CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Bijlage 2 - onderbouwing aanvraag gebiedsaanwijzing Wbmgp 's-Hertogenbosch 2021 - DEF

Gemeenteraad 22 september 2021, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Aanvraag verlenging gebiedsaanwijzing selectieve woningtoewijzing24.692 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Bron: Politiecijfers per 1.000 woningen/inwoners (P), Leefbaarheid & Veiligheid (% vaak) (L&V), Veiligheidsmonitor 2019

Professionals in de wijk geven aan dat de leefbaarheid in de buurt zich in hun beleving positief ontwikkelt. Het is lastig dat één op één te koppelen aan de Wbmgp. In de buurt wordt breed inzet gepleegd op de verbetering van de buurt en de (ervaren) leefbaarheid en veiligheid. Bewoners ervaren vooruitgang, wat tot positieve effecten op de gemeenschapszin leidt en de saamhorigheid bevordert. De wetenschap dat met de maatregel ongewenste invloeden uit de buurt geweerd worden, geeft rust. Er ontstaat vertrouwen bij bewoners in de intenties en inzet van partijen. 2.4.3 Conclusie noodzakelijkheid en geschiktheid

Zoals al eerder aangegeven vraagt artikel 10 van de Wbmgp om een lange adem. In de Gestelse Buurt wordt dit instrument nu pas vier jaar toegepast. Waarbij aan de voorkant is aangegeven dat het instrument gedurende langere tijd wordt ingezet, als onderdeel van de brede aanpak van de Gestelse Buurt Werkt. De cijfers en beleving van zowel bewoners als professionals laten zien dat de buurt een positieve impuls heeft gekregen. In verschillende opzichten ontwikkelt de buurt zich gunstig. Naast de brede buurtaanpak ook door de (preventieve werking van) toepassing van artikel 10 van de Wbmgp. De eerste resultaten lijken voorzichtig zichtbaar te worden. Er lijkt ook een zekere preventieve werking van de maatregel uit te gaan. Mensen die niet in aanmerking zouden komen, wijken uit naar elders. Júist de komende tijd is toepassing van artikel 10 van de Wbmgp noodzakelijk. Door de sloop en nieuwbouw van zes flats komen er de komende jaren veel mutaties en door nieuwbouw ook veel nieuwe woningen beschikbaar. Het is belangrijk daarbij te kunnen (blijven) screenen. De Gemeenteraad is van mening dat op basis van de bovenstaande analyse de toepassing van het instrument van selectieve woningtoewijzing op basis van artikel 10 van de Wbmgp in de Gestelse Buurt voldoet aan de eisen van noodzakelijkheid en geschiktheid.

Gezien de positieve ontwikkeling die de buurt heeft ingezet ziet de gemeenteraad op dit moment geen aanleiding om inzet van de instrumenten van de Wbmgp te verruimen (met toepassing van artikel 8 en/of 9 van de Wbmgp). Wellicht is wel wenselijk om mensen die iets voor de buurt willen en kunnen betekenen ruimte te bieden. Vooralsnog kan dit echter ook invulling krijgen door het beter benutten van de vrije toewijzingsruimte door de woningcorporatie(s). De toepassing van artikel 9 van de Wbmgp is op dit moment dus (nog) niet aan de orde.

40

3.

Subsidiariteit

3.1

Algemene inzet van instrumenten

In dit hoofdstuk wordt eerst in algemene zin beschreven welke instrumenten er breed worden ingezet. Vervolgens zoomen we in op de afzonderlijke gebieden. 3.1.1 Wijkgericht werken

Sinds 2005 werkt de gemeente wijkgericht met per gebied een wijkmanager. De ontwikkeling van Wijkgericht werken is de afgelopen jaren stapsgewijs vorm gegeven. Door regelmatige, tussentijdse evaluaties is de raad geïnformeerd en is de ontwikkeling op punten bijgestuurd. Er zijn 14 wijken in de stad die weer onderverdeeld zijn naar buurten. Op basis van de wijk- en buurtmonitor wordt gekeken wat iedere buurt nodig heeft. Op basis daarvan zijn ook een aantal aandachtsbuurten benoemd waar de inzet van bestaande middelen zich op concentreert en waar gestuurd wordt op een fysiek, sociaal en veilige omgeving. We geven het wijkgericht werken invulling langs een aantal uitgangspunten: - We kennen de stad als onze eigen broekzak; - We verbinden: binnen met buiten en buiten met binnen; - We zijn regisseur op de domeinen fysiek, sociaal en veilig; - Luis in de pels: regelt waar het moet, ontregelt als het nodig is; - Inspirator voor andere organisatieonderdelen (proactief en innovatief).

De afgelopen jaren heeft dit een aantal vorderingen opgeleverd:  Er is een veelzijdig bewonersnetwerk opgezet in alle wijken van de stad;  Er is een gevarieerd netwerk van wijkprofessionals opgebouwd bestaande uit eigen collega’s en medewerkers van partners (corporaties, politie, welzijnsinstellingen), waaronder leefbaarheidsteams (fysiek beheer openbare ruimte) en wijknetwerken (sociaal beheer);  Goed gelezen wijknieuwsbrieven in alle wijken;  Goed lopende wijk- en dorpenregeling resulterend in vele honderden bewonersinitiatieven per jaar (700.000 op jaarbasis, verdeeld over buurten, wijken en dorpen naar rato inwoners;  Wijkspeerpunten waarmee bewonersinbreng in gemeentelijk handelen is versterkt;  Actieve wijkmanagers die de gemeente een gezicht geven in de wijken, inbreng en initiatieven van bewoners versterken en samenwerking tussen professionals op wijkniveau bevorderen;  Uitgroei tot duurzame hulpstructuur binnen gemeentelijke organisatie, gericht op verankering wijkgericht werken in de volle breedte van deze organisatie. Ook de komende jaren blijven we wijkgericht werken aan de stad als geheel en haar wijken, dorpen en buurten. 3.1.2 Integrale veiligheid

Integraal Veiligheidsplan 2019-2022 In 2018 is een nieuw Integraal Veiligheidsplan vastgesteld voor de periode van 2019 tot en met 2022. Dit nieuwe veiligheidsbeleid is gebaseerd op een brede veiligheidsanalyse, de Veiligheidsmonitor 2018 en de uitkomsten van besprekingen met de commissie Bestuur over veiligheidsbeleid en handhavingsbeleid. De beschreven koers sluit aan op het Bestuursakkoord 2018-2022. Dit bevat duidelijke vertrekpunten voor inzet op veiligheid. Het Integraal Veiligheidsplan heeft de volgende prioriteiten en doelstellingen:  Veilige en leefbare wijken en buurten. Deze prioriteit is weer onderverdeeld in deelthema’s, namelijk:  Overlast, geweld op het snijvlak Zorg & Veiligheid: Een zodanige infrastructuur van samenwerkende professionals en toegesneden voorzieningen in stand houden dat de veiligheid van en rond personen en gezinnen in alle gevallen van een aanvaardbaar niveau is of zo snel mogelijk weer wordt. Deze infrastructuur sluit aan op en maakt zo goed mogelijk gebruik van de mogelijkheden van de samenleving zelf.  Vermogenscriminaliteit en High Impact Crimes: Door slimme inzet van preventieve en repressieve middelen, samen met inwoners en veiligheidspartners, woninginbraak en andere vormen van vermogenscriminaliteit zoveel mogelijk voorkomen en op lange termijn op een aanvaardbaar niveau houden. 41

Wijkgerichte aanpak: Door maatwerk, scherpte en integraliteit in onze aanpak voor alle wijken en buurten een tenminste aanvaardbaar en stabiel veiligheids- en leefbaarheidsniveau in stand houden en waar nodig bewerkstelligen. We werken hierbij vanuit een solide informatiepositie en zijn als gemeente zichtbaar, aanspreekbaar en betrouwbaar voor de burger. Veilig uitgaan en veilige evenementen: Een zodanige combinatie van procedures en veiligheidschecks en -instrumenten enerzijds en samenwerking met én initiatief van ondernemers anderzijds dat de veiligheid rond uitgaan en evenementen duurzaam beheersbaar zijn. We zorgen ervoor dat veiligheid op het eerste plan blijft staan bij de keuzes over uitgaan en evenementen. Problematische jeugd en jeugdgroepen: via integrale sets van maatregelen, met zorg- en veiligheidscomponenten en zowel persoons als groepsgericht, in samenwerking met partners en in wisselwerking met ander gemeentelijk beleid, zodanig investeren in problematische jeugd dat ongewenst gedrag ‘duurzaam’ vermindert en de focus meer komt te liggen op perspectief en inclusie. Ondermijning: Via consequente inzet van de bestuurlijke instrumenten, in samenwerking met onze partners de speelruimte en invloed van criminele netwerken/fenomenen verder verkleinen. We zijn bestuurlijk weerbaar en ondersteunen maatschappelijke weerbaarheid.

Gezamenlijk werpen we een dam op tegen de criminele industrie. 

Interventieaanpak Start interventieaanpak (2010-2012) In 2010 heeft de Driehoek aan de noodrem getrokken vanwege de problematiek in de buurten van de Hambaken en Hinthamerpoort-Zuid. Gedurende een periode van 2 jaar is, met goedkeuring van de Landelijke Stuurgroep Interventieteams (LSI), samen met het Regionaal Centrum Fraudebestrijding (RCF) en kenniscentrum handhaving Zuidoost Nederland, een interventieaanpak uitgevoerd. Van 2010 tot en met 2012 is een multidisciplinair interventieteam ingezet om de volgende doelen te bereiken:  Het doorbreken van het intimidatieklimaat;  Herstel van het vertrouwen in de overheid in brede zin;  Opsporing en aanpak van fraude en oneigenlijk gebruik van wettelijke regelingen;  Samen met relevante partners snel, doelgericht en in nauwe samenwerking te interveniëren door preventieve, curatieve en repressieve maatregelen complementair aan elkaar in te zetten;  De objectieve en subjectieve veiligheid in beide buurten vergroten;  Inzetten van zorgtrajecten bij zorgmijders en mensen die zorg behoeven. De interventieaanpak is een gecombineerde gebiedsgerichte aanpak van straf- en zorggerichte partners. Vanuit de gemeente waren verschillende afdelingen betrokken. Op basis van onopvallende adrescontroles en grootschalige opvallende integrale gebiedscontroles is informatie verzameld en geanalyseerd.

Vervolgens zijn frauderende, intimiderende en zorgbehoevende personen en huishoudens aangepakt met een combinatie van boetes, terugvorderingen, inbeslagnames, correcties en zorg. Deze aanpak is gecombineerd met en aanvullend op reeds ingezette reguliere sociale en fysieke aanpak in deze wijken. Evaluatie interventie aanpak en nieuwe ambitie (2013-2014) In de evaluatie van de interventieaanpak in 2013, wordt aangegeven dat de gemeente wil overgaan tot een structurele integrale aanpak in ’s-Hertogenbosch, waarbij actief wordt ingezet op het doorbreken van het intimidatieklimaat door ‘onaantastbaren’, startend in Hinthamerpoort-Zuid, Hambaken en de Gestelse Buurt. Samen met de interne en externe partners organiseert de afdeling Openbare Orde en Veiligheid van de gemeente vier keer per jaar intensieve integrale acties in geprioriteerde gebieden (o.a. ook in woonwagencomplexen). Het gaat om een integrale aanpak op grote actiedagen met adrescontroles. In 2013 en 2014 hebben vier acties betrekking gehad op Hambaken en Hinthamerpoort-Zuid en in deze periode is één grote actie in de Gestelse Buurt gedaan. Aanwijzing handhavingsknooppunt Hinthamerpoort-Zuid, Hambaken en Gestelse Buurt (2015) In het verlengde van de interventieaanpak is een goede informatie-uitwisseling tussen de verschillende partijen noodzakelijk.

Met dit doel is in 2015 Hinthamerpoort-Zuid, Hambaken en de Gestelse Buurt door de Driehoek, als handhavingsknooppunt, aangewezen en bij het RIEC als dusdanig aangemeld. In 2015 zijn in de Gestelse Buurt en in Hambaken twee grote integrale acties, waarbij 37 adressen, door leerplicht, UWV. Belastingdienst, sociale recherche, basisregistratie en politie zijn bezocht.

42

Interventieaanpak onaantastbaren (2016- en verder) In 2016 en 2017 zijn er drie grote interventieacties in Hinthamerpoort-Zuid, Hambaken en de Gestelse Buurt geweest waarbij in totaal 62 adressen zijn bezocht. Alle acties waren er op gericht om de zogenaamde wijkkoningen aan te pakken. De komende jaren wordt de structurele aanpak van onaantastbaren onverminderd voortgezet. Doel is om hiermee uiteindelijk de illegale activiteiten zodanig te verstoren dat deze zullen afnemen wat ten goede komt aan de leefbaarheid en de veiligheid. 3.1.3 Uitstroom probleemgevende huishoudens

Inzet alternatieve huisvesting Specifiek voor de onderbouwing van artikel 10 van de Wbmgp wordt gevraagd naar de inzet van alternatieve huisvestingsvormen. De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft als centrumgemeente de afgelopen jaren een plan ontwikkeld voor de realisatie van een ‘Voorziening Langdurig Verblijf’, de VLV. De VLV is een regionale voorziening die beoogt de groep structurele overlastgevers en mensen die op straat zwerven of in niet-passende voorzieningen verblijven een passende verblijfplaats te bieden. Het gaat (veelal) om mensen met een licht verstandelijke beperking, verslavingsproblematiek en psychische klachten. Voor deze hele kleine groep binnen de regio Meijerij en Bommelerwaard (gemeenten rond ’sHertogenbosch) is er geen perspectief op activering en participatie, geen behoefte aan begeleiding en tegelijk geeft deze groep in een reguliere woonwijk zoveel overlast (op het vlak van overlast, criminaliteit en intimidatie) dat die daar niet te handhaven is. De VLV lijkt in veel opzichten op een concept als Skaeve Huse. Ook hier gaat het om individuen die extreme overlast geven. Bij de VLV is er echter wel sprake van 24-uurszorg. 3.1.4 Inzetten van verhuurinstrumentarium

De woningcorporaties hebben ook een (privaatrechtelijk) instrumentarium om overlastgevende huishoudens aan te pakken. Dit instrumentarium wordt nu al regelmatig ingezet in de buurten.  In een vroeg stadium starten met gesprekken over goed huurderschap en goed en prettig samenleven. In sommige complexen vinden intakegesprekken plaats met (aspirant-)huurders;  In sommige gevallen gaan deze gesprekken ook over het geven van waarschuwingen en het opbouwen van een dossier;  Indien noodzakelijk opleggen van boetes bij overtredingen op basis van de Algemene Huurvoorwaarden van de betrokken corporatie;  Een gedragsaanwijzing op vrijwillige basis (zonder tussenkomst van de rechter);  Het zorgen voor een gedragsaanwijzing via de rechter;  Inschakelen buurtbemiddeling bij conflicten tussen twee buren of groepsbemiddeling als er meerdere huishoudens bij betrokken zijn. Cijfers van buurtbemiddeling laten zien dat juist in de aandachtsgebieden dit instrument vaak wordt ingezet;  Ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning waarbij bijvoorbeeld woonfraude of zware woonoverlast kan worden aangetoond. Dit gaat vaak om langdurige procedure aangezien er een goed opgebouwd dossier nodig is om ernstige (langdurige) overlast aan te tonen. Daarbij kijkt de rechter ook vaak nog naar de stappen die een corporatie heeft ondernomen om tot een oplossing te komen.

Denk aan het inschakelen van zorg- of bemiddelingsgesprekken;  Er kan gewerkt worden op basis van tijdelijke huurovereenkomst van 2 jaar. Hierbij moet bekend zijn dat de nieuwe huurder in het verleden overlast heeft veroorzaakt of moet er sprake zijn van zorg/begeleiding;  Een corporatie heeft de mogelijkheid de overlastgever of degene die overlast ervaart te verhuizen. Dit gebeurt alleen in zeer extreme gevallen. Als iemand gevaar loopt voor lijf en leden;  Corporaties zetten extra in op zware woonoverlast en woonfraude. Dit kan leiden tot ontbinding huurovereenkomst;  Het inzetten van de contractsvrijheid en de huurder vragen om een Verhuurdersverklaring. 3.2

Nadere toelichting per gebied

Naast de bovengenoemde algemene instrumenten wordt de komende jaren ook ingezet op meer buurtspecifieke punten. Hieronder zijn een aantal elementen van de aanpak eruit gelicht die afgelopen jaren zijn gerealiseerd en waarop we de komende jaren inzetten. 43

3.2.1 Hinthamerpoort-Zuid (Barten-Zuid)

Sociaal

 

Fysiek

 

 

Veilig

    

Er wordt gewerkt aan vertrouwen door verbindingen te leggen tussen bewoners onderling en met vaste wijkwerkers vanuit het wijkplein. Op individueel niveau wordt de positie van kwetsbare bewoners versterkt door o.a. de inzet van burenhulp te koppelen via Platform073. Voor jongeren worden er verschillende vrijetijdsactiviteiten georganiseerd. De afgelopen jaren hebben de woningcorporaties al hun woningen gerenoveerd en heeft de gemeente de openbare ruimte opgeknapt en zijn er speelplaatsen in de buurt gerealiseerd. De buurt heeft daarmee de afgelopen jaren een flinke kwaliteitsimpuls gehad. In de komende periode wordt die fysieke aanpak afgerond. BrabantWonen zet in op een verandering van de samenstelling van de woningvoorraad door een deel van het bezit te 'labelen' voor middenhuur. Bij mutatie gaan deze woningen over naar het niet-DAEB segment. Een eerdere poging onderdoorgangen, portieken en brandgangen af te sluiten is gesneuveld op de vereiste instemming door 70% van de huurders. Brabant wonen gaat hier de komende tijd opnieuw mee aan de slag voor Hinthamerbolwerk, Kastanjestraat, Plataanstraat, Dageraadsweg, Anderlijnstraat. Het afsluiten van deze doorgangen vermindert het aantal hang- en schuilplekken en beperkt vluchtroutes. De afgelopen jaren is een multidisciplinair interventieteam ingezet, gericht op de aanpak van ondermijning (integrale actiedagen).

Dit blijven we periodiek doen. Intensief en vierwekelijks leefbaarheidsoverleg met ketenpanters politie, gemeente, welzijnsorganisatie Farent en de woningcorporaties. Deelnemers van het sociaal wijkteam, consulenten van de woningcorporaties en soms ook met de wijkagent, lopen in wisselende samenstelling adressen langs. (ongeveer) jaarlijkse integrale controle (leerplicht, belasting, sociale recherche, politie en stadstoezicht) en samenwerking met sociale recherche. Regelmatig overleg casussen Veiligheidshuis.

3.2.1.1 Conclusie subsidiariteit Hinthamerpoort-Zuid (Barten-Zuid)

De Gemeenteraad is van mening dat, gezien de reeds toegepaste maatregelen en het feit dat dit tot op heden onvoldoende verbetering van de leefbaarheid en veiligheid heeft opgeleverd, de toepassing van het instrument van selectieve woningtoewijzing op basis van artikel 10 van de Wbmgp in de HinthamerpoortZuid aan de eisen van subsidiariteit voldoet. 3.2.2.

Sociaal

De Hambaken 

De aanpak en begeleiding van de jongeren moet in een vroeg stadium ter hand genomen worden; dit begint al op de basisschool en moet zorgen voor een naadloze overgang naar de middelbare school. Het rond 2017 opgezette Preventief Professioneel Jongerenwerk (PPJ) was er op gericht meer preventief te gaan werken samen met de zorgteams van de scholen, het Buurtteam en het sociaal wijkteam, jeugdarts, jeugdverpleegkundige en Leerplicht. Het PPJ is inmiddels opgegaan in Powerup073. Jongerenoverlast wordt voorkomen door vroege signalering en adequate ondersteuning. Een mooi voorbeeld hiervan is Hambaken Gym. Daarbij draait het om gezond bezig zijn, gecombineerd met opvoeding en het bijbrengen van waarden en normen in een aantrekkelijke omgeving. De Brede Bossche School De Hambaken is het middelpunt voor de jongeren. Hulpverlening, ondersteuning en activiteiten moeten van daaruit geregeld en georganiseerd worden. Duidelijk, transparant en herkenbaar. Wijkbewoners vinden er het Maatjesproject, huiswerkbegeleiding, opvoedondersteuning, zorgverlening en allerlei activiteiten. Activiteiten voor en door bewoners in buurtonderneming Noorderpoort. Dit is de motor voor kleinschalige bedrijvigheid en daarmee voor inkomensvoorziening. Daarnaast is De Noorderpoort het adres voor dagbesteding en werkervaringsprojecten en fungeert het als buurthuis.

Gepoogd wordt diverse initiatieven, her en der ontstaan in de wijk, zoveel mogelijk te koppelen aan de Noorderpoort. Inmiddels is hier ook het jongerenwerk gevestigd.

44

 

 Fysiek

    

 Veilig

     

   

Specifiek voor artikel 8 van de Wbmgp worden de volgende maatregelen ingezet: Om de (financiële) draagkracht van mensen te verstevigen hebben de partners in de stad afspraken gemaakt met het Woonlastenakkoord 2014-2018. Gezamenlijk is ingezet op de aanpak Woonlasten de Baas en het Netwerk tegen Armoede en de gemeentelijke aanpak Den Bosch Schuldenvrij. Dit is flankerend beleid dat ook ingezet wordt voor de huurders in de buurten waar artikel 8 van de Wbmgp wordt toegepast. Ook in de recent gesloten meerjarige prestatieafspraken 2021-2025 is aandacht besteed aan betaalbaar wonen en woonlasten. Er wordt ingezet om jongeren te begeleiden naar werk via scholing en stages. Zayaz heeft de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in onderhoud en renovatie van complexen en blijft dat ook doen. De gemeente heeft het nodige geïnvesteerd in de openbare ruimte en blijft dat doen. De Brede Bossche School en het kindcentrum De Springplank worden op dit moment omgebouwd van schoolplein naar wijkspeelplein waarbij gelijke kansen en talentontwikkeling centraal staan. De gemeente en andere relevante partijen pakken het voormalige speel- en basketbalterrein aan de Smaragd aan. het krijgt een complete make-over. Dit was in het verleden de belangrijkste hangplek met veel overlast en narigheid. Nu is het plek waar veel kinderen en ouders graag komen.

BrabantWonen verkoopt (weliswaar op beperkte schaal) woningen, waardoor draagkrachtigere huishoudens de buurt instromen. Het inzetten van een multidisciplinair interventieteam gericht op de aanpak van ondermijning (integrale actiedagen). Inzetten op uitstroom van overlastgevende en criminele huishoudens. Leefbaarheidsoverleg en casusoverleg ketenpartner. Surveillance door wijkagenten en overleg met straatcoaches. Wekelijks koppelproject waarbij wijkagent, medewerkers sociaal wijkteam en/ofconsulent van de woningcorporatie adressen langslopen. Extra inzet van de welzijnswerker van Farent en de buurtbeheerder van Zayaz specifiek ook voor het beheer en de aanpak van overlast in de flats van de Bokkenlaren en Klokkenlaan; In de flats probeert met draagvlak van huurders tegen gereduceerde servicekosten een huismeester aan te stellen (in één flat aan De Bokkenlaren inmiddels aan het werk). Aanpak overlastpanden en henepkwekerijen met ontbinding huurcontracten. Om het veiligheidsgevoel verder te vergroten, worden de oprichting vanbuurtpreventie teams en het gebruik van de ‘buurtapp’, of vergelijkbare alternatieven, gestimuleerd. Jaarlijkse integrale controle (leerplicht, belasting, sociale recherche, politie en stadstoezicht) en samenwerking met sociale recherche. Regelmatig overleg over casussen in het Zorg- en Veiligheidshuis.

3.2.2 Conclusie subsidiariteit De Hambaken

De Gemeenteraad is van mening dat, gezien de reeds toegepaste maatregelen en het feit dat dit tot op heden onvoldoende verbetering van de leefbaarheid en veiligheid heeft opgeleverd, de toepassing van het instrument van selectieve woningtoewijzing op basis van artikel 8 van de Wbmgp in drie buurten van aandachtsgebied Hambaken (te weten: Sprookjesbuurt, Muziekinstrumentenbuurt en Edelstenenbuurt) aan de eisen van subsidiariteit voldoet. De Gemeenteraad is van mening dat, gezien de reeds toegepaste maatregelen en het feit dat dit tot op heden onvoldoende verbetering van de leefbaarheid en veiligheid heeft opgeleverd, de toepassing van het instrument van selectieve woningtoewijzing op basis van artikel 10 van de Wbmgp in de vier buurten van aandachtsgebied Hambaken (te weten: Sprookjesbuurt, Muziekinstrumentenbuurt, Edelstenenbuurt en De Hambaken) aan de eisen van subsidiariteit voldoet. 3.2.3 Gestelse Buurt

Gestelse Buurt Werkt (Buurtvisie 2020-2030)

De leefbaarheid en veiligheid in de Gestelse Buurt staat nog altijd onder druk. Daarom is er in februari 2020 het plan ‘Gestelse Buurt werkt’ (buurtvisie 2020-2030) gemaakt. Dit is een gezamenlijk programma van de gemeente, politie, BrabantWonen en Farent. Het plan kent vier doelen, te weten ‘Bieden van perspectief: 45

aanpak van armoede, talentontwikkeling, werkgelegenheid’, ‘Een weerbare buurt: zelfredzaamheid en samenredzaamheid’, ‘Veilig en vertrouwd: aanpak (ondermijnende) criminaliteit en overlastgevend gedrag’ en ‘Een aantrekkelijke leefomgeving: duurzaam en gezond’. Onder de inwoners van de Gestelse buurt zijn in vergelijking met de rest van de gemeente veel (mogelijk) kwetsbare groepen voor armoede. Het aandeel huishoudens onder de lage-inkomensgrens, mensen met een bijstandsuitkering en werkzoekenden zonder baan is ruim twee keer zo hoog als gemiddeld. Een deel daarvan is te verklaren vanuit autonome ontwikkelingen. Echter, ook de grootschalige herstructureringen van aandachtsbuurten elders in de stad hebben bijgedragen aan een relatief grote toestroom en concentratie van kwetsbare groepen in de Gestelse buurt. Een aantal kwetsbare huishoudens heeft een verminderde zelfredzaamheid. Velen hebben zorg, ondersteuning of begeleiding nodig. En door hun verminderde zelfredzaamheid zijn ze vaak ook minder goed in staat om anderen bij te staan. Daardoor is ook de zogenaamde ‘samenredzaamheid’ in de Gestelse buurt afgenomen. De visie voor de Gestelse Buurt Werkt is gestoeld op twee uitgangspunten: doen in het hier en nu en denken over de toekomst moeten gelijktijdig gebeuren; voortbouwen op het positieve en het negatieve zichtbaar aanpakken.

De visie is gestoeld op data-science onderzoek en de wijk- en buurtmonitor, zoals hierboven in paragraaf 2.1 beschreven. De visie vertaalt zich naar vier doelen waaraan we de komende tien jaar gefaseerd, integraal en langdurig werken. De eerste 3 - 4 jaar zal vooral op de sociale doelen (ad 1 en ad 2) en de veiligheidsaanpak, (doel 3) intensief ingezet worden. De strategische doelen hebben we inmiddels verder uitgewerkt in concrete projecten en activiteiten. Door bewoners te betrekken in de programma’s, plannen en waar mogelijk de uitvoering, vergroten we het vertrouwen in de samenwerking, krijgen we draagvlak voor de te nemen stappen en vergroten we de betrokkenheid bij de buurt. Naast, maar deels ook binnen, de hiervoor omschreven buurtaanpak worden binnen de Gestelse Buurt de volgende maatregelen getroffen en activiteiten ontplooid: Sociaal

    

Fysiek

De activiteiten voor de jeugd worden steeds meer persoonsgebonden. Het gaat daarbij onder meer om de aanpak van schoolverzuim en het bevorderen van een starterskwalificatie door middel van ‘maatjes’-projecten. Op het gebied van armoede wordt steeds meer ingezet op Buurtvrouwen die een signalerende functie hebben in de wijk. Hierdoor kunnen meer mensen bereikt worden met specifieke hulp. BrabantWonen zet in de Gestelse Buurt extra in op sociaal beheer door extra uren voor de sociaal wijkbeheerder en woonconsulent veiligheid; Een belangrijke verbetering is de Brede Bossche School Nieuw Zuid. Professionele organisaties en lokale initiatieven van vrijwilligers zijn er samengebracht en hebben van dat gebouw het kloppend hart van de buurt gemaakt. Het aantal activiteiten is groot en groeit. Zo zijn er veel activiteiten voor jonge kinderen, zoals het door bewoners geïnitieerde project ‘Kom je buiten spelen’. Ook zijn er veel activiteiten voor jongeren, opgezet en uitgevoerd door het project Preventief Jongerenwerk (PPJ). Vooral de Sportspot op de wijkspeelplaats is een goede uitvalsbasis om samen (sport-)activiteiten te ontwikkelen.

Een activiteitencommissie van ouders zorgt voor herintroductie van activiteiten in de buurt rond de feestdagen, het maandelijks wijkdiner, voorleesmiddagen, wijktheateravonden, diverse kind- en sportactiviteiten en in de Ouderkamer wordt armoede beter bespreekbaar gemaakt. Bij fysieke ingrepen wordt nadrukkelijk gekeken op welke manier er ook een toegevoegde waarde geleverd kan worden op sociaal en veiligheidsgebied. Voorbeelden hiervan zijn het ontwikkelen van een daktuin voor ontmoeting en toepassing van social return bij de sloop en bouwwerkzaamheden Eind 2016 heeft BrabantWonen besloten om zes flats te slopen en te vervangen door nieuwbouw. De sloop/ nieuwbouw van de eerste twee flats loopt nu. BrabantWonen streeft naar een evenwichtige bevolkingsopbouw en woningvoorraad, onder andere door extra 46

    Veilig

  

        

woningen toe te voegen op de locaties voor sloop-nieuwbouw, een deel van de nieuwbouw te realiseren in het middenhuursegment en door verkoop van een beperkt deel van het bezit. Om de periode tussen uitstroom en sloop te overbruggen verhuurt BrabantWonen de flats tijdelijk (o.a. aan spoedzoekers). Ook deze huurders worden vooraf gescreend. Er is afgelopen jaren geïnvesteerd in de openbare ruimte, onder meer in speelplekken. Met de sloop/nieuwbouw zal de gemeente ook verder investeren in de openbare ruimte en kijken hoe deze nog veiliger in te richten. In de buurt wordt verder gekeken naar het opknappen van verschillende plekken. Zo is de school aan de Bilderdijkstraat (VSO Diezecollege) opgeknapt. Ook de aansluiting op het verkeersnetwerk is nog niet optimaal en dient te worden verbeterd. De winkelstrip aan de Hildebrandstraat ondergaat een upgrading, onder meer door vervanging van winkel- en horecaruimte door woningen, alsmede het opknappen van de bouwkundige staat. Het inzetten van een multidisciplinair interventieteam gericht op de aanpak van ondermijning (integrale actiedagen).

Inmiddels zijn meerdere interventies geweest; Door een student van Avans is een Cepted analyse gemaakt die aanleiding geeft tot infrastructurele maatregelen die de veiligheid verhogen; In november 2020 en april 2021 zijn er interventies in de wijk geweest, waarbij meerdere adressen zijn bezocht hetgeen heeft geleid tot beëindigen van huurovereenkomsten en diverse flankerende maatregelen en ingrepen(zoals een aanhouding, verbalisering, beëindiging van spookbewoning, aanpak van woningverloedering, gesprekken met bewoners die camera’s aan/op de woning hebben geplaatst en een opruimactie van de openbare ruimte). Strafrechtelijk lopen er meerdere onderzoeken. Recent is een bewoner aangehouden in verband met dealen. Ingezet wordt op sluiting van de woning; Door een bewoner is woonfraude gepleegd (valse inschrijving). De procedure voor beëindiging van de huurovereenkomst loopt; Inzetten op uitstroom van overlastgevende en criminele huishoudens; Leefbaarheidsoverleg en casusoverleg ketenpartners (tweewekelijks); Regelmatig overleg over casussen in het Zorg- en Veiligheidshuis; Surveillance door wijkagenten (o.a. ook bij wijkplein, scholen);Wekelijks koppelproject waarb ij wijkagent en medewerkers sociaal wijkteam adressen langslopen; Sinds 2016 is er ook een buurtpreventieteam (bestaande uit bewoners). Dit team kan helpen met de meldingsbereidheid van bewoners.

Aanpak overlastpanden en hennepkwekerijen met ontbinding huurcontracten. Met de netbeheerder zijn zogenaamde dalimeters aangebracht waardoor het nagenoeg onmogelijk is dat een hennepkwekerij onopgemerkt blijft; Jaarlijkse integrale controle (leerplicht, belasting, sociale recherche, politie en stadstoezicht) en samenwerking met sociale recherche.

3.2.3.1 Conclusie subsidiariteit Gestelse Buurt

De Gemeenteraad is van mening dat, gezien de reeds toegepaste maatregelen en het feit dat dit tot op heden onvoldoende verbetering van de leefbaarheid en veiligheid heeft opgeleverd, de toepassing van het instrument van selectieve woningtoewijzing op basis van artikel 10 van de Wbmgp in de Gestelse Buurt aan de eisen van subsidiariteit voldoet.

47

4.

Proportionaliteit

4.1

Omvang aan te wijzen woningen

In welke buurten worden de maatregelen van de artikelen 8 en 10 ingezet en is er nog voldoende aanbod in de gemeente (en regio) voor ‘geweigerde’ woningzoekenden om zich elders te kunnen huisvesten? De volgende tabel geeft een overzicht van het aantal woningen per aan te wijzen gebied. Totaal aan te wijzen woningen (zie par. 1.3.3): Gebied Hinthamerpoort-Zuid Sprookjesbuurt Edelstenenbuurt Muziekinstrumentenbuurt De Hambaken Gestelse Buurt Totaal12

4.2

Artikel 8 798 283 378 1.459

Artikel 10 526 798 283 387 349 426 2.769

Passende huisvesting en slaagkans

Hieronder is het aantal woningen in de aangewezen gebieden afgezet tegen de totale omvang van het woningcorporatiebezit in de gemeente en in de woningmarktregio. Ook is gekeken naar de huurstandplaatsen. Let wel, hierbij is dus niet gekeken naar het totale aanbod van standplaatsen en woningen maar uitsluitend naar het woningcorporatiebezit en de huurstandplaatsen. Verder is er een inschatting gemaakt hoeveel woningen er jaarlijks selectief toegewezen worden en hoeveel afwijzingen op basis van het verleden verwacht mogen worden. Dat zegt ook iets over de feitelijke impact van het instrument. Totaal aantal aan te wijzen woningen Percentage van corporatiewoningen gemeente ’s-Hertogenbosch13 Percentage van corporatiewoningen woningmarktregio subregio NO-Brabant14 Percentage van corporatiewoningen subregio NO-Brabant en Rivierenland 15 Huurstandplaatsen Percentage van huurstandplaatsen in gemeente ’s-Hertogenbosch16 Te verwachten aantal woningen met selectieve woningtoewijzing per jaar 17 Aantal afwijzingen per jaar op basis van verleden18

Aantal woningen Artikel 8 1.459 24.275 6,0% 63.733 2,3% 65.555 2,2% 6 4,8% 88 10

Artikel 10 2.769 11,4% 4,3% 4,2% 21 16,8% 176 10

Het aantal woningen waarvoor selectieve toewijzing op basis van deze aanvraag kan worden toegepast voor artikel 8 van de Wbmgp bedraagt 1.459 en voor artikel 10 van de Wbmgp betreft het 2.769 woningen. Gezien het aandeel dat dit woningaanbod uitmaakt van de totale omvang van het corporatiebezit zijn wij van oordeel dat er voldoende alternatief aanbod resteert binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch en de regio. Op basis van artikel 10 van de Wbmgp is bij ongeveer 2.769 woningen nog ongeveer 89% van het corporatiebezit beschikbaar. Voor de regio is dit zelfs nog bijna 96%. Voor standplaatsen is de beschikbaarheid in de gemeente ’s-Hertogenbosch 83%. Ook hier resteert naar ons oordeel nog een redelijk aandeel van het totale aanbod. Diverse woningen hebben een verkooplabel. Deze woningen zijn in dit overzicht wel meegenomen. Bij verkoop kan hier niet selectief worden toegewezen. Het kan echter zijn dat in de nabije toekomst de woningen alsnog een huurlabel krijgen. In dat geval is de wens om ook hier selectief te kunnen toewijzen. 13 Gegevens woningaantallen per 1-1-2020. Bron: Regionale Woningmarktmonitor 2020 (RWMM 2020); 14 De subregio (deel van woningmarktregio Noordoost-Brabant: Bernheze, Boxtel, ’s-Hertogenbosch, Heusden, Meierijstad, Oss, Sint-Michielsgestel, Uden, Vught (Bron: RWMM 2020); 15 Rivierenland: Maasdriel, Zaltbommel (bron: CBS Statline 2020).

16 Het totaal aantal huurstandplaatsen voor woonwagens in de gemeente ’s-Hertogenbosch bedraagt 125. 17 Het aantal vrijgekomen zelfstandige woningen (exclusief studentenwoningen) lag in de aangewezen gebieden de afgelopen jaren gemiddeld op 176 woningen per jaar voor art. 10 en 88 woningen voor art. 8. Let wel, de woningen waar op art. 8 wordt gescreend, vallen tevens onder de woningvoorraad waarop op grond van artikel 10 wordt gescreend. (Bron: woningcorporaties Zayaz en BrabantWonen. 18 De afgelopen jaren (01/11/2017 tot 1/1/2021) zijn op grond van artikel 8 in totaal 33 aanvragen geweigerd en op grond van artikel 10 waren dat er 31. Gelet op de continuering van de gebiedsaanwijzing waarop deze aanvraag betrekking heeft, gaan we er van uit dat ook het aantal afwijzingen ongeveer gelijk blijft de komende jaren. 12

48

Door de toegenomen krapte op de woningmarkt is ook de druk op het beschikbare aanbod buiten de aangewezen gebieden toegenomen. De slaagkans van de gescreende en/of geweigerde woningzoekenden zijn daarmee verslechterd. Dat is echter over de hele linie het geval en geldt voor alle woningzoekenden. De positie van ‘geweigerde woningzoekenden’ is niet sterker verslechterd dan van anderen. Omdat een groot deel van de nieuwbouw van sociale huurwoningen buiten de aangewezen gebieden gepleegd wordt, ontstaan voor de geweigerden ook daarmee extra kansen om voor een woning in aanmerking te komen. Met de woonvisie 2020 heeft de gemeenteraad een forse nieuwbouwambitie van 10.500 in 10 jaar neergelegd. De gemeente en woningcorporaties streven in dezelfde periode naar de realisatie van minimaal 30% hiervan in het sociale huursegment. 4.3

Conclusie proportionaliteit

De Gemeenteraad is van mening dat op basis van de bovenstaande analyse de toepassing van het instrument van selectieve woningtoewijzing op basis van artikel 8 van de Wbmgp voldoet aan de eisen van proportionaliteit. De Gemeenteraad is van mening dat op basis van de bovenstaande analyse de toepassing van het instrument van selectieve woningtoewijzing op basis van artikel 10 van de Wbmgp voldoet aan de eisen van proportionaliteit.

49

5.

Monitoring en evaluatie

5.1

Welke indicatoren?

Hierna gaan wij in op hoe we de komende jaren de effecten van inzet van de Wbmgp monitoren. Ook gaan we in op de effecten die we van inzet van de Wbmgp in de komende vier jaar verwachten. Er zijn verschillende informatiebronnen waarmee de gebieden worden gemonitord:  De Veiligheidsmonitor  De wijk- en buurtmonitor  Leefbaarometer Kijkend naar de criteria dan worden de volgende indicatoren gebruikt waarbij de buurten (voor zover als mogelijk) afgezet worden tegen het stedelijk gemiddelde. In de loop der jaren kan het voorkomen dat de wijze van meten wijzigt. Algemeen De wijken en buurten worden gemonitord aan de hand van algemene cijfers uit de Leefbaarometer en de gemeentelijke Wijk- en Buurtmonitor. Daarbij wordt gekeken naar de huidige situatie en de ontwikkeling. Een vergelijking wordt daarbij gemaakt met het Bossche gemiddelde. Artikel 8 van de Wbmgp De veronderstelling is dat de inzet van artikel 8 van de Wbmgp zorgt voor een afname van het:  Percentage bijstandsuitkeringen (BUIG)  Percentage niet-werkende werkzoekenden  Percentage laag inkomen Artikel 10 van de Wbmgp  Veiligheidsindex (met achterliggende indicatoren) – De veiligheidsindex is samengesteld uit objectieve (politiecijfers) en subjectieve cijfers (oordelen van bewoners, verkregen via enquêtes). De veronderstelling is dat de inzet van artikel 10 van de Wbmgp zorgt voor een lagere veiligheidsindex score.

 Cijfer fysieke verloedering – Aan de hand van deze stellingen is de schaalscore ‘fysieke verloedering’ berekend. Deze schaalscore loopt van 0 tot en met 10, waarbij een hogere score overeenkomt met een negatiever oordeel over de fysieke verloedering. De veronderstelling is dat de inzet van artikel 10 van de Wbmgp (o.a. screenen op gedragingen rond vernieling) zorgt voor een positiever oordeel over fysieke verloedering.  Cijfer sociale overlast – Aan de hand van deze stellingen is de schaalscore ‘sociale overlast’ berekend. Deze schaalscore loopt van 0 tot en met 10, waarbij een hogere score overeenkomt met een negatiever oordeel over de sociale overlast. De veronderstelling is dat de inzet van artikel 10 zorgt voor een positiever oordeel over sociale overlast.  Cijfer sociale cohesie – Aan de hand van deze stellingen is de schaalscore ‘sociale cohesie’ berekend. Deze schaalscore loopt van 0 tot en met 10, waarbij een hogere score overeenkomt met een positiever oordeel over de sociale cohesie. De veronderstelling is dat de inzet van artikel 10 zorgt voor een positiever oordeel over sociale cohesie. Daarbij is wel altijd de kwalitatieve duiding noodzakelijk omdat deze indicator wel twee kanten kent.  Aantal incidenten uit politiegegevens op basis van gedragingen (per buurt/naar inwonertal).

De veronderstelling is dat de inzet van artikel 10 zorgt voor minder meldingen van incidenten. Daarbij is wel altijd de kwalitatieve duiding noodzakelijk omdat dit ook samenhangt met de meldingsbereidheid zoals eerder omschreven. Monitoren verhuringen  Aantal verhuringen  Gemiddeld aantal reacties  Aantal weigeringen Monitoren geweigerden De gemeente heeft in het verleden met de woningcorporaties afspraken gemaakt over het bijhouden van het aantal geweigerde woningzoekenden op grond van deze maatregel. Onder de huidige wet- en regelgeving omtrent privacy (o.a. AVG) is het niet mogelijk en evenmin wenselijk om bij te houden waar huishoudens na een weigering van een woonverklaring / huisvestingsvergunning terecht komen. 50

5.2

Te verwachten effecten

Er is opnieuw bewust gekozen om grotere gebieden (buurten) aan te wijzen en niet één complex of straat. Doordat het instrument pas bij een nieuwe verhuring ingezet kan worden is het effect ervan pas op langere termijn merkbaar. Bovendien is de wens om in deze buurten het leefklimaat te verbeteren. Met de aanpak in één straat kunnen problemen een straat verder ook weer ontstaan. Daarmee kan het uitsluiten van bepaalde gebieden de druk verhogen op andere gebieden. Maar het doel van het instrument is om een concentratie in aandachtsbuurten tegen te gaan en te komen tot een betere spreiding en balans binnen de gemeente. Op basis van de inzet van het instrument worden voor de komende vier jaren de volgende effecten verwacht: Algemeen Het doorzetten van een bijdrage aan de algehele verbetering van de score van de buurt in de wijk- en buurtmonitor. Een verbetering te zien is in de loop der tijd meer richting het gemiddelde van de gemeente ’s-Hertogenbosch. Artikel 8 van de Wbmgp De instroom van kandidaten met een inkomen uit een uitkering neemt (verder) af, zodat:  Minder financieel kwetsbare bewoners in de buurt wonen;  Inkomen uit arbeid meer de norm wordt;  Een verbetering te zien is in de loop der tijd meer richting het gemiddelde van de gemeente ’sHertogenbosch op basis van de gestelde indicatoren.

Artikel 10 van de Wbmgp De instroom van kandidaten met een verleden van overlastgevend en crimineel gedrag zal verder verminderen, zodat:  Minder bewoners met een verleden van crimineel en overlastgevend gedrag in het aangewezen gebied gaan wonen;  Minder bewoners met een verleden van crimineel en overlast gevend gedrag zich melden als woningzoekende voor dit gebied (preventieve werking);  Het oordeel van bewoners over de leefbaarheid en veiligheid van de buurt verder verbetert;  De (georganiseerde) structuur van (drugs)criminaliteit met een sociaal klimaat van ondermijning en intimidatie wordt doorbroken;  Minder inzet van professionals nodig is op termijn om (woon)overlast en criminaliteit te bestrijden;  Op langere termijn het imago van de buurt verbetert: o.a. meer reacties op verhuringen en indirect stijgen van de marktwaarde van woningen op de lange termijn;  Een verbetering te zien is in de loop der tijd meer richting het gemiddelde van de gemeente ’sHertogenbosch op basis van de gestelde indicatoren van. Een voor de hand liggend neveneffect is dat personen met crimineel of overlastgevend gedrag zich elders vestigen (waterbedeffect). Dit kan enig effect hebbe op de leefbaarheid in andere buurten in de stad. 5.3

Enkele kanttekeningen en beperkingen bij het meten van effecten

Er moeten enkele belangrijke kanttekening geplaatst worden ten aanzien van (de mogelijkheden van) het meten van het effect. Geen één-op-één relatie inzet instrument en effect De afgelopen jaren is op basis van het werken met de selectieve woningtoewijzing opnieuw gebleken dat het moeilijk is om een één-op-één relatie te leggen tussen het toepassen van het instrument en de uitkomsten. Dit kwam eerder ook al naar voren. Het is en blijft lastig meetbaar wat het afzonderlijke effect is van de verschillende instrumenten die worden ingezet. Naast cijfers blijft dan ook een kwalitatieve onderbouwing van belang. Preventieve werking van het instrument We weten uit de ervaring van de afgelopen vier jaren dat het instrument ook een “afschrikwekkend” effect heeft. Woningzoekenden weten dat ze mogelijk niet door de selectie komen als zij reageren op een woning en zien daar daarom van af. Dit effect is niet meetbaar, maar kan wel een positief effect zijn van het instrument. 51

Meten van financiële draagkracht in een buurt Kijkend naar het criterium van artikel 8 dan spelen ook macro-economische ontwikkelingen een rol zoals de gevolgen van een economische crisis of de huidige corona-pandemie, zowel op korte als lange termijn als de steunmaatregelen worden afgebouwd. En ook wettelijke maatregelen zoals het passend toewijzen hebben gevolgen voor de sociaal-economische samenstelling van de buurten. Meten van sociale cohesie Een indicator als sociale cohesie kent twee kanten. Een lage sociale cohesie wordt gezien als onwenselijk want dit zorgt voor onvoldoende binding en betrokkenheid bij de buurt. Een hoge betrokkenheid en sociale cohesie kan echter evenmin wenselijk zijn, als dat crimineel en overlastgevend gedrag in de hand werkt of leidt tot een sfeer van intimidatie en uitsluiting van “buitenstaanders”. Het interpreteren van die indicator vraagt dan ook om voorzichtigheid en vraagt om kwalitatieve onderbouwing met input vanuit professionals en bewoners. Meten van ondermijning en intimidatie Specifiek zijn er ook problemen met het onderbouwen van problemen rond ondermijning en intimidatie. Het ondermijningsbeeld is namelijk vertrouwelijk. Ondermijning is altijd een beeld dat de integrale partners hebben van een buurt. Ondermijning in dit soort buurten gaat namelijk over intimidatie, witwassen, fraude, bedreiging etc.

Pas op het moment dat er bewijs is voor een strafrechtelijke zaak wordt het voor die zaak zichtbaar, maar ondertussen broeit het voort. Overigens is er dus ook een verschil of het instrument van selectieve woningtoewijzing ingezet wordt om woonoverlast tegen te gaan of tegen ondermijning. Soms is er sprake van weinig overlastmeldingen bij bijvoorbeeld corporaties. Gelijktijdig spelen er wel zaken van criminele activiteiten onder de radar die niet altijd zichtbaar zijn of waarvan mensen geen melding durven te maken uit angst voor bereidingen van buurtgenoten. De cijfers laten dus niet altijd hetzelfde beeld zien. Mogelijkheden tot onderzoeken van waterbedeffecten Het is de wens om beter in beeld te krijgen wat de mogelijke waterbedeffecten zijn van het instrument. In het verleden is dit met de eerste vier jaar van de selectieve toewijzing niet goed bijgehouden. De huidige wet- en regelgeving, mede rond privacy lijken de mogelijkheden hiervan te beperken. De beelden uit de wijk- en buurtmonitor van omliggende buurten of wijken kunnen hierin ondersteunend zijn. 5.4

Termijn beëindiging maatregelen

5.5

Evaluatie

5.6

Inzicht van de kosten

Zoals wettelijk vastgelegd betreft deze aanvraag de verlenging van toepassing van de instrumenten uit de Wbmgp voor een periode van vier jaar. Na die vier jaar wordt op basis van een evaluatie besloten of voortzetting van de toepassing van de eerder genoemde maatregelen wenselijk is. Ook bepalen we dan of bijvoorbeeld aanpassing van het gebied of wijziging van de toe te passen artikelen nodig is. De maatregel van selectieve woningtoewijzing moet gezien worden als tijdelijk van aard en er moet zorgvuldig omgegaan worden met de toepassing ervan. Tegelijkertijd is een langdurige aanpak nodig om voor een duurzame verbetering van de leefbaarheid te zorgen. Het instrument wordt dan ook ingezet bovenop andere instrumenten om de situatie in de aangewezen gebieden te verbeteren (zie ook hoofdstuk 3). Op basis van de bovengenoemde effecten wordt opnieuw jaarlijks een update gemaakt. Daarnaast wordt er over twee jaar (2023) een evaluatie gemaakt waarbij er jaarlijks cijfers van verhuringen worden bijgehouden. Na vier jaar wordt de totaalbalans opgemaakt. In 2017 is door gemeente, corporaties en politie een proces voor de screening van gegadigden voor woningen in de aangewezen gebieden ontwikkeld. Dat proces staat, ook voor de komende jaren. De uitvoeringskosten voor toepassing van de instrumenten betreffen dan ook alleen de capaciteitsinzet door de betrokken instanties.

Iedere organisatie draagt de kosten van de eigen inzet. Overigens zijn er geen organisatiekosten aan de maatregelen verbonden. Doordat het proces sterk gestroomlijnd is, zijn de gevolgen voor de doorlooptijd van nieuwe verhuringen door de corporaties beperkt. De monitoring van de effecten van de maatregel maakt voor een groot deel al integraal onderdeel van buurt- en wijkmonitor. De geringe extra inzet die daarvoor vanuit de betrokken partijen nodig is, wordt eveneens door iedere partij voor zichzelf gedragen. 52

Bijlage 1: plattegronden aanvraag gebiedsaanwijzing Hinthamerpoort-Zuid (Barten-Zuid) (artikel 10) Woningbezit woningcorporatie in de volgende straten: Acaciasingel, Anderlijnstraat, Cederstraat, Dageraadsweg, Essenplein, Essenstraat, Graafseweg, Hinthamerbolwerk, Kastanjestraat, Lagelandstraat, Lariksplein, Lijsterbesstraat, Oranjestraat, Palmboomstraat, Plataanstraat, Veldwijkstraat, Weymouthstraat, Wilgenstraat, Zuidoosterfront.

53

Vier buurten in aandachtsgebied Hambaken: Sprookjesbuurt (art. 8 en 10) Woningbezit woningcorporatie in de volgende straten: De Bijenkoningin, De Bokkelaren, De Ganzenhoedster, De Goudkinderen, De Kabouters, De Korenaar, De Reiskameraad, De Rozenelf, De Sterrendaalders, De Tondeldoos, De Trommelslager, De Waternimf, Het Klokkediep, Het Spinnewiel, Het Wielsem, Klokkenlaan. Edelstenenbuurt (art. 8 en 10) Woningbezit woningcorporatie (inclusief huurstandplaatsen in woonwagencentrum De Jade) in de volgende straten: Albert Luthulilaan, Diamant, Hambakenweg, Het Wielsem, Jade, Jan Palachstraat, Opaal, Robijn, Saffier, Salvador Allendelaan, Smaragd, Steve Bikostraat, Topaas, Zirkoon. Muziekinstrumentenbuurt (art. 8 en 10) Woningbezit woningcorporatie in de volgende straten: Cello, Fagot, Harp, Het Wielsem, Klarinet, Mandoline, Piano, Piccolo, Saxofoon, Tamboerijn, Trombone, Trompet, Tuba. De Hambaken (art. 10) Woningbezit woningcorporatie in de volgende straten: Eerste Hambaken, Tweede Hambaken, Derde Hambaken, Vierde Hambaken, Hambakendreef .

54

Gestelse Buurt (artikel 10) Woningbezit woningcorporatie (inclusief huurstandplaatsen in woonwagencentrum Bilderdijkstraat) in de volgende straten: Alberdingk Thijmstraat, Albert Verweijstraat, Bilderdijkstraat, Da Costastraat, Frans Erensstraat, Frederik van Eedenstraat, Gestelseweg, Guido Gezellelaan, Hildebrandstraat, Hugo Verriesthof, Jacq Perkstraat, Potgieterhof, Rodenbachstraat, Van Lennephof.

55

Bijlage 2: tussenevaluatie toepassing Wbmgp 2020 --- (separaat document) ---

56

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10427043/1