CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorjaarsbrief 2026 t.b.v. ontwerpbegroting 2027 GR GGD en VTH

Raadsvergadering 2 juli 2026, gemeente DelftBij agendapunt: Raadsvoorstel GR GGD en VTH inzake begroting 2026 en 2027 (2620300)11.555 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Voorjaarsbrief 2026 ten behoeve van de Begroting 2027 van de Gemeenschappelijke Regeling GGD en Veilig Thuis Haaglanden Vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 26 februari 2026

GR 2026/007

1

Inhoudsopgave Inhoudsopgave ........................................................................................................................................................................... 2 1. Inleiding .................................................................................................................................................................................. 3 1.1. Samenvatting .................................................................................................................................................................. 3 1.2 Stand van zaken onderwerpen uit zienswijzen ................................................................................................................ 3 1.3. Indexering ....................................................................................................................................................................... 4 2. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten regionale GGD-taken .................................................................................... 5 2.1. Vervolg op Voorjaarsbrief vorig jaar ............................................................................................................................... 5 2.2.

Beleidsmatige ontwikkelingen ........................................................................................................................................ 5 2.3. Financiële- en bedrijfsmatige ontwikkelingen .............................................................................................................. 13 Bijlage 1: aantallen, tarieven en deelnemersbijdragen toezicht kinderopvang .................................................................. 15 Bijlage 2: aantallen, tarieven en deelnemersbijdragen forensische geneeskunde .............................................................. 17 3. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten Veilig Thuis ................................................................................................. 19 3.1. Vervolg Voorjaarsbrief 2025 stabiele formatie en begroting ....................................................................................... 19 3.2. Landelijke en regionale ontwikkelingen ....................................................................................................................... 19 3.3. Financiële- en bedrijfsmatige ontwikkelingen .............................................................................................................. 21 3.4.

Inschatting budgettaire consequenties ........................................................................................................................ 27 4. Algemene uitgangspunten Begroting ................................................................................................................................... 28 4.1. Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen Haaglanden ............................................................................................. 28 4.2 Ontwikkelingen GR-ondersteuning................................................................................................................................ 28 5. Indicatie financiële gevolgen voor gemeenten 2026 en 2027 .............................................................................................. 29

2

1. Inleiding 1.1. Samenvatting De Voorjaarsbrief beschrijft de belangrijkste inhoudelijke en financiële ontwikkelingen voor GGD en Veilig Thuis Haaglanden, die richtinggevend zijn voor de begroting 2027. De GR staat voor de opgave om binnen de financiële kaders de continuïteit en kwaliteit van de publieke gezondheidszorg en de uitvoering van Veilig Thuis te borgen. Vanuit een overschot als gevolg van een efficiënte uitvoering van de coronavaccinatiecampagne in 2025 zet GGD Haaglanden in 2026 middelen in voor maatschappelijke weerbaarheid, het verhogen van de vaccinatiegraad en het versterken van datagedreven werken en AI‑toepassingen. De druk op de forensische geneeskunde blijft groot, waardoor extra inzet nodig is voor doorontwikkeling van deze taak waarmee het streven is de continuïteit van de uitvoering van de taak ook in de toekomst te kunnen borgen. Veilig Thuis richt zich op stabiliteit van de organisatie. De doorontwikkeling van ketensamenwerking (o.a. Proeftuin 2.0), verbetering van werkprocessen naar aanleiding van het recente inspectierapport en de implementatie van Clavis 2.0 zijn belangrijke prioriteiten. Financieel gezien worden de deelnemersbijdragen bij zowel GGD als VTH aangepast in verband met indexering (conform de kaderbrief) en actualisaties van aantallen. Daarnaast zijn er een aantal incidentele investeringen opgenomen.

De GR‑ondersteuning blijft ongewijzigd. Met deze Voorjaarsbrief wordt een solide basis gelegd voor een toekomstbestendige uitvoering van publieke gezondheidszorg en Veilig Thuis in de regio Haaglanden.

1.2 Stand van zaken onderwerpen uit zienswijzen

De raden van de gemeenten in de regio stellen elk een zienswijze op over de jaarlijkse ontwerpbegroting. Hieronder zal de stand van zaken per onderwerp kort worden aangegeven. Taakstelling regionale kaderbrief GR’en De gemeenteraden hebben opgemerkt dat in de aangeboden ontwerpbegroting 2026 niet de volledige 6,2% bezuinigingsopgave is ingevuld. De raden zijn via de aanbiedingsbrief en een addendum bij de begrotingsstukken geïnformeerd over de verdere invulling van de bezuinigingstaakstelling, waarbij de mogelijkheid is geboden een zienswijze hierop in te dienen. De komende periode zal de impact van de bezuinigingsmaatregelen gemonitord worden en indien van toepassing wordt hierover gerapporteerd via de p&c documenten van de GR. Gemeenteraadsverkiezingen - introductiebijeenkomst De gemeenteraad van Delft heeft gevraagd tijdig aandacht te besteden aan het maken van een overdrachtsdocument en inwerkprogramma voor het nieuwe bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling en de nieuwe raadsleden van de gemeenten. Vanuit de GR worden een overdrachtsdocument en werkbezoeken voorbereid. Daarnaast sluit de GR aan bij de regionale raadsinformatiebijeenkomst voor Gr’en die eind mei georganiseerd zal worden door de griffies van een aantal gemeenten in de regio Haaglanden.

Regionale kaderbrief GR’en - MVOI De gemeenteraad van Pijnacker-Nootdorp heeft geconstateerd dat in de ontwerpbegroting 2026 die is voorgelegd voor zienswijze niet alle informatie zoals gevraagd in de regionale kaderbrief is opgenomen. In de definitieve begroting 2026 is de informatie over Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI) toegevoegd aan de paragraaf bedrijfsvoering. Voor de begroting 2026 zijn voor het onderdeel GGD onderstaande punten van aandacht benoemd in de zienswijzen, waarvan de stand van zaken kort wordt toegelicht. (Regionale) gezondheidsbevordering De gemeenteraden worden via de p&c-cyclus geïnformeerd over de inzet op preventie en gezondheidsbevordering van de inwoners. Hierbij wordt ook inzicht geboden in de samenwerking met de JGZ op het gebied van de ketenaanpakken (kansrijke start en kind naar gezond gewicht) en het verhogen van de vaccinatiegraad.

3

Infectieziektebestrijding De GGD is alert op opkomende infectieziekten en zet in op infectiepreventie en -bestrijding en onderneemt diverse acties om te proberen de vaccinatiegraad in de regio te verhogen. Ten aanzien van Veilig Thuis zijn in de zienswijzen van de gemeenten de volgende aandachtspunten benoemd. Stabiele organisatie Veilig Thuis onderneem diverse acties om de personele capaciteit op voldoende sterkte te hebben en houden om het primaire proces goed te kunnen uitvoeren. De gemeenteraden worden via de documenten van de p&c-cyclus geïnformeerd over de stand van zaken van de aantallen meldingen, adviezen en de ontwikkeling van het personeelsbestand. Wachtlijsten De raden hebben in de zienswijze blijvende aandacht gevraagd voor het verder terugdringen van de wachtlijsten opdat deze langdurig stabiel laag blijft. Evenals voor het werken binnen de wettelijk vastgestelde termijnen. De aandacht en inzet voor het stabiel houden van de wachtlijst wordt onverminderd voortgezet. De gemeenteraden worden via de documenten van de p&c-cyclus op de hoogte gehouden van de ontwikkeling van de wachtlijst en het werken binnen de wettelijke termijnen. Ketensamenwerking en samenwerking met lokale teams Door het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming en de Hervormingsagenda Jeugd verandert de komende jaren de samenwerking in de keten en met de lokale teams.

In afwachting van de verdere uitwerking van de ontwikkelrichting en de precieze impact voor Veilig Thuis, is het belangrijk elkaar goed te blijven vinden in voorbereiding op mogelijke veranderingen. Zodra de impact van de landelijke ontwikkelingen op de uitvoeringsorganisatie Veilig Thuis en de GR duidelijk wordt, worden de gemeenteraden hierover geïnformeerd. Ketenmonitor De ingezette werkwijze waarbij per gemeente periodiek data wordt gedeeld wordt voortgezet.

1.3. Indexering De begroting 2027 zal in lijn met de regionale “Kaderbrief begroting 2026 gemeenschappelijke regelingen” geïndexeerd worden met 3,8%. Daarnaast vindt vanaf 2026 een actualisatie plaats omdat de vorig jaar toegepaste indexering conform de regionale kaderbrief hoger is gebleken dan de werkelijke loonstijging conform de CAO gemeenteambtenaren 2025. GR-1 : Toepassen indexatie Het toepassen van de indexatie conform het percentage van 3,8% uit de regionale Kaderbrief gemeenschappelijke regelingen leidt tot een toename van de deelnemersbijdrage vanaf 2027 met € 913.000 voor de GGD, € 694.000 voor VT. Hierop wordt een neerwaartse bijstelling, als gevolg van een lagere CAO-stijging dan waarmee rekening is gehouden, in mindering gebracht. Het gaat vanaf 2026 om € 364.000 voor GGD en € 329.000 voor Veilig Thuis. Het budget GR-ondersteuning wordt niet geïndexeerd. Omvang: Per saldo wordt het budget van de GGD in 2026 verlaagd met € 364.000 en leidt de indexatie tot een toename vanaf 2027 met € 549.000 (€ 913.000 minus € 364.000). Voor Veilig Thuis betekent het een verlaging in 2026 met € 329.000; vanaf 2027 een verhoging met € 365.000 (€ 694.000 minus € 329.000) Financiering: Voorgesteld wordt om de deelnemersbijdrage in 2026 te verlagen met € 364.000 voor GGD en € 329.000 Veilig Thuis en vanaf 2027 te verhogen met in € 549.000 GGD en € 365.000 Veilig Thuis.

Besluit: - instemmen met het toepassen van de indexatie conform het percentage uit de regionale Kaderbrief 2027 - de indexatie van vorig jaar aan te passen aan de werkelijke CAO-stijging in 2025. (Besluit GR-1: Toepassen indexatie) Er vindt jaarlijks een actualisatie plaats indien de werkelijke salariskosten op basis van de vastgestelde CAO afwijken van de salariskosten op basis van het indexatiepercentage uit de 4

Kaderbrief. Daarnaast vindt eveneens jaarlijks een actualisatie plaats van de toegerekende kosten op het gebied van de bedrijfsvoering op basis waarvan een toeslag per fte wordt bepaald. GR-2 : Indexatie bedrijfsvoeringstoeslag De opdrachtnemer (gemeente Den Haag) actualiseert jaarlijks de bedrijfsvoeringstoeslag. Dit is een vergoeding voor de kosten die de gemeente maakt voor de ondersteuning van de uitvoeringsorganisaties en de GR. Omvang: Voor de GGD betekent de indexatie van de bedrijfsvoeringstoeslag vanaf 2026 tot een toename van de deelnemersbijdrage met € 172.000 en voor Veilig Thuis gaat het in totaal om € 247.000. Financiering: Voorgesteld wordt om de deelnemersbijdrage van de gemeenten te verhogen. Besluit: instemmen met indexatie van de bedrijfsvoeringstoeslag vanaf 2026 voor GGD en VT. (Besluit GR-2: Indexatie bedrijfsvoeringstoeslag)

2. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten regionale GGDtaken 2.1. Vervolg op Voorjaarsbrief vorig jaar

In de Voorjaarsbrief van vorig jaar is beschreven dat Nederland voor een aantal grote volksgezondheidsopgaven staat. In die Voorjaarsbrief heeft de GGD een vertaling gemaakt van de landelijke ontwikkelingen naar de opgaven in de regio Haaglanden en heeft daarbij aangegeven welke bijdrage GGD Haaglanden zal leveren. Het ging bijvoorbeeld om ontwikkelingen in vervolg op het IZA en het GALA, zoals de regionale preventie-infrastructuur en de kennisfunctie van GGD Haaglanden. Daarnaast versterkte GGD Haaglanden de uitvoering van infectieziektebestrijding en advisering over een gezonde leefomgeving. Er is aangesloten op diverse landelijke initiatieven, zoals de landelijke normuren voor toezicht op de kinderopvang en de landelijke tarieven voor forensische geneeskunde. De bijdrage voor TBC is structureel verlaagd en OGGZ als regionale functie is aangekaart. En er zijn diverse activiteiten opgenomen met het oog op de borging van een deskundige proactieve organisatie, zoals op de terreinen informatieveiligheid en privacy. Omdat bovenstaande onderwerpen veelal meerjarige ontwikkelingen zijn, komen veel van deze punten ook in de Voorjaarsbrief 2026 aan de orde. GGD Haaglanden heeft in 2026 en 2027 extra aandacht voor twee thema's: (1) de beweging van ziekte naar gezondheid, en (2) maatschappelijke weerbaarheid.

GGD Haaglanden wil met deze thema’s aan de slag binnen de huidige middelen van de GR maar ook met extra middelen die buiten de GR beschikbaar komen. Vanaf 2026 heeft GGD Haaglanden te maken met de vorig jaar door het Algemeen Bestuur besloten taakstelling op de GR, onder andere op het budget Algemene kosten. De speelruimte om onverwachte kosten op te vangen wordt hiermee sterk beperkt. Echter, omdat gemeenten zelf ook te maken hebben met forse kortingen, zal een beroep doen op extra GR financiering vanuit gemeenten nu minder haalbaar zijn. Dit betekent dat de GGD zoveel mogelijk kosten wil opvangen binnen de aan de GGD toebedeelde middelen, zonder een extra beroep te doen op (niet verkregen) gemeentelijk budget, dan wel zoekt naar bekostiging met additionele middelen vanuit andere bronnen.

2.2. Beleidsmatige ontwikkelingen

In deze paragraaf komen beleidsmatige ontwikkelingen aan de orde die impact kunnen hebben op de werkzaamheden, en/of de financiering hiervan, van GGD Haaglanden. Voor GGD Haaglanden is de door het Algemeen Bestuur vastgestelde regionale bestuursagenda leidend; de gemeenschappelijke regeling is immers de basis voor de GGD. Daarnaast is ook de Landelijke nota gezondheidsbeleid 2025-2028 van belang: het perspectief van een duurzame sociale basisinfrastructuur met voorzieningen die bijdragen aan gezondheid en welzijn. De landelijke nota verbindt hiermee het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA), het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), het Sportakkoord II en de Samenhangende Preventiestrategie. Om

5

de gewenste preventieve voorzieningen te bekostigen werkt VWS aan een investeringsmodel, dat op termijn een basis of bron kan vormen voor financiering(smodellen). In de landelijke nota wordt veel verwacht van de publieke gezondheidszorg om de beweging van ziekte naar gezondheid te bewerkstelligen, met een coördinerende rol voor de GGD voor regionale, domeinoverstijgende ketenaanpakken. Dat sluit aan op de regionale bestuursagenda en de regioen transformatieplannen in het kader van het Integraal Zorgakkoord (IZA), in onze regio voor de H5 in Haaglanden Gezonder! en voor de H4 in RIGA. In lijn met de rol van de DPG in de regio Haaglanden ziet de landelijke nota de DPG als schakel tussen openbaar bestuur, zorg, sociaal domein en veiligheid. Sleutelbegrippen zijn actieve participatie in vele netwerken en een integrale benadering (health in all policies). GGD Haaglanden blijft met gemeenten in gesprek over de uitwerking van de landelijke nota en de vertaling voor de regio en gemeenten. Beleidsmatige ontwikkelingen voor 2027 zijn geordend o.b.v. de Visie 2030 en de vijf ambities van GGD Haaglanden: 1. Voorvechter gelijke kansen op een goede gezondheid 2. Adviseur voor een gezonde leefomgeving 3. Regionale partner acute problemen publieke gezondheid 4. Een veilig vangnet waar dat (nog) ontbreekt 5. Deskundige, proactieve organisatie 2.2.1.

Voorvechter gelijke kansen op een goede gezondheid GGD Haaglanden ziet dat de gezondheidsverschillen in de regio nog altijd toenemen: niet iedereen heeft gelijke kansen op een goede gezondheid. Dat is niet alleen een persoonlijk, maar ook een maatschappelijk probleem. Slechte gezondheid leidt tot hoge maatschappelijke kosten en sociale scheidslijnen, goede gezondheid tot welstand door participatie op de arbeidsmarkt en in de maatschappij. Voor het verkleinen van de gezondheidsverschillen is de relatie met bestaanszekerheid en kansengelijkheid belangrijk. De GGD is dan ook voorstander van een integrale preventieaanpak waarin verschillende beleidsvelden (bijvoorbeeld gezondheid, sport, inkomen, werk, armoede, jeugd, cultuur) nauw samenwerken: health in all policies. Dit komt tot uiting in alle werkzaamheden van GGD Haaglanden, van infectieziekten tot epidemiologie (onderzoek) en van gezondheidsbevordering tot leefomgeving en toezicht. Voor het realiseren van de eerste ambitie ligt extra nadruk op de volgende onderwerpen: • Beweging van ziekte naar gezondheid, met hierbinnen: o Inrichting basisfunctionaliteiten o Inrichten basisinfrastructuur o Medische preventie • Kwaliteitseisen gastouderopvang • Gezondheidsmonitor Jeugd In september 2025 is het AZWA getekend in vervolg op het Integraal Zorgakkoord (IZA). De kern hiervan is de beweging van ziekte naar gezondheid.

In het AZWA staan diverse onderwerpen die op basis van landelijk beleid bij de GGD belegd gaan worden (zoals de gordelroosvaccinatie) of waarbij betrokkenheid van de GGD voor de hand ligt. Op regionaal niveau betreft het de coördinerende rol van de GGD voor ketenaanpakken in relatie tot gezondheid en de kennis-/ preventie-infrastructuur op het gebied van gezondheid. Tussen diverse partijen op landelijk niveau (GGD GHOR Nederland, VNG en VWS) wordt gesproken over governance en financieringsstromen. In onderstaand kader worden taken uit het AZWA op het gebied van publieke gezondheid beschreven. AZWA Diverse taken uit het AZWA lenen zich bij uitstek om bij de GGD als uitvoeringsorganisatie van en voor de gemeenten te beleggen. Sommige taken zal de rijksoverheid rechtstreeks bij de GGD beleggen, voor andere taken kunnen gemeenten kiezen deze bij GGD Haaglanden te beleggen, bijvoorbeeld als lokale taken. Als vervolg op het IZA zal de bestuurlijke verantwoordelijkheid in de regio's Haaglanden Gezonder! en RIGA liggen en zal GGD Haaglanden het GR-bestuur blijven informeren over de AZWA voortgang. Inrichting basisfunctionaliteiten In het AZWA worden basisfunctionaliteiten genoemd op de leefgebieden kansrijk opgroeien, gezonde leefstijl, mentale gezondheid, vitaal ouder worden en gezondheidsachterstanden verminderen en voorkomen.

Het gaat dan om basisfunctionaliteiten zoals sociaal verwijzen, valpreventie en volwassenen met overgewicht en obesitas, waarvoor de GGD (mede) aan de lat staat. Deze functionaliteiten worden in elke regio en gemeente ingevuld en komen zo 6

beschikbaar voor inwoners. Gemeenten, GGD’en, zorgverzekeraars, aanbieders van zorg en welzijn hebben het AZWA ondertekend en zijn hierop aanspreekbaar. Volgens de landelijke lijn werken partijen in de werkagenda behorend bij het IZA-regioplan (gebaseerd op het regiobeeld) uit welke (gezondheids-)doelen bereikt moeten worden, hoe de basisfunctionaliteiten hiervoor ingezet worden en hoe de onderlinge samenwerking in de (zorgkantoor)regio concreet georganiseerd is. Partijen maken gebruik van een ‘gereedschapskist’ met effectieve aanpakken/interventies op het snijvlak zorg/sociaal (het ‘hoe’) die regionaal en lokaal geïmplementeerd worden. In de regio wordt bepaald welke interventie ingezet wordt om invulling te geven aan de basisfunctionaliteit. Daarnaast staat een aantal aanpakken op een ontwikkelagenda om op korte termijn doorontwikkeld en vastgesteld te worden als basisfunctionaliteit. Tot slot bevat de ontwikkelagenda (in deel 2) een aantal op dit moment geïnventariseerde, maar nog niet nader uitgewerkte onderdelen. Inrichten basisinfrastructuur De afspraken op het snijvlak zorg-sociaal van het AZWA, waaronder de basisfunctionaliteiten, vereisen een goede structuur en basis in de wijk en in de regio. Partijen hebben afgesproken dat hiertoe basisvoorzieningen in wijken en buurten op het gebied van gezondheid, ondersteuning, welzijn en zorg beschikbaar zijn.

Het gaat daarbij om een herkenbaar aanbod van inloopvoorzieningen sociaal en gezond (0-100), het versterken van lokale teams ten dienste van verbinding met de eerste lijn en publieke gezondheid (GGD en jeugdgezondheidszorg). Hierbij hoort ook dat burgerinitiatieven worden ondersteund en dat gemeenten in samenwerking met hun GGD bijdragen aan de aanpak gezonde school met specifieke aandacht voor mentale gezondheid. Medische preventie In het AZWA is expliciet opgenomen dat medische preventie wordt ondersteund, als hiermee een zorgvraag wordt voorkomen. Het akkoord benoemt als maatregelen bijvoorbeeld RSvirusimmunisatie voor baby’s en kwetsbare volwassenen, gordelroosvaccinatie voor 60-jarigen en uitbreiding van de Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG).

Kwaliteitseisen gastouderopvang GGD Haaglanden zal in 2026 en 2027 100% toezicht van kinderdagverblijven realiseren en zoveel van gastouderlocaties en –bureaus als overeengekomen met de gemeenten. Goed toezicht is essentieel om de kwaliteit te waarborgen, risico’s tijdig te signaleren en kinderen een veilige, gezonde en stimulerende omgeving te bieden. Door aan te sluiten bij landelijke normuren en te werken met prognoses, stemt GGD Haaglanden voortdurend de capaciteit zo goed mogelijk af op wat nodig is om deze toezichthoudende taak goed uit te voeren. De Eerste Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel om de kwaliteit van gastouderopvang beter te waarborgen. De nieuwe, strengere kwaliteitseisen gaan gelden vanaf 1 juli 2026 (naast enkele kleinere wijzigingen die ingaan per 1 januari 2026). Deze eisen vragen om intensiever en uitgebreider toezicht. De wetswijziging leidt tot meerkosten voor toezicht en handhaving op de gastouderopvang, omdat de aanvullende eisen ook getoetst moeten worden. Het rijk heeft via de septembercirculaire voor deze meerkosten structurele middelen beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn toegevoegd aan het gemeentefonds en zijn bedoeld voor structurele uitbreiding van de duur van een inspectie bij een voorziening voor gastouderopvang en bij een gastouderbureau en voor scholing.

Zie bijlage 3 voor een overzicht van de beschikbare middelen per gemeente in de regio Haaglanden. GGD Haaglanden wil deze middelen in overleg met de gemeenten (mede) inzetten voor de scholing van toezichthouders, zodat zij goed voorbereid zijn op de nieuwe normen en weten hoe zij deze in de praktijk kunnen controleren. Voor de scholing Wetswijzigingen gastouderopvang en Dialooggericht communiceren heeft de GGD een scholingsbudget nodig van circa € 55.000. GGD Haaglanden heeft ervoor gekozen deze kosten niet te verrekenen in de tarieven van toezicht, omdat ze scholing als incidentele kosten ziet. De financiële verrekening vindt dus per gemeente, buiten de GR, plaats. Het is op dit moment niet in te schatten wat de financiële consequenties voor latere jaren zijn, daar wordt, indien van toepassing, in een later stadium op terug gekomen.

7

Structureel toezicht Voorschoolse Educatie De GGD houdt toezicht op een aantal basisvoorwaarden van Voorschoolse Educatie (VE) en de Inspectie van het Onderwijs (IvhO) is verantwoordelijk voor signaal gestuurd toezicht. Deze taak van IvhO zou per 1 januari 2027 worden overgeheveld naar de gemeente en GGD. Hierdoor zou de GGD op zowel de basisvoorwaarden, als de proceskwaliteit en kwaliteitszorg van VE toezicht gaan houden. De invoering van structureel toezicht loopt echter vertraging op en het ministerie van OCW stelt de komende jaren hiervoor geen budget beschikbaar. Ook stopt de Kwalitatieve Spiegel voor de voorschoolse educatie per 2027. Voor komende jaren vraagt GGD Haaglanden aandacht voor het belang van structurele kwaliteitsborging bij de VE vooral voor de kwetsbare jonge doelgroep met een (dreigende) taalen/of ontwikkelingsachterstand. Actualisatie aantallen inspecties Toezicht kinderopvang De taak Toezicht kinderopvang wordt gefinancierd via een pxq-systematiek, waarbij de p een uurtarief is en de q staat voor de normtijd per product. In afstemming met de deelnemende gemeenten worden jaarlijks de verwachte aantallen inspecties geactualiseerd. De prognose per gemeente is opgenomen in bijlage 1.

GGD-1: Actualisatie aantallen en indexatie tarief Toezicht kinderopvang Omvang: de actualisatie van de aantallen inspecties en het toepassen van de indexatie vanaf 2027 leidt per saldo tot een verhoging van het budget van € 58.000 in 2026 en € 163.000 vanaf 2027. Financiering: de deelnemersbijdrage van gemeenten wordt aangepast. Besluit: in te stemmen met de actualisatie van de aantallen inspecties toezicht kinderopvang per gemeente en het tarief vanaf 2027 te indexeren. (Besluit GGD-1:Actualisatie aantallen en indexatie tarief Toezicht Kinderopvang) Gezondheidsmonitor Jeugd Landelijk hebben de GGD’en besloten om de reguliere Gezondheidsmonitor Jeugd (GM Jeugd), die in 2027 zou plaatsvinden, een jaar te vervroegen naar 2026. Hiermee voorkomen de GGD’en dat deze elke keer samenvalt met het Trimbos-onderzoek op scholen naar genotmiddelengebruik onder jongeren. De GM Jeugd is echter niet in de Voorjaarsbrief 2025 opgenomen, dit was toen nog niet bekend en dus niet begroot voor 2026. De kosten voor de uitvoering van de GM Jeugd worden ingeschat op € 125.000 voor 2026 en ten minste € 100.000 voor 2027. In de tweede bestuursrapportage is reeds het voorstel aangekondigd om voor de uitvoering van de GM Jeugd € 100.000 uit het resultaat van 2025 op de taak epidemiologie in de reserve te storten. Dat is echter niet voldoende om de GM Jeugd te kunnen uitvoeren.

Omdat het resultaat op deze taak positiever uitpakt, is het voorstel om € 225.000 uit het resultaat 2025 op de taak epidemiologie in de bestemmingsreserve GGD te storten t.b.v. de uitvoering van de GM Jeugd in 2026 en 2027. De uitgaven voor de diverse gezondheidsmonitoren fluctueren over de jaren, daarom wordt een bestedingsplan gemaakt om de lasten in verband met de extra werkzaamheden voor de uitvoering ervan vanuit de bestemmingsreserve GGD te financieren. GGD-2: Gezondheidsmonitor Jeugd In 2026 en 2027 wordt de Gezondheidsmonitor Jeugd opnieuw uitgevoerd. Deze is een jaar vervroegd en daardoor voor 2026 nog niet begroot. Omvang: € 125.000 in 2026 en € 100.000 in 2027. Financiering: het voorstel is om van het positieve resultaat op de taak epidemiologie in 2025 € 225.000 te storten in de bestemmingsreserve GGD ter dekking van deze lasten. Verzoek: in te stemmen met het storten van € 225.000 uit het resultaat op de taak epidemiologie in 2025 in de bestemmingsreserve GGD en deze middelen aan te wenden voor de extra kosten voor de uitvoering van de Gezondheidsmonitor Jeugd in 2026 en 2027. (Besluit GGD-2: Gezondheidsmonitor Jeugd)

8

2.2.2. Adviseur voor een gezonde leefomgeving De fysieke leefomgeving verandert naar verwachting komende jaren snel: woningbouw, klimaatadaptatie en energietransitie leggen allemaal beslag op de ruimte. Nu de Omgevingswet in werking is getreden krijgt gezondheid een prominente plek in ruimtelijke ontwikkeling. Ook de sociale omgeving heeft grote invloed op gezondheid en gedrag. Een gezonde leefomgeving draagt bovendien bij aan het verkleinen van gezondheidsverschillen. GGD Haaglanden is voor dit onderwerp een vaste en vertrouwde adviespartner van de negen gemeenten. Zij geeft hier invulling aan vanuit een integrale inzet van medische milieukunde, gezondheidsbevordering, epidemiologie en infectiepreventie. In deze paragraaf behandelt GGD Haaglanden de volgende onderwerpen die de tweede ambitie (Adviseur voor een gezonde leefomgeving) helpen te realiseren: • Luchtkwaliteit verbeteren • Klimaatverandering en gezondheidsrisico's Luchtkwaliteit verbeteren De GGD blijft de gemeenten in 2026 ondersteunen bij het proces van implementatie van maatregelen voor verbeteren van de luchtkwaliteit in Haaglanden. Naast het organiseren van bijeenkomsten adviseert de GGD inhoudelijk en zal ze met de andere de ketenpartners zoals de omgevingsdienst, MRDH en de provincie samenwerken. In 2026 levert de GGD nieuwe luchtblootstellingskaarten en cijfers van de ziektelast op aan de gemeenten.

Klimaatverandering en gezondheidsrisico’s De GGD ondersteunt gemeenten in 2026 proactief in het verminderen van gezondheidseffecten door klimaatverandering. De focus zal zowel op ruimtelijke ordening als op gedragsverandering van de inwoners zijn. Waar passend adviseert de GGD regionaal of lokaal. Thema’s zijn (integrale) hitteplannen en zonbescherming, infectieziekten en andere gevolgen van klimaatverandering. Verder adviseert de GGD gemeenten over noodzakelijk voorbereiding(en) voor weerbaarheid in crisissituaties door extreem weer. 2.2.3. Regionale partner acute problemen publieke gezondheid Bedreigingen in de publieke gezondheid zullen er altijd zijn. Niet elke crisis of uitdaging voor de publieke gezondheid is te voorkomen of laat zich voorspellen, heeft de coronacrisis laten zien. Adequaat omgaan met acute situaties die de volksgezondheid bedreigen is voor GGD Haaglanden daarom belangrijk. Daarbij gaat het nu ook om maatschappelijke weerbaarheid. De burger moet zich voorbereiden op 72 uur zelfredzaamheid, maar niet iedereen is daartoe in staat. Juist inwoners die niet of minder zelfredzaam zijn, kunnen extra ondersteuning gebruiken.

In deze paragraaf behandelt GGD Haaglanden de volgende onderwerpen die de derde ambitie (regionale partner acute problemen publieke gezondheid) helpen te realiseren: • Pandemische paraatheid • Maatschappelijke weerbaarheid • Verhogen vaccinatiegraad (samenwerking JGZ, fijnmazig vaccineren) Pandemische paraatheid Pandemische paraatheid blijft een thema. De GGD bereidt zich hierop voor m.b.v. rijksmiddelen die tot en met 2028 gegarandeerd zijn. Daarna is er minder zekerheid; vanuit VWS is vernomen dat GGD’en meer moeten kijken naar een ‘all hazards approach’ waarbij gekeken moet worden naar het geheel van alle dreigingen. Hierbij is een brede, integrale aanpak voor crisisbeheersing en continuïteitsplanning van belang. Door het dalen van de vaccinatiegraad en klimaatverandering neemt de kans op grootschalige uitbraken toe. Door de financiële injectie van het rijk is er op dit moment voldoende mogelijkheid om te zorgen dat de maatschappij weerbaar is en de GGD pandemisch paraat staat. Echter op het moment dat dit wegvalt na 2028, is het van belang om alle opgedane ontwikkelingen en kennis te blijven behouden en te blijven investeren in dit thema. Maatschappelijke weerbaarheid De continuïteit van de processen van de GGD is bij een (nieuwe gezondheids-)crisis van levensbelang.

Maar ook de processen die vanuit het crisisteam van de GGD worden gecoördineerd en uitgevoerd zijn belangrijk als het gaat om maatschappelijke weerbaarheid. Denk daarbij aan de inzet van psychosociale hulpverlening (PSH) bij mogelijke maatschappelijke onrust en medische milieukunde bij grootschalige incidenten met milieukundige aspecten. De GGD moet nu strategisch investeren in een brede ‘all hazards approach’ om bij te dragen aan maatschappelijke

9

weerbaarheid en ook na 2028 blijvend voorbereid te zijn op pandemieën én andere crises. Dit vraagt om structurele borging van kennis, financiering en bestuurlijk commitment. GGD Haaglanden heeft wettelijk de taak om PSH bij ongevallen en rampen te organiseren (PSHOR). Hiernaast verzoeken gemeenten en hulpverleningsdiensten de GGD in toenemende mate om PSH te adviseren en te coördineren. Het uitoefenen en professionaliseren van PSH(OR) vergt regionaal op jaarbasis ca. € 50.000. Als er jeugd bij is betrokken, dan is vaak inzet van het Crisisinterventieteam (CIT) gewenst. Steeds vaker blijkt dat nodig: incidenten komen vaker voor en zijn complexer, bijvoorbeeld bijnaverdrinkingen, dodelijke verkeersongelukken, geweldsincidenten en suïcides. Dankzij deze inzet kunnen kinderen, ouders en scholen snel worden bijgestaan: in lijn met de crisisorganisatie van de GGD is het CIT 24/7 bereikbaar. Dat draagt bij aan het herstel van interne zorgstructuren, het voorkomen van maatschappelijke onrust en het verminderen van trauma- en angstklachten op lange termijn. Vanwege de toegenomen vraag moet de bijdrage aan het CIT met € 30.000 omhoog. GGD-3: Maatschappelijke weerbaarheid De vraag naar psychosociale hulpverlening neemt toe, naar verwachting ook in het licht van maatschappelijke weerbaarheid. Daarom brengt het uitoefenen ervan hogere kosten met zich mee.

Omvang: in totaal gaat het om € 80.000 structureel. Financiering: deze lasten in 2026 dekken vanuit de bestemmingsreserve GGD en vanaf 2027 via het budget inwonercorrectie. Verzoek: in te stemmen met de ophoging van het budget voor maatschappelijke weerbaarheid vanwege de toegenomen vraag, door incidentele inzet vanuit de bestemmingsreserve GGD in 2026 en de structurele inzet vanaf 2027 te dekken uit het budget inwonercorrectie. (Besluit GGD-3: maatschappelijke weerbaarheid) Verhogen vaccinatiegraad regio Haaglanden De GGD blijft zich, samen met de beide JGZ-organisaties in de regio, inzetten op het verhogen van de vaccinatiegraad. Dat is blijvend actueel: ook in 2025 waren er weer verschillende uitbraken in onze regio. Het fijnmazig voorlichten en vaccineren en de inzet van de gedragsunit laten voorzichtig positieve resultaten zien. Een lange adem en blijvende inzet is wat GGD Haaglanden betreft noodzakelijk, want vaccinatietwijfel hangt samen met bredere maatschappelijke trends, en een te lage vaccinatiegraad brengt nu en over de jaren in toenemende mate infectierisico's met zich mee. GGD-4: Verhogen vaccinatiegraad Samen met JGZ Den Haag en JGZ ZHW (verder) leveren van een bijdrage aan het verhogen van de vaccinatiegraad vergt inzet op het gebied van samenwerking met verloskundigen, huisartsen en scholen. Omvang: € 150.000 incidenteel in 2026.

Financiering: incidentele financiering via de bestemmingsreserve GGD (surplus coronavaccinatiecampagne 2025). Verzoek: in te stemmen met incidentele extra inzet met als doel de vaccinatiegraad te verhogen. (Besluit GGD-4: verhogen vaccinatiegraad) 2.3.4. Een veilig vangnet waar dat (nog) ontbreekt GGD Haaglanden ziet hardnekkige gezondheidsverschillen. Voor inwoners in kwetsbare situaties is zorg of hulp bij de gezondheid soms niet betaalbaar of toegankelijk; vanwege de druk op de zorg is de verwachting dat dit probleem groter wordt. Het is de taak van de GGD om goed zicht te houden op gaten in het systeem en bij te dragen aan oplossingen: dit gaat over de mensen of (nieuwe) groepen in de samenleving voor wie het bestaande systeem niet functioneert of niet aanwezig is. In deze paragraaf behandelt GGD Haaglanden de volgende onderwerpen die de vierde ambitie (Een veilig vangnet waar dat (nog) ontbreekt) helpen te realiseren: • Maatschappelijke Zorg & Veiligheid

10

• •

Forensische geneeskunde Suïcidepreventie

Maatschappelijke Zorg & Veiligheid Bij de uitvoering van openbare geestelijke gezondheidszorg (OGGZ) werkt GGD Haaglanden samen met onder andere gemeenten, politie, maatschappelijke opvang, woningbouwcorporaties, GGZinstellingen en het Zorg- en Veiligheidshuis. Het beroep op de OGGZ door GGD Haaglanden groeit en daarom versterkt GGD Haaglanden deze functie door organisatorisch taakvelden intern samen te voegen die betrekking hebben op het bieden van een veilig vangnet: niet-acute zorgmeldingen (meldpunt bezorgd), sociaal medische basiszorg, Domeinoverstijgend Samenwerken bij Personen met Onbegrepen Gedrag (incl. Kenniscentrum), PSH(OR), publieke gezondheid asielzoekers (PGA), geweld in afhankelijkheidsrelaties (GIA) en forensische geneeskunde. Het betreft grotendeels (nog) niet-GR activiteiten, met uitzondering van PSH(OR) en forensische geneeskunde. Forensische geneeskunde De forensische zorg staat al jaren onder druk. Het aantal forensisch artsen in Nederland is zeer schaars en daardoor is het uitdagend om 24/7 dienstverlening te garanderen. Ondanks de samenwerking met Hollands-Midden en andere GGD’en blijft de inhuur van externen noodzakelijk. GGD GHOR Nederland maakt zich sterk voor het toekomstbestendig maken van de forensische geneeskunde.

Inzet is het realiseren van landelijk werkgeverschap, de verdere invulling daarvan wordt komende periode onderzocht, aansluitend op het advies van AEF ‘Naar een werkend stelsel forensische geneeskunde’. Voor de toekomst kan het gevolg zijn dat GGD Haaglanden aansluit op dat landelijk werkgeverschap. Vooruitlopend daarop wordt binnen de regio van de politie-eenheid Den Haag de samenwerking nu verder geïntensiveerd en opereert de GGD steeds meer als één organisatie met GGD Hollands Midden (Hecht). De uitvoering van forensische geneeskunde wordt gefinancierd op basis van p*q. De inzet op samenwerking met GGD Hollands Midden, voorbereiding op landelijk werkgeverschap en het organiseren van inhuur is in 2026 incidenteel extra capaciteit nodig (ca. 0,7 fte; € 100.000). GGD-5a: Doorontwikkeling Forensische geneeskunde Inhuur van forensisch geneeskundigen, samenwerken met GGD Hollands Midden en het (verder) leveren van een bijdrage aan het realiseren van landelijk werkgeverschap brengt incidenteel extra kosten met zich mee. Omvang: € 100.000 incidenteel in 2026. Financiering: incidentele financiering uit de inwonercorrectie (€ 22.000) en de bestemmingsreserve GGD (€ 78.000; surplus coronavaccinatiecampagne 2025). Verzoek: in te stemmen met incidentele verhoging van het budget Forensische geneeskunde in het kader van de doorontwikkeling van deze taak.

(Besluit GGD-5a: doorontwikkeling Forensische geneeskunde) GGD-5b: Actualisatie aantallen en indexatie tarief Forensische geneeskunde De begrotingsraming wordt aangepast op basis van de werkelijke aantallen verrichtingen in 2025. Daarnaast is het tarief vanaf 2027 geïndexeerd. Omvang: de actualisatie leidt in totaal tot een verhoging met € 88.000 vanaf 2026 en € 131.000 vanaf 2027. Financiering: aanpassing van de verwachte aantallen en het tarief leidt tot een verhoging van de deelnemersbijdragen. Verrekening van deze taak vindt plaats op basis van de vastgestelde tarieven en de werkelijke aantallen per gemeente. Verzoek: in te stemmen met het aanpassen van de raming en de gevolgen per gemeente te verwerken in de deelnemersbijdrage. (Besluit GGD-5b: actualisatie aantallen en indexatie tarief Forensische geneeskunde)

11

Suïcidepreventie Jaarlijks worden naar schatting ongeveer € 40.000 suïcidepogingen (per jaar) gedaan in Nederland. Suïcide is de grootste doodsoorzaak onder jongeren van 10 tot 25 jaar. In de regio Haaglanden heeft 4,8% van de jongeren tussen 12-18 jaar heel vaak suïcidale gedachten. Hiervan heeft 10,8% wel eens een suïcidepoging ondernomen. Suïcide is daarom een groot maatschappelijk probleem. Vanaf 1 januari 2026 is suïcidepreventie in Nederland wettelijk verankerd door de Wet integrale suïcidepreventie. Gemeenten hebben een expliciete inspanningsverplichting: zij moeten suïcidepreventie structureel opnemen in hun lokaal gezondheidsbeleid, met concrete doelstellingen, interventies en risicoanalyses. Het Algemeen Bestuur heeft eerder besloten de GGD geen regionale inspanning te laten leveren (d.w.z. regionale gegevens over suïcide en risicofactoren, regionaal advies bij beleidsontwikkeling suïcidepreventie, regionale ondersteuning van de uitvoering (training, netwerk)). Gemeenten kunnen individueel taken bij de GGD beleggen. 2.3.5. Deskundige, proactieve organisatie Het werkveld van de preventieve gezondheidszorg is altijd in beweging, en laat steeds meer het belang zien van een integrale en netwerk-georiënteerde aanpak. Dat is effectief en efficiënt, en daarom wil GGD Haaglanden zich blijven ontwikkelen tot een succesvolle netwerkorganisatie.

Partijen in het netwerk zien GGD Haaglanden als een betrouwbare, deskundige expert en partner, zo bleek uit de tussenevaluatie van de Visie 2030. In die rol wil de GGD wendbaar zijn en proactief inspelen op veranderingen als dat nodig is. In deze paragraaf behandelt GGD Haaglanden de volgende onderwerpen die deze vijfde ambitie (Deskundige, proactieve organisatie) helpen te realiseren: • Datagedreven werken en AI • Robuuste GGD Datagedreven werken en AI Datagedreven werken en artificial Intelligence (AI) bieden de mogelijkheid om processen te optimaliseren, besluitvorming te ondersteunen en de kwaliteit van onze dienstverlening te verhogen. Via datagedreven werken en AI-toepassingen wil GGD Haaglanden beter gebruikmaken van beschikbare data en innovatieve oplossingen realiseren die bijdragen aan een toekomstbestendige organisatie. In 2026 is het plan een transcribeertool voor het bron- en contactonderzoek uit te rollen. In 2025 werd de ontwikkeling hiervan gefinancierd uit de middelen versterking infectieziektebestrijding, die ruimte is er in 2026 niet meer doordat de benodigde functies intussen zijn ingevuld en er geen indexatie plaatsvindt op deze middelen. Deze incidentele investering maakt in 2026 afronding en implementatie van deze tool (gestart in 2025) mogelijk.

GGD-6: Datagedreven werken en AI Via datagedreven werken en AI-toepassingen wil GGD Haaglanden beter gebruikmaken van beschikbare data en innovatieve oplossingen realiseren die de dienstverlening aan burgers verbeteren en bijdragen aan een toekomstbestendige organisatie. Omvang: € 150.000 voor coördinator datagedreven werken, productie en implementatie van AI transcribeertool in 2026. Financiering: in 2026 vanuit de bestemmingsreserve GGD (surplus coronavaccinatiecampagne 2025), daarna opnieuw beschouwen. Verzoek: in te stemmen met de aanwending van deze middelen uit de bestemmingsreserve GGD (Besluit GGD-6: datagedreven werken en AI)

12

Robuuste organisatie Als organisatie moet GGD Haaglanden robuust en toekomstbestendig zijn om uitvoering te geven aan de taken. Dat betekent tijdelijke verbetertrajecten op het gebied van financiële processen. In 2026 wordt incidenteel geïnvesteerd in geautomatiseerde koppelingen tussen verschillende bronsystemen om actuele en minder foutgevoelige rapportages voor management en bestuur op te leveren. GGD-7: Robuuste organisatie Om de GGD voldoende robuust en toekomstbestending in 2026 te laten functioneren, zijn incidenteel extra middelen benodigd. Omvang: € 150.000 incidenteel in 2026. Financiering: het voorstel is deze incidentele financiering te dekken uit de bestemmingsreserve GGD (surplus coronavaccinatiecampagne 2025). Verzoek: in te stemmen met de aanwending van deze middelen uit de bestemmingsreserve GGD. (Besluit GGD-7: Robuuste organisatie)

2.3. Financiële- en bedrijfsmatige ontwikkelingen Inwonercorrectie Vanaf de begroting 2023 wordt een jaarlijkse correctie toegepast op basis van het aantal inwoners. De berekening van de inwonercorrectie vindt plaats door de toe-/afname van de het aantal inwoners in het jaar te vermenigvuldigen met de geïndexeerde inwonerbijdrage voor het basispakket en deze te wegen met 75%. De inwonersbijdrage verschilt voor Den Haag en de regiogemeenten in verband met de bijdrage aan tuberculosebestrijding. Onderstaande tabel toont de berekening van de hoogte van de inwonercorrectie voor 2027 en (voorlopig) voor 2028. In 2025 heeft een evaluatie van de inwonercorrectie plaatsgevonden. Op basis daarvan is besloten dat de inwonercorrectie gehandhaafd blijft en dat het bestuur, via de Voorjaarsbrief, geïnformeerd zal worden over de inzet van deze middelen. Het aantal inwoners in de regio Haaglanden is tussen 1-10-2024 en 1-10-2025 met ruim 12.000 toegenomen. Volgens de afgesproken systematiek voor inwonercorrectie leidt dit tot een verhoging van het budget met € 102.000 met ingang van 2027. Dit bedrag zal ingezet met name € 80.000 ingezet worden voor kosten die gepaard gaan met de structureel grotere vraag naar psychosociale hulpverlening en daarnaast ten behoeve van inhuur voor forensische geneeskunde.

Surplus coronavaccinatiecampagne 2025 In 2025 is landelijk een andere systematiek voor de financiering van corona van kracht geworden. Er is niet langer sprake van een financiering van VWS van gerealiseerde kosten, maar GGD’en krijgen een bijdrage aan algemene kosten en een vast bedrag per prik (€ 25,89). Omdat GGD Haaglanden de coronavaccinatiecampagne efficiënt uitvoert, ontstaat in 2025 een overschot per prik (zoals gemeld in de tweede bestuursrapportage 2025). Daarnaast is het werkelijk aantal gezette prikken bepalend voor het bedrag dat GGD Haaglanden van VWS ontvangt, met een minimum van 75% van de kosten van het geprognosticeerde aantal prikken. GGD Haaglanden heeft in 2025 meer prikken gezet dan geprognosticeerd en ook langs die weg ontstaat een overschot. Wat GGD Haaglanden van de vergoeding per prik niet heeft gebruikt, hoeft niet te worden teruggestort aan VWS. Deels zullen middelen nodig zijn om in volgende jaren loon- en/of locatiekosten te bekostigen die niet vanuit het bedrag per prik worden vergoed. Onder voorbehoud van vaststelling van de jaarstukken is de verwachting dat het overschot op de coronavaccinatiecampagne in 2025 circa € 800.000 bedraagt. GGD Haaglanden stelt voor dit overschot toe te voegen aan de bestemmingsreserve GGD bij de GR en vervolgens te bestemmen langs twee lijnen: • Een budget van € 200.000 te reserveren t.b.v.

toekomstige risico’s in de coronabestrijding. • Het resterende gedeelte in te zetten t.b.v. incidentele uitgaven om de toekomstbestendigheid van de GGD-organisatie te verhogen: o Maatschappelijke weerbaarheid, € 80.000 in 2026 (zie GGD-3) 13

o o o o

Verhogen vaccinatiegraad, € 150.000 in 2026 (zie GGD-4) Forensische geneeskunde, € 78.000 in 2026 (zie GGD-5a) Datagedreven werken en artificiële intelligentie, € 150.000 in 2026 (zie GGD-6) Robuuste organisatie, € 150.000 in 2026 (zie GGD-7)

Het overschot dat in 2025 is ontstaan op de uitvoering van coronavaccinatiecampagne betreft incidentele middelen. De verwachting is echter dat GGD’en in 2026 van VWS opnieuw de opdracht zullen krijgen de coronavaccinatiecampagne uit te voeren onder dezelfde voorwaarden (vergelijkbare prijs per prik). Daarmee is het goed mogelijk dat in 2026 opnieuw sprake zal zijn van een overschot op deze taak, zij het in minder mate.

2.4. Inschatting budgettaire consequenties

Voorgaande beschreven ontwikkelingen hebben budgettaire consequenties voor 2026 en de jaren daarna. De inschatting van de budgettaire consequenties is in onderstaande tabel opgenomen.

Wijzigingen begroting GGD meerjarig

2026

2027

2028

2029

0%

0%

0%

0%

0%

28.062

28.062

28.062

28.062

28.062

913

913

913

913 Deelnemerbijdrage (verhoging) & externe bijdrage

Actualisatie CAO

-364

-364

-364

-364

-364 Deelnemersbijdrage (verlaging)

Indexatie bedrijfsvoeringstoeslag

172

172

172

172

172 Deelnemersbijdrage (verhoging)

22

22

22

22 Deelnemerbijdrage (verhoging)

163

163

163 Deelnemerbijdrage (verhoging)

80

80

80 2026 bestemmingsreserve, vanaf 2027 inwonerscorrectie

Aandeel VT in productietijd 2021 TOTAAL ONTWERPBEGROTING (excl. btw) Loon- en prijsindexatie

Inwonercorrectie

2030 Dekking 0%

GGD-1: Actualisatie aantallen en indexatie tarief toezicht kinderopvang

58

163

GGD-2: Gezondheidsmonitor Jeugd

125

100

GGD-3: Maatschappelijke weerbaarheid

80

80

GGD-4: Verhogen vaccinatiegraad

150

Resultaat Corona 2025 via bestemmingsreserve GGD

GGD-5a: Doorontwikkeling Forensische geneeskunde

100

22k inwonercorrectie en 78k bestemmingsreserve GGD

GGD-5b: Actualisatie aantallen en indexatie tarief Forensische geneeskunde

88

GGD-6: Datagedreven werk en AI

150

GGD-7: Robuuste organisatie

150

Actualisatie TBC formatie TOTAAL GEWIJZIGDE BEGROTING Totaal wijzigingen

Resultaat Epi 2025 via bestemmingsreserve GGD

131

131

131

131 Deelnemerbijdrage (verhoging)

98

98

98

98

98 Gedekt uit opbrengsten niet-verzekerde zorg

28.869

29.377

29.277

29.277

29.277

807

1.315

1.215

1.215

1.215

Resultaat Corona 2025 via bestemmingsreserve Resultaat Corona 2025 via bestemmingsreserve

14

Bijlage 1: aantallen, tarieven en deelnemersbijdragen toezicht kinderopvang

15

16

Bijlage 2: aantallen, tarieven en deelnemersbijdragen forensische geneeskunde Aantallen, tarieven en deelnemersbijdrage 2026

Aantallen, tarieven en deelnemersbijdrage 2027

17

Bijlage 3 Extra middelen gemeenten voor gastouderopvang De middelen die via de septembercirculaire beschikbaar zijn gesteld aan de regio Haaglanden voor compensatie van de meerkosten voor toezicht en handhaving op de gastouderopvang, zijn opgenomen in onderstaande tabel. 2026

2027 mutatie

2027

2028

2029 mutatie

2029

2030 mutatie

2030

Delft

7.424

4.070

11.494

11.494

(2.080)

9.414

(548)

8.866

DH

47.968

25.739

73.707

73.707

(13.053)

60.654

(3.509)

57.145

LV

4.845

2.712

7.557

7.557

(1.350)

6.207

(363)

5.844

MD

831

481

1.312

1.312

(229)

1.083

(64)

1.019

PN

2.301

1.330

3.631

3.631

(614)

3.017

(177)

2.840

Rsw

4.117

2.329

6.446

6.446

(1.168)

5.278

(309)

4.969

Wa

1.305

744

2.049

2.049

(359)

1.690

(99)

1.591

We

8.621

4.757

13.378

13.378

(2.390)

10.988

(640)

10.348

ZTM

9.761

5.355

15.116

15.116

(2.688)

12.428

(723)

11.705

TOTAAL

87.173

47.517

134.690

134.690

(23.931)

110.759

(6.432)

104.327

18

3. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten Veilig Thuis 3.1. Vervolg Voorjaarsbrief 2025 stabiele formatie en begroting Vorig jaar is in de Voorjaarsbrief afgesproken te streven naar een stabiele organisatie en begroting voor Veilig Thuis. Dit streven wordt ook de komende jaren voortgezet. Het voorstel is om de begroting alleen op noodzakelijke punten aan te passen, gezien de bezuinigingsopgave vanuit de gemeenten. Volgens de afgesproken systematiek is de begroting geactualiseerd voor de werkelijke aantallen meldingen en adviezen twee jaar eerder. Ook is het budget geactualiseerd in verband met de aanpassing van het functiehuis voor de medewerkers in het primair proces van Veilig Thuis. Tot slot is begroting geïndexeerd volgens het afgesproken indexatiepercentage. In de Voorjaarsbrief 2026 wordt de lijn voortgezet voor een stabiele formatie en begroting, dit is nodig om de wachtlijst niet opnieuw te laten oplopen en de werkdruk beheersbaar te houden. In het verleden lukte het niet om alle vacatures in te vullen. De afgelopen jaren lukt dit door diverse factoren en maatregelen steeds beter. Daarom wordt in de begroting niet langer rekening gehouden met de 5% onderbezetting van de toegestane formatie. Afgelopen jaar is deze aanpassing al incidenteel teruggedraaid, dit jaar wordt dit structureel aangepast.

Vanaf 2026 zijn bezuinigingsmaatregelen in de begroting van Veilig Thuis verwerkt als gevolg van de invulling van de taakstelling GR’en. Gezien de bezuinigingen bij gemeenten wordt zo min mogelijk beroep gedaan op gemeenten door de deelnemersbijdragen zoveel mogelijk stabiel te houden.

3.2. Landelijke en regionale ontwikkelingen Regiovisie aanpak huiselijk geweld Haaglanden 2026 en verder De regiovisie Aanpak Huiselijk Geweld Haaglanden 2026 en verder benoemt huiselijk geweld als een groot maatschappelijk vraagstuk en zet daarbij in op drie hoofdprioriteiten: 1. het versterken van preventie en vroegsignalering, 2. het bevorderen van duurzaam herstel; 3. het intensiveren van de samenwerking tussen zorg- en strafpartners en gemeenten. Deze inzet moet ertoe leiden dat signalen van onveiligheid eerder worden opgepakt, dat geweld effectief wordt gestopt en dat partners gezamenlijk werken aan het terugdringen van ernstige vormen van huiselijk geweld. Binnen deze regionale aanpak heeft Veilig Thuis een duidelijke en verbindende rol. In de regiovisie wordt Veilig Thuis gepositioneerd als onderdeel van een samenhangende aanpak waarin preventie, herstel en samenwerking met alle betrokken partners centraal staan, zodat gezamenlijk kan worden gewerkt aan het structureel verminderen van huiselijk geweld in de regio Haaglanden. Om meer inzicht te krijgen in de aard en omvang van huiselijk geweld in de regio ontwikkelde Veilig Thuis de afgelopen jaren een ketenmonitor die periodiek met alle regiogemeenten wordt gedeeld. Deze gegevens ondersteunen de lokale dialoog en vormen een belangrijk instrument binnen de samenwerkingsafspraken tussen gemeenten en Veilig Thuis.

De regiovisie bouwt hierop voort en voorziet in een bredere set aan indicatoren om de effecten van de regionale aanpak te volgen. In de monitoring op de regionale aanpak wordt informatie opgenomen die door andere ketenpartners wordt aangeleverd, zoals gegevens over de instroom en uitstroom binnen MDA++ en (ex) partnerstalking bij het Zorg en Veiligheidshuis en het bereik en effect van trainingen in de regio. Veilig Thuis onderschrijft het belang van een samenhangend en datagedreven beeld van de regionale aanpak. Regionale ontwikkeling proeftuin De Proeftuin Haaglanden 2.0 zet in 2026 een belangrijke stap in de vereenvoudiging en versterking van het stelsel van kind- en gezinsbescherming. De betrokken departementen hebben een positief signaal afgegeven door subsidie te verlenen voor de uitvoering van de regionale proeftuin. De 19

verkregen inzichten laten zien dat de Verklarende Analyse (VA) een effectieve interventie is die gezinnen meer regie geeft en professionals ondersteunt in systemisch, integraal werken. In Proeftuin 2.0 wordt de werkwijze in 2026 opgeschaald naar meer casuïstiek uit meer gemeenten: minimaal 60 gezinnen uit de gemeenten Delft, Den Haag en Westland. Hiermee wordt beproefd hoe de VA de leidende analyse kan worden in de hele keten. Voor Veilig Thuis biedt de VA kansen om (delen van) het onderzoek te vervangen, waardoor dubbelingen worden verminderd en de keten wordt verkort. Dit vraagt om nauwe afstemming en gezamenlijke kwaliteitskaders. Ketenpartners zoals lokale teams, Raad voor de Kinderbescherming, Gecertificeerde Instellingen, Veilig Verder Team en Zorg en Veiligheidshuis sluiten aan op één gedeelde analyse, wat zorgt voor efficiëntere besluitvorming en minder belasting voor gezinnen. Professionals kunnen meer werkplezier ervaren door multidisciplinaire samenwerking en het verminderen van herhalend werk. In 2026 wordt tevens een maatschappelijke businesscase opgesteld als basis voor besluitvorming over structurele voortzetting. De proeftuin versterkt de integratie met moederorganisaties en de verbinding met de regio. Eind 2026 volgt een evaluatie en een uitvoeringsplan voor 2027 en verder. De beweging vraagt om blijvend commitment van alle ketenpartners.

De regio Haaglanden is hiermee goed gepositioneerd om de uitgangspunten van het Toekomstscenario duurzaam te borgen. Centrum Filomena Op 12 november jl. heeft de gemeenteraad van Den Haag een motie aangenomen om een centrum Filomena op te richten. Dit centrum biedt slachtoffers van huiselijk geweld en kindermishandeling laagdrempelige, integrale hulp en versterkt de ketensamenwerking. Het doel is versnippering in de huidige hulpverlening tegen te gaan en kennisdeling te bevorderen. Het Haagse college werkt aan een plan van aanpak met locatie, structuur en financiering. In andere regio’s, zoals Rotterdam-Rijnmond en Hart van Brabant, zijn al Filomena-centra actief. Deze centra kenmerken zich door multidisciplinaire samenwerking onder één dak, een inloopfunctie zonder afspraak en inzet van ervaringsdeskundigen. Veilig Thuis is in beide regio’s een kernpartner voor onder andere advies en risicotaxatie. Naast bovenstaande regionale ontwikkelingen zijn er ook op landelijk niveau veel ontwikkelingen in de portefeuille Zorg en Straf, hieronder worden een aantal van deze landelijke ontwikkelingen beschreven. Voortgang pilot Tijdelijk Huisverbod Er is commitment gegeven aan 4 pilotgemeentes Den Haag, Groningen, Rotterdam en Utrecht om deel te nemen aan de pilots in 2026.

Doel van de pilot is om de wet tijdelijk huisverbod sneller, slimmer en breder in te zetten bij huiselijk geweld en niet alleen na geëscaleerde crisissituaties. De pilot heeft een looptijd van zes maanden en start in februari 2026. Bij het ministerie van JenV is een subsidieaanvraag ingediend voor de inzet van externe projectleiders en voor de inzet van een procesregisseur Tijdelijk Huisverbod van Veilig Thuis Haaglanden voor 4 uur per week voor de pilot. Actiegericht overleg Het Actiegericht Overleg (AGO) is een multidisciplinair overleg waarin zorg- en strafpartners snel afspraken maken bij complexe situaties zoals huiselijk geweld of kindermishandeling. Het doel is zorgdragen voor directe veiligheid, risicogestuurde en herstelgerichte zorg. Kernpartners zijn Veilig Thuis, Openbaar Ministerie, politie, reclassering, Raad voor de Kinderbescherming en Crisisinterventieteam. Op technisch gebied is afgelopen jaar onderzoek gedaan door ketenregie van het ministerie Justitie en Veiligheid (JenV) voor een betere en veilige informatieverstrekking tussen ketenpartners van het AGO. In 2025 is onder leiding van een projectleider gefinancierd door JenV een doorontwikkeling van het AGO binnen Haaglanden ingezet.

Door de landelijke en regionale doorontwikkeling met als doel meer actiegericht overleggen kan het zijn dat op den duur meer inzet van de AGO Voorzitter en secretaris (beiden in dienst van VTH) nodig is. Vooralsnog worden de wekelijkse AGO-overleggen niet volledig benut, waardoor voor 2026 geen uitbreiding noodzakelijk wordt geacht. Regionale geïntegreerde crisisinterventie 0-100+ jaar Landelijk is ingezet op één meldpunt van regionale crisisorganisaties voor crisisinterventies bij huiselijk geweld en kindermishandeling, en ook bij onbegrepen en risicovol gedrag. Dit meldpunt verzorgt de centrale beoordeling van meldingen en bepaalt welke inzet nodig is. Het werkt 20

domeinoverstijgend met professionals uit zorg, veiligheidsregio’s en het sociaal domein, waardoor kennis wordt gebundeld en maatwerk mogelijk is. Met behulp van een projectleider (q consultzorg, gefinancierd door JenV) is een voorstel: hoe samen te bouwen aan een regionaal geïntegreerde crisisinterventie voorgelegd aan de gemeente Den Haag. De gemeente Den Haag heeft akkoord gegeven op financiering voor een regionale projectleider die in 2026 van start gaat. Coalitieakkoord In het coalitieakkoord 2026-2030 ‘Aan de slag’ staat dat het kabinet kiest voor een duidelijker en daadkrachtiger aanpak van huiselijk geweld en gendergerelateerd geweld, zodat vrouwen en meisjes overal veilig kunnen zijn. De komende periode zal meer duidelijk worden over de manier waarop het kabinet dit wil doen en wat de impact hiervan is voor Veilig Thuis organisaties.

3.3. Financiële- en bedrijfsmatige ontwikkelingen Volumeontwikkeling meldingen en adviezen binnen de bandbreedte en begroting In deze paragraaf worden de aantallen meldingen en adviezen geactualiseerd. De ontwikkelingen van het aantal adviezen en meldingen en de werkvoorraad in de afgelopen 3 jaar zijn in onderstaande grafiek per kwartaal weergegeven.

Samengevat zijn de aantallen per jaar:

Begroot (gewijzigd)

Instroom adviezen 8.994

Instroom meldingen 8.698

Werkvoorraad per 31-12 -

2025 2024 2023

Begroot (gewijzigd) Begroot (gewijzigd) begroot (gewijzigd)

8.676 9.003 9.106

9.078 9.504 9.707

111 111 229

2025 2024 2023

Werkelijk Werkelijk Werkelijk

11.963 8.994 8.676

8.312 8.698 9.078

148 96 211

Jaar 2026

21

Bij Veilig Thuis wordt in het begrotingsmodel gekeken naar het verwachte aantallen en de tijd die per casus nodig is. Op basis daarvan wordt bepaald hoeveel personeel nodig is. Daarna wordt het budget voor de begroting berekend op basis van de salarissen per schaal. Een uitgangspunt is dat de ontwerpbegroting van een jaar wordt gebaseerd op de instroom van meldingen en adviezen twee jaar eerder. Voor de gewijzigde begroting 2026 en begroting 2027 wordt voorgesteld om de aantallen te baseren op de werkelijke cijfers van 2024. Onderzoek begrotingsmodel De instroom van meldingen is de afgelopen jaren fors afgenomen. Dit is te zien in de bovenstaande tabel. In 2025 waren er 766 meldingen minder dan twee jaar eerder. Het aantal adviezen is afgelopen twee jaar juist fors gestegen, in 2025 is het aantal adviezen 3.287 hoger dan in 2023. In het huidige begrotingsmodel wordt de formatie van Veilig Thuis vooral bepaald op basis van het aantal meldingen. Het aantal meldingen is afgelopen jaren afgenomen, onder andere doordat de eenvoudigere meldingen en overige zorgmeldingen door gewijzigde werkafspraken niet meer binnenkomen bij Veilig Thuis of worden geregistreerd. Dit zijn meldingen die in het verleden relatief weinig tijd kostte van de medewerkers van Veilig Thuis.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16947910/1