaal zelf zouden moeten regelen. Regionale samenwerking kan een rol spelen bij het feit dat Den Bosch tegen grenzen aanloopt. Het is dan wel belangrijk dat de rol en rechten en plichten duidelijk zijn. De kans van de regio moet Den Bosch niet laten liggen, met de juiste governance daaronder. De afgelopen jaren is de dienst organisatorisch hard door het ijs gezakt met alle gevolgen van dien. Die realiteit wordt in het stuk gecomprimeerd tot het optimistisch vertrekpunt: "het advies gaat er enerzijds van uit dat de benodigde verbeterslagen op korte termijn tot succes gaan leiden en neemt dat als uitgangspunt". Hij wensdenkt graag mee maar het is de afgelopen twee jaar niet gelukt de gevraagde verbeteringen – ondanks keihard werken – door te voeren en de noodzakelijke investeringsgelden te alloceren. Er wordt al te lang op verbetering gewacht. Hij gaat ervan uit dat in de voorjaarsnota eindelijk die tientallen miljoenen staan voor de vervangingsopgaven van het wagenpark en de machinerie.
De heer Scholten (GroenLinks) verwijst naar een aantal goede punten van Volt over de elektrificatie en de circulaire economie. Hij deelt de zorgen over het meten daarvan. Het is wenselijk dat de afvalinzameling in publieke handen blijft; zo houdt de gemeente de regie. Het afval van de inwoners zal opgehaald blijven worden; dat is de hoofdtaak van de afvaldienst. Als dat ook van de buurgemeenten wordt opgehaald en verwerkt, is dat wenselijk voor zover er de 23
capaciteit daarvoor is. Hij kan zich grotendeels vinden in de lijn inzake de economische activiteiten voor de verschillende onderdelen zoals in de toekomstverkenning worden genoemd, met die kanttekening dat containerservice beperkt zou moeten worden tot Den Bosch en aangrenzende gemeenten voor zover dat nu nog niet het geval is. Of het snoeiafval uit de regio komt of daarbuiten, kan hij op basis van voorliggend stuk niet bepalen. Als het van ver moet komen dan kan hij zich aansluiten bij het afsluiten in 2030. Regionale samenwerking zorgt er op dit moment voor dat schaalvoordelen het voor alle participanten goedkoper zou moeten maken om afvalverwerking te faciliteren. Het beeld moet niet ontstaan dat de inwoners van Den Bosch de rekening betalen voor het verwerken van afval van andere gemeenten. Den Bosch draagt nu het financiële risico op tegenvallers en andere participerende gemeenten zouden die financiële risico’s moeten delen. Hij hoort graag wat het college als beste van vorm van samenwerking ziet. De heer Van Griensven (PVV) is het ermee eens dat het inzamelen van afval in publieke handen moet blijven. Zijn voorkeur gaat uit naar een gemeenschappelijke regeling waarin meer democratische borging en controle is of het behoud van een gemeentelijke dienst. Essentieel is dat de lasten voor huishoudens en ondernemers niet stijgen.
Alleen het broodnodige op het gebied van afvalinzameling hoort bij het takenpakket. Stop met veel te duur zeroemissietransport, geen elektrische vuilniswagens van ruim € 700.000 en geen peperdure raaplijn. Een regionale samenwerking is pas noodzakelijk als dit een financiële besparing oplevert. De heer Romijn (PvdD) vraagt hoe de PVV aankijkt tegen de vuilnismannen die de hele dag in een diesellucht lopen. De heer Van Griensven (PVV) zegt dat een elektrische vuilniswagen veel te duur is. Hoe gaat het verder met de Natura 2000-vergunning van Treurenburg nu niet aan de stikstofeisen wordt voldaan? Hij ziet graag meer inzet op nascheiding. De heer Romijn (PvdD) zegt dat er nog veel werk te verrichten is ten aanzien van de afvalambities. In juni spreekt de commissie hierover. Het bevreemdt hem dat nu al gesproken wordt over de toekomst van de Afvalstoffendienst vooruitlopend op de visie over circulaire grondstoffeneconomie. In antwoord op de vragen zegt hij dat de PvdD grip wil houden op duurzaamheid- en circulariteitambities. De gemeente moet voor de mensen van de Afvalstoffendienst blijven zorgen en moet de regie houden, dus dit moet in publieke handen blijven. Hij begrijpt dat de operatie kostendekkend moet zijn maar wat daarvoor nodig is, valt onder bedrijfsvoering. Hij ziet voordelen van gecombineerde vervoersbewegingen om uitstoot te beperken.
Er zou prima naar inzameling van bedrijfsafval gekeken kunnen worden als mogelijke uitbreiding. Gemeentelijke samenwerking is essentieel onderdeel van het vervolg. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt het belangrijk dat de inzameling van afval in publieke handen blijft. Dat zorgt voor transparantie en verantwoording. De gemeente kan zich bezighouden met het inventariseren van behoeften van inwoners en het maken van duurzame keuzes. Het takenpakket moet zo groot mogelijk zijn waarbij de veiligheid voor medewerkers moet worden gewaarborgd. Zij zet een kanttekening bij het scheiden van pmd-afval door inwoners. Gemeenten komen hierop terug vanwege inbreiding van de steden en door de moeilijkheid van het scheiden van pmd-afval. Het nascheiden is beter voor het milieu, de burger en de portemonnee. Die taak zou verder onderzocht moeten worden. De participatie van de inwoners bij het beleid en innovatieve oplossingen van afvalbeheer dienen besproken te worden, ook technologie om afvalscheiding te vergemakkelijken. Regionale samenwerking is zeker wenselijk. De heer Kitslaar (Rosmalens Belang) zegt dat afvalinzameling in publieke handen moet blijven. Het is een basisvoorziening die direct raakt aan de leefomgeving, volksgezondheid en duurzaamheid, dat is een publieke taak. Zodoende kan gestuurd worden op maatschappelijke waarden.
Publieke verantwoordelijkheid betekent ook transparantie, controleerbaarheid en de mogelijkheid om lokaal maatregelen te nemen. Een commerciële partij zal eerder geneigd zijn te sturen op efficiency en winst, met het risico dat de dienstverlening verschraalt of de lasten voor inwoners toenemen. Het takenpakket dient breed ingevuld te worden: niet alleen afval 24
inzamelen maar ook een actieve rol in afvalscheiding, educatie rondom duurzaamheid en hergebruik van grondstoffen. Regionale samenwerking is noodzakelijk. Dat geeft schaalvoordelen en zorgt voor efficiency, en ook innovatie- en organisatiekracht zijn belangrijk in deze tijd. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) wil ook graag de regie in eigen hand houden. Het takenpakket zou primair het huisvuil moeten beslaan en verder wat mogelijk is zodat de veiligheid van de medewerkers wordt gewaarborgd. Zij is ook voorstander van samenwerking. Reactie college Wethouder Geers hoopt ook de helft van de ledenvergadering van gewoon ge-DREVEN overtuigd te krijgen dat in publieke handen handig is. Aan de inbreng van de collega’s in de commissie heeft hij weinig toe te voegen. Als je kansen wilt grijpen voor de toekomst dan moet bekeken worden hoe dit in de toekomst moet; dat is de insteek van deze notitie. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) merkt op dat de Afvalstoffendienst op dit moment niet meer past. Wethouder Geers zegt dat er vorig jaar op het gebied van het aantal vervoersbewegingen te veel plaatsvond. In de tussentijd zijn stevige maatregelen genomen over taken en een andere inrichting en planning van de wagens. Het gaat de goede kant op met de vervoersbewegingen en de locatie kan het ook aan.
Het klopt dus niet dat er afgelopen jaar helemaal niets is gedaan, zoals de heer Kagie beweert. Hij heeft geen mogelijkheid laten liggen om cruciale investeringen te doen na het crisisjaar vorig jaar. Hiermee wordt voor een stabiele Afvalstoffendienst vanaf 2026 gezorgd. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) heeft niet gezegd dat er niets gebeurd is. Tegelijkertijd heeft hij nooit de klap gezien op die investering, niet in de begroting en ook niet in de voorjaarsnota. Hij mist de stap die genomen moet worden voor vervanging van het wagenpark en machines, en dit gaat dus niet over de € 3 miljoen die hier elk jaar ingestoken wordt. Wethouder Geers zegt dat bij de jaarrekening straks te zien zal zijn dat er miljoenen in de veiligheid van de Afvalstoffendienst is gestoken en miljoenen geïnvesteerd zal worden in een nieuw wagenpark. Die wagens moeten veilig en toekomstbestendig zijn. Er wordt voor gezorgd dat medewerkers veilig kunnen werken. Deze discussienotitie is een eerste stap in het hele verhaal. Er liggen nog veel uitwerkvragen achter waaronder straks het inhoudelijke afvalbeleid. Dat komt voor de zomer. Daar worden ook moties van de raad bij betrokken. Dit stuk gaat ook niet over de discussie waar de milieustraat gaat landen. Het is een structuur waar geen andere locatie in is genoemd omdat eerst bekeken wordt hoe met elkaar samengewerkt wordt.
De vraag is of er voldoende contract is om een tweede overslag te realiseren. Als je met elkaar het eigenaarschap hebt in de regionale samenwerking zou hierover discussie gevoerd kunnen worden. Het contract is niet altijd kostendekkend dus hij wil naar kostendekkende tarieven. De risico’s waren niet afgedekt in de tarieven en dat moet in de nieuwe contractafspraken geduid worden. Op de voors en tegens van de diverse vormen komt hij terug. Onze medewerkers staan voorop en moeten tegen goede arbeidsvoorwaarden hun werk kunnen blijven doen. Dit zal ook om een traject met de medezeggenschap vragen. De heer Roovers (SP) zegt dat de wethouder terecht over ‘onze’ medewerkers spreekt en publiek eigenaarschap kan goede arbeidsvoorwaarden ook het best waarborgen, maar er zit een rechtsongelijkheid tussen de beladers die via een uitzendconstructie werken en de chauffeurs die bij de gemeente in dienst zijn. Kunnen de beladers ook in gemeentelijke dienst worden genomen? Wethouder Geers zegt dat hij iedereen die namens de Afvalstoffendienst werk verricht, ziet als onze medewerker want ook zij moeten kunnen rekenen op goede instructies en arbeidsvoorwaarden. Dat er andere regels zijn inzake de arbeidsvoorwaarden van uitzendbureaus en daar iets aan gedaan moet worden, staat in het verbeterplan. Of alle 25
medewerkers ook in dienst van de gemeente kunnen komen, weet hij op dit moment niet. De heer Roovers (SP) zegt dat uitzendkrachten bijvoorbeeld in de zomerperiode een uitkomst kunnen zijn, maar het is nu standaard zo dat de mensen achter de vuilniswagens in een uitzendconstructie zitten. Dat onderscheid vindt hij vreemd. Hij denkt richting raadsvergadering met een uitspraak hierover te zullen komen. Wat verwacht de wethouder? Wethouder Geers vindt het te vroeg om nu te zeggen: kom met een motie. Hij probeert een richting op te halen om straks gecombineerd met de discussienotitie over het afvalbeleid de toekomst van de Afvalstoffendienst uit te tekenen. Het gesprek zal zowel intern aangegaan worden met de medewerkers maar ook met andere gemeenten die willen samenwerken. Duidelijkheid van de raad is gewenst. Op de vragen 1 en 3 wil hij duidelijke uitspraken van de raad. Hij denkt veel aanknopingspunten te hebben van de raad om door te kunnen gaan. Het college komt bij de raad terug met scenario’s met de bijbehorende financiële consequenties. Hij begrijpt de gedachte rondom het ophalen van oud papier, maar hij wil graag één aanbieder voor de inwoners. Stromen bij verschillende diensten neerleggen, daarvan is hij geen voorstander. Over het nascheidingsinitiatief komt binnenkort meer naar buiten.
Over de stikstofvergunning is hij op dit moment in gesprek met de provincie en omgevingsdiensten. Tijdens de begroting is vorig jaar gezegd dat in de discussienotitie voor de zomer ook het gesprek gevoerd zal worden over hoe de participatie gevoerd gaat worden. Ten aanzien van de volgorde van de twee notities zegt hij, dat dit praktische redenen heeft. Voor een aantal elementen voor de discussienotitie over het afvalbeleid is de periode tot de zomer nodig. Hij wilde de verkenning met de buurgemeenten niet te lang in de kast laten liggen. De heer Roovers (SP) vraagt welke duidelijke boodschappen de wethouder van de raad heeft meegekregen aan de hand van de vragen 1 en 3. Wethouder Geers zegt dat de hele raad heeft uitgesproken dat de inzameling van huishoudelijk afval in publieke handen moet blijven. Regionale samenwerking is een optie, maar in welke vorm is nog niet duidelijk. Publiek betekent in overheidshanden dus ofwel in aandelen dan wel in een gemeenschappelijke regeling dan wel als onderdeel van de gemeente Den Bosch. Dat is precies de onzekerheid waar de heer Roovers (SP) mee zit. Wat heeft de voorkeur van de wethouder? Wethouder Geers is sowieso voorstander van in publieke handen.
Vanwege het medeeigenaarschap en de spreiding van de opgave vindt hij een regionaal samenwerkingsverband een voorstelbare richting omdat hij meer mede-eigenaarschap wil over hoe we met het afvalsysteem omgaan. Onder welke voorwaarden dat zou gebeuren, moet in een volgende fase uitgewerkt worden. De heer Van Griensven (PVV) vraagt of regionale samenwerking een financiële besparing oplevert. Is er ook een oplossing voor het Natura 2000-verhaal? Wat voor gevolgen kan dit hebben? Wethouder Geers zegt dat de noodzaak van regionale samenwerking gezien kan worden in een bepaalde massa die je nodig hebt, het delen van eigenaarschap en het spreiden van risico’s. Of dat goedkoper is of niet moet in een vervolgfase uitgewerkt worden; daar kan hij nu niets over zeggen. Over de stikstofvergunning wordt nu met de Omgevingsdienst en de provincie gesproken. Het fors elektrificeren van het wagenwerk levert een enorme bijdrage aan het verlagen van de stikstofuitstoot. Dat soort maatregelen worden getoetst en hier zal een antwoord op komen van het bevoegd gezag. Daar kan hij nu niet op vooruitlopen. De voorzitter constateert dat er geen vragen meer zijn. 8.
Rondvraag en sluiting De voorzitter constateert dat er geen verdere vragen zijn. Zij sluit onder dankzegging aan eenieder de vergadering om 22.54 uur. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de commissie Bedrijvigheid van 19 mei 26
2025. De secretaris, mr. drs. R. van der Meer
De voorzitter, M.A.J.T. Korver-van Weegberg
27