CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Inkoopopdracht Basisondersteuning 2023-2024

Gemeenteraad 31 januari 2023, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Raadsinformatiebrief Sociale Basisinfrastructuur 2023-20249.406 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Inkoopopdracht Basisondersteuning 2023-2024 Gemeente ’s-Hertogenbosch

1

Inhoudsopgave 1. Inleiding ..........................................................................................................................................4 2. Uitgangspunten Inkoopopdracht ......................................................................................................7 3. Doelstelling Inkoopopdracht .......................................................................................................... 10 4. Deelopdrachten............................................................................................................................. 14 5. Samenwerking .............................................................................................................................. 28 6. Verantwoording en maatschappelijke meerwaarde ........................................................................ 31 7. Financiën ...................................................................................................................................... 33 8. Definities ....................................................................................................................................... 36 Bijlage 1. Aanvullende voorwaarden deelopdracht 1.......................................................................... 37 Bijlage 2.

Inzet buurtteams ................................................................................................................ 39

2

1. Inleiding 3

1. Inleiding Deze inkoopopdracht vormt het kader voor de verlengde inkoopovereenkomst basisondersteuning van Farent, MEE, GGD en Humanitas (FMGH) voor de periode 1 januari 2023 tot en met 31 december 2024. Uitgangspunt daarbij is de doorontwikkeling van de bestaande opdracht binnen de geldende financiële en juridische kaders waarin de focus ligt op: • • •

Verbeterde samenwerking Meer flexibiliteit om in te spelen op (maatschappelijke) ontwikkelingen Vergroten beter inzichtelijk maken van maatschappelijke meerwaarde

De huidige opdracht is onderverdeeld in zeven deelopdrachten. Op basis van een analyse van beschikbare data en in overleg met partners en andere betrokkenen zijn deze deelopdrachten aangescherpt om zo aan te sluiten bij de maatschappelijke opgaven waar we voor staan. De deelopdrachten zijn vertaald in concretere doelstellingen en indicatoren en normen waar FMGH haar activiteiten op gaat inrichten.

Opdrachtgever en opdrachtnemer De inkoopopdracht bepaalt de doelstellingen van de basisondersteuning. De invulling van deze doelstellingen in activiteiten is aan FMGH. Hierbij is een scheiding tussen de gemeente als opdrachtgever en FMGH als opdrachtnemer. Sturing op de gehele opdracht, doelstellingen, subdoelen en controle op het behalen van normen ligt bij de opdrachtgever. De opdrachtnemer is verantwoordelijk voor de uitvoering van de opdracht en het afleggen van inhoudelijke en financiële verantwoording over de opdracht.

Samenwerking De inkoopopdracht basisondersteuning is verstrekt aan een samenwerkingsband van vier partijen: Farent, MEE, GGD en Humanitas. De ervaring, kennis en expertise van elke organisatie dient in samenhang en samenwerking te worden ingezet voor het ondersteunen van inwoners. De inzet van de verschillende organisaties is complementair. Ofwel, in de samenwerking sluiten partijen bij elkaar aan, vullen elkaar aan en versterken elkaar.

Flexibiliteit Essentieel onderdeel van de ondersteuning van inwoners is het kunnen inspelen op en aanpassen aan ontwikkelingen in de samenleving. Er wordt daarom van de partners verwacht flexibel in te kunnen spelen op deze ontwikkelingen. De lumpsum financiering is hierop ingericht. De opdrachtgever blijft leidend bij aanpassingen van de inzet die effect hebben op de doelstellingen of subdoelen per deelopdracht.

Maatschappelijke meerwaarde Op basis van de concrete doelstellingen en afspraken per deelopdracht kan FMGH de wijze waarop zij bijdraagt aan de deelopdrachten scherper verantwoorden. Daardoor komt haar meerwaarde duidelijker over het voetlicht.

4

Inkoopopdracht naar definitieve opdracht De inkoopopdracht 2023-2024 geeft de doelstellingen en subdoelen voor Farent, MEE, GGD en Humanitas weer voor de periode 2023 en 2024. De organisaties ontwikkelen zelf, in samenspraak met de gemeente 's-Hertogenbosch, een voorstel voor de uitvoering van activiteiten die een bijdrage leveren aan deze doelstellingen en subdoelen. In de periode mei-september 2022 wordt dit voorstel uitgewerkt. Na de toetsing van het voorstel van FMGH wordt de definitieve opdracht door het college vastgesteld. De opdracht 2023-2024 gaat in op 1 januari 2023.

5

2. Uitgangspunten Inkoopopdracht 6

2. Uitgangspunten Inkoopopdracht De basisondersteuning werkt preventief en biedt ondersteuning – zo kort als mogelijk, zo lang als noodzakelijk - gericht op het versterken van de eigen kracht van inwoners en hun deelname aan de samenleving in 's-Hertogenbosch. Daarnaast zorgt de basisondersteuning voor samenlevingsopbouw, het verbinden van inwoners en het voorkomen van spanningen tussen bewoners en in buurten en wijken.

Van specialistisch naar basisondersteuning, van basisondersteuning naar informele ondersteuning Door via de basisondersteuning laagdrempelige vroegtijdige hulp in de eigen omgeving te bieden, kunnen we enerzijds voorkomen dat inwoners onnodig een beroep moeten doen op de specialistische hulp. Op deze manier kunnen we inzet van specialistische hulp (indien verantwoord) voorkomen. Anderzijds voert de basisondersteuning geen taken uit die door vrijwilligersorganisaties kunnen worden uitgevoerd.

Samenwerking Zoals in hoofdstuk 1 is benoemd is voor de uitvoering van de opdracht basisondersteuning samenwerking tussen de organisaties binnen de basisondersteuning en bredere verbinding met andere partners (informeel en specialistisch) in 's-Hertogenbosch essentieel. Van de organisaties wordt verwacht dat zij voorzien in een samenhangend ondersteuningsaanbod voor inwoners. Hiervoor is het van belang dat de organisaties met elkaar afstemmen en gebruik maken van elkaars ervaring, kennis en expertise. Het geheel is zo meer dan de som der delen. Daarnaast waarderen en benutten de organisaties de kwaliteiten van vrijwilligers en ervaringsdeskundigen zo veel mogelijk en ondersteunen hen, daar waar nodig, bij hun inzet.

Verschil professionele en niet-professionele organisaties Met de professionele organisaties hebben wij een inkoopovereenkomst basisondersteuning gesloten. Hieronder vallen de organisaties Farent, MEE, GGD en Humanitas. De overeenkomst bevat zeven deelopdrachten. Naast deze organisaties dragen tal van informele organisaties bij aan de basisinfrastructuur binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch. Deze informele organisaties vallen buiten deze overeenkomst. Deze organisaties ontvangen subsidie. De opdracht aan Farent, MEE, GGD en Humanitas is om samen te werken met deze informele organisaties en indien nodig hen te ondersteunen en vooral niet over te nemen wat deze informele organisaties prima zelf (kunnen) organiseren.

Jeugd- en jongerenwerk Voor deelopdracht 7 geldt een uitzondering op bovenstaande regeling. Jongerenwerk wordt uitgevoerd door PowerUp073 en HambakenConnect. PowerUp073 is een samenwerkingsverband van Farent en de afdeling Sport en Recreatie van de gemeente. Formeel worden afspraken over PowerUp073 gemaakt met Farent. PowerUp073 is verantwoordelijk voor het stedelijk jongerenwerk. Specifiek voor het jongerenwerk in Noord hebben wij ook afspraken gemaakt van HambakenConnect voor het familiegerichte jongerenwerk. HambakenConnect voert dit jongerenwerk uit binnen het kader van de inkoopopdracht, maar wordt gefinancierd met een subsidie.

7

Inclusie en diversiteit De gemeente ‘s-Hertogenbosch is een inclusieve gemeente en de organisaties in de basisondersteuning hebben diversiteit en inclusief beleid duurzaam geïmplementeerd in hun algemene beleid. Daarnaast hebben de organisaties een solide en duurzaam diversiteits- en inclusiviteitsbeleid dat onderdeel van het strategisch personeels- en communicatiebeleid. • De organisaties dragen uit in hun interne en externe communicatie dat zij open staan voor diversiteit op het gebied van culturele-, etnische-, religieuze achtergrond, leeftijd, sekse, gender, seksuele oriëntatie, een beperking of en psychische kwetsbaarheid. • Voor cliënten is het duidelijk dat diversiteit bespreekbaar is. • De medewerkers maken een adequate afweging in hoeverre gender, leeftijd, culturele, etnische en religieuze achtergrond, LHBTI+ en/of arbeidsvermogen een rol speelt bij de ervaren problematiek. • Alle medewerkers in de basisondersteuning werken LHBTI+- en cultuursensitief. • Bij het bieden van informatie en advies en/of ondersteuning aan bewoners en vrijwilligers(organisaties) wordt uitgegaan van inclusief beleid en is er aandacht voor het tegengaan van discriminatie. • Er is aandacht voor het tegengaan van discriminatie op alle verschillende gronden. • Bij ervaren discriminatie verwijzen medewerkers slachtoffers door naar antidiscriminatie voorziening RADAR.

Signaleren en doorverwijzen Alle medewerkers van de basisondersteuning zijn in staat (dreigende) financiële problemen, schulden en armoedeproblematiek, eenzaamheid en huiselijk geweld vroegtijdig te signaleren. Deze signalen geleiden zij door naar relevante instanties. Bij (dreigende) armoede is dat de Eerste Hulp bij Geldzaken. Bij eenzaamheid is dit het meldpunt Ontmoeting en Contact bij Farent.

8

3. Doelstelling Inkoopopdracht 9

3. Doelstelling Inkoopopdracht 3.1. Sturen op maatschappelijke meerwaarde Het inkoopkader basisondersteuning 2023-2024 bepaalt de inzet van de basisondersteuning in de doelstelling en subdoelen op de zeven deelopdrachten. De focus binnen deze deelopdrachten ligt op de volgende punten: • • •

Verbeterde samenwerking Flexibiliteit om in te spelen op (maatschappelijke) ontwikkelingen Creëren en inzichtelijk maken van maatschappelijke meerwaarde

Om de maatschappelijke meerwaarde beter inzichtelijk te maken is het inkoopkader basisondersteuning 2023-2024 vormgegeven op basis van het Social Profit Canvas. Het Social Profit Canvas is ontworpen door WHISE – een organisatie gevestigd in ’s-Hertogenbosch – en TIAS om in beeld te brengen hoe sociale winst en waarde kunnen worden bereikt. Het Social Profit Canvas ziet er schematisch weergegeven als volgt uit:

Vanuit het Social Profit Canvas wordt verder gekeken dan een interventie en het resultaat van deze interventie op de direct begunstigden. De uitkomsten van een interventie richten zich op de belanghebbenden en de impact van een interventie op de samenleving.

10

3.2. Strategische doelstelling De strategische doelstelling is het overkoepelende doel van de basisondersteuning. De deelopdrachten, doelstellingen van de deelopdrachten en de uiteindelijke activiteiten dienen een bijdrage te leveren aan de strategische doelstelling. De strategische doelstelling van de basisondersteuning is: De basisondersteuning werkt preventief en biedt ondersteuning - zo kort als mogelijk, zo lang als noodzakelijk – gericht op het versterken van eigen kracht van inwoners om naar vermogen mee te doen aan de samenleving in 's-Hertogenbosch. Dit betekent dat de basisondersteuning vrij toegankelijke, laagdrempelige ondersteuning voor inwoners biedt, die is gericht op inwoners die ondersteuning nodig hebben. Hieronder valt zowel professionele als niet-professionele ondersteuning. Onder ondersteunen verstaan we het helpen of bijstaan van een persoon of personen zodat diegene(n) op eigen kracht een taak of actie kan/kunnen uitvoeren. Rol van strategische doelstelling De strategische doelstelling is het hoofddoel van de basisondersteuning en vormt daarmee het uitgangspunt voor onderliggende doelstellingen en activiteiten. De doelstellingen van de deelopdrachten dragen bij aan de strategische doelstelling. Strategische doelstelling en deelopdracht doelstellingen De inkoopopdracht is onderverdeeld in zeven deelopdrachten.

Ook deze deelopdrachten kennen hun eigen doelstelling. Binnen de deelopdrachten zijn subdoelen geformuleerd. De subdoelen dragen bij aan de doelstelling van de deelopdracht. De doelstellingen van de verschillende deelopdrachten dragen op hun beurt bij aan de strategische doelstelling zoals die hierboven is geformuleerd. De doelstellingen en subdoelen van de diverse deelopdrachten worden behandeld in hoofdstuk 4 van deze Inkoopopdracht.

3.3. Maatschappelijke meerwaarde – Social Profit In voorgaande jaren lag de nadruk op het behalen van resultaten. Nu leggen we de nadruk meer op de uitkomst van de activiteiten of wel de maatschappelijke impact. We vragen partijen met een brede blik te kijken en de elementen uit het Social Profit Canvas mee te nemen. In het Social Profit Canvas wordt benadrukt dat er op verschillende niveaus gekeken moet worden naar wat de interventie oplevert. Met hun interventies (activiteiten) zetten zij zich in voor de direct begunstigde maar hebben ook oog voor andere belanghebbenden (gezin, school) en de samenleving (buurt). Uiteindelijk moet de basisondersteuning bijdragen aan de (Bossche) maatschappij als geheel.

11

Bij de subdoelen van de diverse deelopdrachten worden daarom indicatoren en normen vermeld. Indicatoren zijn variabelen die inzicht geven in het behalen van een subdoel. Een norm is een waarde (aantal, percentage) die wordt nagestreefd op een indicator. De waarde wordt gevonden door middel van onderzoek. In lijn met het Social Profit Canvas worden er in de inkoopopdracht basisondersteuning 2023-2024 meer indicatoren opgenomen die inzicht geven in de effecten van de interventies. Daarbij geldt dat het merendeel van de indicatoren ook onderhevig is aan externe factoren. Denk hierbij aan de wereldwijde coronacrises, de impact van de oorlog in Oekraïne tot lokale ontwikkelingen of interventies van partnerorganisaties. Er blijft hierdoor een verschil tussen correlatie en causaliteit.

12

4. Deelopdrachten 13

4. Deelopdrachten De inkoopopdracht basisondersteuning is onderverdeeld in 7 deelopdrachten. In de aanscherping van de inkoopopdracht zijn deze 7 deelopdrachten als basis genomen en zijn er per deelopdracht en over de opdracht als geheel aanscherpingen toegepast. Elke deelopdracht heeft een inleiding waarin de focus en het kader van de deelopdracht staat beschreven. Vervolgens is via de doelstelling en de subdoelen de deelopdracht verder uitgewerkt. Elke subdoel heeft een indicator en een norm. Bij de aanscherping van de Opdracht 2023-2024 is niet alleen gekeken naar (nieuw) op te nemen indicatoren en normen, maar ook naar de clustering van onderdelen en naar de naamgeving van de diverse deelopdrachten om zo beter aan te kunnen geven wat de essentie van de desbetreffende deelopdracht is en om het aspect van Samen Doen en Samen Werken aan de te behalen doelstellingen te benadrukken. De volgorde van de deelopdrachten is niet gewijzigd.

4.1. Deelopdracht 1: Informatie en Advies Met informatie en advies wijzen we alle inwoners de weg in het veld van maatschappelijke ondersteuning (inclusief Jeugdhulp en Wmo). Als inwoners vragen hebben over iets in hun persoonlijk leven en niet goed weten waar ze het antwoord kunnen vinden, kunnen ze contact opnemen met Koo. Ze kunnen er terecht met vragen over opleiding en werk, geldzaken, jeugd en gezin, wonen en vervoer, zorg en hulp, meedoen en meehelpen. Ze kunnen bellen, zoeken op www.kijkopkoo.nl of langskomen op een van de negen wijkpleinen. Dit draagt eraan bij dat mensen zelf hun weg weten te vinden naar hulpverlening of met de juiste informatie zelf hun probleem kunnen oplossen. Koo is een samenwerkingsverband tussen gemeente, GGD, Farent en MEE. Doelstelling: Inwoners weten de weg te vinden als het gaat om informatie, vragen en advies over het sociaal domein.

Doelstelling

Indicator

Norm

Bron

Inwoners weten de weg te vinden als het gaat om informatie, vragen en advies over het sociaal domein.

% inwoners dat niet weet waar zij terecht kunnen voor informatie en advies in het sociaal domein maar dat wel zouden willen weten.

Minder dan 23 % van de inwoners weet niet weet waar zij terecht kunnen voor informatie en advies in het sociaal domein maar dat wel zouden willen weten.

Sport & Welzijn (S&W) en Omnibus.

Subdoelstelling 1. De bekend en vindbaarheid van Koo wordt vergroot.

Indicator % inwoners dat bekend is met Koo. % inwoners dat bekend is met de Koo-wijkpleinen.

Norm Hoger dan 14 % in 2020. Meer dan 5% geeft (n 2020) geeft aan dat zij wel eens gebruik hebben gemaakt van een wijkplein en meer dan 23% (in 2020) geeft aan dat zij bekend zijn met een van de wijkpleinen.

Bron S&W en Omnibus, registratie Koo telefoonteam in Djuma, Registratiesysteem wijkpleinen central Station (Farent).

14

Aantal binnengekomen zaken bij het telefoonteam. De verhouding tussen het aantal inwoners dat belt en het aantal professionals dat belt.

Aantal unieke bezoekers op de wijkpleinen. Gemiddeld aantal bezoekers op kijkopkoo.nl. 2. Gebruikers (inwoners, vrijwilligers en beroepskrachten) zijn tevreden over de bereikbaarheid van het Koo.

3. Gebruikers (inwoners, vrijwilligers en beroepskrachten) zijn tevreden over de dienstverlening van het Koo,

4. Minstens een derde van de inwoners die contact opnemen met Koo worden geholpen door ze naar hulp en ondersteuning te verwijzen die vrij toegankelijk is.

Gemiddeld rapportcijfer dat bezoekers geven voor de bereikbaarheid van de Koo-wijkpleinen. Gemiddeld rapportcijfer dat mensen geven voor de telefonisch bereikbaarheid van Koo. Gemiddeld rapportcijfer dat mensen geven voor de dienstverlening van het telefoonteam. Voldoen aan het Servicelevel (norm VNG).

Gemiddeld rapportcijfer dat mensen geven voor de dienstverlening van het telefoonteam van Koo (tevredenheidsonderzoek Koo). Gemiddeld rapportcijfer dat gebruikers geven voor dienstverlening op de wijkpleinen. Toegankelijkheid van de website van Koo.

Het aandeel vragen dat met Informatie & Advies wordt afgehandeld t.o.v. het aantal aanmeldingen naar de toegang van de gemeente (Wmo of Jeugd).

Groter of gelijk dan 2153 zaken per maand (cijfer 2021). Meer dan 59% van de vragen die bij het telefoonteam binnenkomen is afkomstig van inwoners (jaarcijfer 2021). 50 unieke klanten per maand Gelijk of meer dan 2400 gebruikers gemiddeld per maand (2465 in 2021). Gelijk aan 8 of hoger (8.6 in Monitor 2019).

Gelijk aan 8 of hoger (8. In Monitor 2019).

Klanttevredenheidsmeting in Monitor Koo (2-jaarlijks). 3e Monitor Koo in 2024 Djuma, Central Station (Farent).

Gelijk aan 8 of hoger (8 in Monitor 2019).

80% (of meer) van de bellers krijgt binnen 25 seconden een medewerker aan de lijn (2021 86%, 2020 82%). Gelijk aan 8 of hoger (8 in Monitor 2019).

Monitor Koo.

Gelijk aan 8 of hoger (8.7 in Monitor 2019).

De website van Koo voldoet aan toegankelijkheidseisen van de Stichting Accessibility. Blijft gelijk of neemt toe (2021 33%).

Registratie Djuma.

15

5. Professionals in het medische domein (zoals huisartsen) weten Koo beter te vinden.

Percentage van het totaal aantal contactmomenten via telefoon of e-mail dat afkomstig is van huisartsen en/of POH-ers.

10% in 2024.

Registratie Djuma.

Voor deelopdracht 1 zijn aanvullende voorwaarden van toepassing die zijn opgenomen in de bijlage Aanvullende voorwaarden deelopdracht 1. De doelstellingen zoals beschreven in deelopdracht 1 zijn de doelstellingen voor de coöperatie Koo. De gemeente is ook onderdeel van de coöperatie Koo.

4.2. Deelopdracht 2: Ondersteuning vrijwilligers en mantelzorgers Ondersteuning vrijwilligers Veel bewoners zetten zich in als vrijwilliger. Zij leveren een belangrijke bijdrage aan een sociale en leefbare gemeente. Daarom ondersteunen we deze vrijwilligers. Deze inzet willen we op peil houden en indien mogelijk vergroten. Het aantal vrijwilligers in ’s-Hertogenbosch staat onder druk. Daarom maken we werk van toekomstbestendig vrijwilligerswerk. Dit wordt gedaan door de merknaam van Galant te versterken en een sterkere verbinding te creëren met vrijwilligersorganisaties en organisaties die veel vrijwilligers hebben. Doelstelling: • Inwoners zetten zich vrijwillig in en voelen zich hierin goed ondersteund en gewaardeerd. Subdoelstelling 1. Meer inwoners zetten zich vrijwillig in. 2. Vrijwilligers verrichten vrijwilligerstaken die aansluiten bij hun persoonlijke belangstelling en mogelijkheden.

Indicator % inwoners dat vrijwilligerswerk verricht. Individueel: Aantal gemaakte matches, algemeen en specifiek voor jongeren en inwoners in een (kwetsbare) situatie.

3. Vrijwilligersorganisaties en organisaties die veel vrijwilligers hebben zijn eenmalig of bij voorkeur voor een langere periode gematcht aan het bedrijfsleven/ondernemers. 4. Organisaties die werken met vrijwilligers ontvangen de ondersteuning waar zij behoefte aan hebben.

Collectief: Aantal gemaakte matches met het bedrijfsleven/ondernemer.

5. Vrijwilligers voelen zich gewaardeerd. 6. Vrijwilligers zijn bekend met en tevreden over de

% vrijwilligers dat de ondersteuning die zij krijgen (ruim) voldoende vindt. % vrijwilligers dat behoefte heeft aan (extra) ondersteuning bij het vrijwilligerswerk. % vrijwilligers dat de waardering die zij krijgen (ruim) voldoende vindt. % Inwoners dat bekend is met Galant.

Norm 37% (tweejaarlijks onderzoek S&W) Inspanningsverplichting (na Q2 2023 norm vaststellen)

Bron S&W

68%

S&W

4%

S&W

86%

S&W

Wordt in overleg vastgesteld.

S&W

Rapportage FMGH

16

dienstverlening van Galant. Tijdelijke middelen 7. De betrokkenheid en participatie van inwoners inde Gestelse Buurt wordt vergroot om de leefbaarheid in de buurt te versterken.

% Inwoners dat tevreden is over de dienstverlening van Galant.

Wordt in overleg vastgesteld.

Het percentage buurtbewoners dat zich medeverantwoordelijk voelt voor de leefbaarheid in de buurt.

Meer dan 55% in 2024 (2019 51%)

Rapportage FMGH

In de uitvoering van de opdracht is expliciet aandacht voor het stimuleren van het uitvoeren van vrijwilligerswerk onder jongeren en inwoners in een kwetsbare situatie. Daarnaast wordt extra aandacht gegeven aan het matchen van jongeren en inwoners in een kwetsbare situatie aan vrijwilligerswerk dat aansluit bij hun behoeften en vermogens. Ondersteuning mantelzorgers Mantelzorgers zijn van cruciaal belang voor steun aan hun naasten. Ook zij verdienen ondersteuning. Daardoor zijn zij in staat hun rol langer vol te houden. De toenemende druk op mantelzorgers maakt deze ondersteuning urgenter. Het is daarom belangrijk dat mantelzorgers worden gevonden, ondersteund en gewaardeerd voor hun inzet. Hierin is expliciet aandacht voor specifieke doelgroepen mantelzorgers. Tegelijkertijd is er een duidelijke rolverdeling tussen de taken van Farent en die van VanZelfsprekend. Doelstelling: • Mantelzorgers voelen zich goed ondersteund en gewaardeerd. Subdoelstelling 1. Inwoners verlenen mantelzorg. 2. Mantelzorgers kunnen de belasting die de mantelzorg met zich meebrengt aan.

3. Mantelzorgers worden voldoende ondersteund. 4. Mantelzorgers zijn bekend met en tevreden over de mogelijkheden voor mantelzorgondersteuning.

Indicator % van de inwoners van ’sHertogenbosch dat mantelzorg verleent. % mantelzorgers dat de zorg die zij geven (zeer) belastend vindt.

Norm Gelijk of hoger aan 21%

Bron S&W

Maximaal 12%

S&W

% mantelzorgers dat behoefte heeft aan (extra) ondersteuning. % mantelzorgers dat bekend is met de mogelijkheden voor mantelzorgondersteuning (nieuwe indicator).

8%

S&W

Na Q2 2023 norm vaststellen.

S&W enquête

% mantelzorgers dat tevreden is over de mogelijkheden voor mantelzorgondersteuning (nieuwe indicator).

Na Q2 2023 norm vaststellen

S&W enquête

17

5. Mantelzorgers voelen zich gewaardeerd. 6. Mantelzorgondersteuning zorgt dat de zorgprofessionals en vrijwilligers mantelzorgsituaties kunnen signaleren en kunnen doorverwijzen naar mantelzorgondersteuning.

Aantal mantelzorgers ingeschreven bij Mantelzorg Farent.

3800 mantelzorgers ingeschreven per kwartaal.

Registratie FMGH

% mantelzorgers dat de waardering die zij krijgen (ruim) voldoende vindt. Aantal verwijzingen naar mantelzorgondersteuning per verwijzer.

Minimaal 80%

S&W

Na Q2 2023 norm vaststellen.

Rapportage FMGH

Aantal deelnemers aan trainingen gericht op signaleren en verwijzen.

Na Q2 2023 norm vaststelln.

Rapportage FMGH

De mantelzorgondersteuning richt zich op alle inwoners en heeft waar nodig extra aandacht voor inwoners die tot nu toe moeilijk worden bereikt. In de uitvoering van de opdracht is expliciet aandacht voor jonge mantelzorgers, mantelzorgers met een andere culturele achtergrond, mantelzorgers met een psychische kwetsbaarheid of verstandelijke beperking en mantelzorgers met een partner met dementie. Voor mantelzorgers met een partner met dementie wordt de aansluiting gezocht bij de sociale benadering dementie en de dementievriendelijke gemeente (zie deelopdracht 3).

4.3. Deelopdracht 3: Aanpak eenzaamheid en dementie De sociale verbanden worden versterkt door ontmoeting en sociale contacten van inwoners te stimuleren. Sociale netwerkvorming kan hierbij helpend zijn. Hierdoor wordt eenzaamheid voorkomen en tegengegaan bij zowel jong als oud. Indien nodig worden bewoners ondersteund. Het aanbod van toegankelijke dagactiviteiten leidt ertoe dat inwoners weer of langer in hun eigen omgeving kunnen wonen. Daarvoor is nodig dat ze elkaar helpen en geholpen kunnen worden en minder een beroep hoeven doen op specialistische hulp in de tweede lijn.

18

Er is extra aandacht voor inwoners met (beginnende) dementie en beroepskrachten werken zoveel mogelijk volgens de uitgangspunten van “sociale benadering dementie". Doelstelling: • Ouderen hebben voldoende contacten, zinvolle daginvulling en ontvangen ondersteuning, waardoor zij langer prettig thuis kunnen wonen. De focus ligt op ouderen, daarmee zijn andere leeftijdsgroepen niet uitgesloten. Subdoelstelling 1. Inwoners zijn niet eenzaam.

Indicator % inwoners dat eenzaam is, met onderscheid naar sociaal en emotioneel eenzaam.

%inwoners dat ernstig eenzaam is. 2. Inwoners met dementie kunnen langer thuis wonen, dankzij de methodieken van social trial en dementievriendelijke gemeente

Norm Maximaal 10% van de inwoners tussen de 19-64 jaar is eenzaam (nulmeting 10%). Maximaal 12% van de 65-plussers is eenzaam (nulmeting 12%). Max 3%

Bron GGD Volwassenen Monitor en GGD Ouderen Monitor

GGD GHOR Kennisnet

Aantal inwoners per wijk dat bereikt wordt mbv Social Trial.

Aantal deelnemers aan de SBD in de wijk Zuid is in 2023 minimaal 60.

Rapportage FMGH

's-Hertogenbosch is een dementie vriendelijke gemeente.

Uiterlijk begin 2024 heeft de gemeente het keurmerk Dementie Vriendelijke Gemeente (DVG) verkregen ( en scoort daarmee positief op de 4 indicatoren voor dit keurmerk).

Rapportage FMGH

Toelichting doelstelling ‘Inwoners zijn niet eenzaam’ De inzet is stedelijk gericht op alle inwoners van ’s-Hertogenbosch en binnen buurten met een verhoogde vergrijzing (Zuid, Binnenstad, Schutskamp en Rosmalen) op inwoners van 75 jaar en ouder. Hierbij worden zowel collectieve als individuele activiteiten ingezet. Over de doelgroep van de Huiskamers van Farent worden aanvullende afspraken gemaakt in afwachting van de evaluatie van de huiskamers. De algemeen toegankelijke ontmoetingsplekken voor kwetsbare ouderen (huiskamers) worden in stand gehouden.

19

4.4. Deelopdracht 4: Samen Gezond ’s-Hertogenbosch Het ontwikkelen en in samenwerking organiseren van samenhangende interventies op individueel en groepsniveau die leiden tot positief gezonde gedragsverandering van inwoners en het benutten van gezondheidspotentieel. De focus ligt hierbij op jeugd. Behalve bewegen en gezond eten is er ook aandacht voor (seksuele) weerbaarheid. De inzet binnen deelopdracht 4 sluit aan bij de inzet van Samen Gezond ’s-Hertogenbosch en bij het lokaal accent en het basispakket van de GGD. De activiteiten van het Regionaal Trainingscentrum worden gefinancierd vanuit deelopdracht 4. De maatschappelijke impact van deze trainingen dient vergroot te worden.

Doelstelling: • Meer gezonde en gelukkige jaren voor onze inwoners en het meer benutten van gezondheidspotentieel. Subdoelstelling 1. Meer inwoners ervaren hun gezondheid als (zeer) goed. 2. Inwoners zijn op gezond gewicht.

3. Jongeren zijn voldoende weerbaar.

4. Jongeren zijn seksueel weerbaar.

Indicator Het percentage 18-64jarigen dat de eigen gezondheid als (zeer) goed beoordeelt. Percentage kinderen met overgewicht. Minder 18-64-jarigen hebben overgewicht en obesitas.

Norm 85% in 2024 (2020 83%).

Bron GGD Gezondheidsmonitor

12% (was in 20202 14%). 41% in 2024 (2020 44%).

Monitor Sociaal Domein GGD Gezondheidsmonitor

Het percentage 4-11jarigen dat weerbaar is. Het percentage 12-18jarigen dat weerbaar is. Jongeren ervaren de preventieve voorlichtingen als prettig. % van de jongeren die een voorlichting hebben bijgewoond dat weet waar ze terecht kunnen voor hulp na een negatieve ervaring.

95% in 2024 (2017 92%). 97% in 2024 (2019 96%). 80%

GGD Jongeren Monitor GGD Jongeren Monitor Rapportage FMGH

95%

Rapportage FMGH

4.5. Deelopdracht 5: Samen tegen armoede Gemeentelijke schulddienstverlening voert de regie in de ondersteuning en hulpverlening aan inwoners met (dreigende) financiële problemen; d.w.z. dat de gemeente regie voert op zowel de interne schulddienstverlening als op de externe inzet van ondersteunende producten door partners. We vragen partners in de basisondersteuning om (dreigende) financiële problemen in vroegtijdig stadium te signaleren en de inwoners snel door te verwijzen/ toe te leiden naar Eerste Hulp Bij Geldzaken. Zo kan expertise van gemeentelijke schulddienstverlening al in een vroegtijdig stadium ingezet worden en kan erger worden voorkomen. Daarnaast hebben partners een belangrijke rol bij preventie van armoede en schulden door ondersteuning te bieden gericht op begeleiden van duurzaam financieel gezond gedrag en financiële zelfredzaamheid (gedragsregulatie) en de daarbij horende praktische ondersteuning. Doelstelling: • Inwoners zijn financieel zelfredzaam.

20

Subdoeldoelstelling 1. (Dreigende) financiële problemen worden in een vroegtijdig stadium gesignaleerd en inwoners worden snel doorverwezen/toegeleid naar Eerste Hulp Bij Geldzaken

2. Inwoners krijgen praktische ondersteuning bij het op orde brengen van hun administratie: • Inwoners krijgen praktische ondersteuning bij simpele administratieve handelingen. • Inwoners krijgen praktische ondersteuning bij administratie van Thuisadministratie en jongeren krijgen ondersteuning van 'Get a Grip'.

3. Kinderen die opgroeien in armoede worden verbonden aan de beschikbare voorzieningen voor kinderen.

Indicator Aantal doorverwijzingen vanuit het Telefoonteam Koo naar EHBG.

Norm Gelijk aan of hoger dan 0meting (0meting is gemiddelde per maand in 2022)

Bron Monitor KOO.

Aantal doorverwijzingen vanuit het buurtteam naar EHBG.

Gelijk aan of hoger dan 0meting (0meting is gemiddelde per maand in 2022) 8 of hoger

Rapportage FMGH.

Inspanningsverplichting

Rapportage FMGH.

Klanttevredenheid van Financiële Dienstverlening met betrekking tot praktische ondersteuning bij simpele administratieve handelingen. Aantal unieke klanten dat praktische ondersteuning krijgt bij simpele administratieve handelingen bij de Koo wijkpleinen (per maand). Aantal inwoners dat geholpen wordt door Thuisadministratie en Get a Grip. Scoren tevredenheid deelnemers Thuisadministratie. Aantal aanmeldingen per school waar ambassadeurs DOE MEE actief zijn.

Klanttevredenheidsonderzoek van FD (twee jaarlijks) en medewerker tevredenheid van FD (jaarlijks).

51 (2021: 38)

140 per kwartaal

Rapportage FMGH.

8 of hoger

Rapportage FMGH.

Na !2 2023 norm vaststellen

Onderzoek Stichting Leergeld.

Naast de bovenstaande subdoelen worden inwoners die in een traject zitten bij financiële dienstverlening (gemeentelijke schulddienstverlening) en begeleiding ontvangen vanuit FMGH: • Waar nodig gemotiveerd en ondersteund om benodigde stukken op tijd aan te leveren, en tijdig wijzigingen door te geven aan instanties. • Gemotiveerd en ondersteund bij het op orde krijgen van bewijsstukken voor bijvoorbeeld uitkering, schuldregeling. • Ondersteund in het beheersen van gedrag waarvan uit nieuwe schulden kunnen ontstaan (overbesteding, compensatieschulden, fraude, boetes, verslavingsproblematiek etc.); • Inwoners ondersteunen bij afspraken en het nakomen van afspraken.

21

Hulpverlening voor inwoners die in een traject zitten bij Financiële Dienstverlening (gemeentelijke schulddienstverlening) wordt niet gestopt zonder overleg met de afdeling Financiële Dienstverlening en wijzigingen in hulpverleningstraject worden tijdig doorgegeven. De gemeente blijft haar regierol houden op schulddienstverlening en voor inwoners is helder dat de gemeente (financiële dienstverlening) het aanspreekpunt is voor financiële problemen. Informatieverstrekking over 'Geldzaken en administratie' gaat niet zonder afstemming met Financiële Dienstverlening (gemeente); met betrekking tot schulden wordt altijd naar EHBG verwezen (ook op communicatief vlak).

4.6. Deelopdracht 6: Opvoeden en Meedoen Inwoners en hun sociale omgeving pakken, indien nodig met hulp van organisaties voor basisondersteuning vraagstukken op psychosociaal en/of materieel gebied aan. Deze vorm van basisondersteuning is vrij toegankelijk, beperkt in uren en kan zowel individueel als groepsgericht worden geboden. De problemen van de burger zijn na ondersteuning opgelost of beheersbaar. Er is specifieke aandacht voor talentontwikkeling. Doelstelling: • Inwoners worden in staat gesteld hun talenten te ontwikkelen doordat zij indien nodig een beroep kunnen doen op laagdrempelige, algemeen toegankelijke ondersteuning. Subdoelstelling Indicator Thema: Kinderen groeien gezond en kansrijk op. 1. Kinderen stromen Het aantal peuters dat op niveau in op het een VVE indicatie basisonderwijs dankzij krijgt per kwartaal. de indicatiestelling en Het aantal peuters toeleiding naar voormet een VVE indicatie en vroegschoolse dat gebruik maakt van educatie (VVE). een VVE aanbod. Het aantal groepsactiviteiten dat wordt uitgevoerd in het kader van VVE. Het aantal deelnemers aan groepsactiviteiten. 2. Kinderen doen Het aantal kinderen nieuwe ervaringen op dat bereikt wordt door dankzij het het Kinderwerk. kinderwerk, zodat zij Het aantal activiteiten zich kunnen dat georganiseerd ontplooien. wordt door het Kinderwerk. 3.

Kinderen krijgen Het aantal jeugdigen passende PO per wijk dat ondersteuning om hun gebruik maakt van schoolcarrière goed te schoolmaatschappelijk doorlopen via het werk. schoolmaatschappelijk Het aantal jeugdigen werk. VO per wijk dat gebruik maakt van schoolmaatschappelijk werk.

Norm

Bron

Gemiddeld 49 peuters per kwartaal (Rapportage FMGH 2021) Gemiddeld 28 peuters per kwartaal

Rapportage FMGH

Gemiddeld 5 activiteiten per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH

Vaststellen in overleg met FMGH Gemiddeld 1010 per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH Rapportage FMGH

Gemiddeld 56 per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH

Gemiddeld 162 per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH

Gemiddeld 212 per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH

Rapportage FMGH

Thema: Ouders voeden met vertrouwen op 22

5. Ouders voeden met vertrouwen op doordat zij een beroep kunnen doen op opvoedondersteuning

Aantal inwoners dat gebruik maakt van opvoedondersteuning, uitgesplitst naar verschillende wijken. Het aantal trajecten voorzorg per wijk.

Gemiddeld 377 per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH

Gemiddeld 15 per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH

Het aantal trajecten Stevig Ouderschap per wijk. % ouders dat bovengemiddeld veel stress ervaart bij de opvoeding van hun kind (0-11 jaar).

Gemiddeld 25 per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH

28% (Kindermonitor GGD 2021)

Kindermonitor GGD

6. Ouders voeden met Aantal ouders dat hulp vertrouwen op doordat krijgt bij een complexe zij een beroep kunnen scheiding. doen op ondersteuning wanneer zij in een complexe scheiding komen. 7. Ouders voeden met Aantal trajecten vertrouwen op doordat integrale vroeghulp. zij, als hun kinderen zich afwijkend ontwikkelen, een beroep kunnen doen op integrale vroeghulp. Thema: Inwoners zijn zelfredzaam 8. Inwoners krijgen de Aantal mensen dat best passende professionele ondersteuning of zorg onafhankelijke doordat zij een beroep cliëntondersteuning kunnen doen op ontvangt. onafhankelijke Aantal adviezen cliëntondersteuning. toeleiding WLZ (nieuwe indicator). Aantal psychologische onderzoeken (nieuwe indicator). 9. Inwoners zijn zo veel mogelijk zelfredzaam, al dan niet met hulp uit het eigen netwerk doordat zij indien nodig een beroep kunnen doen op algemeen toegankelijke ondersteuning.

Schaalscore zelfredzaamheid onder inwoners uitgesplitst per wijk.

Na Q2 2023 norm vaststellen.

Gemiddeld 47 per kwartaal (Rapportage FMGH 2021)

Rapportage FMGH

Ten minste 40 per kwartaal

Rapportage FMGH

Na Q2 2023 norm vaststellen.

Rapportage FMGH

Na Q2 2023 norm vaststellen.

Rapportage FMGH

Wijk

Schaalscore (0-10)

Binnenstad

7,8

Zuidoost

7,6

Graafsepoort

7,7

Muntel / Vliert

7,8

Rosmalen zuid

7,8

Enquête leefbaarheid en veiligheid aangevuld met het buurtwerkplan.

23

Aantal inwoners dat een beroep doet op algemeen toegankelijke ondersteuning, uitgesplitst naar jongeren en volwassenen. Aantal jongeren dat een beroep doet op algemeen toegankelijke ondersteuning. Aantal inwoners dat met hulpvragen wordt ondersteund d.m.v. collectieve activiteiten. 10. Inwoners met hulpvragen worden ondersteund.

11. Samenlevingsopbouw

Hulpverleners weten of en waarvoor zij inwoners naar het Buurtteam kunnen doorverwijzen (nieuwe indicator). Aantal inwoners dat wordt ondersteund door het Buurtteam (nieuwe indicator). Tevredenheid over dienstverlening van het Buurtteam (nieuwe indicator). Het verbinden van inwoners en het voorkomen van spanningen tussen

Rosmalen noord

7,8

De Groote Wielen

7,9

Empel

7,7

Noord

7,5

Maaspoort

7,7

West

7,4

Engelen

7,8

Nuland

7,7

Vinkel

7,8

Gemeente 'sHertogenbosch totaal

7,7

Bron: Enquête Leefbaarheid en Veiligheid 2021 953 (gemiddeld per kwartaal)

Rapportage FMGH

146 (gemiddeld per kwartaal)

Rapportage FMGH

Na Q2 2023 norm vaststellen.

Rapportage FMGH

80% van de hulpverleners weet waarvoor zij inwoners kunnen doorverwijzen.

Rapportage FMGH

Norm wordt in overleg vastgesteld.

Rapportage FMGH

8 of hoger.

Rapportage FMGH

Kwalitatieve verantwoording.

24

bewoners in buurten en wijken. Thema: Psychisch kwetsbare inwoners worden ondersteund 12. Psychisch Wat heeft FMGH Kwalitatieve verantwoording kwetsbare inwoners gedaan om psychisch kunnen meedoen kwetsbare inwoners doordat zij worden door te leiden naar ondersteund. zinvolle daginvulling?

13. Dak- en thuislozen krijgen medische hulp via het spreekuur op het inloopschip.

Tijdelijke middelen 14. Gezinnen met meervoudige problematiek in de Gestelse buurt worden intensief ondersteund zodat zij weer meedoen aan de samenleving. 15. Vrouwelijke statushouders worden begeleid naar werk.

Rapportage FMGH

Hoe is de samenwerking geweest met de partijen die daginvulling organiseren? Aantal psychisch kwetsbare inwoners dat passende en duurzame ondersteuning krijgt van FMGH (nieuwe indicator).

Kwalitatieve verantwoording.

Rapportage FMGH

Na Q2 2023 norm vaststellen.

Rapportage FMGH

Aantal inwoners dat gebruik maakt van het medisch spreekuur bij het inloopschip (nieuwe indicator).

200

Rapportage FMGH

Het aantal trajecten gezinscoaching (nieuwe indicator).

Ten minste 10 gezinnen met meervoudige problematiek in traject.

Rapportage FMGH

Aantal vrouwelijke statushouders dat begeleid wordt naar werk.

Na Q2 2023 norm vaststellen.

Rapportage FMGH

De samenstelling en verdeling van de Buurtteams sluit aan bij de doelstelling en subdoelstellingen van de deelopdrachten. FMGH geeft inzicht in de verdeling en inzet van het buurtteam via bijlage 2.

25

4.7. Deelopdracht 7: Jeugd- en jongerenwerk Jongerenwerk heeft als doel om jongeren tussen de 12 en 23 jaar in staat te stellen zich in persoonlijk en maatschappelijk opzicht te ontwikkelen tot sociaal en economisch zelfstandige burgers. Dit doen we door jongeren zoveel als mogelijk (weer) zelf aan het stuur te laten staan van hun eigen ontwikkeling. We helpen jongeren hun talenten te ontdekken en aan te boren, stimuleren jongeren om actief deel te nemen en mee te beslissen, signaleren vroegtijdig trends en ontwikkelingen en helpen jongeren om op een snelle en efficiënte manier problemen aan te pakken en op te lossen. Jongerenwerk is vrijwillig en vindt plaats in de vrije tijd, op school en op straat. Het jongerenwerk zet in op het aanleren van basisvaardigheden, normen en waarden. Dit komt terug op de verschillende thema's zoals hieronder omschreven. Het jongerenwerk draagt er zorg voor dat er een doorgaande lijn is van kinderwerk naar jongerenwerk. Doelstelling: • Jongeren kunnen hun talenten ontwikkelen zodat zij zich kunnen ontwikkelen tot sociaal en economisch zelfstandige burgers. Voor deelopdracht 7 wordt onder begeleiding van het NJI en samen met FMGH en Hambaken Connect een monitor opgesteld op basis van het voorstel van FMGH voor de opdracht 2023-2024. De maatschappelijke impact van deelopdracht 7 wordt via deze monitor inzichtelijk gemaakt.

Subdoelstelling Thema: Vrije tijd 1. Jongeren worden uitgedaagd om hun interesses en kwaliteiten te ontdekken en te ontwikkelen. 2. Jongeren worden in staat gesteld nieuwe ervaringen op te doen. 3. Jongeren ontwikkelen hun talenten door kennis te maken met kunst, cultuur en sport. Thema: Leren & werken 4. Jongeren doorlopen een passende schoolcarrière doordat zij ondersteund worden met praktische en sociaalemotionele ondersteuning zoals bij de overgang van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs, schoolkeuze en huiswerkbegeleiding. 5. Jongeren beschikken over (sociale) vaardigheden waardoor zij met zelfvertrouwen de eerste stappen op de arbeidsmarkt kunnen zetten (bijbaantjes, stagiaires, startende werknemers). 6. Jongeren komen in aanraking met een veelheid aan toekomstperspectieven, waardoor zij kunnen ontdekken waar hun interesses en kwaliteiten liggen. Thema: Lichte ondersteuning 7. Jongeren kunnen hun gevoelens uiten omdat het jongerenwerk een laagdrempelige plek biedt voor een luisterend oor. 8. Jongeren ontvangen de juiste hulpverlening en worden, indien nodig, gericht doorverwezen. Thema: (Maatschappelijke) participatie 9. Jongeren zijn zich bewust van de maatschappelijke context waarin ze leven. 10. Jongeren worden gestimuleerd om via jongerenparticipatie een maatschappelijke bijdrage te leveren om zo hun talenten te ontwikkelen.

26

5. Samenwerking 27

5. Samenwerking Een van de prioriteiten van de basisondersteuning is samenwerking. In de huidige opdracht wordt samenwerking tussen de partijen niet versterkt in de overleggen die met FMGH worden gevoerd. Deze overleggen vinden nog los plaats, waarbij per organisatie elke zes weken een voortgangsgesprek wordt gevoerd. De integrale samenwerking tussen partijen wordt zo niet versterkt en de aansluiting van vrijwilligersorganisaties op deelopdrachten wordt niet ondersteund. Deze aangescherpte opdracht moet ertoe leiden dat de partijen binnen FMGH meer als samenwerkingsverband gaan opereren en de uitvoering van de deelopdrachten ook meer gezamenlijk gaan oppakken. De structuur waarin deze samenwerking plaatsvindt is daarin van groot belang. De gemeenten Eindhoven en Breda realiseren dit door te werken met thematafels. Organisaties die op een thema een bijdrage kunnen of willen leveren kunnen aanschuiven. Zij kunnen de voortgang op de uitvoering van de opdracht met elkaar delen en indien nodig gezamenlijk, met de opdrachtgevers, inspelen op ontwikkelingen. Door gezamenlijk, per deelopdracht, deze overleggen te voeren, is het mogelijk om samenwerkingen te versterken en de expertise van elke organisatie op afzonderlijke onderwerpen beter tot zijn recht te laten komen.

5.1. Thematafels per deelopdracht Om de samenwerking te bevorderen en de voortgang over de uitvoering van de opdracht te bespreken met de betrokken organisaties worden per deelopdracht thematafels georganiseerd. Deze vinden per deelopdracht eens per maand plaats. Het doel van deze thematafels is om: • De inhoudelijke stand van zaken van de deelopdracht door te nemen. • Ontwikkelingen te bespreken. • Te bespreken of inzet moet worden op-, bij- of afgeschaald. • Te bespreken welke eventuele andere ketenpartners in zorg en welzijn of welke andere organisaties moeten worden betrokken bij het brainstormen of over verder uitvoeren van de deelopdracht. • Te bekijken wat er binnen de deelopdracht nog verder kan of (nog) moet worden opgepakt en uitgevoerd. Bij deze gesprekken zitten vanuit de gemeente in ieder geval de kartrekker van de betreffende deelopdracht (inhoudelijk expert), de accountmanager en de contractmanager. Van de besprekingen van de diverse thematafels wordt door een van de partijen binnen FMGH een verslag gemaakt en worden bespreek- en actiepunten genoemd. Deze worden gecommuniceerd met de accountmanager FMGH van de gemeente.

5.2. Gesprekkencyclus Met de toevoeging van de thematafels ziet de gesprekkencyclus binnen de basisondersteuning er als volgt uit. Op uitvoerend niveau • Zo vaak als nodig: gesprek tussen de accounthouders van FMGH en de deelprojectleider. Daar waar knelpunten worden gesignaleerd die de uitvoering van de opdracht belemmeren, wordt de contractmanager ingeschakeld. • Tafels per deelopdracht met alle partijen binnen FMGH. (Vrijwilligers)organisaties die aansluiting hebben bij deze deelopdracht kunnen, indien nodig, aanschuiven om de onderlinge verbinding te versterken. Voor elke deelopdracht is een aparte thematafel. Op strategisch ambtelijk niveau • Iedere drie maanden een gesprek met de afzonderlijke partijen binnen FMGH met de accounthouder en de contractmanager plaats om specifieke aandachtspunten te bespreken en 28

gericht in te zoomen op de rol van iedere organisatie. Voor de GGD vindt dit overleg elke zes weken plaats, om ook sturing te houden op de uitvoering van het basispakket en het lokaal accent. Op strategisch bestuurlijk niveau • Iedere drie maanden: opdrachtgeversoverleg met de ambtelijk opdrachtgever en de bestuurders van FMGH. In dit overleg wordt een update gegeven van de bestuurlijke prioriteiten en worden op bestuurlijk niveau afspraken gemaakt. Het overleg is een voorbereiding op het bestuurlijk overleg en wanneer geen bestuurlijk overleg volgt (Q1 en Q3) een update van de voortgang van de opdracht op bestuurlijk niveau. • Iedere zes maanden: bestuurlijk overleg met de wethouder en de bestuurders van FMGH. In dit overleg kunnen op bestuurlijk niveau afspraken worden gemaakt, zodat tijdig kan worden bijgestuurd. Het overleg voor de zomer is een voortgangsgesprek, het overleg in het najaar een verantwoordingsgesprek. Het aantal te houden gesprekken wordt hierdoor opgehoogd, maar de focus van de gesprekken wordt toegespitst en de grip op inhoud kan daardoor worden versterkt. Dit stelt zowel FMGH als de gemeente in staat om desgewenst sneller bij te sturen.

5.3. Samenwerking met andere ketenpartners en organisaties Het uitgangspunt is dat de partijen binnen FMGH de uitvoering van de verschillende deelopdrachten zoveel als mogelijk gezamenlijk – met behoud van eenieders expertise – oppakken en uit voeren. Soms is het noodzakelijk om vanuit één van de deelopdrachten, buiten de kaders van FMGH, aansluiting te zoeken bij, of de samenwerking aan te gaan met andere partners in de keten van zorg en welzijn of met andere organisaties.

5.4. Samenwerking met de gemeente ’s-Hertogenbosch De gemeente hecht eraan om de samenwerking met de vier partijen binnen FMGH voort te zetten en daar waar mogelijk nog verder te verbeteren. Die samenwerking heeft wat de gemeente ’sHertogenbosch betreft de volgende kenmerken: • Openheid • Vertrouwen • Actiegericht • Samen doen De gemeente wil de samenwerking graag invullen op basis van partnership met zowel de vier partijen afzonderlijk als met het samenwerkingsverband FMGH als geheel. De gemeente heeft voor zichzelf voor de basisondersteuning een doelstelling geformuleerd (zie hoofdstuk 3.2) die zij wenst te behalen. Bovenstaande houdt onder meer het volgende in: • De gemeente en partijen binnen FMGH helpen elkaar om de uitvoering van de opgaven binnen de verschillende deelopdrachten te verwezenlijken en te bespoedigen. Dat kan onder andere door elkaar vroegtijdig te voorzien van de juiste informatie en andere benodigde middelen. • De gemeente en partijen binnen FMGH houden elkaar op de hoogte van de stand van zaken en informeren elkaar terstond als er zich ontwikkelingen voordien die van invloed (kunnen) zijn op de uitvoering van (delen van) de opdracht. • De gemeente en partijen binnen FMGH spreken met elkaar een overlegstructuur af en ook de wijze waarop door partijen afzonderlijk en door het samenwerkingsverband FMGH als geheel verantwoording wordt afgelegd.

• Partijen binnen FMGH informeren de gemeente terstond als zij opdrachten aannemen – of daartoe voornemens zijn - die nauw aansluiten op, van invloed kunnen zijn op, overlappen met of verstorend kunnen werken op de opdrachten die aan hen binnen de basisondersteuning zijn opgedragen. Zij gaan hierover met de gemeente in gesprek om samen tot afspraken te komen en eventuele risico’s te mitigeren dan wel weg te nemen.

29

6. Verantwoording en maatschappelijk meerwaarde

30

6. Verantwoording en maatschappelijke meerwaarde 6.1. Verantwoording per kwartaal Eens per kwartaal wordt achteraf door FMGH gezamenlijk verantwoording afgelegd over de geleverde prestaties in de afgelopen drie maanden. De verantwoording vindt alleen plaats over de subdoelen zoals deze in hoofdstuk 4 per deelopdracht zijn geformuleerd. De verantwoording is onderbouwd met kwalitatieve en kwantitatieve gegevens. De verantwoording vindt plaats door het invullen van een van tevoren gezamenlijk overeengekomen format in Excel. Dit format wordt vastgesteld wanneer het voorstel van FMGH op de inkoopopdracht bekend is.

6.2. Verantwoording per jaar In de maand maart van ieder jaar wordt een jaaroverzicht gepresenteerd van de prestaties van de organisaties voor basisondersteuning over het voorgaande jaar. In dit overzicht is de bijdrage va FMGH aan de strategische doelstelling, doestellingen per deelopdracht en de subdoelstellingen opgenomen. Dit jaaroverzicht wordt ook gedeeld met de gemeenteraad. In onderstaande tabel is weergegeven op welk moment over welke periode de verantwoording moet zijn ingediend en in welke maand daarover het gesprek plaatsvindt: Schema Verantwoording 2023-2024 Periode Inleveren Q1 Week 18 Q2 Week 31 Q3 Week 44 Q4 Week 6 Afgelopen jaar Week 10

Bespreken Week 20 Week 33 Week 46 Week 8 Week 12

6.3. Gesprekkencyclus De voortgang van de opdracht wordt gedurende het jaar besproken en gedeeld tijdens de doorlopende gesprekken. Zie hiervoor hoofdstuk 5.2.

31

7. Financiën 32

7. Financiën 7.1. Financiële middelen per deelopdracht Per deelopdracht is een bedrag vastgesteld. Het is FMGH vrij om deze onderverdeling zelf vorm te geven om aan te sluiten bij de doelstellingen en subdoelstellingen per deelopdracht. Per deelopdracht is, als hier sprake van is, een onderscheid gemaakt tussen structurele middelen of tijdelijke middelen. Tijdelijke middelen waar een subdoelstelling aan gekoppeld is zijn in hoofdstuk 4 gemarkeerd. Het budget per deelopdracht (inclusief indexering van 6,08%) per 1-1-2023 is weergegeven in de onderstaande tabel. Deelopdracht Informatie en Advies Ondersteuning Vrijwilligers en Mantelzorgers Aanpak eenzaamheid en dementie Samen Gezond 'sHertogenbosch Samen tegen armoede Opvoeden en Meedoen Jeugd- en jongerenwerk Totaal

Structurele middelen € 1.287.284 € 1.907.342

Incidentele middelen €0 € 71.000

Totaal € 1.287.284 € 1.978.342

€ 706.840

€0

€ 706.840

€ 560.255

€0

€ 560.255

€ 195.720

€0

€ 195.720

€ 8.059.887

€ 266.996

€ 8.326.883

€ 2.729.215

€0

€ 2.729.215

€ 15.446.543

€ 337.535

€ 15.784.539

Naast de structurele middelen is aan deelopdracht 2 Ondersteuning Vrijwilligers en Mantelzorgers de tijdelijke opdracht 'Sociaal beheerder Gestelse Buurt’ toegevoegd. Aan deelopdracht 6 Opvoedondersteuning en Meedoen zijn de opdrachten ‘Arbeidstoeleiding vrouwelijke statushouders’ en 'Gezinscoaches Gestelse Buurt’ toegevoegd. Extra tijdelijke middelen kunnen in de loop van de opdracht worden toegevoegd.

7.2 Financiële keuzes De inhoudelijke aanscherping in de opdracht voor 2023-2024 is doorgevoerd in de verdeling van middelen voor 2023 en 2024. Naast verschuivingen binnen de opdracht zijn er tijdelijke en structurele middelen toegevoegd aan de opdracht en zijn er opdrachten uit de opdracht gehaald. Structurele middelen Koo In deelopdracht 1 worden de facilitaire kosten van Koo toegevoegd. Hiermee vervalt de losse facturering van deze kosten aan de gemeente. De kosten van de manager van Koo worden van de opdracht afgetrokken zodat deze kosten niet meer door de gemeente in rekening worden gebracht bij de GGD, MEE en Farent. Eerder gemaakte afspraken met betrekking tot de huur van werkplekken op Koo locaties worden niet meer in mindering gebracht op Inkoop Basisondersteuning. Bestaande afspraken over huur werkplekken in Bethaniestraat, Plein Oost, Helftheuvel en De Schans worden nog 2 jaar voortgezet. De huur wordt door de verhuurders van de betreffende locaties apart in rekening gebracht. Ondersteuning jonge mantelzorgers In deelopdracht 2 is een onderscheid gemaakt in de ondersteuning van mantelzorgers tussen de ondersteuning voor jongeren en volwassenen. Voor ondersteuning van jonge mantelzorgers komt de opdracht primair te liggen bij stichting VanZelfsprekend. Om deze organisatie te ondersteunen wordt

33

20.000 euro uit deelopdracht verplaatst naar de subsidieregeling Jongeren en stichting Vanzelfsprekend. Overheveling naar Samen Gezond 's-Hertogenbosch De focus van deelopdracht 4 ligt zich op de uitvoering van activiteiten. Zoals aangegeven in de raadsinformatiebrief 'Verlengen Inkoopovereenkomst Basisondersteuning met 2 jaren’ wordt een deel van de deelopdracht 4 belegd bij het samenwerkingsverband Samen Gezond 's-Hertogenbosch. De taken voor beleidsadvisering die in 2020-2023 onderdeel waren van de inkoopopdracht vervallen daarmee. Er wordt 71.318 euro verplaatst van deelopdracht 4 naar het samenwerkingsverband Samen Gezond 's-Hertogenbosch. Verschuivingen tussen deelopdrachten Binnen de inkoopopdracht worden enkele taken verschoven tussen deelopdrachten. Dit omdat de taken beter passen binnen een andere deelopdracht en er zo binnen de deelopdrachten een duidelijkere focus aangebracht kan worden. De inzet in de buurtteams is geconcentreerd in deelopdracht 6. Hierdoor is het mogelijk om beter inzicht te hebben in de inzet van de buurtteams en hier een doelstelling aan te koppelen zodat de inzet beter zichtbaar is. Right to Challenge Twee projecten uit de regeling Right to Challenge, het initiatief de Streetcats van stichting de Zebra en Aju Paraplu van stichting bewonersinitiatieven Kruiskamp zijn succesvolle challenges van de basisondersteuning.

De middelen voor deze initiatieven worden daarmee onttrokken uit de basisondersteuning en toegevoegd aan de subsidieregelingen Jongeren en Goed voor Elkaar zodat deze initiatieven blijvend hun maatschappelijke meerwaarde kunnen toevoegen. Tijdelijke middelen Arbeidstoeleiding vrouwelijke statushouders De inzet voor het tijdelijke project arbeidstoeleiding vrouwelijk statushouders wordt toegevoegd aan de inkoopopdracht. De inzet voor deze opdracht vindt plaats in deelopdracht 6. Gezinscoaches Gestelse Buurt en sociaal beheerder Gestelse Buurt De opdracht voor gezinscoaches in de Gestelse Buurt is opnieuw als tijdelijke opdracht opgenomen in deelopdracht 6. De opdracht voor een sociaal beheerder in de Gestelse Buurt is opgenomen in deelopdracht 2. De definitieve bedragen voor deze opdrachten worden nog vastgesteld en zijn in concept opgenomen in de deelopdracht 2 en deelopdracht 6.

7.3 Integrale kostprijs Voor de opdracht 2023-2024 is het voorstel om binnen de basisinkoop te werken met integrale kostprijs. Door per organisatie een kostprijs voor de periode 2023-2024 vast te stellen is het mogelijk om bij aanpassingen aan de inkoopopdracht te focussen op de inhoud van de opdracht, omdat de financiële gevolgen van aanpassingen vaststaan. Dit past binnen de lijn van de lumpsumfinanciering van de basisondersteuning, waarbij de inhoud voorop staat. Uitgangspunten • •

•

De integrale kostprijs wordt overeenkomen per partij. De integrale kostprijs wordt berekend door de partijen. Met de gemeente wordt de onderhandeling gevoerd over de hoogte van de integrale kostprijs. Hierbij wordt o.a. gekeken naar productieve uren, functiedifferentiatie, personeelslasten, overhead, indirecte kosten, activiteitenkosten en risico-opslag. FMGH komt met een eenzelfde systematiek om de integrale kostprijs te berekenen.

34

Opbouw integrale kostprijs Een integrale kostprijs per organisatie is gebaseerd op een functiemix van personeel in de directe dienstverlening. De integrale kostprijs is opgebouwd uit de onderstaande onderdelen. Samen met de partners wordt de hoogte van elk onderdeel van de integrale kostprijs bepaald. Personele lasten

Indirecte kosten

Overhead

Risico-opslag

Activiteitkost en

Salariskosten, loonbelastin g, sociale lasten, vakantietoes lag, 13e maand, reiskosten, overige toeslagen

Doorbelasting kosten ICT, huisvestingskoste n organisatie, kantoorbenodigdh eden, opleidingskosten

(Personele) kosten samenhangend met sturing en ondersteuning medewerkers in het primaire werkproces (managers, bestuursleden, ondersteunende/administ ratieve functies e.d.)

Om financiële tegenvallers te kunnen opvangen, heeft een partij een weerstandsverm ogen nodig. Hiertoe is een opslag voor het creëren van dergelijke buffers realistisch. Bijvoorbeeld maximaal 2%, te berekenen over het brutoloon inclusief sociale lasten.

Vrijwilligerskos ten, huur locatiekosten van de activiteit e.d.

Middelen die niet direct gekoppeld zijn aan de netto toename of afname van de Fte inzet zijn ook opgenomen in de integrale kostprijs (bijvoorbeeld de facilitaire kosten van Koo) om de eenvoud van de systematiek van de integrale kostprijs te bevorderen.

7.4. Financiële verantwoording 2023-2024 De aanlevertermijn van de financiële verantwoording dient verschoven te worden van 1 juni naar 1 mei na afloop boekjaar. De financiële verantwoording bestaat uit de volgende onderdelen: • Jaarrekening (inclusief balans en winst en verliesrekening) over het te verantwoorden boekjaar. De jaarrekening is voorzien van een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant. • Voor de financiële verantwoording op de basisondersteuning gebruikt FMGH bijlage 3. Deze is voorzien van een bestuursverklaring.

35

8. Definities Activiteiten Aanbieder Begunstigde Belanghebbende Doelstelling Interventie Impact Indicator Inwoner Norm Resultaten Samenwerkingsverband

Social Profit Canvas Strategische doelstelling Subdoelen Uitkomsten

Concrete acties die nodig zijn om de doelstellingen te behalen Elk van de partijen die deelneemt in het samenwerkingsverband van FMGH Degene ten behoeve van wie de interventie wordt uitgevoerd Degene die indirect baat heeft bij de interventie Een nagestreefde situatie Activiteit die wordt uitgevoerd om een doelstelling te realiseren Trends in de samenleving die optreden als gevolg van de resultaten Variabele die inzicht geeft in het behalen van een subdoel Inwoner van de gemeente ’s-Hertogenbosch De waarde die wordt nagestreefd voor de indicator Datgene wat de activiteit/ interventie direct en meetbaar oplevert De partijen die gezamenlijk een offerte indienen voor het uitvoeren van de dienstverlening in het kader van de Basisondersteuning, zijnde Farent, Mee, GGD en Humanitas De methode om te komen tot maatschappelijke meerwaarde zoals deze is ontwikkeld door WHISE en TIAS Het overkoepelende doel van de basisondersteuning Kleinere doelen die helpen bij het behalen van de doelstelling Dat wat er gebeurt als gevolg van de resultaten, inclusief zowel bedoelde als onbedoelde (neven-)effecten, positieve en negatieve effecten op zowel de korte als de lange termijn.

36

Bijlage 1. Aanvullende voorwaarden deelopdracht 1 Voor deelopdracht 1 Informatie en Advies zijn aanvullende voorwaarden en afspraken gemaakt. Deze voorwaarden en afspraken staan beschreven in dit document.

1. Doelstellingen: De afspraken met het bestuur van Koo zijn vastgelegd in de volgende stukken: • • • •

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12129113/1