CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-09-23 Commissie Bedrijvigheid vastgesteld

Commissie BEDRIJVIGHEID 23 september 2024, gemeente 's-Hertogenbosch14.967 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

16

De heer El Amraoui (PvdA) vraagt of de heer Van Hattem zich bewust is van het onderzoek van het RIVM waarin het gaat over windmolens op zee. De heer Van Hattem (PVV) leest in het rapport van het RIVM van 7 april 2023: 'Emissies van chemische stoffen van wind op land'. Onderkent de wethouder dit risico en hoe wil hij hiermee omgaan? De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vraagt waarom er niet directer geïnvesteerd kan worden bijvoorbeeld in de aanpak van energiearmoede. De twee kanttekeningen vindt hij onvoldoende gefundeerd. Begrijpt iedereen de fuik waar ingegaan wordt als ja gezegd wordt tegen dit voorstel? Wethouder Van der Geld zegt dat het goed gebruik is dat als besloten wordt een bepaalde richting in te gaan het college die kant ook op blijft marcheren totdat de raad en/of college zegt dat het niet verstandig is. Tegenstanders roepen steeds: dat is de fuik, maar dit is de normale manier van werken. Er is ook steeds geroepen: wethouder, doe ook eens iets met de publieke kant als het gaat om de Duurzame Polder. Dit is het resultaat. De belangen van gezondheid en natuur: er is vaak de discussie gevoerd over gezondheid en natuur. Dit zijn belangen die met stip op 1 staan en daar wordt niets aan afgedaan. Er is totaal geen sprake van dat welke financiële verleiding dan ook de gezondheids- of natuuraspecten kan ondermijnen. Daar zijn waarborgen voor.

Hij wijst op de Wet natuurbescherming. De heer Romijn (PvdD) zegt dat in de scenario's een tijdje geleden te zien was de optie natuur en de optie maximale turbines. Er wordt met dit voorstel toch minder voor de natuur gekozen en voor extra windmolens? Die kant gaat het toch op? Wethouder Van der Geld zegt dat de vraag was of die variant natuur ook daadwerkelijk een variant natuur was, omdat er een hap in dat windpark stond. In feite was het een soort fuik van: vlieg je niet tegen de turbine aan. Terecht dat veel ecologen zeiden dat hier niet heel erg sprake was van een ecologische variant. Dat was voor het college ook extra reden om vast te houden aan de andere variant: energie. Er zou evengoed gestuurd kunnen worden op het vrijwaren van de noordelijke polder ten behoeve van de natuur en tegelijkertijd zoveel mogelijk aan de energiedoelstelling voldoen. De heer Van Hattem (PVV) hoort de wethouder zeggen dat in de scenario's rekening wordt gehouden met de natuur, maar dit is het leefgebied van weidevogels waaronder de beschermde kleine zwaan. Hij heeft gelezen dat het leefgebied van de kleine zwaan verplaatst moet worden als de provincie daar al toestemming voor geeft. Zijn zulk soort ingrijpende zaken in de natuur en fauna wel meegenomen in dit traject en in het mogelijke verdienmodel van deze investering? Nee, antwoordt wethouder Van der Geld.

Dat geldt ook voor de revolverende termijn. Dat komt omdat die voorstellen nog naar de raad komen. Hetzelfde geldt voor de financiële participatie in de Duurzame Polder. De kosten van verwijdering van windturbines zijn voor rekening van de initiatiefnemer. De discussie over epoxy en PFAS wil hij nu niet herhalen; die is al eerder gevoerd. Er is gesproken met defensie en dat beeld is daarmee uitgekristalliseerd. Laagvliegen vormt geen risico meer voor de Duurzame Polder. Dat is voor de heer Van Hattem (PVV) nieuwe informatie want volgens hem moet de defensienota nog uitgewerkt worden. De wethouder wil niet terugkomen op de discussie over het loslaten van lagen, maar dat blijkt nu toch een serieus probleem te worden. Dat is op zee al een grote schadepost en kan het op land ook worden. Het is een gezamenlijk project met de gemeente Oss en de gemeente gaat nu ook aan de privaatrechtelijke kant hierin investeren, dus komt het verwijderen van de windturbines dan niet ook voor rekening van de gemeente? Wethouder Van der Geld zegt dat het college er geen voorstander is om zelf die windmolens te gaan bouwen. Het zou gaan om een investering. Het opruimen van het windpark drukt op de businesscase van een windpark. Met de energietarieven van tegenwoordig zijn daar nog steeds goede businesscases op te maken, getuige de rendementspercentages.

De heer Van Hattem (PVV) vraagt naar de verhouding in de investering tussen de gemeenten 17

Oss en Den Bosch. Wethouder Van der Geld zegt dat Oss nog niet zo ver is als het gaat om financiële participatie. Hem zijn geen signalen bekend dat Oss deze richting in wil slaan. De heer Van Hattem (PVV) zegt dat het een gezamenlijk project is en er zit één organisatie op de Duurzame Polder. Als hier op deze manier in geïnvesteerd wordt, is er dan niet een gezamenlijk belang als gemeenten in dit project? Wethouder Van der Geld wijst op de motie inzake het regelen van de financiële participatie van Den Bosch. De voorzitter maakt een rondje langs de fracties. De VVD heeft een motie aangekondigd. Het voorstel zal als licht bespreekstuk worden doorgeleid naar de raadsvergadering. 13.

Rondvraag en sluiting (1e deel) De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) heeft een vraag ingediend over de impact van de zero-emissiezone op de markt. De zorg die hij eerder heeft geuit over de dreigende kaalslag als gevolg hiervan is helder. Deze zorg is opnieuw opgetekend in een artikel in het Brabants Dagblad. 80% van de marktondernemers zegt te zullen vertrekken bij het ontbreken van een ontheffing. De eerste marktondernemer is al vertrokken. Is inmiddels de lokale hardheidsclausule al in het ontheffingsloket opgenomen? Dat zou in september gebeuren. In maart 2025 gaat de zero-emissiezone in. Met de vele Euro 5 en 6-voertuigen vraagt hij hoe de wethouder aankijkt naar de nog grotere kaalslag die dreigt in 2027. Hoe wordt dat voorkomen? En hoe verhoudt zich dit tot het convenant dat vanuit Den Haag gaat komen? Welke waarde hecht de wethouder aan de kwalitatieve markt ten opzichte van het economisch centrum? Wethouder Ralph Geers zegt dat het college enorm hecht aan een sterke markt, vandaar dat recent ook de ingreep op de woensdagmarkt is gedaan. Daar wordt positief naar gekeken. De grote overstap naar zero-emissie vraagt veel van ondernemers en hij snapt de zorgen. Vandaar dat vroegtijdig met ondernemers in gesprek is gegaan en een logistiek makelaar is ingezet.

In de uitvoering van de raadsmotie wordt bekeken hoe daar coulant mee omgegaan kan worden en waar ruimte gecreëerd kan worden om ondernemers te helpen met een ontheffing. Dat betekent niet dat elk individu een ontheffing zal worden verleend. De raad heeft immers ook een ambitie gesteld ten aanzien van zero-emissie en daar werkt het college aan, gefaseerd van maart 2025 tot aan 2030. Veel ondernemers komen in aanmerking voor ontheffing. Een individuele ondernemer kan altijd besluiten zijn onderneming te verplaatsen. Voor de plek van de vertrokken ondernemer is inmiddels weer nieuwe interesse. De ontheffingen kunnen eind september aangevraagd worden en de ondernemers zullen daar actief op gewezen worden. De eerste bench aan tweedehands elektrische voertuigen komt er ook aan. Er zullen faciliteiten gerealiseerd worden zodat ondernemers deze slag kunnen maken. Er komt inderdaad een convenant, een Uitvoeringsagenda Stadslogistiek en het vervolg gaat Uitvoeringsagenda Zeroemissiezones heten. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) zegt dat als er in het convenant eind dit jaar wordt afgestevend op uitstel, verhoudt de wethouder zich dan nog steeds tot het convenant? De heer Van Hattem (PVV) vindt het zorgwekkend als de wethouder zegt: als een ondernemer vertrekt dan staat er wel weer een andere klaar.

De gemeenschap op de markt hier in Den Bosch staat er soms al tientallen jaren en maakt onderdeel uit van de sfeer en het karakter van de markt. Ziet de wethouder de marktkooplui in Den Bosch als inwisselbare ondernemers, waar zomaar iemand die wel een dure elektrische auto kan betalen wel mag komen? Als blijkt dat veel vaste ondernemers afhaken, ziet de wethouder dan een mogelijkheid de ontheffingsregeling te verruimen? Wethouder Ralph Geers zegt niet dat het automatisme is dat er dan wel weer een nieuwe ondernemer klaarstaat. Ondernemers kunnen een andere keuze maken. De markt blijft aantrekkelijk en misschien heeft de nieuwe ondernemer wel meer lokale binding. Wat-als-vragen zijn altijd lastig in de politiek, maar de raad heeft het college een opdracht meegegeven. Een landelijk convenant is iets anders dan een raadsbesluit. Recent heeft de 18

raad nog uitgesproken door te willen gaan met de zero-emissiezone, vandaar dat het college alle voorbereidingen treft en mogelijkheden onderzoekt. Het blijft koffiedik kijken of alles op termijn beschikbaar is. Hij verwacht dat dat wel het geval is. Overige agendapunten 11.

Discussienota Experimenteren met flexibel cameratoezicht tijdens de lopende afvalpilot – VDB De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat bijplaatsen van grofvuil bij ondergrondse afvalcontainers een groot probleem is in Den Bosch. Het is vaak een bewuste, asociale handeling. Er zijn veel opengescheurde zakken te zien, door vogels en ratten. De aanpak van het bijplaatsen van afval verandert niets. In de tussenevaluatie stelt hij vast dat met name bij winkelcentra het probleem onverminderd blijft voortduren. Hoe kijkt de wethouder aan tegen de inzet van flexibel cameratoezicht om dit probleem tegen te gaan? Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat het bijplaatsen van grofvuil inderdaad een probleem is in de gemeente, maar anderzijds is het inzetten van cameratoezicht een verregaande maatregel die inbreuk op de privacy kan opleveren. Dit zou alleen zeer zorgvuldig en doelmatig ingezet moeten worden. Heeft Den Bosch echt alle maatregelen onderzocht waardoor alleen nog naar dit middel kan worden gegrepen? De pilot loopt nu een jaar en er lijken resultaten te zijn geboekt in de wijken, maar minder bij de hotspots (winkelcentra). Hoe wordt dit verklaard? Tot die antwoorden er zijn, vindt zij een uitbreiding van de pilot onwenselijk en te voorbarig. De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat er een afvalpilot is geweest in 2023 en de resultaten daarvan vallen tegen.

Wellicht moet naar een ander middel gegrepen worden. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat als een middel niet werkt dat niet betekent dat dat het uiterste middel is dat ingezet kan worden. Het is ook goed te kijken naar wat in andere gemeenten heeft gewerkt. In Breda bijvoorbeeld is niet gekozen voor cameratoezicht maar voor een andere manier om het probleem terug te dringen. Het is beter eerst daarnaar te kijken. De heer Altenburg-Collin (VVD) vraagt welke concrete maatregel dan wel werkt. Mevrouw Klerks (Volt) is er niet van overtuigd dat Den Bosch alle data in huis heeft om te weten dat voor Den Bosch cameratoezicht de beste oplossing biedt. Het schenden van de privacy vindt zij te zwaar wegen op dit moment. De heer Roovers (SP) zegt dat veel mensen last hebben van het dumpen van grofvuil. Hij vindt dat er veel te veel camera's zijn en over de discussie hierover maakt hij zich zorgen. Vroeger werden camera's opgehangen om misdaad tegen te gaan maar nu voor steeds meer zaken. Hij mist een analyse in deze notitie waarom dit een toenemend probleem is. Hij wijst op de enorm snelle stijging van de tarieven voor de milieustraat; kan het daarmee te maken hebben en moet daar niet naar gekeken worden? De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat deze discussie alleen gaat over de inzet van flexibel cameratoezicht, niet over de cultuur en invloed die te maken hebben met bijplaatsen.

De dure milieustraat heeft hij expres weggelaten want anders gaat de discussie de verkeerde kant op. De heer Roovers (SP) zegt dat dat de keuze van de heer Gersjes is. De discussie wordt daarmee wel heel beperkt waarbij veel inzichten en analyses missen. Om die reden gaat hij niet mee met het voorstel. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat die analyse in tussenevaluaties is te vinden. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) zegt dat bijplaatsen van grofvuil ook voor hem een doorn in het oog is. Het jaagt bovendien de Afvalstoffendienst op kosten. Landelijk struggelen steden met de aanpak hiervan. Hij ziet een groter plaatje: de toegankelijkheid van de milieustraat, de wijze waarop de vuilcontainer erbij staat, worden containers tijdig geleegd etc. De vraag is of de camera's voor meer ingezet worden dan louter signalering. In Rotterdam is na 19

een signalering binnen dertig seconden iemand aanwezig, maar heeft Den Bosch die capaciteit? Alles moet geprobeerd worden om dit aan te pakken, dus ook flexibel cameratoezicht. De heer Verbruggen (D66) is geen voorstander van het gebruik van camera's in de openbare ruimte. Hij maakt zich zorgen over de mogelijkheid van het gebruik van beelden met nieuwe technieken. Hij stelt voor na de huidige pilot een nieuwe afweging te maken. Cameratoezicht lijkt hem niet het enige instrument. Het zal gecombineerd moeten worden met andere vormen van handhaving en gedragsbeïnvloeding, zoals containertuintjes, dit ziet hij niet terug in de notitie. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat als de heer Verbruggen niet in is voor de inzet van flexibel cameratoezicht hij niets hoeft uit te leggen over de containertuintjes. De heer Verbruggen (D66) denkt hetzelfde doel na te streven, namelijk het verminderen van het bijplaatsen van grofvuil, maar er zijn ook andere mogelijkheden. Hij weet niet of containertuintjes een succes zijn in Den Bosch, maar in zijn wijk is dat wel het geval. De heer Van Griensven (PVV) zegt dat dit een hardnekkig probleem is. De pilot met cameratoezicht is een goed idee, maar er dient wel gezorgd te worden voor duidelijke aanduiding dat er camera's hangen. De privacy is voldoende gewaarborgd door het tijdelijke en flexibele element.

De heer Bos (GroenLinks) sluit zich aan bij de andere fracties dat iets aan dit probleem gedaan moet worden. De inzet van camera's gaat voorbij aan een goed begrip van de oorzaak van het probleem. Het is belangrijk ook naar de onderliggende oorzaak te kijken. Zijn de mogelijkheden van de vuilstort niet bekend of niet toegankelijk genoeg? Hij mist de menselijke maat bij de inzet van camera's. Ook is er kans dat het vuil dan meer over de wijk wordt verspreid. Hij is terughoudend ten aanzien van dit voorstel. De heer Altenburg-Collin (VVD) erkent het genoemde probleem. In de evaluatie staat dat de boa's zichzelf niet terugverdienen en de bereikte resultaten tegenvallen. Mevrouw Klerks (Volt) merkt op dat het een tussenevaluatie betreft en er al een aanpassing is geweest. Het lijkt haar niet goed nu voorbarig conclusies te trekken over de effectiviteit van de pilot. De heer Altenburg-Collin (VVD) baseert zich op gegevens die er op dit moment zijn. Hij stelt voor een experiment te doen bijvoorbeeld in de Zuiderpassage om tijdelijk camera's op te hangen. Hij zal een motie hiertoe van de heer Gersjes ondersteunen. De heer Peters (PvdA) zegt dat de vraag hier is of het doel de middelen heiligt. Cameratoezicht is volgens hem niet het middel om dit probleem op te lossen. Ook maakt hij zich zorgen dat de afvaldumping dan op andere plaatsen zal plaatsvinden.

De handhaving is ook een probleem. Hij stelt voor dat naar andere oplossingen wordt gekeken. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) verwijst naar Zwolle, waar een bord met cameratoezicht stond en ergens in de straat hing ook een camera. Zou dat voor de PvdA wel werken? De heer Peters (PvdA) ziet de risico's van cameratoezicht in en denkt niet dat het zal bijdragen aan een oplossing hiervoor. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) is voorstander van 'de vervuiler betaalt'. Zij vraagt zich af of het plan van de heer Gersjes haalbaar is met het oog op de huidige wetgeving en wat de opbrengst is van het cameratoezicht. In de wijken waar het vuil zich opstapelt, is duidelijk een tekort aan voldoende afvalplaatsen. De heer Romijn (PvdD) vindt cameratoezicht een te zwaar middel. Niet ieders privacy mag geschonden worden om een paar overtreders op te sporen. Hij stelt voor in te zetten op 20

voorlichting en verduidelijking. Waarom zetten mensen die spullen daar neer? Weten zij niet waar zij die moeten laten of kunnen laten ophalen? De heer Altenburg-Collin (VVD) leest in de evaluatie dat er mensen zijn die dit bewust en onbewust doen. Nieuwe inwoners weten het bijvoorbeeld niet en daar kan iets aan voorlichting gedaan worden. Er zou een campagne moeten komen om de bewustwording te vergroten en daarna zouden camera's opgehangen moeten worden. De heer Romijn (PvdD) zal nooit voorstander zijn van cameratoezicht voor dergelijke vergrijpen. Hij is benieuwd naar de motivatie van mensen die bewust vuil bijplaatsen. Is dat financieel dan kan hen misschien korting worden gegeven. Als er al een rommelige situatie is bij de container dan nodigt dat uit om rommel bij te plaatsen. De gemeente moet dan maar de rol op zich nemen om de rotzooi op te ruimen, hoewel dat misschien wat krom is. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) zegt dat het dumpen van afval van alle tijden is. Cameratoezicht bij containers zou kunnen helpen om de buurt schoon te houden, maar dat moet dan wel flexibel ingezet worden. Voorkomen moet worden dat toezicht te streng of onnodig wordt toegepast. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) erkent het probleem maar denkt dat cameratoezicht maar tijdelijk werkt. Het waterbedeffect moet voorkomen worden en ook dat de hele stad vol met camera's hangt.

Er moet naar de oorzaak gekeken worden. De heer Kagie (Leefbaar 's-Hertogenbosch) denkt dat een tijdelijke camera wel het verschil kan maken in wijken waar dit veel voorkomt. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) is meer van het menselijke. Als er een hotspot is waar dit probleem blijft dan kan ook met menselijke inzet geprobeerd worden daar iets aan te doen. Een camera inzetten om vuil bijplaatsen te voorkomen, lijkt hem niet de oplossing. De heer Ploegmakers (CDA) erkent de problemen rondom bijplaatsingen. Hij hoopte dat zijn motie over containerkunst zou leiden tot een nettere omgeving, maar dat werkte niet overal even efficiënt. Als tijdelijke camera's weer weggehaald worden, ontstaat waarschijnlijk hetzelfde probleem. En wat als je iemand ziet op de camera, wat is dan het vervolg? Big brother is watching you wordt onderhand ook een groot probleem. Hij heeft het antwoord niet of camera's tot een oplossing zullen leiden. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) kan zich vinden in het flexibel inzetten van camera's. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) is zeer teleurgesteld. Hij ziet dat dertien raadsleden achter het voorstel staan. Niemand komt met echte oplossingen. Op alle fronten kunnen onderzoeken gedaan worden maar dat is een andere discussie. Jammer dat niet ook naar de steden is gekeken waar camera's juist wel worden ingezet en waar het effect groot is.

Privacy kan worden gegarandeerd. De hotspots moeten worden aangepakt. Hij stopt met zijn inzet hiervoor. Er is een enkel containertuintje in de stad en daar is enige verbetering te zien, maar die zullen bij hotspots vast ook volgedumpt worden. Hij had verwacht dat de commissieleden hier anders in zouden zitten. Als hij in een volgende raadsperiode in de coalitie komt dan zal dit het eerste punt zijn dat hij zal aanpakken. Hij concludeert dat het geen zin heeft een motie in te dienen. 12.

Discussienota verduurzaming en welstand – SP, PvdA, PvdD De heer Roovers (SP) zegt dat de aanleiding voor deze nota is het gedoe rondom de zonnepanelen op de Muntel. Welstandsregels zijn niet bedoeld om dat soort zaken te voorkomen. Die regels zijn bedoeld om een prettige leefomgeving voor iedereen te creëren. De regels zijn een middel en geen doel op zich. Dat was de aanleiding voor deze discussienotitie en deze gaat natuurlijk veel breder dan alleen over de zonnepanelen op de Muntel. Er wordt onderscheid gemaakt in monumenten, beschermd stadsgezicht en welstandsregels. Deze notitie gaat niet zozeer over monumenten. Zonnepanelen op de Sint-Jan wil niemand, maar dit gaat over de vraag of de welstandsregels nog eens tegen het licht gehouden moeten 21

worden om te kijken of er meer ruimte is voor verduurzaming. Er is een beantwoording op de technische vragen toegevoegd en daaruit blijkt dat daar ruimte voor is. Deze notitie zal eindigen in een motie richting de raad en daarin zal de wethouder een aantal zaken meegegeven worden. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vindt het kwalijk dat een Welstandscommissie zegt verduurzamen heel belangrijk te vinden maar vervolgens zegt: daar gaan wij niet over. De gemeente kan nog zulke mooie intenties hebben op het gebied van verduurzaming, maar op deze manier stagneert die voortgang. Hij deelt de mening inzake de zonnepanelen op de Muntel. Het kan niet zo zijn dat er wel iets gedaan kan worden als het maar eerst in de krant komt. Er kan niet gesteld worden dat alles wat voor de Tweede Wereldoorlog is gebouwd onaangetast moet blijven. Zo staat het volgens de heer Roovers (SP) niet in de notitie. Hij wil dat de raad kaders hieraan meegeeft. Als er in een gebied van beschermd stadsgezicht gebouwen zijn die duidelijk afwijken van de historische waarde dan zouden daar wel regels voor gemaakt kunnen worden. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) kan zich daarin vinden. Vraag 4: dit is inderdaad nodig en vraag 5: daar kan hij zich in vinden.

De heer El Amraoui (D66) hecht veel waarde aan de historie en het erfgoed van Den Bosch maar is niet van mening dat zonnepanelen het stadsgezicht of beeldkwaliteit aantasten. Ten aanzien van vraag 2 ziet hij meer ruimte voor flexibiliteit en maatwerk. Naoorlogse panden kunnen ook een esthetische of cultuurhistorische waarde vertegenwoordigen, maar zonnepanelen doen daar niets aan af. De vraag is of het college de ruimte voor verduurzaming wel volledig benut en hij is benieuwd naar de mogelijkheden van pilots om nieuwe technieken, zoals zonnepanelen in de vorm dakpannen, uit te testen op historische panden in de binnenstad. De heer Peters (PvdA) zegt dat in de Welstandsnota niet specifiek iets staat dat mensen kan helpen, bijvoorbeeld een hoofdstuk over verduurzaming en hoe dit op een goede manier in te passen. Zou de Welstandsnota geactualiseerd moeten worden? De heer El Amraoui (D66) weet niet of de Welstandsnota de plek is om dit aan te jagen, maar als de PvdA met een voorstel komt dan zal hij daarnaar kijken. De heer Bos (GroenLinks) is voor een groene en duurzame toekomst en schone energie zoals zonne-energie. Vaak staan welstandsnormen en verduurzaming tegenover elkaar. Met de energietransitie moeten kansen gegrepen en gecreëerd worden in schone en duurzame energie. Instinctief zou hij de vragen in de notitie met ja kunnen beantwoorden.

Wel moet kritisch gekeken worden naar de welstandsnormen en deze mogelijk aanpassen, maar eerst moet nog een volgende stap gezet worden in de discussie. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) is niet tegen zonnepanelen maar de Welstandscommissie is wel nodig om een lijn te bewaken. Er zijn altijd discussiepunten en wie beslist er dan; dat is de Welstandscommissie. Als welstand te weinig gaat meepraten dan kunnen er Belgische toestanden ontstaan en daar wordt de stad niet mooier van. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat dat juist iets is wat de indieners duidelijk willen gaan maken met de aanpassing in de Welstandsnota omdat er nu geen duidelijke criteria zijn als je met duurzame materialen wil bouwen. Het is zaak duidelijkheid te geven aan de voorkant. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) denkt dat de hele bouwwereld weet dat er aanpassingen moeten komen en dat gaat waarschijnlijk minder snel dan sommigen hier zouden willen. Het moet niet zo zijn dat de raad precies zegt wat wel en wat niet gebouwd mag worden; voorzichtigheid is daarbij geboden. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of de heer Pennings het met haar eens is dat er een stukje duidelijkheid aan mensen geboden moeten worden.

22

De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) denkt dat duidelijkheid voor iedereen het beste is. De raad moet daar echter niet in doordraven. Bij welstand zitten mensen die hier ook echt verstand van hebben. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat Den Bosch haar vele monumenten moet koesteren, want deze zijn beeldbepalend en dragen bij aan het unieke karakter van de stad. Hij wil de regels niet aanpassen als dat ten koste gaat van de beeldkwaliteit. Onlangs ontving de gemeente een verduurzamingsprijs voor het verduurzamen van een monument; dat kan dus. De heer Roovers (SP) merkt op dat de vraag is of niet iets meer ruimte geboden kan worden aan gebouwen in beschermde stadsgezichten die minder beeldbepalend of cultuurhistorisch bepalend zijn. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat de erfgoedadviseurs van de gemeente wat meer in gesprek moeten gaan en een meer aanjagende rol gaan spelen. In 2022 is het beleid ten aanzien van zonnepanelen vastgesteld en nu wordt alweer gevraagd of daar anders mee omgegaan moet worden. Wat hem betreft niet, want iedereen was het met elkaar eens in 2022. Bij de Muntel heeft het college wel de ruimte geboden om daar toch zonnepanelen neer te leggen. Daar is hij ook voorstander van. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat handhaven op stadsgezicht en beeldkwaliteit vaak wel belangrijk is. Er zijn regels opgesteld om te voorkomen dat dat aangetast wordt.

Begrijpelijk als het gaat om gevelkleur, bouwmaterialen et cetera, maar hoe ver wil je gaan in het beschermen van het een als een andere belangrijke doelstelling daarmee belemmerd wordt, in dit geval verduurzaming? Welk gezichtspunt is dan leidend? Vraag 1: beschermd stadsgezicht is iets anders dan beeldkwaliteit; dat laatste is vrij subjectief uit te leggen. Als het vanaf de straat niet direct zichtbaar of herkenbaar is, moeten duurzaamheidsmaatregelen en zonnepanelen altijd toegestaan worden, vindt zij, of het nu een monument is of niet. Vraag 2: het is belangrijk dat de raad een uitspraak doet over wat een aanvaardbare verandering is. Zijn zonnepanelen even storend als geveldecoratie? Hoe wordt de mensen in deze gebieden een alternatieve duurzaamheidsoplossing geboden? Op de vragen 3, 4 en 5 antwoordt zij instemmend. Mevrouw De Groot (VVD) vindt niet dat dit onderwerp om een nieuwe discussie vraagt. Er is maatwerk en er zijn kaders inzake zonnepanelen in de historische binnenstad. De oproep aan het college om vooral in gesprek te blijven met woningcorporaties en marktpartijen over de knelpunten inzake duurzaam bouwen onderschrijft zij. Mocht er uit die gesprekken komen dat er minder regels nodig zijn dan is zij het daarmee eens.

De heer Peters (PvdA) vraagt of de VVD voorstander is van het aanpassen van de Welstandsnota om meer duidelijkheid te bieden voor bijvoorbeeld een woningcorporatie inzake duurzaamheid. Dat is voor mevrouw De Groot (VVD) niet opportuun. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat het hier inderdaad geen België moet worden, maar er is een groot verschil tussen dat en de huidige Welstandsnota. De raad is het er bijna volledig over eens dat er duurzamer gebouwd moet worden. In welk tempo en wat de rol van de overheid is om daarin te sturen, daarin verschillen de meningen maar de weg voor duurzaam bouwen moet opengelegd worden. De huidige Welstandsnota is dertien jaar oud en die ontwikkelingen worden daardoor soms bemoeilijk of onmogelijk gemaakt. Duurzame keuzes zouden juist aangemoedigd moeten worden en dan kan ook, maar zij ziet een wat rigide houding daarin. De huidige Welstandsnota staat haaks op wat de raad wil qua duurzaamheid. Flexibiliteit in het materiaalgebruik buiten het historisch centrum en beschermd stadsgezicht toepassen waar dat kan. Zonnepanelen dienen de ruimte te krijgen bij panden die niet in lijn zijn met het karakteristieke aangezicht van het beschermd stadsgezicht. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat in de binnenstad ook regelmatig moderne panden worden gebouwd. Moet daarbij afgeweken worden van de regels omtrent beschermd stadsgezicht?

23

Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat haar bijdrage niet zozeer is gericht op de binnenstad, want in de binnenstad liggen zaken soms wat anders dan bijvoorbeeld in Boschveld. Er moet juist eerst bekeken worden wat er mogelijk is in de rest van de gemeente, om de groene opgave die er ligt ook te bereiken. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) zegt ten aanzien van vraag 1 dat het ook essentieel is om de regels flexibel te benaderen. Een strikte toepassing kan innovatie en verduurzaming soms onnodig belemmeren. Vraag 2, nee, het zou beter zijn als de regels per situatie worden bekeken. Als gebouwen bijvoorbeeld niet monumentaal of karakteristiek zijn, zou meer ruimte geboden moeten worden voor duurzame oplossingen zonder dat dit ten koste gaat van het stadsgezicht binnen de huidige regels. Vraag 3, deze mening deelt hij niet, dit moet per situatie bekeken worden. Vraag 4, binnen de huidige regelgeving. Hij is niet bereid het college te verzoeken de regels aan te passen, maar wel te zoeken naar maatwerk en flexibiliteit. De heer Van Griensven (PVV) zegt dat de bescherming van het stadsgezicht in Den Bosch wat hem betreft altijd boven het plaatsen van zonnepanelen moet staan. Er is zeker een aanleiding om de beleidsregels en de werkwijze rondom zonnepanelen tegen het licht te houden.

Op gebouwen van na de Tweede Wereldoorlog zonder monumentale status zouden zonnepanelen niet in het zicht mogen liggen als daarmee het stadsgezicht of de beeldkwaliteit wordt aangepast. Zonnepanelen op de Sint-Jan is geen gezicht. De vragen 4 en 5 beantwoordt hij met een nee. De heer El Amraoui (D66) is benieuwd wat de heer Van Griensven vindt van alle airco's boven in de Sint-Jan. De heer Van Griensven (PVV) vindt die ook geen gezicht. De heer Kieft (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vindt dat pragmatisch omgegaan moet worden met de regels, dus waar nodig en waar mogelijk aanpassen. Hij ziet uit naar de motie. De heer Roovers (SP) dankt de fracties voor hun inbreng. Hij komt richting de raad met een initiatief en zal de fracties van zijn motie op de hoogte brengen. 13.

Rondvraag en sluiting (vervolg) De voorzitter sluit onder dankzegging aan eenieder de vergadering om 23.07 uur. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de commissie Bedrijvigheid van 31 oktober 2024. De secretaris, mr. drs. R. van der Meer

De voorzitter, mw. M.A.J.T. Korver-van Weegberg

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14756510/1