CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Bijlage Ontwerpstructuurvisie MIRT-verkenning A2 Deil-Vught

Gemeenteraad 22 september 2021, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Bestuurlijke reactie ontwerpstructuurvisie A2 Deil-'s-Hertogenbosch-Vught34.521 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

10

Linie 1629

gemeente ‘s-

op diverse locaties direct langs de A2 kruist of loopt deze langs de

Hertogenbosch

voormalige Linie 1629. Een voormalige aanvals- en verdedigingslinie tijdens het beleg van ’s-Hertogenbosch in 1629. De inzet is deze linie zichtbaarder en beleefbaarder te maken

Pagina 77 van 82

Ontwerpstructuurvisie MIRT-verkenning A2 Deil-Vught

11

100 % circulair

gemeente ‘s-

de A2 volledig circulair ontwerpen en realiseren. Gericht op onder

Hertogenbosch

andere hergebruik van materialen en hergebruik na levensduur. De infrastructuur komt rond 2030 in gebruik en blijft in gebruik tot zeker 2050, dit zorgt ervoor dat we moeten ontwerpen en realiseren met deze termijnen

12

CO2-neutraal

gemeente ‘s-

de A2 CO2-neutraal ontwerpen en realiseren. Als dit niet mogelijk is,

Hertogenbosch

compenseren. De infrastructuur komt rond 2030 in gebruik en blijft in gebruik tot zeker 2050, dit zorgt ervoor dat we moeten ontwerpen en realiseren met deze termijnen

13 14

groen en

gemeente ‘s-

de A2 ontwerpen en realiseren met maximale hoeveelheid groen

klimaatbestendig

Hertogenbosch

(bomen, beplanting). Ambitie. Kansrijk als EMVI

schonere lucht

gemeente ‘s-

de gemeente ’s-Hertogenbosch heeft de ambitie gesteld om in 2030

Hertogenbosch

aan de luchtkwaliteitsnormen van de World Health Organization (WHO) te voldoen. Verkeer en vervoer is de belangrijkste bron van luchtverontreiniging en levert ook 30 % van de CO2-uitstoot van de stad. Specifieke maatregelen voor verbetering van de luchtkwaliteit leveren ook veel kansen op het gebied van klimaatbeleid, leefbaarheid en bereikbaarheid

15

uitbreiding

waterschappen

er ligt een forse waterveiligheidsopgave in de omgeving van ’s-

Hoogwaterbescherming

Aa en Maas en

Hertogenbosch. Enerzijds is de opgave vanuit het regionale

’s-Hertogenbosch

De Dommel

watersysteem van Dommel en Aa toegenomen (hogere afvoer door

(Kloosterstraat /

klimaatverandering), anderzijds de afvoergolf op de Maas. In

Dungense polder)

samenhang met een hoge Maasstand volstaan de huidige hoogwaterbergingslocaties rond ’s-Hertogenbosch niet meer. Dit vraagt om nader onderzoek, waarbij onder andere de locatie Kloosterstraat / Dungense Polder in beeld is. Deze polder grenst aan de A2, waardoor dit ook integraal in het project MIRT A2 beschouwd dient te worden. Ook op andere plekken grenzend aan de A2 liggen er wellicht kansen in het kader van de waterveiligheid. Waterschappen Aa en Maas en De Dommel willen samen met de partners in dit gebied de komende jaren aan de slag om dit hoogwatervraagstuk verder te verkennen. Hoe groot is de kans op overstroming? Wat zijn de gevolgen? En welke oplossingsrichtingen kunnen we uitwerken in het licht van de andere maatschappelijke opgaven waar we met zijn allen voor staan, zoals de energie- en landbouwtransitie en de groei van transport en woningbouw?

16

natuurontwikkeling en

waterschap Aa

naast de Kloosterstraat / Dungense Polder (vorige meekoppelkans) is

uitbreiding

en Maas;

ook een locatie nabij knooppunt Hintham (gebied tussen aansluiting

hoogwaterbescherming

gemeente ‘s-

A2/A59, Maximakanaal en bedrijventerrein de Brand) in beeld voor

’s-Hertogenbosch

Hertogenbosch

waterveiligheid. Dit gebied grenst aan de A2, waardoor dit ook

(Zandvang /

integraal in het project MIRT A2 beschouwd dient te worden. Insteek

Brandseplas /

is om deze locatie naast waterberging ook verder te ontwikkelen en

knooppunt Hintham)

in te richten als natuurgebied met een grotere verscheidenheid aan plant- en diersoorten. Waar mogelijk worden ook de recreatiemogelijkheden vergroot. Gemeente ’s-Hertogenbosch en waterschap Aa en Maas (en De Dommel) willen de komende jaren samen met de andere partners in dit gebied aan de slag om de mogelijkheden in dit kader te verkennen

17

ontwikkeling

waterschap Aa

A2 en stadsAa kruisen elkaar. Het icoonproject ‘Groene oevers langs

icoonproject Groene

en Maas;

de stadsAa’ beoogt voor de stadsAa vergroening door middel van

Oevers langs de

gemeente ‘s-

beekherstel en het realiseren van een ecologische verbindingszone

stadsAa

Hertogenbosch

met daaraan gekoppelde kwaliteitsimpulsen vanuit ruimtelijke kwaliteit, recreatie en erfgoed. Dit icoonproject is onderdeel van de ruimtelijke verkenning voor het gehele beekdal van de Aa. Een icoonproject levert een bijdrage aan de wateropgave en versterkt de ruimtelijke kwaliteit van het beekdal. Gemeente ’s-Hertogenbosch en waterschap Aa en Maas willen de komende jaren samen met de andere partners in dit gebied aan de slag om de mogelijkheden in dit kader te verkennen

18

robuust groenblauwe

waterschap Aa

de landschappelijke en ecologische ambitie is om tussen knooppunt

zone A2

en Maas;

21 en 22 de snelweg in te bedden in een moerassige zone aan

gemeente ‘s-

weerszijden van de A2. Deze ambitie valt uiteen in 2 projecten. De

Hertogenbosch

ambitie voor de Dungense Polder – onderdeel van De Groene Delta -

Pagina 78 van 82

Ontwerpstructuurvisie MIRT-verkenning A2 Deil-Vught

is het ontwikkelen van een robuuste groenblauwe structuur die de verbinding vormt tussen Dommeldal / Het Bossche Broek en Aadal / Kanaalpark. Het project beoogt het ontwikkelen van een open waterverbinding, plasdras en lokaal optimaal ingerichte weidevogelgebieden. Daarnaast is er ruimte voor waterberging bij extreem hoogwater op Aa, Dommel en Maas als ook als strategische waterbuffer. Voor een goede ecologische verbinding is het gewenst om de halve klaverbladen om te vormen naar open water en moeras en te voorzien van faunatunnels met als ambassadeur de otter. Daarnaast is er de stedelijke opgave om tussen de nieuwe wijk Groot Meerendonk en de A2 een moerassige zone te ontwikkelen. Stedenbouwkundig plan in voorbereiding. Tot slot is de opgave om te komen tot behoud en herstel van de standplaats voor de oudste bomen langs de A2. Daarvoor is verplaatsing van de bomen naar een definitieve plek een nader te onderzoeken optie 19

optimalisatie

Rijkswaterstaat;

niet enkel de huidige situatie A2 Maasbruggen zorgt voor een

doorstroming Maas bij

provincie

flessenhals in de Maas, ook de direct benedenstrooms daarvan

hoog water

Gelderland;

gelegen 2 bruggen (de spoorbrug en de brug Hedel) veroorzaken

waterschappen

opstuwing. Van de spoorbrug is dit kwantitatief al eens in beeld gebracht, van de Hedelsebrug is dit kwantitatief niet bekend. Kortom: het hele cluster van deze 3 bruggen samen is 1 grote hydraulische flessenhals in de Maas. Om die flessenhals effectief weg te nemen moet de situatie in zijn geheel in beschouwing worden genomen. Dit om te kunnen beoordelen welke ingrepen aan deze bruggen in samenhang het meest effectief zijn

20

optimalisatie

Werkgroep

de Werkgroep Kleine Marterachtigen Bommelerwaard pleit ervoor bij

bestaande

Kleine

de geplande werkzaamheden aan de A2 ook de bestaande

faunapassages

Marterachtigen

faunapassage te verbeteren door begeleidende rasters te herstellen

Bommelerwaard

en op verschillende locaties een toeloop te creëren. (door bijvoorbeeld de aanleg van natuurvriendelijke oevers langs de sloten die leiden naar de faunapassages / duikers)

21

verbinding natuurlijk

Werkgroep

de Werkgroep Kleine Marterachtigen Bommelerwaard pleit ervoor dat

leefgebied grote

Kleine

bij de werkzaamheden aan de A2 een faunapassage (tunnel) die

zoogdieren

Marterachtigen

geschikt is voor de ree, wordt opgenomen als meekoppelkans. De

Bommelerwaard

tunnel wordt dan bij voorkeur ‘halverwege’ geplaatst, zodat het agrarisch gebied, waar reeën veelvuldig gebruik van maken, verbonden wordt

22

verbinding natuurlijk

Werkgroep

vanuit de Werkgroep Kleine Marterachtigen Bommelerwaard pleiten

leefgebied

Kleine

wij ervoor om bij de verbreding van de A2 meekoppelkansen op te

marterachtigen

Marterachtigen

nemen ten gunste van de verbinding van natuurgebieden en

Bommelerwaard

populaties van in het bijzonder marterachtigen. Concreet pleiten wij voor het verhogen van het aantal faunapassages (veilige oversteken), geschikt voor marterachtigen. Hiertoe behoren tevens maatregelen als begeleidende rasters en de inrichting van een toeloop om de functionaliteit van faunapassages te garanderen

23

24

verbinding riviernatuur

Werkgroep

de Werkgroep Kleine Marterachtigen Bommelerwaard pleit ervoor om

Bommelerwaard

Kleine

bij het ontwerp van de nieuwe A2 rekening te houden met voldoende

Marterachtigen

ruimte onder de A2 zodat het riviersysteem niet doorbroken wordt

Rekening houden met

Waterschap Aa

De waterschappen pleiten ervoor om bij de bepaling van de

verhevigde neerslag

en Maas;

benodigde compensatie voor toename verhard oppervlak rekening te

Waterschap De

houden met buien van 90 mm / 24 uur in plaats van 60 mm om zo

Dommel;

een klimaatrobuuste inrichting te realiseren.

Waterschap Rivierenland

Pagina 79 van 82

Ontwerpstructuurvisie MIRT-verkenning A2 Deil-Vught

Toelichting belangrijkste meekoppelkansen water Vergroten waterberging rondom ‘s-Hertogenbosch Voor waterveiligheid ligt er in de omgeving van ’s-Hertogenbosch een forse opgave. Deze hangt samen met het samenvallen van de verwachte hogere afvoer vanwege klimaatverandering vanuit Dommel en Aa en de afvoergolf op de Maas. Bij een hogere en langere Maasgolf kan niet worden afgevoerd vanuit het regionale watersysteem. Daardoor zullen de huidige hoogwaterbergingslocaties rond ’sHertogenbosch niet meer voldoen om ’s-Hertogenbosch te beschermen. Ook de A2 loopt in de toekomst extra risico om onder water te lopen. Dit risico wordt door het project niet vergroot of verkleind. Maar het is vanzelfsprekend voor alle betrokkenen in het gebied belangrijk dat de waterbergingscapaciteit rond ‘s-Hertogenbosch wordt vergroot. De waterschappen zijn reeds een gebiedsproces gestart om oplossingsrichtingen en concrete maatregelen uit te werken teneinde de waterbergingscapaciteit te vergroten. Daarbij is de locatie Dungense Polder in beeld. Deze polder ligt naast de A2. Ook op andere plekken naast de A2 liggen er mogelijk kansen voor verbetering van de waterberging. De waterschappen Aa en Maas en de Dommel zijn samen met partners een gebiedsproces gestart om de oplossingen voor het waterbergingsvraagstuk verder te concretiseren.

Hoe groot is de kans op overstroming? Wat zijn de gevolgen? En welke oplossingsrichtingen zijn haalbaar in het licht van de andere maatschappelijke opgaven zoals de energie- en landbouwtransitie en de groei van transport en woningbouw? In 2021 zullen de waterschappen het resultaat bespreken met de opdrachtgevers van het project A2 Deil-Vught. Dan zal bezien worden of het resultaat kan leiden tot meekoppelkansen in de planuitwerkingsfase van de A2 Deil-Vught. De betrokken waterschappen en alle opdrachtgevers van het Project A2 Deil-Vught hebben er belang bij dat dit onderwerp een plek krijgt in de toekomstige impulsregeling vanuit het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie. Overheden in het Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie werken samen aan het uitvoeren van het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA, Prinsjesdag, 2017). In het DPRA is afgesproken dat alle overheden stresstesten maken, risicodialogen voeren en uitvoeringsagenda’s opstellen om de klimaatbestendigheid hiervan in beeld te krijgen. In Zuid-Nederland wordt in gezamenlijkheid gewerkt aan een uitvoeringsagenda. In de uitvoeringsagenda worden onder meer de opgaven, maatregelen en inzet in beeld gebracht. Op 20 november 2018 is een bestuursakkoord Klimaatadaptatie gesloten.

Daarin geven gemeenten, waterschappen, provincies en Rijk een impuls aan de aanpak van klimaatadaptatie en de uitvoering van de maatregelen zoals afgesproken in het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie. Het Rijk werkt in het kader daarvan aan een wijziging van de Waterwet. Deze wijziging maakt het mogelijk om uit het Deltafonds ook bijdragen te kunnen verstrekken aan decentrale overheden voor het nemen van maatregelen tegen wateroverlast. De wijziging van de Waterwet treedt 1 juli 2020 in werking. Ook wordt een tijdelijke impulsregeling voorbereid gefinancierd door Rijk . Hierin wordt uitgewerkt voor welke maatregelen en voorzieningen en onder welke voorwaarden decentrale overheden in aanmerking komen voor een financiële bijdrage. De tijdelijke impulsregeling treedt op 1 januari 2021 in werking. In een kamerbrief van 20 april 2020 is meer informatie te lezen. Verbeteren doorstroming grote rivieren Een met waterberging samenhangend vraagstuk is het verbeteren van de doorstroming van de grote rivieren. Nieuwe bruggen over de Waal en de Maas mogen de doorstroming van de rivieren niet beperken. De bottleneck zit vooral bij bestaande bruggen over de Maas. Het vergroten van de doorstroming onder bestaande Maasbruggen is wenselijk omdat dit bij hoogwater leidt tot een lagere waterstand en vermindering van overstromingsrisico.

Er zijn 3 bestaande bruggen die samen een hydraulische flessenhals vormen: brug bij Hedel, bestaande snelwegbruggen, spoorbrug. Mogelijke maatregelen, effecten en kosten dienen

Pagina 80 van 82

Ontwerpstructuurvisie MIRT-verkenning A2 Deil-Vught

nader te worden onderzocht ook in relatie tot vergroten van waterberging met de Dungense Polder. De betrokken waterschappen, regionale partijen en Rijkswaterstaat zullen in overleg met het Programma Integraal Riviermanagement (IRM) en het Hoogwaterbeschermingprogramma (HWBP) een aanpak en proces uitwerken waarmee dit onderwerp een plek kan krijgen in een van deze programma’s. Een ander vraagstuk is de mogelijk verwijdering van de oude brugpijler naast de Martinus Nijhofbrug in de Waal. Deze pijler belemmert de scheepvaart en de doorstroming. Raakvlakinventarisatie heeft echter uitgewezen dat verwijdering niet verantwoord is vanwege onvoorspelbare risico’s voor de houten fundering van de naastliggende meer dan 150 jaar oude spoorbrug. Rekening houden met verhevigde neerslag De bouw of uitbreiding van woningen, bedrijven en infrastructuur resulteert vaak in een toename aan verhard oppervlak. Ook de maatregelen aan de A2 zullen leiden tot vergroting van verhard oppervlak. Hemelwater dat op deze verharding valt wordt meestal óf via het rioolstelsel óf via watergangen afgevoerd. Bij hevige regenval kan op verschillende plaatsen wateroverlast ontstaan doordat in korte tijd veel hemelwater tot afstroming komt.

Bovendien zorgt de versnelde afvoer op de hoge zandgronden in Brabant ook nog eens voor verdrogingsproblemen, aangezien het water niet de tijd krijgt om het grondwater aan te vullen. Het project A2 DeilVught dient deze extra waterafstroming te compenseren. Bij de wettelijke neerslagnorm van 60 mm/24 uur is in het voorkeursalternatief circa 8.100 m2 watercompensatie nodig. Het KNMI heeft een hogere verwachting afgegeven van 90 mm gebaseerd op toekomstprognoses van klimaatverandering: dan is 14.800 m2 watercompensatie nodig. Om het regenwater van het afwaterend verhard oppervlak vast te houden geldt vanuit de Brabantse Keur een compensatie van 60 mm per m 2 toename aan verhard oppervlak. Doordat het klimaat in verandering is en daardoor neerslagstatistieken ook voortdurend worden aangepast is het advies van de waterschappen om voor kapitaalintensieve projecten een robuustheidstoets toe te passen. Hiermee kan de initiatiefnemer in beeld krijgen welke gevoeligheid in het gebied of bij kapitaalintensieve functies optreden. Hierbij kiezen de Brabantse waterschappen voor een neerslaggebeurtenis van circa 90 mm met een duur van 12 uur. Dit is namelijk een gebeurtenis die op basis van de huidige klimaatinzichten eens per 100 jaar voorkomt. Hierbij moet benadrukt worden dat de betrokken waterschappen en de opdrachtgevers van het project A2 Deil-Vught de 90 mm niet als norm hanteren.

Deze norm is vooral bedoeld om kwetsbaarheden in beeld te brengen en kapitaalintensieve investeringen klimaatrobuust in te richten. In de planuitwerkingsfase van het project A2 Deil-Vught zal een 90 mm stresstest worden uitgevoerd. Vervolgens zal in overleg met de betrokken waterschappen in overleg bepaald worden welke watercompensatiemaatregelen verstandig zijn.

Pagina 81 van 82

Ontwerpstructuurvisie MIRT-verkenning A2 Deil-Vught

Bijlage E

Participatieverslag

Pagina 82 van 82

MIRT-verkenning A2 Deil-Vught Participatieverslag Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat 8 juni 2021

Project Opdrachtgever

Document Status Datum Referentie

Projectcode Projectleider Projectdirecteur

Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door

MIRT-verkenning A2 Deil-Vught Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Participatieverslag Definitief 07 8 juni 2021 116091-3.1/21-008.637

116091 A.M. Springer-Rouwette MSc drs.ing. E.J.N. Rijsdijk

C.F. Terpstra MSc, drs. E. van der Veen MPA (AT Osborne) A.M. Springer-Rouwette MSc, C.G. Sedee MSc A.M. Springer-Rouwette MSc

Paraaf

Adres

Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Catharijnesingel 33 Postbus 24087 3502 MB Utrecht +31 (0)30 765 19 00 www.witteveenbos.com KvK 38020751

Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING

5

1.1

MIRT-verkenning

5

1.2

Participatie

6

1.3

Leeswijzer

6

2

PARTICIPATIE IN DE VERKENNINGSFASE

7

2.1

Verschillende vormen van participatie

7

2.2

Inspraak en zienswijzen

7

2.3

Participatie in fases

8

2.4

Gebiedsproces Waardenburg

10

3

OVERZICHT PARTICIPATIEMOMENTEN

11

3.1

Juni 2018: startbijeenkomst

11

3.2

September 2018: inventariserende workshops

11

3.3

November 2018: onderzoeksateliers

13

3.4

Februari 2019: ambtelijk-bestuurlijke bijeenkomst longlistmaatregelen Regio Rivierenland

13

3.5

Maart 2019: workshops kansen en knelpunten

13

3.6

November 2019: informatiebijeenkomsten Notitie Reikwijdte en Detailniveau en ter inzage legging

14

3.7

Maart 2020: workshops kansrijke alternatieven

15

3.8

April 2020: gebiedssessie Velddriel

15

3.9

Mei 2020: workshop afweging naar voorkeursalternatief

16

3.10

Mei 2020: gebiedssessie ’s-Hertogenbosch

16

3.11

Voorjaar 2020 en voorjaar 2021: gebiedsproces Waardenburg

17

4

DOORKIJK NAAR HET VERVOLG

19

4.1

Ter inzagelegging ontwerpstructuurvisie (zomer 2021)

19

4.2

Planuitwerkingsfase (gepland 2022 - 2024)

19

Laatste pagina

Bijlage(n) I

Overzicht participatiemomenten

19

Aantal pagina's 2

1 INLEIDING 1.1

MIRT-verkenning

De A2 is de belangrijkste noord-zuidverbinding van Nederland en verbindt de kennisregio Eindhoven met de Randstad. Op dit moment dreigt de A2 tussen de knooppunten Deil en Vught uit te groeien tot 1 van de grootste fileknelpunten van het land. Op het traject spelen zowel problemen rondom bereikbaarheid als verkeersveiligheid. De hoge verkeersintensiteiten, en knelpunten zoals de Maasbrug en Waalbrug, knooppunten Empel en Deil en aansluitingen op het onderliggend wegennet, zorgen voor veel files op het traject. Daarnaast vinden er veel verkeersongevallen plaats. De problemen op dit traject waren aanleiding voor de minister van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) om op 4 juni 2018 een Startbeslissing te nemen voor de start van de MIRT-verkenning A2 knooppunt Deil - ’s-Hertogenbosch - knooppunt Vught1 naar aanleiding van het uitgevoerde MIRT-onderzoek. Om besluiten over nieuwe hoofdinfrastructuur of aanpassingen aan bestaande hoofdinfrastructuur mogelijk te maken, hanteert het ministerie van IenW de aanpak van het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Ruimte (MIRT) (zie afbeelding 1.1). Het MIRT omvat een systematiek voor de planvorming, de besluitvorming en de financiering van projecten van het ministerie van IenW.

De MIRT-systematiek doorloopt een aantal fasen: een onderzoek dat aanleiding geeft tot een Startbeslissing, een verkenning die leidt tot een voorkeursbeslissing, een planuitwerking die resulteert in een projectbesluit en tot slot, de realisatie en het beheer. Afbeelding 1.1 laat zien dat de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught loopt van juni 2018 tot eind 2021. De planuitwerkingsfase loopt ongeveer van 2022 tot 2024. Vervolgens gaat de realisatiefase van start. De MIRT-verkenning A2 Deil-Vught is onderdeel van het programma A2 Deil-Vught, waarin Rijk, provincies Noord-Brabant en Gelderland, de Regio Rivierenland en de gemeente ’s-Hertogenbosch werken aan korte en lange termijn oplossingen voor de bereikbaarheidsproblematiek op de A2 Deil-Vught. De MIRTverkenning A2 Deil-Vught wordt vanuit de opdrachtgevende partijen begeleid door de Projectgroep waarin alle opdrachtgevers ambtelijk vertegenwoordigd zijn.

1

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (2018). Startbeslissing MIRT-verkenning A2 knooppunt Deil - ’s-Hertogenbosch knooppunt Vught. Te raadplegen via: https://www.mirta2deilvught.nl/mirtverkenning/bibliotheek+k+verkenning/HandlerDownloadFiles.ashx?idnv=1278876.

5 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

Afbeelding 1.1 MIRT-proces A2 Deil-Vught

1.2

Participatie

De Projectgroep MIRT-verkenning A2 Deil-Vught vindt het belangrijk om belanghebbenden mee te nemen bij het aandragen en uitwerken van oplossingen voor de bereikbaarheidsproblemen op de A2 tussen de knooppunten Deil en Vught. Belanghebbenden in het gebied beschikken namelijk over relevante (gebieds)kennis die kan helpen bij het maken van de juiste keuzes. In dit participatieverslag leest u meer over hoe, wanneer en waarover de belanghebbenden en belangstellenden in de omgeving van de A2 tussen Deil en Vught betrokken zijn in het project.

1.3

Leeswijzer

Hoofdstuk 2 beschrijft op hoofdlijnen het proces van participatie dat in dit project is doorlopen. Het gaat in op de verschillende middelen die hiervoor zijn ingezet, hoe de participatiemomenten verdeeld zijn over verschillende fases in het project en een korte toelichting op het gebiedsproces Waardenburg. In hoofdstuk 3 is toegelicht welke bijeenkomsten en workshops er zijn georganiseerd, wat daarbij het doel was en welk resultaat dit heeft opgeleverd. Hoofdstuk 4 geeft een doorkijk naar het vervolg van participatie in het project, zowel voor de afronding van de verkenningsfase als de planuitwerkingsfase die daar op volgt.

6 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

2 PARTICIPATIE IN DE VERKENNINGSFASE 2.1

Verschillende vormen van participatie

Vanaf de start van de verkenningsfase zijn belanghebbenden op diverse manieren betrokken bij het project. Belanghebbenden hebben elk hun eigen wensen waar het gaat om de manier waarop hij/zij betrokken wordt en de intensiteit waarmee hij/zij betrokken wil zijn. Om een zo groot mogelijke doelgroep te bereiken en tegemoet te komen aan ieders wensen is een mix van participatiemiddelen en -momenten ingezet. Zo zijn er meer traditionele vormen van participatie gebruikt in de vorm van bijeenkomsten op locatie en is er gebruik gemaakt van 2 websites om digitale participatie mogelijk te maken. Gedurende de verkenningsfase zijn verschillende bijeenkomsten georganiseerd om de problemen op de A2 in kaart te brengen en om oplossingen, wensen en ideeën te inventariseren. Tijdens informatiebijeenkomsten, workshops en ontwerpateliers konden omwonenden, weggebruikers, bedrijven, maatschappelijke organisaties, betrokken overheden en andere belanghebbenden ideeën aandragen, vragen stellen en input leveren. Wat betreft digitale participatie is gebruik gemaakt van 2 websites. De projectwebsite www.mirta2deilvught.nl was met name informatief van aard. Hier konden belanghebbenden zich aanmelden voor de nieuwsbrief en alle openbaar beschikbare documenten (zoals de NRD) terugvinden.

Via de interactieve webpagina www.a2inbeeld.nl, kon men actief meedenken en een reactie achterlaten, vergelijkbaar met de georganiseerde workshops en ontwerpateliers. Adviesgroepen In het programma A2 Deil-Vught zijn 3 adviesgroepen ingesteld die de Stuurgroep adviseren bij de te nemen besluiten. Dit zijn de maatschappelijke adviesgroep (MAG), ambtelijke adviesgroep (AAG) en bestuurlijke adviesgroep (BAG). In de maatschappelijke adviesgroep nemen organisaties deel die een maatschappelijk belang vertegenwoordigen zoals de fietsersbond, Transport en Logistiek Nederland en werkgeversorganisatie VNO-NCW. In de ambtelijke en bestuurlijke adviesgroep nemen respectievelijk ambtelijke en bestuurlijke vertegenwoordigers deel van overheden in de omgeving van het projectgebied die niet opdrachtgever zijn in de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught. Individuele gesprekken Met verschillende belanghebbenden zijn individuele gesprekken gevoerd over het project en hoe het project hen mogelijk raakt. Deze gesprekken zijn in dit participatieverslag niet nader toegelicht, omdat het persoonlijke informatie betreft.

2.2

Inspraak en zienswijzen

Het participatieproces heeft als doel om tot een betere oplossing te komen voor de problematiek op de A2 Deil-Vught door het benutten van (gebieds)kennis uit de directe omgeving van het project. Belanghebbenden zijn in het participatieproces uitgenodigd om vooraf mee te denken over de beste oplossing(en). Daarnaast kan men ook achteraf nog reageren op bijvoorbeeld de voorgestelde onderzoekswijze of het gekozen voorkeursalternatief.

7 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

Hiervoor worden zogeheten zienswijzeprocedures doorlopen. In de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught is er 1 zienswijzeprocedure wettelijk verplicht, die bij de ontwerpstructuurvisie waarin het concept voorkeursalternatief is opgenomen. De Projectgroep heeft er voor gekozen in november 2019 een vrijwillige zienswijzeprocedure te doorlopen voor de Notitie Reikwijdte en Detailniveau. Dit document beschrijft welke alternatieven onderzocht en met elkaar vergeleken worden en welke onderzoeken daarvoor worden uitgevoerd. Rond de zomer van 2021 ligt de ontwerpstructuurvisie ter inzage en kan men reageren op het concept voorkeursalternatief.

2.3

Participatie in fases

In de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught is stapsgewijs toegewerkt naar een voorkeursalternatief welke op hoofdlijnen beschrijft op welke manier de problematiek op de A2 opgelost gaat worden. Er zijn 4 fases onderscheiden: 1 startfase; 2 analysefase; 3 beoordelingsfase; 4 besluitvormingsfase. De 4 fasen van de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught zijn doorlopen in een proces van een brede, gebiedsgerichte participatie. Hierin zijn alle belanghebbenden in het gebied actief betrokken, passend bij de vragen die horen bij de betreffende fase. Afbeelding 2.1 geeft het trechteringsproces van de MIRTverkenning A2 Deil-Vught om te komen tot een voorkeursalternatief schematisch weer. De fases zijn hieronder toegelicht. Daarbij is ook aangegeven welke participatiemomenten in die fase georganiseerd zijn.

Afbeelding 2.1 Stappen in de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught

8 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

Startfase Het doel van de startfase was om een beeld te krijgen van de context waarin het project zich bevindt. In de startfase zijn daarvoor uitgebreide probleemanalyse en gebiedsbeschrijving opgesteld1 om scherper te krijgen welke problemen precies spelen rondom de A2 Deil-Vught en welke aandachtspunten en kansen er in de omgeving zijn. Aansluitend hierop was het doel van participatie in deze fase om de omgeving te informeren over het project en om te komen tot een compleet beeld van de omgeving waarin het project zich afspeelt. De output van de participatiebijeenkomsten is verwerkt in de hierboven genoemde documenten. Participatiemomenten - juni 2018: startbijeenkomst; - september 2018: inventariserende workshops; - november 2018: onderzoeksateliers; - MAG, AAG, BAG cyclus voor advies Stuurgroep (zie bijlage). Analysefase Het doel van de analysefase was om alle mogelijke oplossingsrichtingen te trechteren naar een aantal kansrijke alternatieven voor de aanpak van de problemen op de A2 Deil-Vught (zie afbeelding 2.1). De eerste stap in de analysefase was het identificeren van de totale bandbreedte (groslijst) van oplossingsrichtingen.

Dit is gedaan op basis van informatie uit het MIRT-onderzoek, de probleemanalyse en gebiedsbeschrijving, input vanuit workshops en ontwerpateliers met betrokken overheden, maatschappelijke partijen, bewoners en bedrijven en op basis van reacties en ideeën die zijn ingebracht op www.a2inbeeld.nl. De groslijst van ongeveer 300 is vervolgens gefilterd tot 19 mogelijke oplossingsrichtingen2. Oplossingsrichtingen waarvan op voorhand duidelijk was dat deze niet probleemoplossend of haalbaar zijn of buiten de scope van het project vallen zijn daarin afgevallen. Deze mogelijke oplossingsrichtingen zijn vervolgens beoordeeld op probleemoplossend vermogen, omgevingsaspecten en betaalbaarheid. Op basis daarvan zijn 4 kansrijke alternatieven samengesteld: het eindresultaat van de analysefase. De Notitie Kansrijke Alternatieven (NKA) beschrijft het doorlopen proces in de analysefase en de resulterende kansrijke alternatieven. De NKA is een bijlage bij de Notitie Reikwijdte en Detailniveau, die ook beschrijft hoe de kansrijke alternatieven zijn onderzocht3. Aansluitend bij de werkzaamheden in deze fase was de participatie gericht op het genereren van informatie over kansen en knelpunten van de mogelijke oplossingsrichtingen en daarmee te zorgen voor een volledig beeld van beslisinformatie, om de afweging naar een aantal kansrijke alternatieven te kunnen maken.

Het tweede doel was om de omgeving te informeren over de resultaten van de analysefase en over de vervolgstappen in het project. Participatiemomenten - februari 2019: ambtelijk-bestuurlijke bijeenkomst longlistmaatregelen Regio Rivierenland; - maart 2019: workshops kansen en knelpunten; - november 2019: informatiebijeenkomsten Notitie Reikwijdte en Detailniveau; - MAG, AAG, BAG cyclus voor advies Stuurgroep.

1

Witteveen+Bos (2019). MIRT-verkenning A2 Deil-Vught. Gebiedsbeschrijving en probleemanalyse. Te raadplegen via: https://www.mirta2deilvught.nl/mirt-verkenning/bibliotheek+k+verkenning/HandlerDonderliggend wegennetloadFiles.ashx?idnv=1278880.

2

Witteveen+Bos (2019). MIRT-verkenning knooppunt Deil - 's-Hertogenbosch - knooppunt Vught. Verdiepende Longlist. Te raadplegen via: https://www.mirta2deilvught.nl/mirt-verkenning/bibliotheek+k+verkenning/HandlerDonderliggend wegennetloadFiles.ashx?idnv=1278881.

3

Witteveen+Bos (2019). MIRT-verkenning A2 Deil - Vught. Notitie Reikwijdte en Detailniveau. Te raadplegen via: https://www.mirta2deilvught.nl/mirt-verkenning/bibliotheek+k+verkenning/HandlerDonderliggend wegennetloadFiles.ashx?idnv=1471983.

9 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

Beoordelingsfase Het doel van de beoordelingsfase is om vanuit de kansrijke alternatieven te komen tot 1 voorkeursalternatief. In de beoordelingsfase zijn de kansrijke alternatieven in meer detail onderzocht en beoordeeld conform de kaders van de NRD. In deze fase zijn de alternatieven met elkaar vergeleken op probleemoplossend vermogen, omgevingsaspecten en haalbaarheid. Op basis van die informatie is een voorstel gedaan voor een voorkeursalternatief welke beschreven is in de ontwerpstructuurvisie. De ontwerpstructuurvisie is rond de zomer van 2021 ter inzage gelegd. Aansluitend op het doel van deze fase was de participatie gericht op het toetsen van de onderzoeksresultaten en het informeren van de omgeving over de voor- en nadelen van de kansrijke alternatieven en de te maken afweging naar het voorkeursalternatief. Participatiemomenten - maart 2020: workshops kansrijke alternatieven; - april 2020: gebiedssessie Velddriel; - mei 2020: informatiebijeenkomsten afweging voorkeursalternatief; - mei 2020: gebiedssessie ’s-Hertogenbosch; - maart, juni en september 2020: MAG, AAG, BAG cyclus voor advies Stuurgroep.

Besluitvormingsfase In de besluitvormingsfase maakt de minister van Infrastructuur en Waterstaat, op basis van het advies over het voorkeursalternatief, een keuze (het voorkeursbesluit) voor het maatregelpakket dat in de planuitwerkingsfase verder wordt onderzocht en ontworpen. De ontwerpstructuurvisie wordt in deze periode ter inzage gelegd en eenieder wordt in de gelegenheid gesteld om zienswijzen in te dienen. Aansluitend op het doel van deze fase is de participatie gericht op het informeren van de omgeving over het voorkeursalternatief. Via de zienswijzeprocedure kan men in deze fase een formele reactie geven op het project. Deze periode vindt plaats rond de zomer van 2021, dus na het opstellen van dit participatieverslag. In paragraaf 4.1 is nader toegelicht in welke vorm de participatie in deze fase georganiseerd wordt.

2.4

Gebiedsproces Waardenburg

De impact van het project A2 Deil-Vught op de dorpen in de gemeente West Betuwe is groot en de gemeente wil voorkomen dat door aanpassingen aan de A2 de leefbaarheid en verkeersveiligheid achteruit gaan. De gemeente West Betuwe heeft het project A2 gevraagd om extra aandacht te hebben voor de situatie in Waardenburg. Om hier invulling aan te geven is in samenwerking met de gemeente een gebiedsproces opgestart. In dit gebiedsproces is samen met de belanghebbenden in Waardenburg gekeken naar de problematiek en oplossingen in het gebied, zowel vanuit het project MIRT-verkenning A2 DeilVught, als vanuit andere ontwikkelingen die in de omgeving plaatsvinden of gepland zijn. Parallel aan het participatieproces voor de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught zijn hiervoor extra bijeenkomsten georganiseerd en gesprekken gevoerd met belanghebbenden in Waardenburg (zie hoofdstuk 3).

10 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

3 OVERZICHT PARTICIPATIEMOMENTEN Gedurende de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught heeft een intensief proces plaatsgevonden samen met weggebruikers, betrokken overheden, omwonenden en overige stakeholders zoals bedrijven en maatschappelijke belangenorganisaties. De navolgende paragrafen gaan kort in op de verschillende bijeenkomsten en workshops die hebben plaatsgevonden. In bijlage I is een volledig chronologisch overzicht van alle participatiemomenten opgenomen.

3.1

Juni 2018: startbijeenkomst

Het participatieproces is gestart met een informatiebijeenkomst op 28 juni 2018 in 1931 Congrescentrum (onderdeel van de Brabanthallen) in ’s-Hertogenbosch. De bijeenkomst was voor iedereen toegankelijk. De startbijeenkomst had als doel bewoners, bedrijven en andere betrokkenen te informeren over alle ontwikkelingen rond de A2 in de komende jaren. Tijdens de bijeenkomst is de op 4 juni 2018 door de minister van Infrastructuur en Waterstaat en de regiobestuurders ondertekende Startbeslissing toegelicht. Ook is ingegaan op de aanpak van de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught, vervolgstappen en korte termijn maatregelen. Daarnaast was er gelegenheid om persoonlijk kennis te maken met de Projectgroep die de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught ging uitvoeren. Tijdens de bijeenkomst is ook het participatieproces geschetst en zijn alle belanghebbenden uitgenodigd om actief mee te denken in het project.

3.2

September 2018: inventariserende workshops

Op 13, 19 en 26 september 2018 zijn 6 workshops gehouden waarin de plannen, ontwikkelingen en ambities rondom de A2 Deil-Vught samen met (vertegenwoordigers van) bewoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheden zijn geïnventariseerd. De workshops bestonden uit 2 delen: 1 het inventariseren van plannen, ontwikkelingen, knelpunten en kansen; 2 het inventariseren van ambities, toekomstperspectieven en dromen. Bij deel 1 van de workshops konden deelnemers op kaarten plannen, ontwikkelingen, knelpunten en kansen aangeven. Bij deel 2 hebben de deelnemers voor 4 thema’s (wonen, werken, verkeer en omgeving) hun ambities, dromen en toekomstperspectieven aangegeven. Resultaat workshops De opgehaalde input van deel 1 is geclusterd naar 4 kaarten: 1 mobiliteit: knelpunten weg en openbaar vervoer, inclusief sluipverkeer; 2 plannen en ontwikkelingen: woningbouwlocaties, bedrijventerreinen, windmolenparken, natuurontwikkeling, et cetera; 3 wensen en ideeën: ideeën ten aanzien van de weg, openbaar vervoer en natuur; 4 leefomgeving: informatie rondom emissies, geluid, et cetera. Afbeelding 3.1 geeft een sfeerimpressie van het resultaat voor de thema’s ‘Mobiliteit’ en ‘Leefomgeving’.

11 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

Afbeelding 3.1 Sfeerimpressie van het resultaat uit deel I van de inventariserende workshops

De opgehaalde input in deel 2 is vertaald naar 4 toekomstperspectieven voor de thema’s verkeer, omgeving, werken en wonen. Wat betreft verkeer vond men onder andere bereikbaarheid en doorstroming van belang met de nadruk op verschuiven van werktijden, spreiden van verkeer over de dag, het benutten van de voordelen van elektrisch (auto)verkeer (qua capaciteit en overlast/vervuiling), betere informatievoorziening, et cetera. Voor het thema omgeving vraagt men aandacht voor een rustige en schone omgeving in een mooi landschap en aandacht voor een gezonde leefomgeving. Ruimtelijk beleid zou meer gericht moeten worden op het beperken van autoverkeer. De maatschappelijke groepen leggen meer nadruk op natuur en landschap, bewoners meer op het woongenot. Daarnaast ziet men kansen om energie op te wekken (koppelen aan A2) en het klimaat adaptief inrichten van de weg. Bij het thema werken werd de nadruk gelegd op veranderingen als flexibel werken, thuis werken, verschoven werktijden en de locatie van werkplekken (nabij de A2 of juist bij stations, dichtbij huis). Bij het thema wonen draait het om zorg voor leefbaarheid, geluid, luchtverontreiniging, (sluip)verkeer door de wijken en dergelijke.

Afbeelding 3.2 Sfeerimpressie inventariserende workshops

De resultaten van deel 1 en deel 2 zijn verwerkt in de gebiedsbeschrijving/probleemanalyse.

12 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

3.3

November 2018: onderzoeksateliers

Op 13 en 14 november 2018 zijn 4 onderzoekateliers gehouden voor (vertegenwoordigers van) bewoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheden. Deze zijn bezocht door ongeveer 75 personen. In de ateliers is geïnventariseerd wat mogelijke oplossingen kunnen zijn voor de doorstromingsproblemen op dit deel van de A2 en de bereikbaarheid van het gebied. De basis voor de onderzoeksateliers komt voort uit de workshops in september 2018. In kleine groepen is gewerkt aan (middel)lange termijn oplossingen in 3 categorieën: - beter benutten A2 - op welke manier de huidige capaciteit van de A2 beter ingezet kan worden; - alternatieven buiten de A2 - welke alternatieven er zijn om buiten de A2 om de problematiek op de A2 te verlichten; - extra ruimte creëren op de A2 - op welke wijze de capaciteit van de A2 vergroot kan worden. Resultaat De onderzoeksateliers hebben geleid tot een lijst van bijna 300 oplossingsrichtingen voor de problematiek op de A2 Deil-Vught. De aangedragen oplossingsrichtingen zijn geselecteerd en samengevoegd tot een lijst van 19 mogelijke oplossingsrichtingen die de basis hebben gevormd voor de workshops in maart 2019.

3.4

Februari 2019: ambtelijk-bestuurlijke bijeenkomst longlistmaatregelen Regio Rivierenland

In februari 2019 is een bijeenkomst georganiseerd om met de ambtelijke en bestuurlijke vertegenwoordigers uit de Regio Rivierenland concreter invulling te geven aan een aantal van de mogelijke oplossingsrichtingen. Het betrof de volgende mogelijke oplossingsrichtingen: - 11 optimaliseren aansluitingen; - 17 verbeteren noord-zuid verbindingen ten oosten A2; en - 18 verbeteren noord-zuid verbindingen ten westen A2. De nadere invulling van de mogelijke oplossingsrichtingen 11, 17 en 18 zijn vervolgens in zeef 1 geanalyseerd op probleemoplossend vermogen, omgevingsaspecten en betaalbaarheid.

3.5

Maart 2019: workshops kansen en knelpunten

Op dinsdag 12 en donderdag 14 maart 2019 hebben in totaal 4 workshops plaatsgevonden. Deelnemers waren de leden van de ambtelijke adviesgroep (AAG), maatschappelijke adviesgroep (MAG), bestuurlijke adviesgroep (BAG), bewoners en bedrijven. Er hebben ongeveer 80 personen uit verschillende organisaties deelgenomen. Doel van de workshops was enerzijds om samen de kansen en knelpunten van de oplossingsrichtingen voor de lange termijn in beeld te brengen om op basis daarvan een aantal kansrijke alternatieven samen te stellen. Anderzijds was het doel om de aanwezigen te informeren over het proces rondom meekoppelkansen en deze te inventariseren.

13 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

Afbeelding 3.3 Sfeerimpressie workshops kansen en knelpunten

Resultaat Op hoofdlijnen ging het gesprek aan tafel over: - consequenties/mogelijkheden van de bruggen: past de oplossing op de huidige bruggen, is verbreding mogelijk, gaat het om een nieuwe brug; - aanvullende input ten aanzien van het ruimtebeslag en de effecten op natuur (windmolens bij Deil, Tempel van Empel, kloosterbomen, Bossche Broek et cetera); - het mogelijk maken van kansen die niet bijdragen aan een betere doorstroming of bereikbaarheid van het gebied rondom de A2 tussen Deil en Vught (fietsbrug oost-west Zaltbommel, aanpassing onderliggend wegennet in combinatie met aanpassing afrit 19, herstel natuurwaarden en verbindingszones rondom ’s-Hertogenbosch et cetera); - klimaatadaptatie en robuust ontwerpen van de weg (rekening houden met voldoende waterberging). De workshops hebben daarnaast geleid tot een ideeënlijst van meekoppelkansen. Deelnemers (primair vertegenwoordigers van de overheidspartijen) hebben zich tijdens de workshops als trekker voor verschillende meekoppelkansen opgeworpen en daarnaast ook nieuwe meekoppelkansen aangedragen. Tijdens deze avonden is er beperkt input geleverd die bruikbaar was voor deze fase van de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught.

De input betrof veelal onderwerpen die buiten de scope van het project vallen (bijvoorbeeld verbeteren van regionale OV-verbindingen) of die pas in latere fasen mogelijk aan de orde komen (bijvoorbeeld het aanpassen van op- en afritten). Deze input is wel bewaard voor verwerking in de vervolgfasen van het project, na de verkenningsfase. Bewonersverenigingen hebben aangegeven meer betrokken te willen worden in lijn met de maatschappelijke organisaties. De 19 mogelijke oplossingsrichtingen zijn, mede met behulp van de input uit de workshops, beoordeeld op probleemoplossend vermogen, omgevingsaspecten en betaalbaarheid. Op basis van de beoordeling is bepaald welke oplossingsrichtingen kansrijk zijn. Hieruit zijn 4 kansrijke alternatieven samengesteld, zoals verwoord in de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD).

3.6

November 2019: informatiebijeenkomsten Notitie Reikwijdte en Detailniveau en ter inzage legging

Op 12 en 14 november 2019 zijn in ’s-Hertogenbosch en Zaltbommel informatieavonden georganiseerd om de kansrijke alternatieven nader toe te lichten. Daarnaast is tijdens de informatieavonden ingegaan op de zienswijzeprocedure van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). In de periode van 24 oktober tot 4 december 2019 heeft de NRD ter inzage gelegen en kon men reageren op het project door een zienswijze op de NRD in te dienen.

14 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

De bijeenkomsten bestonden uit een plenair deel en een inloopdeel. In het plenaire deel is het proces om tot de kansrijke alternatieven te komen toegelicht en het vervolgproces is geschetst. Daarnaast waren er voor verschillende onderwerpen stands ingericht waar men informatie tot zich kon nemen en vragen kon stellen aan leden van het projectteam. Deelnemers konden ter plekke hun zienswijze op de NRD achterlaten. Resultaat In totaal zijn er ruim 70 reacties binnengekomen op de NRD, afkomstig van een breed veld van belangenorganisaties, particulieren en overheden uit de omgeving van de A2 Deil-Vught. Vanuit hun belangen en prioriteiten hebben de indieners verschillende goede suggesties gedaan voor aanscherping van de reikwijdte en detailniveau van het MER. Met name leefbaarheid en duurzaamheid zijn aangekaart als belangrijke punten, waar in het MER, als gevolg, extra aandacht aan is besteed.

3.7

Maart 2020: workshops kansrijke alternatieven

In de periode tussen november 2019 en maart 2020 zijn de kansrijke alternatieven verder uitgewerkt tot globale ontwerpen. Op 19, 24 en 26 maart 2020 zijn 5 bijeenkomsten georganiseerd voor bewoners, bedrijven, raads- en statenleden en vertegenwoordigers van overheden en maatschappelijke belangenorganisaties. Speciaal voor bewoners en bedrijven in Waardenburg is vanuit het gebiedsgerichte proces een extra workshop georganiseerd. Deze bijeenkomst vond plaats op 30 maart 2020. In totaal hebben ongeveer 250 personen deelgenomen aan deze bijeenkomsten. In de workshops is een terugkoppeling van het proces gegeven en zijn de kansrijke alternatieven gepresenteerd. Het doel van de workshops was daarnaast om gebiedskennis op te halen om de uit te voeren (milieu)onderzoeken aan te scherpen. Daarmee kon ervoor worden gezorgd dat de onderzoeken zo volledig mogelijk zijn en belangrijke lokale of regionale waarden niet over het hoofd zijn gezien. Vanwege COVID-19 was het echter niet mogelijk om fysiek bijeen te komen op locatie. De workshops hebben digitaal plaatsgevonden en het programma is aangepast. De kansrijke alternatieven zijn toegelicht en vervolgens is uitgebreid de gelegenheid geboden tot het stellen van vragen aan het Projectteam over de inhoud en het proces. Na afloop van de workshops kon men via A2inbeeld.nl reageren op de ontwerpen van de kansrijke alternatieven.

Daar zijn 25 reacties binnengekomen.

Afbeelding 3.4 Digitale workshop kansen en knelpunten

3.8

April 2020: gebiedssessie Velddriel

De gemeente Velddriel en provincie Gelderland werken aan oplossingen om de problematiek op het onderliggend wegennet te verbeteren. Er heeft een verkennend overleg plaatsgevonden met de gemeente Velddriel om de raakvlakken tussen de MIRT-verkenning A2 Deil-Vught en plannen vanuit de gemeente in het omliggende gebied te bespreken. Conclusie uit dit overleg was dat de raakvlakken met de MIRTverkenning A2 Deil-Vught beperkt zijn en de projecten hun eigen route volgen.

15 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

3.9

Mei 2020: workshop afweging naar voorkeursalternatief

Op 14, 18, 19 en 20 mei 2020 zijn informatiebijeenkomsten georganiseerd over de onderzoeksresultaten en de afweging naar het voorkeursalternatief. Deze bijeenkomsten vielen in de periode waarin het vanwege COVID-19 niet mogelijk was om fysiek bijeen te komen op locatie. De workshops zijn daarom volledig digitaal georganiseerd. De doelgroep van de workshops bestond uit betrokken overheden in het gebied (AAG, BAG, raads- statenen bestuursleden), maatschappelijke organisaties (MAG), bedrijven en bewoners. Voor de bewoners en bedrijven in Waardenburg is ook in mei 2020 een extra workshop georganiseerd vanuit het gebiedsproces dat daar is opgezet. De aanwezigheid bij de workshops was groot. In totaal waren er ongeveer 70 deelnemers bij de workshops op 14, 18 en 19 mei 2020. Bij de workshop voor Waardenburg waren ongeveer 50 personen aanwezig. De workshops begonnen met een plenaire presentatie waarin een toelichting gegeven werd op het proces tot nu toe, de onderzoeksresultaten en de vervolgstappen. Daarna was er gelegenheid tot vragen. Vervolgens is in kleinere groepen gesproken over wat de deelnemers belangrijk vonden bij de afweging naar een voorkeursalternatief en wat de belangrijkste verschillen zijn tussen de kansrijke alternatieven.

Tot slot is met behulp van Mentimeter een beeld gegenereerd over hoe de aanwezigen aankeken tegen de te maken afweging en wat hun voorkeuren zijn met betrekking tot de verschillende kansrijke alternatieven. De informatie over de kansrijke alternatieven en een samenvatting van de conceptonderzoeksresultaten was ook op de website www.a2inbeeld.nl gepresenteerd. Met behulp van de website kon men zich voorbereiden voor de workshop. Daarnaast had men na afloop van de workshop nog een aantal weken de gelegenheid om via de website te reageren. Via A2inbeeld.nl hebben 26 personen een reactie achter gelaten.

Afbeelding 3.5 Mentimeter tijdens bijeenkomst afweging voorkeursalternatief

3.10

Mei 2020: gebiedssessie ’s-Hertogenbosch

In mei 2020 is een sessie georganiseerd met vertegenwoordigers van wijkraden en bedrijvenverenigingen rondom de A2 en A59 in ’s-Hertogenbosch noord. Hierin is met de aanwezigen gesproken over de verschillende alternatieven die op dat deel onderzocht worden en welke knelpunten en aandachtspunten daaruit volgen. Op basis van deze input zijn de verschillende alternatieven verder uitgewerkt ten behoeve van de afweging naar het voorkeursalternatief.

16 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

3.11

Voorjaar 2020 en voorjaar 2021: gebiedsproces Waardenburg

Maart 2020 - extra workshop kansrijke alternatieven In de periode dat de workshops kansrijke alternatieven voor het project georganiseerd zijn is er een extra workshop georganiseerd specifiek voor belanghebbenden in Waardenburg op 30 maart 2020. De insteek van deze workshop was vergelijkbaar met de overige workshops, maar was toegespitst op de lokale problematiek en oplossingen. April 2020 - gespreksavonden bewonersgroepen Naar aanleiding van de workshop kansrijke alternatieven in maart 2020 is met 2 bewonersgroepen van Waardenburg apart extra een gesprek aangegaan. Deze bijeenkomsten vonden plaats op 6 en 7 april 2020. Op maandag 6 april 2020 vond er een online bijeenkomst plaats met bewoners van de Bungawall-woningen (de geluidwalwoningen) in Waardenburg. Hierbij waren ongeveer 15 deelnemers aanwezig. Op dinsdag 7 april 2020 vond er een online bijeenkomst plaats met bewoners van de Veerstraat, Slimweistraat en Lage Paarden. Hierbij waren ongeveer 10 deelnemers aanwezig. Mei 2020 - extra bijeenkomst afweging naar voorkeursalternatief In de periode dat de workshops afweging naar het voorkeursalternatief georganiseerd zijn is er een extra workshop georganiseerd specifiek voor de belanghebbenden in Waardenburg op 20 mei 2020. De insteek van deze workshop was vergelijkbaar met de overige workshops, maar toegespitst op de lokale problematiek en oplossingen.

Er waren ongeveer 50 personen aanwezig. Mei 2020 - gespreksavond bewonersgroepen Tijdens de verschillende avonden, zoals hierboven beschreven, zijn veel vragen gesteld. Omdat deze vragen niet allemaal tijdens de bijeenkomsten konden worden behandeld, is er nog een extra bijeenkomst georganiseerd voor de inwoners van de Bungawall-woningen, Veerstraat, Slimweistraat, Lage Paarden en omgeving. Deze online bijeenkomst (in verband met COVID-19) vond plaats op 18 juni 2020. Voorafgaand aan de bijeenkomst zijn de vragen geïnventariseerd bij de bewoners. De verschillende vragen gingen veelal over de verantwoordelijkheidsverdeling, de verschillende rollen, het proces en de voorgaande en komende besluitvormingsmomenten en de invloed van bewoners daarop. Tijdens de avond is uitgebreid ingegaan op het proces en de organisatiestructuur van het programma A2. Daarnaast is aangegeven wat de formele beslismomenten zijn en is gekeken naar de rol en de invloed van de diverse partijen, zoals de gemeente West Betuwe, Rijkswaterstaat en de provincies. Een aantal vragen kon nog niet beantwoord worden, omdat deze pas aan bod komen in de planuitwerkingsfase. Alle vragen die per brief, e-mail en chat zijn gesteld, in totaal bijna 400, zijn schriftelijk beantwoord.

Alle vragen en antwoorden zijn verzameld in 1 lijst, die aan de bewoners van de Bungawall-woningen, de Veerstraat, Slimweistraat, Lage Paarden en omgeving is verstuurd. De beantwoording heeft op 9 juli 2020 plaatsgevonden. Naar aanleiding van deze beantwoording is een aantal vervolgvragen gesteld. Ook deze zijn weer schriftelijk beantwoord. Maart 2021 - informatiebijeenkomst bewonersgroepen In november 2020 hebben het Rijk en de regionale bestuurders afspraken gemaakt over de toekomst van het traject A2 Deil-Vught en een concept voorkeursalternatief afgesproken. In dit concept voorkeursalternatief staat onder andere aangegeven dat de A2 tussen de knooppunten Deil en Empel wordt verbreed naar 2x4 rijstroken en dat de aansluiting Waardenburg niet wordt verplaatst. Naar aanleiding van deze keuze is een nadere inpassing ter hoogte van Waardenburg uitgewerkt in de periode tussen december 2020 en maart 2021.

17 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

Op 24 maart 2021 vond een online informatieavond plaats over de manier waarop de verbrede A2 ter hoogte van Waardenburg kan worden ingepast. De informatieavond was druk bezocht. Tijdens de avond zijn de reeds bekende resultaten en de hoofdlijnen van de conclusies over de inpassing gepresenteerd en toegelicht. Zorgen bij de bewoners en bedrijven uit de regio en met name ook van de Bungawall-woningen blijven bestaan. Het gaat onder andere om woonkwaliteit, leefbaarheid en bereikbaarheid van dorpscentra en bedrijventerreinen. Tijdens de bijeenkomst is toegelicht dat in de verkenning de effecten op trajectniveau zijn onderzocht en dat in de volgende fase, de planuitwerking, meer inzicht gegeven wordt over de oplossing op detailniveau voor wat betreft de naar voren gebrachte aspecten. Veel vragen van de belangstellenden zijn tijdens de avond beantwoord. De vragen die tijdens de informatiebijeenkomst niet konden worden beantwoord, zijn geclusterd en schriftelijk beantwoord. Bij de bijeenkomst waren ongeveer 85 bewoners aanwezig.

18 | 19

Witteveen+Bos | 116091-3.1/21-008.637 | Definitief 07

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10427029/1